Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
6 JULI 1994. - Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 1994. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 30-12-1995 en tekstbijwerking tot 13-12-2023)
Titre
6 JUILLET 1994. - Décret contenant diverses mesures d'accompagnement de l'ajustement du budget 1994. <Traduction> (NOTE : Consultation des versions antérieur à partir du 23-09-1994 et mis à jour au 28-07-2010)(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 30-12-1995 et mise à jour au 13-12-2023)
Dokumentinformationen
Numac: 1994036156
Datum: 1994-07-06
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 1994036156
Date: 1994-07-06
Moniteur: Voir
Tekst (34)
Texte (34)
HOOFDSTUK I. - Economie.
CHAPITRE I. - Economie.
Artikel 1.
Article 1.
Art. 2. § 1. Er wordt een fonds voor de landbouwvorming opgericht.
§ 2. Aan het Fonds voor de landbouwvorming worden toegewezen alle ontvangsten van het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw ingevolge de deelname door de Europese Unie aan kosten in landbouwscholing als bedoeld in de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 april 1972 betreffende sociaal-economische voorlichting en de scholing van de personen die in de landbouw werkzaam zijn (72/161/EEG).
§ 3. De middelen van het Fonds voor de landbouwvorming dienen rechtstreeks bij te dragen tot al wat dienen kan bij het landbouwvormingsbeleid.
Art. 2. § 1. Il est créé un Fonds de Formation agricole.
§ 2. Sont attribuées au Fonds de Formation agricole, toutes les recettes du Fonds européen d'Orientation et de Garantie agricole provenant de la participation de l'Union européenne aux frais de la formation agricole dont question dans la directive du Conseil des Communautés européennes du 17 avril 1972 concernant l'information socio-économique et la qualification professionnelle des personnes travaillant dans l'agriculture (72/161/CEE).
§ 3. Les moyens du Fonds de Formation agricole doivent contribuer directement à toutes sortes d'initiatives utiles dans le cadre de la politique de formation agricole.
Art. 3. In artikel 3, § 1, van het decreet van 14 juli 1993 tot oprichting van het Grindfonds en tot regeling van de grindwinning wordt de tweede volzin opgeheven.
Art. 3. La deuxième phrase de l'article 3, § 1er, du décret du 14 juillet 1993 portant création d'un Fonds gravier et réglant l'exploitation de gravier est abrogée.
HOOFDSTUK II. - Milieu en Investeringsfonds.
CHAPITRE II. - Environnement et Fonds d'Investissement.
Afdeling 1. - Afvalwaterheffing.
Section 1. - Redevances sur les eaux usées.
Art. 4. In artikel 35septies van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, ingevoegd bij decreet van 21 december 1990 en gewijzigd bij de decreten van 25 juni 1992, 18 december 1992 en 22 december 1993, wordt de zinsnede " a : deze term is gelijk aan 0,825 voor het heffingsjaar 1992 en 1993 " vervangen door de zinsnede " a : deze term is gelijk aan 0,825 voor de heffingsjaren 1992, 1993 en 1994 ".
Art. 4. Dans l'article 35septies de la loi du 26 mars 1971 sur la protection des eaux de surface contre la pollution, inséré par le décret du 21 décembre 1990 tel qu'il a été modifié par les décrets des 25 juin 1992 et 18 décembre 1992 et 22 décembre 1993, la phrase " a : ce facteur est égal à 0,825 pour les années d'imposition 1992 et 1993. " est remplacée par la phrase " a : ce facteur est égal à 0,825 pour les années d'imposition 1992, 1993 et 1994. ".
Art. 5. In artikel 35quinquies decies van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, ingevoegd bij decreet van 21 december 1990, zoals gewijzigd bij de decreten van 25 juni 1992, 18 december 1992 en 22 december 1993, worden de §§ 3 tot en met 7 toegevoegd, die luiden als volgt :
" § 3. De persoon die een bezwaarschrift, zoals bedoeld in § 1, indiende, of een advocaat door hem gemachtigd, kan tegen de beslissing genomen door de ambtenaar van de Maatschappij, bedoeld in § 2, een voorziening indienen bij het Hof van Beroep van het gebied waar het kantoor gelegen is, waar de belasting is of moet geïnd worden.
De eiser mag aan het Hof van Beroep bezwaren onderwerpen die noch in het bezwaarschrift werden geformuleerd, noch ambtshalve door de directeur of door de door hem gedelegeerde ambtenaar werden onderzocht, voor zover zij een overtreding van de wet of een schending van de op straf van nietigheid voorgeschreven procedurevormen aanvoeren.
De voorziening wordt ingesteld bij verzoekschrift dat ter griffie van het Hof van Beroep wordt afgegeven en bij gerechtsdeurwaardersexploot wordt betekend aan de ambtenaar van de Maatschappij, bedoeld in § 2.
Het verzoekschrift en het origineel van de betekening moeten, op straffe van verval, binnen een termijn van veertig dagen, te rekenen van de kennisgeving van de beslissing van de ambtenaar van de Maatschappij, bedoeld in § 2, aan de belastingplichtige, ter griffie van het Hof van Beroep worden neergelegd.
Onmiddellijk na ontvangst van de betekening van het beroep legt de gemachtigde ambtenaar van de Maatschappij een eensluidend verklaarde uitgifte van de bestreden beslissing, alsmede alle stukken met betrekking tot de betwisting, ter griffie van het Hof van Beroep neer.
De neerlegging wordt dezelfde dag door de ambtenaar van de Maatschappij bij ter post aangetekende brief aan de eiser ter kennis gebracht.
§ 4. De eiser die gebruik wenst te maken van nieuwe stukken, is gehouden deze geïnventariseerd neer te leggen ter griffie van het Hof van Beroep, binnen zestig dagen na neerlegging van de uitgifte en van de stukken bedoeld in § 3, vijfde lid, door de gemachtigde ambtenaar van de Maatschappij.
De in § 3, tweede lid bedoelde nieuwe bezwaren mogen worden geformuleerd ofwel in de voorziening, ofwel in een geschrift dat aan de griffie van het Hof van Beroep wordt afgegeven en dit op straffe van verval binnen de termijn gesteld in het eerste lid van deze paragraaf. De gemachtigde ambtenaar van de Maatschappij heeft het recht ter griffie van het Hof van Beroep inzage te doen nemen van het dossier en van de nieuwe stukken gedurende dertig dagen volgend op de in het eerste en tweede lid van deze paragraaf toegestane termijnen.
Hij moet binnen dezelfde termijn van dertig dagen de memories, stukken en bescheiden welke hij als antwoord meent te moeten voordragen, ter griffie afgeven.
De eiser kan er inzage van nemen.
De eiser kan enkel mits machtiging van het Hof van Beroep wederantwoorden door neerlegging van stukken en bescheiden. Wanneer hij om die machtiging verzoekt, omschrijft hij de stukken en bescheiden welke hij nog van zin is in het debat te gebruiken.
§ 5. De neerlegging van het verzoekschrift en van het origineel van de betekening, alsook de afgifte en neerlegging van documenten, bedoeld in § 3 en 4, mogen bij ter post aangetekende brief worden gedaan.
§ 6. Indien bij het oproepen van een zaak, een van de partijen verstek laat gaan, niettegenstaande de griffie bij een ter post aangetekende brief een oproeping heeft gezonden aan de in het beroep opgegeven woonplaats, wordt er uitspraak gedaan op de conclusie van de andere partij.
Het arrest wordt in elk geval geacht op tegenspraak gewezen te zijn.
§ 7. Tegen een arrest van het Hof van Beroep staat een voorziening in cassatie open.
De voorziening geschiedt door een verzoekschrift, gericht aan het Hof van Cassatie, dat op straffe van nietigheid een bondige uiteenzetting van de middelen en de aanduiding van de geschonden wetten bevat.
Het verzoekschrift, dat vooraf aan de verweerder werd betekend, en het exploot van de betekening worden ter griffie van het Hof van Beroep afgegeven binnen een termijn van drie maanden te rekenen van de kennisgeving van het arrest, bij een ter post aangetekende brief door de griffie aan de in bedoeld arrest opgegeven woonplaats gedaan, een en ander op straffe van verval.
Het verzoekschrift, het exploot van betekening alsmede de stukken die de eiser er eventueel zou aan toegevoegd hebben, het proceduredossier alsmede alle andere met de betwisting verband houdende stukken die ter griffie liggen van het Hof van Beroep, worden onmiddellijk aan de griffie van het Hof van Cassatie toegezonden met een eensluidend verklaard afschrift van de ter zake genomen beslissing.
Binnen veertig dagen te rekenen van de door de griffier van het Hof van Cassatie aan partijen gedane kennisgeving van de neerlegging van de stukken ter griffie van dit Hof, kan de verweerder er inzage van nemen en op de griffie de stukken en memories afgeven welke hij als antwoord meent te moeten voordragen. De eiser kan er inzage van nemen.
De kennisgeving van de neerlegging van de stukken ter griffie wordt bij ter post aangetekende brief gedaan.
De voorziening wordt berecht; alle arresten worden geacht op tegenspraak te zijn gewezen.
Bij verbreking wordt de zaak naar een ander Hof van Beroep verwezen, zonder andere formaliteit dan de toezending van het dossier naar de griffie van dit Hof door de hoofdgriffier van het Hof van Cassatie. ".
Art. 5. L'article 35quinquiesdecies de la loi du 26 mars 1971 sur la protection des eaux de surface contre la pollution, inséré par le décret du 21 décembre 1990 tel qu'il a été modifié par les décrets des 25 juin 1992 et 18 décembre 1992 et 22 décembre 1993, est complété par les §§ 3 à 7 inclus, rédigés comme suit :
" § 3. La personne qui a déposé une réclamation visée au § 1er ou un avocat autorisé par lui peut introduire appel de la décision du fonctionnaire de la Société visé au § 2 devant la Cour d'appel du ressort où est établi le bureau par lequel la redevance est percue ou doit être percue.
L'appelant peut soumettre à la Cour d'appel des objections qui n'ont ni été formulées dans la réclamation ni été examinées d'office par le directeur ou le fonctionnaire délégué par lui, à condition qu'elles invoquent une infraction à la loi ou une violation des formes des procédures à respecter sous peine de nullité.
L'appel est interjeté par une requête remise au greffe de la Cour d'appel et signifiée par un exploit d'huissier au fonctionnaire de la Société visé au § 2.
La requête et l'original de la signification doivent, sous peine de nullité, être déposés au greffe de la Cour d'appel dans les quarante jours à dater de la notification au contribuable de la décision du fonctionnaire de la Société visé au § 2.
Dès la réception de l'exploit par lequel l'appel est signifié, le fonctionnaire délégué de la Société dépose au greffe de la Cour d'appel une expédition certifiée conforme de la décision contestée ainsi que toutes les pièces relatives à la contestation.
Le même jour, le fonctionnaire de la Société notifie le dépôt à l'appelant, sous pli recommandé à la poste.
§ 4. L'appelant qui souhaite invoquer des pièces nouvelles est tenu de les déposer, accompagnées d'un inventaire, au greffe de la Cour d'appel, dans les soixante jours à compter de la date du dépôt de l'expédition et des pièces visées au § 3, alinéa 5, par le fonctionnaire délégué de la Société.
Les nouvelles objections visées au § 3, alinéa 2, peuvent être formulées dans l'acte d'appel ou dans un écrit remis, sous peine de nullité, au greffe de la Cour d'appel avant l'expiration du délai fixé à l'alinéa 1er du présent paragraphe. Le fonctionnaire délégué de la Société a le droit de faire prendre connaissance du dossier et des nouvelles pièces au greffe de la Cour d'appel dans les trente jours qui suivent les délais aux alinéas 1er et 2 du présent paragraphe.
Il est tenu de remettre au greffe, dans le même délai de trente jours, les mémoires, les pièces et les documents qu'il estime devoir présenter en réponse.
L'appelant peut en prendre connaissance.
A la seule condition qu'il y soit autorisé par la Cour d'appel, l'appelant peut répliquer à son tour, en déposant des pièces et des documents. Dans la demande relative à cette autorisation, il précisera quelles pièces et quels documents il entend encore invoquer dans le cours des débats.
§ 5. La requête et l'original de la signification peuvent être déposés et les documents visés aux §§ 3 et 4 peuvent être remis ou déposés par une lettre recommandée à la poste.
§ 6. Lorsqu'une des parties fait défaut le jour de la comparution, bien qu'une convocation ait été envoyée sous pli recommandé à la poste au domicile indiqué dans l'acte d'appel par le greffe, le jugement est prononcé sur les conclusions de la partie adverse.
L'arrêt est en tout cas réputé être rendu contradictoirement.
§ 7. Les parties peuvent se pourvoir en cassation contre les arrêts de la Cour d'appel.
L'appel est interjeté par une requête adressée à la Cour de cassation qui, sous peine de nullité, comportera un exposé succinct des moyens et indiquera les lois qui ont été violées.
La requête signifiée préalablement au défendeur ainsi que l'exploit de signification sont, sous peine de nullité, remis au greffe de la Cour d'appel dans les trois mois à dater de la notification de l'arrêt, envoyée sous pli recommandé à la poste, au domicile indiqué dans l'arrêt, par le greffe.
La requête, l'exploit de signification, les pièces y jointes éventuellement par l'appelant, les pièces de procédure, tous les autres documents relatifs à la contestation déposés au greffe de la Cour d'appel ainsi qu'une copie certifiée sincère de l'arrêt rendu en la cause sont envoyés aussitôt au greffe de la Cour de cassation.
Dans les quarante jours à dater de la notification du dépôt des pièces au greffe de la Cour de cassation, faite aux parties par le greffier de cette Cour, le défendeur peut en prendre connaissance et remettre au greffe les pièces et mémoires qu'il estime devoir présenter en réponse. L'appelant peut prendre connaissance de ces documents.
Le dépôt des pièces au greffe est notifié par une lettre recommandée à la poste.
L'appel est jugé; tous les arrêts sont réputés être rendu contradictoirement.
En cas de cassation, l'affaire est envoyée à une autre Cour d'appel, par le simple envoi du dossier au greffe de la Cour en question par le greffier en chef de la Cour de cassation. ".
Art. 6. De bijlage I van het decreet van 22 december 1993 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1994 wordt als volgt aangepast :
III. Buitendienst Mechelen.
toegevoegd wordt :
Art. 6. L'annexe Ier du décret du 22 décembre 1993 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 1994 est modifiée comme suit :
sous la rubrique " III. Service extérieur de Malines ",
est ajouté :
Gemeente Dossier Leningen Facturen
Antwerpen RWZI 91 780 887 - BD ME
Ijskelder
Merksem
geschrapt wordt :
Gemeente Dossier Leningen Facturen
Zemst RWZI 2 103 000 - BD ME
Zemst
Zemst Collector 2 742 900 - BD ME
Steppeke
IV. Buitendienst
Leuven
geschrapt wordt :
Gemeente Dossier Leningen Facturen
Maaseik Collector - - BD LE
Aldeneik
Maasmechelen RWZI - - BD LE
Eisden-Vucht
Commune Dossier Emprunts Factures
Anvers RWZI 91 780 887 - BD ME
Yskelder
Merksem
sont supprimes :
Commune Dossier Emprunts Factures
Zemst RWZI Zemst 2 103 000 - BD ME
Zemst Collecteur 2 742 900 - BD ME
de Steppeke
sous la rubrique "IV. Service exterieur de Louvain ",
sont supprimes :
Commune Dossier Emprunts Factures
Maaseik Collecteur - - BD LE
d'Aldeneik
Maasmechelen RWZI - - BD LE
Eisden-Vucht
Afdeling 2. - Steun aan bebossing en milieuvriendelijke landbouw.
Section 2. - Soutien au boisement et à l'agriculture propice à l'environnement.
Art. 7. § 1. Het Vlaamse Gewest kan in uitvoering van de EG-verordeningen 2078 en 2080 van 30 juni 1992 subsidies verlenen.
§ 2. De Vlaamse regering bepaalt de modaliteiten en de voorwaarden waaronder deze subsidies kunnen worden verleend en, in het bijzonder voor EG-verordening 2080, welke bepalingen van het bosdecreet van 13 juni 1990, in afwijking van artikel 3, § 3, 7° van dit bosdecreet, van toepassing zijn.
Art. 7. § 1. La Région flamande peut accorder des subventions, en exécution des règlements 2078 et 2080 de la CEE du 30 juin 1992.
§ 2. Le Gouvernement flamand fixe les modalités et les conditions relatives à l'octroi des subventions et détermine, particulièrement en ce qui concerne le règlement 2080, quelles dispositions du décret forestier du 13 juin 1990 sont d'application, par dérogation à l'article 3, § 3, 7°, du décret forestier.
Afdeling 3. - Investeringsfonds.
Section 3. - Fonds d'investissement.
Art. 8. § 1. In artikel 2 van het decreet van 20 maart 1991 betreffende het Investeringsfonds ter verdeling van de subsidies voor bepaalde onroerende investeringen die in de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest door of op initiatief van de provincies, de gemeenten of de Vlaamse Gemeenschapscommissie worden de volgende wijzigingen aangebracht :
het derde lid, met ingang van 1 januari 1994, vervangen door de volgende bepaling :
" De referentiedotatie wordt vastgesteld op 4 636,0 miljoen frank. ";
in het vierde lid de omschrijving van het element I vervangen door de volgende tekst :
" het referentiecijfer op basis van het jaarlijks verbruik van de voornaamste produkten in het bouwbedrijf op de binnenlandse markt, vastgesteld door het Ministerie van Economische Zaken voor de maand juli 1994. ".
§ 2. Voor 1994 wordt de dotatie aan het Investeringsfonds verminderd met 361,7 miljoen frank.
Art. 8. § 1. L'article 2 du décret du 20 mars 1991 relatif au Fonds d'investissement pour la répartition des subventions en faveur de certains investissements effectués dans la Communauté flamande et la Région flamande par les provinces, les communes ou la Commission communautaire flamande ou à leur initiative est modifié comme suit :
l'alinéa 3 est remplacé, à partir du 1er janvier 1994, par la disposition suivante :
" La dotation de référence est fixée à 4.636,0 millions de francs. "
à l'alinéa 4, la définition du facteur I est remplacée par le texte suivant :
" l'indice de référence établi par le Ministère des Affaires économiques pour le mois de juillet 1994 sur la base de la consommation annuelle de principaux produits de la construction sur le marché intérieur; ".
§ 2. La dotation au Fonds d'investissement pour l'année 1994 est diminuée de 361,7 millions de francs.
Art. 9. § 1. Het artikel 11, § 4 van het decreet van 20 maart 1991 betreffende het Investeringsfonds ter verdeling van de subsidies voor bepaalde onroerende investeringen die in de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest door of op initiatief van de provincies, de gemeenten of de Vlaamse Gemeenschapscommissie worden gedaan, wordt als volgt gewijzigd :
- eerste lid : het jaartal " en 1993 " wordt ", 1993 en 1994 ";
- tweede lid : het jaartal " 1994 " wordt ", 1995 ".
§ 2. Onverminderd artikel 8 van dit decreet houdt dit artikel geen bijkomende vermindering in van de trekkingsrechten op het Investeringsfonds.
§ 3. In bijlage I bij dit decreet wordt een limitatieve lijst toegevoegd met een overzicht van de ontvangen eindafrekeningsdossiers waarvoor een bijkomende subsidie kan worden toegekend.
Art. 9. § 1. L'article 11, § 4, du décret du 20 mars 1991 relatif au Fonds d'investissement pour la répartition des subventions en faveur de certains investissements effectués dans la Communauté flamande et la Région flamande par les provinces, les communes ou la Commission communautaire flamande ou à leur initiative est modifié comme suit :
- alinéa 1er : les mots " et 1993 " sont remplacés par les mots " , 1993 et 1994 ";
- alinéa 2 : l'année " 1994 " est remplacée par l'année " 1995 ".
§ 2. Sans préjudice de l'article 8 du présent décret, le présent article ne comporte pas une diminution supplémentaire des droits de tirage sur le Fonds d'investissement.
§ 3. L'annexe I au présent décret contient une liste limitative des dossiers de décomptes finales présentés pour lesquels une subvention supplémentaire peut être accordée.
HOOFDSTUK III. - Vlaams Infrastructuurfonds.
CHAPITRE III. - Vlaams Infrastructuurfonds.
Art. 10. Artikel 58, 1, 6° van het decreet van 25 juni 1992 houdende diverse bepalingen tot begeleiding van de begroting 1992 wordt vervangen door de volgende bepaling :
" 6° de bijstand van de Europese Gemeenschappen betreffende de door de Vlaamse Gemeenschap gedane uitgaven in verband met openbare werken en vervoer, met inbegrip van de studies daaromtrent; ".
Art. 10. L'article 58, 1, 6° du décret du 25 juin 1992 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 1992, est remplacé par la disposition suivante :
" 6° l'aide financière des Communautés européennes en ce qui concerne les dépenses de la Communauté flamande relatives aux travaux publics et au transport, y compris les études s'y rapportant; ".
HOOFDSTUK IV. - Cultuur.
CHAPITRE IV. - Culture.
Art. 11. In artikel 74 van het decreet van 22 december 1993 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1994 wordt het cijfer " 213 700 000 " vervangen door het cijfer " 211 500 000 ".
Art. 11. Dans l'article 74 du décret du 22 décembre 1993 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 1994, le chiffre " 213 700 000 " est remplacé par le chiffre " 211 500 000 ".
HOOFDSTUK V. - Monumenten en landschappen.
CHAPITRE V. - Monuments et sites.
Afdeling 1. - Stichting Vlaams Erfgoed v.z.w.
Section 1. - " Stichting Vlaams Erfgoed " a.s.b.l.
Art. 12.
Art. 12.
Afdeling 2. - Bescherming van de landschappen.
Section 2. - Protection des sites.
Art. 13. In de wet van 7 augustus 1931 op het behoud van monumenten en landschappen, gewijzigd bij het decreet van 13 juli 1973 en bij decreet van 14 juli 1993, wordt een artikel 6bis ingevoegd dat luidt als volgt :
" Artikel 6bis. § 1. Binnen de perken van de begrotingskredieten kan de Vlaamse regering premies toekennen als bijdrage in de kosten voor onderhoudswerken in gerangschikte landschappen.
De bijdrage van het Vlaamse Gewest bedraagt ten hoogste 40 % van de uitgaven voor deze werken.
§ 2. De Vlaamse regering omschrijft de aard van de werken bepaald in § 1 en van de kosten die geheel of gedeeltelijk voor een bijdrage in aanmerking komen, bepaalt de algemene voorwaarden, de samenstelling van het dossier en stelt de procedure voor de toekenning en de uitbetaling van deze premies vast. ".
Art. 13. Dans la loi du 7 août 1931 sur la conservation des monuments et sites, modifiée par le décret du 13 juillet 1973 et le décret du 14 juillet 1993, est inséré un article 6bis libellé comme suit :
" Article 6bis. § 1. Dans les limites des crédits budgétaires, le Gouvernement flamand peut octroyer des primes en tant qu'intervention dans les frais exposés pour des travaux d'entretien dans des sites classés.
L'intervention de la Région flamande s'élève à 40 % au maximum des dépenses faites pour ces travaux.
§ 2. Le Gouvernement flamand définit la nature des travaux prévus au § 1er et des frais bénéficiant en tout ou en partie d'une intervention, arrête les conditions générales et la composition du dossier et fixe la procédure d'octroi et de mise en paiement de ces primes. ".
HOOFDSTUK VI. - Tewerkstelling.
CHAPITRE VI. - Emploi.
Art. 14. Artikel 21 van het koninklijk besluit nr. 25 van 24 maart 1982 tot opzetting van een programma ter bevordering van de werkgelegenheid in de niet-commerciële sector wordt vervangen door de volgende bepaling :
" Artikel 21. De werknemer wordt bezoldigd volgens de weddeschalen die door de Vlaamse regering worden bepaald.
Om een functie uit te oefenen moet de werknemer, op het ogenblik van zijn inschrijving als werkzoekende, in het bezit zijn van het diploma, getuigschrift of brevet dat vereist is voor een benoeming in die functie. ".
Art. 14. L'article 21 de l'arrêté royal n° 25 du 24 mars 1982 créant un programme de promotion de l'emploi dans le secteur non marchand, est remplacé par la disposition suivante :
" Article 21. La rémunération des travailleurs se fait suivant les échelles de traitement arrêtées par le Gouvernement flamand.
Pour exercer une fonction, le travailleur doit être en possession, à l'inscription comme demandeur d'emploi, du diplôme, du certificat ou du brevet requis pour une nomination à cette fonction. ".
HOOFDSTUK VII. - Financiën en begroting.
CHAPITRE VII. - Finances et budget.
Art. 15. § 1. In alle gevallen waarin aan natuurlijke of rechtspersonen rechtstreeks of onrechtstreeks lastens de algemene uitgavenbegroting middelen worden toegekend en waarin door de toepasselijke wettelijke, decretale of reglementaire regelingen wordt voorzien in een koppeling van het bedrag aan de index van de consumptieprijzen, wordt de koppeling aan de index van de consumptieprijzen vervangen door de koppeling aan het prijsindexcijfer dat berekend en benoemd wordt voor de toepassing van artikel 2 van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van het concurrentievermogen.
Het eerste lid van deze paragraaf is niet van toepassing op het Bijzonder Fonds voor Maatschappelijk Welzijn, opgericht bij decreet van 31 juni 1990 tot instelling van een Bijzonder Fonds voor Maatschappelijk Welzijn, en op het Vlaamse Gemeentefonds, opgericht bij decreet van 31 juli 1990 tot instelling van het Vlaams Gemeentefonds en tot regeling van een bijzondere dotatie voor sommige gemeenten van het Vlaamse Gewest.
§ 2. Voor de werkingsmiddelen toegekend aan natuurlijke personen en rechtspersonen waarvoor een wettelijke, decretale of reglementaire regeling bestaat, bestemd voor de eigen werking of voor de werking van derden, wordt het prijsindexcijfer voorzien in § 1 beperkt tot 75 % van dit prijsindexcijfer, tenzij een ander percentage bepaald wordt door de Vlaamse regering.
(Vanaf het begrotingsjaar 2000 is het eerste lid niet meer van toepassing op het Vlaams Gemeentefonds zoals opgericht door het decreet van 31 juli 1990 tot instelling van het Vlaams Gemeentefonds en tot regeling van een bijzondere dotatie voor sommige gemeenten van het Vlaamse Gewest, en eveneens niet meer van toepassing op het Vlaams Provinciefonds zoals opgericht door het decreet van 29 april 1991 betreffende het Vlaams Provinciefonds.)
(Vanaf 1 januari 2001 is het eerste lid niet meer van toepassing op de indexering van de subsidies voor werkingsmiddelen, toegekend aan natuurlijke personen en rechtspersonen waarvoor in de welzijns-, gezondheids- en sociaal-culturele sector een wettelijke, decretale of reglementaire regeling bestaat.)
[1 Vanaf 1 januari 2010 is het eerste lid niet meer van toepassing op de indexering van het persoonlijke assistentiebudget, vermeld in artikel 18 van het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.]1
§ 3. Alle wettelijke, decretale of reglementaire bepalingen die met dit artikel in strijd zijn, worden opgeheven.
§ 4. Dit artikel treedt in werking op 1 januari 1994.
In afwijking van het eerste lid van deze paragraaf treedt dit artikel in werking op 1 januari 1995 voor de werkingsmiddelen toegekend aan de BRTN, zoals bepaald in het decreet van 27 maart 1991 houdende het statuut van de Nederlandse Radio- en Televisie-uitzendingen in België, omroep van de Vlaamse Gemeenschap, zoals gewijzigd bij decreet van 1 juli 1992, en de universitaire instellingen, zoals bepaald in het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten.
Art. 15. § 1. Dans tous les cas où des personnes physiques ou morales ont bénéficié de fonds, directement ou indirectement, à charge du budget des dépenses, et où une liaison du montant à l'indice des prix à la consommation est prévue par les dispositions légales, décrétables ou réglementaires applicables, la liaison à l'indice des prix à la consommation est remplacée par la liaison à l'indice des prix qui est calculé et nommé pour l'application de l'article 2 de l'arrêté royal du 24 décembre 1993 portant exécution de la loi du 6 janvier 1989 de sauvegarde de la compétitivité du pays.
Le premier alinéa du présent paragraphe n'est pas applicable au Fonds spécial de l'aide sociale créé par le décret du 31 juin 1990 instituant un Fonds spécial d'aide sociale et au Fonds flamand des Communes créé par le décret du 31 juillet 1990 instituant le Fonds flamand des Communes et réglant l'octroi d'une dotation spéciale à certaines communes de la Région flamande.
§ 2. Pour les moyens de fonctionnement octroyés à des personnes physiques et morales régies par des prescriptions légales, décrétales et réglementaires, et destinés au propre fonctionnement ou à celui de tiers, l'indice des prix prévu au § 1er est limité à 75 % de cet indice des prix à moins qu'un autre taux ne soit fixé par le Gouvernement flamand.
(A partir de l'exercice budgétaire 2000, l'alinéa 1er ne s'applique plus au Fonds flamand des Communes, tel qu'il a été institué par le décret du 31 juillet 1990 instituant le Fonds flamand des Communes et réglant l'octroi d'une dotation spéciale à certaines communes de la Région flamande ainsi qu'au Fonds flamand des Provinces, tel qu'il a été institué par le décret du 29 avril 1991 relatif au Fonds flamand des Provinces.)
(A partir du 1er janvier 2001 le premier alinéa n'est plus applicable à l'indexation des subventions pour moyens de fonctionnement accordées aux personnes physiques et morales faisant l'objet d'un régime légal, décrétal ou réglementaire dans le secteur de l'aide sociale, de la santé et socioculturel.)
[1 A partir du 1er janvier 2010 le premier alinéa n'est plus applicable à l'indexation du budget d'assistance personnelle, visé à l'article 18 du décret du 7 mai 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap ".]1
§ 3. Toutes les dispositions légales, décrétales ou réglementaires contraires au présent article, sont abrogées.
§ 4. Le présent article entre en vigueur le 1er janvier 1994.
Par dérogation au premier alinéa du présent paragraphe, le présent article entre en vigueur le 1er janvier 1995 pour les moyens de fonctionnement alloués à la BRTN, tels que prévus par le décret du 27 mars 1991 portant statut de la Nederlandse Radio-en Televise-uitzendingen in België, Omroep van de Vlaamse Gemeenschap, tel qu'il a été modifié par le décret du 1er juillet 1992 et ceux alloués aux établissements universitaires, tels que prévus par le déret du 12 juin 1991 relatif aux universités.
Art. 16. De bedragen verbonden aan de subjectieve rechten ontstaan uit vaste subsidiebeslissingen betekend aan begunstigden, in uitvoering van artikel 13, § 1, van het decreet van 22 december 1993 houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1994, worden verminderd tot die vermeld in artikel 10 van het decreet van 6 juli 1994 houdende aanpassing van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 1994.
Art. 16. Les montants liés aux droits subjectifs nés des décisions de subvention fixes qui sont notifiées aux bénéficiaires, en exécution de l'article 13, § 1er du décret du 22 décembre 1993 contenant le budget général des dépenses de la Communauté flamande pour l'année budgétaire 1994, sont réduits à ceux prévus à l'article 10 du décret du 6 juillet 1994 ajustant le budget général des dépenses de la Communauté flamande pour l'année budgétaire 1994.
Art. 17. § 1. De Vlaamse regering wordt gemachtigd toe te treden tot de VZW Egalisatiefonds voor de responsabiliseringsbijdrage.
§ 2. De VZW Egalisatiefonds voor de responsabiliseringsbijdrage heeft tot doel de uitvoering van de verplichtingen uit de bijzondere wet van 27 april 1994 tot instelling van de responsabiliseringsbijdragen ten laste van sommige werkgevers van de openbare sector.
§ 3. Teneinde de op te richten vereniging zonder winstgevend doel in staat te stellen de in § 2 vermelde verplichtingen na te komen, wordt in de begroting van de Vlaamse Gemeenschap een jaarlijkse dotatie ingeschreven.
§ 4. De statuten en de controlemodaliteiten van de vereniging worden aan (het Vlaams Parlement) meegedeeld.
Art. 17. § 1. Le Gouvernement flamand est habilité à s'affilier à la " VZW Egalisatiefonds voor de responsabiliseringsbijdrage ".
§ 2. La " VZW Egalisatiefonds voor de responsabiliseringsbijdrage " a pour but l'exécution des obligations imposées par la loi spéciale du 27 avril 1994 instaurant une contribution de responsabilisation à charge de certains employeurs du secteur public.
§ 3. Afin de permettre à l'association sans but lucratif de remplir les obligations visées au § 2, une dotation annuelle est inscrite au budget de la Communauté flamande.
§ 4. Les statuts et les modalités de contrôle de l'association sont communiqués (au Parlement flamand).
HOOFDSTUK VIII. - Welzijn.
CHAPITRE VIII. - Aide sociale.
Art. 18. Artikel 3, tweede lid, van het decreet van 31 juli 1990 tot instelling van een Bijzonder Fonds voor Maatschappelijk Welzijn, vervangen bij decreet van 22 december 1993, wordt opgeheven.
Art. 18. L'article 3, deuxième alinéa du décret du 31 juillet 1990 instituant un Fonds spécial d'aide sociale, remplacé par le décret du 22 décembre 1993, est abrogé.
Bijlagen.
Annexes.
Art. N1. Bijlage 1. Limitatieve lijst van de gemeenten waarvoor de eindafrekeningen van gesubsidieerde wegeniswerken nog dienen geregeld in 1994.
De Panne - Riolerings-, wegen- en renovatiewerken in de Duinkerkelaan en Nieuwpoortlaan.
St.-Niklaas - Verbeteringswerken aan de Bekel- en Spieveldstraat.
Rotselaar - Buitengewone verbeteringswerken Langestraat en Steenweg op Wezemaal.
Zele - Wegen- en rioleringswerken Oude en Nieuwe Kouterdreef.
Mol - Aanleg fiets- en wandelpad langs Mol-Neet.
De Haan - Wegen- en rioleringswerken Steenovenwijk.
Lommel - Wegen- en rioleringswerken Gestelsedijk.
Menen.
Tongeren - Herinrichting Maastrichterstraat - 1e fase.
Machelen - Verbeteringswerken aan de Ferrestraat.
Zoutleeuw - Weg van groot verkeer nr 108 - fase III.
Brugge - Wegen- en rioleringswerken in diverse straten te Sint-Kruis o.a. Doornhut.
Gooik - Verbeteringswerken aan het Sint-Pietersplein.
Bertem - Boskee, Blokkenstraat, Delle e.a.
Glabbeek - Baakstraat en Berkendreef.
Haacht - Lipsestraat - fase 2.
Huldenberg - Langestraat.
Huldenberg - Ganspoel.
Leuven - Bornestraat e.a.
Leuven - Weggevoerdenstraat.
Art. N1. Annexe 1. Liste limitative des communes pour lesquelles les décomptes finaux relatifs aux travaux de voirie subventionnés doivent encore être réglés en 1994.
De Panne - Travaux d'égout, de voirie et de rénovation dans la Duinkerkelaan et la Nieuwpoortlaan.
Saint-Nicolas - Travaux d'amélioration dans la Beckelstraat et la Spieveldstraat.
Rotselaar - Travaux d'amélioration extraordinaires dans la Langestraat et le Steenweg op Wezemaal.
Zele - Travaux de voirie et d'égout dans la Oude et Nieuwe Kouterdreef.
Mol - Aménagement d'une piste cyclable-sentier pour piétons le long Mol-Neet.
De Haan - Travaux de voirie et d'égout dans la Steenovenwijk.
Lommel - Travaux de voirie et d'égout dans le Gestelsedijk.
Menin
Tongres - Réaménagement de la Maastrichterstraat - 1re phase.
Machelen - Travaux d'amélioration dans la Ferrestraat.
Zoutleeuw - Route à trafic intense n 108 - phase III.
Bruges - Travaux de voirie et d'égout dans diverses rues à Sint-Kruis e.a. Doornhut.
Gooik - Travant d'amélioration au Sint-Pietersplein.
Bertem - Boskee, Blokkenstraat, Delle e.a.
Glabbeek - Baakstraat et Berkendreef.
Haacht - Lipsestraat - 2e phase.
Huldenberg - Langestraat.
Huldenberg - Ganspoel.
Louvain - Bornestraat e.a.
Louvain - Weggevoerdenstraat.
Art. N2. Bijlage 2. Limitatieve lijst van de gemeenten waarvoor de eindafrekeningen van gesubsidieerde rioleringsdossiers nog dienen geregeld in 1994.
Oud-Turnhout - Rioleringswerken Steenweg op Ravels.
Gent - Aanleg collector Leie tot Europabrug tot Coupure.
Lommel - Rioleringswerk- en wegeniswerken wegwerken en overwelving Klagloop.
Koksijde - Aanleg collector Koksijde Bad - Koksijde Dorp.
Dilsen-Stokkem - Verbetering Zetellaan en verlengde Bekaertlaan.
Hasselt - Waterbeheersing- en rioleringswerken aan de Trekschurenbeek en Helbeek.
Lommel - Rioleringswerken Kattenbos.
Maaseik - Aanleg collector Schootsheide en Tapziep.
Oostende - Rioleringswerken in de Plakkerstraat.
Genk - Wegen- en rioleringswerken Gelieren-Hoogzij.
Peer - Collector Dommel.
Tongeren - Rioleringswerken langs de Viseweg.
Zaventem - Rioleringswerken Leuvensesteenweg.
Tervuren - Rioleringswerken Hanssenslaan - Molenberglaan.
Kortenberg - Rioleringswerken in de Diestbrugstraat.
Tervuren - Collector Sint-Hubertusvijver.
Art. N2. Annexe 2. Liste limitative des communes pour lesquelles les décomptes finaux relatifs aux travaux d'égout subventionnés doivent encore être réglés en 1994.
Oud-Turnhout - Travaux d'égout Steenweg op Ravels.
Gand - Construction du collecteur de la Lys jusqu'à l'Europabrug et jusqu'à la Coupure.
Lommel - Travaux d'égout et de voirie et voûtement Klagloop.
Koksijde - Construction du collecteur Koksijde Bad - Koksijde Dorp.
Dilsen-Stokkem - Amélioration Zetellaan et le prolongement de la Bekaertlaan.
Hasselt - Travaux de maîtrise d'eau et d'égout à la Trekschurenbeek et la Helbeek.
Lommel - Travaux d'égout Kattenbos.
Maaseik - Construction du collecteur Schootsheide et Tapziep.
Ostende - Travaux d'égout dans la Plakkerstraat.
Genk - Travaux de voirie et d'égout Gelieren-Hoogzij.
Peer - Collecteur Dommel.
Tongres - Travaux d'égout le long du Viseweg.
Zaventem - Travaux d'égout Leuvensesteenweg.
Tervuren - Travaux d'égout Hanssenslaan - Molenberglaan.
Kortenberg - Travaux d'égout dans la Diestbrugstraat.
Tervuren - Collecteur Sint-Hubertusvijver.