Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
17 MEI 2006. - Koninklijk besluit houdende algemene regeling van de toelagen en de vergoedingen toegekend aan de enquêteurs belast met de uitvoering van onderzoeken die worden georganiseerd door de Algemene Directie Statistiek - Statistics Belgium. (Opschrift vervangen door KB2024-01-28/02, art. 1, 006; Inwerkingtreding : 01-02-2023) (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 14-06-2006 en tekstbijwerking tot 18-07-2024)
Titre
17 MAI 2006. - Arrêté royal portant réglementation générale des allocations et indemnités accordées aux enquêteurs chargés de l'exécution des enquêtes organisées par la Direction générale Statistique - Statistics Belgium. (Intitulé remplacé par AR2024-01-28/02, art. 1, 006; En vigueur : 01-02-2023) (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 14-06-2006 et mise à jour au 18-07-2024)
Dokumentinformationen
Info du document
Tekst (22)
Texte (22)
HOOFDSTUK I. - Definities en toepassingsgebied.
CHAPITRE Ier. - Définitions et champ d'application.
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  1° enquête : een bezoek van de enquêteur binnen het kader van zijn opdracht die erin bestaat bij een aangever gegevens te verzamelen en hem de verduidelijkingen te geven die nodig zijn om die gegevens te verkrijgen;
  2° positieve enquête : een enquête die werd uitgevoerd volgens de schriftelijke instructies die aan de enquêteur werden gegeven, waarbij de codering en de registratie van de door de aangever gegeven antwoorden correct is in het geval van gebruik van een draagbare of tabletcomputer, waarbij het formulier correct en volledig ingevuld is en binnen de vastgestelde termijn is binnengekomen bij de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie;
  3° aangever : de natuurlijke persoon, het huishouden of de rechtspersoon bij wie de gegevens worden verzameld;
  4° Directie : de [3 Algemene Directie Statistiek - Statistics Belgium]3, directie behorend tot de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie, belast met de uitvoering van statistische enquêtes van algemeen belang en statistische verwerkingen om te beantwoorden aan de behoeften van de overheidsinstanties, van de ondernemingen, van de burgerlijke maatschappij en de noden van het wetenschappelijk onderzoek en om de regelgeving van de Europese Unie inzake statistieken na te leven.
  [1 5° bijkomende zelfstandig in te vullen vragenlijst : een vragenlijst die door een enquêteur na een face-to-face enquête wordt achtergelaten en toegelicht, maar die door de aangever zelfstandig wordt beantwoord. De aangever kan antwoorden via een papieren vragenlijst in combinatie met een portvrije omslag of via het internet;
   6° positieve bijkomende zelfstandig in te vullen vragenlijst : een bijkomende zelfstandig in te vullen vragenlijst waar de enquêteur de schriftelijke instructies heeft nageleefd en die door de aangever correct werd ingevuld en overgemaakt aan de Directie. De aangever kan de papieren vragenlijst terugsturen via een portvrije omslag of vult volledig de internetvragenlijst in;
   7° module : een face-to-face af te nemen vragenlijst van maximaal 20 vragen die gekoppeld wordt aan een andere enquête die de Directie uitvoert;
   8° positieve module : een module die werd uitgevoerd volgens de schriftelijke instructies die aan de enquêteur werden gegeven, waarbij de codering en de registratie van de door de aangever gegeven antwoorden correct is in het geval van gebruik van een draagbare of tabletcomputer, en waarbij het formulier correct en volledig ingevuld is en binnen de vastgestelde termijn is binnengekomen bij de Directie;
   9° positieve rekrutering : een actie van een enquêteur waarbij die in het kader van een enquête de aangever heeft overgehaald om ook deel te nemen aan een andere enquête die de directie organiseert en die geleid heeft tot een positieve enquête;]1

  [2 10° telefonische opvolging : de enquêteur dient de aangever te motiveren om zelfstandig de vragenlijst in te vullen via het internet of de enquêteur neemt de vragenlijst telefonisch af;
   11° positieve telefonische opvolging : een door de aangever volledig en correct ingevulde internetvragenlijst of een op basis van de door de aangever telefonisch gegeven antwoorden door de enquêteur volledig en correct ingevulde internetvragenlijst.]2

  [3 12° : een ad-hoc-uitbreiding van de vragenlijst: het aantal face-to-face te stellen vragen neemt bij een bepaalde editie van de enquête toe met 20% of meer vragen.]3
  
Article 1. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
  1° enquête : une visite de l'enquêteur dans le cadre de sa mission consistant à collecter des informations auprès d'un déclarant et à lui fournir les précisions nécessaires à l'obtention de ces informations;
  2° enquête positive : une enquête qui est exécutée conformément aux instructions écrites données à l'enquêteur, où l'encodage et l'enregistrement des réponses fournies par le déclarant est correct dans le cas d'utilisation d'ordinateur portable ou tablette, où le formulaire est correctement et entièrement rempli et parvient à la Direction générale de la Statistique et de l'Information économique dans les délais impartis;
  3° déclarant : la personne physique, le ménage ou la personne morale auprès de qui les informations sont collectées;
  4° Direction : la [3 Direction générale Statistique - Statistics Belgium]3, direction appartenant au Service public fédéral Economie, P.M.E., Classes moyennes et Energie, chargée de l'exécution des enquêtes statistiques d'utilité publique et des traitements statistiques pour répondre aux besoins des autorités publiques, des entreprises, de la société civile et aux nécessités de la recherche scientifique, ainsi que pour respecter la réglementation de l'Union européenne relative aux statistiques.
  [1 5° enquête complémentaire auto-administrée : un questionnaire qui, après une enquête en face à face, est laissé et commenté par l'enquêteur mais auquel le répondant répond de manière indépendante. Le répondant peut répondre soit à l'aide d'un questionnaire papier combiné à une enveloppe franco de port, soit sur l'internet;
   6° enquête complémentaire auto-administrée positive : une enquête complémentaire auto-administrée dont l'enquêteur a respecté les instructions écrites et que le répondant a remplie et transmise correctement à la Direction. Le répondant peut avoir renvoyé le questionnaire papier à l'aide d'une enveloppe franco de port ou rempli entièrement le questionnaire internet;
   7° module : un questionnaire à remplir en face à face, comportant au maximum 20 questions et associé à une autre enquête réalisée par la Direction;
   8° module positif : le module qui est réalisé conformément aux instructions écrites données à l'enquêteur, si l'encodage et l'enregistrement des réponses fournies par le déclarant est correct dans le cas d'utilisation d'un ordinateur portable ou tablette et si le formulaire est correctement et entièrement rempli et parvient à la Direction dans les délais impartis;
   9° recrutement positif : une action d'un enquêteur, prise dans le cadre d'une enquête, qui a permis de convaincre le répondant de participer également à une autre enquête que la direction organise et qui a abouti à une enquête positive;]1

  [2 10° suivi téléphonique : l'enquêteur doit encourager le déclarant à remplir le questionnaire de manière autonome via internet ou interroge lui-même le déclarant par téléphone ;
   11° suivi téléphonique positif : un formulaire complètement et correctement rempli sur l'internet par le déclarant ou un formulaire complètement et correctement rempli sur l'internet par l'enquêteur sur la base des réponses données au téléphone par le déclarant ;]2

  [3 12° : une extension ad hoc du questionnaire : le nombre de questions à poser en face à face augmente de 20 % ou plus pour une édition donnée de l'enquête.]3
  
Art.2. Dit besluit is van toepassing op de volgende enquêtes :
  1° de enquête naar de opbrengst van de teelten;
  2° de enquête naar de inkomens en levensomstandigheden (SILC - Survey on Income and Living Conditions), vanaf 2004;
  3° de enquête naar de arbeidskrachten, met inbegrip van de jaarlijkse speciale module, vanaf 2004;
  4° de huishoudbudgetenquête;
  5° de tijdsbudgetenquête;
  6° de enquête over de informatiemaatschappij;
  (7° " De Generations and Gender Panel Study " (G.G.P.S.-enquête), georganiseerd in drie golven, voorafgegaan door een beperkte proefenquête;
  8° De Adult Education Survey (A.E.S.-enquête).) <KB 2008-06-01/36, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 16-06-2008>
  [1 9° de enquête naar de energieconsumptie van huishoudens;
   10° enquêtes die nodig zijn om ontbrekende informatie die nodig is in het kader van de census aan te vullen;
   11° enquête naar de reisgewoonten van de Belgische huishoudens.]1

  [2 12° de gezondheidsenquête.]2
  
Art.2. Le présent arrêté est applicable aux enquêtes suivantes :
  1° l'enquête sur les rendements des cultures;
  2° l'enquête sur les revenus et les conditions de vie (SILC - Survey on Income and Living Conditions), à partir de 2004;
  3° l'enquête sur les forces de travail y inclus le module ad hoc annuel à partir de 2004;
  4° l'enquête sur le budget des ménages;
  5° l'enquête sur le budget temps;
  6° l'enquête sur la société de l'information;
  (7° L'enquête " Generations and Gender Panel " (enquête G.G.P.S.), organisée en trois vagues, précédée par une enquête pilote limitée;
  8° L'enquête A.E.S. (Adult Education Survey).) <AR 2008-06-01/36, art. 1, 002; En vigueur : 16-06-2008>
  [1 9° l'enquête sur la consommation d'énergie des ménages;
   10° les enquêtes requises pour collecter les informations manquantes nécessaires dans le cadre du recensement;
   11° enquête sur les habitudes de voyage des ménages belges;]1

  [2 12° l'enquête santé.]2
  
HOOFDSTUK II. - Periodiciteit.
CHAPITRE II. - Périodicité.
Art.3. De jaarlijkse enquête naar de opbrengst van de teelten gebeurt gedurende twee bezoeken per aangever.
  De jaarlijkse SILC-enquête gebeurt gedurende één bezoek per aangever.
  De doorlopende enquête naar de arbeidskrachten, inclusief de jaarlijkse speciale module, gebeurt gedurende één bezoek per aangever.
  De doorlopende huishoudbudgetenquête gebeurt gedurende vier bezoeken per aangever.
  De periodieke tijdsbudgetenquête gebeurt gedurende twee bezoeken per aangever.
  De enquête over de informatiemaatschappij gebeurt gedurende één bezoek per aangever.
  (De G.G.P.S.-enquête gebeurt via één bezoek per aangever.
  De A.E.S.-enquête gebeurt via één bezoek per aangever.) <KB 2008-06-01/36, art. 2, 002; Inwerkingtreding : 16-06-2008>
  [1 De enquête over de informatiemaatschappij en de AES-enquête kunnen ook als een bijkomende zelfstandig in te vullen vragenlijst georganiseerd worden.
   Enquêtes die nodig zijn om ontbrekende informatie die nodig is in het kader van de census aan te vullen en de enquête naar de reisgewoonten van de Belgische huishoudens kunnen als een bijkomende zelfstandig in te vullen vragenlijst of als een module gekoppeld worden aan de enquête naar de arbeidskrachten of de SILC-enquête.]1

  [2 De gezondheidsenquête gebeurt via één bezoek per aangever.]2
  [3 Gegevens voor de enquête naar de energieconsumptie van de huishoudens kunnen ook verzameld worden via een module die gekoppeld wordt aan een andere door de Directie georganiseerde enquête.
   Gegevens voor de doorlopende enquête naar de arbeidskrachten kunnen ook verzameld worden via telefonische opvolging.]3

  
Art.3. L'enquête annuelle sur les rendements des cultures est réalisée au cours de deux visites par déclarant.
  L'enquête annuelle SILC est réalisée au cours d'une visite par déclarant.
  L'enquête continue sur les forces de travail y inclus le module ad hoc annuel est réalisée au cours d'une visite par déclarant.
  L'enquête continue sur le budget des ménages est réalisée au cours de quatre visites par déclarant.
  L'enquête périodique budget temps est réalisée au cours de deux visites par déclarant.
  L'enquête sur la société de l'information est réalisée au cours d'une visite par déclarant.
  (L'enquête G.G.P.S. est réalisée au cours d'une visite par déclarant.
  L'enquête A.E.S. est réalisée au cours d'une visite par déclarant.) <AR 2008-06-01/36, art. 2, 002; En vigueur : 16-06-2008>
  [1 L'enquête sur la société de l'information et l'enquête AES peuvent également être organisées sous forme d'enquête complémentaire auto-administrée.
   Les enquêtes nécessaires pour collecter les informations manquantes dans le cadre du recensement et l'enquête sur les habitudes de voyage des ménages belges pourraient être organisées sous forme d'enquête complémentaire auto-administrée ou de module associé à l'enquête sur les forces de travail ou à l'enquête SILC.]1

  [2 L'enquête santé est réalisée au cours d'une visite par déclarant.]2
  [3 Les données de l'enquête sur la consommation d'énergie des ménages peuvent aussi être collectées via un module associé à une autre enquête organisée par la Direction.
   Les données de l'enquête continue sur les forces de travail peuvent aussi être collectées par suivi téléphonique.]3

  
HOOFDSTUK III. - Nadere regels betreffende de toelagen en vergoedingen aan enquêteurs.
CHAPITRE III. - Modalités relatives aux allocations et indemnités accordées aux enquêteurs.
Art.4. [1 De personen aangeworven om als enquêteur in het raam van de in artikel 2 bedoelde enquêtes te verrichten, zijn tewerkgesteld middels een arbeidsovereenkomst voor een duidelijk omschreven werk en ontvangen per positieve enquête een toelage en een vergoeding waarvan het bedrag bepaald wordt overeenkomstig artikel 7.]1
  
Art.4. [1 Les personnes recrutées pour exercer la fonction d'enquêteur, dans le cadre des enquêtes visées à l'article 2, sont engagées au moyen d'un contrat de travail pour un travail nettement défini et perçoivent une allocation et une indemnité par enquête positive dont le montant est déterminé conformément à l'article 7. ]1
  
Art.5. Het totale aan de enquêteur toegekende bedrag wordt als volgt verdeeld over de toelage en de vergoeding :
  1° de toelage bedraagt 60 procent van het bedrag en wordt beschouwd als betaling van de buitengewone prestaties die de enquêteurs uitvoeren;
  2° de vergoeding bedraagt 40 procent van het bedrag en wordt beschouwd als vergoeding voor de reis-, verblijf- en andere kosten van de enquêteurs.
Art.5. Le montant global accordé à l'enquêteur est réparti comme suit entre l'allocation et l'indemnité :
  1° l'allocation s'élève à 60 pour cent du montant, à titre de rémunération des prestations exceptionnelles que les enquêteurs effectuent;
  2° l'indemnité s'élève à 40 pour cent du montant, à titre de dédommagement des frais de voyage, de séjour et autres frais que les enquêteurs exposent.
Art.6. § 1. Voor de jaarlijkse enquête naar de opbrengst van de teelten wordt het basisbedrag voor de berekening van de toelagen en vergoedingen voor de enquêteurs als volgt bepaald :
  1° er wordt 1,465 euro toegekend voor het bezoek bedoeld voor de voorlopige raming van de opbrengst van de teelten en pachten;
  2° er wordt 7,304 euro toegekend voor het bezoek bedoeld voor de definitieve raming van de opbrengst van de teelten en pachten;
  3° er kan bijkomend 0,0732 euro worden toegekend voor het bezoek bedoeld voor de voorlopige raming wanneer dringend een in gebreke gebleven enquêteur moet vervangen worden. Deze premie betreft maximaal vier procent van de uit te voeren enquêtes;
  4° er kan bijkomend 0,3652 euro worden toegekend voor het bezoek bedoeld voor de definitieve raming wanneer dringend een in gebreke gebleven enquêteur moet vervangen worden. Deze premie betreft maximaal vier procent van de uit te voeren enquêtes.
  § 2. Voor de jaarlijkse SILC-enquête wordt het basisbedrag voor de berekening van de toelagen en vergoedingen voor de enquêteurs als volgt bepaald :
  1° er wordt 11,89 euro toegekend voor het bezoek aan een aangever bestaande uit een enkele persoon indien alle documenten voor de enquête, te weten een contactenblad voor het huishouden, een huishoudvragenlijst voor heel het huishouden en ten minste één individuele vragenlijst voor een lid van het huishouden dat 16 jaar en ouder is op de datum van de enquête, correct en volledig ingevuld werden;
  2° er wordt bijkomend 3,397 euro toegekend per bijkomende persoon binnen dezelfde aangever die 16 jaar en ouder is op de datum van de enquête, indien alle documenten voor de enquête, te weten een individuele vragenlijst voor alle leden van het huishouden die 16 jaar en ouder zijn op de datum van de enquête, correct en volledig ingevuld werden;
  3° er wordt bijkomend 2,972 euro toegekend voor het bezoek aan een uit een enkele persoon bestaande aangever voor de codering van bepaalde socio-economische variabelen en voor de registratie van de door de aangever gegeven antwoorden op de draagbare of tabletcomputer die de enquêteur voor de duur van de enquête ter beschikking krijgt;
  4° er wordt bijkomend 0,849 euro toegekend per bijkomende persoon binnen dezelfde aangever die 16 jaar en ouder is op de datum van de enquête voor de codering van bepaalde socio-economische variabelen en voor de registratie van de door de aangever gegeven antwoorden op de draagbare of tabletcomputer die de enquêteur voor de duur van de enquête ter beschikking krijgt;
  5° er kan bijkomend 0,5945 euro worden toegekend voor het bezoek aan een uit één persoon bestaande aangever wanneer dringend een in gebreke gebleven enquêteur moet vervangen worden. Deze premie betreft maximaal vier procent van de uit te voeren enquêtes;
  6° er kan bijkomend 0,1698 euro worden toegekend per bijkomende persoon binnen dezelfde aangever die 16 jaar en ouder is op de datum van de enquête wanneer dringend een in gebreke gebleven enquêteur moet vervangen worden. Deze premie betreft maximaal vier procent van de uit te voeren enquêtes.
  § 3. Voor de doorlopende enquête naar de arbeidskrachten wordt het basisbedrag voor de berekening van de toelagen en vergoedingen voor de enquêteurs als volgt bepaald :
  1° er wordt 5,21 euro per bezoek toegekend aan een aangever indien alle documenten voor de enquête, te weten een huishoudvragenlijst voor heel het huishouden en een individuele vragenlijst voor alle leden van het huishouden die 15 jaar en ouder zijn op de datum van de enquête, correct en volledig ingevuld werden;
  2° er wordt bijkomend 1,0422 euro toegekend voor het bezoek aan een aangever voor de codering van bepaalde socio-economische variabelen en voor de registratie van de door de huishoudens gegeven antwoorden op de draagbare of tabletcomputer die de enquêteur voor de duur van de enquête ter beschikking krijgt;
  3° er wordt [1 2,5 euro]1 toegekend per jaarlijkse speciale module die correct en volledig werd ingevuld volgens de instructies die jaarlijks aan de enquêteurs gegeven worden met betrekking tot het onderwerp, de te stellen vragen en de te ondervragen personen per aangever ter zake, inclusief de registratie van de antwoorden van de aangever op de draagbare of tabletcomputer die de enquêteur voor de duur van de enquête ter beschikking krijgt;
  4° er kan bijkomend 0,2605 euro worden toegekend voor het bezoek aan een aangever wanneer dringend een in gebreke gebleven enquêteur moet vervangen worden. Deze premie betreft maximaal vier procent van de uit te voeren enquêtes;
  [3 5° indien de informatie bekomen is via telefonische opvolging, dan bedraagt de vergoeding aan de enquêteur 6,00 euro per positieve telefonische opvolging van een volledig huishouden.]3
  § 4. Voor de doorlopende huishoudbudgetenquête wordt het basisbedrag voor de berekening van de toelagen en vergoedingen voor de enquêteurs als volgt bepaald :
  1° er wordt 5,21 euro per bezoek toegekend aan een aangever met een maximum van twee bezoeken indien de documenten voor deze bezoeken, te weten een huishoudvragenlijst voor heel het huishouden en een individuele vragenlijst voor alle leden van het huishouden die 12 jaar en ouder zijn op de datum van de enquête, correct en volledig ingevuld werden door de enquêteur;
  2° er wordt 5,21 euro per bezoek toegekend aan een aangever met een maximum van twee bezoeken indien het document voor deze bezoeken in de enquête, te weten een boekje met ontvangsten en bestedingen voor heel het huishouden, door de aangever correct en volledig werd ingevuld volgens de instructies van de enquêteur;
  3° er kan bijkomend 0,2605 euro worden toegekend voor het bezoek aan een aangever wanneer dringend een in gebreke gebleven enquêteur moet vervangen worden. Deze premie betreft maximaal vier procent van de uit te voeren enquêtes.
  § 5. Voor de periodieke tijdsbudgetenquête wordt het basisbedrag voor de berekening van de toelagen en vergoedingen voor de enquêteurs als volgt bepaald : er wordt 5,21 euro per bezoek toegekend aan een aangever met een maximum van twee bezoeken indien alle documenten voor de enquête, te weten een individuele agenda voor alle leden van het huishouden die 12 jaar en ouder zijn op de datum van de enquête, door de aangever correct en volledig werden ingevuld volgens de instructies van de enquêteur.
  § 6. Voor de enquête over de informatiemaatschappij wordt het basisbedrag voor de berekening van de toelagen en vergoedingen voor de enquêteurs als volgt bepaald :
  1° (...); <KB 2008-06-01/36, art. 3, 1°, 002; Inwerkingtreding : 16-06-2008>
  2° er wordt (2,4489 euro) toegekend per aangever en per volledige module die correct en volledig werd ingevuld volgens de instructies die jaarlijks aan de enquêteurs gegeven worden met betrekking tot het onderwerp, de te stellen vragen en de te ondervragen personen per aangever ter zake, inclusief de registratie van de antwoorden van de aangever op de draagbare of tabletcomputer die de enquêteur voor de duur van de enquête ter beschikking krijgt. <KB 2008-06-01/36, art. 3, 2°, 002; Inwerkingtreding : 16-06-2008>
  (§ 6bis. Voor de G.G.P.S.-enquête wordt het basisbedrag voor de berekening van de toelagen en vergoedingen voor de enquêteurs als volgt bepaald :
  1° er wordt 13,73 euro toegekend voor het bezoek aan een aangever indien alle documenten voor de enquête correct en volledig ingevuld zijn door de enquêteur volgens de instructies die aan de enquêteurs gegeven worden inclusief de registratie van de antwoorden van de aangever op draagbare of tabletcomputer die de enquêteur voor de duur van de enquête ter beschikking krijgt;
  2° er kan bijkomend 0,6865 euro worden toegekend voor het bezoek aan een aangever wanneer dringend een in gebreke gebleven enquêteur moet worden vervangen. Deze premie betreft maximaal vier procent van de uit te voeren enquêtes.) <KB 2008-06-01/36, art. 3, 3°, 002; Inwerkingtreding : 16-06-2008>
  (§ 6ter. Voor de A.E.S.-enquête wordt het basisbedrag voor de berekening van de toelagen en vergoedingen voor de enquêteurs als volgt bepaald :
  1° er wordt 4,9114 euro toegekend voor het bezoek aan een aangever indien alle documenten voor de enquête correct en volledig ingevuld zijn door de enquêteur volgens de instructies die aan de enquêteurs gegeven worden;
  2° er wordt bijkomend 0,9611 euro toegekend voor het bezoek aan een aangever voor de codering van bepaalde socio-economische variabelen en voor de registratie van de door de huishouden gegeven antwoorden op de draagbare of tabletcomputer die de enquêteur voor de duur van de enquête ter beschikking krijgt;
  3° er kan bijkomend 0,2455 euro worden toegekend voor het bezoek aan een aangever wanneer dringend een in gebreke gebleven enquêteur moet worden vervangen. Deze premie betreft maximaal vier procent van de uit te voeren enquêtes.) <KB 2008-06-01/36, art. 3, 4°, 002; Inwerkingtreding : 16-06-2008>
  [1 4° Indien de AES-enquête als bijkomende zelfstandig in te vullen vragenlijst georganisered wordt, wordt per positieve bijkomende zelfstandig in te vullen vragenlijst een bedrag van 2 euro toegekend aan de enquêteur.]1
  [1 § 6quater. Voor de enquête naar de energieconsumptie van huishoudens wordt per positieve enquête een bedrag van 30 euro toegekend aan de enquêteur.]1
  [3 Indien het om een module gaat die gekoppeld is aan een andere door de Directie uitgevoerde enquête, dan bedraagt de vergoeding die aan de enquêteur wordt toegekend 2,50 euro per positieve module.]3
  [1 § 6quinquies. Per positieve module die nodig is om ontbrekende informatie te verzamelen in het kader van de census wordt een bedrag van 2,5 euro toegekend aan de enquêteur. Indien er gewerkt wordt via een bijkomende zelfstandig in te vullen vragenlijst bedraagt de vergoeding 2 euro per positieve bijkomende zelfstandig in te vullen vragenlijst.]1
  [1 § 6sexies. Voor een positieve rekrutering van een huishouden voor de SILC-enquête of de huishoudbudgetenquête wordt een bedrag van 4 euro toegekend aan de enquêteur.]1
  [2 § 6septies. Voor de gezondheidsenquête wordt een bedrag toegekend aan de enquêteur dat afhankelijk is van het aantal te ondervragen personen, met een maximum van 4 personen. Het toegekende bedrag voor huishoudens met één te ondervragen persoon bedraagt 40 euro. Per bijkomende te ondervragen persoon, wordt het toegekende bedrag verhoogd met 20 euro.]2
  [4 § 6octies. Voor de gezondheidsenquête wordt bij een ad-hoc-uitbreiding van de vragenlijst een bijkomende vergoeding toegekend aan de enquêteur die afhankelijk is van het aantal te ondervragen personen, met een maximum van vier personen. Het bijkomend toegekende bedrag voor huishoudens met één te ondervragen persoon bedraagt 14 euro. Per bijkomende te ondervragen persoon, wordt het toegekende bedrag verhoogd met 9 euro.]4
  § 7. Deze bedragen zijn van toepassing voor de schuldvorderingen die vanaf de inwerkingtreding van dit besluit worden ingediend.
  
Art.6. § 1er. Pour l'enquête annuelle sur les rendements des cultures, le montant de base pour le calcul des allocations et indemnités attribuées aux enquêteurs est fixé comme suit :
  1° 1,465 euro est alloué pour la visite destinée à l'estimation provisoire des rendements des cultures et des fermages;
  2° 7,304 euros sont alloués pour la visite destinée à l'estimation finale des rendements des cultures et des fermages;
  3° 0,0732 euros supplémentaire à la visite destinée à l'estimation provisoire peut être alloué en cas de remplacement d'urgence d'un enquêteur défaillant. Cette prime concerne maximum quatre pour cent des enquêtes à réaliser;
  4° 0,3652 euro supplémentaire à la visite destinée à l'estimation finale peut être alloué en cas de remplacement d'urgence d'un enquêteur défaillant. Cette prime concerne maximum quatre pour cent des enquêtes à réaliser.
  § 2. Pour l'enquête annuelle SILC, le montant de base pour le calcul des allocations et indemnités attribuées aux enquêteurs est fixé comme suit :
  1° 11,89 euros sont alloués pour la visite d'un déclarant composé d'une seule personne si l'intégralité des documents prévus dans l'enquête à savoir une feuille de contact par ménage, un questionnaire ménage pour l'ensemble du ménage et au moins un questionnaire individuel pour un membre du ménage de 16 ans et plus au moment de l'enquête, a été correctement et complètement rempli;
  2° 3,397 euros supplémentaires sont alloués par personne supplémentaire interrogée dans le même déclarant ayant 16 ans et plus au moment de l'enquête si l'intégralité des documents prévus dans l'enquête à savoir un questionnaire individuel pour tous les membres du ménage de 16 ans et plus au moment de l'enquête, a été correctement et complètement rempli;
  3° 2,972 euros supplémentaires sont alloués à la visite d'un déclarant composé d'une seule personne pour la codification de certaines variables socio-économiques et l'enregistrement des réponses du déclarant sur ordinateur portable ou tablette mis à la disposition de l'enquêteur pendant la durée de l'enquête;
  4° 0,849 euro supplémentaire est alloué par personne supplémentaire interrogée dans le même déclarant ayant 16 ans et plus au moment de l'enquête pour la codification de certaines variables socio-économiques et l'enregistrement des réponses du déclarant sur ordinateur portable ou tablette mis à la disposition de l'enquêteur pendant la durée de l'enquête;
  5° 0,5945 euro supplémentaire à la visite d'un déclarant d'une personne peut être alloué en cas de remplacement en urgence d'un enquêteur défaillant. Cette prime concerne maximum quatre pour cent des enquêtes à réaliser;
  6° 0,1698 euro supplémentaire par personne supplémentaire interrogée dans le même déclarant ayant 16 ans et plus au moment de l'enquête peut être alloué en cas de remplacement en urgence d'un enquêteur défaillant. Cette prime concerne maximum quatre pour cent des enquêtes à réaliser.
  § 3. Pour l'enquête continue sur les forces de travail, le montant de base pour le calcul des allocations et indemnités attribuées aux enquêteurs est fixé comme suit :
  1° 5,21 euros sont alloués par visite d'un déclarant si l'intégralité des documents prévus dans l'enquête à savoir un questionnaire ménage pour l'ensemble du ménage et un questionnaire individuel pour tous les membres du ménage de 15 ans et plus au moment de l'enquête, a été correctement et complètement rempli;
  2° 1,0422 euro supplémentaire est alloué à la visite d'un déclarant pour la codification de certaines variables socio-économiques et l'enregistrement des réponses du ménage sur ordinateur portable ou tablette mis à la disposition de l'enquêteur pendant la durée de l'enquête;
  3° [1 2,5 euro]1 est alloué par module ad hoc annuel correctement et complètement rempli conformément aux instructions annuelles fournies aux enquêteurs quant au sujet, aux questions à poser et aux personnes à interroger par déclarant en la matière, y inclus l'enregistrement des réponses du déclarant sur ordinateur portable ou tablette mis à la disposition de l'enquêteur pendant la durée de l'enquête;
  4° 0,2605 euro supplémentaire à la visite d'un déclarant peut être alloué en cas de remplacement d'urgence d'un enquêteur défaillant. Cette prime concerne maximum quatre pour cent des enquêtes à réaliser;
  [3 5° si l'information est obtenue par suivi téléphonique, l'indemnité accordée à l'enquêteur s'élève à 6,00 euros par suivi téléphonique positif d'un ménage complet.]3
  § 4. Pour l'enquête continue sur les budgets des ménages, le montant de base pour le calcul des allocations et indemnités attribuées aux enquêteurs est fixé comme suit :
  1° 5,21 euros sont alloués par visite d'un déclarant avec un maximum de deux visites si les documents prévus pour ces visites dans l'enquête à savoir un questionnaire ménage pour l'ensemble du ménage et un questionnaire individuel pour tous les membres du ménage de 12 ans et plus au moment de l'enquête, ont été correctement et complètement remplis par l'enquêteur;
  2° 5,21 euros sont alloués par visite d'un déclarant avec un maximum de deux visites si le document prévu pour ces visites dans l'enquête à savoir un carnet des recettes et dépenses pour l'ensemble du ménage a été correctement et complètement rempli par le déclarant conformément aux instructions de l'enquêteur;
  3° 0,2605 euro supplémentaire à la visite d'un déclarant peut être alloué en cas de remplacement en urgence d'un enquêteur défaillant. Cette prime concerne maximum quatre pour cent des enquêtes à réaliser.
  § 5. Pour l'enquête périodique sur le budget temps, le montant de base pour le calcul des allocations et indemnités attribuées aux enquêteurs est fixé comme suit : 5,21 euros sont alloués par visite d'un déclarant avec un maximum de deux visites si l'intégralité des documents prévus dans l'enquête à savoir un agenda individuel pour tous les membres du ménage de 12 ans et plus au moment de l'enquête, a été correctement et complètement rempli par le déclarant conformément aux instructions des enquêteurs.
  § 6. Pour l'enquête société de l'Information, le montant de base pour le calcul des allocations et indemnités attribuées aux enquêteurs est fixé comme suit :
  1° (...); <AR 2008-06-01/36, art. 3, 1°, 002; En vigueur : 16-06-2008>
  2° (2,4489 euros) est alloué par module complet par déclarant correctement et complètement rempli conformément aux instructions annuelles fournies aux enquêteurs quant au sujet, aux questions à poser et aux personnes à interroger par déclarant en la matière, y inclus l'enregistrement des réponses du déclarant sur ordinateur portable ou tablette mis à la disposition de l'enquêteur pendant la durée de l'enquête; <AR 2008-06-01/36, art. 3, 2°, 002; En vigueur : 16-06-2008>
  (§ 6bis. Pour l'enquête G.G.P.S., le montant de base pour le calcul des allocations et indemnités attribuées aux enquêteurs est fixé comme suit :
  1° 13,73 euros sont alloués à l'enquêteur pour la visite d'un déclarant, si celui-ci a correctement et complètement rempli tous les documents relatifs à l'enquête conformément aux instructions fournies aux enquêteurs, y inclus l'enregistrement des réponses du déclarant sur ordinateur portable ou tablette mis à la disposition de l'enquêteur pendant la durée de l'enquête;
  2° il peut être alloué 0,6865 euro supplémentaire à la visite d'un déclarant en cas de remplacement en urgence d'un enquêteur défaillant. Cette prime concerne maximum quatre pour cent de l'ensemble des enquêtes à réaliser.) <AR 2008-06-01/36, art. 3, 3°, 002; En vigueur : 16-06-2008>
  (§ 6ter. Pour l'enquête A.E.S., le montant de base pour le calcul des allocations et indemnités attribuées aux enquêteurs est fixé comme suit :
  1° pour la visite d'un déclarant, il est alloué à l'enquêteur 4,9114 euros, si celui-ci a correctement et complètement rempli tous les documents relatifs à l'enquête conformément aux instructions fournies aux enquêteurs;
  2° 0,9611 euro supplémentaire est alloué à la visite d'un déclarant pour la codification de certaines variables socio-économiques et l'enregistrement des réponses du ménage sur ordinateur portable ou tablette mis à la disposition de l'enquêteur pendant la durée de l'enquête;
  3° il peut être alloué 0,2455 euro supplémentaire à la visite d'un déclarant en cas de remplacement en urgence d'un enquêteur défaillant. Cette prime concerne maximum quatre pour cent de l'ensemble des enquêtes à réaliser.) <AR 2008-06-01/36, art. 3, 4°, 002; En vigueur : 16-06-2008>
  [1 4° Si l'enquête AES est organisée sous forme d'enquête complémentaire auto-administrée, un montant de 2 euros est accordé à l'enquêteur par enquête complémentaire auto-administrée positive.]1
  [1 § 6quater. Pour l'enquête sur la consommation énergétique des ménages, un montant de 30 euros par enquête positive est accordé à l'enquêteur.]1
  [3 S'il s'agit d'un module associé à une autre enquête organisée par la Direction, l'indemnité accordée à l'enquêteur s'élève à 2,50 euros par module positif.]3
  [1 § 6quinquies. Un montant de 2,5 euros par module positif qui est nécessaire pour collecter des informations manquantes dans le cadre du recensement est accordé à l'enquêteur. Si l'on procède par enquête complémentaire auto-administrée, l'indemnité par enquête complémentaire auto-administrée positive s'élève à 2 euros.]1
  [1 § 6sexies. Un montant de 4 euros est accordé à l'enquêteur pour un recrutement positif d'un ménage pour l'enquête SILC ou l'enquête sur le budget des ménages.]1
  [2 § 6septies. Pour l'enquête santé, un montant est accordé à l'enquêteur en fonction du nombre de personnes à interroger, qui sera de quatre maximum. Le montant accordé pour les ménages comptant une personne à interroger est de 40 euros. Le montant accordé est majoré de 20 euros par personne supplémentaire à interroger.]2
  [4 § 6octies. Pour l'enquête santé, en cas d'extension ad hoc du questionnaire, une indemnité complémentaire est accordée à l'enquêteur en fonction du nombre de personnes à interroger, qui sera de quatre maximum. Le montant complémentaire accordé pour les ménages comptant une personne à interroger est de 14 euros. Le montant accordé est majoré de 9 euros par personne supplémentaire à interroger. ]4
  § 7. Ces montants s'appliquent pour les déclarations de créances introduites dès l'entrée en vigueur du présent arrêté.
  
Art.7. [1 Het bedrag van de toelage en de vergoeding dat aan de enquêteur wordt toegekend voor de uitvoering van de in artikel 2 vermelde enquêtes wordt verkregen door het in artikel 6 vermelde basisbedrag te vermenigvuldigen met een breuk waarvan de teller het maandelijkse brutosalaris is, vastgelegd in weddenschaal CA1 van een bestuursassistent met 4 jaar graadanciënniteit van de maand die voorafgaat aan diegene tijdens dewelke de enquête wordt uitgevoerd en waarvan de noemer het maandelijkse brutosalaris is, vastgelegd in weddenschaal 21/1 van een opsteller met 4 jaar graadanciënniteit van de maand maart 1979.
   In afwijking van het eerste lid, worden de volgende bedragen toegepast :
   1° de bedragen vermeld in artikel 6, § 3, 3°, § 6ter, 4°, § 6quater, § 6quinquies en § 6sexies zijn bedragen vastgelegd op 1 januari 2011. Deze bedragen worden geïndexeerd op basis van de gezondheidsindex met de index van de maand december 2010 als basis. De indexering vindt plaats op de 1ste van de maand die volgt op een overschrijding van de spilindex;
   2° de bedragen vermeld in artikel 6, § 6septies zijn bedragen vastgelegd op 1 januari 2013. Deze bedragen worden geïndexeerd op basis van de gezondheidsindex met de index van de maand december 2012 als basis. De indexering vindt plaats op de 1ste van de maand die volgt op een overschrijding van de spilindex;
   3° het bedrag vermeld in artikel 6, § 3, 5° is vastgelegd op 1 januari 2016. Deze bedragen worden geïndexeerd op basis van de gezondheidsindex met de index van de maand december 2015 als basis. De indexering vindt plaats op de 1ste van de maand die volgt op een overschrijding van de spilindex.]1

  
Art.7. [1 Le montant de l'allocation et de l'indemnité de l'enquêteur octroyé pour la réalisation des enquêtes visées à l'article 2 est obtenu en multipliant le montant de base visé à l'article 6 par une fraction dont le numérateur est le traitement mensuel brut fixé dans l'échelle de traitement CA1 d'un assistant administratif comptant 4 ans d'ancienneté de grade, du mois qui précède celui pendant lequel l'enquête est effectuée et dont le dénominateur est le traitement mensuel brut fixé dans l'échelle de traitement 21/1 d'un rédacteur comptant 4 ans d'ancienneté de grade du mois de mars 1979.
   Par dérogation à l'alinéa 1er, les montants suivants sont appliqués :
   1° les montants mentionnés à l'article 6, § 3, 3°, § 6ter, 4°, § 6quater, § 6quinquies et § 6sexies, sont des montants fixés au 1er janvier 2011. Ces montants sont à indexer sur base de l'indice santé avec comme indice de base celui du mois de décembre 2010. L'indexation a lieu le 1er du mois qui suit un dépassement de l'indice-pivot;
   2° les montants mentionnés à l'article 6, § 6septies, sont des montants fixés au 1er janvier 2013. Ces montants sont à indexer sur base de l'indice santé avec comme indice de base celui du mois de décembre 2012. L'indexation a lieu le 1er du mois qui suit un dépassement de l'indice-pivot;
   3° le montant mentionné à l'article 6, § 3, 5°, est un montant fixé au 1er janvier 2016. Ce montant est à indexer sur base de l'indice santé avec comme indice de base celui du mois de décembre 2015. L'indexation a lieu le 1er du mois qui suit un dépassement de l'indice-pivot.]1

  
Art.8. De enquêteurs zijn verplicht deel te nemen aan de opleidingssessies georganiseerd door de Directie.
  Het aantal opleidingssessies en de duur ervan worden bepaald in functie van de noden van elke enquête.
  Voor de deelname aan een opleidingssessie wordt een forfaitaire vergoeding uitbetaald die overeenkomt met het in artikel 6 genoemde basisbedrag van de betreffende enquête vermenigvuldigd met de in artikel 7 genoemde breuk.
  (De enquêteurs krijgen enkel enquêtes toegewezen indien ze de verplichte opleidingssessies hebben gevolgd die betrekking hebben op de enquêtes van dat jaar. Er is geen forfaitaire vergoeding, noch een verplaatsingsvergoeding voor het volgen van een opleidingssessie verschuldigd indien de enquêteur vervolgens de enquêtes die hem werden toevertrouwd niet of niet overeenkomstig de instructies uitvoert.) <KB 2008-06-01/36, art. 8, 002; Inwerkingtreding : 16-06-2008>
Art.8. La participation des enquêteurs aux séances de formation organisées par la Direction est obligatoire.
  Le nombre de séances de formation ainsi que la durée de celles-ci sont déterminés en fonction des besoins de chaque enquête.
  La participation à une séance de formation fait l'objet d'une indemnisation forfaitaire équivalente au montant de base mentionné à l'article 6 de chaque enquête concernée multiplié par la fraction mentionnée à l'article 7.
  (Les enquêteurs ne recevront des enquêtes que s'ils ont suivi les séances de formation obligatoires relatives aux enquêtes de l'année considérée. Aucune indemnité forfaitaire ni indemnité de déplacement n'est due pour la participation à une séance de formation si, par la suite, l'enquêteur n'exécute pas ou n'exécute pas conformément aux instructions les enquêtes qui lui ont été confiées.) <AR 2008-06-01/36, art. 4, 002; En vigueur : 16-06-2008>
Art.9. De verplaatsingskosten voor de opleidingssessies worden terugbetaald tegen voorlegging van de betreffende vervoerbewijzen.
  De enquêteurs die deelnemen aan de opleiding mogen gebruik maken van hun persoonlijk voertuig voor hun verplaatsingen tussen hun woonplaats en de plaats van opleiding. Zij hebben recht op een kilometervergoeding die berekend wordt overeenkomstig artikel 13 van het koninklijk besluit van 18 januari 1965 houdende algemene regeling inzake reiskosten.
Art.9. Les frais de déplacement relatifs aux séances de formation seront remboursés sur remise des titres de transport spécifiques.
  Les enquêteurs qui participent à la formation sont autorisés à utiliser leur véhicule personnel pour leurs déplacements entre leur domicile et le lieu de formation. Ils bénéficient d'une indemnité kilométrique calculée conformément à l'article 13 de l'arrêté royal du 18 janvier 1965 portant réglementation générale en matière de frais de parcours.
Art.10. De toelage en de vergoeding worden in één keer per uitgevoerde groep enquêtes uitbetaald.
Art.10. L'allocation et l'indemnité sont liquidées en un versement par groupe d'enquêtes réalisé.
Art.11. De toelage en de vergoeding worden niet uitbetaald :
  1° voor onjuist en/of onvolledig ingevulde vragenlijsten;
  2° voor enquêtes die niet overeenkomstig de instructies werden uitgevoerd;
  3° voor een onjuiste en/of onvolledige codering of registratie van de door de aangevers gegeven antwoorden.
Art.11. L'allocation et l'indemnité ne sont pas payées :
  1° pour les questionnaires remplis de manière inexacte et/ou incomplète;
  2° pour les enquêtes qui ne sont pas exécutées conformément aux instructions;
  3° pour la codification ou l'enregistrement inexact et/ou incomplet des réponses fournies par les déclarants.
Art.12. Wanneer de enquêteur voor de duur van de uitvoering van bepaalde enquêtes waarmee hij is belast, een draagbare of tabletcomputer ter beschikking krijgt, gebruikt hij die als een goede huisvader (volgens de instructies die aan de enquêteurs gegeven worden) en bezorgt hij die terug aan de Directie uiterlijk 15 dagen na de uitvoering van de enquêtes waarmee hij is belast of nadat hij in gebreke is gebleven. <KB 2008-06-01/36, art. 5, 002; Inwerkingtreding : 16-06-2008>
  Hij brengt de draagbare of tabletcomputer terug naar de plaats die daartoe door de Directie wordt aangeduid.
  Wanneer voor het terugbrengen van de draagbare of tabletcomputer een bijkomend transport noodzakelijk is en in de gevallen die van tevoren door de Directie zijn bepaald, worden de daartoe gemaakte verplaatsingskosten vergoed overeenkomstig artikel 9.
Art.12. Lorsqu'un ordinateur portable ou tablette est mis à la disposition de l'enquêteur pour la durée de la réalisation de certaines enquêtes dont il est chargé, il utilise celui-ci en bon père de famille (conformément aux instructions fournies aux enquêteurs,) et le rend à la Direction dans les 15 jours après la réalisation des enquêtes dont il est chargé ou en cas de défaillance de sa part. <AR 2008-06-01/36, art. 5, 002; En vigueur : 16-06-2008>
  Il rapporte l'ordinateur portable ou tablette à l'endroit indiqué à cet égard par la Direction.
  Dans le cas où le retour de l'ordinateur portable ou tablette nécessite un transport supplémentaire et dans les cas fixés au préalable par la Direction, les frais de déplacement en la matière seront indemnisés conformément à l'article 9.
Art.13. Na ontvangst van de door de enquêteur doorgegeven informatie van de aangevers wordt met de betalingsprocedure begonnen uiterlijk drie maanden nadat de Directie goede uitvoering van de opdracht van de enquêteur overeenkomstig de artikelen 1, 2°, 6 en 11 heeft gecontroleerd.
Art.13. La procédure de paiement est lancée, après réception des informations fournies par le déclarant et transmises par l'enquêteur, dans les trois mois suivant la vérification, par la Direction, de la bonne exécution de la mission de l'enquêteur conformément aux articles 1er, 2°, 6 et 11.
Art.13/1. [1 Zijn niet van toepassing op de volgens artikel 4 aangeduide enquêteurs:
   1° het koninklijk besluit van 11 februari 1991 tot vaststelling van de individuele geldelijke rechten van de personen bij arbeidsovereenkomst in dienst genomen in de federale overheidsdiensten en het scholingsbeding, met uitzondering van artikel 2, § 1, eerste lid, 3° ervan;
   2° het koninklijk besluit van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen, met uitzondering van hoofdstuk II ervan;
   3° het koninklijk besluit van 25 april 2005 tot vaststelling van de voorwaarden voor de indienstneming bij arbeidsovereenkomst in sommige overheidsdiensten;
   4° het koninklijk besluit van 22 november 2006 betreffende het telewerk en het satellietwerk in het federaal administratief openbaar ambt;
   5° het koninklijk besluit van 25 oktober 2013 betreffende de geldelijke loopbaan van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt;
   6° het koninklijk besluit van 13 juli 2017 tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt, met uitzondering van artikel 14, §§ 1 en 5 ervan;
   7° het koninklijk besluit van 14 januari 2022 betreffende de evaluatie in het federaal openbaar ambt;
   8° het koninklijk besluit van 26 oktober 2023 betreffende de toekenning van maaltijdcheques aan de personeelsleden van het federaal administratief openbaar ambt.]1

  
Art.13/1. [1 Ne s'appliquent pas aux enquêteurs désignés conformément à l'article 4 :
   1° l'arrêté royal du 11 février 1991 fixant les droits individuels pécuniaires des personnes engagées par contrat de travail dans les services publics fédéraux et la clause d'écolage, à l'exception de l'article 2, § 1er, alinéa 1er, 3° ;
   2° l'arrêté royal du 19 novembre 1998 relatif aux congés et aux absences accordés aux membres du personnel des administrations de l'Etat, à l'exception du chapitre II ;
   3° l'arrêté royal du 25 avril 2005 fixant les conditions d'engagement par contrat de travail dans certains services publics ;
   4° l'arrêté royal du 22 novembre 2006 relatif au télétravail et au travail en bureau satellite dans la fonction publique fédérale administrative ;
   5° l'arrêté royal du 25 octobre 2013 relatif à la carrière pécuniaire des membres du personnel de la fonction publique fédérale ;
   6° l'arrêté royal du 13 juillet 2017 fixant les allocations et indemnités des membres du personnel de la fonction publique fédérale, à l'exception de l'article 14, §§ 1er et 5 ;
   7° l'arrêté royal du 14 janvier 2022 relatif à l'évaluation dans la fonction publique fédérale ;
   8° l'arrêté royal du 26 octobre 2023 relatif à l'octroi de chèques-repas aux membres du personnel de la fonction publique fédérale administrative. ]1

  
Art.13/2. [1 In afwijking van artikel 14, § 1, van het voornoemde koninklijk besluit van 13 juli 2017 vertegenwoordigt het vakantiegeld 92% van de gemiddelde maandelijkse bezoldiging van het voorgaande jaar.]1
  
Art.13/2. [1 Par dérogation à l'article 14, § 1er, de l'arrêté royal du 13 juillet 2017 précité, le pécule de vacances représente 92% de la rémunération mensuelle moyenne de l'année précédente.]1
  
HOOFDSTUK IV. - Slotbepalingen.
CHAPITRE IV. - Dispositions finales.
Art.14. Opgeheven worden :
  1° het koninklijk besluit van 5 februari 1992 houdende algemene regeling van de toelagen en vergoedingen toegekend aan de enquêteurs belast met de uitvoering van onderzoeken die worden georganiseerd door het Nationaal Instituut voor de Statistiek, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 8 juli 1996, 10 november 1996 en 4 december 2001;
  2° het koninklijk besluit van 4 augustus 1996 waarbij aan de landbouwcorrespondenten een toelage en een vergoeding worden toegekend.
Art.14. Sont abrogés :
  1° l'arrêté royal du 5 février 1992 portant réglementation générale des allocations et indemnités accordées aux enquêteurs chargés de l'exécution des enquêtes organisées par l'Institut national de Statistique, modifié par les arrêtés royaux des 8 juillet 1996, 10 novembre 1996 et 4 décembre 2001;
  2° l'arrêté royal du 4 août 1996 allouant une allocation et une indemnité aux correspondants agricoles.
Art.15. Treden in werking op de dag van de publicatie van dit besluit in het Belgisch Staatsblad :
  1° het artikel 31 van de wet van 22 maart 2006 tot wijziging van de wet van 4 juli 1962 betreffende de openbare statistiek en van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen;
  2° dit besluit.
Art.15. Entrent en vigueur le jour de la publication du présent arrêté au Moniteur belge :
  1° l'article 31 de la loi du 22 mars 2006 modifiant la loi du 4 juillet 1962 relative à la statistique publique et la loi du 8 août 1983 organisant un Registre national des personnes physiques;
  2° le présent arrêté.
Art. 16. Onze Minister van Economie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 16. Notre Ministre de l'Economie est chargé de l'exécution du présent arrêté.