Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
14 APRIL 2009. - Koninklijk besluit tot toekenning van een Staatswaarborg aan bepaalde leningen van de Gemeentelijke Holding. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 21-04-2009 en tekstbijwerking tot 28-12-2009)
Titre
14 AVRIL 2009. - Arrêté royal octroyant une garantie d'Etat à certains emprunts du Holding communal. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 21-04-2009 et mise à jour au 28-12-2009)
Dokumentinformationen
Numac: 2009003146
Datum: 2009-04-14
Info du document
Numac: 2009003146
Date: 2009-04-14
Tekst (8)
Texte (8)
Artikel 1. De Staat waarborgt, in hoofdsom, interesten en bijhorigheden, de leningen aangegaan door de Gemeentelijke Holding NV bij Dexia Bank NV, Fortis Bank NV en ING Bank België NV, welke de Minister bevoegd voor Financiën via reglementaire weg of bij overeenkomst bepaalt.
Article 1er. L'Etat garantit, en principal, intérêts et accessoires, les emprunts contractés par le Holding communal SA auprès de Dexia Banque SA, Fortis Banque SA et ING Belgique SA que le Ministre qui a les Finances dans ses attributions détermine par voie réglementaire ou contractuelle.
Art.2. De bedragen gedekt in hoofdsom door deze waarborg zullen [1 125.000.000 euro]1 niet overschrijden.
[De waarborg dekt tevens de verlopen interest op de gewaarborgde hoofdsom en de bijhorigheden.]
[De waarborg dekt tevens de verlopen interest op de gewaarborgde hoofdsom en de bijhorigheden.]
Art.2. Les montants en principal couverts par la garantie n'excéderont pas [1 125.000.000 d'euros]1.
La garantie couvre également les intérêts courant sur le principal garanti et les accessoires.
La garantie couvre également les intérêts courant sur le principal garanti et les accessoires.
Änderungen
Art.3. De waarborg loopt af op [1 30 juni 2010]1.
De bedragen die nog niet eisbaar zijn op de datum van het aflopen, evenals de reeds opeisbare bedragen voor dewelke geen beroep op de waarborg is gedaan ten laatste op deze datum, houden op gewaarborgd te zijn.
De bedragen die nog niet eisbaar zijn op de datum van het aflopen, evenals de reeds opeisbare bedragen voor dewelke geen beroep op de waarborg is gedaan ten laatste op deze datum, houden op gewaarborgd te zijn.
Art.3. La garantie expire le [1 30 juin 2010]1.
Les sommes non encore exigibles à la date d'expiration, de même que les sommes exigibles pour lesquelles aucun appel à la garantie n'aurait été reçu au plus tard à cette date, cessent d'être garanties.
Les sommes non encore exigibles à la date d'expiration, de même que les sommes exigibles pour lesquelles aucun appel à la garantie n'aurait été reçu au plus tard à cette date, cessent d'être garanties.
Änderungen
Art.4. De waarborg loopt van rechtswege af indien de voorwaarden van de gewaarborgde verbintenissen worden gewijzigd zonder voorafgaandelijk akkoord van de Minister bevoegd voor Financiën.
De begunstigde kan afstand doen van het voordeel van de waarborg, voor het totaal van de bedragen verschuldigd aan deze begunstigde.
Het voordeel van de waarborg is slechts overdraagbaar bij overdracht van de gewaarborgde verbintenissen en middels het akkoord van de Minister bevoegd voor Financiën.
De vergoeding voorzien in artikel 5 blijft verschuldigd gedurende een periode van twaalf maanden volgend op het verval of de afstand zoals bedoeld in de eerste twee leden, of de overdracht van de gewaarborgde verbintenissen zonder akkoord van de Minister, zonder dat deze periode de uiterste datum van aflopen bepaald in artikel 3 kan overschrijden.
De begunstigde kan afstand doen van het voordeel van de waarborg, voor het totaal van de bedragen verschuldigd aan deze begunstigde.
Het voordeel van de waarborg is slechts overdraagbaar bij overdracht van de gewaarborgde verbintenissen en middels het akkoord van de Minister bevoegd voor Financiën.
De vergoeding voorzien in artikel 5 blijft verschuldigd gedurende een periode van twaalf maanden volgend op het verval of de afstand zoals bedoeld in de eerste twee leden, of de overdracht van de gewaarborgde verbintenissen zonder akkoord van de Minister, zonder dat deze periode de uiterste datum van aflopen bepaald in artikel 3 kan overschrijden.
Art.4. La garantie expire de plein droit au cas où les termes des obligations garanties sont modifiés sans l'accord préalable du Ministre qui a les Finances dans ses attributions.
Le bénéficiaire peut renoncer au bénéfice de la garantie, pour la totalité des montants dus à ce bénéficiaire.
Le bénéfice de la garantie n'est cessible qu'en cas de cession des obligations garanties et moyennant l'accord du Ministre qui a les Finances dans ses attributions.
La rémunération prévue à l'article 5 reste due pendant une période de douze mois suivant l'expiration ou la renonciation visées au deux premiers alinéas, ou la cession des obligations garanties faite sans l'accord du Ministre, sans que cette période ne puisse dépasser la date ultime d'expiration fixée à l'article 3.
Le bénéficiaire peut renoncer au bénéfice de la garantie, pour la totalité des montants dus à ce bénéficiaire.
Le bénéfice de la garantie n'est cessible qu'en cas de cession des obligations garanties et moyennant l'accord du Ministre qui a les Finances dans ses attributions.
La rémunération prévue à l'article 5 reste due pendant une période de douze mois suivant l'expiration ou la renonciation visées au deux premiers alinéas, ou la cession des obligations garanties faite sans l'accord du Ministre, sans que cette période ne puisse dépasser la date ultime d'expiration fixée à l'article 3.
Art.5. De Gemeentelijke Holding betaalt aan de Staat :
1° een vergoeding voor de inwerkingstelling van de waarborg gelijk aan 0.70 % van de gewaarborgde bedragen in hoofdsom, betaalbaar binnen de tien werkdagen na het verlenen van de waarborg, en
2° een garantievergoeding berekend aan het tarief van 1 % per jaar op de gewaarborgde bedragen in hoofdsom, betaalbaar op voorhand per kwartaal en voor de eerste maal binnen de tien werkdagen na het verlenen van de waarborg.
1° een vergoeding voor de inwerkingstelling van de waarborg gelijk aan 0.70 % van de gewaarborgde bedragen in hoofdsom, betaalbaar binnen de tien werkdagen na het verlenen van de waarborg, en
2° een garantievergoeding berekend aan het tarief van 1 % per jaar op de gewaarborgde bedragen in hoofdsom, betaalbaar op voorhand per kwartaal en voor de eerste maal binnen de tien werkdagen na het verlenen van de waarborg.
Art.5. Le Holding communal SA paie à l'Etat :
1° une commission de mise en place égale à 0,70 % des montants en principal garantis, dans les dix jours ouvrables de l'octroi de la garantie, et
2° une commission de garantie calculée au taux d'1 % par an sur les montants en principal garantis, payable trimestriellement par anticipation et pour la première fois dans les dix jours ouvrables de l'octroi de la garantie.
1° une commission de mise en place égale à 0,70 % des montants en principal garantis, dans les dix jours ouvrables de l'octroi de la garantie, et
2° une commission de garantie calculée au taux d'1 % par an sur les montants en principal garantis, payable trimestriellement par anticipation et pour la première fois dans les dix jours ouvrables de l'octroi de la garantie.
Art.6. § 1. De inwerkingtreding van de waarborg bedoeld in artikel 1 is afhankelijk van het afsluiten door de Minister bevoegd voor Financiën van de overeenkomst bepaald in § 2.
§ 2. De Minister sluit, met de begunstigde van de waarborg en de Gemeentelijke Holding NV, één of meerdere overeenkomsten die voorzien in :
1° de identificatie van de gewaarborgde leningen;
2° de verbintenis van de Gemeentelijke Holding NV om de vergoeding zoals voorzien in artikel 5 te betalen;
3° de verbintenis van de Gemeentelijke Holding NV om alle maatregelen in werking te stellen om haar solvabiliteit te herstellen die de minister nuttig zal achten;
4° de modaliteiten inzake indeplaatsstelling en schadeloosstelling van de Staat in geval van beroep op de waarborg;
5° de informatie modaliteiten van de Staat inzake de evolutie van de gewaarborgde verbintenissen;
6° alle andere bepalingen die de minister nuttig acht.
§ 2. De Minister sluit, met de begunstigde van de waarborg en de Gemeentelijke Holding NV, één of meerdere overeenkomsten die voorzien in :
1° de identificatie van de gewaarborgde leningen;
2° de verbintenis van de Gemeentelijke Holding NV om de vergoeding zoals voorzien in artikel 5 te betalen;
3° de verbintenis van de Gemeentelijke Holding NV om alle maatregelen in werking te stellen om haar solvabiliteit te herstellen die de minister nuttig zal achten;
4° de modaliteiten inzake indeplaatsstelling en schadeloosstelling van de Staat in geval van beroep op de waarborg;
5° de informatie modaliteiten van de Staat inzake de evolutie van de gewaarborgde verbintenissen;
6° alle andere bepalingen die de minister nuttig acht.
Art.6. § 1er. L'entrée en vigueur de la garantie visée à l'article 1er est subordonnée à la conclusion par le Ministre qui a les Finances dans ses attributions de la convention visées au § 2.
§ 2. Le Ministre conclut, avec le bénéficiaire de la garantie et le Holding communal SA, une ou plusieurs conventions prévoyant :
1° l'identification des emprunts garantis;
2° l'engagement du Holding communal SA de payer la rémunération visée à l'article 5;
3° l'engagement du Holding communal SA de mettre en oeuvre toutes mesures de rétablissement de sa solvabilité que le ministre jugera utiles;
4° les modalités de subrogation et d'indemnisation de l'Etat en cas d'appel à la garantie;
5° les modalités d'information de l'Etat quant à l'évolution des obligations garanties, et
6° toutes autres dispositions que le ministre jugera utiles.
§ 2. Le Ministre conclut, avec le bénéficiaire de la garantie et le Holding communal SA, une ou plusieurs conventions prévoyant :
1° l'identification des emprunts garantis;
2° l'engagement du Holding communal SA de payer la rémunération visée à l'article 5;
3° l'engagement du Holding communal SA de mettre en oeuvre toutes mesures de rétablissement de sa solvabilité que le ministre jugera utiles;
4° les modalités de subrogation et d'indemnisation de l'Etat en cas d'appel à la garantie;
5° les modalités d'information de l'Etat quant à l'évolution des obligations garanties, et
6° toutes autres dispositions que le ministre jugera utiles.
Art.7. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art.7. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
Art. 8. De Minister bevoegd voor Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 14 april 2009.
ALBERT
Van Koningswege :
De Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën en Institutionele Hervormingen,
D. REYNDERS
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 14 april 2009.
ALBERT
Van Koningswege :
De Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën en Institutionele Hervormingen,
D. REYNDERS
Art. 8. Le Ministre qui a les Finances dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Donné à Châteauneuf-de-Grasse, le 14 avril 2009.
ALBERT
Par le Roi :
Le Vice-Premier Ministre et Ministre des Finances et des Réformes institutionnelles,
D. REYNDERS
Donné à Châteauneuf-de-Grasse, le 14 avril 2009.
ALBERT
Par le Roi :
Le Vice-Premier Ministre et Ministre des Finances et des Réformes institutionnelles,
D. REYNDERS