Inhoud
8549
3452/001
3452/001
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
CHAMBRE DES REPRÉSENTANTS
DE BELGIQUE
BELGISCHE KAMER VAN
VOLKSVERTEGENWOORDIGERS
DOC 53
DOC 53
PROJET DE LOI
WETSONTWERP
houdende wijziging van de wet van
21 februari 2003 tot oprichting
van een Dienst voor alimentatievorderingen
bij de FOD Financiën en tot wijziging
van het Gerechtelijk Wetboek, met het
oog op een effectieve invordering van
onderhoudsschulden
modifiant la loi du 21 février 2003 créant
un Service des créances alimentaires au sein
du SPF Finances et le Code judiciaire, en
vue d’assurer le recouvrement effectif des
créances alimentaires
14 maart 2014
14 mars 2014
Documents précédents:
Documents du Sénat:
Doc 5-2476 — 2013/2014:
001:
Proposition de loi de Mme Franssen et M. Anciaux et consorts.
002:
Amendements.
003: Rapport.
004: Texte adopté par la commission.
005:
Texte adopté en séance plénière et tranmis à la Chambre des repré-
sentants
Voir aussi:
Annales du Sénat:
27 février 2014 et 13 mars 2014.
Voorgaande documenten:
Stukken van de Senaat:
Doc 5-2476 — 2013/2014:
001:
Wetsvoorstel van mevrouw Franssen en de heer Anciaux c.s.
002:
Amendementen.
003:
Verslag.
004: Tekst aangenomen door de commissie.
005:
Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan de
Kamer van volksvertegenwoordigers.
Zie ook:
Handelingen van de Senaat:
27 februari 2014 en 13 maart 2014.
PROJET TRANSMIS PAR LE SÉNAT (*)
ONTWERP OVERGEZONDEN DOOR DE SENAAT (*)
(*) DÉLAI D’EXAMEN: 60 JOURS (ART. 81 DE LA CONSTITUTION)
(*) ONDERZOEKSTERMIJN: 60 DAGEN (ART. 81 VAN DE
GRONDWET).
2
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
Abréviations dans la numérotation des publications:
DOC 53 0000/000: Document parlementaire de la 53e législature, suivi
du n° de base et du n° consécutif
QRVA:
Questions et Réponses écrites
CRIV:
Version Provisoire du Compte Rendu intégral
CRABV:
Compte Rendu Analytique
CRIV:
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le
compte rendu intégral et, à droite, le compte rendu
analy tique traduit des interventions (avec les an-
nexes)
PLEN:
Séance plénière
COM:
Réunion de commission
MOT:
Motions déposées en conclusion d’interpellations
(papier beige)
Publications offi cielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.lachambre.be
courriel : publications@lachambre.be
Les publications sont imprimées exclusivement sur du papier certifi é FSC
Offi ciële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen:
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.dekamer.be
e-mail : publicaties@dekamer.be
De publicaties worden uitsluitend gedrukt op FSC gecertifi ceerd papier
N-VA
:
Nieuw-Vlaamse Alliantie
PS
:
Parti Socialiste
MR
:
Mouvement Réformateur
CD&V
:
Christen-Democratisch en Vlaams
sp.a
:
socialistische partij anders
Ecolo-Groen
:
Ecologistes Confédérés pour l’organisation de luttes originales – Groen
Open Vld
:
Open Vlaamse liberalen en democraten
VB
:
Vlaams Belang
cdH
:
centre démocrate Humaniste
FDF
:
Fédéralistes Démocrates Francophones
LDD
:
Lijst Dedecker
MLD
:
Mouvement pour la Liberté et la Démocratie
INDEP-ONAFH
:
Indépendant-Onafhankelijk
Afkortingen bij de nummering van de publicaties:
DOC 53 0000/000:
Parlementair document van de 53e zittingsperiode +
basisnummer en volgnummer
QRVA:
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
CRIV:
Voorlopige versie van het Integraal Verslag
CRABV:
Beknopt Verslag
CRIV:
Integraal Verslag, met links het defi nitieve integraal verslag
en rechts het vertaald beknopt verslag van de toespraken
(met de bijlagen)
PLEN:
Plenum
COM:
Commissievergadering
MOT:
Moties tot besluit van interpellaties (beigekleurig papier)
3
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
CHAPITRE 1ER
Disposition générale
A rticle 1er
L a présente loi règle une matière visée à l’article
78 de la Constitution.
CHAPIT RE 2
Modifi cations de la loi du 21 février 2003 créant
un Service des créances alimentaires au sein du
SPF Finances
Art. 2
D ans l’ar ticle 4, § 1er, alinéa 1er, de la loi du 21 fé-
vrier 2003 créant un Service des créances alimen-
taires au sein du SPF Finances, remplacé par la loi du
22 décembre 2003, les modifi cations suivantes sont
apportées:
1° les mots “ne sont pas supérieures au montant
visé à l’article 1409, § 1er, alinéa 1er, du Code judiciaire”
sont remplacés par les mots “ne sont pas supérieures
à 1 800 euros (montant de base)”;
2° l’alinéa est complété par l a phrase suivante: “Le
montant de la majoration est doublé pour chaque enfant
handicapé ouvrant le droit aux allocations familiales
majorées ou pour chaque enfant bénéfi ciant d’une
allocation pour enfants handicapés.”
Art. 3
Dans l’article 5 de la même loi, r emplacé par la loi
du 22 décembre 2003, l’alinéa 2 est remplacé par ce
qui suit:
“Le montant de cette contribution est fi xé com me suit:
à charge du débiteur d’aliments: 13 % du montant
des sommes à percevoir ou à recouvrer en principal.”
Art. 4
Dans l’article 7, § 2, de la même loi, remplac é par la
loi du 22 décembre 2003, l’alinéa 1er est remplacé par
ce qui suit:
“Si le créancier d’aliments demande l’octroi
d’avances:
HOOFDSTUK 1
Algemene bepaling
Artikel 1
Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in
artikel 78 van de Grondwet.
HOOFDSTUK 2
Wijzigingen van de wet van 21 februari 2003 tot
oprichting van een Dienst voor
alimentatievorderingen bij de FOD Financiën
Art. 2
In artikel 4, § 1, eerste lid, van de wet van 21 febru-
ari 2003 tot oprichting van een Dienst voor alimentatie-
vorderingen bij de FOD Financiën, vervangen bij de wet
van 22 december 2003, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° de woorden “niet hoger zijn dan het bedrag vermeld
in artikel 1409, § 1, eerste lid, van het Gerechtelijk Wet-
boek” worden vervangen door de woorden “niet hoger
zijn dan 1 800 euro (basisbedrag)”;
2° het l id wordt aangevuld met de volgende zin: “Het
bedrag van de verhoging wordt verdubbeld voor elk ge-
handicapt kind met een recht op verhoogde kinderbijslag
of voor elk kind dat een uitkering voor gehandicapte
kinderen ontvangt.”
Art. 3
In artikel 5 van dezelfde wet, vervangen bij de wet
van 22 december 2003, wordt het tweede lid vervangen
als volgt:
“Het bedra g van die bijdrage wordt bepaald als volgt:
ten laste va n de onderhoudsplichtige: 13 % van het
bedrag van de te innen of in te vorderen hoofsommen.”
Art. 4
In ar tikel 7, § 2, van dezelfde wet, vervangen bij de
wet van 22 december 2003, wordt het eerste lid ver-
vangen als volgt:
“Indien de on derhoudsgerechtigde om de toekenning
van voorschotten verzoekt, dan:
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
4
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
1° il mentionne lors de sa demande le montant
de ses revenus m ensuels et y joint les éléments de
preuve matériels des trois derniers mois qui précèdent
la demande;
2° il joint à sa demande, le cas échéant, les éléments
de preuve mat ériels attestant qu’il a un enfant ouvrant le
droit aux allocations familiales majorées ou bénéfi ciant
d’une allocation pour enfants handicapés;
3° il joint à sa demande, pour chaque enfant majeur,
une attestation de scolari té ou toute preuve matérielle
attestant que l’enfant est en stage d’insertion profes-
sionnelle.”
Art. 5
Dans l’article 10 de la même loi, remplacé par la loi
du 22 décembre 2003, l es modifi cations suivantes sont
apportées:
1° le paragraphe 1er est complété par un alinéa rédigé
comme suit:
“Si le débiteur d’a liments n’a pas de domicile connu
en Belgique ni à l’étranger, la notifi ca tion est adressée
au procureur du Roi de Bruxelles.”;
2° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit:
“§ 2. Le cas échéant, cette notifi cation vaut mis e
en demeure pour les sommes qu’elle désigne et fait
courir les intérêts de retard, qui sont dus à compter du
jour suivant celui du dépôt de la notifi cation à la poste.
Les intérêts de retard sont calculés sur la base du taux
d’intérêt légal en matière civile. Sans préjudice de l’inter-
ruption de la prescription de la manière et aux conditions
stipulées aux articles 2244 et suivants du Code civil,
la prescription sera interrompue par cette notifi cation.
L’interruption de la prescription intervient au moment
du dépôt de la notifi cation à la poste. L’interruption des
prescriptions ultérieures interviendra lors de la notifi -
cation au débiteur d’aliments par lettre recommandée.
Cette lettre contient les informations mentionnées au
§ 1er, alinéa 2.”
Art. 6
Dans l’article 13 de la même loi, les mots “l’article
94 des lois sur la comptabilité de l’État, coordonnées
le 17 juillet 1 991” so nt remplacés par les mots “l’article
3 de la loi domaniale du 22 décembre 1949”.
1° vermeldt hij bij zijn aanvraag het bedrag van zijn
maandelijkse bestaansmiddelen en voegt er de ma-
teriële bewijsstukken bij van de laatste drie maanden
voorafgaand aan de aanvraag;
2° voegt hij, in voorkomend geval, bij zijn aanvraag de
materiële bewijsstukken die aantonen dat hij een kind
heeft dat het recht op verhoogde kinderbijslag opent of
een uitkering voor gehandicapte kinderen geniet;
3° voegt hij bij zi jn aanvraag, voor elk meerderjarig
kind, een schoolattest of elk materieel bewijsstuk dat
het kind zich bevindt in de beroepsinschakelingstijd.”
Art. 5
In artikel 10 van dez elfde wet, gewijzigd bij de wet
van 22 december 2003, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende:
“Heeft de onderhoudsp lichtige noch in België noch
in het buitenland een gekende woonplaats, dan wordt
de kennisgeving gedaan aan de procureur des Konings
te Brussel.”;
2° paragraaf 2 wordt verv angen als volgt:
“§ 2. In voorkomend geval geldt deze kennisgeving als
ingebrekestelling voor de sommen die ze aanduidt en
doet zij de nalatigheidsintresten lopen. De nalatigheids-
interesten zijn verschuldigd vanaf de dag volgend op de
dag van de afgifte ter post van de kennisgeving. Voor
het berekenen van de nalatigheidsinteresten wordt de
wettelijke interestvoet in burgerlijke zaken in aanmerking
genomen. Onverminderd de stuiting van de verjaring
op de wijze en onder de voorwaarden bepaald bij de
artikelen 2244 en volgende van het Burgerlijk Wetboek,
wordt de verjaring gestuit door deze kennisgeving. De
verjaring wordt gestuit op het ogenblik van de afgifte ter
post van de kennisgeving. Latere verjaringen worden
gestuit bij kennisgeving aan de onderhoudsplichtige bij
een aangetekende brief. Deze brief bevat de gegevens
vermeld in § 1, tweede lid.”
Art. 6
In artikel 13 van deze lfde wet worden de woorden
“artikel 94 van de wetten op de rijkscomptabiliteit, geco-
ordineerd op 17 juli 1991” vervangen door de woorden
“artikel 3 van de domaniale wet van 22 december 1949”.
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
5
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
Art. 7
Dans l’article 16 de la même loi, le § 2 est remplacé
par ce qui suit:
“§ 2. En vue de la perception et du recouvrement des
pensions alimenta ires, le Service des créances alimen-
taires dispose des mêmes droits, action s et garanties
que le créancier d’aliments.”
Art. 8
Dans l’article 18 de la même loi, les modifi cations
suivantes sont apportées:
1° les mots “l’article 94 des lois sur la comptabilité
de l’État , coordo nnées le 17 juillet 1991” sont rem-
placés par les mots “l’article 3 de la loi do maniale du
22 décembre 1949”;
2° l’article est complété par un alinéa rédigé comme
suit:
“En outre, le Service des créances alimentaires peut
récupérer d’office les sommes payées indûment au
c réancier d’aliments:
— à concurrence de 10 % de tout paiement ult érieur
qui sera effectué en faveur du créancier d’aliments;
— à concurrence de 100 % de tout paiement ultérieur
qui sera effectué en faveur du créancier d’aliments si les
sommes payées indûment ont été obtenues à la suite
d’une déclaration ou d’un acte frauduleux du créancier
d’aliments.”
CHAPITRE 3
Modifi cations du Code judiciaire
Section 1re
Création d’un fichier central des jugements, arrêts et
actes allouant une pension alimentaire
Art. 9
Dans le Code judiciaire, cinquièm e partie, ti tre pre-
mier, il est inséré un chap itre Ierquate r, contenant les
articles 1394/1 à 1394/19 et rédigé comme suit:
Art. 7
In artikel 16 van dezelfde wet word t § 2 vervangen
als volgt:
“§ 2. De Dienst voor alimentatievor deringen beschikt
met het oog op de inning en invordering van onder-
houdsgelden over dezelfde rechten, vorderingen en
waarborgen als de onderhoudsgerechtigde.”
Art. 8
In artikel 18 van dezelfde wet worden d e volgende
wijzigingen aangebracht:
1° de woorden “artikel 94 van de wette n op de rijks-
comptabiliteit, gecoördineerd op 17 juli 1991” worden
vervangen door de woorden “artikel 3 van de domaniale
wet van 22 december 1949”;
2° het artikel wordt aangevuld met een lid, l uidende:
“Bovendien kan de Dienst voor alimentatievord erin-
gen de aan de onderhoudsgerechtigde ten onrechte
uitgekeerde sommen ambtshalve terugvorderen:
— ten belope van 10 % van iedere latere betalin g die
aan de onderhoudsgerechtigde wordt uitbetaald;
— ten belope van 100 % van iedere latere betalin g die
aan de onderhoudsgerechtigde wordt uitbetaald indien
de ten onrechte uitgekeerde sommen werden verkregen
ingevolge een bedrieglijke handeling of verklaring van
de onderhoudsgerechtigde.”
HOOFDSTUK 3
Wijzigingen van het Gerechtelijk Wetbo ek
Afdeling 1
Oprichting van een centraal bestand va n vonnissen,
arresten en akten houdende toekenning van een
onderhoudsuitkering
Art. 9
In het vijfde deel van het Gerechtelijk We tboek wo rdt
in de eerste titel een hoofdstuk Iquater ingevoegd, dat
de artikelen 1394/1 tot 1394/19 bevat, luidende:
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
6
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
“Chapitre Ierquater. — Fichier central des jugements,
arrêts et actes allouant une pension alimentaire
Art. 1394/1. Il est institué auprès du SPF Justice un
registre dénommé “fi chier central des jugem ents, arrêts
et actes allouant une pension alimentaire”.
Le fi chier central des jugements, arrêts et actes
allouant une pension alimentaire est la base de données
informatisée qui centralise tous les jugements, arrêts et
actes portant sur les modalités d’octroi d’une pe nsion
alimentaire accordée sur la base des articles 203, § 1er,
203, § 3, 205, 205bis, 206, 301, 336 et 353.14 du Code
civil.
L’objectif de ce registre est de centraliser, de manière
électronique, tous les jugements, arrêts et actes visés
à l’alinéa 2, en vue d’assurer un meilleur recouvrement
des arriérés de pension alimentaire par les huissier s de
justice mandatés par un créancier d’aliments ou par le
Service des créances alimentaires du SPF Finances,
visé par la loi du 21 février 2003 créant un Service des
créances alimentaires au sein du SPF Finances.
Le fi chier central des jugements, arrêts et actes
allouant une pension alimentaire est chargé de réper-
torier, conserver, gérer et mettre à disposition sous
forme électronique les jugements, arrêts et actes visés
à l’alinéa 2, dans le re spect des dispositions du présent
chapitre et de ses arrêtés d’exécution.
Art. 1394/2. Les personnes physiques qui peuvent
directement enregistrer, consulter, modifi er, traiter ou
détruire les données du fi chier central des jugements,
arrêts et actes allouant une pension alimentaire sont
désignées nominativement dans un re gistre informatisé,
constamment tenu à jour par ledit fi chier central.
Art. 1394/3. Quiconque participe, à quelque titre que
ce soit, à la collecte, au traitement ou à la communica-
tion des données enregistrées dans le fi chier central
ou a connaissance de telles données, est tenu d’en
respecter le caractère confi dentiel. L’arti cle 458 du Code
pénal lui est applicable.
Art. 1394/4. En vue de contrôler l’exactitude des don-
nées introduites dans le fi chier central des jugements,
arrêts et actes allouant une pension alimentaire et de
le tenir constamment à jour, les préposés du SPF Jus-
tice chargés du traitement des données ont accès aux
“Hoofdstuk Iquater. — Centraal bestand van vonnis-
sen, arresten en akten houdende toekenning van een
onderhoudsuitkering
Art. 1394/1. Binnen de FOD Justitie wordt een regist er
opgericht, “centraal bestand van vonnissen, arresten en
akten houdende toekenning van een onderhoudsuitke-
ring” geheten.
Het centraal bestand van vonnissen, arresten en
akten houdende toekenning van een onderhoudsuit-
kering is de geïnformatiseerde gegevensbank waar alle
vonnissen, arresten en akten worden gecentraliseerd
waarin een regeling wordt getroffen aangaande een
uitkering tot levensonderhoud toegekend op basis van
de artikelen 203, § 1, 203, § 3, 205, 205bis, 206, 301,
336 en 353.14 van het Burgerlijk Wetboek.
Dit register heeft tot doel om alle vonnissen, arresten
e n akten als bedoeld in het tweede lid op elektronische
wijze te verzamelen met het oog op een betere invorde-
ring van achterstallige onderhoudsuitkeringen door de
gerechtsdeurwaarders die optreden ten laste van een
onderhoudsschuldenaar of door de Dienst voor alimen-
tatievorderingen bij de FOD Financiën bedoeld in de wet
van 21februari 2003 tot oprichting van een Dienst voor
alimentatievorderingen bij de FOD Financiën.
Het centraal bestand van vonnissen, arresten en ak-
ten houde nde toekenning van een onderhoudsuitkering
is belast met het opnemen, het bewaren, het beheren en
het ter beschikking stellen van de vonnissen, arresten
en akten als bedoeld in het tweede lid op elektronische
wijze overeenkomstig de bepalingen van dat hoofdstuk
en de uitvoeringsbesluiten ervan.
Art. 1394/2. De natuurlijke personen die de gegevens
van he t centraal bestand van vonnissen, arresten en
akten houdende toekenning van een onderhoudsuit-
kering rechtstreeks kunnen registreren, raadplegen,
wijzigen, verwerken of vernietigen, worden met naam
aangewezen in een geïnformatiseerd register, dat door
dit centraal bestand voortdurend wordt bijgewerkt.
Art. 1394/3. Hij die in welke hoedanigheid ook deel-
neemt aan de verzameling, de verwerking of de mede-
deling van de in het centraal bestand geregistreerde
gegevens of kennis heeft van die gegevens, moet het
vertrouwelijk karakter ervan in acht nemen. Artikel
458 van het Strafwetboek is op hem toepasselijk.
Art. 1394/4. Teneinde de juistheid na te gaan van de
gegeven s die in het centraal bestand van vonnissen,
arresten en akten houdende toekenning van een on-
derhoudsuitkering worden ingevoerd en het voortdurend
te kunnen bijwerken, hebben de aangestelden van de
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
7
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
informations mentionnées à l’article 3, alinéa 1er, 1°, 2°,
5°, 6°, 7°, 8° et 13°, de la loi du 8 août 1983 organisant
un registre national des personnes physiques et peuvent
utiliser le numéro d’identifi cation de ce registre. Ils ne
peuvent toutefois pas communiquer le numéro à des
tiers, sous quelque forme que ce soit.
Le Roi détermine les modalités de transmission des
informations informatiques du registre national aux
fonctionnaires désignés par le SPF Justice pour le
traitement des données.
Art. 1394/5. L’enregistrement de jugements, d’arrêts,
d’actes et de données à caractère personnel dans le
fi c hier s’opère sans frais.
Art. 1394/6. À la demande du ministre de la Justice,
des ministres ayant l’Économie dans leurs attributions,
des Chambres législatives, des parlements de comm u-
nauté et de région et du Bureau du plan, ainsi qu’après
avis du Comité de gestion et de surveillance, de toute
personne ou organisme intére ssé, le fi chier central des
jugements, arrêts et actes allouant une pension alimen-
taire leur communique les données anonymes utiles à la
recherche relative à l’organisation judiciaire, à l’octroi de
pensions alimentaires et au recouvrement d’arriérés de
pension alimentaire. Des données codées ne peuvent
être communiquées que conformément aux règles
applicables à la protection de la vie privée à l’égard des
traitements de données à caractère personnel.
Art. 1394/7. Il est institué auprès du SPF Justice un
Comité de gestion et de surveillance du fi chier central
des jugements, arrêts et actes allouant une pension
alimentaire, dénommé ci-après “Comité de gestion et
de surveillance”.
Le Comité de gestion et de surveillance est présidé
par un juge du tribunal de première inst ance ou par un
magistrat ou un magistrat émérite qui peut justifi er d’une
expérience effective d’au moins deux ans en matière
de droit de la famille, et qui est désigné par le ministre
de la Justice. Le Comité est composé en outre d’un
juriste e t d’un informaticien représentant le ministre de la
Justice et désignés par lui, d’un greffier d’un tribunal de
première instance désigné par le ministre de la Justice,
d’un membre de la Commission de la protection de la vie
privée désigné par cette commission, d’un représentant
du Service des créances alimentaires désigné par le
ministre des Finances, d’un représentant de la Banque
nationale de Belgique désigné par le gouverneur de la
banque, d’un avocat désigné par de Orde van Vlaamse
balies, d’un avocat désigné par l’Ordre des barreaux
FOD Justitie belast met de verwerking van de gegevens
toegang tot de informatiegegevens bedoeld in artikel 3,
eerste lid, 1°, 2°, 5°, 6°, 7°, 8° en 13°, van de wet van
8 augustus 1983 tot regeling van een rijksregister van de
natuurlijke personen en kunnen zij het identifi catienum-
mer van dat register gebruiken. Zij delen het nummer
evenwel in geen enkele vorm aan derden mee.
De Koning stelt de wijze vast waarop de informa-
tiegegevens van het rijksregister aan de ambtenaren
aangesteld door de FOD Justitie voor de verwerking
van de gegevens worden overgezonden.
Art. 1394/5. De registratie van vonnissen, arresten,
akten en perso onsgegevens in het bestand is kosteloos.
Art. 1394/6. Op verzoek van de minister van Justitie,
de ministers tot wier bevoegdheid de economie behoort,
de wetgevende Kamers, de Gemeenschaps- en Ge-
westparlementen en het Planbureau, alsook, na eens-
luidend advies van het Beheers- en toezichtscomité,
van alle betrokken personen en organisaties, maakt het
centraal bestand van vonnissen, arresten en akten hou-
dende toekenning van een onderhoudsuitkering hen de
anonieme gegevens over die nuttig zijn voor onderzoek
in verband met de gerechtelijke organisatie, de toeken-
ning van onderhoudsuitkeringen en de invordering van
achterstallige onderhoudsuitkeringen. Gecodeerde
gegevens kunnen enkel worden overgemaakt overeen-
komstig de toepasselijke regels tot bescherming van de
persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking
van persoonsgegevens.
Art. 1394/7. Bij de FOD Justitie wordt een Beheers- en
toezichtscomi té bij het centraal bestand van vonnis-
sen, arresten en akten houdende toekenning van een
onderhoudsuitkering opgericht, hierna “Beheers- en
toezichtscomité” genoemd.
Het Beheers- en toezichtscomité wordt voorgezeten
door een rechter van d e rechtbank van eerste aanleg of
door een magistraat of een emeritus-magistraat met ten
minste twee jaar effectieve ervaring inzake familierecht,
aangewezen door de minister van Justitie. Het Comité
is voorts samengesteld uit een jurist en een informa-
ticus die de minister van Justitie vertegenwoordigen
en door hem worden aangewezen, uit een griffier van
een rechtbank van eerste aanleg aangewezen door
de minister van Justitie, uit een lid van de commissie
voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer
aangewezen door deze commissie, uit een vertegen-
woordiger van de Dienst voor de alimentatievorderingen
die door de minister van Financiën is aangewezen, uit
een vertegenwoordiger van de Nationale Bank van
België aangewezen door de gouverneur ervan, uit een
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
8
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
francophones et germanophone, d’un notaire désigné
par le collège des présidents des chambres arrondisse-
mentales des notaires, d’un huissier de justice désigné
par la Chambre nationale des huissiers de justice et
d’un réviseur d’entreprises désigné par le Conseil de
l’Institut des réviseurs d’entreprises.
Le Comité de gestion et de surveillance ne peut
délibérer valablement que si la moitié au moins de ses
membres sont présents.
Les décisions du Comité de gestion et de surveillance
sont prises à la majorité des voix. En cas de parité, la
voix du président est prépondérante.
Les membres du Comité sont nommés pour un terme
renouvelable de quatre ans.
Pour chaque membre du Comi té, il est désigné un
suppléant, selon les mêmes modalités que pour les
membres effectifs.
Si le mandat d’un membre effectif ou d’u n membre
suppléant prend fi n avant terme, il est pourvu à son
remplacement. Le remplaçant achève le mandat de
son prédécesseur.
Le Comité de gestion et de s urveillance arrête son
règlement d’ordre intérieur, lequel est approuvé par le
ministre de la Justice et publié au Moniteur belge.
Art. 1394/8. Le ministre de la Justice fi xe, pour le
président et les m embres du Comité de gestion et de
surveillance, le montant et les conditions d’octroi des
jetons de présence, des indemnités pour frais de séjour
ainsi que les conditions de r emboursement de leurs frais
de déplacement. Tous les frais du Comité sont à charge
du service public fédéral Justice.
Art. 1394/9. § 1er. Le Comité de gestion et de surveil-
lance a pour missions:
1° de veiller et de contribuer au fonctionnement
efficace et sûr du fi chier central conformément aux
dispositions du présent chapitre;
2° d’émettre un avis sur les arrêtés d’exécution visés
aux articles 1394/1 et 1394/4, et sur les demandes
visées à l’article 1394/6;
advocaat aangewezen door de Orde van Vlaamse
Balies, uit een advocaat aangewezen door de Ordre
des barreaux francophones et germanophone, uit een
notaris aangewezen door het college van voorzitters
van de arrondissementskamers van notarissen, uit een
gerechtsdeurwaarder aangewezen door de Nationale
Kamer van gerechtsdeurwaarders en uit een bedrijfs-
revisor aangewezen door de raad van het Instituut van
de bedrijfsrevisoren.
Het Beheers- en toezichtscomité kan slechts op gel-
dige wijze beraadslagen wa nneer ten minste de helft
van de leden aanwezig is.
De beslissingen van de Beheers- en toezichtsco-
mité worden bij meerderheid van stemmen genomen.
Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter
doorslaggevend.
De leden van het Comité worden benoemd voor een
hernieuwbare termijn van vier jaar.
Voor elk lid van het Comité wordt een plaatsvervanger
aangewezen, op dezelfde w ijze als de werkende leden.
Indien het mandaat van een werkend lid of een plaats-
vervangend lid een einde nee mt vóór het verstrijken van
de termijn ervan, wordt in zijn opvolging voorzien. De
opvolger voleindigt het mandaat van zijn voorganger.
Het Beheers- en toezichtscomité stelt zijn huishou-
delijk reglement vast, dat door de minister van Justitie
wordt goedgekeurd en bekendgemaakt in het Belgisch
Staatsblad.
Art. 1394/8. De minister van Justitie bepaalt voor de
voorzitter en de leden van he t Beheers- en toezichts-
comité het bedrag en de toekenningsvoorwaarden van
de presentiegelden, de vergoedingen van de verblijfs-
kosten, alsook de voorwaarden inzake terugbetaling van
hun reiskosten. Alle kosten van het Comité vallen ten
laste van de federale overheidsdienst Justitie.
Art. 1394/9. § 1. Het Beheers- en toezichtscomité
heeft de volgende opdrachten:
1° waken over en bijdragen tot de doeltreffende en
veilige werking van het centraal bes tand overeenkomstig
de bepalingen van dit hoofdstuk;
2° advies uitbrengen over de uitvoeringsbesluiten
bedoeld in de artikelen 1394/1 en 1394 /4 en over de
verzoeken bedoeld in artikel 1394/6;
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
9
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
3° de donner au ministre de la Justice, à sa demande,
un avis au sujet de toute question relative au fi chier
central des jugements, arrêts et actes alloua nt une
pension alimentaire;
4° de donner un avis, d’office ou à la suite d’une
demande formulée conformément à l’article 1394/12,
sur toute difficulté ou tout différend pouvant résulter
de l’application du présent chapitre et de ses mesures
d’exécution;
5° d’ordonner au fi chier c entral des jugements, arrêts
et actes allouant une pension alimentaire de rendre ino-
pérants les codes individuels d’accès au fi chier central,
conformément à l’article 1394/13.
§ 2. Le m embre de la Commission de la protection
de la vie privée a les mêmes táches et compétences
que les autres membres du Comité de gestion et de
surveillance, mais il veille en outre à la coordination des
activités du Comité et de celles de ladite Commission
dans la mesure où elles interfèrent les unes avec les
autres.
Chaque fois qu’il le juge utile pour assurer la coor-
dination qui lui incombe, le membre visé au premier
alinéa, peut demander au Comité d’ajourner un avis,
une décision ou une recommandation et de soumettre
préalablement la question à la Commission de la pro-
tection de la vie privée.
Dans le cas d’une telle demande, la discussion du
dossier est suspendue au sein du Comité de gestion et
de surveillance et le dossier est immédiatement transmis
à la Commission. À d ater de la réception du dossier, la
Commission dispose d’un délai de trente jours francs
pour communiquer son avis au Comité de gestion et de
surveillance. Si ce délai n’est pas respecté, le Comité
peut émettre son avis ou sa décision sans attendre l’avis
de la Commission.
Le point de vue d e la Commission est mentionné
explicitement dans l’avis, la décision ou la recomman-
dation du Comité de gestion et de surveillance.
Art. 1394/10. Chaque année, le Comité de gestion
et de surveillance fait un rapport sur l’exécution de
ses missions au cours de l’année écoulée. Ce rapport
contient des suggestions relatives à l’opportunité de
modifi er le système de publicité mis en place dans le
cadre du fi chier central des jugements, arrêts et actes
allouant une pen sion alimentaire.
3° aan de minister van Justitie op zijn verzoek een
advies uitbrengen inzake elke vraag b etreffende het
centraal bestand van vonnissen, arresten en akten
houdende toekenning van een onderhoudsuitkering;
4° advies verlenen, ambtshalve of na een verzoek
overeenkomstig artikel 1394/12, over elke moeilijkheid
of elk geschil dat kan rijzen betreffende de toepassing
van dit hoofdstuk en de uitvoeringsmaatregelen ervan;
5° het centraal bestand van vonnissen, arresten en
akten houdende toekenning van een onderh oudsuit-
kering ermee gelasten de individuele toegangscodes
tot het centraal bestand van berichten onwerkzaam te
maken overeenkomstig artikel 1394/13.
§ 2. Het lid van de commissie voor de bescherming
van de persoonlijke levenssfeer heeft deze lfde taken en
bevoegdheden als de andere leden van het Beheers- en
toezichtscomité, maar zorgt bovendien voor de coör-
dinatie tussen de werkzaamheden van het Comité en
die van deze commissie, in de mate dat zij met elkaar
interfereren.
Indien het lid, bedoeld in het eerste lid, met het oog
op de hem opgedragen coördinatie dit nutt ig acht, kan
het aan het Comité vragen een advies, beslissing of
aanbeveling uit te stellen en de kwestie eerst aan de
commissie voor de bescherming van de persoonlijke
levenssfeer voor te leggen.
Bij een dergelijk verzoek wordt de bespreking van
het dossier in het Beheers- en toezichtscomité o pge-
schort en het dossier onverwijld aan de commissie
meegedeeld. De commissie beschikt over een termijn
van dertig vrije dagen te rekenen vanaf de ontvangst
van het dossier om haar advies aan het Beheers- en
toezichtscomité mee te delen. Indien die termijn niet
wordt nageleefd, kan het Comité zijn advies of beslis-
sing verlenen zonder het advies van de commissie af
te wachten.
Het standpunt van de commissie wordt uitdrukkelijk
in het advies, de beslissing of de aanbeveling van het
Beheers- en toezichtscomité opgenomen.
Art. 1394/10. Ieder jaar brengt het Beheers- en
toezichtscomité verslag uit over de vervulling van zij n
opdrachten gedurende het afgelopen jaar. Dat verslag
bevat suggesties met betrekking tot de wenselijkheid
om wijzigingen aan te brengen in het stelsel van open-
baarheid dat met het centraal bestand van vonnissen,
arresten en akten houdende toekenning een onder-
houdsuitkering wordt verwezenlijkt.
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
10
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
Le rapport comporte également une analyse des
revenus et des dépenses liés au fi chier central des juge-
ments, arrêts et actes allouant une pension alimentaire.
Le rapport est communiqué aux Chambres législa-
tives et au ministre de la Justice.
Art. 1394/11. § 1er. Le Comité de gestion et de sur-
veillance peut recueillir tous les renseignements néces-
saires à l’exécution de ses missions visées à l’article
1394/9, § 1er. À cette fi n, il peut procéder à des auditions
et exiger la production de docume nts pertinents; il a
en outre accès au fi chier central des jugements, arrêts
et actes allouant une pension alimentaire ainsi qu’à
toutes les données relatives à son fonctionnement.
Les personnes entendues ou tenues de produire des
documents sont hab ilitées à communiquer des données
couvertes par le secret professionnel.
§ 2. Si le Comité de gestion et de surveillance le juge
utile à l’exécution de ses missions visées à l’article
1394/9, § 1er, il peut informer l’autorité disciplinaire
ou le supérieur hiérarchique des négligences et man-
quements constatés à charge des personnes visées
à l’article 1394/2. Il peut aussi charger ce dernier
d’enquêter à ce sujet et de remettre un rapport écrit
dans le délai imparti.
Si, dans le cadre de l’exécution de ses missions, le
Comité de gestion et de surveillance a connaissance
d’une violation des articles 1394/14 et 1394/15 ou de
quelque autre délit, il en informe le procureur du Roi
compétent.
§ 3. L’article 1394/3 est applicable aux membres du
Comité de gestion et de surveillance pour toutes les
données dont ils ont eu connaissance dans l’exercice
de leur fonction, ainsi qu’aux personnes auxquelles le
Comité communique ces données dans le cadre de
l’exercice de ses missions.
Art. 1394/12. Toute personne peut s’adresser par
écrit au Comité de gestion et de surveillance pour lui
signaler des faits ou des situations qui, à son estime,
nécessitent l’intervention du Comité ou lui faire des
suggestions utiles.
Sauf accord exprès de l a personne qui s’est adres-
sée à lui, le Comité ne peut révéler ni l’identité de la
personne en question, ni la manière dont il a été saisi.
Le Comité de gestion et de surveillance communique
au requérant visé à l’alinéa 1er les données qu’il juge
utiles.
Het verslag bevat eveneens een analyse van de
inkomsten en de uitgaven verbonden aan het centraal
besta nd van vonnissen, arresten en akten houdende
toekenning van een onderhoudsuitkering.
Het verslag wordt medegedeeld aan de wetgevende
Kamers en aan de minister van Justitie.
Art. 1394/11. § 1. Het Beheers- en toezichtscomité
kan alle inlichtingen verzamelen die nodig zijn voor de
uitoefening van zijn taken bedoeld in artikel 1394/9,
§ 1. Het kan daartoe personen horen en pertinente
documenten opvragen; het heeft tevens toegang tot
het centraal bestand van vonnissen, arresten en akten
houdende toekenning van een onderhoudsuitkering en
tot alle gegevens met betrekking tot de werking ervan.
De personen die worden gehoord of die documenten
dienen mee te delen zijn gemachtigd gegevens mee te
delen die gedekt zijn door het beroepsgeheim.
§ 2. Indien het Beheers- en toezichtscomité dit nuttig
acht voor de uitoefening van zijn taken bedoeld in artikel
1394/9, § 1, kan het de tuchtoverheid of de hiërarchische
meerdere inlichten over nalatigheden en tekortkomingen
vastgesteld ten laste van de personen bedoeld in artikel
1394/2. Het kan deze tevens belasten met een onder-
zoek terzake en met het uitbrengen van een schriftelijk
verslag binnen de gevraagde termijn.
Indien het Beheers- en toezichtscomité in het kader
van de uitoefening van zijn taken kennis heeft van een
sch ending van de artikelen 1394/14 en 1394/15 of van
enig ander misdrijf, geeft het hiervan kennis aan de
bevoegde procureur des Konings.
§ 3. Artikel 1394/3 is van toepassing op de leden van
het Beheers- en toezichtscomité voor alle gegevens
waarva n zij bij de uitoefening van hun ambt kennis
hebben gekregen alsook op de personen aan wie het
Comité in de uitoefening van haar taken deze gegevens
meedeelt.
Art. 1394/12. Eenieder kan zich schriftelijk tot het
Beheers- en toezichtscomité wenden om het in kennis
te stelle n van feiten of toestanden die naar zijn oordeel
het optreden van het Comité vereisen of om nuttige
voorstellen te doen.
Tenzij de persoon die zich tot het Beheers- en toe-
zichtscomité heeft gericht er uitdrukkelijk mee instemt,
mag het C omité zijn identiteit niet bekend maken en
evenmin de wijze waarop het is gevat.
Het Beheers- en toezichtscomité deelt aan de ver-
zoeker bedoeld in het eerste lid de gegevens mee die
het nuttig acht.
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
11
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
Art. 1394/13. Dans l’attente des résu ltats des me-
sures visées à l’article 1394/11, le Comité de gestion
et de surveillance peut enjoindre au fi chier central des
jugements, arrêts et actes allouant une pension ali-
mentaire de rendre inopérant, pour une durée d’un an
maximum, ren ouvelable une seule fois, le code indivi-
duel d’accès au fi chier central visé à l’article 1391, § 4,
lorsqu’il existe des indices raisonnables que le titulaire
n’a pas respect é les articles 1394/3 et 1394/19, § § 2 et
3. Sauf en cas d’absolue nécessité, l’intéressé est pré-
alablement entendu.
Art. 1394/14. Sont punis d’une amende de cent euros
à cinq mille euros, les organes ou préposés du fi chier
central des jugements, arrêts et actes allouant une
pension alimentaire qui:
1° n’ont pas pris toutes les mesures permettant de
garantir la sécurité et la confi dentialité des données à
caractère personnel traitées;
2° n’ont pas tenu à jour le registre individuel visé à
l’article 1394/2.
Art. 1394/15. Sont punis d’un emprisonnement de
huit jours à six mois et d’une amende de cent euros à
cinq mille euros ou d’une de ces peines seulement, les
personnes qui:
1° en infraction aux dispositions de l’article 1394/19,
§ 2, et hormis les cas prévus par ou en vertu de la loi,
ont sciemment divulgué leur code d’accès individuel;
2° en violation des dispositions de l’artic le 1394/3 et
hormis les cas prévus par ou en vertu de la loi, n’ont
pas respecté le caractère confi dentiel des données
enregistrées dans le fi chier central des jugements, arrêts
et actes allouant une pension alimentaire;
3° ont consulté le fi chier central des jugements, arrêts
et actes allouant une pension alimentaire, sans se trou-
ver dans l’un des cas visés à l’article 1394/19, § 1er, ou
ont uti lisé des données provenant de ce fi chier à une
fi n autre que celle qui pouvait justifi er l’accès au fi chier;
4° ne respectent pas les obligations qui leur in-
combent en ver tu des dispositions de l’article 1394/18.
Art. 1394/13. In afwachting van de resultaten van de
maatregelen bedoeld in artikel 1394/11 kan het Beheers-
en toezich tscomité het centraal bestand van vonnissen,
arresten en akten houdende toekenning van een onder-
houdsuitkering gelasten de individuele toegangscode
bedoeld in artikel 1391,§ 4, tot het centraal bestand
voor een eenmalig verlengbare maximum termijn van
één jaar, onwerkzaam te maken wanneer redelijke
aanwijzingen bestaan dat de houder ervan de artikelen
1394/3 en 1394/19, § § 2 en 3, niet heeft nageleefd.
Behoudens het geval van absolute noodzakelijkheid,
wordt de betrokkene vooraf gehoord.
Art. 1394/14. Worden gestraft met een geldboete
van honderd euro tot vijfduizend euro, de organen en
aangestelden van het cen traal bestand van vonnissen,
arresten en akten houdende toekenning van een on-
derhoudsuitkering die:
1° niet alle maatregelen hebben genomen die het
mogelijk maken de veiligheid en de vertrouwelijkheid
van de verwerkte persoon sgegevens te waarborgen;
2° het individueel register bedoeld in artikel 1394/2 niet
bijgewerkt hebben.
Art. 1394/15. Worden gestraft met een gevange-
ni sstraf van acht dagen tot zes maanden en met een
geldboete van honderd euro tot vijfduizend euro of met
een van deze straffen alleen, de personen die:
1° in strijd met de bepalingen van artikel 1394/19,
§ 2, en met uitzondering van de gevallen bepaald bij
of krachtens de wet, w etens en willens hun individuele
toegangscode hebben bekendgemaakt;
2° in strijd met de bepalingen van artikel 1394/3 en
met uitzondering van de gevallen bepaald bij of krach-
tens de wet, het vertro uwelijk karakter van de gegevens
geregistreerd in het centraal bestand van vonnisen,
arresten en akten houdende toekenning van een on-
derhoudsuitkering niet hebben bewaard;
3° het centraal bestand van vonnisen, arresten en
akten houdende toekenning van een onderhoudsuitke-
ring hebben geraadpleegd, zonde r dat zij zich bevinden
in een van de gevallen bedoeld in artikel 1394/19, § 1,
of die gegevens verkregen uit dat bestand gebruiken
voor een ander doel dan datgene dat de toegang tot
het bestand kon wettigen;
4° hun verplichtingen overeenkomstig de bepalingen
van artikel 1394/18 niet nakomen.
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
12
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
Art. 1394/16. Le juge peut décider de déchoir la per-
sonne condamnée du droit d’utiliser son code individuel
d’accès pour une durée maximale de cinq ans.
Art. 1394/17. Toutes les dispositions du livre premier
du Code pénal, y com pris le chapitre VII et l’article 85,
mais le chapitre V excepté, sont applicables aux infrac-
tions visées aux articles 1394/14 et 1394/15.
Art. 1394/18. Dans les trente jours civils de la pas-
sation de l’acte prévu à l’article 1394/1, les notaires
transmettent une copie certifi ée conforme de cet a cte
au fi chier central des jugements, arrêts et actes allouant
une pension alimentaire, par l’entremise de la Fédéra-
tion royale des notaires belges.
Dans les trente jours civils de la passation du juge-
ment ou de l’arrêt prévu à l’article 1394/1, les greffiers
des justices de paix, des tribunaux de première instance
et des cours d’appel font parvenir une copie certifi ée
conforme de ce jugement ou de cet arrêt au fi chier
central des jugements, arrêts et actes allouant une
pension alimentaire.
Art. 1394/19. § 1er. Les juges et les greffiers peuvent
consulter pour l’accomplissement de leurs missions
légales les jugements, arrêts et actes visés à l’article
1394/1.
Les préposés du Service des créances alimentaires
au sein du SPF Finances, visés par la loi du 21 fé-
vrier 2003 créant un Servi ce des créances alimentaires
au sein du SPF Finances, peuvent, dans le cadre de
l’accomplissement de leurs missions légales, consulter
les jugements, arrêts et actes visés à l’article 1394/1.
Les huissiers de justice visés par les articles 509 et
suivants du Code judiciaire peuvent, dans le cadre de
l’accomplissement de leurs missions légales, consulte r
les jugements, arrêts et actes visés à l’article 1394/1.
§ 2. L’accès aux données enregistrées dans le
fi chier s’opère au moyen de codes d’accès individuels.
Les titulaires de ces codes ne peuvent les divulguer à
quiconque et sont personnellement responsables de
l’usage qui en est fait.
§ 3. Toute demande de consultation du fi chier n’est
recevable que si elle mentionne:
Art. 1394/16. De rechter kan beslissen dat de veroor-
deelde persoon het recht om zijn individuele toegangs-
code te gebruiken voor een t ermijn van ten hoogste vijf
jaar wordt ontzegd.
Art. 1394/17. Alle bepalingen van boek I van het
Strafwetboek met inbegrip van hoofdstuk VII en artikel
85, doch met uitzondering van hoofdstuk V, zijn van
toepassing op de strafbare feiten bedoeld in de artikelen
1394/14 en 1394/15.
Art. 1394/18. De notarissen, door toedoen van de Ko-
ninklijke Federatie van Belgische notarissen, bezorgen
binnen de dertig kalenderda gen na het verlijden van de
akte als bedoel in artikel 1394/1 een voor eensluidend
verklaarde kopie van deze akte aan het centraal bestand
van vonnissen, arresten en akten houdende toekenning
van een onderhoudsuitkering.
De griffiers van de vredegerechten, de griffiers van
de rechtbanken van eerste aanleg en de griffiers van de
hoven van beroep, bezorg en binnen de 30 kalenderda-
gen na het verlijden van het vonnis of arrest als bedoel
in artikel 1394/1 een voor eensluidend verklaarde kopie
van dit vonnis of arrest aan het centraal bestand van
vonnissen, arresten en akten houdende toekenning van
een onderhoudsuitkering.
Art. 1394/19. § 1. De rechters en de griffiers kunnen
voor de vervulling van hun wettelijke opdrachten de
vonnissen en akten bedoeld in het artikel 1394/1 raad-
plegen.
De aangestelden van de Dienst voor alimentatie-
vorderingen bij de FOD Financiën als bedoeld in de
wet van 21 februari 2003 tot oprichti ng van een Dienst
voor alimentatievordering bij de FOD Financiën kun-
nen voor de vervulling van hun wettelijke opdrachten
de vonnissen, arresten en akten bedoeld in het artikel
1394/1 raadplegen.
De gerechtsdeurwaarders als bedoeld in de artikelen
509 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek kun-
nen voor de vervulling van hun wette lijke opdrachten
de vonnissen, arresten en akten bedoeld in het artikel
1394/1 raadplegen.
§ 2. Er wordt toegang verkregen tot de gegevens
opgenomen in het bestand door middel van individuele
toegangscodes. De houders van de co des mogen die
niet aan derden bekendmaken en zijn persoonlijk ver-
antwoordelijk voor het gebruik dat ervan wordt gemaakt.
§ 3. Ieder verzoek tot raadpleging van het bestand is
slechts ontvankelijk indien het vermeldt:
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
13
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
1° outre le code d’accès, les nom, prénoms et
l’adresse professionnelle du requérant visé au para-
graphe 1er;
2° le cas échéant, l es nom, prénoms et domicile du
créancier ou sa dénomination, sa nature juridique et
son siège;
3° l’objet de la demande, justifi ée conformément au
paragraphe 1er.
§ 4. Toutes les personnes enregistrées dans le fi chier
dispose nt d’un droit d’accès et d’un droit de rectifi cation
des données personnelles enregistrées, conformément
aux articles 10 à 15 de la loi du 8 décembre 1992 relative
à la protection de la vie privée à l’égard des traitements
de données à car actère personnel, sans que ce droit
puisse porter sur le contenu même d’un jugement, d’ un
arrêt ou d’un acte au sens de l’article 1394/1.”
Section 2
Règlement collectif de dettes
Art. 10
Dans l’art icle 1675/13, § 3, premier tiret, du même
Code, les mots “non échues au jour de la décision
arrêtant le plan de règlement judiciaire” sont abrogés.
CHAPITRE 4
Modifi cations de la loi hypothéc aire
Art. 11
Dans l’article 19 de la loi hypothécaire du 16 dé-
cembre 1851, modifi é en dernier lieu par la loi du 30 juil-
let 2013, les modifi cations suivantes sont apportées:
a) il est inséré un 3°bis nouveau rédigé comme suit:
“3°bis. Les créances alimentaires, dont le montant
ne peut pas dépasser 15 000 euros;”;
b) le 3°bis actuel est renuméroté en 3°ter.
1° naast de toegangscode, de naam, de v oornamen
en het beroepsadres van de verzoeker bedoeld in pa-
ragraaf 1;
2° in voorkomend geval, de n aam, de voornamen en
de woonplaats of, de naam, de rechtsvorm en de zetel
van de schuldeiser;
3° het voorwerp van het verzoek, verantwoord over-
eenkomstig paragraaf 1.
§ 4. Alle personen die in het bestand zijn opgenomen
beschikken ov er een recht van toegang en een recht
op verbetering van de persoonsgegeven s opgenomen
overeenkomstig de artikelen 10 tot 15 van de wet van
8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke
levenssfeer ten opzichte van de verwerking van per-
soonsgegevens, zonder dat dat recht betrekking kan
hebben op afbreuk de inhoud van een vonnis, arrest of
akte zelf als bedoeld in artikel 1394/1.”
Afdeling 2
Collectieve schuldenregeling
Art. 10
In artikel 1675/13, § 3, eerste streepje, van hetzelfde
Wetboekworden de woorden “die niet vervallen zi jn op
de dag van de uitspraak houdende vaststelling van de
gerechtelijke aanzuiveringsregeling” opgeheven.
HOOFSTUK 4
Wijzigingen van de hypotheekwet
Art. 11
In artikel 19 van de hypotheekwet van 16 decem-
ber 1851, laatst gewijzigd bij de wet van 30 j uli 2013,
wo rden de volgende wijzigingen aang ebracht:
a) er wordt een nieuw 3°bis ingevoegd, luidende:
“3°bis. De onderhoudsschulden zonder dat het be-
drag daarvan 15 000 euro mag te boven gaan;”;
b) het huidige 3°bis wordt vernummerd tot 3°ter.
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
14
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
CHAPITRE 5
Modifi cation du Code pénal
Art. 12
L’article 391bis du Code pénal, modifi é en d ernier lieu
par la loi du 30 juillet 2013, est compl été par un alinéa
rédigé comme suit:
“En cas de condamnation pour une des infractions
prévues au présent article, le juge pourra également
prononcer la déchéance du dro it de condui re un véhi-
cule à moteur, conformément a ux articl es 38 à 41 de la
loi du 16 mars 1968 relative à la police de la circulation
routière.”
CHAPITRE 6
Entrée en vigueur
Art. 13
La présente loi, à l’exception des ar ticles 3, 4 et 9,
entre en vigueur le premier jour du trois ième mois qui
suit celui de sa publication au Moniteur belge.
Les articles 2 à 8 s’appliquent a ux demandes visées
à l’article 7 de la loi du 21 février 2003 créant un Service
des créanc es alimen taires au sein du SPF Finances,
que le Service des créances alimentaires recevra à
partir de la date d’entrée en vigueur des articles 3 et
4 de la présente loi.
Les articles 3 et 4 entrent en vigueur le 1er janvier
qui suit le jour de la publication de la présente loi au
Moniteur belge.
L’article 9 entre en vigueur à la date fi xée par le Roi
et au plus tard le premier jour du sixième mois qui suit
celui au cours duquel la présent e loi aura é té publiée
au Monite ur belge.
H OOFSTUK 5
Wijziging van het Strafwetboek
Art. 12
Artikel 391bis van het Strafwetboek, laatst gew ijzigd
bij de wet van 30 juli 2013, wordt aangevuld met een
lid, luidende:
“In geval van een veroordel ing wegens een van de
in dit artikel omschreven misdrijven, kan de rechter
eveneens het verval van het recht tot besturen va n een
motorvoertuig uitspreken overeenkomstig de artikelen
38 tot 41 van de wet van 16 maart 1968 betreffende de
politie over het wegverkeer.”
HOOFDSTUK 6
Inwerkingtreding
Art. 13
Deze wet treedt in werking op de eerste dag van de
derde maand na die waarin ze is bekendgemaakt in het
Belgisch S taatsblad, me t uitzondering van de artik elen
3, 4 en 9.
De artikelen 2 tot 8 zijn van toepassing op de aan-
vragen bedoeld in artikel 7 van de wet van 21 febru-
ari 2003 tot oprichting van een Dienst voor alimentat ie-
vorderingen bij de FOD Financiën die door de Dienst
van alimentatievorderingen worden ontvangen vanaf
de datum van inwerkingtreding van de artikelen 3 en
4 van deze wet.
De artikelen 3 en 4 treden in werking op de eerste
januari volgend op de bekendmaking van deze wet in
het Belgisch Staatsblad.
Het artikel 9 treedt in wer king op de door de Koning te
bepalen datum en uiterlijk de eerste dag van de zesde
maand volgend op de datum van bekendmaking va n
deze wet in het Belgisch Staatsblad.
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
15
3452/001
DOC 53
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE
2013
2014
L’article 1394/18 du Code judiciaire, tel qu’inséré par
l’article 9, s’applique aux actes, jugements et arrêts
passés ou prononcés à partir de la date d’entrée en
vigueur de l’article 9 de la présente loi.
Artikel 1394/18 van het Gerechtelijk Wetboek, zoals
ingevoegd bij artikel 9, is van toepassing op de akten,
de vonnissen en de arresten die worden verleden of
uitgesproken vanaf de datum van inwerkingtreding van
artikel 9 van deze wet.
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E
K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE
2013
2014
Bruxelles, le 13 mars 2014
La présidente du Sénat,
Le greffier du Sénat,
Brussel, 13 maart 2014
De voorzitster van de Senaat,
De griffier van de Senaat,
Sabine de BETHUNE
Hugo HONDEQUIN
Centrale drukkerij – Imprimerie centrale