Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
25 DECEMBER 2016. - Wet houdende de wijziging van verscheidene bepalingen betreffende de zakelijke zekerheden op roerende goederen(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 30-12-2016 en tekstbijwerking tot 18-12-2017)
Titre
25 DECEMBRE 2016. - Loi modifiant diverses dispositions relatives aux sûretés réelles mobilières(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 30-12-2016 et mise à jour au 18-12-2017)
Dokumentinformationen
Numac: 2016009652
Datum: 2016-12-25
Info du document
Numac: 2016009652
Date: 2016-12-25
Inhoud
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen aan de wet van 11 ju...
HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen aan de wet van 15 de...
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen aan de wet van 3 aug...
HOOFDSTUK 5. - Wijzigingen aan het Wetboek der ...
HOOFDSTUK 6. - Andere wijzigingsbepalingen
Afdeling 1. - Wijzigingen aan de Hypotheekwet
Afdeling 2. - Wijzigingen aan het gecoördineerd...
Afdeling 3. - Wijzigingen aan de wet van 2 janu...
Afdeling 4. - Wijzigingen aan het Wetboek van v...
Afdeling 5. - Wijzigingen aan de wet van 3 augu...
Afdeling 6. - Wijzigingen aan de wet van 19 apr...
HOOFDSTUK 7. - Overgangsbepaling
HOOFDSTUK 8. - Inwerkingtreding
Inhoud
CHAPITRE 1er. - Disposition générale
CHAPITRE 2. - Modifications de la loi du 11 jui...
CHAPITRE 3. - Modifications de la loi du 15 déc...
CHAPITRE 4. - Modifications de la loi du 3 août...
CHAPITRE 5. - Modifications du Code des droits ...
CHAPITRE 6. - Autres dispositions modificatives
Section 1re. - Modifications de la loi hypothéc...
Section 2. - Modifications de l'arrêté royal n°...
Section 3. - Modifications de la loi du 2 janvi...
Section 4. - Modifications du Code des sociétés
Section 5. - Modifications de la loi du 3 août ...
Section 6. - Modifications de la loi du 19 avri...
CHAPITRE 7. - Disposition transitoire
CHAPITRE 8. - Entrée en vigueur
Tekst (85)
Texte (85)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling
CHAPITRE 1er. - Disposition générale
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 74 de la Constitution.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen aan de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft en tot opheffing van diverse bepalingen ter zake
CHAPITRE 2. - Modifications de la loi du 11 juillet 2013 modifiant le Code civil en ce qui concerne les sûretés réelles mobilières et abrogeant diverses dispositions en cette matière
Art.2. In artikel 6 van de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft en tot opheffing van diverse bepalingen ter zake, wordt artikel 1 "Doelstelling", aangevuld met een lid, luidende :
"Dit recht van voorrang geldt als een voorrecht zoals bedoeld in artikel 12 van de Hypotheekwet.".
"Dit recht van voorrang geldt als een voorrecht zoals bedoeld in artikel 12 van de Hypotheekwet.".
Art.2. Dans l'article 6 de la loi du 11 juillet 2013 modifiant le Code civil en ce qui concerne les sûretés réelles mobilières et abrogeant diverses dispositions en cette matière, l'article 1er "Finalité" est complété par un alinéa rédigé comme suit :
"Ce droit de préférence a la valeur d'un privilège tel que visé à l'article 12 de la loi hypothécaire.".
"Ce droit de préférence a la valeur d'un privilège tel que visé à l'article 12 de la loi hypothécaire.".
Art.3. In artikel 9 van dezelfde wet worden in het tweede lid van artikel 4 "Bewijs", de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende de marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2°, van boek I van het Wetboek van economisch recht".
Art.3. Dans l'article 9 de la même loi, les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" figurant à l'alinéa 2 de l'article 4 "Preuve" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique".
Art.4. In artikel 12 van dezelfde wet worden in artikel 7 "Voorwerp", de volgende wijzigingen aangebracht :
a) het eerste lid wordt vervangen als volgt :
"Het pandrecht kan een roerend lichamelijk of onlichamelijk goed, een goed dat roerend is uit zijn aard maar onroerend is geworden door bestemming of een bepaald geheel van dergelijke goederen tot voorwerp hebben met uitzondering van zeeschepen en teboekgestelde schepen en vaartuigen in de zin van boek II van het Wetboek van Koophandel.";
b) in het vierde lid worden de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende de marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2°, van boek I van het Wetboek van economisch recht".
a) het eerste lid wordt vervangen als volgt :
"Het pandrecht kan een roerend lichamelijk of onlichamelijk goed, een goed dat roerend is uit zijn aard maar onroerend is geworden door bestemming of een bepaald geheel van dergelijke goederen tot voorwerp hebben met uitzondering van zeeschepen en teboekgestelde schepen en vaartuigen in de zin van boek II van het Wetboek van Koophandel.";
b) in het vierde lid worden de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende de marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2°, van boek I van het Wetboek van economisch recht".
Art.4. A l'article 12 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées à l'article 7 "Objet" :
a) l'alinéa 1er est remplacé comme suit :
"Le gage peut avoir pour objet un bien mobilier corporel ou incorporel, un bien meuble par nature qui est devenu immeuble par destination ou un ensemble déterminé de tels biens, à l'exception des navires et des bateaux et bâtiments immatriculés au sens du livre II du Code de commerce.";
b) dans l'alinéa 4, les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique".
a) l'alinéa 1er est remplacé comme suit :
"Le gage peut avoir pour objet un bien mobilier corporel ou incorporel, un bien meuble par nature qui est devenu immeuble par destination ou un ensemble déterminé de tels biens, à l'exception des navires et des bateaux et bâtiments immatriculés au sens du livre II du Code de commerce.";
b) dans l'alinéa 4, les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique".
Art.5. In artikel 17 van dezelfde wet worden in het tweede lid van artikel 12 "Omvang", de volgende wijzigingen aangebracht :
a) de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming" worden vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2°, van boek I van het Wetboek van economisch recht";
b) de woorden "van de hoofdsom" worden vervangen door de woorden "van de hoofdsom op het ogenblik van de verdeling of de toerekening".
a) de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming" worden vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2°, van boek I van het Wetboek van economisch recht";
b) de woorden "van de hoofdsom" worden vervangen door de woorden "van de hoofdsom op het ogenblik van de verdeling of de toerekening".
Art.5. A l'article 17 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées à l'alinéa 2 de l'article 12 "Etendue" :
a) les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique";
b) les mots "du principal" sont remplacés par les mots "du principal au moment de la distribution ou de l'imputation".
a) les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique";
b) les mots "du principal" sont remplacés par les mots "du principal au moment de la distribution ou de l'imputation".
Art.6. In artikel 19 van dezelfde wet wordt artikel 14 "Herverpanding", aangevuld met de woorden ", tenzij de pandgever zijn toestemming geeft".
Art.6. Dans l'article 19 de la même loi, l'article 14 "Réengagement" est complété par les mots ", sauf autorisation du constituant du gage".
Art.7. In artikel 20 van dezelfde wet worden in artikel 15 "Tegenwerpelijkheid" de volgende wijzigingen aangebracht :
a) tussen het eerste en het tweede lid wordt een lid ingevoegd, luidende :
"De registratie in het pandregister is uitgesloten voor een verpanding van schuldvorderingen";
b) in het vroegere derde lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "zijn vertegenwoordiger" vervangen door de woorden "zijn vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 3".
a) tussen het eerste en het tweede lid wordt een lid ingevoegd, luidende :
"De registratie in het pandregister is uitgesloten voor een verpanding van schuldvorderingen";
b) in het vroegere derde lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "zijn vertegenwoordiger" vervangen door de woorden "zijn vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 3".
Art.7. A l'article 20 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées à l'article 15 "Opposabilité" :
a) un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 1er et 2 :
"L'enregistrement dans le registre des gages est exclu pour une mise en gage de créances";
b) les mots "son représentant" figurant à l'alinéa 3 ancien, devenant l'alinéa 4, sont remplacés par les mots "son représentant tel que visé à l'article 3".
a) un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 1er et 2 :
"L'enregistrement dans le registre des gages est exclu pour une mise en gage de créances";
b) les mots "son représentant" figurant à l'alinéa 3 ancien, devenant l'alinéa 4, sont remplacés par les mots "son représentant tel que visé à l'article 3".
Art.8. In artikel 32 van dezelfde wet worden in artikel 26 "Pandregister", volgende wijzigingen aangebracht :
a) het eerste lid wordt vervangen als volgt :
"De registratie van een pandrecht en van een eigendomsvoorbehoud gebeurt in het Nationaal Pandregister, pand-register genoemd, dat wordt bewaard bij de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de Federale Overheidsdienst Financiën";
b) het tweede lid wordt vervangen als volgt :
"Het pandregister is een geïnformatiseerd systeem dat bestemd is voor het registreren en het raadplegen van pandrechten en eigendomsvoorbehouden, het wijzigen, vernieuwen, overdragen of verwijderen van de registratie van pandrechten of eigendomsvoorbehouden en het afstaan van rang van een geregistreerd pandrecht.";
c) in het vroegere laatste lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "in het eerste lid bedoelde dienst Hypotheken" vervangen door de woorden "Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de Federale Overheidsdienst Financiën";
d) het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende :
"De artikelen 27, 28, 32, 33, 34, 35, 36 en 37 zijn van overeenkomstige toepassing op de registratie van het eigendomsvoorbehoud.".
a) het eerste lid wordt vervangen als volgt :
"De registratie van een pandrecht en van een eigendomsvoorbehoud gebeurt in het Nationaal Pandregister, pand-register genoemd, dat wordt bewaard bij de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de Federale Overheidsdienst Financiën";
b) het tweede lid wordt vervangen als volgt :
"Het pandregister is een geïnformatiseerd systeem dat bestemd is voor het registreren en het raadplegen van pandrechten en eigendomsvoorbehouden, het wijzigen, vernieuwen, overdragen of verwijderen van de registratie van pandrechten of eigendomsvoorbehouden en het afstaan van rang van een geregistreerd pandrecht.";
c) in het vroegere laatste lid, dat het vierde lid wordt, worden de woorden "in het eerste lid bedoelde dienst Hypotheken" vervangen door de woorden "Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de Federale Overheidsdienst Financiën";
d) het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende :
"De artikelen 27, 28, 32, 33, 34, 35, 36 en 37 zijn van overeenkomstige toepassing op de registratie van het eigendomsvoorbehoud.".
Art.8. A l'article 32 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées à l'article 26 "Registre des gages" :
a) l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
"L'enregistrement d'un gage et d'une réserve de propriété s'effectue dans le Registre national des Gages, appelé registre des gages, conservé à l'administration générale de la Documentation patrimoniale du Service public fédéral Finances";
b) l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
"Le registre des gages est un système informatisé destiné à l'enregistrement et à la consultation de gages et de réserves de propriété, à la modification, au renouvellement, à la cession ou à la radiation de l'enregistrement de gages ou de réserves de propriété et à la cession de rang d'un gage enregistré.";
c) les mots "Le service des Hypothèques visé à l'alinéa 1er" figurant au dernier alinéa ancien, devenant l'alinéa 4, sont remplacés par les mots "L'Administration Générale de la Documentation Patrimoniale du service public fédéral Finances";
d) l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
"Les articles 27, 28, 32, 33, 34, 35, 36 et 37 s'appliquent par analogie à l'enregistrement de la réserve de propriété.".
a) l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
"L'enregistrement d'un gage et d'une réserve de propriété s'effectue dans le Registre national des Gages, appelé registre des gages, conservé à l'administration générale de la Documentation patrimoniale du Service public fédéral Finances";
b) l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
"Le registre des gages est un système informatisé destiné à l'enregistrement et à la consultation de gages et de réserves de propriété, à la modification, au renouvellement, à la cession ou à la radiation de l'enregistrement de gages ou de réserves de propriété et à la cession de rang d'un gage enregistré.";
c) les mots "Le service des Hypothèques visé à l'alinéa 1er" figurant au dernier alinéa ancien, devenant l'alinéa 4, sont remplacés par les mots "L'Administration Générale de la Documentation Patrimoniale du service public fédéral Finances";
d) l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
"Les articles 27, 28, 32, 33, 34, 35, 36 et 37 s'appliquent par analogie à l'enregistrement de la réserve de propriété.".
Art.9. In de Nederlandse versie van artikel 33 van dezelfde wet worden in artikel 27 "Authentificatie" de volgende wijzigingen aangebracht :
a) in de titel van artikel 27 wordt het woord "Authentificatie" vervangen door het woord "Authenticatie";
b) het eerste lid wordt vervangen als volgt :
"Elke registratie, raadpleging, wijziging, vernieuwing, rangafstand of overdracht van een pand of verwijdering van geregistreerde panden vereist de authenticatie van de gebruiker van het pandregister.";
c) in het tweede lid wordt het woord "authentificatie" vervangen door "authenticatie".
a) in de titel van artikel 27 wordt het woord "Authentificatie" vervangen door het woord "Authenticatie";
b) het eerste lid wordt vervangen als volgt :
"Elke registratie, raadpleging, wijziging, vernieuwing, rangafstand of overdracht van een pand of verwijdering van geregistreerde panden vereist de authenticatie van de gebruiker van het pandregister.";
c) in het tweede lid wordt het woord "authentificatie" vervangen door "authenticatie".
Art.9. A l'article 33 de la même loi, dans la version néerlandaise, les modifications suivantes sont apportées à l'article 27 "Authentificatie" :
a) dans l'intitulé de l'article 27, le mot "Authentificatie" est remplacé par le mot "Authenticatie";
b) l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
"Elke registratie, raadpleging, wijziging, vernieuwing, rangafstand of overdracht van een pand of verwijdering van geregistreerde panden vereist de authenticatie van de gebruiker van het pandregister.";
c) dans l'alinéa 2, le mot "authentificatie" est remplacé par le mot "authenticatie".
a) dans l'intitulé de l'article 27, le mot "Authentificatie" est remplacé par le mot "Authenticatie";
b) l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
"Elke registratie, raadpleging, wijziging, vernieuwing, rangafstand of overdracht van een pand of verwijdering van geregistreerde panden vereist de authenticatie van de gebruiker van het pandregister.";
c) dans l'alinéa 2, le mot "authentificatie" est remplacé par le mot "authenticatie".
Art.10. In artikel 34 van dezelfde wet worden in het eerste lid van artikel 28 "Kosten", de woorden "hernieuwing en verwijdering van gegevens" vervangen door de woorden "vernieuwing en verwijdering van gegevens, en de rangafstand of overdracht van een pand".
Art.10. Dans l'article 34 de la même loi, les mots "le renouvellement et la radiation de données" figurant à l'alinéa 1er de l'article 28 "Frais" sont remplacés par les mots "le renouvellement et la radiation de données ainsi que la cession de rang ou la cession d'un gage".
Art.11. In artikel 35 van dezelfde wet worden in artikel 29 "Registratie" volgende wijzigingen aangebracht :
a) het huidige artikel 29 wordt paragraaf 1;
b) in het tweede lid wordt het woord "invoering" vervangen door het woord "registratie";
c) het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 2, luidende :
" § 2. De verkoper is krachtens de overeenkomst waarin het beding van eigendomsvoorbehoud is opgenomen, gerechtigd dit eigendomsvoorbehoud te registeren door invoering in het pandregister van de in artikel 30 bedoelde gegevens zoals die in het in artikel 69 bedoelde geschrift voorkomen, conform de nadere regels die de Koning bepaalt na advies van de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
De verkoper is aansprakelijk voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens.
De verkoper brengt de koper schriftelijk op de hoogte van de registratie.".
a) het huidige artikel 29 wordt paragraaf 1;
b) in het tweede lid wordt het woord "invoering" vervangen door het woord "registratie";
c) het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 2, luidende :
" § 2. De verkoper is krachtens de overeenkomst waarin het beding van eigendomsvoorbehoud is opgenomen, gerechtigd dit eigendomsvoorbehoud te registeren door invoering in het pandregister van de in artikel 30 bedoelde gegevens zoals die in het in artikel 69 bedoelde geschrift voorkomen, conform de nadere regels die de Koning bepaalt na advies van de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
De verkoper is aansprakelijk voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens.
De verkoper brengt de koper schriftelijk op de hoogte van de registratie.".
Art.11. A l'article 35 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées à l'article 29 "Enregistrement" :
a) l'article 29 actuel devient le paragraphe 1er;
b) dans l'alinéa 2, le mot "inscription" est remplacé par le mot "enregistrement";
c) l'article est complété par un paragraphe 2 rédigé comme suit :
" § 2. Le vendeur est habilité, en vertu de la convention dans laquelle figure la clause de réserve de propriété, à enregistrer ladite réserve de propriété en inscrivant dans le registre des gages les données visées à l'article 30 telles que celles-ci figurent dans l'écrit visé à l'article 69, en conformité avec les modalités fixées par le Roi après avis de la Commission de la protection de la vie privée.
Le vendeur est responsable de tout dommage qui résulterait de l'enregistrement de données erronées.
Le vendeur informe l'acheteur par écrit de l'enregistrement.".
a) l'article 29 actuel devient le paragraphe 1er;
b) dans l'alinéa 2, le mot "inscription" est remplacé par le mot "enregistrement";
c) l'article est complété par un paragraphe 2 rédigé comme suit :
" § 2. Le vendeur est habilité, en vertu de la convention dans laquelle figure la clause de réserve de propriété, à enregistrer ladite réserve de propriété en inscrivant dans le registre des gages les données visées à l'article 30 telles que celles-ci figurent dans l'écrit visé à l'article 69, en conformité avec les modalités fixées par le Roi après avis de la Commission de la protection de la vie privée.
Le vendeur est responsable de tout dommage qui résulterait de l'enregistrement de données erronées.
Le vendeur informe l'acheteur par écrit de l'enregistrement.".
Art.12. In artikel 36 van dezelfde wet wordt artikel 30 "Te vermelden gegevens", vervangen als volgt :
"Art. 30. Te vermelden gegevens
§ 1. De registratie van het pandrecht vermeldt de volgende gegevens :
1° de identiteit van de pandhouder of van de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3 :
a) indien het een natuurlijk persoon betreft, zijn naam, zijn eerste voornaam of de eerste twee voornamen, het land, de postcode en de gemeente van zijn hoofdverblijfplaats en, wanneer hij er een heeft, zijn ondernemingsnummer; bij gebreke van een ondernemingsnummer zijn rijksregisternummer, indien de gebruiker gemachtigd is dit nummer te gebruiken in het kader van dit hoofdstuk, en zijn geboortedatum;
b) indien het een rechtspersoon betreft, zijn naam, rechtsvorm, land, postcode en gemeente van zijn maatschappelijke zetel en, wanneer hij er een heeft, zijn ondernemingsnummer;
2° de identiteit van de pandgever :
de gegevens opgesomd in de bepaling onder 1°, a) of b), naargelang het geval;
3° in voorkomend geval, de identiteit van de lasthebber van de pandhouder of van de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3 :
de gegevens opgesomd in de bepaling onder 1°, a) of b), naargelang het geval;
4° de aanwijzing van de door het pandrecht bezwaarde goederen waarvoor registratie plaatsvindt;
5° de aanwijzing van de gewaarborgde schuldvorderingen waarvoor registratie plaatsvindt;
6° het maximale bedrag ten belope waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn en waarvoor registratie plaatsvindt;
7° de verklaring van de pandhouder, de vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 3 of hun lasthebber dat de pandhouder of vertegenwoordiger aansprakelijk is voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens.
§ 2. De registratie van het eigendomsvoorbehoud vermeldt de volgende gegevens :
1° de identiteit van de verkoper :
de gegevens opgesomd in § 1, 1°, a) of b), naargelang het geval;
2° de identiteit van de koper :
de gegevens opgesomd in § 1, 1°, a) of b), naargelang het geval;
3° in voorkomend geval de identiteit van de lasthebber van de verkoper :
de gegevens opgesomd in § 1, 1°, a) of b), naargelang het geval;
4° de aanwijzing van de verkochte goederen waarvoor registratie plaatsvindt;
5° de aanwijzing van de onbetaalde koopprijs waarvoor registratie plaatsvindt;
6° de verklaring van de verkoper of van diens lasthebber dat de verkoper aansprakelijk is voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens."
"Art. 30. Te vermelden gegevens
§ 1. De registratie van het pandrecht vermeldt de volgende gegevens :
1° de identiteit van de pandhouder of van de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3 :
a) indien het een natuurlijk persoon betreft, zijn naam, zijn eerste voornaam of de eerste twee voornamen, het land, de postcode en de gemeente van zijn hoofdverblijfplaats en, wanneer hij er een heeft, zijn ondernemingsnummer; bij gebreke van een ondernemingsnummer zijn rijksregisternummer, indien de gebruiker gemachtigd is dit nummer te gebruiken in het kader van dit hoofdstuk, en zijn geboortedatum;
b) indien het een rechtspersoon betreft, zijn naam, rechtsvorm, land, postcode en gemeente van zijn maatschappelijke zetel en, wanneer hij er een heeft, zijn ondernemingsnummer;
2° de identiteit van de pandgever :
de gegevens opgesomd in de bepaling onder 1°, a) of b), naargelang het geval;
3° in voorkomend geval, de identiteit van de lasthebber van de pandhouder of van de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3 :
de gegevens opgesomd in de bepaling onder 1°, a) of b), naargelang het geval;
4° de aanwijzing van de door het pandrecht bezwaarde goederen waarvoor registratie plaatsvindt;
5° de aanwijzing van de gewaarborgde schuldvorderingen waarvoor registratie plaatsvindt;
6° het maximale bedrag ten belope waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn en waarvoor registratie plaatsvindt;
7° de verklaring van de pandhouder, de vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 3 of hun lasthebber dat de pandhouder of vertegenwoordiger aansprakelijk is voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens.
§ 2. De registratie van het eigendomsvoorbehoud vermeldt de volgende gegevens :
1° de identiteit van de verkoper :
de gegevens opgesomd in § 1, 1°, a) of b), naargelang het geval;
2° de identiteit van de koper :
de gegevens opgesomd in § 1, 1°, a) of b), naargelang het geval;
3° in voorkomend geval de identiteit van de lasthebber van de verkoper :
de gegevens opgesomd in § 1, 1°, a) of b), naargelang het geval;
4° de aanwijzing van de verkochte goederen waarvoor registratie plaatsvindt;
5° de aanwijzing van de onbetaalde koopprijs waarvoor registratie plaatsvindt;
6° de verklaring van de verkoper of van diens lasthebber dat de verkoper aansprakelijk is voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens."
Art.12. Dans l'article 36 de la même loi, l'article 30 "Données à mentionner" est remplacé par ce qui suit :
"Art. 30. Données à mentionner
§ 1er. L'enregistrement du gage mentionne les données suivantes :
1° l'identité du créancier gagiste ou du représentant visé à l'article 3 :
a) s'il s'agit d'une personne physique, son nom, son premier prénom ou ses deux premiers prénoms, son pays, le code postal et la commune de sa résidence principale, et, si elle en dispose, son numéro d'entreprise; faute de numéro d'entreprise, son numéro de Registre national, si l'utilisateur est autorisé à utiliser ce numéro dans le cadre du présent chapitre, et sa date de naissance;
b) s'il s'agit d'une personne morale, sa dénomination, sa forme juridique, son pays, le code postal et la commune du siège social et, si elle en dispose, son numéro d'entreprise;
2° l'identité du constituant du gage :
les données énumérées dans le 1°, a) ou b), selon le cas;
3° le cas échéant, l'identité du mandataire du créancier gagiste ou du représentant visé à l'article 3 :
les données énumérées dans le 1°, a) ou b), selon le cas;
4° la désignation des biens grevés du gage faisant l'objet de l'enregistrement;
5° la désignation des créances garanties faisant l'objet de l'enregistrement;
6° le montant maximal à concurrence duquel les créances sont garanties et qui fait l'objet de l'enregistrement;
7° la déclaration du créancier gagiste, du représentant tel que visé à l'article 3 ou de leur mandataire selon laquelle le créancier gagiste ou le représentant est responsable de tout dommage qui résulterait de l'inscription de données erronées.
§ 2. L'enregistrement de la réserve de propriété mentionne les données suivantes :
1° l'identité du vendeur :
les données énumérées dans le § 1er, 1°, a) ou b), selon le cas;
2° l'identité de l'acheteur :
les données énumérées dans le § 1er, 1°, a) ou b), selon le cas;
3° le cas échéant, l'identité du mandataire du vendeur :
les données énumérées dans le § 1er, 1°, a) ou b), selon le cas;
4° la désignation des biens vendus faisant l'objet de l'enregistrement;
5° la désignation du prix d'achat non payé faisant l'objet de l'enregistrement;
6° la déclaration du vendeur ou de son mandataire selon laquelle le vendeur est responsable de tout dommage qui résulterait de l'inscription de données erronées."
"Art. 30. Données à mentionner
§ 1er. L'enregistrement du gage mentionne les données suivantes :
1° l'identité du créancier gagiste ou du représentant visé à l'article 3 :
a) s'il s'agit d'une personne physique, son nom, son premier prénom ou ses deux premiers prénoms, son pays, le code postal et la commune de sa résidence principale, et, si elle en dispose, son numéro d'entreprise; faute de numéro d'entreprise, son numéro de Registre national, si l'utilisateur est autorisé à utiliser ce numéro dans le cadre du présent chapitre, et sa date de naissance;
b) s'il s'agit d'une personne morale, sa dénomination, sa forme juridique, son pays, le code postal et la commune du siège social et, si elle en dispose, son numéro d'entreprise;
2° l'identité du constituant du gage :
les données énumérées dans le 1°, a) ou b), selon le cas;
3° le cas échéant, l'identité du mandataire du créancier gagiste ou du représentant visé à l'article 3 :
les données énumérées dans le 1°, a) ou b), selon le cas;
4° la désignation des biens grevés du gage faisant l'objet de l'enregistrement;
5° la désignation des créances garanties faisant l'objet de l'enregistrement;
6° le montant maximal à concurrence duquel les créances sont garanties et qui fait l'objet de l'enregistrement;
7° la déclaration du créancier gagiste, du représentant tel que visé à l'article 3 ou de leur mandataire selon laquelle le créancier gagiste ou le représentant est responsable de tout dommage qui résulterait de l'inscription de données erronées.
§ 2. L'enregistrement de la réserve de propriété mentionne les données suivantes :
1° l'identité du vendeur :
les données énumérées dans le § 1er, 1°, a) ou b), selon le cas;
2° l'identité de l'acheteur :
les données énumérées dans le § 1er, 1°, a) ou b), selon le cas;
3° le cas échéant, l'identité du mandataire du vendeur :
les données énumérées dans le § 1er, 1°, a) ou b), selon le cas;
4° la désignation des biens vendus faisant l'objet de l'enregistrement;
5° la désignation du prix d'achat non payé faisant l'objet de l'enregistrement;
6° la déclaration du vendeur ou de son mandataire selon laquelle le vendeur est responsable de tout dommage qui résulterait de l'inscription de données erronées."
Art.13. In artikel 37 van dezelfde wet wordt artikel 31 "Raadplegen", vervangen als volgt :
"Art. 31. Raadplegen
§ 1. Met betrekking tot een geregistreerd pand kunnen de volgende gegevens worden geraadpleegd :
1° het registratienummer;
2° de identiteit van de pandhouder of de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3;
3° de identiteit van de pandgever;
4° in voorkomend geval, de identiteit van de lasthebber van de pandhouder of van de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3;
5° de aanwijzing van de door het pandrecht bezwaarde goederen waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
6° de aanwijzing van de gewaarborgde schuldvorderingen waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
7° het maximale bedrag ten belope waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
8° de verklaring van de pandhouder, de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3 of hun lasthebber dat de pandhouder of vertegenwoordiger aansprakelijk is voor iedere schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens;
9° de datum van registratie.
§ 2. Met betrekking tot een geregistreerd eigendomsvoorbehoud kunnen de volgende gegevens worden geraadpleegd :
1° het registratienummer;
2° de identiteit van de verkoper;
3° de identiteit van de koper;
4° in voorkomend geval, de identiteit van de lasthebber van de verkoper;
5° de aanwijzing van de verkochte goederen waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
6° de aanwijzing van de onbetaalde koopprijs waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
7° de verklaring van de verkoper of diens lasthebber dat de verkoper aansprakelijk is voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens;
8° de datum van de registratie."
"Art. 31. Raadplegen
§ 1. Met betrekking tot een geregistreerd pand kunnen de volgende gegevens worden geraadpleegd :
1° het registratienummer;
2° de identiteit van de pandhouder of de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3;
3° de identiteit van de pandgever;
4° in voorkomend geval, de identiteit van de lasthebber van de pandhouder of van de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3;
5° de aanwijzing van de door het pandrecht bezwaarde goederen waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
6° de aanwijzing van de gewaarborgde schuldvorderingen waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
7° het maximale bedrag ten belope waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
8° de verklaring van de pandhouder, de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3 of hun lasthebber dat de pandhouder of vertegenwoordiger aansprakelijk is voor iedere schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens;
9° de datum van registratie.
§ 2. Met betrekking tot een geregistreerd eigendomsvoorbehoud kunnen de volgende gegevens worden geraadpleegd :
1° het registratienummer;
2° de identiteit van de verkoper;
3° de identiteit van de koper;
4° in voorkomend geval, de identiteit van de lasthebber van de verkoper;
5° de aanwijzing van de verkochte goederen waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
6° de aanwijzing van de onbetaalde koopprijs waarvoor registratie heeft plaatsgevonden;
7° de verklaring van de verkoper of diens lasthebber dat de verkoper aansprakelijk is voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens;
8° de datum van de registratie."
Art.13. Dans l'article 37 de la même loi, l'article 31 "Consultation", est remplacé par ce qui suit :
"Art. 31. Consultation
§ 1er. En ce qui concerne un gage enregistré, les données suivantes sont consultables :
1° le numéro d'enregistrement;
2° l'identité du créancier gagiste ou du représentant visé à l'article 3;
3° l'identité du constituant du gage;
4° le cas échéant, l'identité du mandataire du créancier gagiste ou du représentant visé à l'article 3;
5° la désignation des biens grevés du gage ayant fait l'objet de l'enregistrement;
6° la désignation des créances garanties ayant fait l'objet de l'enregistrement;
7° le montant maximal à concurrence duquel les créances sont garanties et qui a fait l'objet de l'enregistrement;
8° la déclaration du créancier gagiste, du représentant visé à l'article 3 ou de leur mandataire selon laquelle le créancier ou représentant est responsable de tout dommage qui résulterait de l'inscription de données erronées;
9° la date de l'enregistrement.
§ 2. En ce qui concerne une réserve de propriété enregistrée, les données suivantes sont consultables :
1° le numéro d'enregistrement;
2° l'identité du vendeur;
3° l'identité de l'acheteur;
4° le cas échéant, l'identité du mandataire du vendeur;
5° la désignation des biens vendus ayant fait l'objet de l'enregistrement;
6° la désignation du prix d'achat non payé ayant fait l'objet de l'enregistrement;
7° la déclaration du vendeur ou de son mandataire que le vendeur est responsable de tout dommage qui résulterait de l'inscription de données erronées;
8° la date de l'enregistrement."
"Art. 31. Consultation
§ 1er. En ce qui concerne un gage enregistré, les données suivantes sont consultables :
1° le numéro d'enregistrement;
2° l'identité du créancier gagiste ou du représentant visé à l'article 3;
3° l'identité du constituant du gage;
4° le cas échéant, l'identité du mandataire du créancier gagiste ou du représentant visé à l'article 3;
5° la désignation des biens grevés du gage ayant fait l'objet de l'enregistrement;
6° la désignation des créances garanties ayant fait l'objet de l'enregistrement;
7° le montant maximal à concurrence duquel les créances sont garanties et qui a fait l'objet de l'enregistrement;
8° la déclaration du créancier gagiste, du représentant visé à l'article 3 ou de leur mandataire selon laquelle le créancier ou représentant est responsable de tout dommage qui résulterait de l'inscription de données erronées;
9° la date de l'enregistrement.
§ 2. En ce qui concerne une réserve de propriété enregistrée, les données suivantes sont consultables :
1° le numéro d'enregistrement;
2° l'identité du vendeur;
3° l'identité de l'acheteur;
4° le cas échéant, l'identité du mandataire du vendeur;
5° la désignation des biens vendus ayant fait l'objet de l'enregistrement;
6° la désignation du prix d'achat non payé ayant fait l'objet de l'enregistrement;
7° la déclaration du vendeur ou de son mandataire que le vendeur est responsable de tout dommage qui résulterait de l'inscription de données erronées;
8° la date de l'enregistrement."
Art.14. In artikel 38 van dezelfde wet wordt in het tweede lid van artikel 32 "Wijziging", het woord "invoering" vervangen door het woord "registratie".
Art.14. Dans l'article 38 de la même loi, les mots "inscription originale" figurant au deuxième alinéa de l'article 32 "Modification" sont remplacés par les mots "enregistrement original".
Art.15. In artikel 39 van dezelfde wet wordt in artikel 33 "Onjuiste gegevens" het tweede lid opgeheven.
Art.15. Dans l'article 39 de la même loi, l'alinéa 2 de l'article 33 "Données erronées" est abrogé.
Art.16. In artikel 40 van dezelfde wet wordt artikel 34 "Toegang tot het register", vervangen als volgt :
"Art. 34. Toegang tot het register
"Eenieder heeft toegang tot het pandregister volgens de nadere regels die de Koning bepaalt.".
"Art. 34. Toegang tot het register
"Eenieder heeft toegang tot het pandregister volgens de nadere regels die de Koning bepaalt.".
Art.16. Dans l'article 40 de la même loi, l'article 34 "Accès au registre" est remplacé par ce qui suit :
"Art. 34. Accès au registre
Toute personne a accès au registre des gages selon les modalités fixées par le Roi.".
"Art. 34. Accès au registre
Toute personne a accès au registre des gages selon les modalités fixées par le Roi.".
Art.17. In artikel 41 van dezelfde wet worden in artikel 35 "Termijn", de volgende wijzigingen aangebracht :
a) de titel van artikel 35 wordt vervangen als volgt :
"Termijn en vernieuwing"
b) in het derde lid wordt het woord "invoering" vervangen door het woord "registratie";
c) in het derde lid en in het laatste lid van de Nederlandse versie wordt het woord "hernieuwing" vervangen door het woord "vernieuwing";
d) tussen het derde en het vierde lid worden leden ingevoegd, luidende :
"Deze vernieuwing kan geheel of gedeeltelijk zijn, en kan in voorkomend geval gepaard gaan met een vermindering van het maximaal gewaarborgd bedrag en/of van de omvang van de in pand gegeven goederen.
De vernieuwing vermeldt het registratienummer van de te vernieuwen registratie.
De weergave van een vernieuwde registratie vermeldt eveneens de datum van de oorspronkelijke registratie.".
a) de titel van artikel 35 wordt vervangen als volgt :
"Termijn en vernieuwing"
b) in het derde lid wordt het woord "invoering" vervangen door het woord "registratie";
c) in het derde lid en in het laatste lid van de Nederlandse versie wordt het woord "hernieuwing" vervangen door het woord "vernieuwing";
d) tussen het derde en het vierde lid worden leden ingevoegd, luidende :
"Deze vernieuwing kan geheel of gedeeltelijk zijn, en kan in voorkomend geval gepaard gaan met een vermindering van het maximaal gewaarborgd bedrag en/of van de omvang van de in pand gegeven goederen.
De vernieuwing vermeldt het registratienummer van de te vernieuwen registratie.
De weergave van een vernieuwde registratie vermeldt eveneens de datum van de oorspronkelijke registratie.".
Art.17. A l'article 41 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées à l'article 35 "Durée" :
a) l'intitulé de l'article 35 est remplacé par ce qui suit :
"Durée et renouvellement"
b) dans l'alinéa 3, les mots "une inscription" sont remplacés par les mots "un enregistrement";
c) dans l'alinéa 3 et dans le dernier alinéa, dans la version néerlandaise, le mot "hernieuwing" est remplacé par le mot "vernieuwing";
d) les alinéas rédigés comme suit sont insérés entre l'alinéa 3 et l'alinéa 4 :
"Ce renouvellement peut être total ou partiel et peut, le cas échéant, s'accompagner d'une diminution du montant maximal garanti et/ou de l'importance des biens donnés en gage.
Le renouvellement mentionne le numéro d'enregistrement de l'enregistrement à renouveler.
La mention d'un enregistrement renouvelé indique également la date de l'enregistrement initial.".
a) l'intitulé de l'article 35 est remplacé par ce qui suit :
"Durée et renouvellement"
b) dans l'alinéa 3, les mots "une inscription" sont remplacés par les mots "un enregistrement";
c) dans l'alinéa 3 et dans le dernier alinéa, dans la version néerlandaise, le mot "hernieuwing" est remplacé par le mot "vernieuwing";
d) les alinéas rédigés comme suit sont insérés entre l'alinéa 3 et l'alinéa 4 :
"Ce renouvellement peut être total ou partiel et peut, le cas échéant, s'accompagner d'une diminution du montant maximal garanti et/ou de l'importance des biens donnés en gage.
Le renouvellement mentionne le numéro d'enregistrement de l'enregistrement à renouveler.
La mention d'un enregistrement renouvelé indique également la date de l'enregistrement initial.".
Art.18. [1 In artikel 42 van dezelfde wet wordt artikel 36 "Verwijdering van de registratie", vervangen als volgt :
"Art. 36. Gehele of gedeeltelijke verwijdering van de registratie
§ 1. De pandhouder moet in geval van betaling van de gewaarborgde schuld ervoor zorgen dat de registratie van het pandrecht wordt verwijderd.
Deze verplichting tot verwijdering geldt eveneens voor de verkoper die een eigendomsvoorbehoud heeft laten registreren, wanneer de koper de prijs van het verkochte goed heeft betaald.
Zo de pandhouder, bedoeld in het eerste lid, of de verkoper, bedoeld in het tweede lid, in gebreke blijft tot deze verwijdering over te gaan, kan de verwijdering in rechte gevorderd worden, onverminderd eventuele schadevergoeding.
§ 2. De pandhouder kan de registratie van het pandrecht gedeeltelijk verwijderen, dit zowel door de vermindering van het geregistreerde maximaal bedrag tot beloop waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn als door verwijdering van een deel van de goederen waarop het pandrecht slaat en waarvoor registratie werd genomen.
De verkoper kan de registratie van het eigendomsvoorbehoud gedeeltelijk verwijderen door verwijdering van een deel van de goederen waarop het eigendomsvoorbehoud betrekking heeft en waarvoor registratie werd genomen.
In geval van een gedeeltelijke verwijdering geeft het register bij raadpleging zowel de oorspronkelijke registratie als deze houdende de gedeeltelijke verwijdering weer.]1
"Art. 36. Gehele of gedeeltelijke verwijdering van de registratie
§ 1. De pandhouder moet in geval van betaling van de gewaarborgde schuld ervoor zorgen dat de registratie van het pandrecht wordt verwijderd.
Deze verplichting tot verwijdering geldt eveneens voor de verkoper die een eigendomsvoorbehoud heeft laten registreren, wanneer de koper de prijs van het verkochte goed heeft betaald.
Zo de pandhouder, bedoeld in het eerste lid, of de verkoper, bedoeld in het tweede lid, in gebreke blijft tot deze verwijdering over te gaan, kan de verwijdering in rechte gevorderd worden, onverminderd eventuele schadevergoeding.
§ 2. De pandhouder kan de registratie van het pandrecht gedeeltelijk verwijderen, dit zowel door de vermindering van het geregistreerde maximaal bedrag tot beloop waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn als door verwijdering van een deel van de goederen waarop het pandrecht slaat en waarvoor registratie werd genomen.
De verkoper kan de registratie van het eigendomsvoorbehoud gedeeltelijk verwijderen door verwijdering van een deel van de goederen waarop het eigendomsvoorbehoud betrekking heeft en waarvoor registratie werd genomen.
In geval van een gedeeltelijke verwijdering geeft het register bij raadpleging zowel de oorspronkelijke registratie als deze houdende de gedeeltelijke verwijdering weer.]1
Art.18. [1 Art. 18. Dans l'article 42 de la même loi, l'article 36 "Radiation de l'enregistrement" est remplacé par ce qui suit :
"Art. 36. Radiation totale ou partielle de l'enregistrement
§ 1er. Le créancier gagiste a l'obligation, en cas de paiement de la dette garantie, de veiller à ce que l'enregistrement du gage soit radié.
Cette obligation de radiation vaut également pour le vendeur avec réserve de propriété lorsque l'acheteur a payé le prix de l'objet vendu.
Si le créancier gagiste, visé à l'alinéa 1er, ou le vendeur, visé à l'alinéa 2, reste en défaut de procéder à cette radiation, la radiation peut être demandée en justice, sans préjudice de dommages et intérêts éventuels.
§ 2. Le créancier gagiste peut procéder à la radiation partielle du gage, que ce soit par la diminution du montant maximum enregistré à concurrence duquel les créances sont garanties ou par le retrait d'une partie des biens sur lesquels porte le gage et qui ont fait l'objet de l'enregistrement.
Le vendeur peut procéder à la radiation partielle de la réserve de propriété par le retrait d'une partie des biens sur lesquels porte la réserve de propriété et qui ont fait l'objet de l'enregistrement.
En cas de radiation partielle, le registre indique, lors de la consultation, à la fois l'enregistrement initial et celui qui porte sur la radiation partielle."]1
"Art. 36. Radiation totale ou partielle de l'enregistrement
§ 1er. Le créancier gagiste a l'obligation, en cas de paiement de la dette garantie, de veiller à ce que l'enregistrement du gage soit radié.
Cette obligation de radiation vaut également pour le vendeur avec réserve de propriété lorsque l'acheteur a payé le prix de l'objet vendu.
Si le créancier gagiste, visé à l'alinéa 1er, ou le vendeur, visé à l'alinéa 2, reste en défaut de procéder à cette radiation, la radiation peut être demandée en justice, sans préjudice de dommages et intérêts éventuels.
§ 2. Le créancier gagiste peut procéder à la radiation partielle du gage, que ce soit par la diminution du montant maximum enregistré à concurrence duquel les créances sont garanties ou par le retrait d'une partie des biens sur lesquels porte le gage et qui ont fait l'objet de l'enregistrement.
Le vendeur peut procéder à la radiation partielle de la réserve de propriété par le retrait d'une partie des biens sur lesquels porte la réserve de propriété et qui ont fait l'objet de l'enregistrement.
En cas de radiation partielle, le registre indique, lors de la consultation, à la fois l'enregistrement initial et celui qui porte sur la radiation partielle."]1
Art.19. In artikel 43 van dezelfde wet worden in artikel 37 "Overdracht van schuldvordering", de volgende wijzigingen aangebracht :
a) in het eerste lid wordt het woord "invoering" vervangen door het woord "registratie";
b) het tweede lid wordt aangevuld als volgt :
"De identiteit van de overnemer wordt eveneens bij raadpleging weergegeven.".
a) in het eerste lid wordt het woord "invoering" vervangen door het woord "registratie";
b) het tweede lid wordt aangevuld als volgt :
"De identiteit van de overnemer wordt eveneens bij raadpleging weergegeven.".
Art.19. A l'article 43 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées à l'article 37 "Cession de créance" :
a) dans l'alinéa 1er, le mot "inscription" est remplacé par le mot "enregistrement";
b) l'alinéa 2 est complété comme suit :
"L'identité du cessionnaire est également indiquée lors de la consultation.".
a) dans l'alinéa 1er, le mot "inscription" est remplacé par le mot "enregistrement";
b) l'alinéa 2 est complété comme suit :
"L'identité du cessionnaire est également indiquée lors de la consultation.".
Art.20. In artikel 44 van dezelfde wet wordt artikel 38 "Rangafstand", aangevuld met twee leden, luidende :
"De registratie van de rangafstand gebeurt door diegene die zijn rang afstaat of zijn vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 3 of hun lasthebber.
De raadpleging van het pandregister met betrekking tot een geregistreerd pandrecht vermeldt in voorkomend geval een geregistreerde rangafstand.".
"De registratie van de rangafstand gebeurt door diegene die zijn rang afstaat of zijn vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 3 of hun lasthebber.
De raadpleging van het pandregister met betrekking tot een geregistreerd pandrecht vermeldt in voorkomend geval een geregistreerde rangafstand.".
Art.20. Dans l'article 44 de la même loi, l'article 38 "Cession de rang", est complété par deux alinéas rédigés comme suit :
"L'enregistrement de la cession de rang s'effectue par celui qui cède son rang ou par son représentant tel que visé à l'article 3 ou leur mandataire.
La consultation d'un gage enregistré dans le registre des gages mentionne, le cas échéant, une cession de rang enregistrée.".
"L'enregistrement de la cession de rang s'effectue par celui qui cède son rang ou par son représentant tel que visé à l'article 3 ou leur mandataire.
La consultation d'un gage enregistré dans le registre des gages mentionne, le cas échéant, une cession de rang enregistrée.".
Art.21. In artikel 47 van dezelfde wet worden in lid 2 van artikel 40 "Bewijs", de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2°, van boek I van het Wetboek van economisch recht".
Art.21. Dans l'article 47 de la même loi, les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" figurant à l'alinéa 2 de l'article 40 "Preuve" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique".
Art.22. In artikel 54 van dezelfde wet worden in het eerste lid van artikel 46 "Pandgever consument", de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2° van boek I van het Wetboek van economisch recht".
Art.22. Dans l'article 54 de la même loi, les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" figurant à l'alinéa 1er de l'article 46 "Constituant consommateur" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique".
Art.23. In artikel 55 van dezelfde wet worden in het eerste lid van artikel 47 "Pandgever niet-consument", de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2° van boek I van het Wetboek van economisch recht".
Art.23. Dans l'article 55 de la même loi, les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" figurant à l'alinéa 1er de l'article 47 "Constituant non-consommateur" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique".
Art.24. In artikel 64 van dezelfde wet worden in artikel 56 "Rechterlijke controle a posteriori", de volgende wijzigingen aangebracht :
1° in het tweede lid worden de woorden "een termijn van een jaar" vervangen door de woorden "een termijn van een maand";
2° tussen het derde en vierde lid wordt een lid ingevoegd, luidende :
"De belanghebbenden aan wie geen kennis wordt gegeven in de zin van het tweede lid, stellen hun vordering uiterlijk in binnen een termijn van drie maanden vanaf het einde van de uitwinning.".
1° in het tweede lid worden de woorden "een termijn van een jaar" vervangen door de woorden "een termijn van een maand";
2° tussen het derde en vierde lid wordt een lid ingevoegd, luidende :
"De belanghebbenden aan wie geen kennis wordt gegeven in de zin van het tweede lid, stellen hun vordering uiterlijk in binnen een termijn van drie maanden vanaf het einde van de uitwinning.".
Art.24. A l'article 64 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées à l'article 56 "Contrôle judiciaire a posteriori" :
1° dans l'alinéa 2, les mots "un délai d'un an" sont remplacés par les mots "un délai d'un mois";
2° entre l'alinéa 3 et 4, il est inséré un alinéa rédigé comme suit :
"Les intéressés qui n'ont pas été notifiés au sens de l'alinéa 2, introduisent leur demande au plus tard dans un délai de trois mois à partir de la fin de la réalisation.".
1° dans l'alinéa 2, les mots "un délai d'un an" sont remplacés par les mots "un délai d'un mois";
2° entre l'alinéa 3 et 4, il est inséré un alinéa rédigé comme suit :
"Les intéressés qui n'ont pas été notifiés au sens de l'alinéa 2, introduisent leur demande au plus tard dans un délai de trois mois à partir de la fin de la réalisation.".
Art.25. In artikel 66 van dezelfde wet wordt het eerste lid van artikel 57 "Anterioriteitsregel", vervangen als volgt :
"Het pandrecht heeft voorrang op alle jongere rechten op de verpande goederen, onverminderd de artikelen 21 tot 26 van Titel XVIII van Boek III van dit Wetboek.".
"Het pandrecht heeft voorrang op alle jongere rechten op de verpande goederen, onverminderd de artikelen 21 tot 26 van Titel XVIII van Boek III van dit Wetboek.".
Art.25. Dans l'article 66 de la même loi, l'alinéa 1er de l'article 57 "Règle d'antériorité" est remplacé par ce qui suit :
"Le droit de gage a priorité sur tous les droits plus récents sur les biens gagés, sans préjudice des articles 21 à 26 du Titre XVIII du Livre III du présent Code.".
"Le droit de gage a priorité sur tous les droits plus récents sur les biens gagés, sans préjudice des articles 21 à 26 du Titre XVIII du Livre III du présent Code.".
Art.26. In artikel 70 van dezelfde wet worden de woorden "tegenwerpelijkheid door buitenbezitstelling van schuldvordering" vervangen door de woorden "Pandrecht op schuldvorderingen".
Art.26. Dans l'article 70 de la même loi, les mots "Opposabilité par dépossession de créance" sont remplacés par les mots "Gage sur créances".
Art.27. In artikel 72 van dezelfde wet worden in het tweede lid van artikel 61 "Bewijs", de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende de marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2° van boek I van het Wetboek van economisch recht".
Art.27. Dans l'article 72 de la même loi, les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" figurant à l'alinéa 2 de l'article 61 "Preuve" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique".
Art.28. In artikel 73 van dezelfde wet worden in artikel 62 "Fiduciaire overdracht tot zekerheid", de woorden "op de overgedragen schuldvordering" vervangen door de woorden "op de overgedragen schuldvordering en zulks ongeacht of deze overdracht beantwoordt aan het bepaalde in artikel 61, behoudens wanneer de overdrager een consument is in de zin van artikel I.1, 2° van boek I van het Wetboek economisch recht".
Art.28. Dans l'article 73 de la même loi, les mots "sur la créance cédée" figurant à l'article 62 "Cession fiduciaire à titre de sûreté" sont remplacés par les mots "sur la créance cédée et ce, que cette cession soit ou non conforme aux dispositions de l'article 61, sauf lorsque le cédant est un consommateur au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique".
Art.29. In artikel 81 van dezelfde wet worden in het tweede lid van artikel 69 "Geschrift", de woorden "in de zin van artikel 2, 3°, van de wet van 6 april 2010 betreffende de marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "in de zin van artikel I.1, 2° van boek I van het Wetboek van economisch recht".
Art.29. Dans l'article 81 de la même loi, les mots "au sens de l'article 2, 3°, de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" figurant à l'alinéa 2 de l'article 69 "Ecrit" sont remplacés par les mots "au sens de l'article I.1, 2°, du livre Ier du Code de droit économique".
Art.30. In artikel 82 van dezelfde wet, worden in artikel 70 "Zakelijke subrogatie, verwerking en vermenging." de woorden "en 20" vervangen door de woorden ", 20 en 23, lid 1.".
Art.30. Dans l'article 82 de la même loi, les mots "et 20" figurant à l'article 70 "Subrogation réelle, transformation et confusion." sont remplacés par les mots ", 20 et 23, alinéa 1er.".
Art.31. Artikel 97 van dezelfde wet wordt opgeheven.
Art.31. L'article 97 de la même loi est abrogé.
Art.32. Artikel 98 van dezelfde wet wordt opgeheven.
Art.32. L'article 98 de la même loi est abrogé.
Art.33. Artikel 99 van dezelfde wet wordt opgeheven.
Art.33. L'article 99 de la même loi est abrogé.
Art.34. Artikel 107 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
"Art. 107. § 1. De schuldeiser die vóór de inwerkingtreding van deze wet een pandrecht heeft ingeschreven overeenkomstig de wet van 25 oktober 1919 betreffende het in pand geven van de handelszaak, het disconto en het in pand geven van de factuur, behoudt zijn rang indien hij binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding van deze wet een pandrecht op de bezwaarde goederen heeft geregistreerd.
Inschrijvingen die niet of nog niet overeenkomstig het eerste lid werden geregistreerd in het pandregister, kunnen nog worden doorgehaald overeenkomstig artikel 4bis van voormelde wet.
§ 2. De schuldeiser die vóór de inwerkingtreding van deze wet een voorrecht heeft ingeschreven overeenkomstig de wet van 15 april 1884 betreffende de landbouwleningen, behoudt zijn rang indien hij binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding van deze wet een pandrecht op de bezwaarde goederen heeft geregistreerd.
Inschrijvingen die niet of nog niet overeenkomstig het eerste lid werden geregistreerd in het pandregister, kunnen nog worden doorgehaald overeenkomstig de artikelen 19 tot 22 van de geciteerde wet.
§ 3. Bij de registratie in het pandregister in de in paragrafen 1, eerste lid, en 2, eerste lid, bedoelde gevallen, dienen naast de in artikel 30 vermelde gegevens eveneens de datum en referte van de bestaande inschrijving te worden vermeld. Zo de bestaande inschrijving een vernieuwing betreft, dienen eveneens de datum en referte van de oorspronkelijke inschrijving te worden vermeld.
Deze registratie geldt, in afwijking van artikel 35, enkel voor de resterende termijn van de lopende tien jaar waarvoor de inschrijving van de inpandgeving van de handelszaak of het landbouwvoorrecht geldt. Deze registratie is kosteloos.
§ 4. De schuldeisers die vóór de inwerkingtreding van deze wet houder zijn geworden van een warrant of ceel als bedoeld in de wet van 18 november 1862 houdende invoering van het warrantstelsel, behouden hun rechten na de inwerkingtreding van deze wet.
§ 5. Een volmacht tot het vestigen van een pandrecht krachtens de wet van 25 oktober 1919 betreffende het in pand geven van de handelszaak, het disconto en het in pand geven van de factuur of van een landbouwvoorrecht krachtens de wet van 15 april 1884 betreffende de landbouwleningen strekt ook tot het sluiten van een pandovereenkomst krachtens deze wet binnen de grenzen van de volmacht.
§ 6. De schuldeisers die vóór de inwerkingtreding van deze wet houder zijn geworden van een pandrecht op onlichamelijke goederen andere dan schuldvorderingen, behouden hun rechten na de inwerkingtreding van deze wet.".
"Art. 107. § 1. De schuldeiser die vóór de inwerkingtreding van deze wet een pandrecht heeft ingeschreven overeenkomstig de wet van 25 oktober 1919 betreffende het in pand geven van de handelszaak, het disconto en het in pand geven van de factuur, behoudt zijn rang indien hij binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding van deze wet een pandrecht op de bezwaarde goederen heeft geregistreerd.
Inschrijvingen die niet of nog niet overeenkomstig het eerste lid werden geregistreerd in het pandregister, kunnen nog worden doorgehaald overeenkomstig artikel 4bis van voormelde wet.
§ 2. De schuldeiser die vóór de inwerkingtreding van deze wet een voorrecht heeft ingeschreven overeenkomstig de wet van 15 april 1884 betreffende de landbouwleningen, behoudt zijn rang indien hij binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding van deze wet een pandrecht op de bezwaarde goederen heeft geregistreerd.
Inschrijvingen die niet of nog niet overeenkomstig het eerste lid werden geregistreerd in het pandregister, kunnen nog worden doorgehaald overeenkomstig de artikelen 19 tot 22 van de geciteerde wet.
§ 3. Bij de registratie in het pandregister in de in paragrafen 1, eerste lid, en 2, eerste lid, bedoelde gevallen, dienen naast de in artikel 30 vermelde gegevens eveneens de datum en referte van de bestaande inschrijving te worden vermeld. Zo de bestaande inschrijving een vernieuwing betreft, dienen eveneens de datum en referte van de oorspronkelijke inschrijving te worden vermeld.
Deze registratie geldt, in afwijking van artikel 35, enkel voor de resterende termijn van de lopende tien jaar waarvoor de inschrijving van de inpandgeving van de handelszaak of het landbouwvoorrecht geldt. Deze registratie is kosteloos.
§ 4. De schuldeisers die vóór de inwerkingtreding van deze wet houder zijn geworden van een warrant of ceel als bedoeld in de wet van 18 november 1862 houdende invoering van het warrantstelsel, behouden hun rechten na de inwerkingtreding van deze wet.
§ 5. Een volmacht tot het vestigen van een pandrecht krachtens de wet van 25 oktober 1919 betreffende het in pand geven van de handelszaak, het disconto en het in pand geven van de factuur of van een landbouwvoorrecht krachtens de wet van 15 april 1884 betreffende de landbouwleningen strekt ook tot het sluiten van een pandovereenkomst krachtens deze wet binnen de grenzen van de volmacht.
§ 6. De schuldeisers die vóór de inwerkingtreding van deze wet houder zijn geworden van een pandrecht op onlichamelijke goederen andere dan schuldvorderingen, behouden hun rechten na de inwerkingtreding van deze wet.".
Art.34. L'article 107 de la même loi est remplacé.
"Art. 107. § 1er. Le créancier qui, avant l'entrée en vigueur de la présente loi, a inscrit un gage conformément à la loi du 25 octobre 1919 sur la mise en gage du fonds de commerce, l'escompte et le gage de la facture, garde son rang si, dans les douze mois après l'entrée en vigueur de la présente loi, il a enregistré un gage sur les biens grevés.
Les inscriptions qui n'ont pas ou pas encore été enregistrées dans le registre des gages conformément à l'alinéa 1er, peuvent encore être radiées conformément à l'article 4bis de la loi précitée.
§ 2. Le créancier qui, avant l'entrée en vigueur de la présente loi, a inscrit un privilège conformément à la loi du 15 avril 1884 sur les prêts agricoles, garde son rang si, dans les douze mois après l'entrée en vigueur de la présente loi, il a enregistré un gage sur les biens grevés.
Les inscriptions qui n'ont pas ou pas encore été enregistrées dans le registre des gages conformément à l'alinéa 1er, peuvent encore être radiées conformément aux articles 19 à 22 de la loi précitée.
§ 3. Lorsque l'enregistrement dans le registre des gages est effectué dans les cas visés aux paragraphes 1er, alinéa 1er, et 2, alinéa 1er, il convient de mentionner, outre les données mentionnées à l'article 30, la date et la référence de l'inscription existante. Si l'inscription existante concerne un renouvellement, la date et la référence de l'inscription initiale doivent également être mentionnées.
Par dérogation à l'article 35, cet enregistrement ne vaut que pour la durée résiduelle de la période courante de dix ans durant laquelle l'inscription de la mise en gage du fonds de commerce ou du privilège agricole est valable. Cet enregistrement est gratuit.
§ 4. Les créanciers qui, avant l'entrée en vigueur de la présente loi, sont devenus détenteurs d'un warrant ou d'une cédule visés dans la loi du 18 novembre 1862 portant institution du système des warrants, gardent leurs droits après l'entrée en vigueur de la présente loi.
§ 5. Une procuration à l'effet de constituer un droit de gage conformément à la loi du 25 octobre 1919 sur la mise en gage du fonds de commerce, l'escompte et le gage de la facture ou un privilège agricole conformément à la loi du 15 avril 1884 sur les prêts agricoles s'étend également à la conclusion d'une convention de gage conformément à la présente loi dans les limites de la procuration.
§ 6. Les créanciers qui, avant l'entrée en vigueur de la présente loi, sont devenus détenteurs d'un gage sur des biens incorporels autres que des créances conservent leurs droits après l'entrée en vigueur de la présente loi.".
"Art. 107. § 1er. Le créancier qui, avant l'entrée en vigueur de la présente loi, a inscrit un gage conformément à la loi du 25 octobre 1919 sur la mise en gage du fonds de commerce, l'escompte et le gage de la facture, garde son rang si, dans les douze mois après l'entrée en vigueur de la présente loi, il a enregistré un gage sur les biens grevés.
Les inscriptions qui n'ont pas ou pas encore été enregistrées dans le registre des gages conformément à l'alinéa 1er, peuvent encore être radiées conformément à l'article 4bis de la loi précitée.
§ 2. Le créancier qui, avant l'entrée en vigueur de la présente loi, a inscrit un privilège conformément à la loi du 15 avril 1884 sur les prêts agricoles, garde son rang si, dans les douze mois après l'entrée en vigueur de la présente loi, il a enregistré un gage sur les biens grevés.
Les inscriptions qui n'ont pas ou pas encore été enregistrées dans le registre des gages conformément à l'alinéa 1er, peuvent encore être radiées conformément aux articles 19 à 22 de la loi précitée.
§ 3. Lorsque l'enregistrement dans le registre des gages est effectué dans les cas visés aux paragraphes 1er, alinéa 1er, et 2, alinéa 1er, il convient de mentionner, outre les données mentionnées à l'article 30, la date et la référence de l'inscription existante. Si l'inscription existante concerne un renouvellement, la date et la référence de l'inscription initiale doivent également être mentionnées.
Par dérogation à l'article 35, cet enregistrement ne vaut que pour la durée résiduelle de la période courante de dix ans durant laquelle l'inscription de la mise en gage du fonds de commerce ou du privilège agricole est valable. Cet enregistrement est gratuit.
§ 4. Les créanciers qui, avant l'entrée en vigueur de la présente loi, sont devenus détenteurs d'un warrant ou d'une cédule visés dans la loi du 18 novembre 1862 portant institution du système des warrants, gardent leurs droits après l'entrée en vigueur de la présente loi.
§ 5. Une procuration à l'effet de constituer un droit de gage conformément à la loi du 25 octobre 1919 sur la mise en gage du fonds de commerce, l'escompte et le gage de la facture ou un privilège agricole conformément à la loi du 15 avril 1884 sur les prêts agricoles s'étend également à la conclusion d'une convention de gage conformément à la présente loi dans les limites de la procuration.
§ 6. Les créanciers qui, avant l'entrée en vigueur de la présente loi, sont devenus détenteurs d'un gage sur des biens incorporels autres que des créances conservent leurs droits après l'entrée en vigueur de la présente loi.".
Art.35. In hoofdstuk 5 van dezelfde wet wordt een artikel 107/1 ingevoegd, luidende :
"Art.107/1. Tot en met de laatste dag van de twaalfde maand na de inwerkingtreding van deze wet is de hypotheekbewaarder verplicht om aan elke verzoeker afschrift te leveren van de bestaande inschrijvingen van een pandakte overeenkomstig de wet van 25 oktober 1919 betreffende het in pand geven van de handelszaak, het disconto en het in pand geven van de factuur, ten laste van de in het verzoekschrift aangewezen personen, of een getuigschrift vaststellend dat er geen inschrijvingen bestaan.
Tot en met de laatste dag van de twaalfde maand na de inwerkingtreding van deze wet is de ontvanger van de registratie verplicht om aan elke verzoeker afschrift te leveren van de bestaande inschrijvingen van een voorrecht overeenkomstig de wet van 15 april 1884 betreffende de landbouwleningen, ten laste van de in het verzoekschrift aangewezen personen, of een getuigschrift vaststellend dat er geen inschrijvingen bestaan. De artikelen 22 en 23 van deze wet van 15 april 1884 blijven tijdens deze periode van kracht.".
"Art.107/1. Tot en met de laatste dag van de twaalfde maand na de inwerkingtreding van deze wet is de hypotheekbewaarder verplicht om aan elke verzoeker afschrift te leveren van de bestaande inschrijvingen van een pandakte overeenkomstig de wet van 25 oktober 1919 betreffende het in pand geven van de handelszaak, het disconto en het in pand geven van de factuur, ten laste van de in het verzoekschrift aangewezen personen, of een getuigschrift vaststellend dat er geen inschrijvingen bestaan.
Tot en met de laatste dag van de twaalfde maand na de inwerkingtreding van deze wet is de ontvanger van de registratie verplicht om aan elke verzoeker afschrift te leveren van de bestaande inschrijvingen van een voorrecht overeenkomstig de wet van 15 april 1884 betreffende de landbouwleningen, ten laste van de in het verzoekschrift aangewezen personen, of een getuigschrift vaststellend dat er geen inschrijvingen bestaan. De artikelen 22 en 23 van deze wet van 15 april 1884 blijven tijdens deze periode van kracht.".
Art.35. Dans le chapitre 5 de la même loi, un article 107/1 rédigé comme suit est inséré :
"Art.107/1. Jusqu'au dernier jour inclus du douzième mois suivant l'entrée en vigueur de la présente loi, le conservateur des hypothèques est tenu de délivrer à tout requérant copie des inscriptions existantes d'un acte de gage effectuées conformément à la loi du 25 octobre 1919 sur la mise en gage du fonds de commerce, l'escompte et le gage de la facture à charge des personnes désignées dans la réquisition écrite, ou un certificat constatant qu'il n'existe pas d'inscription.
Jusqu'au dernier jour inclus du douzième mois suivant l'entrée en vigueur de la présente loi, le receveur de l'enregistrement est tenu de délivrer à tout requérant copie des inscriptions existantes d'un privilège effectuées conformément à la loi du 15 avril 1884 sur les prêts agricoles à charge des personnes désignées dans la réquisition écrite, ou un certificat constatant qu'il n'existe pas d'inscription. Les articles 22 et 23 de cette loi du 15 avril 1884 restent applicables pendant cette période.".
"Art.107/1. Jusqu'au dernier jour inclus du douzième mois suivant l'entrée en vigueur de la présente loi, le conservateur des hypothèques est tenu de délivrer à tout requérant copie des inscriptions existantes d'un acte de gage effectuées conformément à la loi du 25 octobre 1919 sur la mise en gage du fonds de commerce, l'escompte et le gage de la facture à charge des personnes désignées dans la réquisition écrite, ou un certificat constatant qu'il n'existe pas d'inscription.
Jusqu'au dernier jour inclus du douzième mois suivant l'entrée en vigueur de la présente loi, le receveur de l'enregistrement est tenu de délivrer à tout requérant copie des inscriptions existantes d'un privilège effectuées conformément à la loi du 15 avril 1884 sur les prêts agricoles à charge des personnes désignées dans la réquisition écrite, ou un certificat constatant qu'il n'existe pas d'inscription. Les articles 22 et 23 de cette loi du 15 avril 1884 restent applicables pendant cette période.".
Art.36. In artikel 109, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 26 november 2014, worden de woorden "1 januari 2017" vervangen door de woorden "1 januari 2018".
Art.36. Dans l'article 109, alinéa 1er, de la même loi, modifié par la loi du 26 novembre 2014, les mots "1er janvier 2017" sont remplacés par les mots "1er janvier 2018".
HOOFDSTUK 3. - Wijzigingen aan de wet van 15 december 2004 betreffende financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijke-zekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten
CHAPITRE 3. - Modifications de la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières et portant des dispositions fiscales diverses en matière de conventions constitutives de sûreté réelle et de prêts portant sur des instruments financiers
Art.37. In artikel 3 van de wet van 15 december 2004 betreffende de financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijke-zekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 19 december 2010 en bij de wet van 26 september 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
a) in de bepaling onder 10°, eerste streepje, worden de woorden "de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen" vervangen door de woorden "de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen", en worden de woorden "in artikel 2, § 1, 1° van dezelfde wet" vervangen door de woorden "in artikel 2, 1° van dezelfde wet";
b) in de bepaling onder 10°, tweede streepje, worden de woorden "in de zin van de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet" vervangen door de woorden "in de zin van boek VII, titel 4, hoofdstuk 2 van het Wetboek van economisch recht";
c) in de bepaling onder 10°, derde streepje, worden de woorden "in artikel 1, 4°, van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet" vervangen door de woorden "in artikel I.9, 39° van het Wetboek van economisch recht";
d) in de bepaling onder 11°, a) worden de woorden "in de zin van de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen" vervangen door "in de zin van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen";
e) in de bepaling onder 11°, d), worden de woorden "in de zin van Deel III van de wet van 20 juli 2004 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles" vervangen door de woorden "in de zin van Deel 3 van de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen";
f) in de bepaling onder 11°, e) worden de woorden "in de zin van Deel II van de wet van 20 juli 2004 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles" vervangen door de woorden "in de zin van Deel 2 van de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen";
g) in de bepaling onder 12°, a) worden de woorden "in de zin van de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet" vervangen door de woorden "in de zin van boek VII, titel 4, hoofdstuk 2 van het Wetboek van economisch recht";
h) in de bepaling onder 12°, b) worden de woorden "in de zin van de wet van 12 juni 1991" vervangen door de woorden "in de zin van boek VII, titel 4, hoofdstuk 1 van het Wetboek van economisch recht".
a) in de bepaling onder 10°, eerste streepje, worden de woorden "de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen" vervangen door de woorden "de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen", en worden de woorden "in artikel 2, § 1, 1° van dezelfde wet" vervangen door de woorden "in artikel 2, 1° van dezelfde wet";
b) in de bepaling onder 10°, tweede streepje, worden de woorden "in de zin van de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet" vervangen door de woorden "in de zin van boek VII, titel 4, hoofdstuk 2 van het Wetboek van economisch recht";
c) in de bepaling onder 10°, derde streepje, worden de woorden "in artikel 1, 4°, van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet" vervangen door de woorden "in artikel I.9, 39° van het Wetboek van economisch recht";
d) in de bepaling onder 11°, a) worden de woorden "in de zin van de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen" vervangen door "in de zin van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen";
e) in de bepaling onder 11°, d), worden de woorden "in de zin van Deel III van de wet van 20 juli 2004 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles" vervangen door de woorden "in de zin van Deel 3 van de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen";
f) in de bepaling onder 11°, e) worden de woorden "in de zin van Deel II van de wet van 20 juli 2004 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles" vervangen door de woorden "in de zin van Deel 2 van de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen";
g) in de bepaling onder 12°, a) worden de woorden "in de zin van de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet" vervangen door de woorden "in de zin van boek VII, titel 4, hoofdstuk 2 van het Wetboek van economisch recht";
h) in de bepaling onder 12°, b) worden de woorden "in de zin van de wet van 12 juni 1991" vervangen door de woorden "in de zin van boek VII, titel 4, hoofdstuk 1 van het Wetboek van economisch recht".
Art.37. A l'article 3 de la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières et portant des dispositions fiscales diverses en matière de conventions constitutives de sûreté réelle et de prêts portant sur des instruments financiers, modifié par l'arrêté royal du 19 décembre 2010 et par la loi du 26 septembre 2011, les modifications suivantes sont apportées :
a) dans le 10°, premier tiret, les mots "la loi du 22 mars 1993 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit" sont remplacés par les mots "la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit" et les mots "à l'article 2, § 1er, 1°, de la même loi" sont remplacés par les mots "à l'article 2, 1°, de la même loi";
b) dans le 10°, deuxième tiret, les mots "au sens de la loi du 4 août 1992 relative au crédit hypothécaire" sont remplacés par les mots "au sens du livre VII, titre 4, chapitre 2, du Code de droit économique";
c) dans le 10°, troisième tiret, les mots "à l'article 1er, 4°, de la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation" sont remplacés par les mots "à l'article I.9, 39°, du Code de droit économique";
d) dans le 11°, a), les mots "au sens de la loi du 22 mars 1993 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit" sont remplacés par les mots "au sens de la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit";
e) dans le 11°, d), les mots "au sens de la Partie III de la loi du 20 juillet 2004 relative à certaines formes de gestion collective de portefeuilles d'investissement" sont remplacés par les mots "au sens de la partie 3 de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances";
f) dans le 11°, e), les mots "au sens de la Partie II de la loi du 20 juillet 2004 relative à certaines formes de gestion collective de portefeuilles d'investissement" sont remplacés par les mots "au sens de la partie 2 de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances";
g) dans le 12°, a), les mots "au sens de la loi du 4 août 1992 relative au crédit hypothécaire" sont remplacés par les mots "au sens du livre VII, titre 4, chapitre 2, du Code de droit économique";
h) dans le 12°, b), les mots "au sens de la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation" sont remplacés par les mots "au sens du livre VII, titre 4, chapitre 1er, du Code de droit économique".
a) dans le 10°, premier tiret, les mots "la loi du 22 mars 1993 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit" sont remplacés par les mots "la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit" et les mots "à l'article 2, § 1er, 1°, de la même loi" sont remplacés par les mots "à l'article 2, 1°, de la même loi";
b) dans le 10°, deuxième tiret, les mots "au sens de la loi du 4 août 1992 relative au crédit hypothécaire" sont remplacés par les mots "au sens du livre VII, titre 4, chapitre 2, du Code de droit économique";
c) dans le 10°, troisième tiret, les mots "à l'article 1er, 4°, de la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation" sont remplacés par les mots "à l'article I.9, 39°, du Code de droit économique";
d) dans le 11°, a), les mots "au sens de la loi du 22 mars 1993 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit" sont remplacés par les mots "au sens de la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit";
e) dans le 11°, d), les mots "au sens de la Partie III de la loi du 20 juillet 2004 relative à certaines formes de gestion collective de portefeuilles d'investissement" sont remplacés par les mots "au sens de la partie 3 de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances";
f) dans le 11°, e), les mots "au sens de la Partie II de la loi du 20 juillet 2004 relative à certaines formes de gestion collective de portefeuilles d'investissement" sont remplacés par les mots "au sens de la partie 2 de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances";
g) dans le 12°, a), les mots "au sens de la loi du 4 août 1992 relative au crédit hypothécaire" sont remplacés par les mots "au sens du livre VII, titre 4, chapitre 2, du Code de droit économique";
h) dans le 12°, b), les mots "au sens de la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation" sont remplacés par les mots "au sens du livre VII, titre 4, chapitre 1er, du Code de droit économique".
Art.38. In artikel 4 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 26 september 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
a) [1 ...]1
b) in paragraaf 1 wordt tussen het derde lid en het vierde lid een lid ingevoegd luidende :
"Voor financiële instrumenten die niet de vorm aannemen van waardepapieren of effecten, gelden dezelfde vereisten als voor bankvorderingen.";
c) in paragraaf 4 worden de woorden ",van artikel 57bis, § 1, van de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen" opgeheven.
a) [1 ...]1
b) in paragraaf 1 wordt tussen het derde lid en het vierde lid een lid ingevoegd luidende :
"Voor financiële instrumenten die niet de vorm aannemen van waardepapieren of effecten, gelden dezelfde vereisten als voor bankvorderingen.";
c) in paragraaf 4 worden de woorden ",van artikel 57bis, § 1, van de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen" opgeheven.
Art.38. A l'article 4 de la même loi, modifié par la loi du 26 septembre 2011, les modifications suivantes sont apportées :
a) [1 ...]1
b) dans le paragraphe 1er, un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 3 et 4 :
"Les instruments financiers qui ne se présentent pas sous la forme de titres ou de valeurs mobilières sont soumis aux mêmes exigences que les créances bancaires.";
c) dans le paragraphe 4, les mots ", de l'article 57bis, § 1er, de la loi du 22 mars 1993 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit" sont abrogés.
a) [1 ...]1
b) dans le paragraphe 1er, un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 3 et 4 :
"Les instruments financiers qui ne se présentent pas sous la forme de titres ou de valeurs mobilières sont soumis aux mêmes exigences que les créances bancaires.";
c) dans le paragraphe 4, les mots ", de l'article 57bis, § 1er, de la loi du 22 mars 1993 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit" sont abrogés.
Änderungen
Art.39. In artikel 4/1 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 26 september 2011 en gewijzigd bij de wet van 3 augustus 2012, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
a) in paragraaf 1 worden de woorden "artikel 51, § 1 van de wet betreffende hypothecair krediet" vervangen door de woorden "artikel 81quater van de Hypotheekwet van 16 december 1851";
b) in paragraaf 2 worden de woorden "artikel 27 van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet" vervangen door de woorden "artikel VII.104 van het Wetboek van economisch recht" en worden de woorden "artikel 74 van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "artikel VI.83 van het Wetboek van economisch recht".
a) in paragraaf 1 worden de woorden "artikel 51, § 1 van de wet betreffende hypothecair krediet" vervangen door de woorden "artikel 81quater van de Hypotheekwet van 16 december 1851";
b) in paragraaf 2 worden de woorden "artikel 27 van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet" vervangen door de woorden "artikel VII.104 van het Wetboek van economisch recht" en worden de woorden "artikel 74 van de wet van 6 april 2010 betreffende marktpraktijken en consumentenbescherming" vervangen door de woorden "artikel VI.83 van het Wetboek van economisch recht".
Art.39. A l'article 4/1 de la même loi, inséré par la loi du 26 septembre 2011 et modifié par la loi du 3 août 2012, les modifications suivantes sont apportées :
a) dans le paragraphe 1er, les mots "l'article 51, § 1er, de la loi relative au crédit hypothécaire" sont remplacés par les mots "l'article 81quater de la loi hypothécaire du 16 décembre 1851";
b) dans le paragraphe 2, les mots "l'article 27 de la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation" sont remplacés par les mots "l'article VII.104 du Code de droit économique" et les mots "l'article 74 de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" sont remplacés par les mots "l'article VI.83 du Code de droit économique".
a) dans le paragraphe 1er, les mots "l'article 51, § 1er, de la loi relative au crédit hypothécaire" sont remplacés par les mots "l'article 81quater de la loi hypothécaire du 16 décembre 1851";
b) dans le paragraphe 2, les mots "l'article 27 de la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation" sont remplacés par les mots "l'article VII.104 du Code de droit économique" et les mots "l'article 74 de la loi du 6 avril 2010 relative aux pratiques du marché et à la protection du consommateur" sont remplacés par les mots "l'article VI.83 du Code de droit économique".
Art.40. In artikel 5 van dezelfde wet wordt het tweede lid vervangen als volgt :
"De vertegenwoordiger kan alle rechten en prerogatieven uitoefenen die normaliter toekomen aan de begunstigden voor wier rekening hij optreedt. Deze rechten maken deel uit van het vermogen van de begunstigden."
"De vertegenwoordiger kan alle rechten en prerogatieven uitoefenen die normaliter toekomen aan de begunstigden voor wier rekening hij optreedt. Deze rechten maken deel uit van het vermogen van de begunstigden."
Art.40. Dans l'article 5 de la même loi, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
"Le représentant peut exercer tous les droits et prérogatives qui reviennent normalement aux bénéficiaires pour le compte desquels il agit. Ces droits font partie du patrimoine des bénéficiaires."
"Le représentant peut exercer tous les droits et prérogatives qui reviennent normalement aux bénéficiaires pour le compte desquels il agit. Ces droits font partie du patrimoine des bénéficiaires."
Art.41. Artikel 7 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 26 september 2011, wordt vervangen als volgt :
" § 1. Behoudens de uitzonderingen uitdrukkelijk bepaald in §§ 2 tot 4 zijn artikel 1328 en boek III, titel XVII, van het Burgerlijk Wetboek niet van toepassing op enig pand op financiële instrumenten, contanten en bankvorderingen.
§ 2. De volgende artikelen van boek III, titel XVII, van het Burgerlijk Wetboek zijn van toepassing op een pand als bedoeld in artikel 4 : artikelen 1, 5, 6, 8, 9, 10 eerste lid, 11 eerste en derde lid, 13, 23 eerste en derde lid, 57 eerste lid, 60 tweede en derde lid, 63, 64, 65, 66 en 67.
§ 3. Financiële instrumenten, bankvorderingen of contanten die krachtens de wet of hun aard niet overdraagbaar zijn, kunnen evenmin in pand worden gegeven.
§ 4. Een pandrecht op financiële instrumenten, bankvorderingen of contanten komt tot stand door de overeenkomst tussen pandgever en pandhouder en is aan derden tegenwerpelijk wanneer de toepasselijke vereisten waarin artikel 4, § 1, voorziet, zijn voldaan.
§ 5. Op de marge-opvragingen en op de gelijkwaardige financiële instrumenten, contanten of bankvorderingen die, tijdens de duur van de overeenkomst, in de plaats worden gesteld van de activa die het oorspronkelijke pand vormen, is dezelfde regeling van toepassing als op de laatstgenoemde activa. In geval van bankvorderingen, doet het recht van de pandgever op het innen van de opbrengst geen afbreuk aan de ten gunste van de begunstigde gestelde zekerheid.".
" § 1. Behoudens de uitzonderingen uitdrukkelijk bepaald in §§ 2 tot 4 zijn artikel 1328 en boek III, titel XVII, van het Burgerlijk Wetboek niet van toepassing op enig pand op financiële instrumenten, contanten en bankvorderingen.
§ 2. De volgende artikelen van boek III, titel XVII, van het Burgerlijk Wetboek zijn van toepassing op een pand als bedoeld in artikel 4 : artikelen 1, 5, 6, 8, 9, 10 eerste lid, 11 eerste en derde lid, 13, 23 eerste en derde lid, 57 eerste lid, 60 tweede en derde lid, 63, 64, 65, 66 en 67.
§ 3. Financiële instrumenten, bankvorderingen of contanten die krachtens de wet of hun aard niet overdraagbaar zijn, kunnen evenmin in pand worden gegeven.
§ 4. Een pandrecht op financiële instrumenten, bankvorderingen of contanten komt tot stand door de overeenkomst tussen pandgever en pandhouder en is aan derden tegenwerpelijk wanneer de toepasselijke vereisten waarin artikel 4, § 1, voorziet, zijn voldaan.
§ 5. Op de marge-opvragingen en op de gelijkwaardige financiële instrumenten, contanten of bankvorderingen die, tijdens de duur van de overeenkomst, in de plaats worden gesteld van de activa die het oorspronkelijke pand vormen, is dezelfde regeling van toepassing als op de laatstgenoemde activa. In geval van bankvorderingen, doet het recht van de pandgever op het innen van de opbrengst geen afbreuk aan de ten gunste van de begunstigde gestelde zekerheid.".
Art.41. L'article 7 de la même loi, modifié par la loi du 26 septembre 2011, est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Sauf les exceptions expressément prévues aux §§ 2 à 4, l'article 1328 et le livre III, titre XVII, du Code civil ne sont pas applicables aux gages sur des instruments financiers, des espèces et des créances bancaires.
§ 2. Les articles suivants du livre III, titre XVII, du Code civil sont applicables au gage visé à l'article 4 : les articles 1, 5, 6, 8, 9, 10, alinéa 1er, 11, alinéas 1er et 3, 13, 23, alinéas 1er et 3, 57, alinéa 1er, 60, alinéas 2 et 3, 63, 64, 65, 66 et 67.
§ 3. Les instruments financiers, créances bancaires ou espèces qui ne sont pas transférables en vertu de la loi ou en raison de leur nature ne peuvent pas davantage être mis en gage.
§ 4. Un gage sur des instruments financiers, des créances bancaires ou des espèces est constitué par la convention conclue entre le constituant du gage et le créancier gagiste et est opposable aux tiers lorsque les conditions applicables prévues à l'article 4, § 1er, sont remplies.
§ 5. Les appels de marge ainsi que les instruments financiers équivalents, espèces ou créances bancaires substitués en cours de contrat aux avoirs constituant initialement l'assiette suivent le même régime que ces avoirs remis initialement à titre de gage. Dans le cas de créances bancaires, le droit du constituant d'en percevoir le produit ne porte pas atteinte à la garantie constituée au profit de son bénéficiaire.".
" § 1er. Sauf les exceptions expressément prévues aux §§ 2 à 4, l'article 1328 et le livre III, titre XVII, du Code civil ne sont pas applicables aux gages sur des instruments financiers, des espèces et des créances bancaires.
§ 2. Les articles suivants du livre III, titre XVII, du Code civil sont applicables au gage visé à l'article 4 : les articles 1, 5, 6, 8, 9, 10, alinéa 1er, 11, alinéas 1er et 3, 13, 23, alinéas 1er et 3, 57, alinéa 1er, 60, alinéas 2 et 3, 63, 64, 65, 66 et 67.
§ 3. Les instruments financiers, créances bancaires ou espèces qui ne sont pas transférables en vertu de la loi ou en raison de leur nature ne peuvent pas davantage être mis en gage.
§ 4. Un gage sur des instruments financiers, des créances bancaires ou des espèces est constitué par la convention conclue entre le constituant du gage et le créancier gagiste et est opposable aux tiers lorsque les conditions applicables prévues à l'article 4, § 1er, sont remplies.
§ 5. Les appels de marge ainsi que les instruments financiers équivalents, espèces ou créances bancaires substitués en cours de contrat aux avoirs constituant initialement l'assiette suivent le même régime que ces avoirs remis initialement à titre de gage. Dans le cas de créances bancaires, le droit du constituant d'en percevoir le produit ne porte pas atteinte à la garantie constituée au profit de son bénéficiaire.".
Art.42. In artikel 10, § 1 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 april 2014, worden de woorden "conform artikel 2075, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek" vervangen door de woorden "conform artikel 60, tweede lid, van boek III, titel XVII, van het Burgerlijk Wetboek".
Art.42. Dans l'article 10, § 1er, de la même loi, modifié par la loi du 25 avril 2014, les mots "conformément à l'article 2075, alinéa 2, du Code civil" sont remplacés par les mots "conformément à l'article 60, alinéa 2, du livre III, titre XVII, du Code civil".
Art.43. In artikel 11, § 1 van dezelfde wet wordt het woord "Voorzover" vervangen door de woorden "Voor zover".
Art.43. Dans l'article 11, § 1er, de la même loi, dans la version néerlandaise, le mot "Voorzover" est remplacé par les mots "Voor zover".
Art.44. In artikel 12, § 1 van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 26 september 2011, worden de woorden "Artikel 1328 en de bepalingen van boek III, titel XVII van het Burgerlijk Wetboek evenals de bepalingen van boek I, titel VI van het Wetboek van koophandel" vervangen door de woorden "Artikel 1328, de bepalingen van boek III, titel XVII van het Burgerlijk Wetboek evenals de bepalingen van artikel 7 tot en met 10 van deze wet".
Art.44. Dans l'article 12, § 1er, de la même loi, remplacé par la loi du 26 septembre 2011, les mots "L'article 1328 et les dispositions du livre III, titre XVII, du Code civil ainsi que les dispositions du livre Ier, titre VI, du Code de commerce" sont remplacés par les mots "L'article 1328 et les dispositions du livre III, titre XVII, du Code civil ainsi que les dispositions des articles 7 à 10 de la présente loi".
Art.45. In artikel 13 van dezelfde wet worden de woorden "boek I, titel VI, van het Wetboek van koophandel" vervangen door de woorden "de artikelen 7 tot en met 10 van deze wet".
Art.45. Dans l'article 13 de la même loi, les mots "du livre Ier, titre VI, du Code de commerce" sont remplacés par les mots "des articles 7 à 10 de la présente loi".
Art.46. In artikel 15, § 2 worden de woorden "en op de in de artikelen 7, § 2, 12, § 1, tweede lid, 13, § 1, tweede en derde lid, en 16 bedoelde marge-opvragingen of vervangingen" vervangen door de woorden "en op de in de artikelen 7, § 5, 12, § 1, tweede lid, 13, § 1, tweede en derde lid, en 16 bedoelde marge-opvragingen of vervangingen".
Art.46. Dans l'article 15, § 2, les mots "et les opérations d'appel de marge ou de substitution visées aux articles 7, § 2, 12, § 1er, alinéa 2, 13, § 1er, alinéas 2 et 3, et 16" sont remplacés par les mots "et les opérations d'appel de marge ou de substitution visées aux articles 7, § 5, 12, § 1er, alinéa 2, 13, § 1er, alinéas 2 et 3, et 16".
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen aan de wet van 3 augustus 2012 betreffende diverse maatregelen ter vergemakkelijking van de mobilisering van schuldvorderingen in de financiële sector
CHAPITRE 4. - Modifications de la loi du 3 août 2012 relative à des mesures diverses pour faciliter la mobilisation de créances dans le secteur financier
Art.47. In artikel 2 van de wet van 3 augustus 2012 betreffende diverse maatregelen ter vergemakkelijking van de mobilisering van schuldvorderingen in de financiële sector worden de volgende wijzigingen aangebracht :
a) in de bepaling onder 5°, b) worden de woorden "overeenkomstig artikel 108 van de wet van 20 juli 2004 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles" vervangen door de woorden "overeenkomstig artikel 108 van de wet van 3 augustus 2012";
b) de bepaling onder 6° wordt vervangen als volgt :
"6° "de wet van 25 april 2014" : de wet van 25 april 2014 op het statuut en het toezicht op kredietinstellingen";
c) tussen de bepaling onder 6° en de bepaling onder 7° worden de bepalingen onder 6° /1 en 6° /2 ingevoegd, luidende :
"6° /1 "de wet van 3 augustus 2012" : de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen;
6° /2 "de wet van 11 juli 2013" : de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft; en".
a) in de bepaling onder 5°, b) worden de woorden "overeenkomstig artikel 108 van de wet van 20 juli 2004 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles" vervangen door de woorden "overeenkomstig artikel 108 van de wet van 3 augustus 2012";
b) de bepaling onder 6° wordt vervangen als volgt :
"6° "de wet van 25 april 2014" : de wet van 25 april 2014 op het statuut en het toezicht op kredietinstellingen";
c) tussen de bepaling onder 6° en de bepaling onder 7° worden de bepalingen onder 6° /1 en 6° /2 ingevoegd, luidende :
"6° /1 "de wet van 3 augustus 2012" : de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen;
6° /2 "de wet van 11 juli 2013" : de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft; en".
Art.47. A l'article 2 de la loi du 3 août 2012 relative à des mesures diverses pour faciliter la mobilisation de créances dans le secteur financier, les modifications suivantes sont apportées :
a) dans le 5°, b), les mots "conformément à l'article 108 de la loi du 20 juillet 2004 relative à certaines formes de gestion collective de portefeuilles d'investissement" sont remplacés par les mots "conformément à l'article 108 de la loi du 3 août 2012";
b) le 6° est remplacé par ce qui suit :
"6° "la loi du 25 avril 2014 " : la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit";
c) les 6° /1 et 6° /2, rédigés comme suit, sont insérés entre le 6° et le 7° :
"6° /1 "la loi du 3 août 2012 " : la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances;
6° /2 "la loi du 11 juillet 2013 " : la loi du 11 juillet 2013 modifiant le Code civil en ce qui concerne les sûretés réelles mobilières; et"
a) dans le 5°, b), les mots "conformément à l'article 108 de la loi du 20 juillet 2004 relative à certaines formes de gestion collective de portefeuilles d'investissement" sont remplacés par les mots "conformément à l'article 108 de la loi du 3 août 2012";
b) le 6° est remplacé par ce qui suit :
"6° "la loi du 25 avril 2014 " : la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit";
c) les 6° /1 et 6° /2, rédigés comme suit, sont insérés entre le 6° et le 7° :
"6° /1 "la loi du 3 août 2012 " : la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances;
6° /2 "la loi du 11 juillet 2013 " : la loi du 11 juillet 2013 modifiant le Code civil en ce qui concerne les sûretés réelles mobilières; et"
Art.48. In artikel 4 van dezelfde wet worden de woorden "in de zin van artikel 50 van de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet" vervangen door de woorden "in de zin van artikel 81ter van de Hypotheekwet van 16 december 1851".
Art.48. Dans l'article 4 de la même loi, les mots "au sens de l'article 50 de loi du 4 août 1992 relative au crédit hypothécaire" sont remplacés par les mots "au sens de l'article 81ter de la loi hypothécaire du 16 décembre 1851".
Art.49. In artikel 5 van dezelfde wet worden de woorden "Onverminderd artikelen 51 tot 53 van de wet van 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet" vervangen door de woorden "Onverminderd de artikelen 81ter tot 81undecies van de Hypotheekwet van 16 december 1851".
Art.49. Dans l'article 5 de la même loi, les mots "Sans préjudice des articles 51 à 53 de loi du 4 août 1992 relative au crédit hypothécaire" sont remplacés par les mots "Sans préjudice des articles 81ter à 81undecies de la loi hypothécaire du 16 décembre 1851".
Art.50. In artikel 6 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
a) in paragraaf 1 worden de woorden "aan de in artikel 3, § 2, van de wet van 22 maart 1993 vermelde diensten" vervangen door de woorden "aan de in artikel 4 van de wet van 25 april 2014 vermelde diensten";
b) in paragraaf 4, 2° worden de woorden "artikel 27 van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet" vervangen door de woorden "artikel VII.104 van het Wetboek van economisch recht".
a) in paragraaf 1 worden de woorden "aan de in artikel 3, § 2, van de wet van 22 maart 1993 vermelde diensten" vervangen door de woorden "aan de in artikel 4 van de wet van 25 april 2014 vermelde diensten";
b) in paragraaf 4, 2° worden de woorden "artikel 27 van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet" vervangen door de woorden "artikel VII.104 van het Wetboek van economisch recht".
Art.50. A l'article 6 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
a) dans le paragraphe 1er, les mots "à des services visés à l'article 3, § 2, de la loi du 22 mars 1993" sont remplacés par les mots "à des services visés à l'article 4 de la loi du 25 avril 2014";
b) dans le paragraphe 4, 2°, les mots "l'article 27 de la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation" sont remplacés par les mots "l'article VII.104 du Code de droit économique".
a) dans le paragraphe 1er, les mots "à des services visés à l'article 3, § 2, de la loi du 22 mars 1993" sont remplacés par les mots "à des services visés à l'article 4 de la loi du 25 avril 2014";
b) dans le paragraphe 4, 2°, les mots "l'article 27 de la loi du 12 juin 1991 relative au crédit à la consommation" sont remplacés par les mots "l'article VII.104 du Code de droit économique".
Art.51. In artikel 7 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
a) paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
" § 1. Onverminderd artikel 271/8, eerste lid, van de wet van 3 augustus 2012, wanneer een bankvordering wordt overgedragen aan of door een kredietinstelling, een financiële instelling of een mobiliseringsinstelling, zijn artikelen 1328 van het Burgerlijk Wetboek, VII.103 van het Wetboek van economisch recht, artikel 8 van boek II, titel I, hoofdstuk II van het Wetboek van koophandel en artikel 23, tweede lid van boek III, titel XVII, afdeling 1, van het Burgerlijk Wetboek niet van toepassing op deze overdracht. Dezelfde bepalingen zijn niet van toepassing op een inpandgeving van een schuldvordering ten gunste van of door een dergelijke instelling.";
b) paragraaf 2 wordt vervangen als volgt :
" § 2. Onverminderd artikel 271/8, tweede lid, van de wet van 3 augustus 2012, wanneer een bankvordering wordt overgedragen aan of door een kredietinstelling, een financiële instelling of een mobiliseringsinstelling, verwerft de overnemer, door de loutere naleving van de voorschriften van boek III, titel VI, hoofdstuk VIII van het Burgerlijk Wetboek, alle rechten die het gevolg zijn van de verzekeringsovereenkomsten waarover de overdrager beschikt als waarborg voor of in verband met de overgedragen schuldvorderingen. Een inpandgeving van dezelfde rechten ten gunste van of door een dergelijke instelling of bijzonder vermogen geschiedt door de loutere naleving van de bepalingen in artikel 7 van de wet betreffende financiële zekerheden.";
c) in de derde paragraaf, eerste lid, wordt de tweede zin opgeheven;
d) het artikel wordt aangevuld met een vierde en vijfde paragraaf, luidende :
" § 4. De bepalingen van artikel 5 en artikel 3 § 3 zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot pandrechten die geregistreerd zijn of waarvan registratie wordt beoogd overeenkomstig boek III, titel XVII, afdeling 2, van het Burgerlijk Wetboek en de termen inschrijving of ingeschreven verwijzen naar de in die afdeling bepaalde registratie.
§ 5. Wanneer een of meer gewaarborgde schuldvorderingen voor de registratie zijn overgedragen aan of door een kredietinstelling, een financiële instelling of een mobiliseringsinstelling, kan een pand of voorrecht dat geregistreerd wordt overeenkomstig artikel 107 eerste of derde lid van de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft en tot de opheffing van diverse bepalingen, naar keuze geregistreerd worden alleen op naam van de overdrager, op naam van de overdrager en de overnemer, of alleen op naam van de overnemer. Ongeacht de keuze van de registratiewijze geniet de overnemer krachtens het pand rechten ten belope van de schuldvordering(en) die aan hem zijn overgedragen en hij kan deze rechten uitoefenen ten aanzien van degene die het pand verleent en ten aanzien van derden.".
a) paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
" § 1. Onverminderd artikel 271/8, eerste lid, van de wet van 3 augustus 2012, wanneer een bankvordering wordt overgedragen aan of door een kredietinstelling, een financiële instelling of een mobiliseringsinstelling, zijn artikelen 1328 van het Burgerlijk Wetboek, VII.103 van het Wetboek van economisch recht, artikel 8 van boek II, titel I, hoofdstuk II van het Wetboek van koophandel en artikel 23, tweede lid van boek III, titel XVII, afdeling 1, van het Burgerlijk Wetboek niet van toepassing op deze overdracht. Dezelfde bepalingen zijn niet van toepassing op een inpandgeving van een schuldvordering ten gunste van of door een dergelijke instelling.";
b) paragraaf 2 wordt vervangen als volgt :
" § 2. Onverminderd artikel 271/8, tweede lid, van de wet van 3 augustus 2012, wanneer een bankvordering wordt overgedragen aan of door een kredietinstelling, een financiële instelling of een mobiliseringsinstelling, verwerft de overnemer, door de loutere naleving van de voorschriften van boek III, titel VI, hoofdstuk VIII van het Burgerlijk Wetboek, alle rechten die het gevolg zijn van de verzekeringsovereenkomsten waarover de overdrager beschikt als waarborg voor of in verband met de overgedragen schuldvorderingen. Een inpandgeving van dezelfde rechten ten gunste van of door een dergelijke instelling of bijzonder vermogen geschiedt door de loutere naleving van de bepalingen in artikel 7 van de wet betreffende financiële zekerheden.";
c) in de derde paragraaf, eerste lid, wordt de tweede zin opgeheven;
d) het artikel wordt aangevuld met een vierde en vijfde paragraaf, luidende :
" § 4. De bepalingen van artikel 5 en artikel 3 § 3 zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot pandrechten die geregistreerd zijn of waarvan registratie wordt beoogd overeenkomstig boek III, titel XVII, afdeling 2, van het Burgerlijk Wetboek en de termen inschrijving of ingeschreven verwijzen naar de in die afdeling bepaalde registratie.
§ 5. Wanneer een of meer gewaarborgde schuldvorderingen voor de registratie zijn overgedragen aan of door een kredietinstelling, een financiële instelling of een mobiliseringsinstelling, kan een pand of voorrecht dat geregistreerd wordt overeenkomstig artikel 107 eerste of derde lid van de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft en tot de opheffing van diverse bepalingen, naar keuze geregistreerd worden alleen op naam van de overdrager, op naam van de overdrager en de overnemer, of alleen op naam van de overnemer. Ongeacht de keuze van de registratiewijze geniet de overnemer krachtens het pand rechten ten belope van de schuldvordering(en) die aan hem zijn overgedragen en hij kan deze rechten uitoefenen ten aanzien van degene die het pand verleent en ten aanzien van derden.".
Art.51. A l'article 7 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
a) le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Sans préjudice de l'article 271/8, alinéa 1er, de la loi du 3 août 2012, lorsqu'une créance bancaire est cédée à ou par un établissement de crédit, un établissement financier ou un organisme de mobilisation, les articles 1328 du Code civil, VII.103 du Code de droit économique, 8 du livre II, titre Ier, chapitre II, du Code de commerce, ainsi que l'article 23, alinéa 2, du livre III, titre XVII, section 1re, du Code civil ne s'appliquent pas à cette cession. Ces mêmes dispositions ne s'appliquent pas à la mise en gage d'une créance au profit de ou par un tel établissement ou organisme.";
b) le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
" § 2. Sans préjudice de l'article 271/8, alinéa 2, de la loi du 3 août 2012, lorsqu'une créance bancaire est cédée à ou par un établissement de crédit, un établissement financier ou un organisme de mobilisation, le cessionnaire acquiert, par le simple respect des prescriptions du livre III, titre VI, chapitre VIII du Code civil, tous les droits découlant des conventions d'assurance dont le cédant dispose comme garantie pour ou en relation avec les créances cédées. Une mise en gage de ces mêmes droits au profit de ou par un tel établissement, organisme ou patrimoine spécial résulte du simple respect des dispositions de l'article 7 de la loi relative aux sûretés financières.";
c) dans le paragraphe 3, alinéa 1er, la deuxième phrase est abrogée;
d) l'article est complété par un paragraphe 4 et un paragraphe 5 rédigés comme suit :
" § 4. Les dispositions de l'article 5 et de l'article 3, § 3, sont applicables par analogie en ce qui concerne les gages enregistrés ou dont l'enregistrement est envisagé conformément au livre III, titre XVII, section 2, du Code civil et les termes "inscription" ou "inscrit" renvoient à l'enregistrement prévu dans ladite section.
§ 5. Lorsqu'une ou plusieurs créances garanties sont, préalablement à l'enregistrement, cédées à ou par un établissement de crédit, un établissement financier ou un organisme de mobilisation, un gage ou un privilège enregistré conformément à l'article 107, alinéa 1er ou 3, de la loi du 11 juillet 2003 modifiant le Code civil en ce qui concerne les sûretés réelles mobilières et abrogeant diverses dispositions en cette matière peut, au choix, être enregistré soit au seul nom du cédant, soit au nom du cédant et du cessionnaire, soit au seul nom du cessionnaire. Quel que soit le choix du mode d'enregistrement, le cessionnaire jouit des droits en vertu du gage à concurrence de la (des) créance(s) qui lui est (sont) cédée(s) et il peut exercer ces droits à l'égard de celui qui consent le gage et à l'égard des tiers.".
a) le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Sans préjudice de l'article 271/8, alinéa 1er, de la loi du 3 août 2012, lorsqu'une créance bancaire est cédée à ou par un établissement de crédit, un établissement financier ou un organisme de mobilisation, les articles 1328 du Code civil, VII.103 du Code de droit économique, 8 du livre II, titre Ier, chapitre II, du Code de commerce, ainsi que l'article 23, alinéa 2, du livre III, titre XVII, section 1re, du Code civil ne s'appliquent pas à cette cession. Ces mêmes dispositions ne s'appliquent pas à la mise en gage d'une créance au profit de ou par un tel établissement ou organisme.";
b) le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
" § 2. Sans préjudice de l'article 271/8, alinéa 2, de la loi du 3 août 2012, lorsqu'une créance bancaire est cédée à ou par un établissement de crédit, un établissement financier ou un organisme de mobilisation, le cessionnaire acquiert, par le simple respect des prescriptions du livre III, titre VI, chapitre VIII du Code civil, tous les droits découlant des conventions d'assurance dont le cédant dispose comme garantie pour ou en relation avec les créances cédées. Une mise en gage de ces mêmes droits au profit de ou par un tel établissement, organisme ou patrimoine spécial résulte du simple respect des dispositions de l'article 7 de la loi relative aux sûretés financières.";
c) dans le paragraphe 3, alinéa 1er, la deuxième phrase est abrogée;
d) l'article est complété par un paragraphe 4 et un paragraphe 5 rédigés comme suit :
" § 4. Les dispositions de l'article 5 et de l'article 3, § 3, sont applicables par analogie en ce qui concerne les gages enregistrés ou dont l'enregistrement est envisagé conformément au livre III, titre XVII, section 2, du Code civil et les termes "inscription" ou "inscrit" renvoient à l'enregistrement prévu dans ladite section.
§ 5. Lorsqu'une ou plusieurs créances garanties sont, préalablement à l'enregistrement, cédées à ou par un établissement de crédit, un établissement financier ou un organisme de mobilisation, un gage ou un privilège enregistré conformément à l'article 107, alinéa 1er ou 3, de la loi du 11 juillet 2003 modifiant le Code civil en ce qui concerne les sûretés réelles mobilières et abrogeant diverses dispositions en cette matière peut, au choix, être enregistré soit au seul nom du cédant, soit au nom du cédant et du cessionnaire, soit au seul nom du cessionnaire. Quel que soit le choix du mode d'enregistrement, le cessionnaire jouit des droits en vertu du gage à concurrence de la (des) créance(s) qui lui est (sont) cédée(s) et il peut exercer ces droits à l'égard de celui qui consent le gage et à l'égard des tiers.".
Art.52. In artikel 8, § 2 van dezelfde wet worden de woorden "artikel 64/20, § 2, van de wet van 22 maart 1993" vervangen door de woorden "artikel 15, § 2 van bijlage III bij de wet van 25 april 2014".
Art.52. Dans l'article 8, § 2, de la même loi, les mots "l'article 64/20, § 2, de la loi du 22 mars 1993" sont remplacés par les mots "l'article 15, § 2, de l'annexe III à la loi du 25 avril 2014".
Art.53. In artikel 9 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht :
a) in paragraaf 1 worden de woorden "overeenkomstig artikel 64/20, § 2, van de wet van 22 maart 1993" vervangen door de woorden "overeenkomstig artikel 15, § 2 van bijlage III bij de wet van 25 april 2014";
b) in paragraaf 3 worden de woorden "overeenkomstig de bepalingen van artikel 64/20, § 2, van de wet van 22 maart 1993 en de betrokken uitvoeringsbesluiten, genomen op grond van artikel 64/20, § 3, van de wet van 22 maart 1993" vervangen door de woorden "overeenkomstig de bepalingen van artikel 15, § 2 van bijlage III bij de wet van 25 april 2014 en de betrokken uitvoeringsbesluiten, genomen op grond van artikel 15, § 2 van bijlage III bij de wet van 25 april 2014".
a) in paragraaf 1 worden de woorden "overeenkomstig artikel 64/20, § 2, van de wet van 22 maart 1993" vervangen door de woorden "overeenkomstig artikel 15, § 2 van bijlage III bij de wet van 25 april 2014";
b) in paragraaf 3 worden de woorden "overeenkomstig de bepalingen van artikel 64/20, § 2, van de wet van 22 maart 1993 en de betrokken uitvoeringsbesluiten, genomen op grond van artikel 64/20, § 3, van de wet van 22 maart 1993" vervangen door de woorden "overeenkomstig de bepalingen van artikel 15, § 2 van bijlage III bij de wet van 25 april 2014 en de betrokken uitvoeringsbesluiten, genomen op grond van artikel 15, § 2 van bijlage III bij de wet van 25 april 2014".
Art.53. A l'article 9 de la même loi, les modifications suivantes sont apportées :
a) dans le paragraphe 1er, les mots "conformément à l'article 64/20, § 2, de la loi du 22 mars 1993" sont remplacés par les mots "conformément à l'article 15, § 2, de l'annexe III à la loi du 25 avril 2014";
b) dans le paragraphe 3, les mots "conformément aux dispositions de l'article 64/20, § 2, de la loi du 22 mars 1993 et des arrêtés d'exécution concernés, pris sur la base de l'article 64/20, § 3, de la loi du 22 mars 1993" sont remplacés par les mots "conformément aux dispositions de l'article 15, § 2, de l'annexe III à la loi du 25 avril 2014 et des arrêtés d'exécution concernés, pris sur la base de l'article 15, § 2, de l'annexe III à la loi du 25 avril 2014".
a) dans le paragraphe 1er, les mots "conformément à l'article 64/20, § 2, de la loi du 22 mars 1993" sont remplacés par les mots "conformément à l'article 15, § 2, de l'annexe III à la loi du 25 avril 2014";
b) dans le paragraphe 3, les mots "conformément aux dispositions de l'article 64/20, § 2, de la loi du 22 mars 1993 et des arrêtés d'exécution concernés, pris sur la base de l'article 64/20, § 3, de la loi du 22 mars 1993" sont remplacés par les mots "conformément aux dispositions de l'article 15, § 2, de l'annexe III à la loi du 25 avril 2014 et des arrêtés d'exécution concernés, pris sur la base de l'article 15, § 2, de l'annexe III à la loi du 25 avril 2014".
HOOFDSTUK 5. - Wijzigingen aan het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten
CHAPITRE 5. - Modifications du Code des droits d'enregistrement, d'hypothèque et de greffe
Art.54. In artikel 29 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten worden de woorden "hetzij in de registers van de hypotheekbewaarders, hetzij in de registers voor de inschrijvingen van het landbouwvoorrecht" vervangen door de woorden "in de registers van de hypotheekbewaarders".
Art.54. Dans l'article 29 du Code des droits d'enregistrement, d'hypothèque et de greffe, les mots "soit dans les registres des conservateurs des hypothèques, soit dans les registres aux inscriptions du privilège agricole," sont remplacés par les mots "dans les registres des conservateurs des hypothèques".
Art.55. In het opschrift van Titel I, Hoofdstuk IV, Afdeling VI, van hetzelfde Wetboek worden de woorden ", inpandgevingen van een handelszaak en vestigingen van een landbouwvoorrecht" opgeheven.
Art.55. Dans l'intitulé du Titre I, Chapitre IV, section VI, du même Code, les mots ", de gage sur fonds de commerce ou de privilège agricole" sont abrogés.
Art.56. Artikel 88 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de programmawet van 27 december 2004, wordt vervangen als volgt :
"Art. 88. De vestigingen van een hypotheek op een schip dat niet naar zijn aard voor het zeevervoer bestemd is, worden aan een recht van 0,50 pct. onderworpen.".
"Art. 88. De vestigingen van een hypotheek op een schip dat niet naar zijn aard voor het zeevervoer bestemd is, worden aan een recht van 0,50 pct. onderworpen.".
Art.56. L'article 88 du même Code, remplacé par la loi-programme du 27 décembre 2004, est remplacé par ce qui suit :
"Art. 88. Les constitutions d'hypothèque sur un navire qui n'est pas destiné par nature au transport maritime, sont assujetties à un droit de 0,50 p.c.".
"Art. 88. Les constitutions d'hypothèque sur un navire qui n'est pas destiné par nature au transport maritime, sont assujetties à un droit de 0,50 p.c.".
Art.57. In artikel 89 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 23 december 1958, worden de woorden ", het pand of het voorrecht gevestigd zijn" vervangen door de woorden "gevestigd is".
Art.57. Dans l'article 89 du même Code, remplacé par la loi du 23 décembre 1958, les mots ", le gage ou le privilège sont constitués" sont remplacés par les mots "est constituée".
Art.58. In artikel 91 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 27 december 2004, worden de woorden ", door de verpanding van een handelszaak of door een landbouwvoorrecht" opgeheven.
Art.58. Dans l'article 91 du même Code, remplacé par la loi du 27 décembre 2004, les mots "par un gage sur fonds de commerce ou par un privilège agricole" sont abrogés.
Art.59. In artikel 921 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij de wet van 23 december 1958 en vernummerd bij het koninklijk besluit nr. 12 van 18 april 1967, worden de woorden ", inpandgeving van een handelszaak of vestiging van een landbouwvoorrecht" opgeheven.
Art.59. Dans l'article 921 du même Code, remplacé par la loi du 23 décembre 1958 et renuméroté par l'arrêté royal n° 12 du 18 avril 1967, les mots ", de gage ou de privilège agricole" sont abrogés.
Art.60. In artikel 92 van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij het koninklijk besluit nr. 12 van 18 april 1967 en vervangen bij de wet van 27 december 2004, wordt het woord "of" ingevoegd vóór de woorden "van een hypotheek op een schip" en worden de woorden ", van de verpanding van een handelszaak of van een landbouwvoorrecht" opgeheven.
Art.60. Dans l'article 92 du même Code, inséré par l'arrêté royal n° 12 du 18 avril 1967 et remplacé par la loi du 27 décembre 2004, le mot "ou" est inséré devant les mots "d'une hypothèque sur un navire" et les mots ", d'un gage sur fonds de commerce ou d'un privilège agricole" sont abrogés.
Art.61. In artikel 93 van hetzelfde Wetboek, vervangen bij het koninklijk besluit nr. 12 van 18 april 1967, worden de woorden ", het pand of het landbouwvoorrecht" opgeheven.
Art.61. Dans l'article 93 du même Code, remplacé par l'arrêté royal n° 12 du 18 avril 1967, les mots ", le gage ou le privilège agricole" sont abrogés.
HOOFDSTUK 6. - Andere wijzigingsbepalingen
CHAPITRE 6. - Autres dispositions modificatives
Afdeling 1. - Wijzigingen aan de Hypotheekwet
Section 1re. - Modifications de la loi hypothécaire
Art.62. In artikel 20, 5°, derde lid, van de Hypotheekwet, wordt tussen de woorden "gebruikt in" en het woord "nijverheids", het woord "landbouw-," ingevoegd.
Art.62. Dans l'article 20, 5°, alinéa 3, de la loi hypothécaire, le mot "agricoles," est inséré entre le mot "entreprises" et le mot "industrielles".
Art.63. In artikel 81quater, § 1, 2°, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 26 oktober 2015, worden de woorden "in de zin van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen" vervangen door de woorden ", een kredietinstelling die onder een andere lidstaat ressorteert of een bijkantoor van een kredietinstelling die ressorteert onder een derde land in de zin van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen".
Art.63. Dans l'article 81quater, § 1er, 2°, de la même loi, modifié par la loi du 26 octobre 2015, les mots "au sens de la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit" sont remplacés par les mots ", un établissement de crédit relevant du droit d'un autre Etat membre ou une succursale d'un établissement de crédit relevant du droit d'un pays tiers au sens de la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit".
Afdeling 2. - Wijzigingen aan het gecoördineerd koninklijk besluit nr. 62 betreffende de bewaargeving van vervangbare financiële instrumenten en de vereffening van transacties op deze instrumenten
Section 2. - Modifications de l'arrêté royal n° 62 coordonné relatif au dépôt d'instruments financiers fongibles et à la liquidation d'opérations sur ces instruments
Art.64. Artikel 7, § 1, eerste lid, van het gecoördineerd koninklijk besluit nr. 62 betreffende de bewaargeving van vervangbare financiële instrumenten en de vereffening van transacties op deze instrumenten, wordt vervangen als volgt :
"Een pand op vervangbare financiële instrumenten wordt gevestigd overeenkomstig de wet van 15 december 2004 betreffende de financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijke-zekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten. De in pand gegeven financiële instrumenten worden geïdentificeerd volgens hun aard zonder opgave van nummer.".
"Een pand op vervangbare financiële instrumenten wordt gevestigd overeenkomstig de wet van 15 december 2004 betreffende de financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijke-zekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten. De in pand gegeven financiële instrumenten worden geïdentificeerd volgens hun aard zonder opgave van nummer.".
Art.64. L'article 7, § 1er, alinéa 1er, de l'arrêté royal n° 62 coordonné relatif au dépôt d'instruments financiers fongibles et à la liquidation d'opérations sur ces instruments, est remplacé par ce qui suit :
"Un gage sur instruments financiers fongibles est constitué conformément à la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières et portant des dispositions fiscales diverses en matière de conventions constitutives de sûreté réelle et de prêts portant sur des instruments financiers. Les instruments financiers donnés en gage sont identifiés par leur nature sans spécification de numéro.".
"Un gage sur instruments financiers fongibles est constitué conformément à la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières et portant des dispositions fiscales diverses en matière de conventions constitutives de sûreté réelle et de prêts portant sur des instruments financiers. Les instruments financiers donnés en gage sont identifiés par leur nature sans spécification de numéro.".
Afdeling 3. - Wijzigingen aan de wet van 2 januari 1991 betreffende de markt van de effecten van de overheidsschuld en het monetair beleidsinstrumentarium
Section 3. - Modifications de la loi du 2 janvier 1991 relative au marché des titres de la dette publique et aux instruments de la politique monétaire
Art.65. In artikel 7 van de wet van 2 januari 1991 betreffende de markt van de effecten van de overheidsschuld en het monetair beleidsinstrumentarium, gewijzigd door de wet van 15 december 2004, worden het eerste en het tweede lid vervangen als volgt :
"Een pand op gedematerialiseerde effecten wordt gevestigd overeenkomstig de wet van 15 december 2004 betreffende de financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijke-zekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten.".
"Een pand op gedematerialiseerde effecten wordt gevestigd overeenkomstig de wet van 15 december 2004 betreffende de financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijke-zekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten.".
Art.65. Dans l'article 7 de la loi du 2 janvier 1991 relative au marché des titres de la dette publique et aux instruments de la politique monétaire, modifié par la loi du 15 décembre 2004, les alinéas 1er et 2 sont remplacés par ce qui suit :
"Un gage sur des titres dématérialisés est constitué conformément à la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières et portant des dispositions fiscales diverses en matière de conventions constitutives de sûreté réelle et de prêts portant sur des instruments financiers.".
"Un gage sur des titres dématérialisés est constitué conformément à la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières et portant des dispositions fiscales diverses en matière de conventions constitutives de sûreté réelle et de prêts portant sur des instruments financiers.".
Afdeling 4. - Wijzigingen aan het Wetboek van vennootschappen
Section 4. - Modifications du Code des sociétés
Art.66. Artikel 470, eerste lid, van het Wetboek van vennootschappen wordt vervangen als volgt :
"Een pand op gedematerialiseerde effecten wordt gevestigd overeenkomstig de wet van 15 december 2004 betreffende de financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijke-zekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten."
"Een pand op gedematerialiseerde effecten wordt gevestigd overeenkomstig de wet van 15 december 2004 betreffende de financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijke-zekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten."
Art.66. L'article 470, alinéa 1er, du Code des sociétés est remplacé par ce qui suit :
"Un gage sur des titres dématérialisés est constitué conformément à la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières et portant des dispositions fiscales diverses en matière de conventions constitutives de sûreté réelle et de prêts portant sur des instruments financiers."
"Un gage sur des titres dématérialisés est constitué conformément à la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières et portant des dispositions fiscales diverses en matière de conventions constitutives de sûreté réelle et de prêts portant sur des instruments financiers."
Afdeling 5. - Wijzigingen aan de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen
Section 5. - Modifications de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances
Art.67. In artikel 271/8, van de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
a) in het eerste lid wordt de eerste zin die begint met de woorden "In geval een schuldvordering wordt overgedragen" en eindigt met de woorden "niet van toepassing op deze overdracht" vervangen als volgt :
"In geval een schuldvordering wordt overgedragen aan of door een instelling voor collectieve belegging in schuldvorderingen in de zin van deze wet, zijn de artikelen 1328 van het Burgerlijk Wetboek en VII.103 van het Wetboek van economisch recht, artikel 8 van boek II, titel I, hoofdstuk II, van het Wetboek van koophandel en artikel 23, tweede lid van de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft, niet van toepassing op deze overdracht";
b) in het tweede lid worden de woorden "de voorschriften van boek III, titel XVII van het Burgerlijk Wetboek of boek I, titel VI, van het Wetboek van koophandel" vervangen door de woorden "de bepalingen van artikel 7 van de wet van 15 december 2004 betreffende financiële zekerheden".
a) in het eerste lid wordt de eerste zin die begint met de woorden "In geval een schuldvordering wordt overgedragen" en eindigt met de woorden "niet van toepassing op deze overdracht" vervangen als volgt :
"In geval een schuldvordering wordt overgedragen aan of door een instelling voor collectieve belegging in schuldvorderingen in de zin van deze wet, zijn de artikelen 1328 van het Burgerlijk Wetboek en VII.103 van het Wetboek van economisch recht, artikel 8 van boek II, titel I, hoofdstuk II, van het Wetboek van koophandel en artikel 23, tweede lid van de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft, niet van toepassing op deze overdracht";
b) in het tweede lid worden de woorden "de voorschriften van boek III, titel XVII van het Burgerlijk Wetboek of boek I, titel VI, van het Wetboek van koophandel" vervangen door de woorden "de bepalingen van artikel 7 van de wet van 15 december 2004 betreffende financiële zekerheden".
Art.67. A l'article 271/8 de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances, les modifications suivantes sont apportées :
a) dans l'alinéa 1er, la première phrase commençant par les mots "Lorsqu'une créance est cédée" et finissant par les mots "ne sont pas applicables à cette cession" est remplacée par ce qui suit :
"Lorsqu'une créance est cédée par ou à un organisme de placement collectif en créances au sens de la présente loi, l'article 1328 du Code civil et l'article VII.103 du Code de droit économique, l'article 8 du Livre II, Titre Ier, Chapitre II, du Code du commerce et l'article 23, alinéa 2, de la loi du 11 juillet 2013 modifiant le Code civil en ce qui concerne les sûretés réelles mobilières ne sont pas applicables à cette cession";
b) dans l'alinéa 2, les mots "des formalités prescrites par les dispositions du Livre III, Titre XVII du Code civil ou livre Ier, titre VI, du Code de commerce" sont remplacés par les mots "des dispositions de l'article 7 de la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières".
a) dans l'alinéa 1er, la première phrase commençant par les mots "Lorsqu'une créance est cédée" et finissant par les mots "ne sont pas applicables à cette cession" est remplacée par ce qui suit :
"Lorsqu'une créance est cédée par ou à un organisme de placement collectif en créances au sens de la présente loi, l'article 1328 du Code civil et l'article VII.103 du Code de droit économique, l'article 8 du Livre II, Titre Ier, Chapitre II, du Code du commerce et l'article 23, alinéa 2, de la loi du 11 juillet 2013 modifiant le Code civil en ce qui concerne les sûretés réelles mobilières ne sont pas applicables à cette cession";
b) dans l'alinéa 2, les mots "des formalités prescrites par les dispositions du Livre III, Titre XVII du Code civil ou livre Ier, titre VI, du Code de commerce" sont remplacés par les mots "des dispositions de l'article 7 de la loi du 15 décembre 2004 relative aux sûretés financières".
Afdeling 6. - Wijzigingen aan de wet van 19 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders
Section 6. - Modifications de la loi du 19 avril 2014 relative aux organismes de placement collectif alternatifs et à leurs gestionnaires
Art.68. Artikel 513 van de wet van 19 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders wordt opgeheven.
Art.68. L'article 513 de la loi du 19 avril 2014 relative aux organismes de placement collectif alternatifs et à leurs gestionnaires est abrogé.
HOOFDSTUK 7. - Overgangsbepaling
CHAPITRE 7. - Disposition transitoire
Art.69. Het recht van 0,50 pct., geheven overeenkomstig artikel 88 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten vóór de inwerkingtreding van artikel 56 van deze wet, wordt in mindering gebracht op het krachtens artikel 87 van hetzelfde Wetboek verschuldigde recht, wanneer later een hypotheek wordt gevestigd tot zekerheid van dezelfde schuld.
Art.69. Le droit de 0,5 p.c., perçu conformément à l'article 88 du Code des droits d'enregistrement, d'hypothèque et de greffe avant l'entrée en vigueur de l'article 56 de la présente loi, est déductible du droit dû en vertu de l'article 87 du même Code lorsqu'une hypothèque est constituée ultérieurement pour sûreté de la même dette.
HOOFDSTUK 8. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 8. - Entrée en vigueur
Art.70. Deze wet treedt in werking op de dag van inwerkingtreding van de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft en tot opheffing van diverse bepalingen ter zake, met uitzondering van de artikelen 31 tot 33 en artikel 68, die in werking treden op de tiende dag na de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad.
Art.70. La présente loi entre en vigueur le jour de l'entrée en vigueur de la loi du 11 juillet 2013 modifiant le Code civil en ce qui concerne les sûretés réelles mobilières et abrogeant diverses dispositions en cette matière à l'exception des articles 31 à 33 et l'article 68, qui entrent en vigueur le dixième jour qui suit la publication de la présente loi au Moniteur belge.
Art. 70/1. [1 Artikel 36 heeft uitwerking op 31 december 2016.]1
Art. 70/1. [1 L'article 36 produit ses effets le 31 décembre 2016.]1