Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
22 JULI 1996. - Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 31 maart 1971 betreffende de samenstelling en de werking van de bevorderingscomités.
Titre
22 JUILLET 1996. - Arrêté ministériel modifiant l'arrêté ministériel du 31 mars 1971 relatif à la composition et au fonctionnement des comités d'avancement.
Dokumentinformationen
Numac: 1996007154
Datum: 1996-07-22
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 1996007154
Date: 1996-07-22
Moniteur: Voir
Tekst (3)
Texte (3)
Artikel 1. Artikel 10, § 3, van het ministerieel besluit van 31 maart 1971 betreffende de samenstelling en de werking van de bevorderingscomités, opgeheven door het ministerieel besluit van 27 oktober 1976, wordt hersteld in de volgende lezing :
" § 3. Bij ontstentenis van officieren uit het korps van het lichte vliegwezen die voldoen aan de eisen om als tijdelijk lid zitting te hebben, worden officieren uit de andere korpsen van de landmacht bij loting aangewezen om hun aantal aan te vullen. "
Article 1. L'article 10, § 3, de l'arrêté ministériel du 31 mars 1971 relatif à la composition et au fonctionnement des comités d'avancement, abrogé par l'arrêté ministériel du 27 octobre 1976, est rétabli dans la rédaction suivante :
" § 3. A défaut d'officiers du corps de l'aviation légère répondant aux conditions pour siéger comme membre temporaire, des officiers appartenant aux autres corps de la force terrestre sont désignés par tirage au sort pour parfaire leur nombre. "
Art. 2. Artikel 10bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het ministerieel besluit van 19 juli 1974 en gewijzigd bij de ministeriële besluiten van 27 oktober 1976, 26 juli 1978 en 28 juli 1995, wordt vervangen door de volgende bepaling :
" Art. 10bis. worden opgeroepen om in de korpscomités voor de medische dienst zitting te nemen :
a) als vaste leden :
1° de chef van de generale staf;
2° de stafchef van de landmacht;
3° de stafchef van de luchtmacht;
4° de stafchef van de marine;
5° de stafchef van de medische dienst;
6° de officieren van de medische dienst benoemd in de graad van generaal-majoor of in een gelijkwaardige graad;
7° de officier met de meeste anciënniteit in de hoogste graad van het korps waarvan de kandidaten deel uitmaken wanneer dit korps niet wordt vertegenwoordigd door de in 5° of 6° bedoelde officieren;
b) als tijdelijke leden :
1° wanneer het comité de kandidaturen voor de graad van kolonel of voor een gelijkwaardige graad onderzoekt, twee officieren benoemd in de graad van kolonel of in een gelijkwaardige graad;
2° wanneer het comité de kandidaturen voor de graad van luitenant-kolonel of voor een gelijkwaardige graad onderzoekt, twee officieren benoemd in de graad van kolonel of in een gelijkwaardige graad en twee officieren benoemd in de graad van luitenant-kolonel of in een gelijkwaardige graad;
3° wanneer het comité de kandidaturen voor de graad van majoor of voor een gelijkwaardige graad onderzoekt, een officier benoemd in de graad van kolonel of in een gelijkwaardige graad, een officier benoemd in de graad van luitenant-kolonel of in een gelijkwaardige graad en twee officieren benoemd in de graad van majoor of in een gelijkwaardige graad.
Bij ontstentenis van officieren uit het korps van de tandartsen, het korps van de apothekers, het korps van de dierenartsen of het korps van de troepen van de medische dienst, die voldoen aan de eisen om als tijdelijk lid zitting te hebben, worden officieren uit het korps van de geneesheren bij loting aangewezen om hun aantal aan te vullen."
Art. 2. L'article 10bis du même arrêté, inséré par l'arrêté ministériel du 19 juillet 1974 et modifié par les arrêtés ministériels des 27 octobre 1976, 26 juillet 1978 et 28 juillet 1995, est remplacé par la dispositions suivante :
" Art. 10bis. Sont appelés à siéger dans les comités de corps pour le service médical :
a) comme membres permanents :
1° le chef de l'état-major général;
2° le chef d'état-major de la force terrestre;
3° le chef d'état-major de la force aérienne;
4° le chef d'état-major de la marine;
5° le chef d'état-major du service médical;
6° les officiers du service médical nommés au grade de général-major ou à un grade équivalent;
7° l'officier le plus ancien dans le grade le plus élevé du corps dont font partie les candidats lorsque ce corps n'est pas représenté par les officiers visés au 5° ou 6°;
b) comme membres temporaires :
1° lorsque le comité examine les candidatures au grade de colonel ou à un grade équivalent, deux officiers nommés au grade de colonel ou à un grade équivalent;
2° lorsque le comité examine les candidatures au grade de lieutenant-colonel ou à un grade équivalent, deux officiers nommés au grade de colonel ou à un grade équivalent et deux officiers nommés au grade de lieutenant-colonel ou à un grade équivalent;
3° lorsque le comité examine les candidatures au grade de major ou à un grade équivalent, un officier nommé au grade de colonel ou à un grade équivalent, un officier nommé au grade de lieutenant-colonel ou à un grade équivalent et deux officiers nommés au grade de major ou à un grade équivalent.
A défaut d'officiers du corps des dentistes, du corps des pharmaciens, du corps des vétérinaires ou du corps des troupes du service médical répondant aux conditions pour siéger comme membre temporaire, des officiers appartenant au corps des médecins sont désignés par tirage au sort pour parfaire leur nombre. "
Art. 3. Dit besluit treedt in werking op 1 september 1996. Brussel, 22 juli 1996.
J.-P. PONCELET
Art. 3. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er septembre 1996. Bruxelles, le 22 juillet 1996.
J.-P. PONCELET