Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
11 JULI 2018. - Wet op de Deposito- en Consignatiekas (NOTA : art. 6-9 gewijzigd in de toekomst door W2022-07-05/06, art. 47-49, 004; Inwerkingtreding : 01-01-2025)(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 20-07-2018 en tekstbijwerking tot 15-01-2024)
Titre
11 JUILLET 2018. - Loi sur la Caisse des Dépôts et Consignations (NOTE : art. 6 à 9 modifiés dans le futur par L2022-07-05/06, art. 47-49, 004; En vigueur : 01-01-2025)(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 20-07-2018 et mise à jour au 15-01-2024)
Dokumentinformationen
Info du document
Tekst (48)
Texte (48)
HOOFDSTUK 1. - Voorwerp
CHAPITRE 1er. . - Objet
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 74 de la Constitution.
HOOFDSTUK 2. - Definities
CHAPITRE 2. - Définitions
Art.2. Voor de toepassing van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten wordt verstaan onder:
  "consigneren": het krachtens een wet, decreet, ordonnantie of besluit, of een rechterlijke of administratieve beslissing, of op vrijwillige basis, overmaken van roerende goederen aan de Deposito- en Consignatiekas overeenkomstig de bepalingen van deze wet opdat deze laatste ze bewaart en ter beschikking houdt van degene die van zijn recht op uitkering doet blijken.
Art.2. Pour l'application de la présente loi et de ses arrêtés d'exécution, on entend par:
  "consigner": le transfert en vertu d'une loi, d'un décret, d'une ordonnance ou d'un arrêté, ou d'une décision judiciaire ou administrative, ou à titre volontaire, de biens meubles à la Caisse des Dépôts et Consignations conformément aux dispositions de la présente loi, pour que cette dernière les conserve et les tienne à la disposition de celui qui prouve en être l'ayant droit.
HOOFDSTUK 3. - Inrichting en opdracht
CHAPITRE 3. - Institution et mission
Art.3. Binnen de Algemene Administratie van de Thesaurie van de Federale Overheidsdienst Financiën bestaat er een Deposito- en Consignatiekas.
  De Deposito- en Consignatiekas maakt een afzonderlijke dienst uit en staat onder het gezag van de minister van Financiën.
  Onder voorbehoud van andersluidende bepalingen, worden de geconsigneerde goederen niet met het vermogen van de Schatkist vermengd.
Art.3. Au sein de l'Administration générale de la Trésorerie du Service public fédéral Finances, il existe une Caisse des Dépôts et Consignations.
  La Caisse des Dépôts et Consignations constitue un service distinct et est mise sous l'autorité du ministre des Finances.
  Sous réserve de dispositions contraires, les biens consignés ne sont pas confondus avec le patrimoine du Trésor.
Art.4. De Deposito- en Consignatiekas is, behoudens andersluidende bepalingen, als enige belast met de ontvangst, de bewaring en de teruggave van geconsigneerde goederen voor rekening van de Staat.
  De Koning bepaalt de categorieën van consigneerbare goederen en kan bepaalde goederen of categorieën van goederen uitsluiten of beperken.
Art.4. Sauf dispositions contraires, la Caisse des Dépôts et Consignations est seule chargée de recevoir, garder et restituer des biens consignés pour compte de l'Etat.
  Le Roi détermine les catégories de biens consignables et peut limiter ou exclure certains biens ou catégories de biens.
Art.5. De leidende ambtenaar van de Deposito- en Consignatiekas is rekenplichtig voor de aan de Deposito- en Consignatiekas toevertrouwde goederen.
Art.5. Le fonctionnaire dirigeant de la Caisse des Dépôts et Consignations est comptable des biens confiés à la Caisse des Dépôts et Consignations.
HOOFDSTUK 4. - Werking en digitalisering van de relatie tussen de Deposito- en Consignatiekas en de burgers en rechtspersonen
CHAPITRE 4. - Fonctionnement et numérisation des relations entre la Caisse des Dépôts et Consignations et les citoyens et personnes morales
Art.6. De Deposito- en Consignatiekas stelt een elektronische toepassing ter beschikking van haar gebruikers die toelaat goederen te consigneren en de teruggave ervan te vragen. De elektronische aangifte van consignatie of opvraging van consignatie via deze toepassing, die werden ingevuld en overgezonden overeenkomstig de daarin voorkomende aanduidingen, worden gelijkgesteld met een gewaarmerkte, gedagtekende en ondertekende aangifte of opvraging van consignatie.
  De Koning bepaalt de wijze van toegang tot, de werking en het gebruik van deze elektronische toepassing.
  Voor natuurlijke personen die in het kader van hun beroepswerkzaamheid handelen, zoals notarissen, advocaten, curatoren, gerechtsdeurwaarders, alsook de rechtspersonen, is het gebruik van deze elektronische toepassing verplicht.
Art.6. La Caisse des Dépôts et Consignations met à disposition de ses usagers une application électronique permettant de consigner des biens et d'en demander la restitution. La déclaration électronique de consignation ou la demande de restitution de consignation par le biais de cette application, complétées et transmises conformément aux indications qui y figurent, sont assimilées à une déclaration ou demande de restitution de consignation certifiées exactes, datées et signées.
  Le Roi détermine les modalités d'accès à cette application électronique, de son fonctionnement et de son usage.
  Pour les personnes physiques agissant dans le cadre de leurs activités professionnelles, telles que les notaires, avocats, curateurs, huissiers de justice ainsi que les personnes morales, l'utilisation de cette application électronique est obligatoire.
Art.7. § 1. Elke uitwisseling van informatie tussen de Deposito- en Consignatiekas en de burgers en rechtspersonen die rechtsgevolgen teweegbrengt wordt ingediend langs elektronische weg. Daartoe stelt de Deposito- en Consignatiekas, via een beveiligd elektronisch platform de nodige elektronische diensten ter beschikking van de burgers en rechtspersonen.
  In afwijking van het eerste lid, zijn de natuurlijke personen vrijgesteld van de verplichting om een elektronische dienst te gebruiken voor het vervullen van de in deze wet en haar uitvoeringsbesluiten opgenomen verplichtingen, alsook de verplichtingen die voortvloeien uit andere wetgeving die verband houden met de Deposito- en Consignatiekas, zolang zij niet over de nodige geïnformatiseerde middelen beschikken om aan deze verplichtingen te voldoen. In dit geval geschieden de voormelde verplichtingen op papier. Deze vrijstelling is niet van toepassing op de personen die gemachtigd zijn om deze verplichtingen te voldoen.
  De in het buitenland gevestigde natuurlijke en rechtspersonen zijn vrijgesteld van de verplichting om een elektronische dienst te gebruiken voor het vervullen van de in deze wet en haar uitvoeringsbesluiten opgenomen verplichtingen voor zover zij aantonen dat zij niet over de nodige geïnformatiseerde middelen beschikken om aan deze verplichtingen te voldoen. Een machtiging tot vrijstelling zal hen dan worden toegekend. In dit geval moet het verrichten van deze verplichtingen geschieden op papier. Deze vrijstelling is niet van toepassing op de personen die gemachtigd zijn om deze verplichtingen te voldoen.
  § 2. Wanneer een burger of rechtspersoon, langs elektronische weg en met naleving van de gebruiksregels, één van de in deze wet en haar uitvoeringsbesluiten opgenomen verplichtingen vervult, dan wordt de elektronische uitvoering ervan geacht dezelfde rechtsgevolgen te hebben als diegene die door de toepasselijke wettelijke of reglementaire bepalingen voor de uitwisseling van gegevens op papieren drager zijn voorzien.
  Een handtekening geplaatst met de elektronische identiteitskaart (e-ID) wordt gelijkgesteld met een handgeschreven handtekening.
Art.7. § 1er. Tout échange d'informations entre la Caisse des Dépôts et Consignations et les citoyens et personnes morales de nature à produire des effets de droit est effectué par voie électronique. A cette fin, la Caisse des Dépôts et Consignations met à disposition des citoyens et personnes morales, via une plate-forme électronique sécurisée, les services électroniques nécessaires.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, les personnes physiques sont dispensées de l'obligation de faire usage d'un service électronique pour l'accomplissement des obligations reprises dans la présente loi et ses arrêtés d'exécution, ainsi que les obligations découlant d'autres législations, aussi longtemps qu'elles ne disposent des moyens informatiques nécessaires pour accomplir ces obligations. Dans ce cas, l'accomplissement de ces obligations s'effectue sur support papier. Cette dispense ne s'applique pas aux personnes mandatées pour accomplir ces obligations.
  Les personnes physiques et morales établies à l'étranger sont dispensés de l'obligation de faire usage d'un service électronique pour l'accomplissement des obligations reprises dans la présente loi et ses arrêtés d'exécution pour autant qu'ils apportent la preuve qu'ils ne disposent pas des moyens informatiques nécessaires pour accomplir ces obligations. Une autorisation de dispense leur sera alors accordée. Dans ce cas, l'accomplissement de ces obligations s'effectue sur support papier. Cette dispense ne s'applique pas aux personnes mandatées pour accomplir ces obligations.
  § 2. Lorsqu'un citoyen ou une personne morale accomplit, par voie électronique et dans le respect des modalités d'utilisation, une des obligations reprises dans la présente loi et ses arrêtés d'exécution alors l'exécution électronique est considérée comme produisant les mêmes effets de droit que ceux prévus par les dispositions légales et réglementaires applicables pour les échanges d'informations effectués sur support papier.
  Une signature apposée à l'aide de la carte d'identité électronique (e-ID) est assimilée à une signature électronique.
Art.8. Elke uitwisseling van informatie tussen de Deposito- en Consignatiekas en de burgers of rechtspersonen die rechtsgevolgen teweegbrengt maakt het voorwerp uit van een elektronische ontvangstbevestiging.
  Wanneer informatie gericht wordt tot de Deposito- en Consignatiekas overeenkomstig het eerste lid, komt de datum van de betaling, de vraag, het document of informatie overeen met de datum van de ontvangstbevestiging bedoeld in het eerste lid.
Art.8. Tout échange d'informations entre la Caisse des Dépôts et Consignations et les citoyens et personnes morales de nature à produire des effets de droit fait l'objet d'un accusé de réception électronique.
  Lorsqu'une information est adressée à la Caisse des Dépôts et Consignations conformément à l'alinéa 1er, la date du paiement, de la demande, du document ou de l'information s'entend comme celle de l'accusé de réception électronique visé à l'alinéa 1er.
Art.9. De Deposito- en Consignatiekas stelt aan de burgers en rechtspersonen elektronische diensten ter beschikking die de oorsprong en de integriteit van de inhoud van de zending door middel van aangepaste beveiligingstechnieken garanderen.
Art.9. La Caisse des Dépôts et Consignations met à disposition des citoyens et personnes morales des services électroniques qui garantissent l'origine et l'intégrité du contenu de l'envoi au moyen de techniques de sécurisation adaptées.
Art.10. Met als doel de Deposito- en Consignatiekas toe te laten haar gebruikers op unieke wijze te identificeren, wordt iedere partij die bij een dossier van de Deposito- en Consignatiekas betrokken is, geïdentificeerd op basis van haar nummer van de Kruispuntbank van Ondernemingen of haar rijksregisternummer of, voor buitenlanders, hun equivalente officiële identificatienummer.
Art.10. Dans le but de permettre à la Caisse des Dépôts et Consignations d'identifier ses usagers de façon unique, chaque partie impliquée dans un dossier de la Caisse des Dépôts et Consignations est identifiée sur la base de son numéro de la Banque-Carrefour des Entreprises ou de son numéro d'identification au Registre national et, pour les étrangers, de leurs numéros d'identification officielle équivalents.
HOOFDSTUK 5. - Ontvangst van geconsigneerde goederen
CHAPITRE 5. - Réception des biens consignés
Art.11. De consignatiegever vermeldt voor elk type van consignatie alle relevante gegevens zoals gevraagd door de Deposito- en Consignatiekas. De Koning bepaalt deze gegevens [2 , onverminderd artikel 13, paragraaf 1]2.
  De Deposito- en Consignatiekas weigert het te consigneren goed in één of meer van de volgende gevallen:
  1° de consignatiegever geeft haar niet alle gevraagde inlichtingen;
  2° de consignatiegever geeft inlichtingen die onjuist of niet waarheidsgetrouw zijn;
  3° de consignatie gebeurt niet overeenkomstig deze wet of haar uitvoeringsbesluiten;
  4° [1 ...]1
  
Art.11. Le consignateur indique pour chaque type de consignation toutes les données pertinentes telles que demandées par la Caisse des Dépôts et Consignations. Le Roi fixe ces données [2 , sans préjudice de l'article 13, paragraphe 1er]2.
  La Caisse des Dépôts et Consignations refuse le bien à consigner dans un ou plusieurs des cas suivants:
  1° le consignateur ne lui donne pas toutes les informations demandées;
  2° le consignateur donne des informations qui sont incorrectes ou ne donnent pas une image exacte de la situation;
  3° la consignation ne se fait pas conformément à cette loi ou à ses arrêtés d'exécutions;
  4° [1 ...]1
  
Art.12. Wanneer de Deposito- en Consignatiekas een consignatie ontvangt, [1 stelt zij een ontvangstbewijs ter beschikking van de consignatiegever]1.
  Dit ontvangstbewijs geldt als rechtstitel tegenover de Deposito- en Consignatiekas.
  
Art.12. Quand la Caisse des Dépôts et Consignations reçoit une consignation, elle [1 met à disposition]1 un récépissé au consignateur.
  Ce récépissé forme titre envers la Caisse des Dépôts et Consignations.
  
Art.13. [1 § 1. De Deposito- en Consignatiekas houdt een register van alle geconsigneerde goederen met de vermelding van de beschikbare relevante gegevens van iedere consignatie. Deze gegevens bevatten persoonsgegevens met betrekking de identificatie van de rechthebbende op deze geconsigneerde goederen, met name:
   1° de naam;
   2° de voornaam;
   3° het identificatienummer bij het Rijksregister of voor buitenlanders, een gelijkwaardig officieel identificatienummer;
   4° het identificatienummer bij de Kruispuntbank van Ondernemingen of voor buitenlanders, een gelijkwaardig officieel identificatienummer;
   5° de geboortedatum;
   6° het bankrekeningnummer;
   7° het adres van elektronische post;
   8° het telefoonnummer.
   Wanneer de Deposito- en Consignatiekas niet over het identificatienummer bij het Rijksregister beschikt, omvatten de in lid 1 bedoelde persoonsgegevens ook het geslacht, het adres, de geboorteplaats en de verblijfplaats.
   § 2. Alle partijen die bij een dossier betrokken zijn, hebben elektronisch toegang tot de gegevens uit dit register die op hen betrekking hebben.
   De Algemene Administratie van Inning en Invordering en de Algemene Administratie van de Fiscaliteit en de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie [2 en de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen]2 van de Federale Overheidsdienst Financiën alsmede de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid hebben eveneens toegang tot de gegevens van het register met betrekking tot een consignatie maar alleen in het kader van de uitvoering van hun respectievelijke taken.
   § 3. De Federale Overheidsdienst Financiën vertegenwoordigd door de voorzitter van het Directiecomité is de verwerkingsverantwoordelijke in de zin van de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG en van de wet van 30 juli 2018 met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens die zij krachtens deze wet en haar uitvoeringsbesluiten verzamelt, verwerkt en opslaat voor de doeleinden van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten.
   § 4. De Deposito- en Consignatiekas verwerkt de persoonsgegevens die zij ontvangt alleen voor het beheer van de geconsigneerde goederen.
   § 5. Deze persoonsgegevens worden bewaard tot tien jaar na de sluiting van het dossier.]1

  
Art.13. [1 § 1er. La Caisse des Dépôts et Consignations tient un registre de tous les biens consignés avec mention de toutes les données pertinentes disponibles pour chaque consignation. Ces données comprennent les données à caractère personnel relatives à l'identification de l'ayant droit des biens consignés suivantes :
   1° le nom ;
   2° le prénom ;
   3° le numéro d'identification au Registre national ou pour les étrangers, le numéro d'identification officielle équivalent ;
   4° le numéro d'identification à la Banque-Carrefour des Entreprises ou pour les étrangers, le numéro d'identification officielle équivalent ;
   5° la date de naissance ;
   6° le numéro de compte bancaire ;
   7° l'adresse de courrier électronique ;
   8° le numéro de téléphone.
   Dans les cas où la Caisse des Dépôts et Consignations ne dispose pas du numéro d'identification au Registre national, les données à caractère personnel visées à l'alinéa 1er incluent également le sexe, l'adresse, le lieu de naissance et adresse de résidence.
   § 2. Toutes les parties impliquées dans un dossier ont un droit d'accès électronique aux données de ce registre qui les concernent.
   L'Administration générale de la Perception et du Recouvrement et l'Administration générale de la Fiscalité et l'Administration générale de la Documentation patrimoniale [2 et l'Administration générale des Douanes et Accises]2 du Service public fédéral Finances, ainsi que l'Office National de la Sécurité Sociale ont également accès à toutes les données du registre relatives à une consignation, uniquement dans le cadre de l'exécution de leurs missions respectives.
   § 3. Le Service public fédéral Finances représenté par le président du Comité de direction est le responsable du traitement au sens du Règlement (UE) 2016/679 du Parlement européen et du Conseil du 27 avril 2016 relatif à la protection des personnes physiques à l'égard du traitement des données à caractère personnel et à la libre circulation de ces données, et abrogeant la directive 95/46/CE et de la loi du 30 juillet 2018 relative à la protection des personnes physiques, à l'égard des traitements de données à caractère personnel qu'il collecte, traite et conserve en application de la présente loi et de ses arrêtés d'exécution.
   § 4. La Caisse des Dépôts et Consignations traite les données à caractère personnel recueillies uniquement à des fins de gestion des biens consignés.
   § 5. Ces données à caractère personnel sont conservées pour une durée de dix ans après la clôture du dossier.]1

  
Art.13/1. [1 Elke betaling verricht ten bate van een derde door middel van een consignatie bedoeld in artikel 11, eerste lid bevrijdt de consignatiegever van alle verplichtingen ten aanzien van deze derde tot beloop van het geconsigneerde bedrag. Deze overdracht moet uitgevoerd worden overeenkomstig de modaliteiten weerhouden in huidige wet.
   De Deposito- en Consignatiekas treedt niet in de rechten en verplichtingen van de consignatiegever, met uitzondering van de verplichting tot teruggave van de goederen. De Deposito- en Consignatiekas is enkel verplicht tot teruggave van de tegoeden ten belope van het geconsigneerd bedrag.
   Dit artikel is niet van toepassing in geval van vergissing of fout in hoofde van de consignatiegever of in geval er een andere wettelijke bepaling van toepassing is.]1

  
Art.13/1. [1 Tout paiement effectué au bénéfice d'un tiers au moyen d'une consignation visée à l'article 11, alinéa 1er, libère le consignateur de toutes obligations à l'égard de ce tiers, à concurrence du montant consigné. Ce transfert doit avoir été exécuté conformément aux modalités reprises dans la présente loi.
   La Caisse des Dépôts et Consignations ne reprend pas les droits et les obligations du consignateur, à l'exception de l'obligation de restitution des biens. La Caisse des Dépôts et Consignations n'est responsable de la restitution des fonds qu'à concurrence du montant consigné.
   Cet article ne s'applique pas en cas d'erreur ou de faute dans le chef du consignateur et dans le cas où une disposition légale en dispose autrement.]1

  
HOOFDSTUK 6. - Bewaring van de geconsigneerde goederen
CHAPITRE 6. - Conservation des biens consignés
Art.14. De Deposito- en Consignatiekas bewaart de geconsigneerde goederen met het oog op de teruggave ervan aan de rechthebbenden.
Art.14. La Caisse des Dépôts et Consignations conserve les biens consignés en vue de leur restitution aux ayants droit.
Art.15. De Deposito- en Consignatiekas kan voor de bewaring van de geconsigneerde goederen externe bewaarders aanstellen overeenkomstig de wettelijke bepalingen op de overheidsopdrachten.
Art.15. La Caisse des Dépôts et Consignations peut désigner, pour la conservation de certains biens consignés, des dépositaires externes conformément aux dispositions légales en matière de marchés publics.
Art.16. De Deposito- en Consignatiekas kan voor de consignatie dossierkosten aanrekenen aan de consignatiegever of de rechthebbende of aan een andere betrokken partij.
  [1 De Deposito- en Consignatiekas kan iedere nieuwe consignaties weigeren, indien de kosten, voorzien in het eerste lid niet voldaan zijn.]1
  De Deposito- en Consignatiekas kan de geconsigneerde goederen te gelde maken als deze kosten onbetaald blijven.
  De Koning bepaalt de regels over het bedrag, de berekening, de aanrekening en de inning van deze kosten, alsook de wijze waarop geconsigneerde goederen te gelde gemaakt worden.
  
Art.16. La Caisse des Dépôts et Consignations peut facturer des frais de dossier au consignateur ou à l'ayant droit ou à une autre partie impliquée.
  [1 La Caisse des Dépôts et Consignations peut refuser toute nouvelle consignation si les frais de dossier visés à l'alinéa 1er ne sont pas réglés.]1
  La Caisse des Dépôts et Consignations peut réaliser les biens consignés en cas de non-remboursement de ces frais.
  Le Roi détermine les règles concernant le montant, le calcul, l'imputation et la perception de ces frais, ainsi que les modalités de la réalisation des biens consignés.
  
Art.17. [1 De geconsigneerde sommen bij de Deposito- en Consignatiekas worden geplaatst en belegd in financiële instrumenten uitgegeven door een overheidsinstelling in de zin van het Europees Systeem van nationale en regionale rekeningen.]1
  
Art.17. [1 Les sommes consignées à la Caisse des Dépôts et Consignations sont placées et investies en instruments financiers émis par toute unité d'administration publique au regard du Système Européen des comptes nationaux et régionaux.]1
  
Art.18. De met toepassing van hoofdstuk 8 verjaarde consignaties en de dossierkosten bedoeld in artikel 16 worden in de Schatkist gestort.
  De Schatkist betaalt aan de Deposito- en Consignatiekas de interest terug die zij overeenkomstig artikel 20 heeft uitbetaald.
  De sommen die de Schatkist overeenkomstig het eerste lid ontvangt, worden jaarlijks op de middelenbegroting gebracht.
  De aan derden uit te betalen interesten en kosten, alsook de kosten van externe bewaarders worden jaarlijks op de algemene uitgavenbegroting geboekt.
Art.18. Les consignations prescrites en application du chapitre 8 et les frais de dossier visés à l'article 16 sont versés au Trésor.
  Le Trésor rembourse à la Caisse des Dépôts et Consignations les intérêts qu'elle a payés conformément à l'article 20.
  Les sommes que le Trésor reçoit conformément à l'alinéa premier sont portées annuellement au budget des voies et moyens.
  Les intérêts et les frais à payer aux tiers, ainsi que les frais des dépositaires externes sont portés annuellement au budget général des dépenses.
HOOFDSTUK 7. - Teruggave van geconsigneerde goederen en interesten
CHAPITRE 7. - Restitution des biens consignés et intérêts
Art.19. De Deposito- en Consignatiekas geeft de geconsigneerde goederen af aan de rechthebbende als deze zijn hoedanigheid van rechthebbende bewijst aan de hand van stukken die wettelijk, reglementair, rechterlijk, administratief of conventioneel vereist zijn, of als hij op afdoende wijze zijn hoedanigheid van rechthebbende aantoont.
  In voorkomend geval kan de Koning bepalen welke bewijsstukken de rechthebbende aan de Deposito- en Consignatiekas moet voorleggen voor de vrijgave van de geconsigneerde goederen.
Art.19. La Caisse des Dépôts et Consignations restitue les biens consignés à l'ayant droit si celui-ci prouve sa qualité d'ayant droit à l'aide de pièces requises légalement, réglementairement, judiciairement, administrativement ou conventionnellement, ou s'il démontre, moyennant preuve suffisante, sa qualité d'ayant droit.
  Le cas échéant, le Roi peut déterminer quels documents probants l'ayant droit doit présenter à la Caisse des Dépôts et Consignations pour libérer les biens consignés.
Art.19/1. [1 De volgende geconsigneerde goederen kunnen door de Deposito- en Consignatiekas worden vrijgegeven aan de consignatiegever:
   1° de borgtochten gesteld in uitvoering van hoofdstuk 2, afdeling 3, van het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten vijftien jaar na op het stellen van de borgtocht, tenzij de aanbesteder een juridische procedure tot voorafname van de borgtocht heeft ingesteld en hij de Deposito- en Consignatiekas hierover geïnformeerd heeft per aangetekend schrijven of via de elektronische toepassing zoals bedoeld in artikel 6.
   2° de borgtochten gesteld in uitvoering van artikel 3 van het koninklijk besluit van 21 oktober 1971 houdende uitvoering van de wet van 9 juli 1971 tot regeling van de woningbouw en de verkoop van te bouwen of in aanbouw zijnde woningen tien jaar na de voorlopige oplevering of bij gebrek hieraan vijftien jaar na het stellen van de borgtocht, tenzij de koper of bouwheer een juridische procedure tot voorafname van de borgtocht heeft ingesteld en hij de Deposito- en Consignatiekas hierover geïnformeerd heeft per aangetekend schrijven of via de elektronische toepassing zoals bedoeld in artikel 6.]1

  
Art.19/1. [1 Les biens consignés suivants peuvent être libérés par la Caisse des Dépôts et Consignation au profit du consignateur :
   1° les cautionnements constitués en exécution du chapitre 2, section 3, de l'arrêté royal du 14 janvier 2013 établissant les règles générales d'exécution des marchés publics, quinze ans suivant la constitution du cautionnement, sauf si l'adjudicateur a introduit une action en justice pour le prélèvement du cautionnement et qu'il en a informé la Caisse de Dépôts et Consignations par courrier recommandé ou au moyen de l'application électronique visée à l'article 6.
   2° les cautionnements constitués en exécution de l'article 3 de l'arrêté royal du 21 octobre 1971 portant exécution de la loi du 9 juillet 1971 réglementant la construction d'habitations et la vente d'habitations à construire ou en voie de construction, dix ans suivant la réception provisoire ou, à défaut, quinze ans suivant la constitution du cautionnement, sauf si l'acheteur ou le maître de l'ouvrage a introduit une action en justice pour le prélèvement du cautionnement et qu'il en a informé la Caisse de Dépôts et Consignations par courrier recommandé ou au moyen de l'application électronique visée à l'article 6.]1

  
Art.20. De Deposito- en Consignatiekas berekent jaarlijks interesten over de geconsigneerde bedragen.
  De interesten beginnen te lopen op de eerste dag van de maand na die van de consignatie en houden op te lopen de laatste dag van de maand vóór de terugbetaling.
  De maand wordt gerekend naar rato van dertig dagen.
  Deze interesten worden niet gekapitaliseerd.
  De Deposito- en Consignatiekas kent geen interest toe op:
  1° sommen die minder dan één jaar geconsigneerd blijven;
  2° sommen in deviezen;
  3° vruchten van geconsigneerde effecten;
  4° uitbetalingen door de Deposito- en Consignatiekas aan de rechthebbenden die haar teruggezonden worden.
  De Deposito- en Consignatiekas betaalt de interesten uit bij de terugbetaling van de geconsigneerde sommen, of jaarlijks op vraag van de rechthebbende.
  Artikel 2277 van het Burgerlijk Wetboek vindt geen toepassing op de interesten die de Deposito- en Consignatiekas betaalt.
  De Koning bepaalt nadere regels over de berekening, de aanrekening en de storting van deze interesten, alsook de rentevoet.
Art.20. La Caisse des Dépôts et Consignations calcule annuellement des intérêts sur les sommes consignées.
  Les intérêts commencent à courir le premier jour du mois qui suit celui de la consignation et cessent de courir le dernier jour du mois qui précède le remboursement.
  Le mois est compté à raison de trente jours.
  Ces intérêts ne sont pas capitalisés.
  La Caisse des Dépôts et Consignations n'octroie pas d'intérêts sur:
  1° les sommes qui restent consignées pendant moins d'un an;
  2° les sommes en devises;
  3° les fruits des titres consignés;
  4° les paiements effectués par la Caisse des Dépôts et Consignations à destination d'ayants droit et qui lui sont retournés.
  La Caisse des Dépôts et Consignations paie les intérêts au moment du remboursement des sommes consignées, ou annuellement à la demande de l'ayant droit.
  L'article 2277 du Code civil ne s'applique pas aux intérêts payés par la Caisse des Dépôts et Consignations.
  Le Roi détermine les modalités de calcul, d'imputation et de versement de ces intérêts, ainsi que le taux.
Art.21. De Deposito- en Consignatiekas geeft de geconsigneerde goederen alleen terug nadat de consignatiegever, de rechthebbende of een andere aangeduide betrokken partij alle met de consignatie verband houdende kosten bedoeld in artikel 16 heeft terugbetaald.
  In voorkomend geval geeft de Deposito- en Consignatiekas de geconsigneerde goederen enkel terug na afhouding van de kosten die verband houden met de consignatie.
Art.21. La Caisse des Dépôts et Consignations restitue les biens consignés seulement après que le consignateur, l'ayant droit ou toute autre partie impliquée désignée a remboursé tous les frais visés à l'article 16 liés à la consignation.
  La Caisse des Dépôts de Consignations, le cas échéant, restitue les biens consignés après prélèvement des frais liés à la consignation.
Art.21/1. [1 De Deposito- en Consignatiekas kan alle geconsigneerde bedragen die zij moet teruggeven zonder formaliteit en naar keuze van de bevoegde ambtenaar gebruiken voor de betaling van schulden van de rechthebbende waarvan de inning en invordering door de federale overheidsdienst financiën of door de rijksdienst voor sociale zekerheid verzekerd wordt.
   De aanwending van de geconsigneerde goederen wordt beperkt tot het niet-betwiste gedeelte van de schuldvorderingen op de rechthebbende.
  [2 ...]2]1

  
Art.21/1. [1 La Caisse des Dépôts et Consignations peut affecter tous les montants consignés à restituer, sans formalités et au choix du fonctionnaire compétent, au paiement des dettes de l'ayant droit dont la perception et le recouvrement sont assurés par le Service public fédéral Finances ou par l'Office national de sécurité sociale.
   L'affectation des biens consignés est limitée à la partie non contestée des créances à l'égard de l'ayant droit.
  [2 ...]2]1

  
HOOFDSTUK 8. - Verjaring
CHAPITRE 8. - Prescription
Art.22. De om eender welke reden geconsigneerde goederen vervallen aan de Schatkist na een termijn van dertig jaar die begint te lopen vanaf de ontvangst van deze goederen.
  In afwijking van het eerste lid gaat de verjaringstermijn niet in zolang de rechthebbende geen rechtsgeldige aanvraag tot teruggave kan doen omdat de wet, het decreet, de ordonnantie of het besluit dit verhindert.
  De termijn bedoeld in het eerste lid wordt gestuit door één van de volgende stuitingsdaden:
  1° een ontvangst of teruggave in verband met de geconsigneerde goederen;
  2° één van de daden bedoeld in artikel 2244 van het Burgerlijk Wetboek.
  Het toekennen of storten van interesten door de Deposito- en Consignatiekas overeenkomstig artikel 20 is geen stuitingsdaad in de zin van het derde lid, 1°.
Art.22. Les biens consignés, à quelque titre que ce soit, à la Caisse des Dépôts et Consignations sont acquis au Trésor après un délai de trente ans à partir de la réception de ces biens.
  Par dérogation à l'alinéa premier, le délai de prescription ne commence pas à courir tant que l'ayant droit ne peut pas introduire de demande de restitution valable parce que la loi, le décret, l'ordonnance ou l'arrêté l'en empêche.
  Le délai visé à l'alinéa premier est interrompu par l'un des actes interruptifs suivants:
  1° une opération de réception ou de restitution en lien avec les biens consignés;
  2° un des actes visés à l'article 2244 du Code civil.
  L'attribution ou le versement des intérêts par la Caisse des Dépôts et Consignations conformément à l'article 20 n'est pas un acte interruptif au sens de l'alinéa 3, 1°.
HOOFDSTUK 9. - Gerechtelijke beslissingen
CHAPITRE 9. - Décisions judicaires
Art.24. Als de Deposito- en Consignatiekas geen partij bij het geschil is worden in kracht van gewijsde gegane gerechtelijke beslissingen over de identiteit van de rechthebbende aan wie de Deposito- en Consignatiekas de geconsigneerde goederen moet vrijgeven, rechtsgeldig ten uitvoer gelegd door het overmaken van een kopie van de gerechtelijke beslissing.
Art.24. Lorsque la Caisse des Dépôts et Consignations n'est pas partie au litige, les décisions judiciaires coulées en force de chose jugée portant sur l'identité de l'ayant droit à qui la Caisse doit libérer les biens consignés, sont valablement exécutées par l'envoi de la copie de cette décision judiciaire.
HOOFDSTUK 10. - Wijzigingsbepalingen
CHAPITRE 10. - Dispositions modificatives
Art.25. In het koninklijk besluit nr. 150 van 18 maart 1935 tot samenschakeling van de wetten betreffende de inrichting en de werking van de Deposito- en Consignatiekas en tot aanbrenging van wijzigingen daarin krachtens de wet van 31 juli 1934, worden volgende artikelen opgeheven:
  1° de artikelen 1 tot 3;
  2° artikel 4, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 17 december 2009 en 26 november 2012;
  3° artikel 6;
  4° artikel 7, vervangen bij de wet van 8 juni 2008;
  5° de artikelen 8 tot 11;
  6° artikel 12, gewijzigd bij de wet van 11 juli 2013;
  7° artikel 13;
  8° artikel 14, gewijzigd bij de wet van 6 augustus 1993;
  9° de artikelen 21 tot 22;
  10° artikel 23, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 december 2009;
  11° de artikelen 24 tot 31;
  12° artikel 32, vervangen bij de wet van 31 juli 2017;
  13° de artikelen 33 tot 34;
  14° artikel 35, gewijzigd bij de wet van 29 maart 1949 en de wet van 31 juli 2017;
  15° artikel 36, gewijzigd bij de wet van 31 juli 2017;
  16° artikel 37, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 26 april 2007;
  17° artikel 39;
  18° artikel 41;
  19° artikel 42bis, ingevoegd bij de wet van 6 augustus 1993;
  20° artikel 44.
Art.25. Dans l'arrêté royal n° 150 du 18 mars 1935 coordonnant les lois relatives à l'organisation et au fonctionnement de la Caisse des Dépôts et Consignations et y apportant des modifications en vertu de la loi du 31 juillet 1934, les articles suivants sont abrogés:
  1° les articles 1 à 3;
  2° l'article 4, modifié par les arrêtés royaux des 17 décembre 2009 et 26 novembre 2012;
  3° l'article 6;
  4° l'article 7, remplacé par la loi du 8 juin 2008;
  5° les articles 8 à 11;
  6° l'article 12, modifié par la loi du 11 juillet 2013;
  7° l'article 13;
  8° l'article 14, modifié par la loi du 6 août 1993;
  9° les articles 21 à 22;
  10° l'article 23, modifié par l'arrêté royal du 17 décembre 2009;
  11° les articles 24 à 31;
  12° l'article 32, remplacé par la loi du 31 juillet 2017;
  13° les articles 33 à 34;
  14° l'article 35, modifié par la loi du 29 mars 1949 et la loi du 31 juillet 2017;
  15° l'article 36, modifié par la loi du 31 juillet 2017;
  16° l'article 37, modifié par l'arrêté royal du 26 avril 2007;
  17° l'article 39;
  18° l'article 41;
  19° l'article 42bis, inséré par la loi du 6 août 1993;
  20° l'article 44.
HOOFDSTUK 11. - Opheffingbepalingen
CHAPITRE 11. - Dispositions abrogatoires
Art.26. Worden opgeheven:
  1° Het koninklijk besluit nr. 150 van 18 maart 1935 tot samenschakeling van de wetten betreffende de inrichting en de werking van de Deposito- en Consignatiekas en tot aanbrenging van wijzigingen daarin krachtens de wet van 31 juli 1934, gewijzigd bij de wetten van 29 maart 1949, 6 augustus 1993, 20 juli 2000, 26 april 2007, 8 juni 2008, 22 juni 2012, 11 juli 2013, 31 juli 2017 en bij de koninklijke besluiten van 30 november 1939, 26 juni 1947 en 17 december 2009;
  2° Het koninklijk besluit van 12 december 1934 tot wijziging der inrichting der Deposito- en Consignatiekas.
Art.26. Sont abrogés:
  1° L'arrêté royal n° 150 du 18 mars 1935 coordonnant les lois relatives à l'organisation et au fonctionnement de la Caisse des Dépôts et Consignations et y apportant des modifications en vertu de la loi du 31 juillet 1934, modifié par les lois des 29 mars 1949, 6 août 1993, 20 juillet 2000, 26 avril 2007, 8 juin 2008, 22 juin 2012, 11 juillet 2013, 31 juillet 2017 et par les arrêtés royaux des 30 novembre 1939, 26 juin 1947 et 17 décembre 2009;
  2° L'arrêté royal du 12 décembre 1934 modifiant l'organisation de la Caisse des dépôts et consignations.
HOOFDSTUK 12. - Overgangsbepalingen
CHAPITRE 12. - Dispositions transitoires
Art.27. Deze wet is van toepassing op alle dossiers die bij de Deposito- en Consignatiekas openstonden op het ogenblik van inwerkingtreding van deze wet.
  Aan verworven rechten wordt geen afbreuk gedaan.
Art.27. La présente loi s'applique à tous les dossiers ouverts à la Caisse des Dépôts et Consignations au moment de son entrée en vigueur.
  Il n'est pas porté atteinte aux droits acquis.
Art.27 /. [1 In afwijking van artikel 19/1, worden de borgtochten die tussen 1 januari 1992 en 31 december 2006 werden gesteld, vrijgegeven aan de consignatiegever na een periode van 3 maanden vanaf 30 juni 2021, tenzij de aanbesteder, koper of bouwheer een juridische procedure tot voorafname van de borgtocht heeft ingesteld en hij de Deposito- en Consignatiekas hierover geïnformeerd heeft per aangetekend schrijven of via de elektronische toepassing zoals bedoeld in artikel 6.]1
  
Art.27/1. [1 Par dérogation à l'article 19/1, les cautions qui sont constituées entre le 1er janvier 1992 et le 31 décembre 2006, sont libérées au profit du consignateur après un délai de 3 mois à compter du 30 juin 2021, sauf si l'adjudicateur, l'acheteur ou le maître de l'ouvrage a introduit une action en justice pour le prélèvement du cautionnement et qu'il en a informé la Caisse de Dépôts et Consignations par courrier recommandé ou au moyen de l'application électronique visée à l'article 6.]1
  
Art.28. In afwijking van artikel 22 vervallen de geconsigneerde goederen waarvan de waarde op het moment van de inwerkingtreding van deze wet kleiner dan of gelijk is aan twintig euro en waarvoor sinds 5 jaar geen inkomende of uitgaande verrichting gebeurd is, onmiddellijk aan de Schatkist.
Art.28. Par dérogation à l'article 22, sont immédiatement acquis au Trésor les biens consignés dont la valeur au moment de l'entrée en vigueur de cette loi est inférieure ou égale à vingt euros et pour lesquels aucune opération entrante ou sortante n'est intervenue depuis 5 ans.
Art.30. De besluiten genomen ter uitvoering van het koninklijk besluit nr. 150 van 18 maart 1935 tot samenschakeling van de wetten betreffende de inrichting en de werking van de Deposito- en Consignatiekas en tot aanbrenging van wijzigingen daarin krachtens de wet van 31 juli 1934, blijven van kracht voor zover ze niet strijdig zijn met de bepalingen van deze wet.
Art.30. Les arrêtés pris en exécution de l'arrêté royal n° 150 du 18 mars 1935 coordonnant les lois relatives à l'organisation et au fonctionnement de la Caisse des Dépôts et Consignations et y apportant des modifications en vertu de la loi du 31 juillet 1934, restent d'application, pour autant qu'ils ne soient pas contraires aux dispositions de la présente loi.
HOOFDSTUK 13. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 13. - Entrée en vigueur
Art. 31. Deze wet treedt in werking op 1 september 2018, met uitzondering van de artikelen 20 en 26, 1°, die in werking treden op 1 januari 2019 en van hoofdstuk 4, dat in werking treedt op 1 januari 2020.
  De Koning kan voor hoofdstuk 4 een datum van inwerkingtreding bepalen voorafgaand aan de datum vermeld in het eerste lid.
Art. 31. La présente loi entre en vigueur le 1er septembre 2018, à l'exception des articles 20 et 26, 1°, qui entrent en vigueur le 1er janvier 2019 et du chapitre 4 qui entre en vigueur le 1er janvier 2020.
  En ce qui concerne le chapitre 4, le Roi peut fixer une date d'entrée en vigueur antérieure à celle mentionnée à l'alinéa 1er.