Artikel 1. Indien, bij toepassing van de artikelen 100 en 102 van de wet op de ziekenhuizen, de Staat tussenkomt door middel van toelage in het budget van financiële middelen, zal deze toelage vereffend worden door tussenkomst van de verzekeringsinstellingen bedoeld in de gecoördineerde wet van 14 juli 1994 betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, hetzij [1 de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, de Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering voor wat betreft de bijzondere stelsels van zeelieden ter koopvaardij en van oorlogsinvaliden, oud-strijders en oorlogsslachtoffers]1, de Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
19 DECEMBER 2002. - Koninklijk besluit houdende uitvoering van artikel 104 van de wet op de ziekenhuizen(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 14-01-2003 en tekstbijwerking tot 30-05-2018)
Titre
19 DECEMBRE 2002. - Arrêté royal pris en exécution de l'article 104 de la loi sur les hôpitaux(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 14-01-2003 et mise à jour au 30-05-2018)
Dokumentinformationen
Numac: 2002121950
Datum: 2002-12-19
Info du document
Numac: 2002121950
Date: 2002-12-19
Tekst (10)
Texte (10)
Article 1. Lorsqu'en application des articles 100 et 102 de la loi sur les hôpitaux, l'Etat intervient par voie de subsides dans le budget des moyens financiers, ce subside est liquidé à l'intervention soit des organismes assureurs tels que visés dans la loi coordonnée du 14 juillet 1994 relative à l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités, soit de [1 l'Office national de sécurité sociale, soit la Caisse Auxiliaire d'Assurance Maladie-Invalidité en ce qui concerne les régimes spécifiques des marins de la marine marchande et des invalides de guerre, anciens combattants et victimes de guerre]1, soit des Centres publics d'aide sociale.
Art. 2. De Staat stort aan de instellingen bedoeld in artikel 1 het bedrag van de te vereffenen toelagen in toepassing van de genoemde artikelen en dit op volgende wijze :
1) voor de verzekeringsinstellingen zoals bedoeld in de gecoördineerde wet van 14 juli 1994 betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen :
1.1. de toelage betreffende het gedeelte van het budget van financiële middelen dat in twaalfden vereffend wordt, zoals bedoeld in artikel 104bis, eerste alinea, van de wet op de ziekenhuizen en in artikel 99, § 2, a), van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen, wordt iedere maand aan de betreffende verzekeringsinstellingen vereffend. De eerste vereffening gebeurt in januari 2003. De beslissing van de Minister die de vaststelling van het budget van financiële middelen onder zijn bevoegdheid heeft, geldt als factuur;
1.2. De toelage betreffende het gedeelte van het budget van financiële middelen dat per parameter vereffend wordt zoals voorzien in artikel 104bis, tweede lid, van de wet op de ziekenhuizen en in artikel 99, § 2, b), van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen wordt vereffend :
a) Elke maand, wordt samen met de in punt 1.1. bedoelde toelage een voorschot (V) uitbetaald dat als volgt wordt berekend :
V = 1/12 x ((PA x A x T) + (SU x J) + ((PJ - SU) x J x T))
Waarbij :
PA = de prijs per opname
A = het aantal opnamen
T = subsidiëringspercentage van de Staat
SU = het bedrag per dag van de universitaire toelage
J = het aantal dagen
PJ = de prijs per dag
b) Na afloop van het dienstjaar bezorgen de verzekeringsinstellingen het FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, Directoraat-generaal Organisatie Gezondheidszorgvoorzieningen, de volgende gegevens die per ziekenhuis worden vastgesteld op basis van het model in bijlage 1 van dit besluit.
voor elke maand van het beschouwde dienstjaar, het aantal opnamen en verpleegdagen, met inbegrip van de chirurgische daghospitalisatie, verwezenlijkt in de betrokken maand.
Op basis van die gegevens zal de tegemoetkoming van de Staat definitief worden berekend door het Directoraat-generaal Organisatie Gezondheidszorgvoorzieningen. Het resultaat van die berekening zal ter goedkeuring aan alle betrokken verzekeringsinstellingen worden voorgelegd.
De toegekende voorschotten zullen worden geregulariseerd op het ogenblik dat Directoraat-generaal Organisatie Gezondheidszorgvoorzieningen de voornoemde goedkeuring heeft gekregen.
2) voor de [1 Rijksdienst voor Sociale Zekerheid]1 [1 ...]1 en voor de Centra voor Maatschappelijk Welzijn wordt de toelage vereffend op voorlegging van trimestriële staten die aan het FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, Directoraat-generaal Organisatie Gezondheidszorgvoorzieningen worden overgemaakt en opgesteld op basis van het model in bijlage 2 van dit besluit.
[1 Hetzelfde geldt voor de Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering voor zover het gaat om:
- het bijzondere stelsel van de zeelieden ter koopvaardij, zoals bedoeld in de besluitwet van 7 februari 1945 betreffende de maatschappelijke veiligheid van de zeelieden ter koopvaardij;
- het bijzondere stelsel van de oorlogsinvaliden, oud-strijders en oorlogsslachtoffers, zoals bedoeld in de wet van 8 augustus 1981 tot oprichting van het Instituut voor Veteranen - Nationaal Instituut voor oorlogsinvaliden, oud-strijders en oorlogsslachtoffers en van de Hoge Raad voor oorlogsinvaliden, oud-strijders en oorlogsslachtoffers.]1
1) voor de verzekeringsinstellingen zoals bedoeld in de gecoördineerde wet van 14 juli 1994 betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen :
1.1. de toelage betreffende het gedeelte van het budget van financiële middelen dat in twaalfden vereffend wordt, zoals bedoeld in artikel 104bis, eerste alinea, van de wet op de ziekenhuizen en in artikel 99, § 2, a), van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen, wordt iedere maand aan de betreffende verzekeringsinstellingen vereffend. De eerste vereffening gebeurt in januari 2003. De beslissing van de Minister die de vaststelling van het budget van financiële middelen onder zijn bevoegdheid heeft, geldt als factuur;
1.2. De toelage betreffende het gedeelte van het budget van financiële middelen dat per parameter vereffend wordt zoals voorzien in artikel 104bis, tweede lid, van de wet op de ziekenhuizen en in artikel 99, § 2, b), van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen wordt vereffend :
a) Elke maand, wordt samen met de in punt 1.1. bedoelde toelage een voorschot (V) uitbetaald dat als volgt wordt berekend :
V = 1/12 x ((PA x A x T) + (SU x J) + ((PJ - SU) x J x T))
Waarbij :
PA = de prijs per opname
A = het aantal opnamen
T = subsidiëringspercentage van de Staat
SU = het bedrag per dag van de universitaire toelage
J = het aantal dagen
PJ = de prijs per dag
b) Na afloop van het dienstjaar bezorgen de verzekeringsinstellingen het FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, Directoraat-generaal Organisatie Gezondheidszorgvoorzieningen, de volgende gegevens die per ziekenhuis worden vastgesteld op basis van het model in bijlage 1 van dit besluit.
voor elke maand van het beschouwde dienstjaar, het aantal opnamen en verpleegdagen, met inbegrip van de chirurgische daghospitalisatie, verwezenlijkt in de betrokken maand.
Op basis van die gegevens zal de tegemoetkoming van de Staat definitief worden berekend door het Directoraat-generaal Organisatie Gezondheidszorgvoorzieningen. Het resultaat van die berekening zal ter goedkeuring aan alle betrokken verzekeringsinstellingen worden voorgelegd.
De toegekende voorschotten zullen worden geregulariseerd op het ogenblik dat Directoraat-generaal Organisatie Gezondheidszorgvoorzieningen de voornoemde goedkeuring heeft gekregen.
2) voor de [1 Rijksdienst voor Sociale Zekerheid]1 [1 ...]1 en voor de Centra voor Maatschappelijk Welzijn wordt de toelage vereffend op voorlegging van trimestriële staten die aan het FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, Directoraat-generaal Organisatie Gezondheidszorgvoorzieningen worden overgemaakt en opgesteld op basis van het model in bijlage 2 van dit besluit.
[1 Hetzelfde geldt voor de Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering voor zover het gaat om:
- het bijzondere stelsel van de zeelieden ter koopvaardij, zoals bedoeld in de besluitwet van 7 februari 1945 betreffende de maatschappelijke veiligheid van de zeelieden ter koopvaardij;
- het bijzondere stelsel van de oorlogsinvaliden, oud-strijders en oorlogsslachtoffers, zoals bedoeld in de wet van 8 augustus 1981 tot oprichting van het Instituut voor Veteranen - Nationaal Instituut voor oorlogsinvaliden, oud-strijders en oorlogsslachtoffers en van de Hoge Raad voor oorlogsinvaliden, oud-strijders en oorlogsslachtoffers.]1
Art. 2. L'Etat verse aux organismes visés à l'article premier le montant des subsides à liquider en application desdits articles de la manière suivante :
1) pour les organismes assureurs tels que visés dans la loi coordonnée du 14 juillet 1994 relative à l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités;
1.1. le subside relatif à la partie du budget des moyens financiers liquidée en douzièmes visée à l'article 104bis, alinéa 1er, de la loi sur les hôpitaux et à l'article 99, § 2, a), de l'arrêté royal du 25 avril 2002 relatif à la fixation et à la liquidation du budget des moyens financiers des hôpitaux, est liquidé chaque mois aux organismes assureurs concernés. Le premier versement interviendra en janvier 2003. La décision du Ministre qui a la fixation du budget des moyens financiers dans ses attributions vaut facture;
1.2. Le subside relatif à la partie du budget des moyens financiers liquidée par paramètre visée à l'article 104bis, 2e alinéa, de la loi sur les hôpitaux et à l'article 99, § 2, b), de l'arrêté royal du 25 avril 2002 relatif à la fixation et à la liquidation du budget des moyens financiers des hôpitaux, est liquidé de la manière suivante :
a) Chaque mois, en même temps que le subside visé au point 1.1. est liquidée une avance (A) calculée comme suit :
A = 1/12 x ((PA x A x T) + (SU x J) + ((PJ - SU) x J x T))
Où :
PA = le prix par admission
A = le nombre d'admissions
T = le taux de subsidiation de l'Etat
SU = le montant par jour du subside universitaire
J = le nombre de journées
PJ = le prix par journée
b) L'exercice terminé, les organismes assureurs font parvenir au SPF Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement, Direction générale de l'Organisation des établissements de soins, les données suivantes établies par hôpital sur base du modèle figurant en annexe 1re du présent arrêté :
pour chaque mois de l'exercice considéré, les nombres d'admissions et de journées d'hospitalisation, y compris l'hospitalisation chirurgicale de jour, réalisés durant le mois en question.
Sur base de ces données, l'intervention de l'Etat sera calculée de manière définitive par la Direction générale de l'Organisation des établissements de soins. Le résultat de ce calcul sera communiqué, pour accord, à chaque organisme assureur concerné.
La régularisation vis-à-vis des avances octroyées interviendra lorsque la Direction générale de l'Organisation des établissements de soins sera en possession de l'accord précité.
2) pour [1 l'Office national de sécurité sociale]1 [1 ...]1 et pour les Centres publics d'aide sociale, le subside est liquidé sur présentation d'états trimestriels transmis au SPF Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement, Direction générale de l'Organisation des établissements de soins, et établis sur base du modèle figurant en annexe 2 du présent arrêté.
[1 Il en va de même pour la Caisse Auxiliaire d' Assurance Maladie-Invalidité pour autant qu'il s'agit :
- du régime particulier des marins de la marine marchande, visé dans l'arrêté-loi du 7 février 1945 concernant la sécurité sociale des marins de la marine marchande;
- du régime particulier des invalides de guerre, anciens combattants et victimes de guerre, visé dans la loi du 8 août 1981 portant création de Institut des vétérans - l'Institut national des invalides de guerre, anciens combattants et victimes de guerre ainsi que du Conseil supérieur des invalides de guerre, anciens combattants et victimes de guerre.]1
1) pour les organismes assureurs tels que visés dans la loi coordonnée du 14 juillet 1994 relative à l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités;
1.1. le subside relatif à la partie du budget des moyens financiers liquidée en douzièmes visée à l'article 104bis, alinéa 1er, de la loi sur les hôpitaux et à l'article 99, § 2, a), de l'arrêté royal du 25 avril 2002 relatif à la fixation et à la liquidation du budget des moyens financiers des hôpitaux, est liquidé chaque mois aux organismes assureurs concernés. Le premier versement interviendra en janvier 2003. La décision du Ministre qui a la fixation du budget des moyens financiers dans ses attributions vaut facture;
1.2. Le subside relatif à la partie du budget des moyens financiers liquidée par paramètre visée à l'article 104bis, 2e alinéa, de la loi sur les hôpitaux et à l'article 99, § 2, b), de l'arrêté royal du 25 avril 2002 relatif à la fixation et à la liquidation du budget des moyens financiers des hôpitaux, est liquidé de la manière suivante :
a) Chaque mois, en même temps que le subside visé au point 1.1. est liquidée une avance (A) calculée comme suit :
A = 1/12 x ((PA x A x T) + (SU x J) + ((PJ - SU) x J x T))
Où :
PA = le prix par admission
A = le nombre d'admissions
T = le taux de subsidiation de l'Etat
SU = le montant par jour du subside universitaire
J = le nombre de journées
PJ = le prix par journée
b) L'exercice terminé, les organismes assureurs font parvenir au SPF Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement, Direction générale de l'Organisation des établissements de soins, les données suivantes établies par hôpital sur base du modèle figurant en annexe 1re du présent arrêté :
pour chaque mois de l'exercice considéré, les nombres d'admissions et de journées d'hospitalisation, y compris l'hospitalisation chirurgicale de jour, réalisés durant le mois en question.
Sur base de ces données, l'intervention de l'Etat sera calculée de manière définitive par la Direction générale de l'Organisation des établissements de soins. Le résultat de ce calcul sera communiqué, pour accord, à chaque organisme assureur concerné.
La régularisation vis-à-vis des avances octroyées interviendra lorsque la Direction générale de l'Organisation des établissements de soins sera en possession de l'accord précité.
2) pour [1 l'Office national de sécurité sociale]1 [1 ...]1 et pour les Centres publics d'aide sociale, le subside est liquidé sur présentation d'états trimestriels transmis au SPF Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement, Direction générale de l'Organisation des établissements de soins, et établis sur base du modèle figurant en annexe 2 du présent arrêté.
[1 Il en va de même pour la Caisse Auxiliaire d' Assurance Maladie-Invalidité pour autant qu'il s'agit :
- du régime particulier des marins de la marine marchande, visé dans l'arrêté-loi du 7 février 1945 concernant la sécurité sociale des marins de la marine marchande;
- du régime particulier des invalides de guerre, anciens combattants et victimes de guerre, visé dans la loi du 8 août 1981 portant création de Institut des vétérans - l'Institut national des invalides de guerre, anciens combattants et victimes de guerre ainsi que du Conseil supérieur des invalides de guerre, anciens combattants et victimes de guerre.]1
Art. 3. De ziekenhuizen en de instellingen zoals bedoeld onder artikel 1 behouden gedurende 10 jaar de bewijsstukken van de genoemde vereffende subsidies.
Art. 3. Les hôpitaux et les organismes visés à l'article 1 gardent pendant une durée de dix ans au moins les documents justificatifs des subsides sollicités et liquidés.
Art. 4. Het koninklijk besluit van 13 januari 1978 houdende de wijze van vereffening der staatstoelagen voorzien bij artikel 12, §§ 1, 2, 3 en 5, eerste lid, van de wet van 23 december 1963 op de ziekenhuizen, wordt opgeheven.
Art. 4. L'arrêté royal du 13 janvier 1978 déterminant le mode de liquidation des subsides de l'Etat prévus à l'article 12, §§ 1er, 2, 3, et 5, alinéa 1er, de la loi du 23 décembre 1963 sur les hôpitaux, est abrogé.
Art. 5. Dit besluit heeft betrekking op de verschuldigde Staatstoelagen voor de verstrekkingen verleend vanaf 1 juli 2002.
Art. 5. Le présent arrêté s'applique aux subsides de l'Etat dus pour les prestations réalisées à partir du 1 juillet 2002.
Art. 6. Dit besluit treedt in werking op de dag van bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
Art. 6. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
Art. 7. Onze Minister van Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 7. Notre Ministre des Affaires sociales est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N1. Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 14-01-2003, p. 1125).
Art. N1. Annexe non reprise pour des raisons techniques. Voir M.B. 14-01-2003, p. 1125).
Art. N2. Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 14-01-2003, p. 1126).
Art. N2. Annexe non reprise pour des raisons techniques. Voir M.B. 14-01-2003, p. 1126).