De financiële instellingen van openbaar nut die daartoe door de Koning zijn gemachtigd, kunnen, eventueel met afwijking van hun organieke wet of hun statuten, participaties nemen in het kapitaal van de (FPIM) <W 2006-08-26/30, art. 7, 009; Inwerkingtreding : 01-11-2006>
(De gezamenlijke participaties van de Staat en van de financiële instellingen van openbaar nut moeten ten minste 75 % van het kapitaal bedragen. De effecten die deze participaties vertegenwoordigen kunnen alleen worden overdragen aan de Staat of aan andere financiële instellingen als bedoeld in het tweede lid.)
§ 2. (De (FPIM) staat onder de controle van de Minister van Financiën en van de Minister van Economische Zaken. Deze kunnen zich verzetten tegen de uitvoering van elke maatregel die zou indruisen hetzij tegen de wetten en besluiten [2 , de statuten of het beheerscontract]2, hetzij tegen de prioritaire doeleinden van het financieel beleid van de Staat. [4 Deze controle wordt uitgeoefend door toedoen van twee regeringscommissarissen.]4 <W 2006-08-26/30, art. 7, 009; Inwerkingtreding : 01-11-2006>
[4 Een van de commissarissen wordt voorgedragen door de minister van Financiën, de andere door de minister van Economische Zaken. Zij worden door de Koning benoemd.]4
[4 De regeringscommissarissen hebben]4 het recht om kennis te nemen van alle beslissingen van de algemene vergadering, van de raad van bestuur en, desgevallend, van het orgaan belast met het dagelijks bestuur, om alle nodige controles uit te voeren en om zich alle daartoe nuttige inlichtingen en stukken te doen verstrekken.
[4 Elke regeringscommissaris woont de vergaderingen van de raad van bestuur bij, waarbij hij voorafgaandelijk op de hoogte werd gesteld van de agenda ervan, wanneer hij dit nuttig acht. Elke regeringscommissaris heeft er een raadgevende stem.]4
[4 Elke regeringscommissaris schorst en brengt zowel de minister van Financiën als de minister van Economische Zaken op de hoogte van elke beslissing van de raad van bestuur die zou indruisen tegen hetzij de wetten en besluiten, de statuten of het beheerscontract, hetzij de prioritaire doeleinden van het financieel beleid van de Staat. Daartoe beschikt elke regeringscommissaris over een termijn van vier vrije dagen; deze termijn gaat in op de dag van de vergadering waarop de beslissing is genomen, voor zover de regeringscommissarissen hiervoor regelmatig werden opgeroepen en, indien dit niet het geval is, vanaf de dag waarop zij kennis hebben gekregen van de beslissing.]4
Indien de Minister van Financiën en de Minister van Economische Zaken gezamenlijk geen uitspraak hebben gedaan binnen acht dagen na de schorsing, mag de beslissing ten uitvoer worden gelegd.
Wanneer de raad van bestuur evenwel de dringende noodzaak heeft ingeroepen, beschikt [4 elke regeringscommissaris]4 over een termijn van twee vrije dagen om de zaak voor te leggen aan de Minister van Financiën en Economische Zaken. De in het zesde lid voorgeschreven termijn wordt in dit geval teruggebracht tot twee vrije dagen.
De vergoeding [4 van de regeringscommissarissen]4 wordt [4 gezamenlijk vastgesteld door de minister van Financiën en de minister van Economische Zaken]4 en uitbetaald door de Staat. Zij wordt gedragen door de vennootschap.
[4 Met inachtneming van de regels inzake overheidsopdrachten wijzen de ministers van Financiën en Economische Zaken, elk voor de door hem voorgedragen regeringscommissaris, zo nodig deskundigen aan om de regeringscommissarissen bij te staan. De vergoeding van de deskundigen wordt betaald door de Staat en komt ten laste van de onderneming.]4
§ 3. (De (FPIM) is een naamloze vennootschap waarop [1 het [3 Wetboek van vennootschappen en verenigingen]3]1 van toepassing [1 is]1, voor zover hiervan niet wordt afgeweken door deze wet of, wegens de speciale aard van de vennootschap, door haar statuten.) <KB 1994-07-20/32, art. 5, 006; Inwerkingtreding : onbepaald > <W 2006-08-26/30, art. 7, 009; Inwerkingtreding : 01-11-2006>
§ 4. (De statuten van de (FPIM) en de wijzigingen ervan worden vastgesteld door de algemene vergadering. Ten minste vijftien dagen vóór de vergadering wordt samengeroepen, wordt het ontwerp van de beraadslagingen van deze vergadering meegedeeld [5 aan de regeringscommissarissen bedoeld in § 2]5. De statutaire bepalingen die afwijken van [1 het [3 Wetboek van vennootschappen en verenigingen]3]1 treden pas in werking na goedkeuring door de Koning. <W 2006-08-26/30, art. 7, 009; Inwerkingtreding : 01-11-2006>
De algemene vergadering brengt de statuten in overeenstemming met de wet binnen de hierin vastgestelde termijn. Zoniet worden zij gewijzigd bij een in Ministerraad overlegd koninklijk besluit.) <KB 1994-07-20/32, art. 5, 006; Inwerkingtreding : onbepaald >