Artikel 1. Een toelage ter vereffening van een achterstallig bedrag wordt toegekend :
1° aan de vastbenoemde Rijksambtenaren in de federale ministeries;
2° aan de vastbenoemde ambtenaren van de federale instellingen van openbaar nut, onderworpen aan het koninklijk besluit van 8 januari 1973 tot vaststelling van het statuut van het personeel van sommige instellingen van openbaar nut.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
29 NOVEMBER 1994. - Koninklijk besluit houdende toekenning van een toelage ter vereffening van een achterstallig bedrag aan sommige ambtenaren in de rijksbesturen.
Titre
29 NOVEMBRE 1994. - Arrêté royal accordant une allocation pour paiement d'arriérés à certains agents des administrations de l'Etat.
Dokumentinformationen
Numac: 1994000563
Datum: 1994-11-29
Info du document
Numac: 1994000563
Date: 1994-11-29
Tekst (9)
Texte (9)
Article 1. Une allocation pour paiement d'arriérés est accordée :
1° aux agents de l'Etat nommés à titre définitif dans les ministères fédéraux;
2° aux agents nommés à titre définitif des organismes fédéraux d'intérêt public, soumis à l'arrêté royal du 8 janvier 1973 fixant le statut du personnel de certains organismes d'intérêt public.
1° aux agents de l'Etat nommés à titre définitif dans les ministères fédéraux;
2° aux agents nommés à titre définitif des organismes fédéraux d'intérêt public, soumis à l'arrêté royal du 8 janvier 1973 fixant le statut du personnel de certains organismes d'intérêt public.
Art.2. Voor de toepassing van dit besluit, wordt verstaan onder :
1° " jaarwedde " : de wedde of het loon, de eventuele haard- of standplaatstoelage inbegrepen;
2° " volledige prestaties " : de prestaties waarvan de uurregeling een normale beroepsactiviteit volkomen in beslag neemt.
1° " jaarwedde " : de wedde of het loon, de eventuele haard- of standplaatstoelage inbegrepen;
2° " volledige prestaties " : de prestaties waarvan de uurregeling een normale beroepsactiviteit volkomen in beslag neemt.
Art.2. Pour l'application du présent arrêté, il faut entendre par :
1° " traitement annuel " : le traitement ou le salaire, y compris l'allocation de foyer ou de résidence éventuelle;
2° " prestations complètes " : les prestations dont l'horaire est tel qu'elles absorbent totalement une activité professionnelle normale.
1° " traitement annuel " : le traitement ou le salaire, y compris l'allocation de foyer ou de résidence éventuelle;
2° " prestations complètes " : les prestations dont l'horaire est tel qu'elles absorbent totalement une activité professionnelle normale.
Art.3. § 1. Dit besluit is van toepassing op de ambtenaren bedoeld in artikel 1, die titularis zijn van een graad van niveau 4, 3 of 2 die, te rekenen vanaf de datum van inwerkingtreding van het koninklijk besluit houdende vaststelling van de nieuwe personeelsformatie van de bestuurlijke eenheid tot dewelke zij behoren, een eerste bevordering verkrijgen in toepassing van het koninklijk besluit van 14 september 1994 houdende vereenvoudiging van de loopbaan van sommige ambtenaren in de rijksbesturen die behoren tot de niveaus 2, 3 en 4.
§ 2. In afwijking van § 1, worden de ambtenaren, die een eerste automatische bevordering door verhoging in weddeschaal bekomen, die niet onderworpen is aan de vacantverklaring van een betrekking, uitgesloten van het voordeel van de in artikel 4 vastgestelde toelage.
§ 3. In afwijking van § 1, worden de ambtenaren van niveau 2 die geslaagd zijn in het examen voor verhoging in weddeschaal met het oog op de toekenning van de laatste weddeschaal van rang 20, uitgesloten van het voordeel van de in artikel 4 vastgestelde toelage.
§ 2. In afwijking van § 1, worden de ambtenaren, die een eerste automatische bevordering door verhoging in weddeschaal bekomen, die niet onderworpen is aan de vacantverklaring van een betrekking, uitgesloten van het voordeel van de in artikel 4 vastgestelde toelage.
§ 3. In afwijking van § 1, worden de ambtenaren van niveau 2 die geslaagd zijn in het examen voor verhoging in weddeschaal met het oog op de toekenning van de laatste weddeschaal van rang 20, uitgesloten van het voordeel van de in artikel 4 vastgestelde toelage.
Art.3. § 1. Le présent arrêté s'applique aux agents visés à l'article 1, titulaires d'un grade du niveau 4, 3 ou 2 qui, à partir de la date d'entrée en vigueur de l'arrêté royal portant fixation du nouveau cadre organique de l'entité administrative à laquelle ils appartiennent, obtiennent une première promotion en application de l'arrêté royal du 14 septembre 1994 portant simplification de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat appartenant aux niveaux 2, 3 et 4.
§ 2. Par dérogation au § 1, les agents y visés qui obtiennent une première promotion barémique automatique qui n'est pas soumise à la vacance d'un emploi, sont exclus de l'allocation créée à l'article 4.
§ 3. Par dérogation au § 1, les agents du niveau 2 qui ont réussi un examen d'avancement barémique en vue de l'obtention de la dernière échelle de traitement du rang 20, sont exclus du bénéfice de l'allocation fixée à l'article 4.
§ 2. Par dérogation au § 1, les agents y visés qui obtiennent une première promotion barémique automatique qui n'est pas soumise à la vacance d'un emploi, sont exclus de l'allocation créée à l'article 4.
§ 3. Par dérogation au § 1, les agents du niveau 2 qui ont réussi un examen d'avancement barémique en vue de l'obtention de la dernière échelle de traitement du rang 20, sont exclus du bénéfice de l'allocation fixée à l'article 4.
Art.4. § 1. Het bedrag van de toelage is gelijk aan het verschil tussen de door de ambtenaar bij zijn eerste bevordering verkregen jaarwedde en de jaarwedde, dewelke hij genoot in toepassing van de in bijlage II van het koninklijk besluit van 14 september 1994 houdende vereenvoudiging van de loopbaan van sommige ambtenaren in de rijksbesturen die behoren tot de niveaus 2, 3 en 4, vermelde conversietabel.
§ 2. De mobiliteitsregeling die geldt voor de wedden van het personeel der ministeries, geldt eveneens voor de toelage ter vereffening van een achterstallig bedrag.
Zij wordt gekoppeld aan het spilindexcijfer 138,01.
§ 2. De mobiliteitsregeling die geldt voor de wedden van het personeel der ministeries, geldt eveneens voor de toelage ter vereffening van een achterstallig bedrag.
Zij wordt gekoppeld aan het spilindexcijfer 138,01.
Art.4. § 1. Le montant de l'allocation pour paiement d'arriérés est égal à la différence entre le traitement annuel que l'agent obtient au bénéfice de sa première promotion et le traitement annuel dont il bénéficiait en application du tableau de conversion repris en annexe II de l'arrêté royal du 14 septembre 1994 portant simplification de la carrière de certains agents des administrations de l'Etat appartenant aux niveaux 2, 3 et 4.
§ 2. Le régime de mobilité applicable aux traitements du personnel des ministères, s'applique également à l'allocation pour paiement d'arriérés.
Elle est rattachée à l'indice-pivot 138,01.
§ 2. Le régime de mobilité applicable aux traitements du personnel des ministères, s'applique également à l'allocation pour paiement d'arriérés.
Elle est rattachée à l'indice-pivot 138,01.
Art.5. § 1. De belanghebbende bekomt het volledig bedrag van de in artikel 4 bepaalde toelage voor zover hij zich gedurende het ganse jaar dat aan zijn bevordering voorafgaat, in de volgende voorwaarden bevindt :
1° als titularis van een ambt met volledige prestaties, het volledig voordeel van zijn geïndexeerde jaarwedde heeft genoten;
2° de administratieve voorwaarden vervult met betrekking tot de administratieve stand, beoordeling en anciënniteit, vastgesteld in artikel 75, § 3, van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het rijkspersoneel.
§ 2. Wanneer de belanghebbende als titularis van een ambt met volledige prestaties niet het volledig voordeel van de in § 1 bedoelde wedde heeft genoten, wordt het bedrag van de toelage vastgesteld naar rata van het bedrag dat hij werkelijk heeft ontvangen.
§ 3. In afwijking van § 1, wordt, wanneer de eerste bevordering vóór 1 januari 1995 wordt toegekend, het bedrag van de toelage vastgesteld naar rata van het aantal volledige maanden verlopen tussen 1 januari 1994 en de datum van de bevordering.
§ 4. Wanneer de belanghebbende niet alle bij § 1, 2°, gestelde voorwaarden vervulde, wordt het bedrag van de toelage vastgesteld naar rata van het aantal volledige maanden tijdens dewelke hij zich werkelijk in alle vereiste administratieve voorwaarden bevond.
1° als titularis van een ambt met volledige prestaties, het volledig voordeel van zijn geïndexeerde jaarwedde heeft genoten;
2° de administratieve voorwaarden vervult met betrekking tot de administratieve stand, beoordeling en anciënniteit, vastgesteld in artikel 75, § 3, van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het rijkspersoneel.
§ 2. Wanneer de belanghebbende als titularis van een ambt met volledige prestaties niet het volledig voordeel van de in § 1 bedoelde wedde heeft genoten, wordt het bedrag van de toelage vastgesteld naar rata van het bedrag dat hij werkelijk heeft ontvangen.
§ 3. In afwijking van § 1, wordt, wanneer de eerste bevordering vóór 1 januari 1995 wordt toegekend, het bedrag van de toelage vastgesteld naar rata van het aantal volledige maanden verlopen tussen 1 januari 1994 en de datum van de bevordering.
§ 4. Wanneer de belanghebbende niet alle bij § 1, 2°, gestelde voorwaarden vervulde, wordt het bedrag van de toelage vastgesteld naar rata van het aantal volledige maanden tijdens dewelke hij zich werkelijk in alle vereiste administratieve voorwaarden bevond.
Art.5. § 1. L'intéressé percoit pleinement le montant de l'allocation fixée à l'article 4, pour autant qu'il remplisse les conditions suivantes pendant toute l'année qui précède l'octroi de la promotion :
1° en tant que titulaire d'une fonction comportant des prestations complètes, avoir percu pleinement son traitement annuel indexé;
2° remplir les conditions administratives requises en matière de position administrative, de signalement et d'ancienneté, fixées à l'article 75, § 3, de l'arrêté royal du 2 octobre 1937 portant le statut des agents de l'Etat.
§ 2. Si l'intéressé n'a pas bénéficié pleinement du traitement visé au § 1 comme titulaire d'une fonction comportant des prestations complètes, le montant de l'allocation est calculé au prorata du montant qu'il a effectivement percu.
§ 3. Par dérogation au § 1, lorsque la première promotion est octroyée avant le 1er janvier 1995, le montant de l'allocation est calculé au prorata du nombre de mois entiers écoulés entre le 1er janvier 1994 et la date de la promotion.
§ 4. Quand l'intéressé ne remplissait pas toutes les conditions visées au § 1, 2°, le montant de l'allocation est calculé au prorata du nombre de mois entiers au cours desquels il remplissait effectivement toutes les conditions administratives requises.
1° en tant que titulaire d'une fonction comportant des prestations complètes, avoir percu pleinement son traitement annuel indexé;
2° remplir les conditions administratives requises en matière de position administrative, de signalement et d'ancienneté, fixées à l'article 75, § 3, de l'arrêté royal du 2 octobre 1937 portant le statut des agents de l'Etat.
§ 2. Si l'intéressé n'a pas bénéficié pleinement du traitement visé au § 1 comme titulaire d'une fonction comportant des prestations complètes, le montant de l'allocation est calculé au prorata du montant qu'il a effectivement percu.
§ 3. Par dérogation au § 1, lorsque la première promotion est octroyée avant le 1er janvier 1995, le montant de l'allocation est calculé au prorata du nombre de mois entiers écoulés entre le 1er janvier 1994 et la date de la promotion.
§ 4. Quand l'intéressé ne remplissait pas toutes les conditions visées au § 1, 2°, le montant de l'allocation est calculé au prorata du nombre de mois entiers au cours desquels il remplissait effectivement toutes les conditions administratives requises.
Art.6. _ § 1. Het recht op de toelage wordt geopend de dag dat de ambtenaar zich in de vereiste administratieve voorwaarden bevindt voor de bevordering.
§ 2. De toelage ter vereffening van een achterstallig bedrag wordt in éénmaal betaald uiterlijk de derde maand volgend op de eerste bevordering van de belanghebbende.
§ 2. De toelage ter vereffening van een achterstallig bedrag wordt in éénmaal betaald uiterlijk de derde maand volgend op de eerste bevordering van de belanghebbende.
Art.6. § 1. Le droit à l'allocation prend naissance le jour où l'agent remplit toutes les conditions administratives requises pour la promotion.
§ 2. L'allocation pour paiement d'arriérés est payée en une fois au plus tard dans le courant du troisième mois qui suit la première promotion de l'intéressé.
§ 2. L'allocation pour paiement d'arriérés est payée en une fois au plus tard dans le courant du troisième mois qui suit la première promotion de l'intéressé.
Art.7. Onder voorbehoud van het recht van de belanghebbenden om de geschillen die kunnen rijzen te laten beslechten door de bevoegde rechtscolleges, regelt de voor Ambtenarenzaken bevoegde Minister, na adiëring door de minister onder wiens gezag de belanghebbende staat, de moeilijkheden van administratieve aard die ten gevolge van de toepassing van de voorgaande bepalingen kunnen ontstaan.
Art.7. Sous réserve du droit des intéressés de faire trancher les litiges qui peuvent surgir par les juridictions compétentes, le Ministre qui a la Fonction publique dans ses attributions, saisi par le Ministre sous l'autorité duquel l'intéressé est placé, règle les difficultés de nature administrative qui peuvent résulter de l'application des dispositions susmentionnées.
Art.8. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 1994 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 1995.
Art.8. Le présent arrêté produit ses effets le 1er janvier 1994 et cessera d'être en vigueur le 31 décembre 1995.
Art. 9. Onze Ministers en Onze Staatssecretaris zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 29 november 1994.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Begroting,
H. VAN ROMPUY
De Minister van Ambtenarenzaken,
J. VANDE LANOTTE
Gegeven te Brussel, 29 november 1994.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Begroting,
H. VAN ROMPUY
De Minister van Ambtenarenzaken,
J. VANDE LANOTTE
Art. 9. Nos Ministres et Notre Secrétaire d'Etat sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.
Donné à Bruxelles, le 29 novembre 1994.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre du Budget,
H. VAN ROMPUY
Le Ministre de la Fonction publique,
J. VANDE LANOTTE
Donné à Bruxelles, le 29 novembre 1994.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre du Budget,
H. VAN ROMPUY
Le Ministre de la Fonction publique,
J. VANDE LANOTTE