Document 53K3217/002

🏛️ KAMER Legislatuur 53 📁 3217 Verslag 🌐 NL

Inhoud

7564 DOC 53 3217/002 DOC 53 3217/002 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 CHAMBRE DES REPRÉSENTANTS DE BELGIQUE BELGISCHE KAMER VAN VOLKSVERTEGENWOORDIGERS AMENDEMENTS AMENDEMENTEN N° 1 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 2 Apporter les modifi cations suivantes: 1° insérer un point 2/1°, rédigé comme suit: “ 2/1° contrat d’assurance: un contrat d’assurance relevant de la branche 21 “Assurance sur la vie, non liée à un fonds d’investissement, à l’exception des assurances de nuptialité et de natalité” telle que visée à l’annexe I de l’arrêté royal du 22 février 1991 portant règlement général relatif au contrôle des entreprises d’assurances. 2° insérer un point 4/2°, rédigé comme suit: “4/2° entreprise d’assurance: une entreprise d’assu- rance de droit belge ou relevant du droit d’un État non membre de l’Espace économique européen agréée sur Nr. 1 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 2 De volgende wijzigingen aanbrengen: 1° een punt 2/1° invoegen, luidende: “2/1° verzekeringsovereenkomst: een verzekerings- overeenkomst van de tak 21 “Levensverzekering niet verbonden met een beleggingsfonds, met uitzonde- ring van bruidsschats- en geboorteverzekeringen” als bedoeld in bijlage I het koninklijk besluit van 22 febru- ari 1991 houdende algemeen reglement betreffende de controle op de verzekeringsondernemingen;” 2° een punt 4/2° invoegen, luidende: “4/2° verzekeringsonderneming: een verzekerings- onderneming naar Belgisch recht of een verzekerings- onderneming die ressorteert onder het recht van een 10 december 2013 10 décembre 2013 Document précédent: Doc 53 3217/ (2013/2014): 001: Projet de loi. Voorgaand document: Doc 53 3217/ (2013/2014): 001: Wetsvoorstel. PROJET DE LOI WETSONTWERP houdende diverse bepalingen inzake de thematische volksleningen portant diverses dispositions concernant les prêts-citoyen thématiques 2 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 la base de l’article 2bis de la loi du 9 juillet 1975 rela- tive au contrôle des entreprises d’assurances ou une entreprise d’assurance relèvant du droit d’un autre État membre de l’Espace économique européen qui exerce ses activités en Belgique sur la base du Chapitre Vter de la loi précitée;” 3° au point 5°, le mot “emprunteur” est remplacé par les mots “bénéfi ciaire du fi nancement”. 4° remplacer le point 10° comme suit: “10° fi nancement: tout contrat de crédit d’une durée minimale de sept ans, pour lequel un établissement de crédit octroie ou accorde un crédit au bénéfi ciaire du fi nancement, sous forme d’un prêt, ou de tout autre fi nancement comparable, y compris le leasing mobilier ou immobilier ou tout investissement direct ou indirect d’une durée minimale de sept ans par une entreprise d’assurances dans un destinataire du fi nancement;” 5° au point 11°, remplacer le mot “fonds” par “moyens de fi nancement”. 6° compléter le point 11° comme suit: “ou l’activité par laquelle une entreprise d’assu- rance attire des moyens de fi nancement en offrant des contrats d’assurance selon les conditions et modalités déterminées dans la présente loi et avec lesquels elle fi nance des projets éligibles;” JUSTIFICATION Le souhait des déposants est également de reprendre cer- tains contrats d’assurance dans le cadre légal pour les prêts- citoyens thématiques. Dans cette optique, il est nécessaire que les défi nitions existantes soient adaptées et complétées par quelques nouvelles défi nitions. Le point 10° défi nit ce qu’on entend par un “fi nancement” dans le cadre d’un prêt-citoyens thématique. Pour les entre- prises d’assurances, il est précisé que l’investissement dans un projet éligible ne doit pas nécessairement passer par l’octroi d’un crédit, mais peut aussi se faire indirectement, du moment que le fi nancement soit utilisé in fi ne pour fi nancer un projet éligible. La manière dont un projet de produit éligible est fi nancé (par exemple, en souscrivant aux obligations qu’une société ou une organisation émet dans le cadre du fi nancement d’un projet bien déterminé ou en investissant dans des actions ou des obligations d’une telle entreprise ou institution) n’est donc pas un critère déterminant. Les auteurs souhaitent ainsi prendre en compte la réglementation pruden- tielle spécifi que à laquelle les entreprises d’assurances sont staat die geen lid is van de Europese Economisceh Ruimte met een toelating op grond van artikel 2bis van de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen of een verzekeringson- derneming die ressorteert onder een andere Lidstaat van de Europese Economische Ruimte die in België werkzaamheden verricht op grond van Hoofdstuk Vter van de voornoemde wet.”; 3° in punt 5°, het woord “kredietnemer” vervangen door de woorden “bestemmeling van de fi nanciering”. 4° punt 10° vervangen als volgt: “10° fi nanciering: elke kredietovereenkomst met een duur van minstens zeven jaar, waarbij een kredietinstel- ling een krediet verleent of toezegt aan een bestemme- ling van de fi nanciering, in de vorm van een lening, of van elke andere gelijkaardige fi nanciering, inclusief de roerende of onroerende leasing of elke rechtstreekse of onrechtstreekse investering met een duur van minstens zeven jaar door een verzekeringsonderneming in een bestemmeling van de fi nanciering;” 5° in punt 11°, het woord “gelden” vervangen door het woord “fi nancieringsmiddelen”. 6° punt 11° aanvullen met de woorden: “ of de activiteit waarbij een verzekeringsonderne- ming fi nancieringsmiddelen aantrekt door het aan- bieden van verzekeringsovereenkomsten volgens de voorwaarden en modaliteiten bepaald in deze wet en daarmee geschikte projecten fi nanciert;” VERANTWOORDING De indieners wensen ook bepaalde verzekeringsover- eenkomsten op te nemen onder het wettelijk kader voor de thematische volksleningen. In die optiek is het noodzakelijk dat de bestaande defi nities worden aangepast en aangevuld met enkele nieuwe defi nities. Punt 10° omschrijft wat verstaan wordt onder een “fi nancie- ring” in het kader van een thematische volkslening. Voor verze- keringsondernemingen wordt verduidelijkt dat de investering in een geschikt project niet noodzakelijkerwijs rechtstreeks hoeft te gebeuren via het verlenen van een krediet, maar tevens onrechtstreeks kan verlopen zolang de fi nancierings- middelen ‘in fi ne’ aangewend worden ter fi nanciering van een geschikt project. Hoe de fi nanciering van een geschikt project verloopt (bijvoorbeeld door in te tekenen op obligaties die een onderneming of instelling uitgeeft in het kader van de fi nanciering van een welbepaald project of door te investeren in aandelen of obligaties van een dergelijke onderneming of instelling) is aldus niet relevant. Hiermee willen de indieners rekening houden met de specifi eke prudentiële reglemente- 3 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 liées (qui détermine dans quels actifs elles peuvent investir) et le fait que les entreprises d’assurance n’ont pas un accès direct au marché du crédit. N° 2 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 3 Insérer les mots  “et aux entreprises d’assurance” sont insérés entre les mots  “aux établissements de crédit” et les mots “qui offrent des” . JUSTIFICATION Cet amendement complète le champ d’application géogra- phique avec les entreprises d’assurance. N° 3 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 4 Apporter les modifi cations suivantes: A/ Dans le titre du Chapitre 3 remplacer le mot “fonds” par les mots “moyens de fi nancement”; B/ remplacer l’intitulé de la Section 1re par les mots: “Section 1re. Récolte de moyens de fi nancement par des établissements de crédit”; C/ au deuxième alinéa, remplacer le mot “fonds” par les mots “moyens de fi nancement”. JUSTIFICATION Adaptations techniques. N° 4 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 4/1 (nouveau) Entre les articles 4 et 5, insérer une section 1re/1, rédigée comme suit: “Section 1re/1. Récolte de moyens de fi nancement par les entreprises d’assurances.” ring waaraan verzekeringsondernemingen gebonden zijn (die bepaalt in welke activa zij mogen investeren) en met het feit dat verzekeringsondernemingen geen rechtstreekse toegang hebben tot de kredietmarkt. Nr. 2 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 3 De woorden “en verzekeringsondernemingen” in- voegen tussen de woorden “op kredietinstellingen” en de woorden “die op het Belgisch grondgebied”. VERANTWOORDING Dit amendement vult het geografi sch toepassingsgebied aan met de verzekeringsondernemingen. Nr. 3 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 4 De volgende wijzigingen aanbrengen: A/In het opschrift van Hoofdstuk 3 het woord “gelden” vervangen door het woord “fi nancierings- middelen”; B/ het opschrift van Afdeling 1 van Hoofdstuk III vervangen als volgt: “Afdeling 1. Aantrekken van fi nancieringsmiddelen door kredietinstellingen.”; C/ In het tweede lid, het woord “gelden” vervangen door het woord “fi nancieringsmiddelen”. VERANTWOORDING Technische aanpassingen. Nr. 4 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 4/1 (nieuw) Tussen de artikelen 4 en 5, een nieuwe afdeling 1/1 invoegen, luidende: “Afdeling 1/1. Aantrekken van fi nancieringsmiddelen door verzekeringsondernemingen.” 4 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 JUSTIFICATION Cet amendement ajoute une nouvelle section 1re/1. Récolte de moyens de fi nancement par les entreprises d’assurances. N° 5 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 4/1 (nouveau) Dans la section 1re/1, insérér un article 4/1, rédigé comme suit: “Art. 4/1. En vue du fi nancement de projets éligibles, les entreprises d’assurance peuvent, à partir de l’entrée en vigueur de cette loi, récolter de moyens de fi nance- ment en offrant des contrats d’assurance qui répondent aux conditions suivantes: a. L’opération d’assurance a une durée minimale de 10 ans; b. L’opération d’assurance est conclue contre paie- ment d’une prime unique; c. Par dérogation à l’article 114, alinéa 1er de la loi du 25 juin 1992 sur le contrat d’assurance terrestre, le preneur d’assurance peut racheter annuellement au maximum 5 % de la valeur de rachat théorique; d. Le rendement garanti attribué est conforme au marché et n’est pas inférieur au rendement garanti attribué pour les opérations d’assurance similaires proposées avec une même durée par l’entreprise d’assurances concernée; e. Le contrat prévoit une couverture décès égale à la réserve d’inventaire de la prestation en cas de vie. f. Le contrat d’assurance est couvert par le Fonds Spécial de protection des dépôts, des contrats d’assurance sur la vie et le capital de sociétés coo- pératives agréées, tel que visé dans l’arrêté royal du 14 novembre 2008 portant exécution de la loi du 15 octobre 2008 portant des mesures visant à pro- mouvoir la stabilité fi nancière et instituant en particu- lier une garantie d’État relative aux crédits octroyés et autres opérations effectuées dans le cadre de la stabilité fi nancière, en ce qui concerne la protection des dépôts, des assurances sur la vie et du capital de sociétés coopératives agréées, et modifi ant la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nan- cier et aux services fi nanciers ou par un système de VERANTWOORDING Dit amendement voegt een nieuwe afdeling 1/1. Aantrekken van fi nancieringsmiddelen door verzekeringsondernemingen in. Nr. 5  VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 4/1 (nieuw) In afdeling 1/1, een artikel 4/1 invoegen, luidende: “Art. 4/1. Met het oog op de fi nanciering van ge- schikte projecten kunnen de verzekeringsonderne- mingen, vanaf de inwerkingtreding van deze wet, fi nancieringsmiddelen aantrekken door het aanbieden van verzekeringsovereenkomsten die voldoen aan de volgende voorwaarden: a. De verzekeringsovereenkomst heeft een looptijd van minstens 10 jaar; b. De verzekeringsovereenkomst wordt gesloten tegen betaling van een eenmalige premie; c. In afwijking van het artikel 114, eerste lid van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsovereenkomst, kan de verzekeringnemer jaarlijks maximum 5 % van de theoretische waarde afkopen; d. Het gewaarborgd rendement dat toegekend wordt, is marktconform en is niet lager dan het gewaarborgd rendement dat toegekend wordt voor gelijkaardige ver- zekeringsovereenkomsten met eenzelfde looptijd aan- geboden door de betrokken verzekeringsonderneming; e. De verzekeringsovereenkomst voorziet een dek- king bij overlijden gelijk aan de inventarisreserve van de uitkering in geval van leven. f. De verzekeringsovereenkomst is gedekt door het Bijzonder Beschermingsfonds voor deposito’s, levens- verzekeringen en kapitaal van erkende coöperatieve vennootschappen, als bedoeld in het koninklijk besluit van 14 november 2008 tot uitvoering van de wet van 15 oktober 2008 houdende maatregelen ter bevordering van de fi nanciële stabiliteit en inzonderheid tot instel- ling van een staatsgarantie voor verstrekte kredieten en andere verrichtingen in het kader van de fi nanciële stabiliteit, voor wat betreft de bescherming van de deposito’s, de levensverzekeringen en het kapitaal van erkende coöperatieve vennootschappen, en tot wijziging van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nanciële 5 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 garantie équivalent institué par un autre État membre de l’Espace Economique Européen; g. la prime commerciale minimale par contrat d’assurance telle que visé à l’alinéa premier s’élève à 200 euros au maximum; h. L’opération d’assurance est suffisamment acces- sible àux investisseurs particuliers. Par arrêté délibéré en conseil des ministres sur la proposition du Ministre de l’Economie et du Ministre des Finances, le Roi peut déterminer le montant maximum de fonds qui peut être récolté par année en application du premier alinéa. Ce montant maximal est réparti parmi les entreprises d’assurance conformément aux modali- tés défi nies dans l’arrêté royal du 17 juillet 2012 relatif à la couverture des frais de fonctionnement de la Banque Nationale de Belgique liés au contrôle des établisse- ments fi nanciers, en exécution de l’article 12bis, § 4, de la loi du 22 février 1998 fi xant le statut organique de la Banque Nationale de Belgique. Le Roi peut, sur la proposition du ministre de l’Eco- nomie et du ministre des Finances, et après avis de la FSMA, déterminer les règles pour assurer que l’opé- ration d’assurance est suffisamment accessible à des investisseurs particuliers.” JUSTIFICATION Le nouvel article 4/1 règle la récolte de moyens de fi nan- cement par l’offre de contrats d’assurance. Les entreprises d’assurance peuvent, dans le cadre des prêts-citoyens thématiques, récolter des moyens de fi nan- cement en offrant certains contrats d’assurance. Il s’agit de contrats d’assurance offerts à partir de l’entrée en vigueur de cette loi. On évite ainsi l’apparition d’une substitution entre des produits d’assurance déjà existants et les contrats d’assurance offerts dans le cadre des prêts-citoyens thé- matiques au moyen d’un simple transfert interne au sein de l’entreprise d’assurance. L’objectif est en effet d’attirer de nouveaux moyens. La loi prévoit la possibilité, par arrêté royal, de limiter, sur une base annuelle, le montant total des moyens de fi nan- cement pouvant être récoltés par des contrats d’assurance. Cela est essentiel pour maîtriser l’impact budgétaire de cette loi. Lors de l’exécution de cette disposition, le Roi veillera à ce qu’une participation soit attribuée à toutes les entreprises d’assurances intéressées par l’utilisation du régime instauré par cette loi, selon des critères objectifs dans le montant maxi- mum fi xé globalement et qui correspond à la répartition des diensten of door een gelijkwaardig waarborgsysteem ingericht door een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte; g. De minimale commerciële premie per verzeke- ringsovereenkomst bedraagt hoogstens 200 euro; h. De verzekeringsovereenkomst is voldoende toe- gankelijk voor particuliere beleggers. Bij in ministerraad overlegd besluit getroffen op voordracht van de minister van Economie en de minister van Financiën kan de Koning het maximumbedrag aan fi nancieringsmiddelen bepalen dat jaarlijks kan worden aangetrokken met toepassing van het eerste lid. Dit maximumbedrag wordt omgeslagen over de verzeke- ringsondernemingen conform de modaliteiten bepaald in het koninklijk besluit van 17 juli 2012 betreffende de dekking van de werkingskosten van de Nationale Bank van België verbonden aan het toezicht op fi nanciële instellingen, tot uitvoering van artikel 12bis, § 4, van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België. De Koning kan op voordracht van de minister van Economie en de minister van Financiën en op advies van de FSMA regels vaststellen om te verzekeren dat de verzekeringsovereenkomst voldoende toegankelijk is voor particuliere beleggers.” VERANTWOORDING Het nieuwe artikel 4/1 regelt het aantrekken van fi nancie- ringsmiddelen door het aanbod van verzekeringsovereen- komsten. De verzekeringsondernemingen kunnen in het kader van de thematische volksleningen fi nancieringsmiddelen aan- trekken door bepaalde verzekeringsovereenkomsten aan te bieden. Het betreft verzekeringsovereenkomsten aangeboden vanaf de inwerkingtreding van deze wet. Hiermee wordt ver- meden dat er een substitutie ontstaat tussen reeds bestaande verzekeringsproducten en de verzekeringsovereenkomsten aangeboden in het kader van de thematische volksleningen door middel van een louter interne overdracht binnen de ver- zekeringsonderneming. De bedoeling is immers om nieuwe middelen aan te trekken. De wet voorziet de mogelijkheid om, bij koninklijkbesluit, op jaarbasis een beperking te stellen aan het totale bedrag aan fi nancieringsmiddelen dat kan worden aangetrokken door ver- zekeringsovereenkomsten. Dit in essentie om de budgettaire impact van deze wet te beheersen. Bij de tenuitvoerlegging van deze bepaling wordt voorzien dat alle verzekeringsonder- nemingen die geïnteresseerd zijn gebruik te maken van het regime ingevoerd door deze wet volgens objectieve criteria een aandeel toegewezen krijgen in het globaal vastgestelde 6 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 frais de fonctionnement de la Banque nationale de Belgique en ce qui concerne les entreprises d’assurances. Ce montant maximum ne constitue d’ailleurs pas d’indication directe pour l’ordre de grandeur pour lequel des projets éligibles seront fi nancés. Les entreprises d’assurance peuvent en effet égale- ment utiliser, en plus des moyens de fi nancement récoltés en application de cette loi, d’autres moyens pour le fi nancement (ce qu’il est convenu d’appeler le funding mix). L’article 4/1 énumère ensuite les conditions auxquelles les opérations d’assurance doivent répondre. Les contrats d’assurance doivent relever de la branche 21 “Assurances sur la vie non liées à des fonds d’investisse- ment à l’exception des assurances de nutialité et de natalité” telle que visée à l’annexe I, Groupe d’activités “vie” de l’arrêté royal du 22 février 1991 portant règlement général relatif au contrôle des entreprises d’assurances. Ces contrats d’assurance doivent avoir une durée mini- male de 10 ans car cela correspond étroitement à l’horizon de fi nancement de projets plus importants. Les entreprises d’assurance sont libres de recueillir des moyens pour des durées supérieures à 10 ans. En effet, plus la durée de l’argent collecté est longue, plus la transformation de la durée de l’argent collecté vers des crédits de longue durée est aisée. Toutefois, par dérogation à la loi du 25 juin 1992 sur le contrat d’assurance terrestre, les contrats d’assurance ne peuvent pas être rachetés par le preneur d’assurance-inves- tisseur, sauf annuellement 5 % au maximum de la valeur de rachat théorique. Une telle limitation sur le rachat du contrat d’assurance se traduit par un rendement plus élevé pour le preneur d’assurance-investisseur, suite aux exigences de solvabilité. Le taux d’intérêt offert aux preneurs d’assurance de l’opé- ration d’assurance doit être conforme au marché. Le contrat doir prévoir une couverture en cas de décès de l’assuré avant l’échéance fi nale, égale à la réserve d’inventaire de la prestation en cas de vie. Les contrats d’assurance doivent être couverts par le Fonds Spécial de Protection des dépôts, des contrats d’assurance sur la vie et le capital des sociétés coopératives agréées, ou par un système de garantie équivalent institué par un autre État membre de l’Espace Economique Européen. Est consi- déré comme équivalent, un système de garantie: — qui a été institué par un État membre de l’Espace Economique Européen, et porte également sur un contrat d’assurance-vie avec un rendement garanti comparable aux contrats d’assurance-vie appartenant à la branche 21 telle que visée à l’annexe 1 de l’arrêté royal du 22 Février 1991, maximumbedrag, en dat overeenkomstig de verdeling van de werkingskosten van de Nationale Bank van België over de verzekeringsondernemingen. Dat maximumbedrag vormt overigens geen rechtstreekse aanwijzing voor de orde van grootte waarvoor geschikte projecten gefi nancierd zullen worden. Verzekeringsondernemingen kunnen naast fi nan- cieringsmiddelen aangetrokken met toepassing van deze wet immers ook andere middelen aanwenden voor de fi nanciering (zgn. funding mix). Artikel 4/1 somt voorts de voorwaarden op waaraan de verzekeringsovereenkomsten moeten voldoen. De verzekeringsovereenkomsten moeten ressorteren onder tak 21  “Levensverzekeringen, niet verbonden met beleggingsfondsen, met uitzondering van bruidsschats- en geboorteverzekeringen” bedoeld in bijlage I, Groep van activiteiten “leven”, van het koninklijk besluit van 22 febru- ari  1991  houdenden algemeen reglement betreffende de controle op de verzekeringsondernemingen. Deze verzekeringsovereenkomsten moeten een looptijd hebben van minstens 10 jaar omdat dit dicht aanleunt bij de fi nancieringshorizon van grotere projecten. Het staat de verze- keringsinstellingen vrij om middelen op te halen voor langere looptijden dan 10 jaar. Immers, hoe langer de looptijd van het opgehaalde geld, hoe gemakkelijker de looptijdtransformatie van het opgehaalde geld naar lange-termijnkredieten wordt. De verzekeringsovereenkomsten mogen in afwijking van de wet van 25 juni 1992 op de landverzekeringsover- eenkomst echter niet kunnen worden afgekocht door de verzekeringnemer-belegger, tenzij jaarlijks maximaal 5 % van de theoretische afkoopwaarde. Dergelijke beperking op de afkoop van de verzekeringsovereenkomst resulteert in een hoger rendement voor de verzekeringnemer-belegger ingevolge de solvencyvereisten. De intrestvoet geboden aan verzekeringsnemers van de verzekeringsovereenkomst conform deze wet dient markt- conform te zijn. De verzekeringsovereenkomst moet een dekking bij over- lijden van de verzekerde vóór de eindvervaldag voorzien, die gelijk is aan de inventarisreserve van de uitkering in geval van leven. De verzekeringsovereenkomsten moeten gedekt zijn door het Bijzonder Beschermingsfonds voor deposito’s, levensverzekeringen en kapitaal van erkende coöperatieve vennootschappen of door een gelijkwaardig waarborgsys- teem ingericht door een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte. Als gelijkwaardig wordt beschouwd een waarborgsysteem: — dat opgericht werd door een lidstaat van de Europese Economische Ruimte en eveneens slaat op een levensver- zekeringsovereenkomst met een gewaarborgd rendement vergelijkbaar met de levensverzekeringsovereenkomsten behorend tot tak 21 zoals bepaald in bijlage 1 van het koninklijk 7 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 portant règlement général relatif au contrôle des entreprises d’assurances, à l’exception des contrats prévus: a) dans la loi du 28 avril 2003 relative aux pensions com- plémentaires et au régime fi scal de celles-ci et de certains avantages complémentaires en matière de sécurité sociale.; b) par les dispositions de la loi-programme du 24  dé- cembre 2002 sur les pensions complémentaires des indé- pendants. — et qui prévoit une garantie d’un montant d’au moins 100.000 euros pour l’ensemble des contrats souscrits auprès d’une compagnie d’assurance par le même preneur d’assu- rance. Pour rendre le contrat d’assurance accessible à un large public, il est prévu que la prime commerciale minimale (prime payée par le preneur à l’exception des taxes et contributions) pour le contrat d’assurance puisse atteindre 200 euros au maximum, et qu’elle doive être accessible aux preneurs d’assurance qui ne sont pas considérés comme des inves- tisseurs qualifi és au sens de la loi du 16 juin 2006. N° 6 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 5 Le mot “fonds” est remplacé par les mots “moyens de fi nancement”. JUSTIFICATION Adaptation technique. N° 7 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 6 Apporter les modifi cations suivantes: 1° Dans le premier alinéa, remplacer le mot “fonds” par les mots “moyens de fi nancement”, insérer les mots “par des établissements de crédit” entre les mots “qui sont recueillis” et les mots “conformément à l’article 4”, et remplacer les mots “ces fonds” par “ces moyens de fi nancement”; 2° Entre le premier et le deuxième alinéa, insérer un alinéa, rédigé comme suit: “Le fi nancement qui est fourni par le biais de moyens de fi nancement récoltés par les entreprises d’assu- besluit van 22 februari 1991 houdende algemeen reglement betreffende de controle op de verzekeringsondernemingen, met uitzondering van de contracten bedoeld: a) in de wet van 28 april 2003 betreffende de aanvullende pensioenen en het belastingstelsel van die pensioenen en van sommige aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid; b) in de bepalingen van de programmawet van 24 de- cember 2002 betreffende de aanvullende pensioenen van zelfstandigen. — en dat voorziet in een waarborg ten belope van minimaal € 100.000 voor het geheel van de bij een verzekeringsonder- neming door eenzelfde verzekeringnemer onderschreven contracten. Om de verzekeringsovereenkomst toegankelijk te maken voor een ruim publiek, wordt voorzien dat de commerciële premie (premie betaald door de verzekeringnemer met uit- zondering van taksen en bijdragen) voor de verzekerings- overeenkomst hoogstens 200 euro kan bedragen, en dat zij toegankelijk moeten zijn voor verzekeringsnemers die niet als gekwalifi ceerde beleggers worden aangemerkt in de zin van de wet van 16 juni 2006. Nr. 6  VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 5 Het woord “gelden” vervangen door het woord “fi nancieringsmiddelen” VERANTWOORDING Technische aanpassing. Nr. 7  VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 6 De volgende wijzigingen aanbrengen: 1° In het eerste lid de woorden “De gelden die” vervangen door “De fi nancieringsmiddelen die”, de woorden “door kredietinstellingen” invoegen tussen de woorden “De fi nancieringsmiddelen die” en de woorden “worden aangetrokken overeenkomstig het artikel 4” en de woorden “deze gelden” vervangen door de woorden “deze fi nancieringsmiddelen”; 2° tussen het eerste en het tweede lid, een lid invoegen luidende: “De fi nanciering die wordt verstrekt met de fi nancie- ringsmiddelen die door verzekeringsondernemingen 8 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 rance conformément à l’article 4/1 constitue un fonds cantonné au sens de l’article 57 de l’arrêté royal du 14 novembre 2003 relatif à l’activité d’assurance sur la vie.” 3° dans le dernier alinéa, les mots “à l’alinéa pré- cédent” sont remplacés par les mots “aux alinéas précédents”. JUSTIFICATION Cet amendement complète l’article 6 relatif au traitement comptable avec une réglementation pour les contrats d’assu- rance; conformément aux pratiques en usage au sein du secteur des assurances, un fonds cantonné est créé. N° 8 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 7 Remplacer cet article par ce qui suit: “Art. 7. Dans la publicité ainsi que dans tous autres documents, contractuels ou non et annonces relatifs aux bons de caisse, dépôts à terme émis ou ouverts en application de la présente loi ou des contrats d’assu- rance offerts en application de la présente loi, il est explicitement mentionné que les bons de caisse sont émis, les dépôts à terme sont ouverts ou les contrats d’assurance sont offerts en application de la loi du […] relative aux prêts-citoyens thématiques et que les dispositions de cette loi y sont applicables.” JUSTIFICATION Cet amendement prévoit la reprise des contrats d’assu- rance dans les dispositions relatives aux mentions obliga- toires. N° 9 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 8  A/ Dans le titre du Chapitre IV, remplacer le mot “fonds” par les mots “moyens de fi nancement”. B/ Dans l’intitulé de la section 2 du Chapitre IV, remplacer le mot “fonds” par les mots “moyens de fi nancement”. worden aangetrokken overeenkomstig artikel 4/1 vormt een afgezonderd fonds in de zin van artikel 57 van het koninklijk besluit van 14 november 2003 betreffende de levensverzekeringsactiviteit.” 3° in het laatste lid worden de woorden “het vorige lid” vervangen door de woorden “de vorige leden”. VERANTWOORDING Dit amendement vult het artikel 6 inzake de boekhoudkun- dige verwerking aan met een regeling voor de verzekerings- overeenkomsten. Overeenkomstig de gangbare praktijken binnen de verzekeringssector word een afgezonderd fonds opgericht. Nr. 8  VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 7 Dit artikel vervangen als volgt: “Art. 7. In de reclame en in alle andere, al dan niet contractuele documenten en berichten met betrek- king tot de kasbonnen, termijndeposito’s uitgegeven of geopend met toepassing van deze wet of de ver- zekeringsovereenkomsten aangeboden met toepas- sing van deze wet wordt uitdrukkelijk vermeld dat de kasbonnen worden uitgegeven, de termijndeposito’s worden geopend of de verzekerings-overeenkomsten worden aangeboden met toepassing van de wet van […] betreffende de thematische volksleningen en dat de bepalingen van deze wet hierop van toepassing zijn.” VERANTWOORDING Dit amendement voorziet in de opname van de verzeke- ringsovereenkomsten in de bepalingen inzake de verplichte vermeldingen. Nr. 9 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 8 A/ In het opschrift van Hoofdstuk IV het woord “gelden” vervangen door het woord “fi nancierings- middelen” B/ In het opschrift van afdeling 2, Hoofdstuk IV, wordt het woord “gelden” vervangen door “fi nancie- ringsmiddelen”. 9 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 JUSTIFICATION Adaptations techniques. N° 10 DE M. WATERSCHOOT Art. 8 A l’alinéa 2, remplacer les mots “des emprunteurs” par les mots “du bénéfi ciaire du fi nancement”. JUSTIFICATION Adaptation technique. N° 11 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 9 Apporter les modifi cations suivantes: 1° remplacer le mot “fonds” partout par les mots “moyens de fi nancement”; 2° dans le deuxième alinéa, insérer les mots “et les entreprises d’assurance” entre les mots “de crédit” et les mots “sont autorisés”. JUSTIFICATION Adaptation technique. En ce qui concerne l’article 9, il est également précisé que, pour le calcul des montants affectés, les établissements de crédit et les entreprises d’assurances peuvent également prendre en compte les moyens de fi nancement contractuel- lement engagés de manière irrévocable, mais auxquels le bénéfi ciaire du fi nancement ne fera effectivement appel que dans le futur, et ce dans un délai raisonnable qui est habituel dans le cadre du fi nancement de tels projets. Il va évidemment de soi que le principe de transparence reste applicable. C’est l’utilisation fi nale des moyens qui détermine si oui ou non on se trouve dans le champ d’application de cette loi. Dans un fi nancement indirect, il ne peut y avoir aucun doute que 100 % des fonds peuvent être exclusivement utilisés pour fi nancer des projets admissibles. VERANTWOORDING Technische aanpassingen. Nr. 10 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 8 in het tweede lid, het woord “kredietnemers” vervangen door de woorden “bestemmeling van de fi nanciering”. VERANTWOORDING Technische aanpassing. Nr. 11 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 9 De volgende wijzigingen aanbrengen: 1° het woord “gelden” telkens vervangen door het woord “fi nancieringsmiddelen”; 2° in het tweede lid tussen de woorden “krediet- instellingen” en de woorden “toegestaan om:” de woorden “en verzekeringsondernemingen” invoegen. VERANTWOORDING Technische aanpassingen. Met betrekking tot het artikel 9 wordt eveneens verduidelijkt dat voor de berekening van de aangewende bedragen de kredietinstellingen en verzekeringsondernemingen eveneens rekening mogen houden met fi nancieringsmiddelen die on- herroepelijk contractueel toegezegd zijn, maar waarbij deze middelen slechts in de toekomst effectief zullen opgevraagd worden door de bestemmeling van de fi nanciering, en dit binnen een redelijke termijn die gebruikelijk is in het kader van de fi nanciering van dergelijke projecten. Het is uiteraard wel zo dat het doorkijkprincipe steeds blijft gelden. Het is de fi nale aanwending van de middelen die bepaalt of men al dan niet binnen het toepassingsgebied van deze wet valt. Bij een onrechtstreekse fi nanciering mag er geen enkele twijfel bestaan dat 100 % van de middelen uitsluitend kunnen ingezet worden ter fi nanciering van geschikte projecten. 10 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 N° 12 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 10 Les modifi cations suivantes sont apportées à l’article 10: 1° au § 1, remplacer le mot “fonds” par les mots “moyens de fi nancement”. 2° au paragraphe 1, remplacer le quatrième alinéa comme suit: “Les revenus des actifs visés à l’alinéa 1er sont affec- tés au fi nancement de projets, le cas échéant après déduction des intérêts payés aux titulaires de bons de caisse ou dépôts à terme émis ou ouverts en applica- tion de l’article 4 ou après déduction des intérêts ou participations bénéfi ciaires dus aux preneurs d’assu- rance des contrats d’assurance offerts en application de l’article 4/1.” 3° au paragraphe 2, insérer les mots “ou de l’entre- prise d’assurance” entre les mots “l’établissement de crédit” et les mots “accorder temporairement”, et insé- rer les mots “ou l’entreprise d’assurance” entre les mots “l’établissement de crédit” et les mots “rencontre dans les plus brefs délais”. JUSTIFICATION Adaptation techniques. N° 13 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 12 Apporter les modifi cations suivantes: 1° remplacer le mot “des articles 5, 6, 9 10 et 11” par les mots “des articles 5, 6, 9 et 10”. 2° complétér cet article par les mots “et aux entre- prises d’assurances” . JUSTIFICATION Adaptation technique par laquelle le champ d’application dans cette loi en matière de contrôle par la Banque natio- nale de Belgique est élargi par le contrôle des entreprises d’assurance. Nr. 12 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 10 De volgende wijzigingen aanbrengen: 1° in § 1, het woord “gelden” vervangen door het woord “fi nancieringsmiddelen”. 2° paragraaf 1, vierde lid, vervangen als volgt: “In voorkomend geval, na aftrek van de interest ver- schuldigd aan de houders van kasbonnen en termijn- deposito’s uitgegeven of geopend met toepassing van artikel 4 of na aftrek van de interest of winstdeelname verschuldigd aan de verzekeringnemers van de verze- keringsovereenkomsten aangeboden met toepassing van artikel 4/1, worden de inkomsten uit de activa be- doeld in het eerste lid aangewend voor de fi nanciering van projecten.” 3° in paragraaf 2 het woord “kredietinstelling” tel- kens vervangen door de woorden “kredietinstelling of verzekeringsonderneming”. VERANTWOORDING Technische aanpassingen. Nr. 13 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 12 De volgende wijzigingen aanbrengen: 1° De woorden “de artikelen 5, 6, 9, 10 en 11” ver- vangen door de woorden “de artikelen 5, 6, 9 en 10”. 2° dit artikel aanvullen met de woorden “en de verzekeringsondernemingen” . VERANTWOORDING Technische aanpassing waarbij het toepassingsgebied in deze wet inzake het toezicht door de Nationale Bank van België wordt uitgebreid met het toezicht op de verzekerings- ondernemingen. 11 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 N° 14 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 13 Apporter les modifi cations suivantes: A/ Remplacer le mot “fonds” par les mots “moyens de fi nancement”. B/ compléter cet article, dont le texte actuel constituera le paragraphe 1er, par un paragraphe 2, rédigé comme suit: “§ 2. Les entreprises d’assurances présentent pério- diquement à la BNB un état de la situation détaillé qui comporte au minimum les éléments suivants: 1° le montant des moyens de fi nancement collectés comme visé à l’article 4/1 ainsi que des revenus des placements effectués conformément à l’article 10, § 1; 2° un aperçu de l’affectation des moyens de fi nan- cement collectés comme visé aux articles 8  et 10, § 1 ventilé en projets fi nancés, et investissements; 3° les éléments nécessaires permettant à la BNB de contrôler si les conditions de la présente loi et ses arrêtés d’exécution sont respectées par l’entreprise d’assurance. La situation est établie conformément aux règles déterminées par voie de règlement de la BNB qui fi xe également la fréquence de rapportage. En outre, la BNB peut prescrire que d’autres données chiffrées ou explications lui soient régulièrement fournies afi n de pouvoir vérifi er si les dispositions de la présente loi ou ses arrêtés d’exécutions sont respectées.” JUSTIFICATION L’article 13 existant prévoit déjà des règles de rapportage pour les établissements de crédit à la Banque nationale de Belgique. Cet amendement instaure des règles de rapportage comparables pour les entreprises d’assurance. N° 15 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 15 Insérer les mots “et les entreprises d’assurance” entre les mots “établissements de crédit” et les mots “selon les modalités”. Nr. 14 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 13 De volgende wijzigingen aanbrengen: A/ Het woord “gelden” vervangen door het woord “fi nancieringsmiddelen”. B/ dit artikel, waarvan de bestaande tekst, para- graaf 1 zal vormen, aanvullen met een paragraaf 2, luidende: “§ 2. De verzekeringsondernemingen leggen peri- odiek aan de NBB een gedetailleerde staat voor die minstens de volgende elementen bevat: 1° het bedrag van de aangetrokken fi nancieringsmid- delen als bedoeld in artikel 4/1 alsook van de beleg- gingen gedaan met toepassing van artikel 10, § 1; 2° een overzicht van de aanwending van de fi nancie- ringsmiddelen als bedoeld in de artikelen 8 en 10, § 1, opgesplitst in gefi nancierde projecten, en beleggingen; 3° de noodzakelijke gegevens die de NBB in staat stellen te controleren of de voorwaarden van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten worden nageleefd door de verzekeringsonderneming. De staat wordt opgemaakt overeenkomstig de re- gels die zijn vastgesteld bij reglement van de NBB dat ook de rapporteringsfrequentie bepaalt. Bovendien kan de NBB voorschrijven dat haar geregeld andere cijfergegevens of uitleg worden verstrekt om te kun- nen nagaan of de voorschriften van deze wet of haar uitvoeringsbesluiten zijn nageleefd.” VERANTWOORDING Het bestaande artikel 13 voorziet reeds in rapporterings- regels voor de kredietinstellingen aan de Nationale Bank van België. Dit amendement voert gelijkaardige rapporteringsre- gels in voor de verzekeringsondernemingen. Nr. 15 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 15 Tussen de woorden “door de kredietinstellingen” en de woorden “conform de modaliteiten” de woorden “en de verzekeringsondernemingen” invoegen. 12 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 JUSTIFICATION Le présent article 15 prévoit déjà une réglementation pour la répercussion des frais de fonctionnement de la BNB sur les établissements de crédit. Cet amendement instaure une réglementation comparable pour les entreprises d’assurance. N° 16 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 16 Remplacer cet article comme suit: “Art. 16. § 1. La FSMA assure le contrôle du respect des articles 4, troisième et quatrième alinéas, article 4/1, alinéa 1er, et article 7 de la présente loi. § 2. Sans préjudice de l’application de l’article 17, et à l’exception du contrôle des articles 4/1 et 7, en ce qui concerne les contrats d’assurance, le contrôle de la FSMA s’exerce avant l’émission d’un nouveau type de bons de caisse ou de l’ouverture d’un nouveau type de dépôt à terme. Lorsque la période d’offre d’un bon de caisse ou d’un dépôt à terme excède les six mois, un nouveau contrôle préalable a lieu tous les six mois. La FSMA peut déterminer par règlement les infor- mations que les établissements de crédit doivent lui fournir en cas de contrôle préalable conformément au paragraphe 2, alinéa 1er. Ces informations contiennent au moins les documents visés à l’article 7. La FSMA se prononce dans les cinq jours ouvrables suivant la réception de ces informations. Les institutions de crédit ne peuvent publier les docu- ments visés à l’article 7 que si la FSMA a communiqué n’avoir aucune objection à cet égard, vu les exigences fi xées à l’article 4, troisième et quatrième alinéas, et à l’article 7. § 3. Sans préjudice de l’application de l’article 17, les entreprises d’assurance peuvent demander à la FSMA, préalablement à l’offre d’un nouveau type de contrat d’assurance, d’effectuer un contrôle préalable du res- pect des articles 4/1 et 7 de la présente loi. Lorsque, dans le cas d’une telle demande, la période d’offre d’un contrat d’assurance excède les six mois, un contrôle préalable est à nouveau effectué tous les six mois. La FSMA détermine par règlement les informations que les entreprises d’assurance doivent lui fournir dans VERANTWOORDING Het bestaande artikel 15 voorziet reeds in een regeling voor het doorrekenen van de werkingskosten voor de NBB aan de kredietinstellingen. Dit amendement voert een gelijkaardige regeling in voor de verzekeringsondernemingen. Nr. 16 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 16 Dit artikel vervangen als volgt: “Art. 16. § 1. De FSMA houdt toezicht op de naleving van artikel 4, derde en vierde lid, artikel 4/1, eerste lid en artikel 7 van deze wet. § 2. Onverminderd de toepassing van artikel 17, en met uitzondering van het toezicht op artikel 4/1 en artikel 7, wat de verzekeringsovereenkomsten betreft, vindt het toezicht van de FSMA plaats voorafgaand aan de uitgifte van een nieuw type kasbon of de opening van een nieuw type termijndeposito. Wanneer de aanbie- dingsperiode van een kasbon of termijndeposito een termijn van zes maanden overstijgt, vindt er elke zes maanden opnieuw een voorafgaand toezicht plaats. De FSMA kan bij reglement de informatie vaststel- len die de kredietinstellingen aan de FSMA moeten verstrekken in geval van voorafgaand toezicht over- eenkomstig paragraaf 2, eerste lid. Deze informatie bevat minstens de in artikel 7 bedoelde documenten. De FSMA spreekt zich uit binnen een termijn van vijf werkdagen na ontvangst van deze informatie. De kredietinstellingen mogen de in artikel 7 bedoelde documenten pas openbaar maken indien de FSMA heeft meegedeeld hiertegen geen bezwaar te hebben, gelet op de vereisten bepaald in artikel 4, derde en vierde lid en artikel 7. §  3. Onverminderd de toepassing van artikel 17, kunnen de verzekeringsondernemingen de FSMA verzoeken om, voorafgaand aan het aanbod van een nieuw type verzekeringsovereenkomst, een vooraf- gaand toezicht uit te oefenen op de naleving van artikel 4/1 en artikel 7 van deze wet. Wanneer, in geval van een dergelijk verzoek, de aanbiedingsperiode van een verzekeringsovereenkomst een termijn van zes maan- den overstijgt, vindt er elke zes maanden opnieuw een voorafgaand toezicht plaats. De FSMA bepaalt bij reglement de informatie die de verzekerinsgondernemingen in geval van dergelijk ver- 13 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 le cas d’une telle demande. Cette information comprend au moins les documents visés à l’article 7. La FSMA statue dans les cinq jours ouvrables suivant la réception de cette information. § 4. Pour l’application des paragraphes 2 et 3, un instrument est d’un nouveau type, si cet instrument pré- sente d’autres caractéristiques par rapport aux instru- ments antérieurement soumis à la FSMA, y compris le taux d’intérêt, sauf s’il s’agit d’un taux d’intérêt résultant de l’application de critères d’ajustement préalablement fi xés dans l’offre. § 5. Pour l’exercice des compétences du présent article, la FSMA dispose de tous les pouvoirs qui lui sont conférés par la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers, et par les lois particulières applicables aux établissements de crédit.”. JUSTIFICATION Il est précisé que le contrôle de la FSMA ne porte pas sur la totalité de l’article 4, mais uniquement sur les conditions énumérées à l’article 4, troisième et quatrième alinéas. Le contrôle de la FSMA est étendu aux conditions du nouvel article 4/1, premier alinéa. Vu la directive 2009/138/CE du 25 novembre 2009 (Solvency II) un contrôle préalable des conditions du nouvel article 4/1, premier alinéa, et de l’article 7, en ce qui concerne les contrats d’assurance, n’est pas pos- sible. Il est toutefois prévu la possibilité pour les entreprises d’assurance de demander, de leur propre initiative, un contrôle préalable. Lorsque la période d’offre excède les six mois, une nouvelle péride de surveillance préalable a lieu tous les six mois, même s’il n’est pas question d’un nouveau type. N° 17 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 17 Remplacer cet article comme suit: “Art. 17. Les établissements de crédit et les entre- prises d’assurance communiquent périodiquement à la FSMA une situation détaillée qui reprend au moins les éléments suivants: 1° en ce qui concerne les établissements de crédit, le montant des moyens de fi nancement collectés comme visés à l’article 4, ventilés d’une part en bons de caisse et dépôts à terme, et d’autre part selon que les moyens de fi nancement proviennent ou non d’investisseurs particuliers; zoek aan de FSMA moeten verstrekken. Deze informatie bevat minstens de in artikel 7 bedoelde documenten. De FSMA spreekt zich uit binnen een termijn van vijf werkdagen na ontvangst van deze informatie. § 4. Voor de toepassing van paragrafen 2 en 3 is een instrument van een nieuw type indien dit instrument ten aanzien van de reeds aan de FSMA voorgelegde instrumenten andere kenmerken vertoont, waaronder de intrestvoet, met uitzondering van een intrestvoet die voortvloeit uit de toepassing van de vooraf in het aanbod bepaalde aanpassingscriteria. § 5. Voor de uitoefening van de bevoegdheden in dit artikel, beschikt de FSMA over alle bevoegdheden die haar worden toegekend overeenkomstig de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nan- ciële sector en de fi nanciële diensten en de bijzondere wetten van toepassing op de kredietinstellingen.”. VERANTWOORDING Er wordt verduidelijkt dat het toezicht van de FSMA niet op het gehele artikel 4 betrekking heeft, maar enkel op de voorwaarden opgesomd in artikel 4, derde en vierde lid. Het toezicht van de FSMA wordt uitgebreid met de voorwaarden uit het nieuwe artikel 4/1, eerste lid. Gelet op Richtlijn 2009/138/ EG van 25 november 2009 (Solvabiliteit II) is een voorafgaand toezicht op de voorwaarden uit het nieuwe artikel 4/1, eerste lid, en artikel 7, wat de verzekeringsovereenkomsten betreft, niet mogelijk. Wel wordt er voorzien in de mogelijkheid voor de verzekeringsondernemingen om op eigen initiatief om een voorafgaand toezicht te verzoeken. Wanneer de aanbiedings- periode een termijn van zes maanden overstijgt, vindt er elke zes maanden opnieuw een voorafgaand toezicht plaats, zelfs indien er geen sprake is van een nieuw type. Nr. 17 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 17 Dit artikel vervangen als volgt: “Art. 17. De kredietinstellingen en verzekerings- ondernemingen leggen periodiek aan de FSMA een gedetailleerde staat voor die minstens de volgende elementen bevat: 1° voor wat de kredietinstellingen betreft, het be- drag van de aangetrokken fi nancieringsmiddelen als bedoeld in artikel 4, opgesplitst enerzijds in kasbon- nen en termijndeposito’s, en anderzijds al naargelang de fi nancieringsmiddelen van particuliere beleggers afkomstig zijn of van niet particuliere beleggers; 14 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 2° en ce qui concerne les entreprises d’assurance, le montant des moyens de fi nancement collectés comme visés à l’article 4/1, ventilés selon que les moyens de fi nancement proviennent ou non d’investisseurs par- ticuliers; De plus, la FSMA peut demander aux établissements de crédit et aux entreprises d’assurance tous les autres éléments nécessaires permettant à de contrôler si les conditions de la présente loi et ses arrêtés d’exécution placées sous son contrôle, sont respectées par l’éta- blissement de crédit ou l’entreprise d’assurance. Le contenu de la situation susvisée est établi par voie de règlement par la FSMA qui fi xe également la fréquence de rapportage.” JUSTIFICATION L’article 17 existant prévoit déjà des règles de rapportage à la FSMA pour les établissements de crédit. Cet amende- ment instaure des règles de rapportage comparables pour les entreprises d’assurance. N° 18 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 21 Insérer les mots “ou d’une entreprise d’assurance” entre les mots “établissement de crédit” et les mots “doit être portée”. JUSTIFICATION Adaptation technique résultant de l’élargissement du projet aux entreprises d’assurance. N° 19 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 23/1 (nouveau) Insérer un article 23/1, rédigé comme suit: “Art. 23/1. Dans l’article 175/3 du Code des droits et taxes divers, un alinéa 3 est inséré, libellé comme suit: “Par dérogation au premier alinéa, la taxe est ramenée à 1,10 pour cent pour les contrats d’assurance qui répondent aux critères et conditions de la loi du … portant des dispositions diverses en matière de prêts- citoyens thématiques.”.” 2° voor wat de verzekeringsondernemingen betreft, het bedrag van de aangetrokken fi nancieringsmiddelen als bedoeld in artikel 4/1 en opgesplitst al naargelang de fi nancieringsmiddelen van particuliere beleggers afkomstig zijn of van niet particuliere beleggers; De FSMA kan bij de kredietinstellingen en de verze- keringsondernemingen bovendien alle andere noodza- kelijke gegevens opvragen die de FSMA in staat stellen te controleren of de voorwaarden van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten waarop de FSMA toeziet, worden nageleefd door de kredietinstelling of de verzekerings- onderneming. De inhoud van voormelde staat wordt vastgesteld bij reglement door de FSMA dat ook de rapporteringsfre- quentie bepaalt.” VERANTWOORDING Het bestaande artikel 17 voorziet reeds in rapporterings- regels voor de kredietinstellingen aan de FSMA. Dit amen- dement voert gelijkaardige rapporteringsregels in voor de verzekeringsondernemingen. Nr. 18 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 21 De woorden “of verzekeringsonderneming” invoe- gen tussen de woorden “kredietinstelling” en “moet”. VERANTWOORDING Technische aanpassing gelet op de uitbreiding van het ontwerp tot de verzekeringsondernemingen. Nr. 19 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 23/1 (nieuw) Een artikel 23/1 invoegen, luidende: “Art. 23/1. In artikel 175/3 van het Wetboek houdende diverse rechten en taksen wordt een derde lid inge- voegd luidende als volgt: “In afwijking van het eerste lid wordt de taks verminderd to 1,10 pct. voor verzekerings- overeenkomsten die aan de criteria en voorwaarden bepaald in de wet van … houdende diverse bepalingen inzake de thematische volksleningen.”.” 15 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 JUSTIFICATION Cet amendement instaure une réglementation fi scale intéressante pour certaines opérations d’assurance répon- dant aux critères et conditions déterminés. La taxe sur les primes d’assurance-vie des particuliers s’élève à 2 % (art. 175/3 Code des droits et taxes divers). Les opérations d’assurance répondant aux critères et conditions défi nis dans la présente loi sont toutefois soumises à une taxe sur les primes réduite de 1,1 %. Le gouvernement estime qu’il est souhaitable d’offrir un avantage fi scal à ces opérations d’assurance qui ont pour but d’améliorer le fi nancement des projets justifi és d’un point de vue social et sociétal. L’amen- dement tient également compte de l’observation du Conseil d’État 53992/2/V du 26 août 2013 sur cette loi relativement à la constitutionnalité de l’article 26 de cette loi à la lumière des articles 170 et 172 de la Constitution (principe de légalité en matière d’impôts et d’exonérations de ceux-ci). L’article 26 est abrogé (voir amendement N°21) et la réglementation en matière d’opérations d’assurance, y compris les dispositions fi scales, sont inscrites dans la loi elle-même. N° 20 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 24/1 (nouveau) Insérer un article 24/1, rédigé comme suit: “Art. 24/1. Lorsqu’il ne peut pas être établi que les moyens de fi nancement récoltés par l’offre de contrats d’assurance en application de l’article 4/1 de la pré- sente loi ont été traités et affectés conformément aux articles 6 et 10, § 1, l’entreprise d’assurance concernée est tenue au paiement de la différence entre le montant de la taxe retenue annuellement sur les opérations d’assurance sur la/les prime(s) payée(s) et le montant de la taxe annuelle sur les opérations d’assurance qui devrai(en)t être due(s) sur la/les primes(s) du contrat d’assurance si celui-ci n’avait pas été offert en appli- cation de la présente loi. La dette de l’entreprise d’assurances du chef de l’application de l’alinéa précédent constitue une dette fi scale. Son recouvrement est effectué selon les règles applicables à la taxe annuelle sur les opérations d’assu- rance. Le tarif de la taxe annuelle sur les opérations d’assu- rance visées à l’article 23/1 de la présente loi reste acquis pour les preneurs d’assurance des opérations d’assurance concernées.”. JUSTIFICATION Cet amendement instaure une sanction comparable pour les entreprises d’assurance à celle déjà prévue par l’article VERANTWOORDING Dit amendement voert een fi scaal interessante regeling in voor bepaalde verzekeringsovereenkomsten die voldoen aan de criteria en voorwaarden bepaald. De premietaks voor parti- culiere levensverzekeringen bedraagt 2 % (art. 175/3 Wetboek Diverse Rechten en Taksen). De verzekeringsovereenkomsten die beantwoorden aan de criteria en voorwaarden bepaald in deze wet worden echter onderhevig aan een verlaagde premietaks van 1,1 %. De regering acht het wenselijk om deze verzekeringsovereenkomsten die tot doel hebben de fi nancie- ring voor sociaal en maatschappelijk verantwoorde projecten te verbeteren een fi scaal voordeel te bieden. Het amendement komt ook tegemoet aan de opmerking van de Raad van State in haar advies 53992/2/V van 26 augustus 2013 over deze wet inzake de grondwettelijkheid van het artikel 26 van deze wet in het licht van de artikelen 170  en 172 van de Grondwet (le- galiteitsbeginsel inzake belastingen en vrijstellingen hierop). Het artikel 26 wordt opgeheven (zie amendement N° 21) en de regeling inzake de verzekeringsovereenkomsten, inclusief de fi scale bepalingen worden in de wet zelf ingeschreven. Nr. 20 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 24/1 (nieuw) Een artikel 24/1 invoegen, luidende: “Art. 24/1. Als niet kan worden aangetoond dat de fi nancieringsmiddelen aangetrokken door het aanbieden van verzekeringsovereenkomsten met toepassing van artikel 4/1 van deze wet zijn verwerkt en aangewend conform artikel 6 en 10, § 1 is de betrokken verzeke- ringsonderneming gehouden tot betaling van het verschil tussen het bedrag van de ingehouden jaarlijkse taks op de verzekeringsverrichtingen op de betaalde premie(s) en het bedrag van de jaarlijkse taks op de verzekerings- verrichtingen die op de premie(s) van de verzekerings- overeenkomst verschuldigd zou(den) zijn indien deze niet was aangeboden met toepassing van deze wet. De schuld van de verzekeringsonderneming uit hoofde van de toepassing van het vorige lid wordt als een belastingschuld beschouwd. De inning ervan ge- schiedt volgens de regels toepasselijk op de jaarlijkse taks op de verzekeringsverrichtingen. Het tarief van de jaarlijkse taks op de verzekerings- verrichtingen bedoeld in artikel 23/1 van deze wet blijft verworven voor de verzekeringnemers van de betrokken verzekeringsovereenkomsten.”. VERANTWOORDING Dit amendement voert een gelijkaardige sanctie in voor de verzekeringsondernemingen als reeds voorzien werd in 16 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 24 pour les établissements de crédit s’il est constaté que les règles de la présente loi relative à l’utilisation des fonds n’ont pas été respectées. N° 21 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 24 Remplacer le mot “fonds” par les mots “moyens de fi nancement”. N° 22 DE M. WATERSCHOOT ET CONSORTS Art. 25 Dans l’intitulé du chapitre 8, supprimer les mots “et evolution des prêts-citoyens thematiques”. JUSTIFICATION Adaptation technique. N° 23 DE M. GILKINET ET CONSORTS Art. 8 Compléter l’alinéa 1er comme suit: “Seront notamment compris dans cette liste: 1° le fi nancement des particuliers ou les sociétés de logement public pour les travaux relatifs à la réduction de consommation énergétique, à la rénovation de logements ou à la construction de nouveaux logements particulièrement efficaces sur le plan énergétique; 2° le fi nancement de petites et moyennes entreprises; 3°le fi nancement des personnes physiques ou socié- tés, actives dans les nouvelles technologies vertes ou qui effectuent des travaux relatifs à la réduction de la het artikel 24 voor de kredietinstellingen indien wordt vast- gesteld dat de regels in deze wet inzake de aanwending van de fi nancieringsmiddelenniet werden nageleefd. Nr. 21 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 24 Het woord “gelden” vervangen door het woord “fi nancieringsmiddelen” Nr. 22 VAN DE HEER WATERSCHOOT c.s. Art. 25 In het opschrift van hoofdstuk 8  de woorden “en evolutie van de thematische volksleningen” doen vervallen. VERANTWOORDING Technische aanpassing. Kristof WATERSCHOOT (CD&V) Luk VAN BIESEN (Open Vld) Dirk VAN DER MAELEN (sp.a) Christophe LACROIX (PS) Olivier DESTREBECQ (MR) Christophe BASTIN (cdH) Nr. 23 VAN DE HEER GILKINET c.s. Art. 8 Het eerste lid aanvullen met wat volgt: “Die lijst bevat meer bepaald: 1° projecten ter fi nanciering van particulieren en openbare huisvestingsmaatschappijen, voor werkzaam- heden die verband houden met de terugdringing van het energieverbruik, de renovatie van woningen of de bouw van nieuwe, bijzonder energie-efficiënte woningen; 2° projecten ter fi nanciering van kleine en middel- grote ondernemingen; 3° projecten ter fi nanciering van natuurlijke personen of vennootschappen die bedrijvig zijn in de sfeer van de nieuwe groene technologie of die op de terugdrin- 17 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 consommation énergétique qui répondent aux condi- tions de l’article 15 du Code des sociétés; 4° le fi nancement des collectivités locales et des éta- blissements d’enseignement, notamment pour ce qui concerne leur projet de construction ou de rénovation d’infrastructures.” JUSTIFICATION Comme le souligne le Conseil d’État, l’habilitation au Gouvernement pour ce qui concerne la défi nition des projets susceptibles d’être fi nancés via ces prêts citoyens théma- tiques est beaucoup trop large. Il convient de préciser les intentions du législateur. Par ailleurs, différents domaines de la vie économique et sociale se trouvent face à des difficultés importantes de fi nan- cement, malgré l’épargne élevée qui fi gure sur les comptes en banque des épargnants belges. Et alors qu’ils ont un rôle économique, social et environnemental à jouer face aux défi s que nous rencontrons. Il convient donc de les mentionner explicitement dans le texte de la Loi. N° 24 DE M. GILKINET ET CONSORTS Art. 8 Insérer l’alinéa suivant entre les alinéas 1er et 2: “Les fonds récoltés ne peuvent être utilisés en vue de fi nancer des entreprises ou entités publiques pour lesquelles il existe des indications sérieuses et concor- dantes qu’elles se rendent coupables comme auteurs, coauteurs ou complices, ou qu’elles tirent profi t, d’actes interdits par l’ensemble les traités internationaux ratifi és par la Belgique, y compris: a. dans le domaine du droit humanitaire: — employer, mettre au point, produire, acquérir de quelque manière que ce soit, stocker, conserver ou transférer à quiconque, directement ou indirectement, des armes à sous-munitions; — mettre au point, fabriquer, acquérir de quelque manière que ce soit, stocker, conserver ou transférer à quiconque, directement ou indirectement, des armes, notamment chimiques, ou entreprendre des préparatifs militaires quels qu’ils soient en vue d’un emploi d’armes, notamment chimiques; ging van het energieverbruik gerichte werkzaamheden uitvoeren en die voldoen aan de in artikel 15 van het Wetboek van vennootschappen vermelde voorwaarden; 4° projecten ter fi nanciering van lokale besturen en onderwijsinstellingen, voor infrastructurele bouw- en renovatieprojecten.”. VERANTWOORDING Zoals de Raad van State onderstreept, is de aan de rege- ring verleende machtiging om de projecten te bepalen die via thematische volksleningen kunnen worden gefi nancierd, veel te ruim opgevat. De bedoelingen van de wetgever moeten nader worden gepreciseerd. Overigens kampen heel wat economische en sociale sec- toren met grote fi nancieringsmoeilijkheden, ondanks de vele spaartegoeden die op de Belgische spaarrekeningen uitstaan. Uitgerekend zij spelen een belangrijke economische, sociale en ecologische rol in het licht van de uitdagingen waar ons land mee kampt. Zij dienen bijgevolg uitdrukkelijk te worden opgenomen in de tekst van het wetsontwerp. Nr. 24 VAN DE HEER GILKINET c.s. Art. 8 Tussen het eerste en het tweede lid een nieuw lid invoegen, luidende: “De vergaarde fondsen mogen niet worden aan- gewend voor de fi nanciering van ondernemingen of overheden waarvoor ernstige en eensluidende aan- wijzingen bestaan dat zij zich als dader, mededader of medeplichtige schuldig maken aan, dan wel dat zij voordeel halen uit handelingen die verboden zijn krachtens alle internationale verdragen waarbij België partij is, met inbegrip van: a. op het stuk van het internationaal humanitair recht: — clustermunitie direct of indirect gebruiken, ontwik- kelen, produceren, verwerven op gelijk welke manier, opslaan, bewaren of overdragen aan gelijk wie; — wapens, met name chemische, direct of indirect ontwikkelen, produceren, verwerven op gelijk welke manier, opslaan, bewaren of overdragen aan gelijk wie, dan wel gelijk welke militaire voorbereiding tref- fen met het oog op het gebruik van wapens, met name chemische; 18 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 — employer, mettre au point, fabriquer, acquérir de quelque manière que ce soit, stocker ou conserver toute arme dont l’effet principal est de blesser par des éclats qui ne sont pas localisables par rayons X dans le corps humain; — employer, mettre au point, fabriquer, acquérir de quelque manière que ce soit, stocker ou conserver des armes à laser spécifi quement conçues pour que leur seule fonction de combat ou l’une de leurs fonctions de combat soit de provoquer la cécité permanente chez des personnes dont la vision est non améliorée; — violer des droits fondamentaux; — s’abstenir de prévenir ou de punir un génocide; — se rendre coupable de toute autre violation du droit international humanitaire; b. dans le domaine des droits sociaux: — violer le droit des salariés d’être représentés par des syndicats et d’autres organisations légitimes de salariés et d’engager, soit individuellement, soit par l’intermédiaire d’associations d’employeurs, des négo- ciations constructives avec ces représentants, en vue d’aboutir à des accords sur les conditions d’emploi; — violer l’interdiction du travail forcé ou obligatoire sous toutes ses formes; — violer l’interdiction de discrimination envers les salariés en matière d’occupation ou d’emploi, pour des motifs tels que la race, la couleur, le sexe, la religion, l’opinion politique, l’origine nationale ou sociale, l’han- dicap et la santé; — violer l’interdiction du travail des enfants sous toutes ses formes; c. dans le domaine des droits civils: — violer l’égalité de tous les êtres humains; — violer le droit à la vie, à la liberté et à la sûreté de sa personne; — violer l’interdiction de peine de mort; — violer l’interdiction de l’esclavage et du travail forcé; — violer le droit à la reconnaissance en tous lieux de sa personnalité juridique; — wapens waarvan het hoofddoel erin bestaat ver- wondingen aan te brengen door middel van fragmenten die niet door x-stralen waarneembaar zijn in het men- selijk lichaam, gebruiken, ontwikkelen, produceren, verwerven op gelijk welke manier, opslaan of bewaren; — laserwapens die dusdanig zijn ontworpen dat zij in de strijd worden ingezet met als enig doel of onder meer als doel blijvende blindheid te veroorzaken bij personen zonder geassisteerd zicht, gebruiken, ontwik- kelen, produceren, verwerven op gelijk welke manier, opslaan of bewaren; — fundamentele rechten schenden; — verzuimen genocide te voorkomen of te bestraffen; — zich schuldig maken aan enige andere schending van het internationaal humanitair recht; b. op het stuk van de sociale rechten: — het recht schenden van de werknemers vertegen- woordigd te worden door vakbonden en andere wet- telijke werknemersorganisaties en, ofwel individueel, ofwel via tussenpersonen van werkgeversorganisaties, met die vertegenwoordigers constructieve onderhan- delingen op te starten met het oog op akkoorden over de werkomstandigheden; — het verbod schenden op gedwongen of verplichte arbeid in gelijk welke vorm; — het verbod schenden op discriminatie ten aanzien van werknemers qua werk of beroep, op grond van ras, huidskleur, geslacht, godsdienst, politieke overtuiging, nationale of maatschappelijke afkomst, handicap en gezondheid; — het verbod schenden op kinderarbeid in gelijk welke vorm; c. op het stuk van de burgerrechten: — het beginsel dat alle mensen gelijk zijn, schenden; — het recht op leven, vrijheid en veiligheid van de persoon schenden; — het verbod op de doodstraf schenden; — het verbod op slavernij en dwangarbeid schenden; — het recht schenden als persoon te worden erkend voor de wet, waar men zich ook bevindt; 19 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 — violer l’égalité de tous devant la loi; — violer le droit à un recours effectif; — violer le fait que nul ne peut être arbitrairement arrêté, détenu ou exilé; — violer le droit à ce que sa cause soit entendue par un tribunal indépendant et impartial; — violer le droit à être présumé innocent jusqu’à ce que sa culpabilité ait été légalement établie; — violer le droit au respect de la vie privée et fami- liale; — violer le droit de circuler librement et de choisir sa résidence; — violer le droit de chercher asile; — violer le droit à une nationalité; — violer le droit au mariage; — violer le droit à la propriété; — violer la liberté de pensée, de conscience et de religion; — violer la liberté d’opinion et d’expression; — violer le droit à la liberté de réunion et d’asso- ciation; — violer le droit à prendre part à la direction des affaires publiques de son pays; — violer le droit à la sécurité sociale; — violer le droit au repos et aux loisirs; — violer le droit à un niveau de vie suffisant pour assurer sa santé; — violer le droit à l’éducation; — violer le droit de prendre part librement à la vie culturelle de la communauté; — violer l’interdiction de la torture, des peines ou traitements cruels, inhumains ou dégradants; — de gelijkheid van eenieder voor de wet schenden; — het recht op een daadwerkelijk beroep schenden; — de regel schenden volgens welke niemand op willekeurige wijze mag worden gearresteerd, in hechte- nis mag worden genomen of mag worden verbannen; — het recht schenden zijn zaak te laten behandelen door een onafhankelijke en onpartijdige rechtbank; — het recht schenden het vermoeden van onschuld te genieten tot de schuld op grond van de wet wordt vastgesteld; — het recht op eerbiediging van het privé en gezins- leven schenden; — het recht schenden zich vrij te verplaatsen en vrij een woonplaats te kiezen; — het recht op het zoeken van asiel schenden; — het recht op nationaliteit schenden; — het recht op huwelijk schenden; — het eigendomsrecht schenden; — het recht op vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst schenden; — het recht op vrijheid van mening en meningsuiting schenden; — het recht op vrijheid van vergadering en vereniging schenden; — het recht schenden deel te nemen aan het over- heidsbeleid van zijn land; — het recht op sociale zekerheid schenden; — het recht op rust en vrije tijd schenden; — het recht schenden op een levensstandaard die hoog genoeg is om de eigen gezondheid te waarbor- gen; — het recht op onderwijs schenden; — het recht schenden vrijelijk deel te nemen aan het culturele leven van de gemeenschap; — het verbod op foltering en op wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing schenden; 20 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 — violer le droit des femmes d’enfanter; — violer le principe de non-discrimination, notam- ment à l’égard des personnes d’origine étrangère ou homosexuelles. d. dans le domaine de l’environnement: prendre, dans les domaines suivants, un risque inac- ceptable ou qui, s’il se réalise, est susceptible de causer aux hommes ou à l’environnement un dommage grave, ou des répercussions irréversibles ou de longue durée: — la mise en danger de la santé des travailleurs ou des riverains; — la préservation de la diversité biologique et des écosystèmes; — le commerce illégal; — l’usage des polluants; — la gestion des déchets; — la préservation du patrimoine mondial; — la préservation des écosystèmes aquatiques; — la pollution de l’atmosphère, les changements climatiques, les gaz à effet de serre; — le développement et l’usage d’organismes géné- tiquement modifi és: — la production, la distribution et la vente d’énergie nucléaire; e. dans le domaine de la gestion éthique: — se rendre coupable à toute forme de corruption, soustraction, détournement ou autre usage illicite de biens, enrichissement illicite, trafi c d’infl uence, abus de fonction, blanchiment du produit du crime, recel, entrave au bon fonctionnement de la justice; — conclure ou exécuter des accords anticoncur- rentiels entre concurrents visant à imposer des prix, procéder à des soumissions concertées, établir des restrictions, violer la législation sur les prix de transfert ou quotas à la production ou partager ou subdiviser des marchés par répartition des clients, fournisseurs, zones géographiques ou branches d’activité; — het recht van vrouwen om kinderen te krijgen schenden; — het non-discriminatiebeginsel schenden, met name ten aanzien van personen van vreemde afkomst of homoseksuelen; d. op het stuk van het leefmilieu: in de volgende domeinen een risico nemen dat on- aanvaardbaar is of, indien het zich voordoet, kan leiden tot zware schade of tot onomkeerbare of langdurige gevolgen voor mens en milieu: — het in gevaar brengen van de gezondheid van de werknemers of van de omwonenden; — het behoud van de biodiversiteit en van de eco- systemen; — de illegale handel; — het gebruik van verontreinigende stoffen; — het afvalbeheer; — de instandhouding van het werelderfgoed; — de instandhouding van de waterecosystemen; — de vervuiling van de atmosfeer, de klimaatveran- dering, het broeikaseffect; — de ontwikkeling en het gebruik van genetisch gewijzigde organismen; — de productie, distributie en verkoop van kern- energie; e. op het stuk van het ethisch beheer: — zich schuldig maken aan iedere vorm van cor- ruptie, ontvreemding, verduistering of ander illegaal gebruik van goederen, ongeoorloofde verrijking, on- geoorloofde beïnvloeding, misbruik van een functie, witwassen van de opbrengst van misdrijven, heling, belemmering van de goede werking van justitie; — mededingingsverstorende overeenkomsten tus- sen concurrenten sluiten of uitvoeren met het oog op het opleggen van prijzen, overgaan tot offertever- valsingen, beperkingen opleggen, de wetgeving op verrekenprijzen of productiequota met voeten treden of markten verdelen of opdelen door het onderling verdelen van klanten, leveranciers, geografi sche zones of bedrijfstakken; 21 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 — se rendre coupable de fraude fi scale; — collaborer avec des acteurs fi nanciers situés dans des paradis fi scaux ou disposer soi-même de fi liales dans des paradis fi scaux, y compris si elles n’appa- raissent pas impliquées dans la gestion des produits pour lequel le label ISR est demandé.”. JUSTIFICATION Il ne serait pas acceptable que l’argent récolté via ces prêts-citoyen thématiques bénéfi ciant d’une réduction de précompte soit utilisé à des fi ns contraires à des principes de durabilité et d’éthique. Les conditions à respecter par les établissements de crédit quant à l’utilisation de l’épargne récoltée sont défi nies de manière exhaustive par cet amendement. L’épargnant a donc la garantie que son épargne est réellement destinée à des fi ns durables. N° 25 DE M. GILKINET ET CONSORTS Art. 19/1 (nouveau) Sous une section 3, insérer un article 19/1, rédigé comme suit: “Art. 19/1. Section 3. Contrôle par les Epargnants “Art. 19/1. Chaque établissement bancaire publie annuellement dans le cadre de son rapport d’activités et via son site internet un bilan relatif à l’épargne récol- tée dans le cadre des prêts-citoyens thématiques et aux prêts accordés grâce à l’argent récolté. Ce bilan reprend les montants récoltés, la répartition par caté- gorie des prêts effectués ainsi qu’un descriptif de tous les prêts de plus de 100.000 euros accordés grâce aux prêts citoyens-thématiques.”. JUSTIFICATION Il est plus important que jamais de veiller à la solidité du modèle bancaire, d’orienter l’épargne vers l’économie réelle, d’informer pleinement et complètement les épargnants sur les pratiques des banques. Cette nécessité a été avant tout mise en évidence par la crise fi nancière: Celle-ci a révélé à quel point un système fi nancier, performant pour engendrer des profi ts à court terme mais peu régulé et fragile, constitue une menace pour l’économie dans son ensemble. Alors qu’il existe un large consensus en faveur d’une meilleure régulation de ce secteur, les réformes peinent à avancer. Certaines banques continuent — zich bezondigen aan fi scale fraude; — samenwerken met fi nanciële actoren in fi scale paradijzen of zelf over fi lialen in fi scale paradijzen be- schikken, ook als die fi lialen niet betrokken blijken te zijn bij het beheer van producten waarvoor het MVB-label wordt aangevraagd.”. VERANTWOORDING Het zou onaanvaardbaar zijn dat het geld dat wordt vergaard via deze thematische volksleningen, waarop een vermindering van de roerende voorheffing van toepassing is, wordt aangewend voor doeleinden die indruisen tegen de beginselen van duurzaamheid en ethiek. Dit amendement strekt ertoe in extenso de voorwaarden op te sommen die de kredietinstellingen in acht moeten ne- men bij het aanwenden van het vergaarde spaargeld. Aldus heeft de spaarder de zekerheid dat zijn spaargeld écht voor duurzame doeleinden wordt aangewend. Nr. 25 VAN DE HEER GILKINET c.s. Art. 19/1 (nieuw) Onder een afdeling 3, een artikel 19/1 invoegen, luidende: “Art. 19/1. Afdeling 3. Toezicht door de spaarders “Art. 19/1. Elke bankinstelling maakt in het kader van haar activiteitenverslag en op haar internetsite een jaar- lijks balans bekend met betrekking tot het in het kader van de thematische volksleningen opgehaalde spaar- geld en tot de dankzij dat opgehaalde geld toegestane leningen. Die balans omvat de opgehaalde bedragen, de verdeling per categorie van de toegestane leningen en een beschrijving van alle leningen van meer dan 100.000 euro die dankzij de thematische volksleningen werden toegestaan.”. VERANTWOORDING Meer dan ooit is het belangrijk er voor te zorgen dat de bankwereld solide is, de spaartegoeden op de reële econo- mie te richten en de spaarders onverkort in te lichten over de praktijken van de banken. Die noodzaak blijkt vooral uit de economische crisis. Die heeft aangetoond hoezeer een fi nancieel systeem dat sterk scoort in het korte termijn winst genereren maar dat weinig wordt gereguleerd en zwak staat, een bedreiging vormt voor de hele economie. Er bestaat weliswaar een ruime consensus voor een betere regulering van die sector, maar de hervor- mingen komen moeizaam van de grond. Sommige banken 22 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 leurs activités sans tenir compte des enseignements de la crise fi nancière, privilégiant la rentabilité directe au contraire d’une politique de long terme. Or, les banques les plus ren- tables à court terme et les moins prudentes ont généralement été les plus fragiles, ce qui leur valut de lourdes pertes et, pour certaines d’entre elles, la presque faillite. Au total, ce fut dommageable pour le système fi nancier et l’économie dans leur ensemble, mais également pour les fi nances publiques. Il convient dès lors d’augmenter les obligations de rappor- tage des banques, y compris dans le cadre des prêts-citoyen thématique, de façon à conscientiser positivement les épar- gnants quant à l’utilité de leur épargne en terme de soutien à l’économie réelle. N° 26 DE M. GILKINET ET CONSORTS Art. 25 Compléter l’alinéa 2 par les mots “et ensuite tous les deux ans”. N° 27 DE M. GILKINET ET CONSORTS Art. 25 Compléter cet article par un § 2, rédigé comme suit: “§ 2. Ce rapport d’évaluation est transmis et présenté au Parlement dans les trois mois qui suivent sa soumis- sion au Conseil des ministres”. JUSTIFICATION L’idée d’une évaluation de la loi est positive. Pour la rendre totalement efficiente, il convient qu’elle soit bisannuelle et que le Parlement soit saisi des conclusions du rapport d’évaluation et puisse en débattre. Georges GILKINET (Ecolo-Groen) Zoe GENOT (Ecolo-Groen) Muriel GERKENS (Ecolo-Groen) N° 28 DE M. GILKINET ET MME ALMACI Art. 3 Remplacer cet article comme suit: “Art. 3. Les établissements de crédit visés à l’article 6 de la loi du 22 mars 1993 relative au statut et au zetten hun activiteiten voort zonder rekening te houden met de lessen van de fi nanciële crisis en blijven de voorkeur geven aan onmiddellijke rentabiliteit boven een langebaanbeleid. De op korte termijn meest rendabele en minst voorzichtige banken zijn echter doorgaans ook de zwakste geweest. Ze hebben daardoor zware verliezen geleden en sommige ervan waren bijna failliet. Dat is uiteindelijk voor het hele fi nanciële systeem en voor de hele economie, maar ook voor de over- heidsfi nanciën schadelijk geweest. Er moeten dus aan de banken meer verplichtingen wor- den opgelegd inzake rapportage, ook in het kader van de thematische volksleningen, teneinde de spaarders positief bewust te maken van het nut van hun spaargeld om de reële economie te steunen. Nr. 26 VAN DE HEER GILKINET c.s. Art. 25 Het tweede lid aanvullen met de woorden “en vervolgens om de twee jaar”. Nr. 27 VAN DE HEER GILKINET c.s. Art. 25 Dit artikel aanvullen met een §  2, luidende: “§  2. Dit evaluatieverslag wordt binnen drie maanden na de voorlegging ervan aan de Ministerraad overge- zonden en voorgesteld aan het Parlement”. VERANTWOORDING Een evaluatie van de wet is een goede zaak. Om écht efficiënt te zijn, wordt die evaluatie bij voorkeur tweejaarlijks georganiseerd en krijgt het Parlement de conclusies van het evaluatieverslag, zodat het erover kan debatteren. Nr. 28 VAN DE HEER GILKINET EN MEVROUW AL- MACI Art. 3 Dit artikel vervangen door wat volgt: “Art. 3. De kredietinstellingen bedoeld in artikel 6 van de wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het 23 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 contrôle des établissements de crédit sont tenus de proposer des bons de caisse tels que visés à l’article 2, 1°, dans le cadre du prêt citoyen thématique tel que visé à l’article 2; 11°.”. JUSTIFICATION Vu l’urgence d’améliorer les possibilités de fi nancement des acteurs de l’économie réelle et de stabiliser les modèles bancaires. Georges GILKINET (Ecolo-Groen) Meyrem ALMACI (Ecolo-Groen) N° 29 DE MME WOUTERS Intitulé Remplacer le mot “prêts-citoyen” par les mots “prêts-citoyen et assurances-citoyennes.”. JUSTIFICATION L’intitulé est mis en concordance avec les amendements nos 1 à 22. N° 30 DE MME WOUTERS Art. 2 Au n°, remplacer les mots “prêt-citoyen thématique” par les mots “prêt-citoyen et assurance-citoyenne thématiques”. N° 31 DE MME WOUTERS Art. 7 Remplacer les mots “prêts-citoyens thématiques” par les mots “prêts-citoyen et assurances-citoyennes thématiques”. N° 32 DE MME WOUTERS Art. 8 Remplacer les mots “d’un prêt-citoyen thématique” par les mots “d’un prêt-citoyen et d’une assurance- citoyenne thématiques”. toezicht op de kredietinstellingen zijn ertoe gehouden kasbonnen aan te bieden zoals bedoeld in artikel 2, 1°, in het kader van de thematische volkslening als bedoeld in artikel 2, 11°.”. VERANTWOORDING Het is dringend nodig in betere fi nancieringsmogelijkheden te voorzien voor de actoren van de reële economie, alsook de bankmiddelen te stabiliseren. Nr. 29 VAN MEVROUW WOUTERS Opschrift Het woord “volksleningen” vervangen door de woorden “volksleningen- en verzekeringen.”. VERANTWOORDING Het opschrift wordt in overeenstemming gebracht met de amendementen 1 tot 22. Nr. 30 VAN MEVROUW WOUTERS Art. 2 In punt n°, de woorden “thematische volkslening” vervangen door de woorden “thematische volkslening en –verzekering”. Nr. 31 VAN MEVROUW WOUTERS Art. 7 De woorden “thematische volksleningen” vervan- gen door de woorden “thematische volksleningen en –verzekeringen”. Nr. 32 VAN MEVROUW WOUTERS Art. 8 De woorden “thematische volkslening” vervangen door de woorden “thematische volkslening en –ver- zekering”. 24 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTINGS P E RIO DE 2013 2014 N° 33 DE MME WOUTERS Art. 11 Remplacer les mots “prêts-citoyens thématiques” par les mots “prêts-citoyen et assurances-citoyennes thématiques”. N° 34 DE MME WOUTERS Art. 22 Remplacer les mots “d’un prêt-citoyen thématique comme visé” par les mots “d’un prêt-citoyen et d’une assurance-citoyenne thématiques comme visés”. N° 35 DE MME WOUTERS Art. 23 Au 2°, remplacer les mots “d’un prêt-citoyen théma- tique comme visé” par les mots “d’un prêt-citoyen et d’une assurance-citoyenne thématiques comme visés”. JUSTIFICATION Voir la justifi cation de l’amendement n° 29. N° 36 DE MME WOUTERS (sous-amendement à l’amendement n° 8) Art. 7 Dans le texte proposé, remplacer les mots “prêts- citoyen thématiques” par les mots “prêts-citoyen et assurances-citoyennes thématiques”. Nr. 33 VAN MEVROUW WOUTERS Art. 11 De woorden “thematische volksleningen” vervan- gen door de woorden “thematische volksleningen en –verzekeringen”. Nr. 34 VAN MEVROUW WOUTERS Art. 22 De woorden “thematische volkslening” vervangen door de woorden “thematische volkslening en –ver- zekering”. Nr. 35 VAN MEVROUW WOUTERS Art. 23 In punt 2°, de woorden “thematische volkslening” vervangen door de woorden “thematische volkslening en –verzekering”. VERANTWOORDING Zie de verantwoording van amendement Nr. 29. Nr. 36 VAN MEVROUW WOUTERS (subamendement op amendement Nr. 8) Art. 7 In de voorgestelde tekst, de woorden “thematische volksleningen” vervangen door de woorden “thema- tische volksleningen en –verzekeringen”. 25 3217/002 DOC 53 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 3 e L É G I S L A T U R E K AMER 5e Z ITTING VAN DE 53e Z ITTING S P E RIO DE 2013 2014 N° 37 DE MME WOUTERS (sous-amendement à l’amendement n° 19) Art. 23/1 (nouveau) Art. 7 Dans le texte proposé, remplacer les mots “en matière de prêts-citoyen thématiques” par les mots “concernant les prêts-citoyen et assurances-citoyennes thématiques”. JUSTIFICATION Mise en concordance avec l’amendement n° 23. Nr. 37 VAN MEVROUW WOUTERS (subamendement op amendement Nr. 19) Art. 23/1 (nieuw) Art. 7 In de voorgestelde tekst, de woorden “thematische volksleningen” vervangen door de woorden “thema- tische volksleningen en –verzekeringen”. VERANTWOORDING Afstemming op amendement Nr. 23. Veerle WOUTERS (N-VA) Centrale drukkerij – Imprimerie centrale

Vragen over dit document?

Stel uw vragen aan onze juridische AI-assistent

Open chatbot