Inhoud
AMENDEMENTEN
AMENDEMENTS
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
05919
DOC 55 2141/005
DOC 55 2141/005
Chambre des représentants
de Belgique
Belgische Kamer van
volksvertegenwoordigers
14 december 2021
14 décembre 2021
Voir:
Doc 55 2141/ (2020/2021):
001:
Projet de loi.
002 à 004: Amendements.
Zie:
Doc 55 2141/ (2020/2021):
001:
Wetsontwerp.
002 tot 004: Amendementen.
houdende wijzigingen aan het Strafwetboek
met betrekking tot het seksueel strafrecht
modifiant le Code pénal
en ce qui concerne le droit pénal sexuel
PROJET DE LOI
WETSONTWERP
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
2
2141/005
DOC 55
N° 71 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 80
Remplacer l’article 433quater/5 proposé suit:
“Art. 433quater/5. L’abus aggravé de la prostitution
L’abus de la prostitution visé aux articles 433qua-
ter/1 à 433quater/4, est aggravé quand l’infraction a
été commise à l’encontre d’un majeur vulnérable en
raison de sa situation administrative illégale ou précaire,
de sa situation sociale précaire, de son âge, d’un état
de grossesse, d’une maladie, d’une infirmité ou d’une
déficience physique ou mentale.”
JUSTIFICATION
Cet amendement fait suite aux auditions. Toute combi-
naison du profit anormal tiré de la prostitution d’une autre
personne, et de l’abus de l’état administratif illégal ou pré-
caire (emploi de sans-papiers) ou de l’abus de l’état de santé
d’une personne équivaut à de la traite des êtres humains. Ce
chevauchement doit être supprimé afin de préserver les droits
des victimes de la traite, et de se démarquer clairement des
dispositions sur la traite des êtres humains.
Par contre, il est utile de garder une circonstance aggra-
vante en cas de vulnérabilité de la victime.
NR. 71 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 80
Artikel 433quater/5 vervangen als volgt:
“Art. 433quater/5. Verzwaard misbruik van prostitutie
Misbruik van prostitutie, zoals bedoeld in de artike-
len 433quater/1 tot 433quater/4 is verzwaard indien
het misdrijf werd gepleegd tegen een kwetsbare meer-
derjarige ten gevolge van zijn onwettige of precaire
administratieve toestand, zijn precaire sociale toestand,
zijn leeftijd, een zwangerschap, een ziekte dan wel een
lichamelijk of geestelijk gebrek of onvolwaardigheid.”
VERANTWOORDING
Dit amendement is gebaseerd op de hoorzittingen. Elke
combinatie van abnormale winst op de prostitutie van een
ander en misbruik van de onwettige of precaire administratieve
(het tewerkstellen van sans-papiers) toestand of misbruik van
gezondheidstoestand van een persoon, is gelijk aan men-
senhandel. Deze overlapping moet geschrapt worden om de
rechten van slachtoffers van mensenhandel veilig te stellen,
en een duidelijk onderscheid te maken met de bepalingen
inzake mensenhandel.
Anderzijds is het nuttig om wel nog verzwarende omstan-
digheden te handhaven in geval van kwetsbaarheid van het
slachtoffer.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
3
2141/005
DOC 55
N° 72 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 79
Supprimer cet article.
JUSTIFICATION
Cet amendement fait suite aux auditions. La nouvelle défi-
nition du proxénétisme (article 433quater/1) couvre à présent
l’article 433quater/4 en projet.
Nr. 72 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 79
Dit artikel weglaten.
VERANTWOORDING
Dit amendement is gebaseerd op de hoorzittingen. In de
nieuwe definitie van pooierschap (artikel 433quater/1) zit
artikel 433quater/4 in ontwerp nu vervat.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
4
2141/005
DOC 55
N° 73 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 81
Supprimer cet article.
JUSTIFICATION
Cet amendement fait suite aux auditions. L’article 433qua-
ter/6 en projet doit être supprimé pour limiter autant que
possible le chevauchement avec la traite des êtres humains.
L’hypothèse d’abus de la prostitution perpétré dans le cadre
des activités d’une organisation criminelle relève toujours
de la traite.
Nr. 73 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 81
Dit artikel weglaten.
VERANTWOORDING
Dit amendement is gebaseerd op de hoorzittingen.
Artikel 433quater/6 in ontwerp moet geschrapt worden om alle
mogelijke overlappingen met mensenhandel te vermijden. De
hypothese waarin er sprake is van misbruik van prostitutie in
het kader van georganiseerde activiteiten van een criminele
organisatie is altijd mensenhandel.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
5
2141/005
DOC 55
N° 74 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 77
Dans l’article 433quater/2 proposé, remplacer le
§ 2, alinéa 1er, par ce qui suit:
“La publicité pour la prostitution d’un majeur est inter-
dite, sauf lorsque la loi le prévoit ou que les conditions
cumulatives suivantes sont réunies:
— lorsqu’elle se limite à la publicité pour ses propres
services à caractère sexuel;
— lorsque la publicité pour les services sexuels d’un
majeur ou pour un lieu dédié à la fourniture de services
sexuels par des majeurs, est effectuée sur une plate-
forme internet ou un tout autre support spécialisés à
cet effet;
— lorsque le fournisseur d’une plateforme internet
ou de tout autre média peut démontrer qu’il a fait tous
les efforts raisonnables pour éviter les abus de la pros-
titution et la traite des êtres humains, et qu’il signale
immédiatement les soupçons d’abus ou d’exploitation
aux services de police et autorités judiciaires.”
JUSTIFICATION
L’amendement apporte une clarification. Les travailleurs du
sexe doivent pouvoir placer leurs propres annonces sur ces
plateformes, à condition que celles-ci fassent tous les efforts
raisonnables pour lutter contre les abus de la prostitution et
la traite des êtres humains.
Il existe un risque que, sur la base de la formulation actuelle
du projet de loi, les plateformes soient mises hors ligne. Il est
alors à craindre que la police ne pourra plus coopérer avec
les fournisseurs de ces plateformes pour traquer les abus de
la prostitution et la traite des êtres humains.
Par “plateforme internet ou un tout autre support spécia-
lisés à cet effet”, on vise les petites annonces rassemblées
dans une rubrique spécifique dans la presse écrite ou les
Nr. 74 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 77
In het voorgestelde artikel 433quater/2, § 2, het
eerste lid, vervangen als volgt:
“Reclame maken voor prostitutie van een meerder-
jarige is verboden, behoudens in de gevallen die de
wet bepaalt of wanneer aan volgende cumulatieve
voorwaarden voldaan zijn:
— wanneer dit beperkt blijft tot het maken van re-
clame voor eigen diensten van seksuele aard;
— wanneer reclame voor de seksuele diensten van een
meerderjarige of een plaats gewijd aan het aanbieden
van seksuele diensten door meerderjarigen, wordt
gepubliceerd op een internet platform of enig ander
medium dat specifiek voor dit doel is bedoeld;
— wanneer de aanbieder van een internet platform
of enig ander medium aantoont dat hij alle redelijke in-
spanningen heeft geleverd om misbruik van prostitutie
en mensenhandel te vermijden en dat hij mogelijke
gevallen van misbruik en uitbuiting onmiddellijk aan de
politiediensten en gerechtelijke overheden aangeeft.”
VERANTWOORDING
Het amendement zorgt voor een verduidelijking.
Sekswerkers moeten eigen advertenties kunnen plaatsen
op platforms op voorwaarde dat die platforms alle redelijke
inspanningen doen om misbruiken van prostitutie en men-
senhandel te bestrijden.
Het risico bestaat dat op basis van hoe het ontwerp van wet
nu geformuleerd is, platforms offline zullen worden gehaald.
Hierdoor bestaat het gevaar dat de politie niet meer zal kun-
nen samenwerken met de aanbieders van deze platforms om
misbruiken van prostitutie en mensenhandel op te sporen.
Met “internetplatform of enig ander medium dat specifiek
voor dit doel bedoeld is” bedoelen we kleine reclameberich-
ten die in een bepaald deel van de geschreven pers staan of
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
6
2141/005
DOC 55
plateformes digitales pour adultes dédiées aux annonces de
services sexuels par des majeurs.
Les supports publicitaires diffusés dans la presse écrite
dans des rubriques générales directement visibles par des
personnes non intéressées ou par des mineurs, les supports
publicitaires présents sur la voie publique (comme une grande
affiche dans un abri de bus, dans un centre commercial, ou
un véhicule publicitaire qui est garé sur la voie publique, …)
ne sont pas couverts par cette expression; ils ne sont donc
pas autorisés.
digitale platforms voor volwassenen die gewijd zijn aan het
adverteren van seksuele diensten door volwassenen.
Reclamemateriaal dat echter rechtstreeks zichtbaar is
voor personen die dit niet wensen of dat zichtbaar is voor
minderjarigen, zoals bijvoorbeeld reclamemateriaal op de
openbare weg (zoals een grote poster op een bushokje, in
een winkelcentrum of een reclamevoertuig op de openbare
weg, …) vallen niet onder de bepaling en zijn bijgevolg niet
toegelaten.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
7
2141/005
DOC 55
N° 75 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 78
Remplacer l’article 433quater/3 proposé par ce
qui suit:
“Art. 433quater/3. L’incitation publique à la prostitution
L’incitation publique à la prostitution consiste à:
— inciter, implicitement ou explicitement, par tout
moyen de publicité, un majeur à se prostituer;
— inciter en public, par quelque moyen que ce soit, un
majeur à se prostituer.
Cette infraction est punie d’un emprisonnement
d’un mois à un an et d’une amende de cent euros à
mille euros.”
JUSTIFICATION
Dans la version néerlandaise, le terme “exploitation” peut
signifier à la fois gestion et exploitation. L’intention n’est pas
de viser la gestion. Le mot exploitation encore moins, car
l’exploitation implique la traite des êtres humains. L’option
est prise de supprimer les mots “exploitation de la prostitution
d’un adulte” et de les remplacer par “inciter un majeur à se
prostituer”.
Par le premier tiret, sont interdits tous les moyens publi-
citaires qui prônent la fourniture de services sexuels à des
majeurs.
Nr.75 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 78
Het voorgestelde artikel 433quater/3 vervangen
als volgt:
“Art. 433quater/3. Het openbaar aanzetten tot het
zich prostitueren
Het openbaar aanzetten tot het zich prostitueren is:
— het door enig reclamemiddel, impliciet of expliciet,
aanzetten tot het zich prostitueren als meerderjarige;
— het met welk middel ook, in het openbaar, een
meerderjarige tot het zich prostitueren aanzetten.
Dit misdrijf wordt bestraft met gevangenisstraf van
een maand tot een jaar en een geldboete van hon-
derd euro tot duizend euro.”
VERANTWOORDING
“Exploitatie” kan in de Nederlandstalige versie zowel uitba-
ting als uitbuiting betekenen. Het is niet de bedoeling om de
uitbating te viseren. Het woord uitbuiting evenmin, aangezien
uitbuiting mensenhandel impliceert. Er wordt geopteerd om de
woorden “exploitatie van de prostitutie van een meerderjarige”
te schrappen en te vervangen door “het zich prostitueren als
meerderjarige.”
De eerste streep verbiedt alle vormen van reclame die
meerderjarigen ertoe zouden kunnen aanzetten om ook
seksuele diensten te gaan verlenen.
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
8
2141/005
DOC 55
Le second tiret vise la situation où un adulte est incité dans
un lieu public à se prostituer. Cela peut se faire par des appâts
tels que des dîners ou des cadeaux.
De tweede streep viseert de situatie waarin een meer-
derjarige ertoe in het openbaar wordt aangezet om zich te
prostitueren door bepaalde lokmiddelen zoals het aanbieden
van etentjes of cadeaus.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
9
2141/005
DOC 55
N° 76 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 87
Remplacer cet article par ce qui suit:
“Art. 87. Dans l’article 37ter, § 1er, alinéa 3, du même
Code, inséré par la loi du 2 juillet 2014, les modifications
suivantes sont apportées:
1° dans le point 1°, les mots “aux articles 375 à 377” sont
remplacés par les mots “aux articles 417/12 à 417/22”;
2° dans le point 2°, les mots “aux articles 379 à 387”
sont remplacés par les mots “aux articles 417/25 à 417/41,
417/44 à 417/47, 417/52, 417/54”.”
JUSTIFICATION
Voir la justification de l’amendement n° 78.
Nr. 76 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 87
Dit artikel vervangen als volgt:
“Art. 87. In artikel 37ter, § 1, derde lid, van hetzelfde
Wetboek, ingevoegd bij de wet van 2 juli 2014, worden
de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in punt 1°, worden de woorden “in de artike-
len 375 tot 377” vervangen door de woorden “in de
artikelen 417/12 tot 417/22”;
2° in punt 2°, worden de woorden “in de artike-
len 379 tot 387” vervangen door de woorden “in de
artikelen 417/25 tot 417/41, 417/44 tot en met 417/47,
417/52 en 417/54”.”
VERANTWOORDING
Zie de verantwoording van amendement nr. 78.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
10
2141/005
DOC 55
N° 77 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 88
Remplacer cet article par ce qui suit:
“Art. 88. Dans l’article 37quinquies, § 1er, alinéa 2,
du même Code, inséré par la loi du 17 avril 2002 et
modifié en dernier lieu par la loi du 5 février 2016, les
modifications suivantes sont apportées:
1° dans le point 2°, les mots “aux articles 375 à 377”
sont remplacés par les mots “articles 417/12 à 417/22”;
2° dans le point 3°, les mots “aux articles 379 à 387”
sont remplacés par les mots “aux articles 417/25 à 417/41,
417/44 à 417/47, 417/52, 417/54”.”
JUSTIFICATION
Voir la justification de l’amendement n° 78.
Nr. 77 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 88
Dit artikel vervangen als volgt:
“In artikel 37quinquies, § 1, tweede lid, van hetzelfde
Wetboek, ingevoegd bij de wet van 17 april 2002 en
laatstelijk gewijzigd door de wet van 5 februari 2016,
worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in punt 2°, worden de woorden “in de artike-
len 375 tot 377” vervangen door de woorden “in de
artikelen 417/12 tot 417/22”;
2° in punt 3°, worden de woorden “in de artike-
len 379 tot 387” vervangen door de woorden “in de
artikelen 417/25 tot en met 417/41, 417/44 tot 417/47,
417/52 en 417/54”.”
VERANTWOORDING
Zie de verantwoording van amendement nr. 78
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
11
2141/005
DOC 55
N° 78 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 89
Remplacer cet article par ce qui suit:
“Art. 89. Dans l’article 37octies, § 1er, alinéa 4, du
même Code, inséré par la loi du 10 avril 2014, les modi-
fications suivantes sont apportées:
1° dans le point 2°, les mots “aux articles 375 à 377”
sont remplacés par les mots “articles 417/12 à 417/22”;
2° dans le point 3°, les mots “aux articles 379 à 387”
sont remplacés par les mots “aux articles 417/25 à 417/41,
417/44 à 417/47, 417/52, 417/54”.”
JUSTIFICATION
Les articles 87, 88 et 89 du projet de loi suppriment l’exclu-
sion, dans les articles 37bis, 37quinquies et 37octies, de
l’application de la surveillance électronique, du travail d’intérêt
général et de la probation pour certaines infractions sexuelles.
Ces exceptions portent sur les infractions de viol (art.
375 à 377 du Code pénal) et certaines formes de corruption
de la jeunesse, de prostitution et d’outrage public aux bonnes
mœurs lorsque les faits ont été commis sur des mineurs ou à
l’aide de mineurs (art. 379 à 387 du Code pénal).
La suppression de l’exclusion est une modification impor-
tante qui dépasse le cadre du droit pénal sexuel. C’est la
raison pour laquelle il est proposé d’attendre la réforme du
Code pénal pour adapter la liste des exclusions des peines
alternatives. L’amendement prévoit donc de réintroduire les
exclusions sauf pour l’infraction relative a viol.
Le viol fait partie des infractions de base définies aux
articles 417/7 à 417/11 du projet de loi. C’est la seule infraction
de base qui, à l’heure actuelle, est exlue du champ d’applica-
tion des peines alternatives. En la supprimant de la liste des
exclusions, l’amendement rend le projet de loi plus cohérent
et fait un pas en avant vers cette réforme (point 1°).
Nr. 78 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 89
Dit artikel vervangen als volgt:
“Art. 89. In artikel 37octies, § 1, vierde lid, van het-
zelfde Wetboek, ingevoegd bij de wet van 10 april 2014,
worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in punt 2°, worden de woorden “in de artike-
len 375 tot 377” vervangen door de woorden “in de
artikelen 417/12 tot 417/22”;
2° in punt 3°, worden de woorden “in de artike-
len 379 tot 387” vervangen door de woorden “in de
artikelen 417/25 tot en met 417/41, 417/44 tot 417/47,
417/52 en 417/54”.”
VERANTWOORDING
De artikelen 87, 88 en 89 van het wetsontwerp schrappen
de uitsluiting in de artikelen 37ter, 37quinquies en 37octies
voor bepaalde zedendelicten van de toepassing van het elek-
tronisch toezicht, de werkstraf en de autonome probatiestraf.
Deze uitzonderingen hebben betrekking op de misdrijven
verkrachting (artikelen 375-377 van het Strafwetboek) en
bepaalde vormen van bederf van de jeugd, prostitutie en
openbare zedenschennis wanneer de feiten zijn gepleegd op
minderjarigen of met de hulp van minderjarigen (artikelen 379-
387 van het Strafwetboek).
De afschaffing van de uitsluiting is een belangrijke wijziging
die verder gaat dan het kader van het seksuele strafrecht.
Daarom wordt voorgesteld te wachten op de hervorming van
het Strafwetboek om de lijst van uitsluitingen van alternatieve
straffen aan te passen. Het amendement voorziet dus in de
herinvoering van de uitsluitingen, behalve voor het misdrijf
verkrachting.
Verkrachting is een van de basisdelicten die in de arti-
kelen 417/7 tot en met 417/11 van het wetsontwerp worden
omschreven. Het is het enige basismisdrijf dat momenteel is
uitgesloten van de werkingssfeer van de alternatieve straffen.
Door het uit de lijst van uitsluitingen te schrappen, maakt het
amendement het wetsontwerp coherenter en wordt een stap
in de richting van deze hervorming gezet (punt 1°).
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
12
2141/005
DOC 55
Pour le reste, l’amendement adapte la référence que
comporte les articles 37ter, 37quinquies et 37octies vers les
nouvelles dispositions que propose le projet de loi. Ainsi,
l’amendement renvoie aux articles relatifs à la débauche de
mineurs et de la prostitution enfantine (art. 417/25 à 417/41),
aux incriminations portant sur les images d’abus sexuels
de mineurs et, pour ce qui concerne de l’outrage public aux
bonnes mœurs, à la production ou la diffusion de messages
à caractère extrêmement pornographique ou violent dirigés
contre un mineur ou une personne dans une situation de
vulnérabilité ainsi qu’à l’exhibitionnisme en présence d’un
mineur ou d’une personne dans une situation de vulnérabilité.
Voor het overige past de wijziging de verwijzing in de artike-
len 37ter, 37quinquies en 37octies aan de in het wetsontwerp
voorgestelde nieuwe bepalingen aan. Zo verwijst de wijziging
naar de artikelen betreffende ontucht van minderjarigen en
kinderprostitutie (artikelen 417/25 tot en met 417/41), naar straf-
bare feiten in verband met afbeeldingen van seksueel misbruik
van minderjarigen en, wat betreft openbare zedenschennis,
naar de vervaardiging of verspreiding van boodschappen met
een extreem pornografisch of gewelddadig karakter die gericht
zijn tegen een minderjarige of een persoon in een kwetsbare
positie, alsmede naar exhibitionisme in aanwezigheid van
een minderjarige of een persoon in een kwetsbare positie.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
13
2141/005
DOC 55
N° 79 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 76
Dans l’article 433quater/1 proposé, remplacer
l’alinéa 1er par ce qui suit:
“Le proxénétisme consiste, sans préjudice de l’ap-
plication de l’article 433quinquies, en l’un des actes
suivants commis à l’encontre d’un majeur:
— organiser la prostitution d’autrui dans le but d’en
retirer un avantage, sauf dans les cas prévus par la loi;
— promouvoir, inciter, favoriser ou faciliter la prosti-
tution dans le but de retirer, directement ou indirecte-
ment, un avantage anormal économique ou tout autre
avantage anormal;
— prendre des mesures pour empêcher ou rendre
plus difficile l’abandon de la prostitution.”
JUSTIFICATION
L’amendement apporte des modifications à l’incrimination
du proxénétisme.
L’article a été modifié afin de faire une distinction plus
claire avec la situation où il y a une forme de coercition. Le
fait de contraindre une personne à se prostituer constitue de
la traite des êtres humains.
La formulation “sans préjudice de l’application de l’ar-
ticle 433quinquies” signifie que la préférence doit toujours
être donnée aux poursuites pour l’infraction de traite des
êtres humains. Il en va de l’intérêt de la victime et du droit à
la procédure de protection spéciale.
Le présent amendement insère trois nouveaux actes qui
devraient être qualifiés d’actes punissables de proxénétisme.
La formulation “l’un des actes suivants” indique clairement
qu’il ne s’agit pas de conditions cumulatives, mais que chaque
acte constitue un acte de proxénétisme distinct.
Par “organiser la prostitution d’autrui, dans le but d’en reti-
rer un avantage”, on entend: soumettre contre rémunération
Nr. 79 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 76
In het voorgestelde artikel 433quater/1, het eerste
lid vervangen als volgt:
“Het pooierschap bestaat, onverminderd de toepas-
sing van artikel 433quinquies, uit een van de volgende
daden gepleegd tegen een meerderjarig persoon:
— het organiseren van de prostitutie van een ander
met als doel het bekomen van een voordeel, behalve
in de gevallen die de wet bepaalt;
— het bevorderen, ertoe aanzetten, aanmoedigen of
vergemakkelijken van prostitutie met als doel het, recht-
streeks of onrechtstreeks, bekomen van een abnormaal
economisch voordeel of elk ander abnormaal voordeel;
— maatregelen nemen om het verlaten van de pros-
titutie te verhinderen of te bemoeilijken.”
VERANTWOORDING
Het amendement brengt wijzigingen aan in de strafbaar-
stelling van pooierschap.
Het artikel werd gewijzigd zodat een duidelijker onder-
scheid kan worden gemaakt met de situatie waar er sprake
is van een vorm van dwang. Iemand dwingen om zich te
prostitueren, is mensenhandel.
De bewoording “onverminderd de toepassing van arti-
kel 433quinquies” betekent dat er steeds de voorkeur aan
moet worden gegeven om te vervolgen voor het misdrijf
mensenhandel. Dit in het belang van de slachtoffer en het
recht op de bijzondere beschermingsprocedure.
Het amendement voegt drie nieuwe daden in die als straf-
baar pooierschap dienen te worden gekwalificeerd.
De bewoording “een van de volgende daden” maakt dui-
delijk dat het niet om cumulatieve voorwaarden gaat, maar
dat elke daad afzonderlijk pooierschap uitmaakt.
Onder het “organiseren van de prostitutie van een ander
met als doel het bekomen van een voordeel” wordt begrepen:
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
14
2141/005
DOC 55
à un contrôle hiérarchique ou à une façon déterminée de
fonctionner, coordonner contre rémunération, l’activité de
personnes rendant des services sexuels tarifés, par exemple
la coordination du travail ou la détermination de l’horaire ou
du temps de travail.
Par “organiser la prostitution d’autrui, dans le but d’en
retirer un avantage”, on ne vise pas viser les clients ou les
tiers avec lesquels le travailleur du sexe coopère de manière
normale (par exemple, un comptable, un chauffeur, un pro-
priétaire etc.), pour autant qu’ils ne soient pas coauteurs ou
complices du proxénète.
Les personnes qui se prostituent sous statut d’indépendant
sont autorisées, par exemple, à louer ensemble une maison
dans laquelle ils/elles peuvent offrir des services sexuels,
à condition qu’il n’y ait aucune forme d’autorité entre elles.
Les mots “sauf dans les cas prévus par la loi” font référence
à la procédure de reconnaissance qui sera fixée par une loi
spécifique. Il s’agit notamment de fixer les conditions essen-
tielles imposées à la personne qui organise la prostitution
d’autrui. Il ne s’agit pas de conditions imposées au travailleur
du sexe. Ces mots font également référence au fait que le
travail du sexe est une profession présentant des caractéris-
tiques spécifiques qui nécessite une protection solide pour
le travailleur du sexe. Une réflexion sur cette question doit
avoir lieu par les ministres compétents, en concertation avec
le secteur des travailleurs du sexe et avec des représentantes
de victimes sorties de la traite ou de la prostitution, afin de
leur offrir une protection optimale en fonction des spécificités
propres à ce type d’activité. Des adaptations devront ainsi être
apportées au droit du travail et au droit de la sécurité sociale
afin de tenir compte de ces spécificités.
Dans l’attente d’une loi définissant les cas, la situation pour
les proxénètes reste telle qu’elle est aujourd’hui.
Il s’agit aussi de préserver la liberté d’abandonner à tout
moment et sans condition l’activité de prostitution.
Enfin, il faut toujours en tout cas au minimum respecter les
quatre libertés suivantes des travailleurs du sexe:
1. toute personne peut refuser une autre personne comme
partenaire sexuel;
2. toute personne peut refuser certains actes sexuels;
het uitoefenen tegen vergoeding van een hiërarchische con-
trole of een specifieke manier van werken over sekswerkers,
het coördineren van de activiteit van personen die betaalde
seksuele diensten verlenen, zoals bijvoorbeeld het coördi-
neren van het werk of het bepalen van het werkschema of
de werktijden.
Met “het organiseren van prostitutie van anderen met het
oogmerk een voordeel te verkrijgen” viseren we niet: klanten
of derden met wie de sekswerker op een normale wijze sa-
menwerkt te (zoals bijvoorbeeld een boekhouder, een chauf-
feur, een verhuurder enz) voor zover ze geen mededader of
medeplichtige van de pooier zijn.
Zelfstandige sekswerkers zijn toegelaten en mogen bij-
voorbeeld samen een huis huren waarin zij seksuele diensten
aanbieden, op voorwaarde dat er tussen hen geen gezags-
verhouding bestaat.
De woorden “behalve in de gevallen die de wet bepaalt”
verwijzen naar de erkenningsprocedure die door een speci-
fieke wet zal worden vastgelegd. Het gaat om het vastleggen
van de essentiële voorwaarden aan de persoon die prostitutie
voor een ander organiseert. Het gaat niet om het opleggen
van voorwaarden aan de sekswerker zelf. Deze woorden
verwijzen eveneens naar het feit dat sekswerk een beroep is
met specifieke kenmerken dat een sterke bescherming vereist
voor de sekswerker. De reflectie hierover dient te gebeuren
door de bevoegde ministers, in overleg met de sector van
sekswerkers en met vertegenwoordigers van slachtoffers
die helpen om uit mensenhandel of prostitutie te stappen
teneinde hun een optimale bescherming te bieden in functie
van de specifieke kenmerken eigen aan het type activiteit.
Het arbeidsrecht en het socialezekerheidsrecht zullen dus
moeten worden aangepast om rekening te houden met deze
specifieke kenmerken.
In afwachting van een wet die de gevallen bepaalt, blijft de
situatie voor de pooiers zoals vandaag.
Ook moet de vrijheid om de prostitutie op gelijk welk ogen-
blik te verlaten, ten allen tijde worden gevrijwaard.
Men moet in elk geval altijd minimum de vier volgende
vrijheden van sekswerkers respecteren:
1. eenieder mag een ander als seksuele partner weigeren;
2. eenieder mag bepaalde seksuele handelingen weigeren;
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
15
2141/005
DOC 55
3. toute personne peut interrompre ou rompre un contact
sexuel;
4. toute personne peut poser des conditions à sa propre
sexualité.
Les situations dans lesquelles une de ces libertés est
intentionnellement entravé ou n’est intentionellement pas
respectée, constituent toujours une infraction.
Le deuxième tiret vise les tiers qui abusent de l’offre de
services sexuels liés à la prostitution, d’une autre personne.
Les mots “retirer un avantage anormal économique ou tout
autre avantage anormal”, ont pour but de viser les situations
dans lesquelles l’on profite d’un majeur offrant des services
sexuels liés à la prostitution pour en tirer un avantage anormal.
Plus précisément, cette notion inclut tous les abus possibles,
qui ne sont pas directement liés aux revenus de la prostitution.
Par exemple, un loyer excessif, des services sexuels en plus
du paiement régulier aux prestataires de services, …
Les mots “promouvoir, inciter, favoriser ou faciliter”, visent
la situation dans laquelle un tiers permet du sexe dans son
établissement afin de s’enrichir anormalement. L’expression
peut être particulièrement utile pour s’attaquer aux grands
réseaux criminels qui peuvent travailler avec des hommes
de paille. Il s’agit d’un tiers facilitateur qui ne se livre pas
directement à des actes d’abus de prostitution ou de traite des
êtres humains, mais qui fournit une structure pour faciliter ces
actes. Ici aussi, il s’agit explicitement de situations d’abus. Par
exemple, la location d’une chambre d’hôtel à un travailleur du
sexe indépendant à un prix normal est autorisée. Par contre,
louer une chambre d’hôtel au double du prix du fait qu’il
s’agisse d’un travailleur du sexe relève de ce deuxième tiret et
est donc punissable. Lorsqu’une personne facilite activement
l’abus de la prostitution, il se rend coupable de proxénétisme.
L’ajout responsabilise également les propriétaires d’hôtels
dans lesquels les victimes sont envoyées par des tiers.
3. eenieder mag een seksueel contact onderbreken of
afbreken;
4. eenieder mag voorwaarden stellen aan de eigen
seksualiteit.
Situaties waarin één van deze vrijheden opzettelijk belem-
merd of niet gerespecteerd wordt, vormen altijd een misdrijf.
De tweede streep viseert derden die misbruik maken van
het aanbieden van seksuele diensten verbonden aan prosti-
tutie van een ander.
Met de woorden “het bekomen van een abnormaal eco-
nomisch of gelijk welk ander abnormaal voordeel uit het aan-
bieden van seksuele diensten” willen we de situaties viseren
waarin men abnormaal profiteert van een meerderjarige die
seksuele diensten verbonden aan prostitutie aanbiedt. Meer
specifiek omvat dit begrip namelijk alle mogelijke misbruiken,
die niet direct verbonden zijn aan prostitutie. Bijvoorbeeld
overdreven huur, seksuele diensten bovenop reguliere beta-
ling aan dienstverleners, …
Met de woorden “bevorderen, aanzetten, aanmoedigen
of vergemakkelijken” viseren we de situatie waarbij een
derde in zijn inrichting sekswerk toelaat om zich abnormaal
te verrijken. De uitdrukking kan een bijzondere meerwaarde
zijn voor het aanpakken van grotere criminele netwerken die
eventueel werken met stromannen. Het gaat om een facilite-
rende derde die zich niet rechtstreeks bezighoudt met daden
van misbruik van prostitutie, maar wel een structuur voorziet
om deze handelingen te vergemakkelijken. Ook hier gaat het
uitdrukkelijk om misbruiksituaties. Bv. het verhuren van een
hotelkamer aan een zelfstandige sekswerker aan een normale
prijs is toegelaten. Het verhuren van een hotelkamer aan het
dubbele van de prijs, omdat het een sekswerker betreft, valt
onder deze tweede streep en is derhalve strafbaar. Wanneer
een persoon actief misbruik van prostitutie faciliteert, maakt
hij zich schuldig aan pooierschap. De toevoeging responsa-
biliseert ook de eigenaars van hotels waar slachtoffers heen
gestuurd worden door derden.
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
16
2141/005
DOC 55
Le troisième tiret couvre toutes les situations qui em-
pêchent une personne de quitter le secteur de la prostitution.
De derde streep viseert alle situaties waarbij iemand het
een sekswerker moeilijk maakt of verhindert om uit de pros-
titutie te stappen.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
17
2141/005
DOC 55
N° 80 DE MME HUGON ET CONSORTS
Art. 84/1 (nouveau)
Dans le titre 2, chapitre 2, insérer un article 84/1,
rédigé comme suit:
“Art. 84/1. Dans le même chapitre IIIbis/1, il est inséré
un article 433quater/10, rédigé comme suit:
“Art. 433quater/10. L’application des dispositions
du présent chapitre fait l’objet d’une évaluation multi-
disciplinaire deux ans après leur entrée en vigueur et,
ensuite, tous les quatre ans. Les modalités de cette
évaluation sont déterminées pour la fin de l’année 2022
au plus tard.”.”
JUSTIFICATION
Le nouvel article introduit une évaluation périodique de
l’application des nouvelles dispositions relatives à la pros-
titution, après deux ans à dater de leur entrée en vigueur,
puis tous les 4 ans. Au vu de l’importance de ce sujet pour la
société, il est souhaitable de prévoir une telle évaluation qui
permettra d’objectiver la situation et d’en suivre l’évolution,
tant en ce qui concerne les retombées positives (en termes
de protection, d’accès aux droits…) qu’en ce qui concerne la
réalisation ou non de certains risques évoqués (impact sur la
lutte contre la TEH, sur des groupes vulnérables tels que les
mineurs ou les personnes migrantes, sur l’égalité entre les
femmes et les hommes...), auquel cas il pourrait être procédé
aux ajustements législatifs nécessaires, le cas échéant. Ceci
est également en accord avec le Plan d’action 2021-2025 de
lutte contre la traite des êtres humains, qui prévoit que, en cas
d’évolution du cadre légal sur la prostitution, une évaluation de
Nr. 80 VAN MEVROUW HUGON c.s.
Art. 84/1 (nieuw)
In titel 2, hoofdstuk 2, een artikel 84/1 invoegen,
luidende:
“Art. 84/1. In hetzelfde hoofdstuk IIIbis/1 wordt een
artikel 433quater/10 ingevoegd, luidende:
“Art. 433quater/10. De toepassing van de bepalingen
van dit hoofdstuk wordt multidisciplinair geëvalueerd
twee jaar na de inwerkingtreding ervan en vervolgens
om de vier jaar. De nadere voorwaarden van deze
evaluatie worden voor uiterlijk eind 2022 vastgelegd.”.”
VERANTWOORDING
Het nieuwe artikel dat dit amendement beoogt in te voegen,
houdt in dat de nieuwe bepalingen inzake prostitutie periodiek
zullen worden geëvalueerd, twee jaar na de inwerkingtreding
ervan en vervolgens om de vier jaar. Gelet op het maatschap-
pelijk belang van dit vraagstuk is het wenselijk te voorzien in
een dergelijke evaluatie, die het mogelijk zal maken de situ-
atie te objectiveren en de evolutie ervan te volgen, niet alleen
om de positieve effecten na te gaan (inzake bescherming,
toegang tot rechten enzovoort), maar ook om vast te stellen
of bepaalde aangehaalde risico’s zich al dan niet hebben
voorgedaan (impact op de strijd tegen mensenhandel, op
kwetsbare groepen zoals de minderjarigen of de migranten,
op de gelijkheid tussen vrouwen en mannen enzovoort). In
voorkomend geval zouden de nodige wetgevingswijzigingen
kunnen worden doorgevoerd. Deze beoogde nieuwe bepa-
ling spoort daarenboven met het Actieplan 2021-2025 ter
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
18
2141/005
DOC 55
l’impact des modifications sur la traite des êtres humains et le
trafic des êtres humains devra être menée à l’horizon 2023.
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Koen GEENS (CD&V)
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
bestrijding van mensenhandel, dat erin voorziet dat wanneer
het wettelijk raamwerk inzake prostitutie wijzigingen onder-
gaat, tegen 2023 moet worden nagegaan welke impact die
wijzigingen hebben op mensenhandel en mensensmokkel.
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
19
2141/005
DOC 55
N° 81 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 5
Dans l’article 417/5 proposé, dans le paragraphe 2,
apporter les modifications suivantes:
1° remplacer l’alinéa 2 par ce qui suit:
“En tout état de cause, il n’y a pas de consentement
si l’acte à caractère sexuel résulte d’une menace,
de violences physiques ou psychologiques, d’une
contrainte, d’une surprise, d’une ruse, ou de tout autre
comportement punissable.”;
2° dans l’alinéa 3, insérer le mot “notamment”
entre les mots “de vulnérabilité due” et les mots “à
un état”.
JUSTIFICATION
L’article 417/5 propose une nouvelle définition du consente-
ment. Dans la description du consentement, les circonstances
qui contribuent à rendre une personne incapable de donner
son consentement sont décrites avec précision.
1° Lors des auditions, l’Orde van Vlaamse Balies (OVB)
a souligné que l’alinéa 2 de la version néerlandaise de
l’article 417/5 fait référence au mot “aanranding” alors que
le projet de loi supprime ce mot de la notion de “aanranding
van de eerbaarheid”. En effet, le projet de loi utilise les termes
“atteinte à l’intégrité sexuelle” ou “aantasting van de seksuele
integriteit”.
La lecture de ces textes porte à confusion. C’est pourquoi
l’OVB propose de supprimer les mots “aggression” et “aan-
randing” dans l’alinéa 2 de l’article 417/5. Ces mots sont de
toute façon repris sous le concept de “violences” ou “geweld”.
L’amendement reprend cette suggestion et propose en
outre de préciser ce qu’il faut entendre par “violence”. En
effet, la violence peut tant être physique que psychologie. Il
est important d’apporter cette précision dans l’alinéa 2.
L’OVB indique également que la surprise et la ruse ne
sont pas en soi des actes punissables. Il considère ainsi qu’il
Nr. 81 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 5
In het voorgestelde artikel 417/5, in paragraaf 2,
de volgende wijzigingen aanbrengen:
1° het tweede lid vervangen als volgt:
“Toestemming is er in ieder geval niet indien de
seksuele handeling het gevolg is van een bedreiging,
fysiek of psychisch geweld, dwang, verrassing, list of
van enige andere strafbare gedraging.”;
2° in alinea 3, de woorden “met name” invoegen
tussen de woorden “kwetsbare toestand verkeert” en
de woorden “ten gevolge van”.
VERANTWOORDING
Artikel 417/5 stelt een nieuwe definitie van toestemming
voor. In de omschrijving van toestemming worden de omstan-
digheden die ertoe bijdragen dat een persoon niet in staat is
toestemming te geven, met precisie omschreven.
1° Tijdens de hoorzittingen heeft de Orde van Vlaamse Balies
(OVB) onderlijnd dat het tweede lid van de Nederlandstalige
versie van artikel 417/5 verwijst naar het woord “aanranding”
terwijl dit woord in het wetsontwerp in de notie “aanranding van
de eerbaarheid” geschrapt werd. Het wetsontwerp gebruikt
de termen “atteinte à l’intégrité sexuelle” of “aantasting van
de seksuele integriteit”.
De lezing van deze teksten zorgt voor verwarring. Om die
reden stelt de OVB voor de woorden “agression” en “aanran-
ding” in het tweede lid van artikel 417/5 te schrappen. Deze
woorden kunnen sowieso onder de concepten “violences” of
“geweld” begrepen worden.
Het amendement herneemt deze suggestie en stelt boven-
dien voor te preciseren wat er onder de term “geweld” dient
begrepen te worden. Geweld kan zowel slaan op fysiek als
op psychisch geweld. Het is belangrijk deze precisering in
lid 2 te voorzien.
Het OVB stelt daarenboven dat de verrassing en de list
op zich geen strafbare gedragingen zijn. Volgens hen is het
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
20
2141/005
DOC 55
serait plus cohérent de viser plutôt “tout autre comportement
punissable” à la place “d’un autre comportement punissable”.
L’amendement comporte également cette modification.
Lors des auditions, il a également été précisé que la
notion de contrainte n’était pas reprise dans la liste des hypo-
thèses d’absence de consentement figurant dans le § 2 de
l’article 417/5. Or cet élément figure à l’heure actuelle dans
la définition du viol à l’article 375 du Code pénal.
Certains intervenants, comme le Conseil des femmes fran-
cophones de Belgique, considère que cette notion doit être
reprises parmis les circonstances d’absence de consente-
ment. Cette notion apporte un avantage car elle est très large
(comprend la contrainte physique et les menaces comme une
contrainte psychologique). Elle recouvre de nombreuses situa-
tions qui permettent de mieux cerner l’absence de consente-
ment. Comme les hypothèses d’absence de consentement
sont alternatives et non cumulatives, le rétablissement de la
notion de contrainte ne restreindrait dès lors pas la définition
du consentement.
C’est pourquoi l’amendement ajoute le mot “contrainte”
dand l’alinéa 2.
2° Pendant les auditions, certains intervenants ont indiqué
que l’indication des hypothèses d’absence de consentement
dans l’article 417/5 n’est pas claire. Au cours des débats, la
question s’est posée de savoir si ces circonstances sont déter-
minées de manière limitative ou bien de façon exemplative.
L’exposé des motifs est pourtant clair à ce sujet. Le texte
précise en effet que “cette définition n’est pas une énuméra-
tion limitative exhaustive.”. Il est donc opportun de préciser le
texte légal afin d’éviter toute confusion. C’est pourquoi l’amen-
dement prévoit d’insérer le mot “notamment” dans l’alinéa 3,
entre les mots “de vulnérabilité due” et les mots “à un état”.
Selon plusieurs intervenants, la norme générale d’attention
devrait être introduite. Cependant, cela est déjà implicitement,
mais sûrement intégré dans l’exigence de consentement telle
qu’elle est formulée dans le projet en indiquant par exemple
que le consentement ne peut pas être déduit de la simple
absence de résistance de la victime, qu’il peut être retiré à
tout moment avant ou pendant l’acte à caractère sexuel ou
qu’il ne peut jamais y avoir de consentement dans certaines
situations.
bijgevolg meer coherent om te spreken van “enige andere
strafbare gedraging” in plaats van “een andere strafbare
gedraging.”
Het amendement bevat ook deze wijziging.
Tijdens de hoorzittingen werd er ook verduidelijkt dat de
notie van de dwang niet werd weerhouden in de lijst van
hypotheses van een gebrek aan toestemming, zoals die in
§ 2 van artikel 417/5 vermeld staan. Nochtans staat dit element
op dit moment nog vermeld in de definitie van verkrachting
van artikel 375 Sw.
Bepaalde deelnemers, zoals de “Conseil des femmes
francophones de Belgique”, vinden dat deze notie moet
worden weerhouden in de omstandigheden van een gebrek
aan toestemming. Dit element heeft een meerwaarde aan-
gezien het zeer ruim is (het omvat de fysieke dwang en de
bedreigingen zoals een psychologische dwang). Het omvat
verscheidene situaties die het gebrek aan toestemming beter
kunnen afbakenen. Aangezien de hypotheses van een gebrek
aan toestemming afwisselend en niet-cumulatief zijn, zou een
heropname van de notie van de “dwang” de definitie van de
toestemming bijgevolg niet beperken.
Daarom voegt het amendement het woord “dwang” toe in
het tweede lid.
2° Tijdens de hoorzittingen hebben bepaalde deelnemers
gesteld dat de vermelding van de hypotheses van afwezigheid
van toestemming in artikel 417/5 niet duidelijk is. Tijdens de
debatten is de vraag gesteld of de omstandigheden op een
limitatieve dan wel op een exemplatieve wijze omschreven
worden.
De memorie van toelichting is nochtans duidelijk op dit vlak.
De tekst stelt immers dat “deze definitie geen alomvattende
limitatieve opsomming is.” Het is bijgevolg opportuun om de
wettekst te verduidelijken om elke verwarring te vermijden.
Om die reden voorziet het amendement om in alinea 3, het
woord “met name” tussen de woorden “kwetsbare toestand
verkeert” en “ten gevolge van”.
Volgens een aantal sprekers moet de algemene zorg-
vuldigheidsnorm worden geïntroduceerd. Dit zit evenwel al
impliciet, maar zeker verankerd in de toestemmingspremisse
zoals geformuleerd in het ontwerp, door bijvoorbeeld aan te
geven dat de toestemming niet kan worden afgeleid uit het
loutere gebrek aan verweer van het slachtoffer, dat instem-
ming op elk moment voor of tijdens de seksuele handeling
kan worden ingetrokken of dat er in bepaalde situaties nooit
sprake kan zijn van toestemming.
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
21
2141/005
DOC 55
Dès lors, une plus grande responsabilité incombe à la
personne qui a initié le contact sexuel.
Alzo komt er meer verantwoordelijkheid te liggen bij die-
gene die het seksuele contact initieert.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
22
2141/005
DOC 55
N° 82 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 9
Dans l’article 417/8, alinéa 2, proposé, insérer les
mots “, en raison de son intégrité sexuelle,” entre le
mot “laquelle” et les mots “aurait été gardée cachée”.
JUSTIFICATION
Durant les auditions, certains intervenants ont indiqué que
la définition de la personne dénudée reprise dans l’incrimi-
nation de voyeurisme visée à l’article 417/8 du projet de loi
est trop large.
En effet, pour Catherine Van de Heyning, professeur à
l’Université d’Anvers et l’Orde van Vlaamse Balies l’article,
tel qu’il est actuellement rédigé au sens large, implique que
les photographies prises de personnes qui souhaitent vivre
voilées, mais qui ont dénudé leurs cheveux, peuvent égale-
ment tomber sous le coup de l’incrimination. De même, selon
certains, prendre un selfie chez le coiffeur et faire apparaître
une autre personne sur la photo relèverait de la définition de
“personne dénudée”.
Il y a lieu de rappeler ici que la disposition pénale relative
au voyeurisme doit être interprétée à la lumière des objectifs
que poursuit le projet de loi proposant une réforme du droit
pénal sexuel. Dans ce cadre, le voyeurisme constitue un acte
à caractère sexuel. Par conséquent, les cas du foulard et du
selfie chez le coiffeur peuvent difficilement être qualifiés de
voyeurisme.
Il est cependant opportun de soulever tout doute à ce sujet.
C’est la raison pour laquelle l’amendement prévoit d’ajouter
une référence à l’intégrité sexuelle dans la définition de la
personne dénudée.
Par ailleurs, les cas de “deepnudes” augmentent de
plus en plus. Ce sont des images pornographiques créées
par des programmes informatiques dans lesquelles une
personne est représentée de manière intime par une mani-
pulation d’images. Dans cette hypothèse, une personne est
représentée nue, même s’il n’existe aucune image dénudée
de cette personne. Il convient de préciser dans ce cadre
que les personnes qui font l’objet d’un “deepnudes” partiel
doivent également être considérées comme des “personnes
Nr. 82 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 9
In het voorgestelde artikel 417/8, tweede lid, de
woorden “op grond van zijn seksuele integriteit” in-
voegen tussen de woorden “een deel van zijn lichaam
toont dat” en de woorden “verhuld zou zijn gebleven”.
VERANTWOORDING
Tijdens de hoorzittingen hebben sommige sprekers erop
gewezen dat de definitie van “ontbloot persoon” hernomen in
de strafbaarstelling van voyeurisme uit artikel 417/8 van het
wetsontwerp, te ruim is.
Voor Catherine Van de Heyning, professor aan de
Universiteit van Antwerpen, en voor de OVB impliceert het
artikel, zoals het actueel in ruime zin omschreven is, dat foto’s
genomen van personen die gesluierd door het leven willen
gaan, maar die hun haren ontbloot hebben, ook onder de
strafbaarstelling zouden vallen. Daarenboven zou volgens
sommigen het nemen van een selfie bij de kapper, waarbij
ook een andere persoon op deze foto verschijnt ook onder
de definitie van “ontbloot persoon” vallen.
Er is reden toe om hier te herinneren aan het feit dat de
strafbepaling betreffende voyeurisme geïnterpreteerd moet
worden in het licht van de doelstellingen die het wetsont-
werp betreffende de hervorming van het seksueel strafrecht
nastreeft. In dit kader betreft het voyeurisme een seksuele
handeling. Als gevolg hiervan kunnen de gevallen van een
sluier en een selfie bij de kapper moeilijk als voyeurisme
aanzien worden.
Het is niettemin opportuun om elke twijfel aangaande dit
onderwerp op te heffen. Dat is de reden waarom het amende-
ment erin voorziet een referentie naar de seksuele integriteit
in te lassen in de definitie van ontbloot persoon.
Daarenboven stijgen de gevallen van “deepnudes” meer
en meer. Dit zijn pornografische beelden gecreëerd door
Informaticaprogramma’s waarop een persoon op een intieme
manier wordt voorgesteld door een manipulatie van de beel-
den. In deze hypothese wordt een persoon naakt afgebeeld,
zelfs wanneer er geen enkel naaktbeeld van deze persoon
bestaat. Het is passend om hier te verduidelijken dat personen
die het voorwerp van gedeeltelijke “deepnudes” uitmaken
ook moeten beschouwd worden als “ontblote personen”. We
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
23
2141/005
DOC 55
dénudées”. Nous entendons par là tout ce qui ne relève pas
des “deepnudes” intégraux. Ce phénomène entre donc bien
dans le champ d’application du voyeurisme.
bedoelen daarmee alles dat niet valt onder volledige “deepnu-
des”. Dit fenomeen valt bijgevolg onder het toepassingsgebied
van voyeurisme.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
24
2141/005
DOC 55
N° 83 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 26
Dans l’article 417/23 proposé, remplacer le pre-
mier tiret par ce qui suit:
“- l’auteur est un parent en ligne collatérale jusqu’au
troisième degré ou un allié en ligne directe ou en ligne
collatérale jusqu’au troisième degré de la victime, qu’il
a autorité sur celle-ci, qu’il en a la garde ou cohabite
ou a cohabité occasionnellement ou habituellement
avec elle;”
JUSTIFICATION
L’amendement qui est proposé apporte deux modifications
au premier tiret de l’article 417/23 prescrivant des facteurs
aggravants en cas d’atteinte à l’intégrité sexuelle, de voyeu-
risme, de diffusion non consentie d’images et d’enregistre-
ments à caractère sexuel et de viol. Le tiret comporte une
circonstance aggravante lorsque l’auteur de l’infraction est
un parent ou un allié, lorsqu’il a autorité sur la victime, qu’il
en a la garde ou cohabite occasionnellement ou habituelle-
ment avec elle.
Dans tout le projet de loi, la notion de parent ou d’allié est
déterminée jusqu’au troisième degré que ce soit en ligne
directe ou collatérale. Or, le premier tiret de l’article 417/23 fait
référence au quatrième degré.
Il est souhaitable de rester cohérent avec l’ensemble du
projet de loi. C’est pourquoi l’amendement vise à remplacer
le quatrième degré par le troisième degré.
En faisant référence aux mots “ou cohabite occasionnel-
lement ou habituellement avec elle”, le premier tiret vise le
partenaire d’une victime. Il est important de pouvoir également
intégrer l’ex-partenaire de la victime dans ce point. Celui-ci
Nr. 83 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 26
In het voorgestelde artikel 417/23, het eerste
streepje vervangen als volgt:
“- de dader een bloedverwant in de zijlijn tot de derde
graad is van het slachtoffer, dan wel een aanverwant
in de rechte lijn of in de zijlijn tot de derde graad, dat
hij gezag heeft over het slachtoffer, hem onder zijn
bewaring heeft of occasioneel of gewoonlijk met het
slachtoffer samenwoont of heeft samengewoond;”
VERANTWOORDING
Het voorgestelde amendement brengt twee wijzigingen
aan in het eerste streepje van artikel 417/23, dat verzwarende
factoren voorschrijft in de gevallen van aantasting van de sek-
suele integriteit, voyeurisme, niet – consensuele verspreiding
van seksueel getinte beelden en opnames en verkrachting.
Het streepje houdt een verzwarende omstandigheid in wan-
neer de dader van het misdrijf een ouder of een aanverwant
is, wanneer hij gezag heeft over het slachtoffer, hem onder
zijn bewaring heeft of occasioneel of gewoonlijk met het
slachtoffer samenwoont.
Doorheen het ganse wetsontwerp wordt de notie van
ouder of aanverwant bepaald tot de derde graad, ongeacht
of dit in de directe of de zijlijn is. Het eerste streepje van het
artikel 417/23 verwijst echter naar de vierde graad.
Het is wenselijk coherent te blijven met het gehele wets-
ontwerp. Om die reden beoogt het amendement om de vierde
graad te vervangen door de derde graad.
Door te refereren aan de woorden “of die occasioneel of
gewoonlijk met haar samenleeft”, viseert het eerste streepje
de partner van het slachtoffer. Het is van belang om ook
de ex-partner van het slachtoffer te integreren. Deze kan
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
25
2141/005
DOC 55
peut se monter violent envers la victime même si la relation
qui existait entre eux a pris fin.
zich gewelddadig opstellen ten aanzien van het slachtoffer,
zelfs indien de relatie die tussen hen bestond, ondertussen
beëindigd is.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
26
2141/005
DOC 55
N° 84 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 6
Compléter l’article 417/6, § 2, proposé, avec un
alinéa, rédigé comme suit:
“Il n’y pas d’infraction entre mineurs ayant atteint
l’âge de quatorze ans accomplis qui agissent avec
consentement mutuel lorsque la différence d’âge entre
ceux-ci est supérieure à trois ans.”
JUSTIFICATION
L’amendement propose d’insérer, dans l’article 417/6 du
projet de loi, une cause de justification qui concerne spéci-
fiquement les mineurs d’âge qui ont des relations sexuelles
consenties et qui ont une différence d’âge de plus de trois ans.
Lors des auditions, plusieurs intervenants, dont Avocats.
be, ont indiqué que les mineurs peuvent avoir des relations
sexuelles tout à fait consenties. Il s’agit de protéger ces jeunes
afin que leur fait ne tombent pas sous le coup de la loi pénale
(par exemple, activités pour jeunes où les jeunes ont parfois
le même âge ou presque que les jeunes qu’ils animent).
Nr. 84 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 6
Het voorgestelde artikel 417/6, § 2, aanvullen met
de volgende alinea:
“Er is geen misdrijf tussen minderjarigen die de volle
leeftijd van veertien jaar hebben bereikt en die met
wederzijdse toestemming handelen wanneer het on-
derlinge leeftijdsverschil meer dan drie jaar bedraagt”
VERANTWOORDING
Met dit amendement wordt voorgesteld om in arti-
kel 417/6 van het wetsontwerp een rechtvaardigingsgrond
in te voegen die specifiek betrekking heeft op minderjarigen
die consensuele seksuele betrekkingen hebben en die een
leeftijdsverschil van meer dan drie jaar hebben.
Tijdens de hoorzittingen hebben verschillende tussenko-
mende partijen, waaronder Avocats.be, erop gewezen dat
minderjarigen volledig consensuele seksuele betrekkingen
kunnen hebben. Het gaat erom deze jongeren te beschermen
zodat hun handelingen niet onder het strafrecht vallen (bijvoor-
beeld jeugdactiviteiten waarbij de jongeren soms even oud of
bijna even oud zijn als de jongeren die zij leiden).
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
27
2141/005
DOC 55
N° 85 DE MME GABRIËLS ET CONSORTS
Art. 17, 18, 19, 20 et 69
Dans les articles 417/15, 417/16, 417/17,
417/18 et 417/59 proposés, remplacer à chaque fois
le mot “sur” par les mots “au préjudice de”.
JUSTIFICATION
L’amendement a pour but d’apporter une petite cor-
rection technique aux articles 417/15, 417/16, 417/17,
417/18 et 417/59 proposés du projet de loi. À l’instar de ce
qui est prévu à l’article 417/5, alinéa 3, du projet de loi, qui
comporte les mots “au préjudice d’une personne”, l’amende-
ment propose d’intégrer ces termes dans les articles prévité
à la place du mot “sur”. Cette adaptation permet de rendre le
texte en projet plus cohérent.
Nr. 85 VAN MEVROUW GABRIËLS c.s.
Art. 17, 18, 19, 20 en 69
In de voorgestelde artikelen 417/15, 417/16, 417/17,
417/18 et 417/59, telkens het woord “op” vervangen
door de woorden “ten nadele van”.
VERANTWOORDING
Het amendement beoogt een kleine technische verbetering
aan te brengen in de voorgestelde artikelen 417/15, 417/16,
417/17, 417/18 en 417/59 van het wetsontwerp. Zoals voorzien
is in artikel 417/5, lid 3, van het wetsontwerp, waarin de woor-
den “ten nadele van een persoon” zijn opgenomen, wordt in
het amendement voorgesteld deze woorden in de bedoelde
artikelen op te nemen in plaats van het woord “op”. Deze
aanpassing maakt de ontwerptekst coherenter.
Katja GABRIËLS (Open Vld)
Khalil AOUASTI (PS)
Philippe GOFFIN (MR)
Claire HUGON (Ecolo-Groen)
Koen GEENS (CD&V)
Ben SEGERS (Vooruit)
Stefaan VAN HECKE (Ecolo-Groen)
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
28
2141/005
DOC 55
N° 86 DE MME ROHONYI
Art. 74
Remplacer l’article 417/64 proposé par ce qui suit:
“Art. 417/64. L’avis d’un service spécialisé dans la
guidance ou le traitement des délinquants sexuels
Lorsque le prévenu est poursuivi pour une infraction
visée au présent chapitre, le ministère public ou le
juge saisi de la cause doit prendre l’avis motivé d’un
service spécialisé dans la guidance ou le traitement
de délinquants sexuels en vue de déterminer la peine
la plus adéquate.”
JUSTIFICATION
Cet amendement réinstaure l’obligation de requérir un
avis motivé d’un service spécialisé dans la guidance ou le
traitement des délinquants sexuels pour le ministère public
ou le juge saisi d’une infraction en matière de mœurs, tel
que le préconisent le Centre d’Appui bruxellois et le Conseil
Supérieur de la Justice.
Actuellement, cet avis est obligatoire. Le ministre justifie
le nouveau caractère facultatif de cet avis en pointant le fait
que certains délits à caractère sexuel ne sont pas nécessai-
rement le signe d’une problématique sexuelle qu’il faut traiter.
Cela présuppose que le magistrat, le ministère public, le juge
d’instruction ou le juge du fond, est apte à déterminer lui-
même si les faits dont il est saisi sont ou non le signe d’une
problématique sexuelle.
Or, la question est de savoir sur quelle expertise le magis-
trat tirera une telle aptitude. Le ministre prévoit une formation
spécialisée de la police, de la magistrature et du barreau, mais
il s’agit là d’un souhait et non d’une réalité. Ces formations
ne pourront en aucun cas compenser l’expertise reconnue
des centres de traitement et centres d’appui composés de
psychologues spécialisés et expérimentés en psychologie
légale et en sexologie.
Nr. 86 VAN MEVROUW ROHONYI
Art. 74
Het ontworpen artikel 417/64 vervangen als volgt:
“Art. 417/64. Het advies van een dienst gespeciali-
seerd in de begeleiding of behandeling van seksuele
delinquenten
Wanneer de beklaagde wordt vervolgd voor een
misdrijf in dit hoofdstuk omschreven, moet het openbaar
ministerie of de rechter bij wie de zaak aanhangig werd
gemaakt, met het oog op het opleggen van de meest
geschikte straf, het met redenen omkleed advies inwin-
nen van een dienst gespecialiseerd in de begeleiding
of behandeling van seksuele delinquenten.”
VERANTWOORDING
Dit amendement beoogt opnieuw in te voeren dat, zoals
aanbevolen door het Centre d’Appui bruxellois en de Hoge
Raad voor de Justitie, een met redenen omkleed advies van
een dienst gespecialiseerd in de begeleiding of de behande-
ling van seksuele delinquenten moet worden ingewonnen door
het openbaar ministerie of de rechter bij wie de zedenzaak
aanhangig werd gemaakt.
Dat advies is thans verplicht. De minister verantwoordt de
nieuwe facultatieve aard van dit advies door erop te wijzen dat
bepaalde misdrijven van seksuele aard niet noodzakelijk het
teken zijn van een seksueel probleem dat moet worden aan-
gepakt. Daarbij wordt voorondersteld dat de magistraat, het
openbaar ministerie, de onderzoeksrechter of de feitenrechter
zelf bekwaam is om te bepalen of de bij hem aanhangig ge-
maakte feiten al dan niet op een seksueel probleem wijzen.
De vraag is evenwel op grond van welke deskundigheid
de magistraat over een dergelijke bekwaamheid zal beschik-
ken. De minister voorziet in een gespecialiseerde opleiding
voor de politie, de magistratuur en de balie, maar zulks is
een verlangen en geen werkelijkheid. Die opleidingen zullen
in geen geval kunnen opwegen tegen de erkende expertise
van de behandelcentra en van de zorgcentra, bestaande
uit gespecialiseerde psychologen met ruime ervaring in de
forensische psychologie en in de seksuologie.
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
29
2141/005
DOC 55
Pour l’autrice de cet amendement, il serait également
opportun, en complément de cet amendement, de pérenniser
le financement des centres chargés de rendre ces rapports,
ainsi que le recrutement d’experts psychiatres.
Sophie ROHONYI (DéFI)
Ter aanvulling van dit amendement acht de indienster van
dit amendement het ook gepast om de financiering te besten-
digen van de centra die belast zijn met het uitbrengen van die
verslagen, alsook van de indienstneming van psychiatrische
deskundigen.
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
30
2141/005
DOC 55
N° 87 DE MME ROHONYI
Art. 77
Dans l’article 433quater/2 proposé, compléter le
second paragraphe par le tiret suivant:
“— lorsque celle-ci vise à promouvoir des services
d’accompagnement sexuel reconnus.”
JUSTIFICATION
L’avis n° 74 du 13 novembre 2017 relatif à l’assistance
sexuelle aux personnes handicapées du Comité consultatif
de Bioéthique reconnaît explicitement que les personnes
atteintes d’une maladie, d’une infirmité ou d’une déficience
mentale ont également le droit d’accéder à la sexualité et ont,
de ce fait, également la capacité de consentir à des relations
sexuelles.
Comme le soulignent le Centre d’Action Laïque et Avocats.
be, leur sexualité doit aussi pouvoir s’exprimer. C’est d’ail-
leurs la raison pour laquelle des associations comme Aditi
sont subventionnées depuis des années par la Fédération
Wallonie-Bruxelles et la COCOF.
Les services d’accompagnement sexuel sont encore trop
peu connus, en raison notamment des restrictions quant à
la publicité de leurs services, pourtant indispensables pour
faire connaître aux potentiels bénéficiaires les possibilités à
leur disposition.
Cet amendement vise à prévoir une exception à l’interdic-
tion de publicité de la prostitution pour ce qui concerne les
services d’accompagnement sexuel reconnus par les entités
fédérées, qui contribuent à leur financement.
Sophie ROHONYI (DéFI)
Nr. 87 VAN MEVROUW ROHONYI
Art. 77
Het ontworpen artikel 433quater/2, § 2, aanvullen
met het volgende streepje:
“— wanneer beoogd wordt erkende seksuele dienst-
verlening te promoten.”
VERANTWOORDING
Het op 13 november 2017 door het Raadgevend Comité
voor Bio-ethiek uitgebrachte advies nr. 74 betreffende sek-
suele bijstand voor personen met een beperking erkent uit-
drukkelijk dat ook wie ziek is, een handicap heeft of met een
geestelijke deficiëntie kampt het recht heeft om seksualiteit
te ervaren en, derhalve, ook de bekwaamheid heeft om toe
te stemmen met seksuele praktijken.
Het Centre d’Action Laïque en Avocats.be benadrukken
dat ook die personen recht hebben op seksualiteitsbeleving.
Daarom worden verenigingen zoals Aditi trouwens al sinds
jaar en dag gesubsidieerd door de Federatie Wallonië-Brussel
en de Franse Gemeenschapscommissie.
Seksuele dienstverlening is nog te weinig gekend, met
name vanwege de beperkingen inzake reclame voor der-
gelijke diensten. Die reclame is nochtans essentieel om de
mogelijke belanghebbenden op de hoogte te brengen van de
mogelijkheden die voor hen beschikbaar zijn.
Dit amendement beoogt te voorzien in een uitzondering op
het verbod op reclame voor prostitutie voor de door de deelsta-
ten erkende en medegefinancierde seksuele dienstverlening.
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
31
2141/005
DOC 55
N° 88 DE MME ROHONYI
Art. 80
Remplacer l’article 433quater/5 proposé par ce
qui suit:
“Art. 433quater/5. La traite des êtres humains
Le proxénétisme visé aux articles 433quater/1 consti-
tue de la traite des êtres humains lorsque:
— l’infraction a été commise en abusant de la situa-
tion de vulnérabilité dans laquelle se trouve un majeur
en raison de sa situation administrative illégale ou
précaire, de sa situation sociale précaire, de son âge,
d’un état de grossesse, d’une maladie, d’une infirmité
ou d’une déficience physique ou mentale;
— l’infraction a été commise en faisant usage, de
façon directe ou indirecte, de manœuvres frauduleuses,
de violence, de menaces ou de toute autre forme de
contrainte;
— l’activité concernée constitue une activité
habituelle.
Cette infraction est punie de la réclusion de dix à
quinze ans et d’une amende de cinq cents euros à
cinquante mille euros.
L’amende est appliquée autant de fois qu’il y a de
victimes.”
JUSTIFICATION
Cet amendement vise à remplacer l’article 433quater/5 in-
séré par l’article 80 du projet pour y insérer explicitement
la notion de traite des êtres humains, à l’instar de ce que
prévoyait l’article 433quinquies du Code pénal.
Durant les auditions, plusieurs orateurs, y compris les
représentants de la Fondation Samilia, de Pag-Asa, de Payoke
et de Sürya, se sont étonnés que la notion de traite des êtres
Nr. 88 VAN MEVROUW ROHONYI
Art. 80
Het ontworpen artikel 433quater/5 vervangen
door wat volgt:
“Art. 433quater/5. Mensenhandel
Het pooierschap bedoeld in artikel 433quater/1 is
een vorm van mensenhandel indien:
— het misdrijf werd gepleegd door misbruik te maken
van de kwetsbare toestand waarin een meerderjarige
verkeert ten gevolge van zijn onwettige of precaire ad-
ministratieve toestand, zijn precaire sociale toestand,
zijn leeftijd, een zwangerschap, een ziekte dan wel een
lichamelijk of geestelijk gebrek of onvolwaardigheid;
— het misdrijf werd gepleegd door direct of indirect
gebruik te maken van listige kunstgrepen, geweld, be-
dreigingen of enige andere vorm van dwang;
— van de betrokken activiteit een gewoonte wordt
gemaakt.
Dit misdrijf wordt bestraft met een opsluiting van tien
tot vijftien jaar en een geldboete tussen vijfhonderd en
vijftigduizend euro.
De geldboete wordt zo veel keer toegepast als er
slachtoffers zijn.”
VERANTWOORDING
Dit amendement heeft tot doel artikel 433quater/5, inge-
voegd bij artikel 80 van het wetsontwerp, te vervangen om
er uitdrukkelijk het begrip “mensenhandel” in op te nemen,
zoals dat het geval was in artikel 433quinquies van het
Strafwetboek.
Tijdens de hoorzittingen hebben meerdere sprekers, onder
wie vertegenwoordigers van de Fondation Samilia, Pag-Asa,
Payoke en Sürya, hun verbazing geuit over het feit dat het
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
32
2141/005
DOC 55
humains ne soit pas explicitement incluse dans le projet de
loi. Ils craignaient en effet que les poursuites sur la base du
projet, et non plus de l’article 433quinquies du Code pénal,
empêcheraient les victimes d’accéder aux mécanismes de
protection et de se prévaloir des droits conférés en matière
de traite des êtres humains par les directives européennes.
Puisque la plupart des orateurs auditionnés reconnaissent
que la formulation de l’article en projet s’apparente en réalité
à de la traite des êtres humains, l’autrice de cet amendement
estime opportun de conserver le présent article, en requalifiant
simplement l’infraction d’abus aggravé de la prostitution qui,
par ailleurs, n’existe nul part ailleurs dans la loi, par l’infraction
de traite des êtres humains.
Sophie ROHONYI (DéFI)
begrip “mensenhandel” niet uitdrukkelijk in het wetsontwerp
is opgenomen. Zij vrezen immers dat de vervolgingen op
basis van dit wetsontwerp, en niet meer op basis van arti-
kel 433quinquies van het Strafwetboek, tot gevolg zouden
hebben dat de slachtoffers niet langer toegang zouden hebben
tot de beschermingsregelingen en dat ze hun rechten die hun
door de Europese richtlijnen op het vlak van mensenhandel
worden verleend, niet langer zouden kunnen doen gelden.
Aangezien de meeste sprekers die werden gehoord
erkennen dat de formulering van het ontworpen artikel in
feite aanleunt bij mensenhandel, acht de indienster van het
amendement het gepast dit artikel te behouden, maar de
kwalificatie van “misdrijf van verzwaard misbruik van pros-
titutie” – dat overigens nergens elders in de wet voorkomt –
eenvoudigweg te vervangen door de kwalificatie van “misdrijf
van mensenhandel”.
C H A M B R E 4 e S E S S I O N D E L A 55 e L É G I S L AT U R E
2021
2022
K A M E R • 4 e Z I T T I N G VA N D E 55 e Z I T T I N G S P E R I O D E
33
2141/005
DOC 55
N° 89 DE MME ROHONYI
Art. 81
Remplacer l’article 433quater/6 par ce qui suit:
“Art. 433quater/6. La traite des êtres humains en
association
Lorsque la traite des êtres humains, visée à l’ar-
ticle 433quater/5, constitue un acte de participation à
l’activité principale ou accessoire d’une association, et
ce, que le coupable ait ou non la qualité de dirigeant,
cette infraction est punie de la réclusion de dix à quinze
ans et d’une amende de mille à cent mille euros.
L’amende est appliquée autant de fois qu’il y a de
victimes.”
JUSTIFICATION
Voir la justification de l’amendement précédent.
Sophie ROHONYI (DéFI)
Nr. 89 VAN MEVROUW ROHONYI
Art. 81
Het ontworpen artikel 433quater/6 vervangen als
volgt:
“Art. 433quater/6. Mensenhandel in vereniging
Indien de mensenhandel, zoals bedoeld in arti-
kel 433quater/5, een daad van deelneming aan de
hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een vereniging
betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van
leidend persoon heeft of niet, wordt dit misdrijf bestraft
met opsluiting van tien tot vijftien jaar en met een geld-
boete van duizend tot honderdduizend euro.
De geldboete wordt zo veel keer toegepast als er
slachtoffers zijn.”
VERANTWOORDING
Zie de verantwoording van het vorige amendement.
Imprimerie centrale – Centrale drukkerij