Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
25 APRIL 2019. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot bepaling van de vorm en van de procedures voor de bekendmaking en de terbeschikkingstelling van de beslissingen, genomen door het college van burgemeester en schepenen, de gemachtigde ambtenaar en de Regering inzake stedenbouwkundige vergunningen, verkavelingsvergunningen en stedenbouwkundige attesten(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 08-05-2019 en tekstbijwerking tot 29-12-2020)
Titre
25 AVRIL 2019. - Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale réglant la forme ainsi que les procédés d'information et de mise à disposition des décisions prises en matière de permis d'urbanisme, de permis de lotir et de certificat d'urbanisme par le collège des bourgmestre et échevins, le fonctionnaire délégué et le Gouvernement(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 08-05-2019 et mise à jour au 29-12-2020)
Dokumentinformationen
Numac: 2019041127
Datum: 2019-04-25
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2019041127
Date: 2019-04-25
Moniteur: Voir
Tekst (13)
Texte (13)
HOOFDSTUK I. - Definities
CHAPITRE Ier. - Définitions
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  1° "BWRO" : het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening;
  2° "publiek" : een of meerdere natuurlijke of rechtspersonen en de verenigingen, organisaties of groepen die samengesteld zijn uit deze personen.
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
  1° "CoBAT" : le Code bruxellois de l'Aménagement du Territoire;
  2° "public" : une ou plusieurs personnes physiques ou morales et les associations, organisations ou groupes constitués par ces personnes.
HOOFDSTUK II. - Vorm van de beslissingen
CHAPITRE II. - Forme des décisions
Art. 2. Dit hoofdstuk is van toepassing op de volgende beslissingen :
  1° De beslissingen die het college van burgemeester en schepenen neemt inzake stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig artikel 156, § 1 van het BWRO;
  2° De beslissingen die het college van burgemeester en schepenen neemt inzake stedenbouwkundige attesten overeenkomstig artikel 200 van het BWRO;
  3° De schorsing, door de gemachtigde ambtenaar, van de beslissingen zoals bedoeld in punt 1°, overeenkomstig artikel 161, § 2 van het BWRO;
  4° De schorsing, door de gemachtigde ambtenaar, van de beslissingen zoals bedoeld in punt 2°, overeenkomstig artikel 201 van het BWRO;
  5° De beslissingen die de gemachtigde ambtenaar neemt inzake stedenbouwkundige vergunningen overeenkomstig de artikelen 178, § 1 en 178/2 van het BWRO;
  6° De beslissingen die de gemachtigde ambtenaar neemt inzake verkavelingsvergunningen overeenkomstig artikel 178, § 1 van het BWRO;
  7° De beslissingen die de gemachtigde ambtenaar neemt inzake stedenbouwkundige vergunningen voor schoolvoorzieningen, overeenkomstig artikel 197/13 van het BWRO;
  8° De beslissingen die de gemachtigde ambtenaar neemt inzake stedenbouwkundige attesten overeenkomstig artikel 200 van het BWRO;
  9° De annulering, door de Regering, van de beslissingen die bedoeld worden in punt 1°, overeenkomstig artikel 162 van het BWRO;
  10° De annulering, door de Regering, van de beslissingen, bedoeld in punt 2°, overeenkomstig artikel 201 van het BWRO;
  11° De beslissingen die de Regering neemt inzake de stedenbouwkundige vergunning en de verkavelingsvergunning, overeenkomstig artikel 188/3 van het BWRO;
  12° De beslissingen die de Regering neemt inzake stedenbouwkundige vergunningen voor schoolvoorzieningen, overeenkomstig artikel 197/15, § 4 van het BWRO.
Art. 2. Le présent chapitre s'applique aux décisions suivantes :
  1° Les décisions prises en matière de permis d'urbanisme par le collège des bourgmestre et échevins, conformément à l'article 156, § 1er, du CoBAT;
  2° Les décisions prises en matière de certificat d'urbanisme par le collège des bourgmestre et échevins, conformément à l'article 200 du CoBAT;
  3° La suspension, par le fonctionnaire délégué, des décisions visées au point 1°, conformément à l'article 161, § 2, du CoBAT;
  4° La suspension, par le fonctionnaire délégué, des décisions visées au point 2°, conformément à l'article 201 du CoBAT;
  5° Les décisions prises en matière de permis d'urbanisme par le fonctionnaire délégué, conformément aux articles 178, § 1er, et 178/2 du CoBAT;
  6° Les décisions prises en matière de permis de lotir par le fonctionnaire délégué, conformément à l'article 178, § 1er, du CoBAT;
  7° Les décisions prises en matière de permis d'urbanisme concernant des équipements scolaires par le fonctionnaire délégué, conformément à l'article 197/13 du CoBAT
  8° Les décisions prises en matière de certificats d'urbanisme par le fonctionnaire délégué, conformément à l'article 200 du CoBAT;
  9° L'annulation, par le Gouvernement, des décisions visées au point 1°, conformément à l'article 162 du CoBAT;
  10° L'annulation, par le Gouvernement, des décisions visées au point 2°, conformément à l'article 201 du CoBAT;
  11° Les décisions prises en matière de permis d'urbanisme et de permis de lotir par le Gouvernement, conformément à l'article 188/3 du CoBAT;
  12° Les décisions prises en matière de permis d'urbanisme concernant des équipements scolaires par le Gouvernement, conformément à l'article 197/15, § 4 du CoBAT.
Art. 3. Onverminderd de BWRO-bepalingen moeten de bovenvermelde beslissingen de volgende vermeldingen bevatten of ervan vergezeld worden :
  1° De identificatie van de aanvraag;
  2° De redenen in rechte en in feite die de beslissing rechtvaardigen;
  3° De voorwaarden en/of kosten die desgevallend gepaard gaan met de beslissing;
  4° De datum en de handtekening van de uitreikende overheid;
  5° De vermelding van de mogelijkheden tot beroep en van de termijn waarbinnen het beroep ingesteld kan worden[1 ;]1
  [2 6° De verplichting tot aanplakking, voorzien in artikel 6, § 1, tweede lid.]2
  
Art. 3. Sans préjudice des dispositions du CoBAT, les décisions précitées comprennent ou s'accompagnent des mentions suivantes :
  1° L'identification de la demande;
  2° Les motifs de droit et de fait qui justifient la décision;
  3° Les conditions et/ou charges qui assortissent, le cas échéant, la décision;
  4° La date ainsi que la signature de l'autorité délivrante;
  5° L'indication des voies de recours ainsi que du délai dans lequel le recours peut être exercé[1 ;]1
  [2 6° L'obligation de mettre en place l'affichage prévu à l'article 6, § 1er, alinéa 2.]2
  
HOOFDSTUK III. - Informatie en terbeschikkingstelling van de beslissingen
CHAPITRE III. - Information et mise à disposition des décisions
Art. 4. Dit hoofdstuk is van toepassing op de beslissingen, bedoeld in artikel 2 [1 , met uitzondering van de beslissingen vermeld in ° 2, ° 4, ° 8 en ° 10]1.
  
Art. 4. Le présent chapitre s'applique aux décisions visées à l'article 2 [1 , à l'exception des décisions visées au 2°, 4°, 8° et 10°]1.
  
Art. 5. De in artikel 4 bedoelde beslissingen worden via elektronische weg betekend aan de overheden die werden geraadpleegd in het kader van het onderzoek van de ermee samenhangende aanvraag, op het vooraf meegedeelde mailadres of, bij het ontbreken hiervan, via een ter post aangetekende zending.
  Deze kennisgeving valt samen met de kennisgevingen, respectievelijk bedoeld in de artikelen 156, § 1, 161, § 1, 162, 178, § 1, 178/2, 188/3, 197/13 en 197/15 van het BWRO.
Art. 5. Les décisions visées à l'article 4 sont notifiées par la voie électronique aux autorités consultées dans le cadre de l'instruction de la demande y relative, à l'adresse électronique préalablement communiquée, ou à défaut, par pli recommandé à la poste.
  Cette notification intervient simultanément aux notifications respectivement visées par les articles 156, § 1er, 161, § 1er, 162, 178, § 1er, 178/2, 188/3, 197/13 et 197/15 du CoBAT.
Art. 6. § 1. Onverminderd artikel 194/2 van het BWRO wordt elke beslissing, bedoeld in artikel 2, [1 ...]1 [1 gedurende minstens dertig dagen]1 gepubliceerd op de website van de gemeente(n) waar het project gelegen is en op wiens grondgebied het openbaar onderzoek plaatsgevonden heeft.
  [2 Tijdens de bekendmaking van de beslissing op internet worden de volgende gegevens niet vrijgegeven:
   - de identiteit van de aanvrager;
   - de identiteit van de dossierbeheerder;
   - de identiteit van elke andere persoon dan de aanvrager of de dossierbeheerder die betrokken was bij de behandeling van het dossier;
   - gegevens die het voorwerp uitmaken van een intellectueel eigendomsrecht of gegevens waarvan de openbaarmaking een ernstig gevaar zou betekenen voor de openbare veiligheid, overeenkomstig artikel 12 van het gezamenlijk decreet en ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en de Franse Gemeenschapscommissie van 16 mei 2019 betreffende de openbaarheid van bestuur bij de Brusselse instellingen.]2

  [2 Daarenboven dragen de vergunningverlenende overheden de aanvrager op om over te gaan tot een bijkomende aanplakking van een mededeling, gedurende vijftien dagen, op het betrokken goed, op een plaats die vanaf de openbare weg zichtbaar is. Er dient een bijkomende aanplakking, van dezelfde duur, van deze mededeling te gebeuren aan de bestaande of toekomstige toegangen tot het betreffende goed die op de grens tussen dit goed en de openbare weg liggen, of, indien er geen toegang tot dit goed is, op de muren en gevels ervan aan de kant van de openbare weg.]2
  [2 De overheid die haar beslissing betekent, voegt bij haar verzending de aan te vullen en conform het tweede lid aan te plakken mededeling.]2
  [2 De mededeling die in het tweede lid bedoeld wordt, wordt opgesteld met een zwart lettertype van minstens 14 punten didot, op witte achtergrond en heeft het formaat DIN A3. Het wordt zo geplaatst dat het makkelijk leesbaar is, op 1,50 meter hoogte, desnoods op een schutting of een paneel op een stok, en dient gedurende de hele aanplakkingsperiode perfect zichtbaar en leesbaar te blijven.]2
  § 2. Deze mededeling bevat de volgende vermeldingen :
  1° het voorwerp en de inhoud van de beslissing;
  2° het adres en de openingsuren van het gemeentebestuur waar de beslissing ter inzage ligt;
  3° de website waarop de beslissing geraadpleegd kan worden;
  4° het adres van de overheid waar men verhaal kan indienen alsook de daarvoor geldende termijnen.
  § 3. De beslissing moet bij het gemeentebestuur geraadpleegd kunnen worden :
  1° elke dag van opening voor het publiek tussen 09.00 en 12.00 uur;
  2° ten minste één werkdag per week, eventueel op afspraak, 's avonds tot 20 uur, [2 behalve tussen 15 juli en 15 augustus]2.
  § 4. [2 De publicatie, bedoeld in § 1, eerste lid, gebeurt door de bedoelde gemeente(n)]2 binnen een termijn van tien dagen, te tellen vanaf :
  1° de kennisgeving van de beslissing wanneer die wordt genomen door het college van burgemeester en schepenen;
  2° de ontvangst, door het college van burgemeester en schepenen, van de beslissing in de andere gevallen;
  3° het verstrijken van de termijn die aan de uitreikende overheid wordt opgelegd om kennis te geven van haar beslissing, wanneer het gebrek aan beslissing gelijkstaat met een beslissing van weigering.
  [2 De aanplakking, bedoeld in § 1, tweede lid, gebeurt door de aanvrager binnen een termijn van tien dagen, te rekenen vanaf:
   1° de ontvangst van de beslissing;
   2° het verstrijken van de termijn, toegekend aan de vergunningverlenende overheid voor de betekening van haar beslissing, indien het uitblijven van een beslissing geldt als weigeringsbeslissing;
   3° na het verstrijken van de aan de Regering toegekende termijn om haar beslissing te betekenen bij gebrek aan een beslissing na een herinnering, overeenkomstig artikel 188/3, laatste lid van het BWRO. Als het gunstige advies van het Stedenbouwkundig college daardoor als beslissing geldt, gaat de aanplakkingstermijn in van bij ontvangst van de afgestempelde plannen.]2

  
Art. 6. § 1er. Sans préjudice de l'article 194/2 du CoBAT, toute décision visée à l'article 2 fait l'objet [1 ...]1 d'une publication [1 d'au moins trente jours]1 sur le site internet de la (ou des) commune(s) sur le territoire de laquelle (ou desquelles) le projet est localisé ou sur le territoire de laquelle (ou desquelles) l'enquête publique a été organisée.
  [2 Lors de la publication de la décision sur internet, les données suivantes sont occultées :
   - l'identité du demandeur ;
   - l'identité du gestionnaire de dossier ;
   - l'identité de toute autre personne que le demandeur ou le gestionnaire de dossier qui serait intervenue lors de l'instruction du dossier ;
   - les données faisant l'objet d'un droit de propriété intellectuelle ou des éléments dont la divulgation serait susceptible de porter gravement atteinte à la sécurité publique, conformément à l'article 12 des décrets et ordonnance conjoints de la Région de Bruxelles-Capitale, la Commission communautaire commune et la Commission communautaire française du 16 mai 2019 relatif à la publicité de l'administration dans les institutions bruxelloises.]2

  [2 En outre, les autorités délivrantes chargent le demandeur de procéder, durant quinze jours, à un affichage complémentaire d'un avis sur le bien concerné, à un endroit visible depuis la voie publique. Il est également procédé à un affichage complémentaire, de même durée, dudit avis, aux accès existants et futurs du bien concerné, situés à la limite de ce bien et de la voie publique, ou, lorsque le bien concerné n'est pas pourvu d'accès, sur ses murs et façades situés le long de la voie publique.]2
  [2 L'autorité qui notifie sa décision joint à son envoi l'avis à compléter et à afficher conformément à l'alinéa 2.]2
  [2 L'avis visé à l'alinéa 2 est rédigé avec une police de caractère de couleur noire et d'au moins 14 points didot, sur un fond blanc et présente un format DIN A3. Il est disposé de façon à pouvoir être lu aisément, à une hauteur de 1,50 mètre, au besoin sur une palissade ou un panneau sur piquet, et est tenu en parfait état de visibilité et de lisibilité pendant toute la durée d'affichage.]2
  § 2. Cet avis comporte les mentions suivantes :
  1° l'objet et la teneur de la décision;
  2° l'adresse et les heures d'ouverture de l'administration communale où la décision peut être consultée;
  3° l'adresse du site internet sur lequel la décision peut être consultée;
  4° l'adresse de l'autorité auprès de laquelle un recours peut être introduit ainsi que les délais à respecter.
  § 3. La consultation de la décision doit être rendue possible à l'administration communale :
  1° chaque jour d'ouverture au public entre 9 heures et 12 heures;
  2° au moins un jour ouvrable par semaine, éventuellement sur rendez-vous, en soirée, jusqu'à 20 heures [2 , sauf entre le 15 juillet et le 15 août]2.
  § 4. [2 La publication visée au § 1er, alinéa 1er, est effectuée par la (ou les) commune(s) visées]2 dans un délai de dix jours prenant cours :
  1° à la notification de la décision lorsqu'elle émane du collège des bourgmestre et échevins;
  2° à la réception, par le collège des bourgmestre et échevins, de la décision dans les autres cas;
  3° à l'expiration du délai imparti à l'autorité délivrante pour notifier sa décision, lorsque l'absence de décision équivaut à une décision de refus.
  [2 L'affichage visé au § 1er, alinéa 2, est effectué par le demandeur dans un délai de dix jours prenant cours :
   1° à la réception de la décision ;
   2° à l'expiration du délai imparti à l'autorité délivrante pour notifier sa décision, lorsque l'absence de décision équivaut à une décision de refus ;
   3° à l'expiration du délai imparti au Gouvernement pour notifier sa décision en l'absence de décision suite à un rappel, conformément à l'article 188/3, dernier alinéa du CoBAT. Lorsque c'est l'avis favorable du Collège d'urbanisme qui devient décision, le délai pour l'affichage commence à courir à partir de la réception des plans cachetés.]2

  
HOOFDSTUK IV. - Opheffingsbepalingen en slotbepalingen
CHAPITRE IV. - Dispositions abrogatoires et finales
Art. 7. De volgende besluiten worden opgeheven :
  1° Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve tot bepaling van de vorm der beslissingen genomen door het college van burgemeester en schepenen inzake stedenbouwkundige vergunningen en van de vorm van de schorsing van deze beslissingen door de gemachtigde ambtenaar, zoals gewijzigd door het besluit van 23 september 1999;
  2° Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van 6 juli 1992 tot bepaling van de vorm der beslissingen genomen door de gemachtigde ambtenaar inzake stedenbouwkundige vergunningen in uitvoering van artikel 128 van de ordonnantie van 29 augustus 1991 houdende de organisatie van de planning en de stedenbouw;
  3° Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van 6 juli 1992 tot bepaling van de vorm der beslissingen genomen door de gemachtigde ambtenaar inzake stedenbouwkundige vergunningen aangevraagd door een publiekrechtelijke rechtspersoon of betreffende werken van openbaar nut;
  4° Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van 6 juli 1992 tot bepaling van de vorm der beslissingen genomen door het college van burgemeester en schepenen inzake stedenbouwkundige attesten en van de vorm van de schorsing van deze beslissingen door de gemachtigde ambtenaar;
  5° Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van 6 juli 1992 tot bepaling van de vorm der beslissingen genomen door de gemachtigde ambtenaar inzake stedenbouwkundige attesten in uitvoering van artikel 128 van de ordonnantie van 29 augustus 1991 houdende de organisatie van de planning en de stedenbouw;
  6° Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van 30 juli 1992 tot bepaling van de vorm der beslissingen genomen door de gemachtigde ambtenaar inzake stedenbouwkundige attesten aangevraagd door een publiekrechtelijke rechtspersoon of betreffende werken van openbaar nut;
  7° Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van 13 mei 1993 tot bepaling van de vorm der beslissingen genomen door het college van burgemeester en schepenen inzake verkavelingsvergunningen en van de vorm van de schorsing van deze beslissingen door de gemachtigde ambtenaar, zoals gewijzigd door het besluit van 23 september 1999;
  8° Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van 13 mei 1993 tot bepaling van de vorm der beslissingen genomen door de gemachtigde ambtenaar inzake verkavelingsvergunningen in uitvoering van artikel 128 van de ordonnantie van 29 augustus 1991 houdende de organisatie van de planning en de stedenbouw;
  9° Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Executieve van 13 mei 1993 tot bepaling van de vorm der beslissingen genomen door de gemachtigde ambtenaar inzake verkavelingsvergunningen aangevraagd door een publiekrechtelijke rechtspersoon.
Art. 7. Les arrêtés suivants sont abrogés :
  1° L'arrêté de l'Exécutif de la Région de Bruxelles-Capitale du 6 juillet 1992 réglant la forme des décisions prises en matière de permis d'urbanisme par le collège des bourgmestre et échevins ainsi que la forme de la suspension de ces décisions par le fonctionnaire délégué, tel que modifié par l'arrêté du 23 septembre 1999;
  2° L'arrêté de l'Exécutif de la Région de Bruxelles-Capitale du 6 juillet 1992 réglant la forme des décisions prises par le fonctionnaire délégué en matière de permis d'urbanisme en exécution de l'article 128 de l'ordonnance du 29 août 1991 organique de la planification et de l'urbanisme;
  3° L'arrêté de l'Exécutif de la Région de Bruxelles-Capitale du 6 juillet 1992 réglant la forme des décisions prises par le fonctionnaire délégué en matière de permis d'urbanisme sollicités par une personne de droit public ou relatifs à des travaux d'utilité publique;
  4° L'arrêté de l'Exécutif de la Région de Bruxelles-Capitale du 6 juillet 1992 réglant la forme des décisions prises en matière de certificats d'urbanisme par le collège des bourgmestre et échevins ainsi que la forme de la suspension de ces décisions par le fonctionnaire délégué;
  5° L'arrêté de l'Exécutif de la Région de Bruxelles-Capitale du 6 juillet 1992 réglant la forme des décisions prises par le fonctionnaire délégué en matière de certificats d'urbanisme en exécution de l'article 128 de l'ordonnance du 29 août 1991 organique de planification et de l'urbanisme;
  6° L'arrêté de l'Exécutif de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 juillet 1992 réglant la forme des décisions prises par le fonctionnaire délégué en matière de certificats d'urbanisme sollicités par une personne de droit public ou relatifs à des travaux d'utilité publique;
  7° L'arrêté de l'Exécutif de la Région de Bruxelles-Capitale du 13 mai 1993 réglant la forme des décisions prises en matière de permis de lotir par le collège des bourgmestre et échevins ainsi que la forme de la suspension de ces décisions par le fonctionnaire délégué, tel que modifié par l'arrêté du 23 septembre 1999;
  8° L'arrêté de l'Exécutif de la Région de Bruxelles-Capitale du 13 mai 1993 réglant la forme des décisions prises par le fonctionnaire délégué en matière de permis de lotir en exécution de l'article 128 de l'ordonnance du 29 août 1991 organique de la planification et de l'urbanisme;
  9° L'arrêté de l'Exécutif de la Région de Bruxelles-Capitale du 13 mai 1993 réglant la forme des décisions prises par le fonctionnaire délégué en matière de permis de lotir sollicités par une personne de droit public.
Art. 8. Dit besluit treedt in werking op dezelfde dag als de bepalingen tot wijziging van Titel IV van het BWRO in de ordonnantie van 30 november 2017 tot hervorming van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening en van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen en tot wijziging van aanverwante wetgevingen. Het is van toepassing op alle beslissing die vanaf die datum genomen worden.
Art. 8. Le présent arrêté entre en vigueur le même jour que les dispositions modifiant le titre IV du CoBAT contenues dans l'ordonnance du 30 novembre 2017 réformant le Code bruxellois de l'aménagement du territoire et l'ordonnance du 5 juin 1997 relative aux permis d'environnement et modifiant certaines législations connexes. Il s'applique à toutes les décisions prises à partir de cette date.
Art. 9. Het lid van de regering bevoegd voor Territoriale Ontwikkeling wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 9. Le membre du Gouvernement qui a le Développement territorial dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.