Artikel 1. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 28 augustus 1963 betreffende het behoud van het normaal loon van de werklieden, de dienstboden, de bedienden en de werknemers aangeworven voor de dienst op binnenschepen, voor afwezigheidsdagen ter gelegenheid van familiegebeurtenissen of voor de vervulling van staatsburgerlijke verplichtingen of van burgerlijke opdrachten, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° in 6° worden de woorden "van een overgrootvader, een overgrootmoeder, van een achterkleinkind, van een" ingevoegd tussen de woorden "van een kleinkind," en de woorden "schoonzoon";
2° in 7° worden de woorden "van een overgrootvader, een overgrootmoeder, van een achterkleinkind, van een" ingevoegd tussen de woorden "van een kleinkind," en de woorden "schoonzoon".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
22 MAART 1999. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 augustus 1963 betreffende het behoud van het normaal loon van de werklieden, de dienstboden, de bedienden en de werknemers aangeworven voor de dienst op binnenschepen, voor afwezigheidsdagen ter gelegenheid van familiegebeurtenissen of voor de vervulling van staatsburgerlijke verplichtingen of van burgerlijke opdrachten.
Titre
22 MARS 1999. - Arrêté royal modifiant l'arrêté royal du 28 août 1963 relatif au maintien de la rémunération normale des ouvriers, des travailleurs domestiques, des employés et des travailleurs engagés pour le Service des Bâtiments de navigation intérieure pour les jours d'absence à l'occasion d'événements familiaux ou en vue de l'accomplissement d'obligations civiques ou de missions civiles.
Dokumentinformationen
Info du document
Tekst (3)
Texte (3)
Article 1. A l'article 2 de l'arrêté royal du 28 août 1963 relatif au maintien de la rémunération normale des ouvriers, des travailleurs domestiques, des employés et des travailleurs engagés pour le Service des Bâtiments de navigation intérieure pour les jours d'absence à l'occasion d'événements familiaux ou en vue de l'accomplissement d'obligations civiques ou de missions civiles sont apportées les modifications suivantes :
1° dans le 6°, les mots " d'un arrière-grand-père, d'une arrière-grand-mère, d'un arrière-petit-enfant, " sont insérés entre les mots " d'un petit-enfant, " et les mots " d'un gendre ";
2° dans le 7°, les mots " d'un arrière-grand-père, d'une arrière-grand-mère, d'un arrière-petit-enfant, " sont insérés entre les mots " d'un petit-enfant, " et les mots " d'un gendre ".
1° dans le 6°, les mots " d'un arrière-grand-père, d'une arrière-grand-mère, d'un arrière-petit-enfant, " sont insérés entre les mots " d'un petit-enfant, " et les mots " d'un gendre ";
2° dans le 7°, les mots " d'un arrière-grand-père, d'une arrière-grand-mère, d'un arrière-petit-enfant, " sont insérés entre les mots " d'un petit-enfant, " et les mots " d'un gendre ".
Art. 2. Artikel 4 van hetzelfde besluit wordt vervangen door de volgende bepaling :
"Art. 4. Voor de toepassing van artikel 2, 6° en 7°, worden de schoonbroer, de schoonzuster, de grootvader, de grootmoeder, de overgrootvader, de overgrootmoeder van de echtgeno(o)t(e) gelijkgesteld met de schoonbroer, de schoonzuster, de grootvader, de grootmoeder, de overgrootvader, de overgrootmoeder van de werknemer.".
"Art. 4. Voor de toepassing van artikel 2, 6° en 7°, worden de schoonbroer, de schoonzuster, de grootvader, de grootmoeder, de overgrootvader, de overgrootmoeder van de echtgeno(o)t(e) gelijkgesteld met de schoonbroer, de schoonzuster, de grootvader, de grootmoeder, de overgrootvader, de overgrootmoeder van de werknemer.".
Art. 2. L'article 4 du même arrêté est remplacé par la disposition suivante :
" Art. 4. Le beau-frère, la belle-soeur, le grand-père, la grand-mère, l'arrière-grand-père, l'arrière-grand-mère du conjoint sont assimilés au beau-frère, à la belle-soeur, au grand-père, à la grand-mère, à l'arrière-grand-père, à l'arrière-grand-mère du travailleur pour l'application de l'article 2, 6° et 7°. ".
" Art. 4. Le beau-frère, la belle-soeur, le grand-père, la grand-mère, l'arrière-grand-père, l'arrière-grand-mère du conjoint sont assimilés au beau-frère, à la belle-soeur, au grand-père, à la grand-mère, à l'arrière-grand-père, à l'arrière-grand-mère du travailleur pour l'application de l'article 2, 6° et 7°. ".
Art. 3. Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 22 maart 1999.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
Mevr. M. SMET
Gegeven te Brussel, 22 maart 1999.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
Mevr. M. SMET
Art. 3. Notre Ministre de l'Emploi et du Travail est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Donné à Bruxelles, le 22 mars 1999.
ALBERT
Par le Roi :
La Ministre de l'Emploi et du Travail,
Mme M. SMET
Donné à Bruxelles, le 22 mars 1999.
ALBERT
Par le Roi :
La Ministre de l'Emploi et du Travail,
Mme M. SMET