Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
7 JULI 2021. - Koninklijk besluit tot uitvoering van de artikelen 2, § 3, tweede lid, 14, § 3, en 19, derde en vierde lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, wat de maatschappij van onderlinge bijstand betreft bedoeld in artikel 70, § 6, van dezelfde wet(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 20-08-2021 en tekstbijwerking tot 10-11-2022)
Titre
7 JUILLET 2021. - Arrêté royal portant exécution des articles 2, § 3, alinéa 2, 14, § 3, et 19, alinéas 3 et 4, de la loi du 6 août 1990 relative aux mutualités et aux unions nationales de mutualités, en ce qui concerne la société mutualiste visée à l'article 70, § 6, de cette même loi(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 20-08-2021 et mise à jour au 10-11-2022)
Dokumentinformationen
Info du document
Tekst (55)
Texte (55)
Hoofdstuk I. - Definities
Chapitre Ier. - Définitions
Artikel 1. Voor de toepassing van dit koninklijk besluit wordt begrepen onder:
  1° "de wet van 6 augustus 1990": de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen;
  2° "de wet van 14 juli 1994": de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994;
  3° "de wet van 13 maart 2016": de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op verzekerings- of herverzekeringsondernemingen;
  4° "het koninklijk besluit van 7 maart 1991": het koninklijk besluit van 7 maart 1991 tot uitvoering van artikel 2, §§ 2 en 3, artikel 14, § 3, en artikel 19, derde en vierde lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen;
  5° "de Controledienst": de Controledienst voor de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, bedoeld in artikel 49, § 1, van de wet van 6 augustus 1990;
  6° "gerechtigde": de gerechtigde van de geneeskundige verstrekkingen bedoeld in artikel 2, k), van de wet van 14 juli 1994;
  7° "persoon ten laste": de persoon bedoeld in artikel 2, § 3, tweede streepje, van de wet van 6 augustus 1990;
  8° ° "maatschappij van onderlinge bijstand": de maatschappij van onderlinge bijstand bedoeld in artikel 70, § 6, van de wet van 6 augustus 1990.
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, il convient d'entendre par :
  1° " loi du 6 août 1990 " : la loi du 6 août 1990 relative aux mutualités et aux unions nationales de mutualités ;
  2° " loi du 14 juillet 1994 " : la loi relative à l'assurance obligatoire soins de santé et indemnités, coordonnée le 14 juillet 1994 ;
  3° " loi du 13 mars 2016 " : la loi du 13 mars 2016 relative au statut et au contrôle des entreprises d'assurance ou de réassurance ;
  4° " arrêté royal du 7 mars 1991 ": l'arrêté royal du 7 mars 1991 portant exécution de l'article 2, §§ 2 et 3, article 14, § 3, et article 19, alinéas 3 et 4, de la loi du 6 août 1990 relative aux mutualités et aux unions nationales de mutualités;
  5° " Office de contrôle " : l'Office de contrôle des mutualités et des unions nationales de mutualités, visé à l'article 49, § 1er, de la loi du 6 août 1990 ;
  6° " titulaire " : le titulaire des prestations de santé visé à l'article 2, k), de la loi du 14 juillet 1994;
  7° " personne à charge " : la personne visée à l'article 2, § 3, deuxième tiret, de la loi du 6 août 1990;
  8° "société mutualiste" : la société mutualiste visée à l'article 70, § 6, de la loi du 6 août 1990.
Hoofdstuk II. - Leden van de maatschappij van onderlinge bijstand
Chapitre II. - Les membres de la société mutualiste
Art.2. Onder "lid van de maatschappij van onderlinge bijstand", moet verstaan worden:
  1° de persoon die lid is, in de zin van artikel 2, 1° of 2°, van het koninklijk besluit van 7 maart 1991, van een ziekenfonds dat een afdeling uitmaakt van deze maatschappij van onderlinge bijstand, of die een persoon ten laste van een dergelijk lid is en die, met inachtneming van de van toepassing zijnde wettelijke, reglementaire en statutaire bepalingen, verzekerd is door deze maatschappij van onderlinge bijstand;
  2° de persoon die niet bedoeld is onder 1° en die, met inachtneming van de van de toepassing zijnde wettelijke, reglementaire en statutaire bepalingen, verzekerd is door deze maatschappij van onderlinge bijstand.
  Een lid, in de zin van artikel 2, 3°, van het koninklijk besluit van 7 maart 1991, van een ziekenfonds dat een afdeling uitmaakt van deze maatschappij van onderlinge bijstand, kan slechts lid worden of opnieuw worden van deze maatschappij van onderlinge bijstand, indien het in regel is met de bijdragen sinds de aanvang van [1 de opeenvolgende periode bedoeld, naargelang het geval, in artikel 2quater, derde lid, of in artikel 2quater, vierde lid,]1 van het koninklijk besluit van 7 maart 1991 voor de diensten die erin bedoeld worden.
  Bij vertraging van 6 maanden in de betaling van deze bijdragen sinds de aanvang van [1 de opeenvolgende periode bedoeld, naargelang het geval, in artikel 2quater, derde lid, of in artikel 2quater, vierde lid,]1 van het koninklijk besluit van 7 maart 1991 voor de diensten die erin bedoeld worden, verliest deze persoon haar hoedanigheid van lid van de maatschappij van onderlinge bijstand.
  Deze periode van 6 maanden wordt opgeschort:
  1° gedurende de periode tijdens dewelke het lid, van wie de mogelijkheid om een voordeel van deze diensten te genieten, is opgeheven en dat begonnen is met de betaling van de bijdragen voor een daaropvolgende periode, door de wet verhinderd is te betalen omdat hij zich in een toestand van collectieve schuldregeling of van faillissement bevindt;
  2° gedurende de periode tijdens dewelke het lid, van wie de mogelijkheid om een voordeel van deze diensten te genieten, is opgeheven en dat begonnen is met de betaling van de bijdragen voor een daaropvolgende periode, de hoedanigheid van gerechtigde heeft verloren en persoon ten laste is van een gerechtigde die niet in regel is met de betaling van de bijdragen voor de diensten bedoeld in artikel 3, eerste lid, b) en c), van de wet van 6 augustus 1990.
  Het tweede lid en het derde lid zijn eveneens van toepassing op de persoon ten laste van een dergelijk lid.
  Wanneer de persoon ten laste van een gerechtigde bedoeld in artikel 2, 3°, van het koninklijk besluit van 7 maart 1991, van een ziekenfonds dat een afdeling uitmaakt van deze maatschappij van onderlinge bijstand, zelf voor de eerste maal gerechtigde wordt, wordt deze persoon op het ogenblik van zijn aansluiting als gerechtigde, beschouwd als een lid bedoeld door artikel 2, eerste lid, van de maatschappij van onderlinge bijstand indien hij, met inachtneming van de van de toepassing zijnde wettelijke, reglementaire en statutaire bepalingen, verzekerd is door de maatschappij van onderlinge bijstand.
  
Art.2. Par " membre de la société mutualiste ", il faut entendre :
  1° la personne qui est membre, au sens de l'article 2, 1° ou 2°, de l'arrêté royal du 7 mars 1991, d'une mutualité qui constitue une section de cette société mutualiste ou qui est une personne à charge d'un tel membre et qui, dans le respect des dispositions légales, réglementaires et statutaires applicables, est assurée par ladite société mutualiste ;
  2° la personne qui n'est pas visée sous 1° et qui, dans le respect des dispositions légales, réglementaires et statutaires applicables, est assurée par ladite société mutualiste.
  Un membre, au sens de l'article 2, 3°, de l'arrêté royal du 7 mars 1991, d'une mutualité qui constitue une section de cette société mutualiste ne peut devenir ou redevenir un membre de cette société mutualiste que s'il est en ordre de cotisations depuis que [1 la période subséquente, visée, selon le cas, à l'article 2quater, alinéa 3, ou à l'article 2quater, alinéa 4,]1 de l'arrêté royal du 7 mars 1991 a été entamée pour les services qui y sont visés.
  En cas de retard de 6 mois dans le paiement de ces cotisations depuis que [1 la période subséquente, visée, selon le cas, à l'article 2quater, alinéa 3, ou à l'article 2quater, alinéa 4,]1 de l'arrêté royal du 7 mars 1991 a été entamée pour les services qui y sont visés, cette personne perd sa qualité de membre de la société mutualiste.
  Cette période de 6 mois est suspendue :
  1° pendant la période durant laquelle le membre, dont la possibilité de bénéficier d'un avantage de ces services est supprimée et qui a entamé le paiement des cotisations pour une période subséquente, est légalement empêché de payer en raison d'un règlement collectif de dettes ou d'une faillite;
  2° pendant la période durant laquelle le membre, dont la possibilité de bénéficier d'un avantage de ces services est supprimée et qui a entamé le paiement des cotisations pour une période subséquente, a perdu la qualité de titulaire et à la qualité de personne à charge d'un titulaire qui n'est pas en ordre de paiement des cotisations pour les services visés à l'article 3, alinéa 1er, b) et c), de la loi du 6 août 1990.
  Les alinéas 2 et 3 sont applicables également à la personne à charge d'un tel membre.
  Quand la personne à charge d'un titulaire, au sens de l'article 2, 3°, de l'arrêté royal du 7 mars 1991, d'une mutualité qui constitue une section de cette société mutualiste, devient elle-même titulaire pour la première fois, cette personne est considérée, au moment de son affiliation en tant que titulaire, comme un membre visé par l'article 2, alinéa 1er, de la société mutualiste si, dans le respect des dispositions légales, réglementaires et statutaires applicables, elle est assurée par la société mutualiste.
  
Art.3. Het aantal leden in de zin van artikel 2, op 30 juni van een bepaald jaar, moet uiterlijk op 31 augustus van dit jaar aan de Controledienst overgezonden worden.
Art.3. Le nombre de membres au sens de l'article 2, au 30 juin d'une année, doit être transmis à l'Office de contrôle au plus tard le 31 août de ladite année.
Hoofdstuk III. - Bestuursorganen van de maatschappij van onderlinge bijstand
Chapitre III. - Les organes de la société mutualiste
Afdeling 1. - Algemene vergadering
Section 1ère. - L'assemblée générale
Onderafdeling 1. - Het aantal vertegenwoordigers van de maatschappij van onderlinge bijstand in de algemene vergadering
Sous-section 1. - Le nombre de représentants de la société mutualiste à l'assemblée générale
Art.4. Het aantal vertegenwoordigers wordt als volgt vastgesteld:
  1° als de maatschappij van onderlinge bijstand minder dan 75.000 leden telt in de zin van artikel 2:
  één vertegenwoordiger per volle schijf van 1.000 van deze leden met een minimum van 15 vertegenwoordigers;
  2° als de maatschappij van onderlinge bijstand tussen 75.000 en 505.000 leden telt in de zin van artikel 2:
  75 vertegenwoordigers voor de eerste schijf van 75.000 van deze leden en één vertegenwoordiger per volle schijf van 10.000 van deze leden boven het ledental van 75.000;
  3° als de maatschappij van onderlinge bijstand minstens 505.000 leden telt in de zin van artikel 2:
  118 vertegenwoordigers vermeerderd met minstens één vertegenwoordiger per volle schijf van 20.000 van deze leden boven het ledental van 505.000, met een maximum van 250 vertegenwoordigers.
  De statuten kunnen evenwel een lager aantal vertegenwoordigers voorzien dan dat voorzien in het eerste lid, zonder evenwel afbreuk te doen aan het minimumaantal van 15 vertegenwoordigers.
Art.4. Le nombre de représentants est fixé comme suit :
  1° si la société mutualiste compte moins de 75.000 membres au sens de l'article 2:
  un représentant par tranche complète de 1.000 de ces membres, avec un minimum de 15 représentants ;
  2° si la société mutualiste compte entre 75.000 et 505.000 membres au sens de l'article 2:
  75 représentants pour la première tranche de 75.000 de ces membres et un représentant par tranche complète de 10.000 de ces membres au-delà du nombre de 75.000 ;
  3° ° si la société mutualiste compte au moins 505.000 membres au sens de l'article 2:
  118 représentants, nombre augmenté d'au moins un représentant par tranche complète de 20.000 de ces membres au-delà du nombre de 505.000 avec un maximum de 250 représentants.
  Les statuts peuvent toutefois prévoir un nombre de représentants inférieur à celui visé à l'alinéa 1er, sans toutefois porter préjudice au nombre minimal de 15 représentants.
Art.5. De leden die in overweging genomen worden om het aantal vertegenwoordigers te bepalen binnen de algemene vergadering van de maatschappij van onderlinge bijstand, zijn de leden van de maatschappij van onderlinge bijstand in de zin van artikel 2 op 30 juni van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin de verkiezing van de algemene vergadering zal plaatsvinden.
Art.5. Les membres qui sont pris en considération pour déterminer le nombre de représentants au sein de l'assemblée générale de la société mutualiste sont les membres de la société mutualiste au sens de l'article 2 au 30 juin de l'année qui précède l'année durant laquelle l'élection de l'assemblée générale va avoir lieu.
Onderafdeling 2. - De verkiesbaarheidsvoorwaarden
Sous-section 2. - Les conditions d'éligibilité
Art.6. Om verkozen te kunnen worden als vertegenwoordiger en om vertegenwoordiger te kunnen blijven in de algemene vergadering van de maatschappij van onderlinge bijstand:
  1° moet men lid zijn van de maatschappij van onderlinge bijstand in de zin van artikel 2;
  2° moet men meerderjarig of ontvoogd zijn;
  3° moet men in regel zijn met de premies bij de maatschappij van onderlinge bijstand;
  4° moet men voldoen aan de voorwaarde geen deel uit te maken van het personeel van de maatschappij van onderlinge bijstand of nooit ontslagen te zijn geweest als personeelslid van de maatschappij van onderlinge bijstand wegens ernstige tekortkoming of wegens een andere reden bedoeld door de statuten;
  5° moet men voldoen aan de eventuele andere bijkomende voorwaarden die in de statuten opgenomen worden. Deze voorwaarden mogen evenwel niet van aard zijn dat ze qua verkiesbaarheid of onverenigbaarheid op een onwettelijke of buitensporige wijze het recht van een lid beperken om zich kandidaat te stellen of om verkozen te worden of discretionaire macht aan de voorzitter zouden verlenen voor wat betreft de aanvaarding van de kandidaturen.
Art.6. Pour pouvoir être élu en qualité de représentant et rester représentant de l'assemblée générale de la société mutualiste :
  1° il faut être membre de la société mutualiste au sens de l'article 2 ;
  2° il faut être majeur ou émancipé;
  3° il faut être en ordre de paiement des primes auprès de la société mutualiste ;
  4° il faut satisfaire à la condition de ne pas faire partie du personnel de la société mutualiste ou avoir été licencié en tant que membre du personnel de la société mutualiste pour faute grave ou pour un autre motif visé par les statuts ;
  5° il faut satisfaire aux éventuelles autres conditions supplémentaires qui sont reprises dans les statuts. Ces conditions ne peuvent toutefois pas être de nature à limiter de façon illégale ou excessive, en termes d'éligibilité ou d'incompatibilité, le droit d'un membre de se porter candidat ou d'être élu, ou à octroyer un pouvoir discrétionnaire au président pour l'acceptation des candidatures.
Onderafdeling 3. - De diverse procedurestappen van de verkiezingsprocedure en de na te leven termijnen
Sous-section 3. - Les différentes étapes de la procédure d'élection et les délais à respecter
Art.7. Een bijlage is gevoegd bij dit besluit. Deze bijlage vermeldt de diverse procedurestappen van de verkiezingsprocedure en de na te leven termijnen dienaangaande.
Art.7. Une annexe est jointe en annexe au présent arrêté. Cette annexe mentionne les différentes étapes de la procédure d'élection et les délais à respecter à cet égard :
Onderafdeling 4. - De stemming
Sous-section 4. - Le vote
Art.8. De statuten van de maatschappij van onderlinge bijstand verduidelijken de praktische modaliteiten volgens dewelke de stemming gebeurt.
  De stemgerechtigde kan een volmacht geven aan een andere stemgerechtigde om over te gaan tot stemming.
  De stemming kan gebeuren per kiesomschrijving. Deze kiesomschrijvingen komen in voorkomend geval overeen met de afdelingen van de maatschappij van onderlinge bijstand.
  De stemming kan elektronisch gebeuren ter plaatse of op afstand voor zover tegemoetgekomen wordt aan de door de Controledienst vastgestelde voorwaarden.
Art.8. Les statuts de la société mutualiste précisent les modalités pratiques selon lesquelles s'effectue le vote.
  Une personne qui dispose du droit de vote peut donner procuration à une autre personne disposant du droit de vote en vue de voter.
  Le vote peut être organisé par circonscription électorale. Ces circonscriptions correspondent le cas échéant aux sections de la société mutualiste.
  Le vote peut avoir lieu par voie électronique sur place ou à distance, pour autant qu'il soit satisfait aux conditions fixées par l'Office de contrôle.
Art.9. De stemming is geheim.
  De vertegenwoordigers worden gekozen in volgorde van het aantal bekomen stemmen.
  Bij gelijkheid van stemmen voor meerdere kandidaten voor het laatste toe te kennen mandaat, wordt het mandaat toegekend volgens de in de statuten voorziene regeling.
Art.9. Le vote est secret.
  Les représentants sont élus dans l'ordre du nombre de voix obtenues.
  En cas d'égalité de voix entre plusieurs candidats pour le dernier mandat à pourvoir, le mandat est attribué selon les règles prévues dans les statuts.
Art.10. Indien de statuten niet in kiesomschrijvingen voorzien voor de stemming:
  1° wordt er overgegaan tot een stemming wanneer het aantal kandidaten groter is dan het aantal toe te kennen effectieve mandaten;
  2° worden de kandidaten die aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden voldoen automatisch verkozen wanneer het aantal kandidaten gelijk is aan of kleiner is dan het aantal toe te kennen effectieve mandaten.
Art.10. Si les statuts ne prévoient pas de circonscriptions électorales pour le vote :
  1° il est procédé à un vote si le nombre de candidats est supérieur au nombre de mandats effectifs à pourvoir ;
  2° les candidats qui satisfont aux conditions d'éligibilité sont automatiquement élus si le nombre de candidats est égal ou inférieur au nombre de mandats effectifs à pourvoir.
Art.11. Indien de statuten wel in kiesomschrijvingen voorzien voor de stemming:
  1° wordt er overgegaan tot een stemming in een kiesomschrijving wanneer het aantal kandidaten voor deze kiesomschrijving groter is dan het aantal toe te kennen effectieve mandaten voor deze kiesomschrijving;
  2° worden de kandidaten in een kiesomschrijving die aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden voldoen automatisch verkozen wanneer het aantal kandidaten voor deze kiesomschrijving gelijk is aan of kleiner is dan het aantal toe te kennen effectieve mandaten voor deze kiesomschrijving.
Art.11. Si les statuts prévoient des circonscriptions électorales pour le vote :
  1° il est procédé à un vote dans une circonscription électorale si le nombre de candidats pour cette circonscription est supérieur au nombre de mandats effectifs à pourvoir pour cette circonscription ;
  2° les candidats d'une circonscription électorale qui satisfont aux conditions d'éligibilité sont automatiquement élus si le nombre de candidats pour cette circonscription électorale est égal ou inférieur au nombre de mandats effectifs à pourvoir pour cette circonscription électorale.
Art.12. Indien het aantal mandaten, zoals vereist door artikel 4 niet of niet meer bereikt wordt en er geen plaatsvervangers zijn of geen plaatsvervangers meer zijn, wordt de algemene vergadering toch geacht rechtsgeldig te zijn samengesteld tot de volgende mutualistische verkiezingen.
Art.12. Si le nombre de mandats tel que requis à l'article 4 n'est pas ou plus atteint et qu'il n'y a pas ou plus de suppléants, l'assemblée générale est malgré tout considérée comme étant composée valablement jusqu'aux prochaines élections mutualistes.
Onderafdeling 5. - De verkiezing van plaatsvervangers
Sous-section 5. - L'élection de suppléants
Art.13. Wanneer er in toepassing van artikel 10 1°, of van artikel 11, 1°, wordt overgegaan tot een stemming worden de kandidaten die aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden voldoen en die niet als effectieve afgevaardigde worden verkozen, als plaatsvervanger verkozen.
  De lijst van de plaatsvervangers wordt opgesteld in functie van het aantal stemmen dat deze personen hebben behaald bij de mutualistische verkiezingen.
  De statuten van de maatschappij van onderlinge bijstand bepalen onder welke voorwaarden zij effectieve vertegenwoordigers die niet meer zetelen kunnen vervangen.
Art.13. Si, en application de l'article 10, 1°, ou de l'article 11, 1°, il est procédé à un vote, les candidats qui satisfont aux conditions d'éligibilité et qui ne sont pas élus en tant que représentants effectifs, sont élus comme suppléants.
  La liste des suppléants est établie en fonction du nombre de voix que ces personnes ont obtenues lors des élections mutualistes.
  Les statuts de la société mutualiste précisent les conditions dans lesquelles ils peuvent être amenés à remplacer des représentants effectifs qui ne siègent plus.
Onderafdeling 6. - De andere personen die de vergaderingen van de algemene vergadering kunnen bijwonen
Sous-section 6. - Les autres personnes qui peuvent assister aux réunions de l'assemblée générale
Art.14. De algemene vergadering van de maatschappij van onderlinge bijstand kan maximaal vijf raadgevers aanduiden. Zij hebben raadgevende stem.
Art.14. L'assemblée générale de la société mutualiste peut désigner au maximum cinq conseillers à l'assemblée générale. Ceux-ci ont voix consultative.
Art.15. De personen die in de maatschappij van onderlinge bijstand hetzij belast zijn met de globale verantwoordelijkheid voor het dagelijks bestuur hetzij een andere leidinggevende functie of een directiefunctie uitoefenen, kunnen de vergaderingen van de algemene vergadering met raadgevende stem bijwonen.
Art.15. Les personnes qui, au sein de la société mutualiste, soit sont chargées de la responsabilité globale de la gestion journalière soit exercent une autre fonction dirigeante ou une fonction de direction, peuvent assister aux réunions de l'assemblée générale avec voix consultative.
Afdeling 2. - De raad van bestuur
Section 2. - Le conseil d'administration
Onderafdeling 1. - Het aantal bestuurders
Sous-section 1. - Le nombre d'administrateurs
Art.16. De raad van bestuur van de maatschappij van onderlinge bijstand is samengesteld uit minimaal tien bestuurders en ten hoogste een aantal bestuurders dat de helft van het aantal leden van de algemene vergadering van deze maatschappij van onderlinge bijstand niet mag overtreffen.
  De bestuurders bedoeld in het artikel 17 worden in het vorige lid niet meegeteld.
  Wanneer een ziekenfonds dat een afdeling uitmaakt van de maatschappij van onderlinge bijstand overgenomen wordt door een ander aangesloten ziekenfonds dat er eveneens een afdeling van uitmaakt in het kader van een fusie die in werking treedt op 1 januari van het jaar waarin de verkiezing van de algemene vergadering van de maatschappij van onderlinge bijstand zal plaatsvinden, worden de personen die aangesloten zijn bij het ziekenfonds dat overgenomen wordt, beschouwd als personen aangesloten bij het overnemende ziekenfonds op 30 juni van het voorafgaande jaar voor de bepaling van het aantal vertegenwoordigers van dit ziekenfonds binnen de raad van bestuur van de maatschappij van onderlinge bijstand.
  De raad van bestuur van een maatschappij van onderlinge bijstand kan eveneens bestuurders tellen die de ziekenfondsen die er afdelingen van uitmaken niet vertegenwoordigen [1 en die geen bestuurders zijn bedoeld in het artikel 17]1. Dit aantal bestuurders mag niet groter zijn dan 25 % van het totaal aantal bestuurders.
  
Art.16. Le conseil d'administration de la société mutualiste est composé d'au moins dix administrateurs et au maximum d'un nombre d'administrateurs qui ne peut être supérieur à la moitié du nombre de représentants à l'assemblée générale de cette société mutualiste.
  Les administrateurs visés à l'article 17 ne sont pas comptabilisés à l'alinéa précédent.
  Lorsqu'une mutualité qui constitue une section de la société mutualiste va être absorbée par une autre mutualité qui en constitue également une section dans le cadre d'une fusion qui entre en vigueur le 1er janvier de l'année durant laquelle l'élection de l'assemblée générale de la société mutualiste va avoir lieu, les personnes affiliées auprès de la mutualité qui va être absorbée sont considérées comme des personnes affiliées auprès de la mutualité absorbante au 30 juin de l'année qui précède cette année, pour la détermination du nombre de représentants de cette mutualité au sein du conseil d'administration de la société mutualiste.
  Le conseil d'administration d'une société mutualiste peut également compter des administrateurs qui ne représentent pas les mutualités qui en constituent des sections [1 et qui ne sont pas des administrateurs visés à l'article 17]1. Le nombre de ces administrateurs ne peut pas être supérieur à 25 % du nombre total d'administrateurs.
  
Onderafdeling 2. - Onafhankelijk bestuurder
Sous-section 2. - Administrateur indépendant
Art.17. § 1. Indien de maatschappij van onderlinge bijstand niet vrijgesteld is van de verplichting, voorzien in artikel 48 van de wet van 13 maart 2016, om een auditcomité op te richten, moet de raad van bestuur samengesteld zijn uit een aantal onafhankelijke bestuurders in de zin van deze wet dat toelaat dat het auditcomité voor de meerderheid samengesteld is uit onafhankelijke bestuurders.
  § 2. Zelfs als de maatschappij van onderlinge bijstand is vrijgesteld van de verplichting voorzien in § 1, kan de raad van bestuur van een maatschappij van onderlinge bijstand een of meerdere onafhankelijke bestuurders tellen.
  Onder "onafhankelijk bestuurder" in de zin van het eerste lid moet worden verstaan, een bestuurder die bevoegd is in het domein van de gezondheid en/of op financieel en/of actuarieel vlak en die aan de volgende voorwaarden voldoet:
  1. geen personeelslid zijn van de maatschappij van onderlinge bijstand of van een ziekenfonds dat een afdeling uitmaakt van deze maatschappij van onderlinge bijstand;
  2. geen mandaat uitoefenen als lid van de algemene vergadering van de maatschappij van onderlinge bijstand of van de algemene vergadering van een ziekenfonds dat een afdeling uitmaakt van deze maatschappij van onderlinge bijstand;
  3. geen mandaat uitoefenen als bestuurder in een medisch-sociale instelling bedoeld in artikel 20, § 3, van de wet van 6 augustus 1990 of in een rechtspersoon of natuurlijke persoon waarmee een entiteit bedoeld onder 1° samenwerkt in toepassing van artikel 43 van deze wet en geen mandaat van onafhankelijk bestuurder in de zin van de wet van 13 maart 2016 uitoefenen in een andere verzekeringsmaatschappij van onderlinge bijstand bedoeld in artikel 43bis, § 5, of in artikel 70, § 7, van de wet van 6 augustus 1990;
  4. niet in een hieronder vermelde situatie van belangenconflict zijn:
  a) een belangrijk voordeel van vermogensrechtelijke aard ontvangen hebben van een entiteit, een rechtspersoon of een natuurlijke persoon bedoeld onder 1° tot en met 3° ;
  b) een significante zakelijke relatie, in de zin van artikel 15, 94°, van de wet van 13 maart 2016, hebben of hebben gehad met een entiteit, een rechtspersoon of een natuurlijke persoon bedoeld onder 1° tot en met 3° ;
  c) echtgenoot, wettelijk samenwonende partner of bloed- of aanverwant tot de tweede graad zijn van een persoon die zich in een toestand bedoeld onder a) of b) bevindt.
  § 3. Om onafhankelijk bestuurder in een maatschappij van onderlinge bijstand te kunnen blijven, moet men blijven voldoen aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden.
  § 4. Het mandaat van een onafhankelijk bestuurder kan hernieuwd worden naar aanleiding van de volgende mutualistische verkiezingen.
Art.17. § 1er. Si la société mutualiste n'est pas dispensée de l'obligation, prévue à l'article 48 de la loi du 13 mars 2016, de constituer un comité d'audit, le conseil d'administration doit être composé d'un nombre d'administrateurs indépendants au sens de ladite loi, qui permet que le comité d'audit soit composé pour la majorité d'administrateurs indépendants.
  § 2. Même si la société mutualiste est dispensée de l'obligation visée au § 1er, le conseil d'administration d'une société mutualiste peut compter un ou plusieurs administrateurs indépendants.
  Par " administrateur indépendant " au sens de l'alinéa 1er, il convient d'entendre un administrateur compétent dans le domaine de la santé et/ou financier et/ou actuariel qui satisfait aux conditions suivantes :
  1. ne pas être un membre du personnel de la société mutualiste ou d'une mutualité qui en constitue une section ;
  2. ne pas exercer de mandat de membre de l'assemblée générale de la société mutualiste ou de l'assemblée générale d'une mutualité qui en constitue une section;
  3. ne pas exercer de mandat d'administrateur dans une institution médico-sociale visée à l'article 20, § 3, de la loi du 6 août 1990, ou auprès d'une personne morale ou physique avec laquelle une entité visée sous 1° collabore en application de l'article 43 de cette loi et ne pas exercer de mandat d'administrateur indépendant au sens de la loi du 13 mars 2016, dans une autre société mutualiste d'assurance visée à l'article 43bis, § 5, ou à l'article 70, § 7, de la loi du 6 août 1990;
  4. ne pas être dans une des situations de conflit d'intérêts suivantes :
  a) avoir obtenu un avantage important de nature patrimoniale d'une entité, d'une personne morale ou d'une personne physique visée sous 1° à 3° inclus ;
  b) avoir ou avoir eu une relation commerciale significative, au sens de l'article 15, 94°, de la loi du 13 mars 2016, avec une entité, une personne morale ou une personne physique visée sous 1° à 3° inclus ;
  c) être un conjoint, un partenaire cohabitant légal ou un parent ou allié jusqu'au 2e degré d'une personne qui se trouve dans une situation visée sous a) ou b).
  § 3. Pour pouvoir rester administrateur indépendant dans une société mutualiste, il faut continuer à satisfaire aux conditions d'éligibilité.
  § 4. Le mandat d'un administrateur indépendant peut être renouvelé à l'occasion des élections mutualistes suivantes.
Onderafdeling 3. - De kandidaturen
Sous-section 3. - Les candidatures
Art.18. Onverminderd het recht van de leden van de algemene vergadering van de maatschappij van onderlinge bijstand om zich kandidaat te stellen voor een ander mandaat dan een mandaat van onafhankelijke bestuurder, hetzij spontaan hetzij ingevolge een eventuele oproep tot de kandidaten door de maatschappij van onderlinge bijstand zelf, kan de raad van bestuur van de maatschappij van onderlinge bijstand kandidaten voorstellen aan de algemene vergadering.
  Alle kandidaten worden op dezelfde verkiezingslijst opgenomen.
  Bovendien kunnen er ook, wat het mandaat van onafhankelijke bestuurder betreft, spontane kandidaturen worden aanvaard, alsook kandidaturen ingediend ingevolge een advertentie door de maatschappij van onderlinge bijstand.
Art.18. Sans préjudice du droit des membres de l'assemblée générale de la société mutualiste de se porter candidat à un autre mandat que celui d'administrateur indépendant, soit de façon spontanée soit en réaction à un éventuel appel aux candidats émis par la société mutualiste, le conseil d'administration de la société mutualiste peut présenter des candidats à l'assemblée générale.
  Tous les candidats sont repris sur la même liste électorale.
  En outre, en ce qui concerne le mandat d'administrateur indépendant, les candidatures spontanées peuvent également être acceptées, ainsi que les candidatures introduites à la suite d'une annonce de la société mutualiste.
Onderafdeling 4. - De verkiezing
Sous-section 4. - L'élection
Art.19. De raad van bestuur van de maatschappij van onderlinge bijstand wordt verkozen door de algemene vergadering van de maatschappij van onderlinge bijstand onder de bij artikel 18 van de wet van 6 augustus 1990 voorziene voorwaarden, zoals van toepassing verklaard op de maatschappij van onderlinge bijstand door artikel 70, § 9, van de wet van 6 augustus 1990, na kennisname van de motivatie die deze kandidatuur desgevallend vergezelt.
  De statuten van de maatschappij van onderlinge bijstand verduidelijken de praktische modaliteiten met betrekking tot het neerleggen van de kandidaturen, de controle van hun ontvankelijkheid en de volgorde van de kandidaten op de stemlijsten.
  Er wordt overgegaan tot verkiezing van de onafhankelijke bestuurders op grond van een lijst van al de kandidaten die aan de voorwaarden voldoen om in deze hoedanigheid verkozen te worden, vooraleer over te gaan tot de verkiezing van de andere bestuurders.
Art.19. Le conseil d'administration de la société mutualiste est élu par l'assemblée générale de la société mutualiste aux conditions prévues à l'article 18 de la loi du 6 août 1990, tel que rendu applicable à la société mutualiste par l'article 70, § 9, de la loi du 6 août 1990, après avoir pris connaissance de la motivation qui accompagne le cas échéant les candidatures.
  Les statuts de la société mutualiste précisent les modalités pratiques relatives au dépôt des candidatures, au contrôle de leur recevabilité et à l'ordre des candidats sur les listes électorales.
  Il est procédé à l'élection des administrateurs indépendants sur la base d'une liste de tous les candidats qui satisfont aux conditions prévues pour être élus en cette qualité, avant de procéder à l'élection des autres administrateurs.
Art.20. De lijst van alle kandidaten die volgens de voorzitter aan de voorwaarden voldoen om in deze hoedanigheid van bestuurder verkozen te worden moet zo spoedig mogelijk aan de Controledienst overgemaakt worden. Hetzelfde geldt voor de lijst van alle kandidaten die volgens de voorzitter aan de voorwaarden voldoen om in deze hoedanigheid van onafhankelijke bestuurder verkozen te worden.
  De Controledienst beschikt over een termijn van drie maanden om zich uit te spreken over de vraag of de betrokken kandidaten volgens hem beschikken over de voor de uitoefening van deze functie vereiste professionele betrouwbaarheid en passende deskundigheid bedoeld in de wet van 13 maart 2016. Deze termijn begint te lopen vanaf het ogenblik dat de Controledienst over alle nodige documenten en informatie beschikt die ook voorzien worden voor de bestuurders van de verzekeringsondernemingen die niet onder de controle van de Controledienst vallen.
Art.20. La liste de tous les candidats qui, selon le président, satisfont aux conditions pour être élus en qualité d'administrateur, doit être transmise à l'Office de contrôle dans les plus brefs délais. Il en va de même de la liste de tous les candidats qui, selon le président, satisfont aux conditions pour être élus en qualité d'administrateur indépendant.
  L'Office de contrôle dispose d'un délai de trois mois pour se prononcer sur la question de savoir si les candidats concernés disposent selon lui de l'honorabilité professionnelle nécessaire et de l'expertise adéquate à l'exercice de cette fonction, telles que visées dans la loi du 13 mars 2016. Ce délai commence à courir à partir du moment où l'Office de contrôle dispose de tous les documents et de toutes les informations qui sont également prévus pour les administrateurs des entreprises d'assurance qui ne relèvent pas du contrôle de l'Office de contrôle.
Art.21. De stemming is geheim.
  De stemming kan gebeuren per kiesomschrijving.
  De stemming kan elektronisch gebeuren ter plaatse of op afstand voor zover tegemoetgekomen wordt aan de door de Controledienst vastgestelde voorwaarden.
  De bestuurders worden verkozen in volgorde van het aantal bekomen stemmen en rekening houdend met artikel 20, §§ 1, en 2, van de wet van 6 augustus 1990 en met artikel 25 van dit besluit.
  Bij gelijkheid van stemmen voor meerdere kandidaten voor het laatste toe te kennen mandaat, wordt het mandaat toegekend volgens de in de statuten voorziene regeling.
Art.21. Le vote est secret.
  Le vote peut être organisé par circonscription électorale.
  Le vote peut avoir lieu par voie électronique sur place ou à distance, pour autant qu'il soit satisfait aux conditions fixées par l'Office de contrôle.
  Les administrateurs sont élus dans l'ordre du nombre de voix obtenues et en tenant compte de l'article 20, §§ 1er, et 2, de la loi du 6 août 1990 et de l'article 25 du présent arrêté.
  En cas d'égalité de voix entre plusieurs candidats pour le dernier mandat à pourvoir, le mandat est attribué selon les règles prévues dans les statuts.
Onderafdeling 5. - De verkiezing van plaatsvervangende bestuurders
Sous-section 5. - L'élection d'administrateurs suppléants
Art.22. Er kunnen plaatsvervangende bestuurders verkozen worden onder dezelfde voorwaarden.
  De statuten van de maatschappij van onderlinge bijstand bepalen de verkiezingsmodaliteiten voor de plaatsvervangende bestuurders, alsook onder welke voorwaarden zij effectieve bestuurders kunnen vervangen.
Art.22. Des administrateurs suppléants peuvent être élus sous les mêmes conditions.
  Les statuts de la société mutualiste déterminent les modalités d'élection des administrateurs suppléants, ainsi que les conditions dans lesquelles ils peuvent remplacer les administrateurs effectifs.
Onderafdeling 6. - De coöptatie van bestuurders
Sous-section 6. - La cooptation d'administrateurs
Art.23. Wanneer de plaats van een bestuurder openvalt vóór het einde van zijn mandaat, kan de raad van bestuur, indien de statuten in deze mogelijkheid voorzien, een nieuwe bestuurder coöpteren, die aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden en hetzelfde profiel voldoet en rekening houdend met artikel 20, §§ 1 en 2, van de wet van 6 augustus 1990 en met artikel 25 van dit besluit. De statuten bepalen de modaliteiten van een dergelijke coöptatie.
  Onder "profiel" moet worden verstaan:
  1° het feit, naargelang het geval, onder artikel 16, eerste lid, of artikel 16, vierde lid, of artikel 17, § 1, of artikel 17, § 2, tweede lid, te vallen;
  2° voor de bestuurders bedoeld in artikel 16, eerste lid, het feit hetzelfde ziekenfonds te vertegenwoordigen als de vervangen bestuurder;
  3° als de statuten die vereiste voorzien, het feit over gelijkaardige competenties te beschikken als die waarover de te vervangen bestuurder beschikte.
  In een geval bedoeld in het eerste lid, moet de eerstvolgende algemene vergadering overgaan tot de verkiezing van de bestuurder die het mandaat van de vorige bestuurder zal volbrengen.
  Indien een andere bestuurder dan de gecoöpteerde bestuurder verkozen wordt, eindigt het mandaat van de gecoöpteerde bestuurder na afloop van de algemene vergadering.
Art.23. Quand la place d'un administrateur se libère avant la fin de son mandat, le conseil d'administration peut, si les statuts prévoient cette possibilité, coopter un nouvel administrateur qui satisfait aux conditions d'éligibilité et au même profil et en tenant compte de l'article 20, §§ 1er, et 2, de la loi du 6 août 1990 et de l'article 25 du présent arrêté. Les statuts fixent les modalités d'une telle cooptation.
  Par "profil", il y a lieu d'entendre :
  1° le fait d'être visé, selon le cas, à l'article 16, alinéa 1er, ou à l'article 16, alinéa 4 ou à l'article 17, § 1er ou à l'article 17, § 2, alinéa 2;
  2° pour les administrateurs visés à l'article 16, alinéa 1er, le fait de représenter la même mutualité que l'administrateur remplacé;
  3° le fait de disposer, si les statuts prévoient cette exigence, de compétences similaires à celles dont disposait l'administrateur à remplacer.
  Dans un cas visé à l'alinéa 1er, l'assemblée générale suivante doit procéder à l'élection de l'administrateur qui achèvera le mandat de l'ancien administrateur.
  Si un autre administrateur que l'administrateur coopté est élu, le mandat de l'administrateur coopté prend fin à l'issue de l'assemblée générale.
Onderafdeling 7. - De andere personen die de vergaderingen van de raad van bestuur kunnen bijwonen
Sous-section 7. - Les autres personnes qui peuvent assister aux réunions du conseil d'administration
Art.24. De raad van bestuur van de maatschappij van onderlinge bijstand kan ten hoogste vijf raadgevers aanduiden. Deze raadgevers kunnen met raadgevende stem, de vergaderingen van de raad van bestuur bijwonen.
  De personen die in de maatschappij van onderlinge bijstand hetzij belast zijn met de globale verantwoordelijkheid voor het dagelijks bestuur hetzij een andere leidinggevende functie of een directiefunctie uitoefenen, kunnen de vergaderingen van de raad van bestuur met raadgevende stem bijwonen.
Art.24. Le conseil d'administration de la société mutualiste peut désigner au maximum cinq conseillers. Ceux-ci peuvent assister aux réunions du conseil d'administration avec voix consultative.
  Les personnes qui, au sein de la société mutualiste, soit sont chargées de la responsabilité globale de la gestion journalière soit exercent une autre fonction dirigeante ou une fonction de direction, peuvent assister aux réunions du conseil d'administration avec voix consultative.
Onderafdeling 8. - Het maximumaantal mandaten dat toegekend kan worden aan personen van hetzelfde geslacht
Sous-section 8. - Le nombre maximal de mandats qui peuvent être attribués aux personnes du même sexe
Art.25. De statuten van de maatschappij van onderlinge bijstand bepalen het maximumaantal mandaten dat toegekend kan worden aan personen van hetzelfde geslacht. De statuten mogen evenwel niet voorzien dat meer dan 75 % van de mandaten mogen toegekend worden aan personen van eenzelfde geslacht.
  [1 De bestuurders bedoeld in het artikel 17 worden niet meegeteld voor de toepassing van het vorige lid.]1
  
Art.25. Les statuts de la société mutualiste fixent le nombre maximal de mandats qui peuvent être attribués aux personnes du même sexe. Les statuts ne peuvent toutefois pas prévoir que plus de 75 % des mandats peuvent être attribués aux personnes d'un même sexe.
  [1 Les administrateurs visés à l'article 17 ne sont pas comptabilisés pour l'application de l'alinéa précédent.]1
  
Hoofdstuk IV. - Slotbepalingen
Chapitre IV. - Dispositions finales
Afdeling 1. - Het overmaken van documenten aan de Controledienst
Section 1. - La transmission de documents à l'Office de contrôle
Art.26. Om de Controledienst de mogelijkheid te bieden de hem bij artikel 52, eerste lid, 2°, van de wet van 6 augustus 1990 toegewezen opdracht te vervullen, zendt de maatschappij van onderlinge bijstand hem tegelijk:
  1° de publicaties, adviezen, brieven en omzendbrieven toe die zij aan haar leden toestuurt;
  2° de eventuele advertenties met betrekking tot toe te kennen mandaten;
  3° de eventuele brochures die zij ter beschikking stelt voor haar leden die vermeldingen bevatten met betrekking tot de betrokken verkiezingen, tot de indiening van de kandidaturen, tot de ontvankelijke kandidaturen, tot de datum van de stemming en tot het resultaat van de stemming.
  Bovendien verwittigt ze onmiddellijk de Controledienst van elke publicatie op haar website met betrekking tot aangelegenheden bedoeld door dit besluit.
Art.26. Pour permettre à l'Office de contrôle d'accomplir la mission qui lui est confiée par l'article 52, alinéa 1er, 2°, de la loi du 6 août 1990, la société mutualiste lui envoie simultanément :
  1° les publications, avis, courriers et circulaires qu'elle envoie à ses membres ;
  2° les éventuelles annonces concernant les mandats à pourvoir ;
  3° les éventuelles brochures qu'elle met à la disposition de ses membres, comportant des mentions à propos des élections concernées, de l'introduction des candidatures, des candidatures recevables, de la date du vote et du résultat du vote.
  Elle avertit en outre l'Office de contrôle sans délai de toute publication sur son site web concernant les aspects visés par le présent arrêté.
Afdeling 2. - De klachten met betrekking tot aangelegenheden bedoeld door dit besluit
Section 2. - Les plaintes relatives aux aspects visés par le présent arrêté
Art.27. Overeenkomstig artikel 52, eerste lid, 10°, van de wet van 6 augustus 1990, kan iedere klacht in verband met de toepassing van dit besluit worden voorgelegd aan de Controledienst.
  De klachten moeten, bij aangetekend schrijven, gericht worden aan de Controledienst binnen de tien werkdagen volgend op de datum van, naargelang het geval, de betwiste beslissing, het betwiste verloop van de verkiezingen of de bekendmaking van het betwiste resultaat van de verkiezingen.
  De Controledienst beschikt over dertig kalenderdagen om kennisgeving te doen van zijn beslissing aan de betrokken partijen.
  Hij behoudt zich het recht voor deze partijen op te roepen om ze te horen in hun verdedigingsmiddelen.
  De betrokken partijen kunnen eveneens vragen om door de Controledienst te worden gehoord.
Art.27. Conformément à l'article 52, alinéa 1er, 10°, de la loi du 6 août 1990, toute plainte relative à l'application du présent arrêté peut être soumise à l'Office de contrôle.
  Les plaintes doivent être adressées, par lettre recommandée, à l'Office de contrôle dans les dix jours ouvrables suivant, selon le cas, la décision litigieuse, le déroulement contesté des élections ou la proclamation du résultat contesté des élections.
  L'Office de contrôle dispose de trente jours civils pour notifier sa décision aux parties concernées.
  Il se réserve le droit de convoquer ces parties pour les entendre dans leurs moyens de défense.
  Les parties concernées peuvent également demander à être entendues par l'Office de contrôle.
Hoofdstuk V. - Inwerkingtreding
Chapitre V. - Entrée en vigueur
Art.28. Het Koninklijk besluit van 26 augustus 2010 tot uitvoering van artikelen 2, § 3, tweede lid, 14, § 3, en 19, derde en vierde lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, wat de maatschappijen van onderlinge bijstand betreft bedoeld in artikel 70, §§ 6 en 8, van dezelfde wet, gewijzigd door het koninklijk besluit van 8 mei 2018, wordt opgeheven.
Art.28. L'arrêté royal du 26 août 2010 portant exécution des articles 2, § 3, alinéa 2, 14, § 3, et 19, alinéas 3 et 4, de la loi du 6 août 1990 relative aux mutualités et aux unions nationales de mutualités, en ce qui concerne les sociétés mutualistes visées à l'article 70, §§ 6 et 8, de cette même loi, modifié par l'arrêté royal du 8 mai 2018, est abrogé.
Art.29. Dit besluit treedt in werking op 1 september 2021.
  In afwijking van het eerste lid:
  1° treedt artikel 3 in werking op 30 juni 2021;
  2° treedt Hoofdstuk III slechts in werking voor de verkiezing met betrekking tot de betrokken mandaten met het oog op de hernieuwing, in 2022 en in volgende jaren, van de samenstelling van de algemene vergadering van de maatschappij van onderlinge bijstand en van de raad van bestuur van deze entiteit;
  3° treedt artikel 28:
  1° in werking op 30 juni 2021, wat betreft artikel 3 van voornoemd koninklijk besluit van 26 augustus 2010;
  2° wat betreft artikelen 4 tot en met 21, van voornoemd koninklijk besluit van 26 augustus 2010, slechts in werking voor de verkiezing met betrekking tot de betrokken mandaten met het oog op de hernieuwing, in 2022 en in volgende jaren, van de samenstelling van de algemene vergadering van de maatschappijen van onderlinge bijstand en van de raad van bestuur van deze entiteiten.
Art.29. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er septembre 2021.
  Par dérogation à l'alinéa 1er:
  1° l'article 3 entre en vigueur le 30 juin 2021;
  2° le Chapitre III n'entre en vigueur que pour l'élection relative aux mandats concernés en vue du renouvellement, en 2022 et lors d'années postérieures, de la composition de l'assemblée générale de la société mutualiste, ainsi que du conseil d'administration de ces entités;
  3° l'article 28 :
  1° entre en vigueur le 30 juin 2021, en ce qui concerne l'article 3 de l'arrêté royal du 26 août 2010 précité;
  2° n'entre en vigueur, en ce qui concerne les articles 4 à 21 inclus, de l'arrêté royal du 26 août 2010 précité, que pour l'élection relative aux mandats concernés en vue du renouvellement, en 2022 et lors d'années postérieures, de la composition de l'assemblée générale des sociétés mutualistes, ainsi que du conseil d'administration de ces entités.
Art.30. De Minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art.30. Le Ministre qui a les Affaires sociales dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N.   (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 20-08-2021, p. 90134)
Art. N.   (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 20-08-2021, p. 90134)