Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
24 MEI 2002. - Besluit van de Vlaamse regering inzake de organisatie van onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers in het gewoon voltijds secundair onderwijs. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 11-09-2002 en tekstbijwerking tot 05-10-2016)
Titre
24 MAI 2002. - Arrêté du Gouvernement flamand relatif à l'organisation de l'enseignement d'accueil pour primo-arrivants allophones dans l'enseignement secondaire ordinaire à temps plein (TRADUCTION). (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 11-09-2002 et mise à jour au 05-10-2016)
Dokumentinformationen
Info du document
Inhoud
Tekst (21)
Texte (21)
HOOFDSTUK I. - Inleidende bepalingen.
CHAPITRE I. - Dispositions introductives.
Artikel 1. Dit besluit is van toepassing op het gewoon voltijds secundair onderwijs, gefinancierd of gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap.
Article 1. Le présent arrêté s'applique à l'enseignement secondaire ordinaire à temps plein, financé ou subventionné par la Communauté flamande.
Art. 2. [1 In dit besluit wordt verstaan onder:
1° anderstalige nieuwkomer: een leerling als vermeld in artikel 3, 2° /1, a) en c), van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010. Dat een leerling voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 3, 2° /1, a), 2) of 3), van de voormelde codex, wordt bewezen aan de hand van een verklaring op erewoord van de betrokken personen. Met die verklaring op erewoord wordt voor het beantwoorden aan de voorwaarde, vermeld in artikel 3, 2° /1, a), 2), van de voormelde codex, echter geen rekening gehouden, als andere leerlinggegevens aanwezig zijn die de verklaring tegenspreken. Dat de leerling voldoet aan de voorwaarde, vermeld in artikel 3, 2° /1, c), van de voormelde codex, wordt bewezen aan de hand van een attest, uitgereikt door het open asielcentrum waar hij officieel verblijft. De verklaringen die aantonen dat anderstalige nieuwkomers voldoen aan de voorwaarden worden ten minste vijf jaar in de school bewaard;
2° betrokken personen: de personen, vermeld in artikel 3, 9°, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;
3° onthaalonderwijs: een tijdelijk en specifiek onderwijsaanbod als vermeld in artikel 135, eerste lid, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.]1
1° anderstalige nieuwkomer: een leerling als vermeld in artikel 3, 2° /1, a) en c), van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010. Dat een leerling voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 3, 2° /1, a), 2) of 3), van de voormelde codex, wordt bewezen aan de hand van een verklaring op erewoord van de betrokken personen. Met die verklaring op erewoord wordt voor het beantwoorden aan de voorwaarde, vermeld in artikel 3, 2° /1, a), 2), van de voormelde codex, echter geen rekening gehouden, als andere leerlinggegevens aanwezig zijn die de verklaring tegenspreken. Dat de leerling voldoet aan de voorwaarde, vermeld in artikel 3, 2° /1, c), van de voormelde codex, wordt bewezen aan de hand van een attest, uitgereikt door het open asielcentrum waar hij officieel verblijft. De verklaringen die aantonen dat anderstalige nieuwkomers voldoen aan de voorwaarden worden ten minste vijf jaar in de school bewaard;
2° betrokken personen: de personen, vermeld in artikel 3, 9°, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;
3° onthaalonderwijs: een tijdelijk en specifiek onderwijsaanbod als vermeld in artikel 135, eerste lid, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.]1
Art. 2. [1 Dans le présent arrêté, on entend par :
1° primo-arrivant allophone : un élève tel que visé à l'article 3, 2° /1, a) et c), du Code de l'Enseignement supérieur du 17 décembre 2010. Moyennant une déclaration sur l'honneur des personnes concernées, il est démontré que l'élève satisfait aux conditions, visées à l'article 3, 2° /1, a), 2) ou 3) du Code précité. Cette déclaration sur l'honneur n'est cependant pas prise en compte pour satisfaire à la condition, visée à l'article 3, 2° /1, a), 2), du Code précité, s'il existe d'autres données de l'élève qui contredisent cette déclaration. Moyennant une attestation délivrée par le centre d'asile ouvert où l'élève réside officiellement, il est démontré que l'élève remplit la condition mentionnée à l'article 3, 2° /1, c), du Code précité. Les déclarations démontrant que les primo-arrivants allophones satisfont aux conditions sont conservées dans l'école pendant au moins cinq ans.
2° personnes concernées : les personnes, telles que visées à l'article 3, 9°, du Code de l'Enseignement supérieur du 17 décembre 2010 ;
3° enseignement d'accueil : une offre d'enseignement spécifique et temporaire, telle que visée à l'article 135, premier alinéa, du Code de l'Enseignement supérieur du 17 décembre 2010.]1
1° primo-arrivant allophone : un élève tel que visé à l'article 3, 2° /1, a) et c), du Code de l'Enseignement supérieur du 17 décembre 2010. Moyennant une déclaration sur l'honneur des personnes concernées, il est démontré que l'élève satisfait aux conditions, visées à l'article 3, 2° /1, a), 2) ou 3) du Code précité. Cette déclaration sur l'honneur n'est cependant pas prise en compte pour satisfaire à la condition, visée à l'article 3, 2° /1, a), 2), du Code précité, s'il existe d'autres données de l'élève qui contredisent cette déclaration. Moyennant une attestation délivrée par le centre d'asile ouvert où l'élève réside officiellement, il est démontré que l'élève remplit la condition mentionnée à l'article 3, 2° /1, c), du Code précité. Les déclarations démontrant que les primo-arrivants allophones satisfont aux conditions sont conservées dans l'école pendant au moins cinq ans.
2° personnes concernées : les personnes, telles que visées à l'article 3, 9°, du Code de l'Enseignement supérieur du 17 décembre 2010 ;
3° enseignement d'accueil : une offre d'enseignement spécifique et temporaire, telle que visée à l'article 135, premier alinéa, du Code de l'Enseignement supérieur du 17 décembre 2010.]1
HOOFDSTUK II. - Het onthaalonderwijs.
CHAPITRE II. - L'enseignement d'accueil.
Art. 3. [1 Voor de organisatie van het door de Vlaamse Gemeenschap gefinancierd of gesubsidieerd onthaalonderwijs gelden de volgende voorwaarden:
1° het schoolbestuur of de schoolbesturen, naargelang van het geval, van de betrokken scholengemeenschap duiden een school van de scholengemeenschap aan die als contactschool voor het onthaalonderwijs fungeert ten aanzien van de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap;
2° het wekelijkse lesrooster van het onthaaljaar omvat maximaal 32 wekelijkse lesuren, waaronder ten minste 24 wekelijkse lesuren besteed aan de vakken van de basisvorming, vermeld in artikel 155 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;
3° als verschillende scholen van een scholengemeenschap onthaalonderwijs organiseren, wordt een gestructureerd en systematisch overleg door de scholengemeenschap georganiseerd;
4° elk schoolbestuur met onthaalonderwijs verbindt zich ertoe de betrokken personeelsleden het recht te garanderen op deelname aan nascholing over taalvaardigheidsonderwijs Nederlands.]1
1° het schoolbestuur of de schoolbesturen, naargelang van het geval, van de betrokken scholengemeenschap duiden een school van de scholengemeenschap aan die als contactschool voor het onthaalonderwijs fungeert ten aanzien van de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap;
2° het wekelijkse lesrooster van het onthaaljaar omvat maximaal 32 wekelijkse lesuren, waaronder ten minste 24 wekelijkse lesuren besteed aan de vakken van de basisvorming, vermeld in artikel 155 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;
3° als verschillende scholen van een scholengemeenschap onthaalonderwijs organiseren, wordt een gestructureerd en systematisch overleg door de scholengemeenschap georganiseerd;
4° elk schoolbestuur met onthaalonderwijs verbindt zich ertoe de betrokken personeelsleden het recht te garanderen op deelname aan nascholing over taalvaardigheidsonderwijs Nederlands.]1
Art. 3. [1 Pour l'organisation de l'enseignement d'accueil financé ou subventionné par la Communauté flamande, les conditions suivantes sont applicables :
1° l'autorité scolaire ou, le cas échéant, les autorités scolaires du centre d'enseignement concerné désignent une école du centre d'enseignement qui fonctionne comme école de contact pour l'enseignement d'accueil à l'égard des services compétents de la Communauté flamande ;
2° l'horaire hebdomadaire comprend au maximum 32 heures de cours hebdomadaires, parmi lesquelles au moins 24 heures de cours hebdomadaires destinées à la formation de base, visée à l'article 155 du Code de l'Enseignement secondaire du 17 décembre 2010 ;
3° si plusieurs écoles d'un centre d'enseignement organisent un enseignement d'accueil, la concertation structurée et systématique est organisée par le centre d'enseignement ;
4° toute autorité scolaire organisant un enseignement d'accueil s'engage à garantir aux membres du personnel concernés le droit de suivre une formation continuée en matière d'enseignement d'aptitudes linguistiques du néerlandais.]1
1° l'autorité scolaire ou, le cas échéant, les autorités scolaires du centre d'enseignement concerné désignent une école du centre d'enseignement qui fonctionne comme école de contact pour l'enseignement d'accueil à l'égard des services compétents de la Communauté flamande ;
2° l'horaire hebdomadaire comprend au maximum 32 heures de cours hebdomadaires, parmi lesquelles au moins 24 heures de cours hebdomadaires destinées à la formation de base, visée à l'article 155 du Code de l'Enseignement secondaire du 17 décembre 2010 ;
3° si plusieurs écoles d'un centre d'enseignement organisent un enseignement d'accueil, la concertation structurée et systématique est organisée par le centre d'enseignement ;
4° toute autorité scolaire organisant un enseignement d'accueil s'engage à garantir aux membres du personnel concernés le droit de suivre une formation continuée en matière d'enseignement d'aptitudes linguistiques du néerlandais.]1
Art. 4. [1 Bij het beëindigen van de volledige effectieve periode dat de anderstalige nieuwkomer het onthaaljaar heeft gevolgd, desgevallend na verkregen afwijking over twee aaneensluitende schooljaren gespreid, wordt aan de anderstalige nieuwkomer die als regelmatige leerling het onthaaljaar heeft gevolgd een attest uitgereikt waarvan het model is opgenomen in de bijlage die bij dit besluit is gevoegd.]1
Art. 4. [1 Au terme de la période effective complète que le primo-arrivant allophone a suivi l'année d'accueil, le cas échéant, celle-ci échelonnée sur deux années scolaires consécutives, après avoir obtenu une dérogation à cet effet, il est délivré au primo-arrivant allophone ayant suivi l'année d'accueil comme élève régulier une attestation dont le modèle figure en annexe au présent arrêté.]1
Art. 5. § 1. Voor de organisatie van (het onthaaljaar) worden specifieke uren-leraar toegekend overeenkomstig de volgende modaliteiten :
1° voor (het onthaaljaar) dat [1 ...]1 tijdens de maand september wordt georganiseerd, wordt per regelmatige anderstalige nieuwkomer geteld op de laatste lesdag van bedoelde maand, 2,5 specifieke uren-leraar toegekend;
2° voor (het onthaaljaar) dat tijdens de overige maanden van het schooljaar wordt georganiseerd wordt per regelmatige leerling geteld op de eerste lesdag, te rekenen vanaf 1 oktober, waarop onthaalonderwijs (NOTA van Justel : BVR 2007-01-26/38, art. 9, beschikt dat in onderhavige § 1 de woorden " het onthaalonderwijs" telkens vervangen worden door de woorden " het onthaaljaar ") wordt ingericht, 2,5 specifieke uren-leraar toegekend;
[2 2° /1 in afwijking van 1° en 2° worden, voor het eerste schooljaar waarin het onthaaljaar wordt geprogrammeerd na de eerste lesdag van oktober, per anderstalige nieuwkomer, geteld op de eerste lesdag waarop het onthaalonderwijs wordt georganiseerd, 2,5 specifieke uren-leraar toegekend;]2
3° indien er vier of een veelvoud van vier nieuwe regelmatige anderstalige nieuwkomers worden ingeschreven in de deelnemende school of scholen van de scholengemeenschap en indien het totaal aantal regelmatige anderstalige nieuwkomers eveneens met vier of een veelvoud van vier is verhoogd, kan [1 het schoolbestuur]1 van de school die optreedt als contactpunt, een herberekening van het aantal specifieke uren-leraar aanvragen;
4° indien er vier of een veelvoud van vier regelmatige anderstalige nieuwkomers worden uitgeschreven uit de deelnemende school of scholen van de scholengemeenschap en indien het totaal aantal regelmatige anderstalige nieuwkomers eveneens met vier of een veelvoud van vier is gedaald, moet [1 het schoolbestuur]1 van de school die optreedt als contactpunt, een herberekening van het aantal specifieke uren-leraar aanvragen;
§ 2. [3 Boven op het aantal uren-leraar, vermeld in paragraaf 1, wordt aan elke contactschool een aantal specifieke uren-leraar toegekend onder de volgende modaliteiten:
1° het aantal specifieke uren-leraar bedraagt 0,9 per regelmatige anderstalige nieuwkomer op de eerste lesdag van februari van het voorafgaande schooljaar;
2° de specifieke uren-leraar kunnen uitsluitend worden aangewend voor:
a) de ondersteuning, opvolging en begeleiding van gewezen anderstalige nieuwkomers in het reguliere onderwijs;
b) de expertise-overdracht en -opbouw in het reguliere onderwijs met betrekking tot gewezen anderstalige nieuwkomers.
In afwijking van het eerste lid, 1°, wordt in geval van programmatie van onthaalonderwijs na de eerste lesdag van februari van het voorafgaande schooljaar, de eerste lesdag van juni van dat schooljaar als teldatum genomen.]3
(§ 3. De specifieke uren-leraar die voor het onthaaljaar en voor de ondersteuning, opvolging en begeleiding van gewezen anderstalige nieuwkomers worden toegekend, worden uitsluitend in het onthaalonderwijs aangewend.)
1° voor (het onthaaljaar) dat [1 ...]1 tijdens de maand september wordt georganiseerd, wordt per regelmatige anderstalige nieuwkomer geteld op de laatste lesdag van bedoelde maand, 2,5 specifieke uren-leraar toegekend;
2° voor (het onthaaljaar) dat tijdens de overige maanden van het schooljaar wordt georganiseerd wordt per regelmatige leerling geteld op de eerste lesdag, te rekenen vanaf 1 oktober, waarop onthaalonderwijs (NOTA van Justel : BVR 2007-01-26/38, art. 9, beschikt dat in onderhavige § 1 de woorden " het onthaalonderwijs" telkens vervangen worden door de woorden " het onthaaljaar ") wordt ingericht, 2,5 specifieke uren-leraar toegekend;
[2 2° /1 in afwijking van 1° en 2° worden, voor het eerste schooljaar waarin het onthaaljaar wordt geprogrammeerd na de eerste lesdag van oktober, per anderstalige nieuwkomer, geteld op de eerste lesdag waarop het onthaalonderwijs wordt georganiseerd, 2,5 specifieke uren-leraar toegekend;]2
3° indien er vier of een veelvoud van vier nieuwe regelmatige anderstalige nieuwkomers worden ingeschreven in de deelnemende school of scholen van de scholengemeenschap en indien het totaal aantal regelmatige anderstalige nieuwkomers eveneens met vier of een veelvoud van vier is verhoogd, kan [1 het schoolbestuur]1 van de school die optreedt als contactpunt, een herberekening van het aantal specifieke uren-leraar aanvragen;
4° indien er vier of een veelvoud van vier regelmatige anderstalige nieuwkomers worden uitgeschreven uit de deelnemende school of scholen van de scholengemeenschap en indien het totaal aantal regelmatige anderstalige nieuwkomers eveneens met vier of een veelvoud van vier is gedaald, moet [1 het schoolbestuur]1 van de school die optreedt als contactpunt, een herberekening van het aantal specifieke uren-leraar aanvragen;
§ 2. [3 Boven op het aantal uren-leraar, vermeld in paragraaf 1, wordt aan elke contactschool een aantal specifieke uren-leraar toegekend onder de volgende modaliteiten:
1° het aantal specifieke uren-leraar bedraagt 0,9 per regelmatige anderstalige nieuwkomer op de eerste lesdag van februari van het voorafgaande schooljaar;
2° de specifieke uren-leraar kunnen uitsluitend worden aangewend voor:
a) de ondersteuning, opvolging en begeleiding van gewezen anderstalige nieuwkomers in het reguliere onderwijs;
b) de expertise-overdracht en -opbouw in het reguliere onderwijs met betrekking tot gewezen anderstalige nieuwkomers.
In afwijking van het eerste lid, 1°, wordt in geval van programmatie van onthaalonderwijs na de eerste lesdag van februari van het voorafgaande schooljaar, de eerste lesdag van juni van dat schooljaar als teldatum genomen.]3
(§ 3. De specifieke uren-leraar die voor het onthaaljaar en voor de ondersteuning, opvolging en begeleiding van gewezen anderstalige nieuwkomers worden toegekend, worden uitsluitend in het onthaalonderwijs aangewend.)
Art. 5. § 1er. Pour l'organisation de l'(année d'accueil), des périodes/enseignant spécifiques sont octroyées conformément aux modalités suivantes :
1° pour l'(année d'accueil organisée) [1 ...]1 durant le mois de septembre, 2,5 périodes/enseignant spécifiques sont octroyées par primo-arrivant régulier compté le dernier jour de classe du mois visé;
2° pour l'(année d'accueil organisée) durant les autres mois de l'année scolaire, 2,5 périodes/enseignant spécifiques sont octroyées par élève régulier compté le premier jour de classe où l'(année d'accueil) est (organisée), à compter à partir du 1 octobre;
[2 2° /1 par dérogation aux 1° et 2°, 2,5 périodes/enseignant spécifiques sont octroyées pour la première année scolaire pendant laquelle l'année d'accueil est programmée après le premier jour de classe d'octobre, par primo-arrivant allophone, compté le premier jour de classe auquel l'enseignement d'accueil est organisé ;]2
3° si quatre ou un multiple de quatre nouveaux primo-arrivants allophones réguliers sont inscrits dans l'(es) école(s) participante(s) du centre scolaire et si en même temps le nombre total de primo-arrivants allophones réguliers est majoré de quatre ou d'un multiple de quatre, [1 l'autorité scolaire]1 de l'école fonctionnant en tant que point de contact peut demander une révision du nombre de périodes/enseignant spécifiques;
4° si quatre ou un multiple de quatre nouveaux primo-arrivants allophones réguliers sont rayés de l'/des école(s) participante(s) du centre scolaire et si en même temps le nombre total de primo-arrivants allophones réguliers a diminué de quatre ou d'un multiple de quatre, [1 l'autorité scolaire]1 de l'école fonctionnant en tant que point de contact doit demander une révision du nombre de périodes/enseignant spécifiques.
§ 2. [3 Outre le nombre de périodes-enseignant, visé au paragraphe 1er, un nombre de périodes-enseignant spécifiques est octroyé à chaque école de contact selon les modalités suivantes :
1° le nombre de périodes-enseignant spécifiques s'élève à 0,9 par primo-arrivant allophone régulier au premier jour de classe de février de l'année scolaire précédente ;
2° les périodes-enseignant spécifiques ne peuvent être affectées qu'aux :
a) soutien, suivi et accompagnement d'anciens primo-arrivants allophones dans l'enseignement régulier ;
b) transfert et développement d'expertise dans l'enseignement régulier en ce qui concerne les anciens primo-arrivants allophones.
Par dérogation à l'alinéa 1er, 1°, en cas de programmation de l'enseignement d'accueil après le premier jour de classe de février de l'année scolaire précédente, le premier jour de classe de juin de l'année scolaire en question est pris comme date de comptage.]3
(§ 3. Les périodes/enseignant spécifiques octroyées pour l'année d'accueil et pour le support, le suivi et l'accompagnement des anciens primo-arrivants allophones sont utilisées à titre exclusif dans l'enseignement d'accueil.)
1° pour l'(année d'accueil organisée) [1 ...]1 durant le mois de septembre, 2,5 périodes/enseignant spécifiques sont octroyées par primo-arrivant régulier compté le dernier jour de classe du mois visé;
2° pour l'(année d'accueil organisée) durant les autres mois de l'année scolaire, 2,5 périodes/enseignant spécifiques sont octroyées par élève régulier compté le premier jour de classe où l'(année d'accueil) est (organisée), à compter à partir du 1 octobre;
[2 2° /1 par dérogation aux 1° et 2°, 2,5 périodes/enseignant spécifiques sont octroyées pour la première année scolaire pendant laquelle l'année d'accueil est programmée après le premier jour de classe d'octobre, par primo-arrivant allophone, compté le premier jour de classe auquel l'enseignement d'accueil est organisé ;]2
3° si quatre ou un multiple de quatre nouveaux primo-arrivants allophones réguliers sont inscrits dans l'(es) école(s) participante(s) du centre scolaire et si en même temps le nombre total de primo-arrivants allophones réguliers est majoré de quatre ou d'un multiple de quatre, [1 l'autorité scolaire]1 de l'école fonctionnant en tant que point de contact peut demander une révision du nombre de périodes/enseignant spécifiques;
4° si quatre ou un multiple de quatre nouveaux primo-arrivants allophones réguliers sont rayés de l'/des école(s) participante(s) du centre scolaire et si en même temps le nombre total de primo-arrivants allophones réguliers a diminué de quatre ou d'un multiple de quatre, [1 l'autorité scolaire]1 de l'école fonctionnant en tant que point de contact doit demander une révision du nombre de périodes/enseignant spécifiques.
§ 2. [3 Outre le nombre de périodes-enseignant, visé au paragraphe 1er, un nombre de périodes-enseignant spécifiques est octroyé à chaque école de contact selon les modalités suivantes :
1° le nombre de périodes-enseignant spécifiques s'élève à 0,9 par primo-arrivant allophone régulier au premier jour de classe de février de l'année scolaire précédente ;
2° les périodes-enseignant spécifiques ne peuvent être affectées qu'aux :
a) soutien, suivi et accompagnement d'anciens primo-arrivants allophones dans l'enseignement régulier ;
b) transfert et développement d'expertise dans l'enseignement régulier en ce qui concerne les anciens primo-arrivants allophones.
Par dérogation à l'alinéa 1er, 1°, en cas de programmation de l'enseignement d'accueil après le premier jour de classe de février de l'année scolaire précédente, le premier jour de classe de juin de l'année scolaire en question est pris comme date de comptage.]3
(§ 3. Les périodes/enseignant spécifiques octroyées pour l'année d'accueil et pour le support, le suivi et l'accompagnement des anciens primo-arrivants allophones sont utilisées à titre exclusif dans l'enseignement d'accueil.)
Art. 6. § 1. Het gebruik van de specifieke uren-leraar onthaalonderwijs wordt beoordeeld door de onderwijsinspectie.
§ 2. De specifieke subsidiëring of financiering aan de scholen wordt stopgezet wanneer blijkt dat de doelstellingen van het onthaalonderwijs, bedoeld in artikel 2, 2° niet worden nagestreefd.
De stopzetting gaat in de eerste dag van de maand volgend op de in het eerste lid bedoelde vaststelling.
§ 2. De specifieke subsidiëring of financiering aan de scholen wordt stopgezet wanneer blijkt dat de doelstellingen van het onthaalonderwijs, bedoeld in artikel 2, 2° niet worden nagestreefd.
De stopzetting gaat in de eerste dag van de maand volgend op de in het eerste lid bedoelde vaststelling.
Art. 6. § 1er. L'emploi des périodes/enseignant spécifiques est évalué par l'inspection de l'enseignement.
§ 2. Le subventionnement ou le financement spécifique des écoles est cessé lorsqu'il s'avère que les objectifs de l'enseignement d'accueil, visés à l'article 2, 2°, ne sont pas poursuivis.
La cessation prend effet le premier jour du mois suivant la constatation visée au premier alinéa.
§ 2. Le subventionnement ou le financement spécifique des écoles est cessé lorsqu'il s'avère que les objectifs de l'enseignement d'accueil, visés à l'article 2, 2°, ne sont pas poursuivis.
La cessation prend effet le premier jour du mois suivant la constatation visée au premier alinéa.
Art. 7. [1 Voor individuele situaties en in uitzonderlijke omstandigheden kan van de voorwaarden, vermeld in artikel 3, 2° /1, a), 1), 2) en 5), van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, waaraan onder andere moet worden voldaan om anderstalige nieuwkomer te zijn, worden afgeweken, als aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
1° de toelatingsklassenraad neemt een gunstige en gemotiveerde beslissing uiterlijk 25 lesdagen na aanvang van de regelmatige lesbijwoning;
2° de klassenraad bestaat ten minste uit alle stemgerechtigde leden en een afgevaardigde van het betrokken centrum voor leerlingenbegeleiding;
3° de toegestane afwijking wordt gemeld aan de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap.]1
1° de toelatingsklassenraad neemt een gunstige en gemotiveerde beslissing uiterlijk 25 lesdagen na aanvang van de regelmatige lesbijwoning;
2° de klassenraad bestaat ten minste uit alle stemgerechtigde leden en een afgevaardigde van het betrokken centrum voor leerlingenbegeleiding;
3° de toegestane afwijking wordt gemeld aan de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap.]1
Art. 7. [1 Il peut être dérogé aux conditions, visées à l'article 3, 2° /1, a), 1), 2) et 5), du Code de l'Enseignement secondaire du 17 décembre 2010, devant être remplies pour être un primo-arrivant allophone, dans des cas individuels et dans des circonstances exceptionnelles, s'il est satisfait à chacune des conditions suivantes :
1° le conseil de classe d'admission prend une décision favorable et motivée au plus tard 25 jours de classe après le début de la fréquentation régulière des cours ;
2° le conseil de classe consiste au moins de tous les membres à voix délibérative et un délégué du centre d'encadrement des élèves concerné ;
3° la dérogation accordée est notifiée aux services compétents de la Communauté flamande.]1
1° le conseil de classe d'admission prend une décision favorable et motivée au plus tard 25 jours de classe après le début de la fréquentation régulière des cours ;
2° le conseil de classe consiste au moins de tous les membres à voix délibérative et un délégué du centre d'encadrement des élèves concerné ;
3° la dérogation accordée est notifiée aux services compétents de la Communauté flamande.]1
Art. 8. De personeelsleden die fungeren in de in artikel 5 bedoelde specifieke uren-leraar worden voor wat betreft de vigerende regelgeving op de bekwaamheidsbewijzen, de weddeschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling, beschouwd als personeelsleden die fungeren in de eerste, tweede [1 of derde graad]1 van het voltijds gewoon secundair onderwijs. De keuze van de graad wordt per vak en per personeelslid gemaakt door [1 het schoolbestuur]1 met dien verstande dat [1 het schoolbestuur]1 ertoe gehouden is de voor het personeelslid meest gunstige keuze inzake prestatiestelsel en bezoldiging te maken.
Art. 8. Les membres du personnel exerçant leur charge dans les périodes/enseignant spécifiques visées à l'article 5, sont considérés, en ce qui concerne la réglementation en vigueur relative aux titres, aux échelles de traitement, au régime de prestations et au statut pécuniaire, comme des membres du personnel exerçant leur charge aux premier, deuxième [1 ou troisième degré]1 de l'enseignement secondaire ordinaire à temps plein. [1 L'autorité scolaire]1 choisit le degré par cours et par membre du personnel, étant entendu que [1 l'autorité scolaire]1 est tenu de faire le choix le plus favorable au membre du personnel en termes de régime de prestations et de rémunération.
Art. 9. De werkingstoelagen van het (onthaaljaar) worden berekend op basis van het aantal regelmatige anderstalige nieuwkomers op 1 februari van het vorige schooljaar. [1 Er wordt aan de regelmatige anderstalige nieuwkomers het puntengewicht 16 toegekend.]1
Voor het Gemeenschapsonderwijs gelden voor wat de werkingsmiddelen betreft, de bepalingen van artikel 36, 2° van het Bijzonder Decreet van 14 juli 1998.
Voor het Gemeenschapsonderwijs gelden voor wat de werkingsmiddelen betreft, de bepalingen van artikel 36, 2° van het Bijzonder Decreet van 14 juli 1998.
Art. 9. Les subventions de fonctionnement de l'(année d'accueil) sont calculées sur la base du nombre de primo-arrivants allophones réguliers le 1 février de l'année scolaire précédente. [1 Une pondération de 16 est affectée aux primo-arrivants allophones réguliers.]1
En ce qui concerne les moyens de fonctionnement pour l'enseignement communautaire, les dispositions de l'article 36, 2° du décret spécial du 14 juillet 1998 sont en vigueur.
En ce qui concerne les moyens de fonctionnement pour l'enseignement communautaire, les dispositions de l'article 36, 2° du décret spécial du 14 juillet 1998 sont en vigueur.
Art.9/1. [1 Als het onthaalonderwijs wordt georganiseerd buiten een scholengemeenschap:
1° zijn de voorwaarden, vermeld in artikel 3, 1° en 3°, niet van toepassing;
2° wordt voor de eventuele herberekening van het aantal specifieke uren-leraar, vermeld in artikel 5, § 1, 3° en 4°, het aantal anderstalige nieuwkomers in de school in kwestie in aanmerking genomen;
3° worden aan elke school met onthaalonderwijs de specifieke uren-leraar, vermeld in artikel 5, § 2, onder de gestelde modaliteiten toegekend.]1
1° zijn de voorwaarden, vermeld in artikel 3, 1° en 3°, niet van toepassing;
2° wordt voor de eventuele herberekening van het aantal specifieke uren-leraar, vermeld in artikel 5, § 1, 3° en 4°, het aantal anderstalige nieuwkomers in de school in kwestie in aanmerking genomen;
3° worden aan elke school met onthaalonderwijs de specifieke uren-leraar, vermeld in artikel 5, § 2, onder de gestelde modaliteiten toegekend.]1
Art.9/1. [1 Si l'enseignement d'accueil est organisé en dehors d'un centre d'enseignement :
1° les conditions, visées à l'article 3, 1° et 3°, ne sont pas d'application ;
2° le nombre de primo-arrivants allophones dans l'école en question est pris en considération pour le recalcul éventuel du nombre de périodes/enseignant spécifiques, visées à l'article 5, § 1er, 3° et 4° ;
3° les périodes/enseignant spécifiques, visées à l'article 5, § 2, sont attribuées, aux modalités fixées, à chaque école dispensant un enseignement d'accueil.]1
1° les conditions, visées à l'article 3, 1° et 3°, ne sont pas d'application ;
2° le nombre de primo-arrivants allophones dans l'école en question est pris en considération pour le recalcul éventuel du nombre de périodes/enseignant spécifiques, visées à l'article 5, § 1er, 3° et 4° ;
3° les périodes/enseignant spécifiques, visées à l'article 5, § 2, sont attribuées, aux modalités fixées, à chaque école dispensant un enseignement d'accueil.]1
HOOFDSTUK III. - Wijzigings- en opheffingsbepalingen.
CHAPITRE III. - Dispositions modificatives et abrogatoires.
Art. 10. In artikel 1, § 1, eerste lid van het besluit van de Vlaamse regering van 6 september 1995 betreffende de organisatie van een onthaaljaar voor anderstalige nieuwkomers in het voltijds secundair onderwijs, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van 22 september 1998, 20 april 2001 en 11 mei 2001, wordt het woord " negenentwintig " vervangen door het woord " drieënveertig ".
Art. 10. A l'article 1er, § 1er, premier alinéa de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 septembre 1995 relatif à l'organisation d'une année d'accueil pour primo-arrivants allophones dans l'enseignement secondaire à temps plein, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 22 septembre 1998, 20 avril 2001 et 11 mai 2001, le mot " vingt-neuf " est remplacé par le mot " quarante-trois ".
Art. 11. In artikel 7 van hetzelfde besluit, wordt § 6, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van 22 september 1998 en 20 april 2001 vervangen door wat volgt :
" § 6. De financiering-subsidiëring geldt voor ten hoogste 130 specifieke uren-leraar per onderwijsinstelling. Enkel voor de onderwijsinstellingen gelegen op het grondgebied van de steden Gent en Antwerpen geldt de financiering-subsidiëring voor ten hoogste 148 specifieke uren-leraar per onderwijsinstelling.
In afwijking hierop, geldt voor de onderwijsinstellingen die starten vanaf 1 maart 2001 en ongeacht waar ze gelegen zijn, de financiering-subsidiëring voor ten hoogste 65 specifieke uren-leraar per onderwijsinstelling. Enkel wanneer er specifieke behoeften kunnen aangetoond worden door deze onderwijsinstellingen, geldt de financiering-subsidiëring voor ten hoogste 130 specifieke uren-leraar per onderwijsinstelling. ".
" § 6. De financiering-subsidiëring geldt voor ten hoogste 130 specifieke uren-leraar per onderwijsinstelling. Enkel voor de onderwijsinstellingen gelegen op het grondgebied van de steden Gent en Antwerpen geldt de financiering-subsidiëring voor ten hoogste 148 specifieke uren-leraar per onderwijsinstelling.
In afwijking hierop, geldt voor de onderwijsinstellingen die starten vanaf 1 maart 2001 en ongeacht waar ze gelegen zijn, de financiering-subsidiëring voor ten hoogste 65 specifieke uren-leraar per onderwijsinstelling. Enkel wanneer er specifieke behoeften kunnen aangetoond worden door deze onderwijsinstellingen, geldt de financiering-subsidiëring voor ten hoogste 130 specifieke uren-leraar per onderwijsinstelling. ".
Art. 11. A l'article 7 du même arrêté, le § 6, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 22 septembre 1998 et 20 avril 2001, est remplacé par ce qui suit :
" § 6. Le financement-subventionnement s'applique pour 130 périodes/enseignant spécifiques par établissement d'enseignement au maximum. Seulement pour ce qui est des établissements d'enseignement situés sur le territoire des villes d'Anvers et de Gand, le financement-subventionnement s'applique pour 148 périodes/enseignant spécifiques par établissement d'enseignement au maximum.
Par dérogation à ce qui précède, pour les établissements d'enseignement, où qu'ils soient situés, démarrant le 1 mars 2001, le financement-subventionnement s'applique pour 65 périodes/enseignant spécifiques par établissement d'enseignement au maximum. Seul si des nécessités spécifiques peuvent être démontrées par ces établissements d'enseignement, le financement-subventionnement s'applique pour 130 périodes/enseignant spécifiques par établissement d'enseignement au maximum. ".
" § 6. Le financement-subventionnement s'applique pour 130 périodes/enseignant spécifiques par établissement d'enseignement au maximum. Seulement pour ce qui est des établissements d'enseignement situés sur le territoire des villes d'Anvers et de Gand, le financement-subventionnement s'applique pour 148 périodes/enseignant spécifiques par établissement d'enseignement au maximum.
Par dérogation à ce qui précède, pour les établissements d'enseignement, où qu'ils soient situés, démarrant le 1 mars 2001, le financement-subventionnement s'applique pour 65 périodes/enseignant spécifiques par établissement d'enseignement au maximum. Seul si des nécessités spécifiques peuvent être démontrées par ces établissements d'enseignement, le financement-subventionnement s'applique pour 130 périodes/enseignant spécifiques par établissement d'enseignement au maximum. ".
Art. 12. Hetzelfde besluit van de Vlaamse regering, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van 22 september 1998, 20 april 2001 en 11 mei 2001, wordt opgeheven.
Art. 12. Le même arrêté du Gouvernement flamand, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 22 septembre 1998, 20 avril 2001 et 11 mai 2001, est abrogé.
HOOFDSTUK IV. - Inwerkingtredings- en slotbepalingen.
CHAPITRE IV. - Dispositions d'entrée en vigueur et finales.
Art. 13. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2001, uitgezonderd :
1° artikel 10 en 11, die uitwerking hebben met ingang van 1 maart 2001;
2° artikel 3, § 1, 1°, tweede lid, dat uitwerking heeft met ingang van 1 juni 2002.
1° artikel 10 en 11, die uitwerking hebben met ingang van 1 maart 2001;
2° artikel 3, § 1, 1°, tweede lid, dat uitwerking heeft met ingang van 1 juni 2002.
Art. 13. Le présent arrêté produit ses effets le 1 septembre 2001, à l'exception :
1° des articles 10 et 11, qui produisent leurs effets le 1 mars 2001;
2° de l'article 3, § 1er, 1°, deuxième alinéa, qui produit ses effets le 1 juin 2002.
1° des articles 10 et 11, qui produisent leurs effets le 1 mars 2001;
2° de l'article 3, § 1er, 1°, deuxième alinéa, qui produit ses effets le 1 juin 2002.
Art. 14. De minister is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 14. Le Ministre est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N1 [1 Attest van regelmatige lesbijwoning in het onthaaljaar als vermeld in artikel 4
Attest van regelmatige lesbijwoning in het onthaaljaar
1. Model: Formaat A4 (210 x 297 mm)
VLAAMSE GEMEENSCHAP - KONINKRIJK BELGIE
DEPARTEMENT ONDERWIJS EN VORMING
ATTEST VAN REGELMATIGE LESBIJWONING IN HET ONTHAALJAAR
Benaming en adres van het schoolbestuur
. . . . .
. . . . . (1)
Benaming en adres van de school
. . . . .
. . . . . (1)
Ondergetekende . . . . .,
directeur van de bovenvermelde school, bevestigt dat . . . . . (2),
geboren te . . . . . (3) op . . . . . (4), als regelmatige leerling het onthaaljaar van het voltijds secundair onderwijs heeft gevolgd van . . . . . (5) tot . . . . . (5).
Hij/zij bevestigt dat al de wettelijke, decretale en reglementaire voorschriften werden nageleefd.
Gegeven te ...................., op ..................
De houder, De directeur,
Stempel van de school
2. Onderrichtingen voor het invullen:
(1) voor vzw's wordt het adres van de zetel van het schoolbestuur vermeld;
(2) naam en eerste voornaam van de leerling volgens identiteitskaart of geboorteakte; aandacht: als de identiteit van de titularis erdoor beter tot zijn recht komt, mag uitzonderlijk een tweede voornaam worden vermeld.
(3) ook land vermelden indien niet in België geboren;
(4) maand van de geboortedatum voluit in letters; aandacht: voor een leerling waarvoor geen officiële geboortedatum en -maand bekend zijn, wordt conform de regeling toegepast door de dienst vreemdelingenzaken "1 januari" vermeld;
(5) het attest slaat op de volledige effectieve periode dat de leerling het onthaaljaar heeft gevolgd, desgevallend - na verkregen afwijking - over twee aansluitende schooljaren gespreid]1
Attest van regelmatige lesbijwoning in het onthaaljaar
1. Model: Formaat A4 (210 x 297 mm)
VLAAMSE GEMEENSCHAP - KONINKRIJK BELGIE
DEPARTEMENT ONDERWIJS EN VORMING
ATTEST VAN REGELMATIGE LESBIJWONING IN HET ONTHAALJAAR
Benaming en adres van het schoolbestuur
. . . . .
. . . . . (1)
Benaming en adres van de school
. . . . .
. . . . . (1)
Ondergetekende . . . . .,
directeur van de bovenvermelde school, bevestigt dat . . . . . (2),
geboren te . . . . . (3) op . . . . . (4), als regelmatige leerling het onthaaljaar van het voltijds secundair onderwijs heeft gevolgd van . . . . . (5) tot . . . . . (5).
Hij/zij bevestigt dat al de wettelijke, decretale en reglementaire voorschriften werden nageleefd.
Gegeven te ...................., op ..................
De houder, De directeur,
Stempel van de school
2. Onderrichtingen voor het invullen:
(1) voor vzw's wordt het adres van de zetel van het schoolbestuur vermeld;
(2) naam en eerste voornaam van de leerling volgens identiteitskaart of geboorteakte; aandacht: als de identiteit van de titularis erdoor beter tot zijn recht komt, mag uitzonderlijk een tweede voornaam worden vermeld.
(3) ook land vermelden indien niet in België geboren;
(4) maand van de geboortedatum voluit in letters; aandacht: voor een leerling waarvoor geen officiële geboortedatum en -maand bekend zijn, wordt conform de regeling toegepast door de dienst vreemdelingenzaken "1 januari" vermeld;
(5) het attest slaat op de volledige effectieve periode dat de leerling het onthaaljaar heeft gevolgd, desgevallend - na verkregen afwijking - over twee aansluitende schooljaren gespreid]1
Art. N1. [1 Attestation de fréquentation régulière des cours dans l'année d'accueil, telle que visée à l'article 4
Attestation de fréquentation régulière des cours dans l'année d'accueil
1. Modèle : Format A4 (210 x 297 mm)
COMMUNAUTE FLAMANDE - ROYAUME DE Belgique
DEPARTEMENT DE L'ENSEIGNEMENT ET DE LA FORMATION
ATTESTATION DE FREQUENTATION REGULIERE DES COURS DANS L'ANNEE D'ACCUEIL
Dénomination et adresse de l'autorité scolaire
. . . . .
. . . . . (1)
Dénomination et adresse de l'école
. . . . .
. . . . . (1)
Le soussigné . . . . .,
directeur(trice) de l'école susmentionnée certifie que . . . . . (2),
né(e) à . . . . . (3) le . . . . . (4), a suivi comme élève régulier l'année d'accueil de l'enseignement secondaire à temps plein du . . . . . (5) au . . . . . (5).
Il/elle atteste que toutes prescriptions légales, décrétales et réglementaires ont été respectées.
Fait à ...................., le ..................
Le (la) titulaire, Le (la) directeur(trice),
Cachet de l'école
2. Instructions pour compléter le formulaire :
(1) pour les a.s.b.l, l'adresse du siège de l'autorité scolaire est mentionnée ;
(2) le nom et premier prénom de l'élève suivant sa carte d'identité ou son acte de naissance ; attention : exceptionnellement le deuxième prénom peut être mentionné si celui-ci apporte plus de clarté au niveau de l'identité du titulaire.
(3) indiquer également le pays si l'élève n'est pas né en Belgique ;
(4) mois de la date de naissance en toutes lettres ; attention : pour un élève dont la date de naissance et le mois de naissance officiels ne sont pas connus, " le 1er janvier " est indiqué conformément au règlement de l'Office des Etrangers ;
(5) l'attestation couvre la période effective complète que l'élève a suivi l'année d'accueil, le cas échéant - après avoir obtenu une dérogation - échelonnée sur deux années scolaires consécutives.]1
Attestation de fréquentation régulière des cours dans l'année d'accueil
1. Modèle : Format A4 (210 x 297 mm)
COMMUNAUTE FLAMANDE - ROYAUME DE Belgique
DEPARTEMENT DE L'ENSEIGNEMENT ET DE LA FORMATION
ATTESTATION DE FREQUENTATION REGULIERE DES COURS DANS L'ANNEE D'ACCUEIL
Dénomination et adresse de l'autorité scolaire
. . . . .
. . . . . (1)
Dénomination et adresse de l'école
. . . . .
. . . . . (1)
Le soussigné . . . . .,
directeur(trice) de l'école susmentionnée certifie que . . . . . (2),
né(e) à . . . . . (3) le . . . . . (4), a suivi comme élève régulier l'année d'accueil de l'enseignement secondaire à temps plein du . . . . . (5) au . . . . . (5).
Il/elle atteste que toutes prescriptions légales, décrétales et réglementaires ont été respectées.
Fait à ...................., le ..................
Le (la) titulaire, Le (la) directeur(trice),
Cachet de l'école
2. Instructions pour compléter le formulaire :
(1) pour les a.s.b.l, l'adresse du siège de l'autorité scolaire est mentionnée ;
(2) le nom et premier prénom de l'élève suivant sa carte d'identité ou son acte de naissance ; attention : exceptionnellement le deuxième prénom peut être mentionné si celui-ci apporte plus de clarté au niveau de l'identité du titulaire.
(3) indiquer également le pays si l'élève n'est pas né en Belgique ;
(4) mois de la date de naissance en toutes lettres ; attention : pour un élève dont la date de naissance et le mois de naissance officiels ne sont pas connus, " le 1er janvier " est indiqué conformément au règlement de l'Office des Etrangers ;
(5) l'attestation couvre la période effective complète que l'élève a suivi l'année d'accueil, le cas échéant - après avoir obtenu une dérogation - échelonnée sur deux années scolaires consécutives.]1