Document 54K2658/005

🏛️ KAMER Legislatuur 54 📁 2658 Verslag 🌐 NL

Inhoud

DOOR DE COMMISSIE VOOR DE FINANCIËN EN DE BEGROTING PAR LA COMMISSION DES FINANCES ET DU BUDGET TEXTE ADOPTÉ TEKST AANGENOMEN 7278 DOC 54 2658/005 DOC 54 2658/005 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 CHAMBRE DES REPRÉSENTANTS DE BELGIQUE BELGISCHE KAMER VAN VOLKSVERTEGENWOORDIGERS 27 oktober 2017 27 octobre 2017 Voir: Doc 54 2658/ (2016/2017): 001: Projet de loi. 002: Coordination des articles. 003: Amendements. Zie: Doc 54 2658/ (2016/2017): 001: Wetsontwerp. 002: Coördinatie van de artikelen. 003: Amendementen. PROJET DE LOI WETSONTWERP over de infrastructuren voor de markten voor financiële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU relatif aux infrastructures des marchés d’instruments financiers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE 2 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Abréviations dans la numérotation des publications: DOC 54 0000/000: Document parlementaire de la 54e législature, suivi du n° de base et du n° consécutif QRVA: Questions et Réponses écrites CRIV: Version Provisoire du Compte Rendu intégral CRABV: Compte Rendu Analytique CRIV: Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu intégral et, à droite, le compte rendu analy tique traduit des interventions (avec les an- nexes) PLEN: Séance plénière COM: Réunion de commission MOT: Motions déposées en conclusion d’interpellations (papier beige) Publications officielles éditées par la Chambre des représentants Commandes: Place de la Nation 2 1008 Bruxelles Tél. : 02/ 549 81 60 Fax : 02/549 82 74 www.lachambre.be courriel : publications@lachambre.be Les publications sont imprimées exclusivement sur du papier certifi é FSC Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers Bestellingen: Natieplein 2 1008 Brussel Tel. : 02/ 549 81 60 Fax : 02/549 82 74 www.dekamer.be e-mail : publicaties@dekamer.be De publicaties worden uitsluitend gedrukt op FSC gecertifi ceerd papier Afkortingen bij de nummering van de publicaties: DOC 54 0000/000: Parlementair document van de 54e zittingsperiode + basisnummer en volgnummer QRVA: Schriftelijke Vragen en Antwoorden CRIV: Voorlopige versie van het Integraal Verslag CRABV: Beknopt Verslag CRIV: Integraal Verslag, met links het defi nitieve integraal verslag en rechts het vertaald beknopt verslag van de toespraken (met de bijlagen) PLEN: Plenum COM: Commissievergadering MOT: Moties tot besluit van interpellaties (beigekleurig papier) N-VA : Nieuw-Vlaamse Alliantie PS : Parti Socialiste MR : Mouvement Réformateur CD&V : Christen-Democratisch en Vlaams Open Vld : Open Vlaamse liberalen en democraten sp.a : socialistische partij anders Ecolo-Groen : Ecologistes Confédérés pour l’organisation de luttes originales – Groen cdH : centre démocrate Humaniste VB : Vlaams Belang PTB-GO! : Parti du Travail de Belgique – Gauche d’Ouverture DéFI : Démocrate Fédéraliste Indépendant PP : Parti Populaire Vuye&Wouters : Vuye&Wouters 3 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 TITEL I Algemene bepalingen Artikel 1 Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de grondwet. Art. 2 Deze wet voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor fi nanciële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU. Art. 3 Voor de toepassing van deze wet en de ter uitvoe- ring ervan genomen besluiten en reglementen, wordt verstaan onder: 1° “kredietinstelling”: een kredietinstelling bedoeld in boek II en in titels I en II van boek III van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kre- dietinstellingen en beursvennootschappen; 2° “beleggingsonderneming”: een beleggingson- derneming in de zin van artikel 3, § 1, van de wet van 25 oktober 2016; 3° “marktexploitant”: een persoon of personen die het bedrijf van een gereglementeerde markt beheert, c.q. beheren en/of exploiteert, c.q. exploiteren. De marktex- ploitant kan tevens de gereglementeerde markt zelf zijn; 4° “multilateraal systeem”: een systeem of een faci- liteit waarin meerdere koop- en verkoopintenties van derden met betrekking tot fi nanciële instrumenten op elkaar kunnen inwerken; 5° “handelsplatform”: een gereglementeerde markt, een MTF of een OTF; 6° “exploitant van een handelsplatform”: een persoon of personen die het bedrijf van een handelsplatform beheert, c.q. beheren en/of exploiteert, c.q. exploiteren. De exploitant kan tevens het handelsplatform zelf zijn; 7° “gereglementeerde markt”: een door een markt- exploitant geëxploiteerd en/of beheerd multilateraal systeem dat meerdere koop- en verkoopintenties van derden met betrekking tot financiële instrumenten TITRE IER Dispositions générales Article 1er La présente loi règle une matière visée à l’article 74 de la constitution. Art. 2 La présente loi transpose partiellement la Directive 2014/65/EU du Parlement européen et du Conseil du 15  mai  2014  concernant les marchés d’instruments fi nanciers et modifi ant la Directive 2002/92/CE et la Directive 2011/61/UE. Art. 3 Pour l’application de la présente loi et des arrêtés et règlements pris pour son exécution, on entend par: 1° “établissement de crédit”: un établissement de crédit visé au livre II et aux titres Ier et II du livre III de la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit et des sociétés de bourse; 2° “entreprise d’investissement”: une entreprise d’investissement au sens de l’article 3, § 1er, de la loi du 25 octobre 2016; 3° “opérateur de marché”: une ou plusieurs per- sonnes gérant et/ou exploitant l’activité d’un marché réglementé. L’opérateur de marché peut être le marché réglementé lui-même; 4° “système multilatéral”: un système ou un dispo- sitif au sein duquel de multiples intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par des tiers pour des instruments fi nanciers peuvent interagir; 5° “plateforme de négociation”: un marché régle- menté, un MTF ou un OTF; 6° “opérateur d’une plateforme de négociation”: une ou plusieurs personnes gérant et/ou exploitant l’activité d’une plateforme de négociation. L’opérateur de la pla- teforme peut être la plateforme elle-même; 7° “marché réglementé”: un système multilatéral, exploité et/ou géré par un opérateur de marché, qui assure ou facilite la rencontre – en son sein même et selon ses règles non discrétionnaires – de multiples 4 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 – binnen dit systeem en volgens de niet-discretionaire regels van dit systeem – samenbrengt of het samen- brengen daarvan vergemakkelijkt op zodanige wijze dat er een overeenkomst uit voortvloeit met betrekking tot fi nanciële instrumenten die volgens de regels en de systemen van de markt tot de handel zijn toegelaten, en waaraan vergunning is verleend en die regelmatig werkt, overeenkomstig titel III van Richtlijn 2014/65/EU; 8° “Belgische gereglementeerde markt”: een geregle- menteerde markt met België als lidstaat van herkomst; 9° “gereglementeerde markt uit een andere lidstaat”: een gereglementeerde markt waarvan de lidstaat van herkomst een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte dan België is; 10° “multilaterale handelsfaciliteit” of “MTF” (“multi- lateral trading facility”): een door een kredietinstelling, een beleggingsonderneming of een marktexploitant geëxploiteerd multilateraal systeem dat meerdere koop- en verkoopintenties van derden met betrekking tot fi nanciële instrumenten – binnen dit systeem en volgens niet-discretionaire regels – samenbrengt op zodanige wijze dat er een overeenkomst uit voortvloeit overeenkomstig hoofdstuk II van titel II; 11° “Belgische MTF”: een MTF geëxploiteerd door een kredietinstelling, een beleggingsonderneming of een marktexploitant met België als lidstaat van her- komst, of door het in België gevestigde bijkantoor van een kredietinstelling of een beleggingsonderneming onder het recht van een derde land; 12° “MTF uit een andere lidstaat”: een MTF geëx- ploiteerd door een kredietinstelling, een beleggingson- derneming of een marktexploitant waarvan de lidstaat van herkomst een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte dan België is; 13° “georganiseerde handelsfaciliteit” of “OTF” (“or- ganised trading facility”): een multilateraal systeem, anders dan een gereglementeerde markt of een MTF, waarin meerdere koop- en verkoopintenties van derden met betrekking tot obligaties, gestructureerde fi nanciële producten, emissierechten en derivaten op zodanige wijze met elkaar kunnen interageren dat er een over- eenkomst uit voortvloeit overeenkomstig hoofdstuk II van titel II; 14° “Belgische OTF”: een OTF geëxploiteerd door een kredietinstelling, een beleggingsonderneming of een marktexploitant met België als lidstaat van herkomst, of door het in België gevestigde bijkantoor van een kredietinstelling of een beleggingsonderneming onder het recht van een derde land; intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par des tiers pour des instruments fi nanciers, d’une manière qui aboutisse à la conclusion de contrats portant sur des instruments fi nanciers admis à la négociation dans le cadre de ses règles et/ou de ses systèmes, et qui est agréé et fonctionne régulièrement conformément aux dispositions du titre III de la Directive 2014/65/UE; 8° “marché réglementé belge”: un marché réglementé dont la Belgique est l’État membre d’origine; 9° “marché réglementé d’un autre État membre”: un marché réglementé dont l’État membre d’origine est un autre État membre de l’Espace économique européen que la Belgique; 10° “système multilatéral de négociation” ou “MTF” (“multilateral trading facility”): un système multilatéral, exploité par un établissement de crédit, une entreprise d’investissement ou un opérateur de marché, qui assure la rencontre – en son sein même et selon des règles non discrétionnaires – de multiples intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par des tiers pour des instruments fi nanciers, d’une manière qui aboutisse à la conclusion de contrats conformément au chapitre II du titre II; 11° “MTF belge”: un MTF exploité par un établisse- ment de crédit, une entreprise d’investissement ou un opérateur de marché dont l’État membre d’origine est la Belgique, ou par la succursale établie en Belgique d’un établissement de crédit ou d’une entreprise d’investis- sement qui relève du droit d’un État tiers; 12° “MTF d’un autre État membre”: un MTF exploité par un établissement de crédit, une entreprise d’investis- sement ou un opérateur de marché dont l’État membre d’origine est un autre État membre de l’Espace écono- mique européen que la Belgique; 13° “système organisé de négociation” ou “OTF” (“or- ganised trading facility”): un système multilatéral, autre qu’un marché réglementé ou un MTF, au sein duquel de multiples intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par des tiers pour des obligations, des produits fi nanciers structurés, des quotas d’émission ou des instruments dérivés peuvent interagir d’une manière qui aboutisse à la conclusion de contrats conformément au chapitre II du titre II; 14° “OTF belge”: un OTF exploité par un établisse- ment de crédit, une entreprise d’investissement ou un opérateur de marché dont l’État membre d’origine est la Belgique, ou par la succursale établie en Belgique d’un établissement de crédit ou d’une entreprise d’investis- sement qui relève du droit d’un État tiers; 5 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 15° “OTF uit een andere lidstaat”: een OTF geëxploi- teerd door een kredietinstelling, een beleggingsonder- neming of een marktexploitant met een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte dan België als lidstaat van herkomst; 16° “financieel instrument”: een financieel in- strument in de zin van artikel 2, 1°, van de wet van 2 augustus 2002; 17° “effect”: een effect in de zin van artikel 2, 31°, van de wet van 2 augustus 2002; 18° “representatieve certificaten (depositary re- ceipts)”: op de kapitaalmarkt verhandelbare waarde- papieren die de eigendom vertegenwoordigen van de effecten van een niet-gedomicilieerde uitgevende instelling en kunnen worden toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt en onafhankelijk van de effecten van de niet- gedomicilieerde uitgevende instelling kunnen worden verhandeld; 19° “beursverhandeld fonds (exchange-traded fund)”: een fonds waarvan ten minste één eenhedenklasse of aandelenklasse gedurende de hele dag wordt verhan- deld op ten minste één handelsplatform en waarbij ten minste één market maker ervoor zorgt dat de koers van de eenheden of aandelen van het fonds op het handels- platform niet aanzienlijk afwijkt van de intrinsieke waarde en, in voorkomend geval, van de indicatieve intrinsieke waarde van de eenheden of aandelen; 20° “certifi caten”: certifi caten zoals gedefi nieerd in artikel 2, lid 1, punt 27, van Verordening 600/2014; 21° “gestructureerde fi nanciële producten”: gestructu- reerde fi nanciële producten zoals gedefi nieerd in artikel 2, lid 1, punt 28, van Verordening 600/2014; 22° “afgeleide instrumenten” of “derivaten”: deriva- ten zoals gedefi nieerd in artikel 2, lid 1, punt 29, van Verordening 600/2014; 23° “grondstoffenderivaten”: grondstoffenderiva- ten zoals gedefi nieerd in artikel 2, lid 1, punt 30, van Verordening 600/2014; 24° “overheidsemittent”: een van de onderstaande uitgevers van schuldinstrumenten: a) de Europese Unie; 15° “OTF d’un autre État membre”: un OTF exploité par un établissement de crédit, une entreprise d’investis- sement ou un opérateur de marché dont l’État membre d’origine est un autre État membre de l’Espace écono- mique européen que la Belgique; 16° “instrument fi nancier”: un instrument fi nancier au sens de l’article 2, 1°, de la loi du 2 août 2002; 17° “valeur mobilière”: une valeur mobilière au sens de l’article 2, 31°, de la loi du 2 août 2002; 18° “certifi cat représentatif (depositary receipts)”: un titre, négociable sur le marché des capitaux, qui maté- rialise la propriété de titres d’un émetteur étranger, est admissible à la négociation sur un marché réglementé et peut se négocier indépendamment des titres de cet émetteur; 19° “fonds coté (exchange-traded fund)”: un fonds dont au moins une catégorie de parts ou d’actions est négociée pendant toute la journée sur au moins une plateforme de négociation et avec au moins un teneur de marché qui intervient pour garantir que le prix de ses parts ou actions sur la plateforme de négociation ne s’écarte pas sensiblement de leur valeur d’inventaire nette et, le cas échéant, de leur valeur d’inventaire nette indicative; 20° “certifi cats préférentiels”: certifi cats préféren- tiels au sens de l’article 2, paragraphe 1, point 27), du Règlement 600/2014; 21° “produits fi nanciers structurés”: produits fi nan- ciers structurés au sens de l’article 2, paragraphe 1, point 28), du Règlement 600/2014; 22° “instruments dérivés” ou “produits dérivés”: pro- duits dérivés au sens de l’article 2, paragraphe 1, point 29), du Règlement 600/2014; 23° “instruments dérivés sur matières premières” ou “contrats dérivés sur matières premières”: contrats dérivés sur matières premières au sens de l’article 2, paragraphe 1, point 30), du Règlement 600/2014; 24° “émetteur souverain”: l’un des émetteurs ci-après qui émet des titres de créance: a) l’Union europénne; 6 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 b) een lidstaat, met inbegrip van een regeringsdepar- tement, een agentschap of een special purpose vehicle van de lidstaat; c) in het geval van een lidstaat die een Federale Staat is, een lid van de federatie; d) een special purpose vehicle voor verschillende lidstaten; e) een door twee of meer lidstaten opgerichte inter- nationale fi nanciële instelling die tot doel heeft middelen bijeen te brengen en fi nanciële bijstand te verlenen ten behoeve van haar leden als deze ernstige fi nanciële problemen ondervinden of dreigen te ondervinden; of f) de Europese Investeringsbank; 25° “overheidsschuld”: een schuldinstrument uitge- geven door een overheidsemittent; 26° “market maker”: een persoon die op de fi nanciële markten doorlopend blijk geeft van de bereidheid voor eigen rekening en met eigen kapitaal te handelen door fi nanciële instrumenten tegen door hem vastgestelde prijzen te kopen en te verkopen; 27° “kmo-groeimarkt”: een MTF die overeenkomstig artikel 53 als kmo-groeimarkt is geregistreerd; 28° “kleine of middelgrote ondernemingen (kmo- ondernemingen)”: ondernemingen die op de grondslag van de eindejaarskoersen van de voorgaande drie ka- lenderjaren een gemiddelde marktkapitalisatie hadden van minder dan 200 000 000 euro; 29° “systematische internaliseerder” of “beleggings- onderneming met systematische interne afhandeling”: een kredietinstelling of beursvennootschap die op ge- organiseerde, frequente, systematische en aanzienlijke basis voor eigen rekening handelt bij het buiten een gereglementeerde markt of een MTF of een OTF uit- voeren van orders van cliënten zonder een multilateraal systeem te exploiteren. Of de uitvoering van transacties op frequente en systematische basis plaatsvindt, wordt gemeten aan de hand van het aantal otc-transacties in het fi nancieel instrument die de kredietintelling of de beursvennoot- schap voor eigen rekening verricht bij het uitvoeren van orders van cliënten. Of dit op aanzienlijke basis geschiedt, wordt gemeten aan de hand van de omvang van de door de kredietinstelling of de beursvennoot- schap verrichte otc-handel in verhouding tot de totale handel van de kredietinstelling of de beursvennootschap b) un État membre, y compris un service administratif, une agence ou une entité ad hoc de l’État membre; c) dans le cas d’un État membre fédéral, une enti- té fédérée; d) une entité ad hoc pour plusieurs États membres; e) une institution fi nancière internationale établie par au moins deux États membres qui a pour fi nalité de mobiliser des fonds et d’apporter une aide fi nancière à ceux de ses membres qui connaissent des difficultés fi nancières graves ou risquent d’y être exposés; ou f) la Banque européenne d’investissement; 25° “dette souveraine”: un titre de créance émis par un émetteur souverain; 26° “teneur de marché”: une personne qui est pré- sente de manière continue sur les marchés fi nanciers pour négocier pour son propre compte et qui se porte acheteuse et vendeuse d’instruments fi nanciers en engageant ses propres capitaux, à des prix fi xés par elle; 27° “marché de croissance des PME”: un MTF qui est enregistré en tant que marché de croissance des PME conformément à l’article 53; 28° “petites et moyennes entreprises”: des sociétés dont la capitalisation boursière moyenne a été inférieure à 200 000 000 euros sur la base des cotations de fi n d’exercice au cours des trois dernières années civiles; 29° “internalisateur systématique”: un établissement de crédit ou une société de bourse qui, de façon orga- nisée, fréquente et systématique, négocie pour compte propre lorsqu’il exécute les ordres des clients en dehors d’un marché réglementé, d’un MTF ou d’un OTF sans opérer de système multilatéral. Le caractère fréquent et systématique est mesuré par le nombre de transactions de gré à gré sur un ins- trument fi nancier donné réalisées par l’établissement de crédit ou la société de bourse pour compte propre lorsqu’il exécute les ordres des clients. Le caractère substantiel est mesuré soit par la taille des activités de négociation de gré à gré réalisées par l’établisse- ment de crédit ou la société de bourse par rapport à son activité totale de négociation pour un instrument fi nancier spécifi que, soit par la taille des activités de 7 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 in een specifi ek fi nancieel instrument, of aan de hand van de omvang van de door de kredietinstelling of de beursvennootschap verrichte otc-handel in verhouding tot de totale handel in een specifi ek fi nancieel instrument in de Europese Unie. De defi nitie van systematische internaliseerder is enkel van toepassing, indien de vooraf bepaalde limieten voor frequente en systemati- sche basis en voor een aanzienlijke basis beide worden overschreden of indien een kredietinstelling of een beursvennootschap ervoor kiest om onder de regeling voor systematische internaliseerders te vallen; 30° “liquide markt”: een markt voor een fi nancieel instrument of een klasse van fi nanciële instrumenten waarop doorlopend bereidwillige kopers en verkopers aanwezig zijn, wat beoordeeld wordt aan de hand van de hierna volgende criteria en rekening houdend met de specifi eke marktstructuren van het betrokken fi nan- cieel instrument of de betrokken klasse van fi nanciële instrumenten: a) de gemiddelde frequentie en omvang van de transacties in allerlei marktomstandigheden, gelet op de aard en levenscyclus van producten binnen de klasse van fi nanciële instrumenten; b) het aantal en het soort marktdeelnemers, met inbegrip van de verhouding van marktdeelnemers tot verhandelde instrumenten in een bepaald product; c) de gemiddelde omvang van de spreads, indien beschikbaar; 31° “matched principal trading”: een transactie waar- bij degene die faciliteert zich op zodanige wijze tussen de koper en de verkoper bij de transactie plaatst dat zij gedurende de volledige uitvoering van de transactie nooit aan marktrisico’s wordt blootgesteld, en waarbij beide zijden tegelijkertijd worden uitgevoerd en de transactie wordt afgesloten tegen een prijs die degene die faciliteert geen winst of verlies oplevert, afgezien van de vooraf bekendgemaakte provisies, vergoedingen of kosten voor de transactie; 32° “algoritmische handel”: handel in financiële instrumenten waarbij een computeralgoritme automa- tisch individuele parameters van orders bepaalt, onder meer of het order moet worden geïnitieerd, het tijdstip, de prijs of de omvang van het order, of hoe het order nadat het is ingevoerd, moet worden beheerd, met wei- nig of geen menselijk ingrijpen. Een systeem dat alleen wordt gebruikt voor de routering van orders naar een of meer handelsplatforms, dan wel voor het verwerken van orders waarbij geen sprake is van bepaling van handelsparameters, of voor de bevestiging van orders négociation de gré à gré réalisées par l’établissement de crédit ou la société de bourse par rapport à l’activité totale de négociation réalisée dans l’Union européenne sur l’instrument fi nancier concerné. La défi nition d’un internalisateur systématique ne s’applique que lorsque les seuils prédéfi nis concernant le caractère fréquent et systématique et concernant le caractère substantiel sont dépassés ou lorsqu’un établissement de crédit ou une société de bourse choisit de relever du régime d’internalisateur systématique; 30° “marché liquide”: un marché d’un instrument fi nancier ou d’une catégorie d’instruments fi nanciers sur lequel il existe de façon continue des vendeurs et des acheteurs prêts et disposés. Cette condition est évaluée selon les critères ci-après et en tenant compte des structures spécifi ques du marché de l’instrument fi nancier concerné ou de la catégorie d’instruments fi nanciers concernée: a) la fréquence et la taille moyennes des transactions dans diverses conditions de marché, eu égard à la nature et au cycle de vie des produits à l’intérieur de la catégorie d’instruments fi nanciers; b) le nombre et le type de participants au marché, y compris le ratio entre les participants au marché et les instruments négociés dans un produit particulier; c) la taille moyenne des écarts, lorsque cette infor- mation est disponible; 31° “négociation par appariement avec interposition du compte propre”: une transaction dans le cadre de laquelle le facilitateur agit en tant qu’intermédiaire entre l’acheteur et le vendeur participant à la transaction de façon à ce qu’il n’y ait aucune exposition au risque de marché pendant toute la durée de l’exécution de la tran- saction, les deux volets étant exécutés simultanément, et la transaction étant conclue à un prix grâce auquel le facilitateur n’enregistre ni perte ni gain, abstraction faite d’une commission, d’honoraires ou de dédomma- gements divulgués au préalable; 32° “trading algorithmique”: la négociation d’instru- ments fi nanciers dans laquelle un algorithme informa- tique détermine automatiquement les différents para- mètres des ordres, comme la décision de lancer l’ordre, la date et l’heure, le prix ou la quantité de l’ordre, ou la manière de gérer l’ordre après sa soumission, avec une intervention humaine limitée ou sans intervention humaine. Les systèmes utilisés uniquement pour ache- miner des ordres vers une ou plusieurs plateformes de négociation ou pour le traitement d’ordres n’impliquant la détermination d’aucun paramètre de négociation ou 8 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 of de posttransactionele verwerking van uitgevoerde transacties, valt niet onder deze defi nitie; 33° “techniek van hoogfrequentie algoritmische handel”: een algoritmische handelstechniek die wordt gekenmerkt door: a) infrastructuur die bedoeld is om netwerk- en andere soorten latenties te minimaliseren, daaronder begrepen ten minste één van de volgende faciliteiten voor het invoeren van algoritmische orders: colocatie, proximity hosting of directe elektronische toegang met hoge snelheid; b) het initiëren, genereren, geleiden of uitvoeren van orders door het systeem, zonder menselijk ingrijpen, voor afzonderlijke handelstransacties of orders; en c) een groot aantal berichten (orders, noteringen of annuleringen) binnen de handelsdag; 34° “directe elektronische toegang”: een voorziening waarbij een lid of deelnemer of cliënt van een handels- platform een persoon toestaat van zijn handelscode gebruik te maken, zodat de betrokken persoon in staat is orders met betrekking tot een fi nancieel instrument langs elektronische weg direct aan een handelsplat- form door te geven, met inbegrip van een voorziening, waarbij de persoon van de infrastructuur van het lid of de deelnemer of cliënt gebruikmaakt, alsook alle verbindingssystemen die door het lid of de deelnemer of de cliënt beschikbaar worden gesteld om de orders door te geven (directe markttoegang) en regelingen waarbij deze infrastructuur niet wordt gebruikt door deze persoon (gesponsorde toegang); 35° “CTP”: een CTP zoals gedefi nieerd in artikel 2, lid 1, van Verordening 648/2012; 36° “goedgekeurde publicatieregeling” (“approved publication arrangement”) of “APA’s”: een persoon die op grond van deze wet en de ter uitvoering ervan ge- nomen besluiten en reglementen een vergunning heeft voor dienstverlening op het gebied van de publicatie van transactiemeldingen namens beleggingsondernemin- gen of kredietinstellingen krachtens de artikelen 20 en 21 van Verordening 600/2014; 37° “verstrekker van de consolidated tape” of “CTP” (“consolidated tape provider”): een persoon waaraan op grond van deze wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen, een vergunning is verleend pour la confi rmation des ordres ou pour exécuter les ordres de clients ou pour le traitement post-négociation des transactions exécutées ne sont pas couverts par la présente défi nition; 33° “technique de trading algorithmique à haute fréquence”: toute technique de trading algorithmique caractérisée par: a) une infrastructure destinée à minimiser les latences informatiques et les autres types de latence, y compris au moins un des systèmes suivants de placement des ordres algorithmiques: colocalisation, hébergement de proximité ou accès électronique direct à grande vitesse; b) la détermination par le système de l’engagement, la création, l’acheminement ou l’exécution d’un ordre sans intervention humaine pour des transactions ou des ordres individuels; et c) un débit intrajournalier élevé de messages qui constituent des ordres, des cotations ou des annulations; 34° “accès électronique direct”: un mécanisme par lequel un membre ou participant ou client d’une plate- forme de négociation permet à une personne d’utiliser son code de négociation de manière que cette personne puisse transmettre électroniquement et directement à la plateforme de négociation des ordres relatifs à un instru- ment fi nancier et il inclut les mécanismes qui impliquent l’utilisation, par une personne, de l’infrastructure du membre ou du participant ou client ou de tout système de connexion fourni par le membre ou le participant ou client, pour transmettre les ordres (accès direct au marché) ainsi que les mécanismes dans lesquels cette infrastructure n’est pas utilisée par une personne (accès sponsorisé); 35° “système de contrepartie centrale”: système de contrepartie centrale au sens de l’article 2, paragraphe 1, du Règlement 648/2012; 36° “dispositif de publication agréé” ou “APA” (“approved publication arrangement”): une personne autorisée, en vertu de la présente loi et des arrêtés et règlements pris pour son exécution, à fournir un ser- vice de publication de rapports de négociation pour le compte d’entreprises d’investissement ou d’établisse- ments de crédit, conformément aux articles 20 et 21 du Règlement 600/2014; 37° “fournisseur de système consolidé de publication” ou “CTP” (“consolidated tape provider”): une personne autorisée, en vertu de la présente loi et des arrêtés et règlements pris pour son exécution, à fournir un service 9 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 voor dienstverlening op het gebied van het verzamelen van handelsverslagen van gereglementeerde markten, MTF’s, OTF’s en APA’s voor fi nanciële instrumenten die zijn vermeld in de artikelen 6, 7, 10, 12, 13, 20 en 21 van Verordening 600/2014 en het consolideren daarvan in een doorlopende elektronische live datastroom die per fi nancieel instrument gegevens met betrekking tot prijs en volume geeft; 38° “goedgekeurd rapporteringsmechanisme” (“ap- proved reporting mechanism”) of “ARM’s”: een persoon waaraan op grond van deze wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen een vergun- ning is verleend voor dienstverlening op het gebied van het rapporteren van bijzonderheden van transacties aan bevoegde autoriteiten of ESMA namens kredietinstel- lingen of beleggingsondernemingen; 39° “datarapporteringsdiensten”: de diensten als bedoeld in de bepalingen onder 36° tot 38°; 40° “aanbieder van datarapporteringsdiensten”: een APA, een CTP of een ARM; 41° “lidstaat van herkomst”: a) in het geval van een beleggingsonderneming: i) indien de beleggingsonderneming een natuurlijke persoon is, de lidstaat waar deze persoon zijn hoofd- kantoor heeft; ii) indien de beleggingsonderneming een rechtsper- soon is, de lidstaat waar haar statutaire zetel is gelegen; iii) indien de beleggingsonderneming overeenkomstig haar nationale wetgeving geen statutaire zetel heeft, de lidstaat waar haar hoofdkantoor is gelegen; b) in het geval van een gereglementeerde markt, de lidstaat waar de statutaire zetel van de gereglemen- teerde markt is gelegen of, indien deze overeenkomstig de wetgeving van deze lidstaat geen statutaire zetel heeft, de lidstaat waar het hoofdkantoor van de gere- glementeerde markt is gelegen; c) in het geval van een APA, een CTP of een ARM: i) indien de APA, de verstrekker van de consolidated tape of het ARM een natuurlijke persoon is, de lidstaat waar deze persoon zijn hoofdkantoor heeft; ii) indien de APA, de verstrekker van de consolidated tape of het ARM een rechtspersoon is, de lidstaat waar haar/zijn statutaire zetel is gelegen; de collecte des rapports de négociation sur les instru- ments fi nanciers énumérés aux articles 6, 7, 10, 12, 13, 20 et 21 du Règlement 600/2014 auprès de marchés réglementés, de MTF, d’OTF et d’APA, et un service de regroupement de ces rapports en un fl ux électronique de données actualisé en continu, offrant des données de prix et de volume pour chaque instrument fi nancier; 38° “mécanisme de déclaration agréé” ou “ARM” (“ap- proved reporting mechanism”): une personne autorisée, en vertu de la présente loi et des arrêtés et règlements pris pour son exécution, à fournir à des établissements de crédit ou à des entreprises d’investissement un service de déclaration détaillée des transactions aux autorités compétentes ou à l’AEMF; 39° “services de communication de données”: les services visés aux 36° à 38°; 40° “prestataire de services de communication de données”: un APA, un CTP ou un ARM; 41° “État membre d’origine”: a) dans le cas d’une entreprise d’investissement: i) s’il s’agit d’une personne physique, l’État membre où son administration centrale est située; ii) s’il s’agit d’une personne morale, l’État membre où son siège statutaire est situé; iii) si, en droit national, elle n’a pas de siège statutaire, l’État membre où son administration centrale est située; b) dans le cas d’un marché réglementé, l’État membre dans lequel le marché réglementé a son siège statutaire ou si, en droit national, il n’a pas de siège statutaire, l’État membre où son administration centrale est située; c) dans le cas d’un APA, d’un CTP ou d’un ARM: i) s’il s’agit d’une personne physique, l’État membre où son administration centrale est située; ii) s’il s’agit d’une personne morale, l’État membre où son siège statutaire est situé; 10 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 iii) indien de APA, de CTP of het ARM overeenkomstig haar/zijn nationale wetgeving geen statutaire zetel heeft, de lidstaat waar haar/zijn hoofdkantoor is gelegen; 42° “lidstaat van ontvangst”: de lidstaat die niet de lidstaat van herkomst is en waar de beleggingsonderne- ming een bijkantoor heeft of beleggingsdiensten verleent en/of beleggingsactiviteiten verricht, of de lidstaat waar een gereglementeerde markt passende voorzieningen treft om de toegang tot de handel in zijn systeem voor in laatstgenoemde lidstaat gevestigde leden of deelne- mers op afstand te faciliteren; 43° voor de toepassing van deze wet worden de volgende begrippen verstaan in dezelfde zin als in de wet van 25 oktober 2016: 1° gekwalifi ceerde deelneming; 2° moederonderneming; 3° dochteronderneming; 4° nauwe banden; 44° “bevoegde autoriteit”: behoudens anderslui- dende bepaling, de autoriteit die elke lidstaat van her- komst overeenkomstig artikel 67 van Richtlijn 2014/65/ UE aanwijst; 45° “minister”: behoudens bijzondere bepalingen, de minister van Financiën; 46° “FSMA”: Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten, bedoeld in artikel 44  van de wet van 2 augustus 2002; 47° “ESMA”: de Europese Autoriteit voor Effecten en Markten (European Securities and Markets Authority) opgericht bij Verordening nr. 1095/2010  van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010; 48° “Richtlijn 2001/34/EG”: Richtlijn 2001/34/ EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 mei 2001 betreffende de toelating van effecten tot de officiële notering aan een effectenbeurs en de informatie die over deze effecten moet worden gepubliceerd; 49° “Richtlijn 2003/71/EG”: Richtlijn 2003/71/ EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 november 2003 betreffende het prospectus dat gepu- bliceerd moet worden wanneer effecten aan het publiek worden aangeboden of tot de handel worden toegelaten en tot wijziging van Richtlijn 2001/34/EG; iii) si, en droit national, l’APA, le CTP ou l’ARM n’a pas de siège statutaire, l’État membre où son administration centrale est située; 42° “État membre d’accueil”: l’État membre, autre que l’État membre d’origine, dans lequel une entre- prise d’investissement a une succursale ou fournit des services et/ou exerce des activités d’investissement, ou l’État membre dans lequel un marché réglementé fournit les dispositifs utiles pour permettre aux membres ou participants établis dans ce dernier État membre d’accéder à distance à la négociation dans le cadre de son système; 43° pour l’application de la présente loi, les notions suivantes sont à comprendre au sens de la défi nition qui en est donnée dans la loi du 25 octobre 2016: 1° participation qualifi ée; 2° entreprise mère; 3° fi liale; 4° liens étroits; 44° “autorité compétente”: sauf disposition contraire, l’autorité désignée par chaque État membre conformé- ment à l’article 67 de la Directive 2014/65/UE; 45° “ministre”: sous réserve de dispositions spéci- fi ques, le ministre des Finances; 46° “FSMA”: l’Autorité des services et marchés fi nanciers, visée à l’article 44 de la loi du 2 août 2002; 47° “AEMF”: l’Autorité européenne des marchés fi nanciers (European Securities and Markets Authority) instituée par le Règlement n° 1095/2010 du Parlement européen et du Conseil du 24 novembre 2010; 48° “Directive 2001/34/CE”: Directive 2001/34/ CE du Parlement Européen et du Conseil du 28 mai 2001 concernant l’admission de valeurs mobi- lières à la cote officielle et l’information à publier sur ces valeurs; 49° “Directive 2003/71/CE”: la Directive 2003/71/ CE du Parlement européen et du Conseil du 4 novembre 2003 concernant le prospectus à publier en cas d’offre au public de valeurs mobilières ou en vue de l’admission de valeurs mobilières à la négociation, et modifi ant la directive 2001/34/CE; 11 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 50° “Richtlijn 2013/36/EU”: Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen en het prudentieel toezicht op kredietinstellingen en beleg- gingsondernemingen, tot wijziging van Richtlijn 2002/87/ EG en tot intrekking van de Richtlijnen 2006/48/EG en 2006/49/EG; 51° “Richtlijn 2014/57/EU”: Richtlijn 2014/57/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 be- treffende strafrechtelijke sancties voor marktmisbruik; 52° “Richtlijn 2014/65/EU”: Richtlijn 2014/65/ EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor fi nanciële in- strumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU; 53° “Verordening 1095/2010”: Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor ef- fecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/ EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie; 54° “Verordening 1227/2011”: Verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en trans- parantie van de groothandelsmarkt voor energie; 55° “Verordening 648/2012”: Verordening 648/2012  van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale te- genpartijen en transactieregisters; 56° “Verordening 596/2014”: de Verordening 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik (verordening marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn 2003/6/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijnen 2003/124, 2003/125/EG en 2004/72/EG van de Commissie; 57° “Verordening 600/2014”: Verordening 600/2014 van het Europees Parlement en de Raad van van 15 mei 2014 betreffende markten in fi nanciële instrumen- ten en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012; 58° “wet van 2 augustus 2002”: wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nanciële diensten; 50° “Directive 2013/36/UE”: la Directive 2013/36/ UE du Parlement européen et du Conseil du 26 juin 2013 concernant l’accès à l’activité des établis- sements de crédit et la surveillance prudentielle des établissements de crédit et des entreprises d’investis- sement, modifi ant la directive 2002/87/CE et abrogeant les directives 2006/48/CE et 2006/49/CE; 51° “Directive 2014/57/UE”: la Directive 2014/57/UE du Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 re- lative aux sanctions pénales applicables aux abus de marché; 52° “Directive 2014/65/UE”: la Directive 2014/65/ EU du Parlement européen et du Conseil du 15  mai  2014  concernant les marchés d’instruments fi nanciers et modifi ant la directive 2002/92/CE et la directive 2011/61/UE; 53° “ Règlement 1095/2010 ”: Règlement 1095/2010 du Parlement européen et du Conseil du 24 novembre 2010 instituant une Autorité européenne de surveillance (Autorité européenne des marchés fi nanciers), modifi ant la décision no 716/2009/CE et abrogeant la décision 2009/77/CE de la Commission; 54° “ Règlement 1227/2011”: Règlement 1227/2011 du Parlement européen et du Conseil du 25 octobre 2011 concernant l’intégrité et la transparence du marché de gros de l’énergie; 55° “Règlement 648/2012”: Règlement 648/2012 du Parlement européen et du Conseil du 4 juillet 2012 sur les produits dérivés de gré à gré, les contreparties centrales et les référentiels centraux; 56° “Règlement 596/2014”: le Règlement 596/2014 du Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 sur les abus de marché (règlement relatif aux abus de mar- ché) et abrogeant la Directive 2003/6/CE du Parlement européen et du Conseil et les Directives 2003/124/CE, 2003/125/CE et 2004/72/CE de la Commission; 57° “Règlement 600/2014”: Règlement 600/2014 du Parlement européen et du Conseil du 15  mai  2014 concernant les marchés d’instruments fi nanciers et modifi ant le Règlement (UE) n ° 648/2012; 58° “loi du 2 août 2002”: loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers; 12 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 59° “wet van 25 april 2014”: wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en beursvennootschappen; 60° “wet van 25 oktober 2016”: wet van 25 oktober 2016 betreffende de toegang tot het beleggingsdien- stenbedrijf en betreffende het statuut van en het toezicht op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies. Art. 4 Verwijzingen naar deze wet of naar één van haar bepalingen omvatten, in voorkomend geval, ook een ver- wijzing naar de gedelegeerde handelingen en naar de technische uitvoerings- en regelgevingsnormen die door de Commissie zijn aangenomen krachtens de bepalin- gen van Richtlijn 2014/65/EU en Verordening 600/2014. Art. 5 De multilaterale systemen voor de handel in fi nanci- ele instrumenten oefenen hun activiteiten in België uit conform de bepalingen van Titel II. Een kredietinstelling of een beleggingsonderneming die op georganiseerde basis, regelmatig, systematisch en in aanzienlijke mate voor eigen rekening handelt bij het uitvoeren van cliëntenorders buiten een gereglemen- teerde markt, een MTF of een OTF, wordt geëxploiteerd overeenkomstig Titel III van Verordening 600/2014. Onverminderd de artikelen 23 en 28 van Verordening 600/2014 moeten alle in het eerste en het tweede lid bedoelde transacties in fi nanciële instrumenten die niet via een multilateraal systeem of een systema- tische internaliseerder worden afgewikkeld, aan de toepasselijke bepalingen van Titel III van Verordening 600/2014 voldoen. 59° “loi du 25 avril 2014”: loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit et des sociétés de bourse; 60° “loi du 25 octobre 2016”: loi du 25 octobre 2016 re- lative à l’activité de prestation de services d’investisse- ment et au statut et au contrôle des sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement. Art. 4 Les références à la présente loi ou à l’une de ses dispositions incluent également le cas échéant une référence aux actes délégués et aux normes techniques d’exécution et normes techniques de règlementation adoptés par la Commission en vertu de la Directive 2014/65/UE et du Règlement 600/2014. Art. 5 Les systèmes multilatéraux de négociations d’instru- ments fi nanciers exercent leurs activités en Belgique conformément aux dispositions du Titre II. Un établissement de crédit ou une entreprise d’inves- tissement qui, sur une base organisée, fréquente, systé- matique et substantielle, négocie pour compte propre en exécutant les ordres des clients en dehors d’un marché réglementé, d’un MTF ou d’un OTF fonctionne confor- mément au Titre III du Règlement 600/2014. Sans préjudice des articles 23 et 28 du Règlement 600/2014, toutes les transactions sur instruments fi nan- ciers visées aux alinéa 1er et 2 qui ne sont pas conclues sur un système multilatéral ou auprès d’un internali- sateur systématique sont conformes aux dispositions pertinentes du Titre III du Règlement 600/2014. 13 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 TITEL II Handelsplatformen HOOFDSTUK I Bepalingen over de gereglementeerde markten Afdeling I Belgische gereglementeerde markten Onderafdeling 1 Toepassingsgebied Art. 6 Deze afdeling is van toepassing op de Belgische gereglementeerde markten en hun marktexploitanten. Onderafdeling 2 Voorafgaandelijke vergunning Art. 7 § 1. De minister verleent, op advies van de FSMA, een vergunning als gereglementeerde markt aan de markten die aan de voorwaarden van deze afdeling voldoen. De minister kan: 1° de vergunning afhankelijk stellen van de bijko- mende voorwaarden die hij nodig acht om de belangen van de beleggers te beschermen en de goede werking, de integriteit en de transparantie van de door de markt- exploitant georganiseerde markten te vrijwaren; 2° onverminderd de in titel V bedoelde maatregelen, tijdens de bedrijfsuitoefening bijkomende voorwaarden opleggen als er zich belangrijke wijzigingen voordoen in de elementen van het vergunningsdossier. Er wordt pas een vergunning als gereglementeerde markt verleend wanneer de FSMA ervan overtuigd is dat zowel de marktexploitant als de systemen van de gereglementeerde markt ten minste voldoen aan de in deze afdeling vastgelegde voorschriften. De marktexploitant verstrekt alle informatie, inclu- sief een programma van werkzaamheden, waarin met name de aard van de beoogde activiteiten en de TITRE II Des plateformes de négociation CHAPITRE IER Dispositions relatives aux marchés réglementés Section Ire Des marchés réglementés belges Sous-section 1re Champ d’application Art. 6 La présente section s’applique en ce qui concerne les marchés réglementés belges et leurs opérateurs de marché. Sous-section 2 Agrément préalable Art. 7 § 1er. Le ministre, sur avis de la FSMA, agrée en tant que marché réglementé les marchés pour les- quels il est satisfait aux conditions énoncées par la présente section. Le ministre peut: 1° subordonner l’agrément aux conditions supplé- mentaires qu’il juge nécessaires en vue d’assurer la protection des intérêts des investisseurs et de préserver le bon fonctionnement, l’intégrité et la transparence des marchés organisés par l’opérateur de marché; 2° sans préjudice des mesures prévues au titre V, imposer des conditions supplémentaires en cours d’acti- vité en cas de modifi cations importantes des éléments du dossier d’agrément. L’agrément en tant que marché réglementé n’est délivré que lorsque la FSMA s’est assurée que l’opé- rateur de marché et les systèmes du marché régle- menté satisfont au moins aux exigences visées à la présente section. L’opérateur de marché fournit toutes les informations, y compris un programme d’activité énumérant notam- ment les types d’opérations envisagés et la structure 14 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 organisatiestructuur worden vermeld, die nodig is opdat de FSMA zich ervan zou kunnen vergewissen dat de gereglementeerde markt op het moment van de initiële vergunningverlening alle noodzakelijke regelingen heeft getroffen om te voldoen aan haar verplichtingen op grond van deze afdeling. De aanvrager wordt er binnen zes maanden na de indiening van een volledige aanvraag schriftelijk van in kennis gesteld of de vergunning toegekend dan wel geweigerd is. § 2. Wanneer de vergunningsaanvraag uitgaat van een vennootschap die hetzij de dochtervennootschap is van een kredietinstelling of een verzekeringsonder- neming naar Belgisch recht, hetzij de dochtervennoot- schap van de moedervennootschap van een kredietin- stelling of een verzekeringsonderneming naar Belgisch recht, hetzij onder de controle staat van dezelfde natuurlijke of rechtspersonen als een kredietinstelling of een verzekeringsonderneming naar Belgisch recht raadpleegt de FSMA, vooraleer haar advies te geven, de Nationale Bank van België. Wanneer de vergunningsaanvraag uitgaat van een vennootschap die hetzij de dochtervennootschap is van een kredietinstelling of een verzekeringsonderneming, met vergunning of toelating in een andere lidstaat, hetzij de dochtervennootschap van de moedervennootschap van een kredietinstelling of een verzekeringsonderne- ming, met vergunning of toelating in een andere lidstaat, hetzij onder de controle staat van dezelfde natuurlijke of rechtspersonen als een kredietinstelling of een ver- zekeringsonderneming, met vergunning of toelating in een andere lidstaat, raadpleegt de FSMA, vooraleer haar advies te geven, de nationale toezichthoudende overheden die in deze andere lidstaten bevoegd zijn voor het toezicht op de kredietinstellingen of verzeke- ringsondernemingen, waaraan zij krachtens hun recht een vergunning of toelating hebben verleend. De FSMA raadpleegt eveneens vooraf de Nationale Bank van België of de in het tweede lid bedoelde toe- zichthoudende overheden voor het beoordelen van de geschiktheid van de aandeelhouders en de leiding, wanneer deze aandeelhouder, al naargelang het geval, een in het eerste of tweede lid bedoelde onderneming is en de bij de leiding van de marktexploitant betrokken persoon eveneens betrokken is bij de leiding van een van de, al naargelang het geval, in het eerste of tweede lid bedoelde ondernemingen. Deze overheden delen elkaar alle informatie mee die relevant is voor het be- oordelen van de geschiktheid van de in dit lid bedoelde aandeelhouders en bij de leiding betrokken personen. organisationnelle, qui sont nécessaires pour permettre à la FSMA de s’assurer que le marché réglementé a mis en place, lors de l’agrément initial, tous les dispo- sitifs nécessaires pour satisfaire aux obligations que lui impose la présente section. Le demandeur est informé par écrit, dans les six mois à compter de la présentation d’une demande complète, de l’octroi ou du refus de l’agrément. § 2. Lorsque l’agrément est sollicité par une société qui est soit la fi liale d’un établissement de crédit ou d’une entreprise d’assurances de droit belge, soit la fi liale de la société mère d’un établissement de crédit ou d’une entreprise d’assurances de droit belge, soit encore contrôlée par les mêmes personnes physiques ou morales qu’un établissement de crédit ou qu’une entreprise d’assurances de droit belge, la FSMA consulte la Banque nationale de Belgique avant de donner son avis. Lorsque l’agrément est sollicité par une société qui est soit la fi liale d’un établissement de crédit ou d’une entreprise d’assurances, agréé dans un autre État membre, soit la fi liale de la société mère d’un établisse- ment de crédit ou d’une entreprise d’assurances, agréé dans un autre État membre, soit encore contrôlée par les mêmes personnes physiques ou morales qu’un éta- blissement de crédit ou qu’une entreprise d’assurances, agréé dans un autre État membre, la FSMA consulte, avant de donner son avis, les autorités nationales de ces autres États membres qui contrôlent les établissements de crédit ou les entreprises d’assurances agréés selon leur droit. De même, la FSMA consulte préalablement la Banque nationale de Belgique ou les autorités de contrôle visées à l’alinéa 2 aux fi ns d’évaluer les qualités requises des actionnaires et des dirigeants, lorsque l’actionnaire est une entreprise visée, selon le cas, à l’alinéa 1er ou 2, et que la personne participant à la direction de l’opé- rateur de marché prend part également à la direction de l’une des entreprises visées, selon le cas, à l’alinéa 1er ou 2. Ces autorités se communiquent mutuellement toutes informations utiles pour l’évaluation des qualités requises des actionnaires et des personnes participant à la direction visés au présent alinéa. 15 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 3. De marktexploitant vervult de taken die verband houden met de organisatie en exploitatie van de gere- glementeerde markt onder het toezicht van de FSMA. De FSMA ziet er regelmatig op toe dat de marktexploi- tanten en de gereglementeerde markten de bepalingen van deze afdeling naleven en te allen tijde voldoen aan de voorwaarden van de initiële vergunningverlening. § 4. De marktexploitant is er verantwoordelijk voor dat de door hem beheerde gereglementeerde markt aan de in deze afdeling vastgelegde voorschriften voldoet. De marktexploitant kan de rechten uitoefenen die deze wet oplegt aan de gereglementeerde markt die hij beheert. § 5. Onverminderd de eventuele toepasselijke be- palingen van Verordening 596/2014 en van Richtlijn 2014/57/EU wordt de handel die plaatsvindt op een in deze afdeling bedoelde gereglementeerde markt, door het Belgisch recht beheerst. Art. 8 Tenzij de minister er bij de beslissing tot vergunning van de markt als gereglementeerde markt of in een later besluit anders over beslist, geldt de opneming van fi nan- ciële instrumenten in een Belgische gereglementeerde markt als toelating tot de officiële notering voor de toe- passing van de wettelijke of reglementaire bepalingen die daarnaar verwijzen. In voorkomend geval wordt de andersluidende beslissing van de minister vermeld in de lijst bekendgemaakt overeenkomstig artikel 9. Art. 9 De lijst van de Belgische gereglementeerde markten waaraan met toepassing van deze wet een vergunning is verleend, en alle wijzigingen van deze lijst worden door toedoen van de minister in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. De minister deelt deze lijst mee aan ESMA en aan de overige lidstaten. Elke wijziging geeft aanleiding tot een analoge mededeling. De lijst wordt op de website van de FSMA gepubliceerd. §  3. L’opérateur de marché effectue les actes afférents à l’organisation et à l’exploitation du marché réglementé sous la surveillance de la FSMA. La FSMA s’assure régulièrement que les opérateurs de marché et les marchés réglementés respectent les dispositions de la présente section et satisfont à tout moment aux conditions imposées pour l’agrément initial. § 4. L’opérateur de marché a la responsabilité de veiller à ce que le marché réglementé qu’il gère satis- fasse aux exigences défi nies dans la présente section. L’opérateur de marché est habilité à exercer les droits correspondant au marché réglementé qu’il gère en vertu de la présente loi. § 5. Sans préjudice des dispositions applicables du Règlement 596/2014 et de la Directive 2014/57/UE, les négociations effectuées sur un marché réglementé visé par la présente section sont régies par le droit belge. Art. 8 A moins que le ministre n’en décide autrement lors de l’agrément du marché en qualité de marché réglementé ou par un arrêté ultérieur, l’inscription d’instruments fi nanciers à un marché réglementé belge vaut admission à la cote officielle pour l’application des dispositions législatives ou réglementaires qui y font référence. Le cas échéant, la décision contraire du ministre est men- tionnée dans la liste publiée conformément à l’article 9. Art. 9 La liste des marchés réglementés belges agréés en application de la présente loi et toute modifi cation apportée à cette liste sont publiées au Moniteur belge par les soins du ministre. Le ministre communique cette liste à l’AEMF et aux autres États membres. Chaque modifi cation donne lieu à une communication analogue. La liste est publiée sur le site internet de la FSMA. 16 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Onderafdeling 3 Leiding en beheer van de marktexploitanten Art. 10 § 1. De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de personen die instaan voor de effectieve leiding van de marktexploitant en van de groep waarvan hij, in voor- komend geval, deel uitmaakt, beschikken over de voor de uitoefening van hun functie vereiste professionele betrouwbaarheid en passende deskundigheid. De al- gemene samenstelling van het wettelijk bestuursorgaan en van de effectieve leiding weerspiegelt een voldoende brede waaier van ervaring. § 2. De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de personen die instaan voor de effectieve leiding van de marktexploitant en van de groep waarvan hij, in voor- komend geval, deel uitmaakt, voldoen in het bijzonder aan de volgende eisen: 1° de betrokken personen besteden voldoende tijd aan de vervulling van hun taken bij de marktexploitant. Het aantal bestuursfuncties dat één van de betrokken personen gelijktijdig in een juridische entiteit kan bekle- den, is afhankelijk van de individuele omstandigheden en de aard, de schaal en de complexiteit van de activi- teiten van de marktexploitant. Indien de marktexploitant signifi cant is wat zijn om- vang, zijn interne organisatie en de aard, reikwijdte en complexiteit van zijn werkzaamheden betreft, bekleden de betrokken personen, behalve als zij een lidstaat ver- tegenwoordigen, tegelijkertijd niet meer dan één van de volgende combinaties: a) een uitvoerende bestuursfunctie en twee niet- uitvoerende bestuursfuncties; b) vier niet-uitvoerende bestuursfuncties. Uitvoerende of niet-uitvoerende bestuursfuncties binnen dezelfde groep of in ondernemingen waarin de marktexploitant een gekwalifi ceerde deelneming bezit, worden als één enkele bestuursfunctie beschouwd. De FSMA kan een persoon toestemming verlenen om nog één bijkomende niet-uitvoerende bestuursfunctie te bekleden. Zij brengt ESMA regelmatig op de hoogte van dergelijke toestemmingen. Sous-section 3 Direction et gestion des opérateurs de marché Art. 10 § 1er. Les personnes qui sont membres de l’organe légal d’administration et celles qui assurent la direction effective de l’opérateur de marché et du groupe dont il fait, le cas échéant, partie disposent de l’honorabilité professionnelle nécessaire et de l’expertise adéquate à l’exercice de leur fonction. La composition globale de l’organe légal d’administration et de la direction effective refl ète un éventail suffisamment large d’expériences. § 2. Les membres de l’organe légal d’administra- tion ainsi que les personnes en charge de la direction effective de l’opérateur de marché et du groupe dont il fait, le cas échéant, partie, satisfont notamment aux exigences suivantes: 1° les personnes concernées consacrent un temps suffisant à l’exercice de leurs fonctions au sein de l’opé- rateur de marché. Le nombre de fonctions de direction qui peuvent être exercées simultanément par une des personnes concernées dans toute entité juridique tient compte de la situation particulière ainsi que de la nature, de l’étendue et de la complexité des activités de l’opé- rateur de marché. Au cas où l’opérateur de marché est important en raison de sa taille, de son organisation interne, ainsi que de la nature, de la portée et de la complexité de ses activités, les personnes concernées, sauf si elles représentent un État membre, n’exercent pas simulta- nément plus de fonctions que dans l’une ou l’autre des combinaisons suivantes: a) une fonction de direction exécutive et deux fonc- tions de direction non exécutives; b) quatre fonctions de direction non exécutives. Des fonctions de direction exécutive ou non exécutive exercées au sein du même groupe ou d’entreprises dans lesquelles l’opérateur de marché détient une par- ticipation qualifi ée sont considérées comme une seule fonction de direction. La FSMA peut autoriser une personne à exercer une fonction de direction non exécutive supplémen- taire. La FSMA informe régulièrement l’AEMF de ces autorisations. 17 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 De beperking van het aantal bestuursfuncties dat een persoon kan bekleden, geldt niet voor de bestuursfunc- ties in organisaties die niet hoofdzakelijk commerciële doelstellingen nastreven. De Koning kan, bij besluit genomen op advies van de FSMA, verduidelijken wat onder “marktexploitanten die signifi cant zijn qua omvang, hun interne organisatie en de aard, reikwijdte en complexiteit van hun werkzaam- heden” moet worden verstaan; 2° de betrokken personen beschikken over voldoende kennis, vaardigheden en ervaring om inzicht te hebben in de bedrijfsactiviteiten van de marktexploitant, met inbegrip van de voornaamste risico’s; 3° de betrokken personen handelen eerlijk, integer en met onafhankelijkheid van geest om, zo nodig, de beslissingen van de algemene directie doeltreffend en kritisch te beoordelen, en om doeltreffend toe te zien en controle uit te oefenen op de genomen beslissingen. § 3. De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de personen die instaan voor de effectieve leiding van de marktexploitant moeten natuurlijke personen zijn. § 4. Marktexploitanten wijden voldoende personele en fi nanciële middelen aan de introductie en opleiding van leden van de leden van het wettelijk bestuursorgaan en de personen die instaan voor de effectieve leiding. Art. 11 § 1. Marktexploitanten brengen de FSMA vooraf op de hoogte van het voorstel tot benoeming van de leden van het wettelijk bestuursorgaan en van de personen belast met de effectieve leiding van de marktexploitant en van de groep waarvan hij in voorkomend geval deel uitmaakt. Het eerste lid is eveneens van toepassing op het voorstel tot hernieuwing van de benoeming van de in het eerste lid bedoelde personen, evenals op de niet-hernieuwing van hun benoeming, hun afzetting of hun ontslag. De benoeming van de in het eerste lid bedoelde personen wordt vooraf ter goedkeuring voorgelegd aan de FSMA. Marktexploitanten informeren de FSMA over de eventuele taakverdeling tussen de leden van het wet- telijk bestuursorgaan en de personen belast met de La limitation du nombre de fonctions de direction exer- cées par une personne ne s’applique pas aux fonctions de direction au sein d’organisations qui ne poursuivent pas d’objectifs principalement commerciaux. Par arrêté pris sur avis de la FSMA, le Roi peut préciser ce qu’il y a lieu d’entendre par “opérateurs de marché importants en raison de leur taille et de leur organisation interne ainsi que de la nature, la portée et de la complexité de leurs activités”; 2° les personnes concernées possèdent collective- ment les connaissances, les compétences et l’expé- rience leur permettant de comprendre les activités de l’opérateur de marché, y compris des principaux risques; 3° les personnes concernées agissent avec honnê- teté, intégrité et indépendance d’esprit afi n d’évaluer de manière efficace et critique, si nécessaire, les décisions de la direction générale et de superviser et suivre effi- cacement les décisions prises. § 3. Les membres de l’organe légal d’administration et les personnes en charge de la direction effective de l’opérateur de marché doivent être des personnes physiques. §  4. Les opérateurs de marché consacrent des ressources humaines et fi nancières adéquates à l’ini- tiation et à la formation des membres de l’organe légal d’administration ainsi que les personnes en charge de la direction effective. Art. 11 §  1er. Les opérateurs de marché informent préa- lablement la FSMA de la proposition de nomination des membres de l’organe légal d’administration et des personnes chargées de la direction effective de l’opérateur de marché et du groupe dont il fait, le cas échéant, partie. L’alinéa 1er est également applicable à la proposition de renouvellement de la nomination des personnes qui y sont visées ainsi qu’au non-renouvellement de leur nomination, à leur révocation ou à leur démission. La nomination des personnes visées à l’alinéa 1er est soumise à l’approbation préalable de la FSMA. Les opérateurs de marché informent la FSMA de la répartition éventuelle des tâches entre les membres de l’organe légal d’administration et les personnes 18 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 effectieve leiding van de marktexploitant of van de groep waarvan zij in voorkomend geval deel uitmaakt, en over de belangrijke wijzigingen in deze taakverdeling. §  2. Marktexploitanten delen aan de FSMA alle documenten en informatie mee die haar toelaten te beoordelen of zij voldoen aan de voorwaarden van de artikelen 10 en 14. § 3. De marktoperatoren en de in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde personen brengen de FSMA onverwijld op de hoogte van elk feit of element dat een wijziging in de bij de benoeming verstrekte informatie inhoudt, en dat een invloed kan hebben op de voor de uitoefening van de betrokken functie vereiste professionele betrouw- baarheid en deskundigheid. Overeenkomstig artikel 7, § 3, tweede lid, artikel 10, § 1, en artikel 72 kan de FSMA, wanneer zij in het kader van de uitvoering van haar toezichtsopdracht op de hoogte is van een dergelijk feit of element, dat al dan niet met toepassing van het eerste lid is verkregen, de naleving van de in artikel 10, § 1, bedoelde vereisten herbeoordelen. Art. 12 Het wettelijk bestuursorgaan van een marktexploitant stelt governanceregelingen op en houdt toezicht op de uitvoering ervan; deze regelingen garanderen een doeltreffend en voorzichtig bestuur van de organisatie en voorzien onder meer in een scheiding van taken binnen de organisatie en in de voorkoming van belan- genconfl icten, en dit op een wijze die de integriteit van de markt bevordert. Het wettelijk bestuursorgaan monitort de doeltref- fendheid van de governanceregelingen van de markt- exploitant en beoordeelt ze periodiek, en onderneemt passende stappen om eventuele tekortkomingen aan te pakken. Leden van het wettelijk bestuursorgaan hebben pas- sende toegang tot alle informatie en documenten die nodig zijn om de besluitvorming van het management te controleren en te monitoren. Art. 13 De minister verleent geen vergunning aan de geregle- menteerde markt indien de FSMA er niet van overtuigd is dat de leden van het wettelijk bestuursorgaan en de personen die instaan voor de effectieve leiding van de chargées de la direction effective de l’opérateur de mar- ché ou du groupe dont elle fait, le cas échéant, partie, ainsi que des modifi cations importantes intervenues dans cette répartition des tâches. § 2. Les opérateurs de marché communiquent à la FSMA tous les documents et informations lui permet- trant d’apprécier si l’opérateur de marché satisfait aux conditions des articles 10 et 14. § 3. Les opérateurs de marché ainsi que les per- sonnes visées au paragraphe 1er, alinéa 1er informent la FSMA sans délai de tout fait ou élément qui implique une modifi cation des informations fournies lors de la nomi- nation et qui peut avoir une incidence sur l’honorabilité professionnelle et l’expertise nécessaire à l’exercice de la fonction concernée. Conformément à l’article 7, § 3, alinéa 2, l’article 10, § 1er et l’article 72, lorsque la FSMA, dans le cadre de l’exercice de sa mission de contrôle, a connaissance d’un tel fait ou élément, obtenu ou non en application de l’alinéa 1er, elle peut effectuer une réévaluation du respect des exigences visées à l’article 10, § 1er. Art. 12 L’organe légal d’administration d’un opérateur de marché défi nit et supervise la mise en oeuvre d’un dispositif de gouvernance qui garantit une gestion efficace et prudente de l’organisation, et notamment la ségrégation des tâches au sein de l’organisation et la prévention des confl its d’intérêts, de manière à promouvoir l’intégrité du marché. L’organe légal d’administration contrôle le dispositif de gouvernance de l’opérateur de marché, évalue périodiquement son efficacité et prend les mesures appropriées pour remédier à toute lacune. Les membres de l’organe légal d’administration disposent d’un accès adéquat aux informations et documents nécessaires pour superviser et suivre les décisions prises en matière de gestion. Art. 13 L’agrément n’est pas accordé au marché réglementé par le ministre si la FSMA n’est pas convaincue que les membres de l’organe légal d’administration ainsi que les personnes en charge de la direction effective 19 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 marktexploitant blijk geven van de voor de uitoefening van hun functie vereiste professionele betrouwbaarheid en passende deskundigheid, en voldoende tijd besteden aan de vervulling van hun taken. Datzelfde geldt ook indien er objectieve en aantoonbare redenen zijn om aan te nemen dat de samenstelling van het wettelijk bestuursorgaan en van de effectieve leiding van de marktexploitant een bedreiging kan vormen voor de efficiënte, gezonde en prudente bedrijfsvoering ervan en voor een passende inaanmerkingneming van de marktintegriteit. Bij de vergunningverlening aan een gereglementeer- de markt, wordt de persoon of worden de personen die feitelijk het bedrijf en de werkzaamheden leiden van een gereglementeerde markt waaraan reeds een vergunning is verleend overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU, geacht aan de vereisten van artikel 10, § 1, te voldoen. Onderafdeling 4 Benoemingscomité van de marktexploitant Art. 14 § 1. Marktexploitanten die signifi cant zijn wat hun omvang, hun interne organisatie en de aard, reikwijdte en complexiteit van hun werkzaamheden betreft, stellen een benoemingscomité in dat is samengesteld uit leden van het wettelijk bestuursorgaan die geen uitvoerende functie bekleden bij de betrokken marktexploitant. De Koning kan, bij besluit genomen op advies van de FSMA, verduidelijken wat onder “marktexploitanten die signifi cant zijn qua omvang, hun interne organisatie en de aard, reikwijdte en complexiteit van hun werkzaam- heden” moet worden verstaan. Het benoemingscomité: 1° wijst en beveelt, voor goedkeuring door de al- gemene vergadering of, in voorkomend geval, door het wettelijk bestuursorgaan, kandidaten aan voor het vervullen van vacatures in het wettelijk bestuursorgaan. Het benoemingscomité gaat daarbij na hoe de kennis, vaardigheden, diversiteit en ervaring in het wettelijk be- stuursorgaan zijn verdeeld. Bovendien geeft het comité een beschrijving van de taken en bekwaamheden die voor een bepaalde benoeming vereist zijn, en beoordeelt het hoeveel tijd er aan de functie moet worden besteed. Verder stelt het benoemingscomité een streef- cijfer vast voor de vertegenwoordiging van het de l’opérateur de marché jouissent de l’honorabilité professionnelle nécessaire et de l’expertise adéquate à l’exercice de leur fonction et y consacrent un temps suffisant. Il en est de même s’il existe des raisons objec- tives et démontrables d’estimer que la composition de l’organe légal d’administration et de la direction effective de l’opérateur de marché risquerait de compromettre la gestion efficace, saine et prudente de celui-ci et la prise en compte appropriée de l’intégrité du marché. Lors du processus d’agrément d’un marché réglementé, la personne ou les personnes dirigeant effectivement les activités et l’exploitation d’un marché réglementé déjà muni d’un agrément conformément à la Directive 2014/65/UE sont réputées satisfaire aux exigences prévues à l’article 10, § 1er. Sous-section 4 Comité de nomination de l’opérateur de marché Art. 14 § 1er. Les opérateurs de marché ayant une importance signifi cative en raison de leur taille et de leur organisa- tion interne ainsi que de la nature, de l’échelle et de la complexité de leurs activités instituent un comité de nomination composé de membres de l’organe légal d’administration n’exerçant aucune fonction exécutive au sein de l’opérateur de marché concerné. Par arrêté pris sur avis de la FSMA, le Roi peut préciser ce qu’il y a lieu d’entendre par “opérateurs de marché ayant une importance signifi cative en raison de leur taille et de leur organisation interne ainsi que de la nature, de l’échelle et de la complexité de leurs activités”. Le comité de nomination: 1° identifi e et recommande, pour l’approbation par l’assemblée générale ou, le cas échéant, par l’organe légal d’administration, des candidats aptes à occuper les sièges vacants au sein de l’organe légal d’adminis- tration. À cette fi n, le comité de nomination évalue l’équi- libre de connaissances, de compétences, de diversité et d’expérience au sein de l’organe légal d’administration. En outre, le comité élabore une description des missions et des qualifi cations liées à une nomination donnée et évalue le temps à consacrer à ces fonctions. Le comité de nomination fi xe également un objectif à atteindre en ce qui concerne la représentation du sexe 20 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 ondervertegenwoordigde geslacht in het wettelijk be- stuursorgaan en stippelt het een beleid uit om het aantal vertegenwoordigers van het ondervertegenwoordigde geslacht in het wettelijk bestuursorgaan te vergroten en op die manier het streefcijfer te halen; 2° evalueert periodiek, en minimaal jaarlijks, de structuur, omvang, samenstelling en prestaties van het wettelijk bestuursorgaan en doet aanbevelingen aan het wettelijk bestuursorgaan met betrekking tot eventuele wijzigingen; 3° beoordeelt periodiek, en minimaal jaarlijks, de ken- nis, vaardigheden en ervaring van de individuele leden van het wettelijk bestuursorgaan en van het wettelijk bestuursorgaan als geheel, en informeert het wettelijk bestuursorgaan dienovereenkomstig; 4° evalueert periodiek het beleid van het wettelijk bestuursorgaan voor de selectie en benoeming van de uitvoerende leden van dat wettelijk bestuursorgaan, en doet aanbevelingen aan het wettelijk bestuursorgaan. Bij de vervulling van zijn taken ziet het benoemingsco- mité er, voor zover mogelijk en op permanente basis, op toe dat één persoon of een kleine groep van personen de besluitvorming van het wettelijk bestuursorgaan niet domineren op een wijze die de belangen van de markt- deelnemer in zijn geheel schade berokkent. Bij de uitvoering van zijn taken is het benoemingsco- mité in staat gebruik te maken van alle soorten hulpmid- delen die het geschikt acht, waaronder het inwinnen van extern advies. De FSMA kan aan marktexploitanten die dochter- ondernemingen of kleindochterondernemingen van een andere marktexploitant zijn, geheel of gedeeltelijk afwijking verlenen op de bepalingen van deze paragraaf en specifi eke voorwaarden verbinden aan de verlening van die afwijkingen, voor zover binnen de betrokken groepen of subgroepen een benoemingscomité is op- gericht in de zin van dit artikel, dat bevoegd is voor de betrokken marktexploitant en voldoet aan de bepalingen van deze wet. § 2. Marktexploitanten en hun respectieve benoe- mingscomités zorgen voor een breed scala van ken- merken en vaardigheden bij de werving van leden voor het wettelijk bestuursorgaan en voeren derhalve een beleid ter bevordering van diversiteit binnen het wettelijk bestuursorgaan. sous-représenté au sein de l’organe légal d’adminis- tration et élabore une politique destinée à accroître le nombre de représentants du sexe sous-représenté au sein de l’organe légal d’administration afi n d’atteindre cet objectif; 2° évalue périodiquement, et à tout le moins une fois par an, la structure, la taille, la composition et les performances de l’organe légal d’administration, et lui soumet des recommandations en ce qui concerne des changements éventuels; 3° évalue périodiquement, à tout le moins une fois par an, les connaissances, les compétences et l’expé- rience des membres de l’organe légal d’administration, tant individuellement que collectivement, et en informe l’organe légal d’administration; 4° examine périodiquement les politiques de l’organe légal d’administration en matière de sélection et de nomination des membres exécutifs de celui-ci et formule des recommandations à l’intention de l’organe légal d’administration. Dans l’exercice de ses attributions, le comité de nomi- nation tient compte, dans la mesure du possible et en permanence, de la nécessité de veiller à ce que la prise de décision au sein de l’organe légal d’administration ne soit pas dominée par une personne ou un petit groupe de personnes, d’une manière qui soit préjudiciable aux intérêts de l’opérateur de marché dans son ensemble. Dans l’exercice de ses fonctions, le comité de nomi- nation peut utiliser toutes les formes de ressources qu’il juge appropriées, y compris des conseils extérieurs. La FSMA peut, à l’égard des opérateurs de marché qui sont fi liales ou sous-fi liales d’un autre opérateur de marché, accorder, en tout ou en partie, des dérogations aux dispositions du présent paragraphe et fi xer des conditions spécifi ques à l’octroi de ces dérogations, pour autant qu’ait été constitué au sein des groupes ou sous-groupes concernés un comité de nomination au sens du présent article et dont les attributions s’étendent à l’opérateur de marché concerné, et répondant aux exigences de la présente loi. § 2. Les opérateurs de marché et leur comité de nomination font appel à un large éventail de qualités et de compétences lors du recrutement des membres de l’organe légal d’administration et mettent en place à cet effet une politique favorisant la diversité au sein de celui-ci. 21 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Onderafdeling 5 Rechtsvorm en maatschappelijk doel van de marktexploitant Art. 15 De marktexploitant moet zijn opgericht onder de vorm van een handelsvennootschap. Art. 16 Het maatschappelijk doel van de marktexploitant moet beperkt blijven tot de organisatie van één of meer handelsplatformen en, in voorkomend geval, tot activi- teiten die de belangen van de beleggers of de goede werking, de integriteit of de transparantie van de door de marktexploitant geëxploiteerde systemen niet kun- nen schaden. Art. 17 De structuur van de groep waarvan de marktexploi- tant in voorkomend geval deel uitmaakt, mag de uitoe- fening van het toezicht door de FSMA niet belemmeren. Art. 18 De rekeningen van de marktexploitant moeten wor- den gecontroleerd door één of meer bedrijfsrevisoren die zijn ingeschreven op de lijst van de door de FSMA erkende revisoren. Onderafdeling 6 Aandeelhoudersschap van de marktexploitant Art. 19 § 1. Natuurlijke of rechtspersonen die, rechtstreeks of onrechtstreeks, ten minste tien procent van het kapitaal of van de stemrechten van de marktexploitant bezit- ten, hebben de nodige kwaliteiten om een gezond en voorzichtig beleid van de onderneming te waarborgen. § 2. De marktexploitant dient: 1° informatie te verstrekken aan de FSMA en open- baar te maken betreffende de eigendomsstructuur van de marktexploitant, en meer bepaald over de identiteit en de omvang van de belangen van partijen die, recht- streeks of onrechtstreeks, ten minste tien procent van haar kapitaal of stemrechten bezitten of die in een positie Sous-section 5 Forme et objet social de l’opérateur de marché Art. 15 L’opérateur de marché doit être constitué sous la forme d’une société commerciale. Art. 16 L’objet social de l’opérateur de marché doit être limité à l’organisation d’une ou plusieurs plateformes de négo- ciation et, le cas échéant, à des activités qui ne sont pas susceptibles de nuire aux intérêts des investisseurs ou au bon fonctionnement, à l’intégrité ou à la transparence des systèmes exploités par l’opérateur de marché. Art. 17 La structure du groupe dont l’opérateur de marché fait, le cas échéant, partie ne peut pas entraver l’exer- cice du contrôle par la FSMA. Art. 18 Le contrôle des comptes de l’opérateur de mar- ché doit être assuré par un ou plusieurs réviseurs d’entreprises inscrits sur la liste des réviseurs agréés par la FSMA. Sous-section 6 Actionnariat de l’opérateur de marché Art. 19 § 1er. Les personnes physiques ou morales qui, direc- tement ou indirectement, détiennent dix pour cent au moins du capital de l’opérateur de marché ou des droits de vote présentent les qualités nécessaires en vue de garantir une gestion saine et prudente de l’entreprise. § 2. L’opérateur de marché doit: 1° fournir à la FSMA et rendre publiques des infor- mations concernant les propriétaires de l’opérateur de marché, notamment l’identité des personnes qui détiennent, directement ou indirectement, dix pour cent au moins de son capital ou de ses droits de vote ou qui sont en mesure d’exercer une infl uence signifi cative sur 22 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 verkeren om invloed van betekenis op de bedrijfsvoering van de gereglementeerde markt uit te oefenen; en 2° elke eigendomsoverdracht die aanleiding geeft tot een wijziging in de kring van de personen die invloed van betekenis op de exploitatie van de gereglementeerde markt uitoefenen ter kennis te brengen van de FSMA en openbaar te maken. Art. 20 § 1. Natuurlijke of rechtspersonen die voornemens zijn effecten of deelbewijzen te verwerven van een marktexploitant zodat zij, rechtstreeks of onrechtstreeks, ten minste tien procent van zijn kapitaal of stemrechten zouden bezitten, moeten de FSMA hiervan vooraf in kennis stellen. Dit geldt eveneens wanneer natuurlijke of rechtspersonen voornemens zijn hun participatie in een dergelijke exploitant te verhogen zodat het gedeelte van het kapitaal of van de stemrechten dat zij zouden bezitten, tien procent of elk veelvoud van vijf procent zou bereiken of overschrijden. De stemrechten worden berekend conform de bepa- lingen van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarma- king van belangrijke deelnemingen, alsook conform de bepalingen van haar uitvoeringsbesluiten. § 2. Binnen een termijn van dertig dagen vanaf de ontvangst van de kennisgeving bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, kan de FSMA zich verzetten tegen de verwezenlijking van de verwerving indien zij redenen heeft om aan te nemen dat de betrokken persoon of, in voorkomend geval, personen die zich in één van de in artikel 9 van de voornoemde wet van 2 mei 2007 be- doelde situaties bevinden niet de nodige kwaliteiten bezitten voor een gezond en voorzichtig beleid van de betrokken marktexploitant. Bij gebrek aan verzet dient de verwerving plaats te vinden binnen zes maanden vanaf de kennisgeving bedoeld in paragraaf 1, eerste lid; zoniet dient zij opnieuw te worden aangemeld bij de FSMA overeenkomstig paragraaf 1 en kan deze er zich tegen verzetten krachtens deze paragraaf. §  3. Indien een verwerving bedoeld in paragraaf 1 heeft plaatsgevonden zonder kennisgeving aan de FSMA overeenkomstig dezelfde paragraaf of vooraleer de FSMA zich heeft uitgesproken krachtens paragraaf 2 of, in voorkomend geval, vóór het verstrijken van de termijn van dertig dagen bedoeld in dezelfde paragraaf, kan de FSMA de uitoefening van de stemrechten verbonden aan de aandelen of deelbewijzen van de betrokken marktexploitant die aldus, rechtstreeks of onrechtstreeks, onregelmatig zijn verworven, schorsen tot de toestand is geregulariseerd. la gestion du marché réglementé, ainsi que le montant des intérêts détenus par ces personnes; et 2° signaler à la FSMA et rendre public tout transfert de propriété entraînant un changement de l’identité des personnes exerçant une infl uence signifi cative sur l’exploitation du marché réglementé. Art. 20 § 1er. Toute personne physique ou morale qui envi- sage d’acquérir des titres ou parts d’un opérateur de marché en sorte qu’elle détiendrait, directement ou indi- rectement, dix pour cent au moins de son capital ou des droits de vote, doit en aviser préalablement la FSMA. Il en est de même lorsqu’une personne physique ou morale envisage d’accroître sa participation dans un tel opérateur en sorte que la quotité du capital ou des droits de vote qu’elle détiendrait devrait atteindre ou dépasser dix pour cent ou tout multiple de cinq pour cent. Le calcul des droits de vote s’établit conformément aux dispositions de la loi du 2 mai 2007 relative à la publicité des participations importantes, ainsi qu’à celles de ses arrêtés d’exécution. § 2. La FSMA peut, dans un délai de trente jours à dater de la réception de l’avis visé au paragraphe 1er, alinéa 1er, s’opposer à la réalisation de l’acquisition si elle a des raisons de considérer que la personne en question ou, le cas échéant, des personnes se trouvant dans l’une des situations visées à l’article 9 de la loi du 2 mai 2007 précitée ne présentent pas les qualités nécessaires en vue de garantir une gestion saine et prudente de l’opérateur de marché en question. A défaut d’opposition, l’acquisition doit avoir lieu dans les six mois à dater de l’avis visé au paragraphe 1er, alinéa 1er; faute de quoi elle doit à nouveau être déclarée à la FSMA conformément au paragraphe 1er et celle-ci peut à nouveau s’y opposer en vertu du présent paragraphe. § 3. Lorsqu’une acquisition visée au paragraphe 1er a eu lieu sans avoir été déclarée à la FSMA conformément au même paragraphe ou avant que la FSMA ne se soit prononcée en vertu du paragraphe 2 ou, le cas échéant, avant l’expiration du délai de trente jours visé au même paragraphe, la FSMA peut suspendre, jusqu’à régu- larisation de la situation, l’exercice des droits de vote attachés aux actions ou parts de l’opérateur de marché en question qui ont ainsi été acquises irrégulièrement, directement ou indirectement. 23 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Indien een verwerving bedoeld in paragraaf 1 heeft plaatsgevonden niettegenstaande het verzet van de FSMA krachtens paragraaf 2 of, in het algemeen, in- dien de FSMA redenen heeft om aan te nemen dat de invloed die wordt uitgeoefend door een natuurlijke of rechtspersoon die, rechtstreeks of onrechtstreeks, ten minste tien procent van het kapitaal of van de stem- rechten van een marktexploitant bezit of, in voorkomend geval, door personen die zich in één van de in artikel 9 van de voornoemde wet van 2 mei 2007 bedoelde situaties bevinden, van die aard is dat zij het gezond en voorzichtig beleid van deze onderneming in gevaar brengt, kan de FSMA, onverminderd de in de artikelen 78 tot 88 bedoelde maatregelen: 1° de uitoefening schorsen van de stemrechten verbonden aan de aandelen of deelbewijzen van deze marktexploitant die rechtstreeks of onrechtstreeks door de betrokken personen worden gehouden; 2° deze personen aanmanen alle of een deel van de betrokken aandelen of deelbewijzen binnen de door haar bepaalde termijn over te dragen aan andere personen met wie zij geen nauwe banden hebben. Bij gebrek aan overdracht binnen de termijn bedoeld in het tweede lid, 2°, kan de FSMA bevelen de betrok- ken aandelen of deelbewijzen te sekwestreren. In dit geval is artikel 32, tweede en derde lid, van de wet van 25 oktober 2016 betreffende de toegang tot het beleg- gingsdienstenbedrijf en betreffende het statuut van en het toezicht op de vennootschappen voor vermogens- beheer en beleggingsadvies van toepassing. Onderafdeling 7 Organisatorische vereisten van toepassing op de marktexploitant en de gereglementeerde markt Art. 21 De marktexploitant: 1° treft regelingen voor het duidelijk onderkennen en beheren van potentiële negatieve gevolgen voor de exploitatie van de gereglementeerde markt of voor de leden of marktdeelnemers van elk confl ict tussen de belangen van de gereglementeerde markt, de eigenaars of de marktexploitant ervan, en de goede werking van de gereglementeerde markt, in het bijzonder wanneer dergelijke belangenconfl icten afbreuk kunnen doen aan de vervulling van de in de artikelen 25 en 26 be- doelde taken; Lorsqu’une acquisition visée au paragraphe 1er a eu lieu en dépit de l’opposition de la FSMA en vertu du paragraphe 2 ou, de manière générale, lorsque la FSMA a des raisons de considérer que l’infl uence exercée par une personne physique ou morale qui, directement ou indirectement, détient dix pour cent au moins du capital ou des droits de vote d’un opérateur de marché ou, le cas échéant, par des personnes se trouvant dans l’une des situations visées à l’article 9 de la loi du 2 mai 2007 précitée est de nature à compromettre la gestion saine et prudente de cette entreprise, la FSMA peut, sans préjudice des autres mesures prévues par les articles 78 à 88: 1° suspendre l’exercice des droits de vote attachés aux actions ou parts dudit opérateur de marché déte- nues directement ou indirectement par les personnes en question; 2° enjoindre à ces personnes de céder, dans le délai qu’elle fi xe, tout ou partie des actions ou parts en ques- tion à d’autres personnes avec lesquelles elles n’ont pas des liens étroits. A défaut de cession dans le délai visé à l’alinéa 2, 2°, la FSMA peut ordonner le séquestre des actions ou parts en question. Dans ce cas, l’article 32, alinéas 2 et 3, de la loi du 25 octobre 2016 relative à l’accès à l’activité de prestation de services d’investissement et au statut et au contrôle des sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement est d’application. Sous-section 7 Exigences organisationnelles applicables à l’opérateur de marché et au marché réglementé Art. 21 L’opérateur de marché: 1° prend des dispositions pour repérer clairement et gérer les effets potentiellement dommageables, pour le fonctionnement du marché réglementé ou pour ses membres ou participants, de tout confl it d’intérêts entre les exigences du bon fonctionnement du marché réglementé et les intérêts du marché réglementé ou ceux de ses propriétaires ou de l’opérateur de marché qui l’organise, notamment dans le cas où un tel confl it risque de compromettre l’exercice des fonctions visées aux articles 25 et 26; 24 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2° is adequaat uitgerust voor het beheer van de ri- sico’s waaraan hij blootgesteld is, voorziet in passende regelingen en systemen om alle risico’s van betekenis voor de exploitatie te onderkennen, en treft doeltreffende maatregelen om deze risico’s te beperken; 3° treft regelingen die een gezond beheer van de technische werking van de systemen garanderen en neemt onder meer doeltreffende voorzorgsmaatregelen om risico’s te ondervangen die verband houden met systeemstoringen; 4° ziet erop toe dat de gereglementeerde markten die hij exploiteert en/of beheert, transparante en niet- discretionaire regels en procedures vaststellen die een billijke en ordelijke handel garanderen, en objectieve cri- teria vastleggen voor de efficiënte uitvoering van orders; 5° maakt, met het oog op de verrekening en veref- fening van transacties in fi nanciële instrumenten, ge- bruik van verrekenings- en vereffeningssystemen die voldoende waarborgen bieden voor de bescherming van de belangen van de deelnemers en van de beleg- gers en voor de goede werking van de markt, en heeft doeltreffende regelingen getroffen voor een efficiënte en tijdige afhandeling van de volgens haar systemen uitgevoerde transacties; 6° beschikt over voldoende fi nanciële middelen om een ordelijke werking te bevorderen, gelet op de aard en omvang van de op de markt uitgevoerde transacties en het gamma en de graad van de risico’s waaraan hij is blootgesteld, en de fi nanciële toestand van de groep waarvan hij in voorkomend geval deel uitmaakt, moet voldoende stevig zijn om geen risico’s op te leveren die de belangen van de beleggers of de goede werking van deze markten zouden kunnen schaden. Om de naleving van de bepaling onder 6° te garan- deren, kan de FSMA bij reglement: 1° de fi nanciële ratio’s bepalen die de marktexploitan- ten op geconsolideerde en niet-geconsolideerde basis moeten naleven; 2° de fi nanciële informatie bepalen die de marktex- ploitanten haar op periodieke basis moeten meedelen. De marktexploitant mag geen cliëntenorders uitvoe- ren met eigen kapitaal, noch gebruik maken van mat- ched principal trading op de gereglementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert. 2° est adéquatement équipé pour gérer les risques auxquels il est exposé, il met en oeuvre des dispositifs et des systèmes appropriés lui permettant d’identifi er tous les risques signifi catifs pouvant compromettre son bon fonctionnement et il instaure des mesures effectives pour atténuer ces risques; 3° met en œuvre des dispositifs propres à garantir la bonne gestion des opérations techniques des systèmes et notamment des procédures d’urgence efficaces pour faire face aux dysfonctionnements éventuels des systèmes de négociation; 4° veille à ce que les marchés réglementés qu’il ex- ploite et/ou gère adoptent des règles et des procédures transparentes et non discrétionnaires assurant une négociation équitable et ordonnée et fi xant des critères objectifs en vue de l’exécution efficace des ordres; 5° utilise, en vue de la compensation et de la liqui- dation des transactions sur instruments fi nanciers, des systèmes de compensation et de liquidation qui offrent des garanties suffisantes pour la protection des intérêts des participants et des investisseurs et le bon fonction- nement du marché, et met en oeuvre des mécanismes adéquats visant à faciliter le dénouement efficace et en temps voulu des transactions exécutées dans le cadre de ses systèmes; 6° dispose de ressources fi nancières suffisantes pour faciliter un fonctionnement ordonné, compte tenu de la nature et de l’ampleur des transactions conclues sur le marché ainsi que de l’éventail et du niveau des risques auxquels il est exposé, et la situation fi nancière du groupe dont il fait, le cas échéant, partie doit être suffisamment solide pour ne pas présenter des risques susceptibles de nuire aux intérêts des investisseurs ou au bon fonctionnement de ces marchés. En vue d’assurer le respect du présent point 6°, la FSMA peut par règlement: 1° fi xer les ratios fi nanciers que les opérateurs de marché doivent respecter sur base consolidée et sur une base non consolidée; 2° définir les informations financières que les opérateurs de marché sont tenus de communiquer périodiquement. Les opérateurs de marché ne peuvent pas exécuter les ordres de clients en engageant leurs propres capi- taux ou procéder à la négociation par appariement avec interposition du compte propre sur le marché réglementé qu’ils exploitent et/ou gèrent. 25 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 22 § 1. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere- glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert, in doeltreffende systemen, procedures en regelingen voorziet om te waarborgen dat zijn handelssystemen weerbaar zijn, voldoende capaciteit hebben om volu- mepieken in orders en orderberichten op te vangen, in staat zijn een ordelijke handel onder zeer gespannen marktomstandigheden te waarborgen, volledig zijn getest om te garanderen dat aan deze voorwaarden is voldaan, en onderworpen zijn aan doeltreffende regelingen ter verzekering van de continuïteit van de bedrijfsuitoefening om de continuïteit van de dienstver- lening te verzekeren in geval van een storing van zijn handelssystemen. § 2. De marktexploitant ziet erop toe dat de geregle- menteerde markt die hij exploiteert en/of beheert: 1° geschreven overeenkomsten heeft gesloten met alle kredietinstellingen en beleggingsondernemingen die een market-making strategie uitvoeren op de gere- glementeerde markt; 2° regelingen heeft getroffen om te waarborgen dat een voldoende aantal kredietinstellingen en beleggings- ondernemingen deelnemen aan deze overeenkomsten die hen verplichten prijsopgaven op te geven tegen concurrerende prijzen, met als gevolg dat de markt op regelmatige en voorspelbare basis van liquiditeit wordt voorzien, indien een dergelijke vereiste geschikt is voor de aard en de omvang van de handel op de geregle- menteerde markt in kwestie. § 3. De in paragraaf 2 bedoelde geschreven over- eenkomst specifi ceert ten minste: 1° de verplichtingen van de kredietinstelling of de beleggingsonderneming in verband met de liquiditeits- verschaffing en, indien van toepassing, elke andere verplichting die voortvloeit uit de deelname aan de in paragraaf 2, 2°, bedoelde regeling; 2° eventuele prikkels in de vorm van kortingen of andere prikkels die de gereglementeerde markt aan een kredietinstelling of een beleggingsonderneming biedt om de markt op regelmatige en voorspelbare ba- sis van liquiditeit te voorzien en, indien van toepassing, eventuele andere rechten die de kredietinstelling of de beleggingsonderneming geniet ten gevolge van haar deelname aan de in paragraaf 2, 2°, bedoelde regeling. De marktexploitant controleert of en vergewist zich ervan dat de kredietinstellingen of de beleggingson- dernemingen zich conformeren aan de verplichtingen Art. 22 § 1er. L’opérateur de marché veille à ce que le mar- ché réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose de systèmes, de procédures et de mécanismes efficaces pour garantir que ses systèmes de négociation sont résilients, possèdent une capacité suffisante pour gérer les volumes les plus élevés d’ordres et de messages, sont en mesure d’assurer un processus de négociation ordonné en période de graves tensions sur les marchés, sont soumis à des tests exhaustifs afi n de confi rmer que ces conditions sont réunies et sont régis par des mécanismes de continuité des activités assurant le maintien de ses services en cas de défaillance de ses systèmes de négociation. § 2. L’opérateur de marché veille à ce que le marché réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose: 1° d’accords écrits avec tous les établissements de crédit et les entreprises d’investissement qui appliquent une stratégie de tenue de marché sur le marché réglementé; 2° de systèmes veillant à ce qu’un nombre suffisant d’établissements de crédit et d’entreprises d’investis- sement participent à ces accords, qui exigent d’eux qu’ils affichent des cours fermes et compétitifs avec pour résultat d’apporter de la liquidité au marché de manière régulière et prévisible lorsque cette exigence est adaptée à la nature et à la taille des négociations sur ce marché réglementé. §  3. L’accord écrit visé au paragraphe 2  précise au minimum: 1° les obligations de l’établissement de crédit ou de l’entreprise d’investissement en matière d’apport de liquidité et, le cas échéant, toute autre obligation découlant de la participation au système visé au para- graphe 2, 2°; 2° toute incitation sous forme de rabais ou sous une autre forme proposée par le marché réglementé à un établissement de crédit ou à une entreprise d’inves- tissement afi n d’apporter de la liquidité au marché de manière régulière et prévisible et, le cas échéant, tout autre droit acquis par l’établissement de crédit ou l’en- treprise d’investissement en raison de sa participation au système visé au paragraphe 2, 2°. L’opérateur de marché contrôle et s’assure que l’établissement de crédit ou l’entreprise d’investisse- ment se conforme aux exigences de ces accords écrits 26 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 vervat in de bindende schriftelijke overeenkomst. De marktexploitant licht de FSMA in over de inhoud van de bindende schriftelijke overeenkomst en verstrekt de FSMA, op verzoek, alle informatie op basis waarvan zij zich ervan kan vergewissen dat de in deze paragraaf opgenomen vereisten door de gereglementeerde markt worden nageleefd. § 4. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere- glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert, in doeltreffende systemen, procedures en regelingen voorziet om orders af te wijzen die van tevoren vast- gestelde volume- en prijsdrempels overschrijden of duidelijk foutief zijn. § 5. De marktexploitant ziet erop toe dat de geregle- menteerde markt die hij exploiteert en/of beheert, in staat is de handel tijdelijk stil te leggen of te beperken, als er op deze markt of op een aanverwante markt gedu- rende een korte periode aanzienlijke koersbewegingen in een fi nancieel instrument zijn, en dat de gereglemen- teerde markt in staat is om in uitzonderlijke gevallen een transactie te annuleren, te wijzigen of te corrigeren. De marktexploitant zorgt ervoor dat de parameters om de handel stil te leggen voldoende geijkt zijn om rekening te kunnen houden met de liquiditeit van de verschillende categorieën en subcategorieën van activa, de aard van het marktmodel en de soorten gebruikers, en dat deze parameters volstaan om aanzienlijke verstoringen van de ordelijke werking van de markt te voorkomen. De marktexploitant maakt de parameters om de han- del stil te leggen en elke materiële wijziging in deze para- meters op consistente en vergelijkbare wijze bekend aan de FSMA. De FSMA maakt deze op haar beurt bekend aan ESMA. Als een gereglementeerde markt die van essentieel belang is voor de liquiditeit in het fi nanciële instrument in kwestie, de handel stillegt in een lidstaat, beschikt dit handelsplatform over de nodige systemen en procedures om ervoor te zorgen dat het de bevoegde autoriteiten op de hoogte zal stellen, om te komen tot een gecoördineerde respons voor de hele markt en te bepalen of het passend is de handel ook stil te leggen op de andere platformen waar het fi nancieel instrument wordt verhandeld, tot de handel op de oorspronkelijke markt wordt hervat. § 6. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere- glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert, in doeltreffende systemen, procedures en regelin- gen voorziet. De marktexploitant eist van de leden van of deel- nemers aan de gereglementeerde markt met name dat zij algoritmen adequaat testen en omgevingen ter beschikking stellen die deze tests vergemakkelijken, contraignants. L’opérateur de marché informe la FSMA du contenu de l’accord écrit contraignant et fournit, sur demande de la FSMA, toute information complémen- taire permettant à celle-ci de s’assurer que le marché réglementé respecte le présent paragraphe. § 4. L’opérateur de marché veille à ce que le mar- ché réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose de systèmes, de procédures et de mécanismes efficaces permettant de rejeter les ordres dépassant des seuils de volume et de prix préalablement établis ou des ordres manifestement erronés. § 5. L’opérateur de marché veille à ce que le marché réglementé qu’il exploite et/ou gère soit en mesure de suspendre ou de limiter la négociation en cas de fl uc- tuation importante des prix d’un instrument fi nancier sur ce marché ou sur un marché lié sur une courte période et, dans des cas exceptionnels, d’annuler, de modifi er ou de corriger une transaction. L’opérateur de marché veille à ce que les paramètres de suspension de la négociation soient judicieusement calibrés de façon à tenir compte de la liquidité des différentes catégories et sous-catégories d’actifs, de la nature du modèle de marché et des catégories d’utilisateurs, et soient suf- fi sants pour éviter des dysfonctionnements importants dans le bon fonctionnement de la négociation. L’opérateur de marché notifi e à la FSMA les para- mètres de suspension de la négociation, ainsi que tout changement notable apporté à ces paramètres, d’une manière cohérente et autorisant les comparaisons. La FSMA notifi e à son tour ceux-ci à l’AEMF. Lorsqu’un marché réglementé, signifi catif en termes de liquidités dans cet instrument fi nancier, suspend la négociation, dans tout État membre, cette plateforme de négociation dispose des systèmes et procédures nécessaires pour veiller à ce qu’elle informe les autorités compétentes afi n qu’elles coordonnent une réponse au niveau de l’ensemble du marché et déterminent s’il convient de suspendre la négociation sur d’autres plateformes sur lesquelles l’instrument fi nancier est négocié jusqu’à la reprise de la négociation sur le marché initial. § 6. L’opérateur de marché veille à ce que le mar- ché réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose de systèmes, de procédures et de mécanismes efficaces. L’opérateur de marché exige notamment des membres ou des participants du marché réglementé qu’ils procèdent à des essais appropriés d’algorithmes et mettent à disposition les environnements facilitant ces 27 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 om (a) te voorkomen dat systemen voor algoritmische handel aanleiding kunnen geven of kunnen bijdragen tot onordelijke handelsomstandigheden op de markt en (b) alle onordelijke handelsomstandigheden op de markt te beheren die door deze systemen voor algoritmische handel ontstaan. Daarbij wordt inzonderheid de invoering van syste- men geëist om de verhouding tussen het aantal niet- uitgevoerde orders en het aantal transacties dat door een lid of een deelnemer in het handelssysteem kan worden ingevoerd, te beperken, om in staat te zijn de orderstroom af te remmen indien het risico bestaat dat de systeemcapaciteit wordt bereikt, en om de minimale verhandelingseenheid op de markt te beperken en te handhaven. § 7. De marktexploitant ziet erop toe dat een gere- glementeerde markt die directe elektronische toegang toestaat, over doeltreffende systemen, procedures en regelingen beschikt om te garanderen dat dergelijke diensten alleen mogen worden verleend door leden of deelnemers die een beleggingsonderneming zijn waar- aan op grond van Richtlijn 2014/65/EU een vergunning is verleend, of een kredietinstelling waaraan op grond van Richtlijn 2013/36/EU een vergunning is verleend, dat adequate criteria worden vastgesteld en toegepast om de geschiktheid te bepalen van personen aan wie dergelijke toegang mag worden geboden, en dat het lid of de deelnemer, wat de voorschriften van Richtlijn 2014/65/EU betreft, verantwoordelijk blijft voor de orders en de handelstransacties die met gebruikmaking van deze dienst zijn uitgevoerd. De marktexploitant ziet erop toe dat de gereglemen- teerde markt die hij exploiteert en/of beheert, passende normen inzake risicocontroles en -drempels voor de handel via dergelijke toegang vaststelt en in staat is orders of handelstransacties van een persoon die van directe elektronische toegang gebruikmaakt, te onder- scheiden van andere orders of handelstransacties van het betrokken lid of de betrokken deelnemer en, indien nodig, ook in staat is eerstgenoemde orders of handel- stransacties afzonderlijk stop te zetten. De marktexploitant ziet erop toe dat gereglementeer- de markt die hij exploiteert en/of beheert, over regelin- gen beschikt om de verlening van directe elektronische toegang door een lid of deelnemer aan een cliënt op te schorten of te beëindigen indien niet aan de vereisten van deze paragraaf wordt voldaan § 8. De regels van de gereglementeerde markten inzake colocatiediensten zijn transparant, billijk en niet-discriminerend. essais, (a) pour garantir que les systèmes de trading algorithmique ne donnent pas naissance ou ne contri- buent pas à des conditions de négociation de nature à perturber le bon ordre du marché, et (b) pour gérer les conditions de négociation de nature à perturber le bon ordre du marché qui découlent de ces systèmes de trading algorithmique. Est notamment exigée la mise en place de sys- tèmes permettant de limiter la proportion d’ordres non exécutés par rapport aux transactions susceptibles d’être introduites dans le système par un membre ou un participant, de ralentir le fl ux d’ordres si le système risque d’atteindre sa capacité maximale ainsi que de limiter le pas minimal de cotation sur le marché et de veiller à son respect. § 7. L’opérateur de marché veille à ce qu’un marché réglementé offrant un accès électronique direct dis- pose de systèmes, de procédures et de mécanismes efficaces pour garantir que les membres ou participants ne sont autorisés à fournir de tels services que s’ils ont la qualité d’entreprise d’investissement agréée confor- mément à la Directive 2014/65/UE ou d’établissement de crédit agréé conformément à la Directive 2013/36/ UE, que des critères adéquats sont établis et appliqués pour déterminer l’adéquation des personnes auxquelles cet accès peut être accordé et que le membre ou par- ticipant reste responsable des ordres et transactions exécutés au moyen de ce service en ce qui concerne les exigences de la Directive 2014/65/UE. L’opérateur de marché veille à ce que le marché régle- menté qu’il exploite et/ou gère établisse des normes appropriées concernant les contrôles des risques et les seuils de risque applicables à la négociation par l’inter- médiaire d’un tel accès et est en mesure de distinguer les ordres ou transactions exécutés par une personne utilisant l’accès électronique direct des autres ordres ou transactions exécutés par le membre ou le participant et, si nécessaire, de les bloquer. L’opérateur de marché veille à ce que le marché réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose de méca- nismes permettant de suspendre ou de mettre fi n à l’accès électronique direct accordé à un client par un membre ou un participant en cas de non-respect du présent paragraphe. § 8. Les règles des marchés réglementés en matière de services de colocalisation sont transparentes, équi- tables et non discriminatoires. 28 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 9. De marktexploitant ziet erop toe dat de vergoe- dingsstructuren van de gereglementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert, inclusief uitvoeringsver- goedingen, nevenvergoedingen en eventuele kortin- gen, transparant, billijk en niet-discriminerend zijn en geen stimulansen inhouden om orders te plaatsen, te wijzigen of te annuleren om transacties uit te voeren op een manier die bijdraagt tot onordelijke handels- omstandigheden op de markt of marktmisbruik. De gereglementeerde markten schrijven in het bijzonder voor dat een gereglementeerde markt market-making verplichtingen oplegt voor afzonderlijke aandelen of een geschikte mand van aandelen, in ruil voor eventueel toegestane kortingen. Gereglementeerde markten kunnen hun vergoe- dingen voor geannuleerde orders aanpassen aan de tijdspanne waarin het order gold, en hun vergoedingen aanpassen aan elk fi nancieel instrument waarvoor zij gelden. Gereglementeerde markten kunnen hogere vergoe- dingen opleggen voor het plaatsen van een order dat naderhand wordt geannuleerd, dan voor een order dat wordt uitgevoerd, en een hogere vergoeding opleggen aan deelnemers met een hoge verhouding van geannu- leerde orders tot uitgevoerde orders en aan deelnemers die een hoogfrequentie algoritmische handelstechniek aanwenden, om de extra belasting van de systeemca- paciteit te weerspiegelen. § 10. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere- glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert, door middel van markeringen van leden of deelnemers kan aangeven welke orders het resultaat zijn van al- goritmische handel, welke verschillende algoritmen voor de totstandkoming van de orders zijn gebruikt en welke personen de orders hebben geïnitieerd. Deze informatie wordt desgevraagd ter beschikking gesteld van de FSMA. § 11. De marktexploitant stelt de FSMA op verzoek gegevens over het orderboek van de gereglementeerde markt ter beschikking of verleent de FSMA toegang tot het orderboek, zodat zij in staat is de handel te monitoren. Art. 23 § 1. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere- glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert, regelingen vaststelt met betrekking tot de verhandelings- eenheden voor aandelen, depositary receipts, beursver- handelde fondsen, certifi caten en andere soortgelijke fi nanciële instrumenten, alsook met betrekking tot alle § 9. L’opérateur de marché veille à ce que les struc- tures tarifaires du marché réglementé qu’il exploite et/ou gère, y compris les frais d’exécution, les commissions pour services auxiliaires et les rabais éventuels sont transparents, équitables et non discriminatoires et ne créent pas d’incitants à passer, modifi er ou annuler des ordres pour exécuter des transactions d’une façon qui contribue à des conditions de négociation de nature à perturber le bon ordre du marché ou à conduire à des abus de marché. En particulier, les marchés réglemen- tés imposent au marché des obligations de tenue de marché sur les actions individuelles ou sur un panier adapté d’actions en échange de tout rabais octroyé. Les marchés réglementés peuvent adapter leurs tarifs pour les ordres annulés en fonction de la durée pendant laquelle l’ordre a été maintenu et calibrer les tarifs en fonction de chaque instrument fi nancier auquel ils s’appliquent. Les marchés réglementés peuvent imposer des tarifs plus élevés pour passer un ordre qui est ensuite annulé plutôt qu’un ordre qui est exécuté et imposer des tarifs plus élevés aux participants qui passent une proportion élevée d’ordres annulés par rapport aux ordres exécutés et à ceux qui appliquent une technique de trading algo- rithmique à haute fréquence, afi n de refl éter la charge supplémentaire que cela représente sur la capacité du système. § 10. L’opérateur de marché veille à ce que le mar- ché réglementé qu’il exploite et/ou gère soit en mesure d’identifi er, au moyen d’un marquage effectué par les membres ou participants, les ordres générés par le trading algorithmique, les différents algorithmes utilisés pour la création d’ordres et les personnes pertinentes initiant ces ordres. Ces informations sont mises à la disposition de la FSMA sur demande. § 11. L’opérateur de marché met à la disposition de la FSMA, à la demande de cette dernière, les données relatives au carnet d’ordres du marché réglementé, ou permet à la FSMA d’accéder au carnet d’ordres afi n que celle-ci puisse suivre les transactions. Art. 23 § 1er. L’opérateur de marché veille à ce que le mar- ché réglementé qu’il exploite et/ou gère adopte des régimes de pas de cotation en actions, en certifi cats représentatifs, en fonds cotés, en certifi cats préféren- tiels et autres instruments fi nanciers similaires ainsi qu’en tout autre instrument fi nancier pour lequel sont 29 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 andere fi nanciële instrumenten waarvoor overeenkom- stig artikel 49, leden 3 en 4, van Richtlijn 2014/65/EU technische reguleringsnormen worden ontwikkeld. § 2. De in paragraaf 1 bedoelde regelingen met be- trekking tot verhandelingseenheden: 1° worden zo ingedeeld dat zij het liquiditeitsprofi el van het bewuste fi nanciële instrument op verschillende markten en op de gemiddelde bid-ask spread weerge- ven, waarbij rekening wordt gehouden met de wenselijk- heid van redelijk stabiele prijzen en waarbij de verdere verkleining van de spreads niet nodeloos wordt beperkt; 2° zijn zo opgezet dat de omvang van de verhande- lingseenheid aan elk fi nancieel instrument is aangepast. Art. 24 Marktexploitanten zien erop toe dat de gereglemen- teerde markten die zij beheren en/of exploiteren, en hun leden of deelnemers de beursklokken synchroniseren die zij hanteren om de datum en tijd van aan te melden verrichtingen te registreren. Onderafdeling 8 Toelating, opschorting en uitsluiting van fi nanciële instrumenten Art. 25 § 1. Op advies van de FSMA en na raadpleging van de marktexploitanten bedoeld in artikel 7, kan de Koning de minimumvoorwaarden bepalen voor de toelating van de verschillende categorieën van fi nanciële instrumenten tot de verhandeling op de gereglementeerde markten. Hij kan de marktexploitanten toelaten om af te wijken van de toelatingsvoorwaarden die Hij aangeeft, voor zover dergelijke afwijkingen algemeen gelden voor alle emittenten die zich in gelijkaardige omstandighe- den bevinden. § 2. Onverminderd de bevoegdheid van de FSMA om het toelatingsprospectus goed te keuren krachtens de wet van 16 juni 2006 op de openbare aanbieding van beleggingsinstrumenten en de toelating van beleg- gingsinstrumenten tot de verhandeling op een geregle- menteerde markt wordt over de toelating van fi nanciële instrumenten tot de verhandeling op een Belgische gere- glementeerde markt beslist door de marktexploitant die deze markt organiseert. In de gevallen waarin Richtlijn élaborées des normes techniques de réglementation, conformément à l’article 49, paragraphes 3 et 4, de la Directive 2014/65/UE. § 2. Les régimes de pas de cotation visés au para- graphe 1er: 1° sont calibrés pour refl éter le profi l de liquidité de l’instrument fi nancier sur différents marchés et l’écart moyen entre les cours vendeur et acheteur, en tenant compte de l’intérêt de veiller à avoir des prix relativement stables sans limiter de manière excessive la réduction progressive des écarts; 2° adaptent le pas de cotation à chaque instrument fi nancier selon les besoins. Art. 24 Les opérateurs de marché veillent à ce que les marchés règlementés qu’ils gèrent et/ou exploitent ainsi que leurs membres ou leurs participants syn- chronisent les horloges professionnelles utilisées pour enregistrer la date et l’heure de tout événement méritant d’être signalé. Sous-section 8 Admission, suspension et retrait d’instruments fi nanciers Art. 25 § 1er. Le Roi, sur avis de la FSMA et après consultation des opérateurs de marché visés à l’article 7, peut défi nir les conditions minimales d’admission des différentes catégories d’instruments fi nanciers aux négociations sur les marchés réglementés. Il peut autoriser les opérateurs de marché à déroger aux conditions d’admission qu’Il spécifi e pour autant que de telles dérogations soient d’application générale pour tous les émetteurs qui se trouvent dans des cir- constances analogues. § 2. Sans préjudice du pouvoir de la FSMA d’approu- ver le prospectus d’admission en vertu de la loi du 16 juin 2006 relative aux offres publiques d’instruments de placement et aux admissions d’instruments de placement à la négociation sur un marché réglementé, l’admission d’instruments fi nanciers aux négociations sur un marché réglementé belge est décidée par l’opé- rateur de marché qui organise ce marché. Dans les cas où la Directive 2001/34/CE s’applique, l’opérateur de 30 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2001/34/EG van toepassing is, is de marktexploitant de bevoegde autoriteit als bedoeld in artikel 11, lid 1, van dezelfde richtlijn. De FSMA kan zich tegen de toelating van een fi nancieel instrument verzetten indien de situ- atie van de uitgevende instelling, naar haar oordeel, zodanig is dat toelating in strijd zou zijn met het belang van de beleggers. Een tot de handel op een gereglementeerde markt toegelaten effect kan vervolgens tot de handel op an- dere gereglementeerde markten worden toegelaten, zelfs zonder de toestemming van de emittent, mits de toepasselijke bepalingen van Richtlijn 2003/71/EG wor- den nageleefd. De uitgevende instelling wordt door de betrokken andere gereglementeerde markten in kennis gesteld van het feit dat het effect op die gereglemen- teerde markten wordt verhandeld. De uitgevende instel- ling is geenszins verplicht de krachtens artikel 30, § 3, te verstrekken informatie rechtstreeks mede te delen aan een gereglementeerde markt die haar effecten zonder haar toestemming tot de handel heeft toegelaten. De marktexploitant kan voor de toelating van een fi nancieel instrument elke bijzondere voorwaarde stellen die hij aangewezen acht voor de bescherming van de belangen van de beleggers, en waarvan hij de emittent van dit instrument of de persoon die de toelating ervan aanvraagt, naargelang van het geval, vooraf in kennis heeft gesteld. Art. 26 § 1. Onverminderd het recht van de FSMA om de op- schorting van de handel in een fi nancieel instrument te eisen of de verhandeling van een fi nancieel instrument te verbieden conform artikel 78, kan een marktexploitant: 1° een fi nancieel instrument uitsluiten van de handel op een door hem georganiseerde Belgische geregle- menteerde markt indien hij vaststelt dat, omwille van bijzondere omstandigheden, een normale en regelma- tige markt voor dit instrument niet langer kan worden gehandhaafd; 2° de handel in een fi nancieel instrument dat tot de handel op een door hem georganiseerde gereglemen- teerde markt is toegelaten, opschorten of een dergelijk fi nancieel instrument van de handel uitsluiten, wanneer dat niet langer aan de regels van de gereglementeerde markt voldoet, tenzij een dergelijke opschorting of uit- sluiting de belangen van de beleggers of de ordelijke werking van de markt aanzienlijk zou kunnen schaden; 3° op eigen initiatief of op verzoek van de emittent, de verhandeling schorsen van een fi nancieel instrument marché est l’autorité compétente visée à l’article 11, paragraphe 1er, de la même directive. La FSMA peut s’opposer à l’admission d’un instrument fi nancier si, à son avis, la situation de l’émetteur est telle que l’admis- sion serait contraire à l’intérêt des investisseurs. Une valeur mobilière qui a été admise à la négo- ciation sur un marché réglementé peut être admise ultérieurement à la négociation sur d’autres marchés réglementés, même sans le consentement de l’émet- teur et dans le respect des dispositions pertinentes de la Directive 2003/71/CE. Cet autre marché réglementé informe l’émetteur que la valeur mobilière en question y est négociée. Un émetteur n’est pas tenu de fournir directement l’information exigée en vertu de l’article 30, § 3, à un marché réglementé qui a admis ses valeurs mobilières à la négociation sans son consentement. L’opérateur de marché peut subordonner l’admission d’un instrument fi nancier à toute condition particulière qu’il jugerait opportune pour la protection des intérêts des investisseurs et qu’il aurait communiquée préala- blement à l’émetteur de cet instrument ou à la personne qui en demande l’admission, selon le cas. Art. 26 § 1er. Sans préjudice du droit de la FSMA d’exiger la suspension ou d’interdire la négociation d’un instrument fi nancier conformément à l’article 78, un opérateur de marché peut: 1° retirer tout instrument fi nancier de la négocia- tion sur le marché réglementé qu’il organise lorsqu’il conclut qu’en raison de circonstances particulières, le marché normal et régulier de cet instrument ne peut plus être maintenu; 2° suspendre ou retirer de la négociation tout ins- trument fi nancier admis à la négociation sur le marché réglementé qu’il organise lorsque l’instrument n’obéit plus aux règles du marché réglementé, sauf si une telle suspension ou un tel retrait est susceptible de léser d’une manière signifi cative les intérêts des investis- seurs ou de compromettre le fonctionnement ordonné du marché; 3° d’initiative ou à la demande de l’émetteur, sus- pendre la négociation d’un instrument fi nancier admis 31 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 dat is toegelaten tot de verhandeling op een door hem georganiseerde gereglementeerde markt, zo het risico bestaat dat de goede werking van de markt voor dit instrument tijdelijk niet is verzekerd, of om de bekend- making van informatie betreffende dit instrument onder behoorlijke omstandigheden toe te laten. In de gevallen bedoeld in de bepalingen onder 1° en 2°, deelt hij dit vooraf mee aan de FSMA. De FSMA kan zich, na overleg met hem, verzetten tegen deze opschor- ting of uitsluiting, in het belang van de bescherming van de beleggers, behoudens wanneer de opschorting of de uitsluiting van een afgeleid instrument automatisch voortvloeit uit de marktregels die de FSMA zelf met toepassing van artikel 34 heeft goedgekeurd. De marktexploitant moet de verhandeling schorsen van een fi nancieel instrument dat is toegelaten tot de verhandeling op een door hem georganiseerde geregle- menteerde markt indien de FSMA, na overleg met hem, hem erom verzoekt in het belang van de bescherming van de beleggers. § 2. Een marktexploitant die de handel in een fi nan- cieel instrument opschort of een fi nancieel instrument van de handel uitsluit, doet hetzelfde met de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële in- strument of daarnaar verwijzen indien dit noodzakelijk is ter ondersteuning van de doelstellingen van de op- schorting of uitsluiting van het onderliggende fi nanciële instrument. De marktexploitant maakt deze beslissing over de opschorting of uitsluiting van het fi nanciële in- strument en van eventuele hiermee verband houdende derivaten openbaar en stelt de FSMA in kennis van de beslissingen in kwestie. In het geval van een marktexploitant naar Belgisch recht, schrijft de FSMA voor dat de andere gereglemen- teerde markten, MTF’s, OTF’s en systematische inter- naliseerders die onder haar bevoegdheid vallen en han- delen in hetzelfde fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instru- ment of daarnaar verwijzen, eveneens de handel in dat fi nanciële instrument of in deze derivaten opschorten of dat fi nanciële instrument of deze derivaten uitsluiten van de handel, indien de opschorting of uitsluiting te wijten is aan vermoedelijk marktmisbruik, een overnamebod of het niet openbaar maken van voorwetenschap over de emittent of het fi nanciële instrument in strijd met de artikelen 7 en 17 van Verordening 596/2014 behalve indien een dergelijke maatregel de belangen van de beleggers of het ordelijk functioneren van de markt aanzienlijk zou kunnen schaden. aux négociations sur le marché réglementé qu’elle organise lorsque le bon fonctionnement du marché de cet instrument risque temporairement de ne pas être assuré ou afi n de permettre la publication d’une infor- mation concernant cet instrument dans des conditions satisfaisantes. Dans les cas visés aux 1° et 2°, il en informe préala- blement la FSMA. La FSMA peut, après concertation avec lui, s’opposer à cette suspension ou ce retrait dans l’intérêt de la protection des investisseurs, sauf s’il s’agit de la suspension ou du retrait d’un instrument dérivé qui découle automatiquement des règles de marché que la FSMA elle-même a approuvées en application de l’article 34. L’opérateur de marché suspend la négociation d’un instrument fi nancier admis à la négociation sur le mar- ché réglementé qu’il organise lorsque, après concerta- tion avec lui, la FSMA le lui demande dans l’intérêt de la protection des investisseurs. § 2. Un opérateur de marché qui suspend ou retire un instrument fi nancier de la négociation suspend ou retire également les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font réfé- rence à cet instrument fi nancier lorsque la suspension ou le retrait est nécessaire pour soutenir les objectifs de la suspension ou du retrait de l’instrument fi nancier sous-jacent. L’opérateur de marché rend publique sa décision de suspension ou de retrait de l’instrument fi nancier et des instruments dérivés qui sont liés et communique les décisions pertinentes à la FSMA. Dans le cas d’un opérateur de marché de droit belge, la FSMA exige que les autres marchés réglementés, MTF, OTF et internalisateurs systématiques qui relèvent de sa compétence et négocient le même instrument fi nancier ou les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font réfé- rence à cet instrument fi nancier, suspendent ou retirent également cet instrument fi nancier ou ces instruments dérivés de la négociation, lorsque la suspension ou le retrait résulte d’un abus présumé de marché, d’une offre publique d’achat ou de la non-communication d’informa- tions privilégiées relatives à l’émetteur ou à l’instrument fi nancier en violation des articles 7 et 17 du Règlement 596/2014, sauf dans les situations où les intérêts des investisseurs ou le fonctionnement ordonné du marché pourraient être affectés d’une manière signifi cative par une telle suspension ou un tel retrait. 32 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 De FSMA deelt de in het eerste en tweede lid be- doelde beslissingen mee aan ESMA en aan andere bevoegde autoriteiten, en bezorgt hen een toelichting indien niet is besloten tot opschorting of uitsluiting van de handel van het fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële in- strument of daarnaar verwijzen. De FSMA maakt haar beslissing onmiddellijk openbaar. Deze paragraaf is ook van toepassing bij opheffing van de opschorting van de handel van het fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband hou- den met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwijzen. De in deze paragraaf bedoelde kennisgevingspro- cedure is ook van toepassing ingeval de beslissing tot opschorting of uitsluiting van de handel van een fi nancieel instrument of van de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwijzen, door de FSMA wordt genomen overeenkomstig artikel 78. Art. 27 De marktexploitant neemt de nodige maatregelen om te vermijden dat zijn commerciële doelstellingen de onafhankelijkheid van beoordeling bij de uitvoering van de in de artikelen 25 en 26 bedoelde taken in het gedrang brengen. Art. 28 Personeelsleden van de marktexploitant die mee- werken aan de uitvoering van de in de artikelen 25 en 26 bedoelde taken, alsook de personen die voornoemde taken in het verleden hebben uitgevoerd, zijn gebonden door het beroepsgeheim en mogen de vertrouwelijke informatie waarvan zij kennis hebben gekregen tijdens de uitvoering van deze taken, niet onthullen. Dit verbod doet evenwel geen afbreuk aan de mededeling van dergelijke informatie: 1° aan de FSMA, aan de personen die bij andere gereglementeerde markten gelijkaardige functies uitoe- fenen als die bedoeld in dit punt, en, in het algemeen, aan Belgische of buitenlandse overheden of instellingen die zijn belast met het toezicht op de markten voor fi nan- ciële instrumenten met betrekking tot aangelegenheden waarvoor zij bevoegd zijn, op voorwaarde dat de infor- matie die aldus wordt uitgewisseld, is gedekt door een La FSMA communique les décisions visées aux alinéas 1er et 2 à l’AEMF et aux autres autorités compé- tentes, en expliquant son choix lorsqu’elle décide de ne pas suspendre ou retirer de la négociation l’instrument fi nancier ou les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier. La FSMA rend immédiatement publique sa décision. Le présent paragraphe s’applique également lorsqu’est levée la suspension de la négociation de l’instrument fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier. La procédure de notifi cation visée au présent para- graphe s’applique également au cas où la décision de suspendre ou de retirer de la négociation l’instrument fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier est prise par la FSMA conformément à l’article 78. Art. 27 L’opérateur de marché prend les mesures nécessaires pour que ses objectifs commerciaux ne mettent pas en cause l’indépendance de jugement qui doit présider à l’exercice des missions visées aux articles 25 et 26. Art. 28 Les employés de l’opérateur de marché qui colla- borent à l’exécution des missions visées aux articles 25 et 26, ainsi que les personnes qui ont exercé par le passé les fonctions précitées, sont tenus au secret professionnel et ne peuvent divulguer les informations confi dentielles dont ils ont eu connaissance en raison de l’exécution de ces missions. Cette interdiction ne fait cependant pas obstacle à la communication de ces informations: 1° à la FSMA, aux personnes exerçant des fonc- tions similaires à celles visées au présent point auprès d’autres marchés réglementés et, de manière générale, à des autorités ou organismes belges ou étrangers chargés de la surveillance des marchés d’instruments fi nanciers pour les questions relevant de leurs compé- tences, à condition que les informations ainsi échangées soient couvertes par un devoir de secret professionnel 33 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 gelijkwaardige geheimhoudingsplicht in hoofde van de overheden of instellingen die deze informatie ontvangen; 2° tijdens een getuigenis in rechte in strafzaken; 3° om aan de gerechtelijke overheden aangifte te doen van strafrechtelijke overtredingen; 4° in het kader van administratieve of gerechtelijke be- roepsprocedures tegen de beslissingen van de FSMA. Zonder afbreuk te doen aan artikel 26 en onvermin- derd de mogelijkheid voor marktexploitanten om de marktexploitanten van andere gereglementeerde mark- ten rechtstreeks te informeren, maakt de marktexploitant die de handel in een fi nancieel instrument opschort of een fi nancieel instrument uitsluit van de handel deze beslissing openbaar en stelt hij de FSMA in kennis van de ter zake dienende informatie. Art. 29 Financiële instrumenten uitgegeven door een markt- exploitant of door een rechtspersoon waarmee een der- gelijke exploitant nauwe banden heeft, kunnen slechts tot de verhandeling op een door deze exploitant geor- ganiseerde Belgische gereglementeerde markt worden toegelaten met de voorafgaande toestemming van de FSMA en onder de voorwaarden die zij kan bepalen teneinde belangenconfl icten te vermijden. De opschor- ting en uitsluiting van dergelijke fi nanciële instrumenten wordt door de FSMA uitgesproken overeenkomstig de toepasselijke marktregels. Derivaten die de marktexploitant zelf of een rechts- persoon met wie hij nauwe banden heeft, niet als onderliggende hebben, worden niet door het eerste lid geviseerd. Onderafdeling 9 Marktregels Art. 30 § 1. De marktexploitant zorgt ervoor dat duidelijke en transparante regels worden vastgesteld betreffende de toelating van fi nanciële instrumenten tot de handel. Deze regels zorgen ervoor dat alle fi nanciële instru- menten die tot de handel op een gereglementeerde markt worden toegelaten, op billijke, ordelijke en effici- ente wijze kunnen worden verhandeld en dat zij, in het geval van effecten, vrij verhandelbaar zijn. équivalent dans le chef des autorités ou organismes qui les reçoivent; 2° lors d’un témoignage en justice en matière pénale; 3° pour dénoncer des infractions pénales aux auto- rités judiciaires; 4° dans le cadre de recours administratifs ou juridic- tionnels contre les décisions de la FSMA. Sans préjudice de l’article 26 et nonobstant la possi- bilité dont disposent les opérateurs de marché d’infor- mer directement les opérateurs de marché organisant d’autres marchés réglementés, l’opérateur de marché qui suspend la négociation ou retire un instrument fi nancier de la négociation rend sa décision publique et communique les informations pertinentes à la FSMA. Art. 29 Les instruments fi nanciers émis par un opérateur de marché ou par une personne morale avec laquelle un tel opérateur a des liens étroits ne peuvent être admis aux négociations sur un marché réglementé belge organisé par cet opérateur que moyennant l’accord préalable de la FSMA et aux conditions que celle-ci peut défi nir en vue d’éviter des confl its d’intérêts. La suspension et le retrait de tels instruments fi nanciers sont prononcées par la FSMA conformément aux règles de marché applicables. Ne sont pas visés par l’alinéa 1er les instruments dérivés qui n’ont pas pour sous-jacent l’opérateur de marché lui-même ou une personne morale qui a des liens étroits avec celui-ci. Sous-section 9 Règles de marché Art. 30 § 1er. L’opérateur de marché veille à ce que des règles claires et transparentes soient établies concernant l’admission des instruments fi nanciers à la négociation. Ces règles garantissent que tout instrument fi nancier admis à la négociation sur un marché réglementé est susceptible de faire l’objet d’une négociation équitable, ordonnée et efficace et, dans le cas des valeurs mobi- lières, d’être négocié librement. 34 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 2. In het geval van derivaten zorgen de in paragraaf 1 bedoelde regels er met name voor dat de vorm van het derivatencontract verenigbaar is met een ordelijke koers- vorming en met doeltreffende afwikkelingsvoorwaarden. § 3. Naast de in de paragrafen 1 en 2 neergelegde verplichtingen moeten de marktexploitanten ervoor zor- gen dat de gereglementeerde markten die zij exploiteren en/of beheren doeltreffende regelingen treffen en hand- haven om te verifi ëren of emittenten van effecten die tot de verhandeling op de gereglementeerde markt worden toegelaten, hun uit het recht van de Europese Unie voortvloeiende verplichtingen inzake de initiële, perio- dieke en occasionele informatieverstrekking nakomen. Marktexploitanten zorgen ervoor dat de geregle- menteerde markten die zij exploiteren en/of beheren regelingen treffen die de toegang van hun leden of deel- nemers tot overeenkomstig het recht van de Europese Unie openbaar gemaakte informatie vergemakkelijken. § 4. De marktexploitanten zorgen ervoor dat de gere- glementeerde markten die zij beheren en/of exploiteren de nodige regelingen treffen om regelmatig te verifi ëren of de door hen tot de verhandeling toegelaten fi nanciële instrumenten aan de toelatingsvoorwaarden voldoen. Art. 31 §  1. De marktregels van de gereglementeerde markten omvatten op objectieve criteria gebaseerde, transparante en niet-discriminerende regels die de toe- gang tot of het lidmaatschap van de gereglementeerde markt regelen. § 2. In de in paragraaf 1 bedoelde regels worden alle door de leden of de deelnemers in acht te nemen verplichtingen gespecifi ceerd die voortvloeien uit: 1° de oprichting en het beheer van de gereglemen- teerde markt; 2° de regels inzake transacties op de markt; 3° de beroepsnormen die gelden voor het personeel van de op de markt opererende beleggingsondernemin- gen of kredietinstellingen; 4° de in paragraaf 3 vastgestelde voorwaarden voor leden of deelnemers die geen beleggingsondernemin- gen of kredietinstellingen zijn; § 2. En ce qui concerne les instruments dérivés, les règles visées au paragraphe 1er assurent notamment que les caractéristiques du contrat dérivé permettent une cotation ordonnée, ainsi qu’un règlement efficace. § 3. Outre les obligations prévues aux paragraphes 1er et 2, les opérateurs de marchés veillent à ce que les marchés réglementés qu’ils exploitent et/ou gèrent mettent en place et maintiennent des dispositions effi- caces leur permettant de vérifi er que les émetteurs des valeurs mobilières qui sont admises à la négociation sur le marché réglementé se conforment aux prescriptions du droit de l’Union européenne concernant les obli- gations en matière d’information initiale, périodique et occasionnelle. Les opérateurs de marché veillent à ce que les marchés réglementés qu’ils exploitent et/ou gèrent instaurent des dispositions facilitant l’accès de leurs membres ou de leurs participants à l’information rendue publique en vertu du droit de l’Union européenne. § 4. Les opérateurs de marchés veillent à ce que les marchés réglementés qu’ils gèrent et/ou exploitent mettent en place les dispositions nécessaires pour contrôler régulièrement le respect des conditions d’admission des instruments fi nanciers qu’ils ont admis à la négociation. Art. 31 § 1er. Les règles de marché des marchés réglementés comportent des règles transparentes et non discrimina- toires, fondées sur des critères objectifs, qui régissent l’accès ou l’adhésion des membres à ces marchés. § 2. Les règles visées au paragraphe 1er précisent toutes les obligations incombant aux membres ou aux participants en vertu: 1° des actes de constitution et d’administration du marché réglementé concerné; 2° des dispositions relatives aux transactions qui y sont conclues; 3° des normes professionnelles imposées au person- nel des entreprises d’investissement ou des établisse- ments de crédit opérant sur le marché; 4° des conditions fi xées au paragraphe 3 pour les membres ou les participants autres que les entreprises d’investissement et les établissements de crédit; 35 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 5° de regels en procedures voor de verrekening en vereffening van transacties die op de gereglementeerde markt zijn uitgevoerd. § 3. Als leden of deelnemers van de gereglemen- teerde markten kunnen de beleggingsondernemingen en de op grond van Richtlijn 2013/36/EU vergunning- houdende kredietinstellingen worden toegelaten, alsook de andere personen die: 1° betrouwbaar zijn; 2° over toereikende bekwaamheden en bevoegdhe- den voor de handel beschikken; 3° waar van toepassing adequate organisatorische regelingen hebben getroffen; 4° over voldoende middelen beschikken voor de rol die zij moeten vervullen, rekening houdend met de verschillende fi nanciële regelingen die de geregle- menteerde markt eventueel heeft vastgesteld om de adequate afwikkeling van transacties te garanderen. § 4. De lidstaten en de deelnemers van de geregle- menteerde markten hoeven voor op een gereglemen- teerde markt uitgevoerde transacties onderling niet de verplichtingen na te komen van artikel 27, § 1, § 2, eerste lid, § 3, eerste lid en §§ 5 tot 9, artikel 27bis, §§ 1 tot 7, artikel 27ter, §§ 1 tot 3 en §§ 5 tot 8, artikel 27quater en artikel 28 van de wet van 2 augustus 2002. De leden van of deelnemers aan de gereglementeerde markt passen evenwel de voormelde bepalingen toe jegens hun cliën- ten wanneer zij in naam van hun cliënten de orders van die cliënten op een gereglementeerde markt uitvoeren. §  5. De regels inzake de toegang tot of het lid- maatschap van een gereglementeerde markt dienen rechtstreekse deelneming of deelneming op afstand van beleggingsondernemingen en kredietinstellingen mogelijk te maken. Art. 32 § 1. Elke overeenkomst die in een wederzijdse toe- gang van leden voorziet tussen een Belgische geregle- menteerde markt en één of meer andere multilaterale systemen, moet vooraf ter kennis worden gebracht van de FSMA. De FSMA gaat na of de artikelen 31 en 35 tot 38 en de ter uitvoering ervan vastgestelde bepa- lingen zijn nageleefd. Het akkoord kan slechts worden uitgevoerd indien de FSMA binnen dertig dagen na de kennisgeving ervan geen schriftelijk bezwaar aan de betrokken marktexploitant heeft meegedeeld. 5° des règles et des procédures relatives à la com- pensation et à la liquidation des transactions qui sont conclues sur le marché réglementé. § 3. Peuvent être admis en tant que membres ou participants des marchés réglementés les entreprises d’investissement et les établissements de crédit agréés au titre de la Directive 2013/36/UE, ainsi que d’autres personnes qui: 1° présentent des qualités d’honorabilité; 2° présentent un niveau suffisant d’aptitude et de compétence pour la négociation; 3° disposent, le cas échéant, d’une organisation appropriée; 4° détiennent des ressources suffisantes pour le rôle qu’elles doivent assumer, compte tenu des différents mécanismes fi nanciers que le marché réglementé pour- rait avoir mis en place en vue de garantir le règlement approprié des transactions. § 4. Les États membres et participants des marchés réglementés ne sont pas tenus de s’imposer mutuel- lement les obligations énoncées à l’article 27, § 1er, § 2, alinéa 1er, § 3, alinéa 1er et §§ 5 à 9, l’article 27bis, §§ 1er à 7, l’article 27ter, §§ 1er à 3 et §§ 5 à 8, l’article 27quater et l’article 28 de la loi du 2 août 2002 en ce qui concerne les transactions conclues sur un marché réglementé. Toutefois, les membres ou participants du marché réglementé appliquent les dispositions susmen- tionnées en ce qui concerne leurs clients lorsque, en agissant pour le compte de ceux-ci, ils exécutent leurs ordres sur un marché réglementé. § 5. Les règles des marchés réglementés régissant l’accès ou l’adhésion des membres à ces marchés doivent prévoir la participation directe ou à distance d’entreprises d’investissement et d’établissements de crédit. Art. 32 § 1er. Tout accord établissant un accès croisé des membres entre un marché réglementé belge et un ou plusieurs autres systèmes multilatéraux doit faire l’objet d’une notifi cation préalable à la FSMA. La FSMA vérifi e le respect des articles 31 et 35 à 38 et des dispositions arrêtées en application de ceux-ci. L’accord ne peut être mis à exécution que si la FSMA n’a pas communiqué d’objection écrite aux opérateurs de marché concernés dans les trente jours de la notifi cation de l’accord. 36 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 2. De koppeling van een Belgische gereglemen- teerde markt aan enig platform of gecentraliseerd geautomatiseerd verhandelingssysteem dat met één of meer andere multilaterale systemen is opgezet, vereist de toelating van de minister op advies van de FSMA. De minister kan zijn toelating laten afhangen van elke passende voorwaarde ter vermijding van regulatoire arbitrage of andere specifi eke risico’s die de beleggers of de goede werking, de integriteit of de transparantie van de markt kunnen schaden. Art. 33 Teneinde de goede werking, de integriteit en de transparantie van de markt te verzekeren, moeten de marktregels van een gereglementeerde markt: 1° de verhandelingen op zodanige wijze organiseren dat een efficiënte en transparante koersvorming in de hand wordt gewerkt in het belang van alle beleggers; 2° geschikte uitvoeringsmaatregelen opstellen voor de vaststelling van toonaangevende referentiekoersen, met inbegrip van de dagelijkse slotkoersen, en voor het ontwerpen van afgeleide instrumenten en indexen, teneinde deze koersen, instrumenten en indexen minder gevoelig te maken voor koersmanipulaties en andere marktmisbruiken; 3° geschikte procedures vaststellen voor het fi lteren van orders, met inbegrip van adequate controleproce- dures in geval van elektronische ordertransmissie; 4° geschikte maatregelen treffen voor het bevriezen van orders of het stilleggen van de handel in geval van overdreven volatiliteit van de koersen. Art. 34 § 1. De marktregels en alle wijzigingen ervan die- nen vooraf door de FSMA, in het kader van haar in artikel 7, § 3, tweede lid, bepaald toezicht, te worden goedgekeurd. De marktexploitant zorgt voor de bekendmaking en bijwerking van de marktregels op haar website en in gedrukte vorm. De goedkeuring door de FSMA van de regels en van de latere wijzigingen wordt bekendge- maakt op haar website. Indien de marktexploitant in gebreke blijft de markt- regels aan te passen aan de wijzigingen van de toepas- selijke wettelijke of reglementaire bepalingen, kan de § 2. L’interconnexion d’un marché réglementé belge avec toute plateforme ou tout système informatique cen- tralisé de négociation mis en place avec un ou plusieurs autres systèmes multilatéraux doit faire l’objet de l’auto- risation du ministre, sur avis de la FSMA. Le ministre peut subordonner son autorisation à toute condition appropriée visant à éviter des arbitrages réglementaires ou autres risques spécifi ques susceptibles de nuire aux intérêts des investisseurs ou au bon fonctionnement, à l’intégrité ou à la transparence du marché. Art. 33 En vue d’assurer le bon fonctionnement, l’intégrité et la transparence du marché, les règles de marché d’un marché réglementé doivent: 1° organiser les négociations de manière à favoriser la détermination efficiente et transparente des cours dans l’intérêt de l’ensemble des investisseurs; 2° prévoir des mesures d’exécution appropriées pour la détermination de cours de référence clés, y compris les cours de clôture journaliers, et pour la conception d’instruments dérivés et d’indices, de manière à réduire la sensibilité de ces cours, instruments et indices aux manipulations de cours et autres abus de marché; 3° prévoir des procédures appropriées pour le fi ltrage des ordres, y compris des procédures de contrôle adé- quates en cas de routage électronique d’ordres; 4° prévoir des mesures appropriées de gel d’ordres ou d’interruption des négociations en cas de volatilité excessive des cours. Art. 34 § 1er. Les règles de marché et toutes modifi cations à ces règles sont soumises à l’approbation de la FSMA, dans le cadre de son contrôle visé à l’article 7, § 3, alinéa 2. L’opérateur de marché assure la publication et la mise à jour des règles de marché sur son site web et sous forme imprimée. L’approbation par la FSMA des règles et des modifi cations ultérieures fait l’objet d’une publication sur son site web. Si l’opérateur de marché reste en défaut d’adapter les règles de marchés aux modifi cations des dispositions législatives ou réglementaires applicables, le ministre 37 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 minister, op advies van de FSMA, de nodige wijzigingen in de marktregels aanbrengen en deze bekendmaken. § 2. De marktexploitant gaat na of de onderrichtin- gen en circulaires die ter uitvoering van de marktregels worden genomen, stroken met deze marktregels en met de toepasselijke wettelijke en reglementaire bepalingen. De FSMA kan haar goedkeuring van de marktregels of de wijzigingen ervan met toepassing van paragraaf 1, eerste lid, afhankelijk stellen van de voorwaarde dat de onderrichtingen of circulaires ter uitvoering van de bepalingen van de marktregels, en alle wijzigingen van deze onderrichtingen of circulaires vooraf aan een der- gelijke verifi catie door de FSMA worden onderworpen. Onderafdeling 10 Toezicht op de naleving van de regels van de gereglementeerde markten en informatieverstrekking aan de FSMA Art. 35 Marktexploitanten delen de lijst van de leden en de deelnemers van de gereglementeerde markten die zij exploiteren en/of beheren, geregeld aan de FSMA mee. Art. 36 § 1. Marktexploitanten zien erop toe dat de geregle- menteerde markten die zij exploiteren en/of beheren, effectieve regelingen en procedures, met inbegrip van de benodigde middelen, vaststellen en in stand houden om er regelmatig op toe te zien of hun leden en deel- nemers hun regels naleven. De marktexploitanten zien erop toe dat de gereglementeerde markten waken over: 1° de door hun leden of deelnemers volgens hun sys- temen verzonden orders, met inbegrip van annuleringen en verrichte transacties opdat inbreuken op deze regels kunnen worden onderkend; 2° de handelsvoorwaarden die de ordelijke werking van de markt kunnen verstoren; en 3° gedragingen die kunnen wijzen op praktijken die verboden zijn op grond van Verordening 596/2014 of systeemverstoringen in verband met een fi nancieel instrument. peut, sur avis de la FSMA, apporter les modifi cations nécessaires aux règles de marché et en assurer la publication. § 2. L’opérateur de marché vérifi e la conformité des instructions et circulaires prises en exécution des règles de marché avec celles-ci et avec les dispositions légis- latives et réglementaires applicables. La FSMA peut subordonner son approbation des règles de marché ou des modifi cations à celles-ci en application du para- graphe 1er, alinéa 1er, à la condition que les instructions ou circulaires portant exécution des dispositions des règles de marché et toutes modifi cations à ces instruc- tions ou circulaires soient préalablement soumises à une telle vérifi cation par la FSMA. Sous-section 10 Contrôle du respect des règles des marchés réglementés et fourniture d’information à la FSMA Art. 35 Les opérateurs de marché communiquent réguliè- rement à la FSMA la liste des membres et participants des marchés réglementés qu’ils exploitent et/ou gèrent. Art. 36 § 1er. Les opérateurs de marché veillent à ce que les marchés réglementés qu’ils exploitent et/ou gèrent instaurent et maintiennent des dispositions et procé- dures efficaces, y compris les ressources nécessaires, pour le contrôle régulier du respect de leurs règles par leurs membres ou leurs participants. Les opérateurs de marché veillent à ce que les marchés réglementés surveillent: 1° les ordres transmis, y compris les annulations et les transactions effectuées par leurs membres ou leurs participants dans le cadre de leurs systèmes, en vue de détecter les violations auxdites règles; 2° toute condition de négociation de nature à pertur- ber le bon ordre du marché; et 3° toute conduite potentiellement révélatrice d’un comportement qui est interdit en vertu du Règlement 596/2014 ou tout dysfonctionnement du système lié à un instrument fi nancier. 38 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 De FSMA kan nadere regels bepalen inzake de in het eerste lid bepaalde verplichtingen. § 2. Marktexploitanten die gereglementeerde markten exploiteren en/of beheren, stellen de FSMA onmiddel- lijk in kennis van ernstige inbreuken op hun regels, handelsvoorwaarden die de ordelijke werking van de markt verstoren, gedragingen die kunnen wijzen op praktijken die verboden zijn op grond van Verordening 596/2014 of systeemverstoringen in verband met een fi nancieel instrument. De FSMA stelt ESMA en de bevoegde autoriteiten van de overige lidstaten in kennis van de in het eerste lid bedoelde informatie. Wat de gedragingen betreft die kunnen wijzen op praktijken die verboden zijn op grond van Verordening 596/2014, moet de FSMA ervan overtuigd zijn dat een dergelijke praktijk plaatsvindt of heeft plaatsgevonden, voor zij de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten en ESMA op de hoogte stelt. § 3. Marktexploitanten verstrekken de FSMA zonder onnodige vertraging de toepasselijke informatie voor het onderzoeken en vervolgen van gevallen van markt- misbruik op de gereglementeerde markten en verlenen haar hun volledige medewerking bij het onderzoeken en vervolgen van gevallen van marktmisbruik die zich in of via de systemen van de gereglementeerde markt hebben voorgedaan. § 4. De Koning kan specifi eke regels bepalen met betrekking tot de in paragrafen 2 en 3 bepaalde verplich- tingen van de marktexploitanten wanneer het gaat om transacties op gereglementeerde marken inzake lineaire obligaties, schatkistcertifi caten en gesplitste effecten. Onderafdeling 11 Toegang tot de Belgische gereglementeerde markten door buitenlandse ondernemingen Art. 37 Zonder andere formaliteiten met betrekking tot de door Richtlijn 2014/65/EU beheerste materies, hebben beleggingsondernemingen en kredietinstellingen die zijn gevestigd in andere lidstaten waar zij een vergunning hebben gekregen om orders van cliënten uit te voeren of voor eigen rekening te handelen, het recht om lid te worden van of toegang te hebben tot de in België gere- gistreerde gereglementeerde markten door middel van één van de volgende regelingen: La FSMA peut déterminer des règles plus précises concernant les obligations visées à l’alinéa 1er. § 2. Les opérateurs de marché exploitant et/ou gérant des marchés réglementés communiquent immédia- tement à la FSMA toute violation importante de leurs règles, toute condition de négociation de nature à per- turber le bon ordre du marché, toute conduite potentiel- lement révélatrice d’un comportement qui est interdit en vertu du Règlement 596/2014 ou tout dysfonctionnement du système lié à un instrument fi nancier. La FSMA communique à l’AEMF et aux autorités compétentes des autres États membres les informations visées à l’alinéa 1er. En ce qui concerne les conduites potentiellement révélatrices d’un comportement qui est interdit en vertu du Règlement 596/2014, la FSMA doit être convaincue que ce comportement est ou a été commis avant d’en informer les autorités compétentes des autres États membres et l’AEMF. §  3. Les opérateurs de marché fournissent sans délai excessif les informations pertinentes à la FSMA en matière d’enquêtes et de poursuites concernant les abus de marché sur les marchés réglementés et prêtent à celle-ci toute l’aide nécessaire pour instruire et poursuivre les abus de marché commis sur ou via les systèmes du marché réglementé. §  4. Le Roi peut arrêter des règles spécifiques concernant les obligations visées aux paragraphes 2 et 3 qui incombent aux opérateurs de marché lorsque les transactions effectuées sur ces marchés portent sur des obligations linéaires, des certifi cats de trésorerie et des titres scindés. Sous-section 11 Accès aux marchés réglementés belges pour les entreprises étrangères Art. 37 Sans autres formalités en ce qui concerne les ma- tières régies par la Directive 2014/65/EU, les entreprises d’investissement et les établissements de crédit établis dans un autre État membre qui sont agréées dans celui- ci pour exécuter les ordres de clients ou pour négocier pour compte propre ont le droit de devenir membres des marchés réglementés enregistrés en Belgique ou d’y avoir accès, selon l’une des modalités suivantes: 39 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° rechtstreeks, door in België een bijkantoor te vestigen; 2° door op afstand lid te worden van of op afstand toegang te hebben tot de in België geregistreerde ge- reglementeerde markt zonder in België te moeten zijn gevestigd, indien de handelsprocedures en -systemen van de desbetreffende markt geen fysieke aanwezigheid vergen voor het sluiten van transacties op de markt. Art. 38 § 1. Marktexploitanten delen aan de FSMA mee in welke lidstaat zij voornemens zijn dergelijke voorzienin- gen te treffen waardoor de leden en de deelnemers die op hun grondgebied gevestigd zijn, beter in staat om op afstand toegang te krijgen tot de markten die zij beheren en/of exploiteren, en erop te handelen. De FSMA deelt deze informatie binnen een maand mee aan de lidstaat waar de marktexploitant voorne- mens is dergelijke voorzieningen te treffen. De FSMA kan deze informatie eveneens doorgeven aan ESMA, als deze daarom verzoekt. § 2. De FSMA deelt, op verzoek van de bevoegde au- toriteit van de lidstaat van ontvangst van een Belgische gereglementeerde markt, binnen een redelijke termijn aan die autoriteit de namen mee van de in die lidstaat gevestigde leden of deelnemers van die gereglemen- teerde markt. Onderafdeling 12 Opschorting van de handel op een gereglementeerde markt Art. 39 § 1. Wanneer een uitzonderlijke gebeurtenis de regel- matige werking van een Belgische gereglementeerde markt verstoort, kan de FSMA, na overleg met de betrokken marktexploitant, de markthandel volledig of gedeeltelijk schorsen voor een periode van ten hoogste tien opeenvolgende handelsdagen. Na afl oop van deze periode kan de schorsing worden opgelegd bij koninklijk besluit, genomen op voorstel van de FSMA. In geval van uitzonderlijke omstandigheden die de werking of stabiliteit van een Belgische gereglemen- teerde markt of van een of meer fi nanciële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een Belgische gereglementeerde markt of van de emittenten ervan verstoren of dreigen te verstoren, kan de FSMA, na de 1° directement, en établissant une succursale en Belgique; 2° en devenant membres à distance d’un marché réglementé enregistré en Belgique ou en y ayant accès à distance, sans devoir être établies en Belgique, lorsque les procédures et les systèmes de négociation de celui- ci ne requièrent pas une présence physique pour la conclusion de transactions. Art. 38 § 1er. Les opérateurs de marchés communiquent à la FSMA le nom de l’État membre dans lequel ils comptent prendre les dispositions nécessaires pour permettre aux membres et participants qui y sont établis d’accéder à distance aux marchés réglementés qu’ils gèrent et/ou exploitent et d’y négocier. Dans le mois qui suit, la FSMA communique cette information à l’État membre dans lequel l’opérateur de marché compte prendre de telles dispositions. La FSMA peut également transmettre cette information à l’AEMF, sur demande de celle-ci. § 2. A la demande de l’autorité compétente de l’État membre d’accueil d’un marché réglementé belge et dans un délai raisonnable, la FSMA communique à cette autorité l’identité des membres ou des participants du marché réglementé établis dans cet État membre. Sous-section 12 Suspension des négociations sur un marché réglementé Art. 39 § 1er. Lorsqu’un événement exceptionnel perturbe le fonctionnement régulier d’un marché réglementé belge, la FSMA peut, après concertation avec l’opérateur de marché concerné, suspendre tout ou partie des négo- ciations sur ce marché pour une durée n’excédant pas dix jours de négociation consécutifs. Au delà de cette durée, la suspension peut être imposée par arrêté royal, pris sur proposition de la FSMA. En cas de circonstances exceptionnelles pertur- bant ou risquant de perturber le fonctionnement ou la stabilité d’un marché réglementé belge, d’un ou de plusieurs instruments fi nanciers admis à la négociation sur un marché réglementé belge ou encore des émet- teurs de ces instruments, la FSMA peut, après avoir 40 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Nationale Bank van België op voorhand om advies te hebben gevraagd, maatregelen nemen die beperkingen opleggen aan de voorwaarden van verhandeling van de fi nanciële instrumenten voor een periode van ten hoogste een maand. De toepassing van deze maatre- gelen kan worden verlengd en desgevallend kunnen de modaliteiten ervan worden aangepast door de FSMA, na de Nationale Bank van België op voorhand om ad- vies te hebben gevraagd en zonder dat de duur ervan in totaal meer dan drie maanden mag bedragen vanaf de eerste beslissing. Deze maatregelen worden publiek gemaakt. Na afl oop van die periode kan de toepassing van deze maatregelen verlengd worden bij koninkijk besluit, genomen op voorstel van de FSMA. De maatregelen bedoeld in het tweede lid houden rechtstreeks of onrechtstreeks verband met alle of in de maatregel nader bepaalde fi nanciële instrumenten die zijn toegelaten tot de verhandeling op een geregle- menteerde markt. Ze kunnen betrekking hebben op de verhandeling van deze fi nanciële instrumenten zowel op de betrokken markt als daarbuiten alsook op de verhan- deling, ongeacht waar deze plaatsvindt, van fi nanciële instrumenten waarvan de waarde afhankelijk is van deze fi nanciële instrumenten of die betrekking hebben op de emittent van deze fi nanciële instrumenten of op een met de emittent verbonden vennootschap. De maatregelen kunnen zowel betrekking hebben op de verhandeling zelf als op de posities die verband houden met een of meerdere van voornoemde fi nanciële instrumenten. § 2. In geval van een plotselinge crisis op de fi nanciële markten, kan de Koning, op advies van de Nationale Bank van België en de FSMA, alle nodige vrijwarings- maatregelen treffen ten aanzien van de Belgische gereglementeerde markten, met inbegrip van tijdelijke afwijkingen van de bepalingen van deze afdeling. De besluiten genomen krachtens het eerste lid verliezen hun uitwerking indien zij niet bij wet zijn be- krachtigd binnen twaalf maanden na de datum van hun inwerkingtreding. Afdeling II Gereglementeerde markten van een andere lidstaat Art. 40 Marktexploitanten die gereglementeerde markten uit een andere lidstaat exploiteren en/of beheren, zijn gerechtigd in België gevestigde leden of deelnemers op afstand toegang te geven tot hun markten via in België geïnstalleerde voorzieningen of anderszins. préalablement sollicité l’avis de la Banque nationale de Belgique, prendre des mesures visant à restreindre les conditions de négociation des instruments fi nanciers pour une période n’excédant pas un mois. L’application de ces mesures peut être prorogée et, le cas échéant, ses modalités peuvent être adaptées par la FSMA, après avoir préalablement sollicité l’avis de la Banque nationale de Belgique et pour une durée n’excédant pas trois mois à compter de la première décision. Ces mesures sont rendues publiques. Au delà de la durée précitée, l’application de ces mesures peut être proro- gée par arrêté royal, pris sur proposition de la FSMA. Les mesures visées à l’alinéa 2 concernent directe- ment ou indirectement tous les instruments fi nanciers admis à la négociation sur un marché réglementé, ou ceux de ces instruments qu’elles citent de manière plus précise. Elles peuvent porter sur la négociation de ces instruments fi nanciers tant sur le marché concerné qu’en dehors de ce marché, ainsi que sur la négociation, à quelque endroit que ce soit, d’instruments fi nanciers dont la valeur dépend desdits instruments fi nanciers ou qui ont trait à l’émetteur de ces instruments fi nan- ciers ou à une société liée à l’émetteur. Les mesures peuvent porter tant sur la négociation même que sur les positions relatives à un ou plusieurs des instruments fi nanciers précités. § 2. En cas de crise soudaine sur les marchés fi nan- ciers, le Roi peut, sur avis de la Banque nationale de Belgique et de la FSMA, prendre toutes les mesures de sauvegarde nécessaires à l’égard des marchés régle- mentés belges, y compris des dérogations temporaires aux dispositions de la présente section. Les arrêtés pris en vertu de l’alinéa 1er, cessent de produire leurs effets s’ils n’ont pas été confi rmés par la loi dans les douze mois de leur date d’entrée en vigueur. Section II Des marchés réglementés d’un autre État membre Art. 40 Les opérateurs de marché exploitant et/ou gérant des marchés réglementés d’un autre État membre sont autorisés à donner accès à distance à leurs marchés aux membres ou participants établis en Belgique, par le biais de dispositifs installés en Belgique ou de toute autre façon. 41 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 41 Wanneer de FSMA een kennisgeving ontvangt van de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat krach- tens artikel 52, lid 2, alinea 4, van Richtlijn 2014/65/ EU, schrijft zij voor dat de gereglementeerde markten, MTF’s, OTF’s en systematische internaliseerders die onder haar bevoegdheid vallen en handelen in hetzelfde fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instrument of daar- naar verwijzen, eveneens de handel in dat fi nanciële instrument of de derivaten opschorten of dat fi nanciële instrument of de derivaten uitsluiten van de handel, indien de opschorting of uitsluiting te wijten is aan ver- moedelijk marktmisbruik, een overnamebod of het niet openbaar maken van voorwetenschap over de emittent of het fi nancieel instrument in strijd met de artikelen 7 en 17 van Verordening 596/2014, behalve indien een dergelijke opschorting of uitsluiting de belangen van de beleggers of het ordelijk functioneren van de markt aanzienlijk zou kunnen schaden. Dit artikel is ook van toepassing bij opheffing van de opschorting of uitsluiting van de handel van het fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwijzen. De in dit artikel bedoelde kennisgevingsprocedure is ook van toepassing in het geval dat de beslissing tot opschorting of uitsluiting van de handel van een fi nancieel instrument of van de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwijzen, door de FSMA wordt genomen overeenkomstig artikel 78. HOOFDSTUK II Bepalingen over de exploitatie van een MTF of OTF Afdeling I Algemene bepaling Art. 42 Enkel de volgende instellingen mogen een MTF of een OTF exploiteren in België mits zij de bepalingen van dit hoofdstuk naleven: Art. 41 Lorsqu’elle reçoit une notifi cation de l’autorité com- pétente d’un autre État membre en vertu de l’article 52, paragraphe 2, alinéa 4, de la Directive 2014/65/ UE, la FSMA exige que les marchés réglementés, les autres MTF et OTF et les internalisateurs systématiques qui relèvent de sa compétence et négocient le même instrument fi nancier ou les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier, sus- pendent ou retirent également cet instrument fi nancier ou ces instruments dérivés de la négociation, lorsque la suspension ou le retrait résulte d’un abus présumé de marché, d’une offre publique d’achat ou de la non- communication d’informations privilégiées relatives à l’émetteur ou à l’instrument fi nancier en violation des articles 7 et 17 du Règlement 596/2014, sauf dans les situations où les intérêts des investisseurs ou le fonc- tionnement ordonné du marché pourraient être affectés d’une manière signifi cative par une telle suspension ou un tel retrait. Le présent article s’applique également lorsqu’est levée la suspension de la négociation de l’instrument fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier. La procédure de notifi cation visée au présent article s’applique également au cas où la décision de sus- pendre ou de retirer de la négociation l’instrument fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier est prise par la FSMA conformément à l’article 78. CHAPITRE II Dispositions relatives à l’exploitation d’un MTF ou d’un OTF Section Ire Disposition générale Art. 42 Seuls les établissements suivants sont autorisés à exploiter un MTF ou un OTF en Belgique, en se confor- mant aux dispositions du présent chapitre: 42 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° de kredietinstellingen en beursvennootschappen naar Belgisch recht; 2° de kredietinstellingen en de beleggingsonder- nemingen naar buitenlands recht, mits zij die activiteit mogen uitoefenen in hun land van herkomst; 3° de marktexploitanten, mits zij voldoen aan de voor- waarden van artikel 5, lid 2, van Richtlijn 2014/65/EU. De in het eerste lid bedoelde instellingen worden hierna, naargelang het geval,”MTF-exploitanten” of”OTF-exploitanten” genoemd. Afdeling II Belgische MTF’s en OTF’s Onderafdeling 1 Toepassingsgebied en algemene bepalingen Art. 43 De volgende instellingen zijn onderworpen aan de bepalingen van deze afdeling als zij een MTF of OTF exploiteren: 1° de kredietinstellingen en beursvennootschappen naar Belgisch recht; 2° de in België gevestigde bijkantoren van kredietin- stellingen en beleggingsondernemingen die ressorteren onder het recht van derde landen; 3° de Belgische marktexploitanten. Art. 44 Alvorens de activiteiten uit te oefenen als bedoeld in deze afdeling, schikken de Belgische marktexploitanten zich naar de bepalingen van artikel 3, §§ 2 tot 4, van de wet van 25 oktober 2016. Art. 45 De kredietinstellingen en de beursvennootschappen die voornemens zijn een MTF of een OTF te exploiteren, stellen de FSMA hier vooraf van in kennis. 1° les établissements de crédit et les sociétés de bourse de droit belge; 2° dans la mesure où cette activité leur est ouverte dans leur état d’origine, les établissements de crédit et les entreprises d’investissement de droit étranger; 3° les opérateurs de marché, dans le respect des conditions prévues par l’article 5, paragraphe 2, de la Directive 2014/65/UE. Les établissements visés à l’alinéa 1er sont dénommé ci-après, selon le cas, par le vocable “exploitants de MTF” ou “exploitants d’OTF”. Section II Des MTF et OTF belges Sous-section 1re Champ d’application et dispositions générales Art. 43 Les établissements suivants sont soumis aux dispo- sitions de la présente section, lorsqu’ils exploitent un MTF ou un OTF: 1° les établissements de crédit et les sociétés de bourse de droit belge; 2° les succursales établies en Belgique d’établisse- ments de crédit et d’entreprises d’investissement qui relèvent du droit d’États tiers; 3° les opérateurs de marché belges. Art. 44 Préalablement à l’exercice des activités visées par la présente section, les opérateurs de marché belges se conforment aux dispositions de l’article 3, §§ 2 à 4, de la loi du 25 octobre 2016. Art. 45 Les établissements de crédit et les sociétés de bourse qui projettent d’exploiter un MTF ou un OTF envoient préalablement une notifi cation à la FSMA. 43 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 De kennisgeving bevat de verklaring dat is voldaan aan de vereisten van deze afdeling en dient ten minste zes maanden vóór de aanvang van de exploitatie te worden overgemaakt aan de FSMA. Tijdens die termijn kan de FSMA zich verzetten tegen de uitoefening van de voormelde activiteit mocht uit de kennisgeving niet blijken dat is voldaan aan de vereisten van deze afdeling. Onderafdeling 2 Verhandeling en afhandeling van transacties in een MTF of OTF Art. 46 § 1. Zonder afbreuk te doen aan de organisatorische eisen die op hen van toepassing zijn krachtens de wet van 25 april 2014 of artikel 3, § 2, van de wet van 25 oktober 2016, voeren de MTF of OTF exploitanten ook transparante regels en procedures in die een billijke en ordelijke handel garanderen, en stellen objectieve criteria vast voor de efficiënte uitvoering van orders. Zij treffen regelingen die een gezond beheer van de tech- nische werking van de faciliteit garanderen en nemen onder meer doeltreffende voorzorgsmaatregelen om met systeemstoringen verband houdende risico’s te ondervangen. § 2. MTF- of OTF-exploitanten stellen transparante regels op betreffende de criteria aan de hand waarvan wordt vastgesteld welke fi nanciële instrumenten via hun systemen kunnen worden verhandeld. MTF- of OTF-exploitanten voorzien in, of vergewissen zich van het bestaan van toegang tot voldoende voor het publiek beschikbare informatie opdat gebruikers zich een beleggingsoordeel kunnen vormen, rekening houdend met zowel de aard van de gebruikers als de categorieën verhandelde instrumenten. § 3. MTF- of OTF-exploitanten moeten op objectieve criteria gebaseerde transparante en niet-discretionaire regels voor de toegang tot de faciliteit vaststellen, be- kendmaken, handhaven en implementeren. § 4. MTF- of OTF-exploitanten beschikken over re- gelingen voor het duidelijk onderkennen en aanpakken van potentiële negatieve gevolgen voor de exploitatie van de MTF of de OTF, of voor de leden of deelnemers en gebruikers, van enig belangenconfl ict tussen de MTF, de OTF, hun eigenaars of de kredietinstelling of La notifi cation établit qu’il est satisfait aux exigences de la présente section et est envoyée à la FSMA au moins six mois avant le début de l’exploitation. Durant le délai précité, la FSMA peut s’opposer à l’exercice de l’activité précitée au cas où la notifi cation n’établit pas qu’il est satisfait aux exigences de la pré- sente section. Sous-section 2 Négociation et dénouement des transactions sur les MTF et les OTF Art. 46 §  1er. Sans préjudice des exigences organisa- tionnelles qui leur sont applicables en vertu de la loi du 25 avril 2014 ou de l’article 3, § 2, de la loi du 25  octobre  2016, les exploitants de MTF ou d’OTF instaurent des règles et des procédures transparentes afi n de garantir un processus de négociation équitable et ordonné et fi xent des critères objectifs pour une exécution efficace des ordres. Ils mettent en œuvre des dispositifs propres à garantir la bonne gestion des opérations techniques du système, y compris des procédures d’urgence efficaces pour faire face aux dysfonctionnements éventuels des systèmes. § 2. Les exploitants de MTF ou d’OTF instaurent des règles transparentes concernant les critères permettant de déterminer les instruments fi nanciers qui peuvent être négociés dans le cadre de leurs systèmes. Les exploitants de MTF ou d’OTF fournissent, s’il y a lieu, des informations suffisantes au public ou s’assurent qu’il existe un accès à de telles informations pour per- mettre aux utilisateurs de se forger un jugement en ma- tière d’investissement, compte tenu à la fois de la nature des utilisateurs et des types d’instruments négociés. § 3. Les exploitants de MTF ou d’OTF établissent, publient et maintiennent et mettent en œuvre des règles transparentes et non discriminatoires, sur la base de critères objectifs, régissant l’accès à leur système. § 4. Les exploitants de MTF ou d’OTF prennent des dispositions pour identifi er clairement et gérer les effets potentiellement dommageables, pour l’exploitation du MTF ou de l’OTF ou pour les membres ou les partici- pants et les utilisateurs, de tout confl it d’intérêts entre le MTF, l’OTF, leurs propriétaires ou l’établissement de 44 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 beleggingsonderneming of marktexploitant die de MTF of OTF exploiteert en de goede werking van de MTF of de OTF. §  5. MTF- of OTF-exploitanten voldoen aan arti- kel 22 en 23 en voorzien met het oog daarop in alle noodzakelijke doeltreffende systemen, procedures en regelingen. § 6. MTF- of OTF-exploitanten lichten de leden van of deelnemers aan een MTF of OTF terdege in over hun respectieve verantwoordelijkheden in het kader van de afwikkeling van de via deze faciliteit uitgevoerde transacties. MTF- of OTF-exploitanten treffen de nodige regelingen om een efficiënte afwikkeling van de volgens de systemen van die MTF of OTF uitgevoerde transac- ties te bevorderen. § 7. MTF- of OTF-exploitanten zien erop toe dat een MTF of OTF ten minste drie daadwerkelijk actieve leden of gebruikers heeft, die elk op alle anderen kunnen inwerken met betrekking tot prijsvorming. § 8. Indien een effect dat tot de handel op een ge- reglementeerde markt is toegelaten, ook in een MTF of een OTF wordt verhandeld zonder dat de emittent daarvoor toestemming heeft verleend, is deze emittent met betrekking tot deze MTF of OTF niet onderworpen aan enigerlei verplichting op het gebied van de initi- eel, periodiek of occasioneel te verstrekken fi nanciële informatie. § 9. MTF- of OTF-exploitanten geven onmiddellijk gevolg aan elke instructie van de FSMA krachtens ar- tikel 78, om de handel in een fi nancieel instrument op te schorten of een fi nancieel instrument van de handel uit te sluiten. §  10. MTF- of OTF-exploitanten verstrekken de FSMA een gedetailleerde beschrijving van de werking van de MTF of OTF, waaronder, onverminderd artikel 50, §§ 1, 4 en 5, banden met of deelneming van een gereglementeerde markt, een MTF, een OTF of een sys- tematische internaliseerder in eigendom van dezelfde kredietinstelling, beleggingsonderneming of marktex- ploitant, alsmede een lijst van hun leden, deelnemers en/of gebruikers. De FSMA verstrekt deze informatie op ver- zoek aan ESMA. crédit ou l’entreprise d’investissement ou l’opérateur de marché exploitant le MTF ou l’OTF et le bon fonction- nement du MTF ou de l’OTF. § 5. Les exploitants de MTF ou d’OTF satisfont aux articles 22 et 23 et disposent de systèmes, procédures et mécanismes efficaces pour ce faire. § 6. Les exploitants de MTF ou d’OTF informent clairement les membres ou participants de leurs res- ponsabilités respectives quant au règlement des tran- sactions exécutées sur ce système. Les exploitants de MTF ou d’OTF prennent les dispositions nécessaires pour favoriser le règlement efficace des transactions effectuées par le truchement des systèmes de ce MTF ou de cet OTF. § 7. Les exploitants de MTF ou d’OTF veillent à ce que ceux-ci disposent d’au moins trois membres ou utilisateurs signifi cativement actifs, chacun d’eux ayant la possibilité d’interagir avec tous les autres en matière de formation des prix. § 8. Lorsqu’une valeur mobilière qui a été admise à la négociation sur un marché réglementé est également négociée sur un MTF ou un OTF sans le consentement de l’émetteur, celui-ci n’est assujetti à aucune obligation d’information fi nancière initiale, périodique ou occasion- nelle par rapport à ce MTF ou à cet OTF. § 9. Tout exploitant de MTF ou d’OTF se conforme immédiatement à toute instruction donnée par la FSMA en vertu de l’article 78, en vue de la suspension ou du retrait d’un instrument fi nancier de la négociation. § 10. Les exploitants de MTF ou d’OTF fournissent à la FSMA une description détaillée du fonctionnement du MTF ou de l’OTF, précisant, sans préjudice de l’article 50, §§ 1er, 4 et 5, tout lien ou participation d’un marché réglementé, d’un MTF, d’un OTF ou d’un internalisa- teur systématique détenu par le même établissement de crédit, la même entreprise d’investissement ou le même opérateur, ainsi qu’une liste de leurs membres, participants et/ou utilisateurs. La FSMA fournit ces informations à l’AEMF sur demande. 45 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 47 MTF- of OTF-exploitanten zien erop toe dat de be- trokken MTF’s of OTF’s en hun leden of deelnemers de beursklokken synchroniseren die zij hanteren om de datum en tijd van aan te melden verrichtingen te registreren. Onderafdeling 3 Specifi eke eisen voor MTF’s Art. 48 § 1. Zonder afbreuk te doen aan de organisatorische eisen die op hen van toepassing zijn krachtens de wet van 25 april 2014 of artikel 3, § 2, van de wet van 25 oktober 2016 enerzijds en krachtens artikel 46 van deze wet anderzijds stellen de MTF-exploitanten ook niet-discretionaire regels vast voor de uitvoering van orders via het systeem en implementeren die. § 2. De in artikel 46, § 3, bedoelde regels voor de toegang tot een MTF voldoen aan de voorwaarden van artikel 31, § 3. § 3. MTF-exploitanten nemen maatregelen om: 1° adequaat uitgerust te zijn voor het beheer van de risico’s waaraan zij blootgesteld zijn, in gepaste regelingen en systemen te voorzien om alle risico’s van betekenis voor de exploitatie te onderkennen, en doeltreffende maatregelen te treffen om deze risico’s te beperken; 2° over doeltreffende regelingen te beschikken voor een efficiënte en tijdige afhandeling van de transacties uitgevoerd op de systemen van de MTF; en 3° op het tijdstip van de vergunningverlening en doorlopend over voldoende fi nanciële middelen te be- schikken om een ordelijke werking te bevorderen, gelet op de aard en omvang van de op de markt uitgevoerde transacties en de aard en omvang van de risico’s waar- aan zij zijn blootgesteld. § 4. Artikel 27, § 1, § 2, eerste lid, § 3, eerste lid, en §§ 5 tot 9, artikel 27bis, §§ 1 tot 7, artikel 27ter, §§ 1 tot 3 en §§ 5 tot 8, artikel 27quater en artikel 28, §§ 1 en 2, en §§ 4 tot 8, van de wet van 2 augustus 2002 zijn niet van toepassing op de uitgevoerde transacties van een MTF tussen haar leden of deelnemers of tussen de MTF en haar leden of deelnemers, met betrekking tot Art. 47 Les exploitants de MTF ou OTF veillent à ce que les MTF ou OTF concernés ainsi que leurs membres ou leurs participants synchronisent les horloges profes- sionnelles utilisées pour enregistrer la date et l’heure de tout événement méritant d’être signalé. Sous-section 3 Exigences spécifi ques applicables en ce qui concerne les MTF Art. 48 §  1er. Sans préjudice des exigences organisa- tionnelles qui leur sont applicables en vertu de la loi du 25 avril 2014 ou de l’article 3, § 2, de la loi du 25 octobre 2016 d’une part, et en vertu de l’article 46 de la présente loi d’autre part, les exploitants de MTF instaurent et mettent en oeuvre des règles non discré- tionnaires pour l’exécution des ordres dans le système. § 2. Les règles visées à l’article 46, § 3, qui régissent l’accès à un MTF satisfont aux conditions établies à l’article 31, § 3. § 3. Les exploitants de MTF prennent des dispositions: 1° afi n d’être adéquatement équipés pour gérer les risques auxquels ils sont exposés, de mettre en oeuvre des dispositifs et des systèmes appropriés leur permet- tant d’identifi er tous les risques signifi catifs pouvant compromettre leur bon fonctionnement, et d’instaurer des mesures effectives pour atténuer ces risques; 2° pour mettre en oeuvre des mécanismes visant à faciliter le dénouement efficace et en temps voulu des transactions exécutées dans le cadre de leurs systèmes; et 3° pour disposer, au moment de l’agrément et à tout moment par la suite, des ressources fi nancières suffisantes pour faciliter leur fonctionnement ordonné, compte tenu de la nature et de l’ampleur des transac- tions conclues sur le marché ainsi que de l’éventail et du niveau des risques auxquels ils sont exposés. § 4. L’article 27, § 1er, § 2, alinéa 1er, § 3, alinéa 1er et §§ 5 à 9, l’article 27bis, §§ 1er à 7, l’article 27ter, §§ 1er à 3 et §§ 5 à 8, l’article 27quater et l’article 28, §§ 1er et 2 et §§ 4 à 8, de la loi du 2 août 2002 ne sont pas applicables aux transactions conclues en vertu des règles relatives aux relations entre les membres ou participants d’un MTF ou entre le MTF et ses membres 46 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 het gebruik van de MTF. De leden of deelnemers van een MTF voldoen evenwel aan de verplichtingen van bovenvermelde bepalingen ten aanzien van hun cliënten wanneer zij voor rekening van hun cliënten de orders van die cliënten via de systemen van een MTF uitvoeren. § 5. MTF-exploitanten mogen geen cliëntenorders uitvoeren met eigen kapitaal of gebruik maken van matched principal trading. Art. 49 De Koning kan, bij een besluit genomen op advies van de FSMA, de marktregels van bepaalde types MTF of van individuele MTF’s die Hij aanduidt, en alle wijzigingen van die regels, ter goedkeuring voorleggen aan de FSMA. Wanneer een marktexploitant die een MTF exploi- teert waarvoor de Koning gebruik heeft gemaakt van de machtiging bedoeld in artikel 10, § 6, van de wet van 2 augustus 2002, voornemens is om een fi nan- cieel instrument dat is toegelaten tot de verhandeling op die MTF uit te te sluiten van de handel, deelt hij dat voornemen vooraf mee aan de FSMA. Die kan zich, na overleg met hem, daartegen verzetten in het belang van de bescherming van de beleggers, behoudens wanneer de uitsluiting van een afgeleid instrument automatisch voortvloeit uit de marktregels die de FSMA zelf met toepassing van deze wet of een uitvoeringsbesluit van deze wet heeft goedgekeurd. Indien de FSMA een marktexploitant die een MTF exploiteert waarvoor de Koning gebruik heeft gemaakt van de machtiging bedoeld in artikel 10, § 6, van de wet van 2 augustus 2002, na overleg met hem, verzoekt om in het belang van de bescherming van de beleggers de verhandeling te schorsen van een fi nancieel instrument dat is toegelaten tot de verhandeling op deze MTF, dan moet de bovenvermelde marktexploitant tot deze schorsing overgaan. Onderafdeling 4 Specifi eke eisen voor OTF’s Art. 50 § 1. OTF-exploitanten treffen regelingen om te voor- komen dat orders van cliënten via een OTF worden uitgevoerd door te handelen met het eigen kapitaal ou participants, en liaison avec l’utilisation du MTF. Toutefois, les membres ou participants du MTF res- pectent les obligations prévues par les dispositions précitées vis-à-vis de leurs clients lorsque, en agissant pour le compte de ceux-ci, ils exécutent leurs ordres par le truchement des systèmes d’un MTF. § 5. Les exploitants de MTF ne peuvent exécuter des ordres de clients en engageant leurs propres capitaux, ou effectuer des opérations de négociation par appa- riement avec interposition du compte propre. Art. 49 Le Roi peut, par un arrêté pris sur avis de la FSMA, soumettre les règles de marché de certains types de MTF ou de MTF individuels qu’Il désigne et toutes les modifi cations à ces règles, à l’approbation de la FSMA. Lorsque l’opérateur de marché exploitant un MTF pour lequel le Roi a fait usage de l’habilitation visée à l’article 10, § 6, de la loi du 2 août 2002, envisage de prononcer le retrait d’un instrument fi nancier admis à la négociation sur ce MTF, il en informe préalablement la FSMA. La FSMA peut, après concertation avec lui, s’opposer à ce retrait dans l’intérêt de la protection des investisseurs, sauf s’il s’agit du retrait d’un instru- ment dérivé qui découle automatiquement des règles de marché que la FSMA elle-même a approuvées en application de la présente loi ou d’un arrêté d’exécution de cette loi. Si la FSMA, après concertation avec lui, demande à l’opérateur de marché exploitant un MTF pour lequel le Roi a fait usage de l’habilitation visée à l’article 10, § 6, de la loi du 2 août 2002, de suspendre, dans l’intérêt de la protection des investisseurs, la négociation d’un instrument fi nancier admis à la négociation sur ce MTF, l’opérateur de marché susvisé doit procéder à cette suspension. Sous-section 4 Exigences spécifi ques applicables en ce qui concerne les OTF Art. 50 § 1er. Les exploitants d’OTF arrêtent des dispositions empêchant que les ordres de clients soient exécutés sur l’OTF en engageant des propres capitaux de 47 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 van de kredietinstelling, beleggingsonderneming of marktexploitant die de OTF exploiteert of met dat van een entiteit die tot dezelfde groep of rechtspersoon als de beleggingsonderneming of marktexploitant behoort. §  2. OTF-exploitanten mogen uitsluitend gebruik maken van matched principal trading, op obligaties, gestructureerde fi nancieringsproducten, emissierechten en bepaalde derivaten als de cliënt met de verrichting heeft ingestemd. OTF-exploitanten mogen geen cliëntenorders uit- voeren via een OTF door middel van matched principal trading van derivaten die tot een klasse van derivaten behoren die overeenkomstig artikel 5 van Verordening 648/2012 aan de clearingverplichting onderworpen is verklaard. OTF-exploitanten treffen regelingen die ervoor zorgen dat de in artikel 3, 23°, vastgelegde defi nitie van “mat- ched principal trading” in acht wordt genomen. § 3. OTF-exploitanten mogen uitsluitend voor eigen rekening handelen, anders dan matched principal trading, in gevallen waarin het overheidspapier betreft waarvoor geen liquide markt bestaat. § 4. De exploitatie van een OTF en een systematische internaliseerder mag niet plaatsvinden binnen dezelfde juridische entiteit. De verbinding tussen een OTF en een systematische internaliseerder is zodanig opgezet dat er geen interactie mogelijk is tussen een in een OTF ingevoerd order en een in een systematische interna- liseerder ingevoerd order of notering. De verbinding tussen een OTF en een andere OTF is zodanig opgezet dat er geen interactie tussen via verschillende OTF’s ingevoerde orders mogelijk is. § 5. OTF-exploitanten mogen een andere kredietin- stelling of beleggingsonderneming ermee belasten om op onafhankelijke basis market making in een OTF te verrichten. Kredietinstellingen of beleggingsondernemingen worden niet geacht op onafhankelijke basis market ma- king in een OTF te verrichten indien zij nauwe banden hebben met de betrokken OTF-exploitant. § 6. De uitvoering van orders in een OTF vindt plaats op discretionaire basis. l’établissement de crédit, de l’entreprise d’investisse- ment ou de l’opérateur de marché exploitant l’OTF, ou de toute entité faisant partie du même groupe ou per- sonne morale que l’établissement de crédit, l’entreprise d’investissement ou l’opérateur de marché. § 2. Les exploitants d’OTF ne peuvent procéder à la négociation par appariement avec interposition du compte propre que sur des obligations, des produits fi nanciers structurés, des quotas d’émissions ou cer- tains instruments dérivés uniquement si le client a donné son consentement à l’opération. Les exploitants d’OTF ne recourent pas à la négo- ciation par appariement avec interposition du compte propre pour exécuter sur un OTF des ordres de clients portant sur des produits dérivés relevant d’une caté- gorie de produits dérivés ayant été déclarée soumise à l’obligation de compensation conformément à l’article 5 du Règlement 648/2012. Les exploitants d’OTF prennent des dispositions garantissant la conformité avec la défi nition de la négo- ciation par appariement avec interposition du compte propre visée à l’article 3, 23°. § 3. Les exploitants d’OTF ne peuvent effectuer des opérations de négociation pour compte propre autres que la négociation par appariement avec interposition du compte propre qu’en ce qui concerne les seuls ins- truments de dette souveraine pour lesquels il n’existe pas de marché liquide. § 4. L’exploitation d’un OTF et d’un internalisateur systématique ne peut intervenir au sein de la même entité juridique. Un OTF n’est pas lié à un internalisa- teur systématique d’une manière qui rende possible l’interaction des ordres sur un OTF et des ordres ou des prix sur un internalisateur systématique. Un OTF n’est pas lié à un autre OTF d’une manière qui permette une interaction des ordres exécutés sur les différents OTF. § 5. Les exploitants d’OTF peuvent avoir recours à un autre établissement de crédit ou entreprise d’inves- tissement pour effectuer une tenue de marché sur cet OTF de manière indépendante. Un établissement de crédit ou une entreprise d’inves- tissement n’est pas considéré comme effectuant une tenue de marché sur un OTF de manière indépendante si il a des liens étroits avec l’exploitant d’OTF concerné. § 6. L’exécution des ordres sur un OTF s’effectue dans un cadre discrétionnaire. 48 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 OTF-exploitanten beschikken alleen in één van de volgende twee gevallen of in beide gevallen over dis- cretionaire ruimte: 1° bij de beslissing tot het plaatsen of intrekken van een order op de OTF die zij exploiteren; 2° bij de beslissing om een specifi ek cliëntenorder niet te matchen met andere orders die op een gegeven tijd- stip in de systemen beschikbaar zijn, mits zij handelen in overeenstemming met de specifi eke instructies van een cliënt en met hun verplichtingen overeenkomstig artikel 28 van de wet van 2 augustus 2002. Voor het systeem dat cliëntenorders matcht, kunnen OTF-exploitanten beslissen of, wanneer en hoeveel van twee of meer orders in het systeem zullen worden ge- matcht. Overeenkomstig paragrafen 1, 2, 4 en 5, en on- verminderd paragraaf 3 kunnen OTF-exploitanten, voor een systeem dat transacties in andere waardepapieren dan aandelen of daarmee gelijkgestelde instrumenten regelt, onderhandelingen tussen cliënten faciliteren teneinde twee of meer potentieel met elkaar verenigbare handelsintenties in een transactie bij elkaar te brengen. Deze verplichting doet geen afbreuk aan de bepalin- gen van artikel 28 van de wet van 2 augustus 2002 en van artikel 46. § 7. De FSMA kan, wanneer een beleggingsonderne- ming, een kredietinstelling of een marktexploitant voor de exploitatie van een OTF of ad hoc een vergunning aanvraagt, van hem of haar een uitvoerige toelichting verlangen waarom het systeem niet overeenstemt met en niet kan functioneren als een gereglementeerde markt, een MTF of een systematische internaliseerder, evenals een gedetailleerde beschrijving van de manier waarop de discretie zal worden uitgeoefend, met name wanneer een order in een OTF kan worden ingetrokken en wanneer en op welke manier twee of meer cliënten- orders in een OTF zullen worden gematcht. Daarnaast verschaft de OTF-exploitant de FSMA toelichting om- trent het gebruik van matched principal trading. De FSMA ziet toe op het gebruik van matched principal trading van een kredietinstelling, beleggingsonderne- ming of marktexploitant om te waarborgen dat deze overeenstemt met de defi nitie van dergelijke handel en dat het gebruik van matched principal trading niet leidt tot belangenconfl icten tussen de kredietinstelling, Les exploitants d’OTF n’exercent un pouvoir discré- tionnaire que dans l’un ou les deux cas suivants: 1° lorsqu’ils décident de placer ou de retirer un ordre sur l’OTF qu’ils exploitent; 2° lorsqu’ils décident de ne pas apparier un ordre spécifi que d’un client avec d’autres ordres disponibles dans les systèmes à un moment donné, pour autant que cette démarche soit conforme à des instructions précises reçues d’un client ainsi qu’à ses obligations prévues à l’article 28 de la loi du 2 août 2002. Dans le cas d’un système qui confronte les ordres de clients, l’exploitant d’OTF peut décider si, quand et combien d’ordres, selon qu’il y en ait deux ou plus, il souhaite confronter au sein du système. Conformément aux paragraphes 1er, 2, 4 et 5 et sans préjudice du para- graphe 3, en ce qui concerne un système qui organise des transactions d’instruments fi nanciers autres que des actions ou instruments assimilés, l’exploitant d’OTF peut faciliter la négociation entre des clients afi n d’assu- rer la rencontre de deux positions de négociation, ou plus, potentiellement compatibles sous la forme d’une transaction. Cette obligation est sans préjudice des dispositions de l’article 28 de la loi du 2 août 2002 et de l’article 46. §  7. La FSMA peut exiger, lorsqu’une entreprise d’investissement, un établissement de crédit ou un opérateur de marché demande un agrément en vue de l’exploitation d’un OTF ou ponctuellement, une explication détaillée indiquant pourquoi le système ne correspond pas à un marché réglementé, un MTF ou un internalisateur systématique et ne peut fonctionner selon l’un de ces modèles, et une description détaillée de la façon dont le pouvoir discrétionnaire sera exercé, indiquant en particulier dans quelles circonstances un ordre passé sur un OTF peut être retiré ainsi que dans quelles circonstances et de quelle manière deux ordres de clients ou plus seront appariés sur un OTF. En outre, l’exploitant d’OTF fournit à la FSMA des informations exposant l’utilisation qu’il ou elle fait de la négociation par appariement avec interposition du compte propre. La FSMA surveille les opérations de négociation par appariement avec interposition du compte propre de l’établissement de crédit, l’entreprise d’investissement ou de l’opérateur de marché afi n de s’assurer qu’elles 49 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 de beleggingsonderneming of de marktexploitant en haar cliënten. § 8. Artikel 27, §§ 1 tot 3 en §§ 5 tot 9, artikel 27bis, §§ 1 tot 7 en § 9, eerste lid, artikel 27ter, §§ 1 tot 3 en §§ 5 tot 8, de artikelen 27quater en 28 van de wet van 2 augustus 2002 zijn van toepassing op in een OTF gesloten transacties. Onderafdeling 5 Markttransparantie en -integriteit Art. 51 § 1. MTF- of OTF-exploitanten stellen voor de MTF of de OTF doeltreffende regelingen en procedures vast en handhaven ze om stelselmatig toe te zien op de na- leving van de regels van die instelling door hun leden of deelnemers of gebruikers. MTF- of OTF-exploitanten waken over de door hun leden of deelnemers of ge- bruikers volgens hun systemen verzonden orders met inbegrip van annuleringen en verrichte transacties opdat inbreuken op deze regels, handelsvoorwaarden die de ordelijke werking van de markt verstoren, gedragingen die kunnen wijzen op praktijken die verboden zijn op grond van Verordening 596/2014 of systeemverstorin- gen in verband met een fi nancieel instrument kunnen worden onderkend, en zij zetten de nodige middelen in om ervoor te zorgen dat dit toezicht doeltreffend is. § 2. MTF- of OTF-exploitanten stellen de FSMA on- middellijk in kennis van ernstige inbreuken op haar re- gels, handelsvoorwaarden die de ordelijke werking van de markt verstoren of gedragingen die kunnen wijzen op praktijken die verboden zijn op grond van Verordening 596/2014 of systeemverstoringen in verband met een fi nancieel instrument. De FSMA stelt ESMA en de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten in kennis van de in het eerste lid bedoelde informatie. Wat betreft gedragingen die kunnen wijzen op praktijken die verboden zijn op grond van Verordening 596/2014, moet de FSMA ervan overtuigd zijn dat een dergelijke praktijk plaatsvindt of heeft plaatsgevonden, voordat zij de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten en ESMA op de hoogte stelt. continuent à relever de la défi nition de cette négociation et que les opérations de négociation par appariement avec interposition du compte propre qu’elle ou il effec- tue ne donnent pas lieu à des confl its d’intérêts entre l’établissement de crédit, l’entreprise d’investissement ou l’opérateur de marché et ses clients. §  8. L’article 27, §§  1er à 3  et §§  5  à 9, l’article 27bis, §§ 1er à 7 et § 9, alinéa 1er, l’article 27ter, §§ 1er à 3 et §§ 5 à 8, les articles 27quater et 28 de la loi du 2 août 2002 sont appliqués aux transactions conclues sur un OTF. Sous-section 5 Transparence et intégrité du marché Art. 51 § 1er. Les exploitants de MTF ou d’OTF mettent en place et maintiennent des dispositions et procédures efficaces, en ce qui concerne le MTF ou l’OTF, pour contrôler régulièrement que les membres, les partici- pants ou les utilisateurs en respectent les règles. Les exploitants de MTF ou d’OTF contrôlent les ordres transmis, y compris les annulations, et les transactions effectuées par les membres, les participants ou les utilisateurs dans le cadre de leurs systèmes en vue de détecter les violations à ces règles, toute condition de négociation de nature à perturber le bon ordre du marché, toute conduite potentiellement révélatrice d’un comportement qui est interdit en vertu du Règlement 596/2014 ou tout dysfonctionnement du système lié à un instrument fi nancier, et mobilisent les ressources nécessaires pour assurer l’efficacité dudit contrôle. § 2. Les exploitants de MTF ou d’OTF communiquent immédiatement à la FSMA les violations importantes à ses règles, toute condition de négociation de nature à perturber le bon ordre du marché, toute conduite poten- tiellement révélatrice d’un comportement qui est interdit en vertu du Règlement 596/2014 ou tout dysfonctionne- ment du système lié à un instrument fi nancier. La FSMA transmet à l’AEMF et aux autorités com- pétentes des autres États membres les informations visées à l’alinéa 1er. En ce qui concerne les conduites potentiellement révélatrices d’un comportement qui est interdit en vertu du Règlement 596/2014, la FSMA doit être convaincue que ce comportement est ou a été commis avant d’en informer les autorités compétentes des autres États membres et l’AEMF. 50 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 3. MTF- of OTF-exploitanten verstrekken ook on- verwijld de informatie over de gedragingen die kunnen wijzen op praktijken die verboden zijn op grond van Verordening 596/2014, aan de gerechtelijke autoriteiten en verlenen hen hun volledige medewerking bij het on- derzoeken en vervolgen van gevallen van marktmisbruik die zich in of via hun systemen hebben voorgedaan. Art. 52 § 1. Onverminderd het krachtens artikel 78 aan de FSMA verleende recht om de opschorting van de handel in een fi nancieel instrument of de uitsluiting van een fi - nancieel instrument van de handel te verlangen, kunnen MTF- of OTF-exploitanten de handel in een fi nancieel instrument opschorten of een fi nancieel instrument van de handel uitsluiten wanneer dit instrument niet langer aan de regels van de MTF of de OTF voldoet, tenzij een dergelijke opschorting of uitsluiting de belangen van de beleggers of het ordelijk functioneren van de markt aanzienlijk zou kunnen schaden. § 2. MTF- of OTF-exploitanten die de handel in een fi nancieel instrument opschorten of een fi nancieel instru- ment van de handel uitsluiten, doen hetzelfde met de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 be- doelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwijzen indien dit noodzakelijk is ter ondersteuning van de doelstellingen van de op- schorting of uitsluiting van het onderliggende fi nanci- ele instrument. MTF- of OTF-exploitanten maken deze beslissing over de opschorting of uitsluiting van het fi nanciële instrument en van eventuele hiermee verband houdende derivaten openbaar en stellen de FSMA in kennis van de beslissingen in kwestie. In geval van een exploitant naar Belgisch recht eist de FSMA dat gereglementeerde markten, andere MTF’s, andere OTF’s en systematische internaliseerders, die binnen haar rechtsgebied vallen en handelen in het- zelfde fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwijzen, eveneens de handel in dat fi nanci- ele instrument opschorten of dat fi nanciële instrument uitsluiten van de handel, indien de opschorting of uit- sluiting te wijten is aan vermoedelijk marktmisbruik, een overnamebod of het niet openbaar maken van voorken- nis over de emittent of het fi nanciële instrument in strijd met artikelen 7 en 17 van Verordening 596/2014 behalve indien een dergelijke maatregel de belangen van de beleggers of het ordelijk functioneren van de markt aanzienlijk zou kunnen schaden. § 3. Les exploitants de MTF ou d’OTF transmettent également sans délai excessif les informations concer- nant les conduites potentiellement révélatrices d’un comportement qui est interdit en vertu du Règlement 596/2014 aux autorités judiciaires et ils prêtent à celles- ci toute l’aide nécessaire pour instruire et poursuivre les abus de marché commis sur ou via ses systèmes. Art. 52 § 1er. Sans préjudice du droit de la FSMA d’exiger la suspension ou le retrait d’un instrument fi nancier de la négociation conformément à l’article 78, un exploi- tant de MTF ou d’OTF peut suspendre ou retirer de la négociation tout instrument fi nancier qui n’obéit plus aux règles du MTF ou de l’OTF, sauf si une telle sus- pension ou un tel retrait est susceptible d’affecter d’une manière signifi cative les intérêts des investisseurs ou le fonctionnement ordonné du marché. § 2. Un exploitant de MTF ou d’OTF qui suspend ou retire un instrument fi nancier de la négociation suspend ou retire également les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier lorsque la suspension ou le retrait est nécessaire pour soutenir les objectifs de la suspension ou du retrait de l’instrument fi nancier sous-jacent. L’exploitant de MTF ou d’OTF rend publique sa décision de suspension ou de retrait de l’instrument fi nancier et des instruments dérivés qui sont liés et communique les décisions pertinentes à la FSMA. Dans le cas d’un exploitant de droit belge, la FSMA exige que les marchés réglementés, les autres MTF et OTF et les internalisateurs systématiques qui relèvent de sa compétence et négocient le même instrument fi nancier ou les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font réfé- rence à cet instrument fi nancier, suspendent ou retirent également cet instrument fi nancier ou ces instruments dérivés de la négociation, lorsque la suspension ou le retrait résulte d’un abus présumé de marché, d’une offre publique d’achat ou de la non-communication d’informa- tions privilégiées relatives à l’émetteur ou à l’instrument fi nancier en violation des articles 7 et 17 du Règlement 596/2014, sauf dans les situations où les intérêts des investisseurs ou le fonctionnement ordonné du marché pourraient être affectés d’une manière signifi cative par une telle suspension ou un tel retrait. 51 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 De FSMA maakt het besluit als bedoeld in het tweede lid onmiddellijk bekend en stelt ESMA en de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten daarvan onmiddel- lijk in kennis. De kennisgevingsprocedure als bedoeld in dit artikel moet eveneens worden gevolgd als het de FSMA is die op grond van 78 de beslissing heeft genomen om de handel in het fi nanciële instrument of in de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instru- ment of daarnaar verwijzen, op te schorten, dan wel om het voormelde fi nanciële instrument of de voormelde derivaten uit te sluiten van de handel. Onderafdeling 6 Kmo-groeimarkten Art. 53 § 1. MTF-exploitanten kunnen bij de FSMA een aan- vraag indienen om de MTF als een kmo-groeimarkt te laten registreren. § 2. In het geval als bedoeld in paragraaf 1 registreert de FSMA de MTF als een kmo-groeimarkt indien zij ervan overtuigd is dat met betrekking tot de MTF aan de vereisten van paragraaf 3 is voldaan. § 3. Voor de betrokken MTF’s gelden effectieve re- gels, systemen en procedures die waarborgen dat aan het volgende is voldaan: 1° ten minste vijftig procent van de emittenten waar- van de fi nanciële instrumenten tot de handel op de MTF zijn toegelaten, zijn kmo’s op het tijdstip dat de MTF als kmo-groeimarkt wordt geregistreerd en in elk daaropvolgend kalenderjaar; 2° er zijn passende criteria vastgesteld voor de initiële en doorlopende toelating tot de handel op de markt van fi nanciële instrumenten van emittenten; 3° bij de initiële toelating van fi nanciële instrumenten tot de handel op de markt is er voldoende informatie openbaar gemaakt opdat beleggers met kennis van zaken kunnen beslissen om al dan niet in de fi nanciële instrumenten te beleggen, doordat is overgegaan tot de publicatie van ofwel een geëigend toelatingsdocument, ofwel een prospectus indien de vereisten die zijn vast- gesteld in Richtlijn 2003/71/EG of in hoofdstuk III van titel IV van de wet van 16 juni 2006 bij een openbare La FSMA rend immédiatement publique la décision visée à l’alinéa 2 et la communique aussitôt à l’AEMF et aux autorités compétentes des autres États membres. La procédure de notifi cation visée au présent article s’applique également au cas où la décision de sus- pendre ou de retirer de la négociation l’instrument fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier est prise par la FSMA en vertu de l’article 78. Sous-section 6 Marchés de croissance des PME Art. 53 § 1er. L’exploitant d’un MTF peut adresser à la FSMA une demande d’enregistrement du MTF en tant que marché de croissance des PME. § 2. Dans le cas visé au paragraphe 1er, la FSMA enregistre le MTF en tant que marché de croissance des PME si elle a la certitude que les exigences énoncées au paragraphe 3 sont respectées en ce qui concerne le MTF. § 3. Les MTF concernés sont régis par des règles, systèmes et procédures efficaces qui garantissent le respect des conditions visées ci-dessous: 1° cinquante pour cent au moins des émetteurs dont les instruments fi nanciers sont admis à la négociation sur le MTF sont des PME au moment où le MTF est enregistré en tant que marché de croissance des PME et au cours de toute année civile ultérieure; 2° des critères appropriés sont défi nis pour l’admis- sion initiale et continue des instruments fi nanciers des émetteurs à la négociation sur le marché; 3° lors de l’admission initiale des instruments fi nan- ciers à la négociation sur le marché, des informations suffisantes sont publiées pour permettre aux investis- seurs de décider en connaissance de cause d’investir ou non dans les instruments fi nanciers en question, sous la forme d’un document d’admission approprié ou d’un prospectus si les exigences énoncées dans la Directive 2003/71/CE ou au chapitre III du titre IV de la loi du 16 juin 2006 sont applicables à l’égard d’une 52 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 aanbieding in samenhang met de aanvankelijke toela- ting tot de handel van het fi nanciële instrument op de MTF van toepassing zijn; 4° er is sprake van een passende doorlopende pe- riodieke fi nanciële verslaggeving door of namens een emittent op de markt, bijvoorbeeld in de vorm van door een auditor geverifi eerde jaarverslagen; 5° emittenten op de markt zoals gedefi nieerd in artikel 3, lid 1, punt 21, van Verordening 596/2014, personen met leidinggevende verantwoordelijkheden zoals ge- defi nieerd in artikel 3, lid 1, punt 25, van Verordening 596/2014 en nauw met deze personen gelieerde per- sonen zoals gedefi nieerd in artikel 3, lid 1, punt 26, van Verordening 596/2014, voldoen aan de relevante vereisten die krachtens Verordening 596/2014 op hen van toepassing zijn; 6° de wettelijk verplichte informatie over emittenten op de markt wordt opgeslagen en publiekelijk verspreid; 7° er bestaan doeltreffende systemen en controles om marktmisbruik op de markt te voorkomen en op te sporen zoals voorgeschreven bij Verordening 596/2014. § 4. De criteria van paragraaf 3 doen geen afbreuk aan de andere in deze wet vastgelegde verplichtingen waaraan MTF-exploitanten moeten voldoen voor de exploitatie van MTF’s. Evenmin beletten zij MTF- exploitanten aanvullende eisen te stellen naast die welke in voornoemde paragraaf zijn neergelegd. § 5. De FSMA kan de registratie van een MTF als kmo-groeimarkt schrappen in een van de volgen- de gevallen: 1° de marktexploitant verzoekt om de schrapping van zijn registratie als kmo-groeimarkt; 2° de MTF voldoet niet langer aan de vereisten van paragraaf 3. § 6. De FSMA stelt een lijst op van de krachtens dit artikel geregistreerde MTF’s. Zij maakt die lijst en alle wijzigingen die erin worden aangebracht, bekend op haar website. Als de FSMA een MTF als kmo-groeimarkt regis- treert of de registratie van een MTF als kmo-groeimarkt schrapt, stelt zij ESMA daar zo spoedig mogelijk van in kennis. offre au public effectuée en lien avec l’admission initiale de l’instrument fi nancier à la négociation sur le MTF; 4° des informations fi nancières périodiques appro- priées sont fournies en continu par ou au nom d’un émetteur sur le marché, par exemple sous la forme de rapports annuels ayant fait l’objet d’un audit; 5° les émetteurs sur le marché au sens de l’article 3, paragraphe 1, point 21, du Règlement 596/2014, les personnes exerçant des responsabilités dirigeantes au sens de l’article 3, paragraphe 1, point 25, du Règlement 596/2014, ainsi que les personnes qui leur sont étroi- tement liées au sens de l’article 3, paragraphe 1, point 26, du Règlement 596/2014, satisfont aux exigences qui leur sont applicables en vertu du Règlement 596/2014; 6° les informations réglementaires relatives aux émetteurs sur le marché sont conservées et diffusées auprès du public; 7° il existe des systèmes et des contrôles efficaces pour prévenir et détecter les abus de marché sur ce marché, comme l’exige le Règlement 596/2014. §  4. Les critères énoncés au paragraphe 3  sont sans préjudice du respect, par l’exploitant de MTF, des autres obligations prévues par la présente loi en matière d’exploitation de MTF. Ils n’empêchent pas non plus l’exploitant de MTF d’imposer des obligations supplémentaires par rapport à celles spécifi ées au paragraphe précité. § 5. La FSMA peut supprimer l’enregistrement d’un MTF en tant que marché de croissance des PME dans l’un des cas suivants: 1° l’exploitant du marché demande qu’il soit mis fi n à son enregistrement en tant que marché de crois- sance des PMEt; 2° les exigences énoncées au paragraphe 3 ne sont plus respectées par ce MTF. § 6. La FSMA établit une liste des MTF enregistrés en vertu du présent article. Cette liste et toutes les modifi cations qui y sont apportées sont publiées sur son site internet. Au cas où la FSMA enregistre un MTF ou supprime l’enregistrement d’un MTF en tant que marché de croissance des PME, elle en informe l’AEMF dans les plus brefs délais. 53 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 7. Als fi nanciële instrumenten van een emittent tot de handel op een kmo-groeimarkt worden toegelaten, mogen zij ook op een andere kmo-groeimarkt worden verhandeld, maar alleen indien de emittent hiervan op de hoogte is gebracht en hiertegen geen bezwaar heeft gemaakt. In een dergelijk geval geldt voor de emittent echter geen enkele verplichting inzake corporate gover- nance of initiële, periodieke of occasionele informatie- verstrekking over zijn toelating tot de laatstgenoemde kmo-groeimarkt. Onderafdeling 7 Uitoefening van de activiteiten van een Belgische MTF- of OTF- exploitant in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte Art. 54 § 1. MTF- of OTF-exploitanten delen aan de FSMA mee in welke lidstaat zij voornemens zijn de nodige voorzieningen te treffen om de aldaar gevestigde ge- bruikers of deelnemers toegang te geven tot de MTF- of OTF-systemen en er op afstand op te handelen. De FSMA deelt deze informatie binnen een maand mee aan de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de MTF of de OTF voornemens is dergelijke voorzieningen te treffen. § 2. MTF- of OTF-exploitanten delen aan de FSMA de identiteitsgegevens mee van de leden of deelnemers van hun MTF of OTF. Op verzoek van de bevoegde autoriteit van de lid- staat van ontvangst van de MTF of OTF deelt de FSMA haar onverwijld de identiteitsgegevens mee van de leden of deelnemers van de in die lidstaat gevestigde MTF of OTF. Afdeling III Bepalingen over de MTF’s en OTF’s uit een andere lidstaat Art. 55 Voor zover zij dat bedrijf in hun lidstaat van herkomst mogen uitoefenen, mogen de beleggingsondernemin- gen, kredietinstellingen en marktexploitanten uit een andere lidstaat van de Europees Economische Ruimte die MTF’s of OTF’s exploiteren, in België passende voorzieningen treffen waardoor in België gevestigde § 7. Les instruments fi nanciers d’un émetteur admis à la négociation sur un marché de croissance des PME ne peuvent être également négociés sur un autre marché de croissance des PME que si l’émetteur en a été informé et n’a pas exprimé d’objections. Dans ce cas, cependant, l’émetteur n’est soumis à aucune obligation en matière de gouvernance d’entreprise ou d’information initiale, périodique ou occasionnelle en raison de son admission sur ce dernier marché de croissance des PME. Sous-section 7 Exercice des activités d’un exploitant belge de MTF ou OTF dans un autre État membre de l’Espace économique européen Art. 54 §  1er. Les exploitants de MTF ou d’OTF commu- niquent à la FSMA le nom de l’État membre dans lequel ils comptent prendre les dispositions nécessaires pour permettre aux utilisateurs et aux participants qui y sont établis d’accéder aux systèmes du MTF ou de l’OTF et de les utiliser à distance. Dans le mois qui suit, la FSMA communique cette information à l’autorité compétente de l’État membre dans lequel le MTF ou l’OTF compte prendre de telles dispositions. § 2. Les exploitants de MTF ou d’OTF communiquent à la FSMA l’identité des membres ou des participants de leur MTF ou OTF. A la demande de l’autorité compétente de l’État membre d’accueil du MTF ou de l’OTF et dans un délai raisonnable, la FSMA communique à cette autorité l’identité des membres ou des participants du MTF ou de l’OTF établis dans cet État membre. Section III Dispositions relatives aux MTF et OTF d’un autre État membre Art. 55 Pour autant qu’ils soient autorisés à exercer cette activité dans l’État membre d’origine, les entreprises d’investissement, les établissements de crédit et les opérateurs de marché d’un autre État membre de l’Espace économique européen qui exploitent des MTF ou des OTF sont autorisés à prendre les dispositions 54 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 gebruikers, leden of deelnemers op afstand toegang krijgen tot deze markten en erop mogen handelen. Art. 56 Als de FSMA een kennisgeving ontvangt van de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat krachtens artikel 32, lid 2, derde alinea, van Richtlijn 2014/65/EU, eist zij dat gereglementeerde markten, andere MTF’s en OTF’s en de systematische internaliseerders die binnen haar rechtsgebied vallen en handelen in hetzelfde fi nan- ciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar ver- wijzen, eveneens de handel in dat fi nanciële instrument opschorten of dat fi nanciële instrument uitsluiten van de handel, indien de opschorting of uitsluiting te wijten is aan vermoedelijk marktmisbruik, een overnamebod of het niet openbaar maken van voorkennis over de emit- tent of het fi nanciële instrument in strijd met artikelen 7 en 17 van Verordening 596/2014 behalve indien een dergelijke maatregel de belangen van de beleggers of het ordelijk functioneren van de markt aanzienlijk zou kunnen schaden. De FSMA deelt aan ESMA en aan de andere bevoeg- de autoriteiten haar besluit mee alsook een toelichting indien niet is besloten tot opschorting of uitsluiting van de handel van het fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instru- ment of daarnaar verwijzen. Dit artikel is ook van toepassing bij opheffing van de opschorting of uitsluiting van de handel van het fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwijzen. De in dit artikel bedoelde kennisgevingsprocedure is ook van toepassing in het geval dat het besluit tot op- schorting of uitsluiting van de handel van een fi nancieel instrument of van de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwij- zen, wordt genomen door de FSMA overeenkomstig 78. appropriées en Belgique pour permettre aux utilisateurs, aux membres et aux participants qui y sont établis d’accéder à ces marchés et de les utiliser à distance. Art. 56 Lors qu’elle reçoit une notifi cation de l’autorité com- pétente d’un autre État membre en vertu de l’article 32, paragraphe 2, alinéa 3, de la Directive 2014/65/ EU, la FSMA exige que les marchés réglementés, les autres MTF et OTF et les internalisateurs systématiques qui relèvent de sa compétence et négocient le même instrument fi nancier ou les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier, sus- pendent ou retirent également cet instrument fi nancier ou ces instruments dérivés de la négociation, lorsque la suspension ou le retrait résulte d’un abus présumé de marché, d’une offre publique d’achat ou de la non- communication d’informations privilégiées relatives à l’émetteur ou à l’instrument fi nancier en violation des articles 7 et 17 du Règlement 596/2014, sauf dans les situations où les intérêts des investisseurs ou le fonc- tionnement ordonné du marché pourraient être affectés d’une manière signifi cative par une telle suspension ou un tel retrait. La FSMA communique sa décision à l’AEMF et aux autres autorités compétentes, en expliquant son choix lorsqu’elle décide de ne pas suspendre ou retirer de la négociation l’instrument fi nancier ou les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier. Le présent article s’applique également lorsqu’est levée la suspension de la négociation de l’instrument fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier. La procédure de notifi cation visée au présent article s’applique également au cas où la décision de sus- pendre ou de retirer de la négociation l’instrument fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet instrument fi nancier est prise par la FSMA en vertu de l’article 78. 55 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 HOOFDSTUK III Specifi eke bepalingen voor fi nanciële instrumenten die zijn uitgegeven of gewaarborgd door de Staat of Belgische openbare instanties of waarvan de waarde afhankelijk is van een fi nancieel instrument dat is uitgegeven of gewaarborgd door de Staat of Belgische openbare instanties Art. 57 § 1. Met betrekking tot de fi nanciële instrumenten die Hij aanduidt en die zijn uitgegeven of gewaarborgd door de Staat of Belgische openbare instanties, of de fi nanciële instrumenten die Hij aanduidt en waarvan de waarde afhankelijk is van een fi nancieel instrument dat is uitgegeven of gewaarborgd door de Staat of Belgische openbare instanties, kan de Koning, op advies van de Nationale Bank van België en de FSMA: 1° voor de instrumenten die worden verhandeld op een Belgische gereglementeerde markt of een Belgische MTF, bijzondere regels vaststellen inzake de toelating van deze instrumenten tot de verhandeling, de opschorting of uitsluiting ervan en de wijze van veref- fening van de transacties in deze instrumenten; 2° de Staat, de gemeenschappen, de gewesten, de Franse Gemeenschapscommissie en het Federaal Agentschap van de Schuld toelaten om rechtstreeks transacties in deze instrumenten op een Belgische gereglementeerde markt uit te voeren zonder dat zij er lid van zijn; 3° de organisatie, de werking, het toezicht en de regelhandhaving regelen van Belgische gereglemen- teerde markten en MTF’s die gespecialiseerd zijn in deze instrumenten; 4° een specifi eke toezichtsregeling uitwerken voor transacties voor deze instrumenten, in voorkomend geval in afwijking van de bepalingen van afdeling 8 van hoofdstuk II van de wet van 2 augustus 2002; 5° de wijze bepalen waarop het publiek geïnformeerd dient te worden over de secundaire markt voor deze instrumenten. § 2. De FSMA is belast met het toezicht op de gege- vens over de transacties uitgevoerd door de markthou- ders als bedoeld in artikel 16 van het koninklijk besluit van 20 december 2007 betreffende de lineaire obliga- ties, de gesplitste effecten en de schatkistcertifi caten, die deze markthouders krachtens hun lastenboek aan de FSMA meedelen. De FSMA houdt het Federaal CHAPITRE III Dispositions spécifi ques applicables aux instruments fi nanciers émis ou garantis par l’État ou des collectivités publiques belges ou dont la valeur dépend d’un instrument fi nancier émis ou garanti par l’État ou des collectivités publiques belges Art. 57 § 1er. En ce qui concerne les instruments fi nanciers, qu’Il désigne, émis ou garantis par l’État ou des collec- tivités publiques belges, ou les instruments fi nanciers, qu’Il désigne, dont la valeur dépend d’un instrument fi nancier émis ou garanti par l’État ou des collectivités publiques belges, le Roi peut, sur avis de la Banque nationale de Belgique et de la FSMA: 1° arrêter, pour les instruments négociés sur un marché réglementé belge ou un MTF belge, des règles spécifi ques relatives à l’admission de ces instruments aux négociations, à leur suspension ou à leur retrait et au mode de liquidation des transactions portant sur ces instruments; 2° autoriser l’État, les communautés, les régions, la Commission communautaire française et l’Agence fédé- rale de la Dette à effectuer directement des transactions portant sur ces instruments sur un marché réglementé belge sans qu’ils en soient membres; 3° régler l’organisation, le fonctionnement, la sur- veillance et la police de marchés réglementés et MTF belges spécialisés dans ces instruments; 4° organiser un régime de contrôle spécifi que pour les transactions portant sur ces instruments, le cas échéant en dérogeant aux dispositions de la section 8 du chapitre II de la loi du 2 août 2002; 5° fi xer les modalités selon lesquelles est assurée l’information du public relative au marché secondaire de ces instruments. § 2. La FSMA est chargée du contrôle des données relatives aux transactions réalisées par les teneurs de marché visés à l’article 16  de l’arrêté royal du 20 décembre 2007 relatif aux obligations linéaires, aux titres scindés et aux certifi cats de trésorerie, que les teneurs de marché communiquent à la FSMA en vertu de leur cahier des charges. La FSMA tient l’Agence 56 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Agentschap van de Schuld op de hoogte van de door de markthouders verwezenlijkte maandelijkse volumes. De Koning legt ook de modaliteiten van dit toezicht vast, alsook de frequentie en inhoud van de medede- lingen aan het Federaal Agentschap van de Schuld. TITEL III Datarapporteringsdiensten HOOFDSTUK I Algemene bepalingen Art. 58 § 1. Personen met België als lidstaat van herkomst van wie het gewone beroep of bedrijf bestaat in het verlenen van datarapporteringsdiensten moeten een vergunning krijgen van de FSMA alvorens hun activi- teiten aan te vangen. Aanvragers worden er binnen zes maanden na de indiening van een volledige aanvraag schriftelijk van in kennis gesteld of de vergunning toegekend dan wel geweigerd is. Alle vergunningen worden ter kennis ge- bracht van ESMA. § 2. In afwijking van paragraaf 1 mogen beleggings- ondernemingen, kredietinstellingen of marktexploitanten die een handelsplatform exploiteren, een APA, een CTP of een ARM exploiteren, mits eerst is vastgesteld dat zij de bepalingen van dit hoofdstuk naleven. Een dergelijke dienst wordt in hun vergunning van beleggingsonderne- ming, kredietinstelling of marktexploitant opgenomen. De in het eerste lid bedoelde personen maken vooraf een kennisgeving over aan de FSMA. De kennisgeving bevat de verklaring dat is voldaan aan de vereisten van deze afdeling en dient ten minste zes maanden vóór de aanvang van de exploitatie te worden overgemaakt aan de FSMA. Tijdens die termijn kan de FSMA zich tegen de uitoe- fening van de voormelde activiteit verzetten als uit de kennisgeving niet blijkt dat aan de vereisten van deze afdeling is voldaan. fédérale de la Dette informés des volumes mensuels réalisés par les teneurs de marché. Le Roi détermine les modalités de ce contrôle, ainsi que la fréquence et le contenu des communications faites à l’Agence fédérale de la Dette. TITRE III Services de communication de données CHAPITRE IER Dispositions générales Art. 58 §  1er. Les personnes dont la Belgique est l’État membre d’origine et dont l’occupation ou l’activité habi- tuelle consiste à prester des services de communication de données sont tenus d’obtenir un agrément auprès de la FSMA avant de commencer leurs opérations. Le demandeur est informé par écrit, dans les six mois à compter de la présentation d’une demande complète, de l’octroi ou du refus de l’agrément. Tout agrément est notifi é à l’AEMF. § 2. Par dérogation au paragraphe 1er, il est permis à une entreprise d’investissement, un établissement de crédit ou à un opérateur de marché qui exploite une plateforme de négociation d’exploiter un APA, un CTP ou un ARM, à condition qu’il ait été vérifi é au préalable qu’ils respectent le présent titre. Le service concerné est inclus dans l’agrément de l’entreprise d’investis- sement, de l’établissement de crédit ou de l’opérateur de marché. Les personnes visées à l’alinéa 1er envoient préala- blement une notifi cation à la FSMA. La notifi cation établit qu’il est satisfait aux exigences de la présente section et est envoyée à la FSMA au moins six mois avant le début de l’exploitation. Durant le délai précité, la FSMA peut s’opposer à l’exercice de l’activité précitée au cas où la notifi cation n’établit pas qu’il est satisfait aux exigences de la pré- sente section. 57 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 3. De FSMA stelt een lijst op van de aanbieders van datarapporteringsdiensten aan wie krachtens deze wet een vergunning is verleend. Zij maakt deze lijst en alle wijzigingen die erin worden aangebracht bekend op haar website. De lijst bevat informatie over de diensten die aan- bieders van datarapporteringsdiensten volgens hun vergunning mogen verrichten. Als een vergunning is ingetrokken, wordt dit gedu- rende vijf jaar vermeld op de lijst. § 4. Aanbieders van datarapporteringsdiensten staan bij het verlenen hun diensten onder toezicht van de FSMA. De FSMA controleert regelmatig of de aanbie- ders van datarapporteringsdiensten deze titel naleven. Zij ziet er eveneens op toe dat de aanbieders van da- tarapporteringsdiensten te allen tijde voldoen aan de in deze titel vastgestelde voorwaarden waaronder hun oorspronkelijk een vergunning is verleend. Art. 59 In de vergunning worden de datarapporteringsdien- sten vermeld die de aanbieder van datarapporterings- diensten op grond van de vergunning mag verlenen. Aanbieders van datarapporteringsdiensten die hun werkzaamheden tot andere datarapporteringsdiensten wensen uit te breiden, zijn verplicht een verzoek tot uitbreiding van hun vergunning in te dienen. Aanbieders van datarapporteringsdiensten van een andere lidstaat mogen in België de diensten verlenen waarvoor hun een vergunning is verleend door de be- voegde autoriteit van hun lidstaat van herkomst. Art. 60 De FSMA verleent pas een vergunning nadat zij er zich van heeft vergewist dat de aanvrager aan alle eisen van deze titel voldoet. Aanbieders van datarapporteringsdiensten verstrek- ken alle informatie, met inbegrip van een programma van werkzaamheden waarin met name de aard van de beoogde diensten en de organisatiestructuur worden vermeld, die nodig is opdat de FSMA zich ervan kan vergewissen dat de aanbieder van datarapporterings- diensten ten tijde van de initiële vergunningverlening alle noodzakelijke regelingen heeft getroffen om te voldoen aan zijn verplichtingen die voortvloeien uit de bepalingen van deze titel. § 3. La FSMA établit une liste des prestataires de services de communication de données agréés en vertu de la présente loi. Cette liste et toutes les modifi cations qui y sont apportées sont publiées sur son site internet. La liste contient des informations sur les services pour lesquels le prestataire de services de communication de données est agréé. En cas de retrait de l’agrément, ce retrait est publié sur la liste pendant cinq ans. § 4. Les prestataires de services de communication de données fournissent leurs services sous la surveil- lance de la FSMA. La FSMA s’assure régulièrement que les prestataires de services de communication de données respectent le présent titre. Elle vérifi e égale- ment que les prestataires de services de communication de données satisfont à tout moment aux conditions imposées pour leur agrément initial, fi xées dans le présent titre. Art. 59 L’agrément précise le service de communication de données que le prestataire de services de communica- tion de données concerné est autorisé à fournir. Tout prestataire de services de communication de données souhaitant étendre son activité à d’autres services de communication de données soumet une demande d’extension de son agrément. Un prestataire de services de communication de données d’un autre État membre est autorisé à fournir en Belgique les services pour lesquels il a été agréé par l’autorité compétente de son État membre d’origine. Art. 60 L’agrément n’est délivré que lorsque la FSMA s’est assurée que le demandeur satisfait aux exigences du présent titre. Le prestataire de services de communication de données fournit toutes les informations, y compris un programme d’activité énumérant notamment le type de services envisagés et la structure organisationnelle retenue, qui sont nécessaires pour permettre à la FSMA de s’assurer que le prestataire a pris toutes les mesures nécessaires, au moment de l’agrément initial, pour satisfaire aux obligations que lui impose le présent titre. 58 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 61 De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de personen belast met de effectieve leiding van een aan- bieder van datarapporteringsdiensten zijn uitsluitend natuurlijke personen. Zij geven blijk van de vereiste professionele betrouwbaarheid en beschikken over de passende deskundigheid voor het uitoefenen van hun functie. Zij besteden voldoende tijd aan de uitoefening van hun taken. Het wettelijk bestuursorgaan beschikt over voldoende kennis, vaardigheden en ervaring om inzicht te hebben in de activiteiten van de aanbieder van datarapporte- ringsdiensten. Elk lid van het wettelijk bestuursorgaan handelt eerlijk, integer en met onafhankelijkheid van geest om de besluiten van de effectieve leiding zo nodig op doeltreffende wijze aan te vechten en zo nodig op doeltreffende wijze toe te zien en controle uit te oefenen op de besluitvorming van de effectieve leiding. Indien een marktexploitant die een gereglementeerde markt exploiteert een vergunning tot exploitatie van een APA, een CTP of een ARM aanvraagt en de leden van het wettelijk bestuursorgaan of de personen die instaan voor de effectieve leiding van de APA, de CTP of het ARM dezelfden zijn als de leden van het wettelijk bestuursorgaan of van de effectieve leiding van de ge- reglementeerde markt, worden die personen geacht te voldoen aan de vereisten van het eerste lid. Art. 62 §  1. Aanbieders van datarapporteringsdiensten brengen de FSMA vooraf op de hoogte van het voorstel tot benoeming van de leden van het wettelijk bestuurs- orgaan en van de personen belast met de effectieve leiding van de aanbieder. Het eerste lid is eveneens van toepassing op het voorstel tot hernieuwing van de benoeming van de in het eerste lid bedoelde personen, evenals op de niet-hernieuwing van hun benoeming, hun afzetting of hun ontslag. De benoeming van de in het eerste lid bedoelde personen wordt vooraf ter goedkeuring voorgelegd aan de FSMA. § 2. Aanbieders van datarapporteringsdiensten delen aan de FSMA alle documenten en informatie mee die haar toelaten te beoordelen of de aanbieder aan de vereisten van artikel 61 voldoet. Art. 61 Les personnes qui sont membres de l’organe légal d’administration et celles qui assurent la direction effec- tive d’un prestataire de services de communication de données sont exclusivement des personnes physiques. Elles disposent de l’honorabilité professionnelle néces- saire et de l’expertise adéquate à l’exercice de leur fonction. Elles consacrent un temps suffisant à l’exercice de leurs fonctions. L’organe légal d’administration possède les connais- sances, les compétences et l’expérience collectives ap- propriées lui permettant de comprendre les activités du prestataire de services de communication de données. Chaque membre de l’organe légal d’administration agit avec une honnêteté, une intégrité et une indépendance d’esprit qui lui permettent de remettre en cause effec- tivement, si nécessaire, les décisions de la direction effective, ainsi que de superviser et suivre efficacement les décisions prises en matière de gestion. Lorsqu’un opérateur de marché qui exploite un marché réglementé demande un agrément relatif à l’exploitation d’un APA, d’un CTP ou d’un ARM et que les membres de l’organe légal d’administration ou les personnes qui assurent la direction effective de l’APA, du CTP ou de l’ARM sont les mêmes que les membres de l’organe légal d’administration ou de la direction effective du marché réglementé, ces personnes sont réputées respecter les exigences défi nies à l’alinéa 1er. Art. 62 § 1er. Les prestataires de services de communication de données informent préalablement la FSMA de la proposition de nomination des membres de l’organe légal d’administration et des personnes chargées de la direction effective du prestataire. L’alinéa 1er est également applicable à la proposition de renouvellement de la nomination des personnes qui y sont visées ainsi qu’au non-renouvellement de leur nomination, à leur révocation ou à leur démission. La nomination des personnes visées à l’alinéa 1er est soumise à l’approbation préalable de la FSMA. § 2. Les prestataires de services de communication de données communiquent à la FSMA tous les docu- ments et informations lui permettant d’apprécier si le prestataire satisfait aux conditions de l’article 61. 59 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 3. De aanbieders van datarapporteringsdiensten en de in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde personen brengen de FSMA onverwijld op de hoogte van elk feit of element dat een wijziging in de bij de benoeming verstrekte in- formatie inhoudt, en dat een invloed kan hebben op de voor de uitoefening van de betrokken functie vereiste professionele betrouwbaarheid en deskundigheid. Overeenkomstig artikel 58, § 4, artikel 61, eerste lid, en artikel 72, kan de FSMA, wanneer zij in het kader van de uitvoering van haar toezichtsopdracht op de hoogte is van een dergelijk feit of element, dat al dan niet met toepassing van het eerste lid is verkregen, de naleving van de in artikel 61, eerste lid, bedoelde ver- eisten herbeoordelen. Art. 63 Het wettelijk bestuursorgaan van een aanbieder van datarapporteringsdiensten stelt governanceregelingen op en ziet toe op de uitvoering ervan; deze regelingen garanderen een doeltreffende en voorzichtige bedrijfs- voering van een organisatie en voorzien onder meer in een scheiding van taken in de organisatie en in de voorkoming van belangenconfl icten, en dit op een wijze die de integriteit van de markt en de belangen van haar cliënten bevordert. Art. 64 De FSMA verleent geen vergunning indien zij zich er niet van heeft kunnen vergewissen dat de persoon of de personen die het bedrijf van de aanbieder van datarap- porteringsdiensten feitelijk gaan leiden, blijk geven van de voor de uitoefening van hun functie vereiste profes- sionele betrouwbaarheid en passende deskundigheid, dan wel indien er objectieve en aantoonbare redenen zijn om aan te nemen dat voorgenomen wijzigingen in het bestuur van de aanbieder een bedreiging kunnen vormen voor de gezonde en voorzichtige bedrijfsvoering ervan en voor een passende inachtneming van de be- langen van zijn cliënten en de integriteit van de markt. HOOFDSTUK II Bepalingen over de goedgekeurde publicatieregelingen (APA’s) Art. 65 § 1. APA’s voorzien in een adequaat beleid en afdoen- de regelingen om de krachtens artikelen 20 en 21 van § 3. Les prestataires de services de communication de données ainsi que les personnes visées au para- graphe 1er, alinéa 1er, informent la FSMA sans délai de tout fait ou élément qui implique une modifi cation des informations fournies lors de la nomination et qui peut avoir une incidence sur l’honorabilité professionnelle et l’expertise nécessaire à l’exercice de la fonction concernée. Conformément à l’article 58, § 4, à l’article 61, alinéa 1er et à l’article 72, lorsque la FSMA, dans le cadre de l’exercice de sa mission de contrôle, a connaissance d’un tel fait ou élément, obtenu ou non en application de l’alinéa 1er, elle peut effectuer une réévaluation du respect des exigences visées à l’article 61, alinéa 1er. Art. 63 L’organe légal d’administration d’un prestataire de services de communication de données défi nit et supervise la mise en oeuvre d’un dispositif de gouver- nance qui garantit une gestion efficace et prudente de l’organisation, et notamment la ségrégation des tâches au sein de l’organisation et la prévention des confl its d’intérêts, de manière à promouvoir l’intégrité du marché et l’intérêt de ses clients. Art. 64 La FSMA refuse de délivrer l’agrément si elle n’a pas l’assurance que la ou les personnes qui dirigent effectivement l’activité du prestataire de services de communication de données jouissent de l’honorabilité professionnelle nécessaire et de l’expertise adéquate à l’exercice de leur fonction , ou s’il existe des raisons objectives et démontrables d’estimer que le change- ment de direction proposé risquerait de compromettre la gestion saine et prudente du prestataire et la prise en compte appropriée de l’intérêt de ses clients et de l’intégrité du marché. CHAPITRE II Dispositions relatives aux dispositifs de publication agréés (APA) Art. 65 §  1er. Un APA dispose de politiques et de méca- nismes permettant de rendre publiques les informations 60 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Verordening 600/2014 te verstrekken informatie tegen redelijke commerciële voorwaarden openbaar te maken binnen een tijdsspanne die realtime zo dicht mogelijk benadert als technisch haalbaar is. De informatie wordt 15 minuten na de bekendmaking ervan door de APA’s kosteloos beschikbaar gesteld. De APA’s zijn in staat om deze informatie op efficiënte en consistente wijze te verspreiden, zodat deze snel en op niet-discriminerende basis toegankelijk is in een vorm die de consolidatie van de informatie met vergelijkbare gegevens uit andere bronnen vergemakkelijkt. §  2. De informatie die overeenkomstig paragraaf 1 door APA’s openbaar wordt gemaakt, omvat ten min- ste de volgende elementen: 1° de identifi catiecode van het fi nanciële instrument; 2° de prijs waartegen de transactie is gesloten; 3° de omvang van de transactie; 4° het tijdstip waarop de transactie heeft plaatsgevonden; 5° het tijdstip waarop de transactie is gemeld; 6° de eenheid van de prijs van de transactie; 7° de code voor het handelsplatform waarop de transactie is uitgevoerd, of als de transactie is uitgevoerd via een systematische internaliseerder, de code “SI” of anders de code “OTC”; 8° in voorkomend geval, een indicator dat de trans- actie aan specifi eke voorwaarden onderworpen was. § 3. APA’s treffen en handhaven doeltreffende be- stuursrechtelijke regelingen om belangenconfl icten met hun cliënten te voorkomen. Met name geldt dat APA’s die ook een marktexploitant, een kredietinstelling of een beleggingsonderneming zijn, alle verzamelde informatie op niet-discriminerende wijze behandelen en passende regelingen treffen en handhaven met het oog op de scheiding van verschillende bedrijfsfuncties. § 4. APA’s beschikken over deugdelijke beveiligings- mechanismen om de beveiliging van de middelen voor de informatieoverdracht te garanderen, het risico op datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot een mini- mum te beperken, en te voorkomen dat informatie uitlekt vóór de bekendmaking ervan. APA’s houden voldoende middelen aan en beschikken over back-upvoorzieningen om hun diensten te allen tijde te kunnen aanbieden en in stand te kunnen houden. requises en vertu des articles 20 et 21 du Règlement 600/2014 dans des délais aussi proches du temps réel que le permettent les moyens techniques et dans des conditions commerciales raisonnables. Les informations sont rendues disponibles gratuitement quinze minutes après leur publication par l’APA. L’APA est en mesure d’assurer une diffusion efficiente et cohérente de ces informations, afi n de garantir un accès rapide aux infor- mations sur une base non discriminatoire et dans un format qui facilite leur consolidation avec des données similaires provenant d’autres sources. § 2. Les informations rendues publiques par un APA conformément au paragraphe 1er comprennent au moins les éléments suivants: 1° l’identifi ant de l’instrument fi nancier; 2° le prix auquel la transaction a été conclue; 3° le volume de la transaction; 4° l’heure de la transaction; 5° l’heure à laquelle la transaction a été déclarée; 6° l’unité de prix de la transaction; 7° le code de la plateforme de négociation sur laquelle la transaction a été exécutée ou, lorsque la transaction a été exécutée via un internalisateur systématique, le code “IS” ou le code “OTC”, selon le cas; 8° le cas échéant, une indication signalant que la transaction était soumise à des conditions particulières. § 3. L’APA met en oeuvre et maintient des disposi- tifs administratifs efficaces pour prévenir les confl its d’intérêts avec ses clients. En particulier, un APA qui est également un opérateur de marché, un établissement de crédit ou une entreprise d’investissement traite toutes les informations collectées d’une manière non discri- minatoire et met en oeuvre et maintient les dispositifs nécessaires pour séparer les différentes activités. § 4. L’APA dispose de mécanismes de sécurité effi- caces pour garantir la sécurité des moyens de transfert d’information, réduire au minimum le risque de corrup- tion des données et d’accès non autorisé et empêcher les fuites d’informations avant la publication. L’APA prévoit des ressources suffisantes et des mécanismes de sauvegarde pour pouvoir assurer ses services à tout moment. 61 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 5. APA’s beschikken over systemen die transactie- meldingen doeltreffend op volledigheid kunnen controle- ren, omissies en aperte fouten kunnen opsporen en om de hernieuwde transmissie van eventuele foutmeldingen kunnen verzoeken. HOOFDSTUK III Bepalingen over verstrekkers van de consolidated tape (CTP) Art. 66 § 1. CTP voorzien in een adequaat beleid en afdoende regelingen om overeenkomstig artikelen 6 en 20 van Verordening 600/2014 openbaar gemaakte informatie te verzamelen, in een continue elektronische datastroom te consolideren en tegen redelijke commerciële voor- waarden voor het publiek beschikbaar te stellen binnen een tijdsspanne die realtime zo dicht mogelijk benadert als technisch haalbaar is. Die informatie omvat ten minste de volgende bijzonderheden: 1° de identifi catiecode van het fi nanciële instrument; 2° de prijs waartegen de transactie is gesloten; 3° de omvang van de transactie; 4° het tijdstip waarop de transactie heeft plaatsgevonden; 5° het tijdstip waarop de transactie is gemeld; 6° de eenheid van de prijs van de transactie; 7° de code voor het handelsplatform waarop de transactie is uitgevoerd, of als de transactie is uitgevoerd via een systematische internaliseerder, de code “SI” of anders de code “OTC”; 8° in voorkomend geval, het feit dat een computeral- goritme binnen de kredietinstelling of de beleggingson- derneming verantwoordelijk was voor het beleggings- besluit en de uitvoering van de transactie; 9° in voorkomend geval, een indicator dat de trans- actie aan specifi eke voorwaarden onderworpen was; 10° indien overeenkomstig artikel 4, lid 1, punten a) of b), van Verordening 600/2014 vrijstelling was verleend van de verplichting om de in artikel 3, lid 1, van die ver- ordening genoemde informatie openbaar te maken, een § 5. L’APA met en place des systèmes capables de vérifi er efficacement l’exhaustivité des déclarations de transactions, de repérer les omissions et les erreurs manifestes et de demander une nouvelle transmission des déclarations erronées le cas échéant. CHAPITRE III Dispositions relatives aux fournisseurs de système consolidé de publication (CTP) Art. 66 § 1er. Le CTP met en place des politiques et des mécanismes adéquats pour collecter les informations rendues publiques conformément aux articles 6 et 20 du Règlement 600/2014, les regrouper en un fl ux électro- nique de données actualisé en continu et les mettre à la disposition du public dans des délais aussi proches du temps réel que le permettent les moyens techniques, à des conditions commerciales raisonnables. Ces informations incluent au minimum les renseigne- ments suivants: 1° l’identifi ant de l’instrument fi nancier; 2° le prix auquel la transaction a été conclue; 3° le volume de la transaction; 4° l’heure de la transaction; 5° l’heure à laquelle la transaction a été déclarée; 6° l’unité de prix de la transaction; 7° le code de la plateforme de négociation sur laquelle la transaction a été exécutée ou, lorsque la transaction a été exécutée via un internalisateur systématique, le code “IS” ou le code “OTC”, selon le cas; 8° le cas échéant, le fait qu’un algorithme informa- tique au sein de l’établissement de crédit ou de l’entre- prise d’investissement est responsable de la décision d’investissement et de l’exécution de la transaction; 9° le cas échéant, une indication signalant que la transaction était soumise à conditions particulières; 10° si l’obligation de publier les informations visée à l’article 3, paragraphe 1, du Règlement 600/2014 a été levée à titre de dérogation conformément à l’article 4, paragraphe 1, points a) ou b), dudit règlement, un 62 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 markering om aan te geven welke van die vrijstellingen voor die transactie gold. De informatie wordt vijftien minuten na bekendma- king door de CTP kosteloos beschikbaar gesteld. De CTP zijn in staat om deze informatie op efficiënte en consistente wijze te verspreiden, zodat deze snel en op niet-discriminerende basis toegankelijk is in vormen die gemakkelijk toegankelijk en bruikbaar zijn voor marktdeelnemers. § 2. CTP voorzien in een adequaat beleid en af- doende regelingen om overeenkomstig artikelen 10 en 21 van Verordening 600/2014 openbaar gemaakte in- formatie te verzamelen, in een continue elektronische datastroom te consolideren en daarop aansluitende informatie tegen redelijke commerciële voorwaarden voor het publiek beschikbaar te stellen binnen een tijdsspanne die realtime zo dicht mogelijk benadert als technisch haalbaar is, waarbij ten minste de volgende bijzonderheden worden verstrekt: 1° de identifi catiecode of identifi catiekenmerken van het fi nanciële instrument; 2° de prijs waartegen de transactie is gesloten; 3° de omvang van de transactie; 4° het tijdstip waarop de transactie heeft plaatsgevonden; 5° het tijdstip waarop de transactie is gemeld; 6° de eenheid van de prijs van de transactie; 7° de code voor het handelsplatform waarop de transactie is uitgevoerd, of als de transactie is uitgevoerd via een systematische internaliseerder, de code “SI” of anders de code “OTC”; 8° in voorkomend geval, een indicator dat de trans- actie aan specifi eke voorwaarden onderworpen was. De informatie wordt vijftien minuten na bekendma- king door de CTP kosteloos beschikbaar gesteld. De CTP zijn in staat om deze informatie op efficiënte en consistente wijze te verspreiden, zodat deze snel en op niet-discriminerende basis toegankelijk is in algemeen aanvaarde vormen die interoperabel zijn en gemakkelijk toegankelijk en bruikbaar zijn voor marktdeelnemers. § 3. CTP zorgen ervoor dat de verstrekte gegevens geconsolideerde gegevens zijn van alle gereglemen- teerde markten, MTF’s, OTF’s en APA’s en tevens drapeau pour indiquer de quelle dérogation la transac- tion a fait l’objet. Les informations sont rendues disponibles gratuite- ment quinze minutes après leur publication par le CTP. Le CTP est en mesure d’assurer une diffusion efficiente et cohérente de ces informations, de façon à garantir un accès rapide aux informations sur une base non discri- minatoire et dans des formats aisément accessibles et utilisables par les participants au marché. § 2. Le CTP met en place des politiques et des dis- positifs adéquats pour collecter les informations ren- dues publiques conformément aux articles 10 et 21 du Règlement 600/2014, les regrouper en un fl ux électro- nique de données actualisé en continu et les mettre à la disposition du public dans des délais aussi proches du temps réel que le permettent les moyens techniques, à des conditions commerciales raisonnables, en y incluant au minimum les renseignements suivants: 1° l’identifi ant ou les éléments d’identifi cation de l’instrument fi nancier; 2° le prix auquel la transaction a été conclue; 3° le volume de la transaction; 4° l’heure de la transaction; 5° l’heure à laquelle la transaction a été déclarée; 6° l’unité de prix de la transaction; 7° le code de la plateforme de négociation sur laquelle la transaction a été exécutée ou, lorsque la transaction a été exécutée via un internalisateur systématique, le code “IS” ou le code “OTC”, selon le cas; 8° le cas échéant, une indication signalant que la transaction était soumise à conditions particulières. Les informations sont rendues disponibles gratuite- ment quinze minutes après leur publication par le CTP. Le CTP est en mesure d’assurer une diffusion efficiente et cohérente de ces informations, de façon à garantir un accès rapide aux informations sur une base non discri- minatoire et dans des formats communément acceptés qui soient interopérables et aisément accessibles et utilisables par les participants au marché. § 3. Le CTP garantit que les données à fournir sont collectées auprès de tous les marchés réglementés, des MTF, des OTF et des APA et pour les instruments 63 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 betrekking hebben op de fi nanciële instrumenten die zijn gespecifi ceerd via technische reguleringsnormen goedgekeurd door de Commissie conform artikel 65, lid 8, punt c), van Richtlijn 2014/65/EU. § 4. CTP treffen en handhaven doeltreffende be- stuursrechtelijke regelingen om belangenconfl icten te voorkomen. Met name een marktexploitant of een APA die ook een geconsolideerde transactiemeldingsrege- ling exploiteert, behandelt alle verzamelde informatie op niet-discriminerende wijze, en treft en handhaaft passende regelingen met het oog op de scheiding van verschillende bedrijfsfuncties. § 5. CTP beschikken over deugdelijke beveiligings- mechanismen om de beveiliging van de middelen voor de informatieoverdracht te garanderen en het risico op datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot een mini- mum te beperken. CTP houden voldoende middelen aan en beschikken over back-upvoorzieningen om hun diensten te allen tijde te kunnen aanbieden en in stand te kunnen houden. HOOFDSTUK IV Bepalingen over goedgekeurde rapporteringsmechanismen (ARM’s) Art. 67 § 1. ARM’s beschikken over een adequaat beleid en afdoende regelingen om de krachtens artikel 26 van Verordening 600/2014  te verstrekken informatie zo spoedig mogelijk en vóór het einde van de werkdag volgende op die waarop de transactie heeft plaatsge- vonden te rapporteren. Deze informatie wordt gerap- porteerd overeenkomstig de vereisten van artikel 26 van Verordening 600/2014. § 2. ARM’s treffen en handhaven doeltreffende be- stuursrechtelijke regelingen om belangenconfl icten met hun cliënten te voorkomen. Met name geldt dat ARM’s die ook een marktexploitant, een kredietinstelling of een beleggingsonderneming zijn, alle verzamelde informatie op niet-discriminerende wijze behandelen en passende regelingen treffen en handhaven met het oog op de scheiding van verschillende bedrijfsfuncties. § 3. ARM’s beschikken over deugdelijke beveiligings- mechanismen om de beveiliging en authenticatie van de middelen voor de informatieoverdracht te garanderen, het risico op datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot een minimum te beperken, en de vertrouwelijkheid van de gegevens te allen tijde in stand te houden. ARM’s fi nanciers désignés par des normes techniques de règlementation adoptées par la Commission en vertu de l’article 65 paragraphe 8, point c), de la Directive 2014/65/UE. § 4. Le CTP met en oeuvre et maintient des dispositifs administratifs efficaces pour prévenir les confl its d’inté- rêts. Ainsi, un opérateur de marché ou un APA gérant également un système consolidé de publication traite toutes les informations collectées d’une manière non discriminatoire et met en oeuvre et maintient les dispo- sitifs nécessaires pour séparer les différentes activités. §  5. Le CTP met en place des mécanismes de sécurité solides pour garantir la sécurité des moyens de transfert de l’information et réduire au minimum le risque de corruption des données et d’accès non auto- risé. Le CTP prévoit des ressources suffisantes et des mécanismes de sauvegarde pour pouvoir assurer ses services à tout moment. CHAPITRE IV Dispositions relatives aux mécanismes de déclaration agréés (ARM) Art. 67 § 1er. L’ARM met en place des politiques et des dis- positifs adéquats pour communiquer les informations prévues à l’article 26 du Règlement 600/2014 le plus rapidement possible et au plus tard au terme du jour ou- vrable suivant le jour d’exécution de la transaction. Ces informations sont communiquées conformément aux exigences prévues à l’article 26 du Règlement 600/2014. § 2. L’ARM met en oeuvre et maintient des dispo- sitifs administratifs efficaces pour prévenir les confl its d’intérêts avec ses clients. En particulier, un ARM qui est également un opérateur de marché, un établisse- ment de crédit ou une entreprise d’investissement traite toutes les informations collectées d’une manière non discriminatoire et met en oeuvre et maintient en oeuvre les dispositifs nécessaires pour séparer les différentes activités. § 3. L’ARM met en place des mécanismes de sécurité solides pour garantir la sécurité et l’authentifi cation des moyens de transfert de l’information, réduire au mini- mum le risque de corruption des données et d’accès non autorisé et empêcher les fuites d’informations afi n de maintenir en permanence la confi dentialité des 64 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 houden voldoende middelen aan en beschikken over back- upvoorzieningen om hun diensten te allen tijde te kunnen aanbieden en in stand te kunnen houden. § 4. ARM’s beschikken over systemen die trans- actiemeldingen doeltreffend op volledigheid kunnen controleren, door de kredietinstelling of de beleg- gingsonderneming veroorzaakte omissies en aperte fouten kunnen opsporen en, wanneer zich een fout of een omissie voordoet, nadere bijzonderheden over de fout of de omissie aan de kredietinstelling of de beleggingsonderneming kunnen meedelen en om de hernieuwde transmissie van eventuele foutmeldingen kunnen verzoeken. ARM’s beschikken over systemen waarmee ze zelf veroorzaakte fouten of omissies kunnen opsporen, transactiemeldingen kunnen corrigeren en juiste en vol- ledige transactiemeldingen aan de bevoegde autoriteit kunnen toezenden, of opnieuw toezenden, naargelang het geval. TITEL IV Positielimieten en positiebeheerscontroles in grondstoffenderivaten en rapportage Art. 68 Voor de toepassing van deze titel wordt onder cen- trale bevoegde autoriteit de bevoegde autoriteit verstaan van de lidstaat van herkomst van het handelsplatform met het grootste handelsvolume in een welbepaald fi nancieel instrument. Art. 69 § 1. Overeenkomstig de door ESMA bepaalde be- rekeningsmethode stelt de FSMA positielimieten vast en past ze toe ten aanzien van de omvang van een nettopositie die een persoon op elk moment kan aan- houden in grondstoffenderivaten die op handelsplatfor- men worden verhandeld en economisch gelijkwaardige OTC-contracten. De limieten worden vastgesteld op basis van alle posities die door een persoon worden aangehouden en de posities die voor rekening van deze persoon worden aangehouden op geaggregeerd groepsniveau teneinde: 1° marktmisbruik te voorkomen; 2° ordelijke koersvormings- en afwikkelingsvoorwaar- den te bevorderen, onder meer door marktverstorende données. L’ARM prévoit des ressources suffisantes et des mécanismes de sauvegarde pour pouvoir assurer ses services à tout moment. § 4. L’ARM met en place des systèmes capables de vérifi er efficacement l’exhaustivité des déclarations de transactions, de repérer les omissions et les erreurs manifestes dues à l’établissement de crédit ou à l’entre- prise d’investissement et, lorsqu’une telle erreur ou omission se produit, qu’il communique les détails de cette erreur ou omission à l’établissement de crédit ou à l’entreprise d’investissement et demande une nouvelle transmission des déclarations erronées le cas échéant. L’ARM met en place des systèmes lui permettant de détecter les erreurs ou omissions dues à l’ARM lui- même et de corriger les déclarations de transactions et transmettre, ou transmettre à nouveau, selon le cas, à la FSMA des déclarations de transactions correctes et complètes. TITRE IV Limites de position, contrôle en matière de gestion des positions sur les instruments dérivés sur matières premières et déclaration de positions Art. 68 Aux fi ns du présent titre, on entend par autorité com- pétente centrale, l’autorité compétente de l’État membre d’origine de la plateforme de négociation connaissant le plus grand volume de négociation concernant un instrument fi nancier déterminé. Art. 69 § 1er. La FSMA, conformément à la méthodologie de calcul déterminée par l’AEMF, établit et applique des limites de positions sur la taille d’une position nette qu’une personne peut détenir à tout moment sur les instruments dérivés sur matières premières négociées sur des plateformes de négociation et sur les contrats de gré à gré économiquement équivalents. Les limites sont fi xées sur la base de toutes les positions détenues par une personne et de celles détenues en son nom au niveau d’un groupe agrégé afi n de: 1° prévenir les abus de marché; 2° favoriser une cotation ordonnée et un règlement efficace, y compris en évitant les positions faussant le 65 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 posities te voorkomen en in het bijzonder door con- vergentie te waarborgen van de derivatenprijzen in de maand van levering en de prijzen op de spotmarkt voor de onderliggende grondstof, onverminderd de koers- vorming op de markt voor de onderliggende grondstof. Positielimieten gelden niet voor posities die worden aangehouden door of voor rekening van een niet-fi nan- ciële entiteit en waarvan objectief kan worden vastge- steld dat deze de risico’s verminderen die rechtstreeks verband houden met de commerciële activiteit van die niet-fi nanciële entiteit. § 2. De positielimieten voorzien in duidelijke kwan- titatieve drempels voor de maximumomvang van een positie in een grondstoffenderivaat die personen kun- nen houden. § 3. De FSMA stelt limieten vast voor elk op handels- platformen verhandeld grondstoffenderivatencontract op basis van de door ESMA bepaalde berekeningsmetho- de. Deze positielimiet omvat economisch gelijkwaardige OTC-contracten. De FSMA herziet de positielimieten wanneer de leverbare voorraad of de positie in openstaande con- tracten aanzienlijk verandert of in geval van een andere aanzienlijke verandering op de markt, op basis van haar bepaling van de leverbare voorraad en van de positie in openstaande contracten, en stelt de positielimiet op- nieuw vast overeenkomstig de door ESMA vastgestelde berekeningsmethode. § 4. De FSMA stelt ESMA in kennis van de exacte positielimieten die zij voornemens zijn vast te stellen op basis van de berekeningsmethode zoals vastgesteld door ESMA. In voorkomend geval wijzigt de FSMA de positielimieten overeenkomstig het advies van ESMA ingevolge artikel 57, lid 5, van Richtlijn 2014/65/EU, of rechtvaardigt bij ESMA waarom zij meent dat deze niet hoeven te worden gewijzigd. Ingeval de FSMA limie- ten oplegt die in strijd zijn met een advies van ESMA, maakt zij op haar website onmiddellijk een mededeling bekend waarin zij de redenen waarom zij een dergelijke werkwijze volgt, volledig uiteenzet. § 5. Ingeval hetzelfde grondstoffenderivaat ook in aanzienlijke hoeveelheden wordt verhandeld op han- delsplatformen waarvoor België niet de lidstaat van herkomst is, zijn de bepalingen van deze paragraaf van toepassing. Als de FSMA de centrale bevoegde autoriteit is, stelt zij de unieke positielimiet vast die wordt toegepast op marché, et en veillant en particulier à la convergence entre les prix des instruments dérivés pendant le mois de livraison et les prix au comptant de la matière pre- mière sous-jacente, sans préjudice de la détermination des prix sur le marché pour les matières premières sous-jacentes. Les limites de position ne s’appliquent pas aux posi- tions détenues par ou au nom d’une entité non fi nan- cière et dont la contribution à la réduction des risques directement liés à l’activité commerciale de cette entité non fi nancière peut être objectivement mesurée. § 2. Les limites de position comportent des seuils quantitatifs clairs concernant la taille maximale d’une position sur un instrument dérivé sur matières premières qu’une personne peut détenir. § 3. La FSMA fi xe des limites pour chaque contrat dérivé sur matières premières négocié sur des plate- formes de négociation en s’appuyant sur la méthodo- logie de calcul déterminée par l’AEMF. Cette limite de position inclut les contrats de gré à gré économiquement équivalents. La FSMA révise les limites de positions lorsqu’on assiste à une modifi cation signifi cative de la quan- tité livrable ou des positions ouvertes ou à tout autre changement signifi catif sur le marché, en s’appuyant sur sa détermination de la quantité livrable et des posi- tions ouvertes et fi xe de nouveau la limite de position conformément à la méthodologie de calcul élaborée par l’AEMF. § 4. La FSMA notifi e à l’AEMF les limites exactes de positions qu’elle entend fi xer conformément à la méthodologie de calcul établie par l’AEMF. Le cas échéant, la FSMA modifi e les limites de position confor- mément à l’avis rendu par l’AEMF en vertu de l’article 57, paragraphe 5, de la Directive 2014/65/UE, ou fournit à l’AEMF une justifi cation expliquant pourquoi cette modifi cation n’est pas jugée nécessaire. Au cas où la FSMA impose des limites contraires à un avis rendu par l’AEMF, elle publie immédiatement sur son site internet un communiqué expliquant en détail les raisons de sa démarche. § 5. Lorsque le même instrument dérivé sur matières premières est également négocié dans des volumes signifi catifs sur des plateformes de négociation dont l’État membre d’origine n’est pas la Belgique, les dis- positions du présent paragraphe sont d’application. Au cas où la FSMA est l’autorité compétente centrale, celle-ci fi xe la limite de position unique à appliquer à 66 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 alle handel in dat contract. De FSMA raadpleegt de bevoegde autoriteiten van de andere handelsplatformen waar dit derivaat in aanzienlijke hoeveelheden wordt verhandeld, over de toe te passen unieke positielimiet en eventuele herzieningen van deze unieke positielimieten. Ingeval de FSMA geen overeenstemming bereikt met de andere bevoegde autoriteiten, geeft zij, ten be- hoeve van de toepassing van artikel 19 van Verordening 1095/2010, schriftelijk de volledige en gedetailleerde redenen op waarom zij van oordeel is dat niet voldaan is aan de vereisten neergelegd in paragraaf 1. Dit lid is eveneens van toepassing als de FSMA niet de centrale bevoegde autoriteit is. De FSMA gaat samenwerkingsovereenkomsten aan voor onder andere de onderlinge uitwisseling van rele- vante gegevens met de andere bevoegde autoriteiten van de handelsplatformen waar hetzelfde grondstoffen- derivaat wordt verhandeld en de bevoegde autoriteiten van positiehouders in dat grondstoffenderivaat teneinde het toezicht op en de handhaving van de unieke posi- tielimiet mogelijk te maken. § 6. Beleggingsondernemingen, kredietinstellingen of marktexploitanten die een handelsplatform exploite- ren waarop grondstoffenderivaten worden verhandeld, passen positiebeheerscontroles toe. Die controles omvatten ten minste de bevoegdheden van het han- delsplatform om: 1° de posities in openstaande contracten van perso- nen te bewaken; 2° toegang te krijgen tot informatie, met inbegrip van alle relevante documentatie, van personen betreffende de omvang en het doel van een ingenomen positie of aangegane blootstelling, en betreffende uiteindelijke of onderliggende eigenaren, gezamenlijke regelin- gen, enigerlei activa of verplichtingen op de onderlig- gende markt; 3° te eisen dat een persoon een positie, tijdelijk of zo nodig defi nitief, beëindigt of vermindert, en eenzijdig passende actie te ondernemen opdat zulks geschiedt indien de betrokkene geen gevolg geeft aan dat ver- eiste; alsook 4° waar passend te eisen dat een persoon weer tijdelijk voor liquiditeit op de markt zorgt voor een over- eengekomen prijs en omvang met de uitdrukkelijke toutes les négociations de cet instrument. La FSMA consulte les autorités compétentes d’autres plateformes de négociation dans lesquelles cet instrument dérivé est négocié dans des volumes signifi catifs au sujet de la limite de position unique à appliquer et de toute révision de cette limite de position unique. En cas de désaccord avec les autres autorités com- pétentes concernées, la FSMA expose par écrit de façon exhaustive et détaillée, aux fi ns de l’application de l’article 19 du Règlement 1095/2010, les motifs pour lesquels elle considère que les exigences visées au paragraphe 1er ne sont pas satisfaites. Le présent ali- néa est également d’application si la FSMA n’est pas l’autorité compétente centrale. La FSMA met en place des accords de coopération comprenant l’échange de données pertinentes avec les autres autorités compétentes des plateformes de négociation sur lesquelles le même instrument dérivé sur matières premières est négocié et les autres autorités compétentes des détenteurs de position sur cet instrument dérivé sur matières premières afi n de permettre le suivi et la mise en oeuvre des limites de position uniques. § 6. Une entreprise d’investissement, un établisse- ment de crédit ou un opérateur de marché exploitant une plateforme de négociation qui négocie des instruments dérivés sur matières premières applique des contrôles en matière de gestion des positions. Ces contrôles pré- voient au minimum, pour la plateforme de négociation, le pouvoir: 1° de surveiller les positions ouvertes des personnes; 2° d’accéder aux informations, y compris à tout docu- ment pertinent, des personnes concernant le volume et la fi nalité d’une position ou d’une exposition prise, aux informations concernant les bénéfi ciaires effectifs ou les bénéfi ciaires sous-jacents, tout arrangement relatif à une action de concert et tout actif ou passif connexe sur le marché sous-jacent; 3° d’exiger d’une personne qu’elle clôture ou réduise une position, de manière temporaire ou permanente, selon le cas, et de prendre unilatéralement une action appropriée pour obtenir la clôture ou la réduction de cette position si la personne ne donne pas suite de cette demande; ainsi que 4° le cas échéant, d’exiger d’une personne de réinjec- ter de la liquidité sur le marché à un prix et à un volume fi xés d’un commun accord de manière temporaire dans 67 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 bedoeling de effecten van een omvangrijke of dominante positie te beperken. § 7. De positielimieten en positiebeheerscontroles zijn transparant en niet-discriminerend, specifi ceren hoe zij van toepassing zijn op personen en houden rekening met de aard en de samenstelling van de marktdeelne- mers en met het gebruik dat zij maken van de tot de handel toegelaten contracten. § 8. De beleggingsonderneming, de kredietinstelling of de marktexploitant die het handelsplatform exploi- teert, stelt de FSMA op de hoogte van de bijzonderhe- den van de positiebeheerscontroles. De FSMA deelt dezelfde informatie alsmede de bijzonderheden van de door haar vastgestelde positie- limieten mee aan ESMA. § 9. De FSMA legt geen limieten op die restrictiever zijn dan die welke overeenkomstig paragraaf 1 zijn vast- gesteld, tenzij in uitzonderlijke gevallen waarin dergelijke limieten objectief gerechtvaardigd en evenredig zijn in het licht van de liquiditeit van de markt in kwestie en de ordelijke werking van die markt. In voorkomend geval maakt de FSMA op haar website de bijzonderheden bekend van de restrictievere positielimieten die zij besluit op te leggen en die gelden voor een initiële periode van ten hoogste zes maanden, te rekenen vanaf de datum van de bekendmaking ervan op de website. De restric- tievere positielimieten kunnen telkens met perioden van ten hoogste zes maanden worden verlengd indien de redenen voor de restrictie van toepassing blijven. Indien zij na het verstrijken van een dergelijke periode van zes maanden niet worden verlengd, houden zij automatisch op te bestaan. Ingeval de FSMA besluit restrictievere positielimieten op te leggen, stelt zij ESMA daarvan in kennis. De ken- nisgeving bevat een motivering voor de restrictievere positielimieten. Ingeval de FSMA limieten oplegt die in strijd zijn met een advies van ESMA, maakt zij op haar website onmiddellijk een mededeling bekend waarin zij de rede- nen waarom zij een dergelijke werkwijze volgt, volledig uiteenzet. Art. 70 § 1. Beleggingsondernemingen, kredietinstelligen of marktexploitanten die een handelsplatform exploiteren l’intention expresse d’atténuer les effets d’une position importante ou dominante. § 7. Les limites de position et les contrôles en matière de gestion des positions sont transparents et non discri- minatoires, mentionnent la manière dont ils s’appliquent aux personnes et tiennent compte de la nature et de la composition des participants du marché ainsi que de l’usage que ces derniers font des contrats soumis à négociation. § 8. L’entreprise d’investissement, l’établissement de crédit ou l’opérateur de marché exploitant la plateforme de négociation informe la FSMA du détail des contrôles en matière de gestion des positions. La FSMA transmet ces informations ainsi que le détail des limites de position qu’elle a établies à l’AEMF. . §  9. La FSMA n’impose pas de limites plus res- trictives que celles adoptées en vertu du paragraphe 1er, sauf si, exceptionnellement, de telles limites sont objectivement justifi ées et proportionnées compte tenu de la liquidité du marché spécifi que et dans l’intérêt du fonctionnement ordonné du marché. Le cas échéant, la FSMA publie sur son site internet le détail des limites de position plus restrictives qu’elle a décidé d’imposer; celles-ci s’appliquent pendant une période initiale de six mois maximum à compter de la date de leur publi- cation sur le site internet. Les limites de position plus restrictives peuvent être reconduites pour des périodes ne dépassant pas six mois à la fois, si les circonstances qui les justifi ent se maintiennent. Les limites de position plus restrictives qui ne sont pas reconduites à l’issue de cette période de six mois expirent automatiquement. Au cas où la FSMA décide d’imposer des limites de position plus restrictives, elle le notifi e l’AEMF. La noti- fi cation contient la motivation de l’imposition de limites de position plus restrictives. Au cas où la FSMA impose des limites contraires à un avis rendu par l’AEMF, elle publie immédiatement sur son site internet un communiqué expliquant en détail les raisons de sa démarche. Art. 70 § 1er. Une entreprise d’investissement, un établisse- ment de crédit ou un opérateur de marché exploitant une 68 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 waarop wordt gehandeld in grondstoffenderivaten of emissierechten of derivaten daarvan: 1° maken een wekelijks rapport openbaar met de ge- aggregeerde posities van de overeenkomstig paragraaf 4 bepaalde verschillende categorieën personen voor de verschillende grondstoffenderivaten of emissierechten of derivaten daarvan die op hun handelsplatformen worden verhandeld, met vermelding van het aantal long- en shortposities per categorie positiehouder, als- ook eventuele veranderingen daarin sinds het vorige rapport, het percentage totale openstaande posities per categorie en het aantal personen die in elke categorie een positie aanhouden, en doen dit rapport toekomen aan de FSMA en ESMA; 2° bezorgen de FSMA ten minste één keer per dag een volledige uitsplitsing van de posities van alle per- sonen die op dat handelsplatform actief zijn, waaronder de leden of deelnemers en hun klanten. De in 1° neergelegde verplichting geldt alleen wan- neer zowel het aantal personen als hun openstaande posities minimumdrempels overschrijden. § 2. Ingeval: 1° België de lidstaat van herkomst is van het han- delsplatform waar een grondstoffenderivaat of emis- sierechten of derivaten daarvan worden verhandeld; of 2° een grondstoffenderivaat of emissierechten of derivaten daarvan ook in aanzienlijke hoeveelheden worden verhandeld op handelsplatformen die zich in meer dan één Staat bevinden, is de FSMA de centrale bevoegde autoriteit; verstrekken beleggingsondernemingen of krediet- instellingen die buiten een handelsplatform grondstof- fenderivaten of emissierechten of derivaten daarvan verhandelen, de FSMA ten minste op dagelijkse basis een volledige uitsplitsing van hun posities in grondstof- fenderivaten of emissierechten of derivaten daarvan die op een handelsplatform worden verhandeld en economisch gelijkwaardige OTC-contracten, alsmede die van hun cliënten, en de cliënten van die cliënten tot aan de eindcliënt, in overeenstemming met artikel 26 van Verordening 600/2014 en indien van toepassing artikel 8 van Verordening 1227/2011. plateforme de négociation qui négocie des instruments dérivés sur matières premières, ou des quotas d’émis- sion ou des instruments dérivés sur ceux-ci: 1° rend public un rapport hebdomadaire contenant les positions agrégées détenues par les différentes catégories de personnes pour les différents instruments dérivés sur matières premières ou des quotas d’émis- sion ou des instruments dérivés sur ceux-ci négociés sur leurs plateformes de négociation, mentionnant le nombre de positions longues et courtes détenues par ces catégories, les variations qu’ont connu celles-ci depuis le dernier rapport, le pourcentage du total des positions ouvertes que représente chaque catégorie et le nombre de personnes détenant une position dans chaque catégorie, conformément au paragraphe 4, et communiquent ce rapport à la FSMA et à l’AEMF; 2° fournit à la FSMA, au moins une fois par jour, une ventilation complète des positions détenues par chaque personne, y compris les membres ou participants et leurs clients, sur cette plateforme de négociation. L’obligation énoncée au 1° ne s’applique que lorsque le nombre de personnes et les positions ouvertes de ceux-ci dépassent des seuils minimaux. § 2. Au cas où: 1° la Belgique est l’État membre d’origine de la plateforme de négociation où un instrument dérivé sur matières premières ou des quotas d’émission ou des instruments dérivés sur ceux-ci sont négociés; ou 2° lorsqu’un instrument dérivé sur matières premières ou des quotas d’émission ou des instruments dérivés sur ceux-ci sont négociés dans des volumes signifi catifs sur des plate-formes de négociation situées dans plus d’un État, la FSMA est l’autorité compétente centrale; les entreprises d’investissement ou les établisse- ments de crédit négociant les instruments dérivés sur matières premières ou les quotas d’émission concernés ou des instruments dérivés sur ceux-ci en dehors d’une plateforme de négociation fournissent, au moins une fois par jour, à la FSMA, une ventilation complète des positions qu’ils ont prises sur des instruments dérivés sur matières premières ou des quotas d’émission ou des instruments dérivés sur ceux-ci négociés sur une plateforme de négociation et sur des contrats de gré à gré économiquement équivalents, ainsi que de celles de leurs clients et des clients de ces clients jusqu’au client fi nal, conformément à l’article 26 du Règlement 600/2014 et, le cas échéant, à l’article 8 du Règlement 1227/2011. 69 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 3. Om toezicht op de naleving van artikel 69, § 1, mogelijk te maken, rapporteren de leden of deelnemers van gereglementeerde markten, MTF’s en klanten van OTF’s ten minste één keer per dag aan de beleggings- onderneming, de kredietinstelling of de marktexploitant die dat handelsplatform exploiteert, de bijzonderheden over hun eigen posities die ze aanhouden via contracten die op dat handelsplatform verhandeld worden, evenals over die van hun cliënten, en de cliënten van die cliënten tot aan de eindcliënt. § 4. Personen die posities in een grondstoffenderivaat of emissierecht of derivaat daarvan aanhouden, worden door de beleggingsonderneming, de kredietinstelling of de marktexploitant die dat handelsplatform exploiteert, op grond van de aard van hun hoofdactiviteit, rekening houdend met eventuele verleende vergunningen, in een van de volgende categorieën handelaren ingedeeld: 1° beleggingsondernemingen of kredietinstellingen; 2° beleggingsfondsen, zijnde ofwel een instelling voor collectieve belegging in effecten (icbe) als omschreven in Richtlijn 2009/65/EG, ofwel een beheerder van alter- natieve beleggingsfondsen als omschreven in Richtlijn 2011/61/EG; 3° overige fi nanciële instellingen, met inbegrip van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen als omschreven in Richtlijn 2009/138/EG, en instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening als omschreven in Richtlijn 2003/41/EG; 4° handelsondernemingen; 5° in het geval van emissierechten of derivaten daar- van, exploitanten met nalevingsverplichtingen op grond van Richtlijn 2003/87/EG. De in paragraaf 1, 1°, bedoelde rapporten specifi ëren het aantal long- en shortposities per persoonscategorie, alsook eventuele veranderingen daarin sinds het vorige rapport, het percentage totale openstaande posities per categorie en het aantal personen per categorie. De in paragraaf 1, 1°, bedoelde rapporten en de in paragraaf 2 bedoelde uitsplitsingen maken een onder- scheid tussen: §  3. Afi n de permettre le contrôle du respect de l’article 69, §  1er, les membres ou participants de marchés réglementés ou de MTF et les clients d’OTF communiquent à l’entreprise d’investissement, à l’établissement de crédit ou à l’opérateur de marché exploitant cette plateforme de négociation, les détails de leurs propres positions détenues via des contrats négociés sur cette plateforme de négociation sur une base quotidienne, ainsi que de celles de leurs clients et des clients de ces clients jusqu’au client fi nal. § 4. Les personnes détenant des positions sur un ins- trument dérivé sur matières premières ou sur des quotas d’émission ou des instruments dérivés sur ceux-ci sont classés par l’entreprise d’investissement, l’établisse- ment de crédit ou l’opérateur de marché exploitant cette plateforme de négociation compte tenu de la nature de leur activité principale et de tout agrément applicable, dans l’une des catégories suivantes: 1° entreprises d’investissement ou établissements de crédit; 2° fonds d’investissement, qu’il s’agisse d’orga- nismes de placement collectif en valeurs mobilières (OPCVM) au sens de la Directive 2009/65/CE ou de gestionnaires de fonds d’investissement alternatifs au sens de la directive 2011/61/UE; 3° autres établissements fi nanciers, y compris les entreprises d’assurance et les entreprises de réassu- rance au sens de la Directive 2009/138/CE, ainsi que les institutions de retraite professionnelle au sens de la Directive 2003/41/CE; 4° entreprises commerciales; 5° dans le cas des quotas d’émissions ou des instruments dérivés sur ceux-ci, opérateurs soumis à des obligations de conformité en vertu de la Directive 2003/87/CE. Les rapports visés au paragraphe 1er, 1°, mentionnent le nombre de positions longues et courtes par catégorie de personnes, toutes les variations qu’ont connues celles-ci depuis le dernier rapport, le pourcentage du total des positions ouvertes que représente chaque catégorie et le nombre de personnes par catégorie. Les rapports visés au paragraphe 1er, 1°, et les ven- tilations visées au paragraphe 2 établissent aussi une distinction entre: 70 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° posities die beschouwd worden als posities die de risico’s die rechtstreeks verband houden met com- merciële activiteiten, op objectief meetbare wijze ver- minderen; alsook 2° andere posities. TITEL V Toezicht HOOFDSTUK I Algemene bepaling Art. 71 De FSMA ziet toe op de toepassing van de bepalingen van deze wet en de besluiten en reglementen genomen ter uitvoering ervan, alsook van Verordening 600/2014. HOOFDSTUK II Toezichtsbevoegdheden Art. 72 Om: 1° de in artikel 71 bedoelde toezichtsopdracht uit te oefenen; 2° tegemoet te komen aan verzoeken om samen- werking vanwege de autoriteiten als bedoeld in artikel 75, § 1, 3° en 4°, van de wet van 2 augustus 2002; en 3° tegemoet te komen aan verzoeken om informatie vanwege ESMA; beschikt de FSMA, ten aanzien van de marktexploi- tanten, de kredietinstellingen, de beleggingsonderne- mingen, de leden van een Belgisch handelsplatform, de market makers en de aanbieders van datarapporte- ringsdiensten, over de volgende bevoegdheden: 1° zij kan zich elke informatie en elk document, in wel- ke vorm ook, doen meedelen, en toegang verkrijgen tot elk document, en er een kopie van ontvangen of maken; 1° les positions identifiées comme positions qui réduisent, de manière objectivement mesurable, les risques directement liés aux activités commer- ciales; ainsi que 2° les autres positions. TITRE V Contrôle CHAPITRE IER Disposition générale Art. 71 La FSMA contrôle l’application des dispositions de la présente loi et des arrêtés et règlements pris pour son exécution ainsi que du Règlement 600/2014. CHAPITRE II Pouvoirs de surveillance Art. 72 Aux fi ns de: 1° l’exercice de la mission de contrôle visée à l’article 71; 2° répondre aux demandes de coopération émanant des autorités visées à l’article 75, § 1er, 3° et 4°, de la loi du 2 août 2002; et 3° répondre aux demandes d’information émanant de l’AEMF; la FSMA dispose, à l’égard des opérateurs de mar- ché, des établissements de crédit, des entreprises d’investissement, des membres d’une plateforme de négociation belge, des teneurs de marché et des pres- tataires de services de communication de données, des pouvoirs suivants: 1° elle peut se faire communiquer toute information et tout document, sous quelque forme que ce soit, et avoir accès à tout document, et en recevoir ou en réa- liser une copie; 71 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2° zij kan zich bestaande opnames van telefoon- gesprekken, elektronische communicatie of andere overzichten van dataverkeer doen meedelen; 3° zij kan ter plaatse inspecties en expertises ver- richten, ter plaatse kennis nemen en een kopie maken van elk document, gegevensbestand en registratie, en toegang hebben tot elk informaticasysteem; 4° zij kan de commissarissen of de met de controle van de jaarrekeningen belaste personen van deze en- titeiten, op kosten van deze entiteiten, om bijzondere verslagen vragen over de door haar aangegeven onder- werpen; daarnaast kan zij commissarissen of de met de controle van de jaarrekeningen belaste personen van emittenten van fi nanciële instrumenten, op kosten van deze emittenten, periodieke verslagen vragen over de door haar aangegeven onderwerpen; 5° zij kan, wanneer deze entiteiten in België gevestigd zijn, eisen dat deze haar alle nuttige informatie en docu- menten bezorgen met betrekking tot ondernemingen die deel uitmaken van dezelfde groep en in het buitenland zijn gevestigd. Art. 73 Onverminderd artikel 72 kan de FSMA van elke per- soon verstrekking van informatie vragen of eisen, met inbegrip van alle relevante documentatie over de om- vang en het doel van een via een grondstoffenderivaat ingenomen positie of aangegaan risico, en over enigerlei activa of verplichtingen op de onderliggende markt. Art. 74 De FSMA kan zich elke informatie en elk document, in welke vorm ook, doen meedelen door leden op af- stand van een Belgische gereglementeerde markt die in de Europese Economische Ruimte gevestigd zijn, of bij hen ter plaatse inspecties en expertises verrichten. Wanneer zij van deze bevoegdheid gebruik maakt, stelt de FSMA de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst hiervan op de hoogte. De bevoegde autoriteiten van buitenlandse geregle- menteerde markten hebben ten aanzien van in België gevestigde leden op afstand van die markten de be- voegdheid om zich elke informatie en elk document, in welke vorm ook, te doen meedelen, of om bij hen ter plaatse inspecties en expertises te verrichten. Wanneer 2° elle peut se faire communiquer les enregistre- ments existants des conversations téléphoniques, des communications électroniques ou d’autres échanges informatiques; 3° elle peut procéder à des inspections et expertises sur place, prendre connaissance et copie sur place de tout document, fi chier et enregistrement et avoir accès à tout système informatique; 4° elle peut demander aux commissaires ou aux personnes chargées du contrôle des états fi nanciers de ces entités, de lui remettre, aux frais de ces entités, des rapports spéciaux sur les sujets qu’elle détermine; elle peut, en outre, demander aux commissaires ou aux personnes chargées du contrôle des états fi nanciers d’émetteurs d’instruments fi nanciers, de lui remettre, aux frais de ces émetteurs, des rapports périodiques sur les sujets qu’elle détermine; 5° elle peut exiger de ces entités, lorsque celles-ci sont établies en Belgique, qu’elles lui fournissent toute information et tout document utiles relatifs à des entre- prises qui font partie du même groupe et sont établies à l’étranger. Art. 73 Sans préjudice de l’article 72, la FSMA peut deman- der ou exiger la fourniture d’informations, y compris tout document pertinent, de toute personne concernant le volume et la fi nalité d’une position ou d’une exposition prise par l’intermédiaire d’un instrument dérivé sur matières premières, et tout actif ou passif sur le marché sous-jacent. Art. 74 La FSMA peut se faire communiquer toute information et tout document, sous quelque forme que ce soit, par les membres à distance d’un marché réglementé belge qui sont établis dans l’Espace économique européen, ou procéder auprès d’eux à des inspections et exper- tises sur place. Lorsqu’elle fait usage de ce pouvoir, la FSMA en informe l’autorité compétente de l’État membre d’origine. Les autorités compétentes des marchés réglementés étrangers peuvent se faire communiquer toute infor- mation et tout document, sous quelque forme que ce soit, par les membres à distance de ces marchés qui sont établis en Belgique, ou procéder auprès d’eux à des inspections et expertises sur place. Lorsqu’elles 72 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 zij van deze bevoegdheid gebruik maken, stellen zij de FSMA hiervan op de hoogte. Art. 75 De Belgische marktexploitanten, beleggingsonder- nemingen en kredietinstellingen verschaffen de FSMA continue toegang tot de informaticasystemen die de verhandeling van financiële instrumenten mogelijk maken op de handelsplatformen die onder het toezicht van de FSMA ressorteren. Onverminderd het eerste lid kan de FSMA centrale tegenpartijen, vereffeningsinstellingen en met vereffe- ningsinstellingen gelijkgestelde instellingen, verzoeken om haar periodiek informatie te verschaffen over trans- acties in fi nanciële instrumenten die toegelaten zijn tot verhandeling op de handelsplatformen die onder het toezicht van de FSMA ressorteren, ongeacht of deze transacties op de betrokken markt of handelsfaciliteit zijn uitgevoerd of daarbuiten. Art. 76 De FSMA kan de gerechtelijke overheden verzoeken alle informatie en documenten te verzamelen die nuttig worden geacht voor de in artikel 72 bedoelde doelein- den. De gerechtelijke overheden delen deze informatie en documenten mee aan de FSMA, met dien verstande dat de informatie en documenten met betrekking tot hangende gerechtelijke procedures niet kunnen worden meegedeeld zonder de uitdrukkelijke toestemming van de procureur-generaal. De bevoegde procureur-generaal kan weigeren om gevolg te geven aan het in het eerste lid bedoelde verzoek wanneer reeds een gerechtelijke procedure is ingesteld wegens dezelfde feiten en tegen dezelfde personen of wanneer zij reeds defi nitief wegens dezelfde feiten werden veroordeeld. Art. 77 De bepalingen van de artikelen 79 tot 86 van de wet van 2 augustus 2002 zijn van toepassing voor de uitoefening van de opdrachten als bedoeld in artikel 72. font usage de ce pouvoir, les autorités en question en informent la FSMA. Art. 75 Les opérateurs de marché, les entreprises d’investis- sement et les établissements de crédit belges donnent à la FSMA un accès permanent aux systèmes infor- matiques qui permettent la négociation d’instruments fi nanciers sur les plateformes de négociation fonction- nant sous la surveillance de la FSMA. Sans préjudice de l’alinéa 1er, la FSMA peut deman- der aux contreparties centrales, aux organismes de liquidation et aux organismes assimilés à des orga- nismes de liquidation, de lui fournir périodiquement des informations concernant les transactions portant sur des instruments fi nanciers admis à la négociation sur les plateformes de négociation fonctionnant sous la surveillance de la FSMA, que ces transactions aient été exécutées sur le marché ou le système de négociation concerné ou en dehors de celui-ci. Art. 76 La FSMA peut demander aux autorités judiciaires de récolter toute information et tout document jugé utile aux fi ns mentionnées à l’article 72. Les autorités judiciaires transmettent à la FSMA ces informations et documents, sous réserve que les informations et documents relatifs à des procédures judiciaires pendantes ne peuvent être communiqués sans l’autorisation expresse du procureur général. Le procureur général compétent peut refuser de don- ner suite à la demande visée à l’alinéa 1er lorsqu’une procédure judiciaire est déjà engagée pour les mêmes faits et contre les mêmes personnes ou lorsque celles-ci ont déjà été défi nitivement jugées pour les mêmes faits. Art. 77 Les dispositions des articles 79 à 86 de la loi du 2 août 2002 sont applicables aux fi ns de l’exercice des missions visées à l’article 72. 73 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 HOOFDSTUK III Administratieve maatregelen en sancties Art. 78 Wanneer dit noodzakelijk is in het kader van haar toe- zicht op de naleving van de regels inzake marktmisbruik, de informatieverplichtingen van emittenten en de regels inzake gereglementeerde markten, OTF’s, MTF’s of andere handelsplatformen, of wanneer zij daartoe wordt verzocht door een bevoegde autoriteit in de zin van arti- kel 75, § 1, 3° of 4°, van de wet van 2 augustus 2002, kan de FSMA de verhandeling van een fi nancieel instrument op een Belgische gereglementeerde markt, MTF of OTF schorsen door middel van een verzoek daartoe aan de betrokken marktexploitant, beleggingsonderneming of kredietinstelling die daaraan het nodige gevolg geeft Wanneer dit noodzakelijk is in het kader van haar toezicht op de naleving van de informatieverplichtingen van emittenten en de regels inzake gereglementeerde markten, OTF’s of MTF’s, of wanneer zij daartoe wordt verzocht door een bevoegde autoriteit in de zin van arti- kel 75, § 1, 3° of 4°, van de wet van 2 augustus 2002, kan de FSMA de verhandeling van een fi nancieel instrument op een Belgische gereglementeerde markt, MTF of OTF verbieden door middel van een verzoek daartoe aan de betrokken marktexploitant, beleggingsonderneming of kredietinstelling die daaraan het nodige gevolg geeft. De artikelen 41 en 56 zijn van toepassing. Art. 79 § 1. Wanneer de FSMA een inbreuk vaststelt op de bepalingen van deze wet of de besluiten en reglemen- ten genomen ter uitvoering ervan, of van Verordening 600/2014, kan zij de voor de inbreuk verantwoordelijke persoon bevelen om, binnen de termijn die zij bepaalt, de vastgestelde toestand te verhelpen alsook, desgeval- lend, om af te zien van herhaling van de gedraging die een inbreuk vormt. De FSMA kan ook elke natuurlijke of rechtspersoon die onjuiste of misleidende informatie heeft gepubliceerd of verspreid, bevelen om een recht- zetting te publiceren. Onverminderd de overige maatregelen bepaald door de wet, kan de FSMA, indien de persoon tot wie zij een bevel heeft gericht met toepassing van het eerste lid, in gebreke blijft bij afl oop van de hem opgelegde termijn, en op voorwaarde dat die persoon zijn middelen heeft kunnen laten gelden: CHAPITRE III Mesures et sanctions administratives Art. 78 Lorsque cela s’avère nécessaire dans le cadre de son contrôle du respect des règles en matière d’abus de marché, des obligations d’information incombant aux émetteurs et des règles relatives aux marchés régle- mentés, aux MTF, aux OTF ou à d’autres plateformes de négociation, ou lorsqu’une autorité compétente au sens de l’article 75, § 1er, 3° ou 4°, de la loi du 2 août 2002, le lui en fait la demande, la FSMA peut suspendre la négociation d’un instrument fi nancier sur un marché réglementé, un MTF ou un OTF belge, en adressant une demande en ce sens à l’opérateur de marché, à l’entreprise d’investissement ou à l’établissement de crédit concerné, qui y donne la suite nécessaire. Lorsque cela s’avère nécessaire dans le cadre de son contrôle du respect des obligations d’informa- tion incombant aux émetteurs et des règles relatives aux marchés réglementés, aux MTF ou aux OTF, ou lorsqu’une autorité compétente au sens de l’article 75, § 1er, 3° ou 4°, de la loi du 2 août 2002, le lui en fait la demande, la FSMA peut interdire la négociation d’un instrument fi nancier sur un marché réglementé, un MTF ou un OTF belge, en adressant une demande en ce sens à l’opérateur de marché, à l’entreprise d’investissement ou à l’établissement de crédit concerné, qui y donne la suite nécessaire. Les articles 41 et 56 sont d’application. Art. 79 §  1er. Lorsque la FSMA constate une infraction aux dispositions de la présente loi ou des arrêtés et règlements pris pour son exécution, ou du Règlement 600/2014, elle peut enjoindre à la personne responsable de l’infraction de remédier à la situation constatée dans le délai que la FSMA détermine et, le cas échéant, de s’abstenir de réitérer le comportement constitutif d’une infraction. La FSMA peut également enjoindre à toute personne physique ou morale ayant publié ou diffusé des informations fausses ou trompeuses de publier un communiqué rectifi catif. Sans préjudice des autres mesures prévues par la loi, si la personne à laquelle elle a adressé une injonction en application de l’alinéa 1er reste en défaut à l’expiration du délai qui lui a été imparti, la FSMA peut, la personne ayant pu faire valoir ses moyens: 74 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° haar standpunt over de krachtens het eerste lid gedane vaststellingen openbaar maken, waarbij zij de identiteit van diegene die verantwoordelijk is voor de overtreding, en de aard van de overtreding verduide- lijkt. Deze openbaarmaking gebeurt op kosten van de betrokken persoon; 2° de betaling van een dwangsom opleggen die per kalenderdag dat het bevel niet wordt nageleefd niet meer mag bedragen dan 50 000 euro, noch in het totaal 2 500 000 euro mag overschrijden; In spoedeisende gevallen kan de FSMA de maat- regelen bedoeld in het tweede lid, 1°, nemen zonder voorafgaand bevel met toepassing van het eerste lid, mits de persoon zijn middelen heeft kunnen laten gel- den. Ook wanneer er geen duidelijk identifi ceerbare voor de inbreuk verantwoordelijke persoon is, kan de FSMA zonder voorafgaand bevel een waarschuwing bekendmaken waarin desgevallend de aard van de inbreuk wordt genoemd. § 2. Onverminderd de overige maatregelen bepaald door de wet, kan de FSMA, indien zij overeenkomstig de artikelen 70 tot 72 van de wet van 2 augustus 2002 een inbreuk vaststelt op de bepalingen bedoeld in dit hoofdstuk of de besluiten of reglementen genomen ter uitvoering ervan, of van Verordening 600/2014, aan de overtreder een administratieve geldboete opleggen. Een administratieve geldboete kan ook worden opge- legd aan één of meer leden van het wettelijk bestuursor- gaan en aan elke persoon die instaat voor de effectieve leiding, alsook aan elke andere natuurlijke persoon die verantwoordelijk wordt geacht voor de inbreuk. § 3. Het bedrag van de in paragraaf 2 bedoelde ad- ministratieve geldboetes wordt als volgt bepaald: 1° wanneer het een rechtspersoon betreft, mag de ad- ministratieve geldboete, voor hetzelfde feit of geheel van feiten, niet meer bedragen dan 5 000 000 euro, of, indien dit hoger is, tien procent van de totale jaaromzet van die rechtspersoon volgens de recentste jaarrekening die door het leidinggevend orgaan is opgesteld. Indien de betrokken rechtspersoon geen omzet realiseert, wordt onder “totale jaaromzet” begrepen de met omzet cor- responderende soort inkomsten, hetzij overeenkomstig de toepasselijke Europese jaarrekeningenrichtlijnen hetzij, indien die niet van toepassing zijn op de betrok- ken rechtspersoon, overeenkomstig het nationale recht van de lidstaat waar de rechtspersoon gevestigd is. Indien de rechtspersoon een moederonderneming is of een dochteronderneming van de moederonderneming die een geconsolideerde jaarrekening moet opstellen, 1° rendre publique sa position quant aux constata- tions faites en vertu de l’alinéa 1er, en précisant l’identité de la personne responsable de la violation et la nature de celle-ci. Les frais de cette publication sont à charge de la personne concernée; 2° imposer le paiement d’une astreinte qui ne peut être, par jour calendrier de non-respect de l’injonc- tion, supérieure à 50 000 euros, ni, au total, excéder 2 500 000 euros; Dans les cas urgents, la FSMA peut prendre les mesures visées à l’alinéa 2, 1°, sans injonction préalable en application de l’alinéa 1er, la personne ayant pu faire valoir ses moyens. Dans le cas également où la per- sonne responsable de l’infraction n’est pas clairement identifi able, la FSMA peut, sans injonction préalable, publier un avertissement indiquant, le cas échéant, la nature de l’infraction. § 2. Sans préjudice des autres mesures prévues par la loi, lorsque, conformément aux articles 70 à 72 de la loi du 2 août 2002, elle constate une infraction aux dispositions de la présente loi ou dans les arrêtés et règlements pris pour son exécution, ou du Règlement 600/2014, la FSMA peut infl iger au contrevenant une amende administrative. Une amende administrative peut également être imposée à un ou plusieurs membres de l’organe légal d’administration et à toute personne chargée de la direction effective, ainsi que de toute autre personne physique, lorsque celle-ci est reconnue responsable de l’infraction. § 3. Le montant des amendes administratives visées au paragraphe 2 est déterminé comme suit: 1° dans le cas d’une personne morale, le montant de l’amende administrative ne peut être supérieur, pour le même fait ou pour le même ensemble de faits, à 5 000 000 euros, ou, si le montant obtenu par appli- cation de ce pourcentage est plus élevé, à dix pour cent du chiffre d’affaire annuel total de la personne morale tel qu’il ressort des derniers comptes disponibles établis par l’organe de direction. Si la personne morale concernée ne réalise pas de chiffre d’affaires, il y a lieu d’entendre par “chiffre d’affaires annuel total” le type de revenus correspondant au chiffre d’affaires, soit conformément aux directives comptables européennes pertinentes, soit, si celles-ci ne sont pas applicables à la personne morale concernée, conformément au droit interne de l’État membre dans lequel la personne morale a son siège statutaire. Lorsque la personne morale est une 75 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 is de in aanmerking te nemen totale jaaromzet gelijk aan de totale jaaromzet, volgens de laatst beschik- bare geconsolideerde jaarrekening als goedgekeurd door het leidinggevend orgaan van de uiteindelijke moederonderneming; 2° wanneer het een natuurlijk persoon betreft, mag de administratieve geldboete, voor hetzelfde feit of geheel van feiten, niet meer bedragen dan 5 000 000 euro. Wanneer de overtreding de overtreder winst heeft opgeleverd of ervoor heeft gezorgd dat een verlies kon worden vermeden, mag dit maximum, ongeacht wat voorafgaat, tot het dubbele van die winst of dat verlies worden verhoogd. Art. 80 De minister kan, na advies van de FSMA, de vergun- ning die aan een gereglementeerde markt is verleend, intrekken indien: 1° deze binnen een termijn van twaalf maanden geen gebruik maakt van de vergunning, uitdrukkelijk te kennen geeft geen gebruik van de vergunning te zullen maken of tijdens de zes voorafgaande maanden niet is geëxploiteerd; 2° deze of haar marktexploitant failliet is verklaard. Elke intrekking van een vergunning wordt ter kennis gebracht van ESMA. Art. 81 § 1. Wanneer de FSMA vaststelt dat een marktex- ploitant de bepalingen van deze wet en de ter uitvoe- ring ervan genomen besluiten en reglementen of van Verordening 600/2014 in ernstige mate en systematisch heeft overtreden, dat de organisatie van de marktexploi- tant of die van de MTF’s, de OTF’s en de gereglemen- teerde markten die hij exploiteert en/of beheert, ernstige leemten vertoont waardoor de naleving van deze regels niet kan worden verzekerd, of dat de marktexploitant zijn vergunning heeft verkregen door middel van valse verklaringen of op enige andere onregelmatige wijze, stelt zij de termijn vast waarbinnen deze toestand moet worden verholpen. Indien de toestand na afl oop van deze termijn niet is verholpen, kan de FSMA: entreprise mère ou une fi liale de l’entreprise mère qui est tenue d’établir des comptes fi nanciers consolidés, le chiffre d’affaires annuel total à prendre en considération est le chiffre d’affaires annuel total, tel qu’il ressort des derniers comptes consolidés disponibles approuvés par l’organe de direction de l’entreprise mère ultime; 2° dans le cas d’une personne physique, le montant de l’amende administrative ne peut être supérieur, pour le même fait ou pour le même ensemble de faits, à 5 000 000 euros. Nonobstant ce qui précède, lorsque la violation a procuré un profi t au contrevenant ou a permis à ce dernier d’éviter une perte, ce maximum peut être porté au double du montant de ce profi t ou de cette perte. Art. 80 Le ministre, sur avis de la FSMA, peut retirer l’agré- ment délivré à un marché réglementé au cas où: 1° celui-ci n’en fait pas usage dans un délai de douze mois, y renonce expressément ou n’a pas fonctionné pendant les six derniers mois; 2° celui-ci ou son opérateur de marché ont été décla- rés en faillite. Tout retrait d’agrément est notifi é à l’AEMF. Art. 81 § 1er. Lorsque la FSMA constate qu’un opérateur de marché enfreint gravement et systématiquement les dis- positions de la présente loi et des arrêtés et règlements pris pour son exécution ou le Règlement 600/2014, que son organisation, ou celle des MTF, OTF et marchés réglementés qu’il exploite et/ou gère, présente des lacunes graves susceptibles de compromettre le res- pect de ces règles, ou qu’il a obtenu son agrément au moyen de fausses déclarations ou par tout autre moyen irrégulier, elle fi xe le délai dans lequel il doit être remédié à la situation constatée. Si, au terme de ce délai, il n’a pas été remédié à la situation: 76 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° haar standpunt met betrekking tot de vastgestelde feiten bekendmaken. De kosten voor die bekendmaking zijn ten laste van de betrokken marktexploitant; 2° bij de marktexploitant een speciaal commissaris aanstellen. In dat geval is de schriftelijke, algemene of bijzondere toestemming van de speciaal commissaris vereist voor alle handelingen en beslissingen van alle organen van de marktexploitant en de gereglementeerde markt, inclusief de algemene vergadering; de FSMA kan de verrichtingen waarvoor een toestemming is vereist, echter beperken. De speciaal commissaris mag elk voorstel dat hij nut- tig acht, ter beraadslaging voorleggen aan alle organen van de marktexploitant en de gereglementeerde markt, inclusief de algemene vergadering. De bezoldiging van de speciaal commissaris wordt vastgesteld door de FSMA en gedragen door de marktexploitant. De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de personen die instaan voor de effectieve leiding die handelingen stellen of beslissingen nemen zonder de vereiste toestemming van de speciaal commissaris, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het nadeel dat hieruit voortvloeit voor de marktexploitant, voor de geregle- menteerde markt of voor derden. Indien de FSMA de aanstelling van een speciaal commissaris openbaar heeft gemaakt in het Belgisch Staatsblad, met opgave van de handelingen en beslis- singen waarvoor zijn toestemming vereist is, zijn alle handelingen en beslissingen zonder deze vereiste toestemming nietig, tenzij de speciaal commissaris die bekrachtigt. Onder dezelfde voorwaarden zijn alle beslissingen van de algemene vergadering zonder de vereiste toestemming van de speciaal commissaris nietig, tenzij hij die bekrachtigt. De FSMA kan een plaatsvervangend commissaris aanstellen; 3° de FSMA kan de vervanging gelasten van de leden van het wettelijk bestuursorgaan van de marktexploi- tant binnen een termijn die zij bepaalt en, zo binnen deze termijn geen vervanging geschiedt, in de plaats van de voltallige bestuurs- en beheerorganen van de marktexploitant één of meer voorlopige bestuurders of zaakvoerders aanstellen die alleen of collegiaal, naar- gelang van het geval, de bevoegdheden hebben van de vervangen personen. De FSMA maakt haar beslissing bekend in het Belgisch Staatsblad. 1° la FSMA peut rendre publique sa position quant aux constatations faites. Les frais de cette publication sont à charge de l’opérateur de marché concerné; 2° la FSMA peut désigner un commissaire spécial auprès de l’opérateur de marché. Dans ce cas, l’autorisation écrite, générale ou spé- ciale du commissaire spécial est requise pour tous les actes et décisions de tous les organes de l’opérateur de marché et du marché réglementé, y compris l’assem- blée générale; la FSMA peut toutefois limiter le champ des opérations soumises à autorisation. Le commissaire spécial peut soumettre à la délibéra- tion de tous les organes de l’opérateur de marché et du marché réglementé, y compris l’assemblée générale, toutes propositions qu’il juge opportunes. La rémuné- ration du commissaire spécial est fi xée par la FSMA et supportée par l’opérateur de marché. Les membres de l’organe légal d’administration et les personnes chargées de la direction effective qui accomplissent des actes ou prennent des décisions sans avoir recueilli l’autorisation requise du commissaire spécial sont responsables solidairement du préjudice qui en est résulté pour l’opérateur de marché, le marché réglementé ou les tiers. Si la FSMA a publié au Moniteur belge la désignation du commissaire spécial et spécifi é les actes et déci- sions soumis à son autorisation, les actes et décisions intervenus sans cette autorisation alors qu’elle était requise sont nuls, à moins que le commissaire spécial ne les ratifi e. Dans les mêmes conditions, toute décision d’assemblée générale prise sans avoir recueilli l’autori- sation requise du commissaire spécial est nulle, à moins que le commissaire spécial ne la ratifi e. La FSMA peut désigner un commissaire suppléant; 3° la FSMA peut enjoindre le remplacement des membres de l’organe légal d’administration de l’opé- rateur de marché dans un délai qu’elle détermine et, à défaut d’un tel remplacement dans ce délai, subs- tituer à l’ensemble des organes d’administration et de gestion de l’opérateur de marché un ou plusieurs administrateurs ou gérants provisoires qui disposent, seuls ou collégialement selon le cas, des pouvoirs des personnes remplacées. La FSMA publie sa décision au Moniteur belge. 77 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 De bezoldiging van de voorlopige bestuurder(s) wordt vastgesteld door de FSMA en gedragen door de marktexploitant. De FSMA kan de voorlopige bestuurders op elk tijd- stip vervangen, hetzij ambtshalve, hetzij op verzoek van een meerderheid van de aandeelhouders, wanneer zij aantonen dat het beheer van de betrokkenen niet meer de nodige waarborgen biedt; 4° de minister kan, op advies van de FSMA, de ver- gunning van een gereglementeerde markt schorsen of intrekken. Elke intrekking van een vergunning wordt ter kennis gebracht van ESMA. § 2. In de gevallen bedoeld in paragraaf 1, 4°, neemt de marktexploitant die de betrokken markt organiseert, alle gepaste maatregelen teneinde een geordende over- gang te waarborgen met eerbiediging van de belangen van de beleggers. Daartoe werkt hij een overgangs- plan uit dat hij vooraf ter goedkeuring aan de FSMA voorlegt. Indien de marktexploitant nalaat een dergelijk overgangsplan uit te werken, kan de FSMA hem er ambtshalve één opleggen. De gereglementeerde markt en haar marktexploitant blijven aan het toezicht van de FSMA onderworpen tot alle maatregelen zijn uitgevoerd. In spoedeisende gevallen kan de FSMA de in pa- ragraaf 1, 1° en 2°, bedoelde maatregelen nemen zonder voorafgaand bevel met toepassing van deze paragraaf, mits de persoon zijn middelen heeft kunnen laten gelden. Art. 82 Wanneer de FSMA vaststelt dat een marktexploitant de bepalingen van deze wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen of van Verordening 600/2014 of de bepalingen als bedoeld in artikel 3, § 2, derde en zesde lid, van de wet van 25 oktober 2016 in ernstige mate overtreedt, of dat zijn organisatie of die van de MTF’s, de OTF’s en de gereglementeerde mark- ten die hij exploiteert en/of beheert, ernstige leemten vertoont waardoor de naleving van deze regels niet kan worden verzekerd, kan zij de in artikel 3, § 2, van de wet van 25 oktober 2016 bedoelde toestemming intrekken. Art. 83 Wanneer de FSMA vaststelt dat een kredietinstelling of een beursvennootschap de bepalingen van deze wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en La rémunération du ou des administrateurs provi- soires est fi xée par la FSMA et supportée par l’opérateur de marché. La FSMA peut, à tout moment, remplacer le ou les administrateurs provisoires, soit d’office, soit à la demande d’une majorité des actionnaires lorsqu’ils justifi ent que la gestion des intéressés ne présente plus les garanties nécessaires; 4° le ministre peut, sur avis de la FSMA, suspendre ou retirer l’agrément délivré à un marché réglementé. Tout retrait d’agrément est notifi é à l’AEMF. § 2. Dans les cas visés au paragraphe 1er, 4°, l’opé- rateur de marché qui organise le marché en question prend toutes les mesures appropriées en vue d’assurer une transition ordonnée dans le respect des intérêts des investisseurs. A cet effet, il élabore un plan de transition qu’il soumet à l’approbation préalable de la FSMA. Si l’opérateur de marché reste en défaut d’élaborer un tel plan de transition, la FSMA peut lui en imposer un d’of- fi ce. Le marché règlementé et son opérateur de marché restent soumis à la surveillance de la FSMA jusqu’à ce que toutes les mesures soient mises en oeuvre. § 3. Dans les cas urgents, la FSMA peut prendre les mesures visées au paragraphe 1er, 1° et 2°, sans injonction préalable en application de ce paragraphe, la personne ayant pu faire valoir ses moyens. Art. 82 Lorsque la FSMA constate qu’un opérateur de mar- ché enfreint gravement les dispositions de la présente loi et des arrêtés et règlements pris pour son exécu- tion ou du Règlement 600/2014, ou les dispositions visées à l’article 3, § 2, alinéas 3 et 6, de la loi du 25 octobre 2016, ou que son organisation, ou celle des MTF, OTF et marchés réglementés qu’il exploite et/ou gère, présente des lacunes graves susceptibles de compromettre le respect de ces règles, elle peut révoquer l’autorisation visée à l’article 3, § 2, de la loi du 25 octobre 2016. Art. 83 Lorsque la FSMA constate qu’un établissement de crédit ou une société de bourse enfreint gravement les dispositions de la présente loi et des arrêtés et 78 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 reglementen of van Verordening 600/2014 in ernstige mate overtreedt, of dat de organisatie van de kredietin- stelling of de beursvennootschap, of, in voorkomend ge- val, die van de MTF’s en de OTF’s die zij exploiteert, ern- stige leemten vertoont waardoor de naleving van deze regels niet kan worden verzekerd, zijn de bepalingen van artikel 36bis van de wet van 2 augustus 2002 van toepassing. Art. 84 Bij overtreding van de toepasselijke bepalingen van deze wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen of van Verordening 600/2014, kan de FSMA een beleggingsonderneming of een kredietinstel- ling tijdelijk verbieden om lid te zijn van een gereglemen- teerde markt of van een MTF, dan wel een cliënt van een OTF tijdelijk verbieden om transacties uit te voeren op het betrokken handelsplatform. De FSMA bepaalt de duur van het verbod. Art. 85 De FSMA kan de vergunning die aan een aanbieder van datarapporteringsdiensten is verleend, intrek- ken indien: 1° deze binnen een termijn van twaalf maanden geen gebruik maakt van de vergunning, uitdrukkelijk te kennen geeft geen gebruik van de vergunning te zullen maken of tijdens de zes voorafgaande maanden geen datarapporteringsdienst heeft aangeboden; 2° deze failliet is verklaard. Elke intrekking van een vergunning wordt ter kennis gebracht van ESMA. Art. 86 § 1. Wanneer de FSMA vaststelt dat een aanbieder van datarapporteringsdiensten de bepalingen van deze wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen of van Verordening 600/2014 in ernstige mate en systematisch heeft overtreden, dat zijn orga- nisatie ernstige leemten vertoont waardoor de naleving van deze regels niet kan worden verzekerd, of dat hij zijn vergunning heeft verkregen door middel van valse verklaringen of op enige andere onregelmatige wijze, stelt zij de termijn vast waarbinnen deze toestand moet worden verholpen. Indien de toestand na afl oop van deze termijn niet is verholpen, kan de FSMA: règlements pris pour son exécution ou du Règlement 600/2014, ou que l’organisation de l’établissement de crédit ou de la société de bourse, ou, le cas échéant, celle des MTF et OTF qu’elle exploite, présente des lacunes graves susceptibles de compromettre le respect de ces règles, les dispositions de l’article 36bis de la loi du 2 août 2002 sont d’application. Art. 84 En cas de violation des dispositions applicables de la présente loi et des arrêtés et règlements pris pour son exécution ou du Règlement 600/2014, la FSMA peut interdire temporairement à une entreprise d’inves- tissement ou un établissement de crédit membre d’un marché réglementé ou d’un MTF, ou à un client d’un OTF d’effectuer des transactions sur la plateforme de négociation concernée. La FSMA détermine la durée de l’interdiction. Art. 85 La FSMA peut retirer l’agrément délivré à un pres- tataire de services de communication de données au cas où celui-ci: 1° n’en fait pas usage dans un délai de douze mois, y renonce expressément ou n’a fourni aucun service de communication de données au cours des six der- niers mois; 2° celui-ci a été déclaré en faillite. Tout retrait d’agrément est notifi é à l’AEMF. Art. 86 § 1er. Lorsque la FSMA constate qu’un prestataire de service de communication de données enfreint gravement et systématiquement les dispositions de la présente loi et des arrêtés et règlementés pris pour son exécution ou le Règlement 600/2014, que son organisation présente des lacunes graves susceptibles de compromettre le respect de ces règles, ou qu’il a obtenu son agrément au moyen de fausses déclarations ou par tout autre moyen irrégulier, elle fi xe le délai dans lequel il doit être remédié à la situation constatée. Si, au terme de ce délai, il n’a pas été remédié à la situation, la FSMA peut: 79 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° haar standpunt met betrekking tot de vastgestelde feiten bekendmaken. De kosten voor die bekendma- king zijn ten laste van de betrokken aanbieder van datarapporteringsdiensten; 2° de vervanging gelasten van de bestuurders van de aanbieder van datarapporteringsdiensten binnen een termijn die zij bepaalt en, zo binnen deze termijn geen vervanging geschiedt, in de plaats van de voltal- lige bestuurs- en beheerorganen van de aanbieder van datarapporteringsdiensten één of meer voorlopige bestuurders of zaakvoerders aanstellen die alleen of collegiaal, naargelang van het geval, de bevoegdheden hebben van de vervangen personen. De FSMA maakt haar beslissing bekend in het Belgisch Staatsblad. De bezoldiging van de voorlopige bestuurder(s) wordt vastgesteld door de FSMA en gedragen door de aan- bieder van datarapporteringsdiensten. De FSMA kan de voorlopige bestuurder(s) op elk tijdstip vervangen, hetzij ambtshalve, hetzij op verzoek van een meerderheid van de aandeelhouders, wanneer zij aantonen dat het beheer van de betrokkenen niet meer de nodige waarborgen biedt; 3° de vergunning die aan een aanbieder van datarap- porteringsdiensten is verleend, schorsen of intrekken. Elke intrekking van een vergunning wordt ter kennis gebracht van ESMA. § 2. In spoedeisende gevallen kan de FSMA de in pa- ragraaf 1, 1°, bedoelde maatregelen nemen zonder voor- afgaand bevel met toepassing van deze paragraaf, mits de persoon zijn middelen heeft kunnen laten gelden. Art. 87 De FSMA kan, bij overtreding van de vastgestelde positielimieten conform artikel 69, één of meer admi- nistratieve maatregelen en sancties als bedoeld in dit hoofdstuk opleggen: 1° aan de personen gevestigd of met activiteiten in België of in het buitenland die posities aanhouden die de limieten op grondstoffenderivatencontracten overschrij- den die de FSMA heeft vastgesteld in verband met de contracten die worden verhandeld op in België geves- tigde of geëxploiteerde handelsplatformen, of in verband met economisch gelijkwaardige OTC-contracten; 2° aan de personen gevestigd of met activiteiten in België die posities aanhouden die de limieten op 1° rendre publique sa position quant aux constata- tions faites. Les frais de cette publication sont à charge du prestataire de service de communication de don- nées concerné; 2° enjoindre le remplacement des administrateurs du prestataire de service de communication de données dans un délai qu’elle détermine et, à défaut d’un tel rem- placement dans ce délai, substituer à l’ensemble des organes d’administration et de gestion du prestataire de service de communication de données un ou plusieurs administrateurs ou gérants provisoires qui disposent, seuls ou collégialement selon le cas, des pouvoirs des personnes remplacées. La FSMA publie sa décision au Moniteur belge. La rémunération du ou des administrateurs provi- soires est fi xée par la FSMA et supportée par le pres- tataire de service de communication de données. La FSMA peut, à tout moment, remplacer le ou les administrateurs provisoires, soit d’office, soit à la demande d’une majorité des actionnaires lorsqu’ils justifi ent que la gestion des intéressés ne présente plus les garanties nécessaires; 3° suspendre ou retirer l’agrément délivré à un pres- tataire de services de communication de données. Tout retrait d’agrément est notifi é à l’AEMF. § 2. Dans les cas urgents, la FSMA peut prendre les mesures visées au paragraphe 1er, 1°, sans injonction préalable en application de ce paragraphe, la personne ayant pu faire valoir ses moyens. Art. 87 La FSMA peut imposer une ou plusieurs des mesures et sanctions administratives visées par le présent cha- pitre en cas de violations des limites de position fi xées conformément à l’article 69: 1° aux personnes situées ou actives en Belgique ou à l’étranger, qui détiennent des positions qui dépassent les limites sur contrats dérivés sur matières premières que la FSMA a fi xées pour les contrats négociés sur des plateformes de négociation situées ou exploitées en Belgique ou pour les contrats économiquement équivalents de gré à gré; 2° aux personnes situées ou actives en Belgique, qui détiennent des positions qui dépassent les limites sur 80 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 grondstoffenderivatencontracten overschrijden die de bevoegde autoriteiten van andere lidstaten hebben vastgesteld. Art. 88 Indien de FSMA als de bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst van een gereglementeerde markt, een MTF of een OTF, duidelijke en aantoonbare redenen heeft om aan te nemen dat deze gereglemen- teerde markt, dit MTF of dit OTF niet voldoet aan de verplichtingen die uit de ter uitvoering van de Richtlijn 2014/65/EU vastgestelde bepalingen voortvloeien, stelt zij de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst van de gereglementeerde markt, MTF of OTF van deze bevindingen in kennis. Indien de gereglementeerde markt, MTF of OTF in weerwil van de aldus door de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst getroffen maatregelen, of omdat deze maatregelen ontoereikend zijn, blijft handelen op een wijze die de belangen van beleggers in België of de ordelijke werking van de markten kennelijk schaadt, neemt de FSMA, na de bevoegde autoriteit van de lid- staat van herkomst daarvan in kennis te hebben gesteld, de nodige maatregelen om de beleggers of de goede werking van de markten te beschermen. Daartoe be- hoort de mogelijkheid om de gereglementeerde markt, MTF of OTF te beletten haar voorzieningen beschikbaar te stellen voor in België gevestigde leden of deelnemers op afstand. De Europese Commissie en de ESMA wor- den onverwijld van deze maatregelen in kennis gesteld. Bovendien kan de FSMA de zaak verwijzen naar ESMA. TITEL VI Strafbepalingen Art. 89 Worden gestraft met een gevangenisstraf van één maand tot één jaar en een geldboete van 50 euro tot 10 000 euro of met één van deze straffen alleen: 1° in het in artikel 88 bedoelde geval, de marktexploi- tanten en exploitanten van MTF’s of OTF ‘s die zich niet conformeren aan het bevel om de voorzieningen van de gereglementeerde markten, de MTF’s of de OTF’s die zij exploiteren en/of beheren, niet ter beschikking te stellen van de leden op afstand of de deelnemers die in België zijn gevestigd; contrats dérivés sur matières premières fi xées par les autorités compétentes dans d’autres États membres. Art. 88 Lorsque la FSMA, en tant qu’autorité compétente de l’État membre d’accueil d’un marché réglementé d’un MTF ou d’un OTF, a des raisons claires et démontrables d’estimer que ce marché réglementé, cet MTF ou cet OTF ne respecte pas les obligations qui lui incombent en vertu des dispositions arrêtées en application de la Directive 2014/65/UE, elle en fait part à l’autorité compétente de l’État membre d’origine dudit marché réglementé, MTF ou OTF. Si, en dépit des mesures prises par l’autorité compé- tente de l’État membre d’origine ou en raison du carac- tère inadéquat de ces mesures, le marché réglementé, MTF ou OTF continue d’agir d’une manière clairement préjudiciable aux intérêts des investisseurs en Belgique ou au fonctionnement ordonné des marchés, la FSMA, après en avoir informé l’autorité compétente de l’État membre d’origine, prend toutes les mesures appro- priées requises pour protéger les investisseurs ou pour préserver le bon fonctionnement des marchés. Cela inclut la possibilité d’empêcher ce marché réglementé, MTF ou OTF de mettre ses dispositifs à la disposition de membres à distance ou de participants établis en Belgique. La Commission européenne et l’AEMF sont informées sans délai de l’adoption de ces mesures. En outre, la FSMA peut en référer à l’AEMF. TITRE VI Dispositions pénales Art. 89 Sont punis d’un emprisonnement d’un mois à un an et d’une amende de 50 euros à 10 000 euros ou d’une de ces peines seulement: 1° dans le cas visé à l’article 88, les opérateurs de marché et exploitants de MTF ou OTF qui ne se confor- ment pas à l’injonction de ne pas mettre les dispositifs des marchés réglementés, MTF ou OTF qu’ils exploitent et/ou gèrent à la disposition de membres à distance ou de participants établis en Belgique; 81 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2° zij die de onderzoeken en expertises van de FSMA krachtens deze wet verhinderen of haar bewust onjuiste of onvolledige informatie verstrekken; 3° zij die in België de activiteiten van gereglemen- teerde markt verrichten zonder daartoe erkend te zijn; 4° zij die in België de activiteit van aanbieder van datarapporteringsdiensten verrichten zonder over de daartoe vereiste vergunning te beschikken. Art. 90 De inbreuken op artikel 28 worden bestraft met de straffen bepaald in artikel 458 van het Strafwetboek. Art. 91 De bepalingen van boek I van het Strafwetboek zijn, zonder uitzondering van hoofdstuk VII en van artikel 85, van toepassing op de inbreuken bedoeld in deze titel. TITEL VII Wijzigingsbepalingen HOOFDSTUK I Wijzigingen van het Wetboek van Vennootschappen Art. 92 In artikel 4 van het Wetboek van Vennootschappen, vervangen bij de wet van 2 augustus 2002, wor- den de woorden “artikel 2, 3°, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanci- ele sector en de fi nanciële diensten” vervangen door de woorden “artikel 3, 7°, van de wet van … over de infra- structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”. Art. 93 In artikel 88, tweede lid, van hetzelfde Wetboek, ge- wijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woor- den “artikel 2, 5° van de wet van 2 augustus 2002 be- treffende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nanciële diensten” vervangen door de woorden “artikel 2° ceux qui font obstacle aux inspections et expertises de la FSMA en vertu de la présente loi ou lui donnent sciemment des informations inexactes ou incomplètes; 3° ceux qui exercent en Belgique les activités de marché réglementé sans être reconnus à ce titre; 4° ceux qui exercent en Belgique l’activité de presta- taire de services de communication de données sans être reconnus à ce titre. Art. 90 Les infractions à l’article 28 sont punies des peines prévues à l’article 458 du Code pénal. Art. 91 Les dispositions du livre premier du Code pénal, sans exception du chapitre VII et de l’article 85, sont applicables aux infractions visées au présent titre. TITRE VII Dispositions modifi catives CHAPITRE IER Modifi cations du Code des sociétés Art. 92 Dans l’article 4 du Code des sociétés, modifi é par la loi du 2 août 2002, les mots “article 2, 3°, de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers” sont remplacés par les mots “article 3, 7°, de la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant trans- position de la Directive 2014/65/UE”. Art. 93 Dans l’article 88, alinéa 2, du même Code, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “article 2, 5° de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers” sont remplacés par les mots “article 3, 8°, de la loi du … relative aux 82 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 3, 8°, van de wet van … over de infrastructuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”. Art. 94 In artikel 96, § 2, tweede lid, van hetzelfde Wetboek worden de woorden “artikel 2, 4°, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nan- ciële sector en fi nanciële diensten” vervangen door de woorden “artikel 3, 10°, van de wet van … over de infra- structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”. Art. 95 In artikel 107, § 1, vierde lid, van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet 25 oktober 2016, worden de woor- den “artikel 2, 5° van de wet van 2 augustus 2002 betref- fende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nanciële diensten” vervangen door de woorden “artikel 3, 8°, van de wet van … over de infrastructuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”. Art. 96 In de artikelen 219, § 2, 1°, 222, § 2, 1°, 313, § 2, 1°, 395, § 2, 1°, 396, § 4, 1°, 423, § 4, 1°, 444, § 2, 1°, 447, § 2, 1° en 602, § 2, 1°, van hetzelfde Wetboek worden de woorden “artikel 2, 3°, 5° et 6° van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nanciële diensten” telkens vervangen door de woorden “artikel 3, 7°, 8° en 9°, van de wet van … over de infrastructuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Rrichtlijn 2014/65/EU”. Art. 97 In artikel 620, §  1, eerste lid, 5° en §  2, eerste lid, van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet van 20 juli 2006 en het koninklijk besluit van 8 oktober 2008, worden de woorden “artikel 2, 4°, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nan- ciële sector en de fi nanciële diensten” telkens vervan- gen door de woorden “artikel 3, 10°, van de wet van … over de infrastructuren voor de markten voor fi nanci- ele instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”. infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE”. Art. 94 Dans l’article 96, § 2, alinéa 2, du même Code, les mots “article 2, 4°, de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers” sont remplacés par les mots “article 3, 10°, de la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE”. Art. 95 Dans l’article 107, § 1, alinéa 4, du même Code, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “article 2, 5° de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers” sont rempla- cés par les mots “article 3, 8°, de la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE”. Art. 96 Dans les articles 219, § 2, 1°, 222, § 2, 1°, 313, § 2, 1°, 395, § 2, 1°, 396, § 4, 1°, 423, § 4, 1°, 444, § 2, 1°, 447, § 2, 1° et 602, § 2, 1°, du même Code, les mots “article 2, 3°, 5° et 6°, de la loi du 2 août 2002 relative à la sur- veillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers” sont chaque fois remplacés par les mots ““article 3, 7°, 8° et 9°, de la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposi- tion de la Directive 2014/65/UE”. Art. 97 Dans l’article 620, § 1er, alinéa 1er, 5° et § 2, alinéa 1er, du même Code, modifi é par la loi du 20 juillet 2006 et l’arrêté royal du 8 octobre 2008, les mots “article 2, 4°, de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers” sont chaque fois remplacés par les mots “article 3, 10°, de la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE”. 83 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 HOOFDSTUK II Wijzigingen van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België Art. 98 Artikel 36/14, § 1, van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 1 december 2016, wordt aangevuld met een bepaling onder 23°, luidende: “23° aan eenieder die een taak uitvoert die door of krachtens de wet is vastgesteld en die deelneemt of bijdraagt aan de uitoefening van de toezichtsopdracht van de Bank, wanneer die persoon door of met in- stemming van de Bank werd aangeduid voor die taak, zoals, met name: a) de portefeuillesurveillant bedoeld in artikel 16 van Bijlage III bij de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en beursvennootschappen; b) de portefeuillebeheerder bedoeld in artikel 8 van Bijlage III bij de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en beursven- nootschappen; en c) de speciaal commissaris bedoeld in artikel 236, § 1, 1°, van de voornoemde wet, in artikel 517, § 1, 1°, van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de verzekerings- of herverzekeringsonder- nemingen, artikel 35, § 1, tweede lid, 1°, van de wet van 21 december 2009 op het statuut van de betalingsinstel- lingen en van de instellingen voor elektronisch geld, de toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld en de toegang tot betalingssystemen, artikel 87, § 1, tweede lid, 1°, van de voornoemde wet, artikel 48, eerste lid, 1°, van het koninklijk besluit van 30 april 1999 betreffende het statuut en de controle der maatschappijen voor onderlinge borgstelling en artikel 36/30, § 1, tweede lid, 3°, van deze wet.”. Art. 99 In artikel 36/15, tweede lid, van dezelfde wet, inge- voegd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, worden de woorden “Het eerste lid en artikel 78 van de wet van 22 juli 1953 houdende oprichting van een Instituut der Bedrijfsrevisoren en organisatie van het publiek toezicht op het beroep van bedrijfsrevisor” vervangen door de CHAPITRE II Modifi cations de la loi du 22 février 1998 fi xant le statut organique de la Banque nationale de Belgique Art. 98 L’article 36/14, § 1er, de la loi du 22 février 1998 fi xant le statut organique de la Banque nationale de Belgique, modifi é en dernier lieu par la loi du 1 décembre 2016, est complété par un 23° rédigé comme suit: “23° à toute personne exerçant une tâche, prévue par ou en vertu de la loi, qui participe ou contribue à l’exer- cice de la mission de contrôle de la Banque lorsque cette personne a été désignée par ou avec l’accord de la Banque et aux fi ns de cette tâche, telle notamment: a) le surveillant de portefeuille visé à l’article 16 de l’Annexe III à la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit et des sociétés de bourse; b) le gestionnaire de portefeuille visé à l’article 8 de l’Annexe III à la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit et des sociétés de bourse; et c) le commissaire spécial visé à l’article 236, § 1er, 1°, de la loi précitée, à l’article 517, § 1er, 1°, de la loi du 13 mars 2016 relative au statut et au contrôle des entreprises d’assurance ou de réassurance , l’article 35, § 1er, alinéa 2, 1°, de la loi du 21 décembre 2009 relative au statut des établissements de paiement et des établis- sements de monnaie électronique, à l’accès à l’activité de prestataire de services de paiement, à l’activité d’émission de monnaie électronique et à l’accès aux systèmes de paiement, l’article 87, § 1er, alinéa 2, 1°, de la loi précitée, l’article 48, alinéa 1er, 1°, de l’arrêté royal du 30 avril 1999 réglementant le statut et le contrôle des sociétés de cautionnement mutuel et l’article 36/30, § 1er, alinéa 2, 3°, de la présente loi.”. Art. 99 Dans l’article 36/15, alinéa 2, de la même loi, inséré par l’arrêté royal du 3 mars 2011, les mots “L’alinéa 1er et l’article 78 de la loi du 2 2 juillet 1953  créant un Institut des réviseurs d’entreprises et organisant la supervision publique de la profession de réviseur d’entreprise” sont remplacés par les mots “L’alinéa 1er et l’article 86, § 1er, 84 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 woorden “Het eerste lid en artikel 86, § 1, eerste lid, van de wet van 7 december 2016 tot organisatie van het be- roep van en het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren”. Art. 100 In artikel 36/17 van dezelfde wet, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011 en laatstelijk gewij- zigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1°) in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in de bepaling onder 1° worden de woorden “hetzij krachtens de voornoemde Richtlijnen, hetzij ingevolge de nationale wetgeving.” vervangen door de woorden “krachtens de Belgische wetten.”; b) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de volgende zin: “De Bank kan met het oog op het vergemakkelijken van de inning van geldboetes ook met de andere be- voegde autoriteiten samenwerken.”; c) de bepaling onder 4° wordt vervangen als volgt: “4° Wanneer de Bank ernstige redenen heeft om te vermoeden dat er op het grondgebied van een andere lidstaat handelingen worden of zijn uitgevoerd die strij- dig zijn met de bepalingen van Richtlijn 2014/65/EU of Verordening 600/2014, geeft zij hiervan op een zo spe- cifi ek mogelijke wijze kennis aan de bevoegde autoriteit van die andere lidstaat, aan de Europese Autoriteit voor Effecten en Markten en aan de FSMA. Indien de Bank er door een autoriteit van een andere lidstaat van in kennis wordt gesteld dat er in België dergelijke handelingen worden verricht, licht zij de FSMA daarover in, neemt zij de nodige maatregelen en brengt zij de kennisge- vende autoriteit, de Europese autoriteit voor Effecten en Markten, alsook de FSMA op de hoogte van het re- sultaat van haar tussenkomst, en met name, voor zover mogelijk, van belangrijke tussentijdse ontwikkelingen.”; 2°) in paragraaf 5 worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) het eerste lid wordt vervangen als volgt: “De FSMA is de autoriteit die als enig contactpunt fungeert om in uitvoering van paragraaf 1 verzoeken om uitwisseling van gegevens of verzoeken om samenwer- king in ontvangst te nemen.”; alinéa 1er, de la loi du 7 décembre 2016 portant orga- nisation de la profession et de la supervision publique des réviseurs d’entreprises”. Art. 100 Dans l’article 36/17 de la même loi, inséré par l’arrêté royal du 3 mars 2011 et modifi é en dernier lieu par la loi du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont apportées: 1°) dans le paragraphe 1er les modifi cations suivantes sont apportées: a) au 1° les mots “soit en vertu des Directives préci- tées, soit par la législation nationale.” sont remplacés par les mots “en vertu des lois belges.”; b) le 1° est complété par la phrase suivante: “La Banque peut également coopérer avec les autres autorités compétentes en vue de faciliter le recouvre- ment des amendes.”; c) le 4° est remplacé par ce qui suit: “4° Lorsque la Banque a des motifs sérieux de soup- çonner que des actes enfreignant les dispositions de la Directive 2014/65/UE ou du Règlement 600/2014 sont ou ont été accomplis sur le territoire d’un autre État membre, elle en informe l’autorité compétente de cet autre État membre, l’Autorité européenne des marchés fi nanciers ainsi que la FSMA d’une manière aussi cir- constanciée que possible. Si la Banque a été informée par une autorité d’un autre État membre de ce que de tels actes ont été accomplis en Belgique, elle en informe la FSMA, prend les mesures appropriées et communique à l’autorité qui l’a informée, à l’Autorité européenne des marchés fi nanciers ainsi qu’à la FSMA les résultats de son intervention et notamment, dans la mesure du possible, les éléments importants intervenus dans l’intervalle.”; 2°) dans le paragraphe 5, les modifi cations suivantes sont apportées: a) l’alinéa 1er est remplacé par ce qui suit: “La FSMA est l’autorité qui assume le rôle de point de contact unique chargé de recevoir les demandes d’échanges d’information ou de coopération en exé- cution du paragraphe 1er.”; 85 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 b) in het tweede lid worden de woorden “, de Europese Autoriteit voor Effecten en Markten” ingevoegd tussen de woorden “Europese Commissie” en de woorden “en de andere”. HOOFDSTUK III Wijzigingen van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nanciële diensten Art. 101 In artikel 2, eerste lid, van de wet van 2 augustus 2002, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 31 juli 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) er wordt een bepaling onder 2°/1 ingevoegd, luidende: “2°/1  “handelsplatform”: een handelsplatform als gedefi nieerd in artikel 3, 5°, van de wet van ... ;”; b) de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt: “3° “gereglementeerde markt”: een gereglemen- teerde markt als gedefi nieerd in artikel 3, 7°, van de wet van ... ;”; c) de bepaling onder 4°, wordt vervangen als volgt: “4° “multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral trading facility – MTF)”: een MTF als gedefi nieerd in artikel 3, 10°, van de wet van ... ;”; d) de bepaling onder 5°, wordt vervangen als volgt: “5° “Belgische gereglementeerde markt”: een Belgische gereglementeerde markt als gedefi nieerd in artikel 3, 8°, van de wet van ... ;”; e) de bepaling onder 6°, wordt vervangen als volgt: “6° “gereglementeerde markt uit een andere lidstaat”: een gereglementeerde markt uit een andere lidstaat, als gedefi nieerd in artikel 3, 9°, van de wet van ... ;”; f) er wordt een bepaling onder 6°/1 ingevoegd, luidende: “6°/1  “georganiseerde handelsfaciliteit” of “OTF” (“organised trading facility”): een OTF als gedefi nieerd in artikel 3, 13°, van de wet van ... ;”; g) de bepaling onder 7°, wordt vervangen als volgt: b) dans l’alinéa 2, les mots “, l’Autorité européenne des marchés fi nanciers” sont insérés entre les mots “Commission européenne” et les mots “ainsi que les autres”. CHAPITRE III Modifi cations de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers Art. 101 Dans l’article 2, alinéa 1er, de la loi du 2 août 2002, modifi é en dernier lieu par la loi du 31 juillet 2017, les modifi cations suivantes sont apportées: a) un 2°/1 est inséré, rédigé comme suit: “2°/1 “plateforme de négociation”: une plateforme de négociation, telle que défi nie à l’article 3, 5°, de la loi du … ;”; b) le 3° est remplacé par ce qui suit: “3° “marché réglementé”: un marché réglementé tel que défi ni à l’article 3, 7°, de la loi du … ;”; c) le 4° est remplacé par ce qui suit: “4° “système multilatéral de négociation (Multilateral trading facility – MTF)”: un MTF tel que défi ni à l’article 3, 10°, de la loi … ;”; d) le 5° est remplacé par ce qui suit: “5° “marché réglementé belge”: un marché réglemen- té belge tel que défi ni à l’article 3, 8°, de la loi du … ;”; e) le 6° est remplacé par ce qui suit: “6° “marché réglementé d’un autre État membre”: un marché réglementé d’un autre État membre, tel que défi ni à l’article 3, 9°, de la loi du … ;”; f) un 6°/1 est inséré, rédigé comme suit: “6°/1 “système organisé de négociation” ou “OTF” (“organised trading facility”): un OTF, tel que défi ni à l’article 3, 13°, de la loi du … ;”; g) le 7° est remplacé par ce qui suit: 86 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “7° “marktexploitant”: een marktexploitant als gede- fi nieerd in artikel 3, 3°, van de wet van ... ;”; h) de bepaling onder 8°, wordt vervangen als volgt: “8° “systematische internaliseerder”: een systemati- sche internaliseerder als gedefi nieerd in artikel 3, 29°, van de wet van ... ;”; i) in de bepaling onder 11°, wordt de bepaling onder b) opgeheven; j) in de bepaling onder 13°, worden de woorden “of de lidstaat waar een gereglementeerde markt passende voorzieningen treft om de toegang tot de handel in zijn systeem voor in laatstgenoemde lidstaat gevestigde le- den of deelnemers op afstand te faciliteren” opgeheven; k) er wordt een bepaling onder 32°/1  inge- voegd, luidende: “32/1° “representatieve certifi caten” (depositary re- ceipts): representatieve certifi caten als gedefi nieerd in artikel 3, 18°, van de wet van ... ;”; l) de bepaling onder 33°, wordt hersteld als volgt: “33° “bevoegde autoriteit”: de FSMA of de autoriteit die elke lidstaat met toepassing van artikel 67  van Richtlijn 2014/65/EU aanwijst, tenzij in de Richtlijn an- ders is gespecifi ceerd;”; m) de bepaling onder 38° wordt vervangen als volgt: “38° “Gedelegeerde verordening 2017/565: Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/565  van de Commissie van 25 april 2016 houdende aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de door beleggingsondernemingen in acht te nemen organisatorische eisen en voorwaarden voor de bedrijfsuitoefening en wat betreft de defi nitie van begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn;”; n) er wordt een bepaling onder 38°/1 ingevoegd, luidende: “38/1° Gedelegeerde richtlijn 2017/593: Gedelegeerde Richtlijn (EU) 2017/593  van de Commissie van 7 april 2016 tot aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot het vrijwaren van fi nanciële instrumenten en geldmid- delen die aan cliënten toebehoren, productgovernance- verplichtingen en de regels die van toepassing zijn op het betalen of het ontvangen van provisies, commissies en geldelijke of niet-geldelijke tegemoetkomingen;”; “7° “opérateur de marché”: un opérateur de marché tel que défi ni à l’article 3, 3°, de la loi du … ;”; h) le 8° est remplacé par ce qui suit: “8° “internalisateur systématique”: un internalisateur systématique tel que défi ni à l’article 3, 29°, la loi du … ;”; i) au 11°, le b) est abrogé; j) au 13° les mots “, ou l’État membre dans lequel un marché réglementé fournit les dispositifs utiles pour permettre aux membres ou participants établis dans ce dernier État membre d’accéder à distance à la négo- ciation dans le cadre de son système” sont abrogés; k) un 32/1° est inséré, rédigé comme suit: “32/1° “certificats représentatifs” (depositary re- ceipts): des certifi cats représentatifs tel que défi nis à l’article 3, 18° de la loi du …  ;”; l) le 33° est rétabli dans la rédaction suivante: “33° “autorité compétente”: la FSMA ou l’autorité désignée par chaque État membre en application de l’article 67 de la Directive 2014/65/UE, sauf indication contraire contenue dans la Directive;”; m) le 38° est remplacé par ce qui suit: “38° “Règlement délégué 2017/565: le Règlement délégué (UE) 2017/565  de la Commission du 25 avril 2016 complétant la directive 2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne les exigences organisationnelles et les conditions d’exercice applicables aux entreprises d’investissement et la défi nition de certains termes aux fi ns de ladite directive;”; n) un 38/1° est inséré, rédigé comme suit: “38/1° “Directive déléguée 2017/593”: la Directive déléguée (UE) 2017/593  de la Commission du 7  avril  2016  complétant la directive 2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne la sauvegarde des instruments fi nanciers et des fonds des clients, les obligations applicables en matière de gouvernance des produits et les règles régissant l’octroi ou la perception de droits, de commissions ou de tout autre avantage pécuniaire ou non pécuniaire;”; 87 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 o) er wordt een bepaling onder 41°/1 ingevoegd, luidende: “41°/1 “de wet van ... ”: de wet van ... over de infrastruc- turen voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”; p) er worden de bepalingen onder 58°, 59° en 60° ingevoegd, luidende: “58° “koppelverkoop”: het aanbieden van een beleg- gingsdienst samen met een andere dienst of een ander product als onderdeel van een pakket of als voorwaarde waarvan de overeenkomst of het pakket afhankelijk is gesteld; 59° “landbouwgrondstoffenderivaten”: derivatencon- tracten met betrekking tot producten die zijn vermeld in artikel 1 van, en bijlage I, deel I tot XX en XXIV/1 bij Verordening (EU) nr. 1308/2013  van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vast- stelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten; 60° “duurzame drager”: ieder hulpmiddel: a) dat een cliënt in staat stelt om persoonlijk aan hem gerichte informatie op zodanige wijze op te slaan dat deze achteraf gedurende een voor het doel van de infor- matie toereikende periode kan worden geraadpleegd; en b) waarmee de opgeslagen informatie ongewijzigd kan worden gereproduceerd.“; q) het tweede lid wordt aangevuld met de bepaling onder 16°, luidende: “16° gestructureerd deposito.”. Art. 102 De artikelen 3 tot 9 en 12 tot 20 van dezelfde wet, worden opgeheven. Art. 103 In artikel 23quater van dezelfde wet, laatstelijk gewij- zigd bij de wet van 25 april 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: “§ 1. Onverminderd Titel III, IV of V van Verordening 648/2012, hebben de beleggingsondernemingen en o) un 41°/1 est inséré, rédigé comme suit: “41°/1 “la loi du … ”: la loi du … relative aux infrastruc- tures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE;”; p) les 58°, 59° et 60° sont insérés, rédigés comme suit: “58° “vente croisée”: le fait de proposer un service d’investissement avec un autre service ou produit dans le cadre d’une offre groupée ou comme condition à l’obtention de l’accord ou de l’offre groupée; 59° “instruments dérivés sur matières premières agricoles”: les contrats dérivés portant sur des produits énumérés à l’article 1er et à l’annexe I, parties I à XX et XXIV/1, du Règlement (UE) no 1308/2013 du Parlement européen et du Conseil du 17 décembre 2013 portant organisation commune des marchés des produits agricoles; 60° “support durable”: un instrument: a) permettant à un client de stocker des informations qui lui sont adressées personnellement d’une manière permettant de s’y reporter aisément à l’avenir pendant un laps de temps adapté aux fi ns auxquelles les infor- mations sont destinées; et b) permettant la reproduction à l’identique des infor- mations stockées.”; q) l’alinéa 2  est complété par un 16°, rédigé comme suit: “16° dépôt structuré.”. Art. 102 Les articles 3  à 9  et 12  à 20  de la même loi, sont abrogés. Art. 103 Dans l’article 23quater de la même loi, modifi é en dernier lieu par la loi du 25 avril 2014, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit: “§  1er. Sans préjudice des Titres III, IV ou V du Règlement 648/2012, les entreprises d’investissement 88 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 kredietinstellingen uit andere lidstaten het recht om in België, rechtstreeks of onrechtstreeks, toegang te krijgen tot vereffenings- en verrekeningssystemen, met inbegrip van centrale tegenpartijsystemen, voor de af- handeling van transacties in fi nanciële instrumenten of het treffen van regelingen daarvoor. De rechtstreekse en onrechtstreekse toegang van deze beleggingsonderne- mingen en kredietinstellingen tot dergelijke instellingen is onderworpen aan dezelfde niet-discriminerende, transparante en objectieve zakelijke criteria als die welke voor Belgische leden of deelnemers gelden, en slaat op alle transacties ongeacht of zij op een in België gevestigd handelsplatform zijn uitgevoerd.”; 2° in paragraaf 2 wordt het vierde lid opgeheven; 3° in paragraaf 3 worden het eerste en tweede lid vervangen als volgt: “§ 3. Onverminderd Titel III, IV en V van Verordening 648/2012 is het Belgische beleggingsondernemingen, kredietinstellingen en marktexploitanten die een MTF of een gereglementeerde markt exploiteren toegela- ten passende afspraken te maken met vereffening- of verrekeningsinstellingen, met inbegrip van centrale te- genpartijsystemen, uit een andere lidstaat met het oog op vereffening en/of verrekening van sommige of alle transacties die leden of deelnemers door tussenkomst van hun systemen hebben uitgevoerd. Onverminderd Titel III, IV en V van Verordening 648/2012 mag de FSMA de gebruikmaking van veref- fenings- of verrekeningsinstellingen met inbegrip van centrale tegenpartijsystemen uit andere lidstaten niet verbieden, tenzij zij objectieve en aantoonbare rede- nen heeft om aan te nemen dat zulks noodzakelijk is om de ordelijke werking van die MTF of geregle- menteerde markt te handhaven, rekening houdend met de in paragraaf 2  bepaalde voorwaarden voor vereffeningsystemen.”. Art. 104 In artikel 26 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 19 april 2014, worden de volgende wijzigin- gen aangebracht: 1° in het eerste lid worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in de eerste zin worden de woorden “de artikelen 27, 28 en 28bis” vervangen door de woorden “de arti- kelen 27 tot 28bis”; et les établissements de crédit d’autres États membres ont le droit d’accéder en Belgique, directement et indirectement, aux systèmes de liquidation et de com- pensation, en ce compris les systèmes de contrepartie centrale, aux fi ns du dénouement ou de l’organisation du dénouement de transactions sur instruments fi nan- ciers. L’accès direct et indirect desdites entreprises d’investissement et desdits établissements de crédit à ces organismes est soumis aux mêmes critères non discriminatoires, transparents et objectifs que ceux qui s’appliquent aux membres ou aux participants belges et porte sur toutes les transactions, que celles-ci soient effectuées ou non sur une plateforme de négociation établie en Belgique.”; 2° dans le paragraphe 2, l’alinéa 4 est abrogé; 3° dans le paragraphe 3, les alinéas 1 et 2 sont rem- placés par ce qui suit: “§  3. Sans préjudice des Titres III, IV et V du Règlement 648/2012, les entreprises d’investissement, les établissements de crédit et les opérateurs de marché belges exploitant un MTF ou un marché réglementé sont autorisés à convenir avec des organismes de liquida- tion ou de compensation, en ce compris des systèmes de contrepartie centrale, d’un autre État membre de mécanismes appropriés afi n d’organiser la liquidation et/ou la compensation de tout ou partie des transactions conclues par leurs membres ou participants dans le cadre de leurs systèmes. Sans préjudice des Titres III, IV et V du Règlement 648/2012, la FSMA ne peut interdire le recours à des organismes de liquidation ou de compensation, en ce compris des systèmes de contrepartie centrale, d’un autre État membre, sauf si elle a des raisons claires et démontrables d’estimer que cette interdiction est nécessaire pour préserver le fonctionnement ordonné du MTF ou du marché réglementé et compte tenu des conditions imposées aux systèmes de liquidation fi xées au paragraphe 2.”. Art. 104 Dans l’article 26 de la même loi, modifi é en dernier lieu par la loi du 19 avril 2014, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° dans l’alinéa 1er, les modifi cations suivantes sont apportées: a) dans la première phrase, les mots “articles 27, 28 et 28bis” sont remplacés par les mots “articles 27 à 28bis”; 89 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 b) de bepaling onder 1°, wordt aangevuld met de volgende zin: “Artikel 27, § 2, tweede lid, § 3, tweede lid en § 10, is echter wel van toepassing op deze bijkantoren;”; c) in de bepaling onder 2° worden de woorden “met uitzondering van artikel 27, § 2, tweede lid, § 3, tweede lid en § 10,” ingevoegd vóór de woorden “de in België gevestigde bijkantoren”; d) in de bepaling onder 4° worden de woorden “met uitzondering van de ondernemingen die res- sorteren onder het recht van een derde land dat bij ESMA geregistreerd is conform artikel 46 tot 49 van Verordening 600/2014,” ingevoegd vóór de woorden “de kredietinstellingen”; 2° in het zevende lid, worden de woorden “krachtens de artikelen 27 en 28” vervangen door de woorden “krachtens de artikelen 27, § 1, § 2, eerste lid, en § 3, eerste lid, en §§ 5 tot 9, 27bis, §§ 1, 7 en 9, eerste lid, 27ter, §§ 1 tot 3, 5, 6 en 8, en 27quater, § 1, en 28”; 3° tussen het zevende en het achtste lid worden twee leden ingevoegd, luidende: “De Koning bepaalt wat moet worden verstaan onder “in aanmerking komende tegenpartijen”. In hun relatie met in aanmerking komende tegenpar- tijen handelen gereglementeerde ondernemingen op loyale, billijke en professionele wijze en communiceren zij op een wijze die correct, duidelijk en niet misleidend is, rekening houdend met de aard van de in aanmerking komende tegenpartij en haar activiteiten.”; 4° het achtste lid, dat het tiende lid wordt, wordt opgeheven; 5° in het negende lid, dat het elfde lid wordt, worden de woorden “artikelen 27, 28 en 28bis” vervangen door de woorden “artikelen 27 tot 28bis”; 6° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende: “De artikelen 27 tot 27quater, en het zevende tot negende lid van dit artikel zijn eveneens van toepas- sing op de gereglementeerde ondernemingen waneer deze verkopen verrichten of of advies verstrekken aan cliënten in verband met gestructureerde deposito’s.”. b) le 1° est complété par la phrase suivante: “L’article 27, § 2, alinéa 2, § 3, alinéa 2, et § 10, est toutefois applicable à ces succursales;”; c) dans le 2°, les mots “à l’exception de l’article 27, § 2, alinéa 2, § 3, alinéa 2, et § 10,” sont insérés avant les mots “les succursales”; d) dans le 4°, les mots “à l’exception des entreprises relevant du droit d’un État tiers enregistrées auprès de l’ESMA conformément aux articles 46  à 49  du Règlement 600/2014,” sont insérés avant les mots “les établissements de crédit”; 2° dans l’alinéa 7, les mots “en vertu des articles 27 et 28” sont remplacés par les mots “en vertu des articles 27, § 1er, § 2, alinéa 1er, et § 3, alinéa 1er, et §§ 5 à 9, 27bis, §§ 1er, 7 et 9, alinéa 1er, 27ter, §§ 1 à 3, 5, 6 et 8, 27quater, § 1er et 28”; 3° deux alinéas rédigés comme suit sont insérés entre les alinéas 7 et 8: “Le Roi défi nit ce qu’il y a lieu d’entendre par “contre- parties éligibles”. Dans leur relation avec les contreparties éligibles, les entreprises réglementées agissent d’une manière honnête, équitable et professionnelle et communiquent d’une façon correcte, claire et non trompeuse, compte tenu de la nature de la contrepartie éligible et de ses activités.”; 4° l’alinéa 8, devenant alinéa 10, est abrogé; ; 5° dans l’alinéa 9, devenant alinéa 11, les mots “articles 27, 28 et 28bis” sont remplacés par les mots “articles 27 à 28bis”; 6° l’article est complété par un alinéa, rédigé comme suit: “Les articles 27 à 27quater, et les alinéas 7 à 9 du présent article s’appliquent également aux entreprises réglementées lorsqu’elles commercialisent des dépôts structurés ou fournissent des conseils sur de tels dépôts à des clients.”. 90 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 105 Artikel 27 van dezelfde wet, vervangen bij het konink- lijk besluit van 27 april 2007 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt: “Art. 27. § 1. Bij het aanbieden of verstrekken van fi - nanciële producten of diensten of, in voorkomend geval, nevendiensten, zetten de gereglementeerde onderne- mingen zich op loyale, billijke en professionele wijze in voor de belangen van hun cliënten, en op een manier die bevorderlijk is voor de integriteit van de markt. Bij het aanbieden of verstrekken van beleggingsdiensten of, in voorkomend geval, nevendiensten, nemen zij inzonder- heid de in de paragrafen 2 tot en met 10 en de artikelen 27bis tot 27quater neergelegde gedragsregels in acht. § 2. Gereglementeerde ondernemingen die fi nanciële instrumenten ontwikkelen voor verkoop aan cliënten, zorgen ervoor dat deze zo ontworpen zijn dat zij voldoen aan de wensen van een geïdentifi ceerde doelgroep van eindcliënten binnen de betrokken categorie van cliënten, en dat de strategie voor de distributie van de fi nan- ciële instrumenten op de geïdentifi ceerde doelgroep is afgestemd, en gereglementeerde ondernemingen ondernemen redelijke stappen om ervoor te zorgen dat het fi nancieel instrument wordt gedistribueerd aan de geïdentifi ceerde doelgroep. Gereglementeerde ondernemingen die financiële instrumenten ontwikkelen, verstrekken aan alle distribu- teurs adequate informatie over het fi nancieel instrument en het productgoedkeuringsproces, met inbegrip van de geïdentifi ceerde doelgroep van het fi nancieel instrument. § 3. Gereglementeerde ondernemingen begrijpen de fi nanciële instrumenten die zij aanbieden of aanbevelen, beoordelen of de fi nanciële instrumenten voldoen aan de behoeften van de cliënten aan wie zij beleggings- diensten aanbieden, waarbij zij rekening houden met de geïdentifi ceerde doelgroep van eindcliënten als bedoeld in artikel 26/1 van de wet van 25 oktober 2016 en artikel 65/2 van de wet van 25 april 2014, en zorgen ervoor dat de fi nanciële instrumenten uitsluitend worden aangebo- den of aanbevolen als dit in het belang van de cliënt is. Gereglementeerde ondernemingen toetsen ook re- gelmatig de fi nanciële instrumenten die zij aanbieden of in de handel brengen, waarbij zij rekening houden met alle gebeurtenissen die materiële gevolgen kunnen heb- ben voor het potentiële risico voor de geïdentifi ceerde doelgroep, om ten minste te beoordelen of het fi nancieel instrument aan de behoeften van de geïdentifi ceerde doelgroep blijft beantwoorden, en of de geplande dis- tributiestrategie passend blijft. Art. 105 L’article 27 de la même loi, remplacé par l’arrêté royal du 27 avril 2007 et modifi é en dernier lieu par la loi du 25 octobre 2016, est remplacé par ce qui suit: “Art. 27. § 1er. Lorsqu’elles offrent ou fournissent des produits ou services fi nanciers, ou, le cas échéant, des services auxiliaires, les entreprises réglementées veillent à agir d’une manière honnête, équitable et professionnelle qui serve au mieux les intérêts de leurs clients et d’une manière qui favorisent l’intégrité du marché. Lors de l’offre ou de la fourniture de services d’investissement, ou, le cas échéant, de services auxi- liaires, elles se conforment en particulier aux règles de conduite énoncées aux paragraphes 2 à 10 et aux articles 27bis à 27quater. § 2. Les entreprises réglementées qui conçoivent des instruments fi nanciers destinés à la vente aux clients veillent à ce que lesdits instruments fi nanciers soient conçus de façon à répondre aux besoins d’un marché cible défi ni de clients fi naux à l’intérieur de la catégorie de clients concernée, et que la stratégie de distribution des instruments financiers soit compatible avec le marché cible défi ni, et les entreprises réglementées prennent des mesures raisonnables qui garantissent que l’instrument fi nancier soit distribué auprès du mar- ché cible défi ni. Toute entreprise réglementée qui conçoit des instru- ments fi nanciers met à la disposition de tout distributeur tous les renseignements utiles sur l’instrument fi nancier et sur le processus de validation du produit, y compris le marché cible défi ni de l’instrument fi nancier. §  3. Toute entreprise réglementée comprend les instruments fi nanciers qu’elle propose ou recommande, évalue la compatibilité des instruments fi nanciers avec les besoins des clients auxquels elle fournit des services d’investissement, compte tenu, notamment, du marché cible défi ni de clients fi naux visé à l’article 26/1 de la loi du 25 octobre 2016 et à l’article 65/2 de la loi du 25 avril 2014 et veille à ce que les instruments fi nanciers ne soient proposés ou recommandés que lorsque cela sert les intérêts du client. Les entreprises réglementées examinent aussi régulièrement les instruments fi nanciers qu’elles pro- posent ou commercialisent, en tenant compte de tout événement qui pourrait infl uer sensiblement sur le risque potentiel pesant sur le marché cible défi ni, afi n d’éva- luer au minimum si l’instrument fi nancier continue de correspondre aux besoins du marché cible défi ni et si la stratégie de distribution prévue demeure appropriée. 91 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 4. Gereglementeerde ondernemingen nemen alle passende maatregelen om belangenconfl icten te iden- tifi ceren en te voorkomen of te beheersen die zich bij het verlenen van beleggingsdiensten en nevendiensten of combinaties daarvan voordoen tussen henzelf, met inbegrip van hun bestuurders, hun effectieve leiders, hun werknemers en hun verbonden agenten, of een persoon die rechtstreeks of onrechtstreeks met hen verbonden is door een zeggenschapsband, en hun cliënten of tussen hun cliënten onderling, waaronder ook de belangenconfl icten die worden veroorzaakt door de ontvangst van inducements van derden of door de beloning door en andere aanmoedigingsregelingen van de gereglementeerde ondernemingen zelf. Indien de organisatorische of administratieve rege- lingen die een gereglementeerde onderneming heeft getroffen om te voorkomen dat belangenconfl icten de belangen van haar cliënten schaden, ontoereikend zijn om redelijkerwijs te mogen aannemen dat het risico dat de belangen van de cliënten worden geschaad, zal worden voorkomen, maakt de gereglementeerde onderneming op heldere wijze de algemene aard en/ of de bronnen van de belangenconfl icten, alsook de getroffen maatregelen om dit risico te beperken, aan de cliënt bekend alvorens voor zijn rekening zaken te doen. Die bekendmaking aan de cliënten moet op een duurzame drager worden gedaan. Zij bevat voldoende details, rekening houdend met de aard van de cliënt, om deze in staat te stellen met kennis van zaken een beslissing te nemen over de dienst in verband waarmee het belangenconfl ict zich voordoet. § 5. Indien een gereglementeerde onderneming aan de cliënt meedeelt dat beleggingsadvies op onafhanke- lijke basis wordt verstrekt, geldt het volgende: 1° zij beoordeelt een voldoende groot aantal op de markt verkrijgbare financiële instrumenten die vol- doende divers moeten zijn wat type en emittenten of productaanbieders betreft, om ervoor te zorgen dat de beleggingsdoelstellingen van de cliënt naar behoren kunnen worden gerealiseerd, en die niet beperkt mogen zijn tot fi nanciële instrumenten die worden uitgegeven of verstrekt: a) door de gereglementeerde onderneming zelf of door entiteiten die nauwe banden met haar hebben; of b) door andere entiteiten waarmee de gereglemen- teerde onderneming in een zodanig nauw juridisch of economisch verband staat, zoals een contractueel § 4. Les entreprises réglementées prennent toute mesure appropriée raisonnable pour identifi er et éviter ou gérer les confl its d’intérêts se posant entre elles- mêmes, y compris leurs administrateurs, leurs dirigeants effectifs, leurs salariés et leurs agents liés, ou toute personne directement ou indirectement liée à elles par une relation de contrôle, et leurs clients, ou entre leurs clients entre eux, lors de la prestation de tout service d’investissement et de tout service auxiliaire ou d’une combinaison de ces services, y compris ceux découlant de la perception d’incitations en provenance de tiers ou de la structure de rémunération et d’autres structures incitatives propres à l’entreprise réglementée. Lorsque les dispositions organisationnelles ou admi- nistratives prises par une entreprise réglementée pour empêcher que des confl its d’intérêts ne portent atteinte aux intérêts de ses clients, ne suffisent pas à garantir, avec une certitude raisonnable, que les risques de porter atteinte aux intérêts des clients seront évités, l’entreprise informe clairement ceux-ci, avant d’agir en leur nom, de la nature générale et/ou de la source de ces confl its d’intérêts, ainsi que des mesures prises pour atténuer ces risques. Cette information aux clients doit être fournie sur un support durable. Cette information comporte des détails suffisants, compte tenu de la nature du client, pour permettre à ce dernier de prendre une décision en connaissance de cause au sujet du service dans le cadre duquel apparaît le confl it d’intérêts. § 5. Lorsqu’une entreprise réglementée informe le client que les conseils en investissement sont fournis de manière indépendante: 1° elle évalue un éventail suffisant d’instruments fi nanciers disponibles sur le marché, qui doivent être suffisamment diversifi és quant à leur type et à leurs émetteurs, ou à leurs fournisseurs, pour garantir que les objectifs d’investissement du client puissent être atteints de manière appropriée, et ne doivent pas se limiter aux instruments fi nanciers émis ou fournis par: a) l’entreprise réglementée elle-même ou par des entités ayant des liens étroits avec elle; ou b) d’autres entités avec lesquelles l’entreprise régle- mentée a des relations juridiques ou économiques, telles que des relations contractuelles, si étroites 92 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 verband, dat het risico bestaat dat dit afbreuk doet aan de onafhankelijke basis van het verstrekte advies; 2° met betrekking tot de dienstverlening aan cliënten aanvaardt en behoudt de gereglementeerde onder- neming geen provisies, commissies of geldelijke of niet-geldelijke tegemoetkomingen die worden betaald of verstrekt door een derde partij of een persoon die voor rekening van een derde partij handelt. Kleine niet- geldelijke tegemoetkomingen die de kwaliteit van de aan de cliënt geboden dienst kunnen verhogen en die van zodanige omvang en aard zijn dat zij niet kunnen worden geacht afbreuk te doen aan de voor de gere- glementeerde onderneming geldende verplichting om in het belang van de cliënt te handelen, kunnen worden aanvaard op voorwaarde dat zij duidelijk aan de cliënt worden bekendgemaakt. § 6. Bij het verrichten van vermogensbeheer aan- vaardt en behoudt de gereglementeerde onderneming met betrekking tot de dienstverlening aan cliënten geen provisies, commissies of geldelijke of niet-geldelijke te- gemoetkomingen die worden betaald of verstrekt door een derde partij of een persoon die voor rekening van een derde partij handelt. Kleine niet-geldelijke tegemoet- komingen die de kwaliteit van de aan de cliënt geboden dienst kunnen verhogen en die van zodanige omvang en aard zijn dat zij niet kunnen worden geacht afbreuk te doen aan de voor de gereglementeerde onderneming geldende verplichting om in het belang van de cliënt te handelen, kunnen worden aanvaard op voorwaarde dat zij duidelijk aan de cliënt worden bekendgemaakt. § 7. Gereglementeerde ondernemingen voldoen niet aan hun verplichtingen overeenkomstig paragrafen 1 en 4 indien zij een provisie of commissie betalen of ontvangen, dan wel een niet-geldelijke tegemoetkoming betalen of ontvangen in verband met het verlenen van een beleggingsdienst of een nevendienst, aan of van een andere partij dan de cliënt of een persoon die voor rekening van de cliënt handelt, tenzij de betaling of de tegemoetkoming: 1° bedoeld is om de kwaliteit van de aan de cliënt verleende dienst te verbeteren; en 2° geen afbreuk doet aan de voor gereglementeerde ondernemingen geldende verplichting om zich op eer- lijke, billijke en professionele wijze in te zetten voor de belangen van haar cliënten. Vóór het verlenen van de desbetreffende beleggings- of nevendienst moet aan de cliënt op uitvoerige, accu- rate en begrijpelijke wijze mededeling worden gedaan van het bestaan, de aard en het bedrag van de betaling of de tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid of, qu’elles présentent le risque de nuire à l’indépendance du conseil fourni; 2° elle n’accepte pas, en les conservant des droits, commissions ou autres avantages monétaires ou non monétaires en rapport avec la fourniture du service aux clients, versés ou fournis par un tiers ou par une personne agissant pour le compte d’un tiers. Peuvent être acceptés les avantages non monétaires mineurs qui sont susceptibles d’améliorer la qualité du service fourni à un client et dont la grandeur et la nature sont telles qu’ils ne peuvent pas être considérés comme empêchant le respect par l’entreprise réglementée de son devoir d’agir au mieux des intérêts du client, à condition d’être clairement signalés au client. § 6. Lorsqu’elle fournit des services de gestion de portefeuille, l’entreprise réglementée n’accepte pas, en les conservant, des droits, commissions ou autres avan- tages monétaires ou non monétaires en rapport avec la fourniture du service aux clients, versés ou fournis par un tiers ou par une personne agissant pour le compte d’un tiers. Peuvent être acceptés les avantages non monétaires mineurs qui sont susceptibles d’améliorer la qualité du service fourni à un client et dont la grandeur et la nature sont telles qu’ils ne peuvent pas être consi- dérés comme empêchant le respect par l’entreprise réglementé de son devoir d’agir au mieux des intérêts du client, à condition d’être clairement signalés au client. § 7. Les entreprises réglementées ne remplissent pas leurs obligations au titre des paragraphes 1er et 4 lorsqu’elles versent ou reçoivent une rémunération ou une commission, ou fournissent ou reçoivent un avantage non pécuniaire en liaison avec la prestation d’un service d’investissement ou d’un service auxiliaire, à ou par toute partie, à l’exclusion du client ou de la personne agissant au nom du client, à moins que le paiement ou l’avantage: 1° ait pour objet d’améliorer la qualité du service concerné au client; et 2° ne nuise pas au respect de l’obligation de l’en- treprise réglementée d’agir d’une manière honnête, équitable et professionnelle au mieux des intérêts de ses clients. Le client est clairement informé de l’existence, de la nature et du montant du paiement ou de l’avantage visé au premier alinéa, ou lorsque ce montant ne peut être établi, de son mode de calcul d’une manière com- plète, exacte et compréhensible avant que le service 93 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 wanneer het bedrag niet kan worden achterhaald, van de berekeningswijze van dit bedrag. Indien van toepassing, brengt de gereglementeerde onderneming de cliënt ook op de hoogte van mechanismen voor het doorgeven aan de cliënt van de provisie, de commissie, de geldelijke of de niet-geldelijke tegemoetkoming ontvangen in het ka- der van het verlenen van de beleggings- of nevendienst. De betaling of de tegemoetkoming die het verlenen van beleggingsdiensten mogelijk maakt of daarvoor noodzakelijk is, zoals het bewaarloon, de afwikkelings- en beursvergoedingen, de wettelijke heffingen en de ju- ridische kosten, en die naar hun aard niet onverenigbaar zijn met de voor de gereglementeerde onderneming geldende verplichting om zich op eerlijke, billijke en professionele wijze in te zetten voor de belangen van haar cliënten, is niet onderworpen aan de in het eerste lid vermelde vereisten. De Koning bepaalt, op advies van de FSMA en na open raadpleging, nadere regels ter uitvoering van de in dit paragraaf bedoelde regel, inzonderheid om de uit Richtlijn 2014/65/EU en Gedelegeerde richtlijn 2017/593 voortvloeiende verplichtingen na te leven. De Koning kan inzonderheid de kleine niet-geldelijke tegemoetkomingen bepalen die de kwaliteit van de aan de cliënt geboden dienst verhogen, en die, rekening houdend met de totale hoeveelheid van door een en- titeit of een groep van entiteiten verleende voordelen, van dien aard en omvang zijn dat het onwaarschijnlijk is dat hierdoor afbreuk wordt gedaan aan de naleving door de gereglementeerde onderneming van de voor haar geldende verplichting om in het belang van de cliënt te handelen. § 8. Een gereglementeerde onderneming die cliën- ten beleggingsdiensten verleent, zorgt ervoor dat zij de prestaties van haar personeel niet zodanig beloont of beoordeelt dat er confl icten ontstaan met de voor haar geldende verplichting om in het belang van haar cliënten te handelen. Met name hanteert zij op belo- ningsgebied, op het gebied van verkoopdoelen of op een ander gebied geen regeling die haar personeel ertoe kan aanzetten een niet-professionele cliënt een bepaald fi nancieel instrument aan te bevelen, terwijl de gereglementeerde onderneming een ander fi nancieel instrument zou kunnen aanbieden dat beter aan de behoeften van de desbetreffende cliënt zou voldoen. § 9. Indien een beleggingsdienst samen met een an- dere dienst of een ander product wordt aangeboden als onderdeel van een pakket of als voorwaarde waarvan de overeenkomst of dat pakket afhankelijk wordt gesteld, deelt de gereglementeerde onderneming aan de cliënt d’investissement ou le service auxiliaire concerné ne soit fourni. Le cas échéant, l’entreprise réglementée informe également le client sur les mécanismes de transfert au client de la rémunération, de la commission et de l’avantage pécuniaire ou non pécuniaire reçus en liaison avec la prestation du service d’investissement ou du service auxiliaire. Le paiement ou l’avantage qui permet la prestation de services d’investissement ou est nécessaire à cette prestation, tels que les droits de garde, les commissions de change et de règlement, les taxes réglementaires et les frais de procédure, et qui ne peut par nature occasionner de confl it avec l’obligation qui incombe à l’entreprise réglementée d’agir d’une manière honnête, équitable et professionnelle au mieux des intérêts de ses clients n’est pas soumis aux exigences énoncées au premier alinéa. Le Roi, sur avis de la FSMA et après consultation ouverte, précise les modalités d’exécution de la règle visée au présent paragraphe, notamment aux fi ns de satisfaire aux obligations découlant de la Directive 2014/65/UE et de la Directive déléguée 2017/593. Le Roi peut notamment défi nir quels avantages non pécuniaires mineurs peuvent améliorer la qualité du ser- vice fourni à un client et, eu égard au niveau global des avantages fournis par une entité ou un groupe d’entités, sont d’une ampleur et d’une nature telles qu’ils sont peu susceptibles d’empêcher l’entreprise réglementée de se conformer à son obligation d’agir dans le meilleur intérêt du client. § 8. Une entreprise réglementée qui fournit des ser- vices d’investissement à des clients veille à ne pas ré- munérer ni évaluer les résultats de ses employés d’une façon qui aille à l’encontre de son obligation d’agir au mieux des intérêts de ses clients. En particulier, elle ne prend aucune disposition sous forme de rémunération, d’objectifs de vente ou autre qui pourrait encourager les employés à recommander un instrument fi nancier particulier à un client de détail alors que l’entreprise réglementée pourrait proposer un autre instrument fi nancier correspondant mieux aux besoins de ce client. § 9. Lorsqu’un service d’investissement est proposé avec un autre service ou produit dans le cadre d’une offre groupée ou comme condition à l’obtention de l’accord ou de l’offre groupée, l’entreprise réglementée indique au client s’il est possible d’acheter séparément 94 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 mee of het mogelijk is de verschillende componenten afzonderlijk te kopen en voorziet zij in een apart bewijs- stuk van de kosten van elke component. Indien de kans bestaat dat de risico’s die voortvloeien uit een aan een niet-professionele cliënt aangeboden overeenkomst of aangeboden pakket, verschillen van de risico’s die aan de verschillende componenten af- zonderlijk verbonden zijn, geeft de gereglementeerde onderneming een adequate beschrijving van de ver- schillende componenten van de overeenkomst of het pakket en van de wijze waarop de interactie ervan de risico’s wijzigt. De Koning kan, op advies van de FSMA, een niet- exhaustieve lijst opstellen van koppelverkopen die een inbreuk kunnen vormen op de wettelijke verplich- tingen die voortvloeien uit het Europese recht, met name uit Richtlijn 2005/29/EEG betreffende oneerlijke handelspraktijken. § 10. Met niet-professionele cliënten worden door een gereglementeerde onderneming geen fi nancië- lezekerheidsovereenkomsten gesloten die leiden tot overdracht met als doel om huidige of toekomstige, dan wel feitelijke, voorwaardelijke of potentiële verplichtingen van cliënten te waarborgen of op een andere manier af te dekken.”. Art. 106 In dezelfde wet wordt een artikel 27bis inge- voegd, luidende: “Art. 27bis. § 1. Bij het aanbieden of verstrekken van fi nanciële producten of diensten moet alle door de gereglementeerde onderneming aan cliënten of potentiële cliënten verstrekte informatie, met inbegrip van publicitaire mededelingen, correct, duidelijk en niet misleidend zijn. Publicitaire mededelingen moeten duidelijk als zodanig herkenbaar zijn. § 2. Aan de cliënten of potentiële cliënten wordt tijdig passende informatie verstrekt over de gereglemen- teerde onderneming en haar diensten, de fi nanciële instrumenten en de voorgestelde beleggingsstrategieën, de plaatsen van uitvoering en alle kosten en bijbeho- rende lasten. § 3. Bij het verstrekken van beleggingsadvies moet de gereglementeerde onderneming geruime tijd vóór het advies wordt verstrekt, aan de cliënt laten weten: les différents éléments et fournit des justifi catifs séparés des coûts et frais inhérents à chaque élément. Lorsque les risques résultant d’un tel accord ou d’une telle offre groupée proposés à un client de détail sont susceptibles d’être différents de ceux associés aux différents éléments pris séparément, l’entreprise réglementée fournit une description appropriée des différents éléments de l’accord ou de l’offre groupée et expose comment l’interaction modifi e le risque. Le Roi peut établir, sur avis de la FSMA, une liste non exhaustive de pratiques de ventes croisées qui sont susceptibles de constituer une infraction à des obligations légales issues du droit européen, notam- ment la Directive 2005/29/CEE relative aux pratiques commerciales déloyales. § 10. Une entreprise réglementée ne conclut pas de contrats de garantie fi nancière avec transfert de pro- priété avec des clients de détail en vue de garantir leurs obligations présentes ou futures, réelles, conditionnelles ou potentielles, ou de les couvrir d’une autre manière.”. Art. 106 Dans la même loi, il est inséré un article 27bis, rédigé comme suit: “Art. 27bis. § 1er. Lors de l’offre ou de la fourniture de produits ou services fi nanciers, toutes les informa- tions, y compris publicitaires, adressées par l’entreprise réglementée à des clients ou à des clients potentiels, sont correctes, claires et non trompeuses. Les infor- mations publicitaires sont clairement identifi ables en tant que telles. § 2. Des informations appropriées sont communi- quées en temps utile aux clients ou aux clients poten- tiels sur l’entreprise réglementée et ses services, les instruments fi nanciers et les stratégies d’investissement proposées, les plateformes d’exécution et tous les coûts et frais liés. § 3. Lorsque des conseils en investissement sont fournis, l’entreprise réglementée doit indiquer au client, en temps utile avant la fourniture des conseils en investissement: 95 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° of het advies al dan niet op onafhankelijke basis wordt verstrekt; 2° of het advies op een brede dan wel beperktere ana- lyse van verschillende soorten fi nanciële instrumenten is gebaseerd en, in het bijzonder, of het gamma beperkt is tot fi nanciële instrumenten die worden uitgegeven of verstrekt door entiteiten die nauwe banden met de gereglementeerde onderneming hebben of er in een ander juridisch of economisch verband mee staan, zoals een contractueel verband, dat zo nauw is dat het risico bestaat dat dit afbreuk doet aan de onafhankelijke basis van het verstrekte advies; 3° of de gereglementeerde onderneming de cliënt een periodieke beoordeling verstrekt van de geschikt- heid van de fi nanciële instrumenten die zij hem heeft aanbevolen. § 4. De informatie over de fi nanciële instrumenten en de voorgestelde beleggingsstrategieën omvatten passende toelichtingen en waarschuwingen over de risico’s die aan beleggingen in deze instrumenten of aan bepaalde beleggingsstrategieën zijn verbonden, en verduidelijken of het fi nanciële instrument bestemd is voor niet-professionele of professionele cliënten, rekening houdend met de geïdentifi ceerde doelgroep overeenkomstig artikel 27, § 2. § 5. De informatie over alle kosten en bijbehorende lasten betreft zowel beleggings- als nevendiensten, waaronder ook de kosten voor advies en, in voorkomend geval, de kosten van de fi nanciële instrumenten die aan de cliënt worden aanbevolen of aangeboden, en de manier waarop de cliënt deze kan betalen, met inbegrip van eventuele betalingen door derden. De informatie over alle kosten en lasten, met inbegrip van kosten en lasten in verband met de beleggingsdienst en het fi nanciële instrument, die niet het gevolg zijn van de ontwikkeling van onderliggende marktrisico’s, worden samengevoegd zodat de cliënt inzicht krijgt in de totale kosten, alsook in het cumulatieve effect op het rendement op de belegging, en omvat, indien de cliënt hierom verzoekt, een puntsgewijze uitsplitsing. Indien van toepassing, wordt dergelijke informatie regelmatig en ten minste jaarlijks aan de cliënt verstrekt, tijdens de looptijd van de belegging. § 6. De in paragrafen 2 tot 5 en in artikel 27, § 7, bedoelde informatie wordt in een begrijpelijke vorm en op zodanige wijze verstrekt dat cliënten of potentiële cliënten redelijkerwijs in staat zijn de aard en de risico’s van de aangeboden beleggingsdienst en van de spe- cifi ek aangeboden categorie van fi nancieel instrument 1° si les conseils sont fournis de manière indépendante; 2° s’ils reposent sur une analyse large ou plus res- treinte de différents types d’instruments fi nanciers et, en particulier, si l’éventail se limite aux instruments fi nanciers émis ou proposés par des entités ayant des liens étroits avec l’entreprise réglementée ou toute autre relation juridique ou économique, telle qu’une relation contractuelle, si étroite qu’elle présente le risque de nuire à l’indépendance du conseil fourni; 3° si l’entreprise réglementée fournit au client une évaluation périodique du caractère approprié des ins- truments fi nanciers qui lui sont recommandés. § 4. Les informations sur les instruments fi nanciers et les stratégies d’investissement proposées doivent inclure des orientations et des mises en garde appro- priées sur les risques inhérents à l’investissement dans ces instruments ou à certaines stratégies d’investisse- ment et en précisant si l’instrument fi nancier est destiné à des clients de détail ou à des clients professionnels, compte tenu du marché cible défi ni conformément à l’article 27, § 2. § 5. Les informations sur tous les coûts et frais liés doivent inclure des informations relatives aux services d’investissement et aux services auxiliaires, y compris le coût des conseils, s’il y a lieu, le coût des instruments fi nanciers recommandés au client ou commercialisés auprès du client et la manière dont le client peut s’en acquitter, ce qui comprend également tout paiement par des tiers. Les informations relatives à l’ensemble des coûts et frais, y compris les coûts et frais liés au service d’investissement et à l’instrument fi nancier, qui ne sont pas causés par la survenance d’un risque du marché sous-jacent, sont totalisées afi n de permettre au client de saisir le coût total, ainsi que l’effet cumulé sur le retour sur investissement, et, si le client le demande, une ventilation par poste est fournie. Le cas échéant, ces informations sont fournies au client régulièrement, au minimum chaque année, pendant la durée de vie de l’investissement. § 6. Les informations visées aux paragraphes 2 à 5 et à l’article 27, § 7, sont fournies sous une forme com- préhensible de manière à ce que les clients ou clients potentiels puissent raisonnablement comprendre la nature du service d’investissement et du type spécifi que d’instrument fi nancier proposé ainsi que les risques y 96 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 te begrijpen en derhalve met kennis van zaken beleg- gingsbeslissingen te nemen. Deze informatie mag in gestandaardiseerde vorm worden verstrekt. § 7. Indien een beleggingsdienst wordt aangeboden als onderdeel van een fi nancieel product dat reeds on- der andere bepalingen van het recht van de Europese Unie betreffende kredietinstellingen en consumenten- kredieten inzake informatievereisten ressorteert, zijn de verplichtingen van paragrafen 1 tot 6 niet eveneens van toepassing op deze dienst. § 8. Een gereglementeerde onderneming stelt nieuwe en bestaande cliënten ervan in kennis dat elektroni- sche communicatie of telefoongesprekken tussen de gereglementeerde onderneming en haar cliënten die leiden of kunnen leiden tot transacties, zullen worden opgenomen overeenkomstig artikel 26, §  5, van de wet van 25 oktober 2016 en artikel 64 van de wet van 25 april 2014. Een dergelijke kennisgeving kan eenmaal worden verstrekt, vóór het verlenen van beleggingsdiensten aan nieuwe en bestaande cliënten. Een gereglementeerde onderneming verleent geen telefonische beleggingsdiensten aan en verricht geen telefonische beleggingsactiviteiten met betrekking tot het ontvangen, doorgeven of uitvoeren van orders van cliënten die er vooraf niet van in kennis zijn gesteld dat hun elektronische communicatie of telefoongesprekken worden opgenomen. Gegevens die overeenkomstig artikel 26, § 5, van de wet van 25 oktober 2016 en artikel 64 van de wet van 25 april 2014 zijn opgenomen, worden op verzoek aan de betrokken cliënten verstrekt. Art. 107 In dezelfde wet wordt een artikel 27ter inge- voegd, luidende: “Art. 27ter. § 1. Gereglementeerde ondernemingen waarborgen en tonen op verzoek van de FSMA aan dat de natuurlijke personen die beleggingsadvies of informatie over fi nanciële instrumenten verstrekken, of beleggingsdiensten of nevendiensten aan cliënten verlenen voor rekening van de onderneming, over de nodige kennis en bekwaamheid beschikken om hun ver- plichtingen overeenkomstig dit artikel, de artikelen 27 en 27bis en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en afférents et, par conséquent, de prendre des décisions en matière d’investissement en connaissance de cause. Ces informations peuvent être fournies sous une forme standardisée. § 7. Dans les cas où un service d’investissement est proposé dans le cadre d’un produit fi nancier qui est déjà soumis à d’autres dispositions du droit de l’Union euro- péenne relatives aux établissements de crédit et aux crédits à la consommation concernant les exigences en matière d’information, ce service n’est pas en plus sou- mis aux obligations énoncées aux paragraphes 1er à 6. § 8. Une entreprise réglementée notifi e aux nouveaux clients et aux clients existants que les communications électroniques ou conversations téléphoniques entre l’entreprise réglementée et ses clients qui donnent lieu ou sont susceptibles de donner lieu à des transactions, seront enregistrées conformément à l’article 26, § 5, de la loi du 25 octobre 2016 et à l’article 64 de la loi du 25 avril 2014. Cette notifi cation peut être faite une seule fois, avant la fourniture de services d’investissement à de nou- veaux clients ou à des clients existants. Une entreprise réglementée ne fournit pas par télé- phone de services et d’activités d’investissement à des clients qui n’ont pas été informés à l’avance du fait que leurs communications électroniques ou conversations téléphoniques sont enregistrées, lorsque ces services et activités d’investissement concernent la réception, la transmission et l’exécution d’ordres de clients. Les enregistrements conservés conformément à l’article 26, § 5, de la loi du 25 octobre 2016 et à l’article 64 de la loi du 25 avril 2014 sont transmis aux clients concernés, à leur demande. Art. 107 Dans la même loi, il est inséré un article 27ter, rédigé comme suit: “Art. 27ter. §  1er. Les entreprises réglementées s’assurent et démontrent à la FSMA sur demande, que les personnes physiques fournissant des conseils en investissement ou des informations sur des instruments fi nanciers, des services d’investissement ou des ser- vices auxiliaires à des clients pour le compte de l’entre- prise disposent des connaissances et des compétences nécessaires pour respecter leurs obligations au titre du présent article, des articles 27 et 27bis et des arrêtés 97 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 reglementen na te komen. De Koning bepaalt de criteria voor de beoordeling van die kennis en bekwaamheid. § 2. Bij het verstrekken van beleggingsadvies of het verrichten van vermogensbeheer, wint de gereglemen- teerde onderneming bij de cliënt of de potentiële cliënt de nodige informatie in over zijn kennis en ervaring op beleggingsgebied met betrekking tot het specifi eke soort product of dienst, zijn fi nanciële situatie, met inbegrip van zijn vermogen om verliezen te dragen, en zijn beleggingsdoelstellingen, met inbegrip van zijn risicotolerantie, teneinde de cliënt of potentiële cliënt de voor hem geschikte beleggingsdiensten en fi nanciële instrumenten te kunnen aanbevelen, of voor hem ge- schikt vermogensbeheer te verstrekken, die met name stroken met zijn risicotolerantie en zijn vermogen om verliezen te dragen. Wanneer een gereglementeerde onderneming beleg- gingsadvies verstrekt waarbij een gebundeld pakket van diensten of producten wordt aanbevolen in de zin van artikel 27, § 9, gaat zij na of de gehele bundel passend is. § 3. De gereglementeerde onderneming die andere dan de in paragraaf 2 bedoelde beleggingsdiensten ver- richt, wint bij de cliënt of de potentiële cliënt informatie in over zijn ervaring en kennis op beleggingsgebied met betrekking tot het specifi eke soort van aangeboden of verlangde product of dienst, zodat zij kan beoordelen of het aangeboden product of de te verrichten beleg- gingsdienst passend is voor de cliënt. Wanneer een bundel van diensten of producten wordt overwogen overeenkomstig artikel 27, § 9, wordt bij de beoordeling nagegaan of het gehele gebundelde pak- ket passend is. Indien de gereglementeerde onderneming op grond van de op grond van het eerste lid ontvangen informatie oordeelt dat het product of de dienst niet passend is voor de cliënt of de potentiële cliënt, waarschuwt zij de cliënt of de potentiële cliënt. Deze waarschuwing mag in gestandaardiseerde vorm worden verstrekt. Wanneer de cliënt of de potentiële cliënt de in de eer- ste lid bedoelde informatie over zijn ervaring en kennis niet verstrekt, of wanneer hij onvoldoende informatie over zijn ervaring en kennis verstrekt, waarschuwt de gereglementeerde onderneming hem dat zij om die reden niet kan vaststellen of de aangeboden dienst of het aangeboden product passend voor hem is. Deze waarschuwing mag in gestandaardiseerde vorm wor- den verstrekt et règlements pris pour leur exécution. Le Roi fi xe les critères utilisés pour évaluer ces connaissances et ces compétences. § 2. Lorsqu’elle fournit du conseil en investissement ou des services de gestion de portefeuille, l’entreprise réglementée se procure auprès du client ou du client potentiel les informations nécessaires concernant ses connaissances et son expérience en matière d’investis- sement en rapport avec le type spécifi que de produit ou de service, sa situation fi nancière, y compris sa capacité à subir des pertes, et ses objectifs d’investissement, y compris sa tolérance au risque, de manière à pouvoir lui recommander les services d’investissement et les instruments fi nanciers adéquats ou de lui fournir les ser- vices de gestion de portefeuille adéquats, notamment par rapport à sa tolérance au risque et à sa capacité de subir des pertes. Lorsqu’une entreprise réglementée fournit des conseils en investissement recommandant une offre groupée de services ou de produits au sens de l’article 27  §  9, elle s’assure que l’offre groupée dans son ensemble convienne. § 3. L’entreprise réglementée qui fournit des services d’investissement autres que ceux visés au paragraphe 2, demande au client ou au client potentiel de donner des informations sur ses connaissances et sur son expérience en matière d’investissement en rapport avec le type spécifi que de produit ou de service proposé ou demandé, pour être en mesure de déterminer si le service ou le produit d’investissement envisagé est approprié pour le client. Lorsqu’une offre groupée de services ou de produits est envisagée conformément à l’article 27, § 9, l’évalua- tion porte sur le caractère approprié de l’offre groupée dans son ensemble. Si l’entreprise réglementée estime, sur la base des informations reçues conformément à l’alinéa 1er, que le produit ou le service n’est pas approprié pour le client ou le client potentiel, elle l’en avertit. Cet avertissement peut être transmis sous une forme standardisée. Si le client ou le client potentiel ne fournit pas les informations sur ses connaissances et son expérience visées à l’alinéa 1er, ou si les informations fournies sont insuffisantes, l’entreprise réglementée avertit le client ou le client potentiel qu’elle ne peut pas déterminer, pour cette raison, si le service ou le produit envisagé est approprié pour lui. Cet avertissement peut être transmis sous une forme standardisée. 98 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 4. Gereglementeerde ondernemingen die, via een andere gereglementeerde onderneming, de instructie krijgen om beleggingsdiensten of nevendiensten voor rekening van een cliënt te verlenen, kunnen afgaan op op de cliëntgegevens die hun worden verstrekt door de gereglementeerde ondernemingen die de instructie doorgeven. De gereglementeerde onderneming die de instructie doorgeeft, blijft verantwoordelijk voor de vol- ledigheid en de juistheid van de verstrekte gegevens. De gereglementeerde onderneming die op deze wijze de instructie krijgt om diensten te verlenen voor rekening van een cliënt, mag ook afgaan op eventuele aanbeve- lingen met betrekking tot de dienst of de transactie die door een andere beleggingsonderneming aan de cliënt zijn gedaan. De gereglementeerde onderneming die de instructie doorgeeft, blijft verantwoordelijk voor de geschiktheid van de aan de betrokken cliënt verstrekte aanbevelingen of adviezen. De gereglementeerde onderneming die, via een andere gereglementeerde onderneming, instructies of orders van een cliënt ontvangt, blijft verantwoordelijk voor het op basis van voornoemde gegevens of aan- bevelingen verlenen van de dienst of sluiten van de transactie in overeenstemming met de desbetreffende bepalingen van deze wet. §  5. Wanneer gereglementeerde ondernemingen beleggingsdiensten verrichten die slechts bestaan in het uitvoeren van orders van cliënten en/of het ont- vangen en doorgeven van deze orders, met of zonder nevendiensten, met uitzondering van het verstrekken van kredieten of leningen als bedoeld in artikel 2, 2°, 2, van de wet van 25 oktober 2016, die geen bestaande kredietlimieten van leningen, rekeningen-courant en rekening-courantkredieten van cliënten omvatten, mogen zij die beleggingsdiensten voor hun cliënten verrichten zonder de in paragraaf 3 bedoelde informatie te hoeven inwinnen of de aldaar bedoelde beoordeling te hoeven doen wanneer aan alle hieronder vermelde voorwaarden is voldaan: 1° de diensten houden verband met de volgende fi nanciële instrumenten: a) tot de handel op een gereglementeerde markt of op een gelijkwaardige markt van een derde land of op een MTF toegelaten aandelen, indien het aandelen in vennootschappen betreft, met uitzondering van rechten van deelneming in AICB en aandelen die een derivaat behelzen; b) tot de handel op een gereglementeerde markt of op een gelijkwaardige markt van een derde land of op een MTF toegelaten obligaties en andere §  4. Toute entreprise réglementée recevant, par l’intermédiaire d’une autre entreprise réglementée, l’instruction de fournir des services d’investissement ou des services auxiliaires pour le compte d’un client, peut se fonder sur les informations relatives à ce client com- muniquées par cette dernière entreprise. L’entreprise réglementée ayant transmis l’instruction demeure responsable de l’exhaustivité et de l’exactitude des informations transmises. L’entreprise réglementée qui reçoit de cette manière l’instruction de fournir des services pour le compte d’un client peut également se fonder sur toute recommanda- tion afférente au service ou à la transaction en question donnée au client par une autre entreprise réglementée. L’entreprise réglementée qui a transmis l’instruction demeure responsable du caractère adéquat des recom- mandations ou conseils fournis au client concerné. L’entreprise réglementée qui reçoit l’instruction ou l’ordre d’un client par l’intermédiaire d’une autre entreprise réglementée demeure responsable de la prestation du service ou de l’exécution de la transac- tion en question, sur la base des informations ou des recommandations susmentionnées, conformément aux dispositions pertinentes de la présente loi. § 5. Lorsque les entreprises réglementées fournissent des services d’investissement qui comprennent unique- ment l’exécution et/ou la réception et la transmission d’ordres de clients, avec ou sans services auxiliaires, à l’exclusion de l’octroi des crédits ou des prêts visés à l’article 2, 2°, 2, de la loi du 25 octobre 2016, dans le cadre desquels les limites existantes concernant les prêts, les comptes courants et les découverts pour les clients ne s’appliquent pas, elles peuvent fournir ces services d’investissement à leurs clients sans devoir demander les informations ni procéder à l’évaluation visées au paragraphe 3, si toutes les conditions sui- vantes sont remplies: 1° les services portent sur l’un des instruments fi nanciers suivants: a) des actions admises à la négociation sur un mar- ché réglementé ou sur un marché équivalent d’un pays tiers, ou sur un MTF, s’il s’agit d’actions de sociétés, à l’exclusion des parts d’OPCA et des actions incorporant un instrument dérivé; b) des obligations et autres titres de créance admis à la négociation sur un marché réglementé ou sur un marché équivalent d’un pays tiers, ou sur un MTF, à 99 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 schuldinstrumenten, met uitzondering van deze die een derivaat behelzen of een structuur hebben die het voor de cliënt moeilijk maakt te begrijpen welk risico eraan verbonden is; c) geldmarktinstrumenten, met uitzondering van deze die een derivaat behelzen of een structuur hebben die het voor de cliënt moeilijk maakt te begrijpen welk risico eraan verbonden is; d) aandelen of rechten van deelneming in ICB’s die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/ EG als bedoeld in artikel 3, 8°, van de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor col- lectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen, met uitzondering van de in artikel 36, lid 1, alinea 2, van Verordening (EU) nr. 583/2010 be- doelde gestructureerde ICB’s; e) gestructureerde deposito’s, met uitzondering van deposito’s met een structuur die het voor de cliënt moeilijk maakt het rendementsrisico of de kosten voor het vervroegd uitstappen in te schatten; f) andere niet-complexe fi nanciële instrumenten voor de toepassing van deze paragraaf. Voor de toepassing van deze paragraaf wordt een markt van een derde land geacht gelijkwaardig te zijn aan een gereglementeerde markt, indien aan de vereis- ten en de procedure van artikel 25, lid 4, punt a), alinea 3 en 4, van Richtlijn 2014/65/EU is voldaan; 2° de dienst wordt verricht op initiatief van de cliënt of de potentiële cliënt; 3° de cliënt of de potentiële cliënt is er duidelijk van in kennis gesteld dat de gereglementeerde onderneming bij het verrichten van deze dienst niet verplicht is de pas- sendheid van het aangeboden fi nanciële instrument of van de te verrichten of aangeboden dienst te beoordelen en dat hij derhalve niet de bescherming van de toepas- selijke gedragsregels geniet; deze waarschuwing mag in gestandaardiseerde vorm worden verstrekt; 4° de gereglementeerde onderneming komt de in artikel 27, § 4, bedoelde belangenconfl ictenregeling na. § 6. De gereglementeerde onderneming legt een dossier aan met de tussen de onderneming en de cliënt overeengekomen documenten, waarin de rechten en plichten van beide partijen worden beschreven, alsook de overige voorwaarden waarop de onderneming dien- sten voor de cliënt zal verrichten. l’exclusion de ceux incorporant un instrument dérivé ou présentant une structure qui rend la compréhension du risque encouru difficile pour le client; c) des instruments du marché monétaire, à l’exclusion de ceux incorporant un instrument dérivé ou présentant une structure qui rend la compréhension du risque encouru difficile pour le client; d) des actions ou parts d’OPC qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE visés à l’article 3, 8°, de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances, à l’exclusion des OPC structurés au sens de l’article 36, paragraphe 1, alinéa 2, du Règlement (UE) n° 583/2010; e) des dépôts structurés, à l’exclusion de ceux incorporant une structure qui rend la compréhension du risque encouru concernant le rendement ou le coût de sortie du produit avant terme difficile pour le client; f) d’autres instruments fi nanciers non complexes aux fi ns du présent paragraphe. Aux fi ns du présent paragraphe, un marché d’un pays tiers est considéré comme équivalent à un marché réglementé, si les exigences et la procédure prévues à l’article 25, paragraphe 4, point a), alinéas 3 et 4, de la Directive 2014/65/UE sont respectées; 2° le service est fourni à l’initiative du client ou du client potentiel; 3° le client ou le client potentiel a été clairement infor- mé que, lors de la fourniture de ce service, l’entreprise réglementée n’est pas tenue d’évaluer si l’instrument fi nancier ou le service fourni ou proposé est approprié et que par conséquent, il ne bénéfi cie pas de la protection correspondante des règles de conduite pertinentes; cet avertissement peut être transmis sous une forme standardisée; 4° l’entreprise réglementée respecte les règles en matière de confl its d’intérêts, prévues à l’article 27, § 4. § 6. L’entreprise réglementée constitue un dossier incluant le ou les documents conclus par l’entreprise et le client, où sont énoncés les droits et les obligations des parties ainsi que les autres conditions auxquelles l’entreprise fournit des services au client. 100 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 De rechten en plichten van beide partijen bij de overeenkomst kunnen worden opgenomen door middel van verwijzing naar andere documenten of wetteksten. § 7. De gereglementeerde onderneming verstrekt haar cliënt deugdelijke rapporten over de dienst die zij hem verleent, op een duurzame drager. Deze rapporten bevatten periodieke mededelingen aan cliënten, reke- ning houdend met het type en de complexiteit van de betrokken fi nanciële instrumenten en de aard van de aan de cliënt verleende dienst, alsook, in voorkomend geval, de kosten van de transacties en de diensten die voor rekening van de cliënt werden verricht of verleend. Bij het verlenen van beleggingsadvies, verstrekt de gereglementeerde onderneming aan de cliënt, vóór het verrichten van de transactie, een geschiktheidsverkla- ring op een duurzame drager, waarin het verleende advies wordt gespecificeerd en wordt verduidelijkt hoe dat advies aan de voorkeuren, doelstellingen en andere kenmerken van de niet-professionele cliënt beantwoordt. Indien de overeenkomst tot aankoop of verkoop van een fi nancieel instrument wordt gesloten door mid- del van een techniek voor communicatie op afstand die de voorafgaande verstrekking van de geschikt- heidsverklaring belet, verstrekt de gereglementeerde onderneming de schriftelijke geschiktheidsverklaring op een duurzame drager onmiddellijk nadat de cliënt door een overeenkomst is gebonden, indien aan beide onderstaande voorwaarden wordt voldaan: 1° de cliënt heeft ingestemd met de ontvangst van de geschiktheidsverklaring zonder onnodige vertraging na het sluiten van de transactie; en 2° de gereglementeerde onderneming heeft de cliënt de mogelijkheid geboden de transactie uit te stellen zo- dat hij de geschiktheidsverklaring vooraf kan ontvangen. Indien een gereglementeerde onderneming ver- mogensbeheerdiensten verricht of de cliënt ervan op de hoogte heeft gebracht dat zij een periodieke geschiktheidsbeoordeling zal uitvoeren, bevat het periodieke rapport een bijgewerkte verklaring van de manier waarop de belegging beantwoordt aan de voorkeuren, doelstellingen en andere kenmerken van de niet-professionele cliënt. § 8. Indien in een hypothecaire kredietovereenkomst, waarvoor de bepalingen over de beoordeling van de kredietwaardigheid van consumenten als vastgesteld in Boek VII van het Wetboek van economisch recht gelden, als absolute voorwaarde wordt gesteld dat aan diezelfde consument een beleggingsdienst wordt Les droits et les obligations des parties à la conven- tion peuvent être incorporés par référence à d’autres documents ou textes juridiques. § 7. L’entreprise réglementée fournit à ses clients, sur un support durable, des rapports adéquats sur le service qu’elle leur fournit. Ces rapports incluent des communications périodiques aux clients, en fonction du type et de la complexité des instruments fi nanciers concernés ainsi que de la nature du service fourni aux clients, et comprennent, lorsqu’il y a lieu, les coûts liés aux transactions effectuées et aux services fournis au nom du client. Lorsqu’elle fournit des conseils en investissement, l’entreprise réglementée remet au client, avant que la transaction ne soit effectuée, une déclaration d’adé- quation sur un support durable, précisant les conseils prodigués et de quelle manière ceux-ci répondent aux préférences, aux objectifs et aux autres caractéristiques du client de détail. Lorsque l’accord d’achat ou de vente d’un instrument fi nancier est conclu en utilisant un moyen de commu- nication à distance qui ne permet pas la transmission préalable de la déclaration d’adéquation, l’entreprise réglementée peut fournir la déclaration écrite d’adé- quation sur un support durable immédiatement après que le client soit lié par un accord, sous réserve que les conditions suivantes soient réunies: 1° le client a consenti à recevoir la déclaration d’adé- quation sans délai excessif après la conclusion de la transaction; et 2° l’entreprise réglementée a donné au client la possi- bilité de retarder la transaction afi n qu’il puisse recevoir au préalable la déclaration d’adéquation. Lorsqu’une entreprise réglementée fournit des ser- vices de gestion de portefeuille ou a informé le client qu’elle procéderait à une évaluation périodique de l’adé- quation, le rapport périodique comporte une déclaration mise à jour sur la manière dont l’investissement répond aux préférences, aux objectifs et aux autres caractéris- tiques du client de détail. §  8. Si un contrat de crédit hypothécaire qui est soumis aux dispositions relatives à l’évaluation de la solvabilité des consommateurs fi gurant dans le Livre VII du Code de droit économique prévoit comme condi- tion préalable la fourniture au même consommateur d’un service d’investissement se rapportant à des 101 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 verleend in verband met specifi ek uitgegeven hypothe- caire obligaties die de fi nanciering van de hypothecaire kredietovereenkomst moet veiligstellen en waaraan identieke voorwaarden zijn verbonden als aan die hypothecaire kredietovereenkomst, opdat de lening kan worden terugbetaald, geherfi nancierd of afgelost, is deze dienst niet onderworpen aan de in dit artikel gestelde verplichtingen.”. Art. 108 In dezelfde wet wordt een artikel 27quater inge- voegd, luidende: “Art. 27quater. § 1. De gereglementeerde onderne- mingen met een vergunning om orders voor rekening van cliënten uit te voeren, passen procedures en regelin- gen toe die een onmiddellijke, billijke en vlotte uitvoering van orders van cliënten garanderen ten opzichte van orders van andere cliënten of de handelsposities van de gereglementeerde onderneming. Deze procedures of regelingen moeten een geregle- menteerde onderneming in staat stellen om overigens vergelijkbare orders van cliënten in de volgorde van het tijdstip van ontvangst uit te voeren. § 2. In het geval van een limietorder van een cliënt inzake tot de handel op een gereglementeerde markt toegelaten, of op een handelsplatform verhandelde aandelen dat niet onmiddellijk wordt uitgevoerd on- der de heersende marktomstandigheden, nemen de gereglementeerde ondernemingen, tenzij de cliënt uitdrukkelijk andere instructies geeft, maatregelen om tot een zo spoedig mogelijke uitvoering van dat order bij te dragen, door het bewuste limietorder van de cliënt onmiddellijk op zodanige wijze openbaar te maken dat andere marktdeelnemers er gemakkelijk toegang toe kunnen krijgen. De gereglementeerde ondernemingen zijn vrijgesteld van de in het eerste lid bedoelde verplichting in het geval van limietorders die van aanzienlijke omvang zijn in ver- houding tot de normale marktomvang overeenkomstig artikel 4 van Verordening 600/2014, tenzij de FMSA daarover anders beslist.”. Art. 109 Artikel 28  van dezelfde wet, vervangen door het koninklijk besluit van 27 april 2007 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, wordt vervangen als volgt: obligations hypothécaires émises spécifi quement pour obtenir le fi nancement du contrat de crédit hypothécaire et assorties de conditions identiques à celui-ci, afi n que le prêt soit remboursable, refi nancé ou amorti, ce service n’est pas soumis aux obligations énoncées au présent article.”. Art. 108 Dans la même loi, il est inséré un article 27quater, rédigé comme suit: “Art. 27quater. § 1er. Les entreprises réglementées agréées pour exécuter des ordres pour le compte de clients appliquent des procédures et des dispositions garantissant l’exécution rapide, équitable et efficace de ces ordres par rapport à d’autres ordres de clients ou à leurs propres positions de négociation. Ces procédures ou dispositions prévoient l’exécution des ordres de clients, par ailleurs comparables, en fonction de la date de leur réception par l’entreprise réglementée. § 2. Dans le cas d’un ordre à cours limité qui est passé par un client concernant des actions admises à la négociation sur un marché réglementé ou négociées sur une plateforme de négociation et qui n’est pas exé- cuté immédiatement dans les conditions prévalant sur le marché, les entreprises réglementées prennent, sauf si le client donne expressément l’instruction contraire, des mesures visant à faciliter l’exécution la plus rapide possible de cet ordre, en le rendant immédiatement public sous une forme aisément accessible aux autres participants du marché. Les entreprises réglementées sont exemptées de l’obligation prévue à l’alinéa 1er dans le cas d’ordres à cours limité portant sur une taille inhabituellement élevée, conformément aux règles prévues en la matière par l’article 4 du Règlement 600/2014, à moins que la FSMA n’en décide autrement.”. Art. 109 L’article 28 de la même loi, remplacé par l’arrêté royal du 27 avril 2007 et modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011, est remplacé par ce qui suit: 102 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “Art. 28. § 1. In het kader van de op haar toepasselijke bedrijfsuitoefeningsvoorwaarden neemt de geregle- menteerde onderneming bij het uitvoeren van orders, overeenkomstig de bepalingen van paragrafen 2 tot 8, alle toereikende maatregelen om het best mogelijke re- sultaat voor haar cliënten te behalen, rekening houdend met de prijs, de kosten, de snelheid, de waarschijnlijk- heid van uitvoering en afwikkeling, de omvang, de aard van het order en alle andere voor de uitvoering van het order relevante aspecten. In geval van een specifi eke instructie van de cliënt is de gereglementeerde onderne- ming evenwel verplicht het order volgens die specifi eke instructie uit te voeren. Wanneer een gereglementeerde onderneming een order voor rekening van een niet-professionele cliënt uitvoert, wordt voor de bepaling van het best mogelijke resultaat uitgegaan van de totale tegenprestatie, die bestaat uit de prijs van het fi nanciële instrument en de uitvoeringskosten, die alle uitgaven omvatten die ten laste komen van de cliënt en rechtstreeks verband houden met de uitvoering van het order, zoals vergoe- dingen eigen aan de plaats van uitvoering, clearing- en afwikkelingsvergoedingen en alle andere vergoedingen die worden betaald aan derden die bij de uitvoering van het order zijn betrokken. Om een optimale uitvoering in overeenstemming met het eerste lid te realiseren wanneer er meer dan één concurrerende plaats van uitvoering is om een order voor een fi nancieel instrument uit te voeren, worden de resultaten die voor de cliënt zouden worden behaald bij de uitvoering van het order op elk van de in het uit- voeringsbeleid van de gereglementeerde onderneming genoemde plaatsen van uitvoering die dit order kunnen uitvoeren, geanalyseerd en vergeleken; in deze analyse moet rekening worden gehouden met de eigen provisies van de gereglementeerde onderneming en de kosten voor de uitvoering van het order op elk van de in aan- merking komende plaatsen van uitvoering. § 2. Een gereglementeerde onderneming ontvangt geen beloning, korting of niet-geldelijke tegemoetko- ming voor de routering van orders van cliënten naar een bepaald handelsplatform of een bepaalde plaats van uitvoering, wat in strijd zou zijn met de vereisten inzake belangenconfl icten of inducements zoals bepaald in paragraaf 1, alsook in de artikelen 27 en 27bis van deze wet, artikel 26, § 2, van de wet van 25 oktober 2016 en artikel 42 van de wet van 25 april 2014. § 3. Voor fi nanciële instrumenten die onder de han- delsverplichting opgenomen in de artikelen 23 en 28 van Verordening 600/2014 vallen, maakt elk handelsplatform en elke beleggingsonderneming met systematische interne afhandeling en, voor de andere financiële “Art. 28. § 1er. Dans le cadre des conditions d’exer- cice de l’activité qui lui sont applicables, l’entreprise réglementée prend, conformément aux dispositions des paragraphes 2 à 8, toutes les mesures suffisantes pour obtenir, lors de l’exécution des ordres, le meilleur résultat possible pour ses clients compte tenu du prix, du coût, de la rapidité, de la probabilité de l’exécution et du règlement, de la taille, de la nature de l’ordre ou de toute autre considération relative à l’exécution de l’ordre. Néanmoins, chaque fois qu’il existe une ins- truction spécifi que donnée par les clients, l’entreprise réglementée exécute l’ordre en suivant cette instruction. Lorsqu’une entreprise réglementée exécute un ordre au nom d’un client de détail, le meilleur résultat possible est déterminé sur la base du prix total, représentant le prix de l’instrument fi nancier et les coûts liés à l’exécu- tion, lesquels incluent toutes les dépenses exposées par le client directement liées à l’exécution de l’ordre, y compris les frais propres au lieu d’exécution, les frais de compensation et de règlement et tous les autres frais éventuellement payés à des tiers ayant participé à l’exécution de l’ordre. En vue d’assurer le meilleur résultat possible confor- mément au premier alinéa lorsque plusieurs lieux d’exé- cution concurrents sont en mesure d’exécuter un ordre concernant un instrument fi nancier, il convient d’évaluer et de comparer les résultats qui seraient obtenus pour le client en exécutant l’ordre sur chacun des lieux d’exécution sélectionnés par la politique d’exécution des ordres de l’entreprise réglementée qui sont en mesure d’exécuter cet ordre; dans cette évaluation, il y a lieu de prendre en compte les commissions propres à l’entreprise réglementée et les coûts pour l’exécution de l’ordre sur chacun des lieux d’exécution éligibles. § 2. Une entreprise réglementée ne reçoit aucune rémunération, aucune remise ou aucun avantage non pécuniaire pour l’acheminement d’ordres de clients vers une plateforme de négociation ou d’exécution particulière qui serait en violation des exigences relatives aux conflits d’intérêts ou aux incitations prévues au paragraphe 1er, ainsi qu’aux articles 27 et 27bis de la présente loi, à l’article 26, § 2, de la loi du 25 octobre 2016 et à l’article 42 de la loi du 25 avril 2014. § 3. Pour les instruments fi nanciers soumis à l’obli- gation de négociation visée aux articles 23 et 28 du Règlement 600/2014, chaque plateforme de négocia- tion et internalisateur systématique, et, pour les autres instruments fi nanciers, chaque plateforme d’exécution 103 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 instrumenten, elke plaats van uitvoering ten minste jaarlijks kosteloos gegevens over de kwaliteit van de uitvoering van transacties op de betrokken plaats open- baar, en deelt de gereglementeerde onderneming, na de uitvoering van een transactie voor rekening van een cli- ent, aan die cliënt mee waar het order werd uitgevoerd. Die periodieke rapporten bevatten bijzonderheden over de prijs, de kosten, de snelheid en de waarschijnlijkheid van uitvoering met betrekking tot individuele fi nanciële instrumenten. § 4. De gereglementeerde onderneming bepaalt en handhaaft doeltreffende regelingen om aan paragraaf 1  te voldoen. Zij bepaalt en past inzonderheid een beleid inzake orderuitvoering toe dat haar in staat stelt om voor de orders van haar cliënten het best mogelijke resultaat te behalen overeenkomstig het bepaalde in voornoemde paragraaf. §  5. Het orderuitvoeringsbeleid omvat voor elke klasse van fi nanciële instrumenten, informatie over de verschillende plaatsen waarop de gereglementeerde onderneming de orders van haar cliënten uitvoert en de factoren die de keuze van de plaats van uitvoering beïnvloeden. Het omvat ten minste de plaatsen van uitvoering die de gereglementeerde onderneming in staat stellen om consistent het best mogelijke resultaat voor de uitvoering van orders van cliënten te behalen. De gereglementeerde onderneming verstrekt haar cliënten deugdelijke informatie over haar orderuitvoe- ringsbeleid. In die informatie wordt duidelijk, voldoende nauwkeurig en op een voor de cliënten gemakkelijk te begrijpen wijze uitgelegd hoe gereglementeerde ondernemingen de orders voor hun cliënten zullen uitvoeren. De gereglementeerde onderneming ver- krijgt vooraf de instemming van haar cliënten met haar orderuitvoeringsbeleid. Wanneer het orderuitvoeringsbeleid voorziet in de mogelijkheid om orders van cliënten buiten een han- delsplatform uit te voeren, brengt de gereglementeerde onderneming met name haar cliënten van deze mogelijk- heid op de hoogte. De gereglementeerde onderneming heeft de uitdrukkelijke toestemming van haar cliënten nodig alvorens hun orders buiten een handelsplatform uit te voeren. De gereglementeerde onderneming kan deze toestemming hetzij in de vorm van een algemene overeenkomst, hetzij met betrekking tot afzonderlijke transacties verkrijgen. § 6. De gereglementeerde onderneming die orders van cliënten uitvoert, stelt jaarlijks voor elke categorie fi nanciële instrumenten een overzicht op van de belang- rijkste vijf plaatsen van uitvoering in termen van handels- volumes waar zij tijdens het voorgaande jaar orders van met à la disposition du public, sans frais, les données relatives à la qualité d’exécution des transactions sur cette plateforme au moins une fois par an et à la suite de l’exécution d’une transaction pour le compte d’un client, l’entreprise réglementée précise au client où l’ordre a été exécuté. Ces rapports périodiques incluent des informations détaillées sur le prix, les coûts, la rapidité et la probabilité d’exécution pour les différents instruments fi nanciers. § 4. L’entreprise réglementée établit et met en oeuvre des dispositions efficaces pour se conformer au para- graphe 1er. Elle établit et met en oeuvre notamment une politique d’exécution des ordres lui permettant d’obtenir, pour les ordres de ses clients, le meilleur résultat pos- sible conformément au paragraphe précité. § 5. La politique d’exécution des ordres inclut, en ce qui concerne chaque catégorie d’instruments fi nanciers, des informations sur les différentes plates-formes sur lesquelles l’entreprise réglementée exécute les ordres de ses clients et les facteurs infl uençant le choix de la plateforme d’exécution. Elle inclut au moins les plates- formes qui permettent à l’entreprise réglementée d’obtenir, avec régularité, le meilleur résultat possible pour l’exécution des ordres des clients. L’entreprise réglementée fournit des informations appropriées à ses clients sur sa politique d’exécution des ordres. Ces informations expliquent clairement, de manière suffisamment détaillée et facilement com- préhensible par les clients, comment les ordres seront exécutés par l’entreprise réglementée pour son client. L’entreprise réglementée doit obtenir le consentement préalable de ses clients sur la politique d’exécution en question. Lorsque la politique d’exécution des ordres prévoit que les ordres des clients peuvent être exécutés en dehors d’une plateforme de négociation, l’entreprise réglementée informe notamment ses clients de cette possibilité. L’entreprise réglementée doit obtenir le consentement préalable exprès de ses clients avant de procéder à l’exécution de leurs ordres en dehors d’une plateforme de négociation. L’entreprise réglementée peut obtenir ce consentement soit sous la forme d’un accord général, soit pour des transactions déterminées. § 6. L’entreprise réglementée qui exécute des ordres de clients établit et publie une fois par an, pour chaque catégorie d’instruments fi nanciers, le classement des cinq premières plates-formes d’exécution sur le plan des volumes de négociation sur lesquelles elles ont 104 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 cliënten heeft uitgevoerd, en maakt dat overzicht alsook informatie over de kwaliteit van de uitvoering openbaar. § 7. De gereglementeerde onderneming die orders van cliënten uitvoert, houdt toezicht op de doeltreffend- heid van haar regelingen en beleid voor orderuitvoering om, in voorkomend geval, mogelijke tekortkomingen te achterhalen en recht te zetten. Zij gaat inzonderheid op gezette tijden na of de in het orderuitvoeringsbeleid opgenomen handelsplatformen tot het best mogelijke resultaat voor de cliënt leiden dan wel of zij haar uit- voeringsregelingen moet wijzigen, rekening houdend met, onder andere, de op grond van paragrafen 3 en 6  gepubliceerde informatie. De gereglementeerde onderneming geeft de cliënten met wie zij een door- lopende cliëntenrelatie heeft, kennis van wezenlijke wijzigingen in haar orderuitvoeringsregelingen of haar orderuitvoeringsbeleid. § 8. De gereglementeerde onderneming toont haar cliënten desgevraagd aan dat zij hun orders heeft uitge- voerd in overeenstemming met haar orderuitvoerings- beleid. Zij kan desgevraagd aan de FSMA aantonen dit artikel te hebben nageleefd.”. Art. 110 Artikel 28bis van dezelfde wet, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 27 april 2007 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, wordt vervangen als volgt: “Art. 28bis. De gereglementeerde ondernemingen vereffenen hun transacties in vervangbare fi nanciële instrumenten die tot de verhandeling op een Belgische gereglementeerde markt zijn toegelaten, onderling langs girale weg.”. Art. 111 In artikel 28ter van dezelfde wet, vervangen door de wet van 30 juli 2013, wordt een paragraaf 1/1 inge- voegd, luidende: “§ 1/1. De artikelen 27, § 1, en 27bis, § 1, zijn van toepassing op de in paragraaf 1 bedoelde kredietinstel- lingen, ingeval zij spaarrekeningen commercialiseren op het Belgische grondgebied.”. exécuté des ordres de clients au cours de l’année pré- cédente et des informations synthétiques sur la qualité d’exécution obtenue. § 7. L’entreprise réglementée qui exécute des ordres de clients surveille l’efficacité de ses dispositions en matière d’exécution des ordres et de sa politique en la matière afi n d’en déceler les lacunes et d’y remédier le cas échéant. En particulier, l’entreprise réglementée évalue régulièrement si les plates-formes d’exécution prévues dans sa politique d’exécution des ordres per- mettent d’obtenir le meilleur résultat possible pour le client ou si elle doit procéder à des modifi cations de ses dispositions en matière d’exécution, compte tenu notamment des informations publiées en application des paragraphes 3 et 6. L’entreprise réglementée notifi e aux clients avec lesquels elle a une relation suivie toute modifi cation importante de ses dispositions en matière d’exécution des ordres ou de sa politique en la matière. § 8. L’entreprise réglementée démontre à ses clients, à leur demande, qu’elle a exécuté leurs ordres confor- mément à la politique d’exécution de l’entreprise. Elle le démontre également à la FSMA, à sa demande.”. Art. 110 L’article 28bis de la même loi, inséré par l’arrêté royal du 27 avril 2007 et modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011, est remplacé par ce qui suit: “Art. 28bis. Les entreprises réglementées liquident entre elles par voie scripturale leurs transactions portant sur des instruments fi nanciers fongibles qui sont admis à la négociation sur un marché réglementé belge.”. Art. 111 Dans l’article 28ter de la même loi, remplacé par la loi du 30 juillet 2013, il est inséré un paragraphe 1/1, rédigé comme suit: “§ 1/1. Les articles 27, § 1er et 27bis, § 1er, s’appliquent aux établissements de crédit visés au paragraphe 1er lorsqu’ils commercialisent des comptes d’épargne sur le territoire belge.”. 105 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 112 In artikel 30bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 30 juli 2013, worden de woorden “Op advies van de raad van toezicht” vervangen door de woorden “Onverminderd de artikelen 39 tot 43 van Verordening 600/2014, op advies van de raad van toezicht”. Art. 113 In artikel 30ter van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 30 juli 2013 en gewijzigd bij de wet van 4 april 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in de bepaling onder 1° worden de woorden “agenten in bank- en beleggingsdiensten” vervan- gen door de woorden “bemiddelaars in bank- en beleggingsdiensten”; b) in de bepaling onder 4° worden de woorden “de verzekeringsondernemingen, de verzekeringstussen- personen en de tussenpersonen in bank- en beleggings- diensten” vervangen door de woorden “de verzekerings- ondernemingen en de verzekeringstussenpersonen”; 2° in paragraaf 3 worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 1° wordt vervangen als volgt: “1° de artikelen 27, § 3, eerste lid, en § 9, 27bis, §§ 1 tot 6, en 27ter, §§ 2 tot 6, van de wet van 2 augustus 2002, als gepreciseerd in de bepalingen van de Gedelegeerde Verordening 2017/565;”; b) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt: “2° artikel 28ter, § 1/1 van de wet van 2 augustus 2002, uitsluitend wat de verwijzingen in dit artikel betreft naar de bepalingen van artikel 27bis, § 1, als gepreciseerd in de bepalingen van de Gedelegeerde Verordening 2017/565, en met uitsluiting van de bepalingen van artikel 27, § 1;”; c) in de bepaling onder 3° worden de woorden “artikel 19, paragrafen 2 tot 7 van Richtlijn 2004/39/EG” ver- vangen door de woorden “de artikelen 24, lid 2, eerste alinea, leden 3 en 4, en 25, leden 2 tot 5, van Richtlijn 2014/65/EU”; Art. 112 Dans l’article 30bis de la même loi, inséré par la loi du 30 juillet 2013, les mots “Sur avis du conseil de sur- veillance” sont remplacés par les mots “Sans préjudice des articles 39 à 43 du Règlement 600/2014, sur avis du conseil de surveillance”. Art. 113 À l’article 30ter de la même loi, inséré par la loi du 30 juillet 2013 et modifi é par la loi du 4 avril 2014, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, les modifi cations suivantes sont apportées: a) au 1°, les mots “agents en services bancaires” sont remplacés par les mots “intermédiaires en services bancaires”; b) au 4°, les mots “les entreprises d’assurances, les intermédiaires d’assurances et les intermédiaires en services bancaires et d’investissement” sont rempla- cés par les mots “les entreprises d’assurances et les intermédiaires d’assurances”; 2° dans le paragraphe 3, les modifi cations suivantes sont apportées: a) le 1° est remplacé par ce qui suit: “1° les articles 27, § 3, alinéa 1eret § 9, 27bis, §§ 1er à 6, et 27ter, §§ 2 à 6, de la loi du 2 août 2002, tels que précisés par les dispositions du Règlement délégué 2017/565;”; b) le 2° est remplacé par ce qui suit: “2° l’article 28ter, § 1/1 de la loi du 2 août 2002 , uniquement en ce que cet article renvoie aux disposi- tions de l’article 27bis, § 1er, telles que précisées par les dispositions du Règlement délégué 2017/565, et à l’exclusion de celles de l’article 27, § 1er;”; c) dans le 3°, les mots “l’article 19, paragraphes 2 à 7 de la directive 2004/39/CE” sont remplacés par les mots “les articles 24, paragraphe 2, alinéa 1er, para- graphes 3 et 4, et 25, paragraphes 2 à 5, de la Directive 2014/65/UE”; 106 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 3° in paragraaf 4 worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in de bepaling onder 1° worden de woorden “de arti- kelen 27, §§ 2 tot 7, 28ter, 30bis en 45, § 2, van deze wet, van artikel 12sexies van de wet van 27 maart 1995 be- treffende de verzekerings- en herverzekeringsbemidde- ling en de distributie van verzekeringen” vervangen door de woorden “de artikelen 28ter, 30bis en 45, § 2, van deze wet en van artikel 277 van de wet van 4 april 2014”; b) in het 2° worden de woorden “de richtlijnen 2004/39/EG en 2006/73/EG” vervangen door de woor- den “Richtlijn 2014/65/EU en de Gedelegeerde Richtlijn 2017/593”. Art. 114 In artikel 34  van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 2 mei 2007, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, 1°, gewijzigd bij het koninklijk be- sluit van 3 maart 2011 en bij de wetten van 30 juli 2013, 25  april 2014  en 27  juni  2016, worden de woorden “marktondernemingen, uitbaters van MTF’s of OTF’s” vervangen door de woorden “marktexploitanten en kredietinstellingen en belegggingsondernemingen die een MTF of een OTF exploiteren”; 2° in paragraaf 1, 2°, worden de woorden “of een MTF” vervangen door de woorden “, een MTF of een OTF”; 3° paragraaf 2, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011 en de wet van 30 juli 2013, wordt opgeheven. Art. 115 In artikel 36 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, tweede lid, gewijzigd bij de konink- lijke besluiten van 25 maart 2003 en 3 maart 2011 en de wet van 27 juni 2016, wordt de bepaling onder 3° opgeheven; 2° in paragraaf 1, derde lid, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 25 maart 2003 en 3 maart 2011 en de wet van 27 juni 2016, worden de woorden “en 3°” opgeheven; 3° paragraaf 2, tweede lid, vervangen bij de wet van 27 juni 2016, wordt aangevuld met een 6°, luidende: 3° dans le paragraphe 4, les modifi cations suivantes sont apportées: a) au 1°, les mots “des articles 27, §§ 2 à 7, 28ter, 30bis et 45, § 2, de la présente loi, de l’article 12sexies de la loi du 27 mars 1995 relative à l’intermédiation en assurances et en réassurances et à la distribution d’assurances” sont remplacés par les mots “des articles 28ter, 30bis et 45, § 2, de la présente loi et de l’article 277 de la loi du 4 avril 2014”; b) au 2°, les mots “des directives 2004/39/CE et 2006/73/CE” sont remplacés par les mots “de la Directive 2014/65/UE et de la Directive déléguée 2017/593”. Art. 114 À l’article 34 de la même loi, remplacé par la loi du 2 mai 2007, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° au paragraphe 1er, 1°, modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011 et les lois du 30 juillet 2013, 25 avril 2014 et 27 juin 2016, les mots “des entreprises de marché, des opérateurs de marché exploitant un MTF ou un OTF” sont remplacés par les mots “des opérateurs de marché et des établissements de crédit et entreprises d’inves- tissement exploitant un MTF ou un OTF”; 2° au paragraphe 1er, 2°, les mots “ou sur un MTF” sont remplacés par les mots “ou sur un MTF ou un OTF”; 3° le paragraphe 2, modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011 et la loi du 30 juillet 2013, est abrogé. Art. 115 À l’article 36 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° au paragraphe 1er, alinéa 2, modifi é par les arrêtés royaux du 25 mars 2003 et 3 mars 2011 et par la loi du 27 juin 2016, le 3° est abrogé; 2° au paragraphe 1er, alinéa 3, modifi é par les arrêtés royaux du 25 mars 2003 et 3 mars 2011 et par la loi du 27 juin 2016, les mots “et 3°” sont abrogés; 3° le paragraphe 2, alinéa 2, remplacé par la loi du 27 juin 2016, est complété par un 6°, rédigé comme suit: 107 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “6° in geval van een inbreuk op de bepalingen van Verordening 600/2014, op de bepalingen van deze wet tot omzetting van Richtlijn 2014/65/EU of op de bepa- lingen genomen op basis of ter uitvoering van deze ver- ordening of deze bepalingen: voor natuurlijke personen 5 000 000 euro, en voor rechtspersonen 5 000 000 euro of, indien dit hoger is, tien procent van de totale jaarom- zet. Wanneer de inbreuk voor de overtreder winst heeft opgeleverd of hem heeft toegelaten verlies te vermijden, mag dit maximum worden verhoogd tot het tweevoud van het bedrag van deze winst of dit verlies.”; 4° in paragraaf 2, vierde lid, vervangen bij de wet van 27 juni 2016, worden de woorden “het tweede lid, 1°” vervangen door de woorden “het tweede lid, 1° of 6°”. Art. 116 Artikel 36bis van dezelfde wet, ingevoegd bij het ko- ninklijk besluit van 3 maart 2011 en gewijzigd bij de wet- ten van 4 april 2014, 25 april 2014 en 25 december 2016, wordt aangevuld met een paragraaf 6, luidende: “§ 6. Als deze maatregelen zijn genomen ingevolge een overtreding van de verplichtingen die zijn opgelegd door Verordening 600/2014, door deze wet voor de om- zetting van Richtlijn 2014/65/EU, of door bepalingen die zijn genomen op grond van of ter uitvoering van deze verordening of deze bepalingen, publiceert de FSMA de genomen maatregelen als bedoeld in paragraaf 2 con- form artikel 72, § 3, vierde tot zevende lid, van deze wet. Als de FSMA een maatregel publiceert conform het vorige lid, brengt zij dit ter kennis van ESMA. Daarbij verstrekt de FSMA ESMA tevens algemene informatie over de maatregelen die worden genomen voor dit type inbreuk.”. Art. 117 Artikel 37bis van dezelfde wet, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 27 april 2007 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, wordt vervangen als volgt: “Art. 37bis. De FSMA oefent de taken uit die Verordening 600/2014  toevertrouwt aan de be- voegde overheid en waakt over de naleving van deze Verordening en de op grond of ter uitvoering ervan genomen bepalingen. “6° en cas d’infraction aux dispositions du Règlement 600/2014, aux dispositions de la présente loi prises en vue de la transposition de la Directive 2014/65/UE ou aux dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement ou de ces dispositions: s’agissant de personnes physiques, 5 000 000 euros et, s’agissant de personnes morales, 5 000 000 euros ou, si le montant obtenu par application de ce pourcentage est plus élevé, dix pour cent du chiffre d’affaires annuel total. Lorsque l’infraction a procuré un profi t au contrevenant ou a permis à ce dernier d’éviter une perte, ce maximum peut être porté au double du montant de ce profi t ou de cette perte.”; 4° dans le paragraphe 2, alinéa 4, remplacé par la loi du 27 juin 2016, les mots “l’alinéa 2, 1°” sont remplacés par les mots “l’alinéa 2, 1° ou 6°”. Art. 116 L’article 36bis de la même loi, inséré par l’arrêté royal du 3 mars 2011 en modifi é par les lois du 4 avril 2014, 25 avril 2014 et 25 décembre 2016, est complété par un paragraphe 6, rédigé comme suit: “§ 6. Lorsque ces mesures sont adoptées pour viola- tion des obligations prévues par le Règlement 600/2014, par la présente loi en vue de la transposition de la Directive 2014/65/UE, ou par des dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement ou de ces dispositions, la FSMA publie l’adoption des mesures visées au paragraphe 2 conformément à l’article 72, § 3, alinéas 4 à 7, de la présente loi. La FSMA informe l’ESMA lorsqu’elle publie une mesure conformément à l’alinéa précédent. La FSMA fournit en outre à l’ESMA des informations globales sur les mesures prises pour ce type de manquements.” . Art. 117 L’article 37bis de la même loi, inséré par l’arrêté royal du 27 avril 2007 et modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011, est remplacé par ce qui suit: “Art. 37bis. La FSMA assume les missions dévolues à l’autorité compétente par le Règlement 600/2014 et veille au respect de ce règlement et des dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement. 108 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Voor de uitoefening van deze opdracht kan de FSMA: 1° de bevoegdheden bedoeld in de artikelen 34 en 35 uitoefenen; 2° de bevoegdheden bedoeld in de artikelen 79 tot 85bis uitoefenen overeenkomstig de in die artikelen voorziene modaliteiten. De FSMA kan ook het in de markt brengen of de verkoop van fi nanciële instrumenten of gestructureerde deposito’s schorsen of de maatregelen nemen als vastgelegd in artikel 42 van Verordening 600/2014 als voldaan is aan de voorwaarden van dat artikel. De artikelen 36 en 37 zijn van toepassing bij inbreu- ken op de verplichtingen en verbodsbepalingen die voortvloeien uit deze verordening en uit de bepalingen genomen op basis of ter uitvoering van deze verorde- ning, evenals bij inbreuken op de maatregelen genomen door de FSMA krachtens deze verordening of haar uitvoeringsbepalingen.”. Art. 118 In artikel 41 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in de bepaling onder 2° worden de woorden “13, § 2, 15,” opgeheven; b) de bepaling onder 4° wordt opgeheven. Art. 119 Artikel 42 van dezelfde wet wordt opgeheven. Art. 120 In artikel 45, § 1, van dezelfde wet, vervangen bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de woor- den “en de bepalingen van de wet van ... over de infra- structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”; b) de bepaling onder 2°, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 18 december 2018, wordt aangevuld met een bepaling onder l., luidende: Aux fi ns de s’acquitter de ces missions, la FSMA peut: 1° exercer les pouvoirs visés aux articles 34 et 35; 2° exercer les pouvoirs visés aux articles 79 à 85bis selon les modalités prévues par ces articles. La FSMA peut également suspendre la commerciali- sation ou la vente d’instruments fi nanciers ou de dépôts structurés ou prendre les mesures défi nies à l’article 42 du Règlement 600/2014 lorsque les conditions pres- crites dans cette disposition sont remplies. Les articles 36 et 37 sont applicables en cas d’in- fraction aux obligations et interdictions qui découlent du règlement précité et des dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement, ainsi qu’en cas d’infraction aux mesures prises par la FSMA en vertu de ce règlement ou de ses dispositions d’exécution.”. Art. 118 Dans l’article 41 de la même loi, les modifi cations suivantes sont apportées: a) au 2°, les mots “13, § 2, 15,” sont abrogés; b) le 4° est abrogé. Art. 119 L’article 42 de la même loi est abrogé. Art. 120 Dans l’article 45, § 1er, de la même loi, remplacé par l’arrêté royal du 3 mars 2011, les modifi cations suivantes sont apportées: a) le 1° est complété par les mots “ainsi que des dispositions de la loi du … relative aux infrastructures des marchés fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE”; b) le 2°, modifié en dernier lieu par la loi du 18  décembre  2016, est complété par le l., rédigé comme suit: 109 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “l. de aanbieders van datarapporteringsdiensten als bedoeld in de wet van … en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU.”; c) in de bepaling onder 3°, f, gewijzigd bij de wetten van 13 maart 2016 en 25 oktober 2016, worden de woorden “de artikelen 21, 41, 42, 64 en 65 § 3, evenals artikel 66 voor wat betreft het verstrekken van beleg- gingsdiensten en het verrichten van beleggingsactivitei- ten, van de wet van 25 april 2014, de artikelen 502, 510, 527 en 528, evenals 530 voor wat betreft het verstrekken van beleggingsdiensten en het verrichten van beleg- gingsactiviteiten, van de diezelfde wet voor zover de artikelen 502 en 528, eerste lid van die wet de voormelde artikelen 21 en 65, § 3, van toepassing verklaren op de beursvennootschappen en de artikelen 25 en 26 van de wet van 25 oktober 2016” vervangen door de woorden “de artikelen 21, 41 tot 42/2, , 64, 65 § 3, 65/2 en 65/3, evenals artikel 66 voor wat betreft het verstrekken van beleggingsdiensten en het verrichten van beleggingsac- tiviteiten, van de wet van 25 april 2014, de artikelen 502, 510, 510/1, 510/2, 527, 528, 529/1 evenals 530 voor wat betreft het verstrekken van beleggingsdiensten en het verrichten van beleggingsactiviteiten, van de diezelfde wet voor zover de artikelen 502 en 528, eerste lid, van die wet de voormelde artikelen 21 en 65, § 3, van toe- passing verklaren op de beursvennootschappen”. Art. 121 Artikel 72, § 3, van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 7 december 2016, wordt aangevuld met een lid, luidende: “De FSMA stelt ESMA tevens in kennis van haar beslissingen over een inbreuk op de bepalingen van Verordening 600/2014, op de bepalingen tot omzetting van Richtlijn 2014/65/EU of op de bepalingen genomen op basis of ter uitvoering van deze verordening of deze bepalingen, als die beslissingen niet zijn gepubliceerd conform het vijfde lid, 3°, van deze paragraaf, alsook van elk beroep tegen deze beslissingen en de uitslag daarvan.”. Art. 122 In artikel 75, § 1, van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt: “2° aan het Federaal Agentschap van de Schuld;”; “l. les prestataires de services de communication de données visés par la loi du … et portant la transposition de la Directive 2014/65/EU.”; c) au 3°, f, modifi é par les lois du 13 mars 2016 et 25 octobre 2016, les mots “les articles 21, 41, 42, 64 et 65, § 3, ainsi que l’article 66 en ce qui concerne la fourniture de services d’investissement et l’exercice d’activités d’investissement, de la loi du 25 avril 2014, les articles 502, 510, 527  et 528, ainsi que l’article 530 en ce qui concerne la fourniture de services d’inves- tissement et l’exercice d’activités d’investissement, de la même loi, dans la mesure où les articles 502 et 528, alinéa 1er de cette loi rendent les articles 21 et 65, § 3, précités applicables aux sociétés de bourse, ainsi que les articles 25 et 26 de la loi du 25 octobre 2016” sont remplacés par les mots “les articles 21, 41 à 42/2, 64, 65, § 3, 65/2 et 65/3, ainsi que l’article 66 en ce qui concerne la fourniture de services d’investissement et l’exercice d’activités d’investissement, de la loi du 25 avril 2014, les articles 502, 510, 510/1, 510/2, 527, 528, 529/1, ainsi que l’article 530 en ce qui concerne la fourniture de services d’investissement et l’exercice d’activités d’investissement, de la même loi, dans la mesure où les articles 502 et 528, alinéa 1er, de cette loi rendent les articles 21 et 65, § 3, précités applicables aux sociétés de bourse”. Art. 121 L’article 72, § 3, de la même loi, modifi é en dernier lieu par la loi du 7 décembre 2016, est complété par un alinéa, rédigé comme suit: “La FSMA informe également l’ESMA de ses déci- sions concernant un manquement aux dispositions du Règlement 600/2014, aux dispositions prises en vue de la transposition de la Directive 2014/65/UE ou aux dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement ou de ces dispositions, lorsque ces décisions ne sont pas publiées conformément à l’alinéa 5, 3°, du présent paragraphe, y compris de tout recours contre ces décisions et du résultat de ceux-ci.”. Art. 122 Dans l’article 75, § 1er, de la même loi, modifi é en dernière lieu par la loi du 25 octobre 2016, les modifi - cations suivantes sont apportées: a) le 2° est remplacé par ce qui suit: “2° à l’Agence Fédérale de la Dette;”; 110 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 b) in de bepaling onder 8° wordt het woord “marktondernemingen” vervangen door het woord “marktexploitanten”; c) de bepaling onder 20°, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, wordt opgeheven; d) de paragraaf wordt aangevuld met de bepalingen onder 22° en 23°, luidende: “22° binnen de grenzen van de Europese verorde- ningen en richtlijnen, aan de autoriteiten die toezicht houden op personen die actief zijn op markten voor emissierechten; 23° binnen de grenzen van de Europese verorde- ningen en richtlijnen, aan de autoriteiten die toezicht houden op personen die actief zijn op markten voor landbouwgrondstoffenderivaten.”. Art. 123 In artikel 77, § 4, van dezelfde wet, ingevoegd bij koninklijk besluit van 27  april  2007  en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3  maart  2011, worden de woorden “gereglementeerde markten” vervangen door het woord “handelsplatformen”, worden de woorden “gereglementeerde markt” vervangen door het woord “handelsplatform” en worden de woorden “artikel 16 van de verordening 1287/2006” vervangen door de woorden “artikel 90 van de Gedelegeerde Verordening 2017/565”. Art. 124 In artikel 77bis van dezelfde wet, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 27 april 2007, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 31  juli  2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de woorden “in het kader van de bevoegdheden als bedoeld in artikel 45, wat de wederzijdse samenwerking betreft tussen de FSMA en de overige bevoegde auto- riteiten als bedoeld in artikel 4, lid 1, 22) van Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende markten voor fi nanciële instrumenten, en in artikel 4, lid 1, 40) van Verordening 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26  juni  2013  betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012, teneinde de uit de voornoemde Richtlijn 2004/39/EG voortvloeiende b) au 8°, les mots “entreprises de marché” sont rem- placés par les mots “opérateurs de marché”; c) le 20°, inséré par l ’ arrêté royal du 3 mars 2011,est abrogé; d) le paragraphe est complété par les 22° et 23°, rédigés comme suit: “22° dans les limites des règlements et directives européens, aux autorités investies de la surveillance des personnes exerçant des activités sur les marchés des quotas d’émission; 23° dans les limites des règlements et directives européens, aux autorités investies de la surveillance des personnes exerçant des activités sur les marchés dérivés de matières premières agricoles.”. Art. 123 Dans l’article 77, § 4, de la même loi, inséré par l’arrêté royal du 27 avril 2007 et modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011, les mots “marchés réglementés” sont remplacés par les mots “plateformes de négociation”, les mots “d’un marché réglementé” sont remplacés par les mots “d’une plateforme de négociation”, et les mots “article 16 du règlement 1287/2006” sont remplacés par les mots “article 90 du Règlement délégué 2017/565”. Art. 124 À l’article 77bis de la même loi, inséré par l’arrêté royal du 27 avril 2007, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, modifi é en dernier lieu par la loi du 31 juillet 2017, les modifi cations suivantes sont apportées: a) les mots “dans le cadre des compétences visées à l’article 45, en ce qui concerne la coopération mutuelle entre la FSMA et les autres autorités com- pétentes visées à l’article 4, paragraphe 1, 22) de la Directive 2004/39/CE du Parlement européen et du Conseil du 21 avril 2004 concernant les marchés d’instruments fi nanciers et à l’article 4, paragraphe 1, 40) du Règlement 575/2013 du Parlement européen et du Conseil du 26 juin 2013 concernant les exigences prudentielles applicables aux établissements de cré- dit et aux entreprises d’investissement et modifi ant le Règlement (UE) n°648/2012, aux fi ns de satisfaire 111 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 verplichtingen na te leven” worden vervangen door de woorden “in het kader van de bevoegdheden als bedoeld in artikel 45, wat de wederzijdse samenwerking betreft tussen de FSMA en de overige bevoegde autoriteiten als bedoeld in artikel 4, lid 1, 26), van Richtlijn 2014/65/EU en in artikel 3, lid 1, 36), van Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 be- treffende toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen en het prudentieel toezicht op kredietinstellingen en beleggingsondernemingen, tot wijziging van Richtlijn 2002/87/EG en tot intrekking van de Richtlijnen 2006/48/ EG en 2006/49/EG, teneinde de verplichtingen na te le- ven die voortvloeien uit de voormelde Richtlijn 2014/65/ EU of uit Verordening 600/2014”; b) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de volgende zin: “De FSMA werkt eveneens samen met andere be- voegde autoriteiten teneinde de inning van de geldboe- tes te vergemakkelijken.”; c) in de bepaling onder 4° worden de woorden “de FSMA ervan overtuigd is” vervangen door de woorden “de FSMA ernstige redenen heeft om te vermoeden” en worden de woorden “van de voornoemde Richtlijnen” vervangen door de woorden “van de voornoemde richt- lijnen of verordeningen”; 2° in paragraaf 2, eerste lid, gewijzigd bij het konink- lijk besluit van 3 maart 2011, worden de woorden “- het gevolg geven aan dergelijke verzoeken gevaar zou kun- nen opleveren voor de soevereiniteit, de veiligheid of de openbare orde van België, of” opgeheven; 3° paragraaf 5, opgeheven bij de wet van 31 juli 2017, wordt hersteld als volgt: “§ 5. Wat de in § 1, b), bedoelde bevoegdheden betreft aangaande de emissierechten, werkt de FSMA samen met de overheidsinstellingen die bevoegd zijn voor het toezicht op spotmarkten en veilingen, alsook met de be- voegde autoriteiten, registeradministrateurs en andere overheidsinstellingen belast met het nalevingstoezicht op grond van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststel- ling van een regeling voor de handel in broeikasgase- missierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad, teneinde zich een totaalbeeld te kunnen vormen van de markten voor emissierechten. Wat de landbouwgrondstoffenderivaten betreft, werkt de FSMA samen met de overheidsinstellingen die be- voegd zijn voor het toezicht, het beheer en de regulering van de fysieke landbouwmarkten conform Verordening aux obligations découlant de ladite Directive 2004/39/ CE” sont remplacés par les mots “dans le cadre des compétences visées à l’article 45, en ce qui concerne la coopération mutuelle entre la FSMA et les autres autorités compétentes visées à l’article 4, paragraphe 1er, 26), de la Directive 2014/65/UE et à l’article 3, § 1er, 36), de la Directive 2013/36/UE du Parlement européen et du Conseil du 26 juin 2013 concernant l’accès à l’activité des établissements de crédit et la surveillance prudentielle des établissements de crédit et des entre- prises d’investissement, modifi ant la directive 2002/87/ CE et abrogeant les directives 2006/48/CE et 2006/49/ CE, aux fi ns de satisfaire aux obligations découlant de ladite Directive 2014/65/UE ou du Règlement 600/2014”; b) le 1° est complété par la phrase suivante: “La FSMA coopère également avec les autres auto- rités compétentes en vue de faciliter le recouvrement des amendes.”; c) au 4°, les mots “la FSMA a la conviction” sont remplacés par les mots “a des motifs sérieux de soup- çonner” et les mots “des Directives précitées” sont remplacés par les mots “des directives ou règlements précités”; 2° dans le paragraphe 2, alinéa 1er, modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011, les mots “- le fait de donner suite à une telle demande est susceptible de porter atteinte à la souveraineté, à la sécurité ou à l’ordre public de la Belgique, ou” sont abrogés; 3° le paragraphe 5, abrogé par la loi du 31 juillet 2017, est rétabli dans la rédaction suivante: “§ 5. S’agissant des compétences visées au § 1er, b), en ce qui concerne les quotas d’émission, la FSMA coopère avec les organismes publics compétents pour la surveillance des marchés au comptant et des marchés aux enchères et les autorités compétentes, administrateurs de registre et autres organismes publics chargés du contrôle de conformité au titre de la Directive 2003/87/CE du Parlement européen et du Conseil du 13 octobre 2003 établissant un système d’échange de quotas d’émission de gaz à effet de serre dans la Communauté et modifi ant la directive 96/61/CE du Conseil, afi n de pouvoir obtenir une vue globale des marchés des quotas d’émission. En ce qui concerne les instruments dérivés sur matières premières agricoles, la FSMA coopère avec les instances publiques compétentes pour la surveillance, la gestion et la régulation des marchés 112 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 (EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een gemeenschappelijke ordening van de markten voor landbouwproducten.”. Art. 125 In het opschrift van hoofdstuk V van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nan- ciële sector en de fi nanciële diensten, vernummerd bij de wet van 2 mei 2007 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011 en de wet van 31 juli 2013, wordt het woord “marktondernemingen” vervangen door het woord “marktexploitanten”. Art. 126 In artikel 120, §  1, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 2 augustus 2002 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3  maart  2011  en de wet van 25 december 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het eerste lid worden de woorden “artikel 3, § 1 en § 3” vervangen door de woorden “artikel 7, § 1, en de artikelen 80 en 81, § 1, 4°, van de wet van ... of wanneer de minister geen uitspraak heeft gedaan bin- nen de krachtens artikel 7, § 1, vijfde lid, vastgestelde termijnen”; 2° het tweede lid wordt vervangen als volgt: “Daarnaast kunnen marktexploitanten bij het Marktenhof beroep instellen tegen beslissingen die de FSMA genomen heeft krachtens artikel 81, § 1, 2° en 3°, van de wet van … .”. Art. 127 In artikel 121, § 1, 4°, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 2 augustus 2002 en laatstelijk gewijzigd door de wet van 18 december 2016, worden de woor- den “artikel 79 van de wet van ... ” ingevoegd tussen de woorden “boek XV van het wetboek van economisch recht” en de woorden “, artikel 34 of artikel 35 van de wet van 18 december 2016”. Art. 128 In artikel 123 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 2 augustus 2002 en gewijzigd bij het koninklijk besluit agricoles physiques conformément au Règlement (UE) n° 1308/2013 du Parlement européen et du Conseil du 17 décembre 2013 portant organisation commune des marchés des produits agricoles.”. Art. 125 Dans l’intitulé du chapitre V de la loi du 2 août 2002 re- lative à la surveillance du secteur fi nancier et aux ser- vices fi nanciers, renuméroté par la loi du 2 mai 2007 et modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011 et la loi du 31 juillet 2013, les mots “entreprises de marché” sont remplacés par les mots “opérateurs de marché”. Art. 126 A l’article 120, §  1er, de la même loi, inséré par la loi du 2 août 2002 et modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011 et la loi du 25 décembre 2016, les modifi - cations suivantes sont apportées: 1° dans l’alinéa 1er, les mots “de l’article 3, § 1er et § 3” sont remplacés par les mots “de l’article 7, § 1er et des articles 80 et 81, § 1er, 4°, de la loi du … ou lorsque le ministre n’a pas statué dans les délais fi xés en vertu de l’article 7, § 1er, alinéa 5”; 2° l’alinéa 2 est remplacé par ce qui suit: “Un recours est également ouvert auprès de la Cour des marchés aux opérateurs de marché, contre les décisions de la FSMA prises en vertu de l’article 81, § 1er, 2° et 3°, de la loi du … .”. Art. 127 Dans l’article 121, § 1er, 4°, de la même loi, inséré par la loi du 2 août 2002 et modifi é en dernier lieu par la loi du 18 décembre 2016, les mots “, de l’article 79 de la loi du … ,” sont insérés entre les mots “du livre XV du Code de droit économique” et les mots “, de l’article 34 ou de l’article 35 de la loi du 18 décembre 2016”. Art. 128 A l’article 123 de la même loi, inséré par la loi du 2 août 2002 et modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011 et 113 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 van 3 maart 2011 en de wet van 25 december 2016, wor- den de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragafen 1, 5 en 7 wordt het woord “markton- derneming” vervangen door het woord “marktexploitant”; 2° in paragraaf 1  worden de woorden “artikel 7” vervangen door de woorden “artikelen 25 en 26 van de wet van ... ”. HOOFDSTUK IV Wijzigingen van de wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van fi nanciële instrumenten Art. 129 Artikel 4, 5°, van de wet van 22 maart 2006 betref- fende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van fi nanciële instrumenten, gewijzigd bij de wetten van 19 en 25 april en 25 oktober 2016, wordt aangevuld met de woorden “of een alternatieve- fi nancieringsplatform die beleggingsdiensten verleent;”. Art. 130 In artikel 5, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 27  april  2007  en de wet van 25 oktober 2016, wordt het zesde lid opgeheven. Art. 131 Artikel 7, §  3, eerste lid, van dezelfde wet wordt aangevuld met de volgende zin: “De FSMA stelt de Europese Autoriteit voor Effecten en Markten in kennis van de inschrijvingen van de makelaars in bank- en beleggingsdiensten.”. Art. 132 In artikel 8, eerste lid, 5°, van dezelfde wet wordt het woord “tussenpersonen” vervangen door het woord “agenten”. la loi du 25 décémbre 2016, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° dans les paragraphes 1er, 5 et 7, les mots “entre- prise de marché” sont remplacés par les mots “opérateur de marché”; 2° dans le paragraphe 1er, les mots “de l’article 7” sont remplacés par les mots “des articles 25 et 26 de la loi du … ”. CHAPITRE IV Modifi cations de la loi du 22 mars 2006 relative à l’intermédiation en services bancaires et en services d’investissement et à la distribution d’instruments fi nanciers Art. 129 L’article 4, 5°, de la loi du 22 mars 2006 relative à l’intermédiation en services bancaires et en services d’investissement et à la distribution d’instruments fi nanciers, modifi é par les lois du 19 et 25 avril 2014 et 25 octobre 2016, est complété par les mots “ou une plateforme de fi nancement alternatif qui preste des services d’investissement;”. Art. 130 Dans l’article 5, § 1er, de la même loi, modifi é par l’ar- rêté royal du 27 avril 2007 et la loi du 25 octobre 2016, l’alinéa 6 est abrogé. Art. 131 L’article 7, § 3, alinéa 1er, de la même loi est complété par la phrase suivante: “La FSMA notifi e à l’Autorité européenne des marchés fi nanciers les inscriptions des courtiers en services bancaires et en services d’investissement.”. Art. 132 Dans l’article 8, alinéa 1er, 5°, de la même loi, les mots “les intermédiaires” sont remplacés par les mots “les agents”. 114 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 133 Artikel 10, § 5, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 31 juli 2009, wordt aangevuld met een lid, luidende: “Als een gereglementeerde onderneming en haar agent hun samenwerking beëindigen, stellen zij de FSMA daarvan in kennis.”. Art. 134 In artikel 11 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, tweede lid, vervangen door de wet van 25 oktober 2016, wordt de bepaling onder 1° vervangen als volgt: “1° de beleggingsdiensten als bedoeld in artikel 4, 1°, b), zijn beperkt tot de beleggingsdiensten en -ac- tiviteiten in de zin van artikel 2, 1°, 1 en 5 van de wet van 25 oktober 2016, met betrekking tot effecten en rechten van deelneming in een instelling voor collectieve belegging;”; 2° er wordt een paragraaf 1/1 ingevoegd, luidende: “§ 1/1. Daarnaast, en onverminderd de bepalingen van de artikelen 8 en 9, zijn de volgende artikelen van de wet van 26 oktober 2016 mutatis mutandis van toepas- sing op de makelaars in bank- en beleggingsdiensten: — artikel 22; — artikel 23, § 1, derde lid, § 2 en 3; — artikel 25, § 1, 1°, 3°, 6° en 10° en § 2; — artikel 25/1, § 1, eerste en tweede lid en § 3; — artikel 25/2, § 1, 3° en § 5 tot 7; — artikel 26, § 2 en 5; — artikel 32, § 1; — artikel 34, § 1, 2, 6 en 7; — artikel 35, § 4 en 5; — en artikel 36, § 1, § 5, tweede en derde lid, § 6, tweede en derde lid en §§ 7, 9 en 10, Art. 133 L’article 10, § 5, de la même loi, inséré par la loi du 31 juillet 2009, est complété par un alinéa, rédigé comme suit: “Les entreprises réglementées et les agents informent la FSMA lorsqu’ils mettent fi n à leur collaboration.”. Art. 134 A l’article 11 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, remplacé par la loi du 25 octobre 2016, le 1° est remplacé par ce qui suit: “1° les services d’investissement visés à l’article 4, 1°, b), sont limités aux services et activités d’inves- tissement au sens de l’article 2, 1°, 1 et 5 de la loi du 25 octobre 2016, portant sur des valeurs mobilières et parts d’organismes de placement collectif;”; 2° il est inséré un paragraphe 1/1, rédigé comme suit: “§  1/1. En outre, sans préjudice des dispositions des articles 8 et 9, les articles suivants de la loi du 25 octobre 2016 s’appliquent par analogie aux courtiers en services bancaires et en services d’investissement: — l’article 22; — l’article 23, § 1er, alinéa 3, §§ 2 et 3; — l’article 25, § 1er, 1°, 3°, 6° et 10° et § 2; — l’article 25/1, § 1er, alinéas 1er et 2 et § 3; — l’article 25/2, § 1er, 3° et §§ 5 à 7; — l’article 26, §§ 2 et 5; — l’article 32, § 1er; — l’article 34, §§ 1, 2, 6 et 7; — l’article 35, §§ 4 et 5; — et l’article 36, § 1er, § 5, alinéas 2 et 3, § 6, alinéas 2 et 3 et §§ 7, 9 et 10, 115 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 alsook de bepalingen van de besluiten en reglemen- ten en van de overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU vast- gestelde overeenkomstige gedelegeerde handelingen, die ter uitvoering daarvan zijn genomen.”. Art. 135 In artikel 14 van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, tweede lid, vervangen bij de wet van 30 juli 2013, wordt de eerste zin aangevuld met de woorden “, en meer bepaald de gedragsregels als voorgeschreven door de artikelen 27 tot 28 van de wet betreffende het toezicht op de fi nanciële sector” en wor- den in de tweede zin de woorden “met inachtneming van de Europese richtlijnen en verordeningen,” ingevoegd tussen de woorden “op advies van de FSMA,” en de woorden “voor de makelaars”; 2° paragraaf 1, vervangen bij de wet van 30 juli 2013, wordt aangevuld met een lid, luidende: “De makelaars in bank- en beleggingsdiensten die- nen, bij hun bemiddelingsactiviteit, ook de regels na te leven tot voorkoming van belangenconfl icten, als van toepassing op de gereglementeerde ondernemingen, met name de regels die zijn voorgeschreven door ar- tikel 27, § 4, van de wet betreffende het toezicht op de fi nanciële sector.”; 3° paragraaf 2, gewijzigd bij de wet van 30 juli 2013, wordt vervangen als volgt: “§ 2. Onverminderd de bepalingen van artikelen 27 tot 28 van de wet betreffende het toezicht op de fi nanciële sector, is de Koning bevoegd om bij besluit genomen na advies van de bevoegde autoriteit, ter uitvoering van paragraaf 1 of paragraaf 1bis, regels ter voorkoming van belangenconfl icten vast te stellen die de agenten in bank- en beleggingsdiensten moeten naleven.”. Art. 136 Artikel 18 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 31 juli 2009 en het koninklijk besluit van 3 maart 2011, wordt aangevuld met de paragrafen 4 en 5, luidende: “§ 4. De beslissingen van de FSMA als bedoeld in dit artikel, hebben voor de betrokken tussenpersoon in bank- en beleggingsdiensten uitwerking vanaf de datum van hun kennisgeving aan deze tussenpersoon via een ter post aangetekende brief of een brief met ontvangstbewijs. ainsi que les dispositions des arrêtés et règlements et des actes délégués correspondants adoptés en vertu de la Directive 2014/65/UE, prises pour leur exécution. Art. 135 À l’article 14 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, remplacé par la loi du 30 juillet 2013, la première phrase est complétée par les mots “, et notamment celles prescrites aux articles 27 à 28 de la loi relative à la surveillance du secteur fi nancier” et dans la deuxième phrase, les mots “, dans le respect des directives et règlements européens,” sont insérés entre le mot “prévoir” et les mots “pour les courtiers”; 2° le paragraphe 1er, remplacé par la loi du 30 juillet 2013, est complété par un alinéa, rédigé comme suit: “Les courtiers en services bancaires et en services d’investissement doivent également, dans leur activité d’intermédiation, respecter les règles en matière de prévention des confl its d’intérêts applicables aux entre- prises réglementées, notamment les règles prescrites à l’article 27, § 4, de la loi relative à la surveillance du secteur fi nancier.”; 3° le paragraphe 2, modifi é par la loi du 30 juillet 2013, est remplacé par ce qui suit: “§ 2. Sans préjudice des dispositions des articles 27 à 28 de la loi relative à la surveillance du secteur fi nan- cier, le Roi est habilité à fi xer, par arrêté pris sur avis de l’autorité compétente, en exécution du paragraphe 1er ou du paragraphe 1erbis, des règles visant à prévenir les confl its d’intérêts, que les agents en services bancaires et d’investissement doivent respecter.”. Art. 136 L’article 18  de la même loi, modifi é par la loi du 31 juillet 2009 et l’arrêté royal du 3 mars 2011, est com- plété par les paragraphes 4 et 5, rédigés comme suit: “§ 4. Les décisions de la FSMA visées au présent article sortent leurs effets à l’égard de l’intermédiaire en services bancaires et en services d’investissement concerné à dater de leur notifcation à celui-ci par lettre recommandée à la poste ou avec accusé de réception. 116 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 5. De FSMA kan de genomen maatregelen, op kosten van de tussenpersoon in bank- en beleggings- diensten, publiceren in kranten en tijdschriften van haar keuze, of op plaatsen die zij kiest en voor de duur die zij bepaalt. De FSMA kan de genomen maatregelen eveneens op haar website publiceren.”. HOOFDSTUK V Wijzigingen van de wet van 16 juni 2006 op de openbare aanbieding van beleggingsinstrumenten en de toelating van beleggingsinstrumenten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt Art. 137 In artikel 9 van de wet van 16 juni 2006 op de open- bare aanbieding van beleggingsinstrumenten en de toe- lating van beleggingsinstrumenten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 5° wordt vervangen als volgt: “5° “gereglementeerde markt“: elke Belgische of bui- tenlandse gereglementeerde markt als bedoeld in artikel 3, 7°, 8° en 9°, van de wet van … over de infrastructuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en hou- dende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”; b) de bepaling onder 6° wordt vervangen als volgt: “6° “marktexploitant“: de onderneming bedoeld in artikel 3, 3°, van de voornoemde wet van … ;“; c) de bepaling onder 8°, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 27 april 2007, wordt vervangen als volgt: “8° “multilaterale handelsfaciliteit”: een Multilateral Trading Facility of MTF in de zin van artikel 3, 10°, van de voornoemde wet van … ;”. Art. 138 In de artikelen 15, § 4, 1°, 16, § 1, 9°, ingevoegd bij de wet van 17 juli 2013, 32, § 3, vervangen bij de wet van 17 juli 2013, 52, § 3, gewijzigd bij het koninklijk be- sluit van 3 maart 2011, 67, § 1, g), gewijzigd bij de wet van 17 juli 2013, en 67, § 2, vervangen bij de wet van 17 juli 2013, en § 3, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, van dezelfde wet worden de woor- den “marktonderneming“en “marktondernemingen” § 5. La FSMA peut faire procéder, aux frais de l’inter- médiaire en services bancaires et en services d’investis- sement, à la publication des mesures qu’elle a prises à l’égard de celui-ci, dans les journaux et publications de son choix ou dans les lieux et pendant la durée qu’elle détermine. Elle peut également publier ces mesures sur son site web.”. CHAPITRE V Modifi cations de la loi du 16 juin 2006 relative aux offres publiques d’instruments de placement et aux admissions d’instruments de placement à la négociation sur des marchés réglementés Art. 137 Dans l’article 9 de la loi du 16 juin 2006 relative aux offres publiques d’instruments de placement et aux admissions d’instruments de placement à la négocia- tion sur des marchés réglementés, les modifi cations suivantes sont apportées: a) le 5° est remplacé par ce qui suit: “5° “marché réglementé”: tout marché réglementé, belge ou étranger, visé à l’article 3, 7°, 8° et 9°, de la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE;”; b) le 6° est remplacé par ce qui suit: “6° “opérateur de marché”: l’entreprise visée à l’article 3, 3°, de la loi du … précitée;”; c) le 8°, inséré par l’arrêté royal du 27 avril 2007, est remplacé par ce qui suit: “8° “système multilatéral de négociation”: un MTF au sens de l’article 3, 10°, de la loi du … précitée;”. Art. 138 Dans les articles 15, §  4, 1°, 16, §  1er, 9°, inséré par la loi du 17  juillet  2013, 32, §  3, remplacé par la loi du 17 juillet 2013, 52, § 3, modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011, 67, § 1er, g), modifi é par la loi du 17 juillet 2013, et 67, § 2, remplacé par la loi du 17  juillet  2013, et §  3, modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011, de la même loi, les mots “entreprise de mar- ché, “entreprise de marché concernée”,” “entreprises 117 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 vervangen door de woorden “marktexploitant” en “marktexploitanten”. HOOFDSTUK VI Wijzigingen van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen Art. 139 In artikel 3, § 1, van de wet van 1 april 2007 op de openbare overnamebiedingen worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 11° wordt vervangen als volgt: “11° “gereglementeerde markt“: elke Belgische of buitenlandse gereglementeerde markt bedoeld in artikel 3, 7°, 8° of 9°, van de wet van … over de infrastructuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en hou- dende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”; b) de bepaling onder 12° wordt vervangen als volgt: “12° “Belgische gereglementeerde markt“: elke Belgische gereglementeerde markt bedoeld in artikel 3, 8°, van de wet van …;”; c) de bepaling onder 13° wordt vervangen als volgt: “13° “multilaterale handelsfaciliteit” of “MTF“: een MTF bedoeld in artikel 3, 10°, van de wet van ... ;”. HOOFDSTUK VII Wijzigingen van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in emittenten waarvan aandelen zijn toegelaten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt en houdende diverse bepalingen Art. 140 In artikel 3, § 1, van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in emit- tenten waarvan aandelen zijn toegelaten tot de verhan- deling op een gereglementeerde markt en houdende diverse bepalingen worden de volgende wijzigingen aangebracht: de marché concernées” et “entreprises de marché éventuellement concernées” sont remplacés par les mots “opérateur de marché” , “opérateur de marché concerné”, “opérateurs de marchés concernés” et “opé- rateurs de marché éventuellement concernés”. CHAPITRE VI Modifi cations de la loi du 1er avril 2007 relative aux offres publiques d’acquisition Art. 139 Dans l’article 3, § 1er, de la loi du 1er avril 2007 relative aux offres publiques d’acquisition, les modifi cations suivantes sont apportées: a) le 11° est remplacé par ce qui suit: “11° “marché réglementé”: tout marché réglementé, belge ou étranger, visé à l’article 3, 7°, 8° ou 9°, de la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE;”; b) le 12° est remplacé par ce qui suit: “12° “marché réglementé belge”: tout marché régle- menté belge visé à l’article 3, 8°, de la loi du …;”; c) le 13° est remplacé par ce qui suit: “13° “système multilatéral de négociation” ou “MTF”: un MTF visé à l’article 3, 10°, de la loi du … ;”. CHAPITRE VII Modifi cations de la loi du 2 mai 2007 relative à la publicité des participations importantes dans des émetteurs dont les actions sont admises à la négociation sur un marché réglementé et portant des dispositions diverses Art. 140 Dans l’article 3, § 1er, de la loi du 2 mai 2007 relative à la publicité des participations importantes dans des émetteurs dont les actions sont admises à la négociation sur un marché réglementé et portant des dispositions diverses, les modifi cations suivantes sont apportées: 118 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 a) in de bepaling onder 2° worden de woorden “artikel 2, 5° of 6°, van de wet van 2 augustus 2002” vervangen door de woorden “artikel 3, 8° of 9°, van de wet van … ”; b) in de bepaling onder 3° worden de woorden “artikel 2, 5°, van de wet van 2 augustus 2002” vervangen door de woorden “artikel 3, 8°, van de wet van …”; c) de bepaling onder 4° wordt vervangen als volgt: “4° “multilaterale handelsfaciliteit” of “MTF“: een MTF als bedoeld in artikel 3, 10°, van de wet van ... ;”. Art. 141 In de artikelen 23, § 2, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, en 25, § 3, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, van dezelfde wet worden de woorden “marktondernemingen” en “markt- onderneming” vervangen door de woorden “marktex- ploitanten” en “marktexploitant”. HOOFDSTUK VIII Wijzigingen van de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen Art. 142 In artikel 3 van de wet van 3 augustus 2012 betref- fende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 19° wordt vervangen als volgt: “19° “multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral tra- ding facility – MTF)”: een MTF bedoeld in artikel 3, 10°, van de wet van ... ;”; b) de bepaling onder 20° wordt vervangen als volgt: “20° “gereglementeerde markt“: elke Belgische of buitenlandse gereglementeerde markt bedoeld in artikel 3, 7°, 8° of 9°, van de wet van … ;”; c) een bepaling onder 55°/2 wordt ingevoegd, luidende: a) au 2°, les mots “article 2, 5° ou 6°, de la loi du 2 août 2002” sont remplacés par les mots “article 3, 8° ou 9°, de la loi du … ”; b) au 3°, les mots “article 2, 5°, de la loi du 2 août 2002” sont remplacés par les mots “article 3, 8°, de la loi du …”; c) le 4° est remplacé par ce qui suit: “4° “système multilatéral de négociation” ou “MTF”: un MTF tel que défi ni à l’article 3, 10°, de la loi du … ;”. Art. 141 Dans les articles 23, § 2, modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011, et 25, § 3, modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011, de la même loi, les mots “entreprises de marché” et “entreprise de marché concernée” sont remplacés par les mots “opérateurs de marché” et “opérateur de marché concerné”. CHAPITRE VIII Modifi cations de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances Art. 142 Dans l’article 3 de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de placement collectif qui répondent aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement en créances, les modifi cations suivantes sont apportées: a) le 19° est remplacé par ce qui suit: “19° “système multilatéral de négociation (Multilateral trading facility – MTF)”: un MTF visé à l’article 3, 10°, de la loi … ;”; b) le 20° est remplacé par ce qui suit: “20° “marché réglementé”: tout marché réglementé, belge ou étranger, visé à l’article 3, 7°, 8° ou 9°, de la loi du … ;”; c) un 55°/2 est inséré, rédigé comme suit: 119 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “55°/2 “de wet van … ”: de wet van … over de infra- structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”. Art. 143 In artikel 219, §  3, van dezelfde wet worden de woorden “De artikelen 27 en 28bis” vervangen door de woorden “Artikel 27, §§ 1 tot 3, en 5 tot 9, artikel 27bis en artikel 27ter, §§ 1 tot 7,“. Art. 144 In artikel 221, eerste lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 19 april 2014 en gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “artikel 26 van de wet van 25 oktober 2016 en aan de ter uitvoering daarvan genomen besluiten, is” vervangen door de woorden “Artikel 25, § 1, 2°, 3°, 7° en 9°, en de artikelen 26 en 26/1 van de wet van 25 oktober 2016 en de ter uitvoering daarvan genomen besluiten, zijn“. Art. 145 In artikel 241/1, § 1, 4°, c), van dezelfde wet, inge- voegd bij de wet van 25 december 2016, worden de woorden “25 december” vervangen door de woorden “25 oktober 2016”. Art. 146 In artikel 250, §  9, van dezelfde wet worden de woorden “de artikelen 27 en 28bis” vervangen door de woorden “artikel 27, §§ 1 tot 3, en 5 tot 9, artikel 27bis en artikel 27ter, §§ 1 tot 7,“. HOOFDSTUK IX Wijzigingen van de wet van 19 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders Art. 147 In artikel 3 van de wet van 19 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 37° wordt vervangen als volgt: “55°/2 “la loi du … ”: la loi du … relative aux infrastruc- tures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE;”. Art. 143 Dans l’article 219, § 3, de la même loi, les mots “Les articles 27 et 28bis” sont remplacés par les mots “L’article 27, §§ 1er à 3, et 5 à 9, l’article 27bis et l’article 27ter, §§ 1er à 7”. Art. 144 Dans l’article 221, alinéa 1er, de la même loi, inséré par la loi du 19 avril 2014 et modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “l’article 26 de la loi du 25 octobre 2016 et aux arrêtés pris pour son exécution s’applique” sont remplacés par les mots “L’article 25, § 1er, 2°, 3°, 7° et 9°, et les articles 26 et 26/1 de la loi du 25 octobre 2016 et les arrêtés pris pour leur exécution s’appliquent”. Art. 145 Dans l’article 241/1, § 1er, 4°, c), de la même loi, inséré par la loi du 25 décembre 2016, les mots “25 décembre” sont remplacés par les mots “25 octobre 2016”. Art. 146 Dans l’article 250, § 9, de la même loi, les mots “les articles 27 et 28bis” sont remplacés par les mots “l’article 27, §§ 1er à 3, et 5 à 9, l’article 27bis et l’article 27ter, §§ 1er à 7,”. CHAPITRE IX Modifi cations de la loi du 19 avril 2014  relative aux organismes de placement collectif alternatifs et à leurs gestionnaires Art. 147 Dans l’article 3 de la loi du 19 avril 2014 relative aux organismes de placement collectif alternatifs et à leurs gestionnaires, les modifi cations suivantes sont apportées: a) le 37° est remplacé par ce qui suit: 120 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “37° “multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral tra- ding facility – MTF)”: een MTF als bedoeld in artikel 3, 10° van de wet van …;”; b) de bepaling onder 38° wordt vervangen als volgt: “38° “gereglementeerde markt“: elke Belgische of buitenlandse gereglementeerde markt als bedoeld in artikel 3, 7°, 8° of 9°, van de wet van … ;”; c) een bepaling onder 84°/1 wordt ingevoegd, luidende: “84°/1 “de wet van … ”: de wet van … over de infra- structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”. Art. 148 In artikel 33, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “artikel 26 van de wet van 25 oktober 2016” vervangen door de woorden “Artikel 25, § 1, 2°, 3°, 7° en 9°, en de artikelen 26 en 26/1 van de wet van 25 oktober 2016 en de ter uitvoering daarvan genomen besluiten“. Art. 149 In artikel 39 van dezelfde wet worden de woorden “artikelen 27 en 28bis” vervangen door de woorden “artikel 27, §§ 1 tot 3, en 5 tot 9, artikel 27bis en artikel 27ter, §§ 1 tot 7,“. Art. 150 In artikel 345/1, § 1, 4°, c), van dezelfde wet, inge- voegd bij de wet van 25 december 2016, worden de woorden “25 december” vervangen door de woorden “25 oktober”. Art. 151 In artikel 360, § 8, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 10 april 2014, worden de woorden “de artike- len 27 en 28bis” vervangen door de woorden “artikel 27, §§ 1 tot 3, en 5 tot 9, artikel 27bis en artikel 27ter, §§ 1 tot 7,“. “37° “système multilatéral de négociation (Multilateral trading facility – MTF)”: un MTF visé à l’article 3, 10° de la loi … ;”; b) le 38° est remplacé par ce qui suit: “38° “marché réglementé”: tout marché réglementé, belge ou étranger, visé à l’article 3, 7°, 8° ou 9°, de la loi du … ;”; c) un 84°/1 est inséré, rédigé comme suit: “84°/1 “la loi du … ”: la loi du … relative aux infrastruc- tures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE;”. Art. 148 Dans l’article 33, alinéa 1er, de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “l’article 26 de la loi du 25 octobre 2016” sont remplacés par les mots “L’article 25, § 1er, 2°, 3°, 7° et 9°, et les articles 26 et 26/1 de la loi du 25 octobre 2016 et les arrêtés pris pour leur exécution”. Art. 149 Dans l’article 39 de la même loi, les mots “les articles 27  et 28bis” sont remplacés par les mots “l’article 27, §§ 1er à 3, et 5 à 9, l’article 27bis et l’article 27ter, §§ 1er à 7,”. Art. 150 Dans l’article 345/1, § 1er, 4°, c), de la même loi, inséré par la loi du 25 décembre 2016, les mots “25 décembre” sont remplacés par les mots “25 octobre”. Art. 151 Dans l’article 360, § 8, de la même loi, modifi é par la loi du 10 avril 2014, les mots “les articles 27 et 28bis” sont remplacés par les mots “l’article 27, §§ 1er à 3, et 5 à 9, l’article 27bis et l’article 27ter, §§ 1er à 7,”. 121 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 HOOFDSTUK X Wijzigingen van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en beursvennootschappen Art. 152 In artikel 1, § 3, van de wet van 25 april 2014, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het tweede lid wordt de bepaling onder a) ver- vangen als volgt: “a) van beleggingsdiensten die bestaan in: — het handelen voor eigen rekening; — het overnemen van financiële instrumenten en/of plaatsen van financiële instrumenten met plaatsingsgarantie; — het plaatsen van fi nanciële instrumenten zonder plaatsingsgarantie; — het uitbaten van multilaterale handelsfaciliteiten; of — het uitbaten van georganiseerde handelsfacilitei- ten; en/of”; 2° in het tweede lid, b), wordt het eerste streepje vervangen als volgt: “- bewaring en beheer van fi nanciële instrumenten voor rekening van cliënten, met inbegrip van bewaarne- mingsdiensten en daarmee samenhangende diensten zoals contanten- en/of zekerhedenbeheer en met uit- zondering van het centraal aanhouden van effectenre- keningen op het hoogste niveau;”. Art. 153 In artikel 3 van dezelfde wet, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 8°/3, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt: “8°/3  Verordening 2017/565: Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/565  van de Commissie van 25 april 2016 houdende aanvulling van Richtlijn 2014/65/ EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de door beleggingsondernemingen in acht te nemen CHAPITRE X Modifi cations de la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit et des sociétés de bourse Art. 152 À l’article 1er, § 3, de la loi du 25 avril 2014, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° dans l’alinéa 2, le a) est remplacé par ce qui suit: “a) des services d’investissement consistant dans: — la négociation pour compte propre; — la prise ferme d’instruments financiers et/ou le placement d’instruments fi nanciers avec engage- ment ferme; — le placement d’instruments fi nanciers sans enga- gement ferme; — l’exploitation d’un système multilatéral de négo- ciation; ou — l’exploitation d’un système organisé de négocia- tion; et/ou”; 2° dans l’alinéa 2, b), le premier tiret est remplacé par ce qui suit: “- la conservation et l’administration d’instruments fi nanciers pour le compte de clients, y compris les services de garde et les services connexes, comme la gestion de trésorerie/de garanties, et à l’exclusion de la tenue centralisée de comptes de titres au plus haut niveau;”. Art. 153 Dans l’article 3 de la même loi, les modifi cations suivantes sont apportées: a) le 8°/3, inséré par la loi du 25 octobre 2016, est remplacé par ce qui suit: “8°/3 Règlement 2017/565: le Règlement délégué (UE) 2017/565 de la Commission du 25 avril 2016 com- plétant la directive 2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne les exigences organi- sationnelles et les conditions d’exercice applicables aux 122 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 organisatorische eisen en voorwaarden voor de bedrijfs- uitoefening en wat betreft de defi nitie van begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn;“; b) er wordt een bepaling onder 20°/1  inge- voegd, luidende: “20°/1 wet van … : de wet van …  over de infrastruc- turen voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;“; c) de bepaling onder 66°, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt: “66° systematische internaliseerder: een kredietin- stelling of beursvennootschap die de activiteit als om- schreven in artikel 3, 29°, van de wet van …  uitoefent;”; d) in de bepaling onder 74°, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “overeen- komstig het bepaalde in Hoofdstuk II van de wet van 2 augustus 2002 of Titel II van Richtlijn 2014/65/EU” vervangen door de woorden “overeenkomstig het be- paalde in Hoofdstuk II van Titel II van de wet van … ”; e) er wordt een bepaling onder 74°/1  inge- voegd, luidende: “74°/1 georganiseerde handelsfaciliteit (organised trading facility – OTF): een multilateraal systeem, anders dan een gereglementeerde markt of een MTF, waarin meerdere koop- en verkoopintenties van derden met betrekking tot obligaties, gestructureerde fi nanciële producten, emissierechten en derivaten op zodanige wijze met elkaar kunnen interageren dat er een over- eenkomst uit voortvloeit overeenkomstig de bepalingen van Hoofdstuk II van Titel II van de wet van …;”; f) er wordt een bepaling onder 77° ingevoegd, luidende: “77° gereglementeerde markt: een gereglementeerde markt in de zin van artikel 3, 7°, van de wet van …;”; g) er wordt een bepaling onder 78° ingevoegd, luidende: “78° algoritmische handel: de algoritmische han- del in de zin van artikel 2, 59°, van de wet van 25 oktober 2016;”; h) er wordt een bepaling onder 79° ingevoegd, luidende: “79° directe elektronische toegang: de directe elek- tronische toegang in de zin van artikel 2, 61°, van de wet van 25 oktober 2016;”; entreprises d’investissement et la défi nition de certains termes aux fi ns de ladite directive;”; b) il est inséré un 20°/1 rédigé comme suit: “20°/1 loi du …: la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant trans- position de la Directive 2014/65/UE;”; c) le 66°, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, est remplacé par ce qui suit: “66° internalisateur systématique: un établissement de crédit ou une société de bourse qui exerce l’activité défi nie à l’article 3, 29°, de la loi du ...;”; d) au 74°, inséré par la loi du 25 octobre 2016, les mots “conformément aux dispositions du Chapitre II de la loi du 2 août 2002 ou de Titre II de la directive 2014/65/UE” sont remplacés par les mots “conformément au Chapitre II du Titre II de la loi du … ”; e) il est inséré un 74°/1 rédigé comme suit: “74°/1 système organisé de négociation (organised trading facility – OTF): un système multilatéral, autre qu’un marché réglementé ou un MTF, au sein duquel de multiples intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par des tiers pour des obligations, des produits fi nanciers structurés, des quotas d’émission ou des instruments dérivés peuvent interagir d’une manière qui aboutisse à la conclusion de contrats conformément aux disposi- tions du Chapitre II du Titre II de la loi du …;”; f) il est inséré un 77° rédigé comme suit: “77° marché réglementé, un marché réglementé au sens de l’article 3, 7°, de la loi du ...;”; g) il est inséré un 78° rédigé comme suit: “78° trading algorithmique, le trading algorithmique au sens de l’article 2, 59°, de la loi du 25 octobre 2016;”; h) il est inséré un 79° rédigé comme suit: “79° accès électronique direct: l’accès électro- nique direct au sens de l’article 2, 61°, de la loi du 25 octobre 2016;”; 123 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 i) er wordt een bepaling onder 80° ingevoegd, luidende: “80° gestructureerde deposito: een deposito in de zin van artikel 2, 62°, van de wet van 25 oktober 2016;”. Art. 154 In artikel 11, § 1, eerste lid, van dezelfde wet worden de woorden “als bedoeld in de artikelen 21 tot 42” ver- vangen door de woorden “als bedoeld met name in de artikelen 21 tot 42, 64, 65/2 en 65/3”. Art. 155 In artikel 12 van dezelfde wet, vervangen bij de wet van 25  april  2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in het tweede lid worden de woorden “van Afdeling II” vervangen door de woorden “van Hoofdstuk II”; 2° in het derde lid worden de woorden “van Afdeling II” vervangen door de woorden “van Hoofdstuk II”. Art. 156 Artikel 15 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 15. Behalve met de voorwaarden van dit Hoofdstuk houdt de toezichthouder ook rekening met het vermogen van de aanvragende instelling om te voldoen aan de in Titel II bedoelde bedrijfsuitoefenings- voorwaarden en om haar ontwikkelingsdoelstellingen te verwezenlijken: 1° op een wijze die een gezond, doeltreffend en voor- zichtig beleid van de instelling garandeert; 2° onder de voorwaarden die nodig zijn voor de goede werking van het bank- en fi nanciële stelsel en voor de veiligheid van de deposanten; alsook 3° op een wijze die adequaat rekening houdt met de belangen van haar cliënten en de integriteit van de markt, wanneer de instelling beleggingsdiensten en/of -activiteiten alsmede nevendiensten verleent of verricht.”. Art. 157 In artikel 21 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: i) il est inséré un 80° rédigé comme suit: “80° dépôt structuré: un dépôt au sens de l’article 2, 62°, de la loi du 25 octobre 2016;”. Art. 154 Dans l’article 11, § 1er, alinéa 1er, 1° de la même loi, les mots ““telle que visée aux articles 21 à 42” sont remplacés par les mots “telle que visée, notamment, aux articles 21 à 42, 64, 65/2 et 65/3”. Art. 155 A l’article 12 de la même loi, remplacé par la loi du 25 avril 2014, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° dans l’alinéa 2, les mots “à la Section II” sont remplacés par les mots “au Chapitre II”; 2° dans l’alinéa 3, les mots “à la Section II” sont remplacés par les mots “au Chapitre II”. Art. 156 L’article 15 de la même loi est remplacé par ce qui suit: “Art. 15. Outre les conditions prévues par le présent Chapitre, l’autorité de contrôle tient également compte de l’aptitude de l’établissement requérant à satisfaire aux conditions d’exercice de l’activité visées au Titre II ainsi qu’à réaliser ses objectifs de développement: 1° de manière à garantir la gestion saine, efficace et prudente de l’établissement; 2° dans les conditions que requièrent le bon fonction- nement du système bancaire et fi nancier et la sécurité des déposants; ainsi que 3° de manière à prendre en compte adéquatement l’intérêt de ses clients et l’intégrité du marché, lorsque l’établissement fournit des services d’investissement et/ou exerce des activités d’investissement et services auxiliaires.”. Art. 157 À l’article 21 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 124 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° in paragraaf 1 wordt de bepaling onder 7° vervan- gen als volgt: “controle- en beveiligingsmechanismen op informaticagebied die afgestemd zijn op de werkzaam- heden van de instelling en die voldoende deugdelijk zijn om de beveiliging en authenticatie van de middelen voor de informatieoverdracht te garanderen, het risico op datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot een minimum te beperken en te voorkomen dat informatie uitlekt door de vertrouwelijkheid van de gegevens te allen tijde te bewaren;”; 2° er wordt een paragraaf 1/1 ingevoegd, luidende: “§  1/1. Wanneer de kredietinstelling beleggings- diensten en/of -activiteiten alsmede nevendiensten verleent of verricht, alsook wanneer zij gestructureerde deposito’s verkoopt of advies verstrekt aan cliënten in verband met dergelijke producten, behartigt de krediet- instelling de belangen van haar cliënten en bevordert zij de integriteit van de markt. Paragraaf 1 is hiertoe van toepassing.”. 3° in paragraaf 3, eerste lid, worden de woorden “de volledige in paragraaf 1 bedoelde interne organi- satieregeling bevat” vervangen door de woorden “de volledige interne organisatieregeling bevat als bedoeld in paragraaf 1 en, in voorkomend geval, in de artikelen 41 tot 42/2”. Art. 158 Artikel 23, tweede lid, van dezelfde wet wordt aange- vuld met een bepaling onder 3°, luidende: “3° de organisatie van de instelling voor het verlenen of verrichten van beleggingsdiensten en -activiteiten en nevendiensten, de verkoop van gestructureerde deposito’s en het verstrekken van advies aan cliënten in verband met dergelijke producten, met inbegrip van de organisatieregeling bedoeld in artikel 41, § 1, 1° tot 3°, evenals de vereiste kennis, vaardigheden en ervaring van het personeel, de middelen, procedures en regelin- gen voor het verlenen van die diensten en het verrichten van die activiteiten door de instelling.”. Art. 159 In Boek II, Titel I, Hoofdstuk 2, Afdeling VI, van dezelf- de wet, gewijzigd bij de wetten van 18 december 2015 en 7 december 2016, wordt het opschrift van Onderafdeling V vervangen als volgt: 1° dans le paragraphe 1er, le 7° est complété par les mots “et suffisamment solides pour garantir la sécurité et l’authentifi cation des moyens de transfert de l’infor- mation, réduire au minimum le risque de corruption des données et d’accès non autorisé et empêcher les fuites d’informations afi n de maintenir en permanence la confi dentialité des données;”; 2° il est inséré un paragraphe 1er/1 rédigé comme suit: “§ 1er/1. Lorqu’il fournit des services d’investissement et/ou exerce des activités d’investissement et fournit des services auxiliaires, ainsi que lorsqu’il commercialise des dépôts structurés ou fournit des conseils aux clients sur de tels produits, l’établissement de crédit promeut l’intérêt de ses clients et l’intégrité du marché. Le para- graphe 1er est applicable à cette fi n.”. 3° le paragraphe 3, alinéa 1er, est complété par les mots “et, le cas échéant, visé aux articles 41 à 42/2”. Art. 158 L’article 23, alinéa 2, de la même loi est complété par un 3° rédigé comme suit: “3° l’organisation de l’établissement pour la fourni- ture de services d’investissement, l’exercice d’activités d’investissement, la fourniture de services auxiliaires, la commercialisation de dépôts structurés et la fourniture de conseils aux clients sur de tels produits, y compris les dispositifs d’organisation visés à l’article 41, § 1er, 1° à 3°, ainsi que les compétences, les connaissances et l’expertise requises du personnel, les ressources, les procédures et les mécanismes avec ou selon les- quels l’établissement fournit ces services et exerce ces activités.”. Art. 159 Dans le Livre II, Titre Ier, Chapitre 2, Section VI, de la même loi, modifi é par les lois du 18 décembre 2015 et 7 décembre 2016, l’intitulé de la Sous-section V est remplacé par ce qui suit: 125 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “Onderafdeling V. – Specifi eke organisatie voor het verlenen van beleggingsdiensten, de verkoop van ge- structureerde deposito’s en het verstrekken van advies aan cliënten in verband met dergelijke producten”. Art. 160 In artikel 41 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: “§ 1. Iedere kredietinstelling legt de in artikel 21 be- doelde beleidslijnen en procedures vast om de naleving van de wettelijke en reglementaire voorschriften inzake beleggingsdiensten en -activiteiten door de instelling, de leden van haar wettelijk bestuursorgaan, haar effectieve leiding, werknemers, gevolmachtigden en verbonden agenten op adequate wijze te verzekeren. Deze beleidslijnen en procedures omvatten met name: 1° onverminderd de artikelen 67 tot 70, een vergoe- dingsbeleid voor de personen die bij de dienstverlening aan cliënten betrokken zijn, dat verantwoord onder- nemerschap en een billijke behandeling van cliënten aanmoedigt en belangenconfl icten in de betrekkingen met de cliënten voorkomt; 2° een beleid op het gebied van diensten, activitei- ten, producten en operaties die worden aangeboden of verstrekt, in overeenstemming met de in artikelen 23, tweede lid, 2° en 57, § 1, bedoelde risicotolerantieniveau van de instelling en de kenmerken en behoeften van de cliënten van de instelling waaraan deze worden aange- boden of verstrekt, in voorkomend geval, met inbegrip van de uitvoering van passende stresstests; 3° passende regels voor de rechtstreekse en on- rechtstreekse persoonlijke verrichtingen in fi nanciële instrumenten die worden uitgevoerd door de in het eerste lid bedoelde personen.”; 2° in paragraaf 2 worden de woorden “bepaalt de Koning de in paragraaf 1 bedoelde regels en verplichtin- gen” vervangen door de woorden “kan de Koning de in paragraaf 1 bedoelde regels en verplichtingen bepalen”. “Sous-section V. – Organisation spécifi que liée à la fourniture de services d’investissement, à la commer- cialisation de dépôts structurés et à la fourniture de conseils aux clients sur de tels produits”. Art. 160 À l’article 41 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit: “§  1er. Les établissements de crédit précisent les politiques et procédures visées à l’article 21 afi n d’assu- rer adéquatement le respect par l’établissement, les membres de son organe légal d’administration, ses dirigeants effectifs, ses salariés, ses mandataires et agents liés, des dispositions légales et réglementaires relatives aux services et activités d’investissements. À cette fi n, ces politiques et procédures comprennent notamment: 1° sans préjudice des articles 67 à 70, une politique de rémunération des personnes participant à la fourni- ture de services aux clients qui vise à encourager un comportement professionnel responsable et un traite- ment équitable des clients ainsi qu’à éviter les confl its d’intérêts dans les relations avec les clients; 2° une politique relative aux services, activités, pro- duits et opérations proposés ou fournis, conformément au niveau de tolérance au risque visé aux articles 23, ali- néa 2, 2° et 57, § 1er, de l’établissement et aux caractéris- tiques et besoins des clients de l’établissement auxquels ils seront proposés ou fournis, y compris en effectuant, au besoin, des simulations de crise appropriées; 3° des règles appropriées applicables aux transac- tions personnelles, directes et indirectes, effectuées sur des instruments fi nanciers par les personnes visées à l’alinéa 1er.”; 2° dans le paragraphe 2, les mots “, sur avis de la FSMA et de la Banque, précise” sont remplacés par les mots “peut préciser, sur avis de la FSMA et de la Banque,”. 126 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 161 In artikel 42, § 2, van dezelfde wet worden de woorden “bepaalt de Koning de nadere regels en verplichtingen ter zake” vervangen door de woorden “kan de Koning de nadere regels en verplichtingen ter zake bepalen”. Art. 162 In Boek II, Titel I, Hoofdstuk 2, Afdeling  VI, Onderafdeling V, van dezelfde wet wordt een artikel 42/1 ingevoegd, luidende: “Art. 42/1. Iedere instelling die beleggingsdiensten en/of -activiteiten alsmede nevendiensten verleent of verricht, duidt een persoon aan die over voldoende vaardigheden en gezag beschikt en verantwoordelijk is voor de naleving door de instelling van haar ver- plichtingen met betrekking tot de vrijwaring van de fi nanciële instrumenten van cliënten overeenkomstig de artikelen 65 en 65/1 en de reglementaire bepalingen die ter uitvoering van deze artikelen zijn vastgesteld. In voorkomend geval kan deze persoon andere verant- woordelijkheden hebben, voor zover deze geen afbreuk doen aan de uitoefening van de in dit artikel bedoelde verantwoordelijkheid.”. Art. 163 In dezelfde onderafdeling V, van dezelfde wet wordt een artikel 42/2 ingevoegd, luidende: “Art. 42/2. De artikelen 41, 42, 64, eerste lid en 65/2 zijn van toepassing op de kredietinstellingen die gestructureerde deposito’s verkopen of advies verstrek- ken aan cliënten in verband met dergelijke producten.”. Art. 164 In artikel 56 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, gewijzigd bij de wet van 18 december 2015, worden de woorden “en in de ar- tikelen 64 tot 66” ingevoegd tussen de woorden “van Titel I” en de woorden “, en de overeenstemming ervan”; 2° paragraaf 1, gewijzigd bij de wet van 18  december  2015, wordt aangevuld met twee le- den, luidende: Art. 161 Dans l’article 42, § 2, de la même loi, les mots “, sur avis de la FSMA et de la Banque, précise” sont rem- placés par les mots “peut préciser, sur avis de la FSMA et de la Banque,”. Art. 162 Dans le Livre II, Titre Ier, Chapitre 2, Section VI, Sous-section V, de la même loi, il est inséré un article 42/1 rédigé comme suit: “Art. 42/1. Les établissements qui fournissent des services d’investissement et/ou exercent des activités d’investissement et fournissent des services auxiliaires, désignent une personne, disposant des compétences et de l’autorité nécessaires, responsable du respect par l’établissement de ses obligations concernant la sauvegarde des instruments fi nanciers de clients conformément aux articles 65 et 65/1 et aux dispositions réglementaires prises en application desdits articles. Le cas échéant, cette personne peut exercer d’autres res- ponsabilités pour autant que celles-ci ne soient pas de nature à porter atteinte à l’exercice de la responsabilité visée au présent article.”. Art. 163 Dans la même sous-section V, de la même loi, il est inséré un article 42/2 rédigé comme suit: “Art. 42/2. Les articles 41, 42, 64, alinéa 1er et 65/2 sont applicables aux établissements de crédit qui commercialisent des dépôts structurés ou fournissent des conseils sur ces produits à des clients.”. Art. 164 À l’article 56, de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, modifié par la loi du 18 décembre 2015, les mots “et visées aux articles 64 à 66” sont insérés entre les mots “du Titre Ier” et les mots “, et leur conformité”; 2° le paragraphe 1er, modifié par la loi du 18  décembre  2015, est complété par deux alinéas rédigés comme suit: 127 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “Aldus monitort en beoordeelt het wettelijk bestuurs- orgaan periodiek de adequaatheid en de implementatie van de strategische doelstellingen van de instelling bij het verlenen en verrichten van beleggingsdiensten en -activiteiten en nevendiensten, de verkoop van gestruc- tureerde deposito’s en het verstrekken van advies in verband met dergelijke producten, en de adequaatheid van de beleidsregels voor het verlenen van diensten aan cliënten, en onderneemt het passende stappen om eventuele tekortkomingen aan te pakken. De leden van het wettelijk bestuursorgaan hebben passende toegang tot alle informatie en documenten die nodig zijn om de opdrachten uit te voeren waarmee ze belast zijn met toepassing van de bepalingen van deze wet, haar uitvoeringsbesluiten en de rechtstreeks toepasbare Europese regelgeving.”; 3° paragraaf 3 wordt aangevuld met een lid, luidende: “Het ziet er ook op toe dat de instelling voldoende personele en fi nanciële middelen wijdt aan de per- manente opleiding van de leden van het wettelijk bestuursorgaan.”. Art. 165 In artikel 59 van dezelfde wetworden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1, gewijzigd bij de wet van 18 december 2015, wordt aangevuld met de woorden “en in de artikelen 64 tot 66”; 2° in paragraaf 2, gewijzigd bij de wet van 18 december 2015, worden de woorden“en in de arti- kelen 64 tot 66” ingevoegd tussen de woorden “van Titel I” en de woorden “, en over de maatregelen”. Art. 166 Artikel 64 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 64. Iedere kredietinstelling houdt de gegevens bij over alle door haar verleende of verrichte beleg- gingsdiensten en -activiteiten en over alle door haar uitgevoerde transacties om de toezichthouder en de FSMA in staat te stellen elk van hun kant, na te gaan of de instelling voldoet aan de bepalingen van deze wet of de ter uitvoering ervan genomen bepalingen, aan Verordening nr. 600/2014 en Verordening 2017/565, evenals aan de wettelijke en reglementaire bepalingen waarvoor de FSMA moet toezien op de naleving ervan, en inzonderheid of de instelling haar verplichtingen “L’organe légal d’administration contrôle et évalue ainsi périodiquement la pertinence et la mise en œuvre des objectifs stratégiques de l’établissement en rapport avec la fourniture de services d’investissement, l’exer- cice d’activités d’investissement, la fourniture de ser- vices auxiliaires, la commercialisation de dépôts struc- turés et la fourniture de conseils sur de tels produits, et l’adéquation des politiques relatives à la fourniture de services aux clients et prend les mesures appropriées pour remédier à toute défi cience. Les membres de l’organe légal d’administration disposent d’un accès adéquat aux informations et documents nécessaires pour assurer les missions dont ils sont chargés en application des dispositions de la présente loi, des arrêtés pris pour son exécution et de la réglementation européenne directement applicable.”; 3° le paragraphe 3 est complété par un alinéa, rédigé comme suit: “Il s’assure également que l’établissement consacre des ressources humaines et fi nancières adéquates à la formation continue des membres de l’organe légal d’administration.”. Art. 165 À l’article 59 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° le paragraphe 1er, modifié par la loi du 18 décembre 2015, est complété par les mots “et aux articles 64 à 66”; 2° au paragraphe 2, modifié par la loi du 18 décembre 2015, les mots “et aux articles 64 à 66” sont insérés entre les mots “du Chapitre II du Titre Ier” et les mots “, et les mesures prises”. Art. 166 L’article 64 de la même loi est remplacé par ce qui suit: “Art. 64. Les établissements de crédit conservent un enregistrement de tout service d’investissement fourni, de toute activité d’investissement exercée et de toute transaction effectuée afi n de permettre à l’autorité de contrôle et à la FSMA de vérifi er, chacune en ce qui la concerne, si l’établissement se conforme aux disposi- tions de la présente loi ou prises pour son exécution, au Règlement n° 600/2014 et au Règlement 2017/565, ainsi qu’aux dispositions légales et réglementaires au respect desquelles la FSMA est chargée de veiller et, en particulier, s’il respecte ses obligations à l’égard de 128 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 tegenover haar cliënteel of potentieel cliënteel en betref- fende de integriteit van de markt nakomt. Het bijhouden van gegevens omvat het opnemen van telefoongesprekken of elektronische communicatie die ten minste met in het kader van handel voor eigen rekening gesloten transacties en het verstrekken van diensten betreffende het ontvangen, doorgeven en uitvoeren van cliëntenorders verband houden. Daartoe neemt iedere kredietinstelling alle redelijke maatregelen voor de opname van de voornoemde ge- sprekken en elektronische communicatie die tot stand zijn gekomen met, verstuurd zijn vanaf of ontvangen zijn door apparatuur die door de kredietinstelling ter beschikking van een werknemer of onderaannemer is gesteld of waarvan het gebruik door haar is toegestaan. Cliënten kunnen hun orders langs andere kanalen plaatsen; deze mededelingen moeten evenwel gebeu- ren door gebruikmaking van duurzame dragers, zoals brieven, faxen, e-mails, of documentatie betreffende orders die tijdens bijeenkomsten door de betrokken cliënten zijn geplaatst. In het bijzonder kan de inhoud van rechtstreekse gesprekken met een cliënt worden geregistreerd door middel van notulen of een notitie. Aldus geplaatste orders worden gelijkgesteld met tele- fonisch ontvangen orders. Iedere kredietinstelling neemt alle redelijke maat- regelen om te voorkomen dat een werknemer of on- deraannemer de voornoemde telefoongesprekken en elektronische communicatie tot stand brengt, verstuurt of ontvangt op privéapparatuur waarvan de instelling geen gegevens kan opnemen of kopiëren. De in dit artikel bedoelde opnames worden vijf jaar bewaard en, indien de toezichthouder daarom verzoekt, tot maximaal zeven jaar.”. Art. 167 In Boek II, Titel II, Hoofdstuk III, Afdeling III, Onderafdeling II, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel 65/2 inge- voegd, luidende: “Art. 65/2. § 1. Iedere kredietinstelling die fi nanciële instrumenten ontwikkelt voor verkoop aan cliënten zorgt voor het onderhoud, de exploitatie en de toetsing van een proces voor de goedkeuring van elk fi nancieel in- strument en signifi cante aanpassingen van bestaande ses clients ou clients potentiels, et concernant l’intégrité du marché. Ces enregistrements incluent l’enregistrement des conversations téléphoniques et des communications électroniques en rapport, au moins, avec les transac- tions conclues dans le cadre d’une négociation pour compte propre et la prestation de services relatifs aux ordres de clients qui concernent la réception, la trans- mission et l’exécution d’ordres de clients. À ces fi ns, les établissements de crédit prennent toutes les mesures raisonnables pour enregistrer les conversations et communications précitées qui sont effectuées, envoyées ou reçues au moyen d’un équi- pement fourni par l’établissement à un employé ou à un sous-traitant ou dont il a autorisé l’utilisation. Les clients peuvent passer des ordres par d’autres voies, à condition que ces communications soient effectuées au moyen d’un support durable, tels qu’un courrier, une télécopie, un courrier électronique ou des documents relatifs aux ordres d’un client établis lors de réunions. En particulier, le contenu des conversations en tête-à-tête avec un client peut être consigné par écrit dans un compte rendu ou dans une note. De tels ordres sont considérés comme équivalents à un ordre transmis par téléphone. Les établissements de crédit prennent toutes les mesures raisonnables pour empêcher un employé ou un sous-traitant d’effectuer, d’envoyer ou de recevoir les conversations et communications précitées au moyen d’un équipement privé que l’établissement est incapable d’enregistrer ou de copier. Les enregistrements visés au présent article sont conservés pendant cinq ans et, lorsque l’autorité de contrôle le demande, pendant une durée pouvant aller jusqu’à sept ans.”. Art. 167 Dans le Livre II, Titre II, Chapitre III, Section III, Sous-section II, de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, il est inséré un article 65/2 rédigé comme suit: “Art. 65/2. § 1er. Les établissements de crédit qui conçoivent des instruments fi nanciers destinés à la vente aux clients maintiennent, appliquent et révisent un processus de validation de chaque instrument fi nancier et des adaptations notables des instruments fi nanciers 129 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 fi nanciële instrumenten vóór het in de handel wordt gebracht of onder cliënten in omloop wordt gebracht. In het kader van dit goedkeuringsproces wordt een geïdentifi ceerde doelgroep van eindcliënten binnen de relevante categorie van cliënten voor elk fi nancieel in- strument gespecifi ceerd en wordt gewaarborgd dat alle desbetreffende risico’s voor een dergelijke doelgroep geëvalueerd zijn en dat de geplande distributiestrategie is afgestemd op die doelgroep. § 2. Iedere kredietinstelling die fi nanciële instrumen- ten aanbiedt of aanbeveelt die zij niet zelf ontwikkelt, treft de nodige regelingen om van de ontwikkelaars ervan alle nuttige informatie over die fi nanciële instrumenten en over de procedure voor de goedkeuring ervan te ver- krijgen, en om de kenmerken van de doelgroep van die fi nanciële instrumenten te identifi ceren en te begrijpen. De in dit artikel bedoelde processen en regelingen doen geen afbreuk aan de wet van 2 augustus 2002 en aan Verordening nr. 600/2014, met inbegrip van de gedragsregels bedoeld in artikel 2, 46°, van de wet van 25 oktober 2016. § 3. De Koning kan, na advies van de Bank en de FSMA, de regels vaststellen voor de uitvoering van de in dit artikel bedoelde organisatorische regels, met name om te voldoen aan de bepalingen van de artikelen 9 en 10 van Gedelegeerde Richtlijn (EU) 2017/593 van de Commissie van 7 april 2016 tot aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot het vrijwaren van fi nanciële instru- menten en geldmiddelen die aan cliënten toebehoren, productgovernanceverplichtingen en de regels die van toepassing zijn op het betalen of het ontvangen van provisies, commissies en geldelijke of niet-geldelijke tegemoetkomingen.”. Art. 168 In dezelfde onderafdeling II, van dezelfde wet, gewij- zigd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel 65/3 ingevoegd, luidende: “Art. 65/3. De Koning kan, na advies van de FSMA en de Bank, de specifi eke organisatorische vereisten vastleggen die van toepassing zijn op de kredietinstel- lingen die in het kader van hun beleggingsactiviteiten en/of -diensten: 1° zich bezighouden met algoritmische handel, ook ter uitvoering van een market-makingstrategie; existants avant leur commercialisation ou leur distribu- tion aux clients. Ledit processus de validation détermine un marché cible défi ni de clients fi naux au sein de la catégorie de clients concernée pour chaque instrument fi nancier et permet de s’assurer que tous les risques pertinents pour ledit marché sont évalués et que la stratégie de distribution prévue convient bien à celui-ci. § 2. Les établissements de crédit qui proposent ou recommandent des instruments fi nanciers qu’ils ne conçoivent pas, se dotent de dispositifs appropriés pour obtenir de leurs concepteurs tous les renseignements utiles relatifs à ces instruments fi nanciers et à leur pro- cessus de validation et pour identifi er et comprendre les caractéristiques de leur marché cible. Les processus et dispositifs visés au présent article sont sans préjudice de la loi du 2 août 2002 et du Règlement n° 600/2014, y compris des règles de conduite visées à l’article 2, 46°, de la loi du 25 octobre 2016. § 3. Le Roi, sur avis de la Banque et de la FSMA, peut préciser les règles d’exécution des règles organi- sationnelles visées au présent article, notamment aux fi ns de satisfaire aux dispositions prévues aux articles 9 et 10 de la Directive déléguée (UE) 2017/593 de la Commission du 7 avril 2016 complétant la directive 2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne la sauvegarde des instruments fi nanciers et des fonds des clients, les obligations applicables en matière de gouvernance des produits et les règles régis- sant l’octroi ou la perception de droits, de commissions ou de tout autre avantage pécuniaire ou non pécuniaire.”. Art. 168 Dans la même sous-section II, de la même loi, modi- fi é par la loi du 25 octobre 2016, il est inséré un article 65/3 rédigé comme suit: “Art. 65/3. Le Roi peut déterminer, sur avis de la FSMA et de la Banque, les exigences organisationnelles spé- cifi ques applicables aux établissements de crédit qui, dans le cadre de leur activité d’investissement et/ou de fourniture de services d’investissement: 1° recourent au trading algorithmique, y compris lorsqu’ils y recourent pour la mise en œuvre d’une stratégie de tenue de marché; 130 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2° directe elektronische toegang tot een handelsplat- form aanbieden; en/of 3° optreden als clearinglid als omschreven in artikel 2, punt 14, van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 be- treffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters. Het toezicht op de naleving van de verplichtingen die zijn vastgesteld op grond van het eerste lid, 1°, behoort tot de bevoegdheid van de FSMA, onverminderd de prerogatieven van de toezichthouder in geval van niet- naleving van de verplichtingen van artikel 21. Voor de uitoefening van die bevoegdheid beschikt de FSMA over de prerogatieven bedoeld in de artike- len 34, 35, §§ 1 en 2, 36, 36bis en 37 van de wet van 2 augustus 2002.”. Art. 169 In artikel 67, eerste lid, van dezelfde wet worden de woorden “en artikel 41, § 1, 1°,” ingevoegd tussen de woorden “artikel 56, §  5” en de woorden “wordt vastgelegd”. Art. 170 Artikel 134, § 1, van dezelfde wet wordt aangevuld met de woorden “, ook voor wat betreft de vereisten die op grond van artikel 65/3, eerste lid, 1°, zijn vastgesteld.”. Art. 171 In Boek II, Titel III, Hoofdstuk I, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel 136/2 ingevoegd, luidende: “Art. 136/2. De inspectieverslagen en meer in het algemeen alle documenten die uitgaan van de toe- zichthouder, waarvan hij aangeeft dat ze vertrouwelijk zijn, mogen niet openbaar worden gemaakt door de kredietinstellingen zonder uitdrukkelijke toestemming van de toezichthouder. De niet-naleving van deze verplichting wordt bestraft met de straffen waarin voorzien is in artikel 458 van het Strafwetboek.”. 2° fournissent un accès électronique direct à une plateforme de négociation; et/ou 3° agissent comme membre compensateur au sens de l’article 2, 14), du Règlement (UE) n° 648/2012 du Parlement européen et du Conseil du 4 juillet 2012 sur les produits dérivés de gré à gré, contreparties centrales et les référentiels centraux. Le contrôle du respect des obligations prévues sur la base de l’alinéa 1er, 1°, relève de la compétence de la FSMA, sans préjudice des prérogatives de l’autorité de contrôle en cas de non-respect des obligations prévues à l’article 21. Pour l’exercice de cette compétence, la FSMA dis- pose des prérogatives visées aux articles 34, 35, §§ 1er et 2, 36, 36bis et 37 de la loi du 2 août 2002.”. Art. 169 Dans l’article 67, alinéa 1er, de la même loi, les mots “et à l’article 41, § 1er, 1°,” sont insérés entre les mots “à l’article 56, § 5” et les mots “est conforme à”. Art. 170 L’article 134, § 1er, de la même loi est complété par les mots “, y compris en ce qui concerne les exigences prévues sur la base de l’article 65/3, alinéa 1er, 1°.”. Art. 171 Dans le Livre II, Titre III, Chapitre Ier, de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, il est inséré un article 136/2 rédigé comme suit: “Art. 136/2. Les rapports d’inspection et plus géné- ralement tous les documents émanant de l’autorité de contrôle dont elle indique qu’ils sont confi dentiels ne peuvent être divulgués par les établissements de crédit sans le consentement exprès de l’autorité de contrôle. Le non-respect de cette obligation est puni des peines prévues par l’article 458 du Code pénal.”. 131 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 172 Artikel 138 van dezelfde wet wordt aangevuld met een lid, luidende: “De samenwerking tussen de Bank en de FSMA houdt met name de mogelijkheid in voor de Bank om het advies van de FSMA te vragen in het kader van de be- oordeling van de naleving van de door of krachtens deze wet opgelegde vereisten die krachtens artikel 45, § 1, eerste lid, 3° en § 2, van de wet van 2 augustus 2002 tot de bevoegdheid van de FSMA behoren, met name met betrekking tot de passende inaanmerkingneming door de instelling van de belangen van haar cliënten en de integriteit van de markt en met betrekking tot het ver- lenen door de instelling aan haar cliënten van directe elektronisch toegang tot een handelsplatform.”. Art. 173 In artikel 225 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt het vierde lid vervangen als volgt: “De erkende commissarissen delen aan de kredietin- stellingen de verslagen mee die zij aan de toezichthou- der richten overeenkomstig het eerste lid, 3°. De in dit artikel bedoelde verslagen die aan de kredietinstelling werden meegedeeld, mogen door deze laatste slechts aan derden worden meegedeeld mits de toezichthouder hiervoor voorafgaandelijk zijn toestemming heeft gege- ven en onder de door hem vastgestelde voorwaarden. Mededelingen die in strijd met dit lid worden verricht, wordt bestraft met de straffen waarin voorzien is in artikel 458 van het Strafwetboek De erkend commis- sarissen bezorgen de toezichthouder een kopie van de mededelingen die zij aan de kredietinstelling richten en die betrekking hebben op zaken die van belang kunnen zijn voor het toezicht dat hij uitoefent.”. Art. 174 In artikel 234, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 27  juni en 25  oktober  2016, worden de woorden “of Verordening nr.  575/2013, Richtlijn 2013/36/EU, titel II van Richtlijn 2014/65/EU of Verordening nr. 600/2014” vervangen door de woorden “, Verordening nr. 575/2013, Verordening nr. 600/2014 of Verordening 2017/565”. Art. 172 L’article 138 de la même loi est complété par un alinéa rédigé comme suit: “La collaboration entre la Banque et la FSMA com- prend notamment la possibilité pour la Banque de demander l’avis de la FSMA en vue de l’appréciation du respect d’exigences prévues par ou en vertu de la présente loi et qui s’inscrivent dans le cadre des compétences de la FSMA en vertu de l’article 45, § 1er, alinéa 1er, 3°, et § 2, de la loi du 2 août 2002, notamment en ce qui concerne la prise en compte adéquate, par l’établissement de l’intérêt de ses clients et de l’inté- grité du marché et en ce qui concerne la fourniture par l’établissement, à ses clients, d’un accès électronique direct à une plateforme de négociation.”. Art. 173 Dans l’article 225 de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, l’alinéa 4 est remplacé par ce qui suit: “Les commissaires agréés communiquent aux éta- blissements de crédit les rapports qu’ils adressent à l’autorité de contrôle conformément à l’alinéa 1er, 3°. Les rapports visés au présent article dont la communication a été effectuée à l’établissement de crédit ne peuvent être communiqués à des tiers par ce dernier que moyen- nant l’accord préalable de l’autorité de contrôle et ce, aux conditions fi xées par celle-ci. Toute communica- tion effectuée en violation du présent alinéa est punie des peines prévues par l’article 458 du Code pénal. Les commissaires agréés transmettent à l’autorité de contrôle copie des communications qu’ils adressent à l’établissement de crédit et qui portent sur des questions de nature à présenter un intérêt pour son contrôle.”. Art. 174 Dans l’article 234, § 1er, de la même loi, modifi é par les lois du 27 juin et 25 octobre 2016, les mots “ou du Règlement n° 575/2013, de la Directive 2013/36/UE, du titre II de la Directive 2014/65/UE ou du Règlement n°  600/2014” sont remplacés par les mots “, du Règlement n° 575/2013, du Règlement n° 600/2014 ou du Règlement 2017/565”. 132 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 175 In artikel 236 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet- ten van 25 april 2014 en 25 oktober 2016, wordt een paragraaf 4/1 ingevoegd, luidende: “§ 4/1. Wanneer de in dit artikel bedoelde maatregelen worden genomen wegens niet-nakoming van de ver- plichtingen waarin deze wet voorziet ter omzetting van Richtlijn 2014/65/EU, maakt de toezichthouder bekend dat deze maatregelen werden genomen overeenkomstig artikel 71 van de voornoemde richtlijn.”. Art. 176 In artikel 312 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt: “§ 3. De Bank brengt de FSMA op de hoogte van de elementen in het informatiedossier die relevant zijn voor het toezicht op de naleving van de gedragsregels be- doeld in artikel 2, 46°, van de wet van 25 oktober 2016.”; 2° in paragraaf 5 wordt het tweede lid vervangen als volgt: “§ 5. De Bank brengt de FSMA op de hoogte van de elementen die relevant zijn voor het toezicht op de naleving van de gedragsregels bedoeld in artikel 2, 46°, van de wet van 25 oktober 2016 en van de regels met betrekking tot verbonden agenten.”. Art. 177 In artikel 315 van dezelfde wet wordt paragraaf 2, op- geheven bij de wet van 25 april 2014, hersteld als volgt: “§ 2. Artikel 64 is van toepassing op de in artikel 312 bedoelde bijkantoren.”. Art. 178 In artikel 319 van dezelfde wet wordt de laatste zin vervangen als volgt: “De artikelen 134 tot 136, 136/2 en 139 zijn van over- eenkomstige toepassing.”. Art. 175 Dans l’article 236 de la même loi, modifi é par les lois du 25 avril 2014 et 25 octobre 2016, il est inséré un paragraphe 4/1 rédigé comme suit: “§ 4/1. Lorsque les mesures visées au présent article sont adoptées pour non-respect des obligations pré- vues par la présente loi en vue de la transposition de la Directive 2014/65/UE, l’autorité de contrôle publie l’adoption de ces mesures conformément à l’article 71 de ladite directive.”. Art. 176 À l’article 312  de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° le paragraphe 3 est complété par les mots “visées à l’article 2, 46°, de la loi du 25 octobre 2016.”; 2° dans le paragraphe 5, alinéa 2, les mots “visées à l’article 2, 46°, de la loi du 25 octobre 2016” sont insérés entre les mots “des règles de conduite” et les mots “et des règles relatives aux agents liés.”. Art. 177 Dans l’article 315  de la même loi, le paragraphe 2 abrogé par la loi du 25 avril 2014, est rétabli dans la rédaction suivante: “§  2. L’article 64  est applicable aux succursales visées à l’article 312.”. Art. 178 Dans l’article 319 de la même loi, la dernière phrase est remplacée par ce qui suit: “Les articles 134 à 136, 136/2 et 139 sont applicables dans cette mesure.”. 133 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 179 In artikel 329, §  1, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “en Verordening nr. 600/2014” vervangen door de woorden “, Verordening nr. 600/2014 en Verordening 2017/565”. Art. 180 In artikel 333 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 18 december 2015 en 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, tweede lid, wordt de bepaling onder 5° vervangen als volgt: “5° de artikelen 18 tot 22, 36 en 42/1, met dien ver- stande dat de verwijzing naar artikel 18 geldt voor de kredietinstelling waaronder het bijkantoor ressorteert en de verwijzing naar de artikelen 19 tot 22, 36 en 42/1 voor het bijkantoor in België;”; 2° paragraaf 2 wordt aangevuld met de bepalingen onder 3° en 4°, luidende: “3° de wetgeving en de praktijken van de autoriteit van een derde land die de vergunning aan de kredietin- stelling heeft verleend in haar derde land van herkomst, zijn in overeenstemming met de Internationale normen ter bestrijding van het witwassen van geld en de fi nan- ciering van terrorisme en proliferatie van de Financiële Actiegroep (FAG); 4° het derde land van herkomst waar de kredietinstel- ling is gevestigd, heeft met België een overeenkomst gesloten die voldoet aan de normen van artikel 26 van het modelverdrag van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) inzake dub- bele belasting naar inkomen en vermogen, die doel- treffende informatie-uitwisseling betreffende fi scale aangelegenheden, inclusief een eventuele multilaterale overeenkomst die voldoet aan het voornoemde artikel 26, waarborgt.”. Art. 181 In artikel 335, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 18 december 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt: Art. 179 Dans l’article 329, § 1er, alinéa 1er, de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “et du Règlement n° 600/2014” sont remplacés par les mots “, du Règlement n° 600/2014 et du Règlement 2017/565”. Art. 180 À l’article 333 de la même loi, modifi é par les lois du 18 décembre 2015 et 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, le 5° est remplacé par ce qui suit: “5° les articles 18 à 22, 36 et 42/1, étant entendu que la référence faite à l’article 18 vaut pour l’établissement de crédit dont relève la succursale et que la référence faite aux articles 19 à 22, 36 et 42/1 vaut pour la suc- cursale en Belgique;”; 2° le paragraphe 2 est complété par les 3° et 4° rédigés comme suit: “3° l’autorité de pays tiers qui a octroyé l’agrément à l’établissement de crédit dans son pays tiers d’origine l’a octroyé alors que sa législation et ses pratiques sont en conformité avec les Normes internationales sur la lutte contre le blanchiment de capitaux et le fi nancement du terrorisme et de la prolifération du Groupe d’action fi nancière (GAFI); 4° le pays tiers d’origine dans lequel est établi l’éta- blissement de crédit a signé avec la Belgique un accord conforme aux normes énoncées à l’article 26 du modèle de l’Organisation de Coopération et de Développement Économiques (OCDE) de convention fi scale concernant le revenu et la fortune et garantissant un échange effi- cace de renseignements en matière fi scale, y compris, le cas échéant, un accord multilatéral conforme audit article 26.”. Art. 181 Dans l’article 335, § 1er, de la même loi, modifi é par la loi du 18 décembre 2015, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° le 3° est remplacé comme suit: 134 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “3° de artikelen 60 en 62 voor wat betreft de lei- ders van bijkantoren en artikel 60 voor wat betreft de compliancefunctie”; 2° in de bepaling onder 3°/1, wordt het woord “65/3,” ingevoegd tussen de woorden  “de artikelen” en de woorden “67 tot 71”. Art. 182 In artikel 337 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25  oktober  2016, worden de woorden “, 136/2” ingevoegd tussen de woorden “135, 136, 136/1” en de woorden “en 139”. Art. 183 In artikel 345, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “of Verordening nr. 600/2014.” vervangen door de woorden “, Verordening nr. 600/2014 of Verordening 2017/565”. Art. 184 In artikel 346 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf  1, a), worden de woorden “of Verordening nr. 600/2014” vervangen door de woorden “, Verordening nr. 600/2014 of Verordening 2017/565”; 2° er wordt een paragraaf 4/1 ingevoegd, luidende: “§ 4/1. Wanneer de in dit artikel bedoelde dwangsom- men worden opgelegd wegens niet-nakoming van de verplichtingen die door of krachtens deze wet zijn vast- gelegd ter omzetting van Richtlijn 2014/65/EU, maakt de Bank bekend dat deze dwangsommen worden opgelegd overeenkomstig artikel 71 van de voornoemde richtlijn.”. Art. 185 In artikel 347  van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 25 oktober, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1  worden de woorden “of op Verordening nr. 575/2013 of Verordening nr. 600/2014” vervangen door de woorden “, op Verordening nr. 575/2013, Verordening nr. 600/2014 of Verordening 2017/565”; “3° les articles 60 et 62 en ce qui concerne les diri- geants de succursales et, s’agissant de l’article 60, en ce qui concerne la fonction de conformité”; 2° au 3°/1, le mot “65/3,” est inséré entre les mots “les articles” et les mots “67 à 71”. Art. 182 Dans l’article 337 de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “, 136/2” sont insérés entre les mots “135, 136, 136/1” et les mots “et 139”. Art. 183 Dans l’article 345, alinéa 1er, de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “ou du Règlement n° 600/2014.” sont remplacés par les mots “, du Règlement n° 600/2014 ou du Règlement 2017/565”. Art. 184 À l’article 346  de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° au paragraphe 1er, a), les mots “ou du Règlement n°  600/2014” sont remplacés par les mots “, du Règlement n° 600/2014 ou du Règlement 2017/565”; 2° il est inséré un paragraphe 4/1 rédigé comme suit: “§ 4/1. Lorsque les astreintes visées au présent article sont imposées en cas de non-respect des obligations prévues par ou vertu la présente loi en vue de la trans- position de la Directive 2014/65/UE, la Banque publie l’imposition de ces astreintes conformément à l’article 71 de ladite directive.”. Art. 185 À l’article 347  de la même loi, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° au paragraphe 1er, les mots “ou au Règlement n° 575/2013 ou du Règlement n° 600/2014” sont rem- placés par les mots “, au Règlement n° 575/2013, au Règlement n° 600/2014 ou au Règlement 2017/565”; 135 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2° paragraaf 5 wordt aangevuld met een lid, luidende: “De Bank stelt de Europese Autoriteit voor Effecten en Markten ook op de hoogte van haar besluiten over een inbreuk op de bepalingen van Verordening nr. 600/2014, de bepalingen die met het oog op de omzetting van Richtlijn 2014/65/EU zijn vastgesteld of de bepalingen die op grond van of in uitvoering van die verordening of van die bepalingen zijn vastgesteld, wanneer die besluiten niet overeenkomstig het eerste lid van deze paragraaf gepubliceerd zijn, met inbegrip van elk tegen deze besluiten ingesteld beroep en de afl oop daarvan.”. Art. 186 Artikel 497 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt: “Art. 497. Behalve met de voorwaarden van deze Afdeling houdt de Bank ook rekening met het vermogen van de aanvragende beursvennootschap om te voldoen aan de in Hoofdstuk II bedoelde bedriijfsuitoefenings- voorwaarden en om haar ontwikkelingsdoelstellingen te verwezenlijken: 1° op een wijze die een gezond, doeltreffend en voor- zichtig beleid van de beursvennootschap garandeert; 2° onder de voorwaarden die nodig zijn voor de goede werking van het fi nanciële stelsel en voor de veiligheid van de beleggers; en 3° op een wijze die adequaat rekening houdt met de belangen van haar cliënten en de integriteit van de markt.”. Art. 187 In Boek XII, Titel II, Hoofdstuk I, Afdeling II, Onderafdeling VI, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel 510/1 inge- voegd, luidende: “Art. 510/1. Artikel 42/1 is van toepassing, met dien verstande dat de persoon die verantwoordelijk is voor de naleving door de beursvennootschap van haar verplich- tingen met betrekking tot de vrijwaring van de fi nanciële instrumenten van haar cliënten, eveneens verantwoor- delijk is voor de naleving door de beursvennootschap van haar verplichtingen betreffende de vrijwaring van geldmiddelen van haar cliënten overeenkomstig de artikelen 528 en 533 en de reglementaire bepalingen die met toepassing van die artikelen zijn vastgesteld.”. 2° le paragraphe 5 est complété par un alinéa rédigé comme suit: “La Banque informe également l’Autorité européenne des marchés fi nanciers de ses décisions concernant un manquement aux dispositions du Règlement n° 600/2014, aux dispositions prises en vue de la trans- position de la Directive 2014/65/UE ou aux dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement ou de ces dispositions, lorsque ces décisions ne sont pas publiées conformément à l’alinéa 1er du présent para- graphe, y compris de tout recours contre ces décisions et du résultat de celui-ci.”. Art. 186 L’article 497  de la même loi, inséré par la loi du 25 octobre 2016, est remplacé par ce qui suit: “Art. 497. Outre les conditions prévues par la présente Section, la Banque tient également compte de l’aptitude de la société de bourse requérante à satisfaire aux conditions d’exercice de l’activité visées au Chapitre II ainsi qu’à réaliser ses objectifs de développement: 1° de manière à garantir la gestion saine, efficace et prudente de la société de bourse; 2° dans les conditions que requièrent le bon fonc- tionnement du système fi nancier et la sécurité des investisseurs; et 3° de manière à prendre en compte adéquatement l’intérêt de ses clients et l’intégrité du marché.”. Art. 187 Dans le Livre XII, Titre II, Chapitre Ier, Section II, Sous-section VI, de la même loi, inséré par la loi du 25 octobre 2016, il est inséré un article 510/1 rédigé comme suit: “Art. 510/1. L’article 42/1 est applicable, étant entendu que la personne responsable du respect par la société de bourse de ses obligations concernant la sauvegarde des instruments fi nanciers de ses clients est également responsable du respect par la société de bourse de ses obligations concernant la sauvegarde des fonds de ses clients conformément aux articles 528 et 533 et aux dispositions réglementaires prises en application desdits articles.”. 136 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 188 In dezelfde onderafdeling VI, van dezelfde wet, inge- voegd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel 510/2 ingevoegd, luidende: “Art. 510/2. Onverminderd artikel 533  is artikel 42/2 van toepassing.”. Art. 189 In Boek XII, Titel II, Hoofdstuk II, Afdeling III, Onderafdeling III, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel 529/1 inge- voegd, luidende: “Art. 529/1. De artikelen 65/2  en 65/3  zijn van toepassing”. Art. 190 In artikel 533 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt: “§  1. Onverminderd artikel 532  mogen beursven- nootschappen van hun cliënten geen gelddeposito’s ontvangen, met uitzondering van zichtdeposito’s en vernieuwbare termijndeposito’s op ten hoogste drie maanden, die bestemd zijn voor de verwerving van fi nanciële instrumenten, voor belegging in gestructu- reerde deposito’s of voor terugbetalingen. De duur van vernieuwde termijndeposito’s mag niet langer zijn dan één jaar, tenzij voor de betrokken deposito’s een langere termijn noodzakelijk is in het kader van een met een cliënt gesloten overeenkomst voor vermogensbeheer.”; 2° paragraaf 4 wordt vervangen als volgt: “§ 4. De Koning kan, na advies van de Bank en de FSMA, de voorwaarden en modaliteiten vaststellen waaraan de door cliënten bij beursvennootschappen geplaatste deposito’s moeten voldoen, evenals de voorwaarden en modaliteiten voor de beleggingen die de beursvennootschappen met deze geldmiddelen mogen verrichten, met name de risicoconcentratieli- mieten met betrekking tot de belegging van deze geld- middelen. Deze voorwaarden en modaliteiten hebben tevens betrekking op de regels inzake de organisatie, de Art. 188 Dans la même sous-section VI, de la même loi, inséré par la loi du 25 octobre 2016, il est inséré un article 510/2 rédigé comme suit: “Art. 510/2. Sans préjudice de l’article 533, l’article 42/2 est applicable.”. Art. 189 Dans le Livre XII, Titre II, Chapitre II, Section III, Sous-section III, de la même loi, inséré par la loi du 25 octobre 2016, il est inséré un article 529/1 rédigé comme suit: “Art. 529/1. Les articles 65/2 et 65/3 sont applicables”. Art. 190 A l’article 533 de la même loi, inséré par la loi du 25  octobre  2016, les modifications suivantes sont apportées: 1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit: “§ 1. Sans préjudice de l’article 532, les sociétés de bourse ne peuvent recevoir de dépôts de fonds, à l’exception des dépôts à vue et des dépôts à terme renouvelables à trois mois maximum de leurs clients, en attente d’affectation à l’acquisition d’instruments fi nanciers, en attente d’investissement en dépôts struc- turés ou en attente de restitution. La durée des dépôts à terme renouvelés ne peut excéder un an, sauf si une durée plus longue s’avère nécessaire pour ces dépôts dans le cadre d’un contrat de gestion de fortune conclu avec le client.”; 2° le paragraphe 4 est remplacé par ce qui suit: “§ 4. Le Roi peut défi nir, sur avis de la Banque et de la FSMA, les conditions et modalités auxquelles doivent répondre les dépôts de fonds effectués par des clients auprès des sociétés de bourse et les conditions et modalités des placements que peuvent effectuer les sociétés de bourse concernant ces fonds, notamment les limites en matière de concentration des risques relatives au placement de ces fonds. Ces conditions et modalités couvrent également les règles d’organisation et les règles de protection et d’information des clients 137 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 bescherming van en de informatieverstrekking aan de cliënten wat de inontvangstneming van deze geldmid- delen door de beursvennootschappen en hun belegging bij derden betreft. Om de tegoeden van de cliënten te vrijwaren, kan de Koning, na advies van de Bank en de FSMA, in uit- zonderlijke omstandigheden organisatorische vereisten opleggen in aanvulling op de vereisten van de artikelen 528 en 529 en van dit artikel. Deze vereisten moeten objectief gerechtvaardigd en evenredig zijn teneinde specifi eke risico’s voor de bescherming van de beleg- ger of voor de integriteit van de markt die van bijzonder belang zijn in de omstandigheden die eigen zijn aan de Belgische marktstructuur, te ondervangen. Indien van deze machtiging gebruik wordt gemaakt, wordt de Europese Commissie daarvan in kennis gesteld over- eenkomstig artikel 16, lid 11, van Richtlijn 2014/65/EU.”. Art. 191 In artikel 552 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt het woord “[FSMA]” vervan- gen door de woorden “25 oktober”. Art. 192 Artikel 559 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt: “Art. 559. De artikelen 135, 136, 136/1, 136/2, 137, 138, 139 en 140 zijn van toepassing.”. Art. 193 In artikel 594 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “, 136/2” ingevoegd tussen de woorden “135, 136” en de woor- den “en 139”. Art. 194 In artikel 603 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, tweede lid, 1°, eerste streepje, wordt in de Franse versie het woord “où” ingevoegd tussen de woorden “dans la mesure” en de woorden “il rend”; afférentes à la réception de ces fonds par les sociétés de bourse et à leur placement auprès de tiers. Dans des circonstances exceptionnelles, le Roi peut, sur avis de la Banque et de la FSMA, imposer des exigences organisationnelles supplémentaires à celles prévues aux articles 528 et 529 et au présent article, en vue d’assurer la sauvegarde des avoirs des clients. Ces exigences doivent être objectivement justifi ées et pro- portionnées afi n de répondre à des risques spécifi ques pesant sur la protection des investisseurs ou l’intégrité du marché qui revêtent une importance particulière étant donné la structure de marché belge. L’usage de cette habilitation fait l’objet des notifi cations à la Commission européenne prévues par l’article 16, paragraphe 11, de la Directive 2014/65/UE.”. Art. 191 Dans l’article 552 de la même loi, inséré par la loi du 25 octobre 2016, le mot “[FSMA]” est remplacé par les mots “25 octobre”. Art. 192 L’article 559  de la même loi, inséré par la loi du 25 octobre 2016, est remplacé par ce qui suit: “Art. 559. Les articles 135, 136, 136/1, 136/2, 137, 138, 139 et 140 sont applicables.”. Art. 193 Dans l’article 594 de la même loi, inséré par la loi du 25 octobre 2016, les mots “, 136/2” sont insérés entre les mots “135, 136” et les mots “et 139”. Art. 194 À l’article 603 de la même loi, inséré par la loi du 25  octobre  2016, les modifications suivantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, 1°, premier tiret, le mot “où” est inséré entre les mots “dans la mesure” et les mots “il rend”; 138 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2° paragraaf 1, tweede lid, 1°, wordt aangevuld met een derde, vierde en vijfde streepje, luidende: “- de buitenlandse beursvennootschap deelt aan de Bank de naam mee van de autoriteit die toezicht op haar uitoefent en indien dit toezicht wordt uitgeoefend door verschillende autoriteiten, worden de respectieve bevoegdheidsdomeinen van deze laatsten vermeld; — de Bank raadpleegt de toezichthouders van de lidstaat van herkomst van de buitenlandse beurs- vennootschap alvorens zich uit te spreken over de vergunningsaanvraag; — de Bank verleent de vergunning enkel na eenslui- dend advies van de FSMA met betrekking tot de naleving door het bijkantoor van de buitenlandse beursvennoot- schap van de bepalingen van de artikelen 26, zevende tot negende lid, 27, 27bis, 27ter, § 1 tot 3 en 5 tot 8, 27quater, § 1 en 28 van de wet van 2 augustus 2002, van de artikelen 46, 48, 50, 51 en 52 van de wet van … en van de artikelen 3 tot 26 van Verordening nr. 600/2014, en van de maatregelen die op grond van deze bepalin- gen zijn genomen;”; 3° in paragraaf 1, tweede lid, wordt de bepaling onder 4° vervangen als volgt: “4° de artikelen 500 tot 502 en 509, voor zover zij de artikelen 18 tot 22 en 36 van toepassing verklaren op de beursvennootschappen, en 510/1, met dien ver- stande dat: — de verwijzing naar artikel 500 geldt voor de beurs- vennootschap waaronder het bijkantoor ressorteert; — de verwijzing naar de artikelen 501, 502  en 509 geldt voor het bijkantoor in België; en — de verwijzing naar artikel 510/1 geldt voor het bijkantoor in België wanneer zij beleggingsdiensten en/of -activiteiten en/of nevendiensten mag verlenen of verrichten in België, in het kader waarvan zij geld en/of fi nanciële instrumenten van cliënten mag ontvangen;”. Art. 195 In artikel 604 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 2° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, 1°, il est inséré un troisième tiret, un quatrième tiret et un cinquième tiret rédigés comme suit: “- la société de bourse étrangère communique à la Banque le nom de l’autorité chargée de son contrôle et si le contrôle est assuré par plusieurs autorités, les domaines de compétences respectifs de ces dernières sont précisés; — la Banque consulte les autorités de contrôle de l’État d’origine de la société de bourse étrangère avant de statuer sur la demande d’agrément; — la Banque ne délivre l’agrément que sur avis conforme de la FSMA en ce qui concerne le respect par la succursale de la société de bourse étrangère des dispositions énoncées aux articles 26, alinéas 7 à 9, 27, 27bis, 27ter, §§ 1er à 3 et 5 à 8, 27quater, § 1er et 28 de la loi du 2 août 2002, aux articles 46, 48, 50, 51 et 52 de la loi du … et aux articles 3 à 26 du Règlement (UE) n° 600/2014, ainsi qu’aux mesures adoptées en vertu de celles-ci;”; 3° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, le 4° est remplacé par ce qui suit: “4° les articles 500 à 502 et 509, dans la mesure où ils rendent les articles 18 à 22 et 36 applicables aux sociétés de bourse, et 510/1, étant entendu que: — la référence faite à l’article 500 vaut pour la société de bourse dont relève la succursale; — la référence faite aux articles 501, 502 et 509 vaut pour la succursale en Belgique; et — la référence faite à l’article 510/1 vaut pour la succursale en Belgique lorsqu’elle est autorisée à fournir des services d’investissement et/ou exercer des activités d’investissement et/ou fournir des services auxiliaires en Belgique dans le cadre desquels elle est autorisée à recevoir des fonds et/ou des instruments fi nanciers de clients;”. Art. 195 À l’article 604 de la même loi, inséré par la loi du 25  octobre  2016, les modifications suivantes sont apportées: 139 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° in het eerste lid worden de woorden “naar de ar- tikelen 45, 55 en 333 moeten worden opgevat als ver- wijzingen naar, respectievelijk, de artikelen 513, 519 en 603.” vervangen door de woorden “naar de artikelen 45, 55, 62 en 333 moeten worden opgevat als verwijzingen naar, respectievelijk, de artikelen 513, 519, 525 en 603.”; 2° in het tweede lid, 2°, worden de woorden “502, voor zover artikel 21, § 1, 2°, 3°, 7° en 9°, door dit artikel van toepassing wordt verklaard, 510, 510/1, 510/2, 525, voor zover artikel 62, § 3, door dit artikel van toepas- sing wordt verklaard, 527, 528, 529, 529/1, 531, voor zover artikel 67 door dit artikel van toepassing wordt verklaard,” ingevoegd tussen de woorden “de artikelen” en de woorden “532 tot 534”. Art. 196 In artikel 615  van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “en die bestemd zijn voor de verwerving van fi nanciële instru- menten of die moeten worden terugbetaald,” vervangen door de woorden “overeenkomstig artikel 533, §  1, eerste zin,”. HOOFDSTUK XI Wijzigingen van de wet van 12 mei 2014 betreffende de gereglementeerde vastgoedvennootschappen Art. 197 In artikel 2 van de wet van 12 mei 2014 betreffende de gereglementeerde vastgoedvennootschappen, ge- wijzigd bij de wet van ..., worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in de bepaling onder 25° worden de woorden “artikel 2, 3°, 5° of 6° van de wet van 2 augustus 2002” vervangen door de woorden “artikel 3, 8°, 9° of 10°, van de wet van … over de infrastructuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”; b) de bepaling onder 29° wordt vervangen als volgt: “29° “multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral tra- ding facility – MTF)”: een MTF als bedoeld in artikel 3, 10°, van de wet van ... ;”. 1° dans l’alinéa 1er, les mots “aux articles 45, 55 et 333 doivent être lues comme des références respec- tivement aux articles 513, 519 et 603.” sont remplacés par les mots “aux articles 45, 55, 62 et 333 doivent être lues comme des références respectivement aux articles 513, 519, 525 et 603.”; 2° dans l’alinéa 2, 2°, les mots “502, dans la mesure où il rend l’article 21, § 1er, 2°, 3°, 7° et 9°, applicable, 510, 510/1, 510/2, 525, dans la mesure où il rend l’article 62, § 3, applicable, 527, 528, 529, 529/1, 531, dans la mesure où il rend l’article 67 applicable,” sont insérés entre les mots “les articles” et les mots “532 à 534”. Art. 196 Dans l’article 615 de la même loi, inséré par la loi du 25 octobre 2016, les mots “en attente d’affectation à l’acquisition d’instruments fi nanciers ou en attente de restitution,” sont remplacés par les mots “conformément à l’article 533, § 1er, première phrase,”. CHAPITRE XI Modifi cations de la loi du 12 mai 2014  relative aux sociétés immobilières réglementées Art. 197 Dans l’article 2 de la loi du 12 mai 2014 relative aux sociétés immobilières réglementées, modifi é par la loi du ..., les modifi cations suivantes sont apportées: a) au 25°, les mots “article 2, 3°, 5°, ou 6°, de la loi du 2 août 2002” sont remplacés par les mots “article 3, 8°, 9° ou 10°, de la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant trans- position de la Directive 2014/65/UE”; b) le 29° est remplacé par ce qui suit: “29° par “système multilatéral de négociation (Multilateral trading facility – MTF)”: un MTF visé à l’article 3, 10°, de la loi du …;”. 140 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 HOOFDSTUK XII Wijzigingen van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de verzekerings- of herverzekeringsondernemingen Art. 198 In artikel 15, 46°, a), van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de verzekerings- of herverzekeringsondernemingen worden de woor- den “artikel 2, eerste lid, 5° of 6°, van de wet van 2 augustus 2002” vervangen door de woorden “artikel 3, 8° of 9°, van de wet van … over de infrastructuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”. Art. 199 In artikel 630, laatste lid, van dezelfde wet worden de woorden “markten voor fi nanciële instrumenten die georganiseerd zijn met toepassing van artikel 15 van de wet van 2 augustus 2002” vervangen door de woorden “MTF of OTF bedoeld in de wet van … over de infrastruc- turen voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”. HOOFDSTUK XIII Wijzigingen van de wet van 25 oktober 2016 betreffende de toegang tot het beleggingsdienstenbedrijf en betreffende het statuut van en het toezicht op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies Art. 200 In artikel 1, § 3, tweede streepje, van de wet van 25 oktober 2016 betreffende de toegang tot het beleg- gingsdienstenbedrijf en betreffende het statuut van en het toezicht op de vennootschappen voor vermo- gensbeheer en beleggingsadvies, worden de woorden “Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende markten voor fi nanciële instrumenten, tot wijziging van de Richtlijnen 85/611/EEG en 93/6/EEG van de Raad en van Richtlijn 2000/12/EG van het Europees Parlement en de Raad en houdende intrekking van Richtlijn 93/22/EEG van de Raad” vervangen door de woorden “Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor fi nanciële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU”. CHAPITRE XII Modifi cations de la loi du 13 mars 2016 relative au statut et au contrôle des entreprises d’assurance ou de réassurance Art. 198 Dans l’article 15, 46°, a), de la loi du 13 mars 2016 re- lative au statut et au contrôle des entreprises d’assu- rance ou de réassurance, les mots “article 2, alinéa 1er, 5° ou 6°, de la loi du 2 août 2002” sont remplacés par les mots “article 3, 8° ou 9°, de la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE”. Art. 199 Dans l’article 630, dernier alinéa, de la même loi, les mots “des marchés d’instruments fi nanciers organisés en application de l’article 15 de la loi du 2 août 2002” sont remplacés par les mots “des MTF ou OTF visés par la loi du … relative aux infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE”. CHAPITRE XIII Modifi cations de la loi du 25 octobre 2016 relative à l’accès à l’activité de prestation de services d’investissement et au statut et au contrôle des sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement Art. 200 Dans l’article 1er, § 3, deuxième tiret, de la loi du 25 octobre 2016 relative à l’accès à l’activité de pres- tation de services d’investissement et au statut et au contrôle des sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement, les mots “la directive 2004/39/CE du Parlement européen et du Conseil du 21 avril 2004 concernant les marchés d’instruments fi nanciers, modifi ant les directives 85/611/CEE et 93/6/ CEE du Conseil et la directive 2000/12/CE du Parlement européen et du Conseil et abrogeant la directive 93/22/ CEE du Conseil” sont remplacés par les mots “la Directive 2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil du 15 mai 2014 concernant les marchés d’ins- truments fi nanciers et modifi ant la directive 2002/92/CE et la directive 2011/61/UE”. 141 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 201 In artikel 2 van de dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de bepaling onder 9, luidende: “9. het uitbaten van georganiseerde handelsfacilitei- ten (OTF);”; b) in de bepaling onder 2° wordt de bepaling onder 1 vervangen als volgt: “1. bewaring en beheer van fi nanciële instrumenten voor rekening van cliënten, met inbegrip van bewaar- neming en daarmee samenhangende diensten zoals contanten- en/of zekerhedenbeheer, en met uitsluiting van het aanhouden van effectenrekeningen bovenaan de houderschapsketen;”; c) de bepaling onder 6° wordt aangevuld met de woorden: “, met inbegrip van het sluiten van overeenkomsten tot verkoop van door een beleggingsonderneming of kredietinstelling uitgegeven fi nanciële instrumenten op het tijdstip van de uitgifte ervan;”; d) de bepaling onder 14° wordt vervangen als volgt: “14° multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral trading facility – MTF): een MTF als gedefi nieerd in artikel 3, 10°, van de wet van …;”; e) de bepaling onder 15° wordt vervangen als volgt: “15° systematische internaliseerder: een systemati- sche internaliseerder als gedefi nieerd in artikel 3, 29°, van de wet van …;”; f) de bepaling onder 16° wordt vervangen als volgt: “16° market maker: een market maker als gedefi ni- eerd in artikel 3, 26°, van de wet van …;”; g) in de bepaling onder 21° worden de woorden “ar- tikel 48 van de Richtlijn 2004/39/EG” vervangen door de woorden “artikel 67 van de Richtlijn 2014/65/EU”; h) er wordt een bepaling onder 28°/1 ingevoegd, luidende: “28°/1 groep: een moederonderneming en al haar dochterondernemingen;”; Art. 201 Dans l’article 2 de la même loi, les modifi cations suivantes sont apportées: a) le 1° est complété par le 9, rédigé comme suit: “9. l’exploitation d’un système organisé de négocia- tion (OTF);”; b) au 2°, le 1 est remplacé par ce qui suit: “1. la conservation et l’administration d’instruments fi nanciers pour le compte de clients, y compris les services de garde et les services connexes, comme la gestion de trésorerie/de garanties, et à l’exclusion de la tenue centralisée de comptes de titres au plus haut niveau;”; c) le 6° est complété par la phrase suivante: “L’exécution d’ordres inclut la conclusion d’accords de vente d’instruments fi nanciers émis par une entre- prise d’investissement ou un établissement de crédit au moment de leur émission;”; d) le 14° est remplacé par ce qui suit: “14° par système multilatéral de négociation (Multilateral trading facility – MTF): un MTF tel que défi ni par l’article 3, 10°, de la loi du …;”; e) le 15° est remplacé par ce qui suit: “15° par internalisateur systématique: un internalisa- teur systématique tel que défi ni par l’article 3, 29°, de la loi du …;”; f) le 16° est remplacé par ce qui suit: “16° par teneur de marché: un teneur de marché tel que défi ni par l’article 3, 26°, de la loi du …;”; g) au 21°, les mots “article 48 de la Directive 2004/39/ CE” sont remplacés par les mots “article 67  de la Directive 2014/65/UE”; h) il est inséré un 28°/1, rédigé comme suit: “28°/1 par groupe: une entreprise mère et l’ensemble de ses entreprises fi liales;”; 142 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 i) de bepaling onder 31° wordt vervangen als volgt: “31° marktexploitant: een marktexploitant als gedefi - nieerd in artikel 3, 3°, van de wet van …;”; j) de bepaling onder 32° wordt vervangen als volgt: “32° gereglementeerde markt: een gereglemen- teerde markt als gedefi nieerd in artikel 3, 7°, van de wet van …;”; k) de bepaling onder 33° wordt vervangen als volgt: “33° Richtlijn 2014/65/EU: Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 be- treffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU;”; l) de bepaling onder 38° wordt opgeheven; m) de bepaling onder 51° wordt aangevuld met de woorden “van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor ef- fecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/ EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie”; n) in de bepaling onder 53° worden de woorden “het tweede, vierde of vijfde lid van artikel 25, § 5” vervangen door de woorden “artikel 25/3”; o) het artikel wordt aangevuld met de bepalingen onder 58° tot 73°, luidende: “58° georganiseerde handelsfaciliteit (organised tra- ding facility of OTF): een multilateraal systeem, anders dan een gereglementeerde markt of een MTF, waarin meerdere koop- en verkoopintenties van derden met betrekking tot obligaties, gestructureerde fi nanciële producten, emissierechten en derivaten op zodanige wijze met elkaar kunnen interageren dat er een over- eenkomst uit voortvloeit overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk II van Titel II van de wet … ; 59° algoritmische handel: handel in fi nanciële instru- menten waarbij een computeralgoritme automatisch individuele parameters van orders bepaalt, onder meer of het order moet worden geïnitieerd, het tijdstip, de prijs of de omvang van het order, of hoe het order moet worden beheerd nadat het is ingevoerd, met weinig of geen menselijk ingrijpen; een systeem dat alleen wordt gebruikt voor de routering van orders naar een of meer handelsplatforms, dan wel voor het verwerken van orders waarbij geen sprake is van bepaling van i) le 31° est remplacé par ce qui suit: “31° par opérateur de marché: un opérateur de mar- ché tel que défi ni par l’article 3, 3°, de la loi du …;”; j) le 32° est remplacé par ce qui suit: “32° par marché réglementé: un marché réglementé au sens de l’article 3, 7°, de la loi du …;”; k) le 33° est remplacé par ce qui suit: “33° par Directive 2014/65/UE: la Directive 2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil du 15  mai  2014  concernant les marchés d’instruments fi nanciers et modifi ant la directive 2002/92/CE et la directive 2011/61/UE;”; l) le 38° est abrogé; m) le 51° est complété par les mots “du Parlement européen et du Conseil du 24 novembre 2010 instituant une Autorité européenne de surveillance (Autorité euro- péenne des marchés fi nanciers), modifi ant la Décision n° 716/2009/CE et abrogeant la Décision 2009/77/CE de la Commission”; n) au 53°, les mots “l’alinéa 2, 4 ou 5 de l’article 25, § 5” sont remplacés par les mots “l’article 25/3”; o) l’article est complété par les 58° à 73°, rédigés comme suit: “58° par système organisé de négociation (organised trading facility ou OTF): un système multilatéral, autre qu’un marché réglementé ou un MTF, au sein duquel de multiples intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par des tiers pour des obligations, des produits fi nanciers structurés, des quotas d’émission ou des instruments dérivés peuvent interagir d’une manière qui aboutisse à la conclusion de contrats conformément aux disposi- tions du chapitre II du Titre II de la loi du …; 59° par trading algorithmique: la négociation d’instruments fi nanciers dans laquelle un algorithme informatique détermine automatiquement les différents paramètres des ordres, comme la décision de lancer l’ordre, la date et l’heure, le prix ou la quantité de l’ordre, ou la manière de gérer l’ordre après sa soumission, avec une intervention humaine limitée ou sans inter- vention humaine; cela ne couvre pas les systèmes utilisés uniquement pour acheminer des ordres vers une ou plusieurs plates-formes de négociation ou pour 143 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 handelsparameters, voor de bevestiging van orders of voor de posttransactionele verwerking van uitgevoerde transacties, valt niet onder deze defi nitie; 60° techniek van hoogfrequentie algoritmische handel: elke algoritmische handelstechniek die wordt gekenmerkt door: a) infrastructuur die bedoeld is om netwerk- en andere soorten latenties te minimaliseren, daaronder begrepen ten minste één van de volgende faciliteiten voor het invoeren van algoritmische orders: colocatie, proximity hosting of directe elektronische toegang met hoge snelheid; b) het initiëren, genereren, geleiden of uitvoeren van orders door het systeem, zonder menselijk ingrijpen, voor afzonderlijke handelstransacties of orders; en c) een groot aantal berichten (orders, noteringen of annuleringen) binnen de handelsdag; 61° directe elektronische toegang: een voorziening waarbij een lid of deelnemer of cliënt van een handels- platform een persoon toestaat gebruik te maken van zijn handelscode, zodat de betrokken persoon in staat is orders met betrekking tot een fi nancieel instrument langs elektronische weg direct aan een handelsplat- form door te geven, met inbegrip van een voorziening waarbij de persoon van de infrastructuur van het lid of de deelnemer of de cliënt gebruik maakt, alsook alle verbindingssystemen die door het lid of de deelnemer of de cliënt beschikbaar worden gesteld om de orders door te geven (directe markttoegang) en regelingen waarbij deze infrastructuur niet wordt gebruikt door deze persoon (gesponsorde toegang); 62° gestructureerd deposito: een deposito zoals ge- defi nieerd in artikel 2, lid 1, punt c), van Richtlijn 2014/49/ EU van het Europees Parlement en de Raad dat op de vervaldatum volledig wordt terugbetaald, waarbij een rente of premie wordt uitbetaald of in het gedrang komt volgens een formule waarin rekening wordt gehouden met factoren als: a) een index of een combinatie van indexen, met uitzondering van deposito’s met een variabele rente waarvan het rendement rechtstreeks gekoppeld is aan een rente-index zoals Euribor of Libor; b) een fi nancieel instrument of een combinatie van fi nanciële instrumenten; le traitement d’ordres n’impliquant la détermination d’aucun paramètre de négociation ou pour la confi rma- tion des ordres ou pour exécuter les ordres de clients ou pour le traitement post-négociation des transactions exécutées; 60° par technique de trading algorithmique à haute fréquence: toute technique de trading algorithmique caractérisée par: a) une infrastructure destinée à minimiser les latences informatiques et les autres types de latence, y compris au moins un des systèmes suivants de placement des ordres algorithmiques: colocalisation, hébergement de proximité ou accès électronique direct à grande vitesse; b) la détermination par le système de l’engagement, la création, l’acheminement ou l’exécution d’un ordre sans intervention humaine pour des transactions ou des ordres individuels; et c) un débit intrajournalier élevé de messages qui constituent des ordres, des cotations ou des annulations; 61° par accès électronique direct: un mécanisme par lequel un membre ou participant ou client d’une plateforme de négociation permet à une personne d’utiliser son code de négociation de manière à ce que cette personne puisse transmettre électroniquement et directement à la plateforme de négociation des ordres relatifs à un instrument fi nancier et qui inclut les méca- nismes qui impliquent l’utilisation, par une personne, de l’infrastructure du membre ou du participant ou client ou de tout système de connexion fourni par le membre ou le participant ou client, pour transmettre les ordres (accès direct au marché) ainsi que les mécanismes dans lesquels cette infrastructure n’est pas utilisée par une personne (accès sponsorisé); 62° par dépôt structuré: un dépôt au sens de l’article 2, paragraphe 1, point c), de la Directive 2014/49/UE du Parlement européen et du Conseil qui est intégralement remboursable à l’échéance dans des conditions selon lesquelles tout intérêt ou prime sera payé ou présente un risque selon une formule faisant intervenir des fac- teurs tels que: a) un indice ou une combinaison d’indices, à l’exclu- sion des dépôts à taux variables dont la rentabilité est directement liée à un indice de taux d’intérêt comme l’Euribor ou le Libor; b) un instrument fi nancier ou une combinaison d’ins- truments fi nanciers; 144 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 c) een grondstof of een combinatie van grondstof- fen of andere materiële of niet-materiële niet-fungibele activa; of d) een buitenlandse wisselkoers of een combinatie van buitenlandse wisselkoersen; 63° onderneming uit een derde land: een onder- neming die zou gelden als een kredietinstelling die beleggingsdiensten verleent of beleggingsactiviteiten verricht, of als een beleggingsonderneming, als haar hoofdkantoor of statutaire zetel zich binnen de Europese Unie zou bevinden; 64° Verordening (EU) nr. 600/2014: Verordening (EU) nr. 600/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten in fi nanci- ele instrumenten en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012; 65° Richtlijn 2003/87/EG: Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststelling van een regeling voor de handel in broei- kasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad; 66° Richtlijn 2009/72/EG: Richtlijn 2009/72/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 be- treffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van Richtlijn 2003/54/EG; 67° Richtlijn 2009/73/EG: Richtlijn 2009/73/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 be- treffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas en tot intrekking van Richtlijn 2003/55/EG; 68° Verordening (EG) nr. 714/2009: Verordening (EG) nr. 714/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1228/2003; 69° Verordening (EG) nr. 715/2009: Verordening (EG) nr. 715/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor de toegang tot aardgastransmissienetten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1775/2005; 70° Verordening (EU) nr. 596/2014: Verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik (verorde- ning marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn c) une matière première ou une combinaison de matières premières ou d’autres actifs physiques ou non physiques qui ne sont pas fongibles; ou d) un taux de change ou une combinaison de taux de change; 63° par entreprise de pays tiers: une entreprise qui, si son administration centrale ou son siège statutaire étaient situés à l’intérieur de l’Union européenne, serait soit un établissement de crédit fournissant des services d’investissement ou exerçant des activités d’investisse- ment, soit une entreprise d’investissement; 64° par Règlement (UE) n°600/2014: le Règlement (UE) n ° 600/2014 du Parlement européen et du Conseil du 15 mai 2014 concernant les marchés d’instruments fi nanciers et modifi ant le règlement (UE) n ° 648/2012; 65° par Directive 2003/87/CE: la Directive 2003/87/ CE du Parlement européen et du Conseil du 13 octobre 2003 établissant un système d’échange de quotas d’émission de gaz à effet de serre dans la Communauté et modifiant la directive 96/61/CE du Conseil; 66° par Directive 2009/72/CE: la Directive 2009/72/ CE du Parlement Européen et du Conseil du 13 juillet 2009 concernant des règles communes pour le marché intérieur de l’électricité et abrogeant la direc- tive 2003/54/CE; 67° par Directive 2009/73/CE: la Directive 2009/73/ CE du Parlement Européen et du Conseil du 13 juillet 2009 concernant des règles communes pour le marché intérieur du gaz naturel et abrogeant la direc- tive 2003/55/CE; 68° par Règlement (CE) n°714/2009: le Règlement no 714/2009 du Parlement européen et du conseil du 13 juillet 2009 sur les conditions d’accès au réseau pour les échanges transfrontaliers d’électricité et abrogeant le règlement (CE) no 1228/2003; 69° par Règlement (CE) n° 715/2009: le Règlement n° 715/2009 du Parlement européen et du Conseil du 13 juillet 2009 concernant les conditions d’accès aux réseaux de transport de gaz naturel et abrogeant le règlement (CE) no 1775/2005; 70° par Règlement (UE) n° 596/2014: le Règlement (UE) n° 596/2014 du Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 sur les abus de marché (règlement relatif aux abus de marché) et abrogeant la directive 145 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2003/6/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijnen 2003/124/EG, 2003/125/EG en 2004/72/EG van de Commissie; 71° Gedelegeerde richtlijn 2017/593: Gedelegeerde Richtlijn (EU) 2017/593  van de Commissie van 7 april 2016 tot aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot het vrijwaren van fi nanciële instrumenten en geldmid- delen die aan cliënten toebehoren, productgovernance- verplichtingen en de regels die van toepassing zijn op het betalen of het ontvangen van provisies, commissies en geldelijke of niet-geldelijke tegemoetkomingen; 72° Gedelegeerde verordening 2017/565: Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/565  van de Commissie van 25 april 2016 houdende aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de door beleggingsondernemingen in acht te nemen organisatorische eisen en voorwaarden voor de bedrijfsuitoefening en wat betreft de defi nitie van begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn; 73° wet van …: wet van … over de infrastructuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting van richtlijn 2014/65/EU.” Art. 202 In artikel 3 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt: “§ 2. In afwijking van paragraaf 1 mogen de in artikel 2, 1°, 8 en 9, bedoelde beleggingsdiensten ook worden uitgeoefend door een marktexploitant. De marktexploitanten die voornemens zijn een be- leggingsdienst te verlenen als bedoeld in artikel 2, 1°, 8 en 9, dienen hiervoor de voorafgaande toestemming te krijgen van de FSMA. De FSMA verleent haar toestemming uitsluitend als blijkt dat de marktexploitant de volgende bepalin- gen naleeft: 1° artikel 499 van de wet van 25 april 2014; 2° de artikelen 500, 514  tot 518  van de wet van 25 april 2014; 3° artikel 501 van de wet van 25 april 2014, wat de toepassing van artikel 19, § 2, van deze wet betreft; 2003/6/CE du Parlement européen et du Conseil et les directives 2003/124/CE, 2003/125/CE et 2004/72/CE de la Commission; 71° par Directive déléguée 2017/593: la Directive déléguée (UE) 2017/593  de la Commission du 7  avril  2016  complétant la directive 2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne la sauvegarde des instruments fi nanciers et des fonds des clients, les obligations applicables en matière de gouvernance des produits et les règles régissant l’octroi ou la perception de droits, de commissions ou de tout autre avantage pécuniaire ou non pécuniaire; 72° Règlement délégué 2017/565: le Règlement délégué (UE) 2017/565  de la Commission du 25 avril 2016 complétant la directive 2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne les exigences organisationnelles et les conditions d’exercice applicables aux entreprises d’investissement et la défi nition de certains termes aux fi ns de ladite directive; 73° par loi du …: la loi du … relative aux infrastruc- tures des marchés d’instruments fi nanciers et portant transposition de la Directive 2014/65/UE.” Art. 202 À l’article 3 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit: “§ 2. Par dérogation au paragraphe 1er, les services d’investissement visés à l’article 2, 1°, 8 et 9, peuvent également être exercés par un opérateur de marché. Les opérateurs de marché qui entendent fournir un service d’investissement visé à l’article 2, 1°, 8 ou 9, de la présente loi doivent obtenir l’autorisation préalable de la FSMA. La FSMA n’accorde son autorisation que si elle constate que l’opérateur de marché respecte les dis- positions suivantes: 1° l’article 499 de la loi du 25 avril 2014; 2° les articles 500, 514 à 518 de la loi du 25 avril 2014; 3° l’article 501 de la loi du 25 avril 2014, en ce qu’il rend applicable l’article 19, § 2, de cette loi; 146 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 4° artikel 502 van de wet van 25 april 2014, wat de toe- passing van de artikelen 21, § 1, 1°, 2°, 3°, 7°, 9°, § 1bis en § 2 en 23, eerste en tweede lid van deze wet betreft; 5° artikel 503 van de wet van 25 april 2014, wat de toepassing van de artikelen 24, § 3 en 25, § 3, van deze wet betreft, tenzij een situatie die door deze bepalingen verboden is, door de marktexploitant wordt gerechtvaar- digd en door de FSMA wordt goedgekeurd; 6° artikel 510 van de wet van 25 april 2014, wat de toepassing van artikel 41 van deze wet betreft; 7° artikel 511 van de wet van 25 april 2014; 8° de artikelen 46, 48 en 50 van de wet van …. Bovendien verleent de FSMA haar toestemming niet als er objectieve en aantoonbare redenen zijn om aan te nemen dat het wettelijk bestuursorgaan van de marktex- ploitant een bedreiging kan vormen voor de efficiënte, gezonde en voorzichtige bedrijfsvoering ervan en voor een passende inaanmerkingneming van de belangen van zijn cliënten en de integriteit van de markt. De marktexploitant bezorgt de FSMA een programma van werkzaamheden dat beantwoordt aan de voorwaar- den die door de FSMA zijn vastgesteld en waarin met name de omvang is vermeld van de verrichtingen die hij voornemens is uit te voeren, alsook zijn organisatie- structuur en welke nauwe banden hij heeft met andere personen. Daarnaast verstrekt de marktexploitant de FSMA alle nodige inlichtingen om haar aanvraag te beoordelen. De FSMA neemt een beslissing binnen zes maanden na indiening van een volledig dossier. De artikelen 47 tot 53, 56 tot 58 en hoofdstuk III van deze titel zijn mutatis mutandis van toepassing op de marktexploitanten bedoeld in paragraaf 2, alsook de volgende bepalingen van de wet van 25 april 2014: 1° artikel 520 wat de toepassing van artikel 56, §§ 1, 2 en 3, tweede zin, van de wet van 25 april 2014 be- treft. Dit artikel is evenwel enkel van toepassing voor de beoordeling van de organisatieregelingen die van toepassing zijn verklaard op de marktoperatoren; 2° artikel 522; 3° artikel 525, wat de toepassing van artikel 59, § 1, van de wet van 25 april 2014 betreft; 4° de artikelen 529/1 en 530. 4° l’article 502 de la loi du 25 avril 2014, en ce qu’il rend applicable les articles 21, § 1er, 1°, 2°, 3°, 7°, 9°, § 1erbis et § 2 et 23, alinéas 1er et 2 de cette loi; 5° l’article 503 de la loi du 25 avril 2014, en ce qu’il rend applicable les articles 24, § 3 et 25, § 3, de cette loi, sauf lorsqu’une situation interdite par ces dispositions est justifi ée par l’opérateur de marché et approuvée par la FSMA; 6° l’article 510 de la loi du 25 avril 2014, en ce qu’il rend applicable l’article 41 de cette loi; 7° l’article 511 de la loi du 25 avril 2014; 8° les articles 46, 48 et 50 de la loi du …. En outre, la FSMA n’accorde pas son autorisation s’il existe des raisons objectives et démontrables d’estimer que l’organe légal d’administration de l’opérateur de marché risquerait de compromettre la gestion efficace, saine et prudente de l’opérateur de marché, ainsi que la prise en compte appropriée de l’intérêt de ses clients et de l’intégrité du marché. L’opérateur de marché communique à la FSMA un programme d’activités répondant aux conditions fi xées par la FSMA dans lequel sont notamment indiqués le volume des opérations envisagées ainsi que la structure de l’organisation de l’entreprise et ses liens étroits avec d’autres personnes. L’opérateur de marché commu- nique également à la FSMA tous les renseignements nécessaires à l’appréciation de sa demande. La FSMA statue dans les six mois de l’introduction d’un dossier complet. Les articles 47 à 53, 56 à 58 et le chapitre III du pré- sent titre s’appliquent par analogie aux opérateurs de marché visés au paragraphe 2 ainsi que les dispositions suivantes de la loi du 25 avril 2014: 1° l’article 520, en ce qu’il rend applicable l’article 56, §§ 1er, 2 et 3, deuxième phrase, de la loi du 25 avril 2014. Cet article ne s’applique toutefois que pour l’évaluation des dispositifs d’organisation rendus applicables aux opérateurs de marché; 2° l’article 522; 3° l’article 525, en ce qu’il rend applicable l’article 59, § 1er, de la loi du 25 avril 2014; 4° les articles 529/1 et 530. 147 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Artikel 64 is mutatis mutandis van toepassing als de FSMA vaststelt dat niet langer aan voormelde voorwaar- den is voldaan.”; 2° paragraaf 3 wordt opgeheven; 3° paragraaf 4 wordt vervangen als volgt: “§ 4. De FSMA stelt een lijst op van de marktexploi- tanten en de beleggingsondernemingen die toestem- ming hebben gekregen om een MTF of een OTF te exploiteren, en vermeldt daarbij om welke MTF’s en OTF’s het gaat. De FSMA publiceert die lijst en de daarin aangebrachte wijzigingen op haar website, en maakt deze lijst over aan de Europese Autoriteit voor effecten en markten.”. Art. 203 Artikel 4 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 4. § 1. Deze titel geldt niet voor: 1° de kredietinstellingen bedoeld in Boek II en in de Titels I en II van Boek III van de wet van 25 april 2014. Artikel 9, §§ 1, 3 en 4, is echter wel van toepassing op deze instellingen; 2° de verzekeringsondernemingen en de onderne- mingen die werkzaamheden van herverzekering en retrocessie uitoefenen bedoeld in Richtlijn 2009/138/EG wanneer zij de in die richtlijn bedoelde werkzaamheden uitoefenen; 3° de ondernemingen die uitsluitend beleggingsdien- sten en -activiteiten verrichten voor hun moederonder- neming, hun dochterondernemingen of een andere dochteronderneming van hun moederonderneming; 4° de personen die een beleggingsdienst of -activiteit als incidentele activiteit verrichten in het kader van een beroepswerkzaamheid, indien deze werkzaamheid aan wettelijke of bestuursrechtelijke voorschriften of aan een beroepscode is onderworpen en het verrichten van de dienst of de activiteit op grond daarvan niet is uitgesloten; 5° personen die voor eigen rekening handelen in an- dere fi nanciële instrumenten dan grondstoffenderivaten of emissierechten, of derivaten daarvan, en die geen andere beleggingsdiensten verlenen of beleggingsac- tiviteiten verrichten met betrekking tot andere fi nanciële L’article 64  s’applique par analogie lorsque la FSMA constate qu’il n’est plus satisfait aux conditions précitées.”; 2° le paragraphe 3 est abrogé; 3° le paragraphe 4 est remplacé par ce qui suit: “§  4. La FSMA établit la liste des opérateurs de marché et des entreprises d’investissement autorisés à exploiter un MTF ou un OTF, en indiquant les MTF ou OTF exploités. La FSMA publie cette liste sur son site internet, ainsi que les modifi cations qui y sont apportées, et la transmet à l’Autorité européenne des marchés fi nanciers.”. Art. 203 L’article 4 de la même loi est remplacé par ce qui suit: “Art. 4. § 1er. Le présent titre n’est pas applicable: 1° aux établissements de crédit visés au Livre II et aux Titres Ier et II du Livre III de la loi du 25 avril 2014. L’article 9, §§ 1er, 3 et 4, est néanmoins applicable à ces établissements; 2° aux entreprises d’assurance ni aux entreprises exerçant les activités de réassurance et de rétrocession visées à la Directive 2009/138/CE lorsqu’elles exercent les activités visées dans ladite directive; 3° aux entreprises qui fournissent un service ou une activité d’investissement exclusivement à leur entre- prise-mère, à leurs fi liales ou à une autre fi liale de leur entreprise-mère; 4° aux personnes qui fournissent un service ou une activité d’investissement si cette activité est exercée de manière accessoire dans le cadre d’une activité professionnelle, et si cette dernière est régie par des dispositions légales ou réglementaires ou par un code déontologique régissant la profession et que ceux- ci n’excluent pas la fourniture de ce service ou de cette activité; 5° aux personnes qui négocient des instruments fi - nanciers pour compte propre autres que des instruments dérivés sur matières premières ou des quotas d’émis- sion, ou des instruments dérivés sur ces derniers et qui ne fournissent aucun autre service d’investissement ou 148 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 instrumenten dan grondstoffenderivaten of emissierech- ten of derivaten daarvan, tenzij deze personen: a) market makers zijn; b) leden zijn van of deelnemers zijn in een gere- glementeerde markt of een MTF of directe elektroni- sche markttoegang hebben tot een handelsplatform met uitzondering van de niet-fi nanciële entiteiten die transacties uitvoeren op een handelsplatform waarvan de bijdrage tot de vermindering van de risico’s die rechtstreeks verband houden met de commerciële activiteit of de treasuryfi nancieringsactiviteit van die niet-fi nanciële entiteiten of hun groepen, objectief kan worden vastgesteld; c) een techniek van hoogfrequentie algoritmische handel toepassen; of d) voor eigen rekening handelen wanneer zij orders van cliënten uitvoeren. Personen die krachtens de bepalingen onder 2°, 9° of 10°, zijn vrijgesteld, hoeven niet aan de in dit punt vastgelegde voorwaarden te voldoen om te worden vrijgesteld; 6° de ondernemingen waarvan de beleggingsdien- sten en -activiteiten uitsluitend bestaan in het beheer van een werknemersparticipatieplan; 7° de ondernemingen waarvan de beleggingsdien- sten en -activiteiten bestaan in het verstrekken van zowel de diensten en activiteiten bedoeld onder 3° als die bedoeld onder 6°; 8° leden van het Europees Stelsel van Centrale Banken, andere nationale instellingen met een soortge- lijke functie, andere overheidsinstellingen die belast zijn met het beheer van de overheidsschuld of bij dat beheer betrokken zijn in de Europese Unie, alsook internationale fi nanciële instellingen die door twee of meer lidstaten zijn opgericht, en die tot doel hebben middelen bijeen te brengen en fi nanciële bijstand te verlenen ten behoeve van hun leden die te maken hebben met of bedreigd worden door ernstige fi nanciële problemen; 9° de instellingen voor collectieve belegging en pensioenfondsen, ongeacht of hiervoor op het niveau van de Europese Unie gecoördineerde bepalingen gelden, alsmede de bewaarders en beheerders van deze instellingen; n’exercent aucune autre activité d’investissement en lien avec des instruments fi nanciers autres que les ins- truments dérivés sur matières premières ou les quotas d’émission ou les instruments dérivés sur ces derniers sauf si ces personnes: a) sont teneurs de marché; b) sont membres ou participants d’un marché réglementé ou d’un MTF ou disposent d’un accès électronique direct à une plateforme de négociation à l’exception des entités non fi nancières qui exécutent des transactions sur une plate-forme de négociation dont la contribution à la réduction des risques directement liés à l’activité commerciale ou à l’activité de fi nancement de trésorerie de ces entités non fi nancières ou de leurs groupes peut être objectivement mesurée; c) appliquent une technique de trading algorithmique à haute fréquence; ou d) négocient pour compte propre lorsqu’elles exé- cutent les ordres de clients. Les personnes bénéfi ciant de l’exemption en vertu des 2°, 9° ou 10°, ne sont pas tenues de remplir les conditions énoncées dans le présent point pour béné- fi cier de l’exemption; 6° aux entreprises dont les services et activités d’investissement consistent exclusivement en la gestion d’un système de participation des travailleurs; 7° aux entreprises dont les services et activités d’investissement consistent en la fourniture tant des services et activités visés au 3° qu’à ceux visés au 6°; 8° aux membres du système européen de banques centrales, aux autres organismes nationaux à vocation similaire, ni aux autres organismes publics chargés de la gestion de la dette publique ou intervenant dans cette gestion dans l’Union européenne, ni aux institutions fi nancières internationales établies par deux ou plu- sieurs États membres qui ont pour fi nalité de mobiliser des fonds et d’apporter une aide fi nancière à ceux de leurs membres qui connaissent des difficultés fi nan- cières graves ou risquent d’y être exposés; 9° aux organismes de placement collectif et aux fonds de pension, qu’ils soient ou non coordonnés au niveau de l’Union européenne, ni aux dépositaires et gestionnaires de ces organismes; 149 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 10° personen die: a) voor eigen rekening handelen, met inbegrip van market makers, in grondstoffenderivaten, emissierech- ten of derivaten daarvan, met uitzondering van personen die voor eigen rekening handelen bij het uitvoeren van orders van cliënten; of b) andere beleggingsdiensten dan handel voor eigen rekening in grondstoffenderivaten, emissierechten of derivaten daarvan verlenen aan de cliënten of de leve- ranciers van hun hoofdbedrijf, mits: i). dit in elk van deze gevallen afzonderlijk en op geag- gregeerde basis een nevenactiviteit van hun hoofdbedrijf is, op groepsbasis beschouwd, en mits dit hoofdbedrijf niet bestaat in het verlenen van beleggingsdiensten in de zin van artikel 2, 1°, van deze wet of bankactiviteiten in de zin van artikel 4 van de wet van 25 april 2014, of het optreden als market maker met betrekking tot grondstoffenderivaten; ii). deze personen geen techniek voor hoogfrequentie algoritmische handel toepassen; en dat iii). deze personen de FSMA er jaarlijks van in kennis stellen dat zij van deze vrijstelling gebruik maken en zij de FSMA op verzoek meedelen op welke basis zij van mening zijn dat hun activiteit overeenkomstig de punten a) en b) een nevenactiviteit is van hun hoofdbedrijf; 11° personen die tijdens het uitoefenen van een andere, niet onder deze wet vallende beroepsactiviteit beleggingsadvies verstrekken mits er niet specifi ek voor deze adviesverstrekking wordt betaald; 12° exploitanten met nalevingsverplichtingen krach- tens Richtlijn 2003/87/EG, die bij het handelen in emis- sierechten geen orders van cliënten uitvoeren, en die geen beleggingsdiensten verlenen of beleggingsactivi- teiten verrichten, anders dan handel voor eigen reke- ning, op voorwaarde dat deze personen geen techniek voor hoogfrequente algoritmische handel toepassen; 13° transmissiesysteembeheerders als omschreven in artikel 2, punt 4, van Richtlijn 2009/72/EG of artikel 10° aux personnes: a) qui négocient pour compte propre, y compris les teneurs de marché, sur des instruments dérivés sur matières premières ou des quotas d’émission ou des instruments dérivés sur ces derniers, à l’exclusion des personnes négociant pour compte propre lorsqu’ils exécutent les ordres de clients; ou b) qui fournissent des services d’investissement, autres que la négociation pour compte propre, concer- nant des instruments dérivés sur matières premières, des quotas d’émission ou des instruments dérivés sur ces derniers, aux clients ou aux fournisseurs de leur activité principale, à condition que: i). dans tous ces cas, individuellement ou sous forme agrégée, ces prestations soient accessoires par rapport à leur activité principale, lorsque cette activité principale est considérée au niveau du groupe, et qu’elle ne consiste pas en la fourniture de services d’inves- tissement au sens de l’article 2, 1°, de la présente loi ou d’activités bancaires au sens de l’article 4 de la loi du 25 avril 2014, ou encore qu’elle ne consiste pas à exercer la fonction de teneurs de marché en rapport avec des instruments dérivés sur matières premières; ii). ces personnes n’appliquent pas une technique de trading algorithmique à haute fréquence; et que iii). ces personnes informent chaque année la FSMA qu’elles ont recours à cette exemption et, sur demande, elles lui indiquent la base sur laquelle elles considèrent que leurs activités visées aux points a) et b) sont acces- soires par rapport à leur activité principale; 11° aux personnes fournissant des conseils en inves- tissement dans le cadre de l’exercice d’une autre activité professionnelle qui n’est pas visée par la présente loi à condition que la fourniture de tels conseils ne soit pas spécifi quement rémunérée; 12° aux opérateurs soumis à des obligations de conformité en vertu de la Directive 2003/87/CE qui, lorsqu’ils négocient des quotas d’émission, n’exécutent pas d’ordres au nom de clients et qui ne fournissent aucun service d’investissement ou n’exercent aucune activité d’investissement autre que la négociation pour compte propre, à condition que ces personnes n’appliquent pas une technique de trading algorithmique à haute fréquence; 13° aux gestionnaires de réseau de transport au sens de l’article 2, point 4), de la Directive 2009/72/CE 150 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2, punt 4, van Richtlijn 2009/73/EG, bij de uitvoering van hun taken op grond van voornoemde richtlijnen, of Verordening (EG) nr. 714/2009 of Verordening (EG) nr. 715/2009  of overeenkomstig die Verordeningen vastgestelde netwerkcodes of richtsnoeren, personen die in hun naam als dienstverlener optreden teneinde hun taak op grond van die wetgevingshandelingen of overeenkomstig die Verordeningen vastgestelde net- werkcodes of richtsnoeren uit te voeren, en exploitanten of beheerders van een mechanisme voor de balancering van de energiestromen, dan wel van een pijpleidingen- netwerk of van een systeem om de energielevering en -afname in evenwicht te houden, wanneer zij deze taken uitoefenen. Deze vrijstelling is enkel van toepassing op personen die bij de in dit punt genoemde activiteiten betrokken zijn, wanneer zij beleggingsactiviteiten verrichten of be- leggingsdiensten verlenen in verband met grondstoffen- derivaten met het oog op bovengenoemde activiteiten. Deze vrijstelling is niet van toepassing op de exploitatie van een secundaire markt, inclusief een platform voor secundaire handel in fi nanciële transmissierechten; 14° centrale effectenbewaarinstellingen (Central se- curities depositaries – CSD’s) die worden gereguleerd op grond van het Europees Unierecht, voor zover zij door dat Unierecht worden gereguleerd. § 2. De in deze titel verleende rechten gelden niet voor het verlenen van diensten waarbij als tegenpartij wordt opgetreden bij transacties uitgevoerd door overheidsin- stellingen die zich met de overheidsschuld bezighouden, of door leden van het Europese stelsel van centrale banken in het kader van de uitoefening van hun taken overeenkomstig het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), Protocol nr. 4 betreffende de Statuten van het Europese stelsel van centrale banken en van de Europese centrale bank, of bij de uitoefening van vergelijkbare taken. § 3. De overeenkomstig paragraaf 1 vrijgestelde per- sonen conformeren zich aan de artikelen 69 en 70 van de wet van …. § 4. De leden of deelnemers van gereglementeerde markten of MTF’s aan wie een in paragraaf 1, 2°, 9°, 10° of 12°, bedoelde vrijstelling is verleend, conformeren zich aan de vereisten waarvan sprake in artikel 26/2, in artikel 65/3 van de wet van 25 april 2014 en in de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen. ou de l’article 2, point 4), de la Directive 2009/73/CE, lorsqu’ils effectuent les tâches qui leur incombent en vertu desdites directives, en vertu du Règlement (CE) n° 714/2009, en vertu du Règlement (CE) n° 715/2009 ou en vertu de codes de réseau ou de lignes directrices adoptés en application de ces règlements, aux per- sonnes agissant pour leur compte en tant que four- nisseurs de services pour effectuer les tâches qui leur incombent en vertu de ces actes législatifs ou en vertu de codes de réseau ou de lignes directrices adoptés en vertu de ces règlements, ni aux opérateurs ou adminis- trateurs d’un mécanisme d’ajustement des fl ux énergé- tiques, d’un réseau de gazoducs ou d’un système visant à équilibrer l’offre et la demande d’énergie, lorsqu’ils effectuent de telles tâches. Cette exemption ne s’applique aux personnes exécutant les activités visées au présent point que lorsqu’elles mènent des activités d’investissement ou fournissent des services d’investissement portant sur des instruments dérivés sur matières premières aux fi ns de l’exercice de ces activités. Cette exemption ne s’applique pas en ce qui concerne l’exploitation d’un marché secondaire, y compris une plateforme de négo- ciation secondaire sur des droits fi nanciers de transport; 14° aux dépositaires centraux de titres (Central secu- rities depositaries – CSD’s) qui sont réglementés en tant que tels en vertu du droit de l’Union européenne et dans la mesure où ils sont réglementés en vertu de ce droit de l’Union. §  2. Les droits conférés dans le présent titre ne s’étendent pas à la fourniture de services en qualité de contrepartie dans les transactions effectuées par des organismes publics chargés de la gestion de la dette publique ou par des membres du système européen de banques centrales, dans le cadre des tâches qui leur sont assignées par le Traité sur le fonctionnement de l’Union européenne (TFUE), le Protocole n° 4 sur les Statuts du système européen de banques centrales et de la Banque centrale européenne ou de fonctions équivalentes. § 3. Les personnes exemptées conformément au paragraphe 1er se conforment aux articles 69 et 70 de la loi du …. § 4. Les membres ou participants de marchés régle- mentés ou de MTF qui bénéfi cient des exemptions vi- sées au paragraphe 1er, 2°, 9°, 10° ou 12°, se conforment aux exigences visées à l’article 26/2, à l’article 65/3 de la loi du 25 avril 2014 et dans les arrêtés et règlements pris pour leur exécution. 151 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 5. De Koning kan de volgende personen vrijstellen van de toepassing van deze Titel: 1° personen die geen beleggingsdiensten mogen verlenen, met uitzondering van het ontvangen en door- geven van orders in effecten en rechten van deelneming in instellingen voor collectieve belegging en/of het verstrekken van beleggingsadvies over deze fi nanciële instrumenten, op voorwaarde dat deze personen: a) niet gemachtigd zijn om gelden en/of effecten aan te houden die toebehoren aan hun cliënten, zodat zij ten aanzien van hun cliënten nooit in een debiteurenpositie dreigen te verkeren; en b) bij het verlenen van deze diensten, uitsluitend orders mogen doorgeven aan: i). beleggingsondernemingen waaraan een vergun- ning is verleend overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU; ii). kredietinstellingen waaraan een vergunning is verleend overeenkomstig Richtlijn 2013/36/EU; iii). bijkantoren van beleggingsondernemingen of kredietinstellingen waaraan in een derde land een ver- gunning is verleend en die onderworpen zijn en zich houden aan prudentiële regels die als minstens even streng worden beschouwd als de regels van Richtlijn 2014/65/EU, Verordening (EU) nr. 575/2013 of Richtlijn 2013/36/EU; iv). instellingen voor collectieve belegging die in- gevolge de wetgeving van een lidstaat rechten van deelneming bij het publiek mogen plaatsen en aan de beheerders van dergelijke instellingen; of v). beleggingsmaatschappijen met vast kapitaal zoals gedefi nieerd in artikel 17, lid 7, van Richtlijn 2012/30/ EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 strekkende tot het coördineren van de waarborgen welke in de lidstaten worden verlangd van de vennootschappen in de zin van artikel 54, tweede alinea, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, om de belangen te beschermen zowel van de deelnemers in deze vennootschappen als van derden met betrekking tot de oprichting van de naam- loze vennootschap, alsook de instandhouding en wijzi- ging van haar kapitaal, zulks teneinde die waarborgen gelijkwaardig te maken, waarvan de effecten op een gereglementeerde markt van een lidstaat genoteerd zijn of verhandeld worden; § 5. Le Roi peut exempter de l’application du pré- sent Titre: 1° les personnes qui ne sont pas autorisées à four- nir des services d’investissement à l’exception de la réception et de la transmission des ordres concernant des valeurs mobilières et des parts d’organismes de placement collectif et/ou de la fourniture de conseils en investissement en liaison avec ces instruments fi nanciers, à condition que ces personnes: a) ne soient pas autorisées à détenir des fonds ou des titres de clients et que, pour cette raison, elles ne risquent à aucun moment d’être débitrices vis-à-vis de ceux-ci; et b) dans le cadre de la fourniture de ces services, sont autorisées à transmettre les ordres uniquement aux: i). entreprises d’investissement agréées conformé- ment à la Directive 2014/65/UE; ii). établissements de crédit agréés conformément à la Directive 2013/36/UE; iii). succursales d’entreprises d’investissement ou d’établissements de crédit qui sont agréées dans un pays tiers et sont soumises et satisfont à des règles prudentielles considérées comme étant au moins aussi strictes que celles établies dans la Directive 2014/65/ UE, dans le Règlement (UE) n° 575/2013 ou dans la Directive 2013/36/UE; iv). organismes de placement collectif autorisés en vertu du droit d’un État membre à vendre des parts au public et aux gestionnaires de ces organismes; ou v). sociétés d’investissement à capital fi xe, défi - nies à l’article 17, paragraphe 7, de la Directive 2012/30/UE du Parlement européen et du Conseil du 25 octobre 2012 tendant à coordonner, pour les rendre équivalentes, les garanties qui sont exigées dans les États membres des sociétés au sens de l’article 54, deuxième alinéa, du Traité sur le fonctionnement de l’Union européenne, en vue de la protection des intérêts tant des associés que des tiers, en ce qui concerne la constitution de la société anonyme ainsi que le maintien et les modifi cations de son capital, dont les titres sont cotés ou négociés sur un marché réglementé dans un État membre; 152 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2° personen die geen diensten als bedoeld in artikel 1, § 3, tweede lid, a) en b), van de wet van 25 april 2014, mogen verstrekken en die uitsluitend beleggingsdien- sten in grondstoffen, emissierechten en/of derivaten daarvan verlenen met als enig oogmerk de commer- ciële risico’s van hun cliënten af te dekken, mits deze cliënten uitsluitend lokale elektriciteitsbedrijven zijn als omschreven in artikel 2, punt 35, van Richtlijn 2009/72/ EG en/of aardgasbedrijven zijn als omschreven in ar- tikel 2, punt 1, van Richtlijn 2009/73/EG, en mits deze cliënten samen 100 procent van het kapitaal of van de stemrechten van deze personen hebben, gezamenlijk zeggenschap uitoefenen en op grond van paragraaf 1, 10°, zijn vrijgesteld wanneer zij deze beleggingsdiensten zelf verlenen; en/of personen die uitsluitend beleggingsdiensten in emis- sierechten en/of derivaten daarvan verlenen met als enig oogmerk de commerciële risico’s van hun cliënten af te dekken, mits deze cliënten uitsluitend exploitanten zijn als omschreven in artikel 3, punt f), van Richtlijn 2003/87/ EG, en mits deze cliënten samen 100 procent van het kapitaal of van de stemrechten van deze personen heb- ben, gezamenlijk zeggenschap uitoefenen en op grond van paragraaf 1, 10°, zijn vrijgesteld wanneer zij deze beleggingsdiensten zelf verlenen. Die personen worden enkel vrijgesteld als zij vereis- ten naleven die analoog zijn aan de vereisten op grond van de volgende bepalingen van deze wet en aan de artikelen 27 tot 28 van de wet van 2 augustus 2002: — artikel 22; — artikel 23, § 1, derde lid, §§ 2 en 3; — artikel 25, § 1, 1°, 3°, 6° en 10° en § 2; — artikel 25/1, § 1, eerste en tweede lid en § 3; — artikel 25/2, § 1, 3° en §§ 5 tot 7; — artikel 26, §§ 2 en 5; — artikel 32, § 1; — artikel 34, §§ 1, 2, 6 en 7; — artikel 35, §§ 4 en 5; — en artikel 36, § 1, § 5, tweede en derde lid, § 6, tweede en derde lid, §§ 7, 9 en 10; en 2° les personnes qui ne sont pas autorisées à fournir un service visé à l’article 1er, § 3, alinéa 2, a) et b) de la loi du 25 avril 2014, et qui fournissent des services d’in- vestissement portant exclusivement sur des matières premières, des quotas d’émission et/ou des instruments dérivés sur ceux-ci aux seules fi ns de couvrir les risques commerciaux de leurs clients, lorsque ces clients sont exclusivement des entreprises locales d’électricité au sens de l’article 2, point 35), de la Directive 2009/72/CE et/ou des entreprises de gaz naturel au sens de l’article 2, point 1), de la Directive 2009/73/CE, et à condition que ces clients détiennent conjointement 100 pour cent du capital ou des droits de vote de ces personnes, exercent un contrôle conjoint et soient exemptés en vertu du paragraphe 1er, 10°, s’ils fournissent ces ser- vices d’investissement eux-mêmes; et/ou les personnes qui fournissent des services d’in- vestissement portant exclusivement sur des quotas d’émission et/ou des instruments dérivés sur ceux-ci aux seules fi ns de couvrir les risques commerciaux de leurs clients, lorsque ces clients sont exclusivement des exploitants au sens de l’article 3, point f), de la Directive 2003/87/CE, et à condition que ces clients détiennent conjointement 100 pour cent du capital ou des droits de vote de ces personnes, exercent un contrôle conjoint et soient exemptés en vertu du paragraphe 1er, 10°, s’ils fournissent ces services d’investissement eux-mêmes. Les personnes visées à l’alinéa 1er ne sont exemptées qu’à la condition qu’elles respectent des exigences analogues à celles prévues dans les dispositions sui- vantes de la présente loi et aux articles 27 à 28 de la loi du 2 août 2002: — l’article 22; — l’article 23, § 1er, alinéa 3, §§ 2 et 3; — l’article 25, § 1er, 1°, 3°, 6° et 10° et § 2; — l’article 25/1, § 1er, alinéas 1er et 2 et § 3; — l’article 25/2, § 1er, 3° et §§ 5 à 7; — l’article 26, §§ 2 et 5; — l’article 32, § 1er; — l’article 34, §§ 1, 2, 6 et 7; — l’article 35, §§ 4 et 5; — l’article 36, § 1er, § 5, alinéas 2 et 3, § 6, alinéas 2 et 3, §§ 7, 9 et 10; et 153 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 — artikel 45; alsook de bepalingen van de besluiten en reglemen- ten en van de overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU vast- gestelde overeenkomstige gedelegeerde handelingen, die ter uitvoering daarvan zijn genomen. De Koning kan aanvullende vereisten opleggen.”. Art. 204 Artikel 5 van dezelfde wet wordt opgeheven. Art. 205 In artikel 10, § 1, eerste lid, van dezelfde wet worden de woorden “of door het gebruik van een in België geves- tigde verbonden agent” ingevoegd tussen de woorden “via de vestiging van een bijkantoor” en de woorden “deze diensten in België aanvatten”. Art. 206 In artikel 11 van dezelfde wet wordt het tweede lid opgeheven. Art. 207 In het opschrift van afdeling 2 van Hoofdstuk 3 van Titel 2 van dezelfde wet, worden de woorden “de Richtlijn 2004/39/EG” vervangen door de woorden “Richtlijn 2014/65/EU”. Art. 208 In artikel 12, eerste lid, van dezelfde wet worden de woorden “de Richtlijn 2004/39/UEG van het Europees Parlement en de Raad vallen op grond van artikel 2, § 1, m) en n)” vervangen door de woorden “Richtlijn 2014/65/ EU vallen op grond van artikel 2, § 1, l) en m)”. Art. 209 Artikel 13, § 1, van dezelfde wet wordt aangevuld met twee leden, luidende: “Ingeval een in de Europese Unie gevestigde of gesitueerde niet-professionele of professionele cliënt in de zin van artikel 2, 28°, van de wet van 2  augustus  2002  uitsluitend op eigen initiatief de — l’article 45; ainsi que dans les dispositions des arrêtés et règle- ments et des actes délégués correspondants adoptés en vertu de la Directive 2014/65/UE, prises pour leur exécution. Le Roi peut fi xer des exigences supplémentaires.”. Art. 204 L’article 5 de la même loi est abrogé. Art. 205 Dans l’article 10, § 1er, alinéa 1er, de la même loi, les mots “ou par le recours à un agent lié établi en Belgique,” sont insérés entre les mots “par voie d’installation de succursales” et les mots “commencer à prester ces services”. Art. 206 Dans l’article 11 de la même loi, l’alinéa 2 est abrogé. Art. 207 Dans l’intitulé de la section 2 du Chapitre 3 du Titre 2 de la même loi, les mots “directive 2004/39/CE” sont remplacés par les mots “Directive 2014/65/UE”. Art. 208 Dans l’article 12, alinéa 1er, de la même loi, les mots “la directive 2004/39/CE du Parlement européen et du Conseil en vertu de l’article 2, § 1er, m) et n),” sont rem- placés par les mots “la Directive 2014/65/UE en vertu de l’article 2, § 1, l) et m),”. Art. 209 L’article 13, § 1er, de la même loi est complété par deux alinéas, rédigés comme suit: “Lorsqu’un client individuel ou un client profession- nel au sens de l’article 2, 28°, de la loi du 2 août 2002, établi ou se trouvant dans l’Union européenne, déclenche sur sa seule initiative la fourniture d’un 154 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 verlening van een beleggingsdienst of de verrichting van een beleggingsactiviteit door een onderneming uit een derde land initieert, is de vergunningsvereiste op grond van het eerste lid noch van toepassing op de verlening van die dienst of de verrichting van die activiteit door de onderneming uit het derde land voor die persoon, noch op een relatie die specifi ek verband houdt met de ver- lening van die dienst of de verrichting van die activiteit. Een door dergelijke cliënten genomen initiatief geeft de onderneming uit het derde land niet het recht om op andere wijze dan via het bijkantoor nieuwe categorieën van beleggingsproducten of beleggingsdiensten aan die clënt aan te bieden.”. Art. 210 Artikel 14 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 14. § 1. De beleggingsondernemingen die res- sorteren onder het recht van een derde land en die in hun land van herkomst daadwerkelijk beleggings- diensten verlenen, mogen zonder vestiging enkel aan volgende beleggers deze diensten in België aanbieden of verlenen: 1° de in aanmerking komende tegenpartijen als be- paald ter uitvoering van artikel 26, achtste lid, van de wet van 2 augustus 2002; 2° de als professioneel beschouwde cliënten over- eenkomstig de bepalingen naar Belgisch recht tot omzetting van Afdeling I van bijlage II van Richtlijn 2014/65/EU; 3° de in België gevestigde personen die de nationali- teit hebben van het land van herkomst van de betrokken beleggingsonderneming of van een land waar deze beleggingsonderneming een bijkantoor heeft, voor zo- ver de beleggingsonderneming voor wat betreft de in België aangeboden of verleende beleggingsdiensten in het land van herkomst of in het betrokken land van vestiging onderworpen is aan een gelijkwaardig toezicht als Belgische beleggingsondernemingen. § 2. De in de eerste paragraaf bedoelde ondernemin- gen dienen zich vooraf bij de FSMA bekend te maken, met opgave van de voorgenomen beleggingsdiensten die ze voornemens zijn te verrichten, alsook van de categorieën van beleggers aan wie ze voornemens zijn deze diensten te verlenen. Onverminderd de internationale akkoorden die België binden, kan de FSMA het verlenen van beleggingsdiensten in België verbieden aan een service d’investissement ou l’exercice d’une activité d’investissement par une entreprise d’un pays tiers, l’obligation de disposer de l’agrément prévu à l’alinéa précédant ne s’applique pas à la fourniture de ce service à cette personne ou à l’exercice de cette activité par l’entreprise de pays tiers pour cette personne, ni à une relation spécifi quement liée à la fourniture de ce service ou à l’exercice de cette activité. L’initiative de ces clients ne donne pas droit à l’entre- prise de pays tiers de commercialiser de nouvelles caté- gories de produits ou de services d’investissement à ces clients par d’autres intermédiaires qu’une succursale.”. Art. 210 L’article 14 de la même loi est remplacé par ce qui suit: “Art. 14. § 1er. Les entreprises d’investissement rele- vant du droit d’un pays tiers et qui fournissent effective- ment des services d’investissement dans leur État d’ori- gine, peuvent offrir ou fournir ces services en Belgique, sans y être établies, aux seuls investisseurs suivants: 1° les contreparties éligibles, telles que défi nies en exécution de l’article 26, alinéa 8, de la loi du 2 août 2002; 2° les clients considérés comme professionnels conformément aux dispositions de droit belge trans- posant la Section I de l’annexe II de la directive 2014/65/UE ; 3° les personnes établies en Belgique qui ont la natio- nalité de l’État d’origine de l’entreprise d’investissement concernée ou d’un État dans lequel cette entreprise d’investissement a établi une succursale, pour autant qu’en ce qui concerne les services d’investissement offerts ou fournis en Belgique, l’entreprise d’investis- sement soit soumise, dans son État d’origine ou dans l’État d’implantation concerné, à un contrôle équivalent à celui auquel sont assujetties les entreprises d’inves- tissement belges. § 2. Les entreprises visées au paragraphe 1er sont tenues de se faire connaître préalablement auprès de la FSMA, en précisant les services d’investissement qu’elles envisagent de fournir et les catégories d’inves- tisseurs auxquelles elles entendent fournir ces services. Sans préjudice des accords internationaux liant la Belgique, la FSMA peut interdire la prestation de ser- vices d’investissement en Belgique à une entreprise 155 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 beleggingsonderneming die ressorteert onder het recht van een Staat die niet dezelfde toegangsmogelijkheden tot zijn markt aan de beleggingsondernemingen onder Belgisch recht biedt. § 3. De FSMA stelt elk jaar een lijst op van de in dit artikel bedoelde beleggingsondernemingen die in België de diensten verlenen bedoeld in artikel 2, 1°, van deze wet. Op haar website publiceert de FSMA deze lijst en alle wijzigingen die er in de loop van het jaar in worden aangebracht. Ook de Bank publiceert op haar website een lijst van de beleggingsondernemingen waarvoor zij bevoegd is.”. Art. 211 In dezelfde wet wordt een artikel 14/1  inge- voegd, luidende: “Art. 14/1. § 1. De beleggingsondernemingen die res- sorteren onder het recht van een derde land, moeten bij de uitoefening van hun activiteiten in België, naast hun naam, hun land van herkomst en hun zetel vermelden. § 2. De bepalingen van deze afdeling doen geen af- breuk aan de naleving van de wettelijke en reglementaire bepalingen, met inbegrip van de gedragsregels, die in België van toepassing zijn op de beleggingsonderne- mingen en hun verrichtingen. § 3. De FSMA mag de in artikel 14 bedoelde buiten- landse beleggingsondernemingen die ressorteren onder het recht van een derde land, gelasten haar alle inlich- tingen te verstrekken over hun dienstverlening in België om na te gaan of de in paragraaf 2 bedoelde bepalingen waarvoor zij bevoegd is, worden nageleefd. De FSMA mag de certifi catie of de aanpassing van deze inlich- tingen gelasten aan de buitenlandse toezichthoudende autoriteiten van de betrokken beleggingsonderneming, haar externe revisor of de erkende auditor die belast is met de certifi catie van haar rekeningen. § 4. Wanneer de FSMA vaststelt dat een in artikel 14  bedoelde buitenlandse beleggingsonderneming die ressorteert onder het recht van een derde land, in België niet handelt in overeenstemming met de op haar toepasselijke bepalingen of de belangen van haar cliënten in gevaar brengt, maant zij de onderneming aan de vastgestelde toestand binnen de door haar bepaalde termijn recht te zetten. Indien de toestand na deze termijn niet is verholpen, brengt de FSMA haar bemerkingen ter kennis van de toezichthoudende autoriteiten van het land van herkomst van de beleggingsonderneming. relevant du droit d’un État qui n’accorde pas les mêmes possibilités d’accès à son marché aux entreprises d’investissement de droit belge. §  3. La FSMA établit chaque année la liste des entreprises d’investissement visées au présent article qui fournissent en Belgique les services visés à l’article 2, 1°, de la présente loi. La FSMA publie cette liste sur son site internet, ainsi que toutes les modifi cations qui y sont apportées en cours d’année. La Banque publie également sur son site internet la liste des entreprises d’investissement relevant de ses compétences.”. Art. 211 Dans la même loi, il est inséré un article 14/1, rédigé comme suit: “Art. 14/1. § 1er. Les entreprises d’investissement rele- vant du droit de pays tiers font, dans l’exercice de leur activité en Belgique, accompagner leur dénomination de la mention de leur État d’origine et de leur siège social. § 2. Les dispositions de la présente section ne portent pas préjudice au respect des dispositions légales et réglementaires, y compris des règles de conduite, appli- cables en Belgique aux entreprises d’investissement et à leurs opérations. § 3. La FSMA peut imposer aux entreprises d’inves- tissement étrangères relevant du droit de pays tiers visées à l’article 14 de lui transmettre toutes informations relatives aux services qu’elles prestent en Belgique, afi n de vérifi er si elles respectent les dispositions visées au paragraphe 2 qui relèvent de sa compétence. La FSMA peut imposer la certifi cation ou le redressement de ces informations par les autorités de contrôle étrangères de l’entreprise d’investissement concernée, par son reviseur externe ou par l’auditeur agréé qui est chargé de la certifi cation de ses comptes. § 4. Lorsque la FSMA constate qu’une entreprise d’investissement relevant du droit de pays tiers visée à l’article 14 n’agit pas, en Belgique, en conformité avec les dispositions qui lui sont applicables, ou qu’elle y met en danger les intérêts de ses clients, elle met l’entre- prise en demeure de remédier, dans le délai qu’elle détermine, à la situation constatée. Si, au terme de ce délai, il n’a pas été remédié à la situation, la FSMA saisit de ses observations les autorités de contrôle de l’État d’origine de l’entreprise d’investissement. 156 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Wanneer de overtredingen blijven aanhouden, kan de FSMA na de buitenlandse toezichthoudende autoriteiten hiervan in kennis te hebben gesteld, de voortzetting van alle of een deel van de werkzaamheden van de beleg- gingsonderneming in België schorsen of verbieden. Wanneer de betrokken beleggingsonderneming niet onder toezicht staat van een toezichthoudende autori- teit, kan de FSMA, indien de toestand na het verstrijken van de krachtens het eerste lid bepaalde termijn niet is verholpen, onmiddellijk overgaan tot het schorsen of verbieden van alle of een deel van de werkzaamheden van de beleggingsonderneming in België. Artikel 64, § 2, is van toepassing op de in dit artikel bedoelde beslissingen. §  5. Artikel 68  is van toepassing op de in artikel 14 bedoelde buitenlandse beleggingsondernemingen die ressorteren onder het recht van een derde land. § 6. Artikel 107, § 1, is van toepassing op wie hande- lingen stelt of verrichtingen uitvoert die indruisen tegen het verbod of de schorsing bedoeld in paragraaf 4. Artikel 108 is van toepassing.”. Art. 212 In dezelfde wet wordt een artikel 14/2  inge- voegd, luidende: “Art. 14/2. De artikelen 14 en 14/1 zijn van toepassing onverminderd de artikelen 46 tot 49 van Verordening (EU) nr. 600/2014.”. Art. 213 In artikel 23 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1, tweede lid, wordt aangevuld met de woorden “, en genoeg tijd besteden aan de vervulling van hun taken.”; 2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende: “De leden van het wettelijk bestuursorgaan beschik- ken gezamenlijk over voldoende kennis, vaardigheden en ervaring om inzicht te hebben in de bedrijfsactivitei- ten van de vennootschap voor vermogensbeheer en En cas de persistance des manquements, la FSMA peut, après en avoir avisé les autorités de contrôle étrangères, suspendre ou interdire la poursuite de tout ou partie des activités de l’entreprise d’investissement en Belgique. Lorsque l’entreprise d’investissement concernée n’est soumise à la surveillance d’aucune autorité de contrôle, la FSMA peut, s’il n’a pas été remédié à la situation au terme du délai fi xé en vertu de l’alinéa 1er, procéder immédiatement à la suspension ou à l’inter- diction de tout ou partie des activités de l’entreprise d’investissement en Belgique. L’article 64, § 2, est applicable aux décisions visées au présent article. § 5. L’article 68 est applicable aux entreprises d’in- vestissement étrangères relevant du droit de pays tiers visées à l’article 14. § 6. Sont soumis aux dispositions de l’article 107, § 1er, ceux qui accomplissent des actes ou opérations à l’encontre de l’interdiction ou de la suspension visée au paragraphe 4. L’article 108 est applicable.”. Art. 212 Dans la même loi, il est inséré un article 14/2, rédigé comme suit: “Art. 14/2. Les articles 14 et 14/1 s’appliquent sans préjudice des articles 46  à 49  du Règlement (UE) n°600/2014.”. Art. 213 À l’article 23 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° le paragraphe 1er, alinéa 2, est complété par les mots “, et y consacrer un temps suffisant.”; 2° le paragraphe 1er est complété par un alinéa, rédigé comme suit: “Les membres de l’organe légal d’administration disposent collectivement des connaissances, des compétences et de l’expérience nécessaires à la com- préhension des activités de la société de gestion de 157 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 beleggingsadvies, met inbegrip van de voornaamste risico’s die zij loopt.”; 3° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt: “§ 3. De FSMA verleent geen vergunning indien er objectieve en aantoonbare redenen zijn om aan te ne- men dat het wettelijk bestuursorgaan een bedreiging zou kunnen vormen voor het efficiënt, gezond en voorzichtig beleid van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, en voor de passende inaanmer- kingneming van de belangen van haar cliënten en de integriteit van de markt.”. Art. 214 Artikel 25 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 25. § 1. De vennootschappen voor vermogensbe- heer en beleggingsadvies moeten beschikken over een solide en passende regeling voor de bedrijfsorganisatie, waaronder toezichtsmaatregelen, om een efficiënt , ge- zond en voorzichtig beleid van de vennootschap te ga- randeren en de integriteit van de markt en de belangen van de cliënten te bevorderen, die met name berust op: 1° een passende beleidsstructuur die op het hoog- ste niveau gebaseerd is op een duidelijk onderscheid tussen, enerzijds, de effectieve leiding van de ven- nootschap en, anderzijds, het toezicht op die leiding die binnen de vennootschap voorziet in een passende functiescheiding en in een duidelijk omschreven, trans- parante en coherente regeling voor de toewijzing van verantwoordelijkheden; 2° een passende administratieve en boekhoudkundi- ge organisatie en interne controle , waarvan de werking minstens jaarlijks dient te worden beoordeeld, wat met name de organisatie van een controlesysteem impliceert dat een redelijke mate van zekerheid verschaft over de betrouwbaarheid van het fi nanciële verslaggevingspro- ces, zodat de jaarrekening in overeenstemming is met de geldende boekhoudreglementering; 3° doeltreffende procedures voor de identifi catie, de meting, het beheer en de opvolging van en de interne verslaggeving over de belangrijke risico’s die de ven- nootschap mogelijk loopt, inclusief de voorkoming van belangenconfl icten; 4° een passende onafhankelijke interneauditfunctie, risicobeheerfunctie en compliancefunctie; portefeuille et de conseil en investissement, y compris des principaux risques auxquels elle est exposée.”; 3° le paragraphe 3 est remplacé par ce qui suit: “§ 3. La FSMA refuse l’agrément s’il existe des rai- sons objectives et démontrables d’estimer que l’organe légal d’administration risquerait de compromettre la gestion efficace, saine et prudente de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement, ainsi que la prise en compte appropriée de l’intérêt de ses clients et de l’intégrité du marché.”. Art. 214 L’article 25 de la même loi est remplacé par ce qui suit: “Art. 25. § 1er. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement doivent disposer d’un dispositif solide et adéquat d’organisation d’entreprise, dont des mesures de surveillance, en vue de garantir une gestion efficace, saine et prudente de l’entreprise et de promouvoir l’intégrité du marché et les intérêts des clients, reposant notamment sur: 1° une structure de gestion adéquate basée, au plus haut niveau, sur une distinction claire entre la direction effective de l’entreprise d’une part, et le contrôle sur cette direction d’autre part, et prévoyant, au sein de l’entreprise, une séparation adéquate des fonctions et un dispositif d’attribution des responsabilités qui est bien défi ni, transparent et cohérent; 2° une organisation administrative et comptable et un contrôle interne adéquats, dont le fonctionnement est évalué au moins une fois par an, impliquant notam- ment un système de contrôle procurant un degré de certitude raisonnable quant à la fi abilité du processus de reporting fi nancier, de manière à ce que les comptes annuels soient conformes à la réglementation comptable en vigueur; 3° des procédures efficaces d’identification, de mesure, de gestion, de suivi et de reporting interne des risques importants auxquels l’entreprise est susceptible d’être exposée, y compris la prévention des confl its d’intérêts; 4° des fonctions d’audit interne, de gestion des risques et de conformité (compliance) indépendantes adéquates; 158 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 5° een passend integriteitsbeleid, dat geregeld wordt geactualiseerd; 6° een beloningsbeleid dat een gezond en doeltref- fend risicobeheer garandeert, alsook een vergoedings- beleid voor de personen die bij de dienstverlening aan cliënten betrokken zijn, dat verantwoord ondernemer- schap en een billijke behandeling van cliënten aanmoe- digt en belangenconfl icten in de betrekkingen met de cliënten voorkomt; 7° voor de werkzaamheden van de vennootschap passende controle- en beveiligingsmaatregelen op informaticagebied, inclusief deugdelijke beveiligingsme- chanismen om de beveiliging en authentifi catie van de middelen voor de informatieoverdracht te garanderen, het risico op datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot een minimum te beperken, en te voorkomen dat infor- matie uitlekt door de vertrouwelijkheid van de gegevens te allen tijde te bewaren; 8° een passend intern waarschuwingssysteem dat met name voorziet in een specifi eke, onafhankelijke en autonome melding van inbreuken op de normen en de gedragscodes van de vennootschap; 9° de invoering van passende maatregelen om de continuïteit van hun beleggingsdiensten en beleggings- activiteiten te garanderen; 10° een beleid op het gebied van diensten, activitei- ten, producten en verrichtingen die worden aangeboden of verstrekt, in overeenstemming met de risicotolerantie van de vennootschap en de kenmerken en behoeften van de cliënten van de vennootschap aan wie deze wor- den aangeboden of verstrekt, in voorkomend geval, met inbegrip van de uitvoering van passende stresstests. De bepalingen onder 6° en 10° zijn ook van toepas- sing op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies wanneer zij aan cliënten verkopen verrichten of advies verstrekken in verband met gestruc- tureerde deposito’s. § 2. De in paragraaf 1 bedoelde organisatieregeling is uitputtend uitgewerkt en is passend voor de aard, schaal en complexiteit van de risico’s die inherent zijn aan het bedrijfsmodel en aan de werkzaamheden van de ven- nootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies. § 3. Iedere vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies stelt een governancememorandum op dat voor de betrokken vennootschap en, in voorkomend geval, de groep of subgroep waarvan zij de uiteindelijke 5° une politique d’intégrité adéquate, qui est actua- lisée régulièrement; 6° une politique de rémunération assurant une ges- tion saine et efficace des risques, ainsi qu’une politique de rémunération des personnes participant à la fourni- ture de services aux clients qui vise à encourager un comportement professionnel responsable et un traite- ment équitable des clients ainsi qu’à éviter les confl its d’intérêts dans les relations avec les clients; 7° des mécanismes de contrôle et de sécurité dans le domaine informatique appropriés aux activités de l’entreprise, y compris des mécanismes de sécurité solides pour garantir la sécurité et l’authentifi cation des moyens de transfert de l’information, réduire au mini- mum le risque de corruption des données et d’accès non autorisé et empêcher les fuites d’informations afi n de maintenir en permanence la confi dentialité des données; 8° un système adéquat d’alerte interne prévoyant notamment un mode de transmission spécifi que, indé- pendant et autonome, des infractions aux normes et aux codes de conduite de l’entreprise; 9° la mise en place de mesures adéquates pour assurer la continuité de leurs services et activités d’investissement; 10° une politique relative aux services, activités, pro- duits et opérations proposés ou fournis, conformément à la tolérance au risque de l’entreprise et aux caracté- ristiques et besoins des clients de l’entreprise auxquels ils seront proposés ou fournis, y compris en effectuant, au besoin, des simulations de crise appropriées. Les 6° et 10° s’appliquent également aux sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement lorsqu’elles commercialisent des dépôts structurés ou fournissent des conseils sur ces dépôts à des clients. § 2. Les dispositifs organisationnels visés au para- graphe 1er présentent un caractère exhaustif et sont appropriés à la nature, à l’échelle et à la complexité des risques inhérents au modèle d’entreprise et aux activités de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement. § 3. Chaque société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement établit un mémorandum de gouvernance qui inclut pour la société concernée et, le cas échéant, le groupe ou sous-groupe dont elle est 159 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 moederonderneming is, de volledige in paragraaf 1 en artikel 26 bedoelde interne organisatieregeling bevat. Indien de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies deel uitmaakt van een groep die onder het toezicht van de FSMA staat, kan het memorandum dat op het niveau van de vennootschap voor vermo- gensbeheer en beleggingsadvies wordt opgesteld, deel uitmaken van het memorandum van die groep. § 4. In de artikelen 25/1 tot 26/2 wordt bepaald wat, in specifi eke domeinen, de reikwijdte is van de in de paragrafen 1 en 2 bedoelde algemene verplichtingen. § 5. Als de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies nauwe banden heeft met andere natuurlijke of rechtspersonen, mogen die banden geen belemmering vormen voor een individueel of geconso- lideerd prudentieel toezicht op de vennootschap. Als de vennootschap voor vermogensbeheer en be- leggingsadvies nauwe banden heeft met een natuurlijke of rechtspersoon die ressorteert onder het recht van een derde land, mogen de voor die persoon geldende wet- telijke, reglementaire en bestuursrechtelijke bepalingen of hun uitvoering, geen belemmering vormen voor een individueel of geconsolideerd prudentieel toezicht op de vennootschap.”. Art. 215 In dezelfde wet wordt een artikel 25/1  inge- voegd, luidende: “Art. 25/1. § 1. Het wettelijk bestuursorgaan draagt de algemene verantwoordelijkheid voor de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies. Hiertoe bepaalt en controleert het wettelijk bestuurs- orgaan met name: 1° de strategie en de doelstellingen van de vennootschap; 2° het risicobeleid; 3° de in artikel 25  bedoelde organisatieregeling van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies; 4° de organisatie van de vennootschap voor het verlenen van beleggingsdiensten, het verrichten van beleggingsactiviteiten, het verlenen van nevendiensten, en het commercialiseren van gestructureerde deposito’s en het verstrekken van advies aan cliënten in verband l’entreprise mère faîtière, l’ensemble du dispositif d’or- ganisation interne visé au paragraphe 1er et à l’article 26. Si la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement fait partie d’un groupe soumis au contrôle de la FSMA, le mémorandum établi au niveau de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement peut faire partie du mémorandum de ce groupe. § 4. Les dispositions des articles 25/1 à 26/2 pré- cisent, dans des domaines particuliers, la portée des obligations générales visées aux paragraphes 1er et 2. § 5. S’il existe des liens étroits entre la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement et d’autres personnes physiques ou morales, ces liens ne peuvent entraver l’exercice d’un contrôle prudentiel individuel ou sur base consolidée de l’entreprise. Si la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement a des liens étroits avec une per- sonne physique ou morale relevant du droit d’un pays tiers, les dispositions législatives, réglementaires et administratives applicables à cette personne ou leur mise en oeuvre ne peuvent entraver l’exercice d’un contrôle prudentiel individuel ou sur base consolidée de l’entreprise.”. Art. 215 Dans la même loi, il est inséré un article 25/1, rédigé comme suit: “Art. 25/1. § 1er. L’organe légal d’administration as- sume la responsabilité globale de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement. À cette fi n, l’organe légal d’administration défi nit, approuve et supervise, notamment: 1° la stratégie et les objectifs de l’établissement; 2° la politique en matière de risques; 3° les dispositifs d’organisation de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement visés à l’article 25; 4° l’organisation de la société pour la fourniture de services d’investissement, l’exercice d’activités d’inves- tissement, la fourniture de services auxiliaires, et la commercialisation de dépôts structurés et la fourniture de conseils aux clients sur de tels produits, y compris 160 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 met gestructureerde deposito’s, zoals onder meer de vereiste vaardigheden, kennis en deskundigheid van het personeel, de middelen, procedures en regelingen voor het verlenen van diensten en het verrichten van activiteiten door de vennootschap, rekening houdend met de aard, schaal en complexiteit van haar bedrijfs- activiteiten en alle vereisten waaraan de vennootschap moet voldoen. Het wettelijk bestuursorgaan keurt het in artikel 25, § 3, bedoelde governancememorandum van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggings- advies goed. § 2. De statuten van de vennootschappen voor ver- mogensbeheer en beleggingsadvies die zijn opgericht in de vorm van een naamloze vennootschap, kunnen de raad van bestuur toestaan alle of een deel van de in artikel 522, § 1, eerste lid, van het Wetboek van Vennootschappen bedoelde bevoegdheden over te dragen aan een in deze raad opgericht directiecomité, waarvan hij de leden benoemt en ontslaat en de bezol- diging vaststelt. Deze bevoegdheidsdelegatie kan evenwel noch slaan op de vaststelling van het algemeen beleid, noch op de handelingen die bij andere bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen aan de raad van bestuur zijn voorbehouden. § 3. De voorzitter van het wettelijk bestuursorgaan in zijn toezichtsfunctie mag geen effectief leider zijn van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsad- vies, tenzij dat door de vennootschap voor vermogens- beheer en beleggingsadvies wordt verantwoord en door de FSMA wordt goedgekeurd op grond van de omvang en het risicoprofi el van de vennootschap.”. Art. 216 In dezelfde wet wordt een artikel 25/2  inge- voegd, luidende: “Art. 25/2. § 1. Onverminderd de taken van het wet- telijk bestuursorgaan richten de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies binnen dit or- gaan de volgende comités op: 1° een auditcomité; 2° een remuneratiecomité; 3° een benoemingscomité, les compétences, les connaissances et l’expertise requises du personnel, les ressources, les procédures et les mécanismes avec ou selon lesquels la société fournit des services et exerce des activités, eu égard à la nature, à l’étendue et à la complexité de son activité, ainsi qu’à l’ensemble des exigences auxquelles elle doit satisfaire. L’organe légal d’administration approuve le mémo- randum de gouvernance de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement visé à l’article 25, § 3. § 2. Les statuts des sociétés de gestion de porte- feuille et de conseil en investissement constituées sous la forme d’une société anonyme peuvent autoriser le conseil d’administration à déléguer tout ou partie des pouvoirs visés à l’article 522, § 1er, alinéa 1er, du Code des sociétés à un comité de direction constitué en son sein, dont il nomme et révoque les membres et dont il détermine la rémunération. Cette délégation ne peut toutefois porter ni sur la détermination de la politique générale, ni sur les actes réservés au conseil d’administration par les autres dispositions du Code des sociétés. § 3. Le président de l’organe légal d’administration dans sa fonction de surveillance ne peut pas être diri- geant effectif de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement, sauf lorsqu’une telle situation est justifi ée par la société de gestion de por- tefeuille et de conseil en investissement et approuvée par la FSMA en fonction de la taille et du profi l de risque de la société.”. Art. 216 Dans la même loi, il est inséré un article 25/2, rédigé comme suit: “Art. 25/2. § 1. Sans préjudice des missions de l’or- gane légal d’administration, les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement constituent, au sein de cet organe, les comités suivants: 1° un comité d’audit; 2° un comité de rémunération; 3° un comité de nomination, 161 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 die uitsluitend zijn samengesteld uit leden van het wettelijk bestuursorgaan die er geen uitvoerend lid van zijn en waarvan minstens één lid onafhankelijk is in de zin van artikel 526ter van het Wetboek van Vennootschappen; een lid mag niet in meer dan twee van voornoemde comités zetelen. § 2. Naast de vereisten van paragraaf 1 beschikken de leden van het auditcomité over een collectieve des- kundigheid op het gebied van de werkzaamheden van de betrokken vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies en op het gebied van boekhouding en audit, en minstens één lid van het auditcomité beschikt over deskundigheid op het gebied van boekhouding en/of audit. Onverminderd de wettelijke taken van het wettelijk bestuursorgaan, heeft het auditcomité minstens de volgende taken: 1° monitoring van het fi nanciële verslaggevingsproces; 2° monitoring van de doeltreffendheid van de sys- temen voor interne controle en risicobeheer van de vennootschap; 3° monitoring van de interne audit en zijn activiteiten; 4° monitoring van de wettelijke controle van de jaar- rekening en de geconsolideerde jaarrekening. Het auditcomité brengt bij het wettelijk bestuursor- gaan geregeld verslag uit over de uitoefening van zijn ta- ken, en ten minste wanneer het wettelijk bestuursorgaan de in artikel 55 bedoelde jaarrekening, geconsolideerde jaarrekening en periodieke staten opstelt die de ven- nootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies respectievelijk aan het einde van het boekjaar en aan het einde van het eerste halfjaar overmaakt. De FSMA kan, bij reglement vastgesteld overeenkom- stig artikel 64 van de wet van 2 augustus 2002, de in voornoemde lijst opgesomde elementen op technische punten preciseren en aanvullen. § 3. Naast de in paragraaf 1 vermelde vereisten, is het remuneratiecomité zodanig samengesteld dat het een gedegen en onafhankelijk oordeel kan geven over het beloningsbeleid en de beloningspraktijken en de prikkels die daarvan uitgaan voor het risicobeheer, de eigenvermogensbehoeften en de liquiditeitspositie. Het remuneratiecomité is belast met de voorbereiding van beslissingen over beloning, met name beslissingen die gevolgen hebben voor de risico’s en het risicobeheer exclusivement composés de membres de l’organe légal d’administration qui n’en sont pas membres exé- cutifs et dont au moins un membre est indépendant au sens de l’article 526ter du Code des sociétés; un membre ne pouvant siéger dans plus de deux des comités précités. §  2. Outre les exigences prévues au paragraphe 1er, les membres du comité d’audit disposent d’une compétence collective dans le domaine d’activités de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement concernée et en matière de comptabilité et d’audit et au moins un membre du comité d’audit est compétent en matière de comptabilité et/ou d’audit. Sans préjudice des missions légales de l’organe légal d’administration, le comité d’audit est au moins chargé des missions suivantes: 1° suivi du processus d’élaboration de l’information fi nancière; 2° suivi de l’efficacité des systèmes de contrôle interne et de gestion des risques de l’entreprise; 3° suivi de l’audit interne et de ses activités; 4° suivi du contrôle légal des comptes annuels et des comptes consolidés. Le comité d’audit fait régulièrement rapport à l’organe légal d’administration sur l’exercice de ses missions, au moins lors de l’établissement par celui-ci des comptes annuels et consolidés et des états périodiques visés à l’article 55, respectivement transmis par la société de gestion de portefeuille et de conseil en investisse- ment à la fi n de l’exercice social et à la fi n du premier semestre social. La FSMA peut préciser et compléter sur des points d’ordre technique les éléments énumérés dans la liste reprise ci-dessus, par voie de règlement pris conformé- ment à l’article 64 de la loi du 2 août 2002. § 3. Outre les exigences prévues au paragraphe 1er, le comité de rémunération est composé de manière à lui permettre d’exercer un jugement compétent et indépen- dant sur les politiques et les pratiques de rémunération et sur les incitations créées pour la gestion des risques, des fonds propres et de la liquidité. Le comité de rémunération est chargé de préparer les décisions concernant les rémunérations, notam- ment celles qui ont des répercussions sur le risque et 162 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 van de betrokken vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, en die het wettelijk bestuursor- gaan in het kader van zijn toezichtsfunctie moet nemen. Bij de voorbereiding van dergelijke beslissingen houdt het remuneratiecomité rekening met de langetermijn- belangen van aandeelhouders, beleggers en andere belanghebbenden van de vennootschap voor vermo- gensbeheer en beleggingsadvies. Het tweede lid is ook van toepassing op beslissingen over de beloning van de personen die verantwoordelijk zijn voor de onafhankelijke controlefuncties. Bovendien oefent het remuneratiecomité rechtstreeks toezicht uit op de beloning van de verantwoordelijken voor de on- afhankelijke controlefuncties. § 4. Paragrafen 1 tot 3 doen geen afbreuk aan de bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen over het auditcomité en het remuneratiecomité in genoteerde vennootschappen in de zin van artikel 4 van dit Wetboek. § 5. Het benoemingscomité is zodanig samengesteld dat het een gedegen en onafhankelijk oordeel kan geven over de samenstelling en de werking van de bestuurs- en beleidsorganen van de vennootschap voor vermogens- beheer en beleggingsadvies, in het bijzonder over de individuele en collectieve deskundigheid van hun leden, en over hun integriteit, reputatie, onafhankelijkheid van geest en beschikbaarheid. Het benoemingscomité is belast met: 1° het aanwijzen en aanbevelen, voor goedkeuring door de algemene vergadering, of, in voorkomend geval, door het wettelijk bestuursorgaan, van kandidaten voor het invullen van vacatures in het wettelijk bestuurs- orgaan, het nagaan hoe de kennis, vaardigheden, diversiteit en ervaring in het wettelijk bestuursorgaan zijn verdeeld, het opstellen van een beschrijving van de taken en bekwaamheden die voor een bepaalde benoeming zijn vereist, en het beoordelen hoeveel tijd er aan die taken moet worden besteed. Verder stelt het benoemingscomité een streefcijfer vast voor de vertegenwoordiging van het ondervertegen- woordigde geslacht in het wettelijk bestuursorgaan en stippelt het een beleid uit om het aantal vertegenwoor- digers van dit geslacht in het wettelijk bestuursorgaan te vergroten en op die manier het streefcijfer te halen. Het streefcijfer, de beleidslijn en de tenuitvoerlegging ervan worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 435, lid 2, punt c), van Verordening (EU) nr. 575/2013; la gestion des risques dans la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement concernée et que l’organe de direction est appelé à arrêter dans l’exercice de sa fonction de surveillance. Lors de la préparation de ces décisions, le comité de rémunération tient compte des intérêts à long terme des actionnaires, des investisseurs et des autres parties prenantes de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement. L’alinéa 2 est également d’application pour les déci- sions concernant les rémunérations des personnes en charge des fonctions de contrôle indépendantes. Le comité de rémunération assure, en outre, une super- vision directe en ce qui concerne les rémunérations allouées aux responsables des fonctions de contrôle indépendantes. § 4. Les paragraphes 1er à 3 sont sans préjudice des dispositions du Code des sociétés relatives au comité d’audit et au comité de rémunération au sein de sociétés cotées au sens de l’article 4 de ce Code. § 5. Le comité de nomination est composé de manière à lui permettre d’exercer un jugement pertinent et indé- pendant sur la composition et le fonctionnement des organes d’administration et de gestion de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement, en particulier sur l’expertise individuelle et collective de leurs membres et sur l’intégrité, la réputation, l’indépen- dance d’esprit et la disponibilité de ceux-ci. Le comité de nomination: 1° identifi e et recommande, pour approbation par l’assemblée générale ou, le cas échéant, par l’organe légal d’administration, des candidats aptes à occuper des sièges vacants au sein de l’organe légal d’admi- nistration, évalue l’équilibre de connaissances, de compétences, de diversité et d’expérience au sein de l’organe légal d’administration, élabore une description des missions et des qualifi cations liées à une nomination donnée et évalue le temps à consacrer à ces fonctions. Le comité de nomination fi xe également un objectif à atteindre en ce qui concerne la représentation du sexe sous-représenté au sein de l’organe légal d’administra- tion et élabore une politique destinée à y accroître le nombre de représentants de ce sexe afi n d’atteindre cet objectif. L’objectif et le plan, ainsi que les modalités de sa mise en oeuvre sont rendus publics conformément à l’article 435, paragraphe 2, point c), du Règlement (UE) n° 575/2013; 163 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2° het periodiek, en minimaal jaarlijks, evalueren van de structuur, omvang, samenstelling en prestaties van het wettelijk bestuursorgaan en het formuleren van aanbevelingen aan het wettelijk bestuursorgaan met betrekking tot eventuele wijzigingen; 3° het periodiek, en minimaal jaarlijks, beoordelen van de kennis, vaardigheden, ervaring, mate van betrok- kenheid, met name de regelmatige aanwezigheid, van de individuele leden van het wettelijk bestuursorgaan en van het wettelijk bestuursorgaan als geheel, en daar verslag over uitbrengen aan dit orgaan; 4° het periodiek toetsen van het beleid van het wet- telijk bestuursorgaan voor de selectie en benoeming van de uitvoerende leden ervan, en het formuleren van aanbevelingen aan het wettelijk bestuursorgaan. Bij de uitoefening van zijn bevoegdheden ziet het benoemingscomité erop toe dat één persoon of een kleine groep van personen de besluitvorming van het wettelijk bestuursorgaan niet domineren op een wijze die de belangen van de instelling in haar geheel schade berokkent. Het benoemingscomité kan gebruik maken van alle vormen van hulpmiddelen die het geschikt acht voor de uitvoering van zijn opdracht, zoals het inwinnen van extern advies, en ontvangt hiertoe toereikende fi nanci- ele middelen. § 6. De vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die niet signifi cant zijn wat hun interne organisatie betreft of wat de aard, de reikwijdte, de complexiteit of het grensoverschrijdende karakter van hun activiteiten betreft, en die aan ten minste twee van de volgende drie criteria voldoen, zijn vrijgesteld van de verplichting om over de in paragraaf 1 bedoelde comités te beschikken: 1° gemiddeld aantal werknemers gedurende het be- trokken boekjaar van minder dan 250 personen; 2° balanstotaal van minder dan of gelijk aan 43 000 000 euro; 3° jaarlijkse netto-omzet van minder dan of gelijk aan 50 000 000 euro. § 7. De FSMA kan aan een vennootschap voor ver- mogensbeheer en beleggingsadvies die een dochter of een kleindochter is van een gemengde fi nanciële holding, een verzekeringsholding, een fi nanciële hol- ding, een kredietinstelling, een verzekeringsonderne- ming, een herverzekeringsonderneming, een andere 2° évalue périodiquement, et à tout le moins une fois par an, la structure, la taille, la composition et les performances de l’organe légal d’administration et lui soumet des recommandations en ce qui concerne des changements éventuels; 3° évalue périodiquement, et à tout le moins une fois par an, les connaissances, les compétences, l’expé- rience, le degré d’implication, notamment l’assiduité, des membres de l’organe légal d’administration, tant individuellement que collectivement, et en rend compte à cet organe; 4° examine périodiquement les politiques de l’organe légal d’administration en matière de sélection et de nomination des membres exécutifs de celui-ci, et for- mule des recommandations à l’intention de l’organe légal d’administration. Dans l’exercice de ses attributions, le comité de nomination veille à ce que la prise de décision au sein de l’organe légal d’administration ne soit pas dominée par une personne ou un petit groupe de personnes, d’une manière qui soit préjudiciable aux intérêts de l’établissement dans son ensemble. Le comité de nomination peut recourir à tout type de ressource qu’il considère comme étant appropriée à l’exercice de sa mission, y compris à des conseils externes, et reçoit les moyens fi nanciers appropriés à cet effet. § 6. Sont exemptées de l’obligation d’avoir les comi- tés visés au paragraphe 1er, les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement qui ne revêtent pas une importance signifi cative en raison de leur organisation interne, de la nature, de la portée, de la complexité ou du caractère transfrontalier de leurs activités et qui répondent à au moins deux des trois critères suivants: 1° nombre moyen de salariés inférieur à 250 per- sonnes sur l’ensemble de l’exercice concerné; 2° total du bilan inférieur ou égal à 43 000 000 euros; 3° chiffre d’affaires net annuel inférieur ou égal à 50 000 000 euros. § 7. La FSMA peut, à l’égard des sociétés de ges- tion de portefeuille et de conseil en investissement qui sont fi liales ou sous-fi liales d’une compagnie fi nan- cière mixte, d’une société holding d’assurance, d’une compagnie fi nancière, d’un établissement de crédit, d’une entreprise d’assurance, d’une entreprise de 164 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 beleggingsonderneming, of een beheervennootschap van instellingen voor collectieve belegging, volledige of gedeeltelijke afwijkingen toestaan van de bepalingen van dit artikel en specifi eke voorwaarden vastleggen voor het verlenen van deze afwijkingen, voor zover er binnen de betrokken groepen of subgroepen comités zijn opgericht in de zin van paragraaf 1, die bevoegd zijn voor de betrokken vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies en voldoen aan de vereisten van deze wet.”. Art. 217 In dezelfde wet wordt een artikel 25/3  inge- voegd, luidende: “Art. 25/3. § 1. De vennootschappen voor vermo- gensbeheer en beleggingsadvies nemen de nodige maatregelen om blijvend over de volgende passende onafhankelijke controlefuncties te kunnen beschikken: 1° compliance; 2° risicobeheer; 3° interne audit, die worden uitgeoefend door personen die onafhan- kelijk zijn van de bedrijfseenheden van de vennoot- schappen en over de nodige bevoegdheden beschikken om hun functie naar behoren te kunnen uitoefenen. De beloning van deze personen wordt vastgesteld volgens de verwezenlijking van de doelstellingen waarop hun functie gericht is, onafhankelijk van de resultaten van de werkzaamheden waarop toezicht wordt gehouden. § 2. Bij haar beoordeling van het passende karakter van de in paragraaf 1 bedoelde functies houdt de FSMA rekening met de bepalingen van artikel 25, § 2. § 3. Iedere vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies beschikt over een passende onafhankelijke compliancefunctie om de naleving door de vennootschap, de leden van haar wettelijk bestuurs- orgaan, haar effectieve leiding, haar werknemers, haar gevolmachtigden en haar verbonden agenten te verzekeren van de wettelijke en reglementaire regels inzake integriteit en gedrag die van toepassing zijn op het bedrijf van de vennootschap. Het eerste lid doet geen afbreuk aan de bepalingen van artikel 87bis van de wet van 2 augustus 2002. réassurance, d’une autre entreprise d’investissement ou d’une société de gestion d’organismes de placement collectif, accorder, en tout ou en partie, des dérogations aux dispositions du présent article et fi xer des condi- tions spécifi ques à l’octroi de ces dérogations, pour autant qu’aient été constituées au sein des groupes ou sous-groupes concernés des comités au sens du paragraphe 1er et dont les attributions s’étendent à la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement concernée, et répondant aux exigences de la présente loi.”. Art. 217 Dans la même loi, il est inséré un article 25/3, rédigé comme suit: “Art. 25/3. § 1er. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement prennent les mesures nécessaires pour disposer en permanence des fonc- tions de contrôle indépendantes adéquates suivantes: 1° conformité (compliance); 2° gestion des risques; 3° audit interne, dont les personnes qui en assurent l’exercice sont indépendantes des unités opérationnelles de la société et disposent des prérogatives nécessaires au bon accomplissement de leurs fonctions. La rémunération de ces personnes est fi xée en fonction de la réalisation des objectifs liés à leurs fonctions, indépendamment des performances des domaines d’activités contrôlés. §  2. Dans son évaluation du caractère adéquat des fonctions visées au paragraphe 1er, la FSMA tient compte des dispositions de l’article 25, § 2. § 3. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement disposent d’une fonction de conformité (compliance) indépendante adéquate des- tinée à assurer le respect, par la société, les membres de son organe légal d’administration, ses dirigeants effectifs, ses salariés, ses mandataires et agents liés, des règles légales et réglementaires d’intégrité et de conduite qui s’appliquent aux activités de la société. L’alinéa 1er ne porte pas préjudice aux dispositions de l’article 87bis de la loi du 2 août 2002. 165 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 De personen die belast zijn met de compliancefunctie, brengen minstens eenmaal per jaar verslag uit aan het wettelijk bestuursorgaan. § 4. De FSMA kan, onverminderd de bepalingen van artikel 25, § 1 en paragrafen 1 tot 3, nader bepalen wat moet worden verstaan onder een passende beleids- structuur, een passende interne controle, een passende onafhankelijke interneauditfunctie, een passende risico- beheerfunctie en een passende onafhankelijke compli- ancefunctie, en nadere regels uitwerken overeenkomstig de Europese wetgeving.”. Art. 218 In artikel 26 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) in het eerste lid worden de woorden “en regle- mentaire” ingevoegd tussen de woorden “naleving van de wettelijke” en de woorden “voorschriften inzake beleggingsdiensten”; b) in het derde lid worden de woorden “Op advies van de FSMA bepaalt de Koning de desbetreffende nadere regels en verplichten” vervangen door de woorden “Op advies van de FSMA kan de Koning de desbetreffende nadere regels en verplichtingen bepalen”; 2° in paragraaf 2, tweede lid, worden de woorden “Op advies van de FSMA bepaalt de Koning de des- betreffende nadere regels en verplichten” vervangen door de woorden “Op advies van de FSMA kan de Koning de desbetreffende nadere regels en verplich- tingen bepalen”; 3° paragraaf 3 wordt opgeheven; 4° in paragraaf 4 wordt het derde lid opgeheven; 5° paragraaf 5 wordt vervangen als volgt: “§ 5. De vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies houden de gegevens bij over alle door hen verleende beleggingsdiensten, verrichte beleggingsactiviteiten en uitgevoerde verrichtingen, om de FSMA in staat te stellen haar toezichtsbevoegd- heden uit te oefenen conform deze wet, de wet van 2 augustus 2002, de wet van …, de ter uitvoering van voornoemde wetten genomen besluiten en reglemen- ten, Verordening (EU) nr. 600/2014, Verordening (EU) nr. 596/2014 en Gedelegeerde Verordening 2017/565, Les personnes qui assurent la fonction de conformité (compliance) font rapport à l’organe légal d’administra- tion au moins une fois par an. § 4. La FSMA peut, sans préjudice des dispositions de l’article 25, § 1er et des paragraphes 1er à 3, préciser ce qu’il y a lieu d’entendre par structure de gestion adéquate, contrôle interne adéquat, fonction d’audit interne indépendante adéquate, fonction de gestion des risques adéquate et fonction de conformité (compliance) indépendante adéquate, et élaborer des règles plus précises conformément à la législation européenne.”. Art. 218 À l’article 26 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, les modifi cations suivantes sont apportées: a) dans l’alinéa 1er, les mots “et réglementaires” sont insérés entre les mots “dispositions légales” et les mots “relatives aux services”; b) dans l’alinéa 3, les mots “Le Roi, sur avis de la FSMA, précise” sont remplacés par les mots “Le Roi peut, sur avis de la FSMA, préciser”; 2° dans le paragraphe 2, alinéa 2, les mots “Le Roi, sur avis de la FSMA, précise” sont remplacés par les mots “Le Roi peut, sur avis de la FSMA, préciser”; 3° le paragraphe 3 est abrogé; 4° dans le paragraphe 4, l’alinéa 3 est abrogé; 5° le paragraphe 5 est remplacé par ce qui suit: “§ 5. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement conservent un enregistrement de tout service d’investissement fourni, de toute acti- vité d’investissement exercée, et de toute transaction effectuée afi n de permettre à la FSMA d’exercer ses compétences de contrôle conformément à la présente loi, à la loi du 2 août 2002, à la loi du …, aux arrêtés et règlements pris pour leur exécution, au Règlement (UE) n°600/2014, au Règlement (UE) n° 596/2014 et au Règlement délégué 2017/565 et, en particulier de vérifi er 166 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 en inzonderheid na te gaan of de onderneming haar verplichtingen tegenover haar cliënteel of potentieel cli- enteel en met betrekking tot de marktintegriteit nakomt. Het bijhouden van gegevens omvat het opnemen van telefoongesprekken of elektronische communicatie die ten minste met het verstrekken van diensten betreffende het ontvangen, doorgeven en uitvoeren van cliëntenor- ders verband houden. Daartoe neemt iedere vennootschap voor vermo- gensbeheer en beleggingsadvies alle redelijke maat- regelen voor de opname of opslag van voornoemde telefoongesprekken en elektronische communicatie die tot stand zijn gekomen met, verstuurd zijn vanaf of ontvangen zijn door apparatuur die door de vennoot- schap ter beschikking is gesteld van een werknemer of contractant, of waarvan het gebruik door een werknemer of contractant wordt goedgekeurd of toegestaan door de vennootschap . Cliënten kunnen hun orders langs andere kanalen plaatsen; deze mededelingen moeten evenwel gebeu- ren met gebruikmaking van duurzame dragers, zoals brieven, faxen, e-mails of documentatie over orders die tijdens bijeenkomsten door de betrokken cliënten zijn geplaatst. In het bijzonder kan de inhoud van relevante rechtstreekse gesprekken met een cliënt worden ge- registreerd door middel van notulen of notities. Aldus geplaatste orders worden gelijkgesteld met telefonisch ontvangen orders. Iedere vennootschap voor vermogensbeheer en be- leggingsadvies neemt alle redelijke maatregelen om te voorkomen dat een werknemer of contractant relevante telefoongesprekken en elektronische communicatie tot stand brengt, verstuurt of ontvangt op privéapparatuur waarvan de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies geen gegevens kan opnemen of kopiëren. Gegevens die overeenkomstig deze paragraaf zijn opgenomen, worden vijf jaar bewaard en, indien de FSMA daarom verzoekt, tot maximaal zeven jaar.”. 6° paragraaf 6 wordt vervangen als volgt: “§ 6. Paragrafen 1, 2 en 5 zijn ook van toepassing op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies wanneer deze verkopen verrichten of advies verstrekken aan cliënten in verband met ge- structureerde deposito’s.”. si l’entreprise respecte ses obligations à l’égard de ses clients ou clients potentiels, et concernant l’intégrité du marché. Ces enregistrements incluent l’enregistrement des conversations téléphoniques et des communications électroniques en rapport, au moins, avec la prestation de services relatifs aux ordres de clients qui concernent la réception, la transmission et l’exécution d’ordres de clients. À ces fi ns, les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement prennent toutes les mesures raisonnables pour enregistrer les conversations télépho- niques et les communications électroniques précitées qui sont effectuées, envoyées ou reçues au moyen d’un équipement fourni par la société à un employé ou à un contractant ou dont l’utilisation par une telle personne a été approuvée ou autorisée par elle. Les clients peuvent passer des ordres par d’autres voies, à condition que ces communications soient effectuées au moyen d’un support durable, tels qu’un courrier, une télécopie, un courrier électronique ou des documents relatifs aux ordres d’un client établis lors de réunions. En particulier, le contenu des conversations en tête-à-tête avec un client peut être consigné par écrit dans un compte rendu ou dans des notes. De tels ordres sont considérés comme équivalents à un ordre transmis par téléphone. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement prennent toutes les mesures raison- nables pour empêcher un employé ou un contractant d’effectuer, d’envoyer ou de recevoir les conversations téléphoniques ou les communications électroniques pré- citées au moyen d’un équipement privé que la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement est incapable d’enregistrer ou de copier. Les enregistrements conservés conformément au présent paragraphe sont conservés pendant cinq ans et, lorsque la FSMA le demande, pendant une durée pouvant aller jusqu’à sept ans.”. 6° le paragraphe 6 est remplacé par ce qui suit: “§ 6. Les paragraphes 1er, 2 et 5 s’appliquent éga- lement aux sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement lorsqu’elles commercialisent des dépôts structurés ou fournissent des conseils sur ces dépôts à des clients.”. 167 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 219 In dezelfde wet wordt een artikel 26/1  inge- voegd, luidende: “Art. 26/1. § 1. Een vennootschap voor vermogensbe- heer en beleggingsadvies die fi nanciële instrumenten ontwikkelt voor verkoop aan cliënten, zorgt voor het onderhoud, de exploitatie en de toetsing van een proces voor de goedkeuring van elk fi nancieel instrument en signifi cante aanpassingen van bestaande fi nanciële instrumenten voor zij in de handel worden gebracht of onder cliënten in omloop worden gebracht. In het kader van dat productgoedkeuringsproces wordt, voor elk fi nancieel instrument, een geïdentifi - ceerde doelgroep van eindcliënten binnen de relevante categorie van cliënten gespecifi ceerd, en wordt gewaar- borgd dat alle desbetreffende risico’s voor een dergelijke geïdentifi ceerde doelmarkt zijn geëvalueerd, en dat de geplande distributiestrategie op de geïdentifi ceerde doelgroep is afgestemd. § 2. Wanneer een vennootschap voor vermogensbe- heer en beleggingsadvies fi nanciële instrumenten aan- biedt of aanbeveelt die zij niet zelf ontwikkelt, beschikt zij over adequate regelingen om alle nuttige informatie over het fi nancieel instrument en het goedkeurings- proces ervan, inclusief de geïdentifi ceerde doelmarkt, te verkrijgen, de kenmerken van elk fi nancieel instru- ment te begrijpen, en de beoogde doelgroep ervan te identifi ceren. De in dit artikel bedoelde maatregelen, proces- sen en regelingen laten alle andere vereisten van deze wet, de wet van 2 augustus 2002, Verordening (EU) nr. 600/2014  en Gedelegeerde Verordening 2017/565 onverlet, met inbegrip van de vereisten in- zake openbaarmaking, geschiktheid of passendheid, vaststelling en beheer van belangenconflicten, en inducements. § 3. Op advies van de FSMA bepaalt de Koning de regels voor de tenuitvoerlegging van de in dit artikel bedoelde regels, inzonderheid om te voldoen aan de verplichtingen die voortvloeien uit Richtlijn 2014/65/EU en Gedelegeerde richtlijn 2017/593. § 4. Dit artikel is ook van toepassing op de vennoot- schappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies wanneer deze verkopen verrichten of advies verstrek- ken aan cliënten in verband met gestructureerde deposito’s.”. Art. 219 Dans la même loi, il est inséré un article 26/1, rédigé comme suit: “Art. 26/1. § 1er. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement qui conçoivent des instruments fi nanciers destinés à la vente aux clients maintiennent, appliquent et révisent un processus de validation de chaque instrument fi nancier et des adapta- tions notables des instruments fi nanciers existants avant leur commercialisation ou leur distribution aux clients. Ledit processus de validation détermine un marché cible défi ni de clients fi naux à l’intérieur de la catégorie de clients concernée pour chaque instrument fi nancier et permet de s’assurer que tous les risques pertinents pour ledit marché cible sont évalués et que la stratégie de distribution prévue convient bien à celui-ci. § 2. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement qui proposent ou recom- mandent des instruments financiers qu’elles ne conçoivent pas, se dotent de dispositifs appropriés pour obtenir tous les renseignements utiles sur l’instrument fi nancier et sur son processus de validation, y compris le marché cible défi ni de l’instrument fi nancier, et pour comprendre les caractéristiques et identifi er le marché cible défi ni de chaque instrument fi nancier. Les politiques, processus et dispositifs visés au présent article sont sans préjudice de toutes les autres prescriptions prévues par la présente loi, par la loi du 2 août 2002, par le Règlement (UE) n° 600/2014 et par le Règlement délégué 2017/565, y compris celles appli- cables à la publication, à l’adéquation ou au caractère approprié, à la détection et à la gestion des confl its d’intérêts, et aux incitations. § 3. Le Roi, sur avis de la FSMA, précise les règles d’exécution des règles visées au présent article, notam- ment aux fi ns de satisfaire aux obligations découlant de la Directive 2014/65/UE et de la Directive délé- guée 2017/593. §  4. Le présent article s’applique également aux sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement lorsqu’elles commercialisent des dépôts structurés ou fournissent des conseils sur ces dépôts à des clients.”. 168 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 220 In dezelfde wet wordt een artikel 26/2  inge- voegd, luidende: “Art. 26/2. Op advies van de FSMA bepaalt de Koning de organisatorische vereisten die van toepassing zijn op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die zich met algoritmische handel bezighouden, en/of die directe elektronische toegang tot een handelsplatform aanbieden.”. Art. 221 In artikel 31 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 2  wordt het vijfde lid vervangen als volgt: “De FSMA kan de in het vierde lid bedoelde onder- breking verlengen tot ten hoogste dertig werkdagen: 1°) indien de kandidaat-verwerver een natuurlijke of rechtspersoon is die buiten de Europese Unie is geves- tigd of aan een reglementering van een derde land is onderworpen; of 2°) indien de kandidaat-verwerver een natuurlijke of rechtspersoon is die niet aan toezicht is onderworpen ingevolge Richtlijn 2013/36/EU, Richtlijn 2009/65/EG, Richtlijn 2009/138/EG of Richtlijn 2014/68/EU.”; 2° in paragraaf 3, tweede lid, wordt het woord “ge- schiktheid” vervangen door het woord “passendheid”; 3° paragraaf 6 wordt opgeheven. Art. 222 Artikel 32 van dezelfde wet, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1  zal vormen, wordt aangevuld met paragrafen 2 en 3, luidende: “§  2. Indien een deelneming wordt verworven of vergroot ondanks het in artikel 31, § 3, bedoelde verzet van de FSMA, kan de voorzitter van de rechtbank van koophandel van het rechtsgebied waar de vennoot- schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies haar zetel heeft, uitspraak doende als in kort geding, de in artikel 516, § 1, van het Wetboek van Vennootschappen bedoelde maatregelen nemen, alsook alle of een deel Art. 220 Dans la même loi, il est inséré un article 26/2, rédigé comme suit: “Art. 26/2. Le Roi détermine, sur avis de la FSMA, les exigences organisationnelles applicables aux sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investisse- ment qui recourent au trading algorithmique et/ou qui fournissent un accès électronique direct à une plate- forme de négociation.”. Art. 221 À l’article 31 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 2, l’alinéa 5 est remplacé par ce qui suit: “La FSMA peut porter la suspension visée à l’alinéa 4, à trente jours ouvrables: 1°) si le candidat acquéreur est une personne phy- sique ou morale établie hors de l’Union européenne ou relève d’une réglementation d’un pays tiers; ou 2°) si le candidat acquéreur est une personne physique ou morale qui n’est pas soumise à une sur- veillance en vertu de la Directive 2013/36/UE, de la Directive 2009/65/CE, de la Directive 2009/138/CE, ou de la Directive2014/65/UE.”; 2° dans le paragrahe 3, alinéa 2, le mot “approprié’ est remplacé par le mot “adéquat”; 3° le paragraphe 6 est abrogé. Art. 222 L’article 32 de la même loi, dont le texte actuel forme- ra le paragraphe 1er, est complété par les paragraphes 2 et 3, rédigés comme suit: “§ 2. En cas d’acquisition ou d’accroissement d’une participation en dépit de l’opposition de la FSMA visée à l’article 31, § 3, le président du tribunal de commerce dans le ressort duquel la société de gestion de por- tefeuille et de conseil en investissement a son siège, statuant comme en référé, peut prendre les mesures visées à l’article 516, §  1er, du Code des sociétés, ainsi que prononcer l’annulation de tout ou partie des 169 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 van de beslissingen van een algemene vergadering die in voornoemde gevallen zou zijn gehouden, nietig verklaren. De procedure wordt ingeleid bij dagvaarding door de FSMA. Artikel 516, § 3, van het Wetboek van Vennootschappen is van toepassing. § 3. De FSMA neemt soortgelijke maatregelen als bedoeld in paragraaf 1 ten aanzien van de personen die de in artikel 31, §§ 1 of 5, bedoelde voorafgaande kennisgevingen niet hebben verricht.”. Art. 223 Artikel 33 van dezelfde wet wordt opgeheven. Art. 224 Artikel 34 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 34. § 1. Het wettelijk bestuursorgaan beoordeelt periodiek en minstens eenmaal per jaar de doeltref- fendheid van de in de artikelen 25 tot 25/3 bedoelde organisatieregeling van de vennootschap, met inbegrip van de in de artikelen 26 tot 26/2 bedoelde specifi eke organisatieregeling en de overeenstemming ervan met de wettelijke en reglementaire bepalingen. Het ziet erop toe dat de personen belast met de effectieve leiding van de vennootschap, in voorkomend geval het direc- tiecomité, de nodige maatregelen nemen om eventuele tekortkomingen aan te pakken. Het wettelijk bestuursorgaan monitort en beoordeelt periodiek de adequaatheid en de implementatie van de strategische doelstellingen van de vennootschap bij het verlenen van beleggingsdiensten, het verrichten van beleggingsactiviteiten, het verlenen van neven- diensten, de verkoop van gestructureerde deposito’s en het verstrekken van advies aan cliënten in verband met gestructureerde deposito’s en de adequaatheid van de beleidsregels voor het verlenen van diensten aan cliënten, en onderneemt passende stappen om eventuele tekortkomingen aan te pakken. §  2. Het wettelijk bestuursorgaan oefent effectief toezicht uit op de personen belast met de effectieve leiding van de vennootschap, in voorkomend geval het directiecomité, en is verantwoordelijk voor het toezicht op de door die personen genomen beslissingen. délibérations d’assemblée générale tenue dans les cas visés ci-dessus. La procédure est introduite par citation émanant de la FSMA. L’article 516, §  3, du Code des sociétés est d’application. § 3. La FSMA prend des mesures similaires à celles visées au paragraphe 1er à l’encontre des personnes qui n’ont pas procédé aux notifi cations préalables prescrites à l’article 31, §§ 1er ou 5.”. Art. 223 L’article 33 de la même loi est abrogé. Art. 224 L’article 34 de la même loi est remplacé par ce qui suit: “Art. 34. § 1er. L’organe légal d’administration évalue périodiquement, et au moins une fois par an, l’efficacité des dispositifs d’organisation de l’établissement visés aux articles 25 à 25/3, ainsi que les dispositions d’orga- nisation spécifi ques visées aux articles 26 à 26/2 et leur conformité aux obligations légales et réglementaires. Il veille à ce que les personnes chargées de la direction effective de la société, le cas échéant le comité de direc- tion, prennent les mesures nécessaires pour remédier aux éventuels manquements. L’organe légal d’administration contrôle et évalue également périodiquement la pertinence et la mise en œuvre des objectifs stratégiques de l’entreprise en rapport avec la fourniture de services d’investissement, l’exercice d’activités d’investissement, la fourniture de services auxiliaires et la commercialisation de dépôts structurés et la fourniture de conseils aux clients sur de tels produits et l’adéquation des politiques relatives à la fourniture de services aux clients et prend les mesures appropriées pour remédier à toute défi cience. § 2. L’organe légal d’administration exerce un contrôle effectif sur les personnes chargées de la direction effec- tive de la société, le cas échéant le comité de direction, et assure la surveillance des décisions prises par ces personnes. 170 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Elk lid van het wettelijk bestuursorgaan handelt eerlijk, integer en met onafhankelijkheid van geest om daad- werkelijk de besluiten van de personen belast met de effectieve leiding van de vennootschap, in voorkomend geval het directiecomité, te beoordelen en deze, zo nodig, aan te vechten, en om daadwerkelijk toe te zien en controle uit te oefenen op de besluitvorming van het management. De leden van het wettelijk bestuursorgaan hebben passende toegang tot alle informatie en documenten die nodig zijn om de besluitvorming van het management van de vennootschap te controleren en te monitoren. § 3. Het wettelijk bestuursorgaan beoordeelt in het bijzonder de goede werking van de in artikel 25/3 be- doelde onafhankelijke controlefuncties. § 4. In het jaarverslag van het wettelijk bestuursor- gaan wordt aangetoond dat de leden van de in artikel 25/2 bedoelde comités over de nodige individuele en collectieve deskundigheid beschikken. § 5. Het wettelijk bestuursorgaan waakt erover dat het in artikel 25, § 3, bedoelde governancememorandum wordt geactualiseerd en dat het geactualiseerde gover- nancememorandum aan de FSMA wordt overgemaakt. §  6. Het wettelijk bestuursorgaan ziet toe op de integriteit van de boekhoud- en fi nanciëleverslagge- vingssystemen, met inbegrip van de regelingen voor de operationele en fi nanciële controle. Het beoordeelt de werking van de interne controle minstens eenmaal per jaar en waakt erover dat deze controle een redelijke mate van zekerheid verschaft over de betrouwbaarheid van het fi nanciëleverslaggevingsproces, zodat de jaar- rekening en de fi nanciële informatie in overeenstemming is met de geldende boekhoudreglementering. § 7. Het wettelijk bestuursorgaan houdt toezicht op de procedure voor de bekendmaking en de mededeling van gegevens die door of krachtens deze wet is vereist.”. Art. 225 In dezelfde wet wordt een artikel 34/1  inge- voegd, luidende: “Art. 34/1. Onverminderd de bevoegdheden van het wettelijk bestuursorgaan inzake vaststelling van het algemeen beleid als bepaald bij het Wetboek van Vennootschappen, nemen de personen belast met de effectieve leiding van de vennootschap voor ver- mogensbeheer en beleggingsadvies, in voorkomend geval het directiecomité, onder toezicht van het wettelijk Chaque membre de l’organe légal d’administration fait preuve d’une honnêteté, d’une intégrité et d’une indépendance d’esprit qui lui permettent d’évaluer et de remettre effectivement en question, si nécessaire, les décisions des personnes chargées de la direction effective de la société, le cas échéant le comité de direction, et d’assurer la supervision et le suivi effectifs des décisions prises en matière de gestion. Les membres de l’organe légal d’administration disposent d’un accès adéquat aux informations et documents nécessaires pour superviser et suivre les décisions prises en matière de gestion de la société. § 3. L’organe légal d’administration évalue en parti- culier le bon fonctionnement des fonctions de contrôle indépendantes visées à l’article 25/3. § 4. Le rapport annuel de l’organe légal d’administra- tion justifi e la compétence individuelle et collective des membres des comités visés à l’article 25/2. § 5. L’organe légal d’administration s’assure de la mise à jour du mémorandum de gouvernance visé à l’article 25, § 3, et de la transmission à la FSMA du mémorandum de gouvernance actualisé. § 6. L’organe légal d’administration veille à l’inté- grité des systèmes de comptabilité et de déclaration d’information fi nancière, en ce compris les dispositifs de contrôle opérationnel et fi nancier. Il évalue le fonc- tionnement du contrôle interne au moins une fois par an et s’assure que ce contrôle procure un degré de certitude raisonnable quant à la fi abilité du processus de reporting fi nancier, de manière à ce que les comptes annuels et l’information fi nancière soient conformes à la réglementation comptable en vigueur. § 7. L’organe légal d’administration supervise le pro- cessus de publication et de communication requis par ou en vertu de la présente loi .”. Art. 225 Dans la même loi, il est inséré un article 34/1, rédigé comme suit: “Art. 34/1. Sans préjudice des pouvoirs dévolus à l’organe légal d’administration en ce qui concerne la détermination de la politique générale, tels que prévus par le Code des sociétés, les personnes chargées de la direction effective de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement, le cas échéant le comité de direction, prennent, sous la surveillance de l’organe 171 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 bestuursorgaan, de nodige maatregelen voor de nale- ving en de tenuitvoerlegging van het bepaalde bij de artikelen 25 tot 25/3, met inbegrip van de in de artikelen 26 tot 26/2 bedoelde specifi eke organisatieregeling. De personen belast met de effectieve leiding, in voor- komend geval het directiecomité, rapporteren minstens eenmaal per jaar aan het wettelijk bestuursorgaan en aan de FSMA over de naleving van de bepalingen van het eerste lid en over de maatregelen die, in voorkomend geval, worden genomen om eventuele tekortkomingen aan te pakken. Het verslag rechtvaardigt waarom deze maatregelen voldoen aan de wettelijke en reglementaire bepalingen.”. Art. 226 Artikel 35 van dezelfde wet wordt aangevuld met de paragrafen 4 en 5, luidende: “§ 4. De vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies en, in voorkomend geval, hun be- noemingscomité zorgen voor een breed scala van ken- merken en vaardigheden bij de werving van leden voor het wettelijk bestuursorgaan en voeren derhalve een beleid ter bevordering van diversiteit binnen dat orgaan. § 5. De vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies wijden voldoende personele en fi nanciële middelen aan de introductie en opleiding van leden van het wettelijk bestuursorgaan.”. Art. 227 In dezelfde wet wordt een artikel 35/1  inge- voegd, luidende: “Art. 35/1. De personen die verantwoordelijk zijn voor de in artikel 25/3 bedoelde onafhankelijke controlefunc- ties, kunnen niet zonder voorafgaande goedkeuring van het wettelijk bestuursorgaan uit hun functie worden verwijderd. De vennootschap voor vermogensbeheer en beleg- gingsadvies stelt de FSMA hier voorafgaandelijk van in kennis.”. Art. 228 Artikel 36 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: légal d’administration, les mesures nécessaires pour assurer le respect et la mise en œuvre des dispositions des articles 25 à 25/3, en ce compris les dispositions d’organisation spécifi ques visées aux articles 26 à 26/2. Les personnes chargées de la direction effective, le cas échéant le comité de direction, font rapport au moins une fois par an à l’organe légal d’administration et à la FSMA sur le respect des dispositions de l’alinéa 1er et sur les mesures prises le cas échéant pour remédier aux défi ciences qui auraient été constatées. Le rapport justifi e en quoi ces mesures satisfont aux dispositions légales et réglementaires.”. Art. 226 L’article 35 de la même loi est complété par les para- graphes 4 et 5, rédigés comme suit: “§ 4. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement et, le cas échéant, leur comité de nomination, font appel à un large éventail de qualités et de compétences lors du recrutement des membres de l’organe légal d’administration et à cet effet, mettent en place des politiques favorables à la diversité au sein de cet organe. § 5. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement consacrent des ressources humaines et financières adéquates à l’initiation et à la formation des membres de l’organe légal d’administration.”. Art. 227 Dans la même loi, il est inséré un article 35/1, rédigé comme suit: “Art. 35/1. Les personnes qui sont responsables des fonctions de contrôle indépendantes visées à l’article 25/3 ne peuvent être démises de leur fonction sans l’accord préalable de l’organe légal d’administration. La société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement en informe préalablement la FSMA.”. Art. 228 L’article 36 de la même loi est remplacé par ce qui suit: 172 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 “Art. 36. § 1. De leden van het wettelijk bestuursor- gaan, de leden van het directiecomité of, bij ontstente- nis van een directiecomité, de personen belast met de effectieve leiding, besteden de nodige tijd aan de uitoefening van hun functies in de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies. § 2. Onverminderd paragraaf 1 en de artikelen 25 tot 26 mogen de bestuurders, zaakvoerders of directeu- ren van een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies en alle personen die, onder welke benaming of in welke hoedanigheid ook, deelnemen aan het bestuur of het beleid van de onderneming, al dan niet ter vertegenwoordiging van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, op de voorwaarden en binnen de grenzen vastgesteld in dit artikel, mandaten als bestuurder of zaakvoerder waarnemen in dan wel deelnemen aan het bestuur of het beleid van een handelsvennootschap of een ven- nootschap met handelsvorm, een onderneming met een andere Belgische of buitenlandse rechtsvorm, of een Belgische of buitenlandse openbare instelling met industriële, commerciële of fi nanciële werkzaamheden. § 3. De externe functies als bedoeld in § 2 worden beheerst door de interne regels die de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies moet in- voeren en doen naleven teneinde: 1° te vermijden dat personen die deelnemen aan de effectieve leiding van de vennootschap voor vermogens- beheer en beleggingsadvies, door de uitoefening van die functies, niet langer voldoende beschikbaar zijn om deze leiding waar te nemen; 2° te voorkomen dat bij de vennootschap voor ver- mogensbeheer en beleggingsadvies belangenconfl icten zouden optreden alsook risico’s die gepaard gaan met de uitoefening van die functies, onder andere op het vlak van transacties van ingewijden; 3° te zorgen voor een passende openbaarmaking van die functies. De FSMA bepaalt, bij reglement goedgekeurd door de Koning, hoe die verplichtingen ten uitvoer wor- den gelegd. § 4. De mandatarissen van een vennootschap die worden benoemd op de voordracht van de vennoot- schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, moeten personen zijn die deelnemen aan de effectieve leiding van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies dan wel personen die zij aanwijst. “Art. 36. § 1er. Les membres de l’organe légal d’admi- nistration, les membres du comité de direction et, en l’absence de comité de direction, les personnes en charge de la direction effective, consacrent le temps nécessaire à l’exercice de leurs fonctions au sein de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement. § 2. Sans préjudice du paragraphe 1er et des articles 25  à 26, les administrateurs, gérants ou directeurs d’une société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement et toutes personnes qui, sous quelque dénomination et en quelque qualité que ce soit, prennent part à l’administration ou à la gestion de l’entreprise peuvent, en représentation ou non de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement, exercer des mandats d’administrateur ou de gérant ou prendre part à l’administration ou à la gestion au sein d’une société commerciale ou à forme commerciale, d’une entreprise d’une autre forme de droit belge ou étranger ou d’une institution publique belge ou étran- gère, ayant une activité industrielle, commerciale ou fi nancière, aux conditions et dans les limites prévues au présent article. § 3. Les fonctions extérieures visées au § 2 sont régies par des règles internes que la société de ges- tion de portefeuille et de conseil en investissement doit adopter et faire respecter en vue de poursuivre les objectifs suivants: 1° éviter que l’exercice de ces fonctions par des per- sonnes participant à la direction effective de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investisse- ment ne porte atteinte à la disponibilité requise pour l’exercice de cette direction; 2° prévenir dans le chef de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement la surve- nance de confl its d’intérêts ainsi que les risques qui s’attachent à l’exercice de ces fonctions, notamment sur le plan des opérations d’initiés; 3° assurer une publicité adéquate de ces fonctions. La FSMA fi xe, les modalités de ces obligations par voie de règlement soumis à l’approbation du Roi. § 4. Les mandataires sociaux nommés sur présen- tation de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement doivent être des personnes qui participent à la direction effective de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement ou des personnes qu’elle désigne. 173 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 § 5. De bestuurders die niet deelnemen aan de ef- fectieve leiding van de vennootschap voor vermogens- beheer en beleggingsadvies, mogen geen bestuurder zijn van een vennootschap waarin de vennootschap een deelneming bezit, tenzij zij niet deelnemen aan het dagelijks bestuur. Onverminderd de paragrafen 1 en 3 zijn de in para- graaf 2 bedoelde externe functies bovendien beperkt, voor zover ze worden uitgeoefend in andere handelsven- nootschappen dan de vennootschap voor vermogens- beheer en beleggingsadvies, tenzij het mandaat in de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsad- vies wordt uitgeoefend ter vertegenwoordiging van een lidstaat, tot het volgend aantal mandaten: 1° hetzij drie mandaten die geen deelname aan het dagelijks bestuur mogen impliceren; of 2° een mandaat dat een deelname aan het dagelijks bestuur impliceert en een mandaat dat geen deelname aan het dagelijks bestuur mag impliceren. De in het tweede lid bedoelde regel is niet van toepas- sing op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die niet signifi cant zijn wat hun interne organisatie of de aard, de reikwijdte, de complexiteit of het grensoverschrijdende karakter van hun activiteiten betreft, en die aan ten minste twee van de volgende drie criteria voldoen: 1° gemiddeld aantal werknemers gedurende het be- trokken boekjaar van minder dan 250 personen; 2° balanstotaal van minder dan of gelijk aan 43 000 000 euro; 3° jaarlijkse netto-omzet van minder dan of gelijk aan 50 000 000 euro. § 6. De personen die deelnemen aan de effectieve leiding van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies mogen geen mandaat uitoefenen dat een deelname aan het dagelijks bestuur inhoudt, tenzij in een vennootschap als bedoeld in artikel 41, § 3, waarmee de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies nauwe banden heeft, of in een instelling voor collectieve belegging die geregeld is bij statuten in de zin van de wet van 3 augustus 2012 of van de wet van 19 april 2014, of in een patrimonium- vennootschap waarin zij of hun familie, in het kader van het normale beheer van hun vermogen, een signifi cant belang bezitten. § 5. Les administrateurs ne participant pas à la direc- tion effective de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement ne peuvent être adminis- trateur d’une société dans laquelle l’entreprise détient une participation que s’ils ne participent pas à la gestion courante de cette société. En outre, et sans préjudice des paragraphes 1er et 3, les fonctions extérieures visées au paragraphe 2, pour autant qu’elles soient exercées dans des sociétés commerciales autres que la société de gestion de por- tefeuille et de conseil en investissement, sont limitées, sauf dans l’hypothèse où le mandat au sein de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investisse- ment est exercé en représentation d’un État membre, au nombre de mandats suivants: 1° soit à trois mandats ne pouvant impliquer une participation à la gestion courante; ou 2° soit à un mandat impliquant une participation à la gestion courante et un mandat ne pouvant impliquer une participation à la gestion courante. La règle visée à l’alinéa 2 ne s’applique pas aux sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement qui ne revêtent pas une importance signifi cative en raison de leur organisation interne ou en raison de la nature, de la portée, de la complexité ou du caractère transfrontalier de leurs activités et qui répondent à au moins deux des trois critères suivants: 1° nombre moyen de salariés inférieur à 250 per- sonnes sur l’ensemble de l’exercice concerné; 2° total du bilan inférieur ou égal à 43 000 000 euros; 3° chiffre d’affaires net annuel inférieur ou égal à 50 000 000 euros. § 6. Les personnes qui participent à la direction effec- tive de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement ne peuvent exercer un mandat com- portant une participation à la gestion courante que s’il s’agit d’une société visée à l’article 41, § 3, avec laquelle la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement a des liens étroits, d’un organisme de placement collectif à forme statutaire au sens de la loi du 3 août 2012 ou de la loi du 19 avril 2014, ou d’une société patrimoniale dans laquelle de telles personnes ou leur famille détiennent dans le cadre de la gestion normale de leur patrimoine un intérêt signifi catif. 174 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Onverminderd de paragrafen 1 en 3 zijn de in para- graaf 2 bedoelde externe functies bovendien beperkt, voor zover ze worden uitgeoefend in andere handelsven- nootschappen dan de vennootschap voor vermogens- beheer en beleggingsadvies, beperkt tot twee mandaten die geen deelname aan het dagelijks bestuur mogen impliceren, tenzij het mandaat in de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies wordt uitgeoe- fend ter vertegenwoordiging van een lidstaat. De in het tweede lid bedoelde regel is niet van toepas- sing op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die niet signifi cant zijn wat hun interne organisatie of de aard, de reikwijdte, de complexiteit of het grensoverschrijdende karakter van hun activiteiten betreft, en die aan ten minste twee van de volgende drie criteria voldoen: 1° gemiddeld aantal werknemers gedurende het be- trokken boekjaar van minder dan 250 personen; 2° balanstotaal van minder dan of gelijk aan 43 000 000 euro; 3° jaarlijkse netto-omzet van minder dan of gelijk aan 50 000 000 euro. § 7. In individuele gevallen kan de FSMA een afwijking toestaan van het maximum aantal mandaten waarin is voorzien in paragrafen 5 en 6, door toe te staan dat een bijkomend mandaat wordt uitgeoefend dat geen deelname aan het dagelijks bestuur impliceert. De FSMA stelt de Europese Bankautoriteit regelmatig op de hoogte van het gebruik dat zij van deze afwijkings- bevoegdheid maakt. § 8. De vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies notifi ëren zonder uitstel aan de FSMA de functies uitgeoefend buiten de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies door de in para- graaf 2 bedoelde personen met het oog op het toezicht op de naleving van de bepalingen voorzien in dit artikel. § 9. Voor de toepassing van paragrafen 5, tweede lid, en 6, tweede lid, wordt de uitoefening van verschil- lende mandaten, die al dan niet een deelname aan het dagelijks bestuur impliceren, in ondernemingen die deel uitmaken van de groep waartoe de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies behoort of van een andere groep, als één enkel mandaat beschouwd. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder “groep” een geheel van ondernemingen verstaan dat wordt gevormd door een moederonderneming, haar En outre, et sans préjudice des paragraphes 1er et 3, les fonctions extérieures visées au paragraphe 2, pour autant qu’elles soient exercées dans des sociétés commerciales autres que la société de gestion de por- tefeuille et de conseil en investissement, sont limitées à deux mandats ne pouvant impliquer une participation à la gestion courante sauf dans l’hypothèse où le mandat au sein de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement est exercé en représentation d’un État membre. La règle visée à l’alinéa 2 ne s’applique pas aux sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement qui ne revêtent pas une importance signifi cative en raison de leur organisation interne ou en raison de la nature, de la portée, de la complexité ou du caractère transfrontalier de leurs activités et qui répondent à au moins deux des trois critères suivants: 1° nombre moyen de salariés inférieur à 250 per- sonnes sur l’ensemble de l’exercice concerné; 2° total du bilan inférieur ou égal à 43 000 000 euros; 3° chiffre d’affaires net annuel inférieur ou égal à 50 000 000 euros. § 7. La FSMA peut, dans des cas individuels, accor- der une dérogation au nombre de mandats maximum prévus aux paragraphes 5 et 6, en autorisant la possi- bilité d’exercer un mandat supplémentaire n’impliquant pas une participation à la gestion courante. La FSMA informe, sur une base régulière, l’Autorité européenne des marchés fi nanciers de l’usage qu’elle fait de ce pouvoir de dérogation. § 8. Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement notifient sans délai à la FSMA les fonctions exercées en dehors de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investisse- ment par les personnes visées au paragraphe 2 aux fi ns du contrôle du respect des dispositions prévues au présent article. § 9. Pour l’application des paragraphes 5, alinéa 2, et 6, alinéa 2, sont considérés comme un seul mandat l’exercice de plusieurs mandats, impliquant ou non une participation à la gestion courante, dans des entreprises faisant partie du groupe dont fait partie la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement ou d’un autre groupe. Aux fi ns du présent article, on entend par “groupe”, un ensemble d’entreprises constitué par une entre- prise mère, ses fi liales, les entreprises dans lesquelles 175 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 dochterondernemingen, de ondernemingen waarin de moederonderneming of haar dochterondernemingen rechtstreeks of onrechtstreeks een deelneming aanhou- den in de zin van artikel 3, 26°, van deze wet, alsook de ondernemingen waarmee een consortium wordt gevormd, en de ondernemingen die door deze laatste ondernemingen worden gecontroleerd of waarin deze een deelneming aanhouden in de zin van artikel 3, 26°, van deze wet. § 10. Voor de toepassing van dit artikel kan de FSMA aan de hand van de statuten nagaan of al dan niet externe functies worden uitgeoefend in handelsven- nootschappen, in het bijzonder wat externe functies in patrimoniumvennootschappen betreft.”. § 11. In afwijking van paragraaf 5 mag een lid van het wettelijk bestuursorgaan van een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies dat niet deel- neemt aan de effectieve leiding van die vennootschap en dat benoemd is naar aanleiding van de verwerving van een deelneming of de overname van de activitei- ten van een vennootschap waarin diezelfde persoon deelneemt aan de effectieve leiding, het mandaat dat hij bij deze laatste vennootschap uitoefent op de datum van inwerkingtreding van deze wet, blijven uitoefenen tot het verstrijkt, voor zover dat mandaat niet langer dan 6 jaar na de voornoemde verwerving of overname wordt uitgeoefend. § 12. In afwijking van paragraaf 6 mogen de leden van het directiecomité of, bij ontstentenis van een directie- comité, de personen die deelnemen aan de effectieve leiding van een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, een mandaat uitoefenen dat een deelname inhoudt aan het dagelijks bestuur van een vennootschap waarvan zij de enige leiders zijn en waarvan het bedrijf beperkt is tot het verlenen van beheerdiensten aan de in artikel 36, §  6, bedoelde vennootschappen of tot dat van een patrimoniumven- nootschap, gedurende een periode van drie jaar vanaf de datum van inwerkingtreding van deze wet. Art. 229 In artikel 47 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden “die een bijkantoor op het grondgebied van een andere lidstaat wenst te vestigen” vervangen door de woorden “die een bijkantoor wenst te vestigen op het grondgebied van een andere lidstaat, of die gebruik wenst te maken van verbonden agenten die zijn gevestigd in een andere lidstaat waar zij geen bijkantoor heeft gevestigd”; l’entreprise mère ou ses fi liales détiennent une partici- pation directe ou indirecte au sens de l’article 3, 26°, de la présente loi, ainsi que des entreprises qui constituent un consortium et les entreprises contrôlées par ces dernières ou dans lesquelles elles détiennent une par- ticipation au sens de l’article 3, 26°, de la présente loi. § 10. Pour l’application de cet article, la FSMA peut vérifi er à l’aide des statuts si des fonctions externes sont exercées ou non dans des sociétés commerciales, plus particulièrement en ce qui concerne les fonctions externes dans des sociétés patrimoniales. “. § 11. Par dérogation au paragraphe 5, un membre de l’organe légal d’administration d’une société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement ne par- ticipant pas à la direction effective de celle-ci, qui est nommé à la suite de l’acquisition d’une participation ou de la reprise des activités d’une société dans laquelle cette même personne participe à la direction effective, est autorisé à poursuivre l’exercice de son mandat en cours au sein de cette dernière société à la date d’entrée en vigueur de la présente loi jusqu’à l’expiration de celui- ci, pour autant que l’exercice de ce mandat ne dépasse pas la date d’anniversaire des 6 ans de l’acquisition ou de la reprise précitée. § 12. Par dérogation au paragraphe 6, les membres du comité de direction ou, en l’absence de comité de direction, les personnes qui participent à la direction effective d’une société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement peuvent exercer un mandat comportant une participation à la gestion courante d’une société dans laquelle ces personnes sont les uniques dirigeants et dont l’activité se limite à des services de gestion aux sociétés visées à l’article 36, § 6, ou à l’acti- vité d’une société patrimoniale pendant une période de trois ans à partir de la date d’entrée en vigueur de la présente loi. Art. 229 A l’article 47 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, les mots “ou recourir à des agents liés établis dans un autre État membre dans lequel elle n’a pas établi de succursale,” sont insérés entre les mots “sur le territoire d’un autre État membre” et les mots “pour y fournir ou y exercer”; 176 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 2° in paragraaf 1, tweede lid, worden de volgende wijzigingen aangebracht: a) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de woorden “of de lidstaten waar zij geen bijkantoor heeft gevestigd maar voornemens is gebruik te maken van daar gevestigde verbonden agenten;” b) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt: “2° een programma van werkzaamheden waarin onder meer de beleggings-diensten en/of beleggings- activiteiten alsook de nevendiensten die het bijkantoor zal verlenen en/of verrichten, en, als zij een bijkantoor heeft gevestigd, de organisatiestructuur van dat bij- kantoor worden vermeld en waarin wordt aangegeven of het bijkantoor voornemens is gebruik te maken van verbonden agenten, alsook de identiteit van die verbon- den agenten wordt vermeld;”; c) een bepaling onder 2°/1 wordt ingevoegd, luidende: “2°/1 indien de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies voornemens is gebruik te maken van verbonden agenten in een lidstaat waar zij geen bijkantoor heeft gevestigd, een beschrijving van het beoogde gebruik van de verbonden agent(en) en een organisatiestructuur, met opgave van rapportagelijnen, waarbij wordt aangegeven hoe de agent(en) in de be- drijfsstructuur van de vennootschap voor vermogens- beheer en beleggingsadvies past (passen);”; d) in de bepaling onder 4° worden de woorden “of van de verbonden agent” ingevoegd tussen de woorden “van het bijkantoor” en de woorden”en, in voorkomend geval”; 3° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende: “Ingeval een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies gebruik maakt van een in een andere lidstaat gevestigde verbonden agent, wordt die verbonden agent gelijkgesteld aan het bijkantoor, indien er een is gevestigd, en wordt hij in elk geval onderwor- pen aan de bepalingen van deze wet met betrekking tot bijkantoren.”; 4° paragraaf 2 wordt opgeheven; 5° paragraaf 5 wordt opgeheven. Art. 230 In artikel 48, eerste lid, worden de volgende wijzigin- gen aangebracht: 2° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, les modifi cations suivantes sont apportées: a) le 1° est complété par les mots “ou l’État membre dans lequel elle n’a pas établi de succursale mais elle envisage de recourir à des agents liés qui y sont établis;” b) le 2° est remplacé par ce qui suit: “2° un programme d’activités précisant notamment, les services et/ou activités d’investissement ainsi que les services auxiliaires que fournira ou exercera la suc- cursale de même que, si une succursale est établie la structure organisationnelle de celle-ci et indiquant si la succursale prévoit de recourir à des agents liés, ainsi que l’identité de ces agents liés; “; c) il est inséré un 2°/1, rédigé comme suit: “2°/1 si la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement entend recourir à des agents liés dans un État membre dans lequel elle n’a pas établi de succursale, une description du recours prévu à ou aux agents liés et une structure organisationnelle, y compris les voies hiérarchiques, indiquant comment le ou les agents s’insèrent dans la structure organisa- tionnelle de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement;”; d) dans le 4°, les mots “ou de l’agent lié” sont insé- rés entre les mots “de la succursale” et les mots “et, le cas échéant”; 3° le paragraphe 1er est complété par un alinéa, rédigé comme suit: “Lorsqu’une société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement recourt à un agent lié établi dans un autre État membre, cet agent lié est assimilé à la succursale, lorsqu’une succursale a été établie, et est en tout état de cause soumis aux dispositions de la présente loi relatives aux succursales.”; 4° le paragraphe 2 est abrogé; 5° le paragraphe 5 est abrogé. Art. 230 À l’article 48, alinéa 1er, de la même loi, les modifi ca- tions suivantes sont apportées: 177 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° de woorden “Wanneer het vestigingsland van het bijkantoor lid is van de Europese Economische Ruimte, doet de FSMA, tenzij zij,” worden vervangen door de woorden “Tenzij de FSMA,”; 2° de woorden “, doet zij,” worden ingevoegd tussen de woorden “vermogensbeheer en beleggingsadvies” en de woorden “binnen drie maanden”; 3° de woorden “die overeenkomstig artikel 79, lid 1, van Richtlijn 2014/65/EU als contactpunt is aangewe- zen,” worden ingevoegd tussen de woorden “lidstaat van ontvangst” en de woorden “en stelt zij de betrokken vennootschap”. Art. 231 Artikel 49 van dezelfde wet wordt opgeheven. Art. 232 Artikel 51 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 51. Iedere vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die voor de eerste maal alle of een deel van de in artikel 2 opgesomde beleggingsdiensten en/of beleggingsactiviteiten of nevendiensten op het grondgebied van een andere lidstaat wil verrichten die haar in België zijn toegestaan of die de soort van aldaar verrichte diensten of activiteiten wenst uit te breiden, verstrekt de FSMA de volgende informatie: 1° de lidstaat waarin zij voornemens is werkzaamhe- den uit te oefenen; 2° een programma van werkzaamheden waarin met name wordt aangegeven welke beleggingsdiensten en/of beleggingsactiviteiten alsmede nevendiensten zij voornemens is op het grondgebied van die lidstaat te verlenen of te verrichten, en of zij voornemens is om gebruik te maken van in België gevestigde verbon- den agenten. Indien de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies voornemens is gebruik te maken van verbonden agenten, stelt zij de FSMA in kennis van hun identiteitsgegevens. Indien de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies voornemens is gebruik te maken van in België gevestigde verbonden agenten op het grond- gebied van de lidstaat waar zij voornemens is diensten 1° les mots “Lorsque l’État d’implantation de la suc- cursale est membre de l’Espace économique européen, la FSMA” sont remplacés par les mots “La FSMA”; 2° dans le texte néerlandais, les mots “‘doet zij,” sont insérés entre les mots “vermogensbeheer en belegging- sadvies” et les mots “binnen drie maanden”; 3° les mots “désignée comme point de contact confor- mément à l’article 79, paragraphe 1er, de la Directive 2014/65/UE” sont insérés entre les mots “à l’autorité compétente de l’État membre d’accueil” et les mots “et en avise la société”. Art. 231 L’article 49 de la même loi est abrogé. Art. 232 Dans la même loi, l’article 51  est remplacé par ce qui suit: “Art. 51. Toute société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement qui souhaite fournir ou exercer pour la première fois sur le territoire d’un autre État membre tout ou partie des services et/ou activités d’investissement ou services auxiliaires énumérés à l’article 2 qu’elle est autorisée à fournir ou exercer en Belgique, ou qui souhaite étendre la gamme des ser- vices fournis ou des activités exercées communique les informations suivantes à la FSMA: 1° l’État membre dans lequel elle envisage d’opérer; 2° un programme d’activités mentionnant, en parti- culier, les services et/ou les activités d’investissement ainsi que les services auxiliaires qu’elle entend fournir ou exercer sur le territoire de cet État membre, et si elle prévoit de le faire en recourant à des agents liés, établis en Belgique. Si la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement entend recourir à des agents liés, elle communique à la FSMA l’identité de ces agents liés. Si la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement entend recourir, sur le territoire de l’État membre dans lequel elle envisage de fournir des services, à des agents liés établis en Belgique, la FSMA 178 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 te verlenen, deelt de FSMA, uiterlijk een maand na ontvangst van alle informatie, aan de bevoegde autoriteit van de lidstaat van ontvangst die overeenkomstig artikel 79, lid 1, van Richtlijn 2014/65/EU als contactpunt is aan- gewezen, de identiteitsgegevens mee van de verbonden agenten die de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies voornemens is te gebruiken om in die lidstaat beleggingsdiensten te verlenen en beleg- gingsactiviteiten te verrichten. De lidstaat van ontvangst maakt die informatie openbaar.”. Art. 233 In artikel 52 van dezelfde wet worden de woorden “die overeenkomstig artikel 79, lid 1, van Richtlijn 2014/65/ EU als contactpunt is aangewezen” ingevoegd tussen de woorden “lidstaat van ontvangst” en de woorden “, waarna de vennootschap”. Art. 234 In artikel 56 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 3, eerste lid, wordt aangevuld met de woorden “evenals alle opnames van telefoonverkeer en elektronische communicatie of ander dataverkeer die in het bezit zijn van een vennootschap voor vermogens- beheer en beleggingsadvies”; 2° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 5, luidende: “§ 5. De bepalingen van de artikelen 79 tot 86 van de wet van 2 augustus 2002 zijn van toepassing voor de uitoefening van de bevoegdheden die aan de FSMA zijn toegekend door en krachtens deze wet.”. Art. 235 In dezelfde wet wordt een artikel 56/1  inge- voegd, luidende: “Art. 56/1. Onverminderd artikel 26, § 4, tweede lid kan de FSMA in geval van uitbesteding ook haar in artikel 56, paragraaf 3, tweede lid bedoelde inspectieprerogatieven uitoefenen bij ondernemingen waarop een vennoot- schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies een beroep doet in haar hoedanigheid van dienstverlener, teneinde na te gaan of de voorwaarden waaronder die diensten worden verleend geen afbreuk doen aan de communique à l’autorité compétente de l’État membre d’accueil désignée comme point de contact confor- mément à l’article 79, paragraphe 1er, de la Directive 2014/65/UE, dans le mois suivant la réception de toutes les informations, l’identité des agents liés auxquels la société de gestion de portefeuille et de conseil en inves- tissement entend recourir pour fournir des services et des activités d’investissement dans cet État membre. L’État membre d’accueil publie ces informations.”. Art. 233 Dans l’article 52 de la même loi, les mots “désignée comme point de contact conformément à l’article 79, paragraphe 1er, de la Directive 2014/65/UE” sont insérés entre les mots “à l’autorité compétente de l’État membre d’accueil” et les mots “; la société de gestion de porte- feuille et de conseil en investissement”. Art. 234 A l’article 56 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° le paragraphe 3, alinéa 1er, est complété par les mots “ainsi que tous enregistrements d’échanges téléphoniques, de communications électroniques ou tous autres échanges informatiques, détenus par la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement”; 2° l’article est complété par le paragraphe 5, rédigé comme suit: “§ 5. Les dispositions des articles 79 à 86 de la loi du 2 août 2002 sont applicables aux fi ns de l’exercice des compétences attribuées à la FSMA par et en vertu de la présente loi.”. Art. 235 Dans la même loi, il est inséré un article 56/1, rédigé comme suit: “Art. 56/1. Sans préjudice de l’article 26, § 4, ali- néa 2, en cas de recours à l’externalisation, la FSMA peut également exercer ses prérogatives d’inspection visées à l’article 56, paragraphe 3, alinéa 2, auprès des entreprises auxquelles les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement recourent en qualité de prestataires de services afi n de vérifi er si les conditions dans lesquelles ces prestations sont fournies 179 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 naleving door de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies van haar wettelijke en reglemen- taire verplichtingen. De prerogatieven bedoeld in de artikelen 56, § 3 en 58 kunnen, naar analogie, ook worden uitgeoefend ten aanzien van die dienstverleners. De bevoegde autoriteiten van een andere lidstaat waar de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die onder hun toezichtsbevoegd- heid vallen, een beroep doen op in België gevestigde dienstverlenende ondernemingen, mogen ten aanzien van die dienstverleners de in het eerste lid bedoelde prerogatieven uitoefenen, in voorkomend geval met in- schakeling van personen die zij daartoe machtigen. Als zij daar om verzoeken, kan de FSMA haar prerogatieven namens die autoriteiten uitoefenen.”. Art. 236 In artikel 64  worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° in paragraaf 1 worden de woorden “een vennoot- schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies niet werkt overeenkomstig de bepalingen van deze titel en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglemen- ten” vervangen door de woorden “een vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies niet werkt overeenkomstig de bepalingen van deze titel en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen, of van Verordening (EU) nr. 600/2014”; 2° paragraaf 2 wordt aangevuld met een lid, luidende: “Als deze maatregelen zijn genomen ingevolge een overtreding van de verplichtingen die zijn opgelegd door Verordening (EU) nr. 600/2014, door deze wet voor de omzetting van Richtlijn 2014/65/EU, of door bepalingen die zijn genomen op grond van of ter uitvoering van deze Verordening of deze bepalingen, publiceert de FSMA de genomen maatregelen als bedoeld in paragraaf 1, 1°, 4°, 5° en 6, conform artikel 72, § 3, vierde tot zevende lid, van de wet van 2 augustus 2002. Als de FSMA een maatregel publiceert conform het vorige lid, brengt zij dit ter kennis van ESMA. Daarbij verstrekt de FSMA ESMA tevens algemene informatie over de maatregelen die worden genomen voor dit type inbreuk.”. ne sont pas de nature à porter atteinte au respect par les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement de leurs obligations légales et réglemen- taires. Les prérogatives visées aux articles 56, § 3 et 58 peuvent également, par analogie, être exercées à l’égard de ces prestataires de services. Les autorités compétentes d’un autre État membre dont les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement qui ressortissent de leurs compé- tences de contrôle recourent à des entreprises en qualité de prestataires de services situées en Belgique peuvent exercer à l’égard de ces prestataires de services les prérogatives prévues à l’alinéa 1er, le cas échéant par l’intermédiaire des personnes qu’elles mandatent à cet effet. À leur demande, la FSMA peut exercer ces prérogatives pour le compte de ces autorités.”. Art. 236 Àl’article 64 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, les mots “qu’une société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement ne fonctionne pas en conformité avec les dispositions du présent titre et des arrêtés et règlements pris pour son exécution” sont remplacés par les mots “qu’une société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement ne fonctionne pas en conformité avec les dispositions du présent titre et des arrêtés et règle- ments pris pour son exécution ou du Règlement (UE) n°600/2014 et des dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement”; 2° le paragraphe 2 est complété par deux alinéas, rédigés comme suit: “Lorsque ces mesures sont adoptées pour viola- tion des obligations prévues par le Règlement (UE) n°600/2014, par la présente loi en vue de la transposi- tion de la Directive 2014/65/UE, ou par des dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement ou de ces dispositions, la FSMA publie l’adoption des mesures visées au paragraphe 1er, 1°, 4°, 5° et 6°, conformément à l’article 72, § 3, alinéas 4 à 7, de la loi du 2 août 2002. La FSMA informe l’ESMA lorsqu’elle publie une mesure conformément à l’alinéa précédent. La FSMA fournit en outre à l’ESMA des informations globales sur les mesures prises pour ce type de manquements.”. 180 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 237 In artikel 65 van dezelfde wet worden de woorden “de Richtlijn 2004/39/EG” vervangen door de woorden “Richtlijn 2014/65/EU”. Art. 238 In artikel 68 van dezelfde wet wordt de eerste zin aangevuld met de woorden “, of van Verordening 600/2014 of de op grond of ter uitvoering van deze verordening genomen bepalingen”. Art. 239 In artikel 69 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1, eerste lid, a), wordt aangevuld met de woorden “aan Verordening 600/2014 of de op grond of ter uitvoering van deze verordening genomen bepa- lingen, of”; 2° in paragraaf 2  worden de woorden “of van Verordening 600/2014 of de op grond of ter uitvoering van deze verordening genomen bepalingen” ingevoegd tussen de woorden “de maatregelen genomen in uit- voering ervan” en de woorden “of indien zij een inbreuk vaststelt”. 3° paragraaf 2  wordt aangevuld met twee le- den, luidende: “In geval van een inbreuk op de bepalingen van Verordening 600/2014, op de bepalingen van deze wet tot omzetting van Richtlijn 2014/65/EU of op de bepalingen genomen op basis van of ter uitvoering van deze verordening of deze bepalingen, kan de FSMA ook een administratieve geldboete opleggen aan een of meerdere leden van het wettelijk bestuursorgaan en aan elke persoon die belast is met de effectieve leiding van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies. In afwijking van het eerste lid gelden de volgende maximumbedragen in geval van een inbreuk op de bepalingen als bedoeld in het tweede lid: voor natuur- lijke personen 5 000 000 euro, en voor rechtspersonen 5 000 000 euro of, indien dit hoger is, tien procent van de totale jaaromzet. Als de inbreuk voor de overtreder winst heeft opgeleverd of hem heeft toegelaten verlies te vermijden, mag dit maximum worden verhoogd tot het tweevoud van het bedrag van deze winst of dit verlies.”. Art. 237 Dans l’article 65 de la même loi, les mots “Directive 2004/39/CE” sont remplacés par les mots “Directive 2014/65/UE”. Art. 238 Dans l’article 68 de la même loi, la 1re phrase est com- plétée par les mots “, ou du Règlement (UE) 600/2014 ou des dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement”. Art. 239 À l’article 69 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, a), les mots “ou du Règlement (UE) 600/2014 ou des dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement” sont insé- rés entre les mots “pour son exécution” et le mot “, ou”; 2° dans le paragraphe 2, les mots “ou du Règlement (UE) 600/2014 ou des dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement” sont insérés entre les mots “mesures prises en exécution de celles-ci” et les mots “ou lorsqu’elle constate une infraction”. 3° le paragraphe 2 est complété par deux alinéas rédigés comme suit: “En cas d’infraction aux dispositions du Règlement (UE) 600/2014, aux dispositions de la présente loi prises en vue de la transposition de la Directive 2014/65/UE ou aux dispositions prises sur la base ou en exécution de ce règlement ou de ces dispositions, la FSMA peut également infl iger une amende administrative à un ou plusieurs membres de l’organe légal d’administration et à toute personne chargée de la direction effective de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement. Par dérogation à l’alinéa 1er, en cas d’infraction aux dispositions visées à l’alinéa 2, les montants maximums suivants sont d’application: s’agissant de personnes physiques, 5 000 000 euros et, s’agissant de personnes morales, 5 000 000 euros ou, si le montant obtenu par application de ce pourcentage est plus élevé, dix pour cent du chiffre d’affaires annuel total. Lorsque l’infrac- tion a procuré un profi t au contrevenant ou a permis à ce dernier d’éviter une perte, ce maximum peut être porté au double du montant de ce profi t ou de cette perte.”. 181 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 240 In artikel 74 van dezelfde wet wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende: “De FSMA ziet er eveneens op toe dat diensten die worden verleend door bijkantoren van buitenlandse vennootschappen voor vermogensbeheer en beleg- gingsadvies die ressorteren onder het recht van een andere lidstaat, voldoen aan de eisen van de artikelen 14 tot 26 van Verordening (EU) nr. 600/2014.”. Art. 241 Artikel 75, § 2, wordt aangevuld met een lid, luidende: “Deze overheden hebben eveneens toegang tot de in artikel 26, § 5, bedoelde gegevens die zijn bijgehouden door de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die ingevolge artikel 71 onder hun bevoegdheid vallen.”. Art. 242 In het opschrift van afdeling 2 van hoofdstuk 2 van titel 3 van dezelfde wet, worden de woorden “de Richtlijn 2004/39/EG” vervangen door de woorden “Richtlijn 2014/65/EU”. Art. 243 In artikel 83 van dezelfde wet worden de woorden “Richtlijn 2004/39/EC van het Europees Parlement en de Raad vallen krachtens artikel 2, § 1, m) en n)” vervangen door de woorden “Richtlijn 2014/65/EU vallen krachtens artikel 2, § 1, l) en m)”. Art. 244 Artikel 84 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 84. § 1. Een vennootschap voor vermogens- beheer en beleggingsadvies die ressorteert onder het recht van een derde land en om een vergunning van de FSMA verzoekt overeenkomst artikel 13, § 2, tweede lid, stelt de FSMA in kennis van het volgende: 1° de naam van de autoriteit die in het betrokken derde land verantwoordelijk is voor het toezicht op de Art. 240 Dans l’article 74 de la même loi, un alinéa, rédigé comme suit, est inséré entre l’alinéa 1er et l’alinéa 2: “La FSMA veille également à ce que les services fournis par les succursales des sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement étran- gères relevant du droit d’un autre État membre satis- fassent aux obligations prévues aux articles 14 à 26 du Règlement (UE) n°600/2014.”. Art. 241 L’article 75, § 2, est complété par un alinéa, rédigé comme suit: “Ces autorités peuvent également accéder aux enregistrements visés à l’article 26, § 5, effectués par les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement relevant de leurs compétences confor- mément à l’article 71.”. Art. 242 Dans l’intitulé de la section 2 du chapitre 2 du titre 3 de la même loi, les mots “directive 2004/39/CE” sont remplacés par les mots “Directive 2014/65/UE”. Art. 243 Dans l’article 83 de la même loi, les mots “directive 2004/39/CE du Parlement européen et du Conseil en vertu de l’article 2, § 1, m) et n)” sont remplacés par les mots “Directive 2014/65/UE en vertu de l’article 2, § 1, l) et m)”. Art. 244 L’article 84 de la même loi est remplacé par ce qui suit: “Art. 84. § 1er. La société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement relevant du droit d’un pays tiers qui sollicite un agrément auprès de la FSMA conformément à l’article 13, § 2, alinéa 2, fournit à la FSMA les informations suivantes: 1° le nom de l’autorité chargée de sa surveillance dans le pays tiers concerné. Si la surveillance est 182 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 vennootschap. Wanneer er meer dan een autoriteit verantwoordelijk is voor dat toezicht, worden nadere bijzonderheden over hun respectieve bevoegdheidster- reinen verstrekt; 2° alle relevante bijzonderheden over de vennoot- schap (naam, rechtsvorm, statutaire zetel en adres, leden van het leidinggevend orgaan en relevante aandeelhouders) en een programma van werkzaam- heden waarin de aangeboden beleggingsdiensten en/ of beleggingsactiviteiten alsook nevendiensten en de organisatiestructuur van het bijkantoor worden vermeld, en een beschrijving wordt gegeven van elke uitbesteding van belangrijke operationele taken; 3° de naam van de bestuurders van het bijkantoor en de relevante documenten om aan te tonen dat aan de vereisten die zijn vastgesteld in artikel 23 is voldaan; 4° informatie over het aanvangskapitaal dat vrij be- schikbaar is voor het bijkantoor. § 2. De FSMA verleent de gevraagde vergunning aan de bijkantoren die aan de volgende voorwaar- den voldoen: 1° het bijkantoor moet beschikken over een dotatie ten belope van minimum 125 000 euro. De FSMA be- oordeelt de bestanddelen van die dotatie; 2° wat de identiteit van de aandeelhouders of ven- noten van de vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies betreft, is artikel 22 van toepassing; 3° de verantwoordelijken voor het bestuur van het bijkantoor conformeren zich aan de artikelen 23 tot 26; 4° indien de verplichtingen van de in deze afdeling bedoelde bijkantoren niet door een beleggersbescher- mingsregeling op een tenminste evenwaardige wijze zijn gedekt als in het kader van de overeenstemmende Belgische beleggersbeschermingsregeling, is artikel 29 van toepassing; 5° het verlenen van diensten waarvoor de vennoot- schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die ressorteert onder het recht van een derde land, een ver- gunning aanvraagt, is onderworpen aan een vergunning van en toezicht door het derde land waar de vennoot- schap is gevestigd en aan de betrokken vennootschap is op geldige wijze een vergunning verleend, waarbij de bevoegde autoriteit terdege rekening houdt met de aanbevelingen van de Financiële Actiegroep (Financial Action Task Force) in het kader van de bestrijding van het witwassen van geld en van terrorismefi nanciering; assurée par plusieurs autorités, les domaines de com- pétence respectifs de ces dernières sont précisés; 2° tous les renseignements utiles relatifs à la société (nom, forme juridique, siège statutaire et adresse, membres de l’organe de direction, actionnaires concer- nés) et un programme d’activités mentionnant les ser- vices et/ou activités d’investissement et les services auxiliaires qu’elle entend fournir ou exercer, ainsi que la structure organisationnelle de la succursale, y compris une description de l’éventuelle externalisation à des tiers de fonctions essentielles d’exploitation; 3° le nom des personnes chargées de la gestion de la succursale et les documents pertinents démontrant que les exigences prévues à l’article 23 sont respectées; 4° les informations relatives au capital initial qui se trouve à la libre disposition de la succursale. § 2. La FSMA accorde l’agrément sollicité aux suc- cursales qui répondent aux conditions suivantes: 1° la succursale doit disposer d’une dotation d’un montant minimum de 125 000 euros. La FSMA apprécie les éléments constitutifs de la dotation; 2° en ce qui concerne l’identité des détenteurs du capital de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement, l’article 22 est applicable; 3° les responsables de la gestion de la succursale se conforment aux articles 23 à 26; 4° si les engagements des succursales visées dans la présente section ne sont pas couverts par un système de protection des investisseurs dans une mesure au moins équivalente à celle résultant du système belge de protection des investisseurs, l’article 29  est applicable; 5° la fourniture de services pour laquelle la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement relevant du droit d’un pays tiers demande l’agrément est sujette à agrément et surveillance dans le pays tiers dans lequel elle est établie, et la société demandeuse est dûment agréée en tenant pleinement compte des recommandations du Groupe d’Action Financière (Financial Action Task Force) dans le cadre de la lutte contre le blanchiment de capitaux et le fi nancement du terrorisme; 183 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 6° tussen de bevoegde toezichthoudende autoriteiten van het derde land waar de vennootschap is gevestigd en de FSMA bestaan samenwerkingsovereenkomsten die onder meer voorzien in bepalingen die de uitwisse- ling van informatie regelen met het oog op de handha- ving van de integriteit van de markt en de bescherming van de beleggers; 7° het derde land waar de vennootschap uit een derde land is gevestigd, heeft met België een overeenkomst gesloten die volledig voldoet aan de normen van artikel 26 van het OESO-modelverdrag inzake dubbele belas- ting naar inkomen en vermogen, en die doeltreffende informatie-uitwisseling over fi scale aangelegenheden, inclusief eventuele multilaterale belastingovereenkom- sten, waarborgt; 8° het bijkantoor is in staat de in artikel 85 bedoelde bepalingen in acht te nemen. De FSMA spreekt zich binnen zes maanden na de indiening van een volledig dossier over de aanvraag uit. Alvorens zich over de vergunningsaanvraag van een bijkantoor uit te spreken, raadpleegt de FSMA de toezichthoudende autoriteiten van de lidstaat van her- komst van de buitenlandse vennootschap voor vermo- gensbeheer en beleggingsadvies die ressorteert onder het recht van het derde land. De beslissing van de FSMA over de vergunning ver- meldt de beleggingsdiensten en beleggingsactiviteiten evenals de nevendiensten die het bijkantoor in België mag verrichten. De vergunningsbeslissingen worden binnen vijftien dagen met een aangetekende brief of een brief met ontvangstbewijs ter kennis gebracht van de aanvragers. Artikel 7  is van toepassing, aangezien de door deze onderafdeling geviseerde bijkantoren worden vermeld in een speciale rubriek van de in dat artikel bedoelde lijst. § 3. Zonder afbreuk te doen aan de internationale overeenkomsten die België binden, kan de FSMA een vergunning weigeren aan het bijkantoor van een buiten- landse vennootschap voor vermogensbeheer en beleg- gingsadvies die ressorteert onder het recht van een derde land dat niet dezelfde toegangsmogelijkheden tot zijn markt biedt aan vennootschappen voor vermo- gensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht.”. 6° les autorités de surveillance compétentes du pays tiers dans lequel est établie la société ont signé avec la FSMA des mécanismes de coopération, prévoyant notamment des dispositions concernant les échanges d’informations en vue de préserver l’intégrité du marché et de protéger les investisseurs; 7° le pays tiers dans lequel est établie la société a signé avec la Belgique un accord parfaitement conforme aux normes énoncées à l’article 26 du modèle OCDE de convention fi scale concernant le revenu et la fortune et garantissant un échange efficace de renseignements en matière fi scale, y compris, le cas échéant, des accords multilatéraux dans le domaine fi scal; 8° la succursale est en mesure de se conformer aux dispositions visées à l’article 85. La FSMA statue sur la demande dans les six mois de l’introduction d’un dossier complet. Avant de statuter sur la demande d’agrément de la succursale, la FSMA consulte les autorités de contrôle de l’État d’origine de la société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement étrangère relevant du droit du pays tiers. La décision de la FSMA mentionne les services et ac- tivités d’investissement ainsi que les services auxiliaires que la succursale est autorisée à fournir en Belgique. Les décisions en matière d’agrément sont notifi ées aux demandeurs dans les quinze jours par lettre recom- mandée à la poste ou avec accusé de réception. L’article 7 s’applique, étant entendu que les succur- sales visées par la présente sous-section sont men- tionnées dans une rubrique spéciale de la liste visée à cet article. § 3. Sans préjudice des Accords internationaux liant la Belgique, la FSMA peut refuser d’agréer la succursale d’une société de gestion de portefeuille et de conseil en investissement étrangère relevant du droit d’un pays tiers qui n’accorde pas les mêmes possibilités d’accès à son marché aux sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement de droit belge.”. 184 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 245 Artikel 85 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 85. De in deze afdeling bedoelde bijkantoren voldoen aan de volgende bepalingen, onder toezicht van de FSMA, alsook aan de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen: 1° de artikelen 25, § 1, 9°, en 26 tot 26/2 van deze wet; 2° de artikelen 26, zevende tot negende lid, 27, 27bis, 27ter, §§ 1 tot 3 en 5 tot 8, 27quater, § 1, en 28 van de wet van 2 augustus 2002; 3° de artikelen 46, 48, 50, 51 en 52 van de wet van …; 4° de artikelen 3  tot 26  van Verordening (EU) nr. 600/2014.”. Art. 246 Artikel 87 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt: “Art. 87. Bij beslissing die met een ter post aan- getekende brief of een brief met ontvangstbewijs ter kennis wordt gebracht, trekt de FSMA de vergunning in van vennootschappen van vermogensbeheer en beleggingsadvies die ressorteren onder het recht van een derde land, en die binnen een termijn van twaalf maanden geen gebruik van de vergunning hebben gemaakt, uitdrukkelijk te kennen geven geen gebruik van de vergunning te zullen maken, of tijdens de zes voorafgaande maanden geen beleggingsdiensten heb- ben verleend of beleggingsactiviteiten hebben verricht. De volgende bepalingen van deze wet zijn van toepassing: 1° de artikelen 64, 67, 68 en 69; 2° de artikelen 107 en 108.” Art. 247 Afdeling 4 van hoofdstuk 2 van titel 3 van dezelfde wet wordt opgeheven. Art. 245 L’article 85 de la même loi est remplacé par ce qui suit: “Art. 85. Les succursales visées dans la présente section satisfont aux dispositions suivantes, sous la surveillance de la FSMA, ainsi qu’aux arrêtés et règle- ments pris pour leur exécution: 1° les articles 25, §  1er, 9°, et 26  à 26/2  de la présente loi; 2° les articles 26, alinéas 7 à 9, 27, 27 bis, 27ter, §§ 1 à 3 et 5 à 8, 27quater, § 1er, et 28 de la loi du 2 août 2002; 3° les articles 46, 48, 50, 51 et 52 de la loi du …; 4° les articles 3 à 26 du Règlement (UE) n° 600/2014.”. Art. 246 L’article 87 de la même loi est remplacé par ce qui suit: “Art. 87. La FSMA radie par décision notifi ée par lettre recommandée à la poste ou avec accusé de réception, l’agrément des sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en investissement relevant du droit d’un pays tiers qui n’en ont pas fait usage dans un délai de douze mois, y renoncent expressément, n’ont fourni aucun service d’investissement ou n’ont exercé aucune activité d’investissement au cours des six derniers mois. Les dispositions suivantes de la présente loi sont applicables: 1° les articles 64, 67, 68 et 69; 2° les articles 107 et 108.” Art. 247 La section 4 du chapitre 2 du titre 3 de la même loi est abrogée. 185 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 HOOFDSTUK XIV Wijzigingen van de wet van 18 december 2016 tot regeling van de erkenning en de afbakening van crowdfunding en houdende diverse bepalingen inzake fi nanciën Art. 248 In artikel 5, § 3, van de wet van 18 december 2016 tot regeling van de erkenning en de afbakening van crowdfunding en houdende diverse bepalingen inzake fi nanciën worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° het eerste lid wordt aangevuld met de woorden “en, in voorkomend geval, in afdeling 3/1”; 2° in de eerste zin van het tweede lid worden de woorden “en, in voorkomend geval, in afdeling 3/1” inge- voegd tussen de woorden “in afdeling 2” en de woorden “gestelde voorwaarden”. Art. 249 Artikel 13, eerste lid, van dezelfde wet wordt aange- vuld met de woorden “en, in voorkomend geval, van afdeling 3/1”. Art. 250 In artikel 16 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° paragraaf 1  wordt aangevuld met een tweede lid, luidende: “De in het eerste lid bedoelde alternatieve-fi nancie- ringsplatformen conformeren zich aan de bepalingen van afdeling 3/1.”; 2° paragraaf 2 wordt opgeheven. Art. 251 In artikel 23, § 2, b), tweede lid, van dezelfde wet worden de woorden “conform artikel 16” vervangen door de woorden “conform artikel 16 en afdeling 3/1”. CHAPITRE XIV Modifi cations de la loi du 18 décembre 2016 organisant la reconnaissance et l’encadrement du crowdfunding et portant des dispositions diverses en matière de fi nances Art. 248 À l’article 5, § 3, de la loi du 18 décembre 2016 orga- nisant la reconnaissance et l’encadrement du crowd- funding et portant des dispositions diverses en matière de fi nances, les modifi cations suivantes sont apportées: 1° l’alinéa 1er est complété par les mots “et, le cas échéant, la section 3/1”; 2° la première phrase de l’alinéa 2 est complétée par les mots “et, le cas échéant, la section 3/1”. Art. 249 L’article 13, alinéa 1er, de la même loi est complété par les mots “et, le cas échéant, la section 3/1”. Art. 250 À l’article 16 de la même loi, les modifi cations sui- vantes sont apportées: 1° le paragraphe 1er est complété par un alinéa 2, rédigé comme suit: “Les plateformes de fi nancement alternatif visées à l’alinéa 1er se conforment aux dispositions de la sec- tion 3/1.”; 2° le paragraphe 2 est abrogé. Art. 251 À l’article 23, § 2, b), alinéa 2, de la même loi, les mots “de l’article 16” sont remplacés par les mots “de l’article 16 et de la section 3/1”. 186 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 252 In titel 2, hoofdstuk 2, van dezelfde wet wordt een afdeling 3/1 ingevoegd, die artikel 28/1 omvat, luidende: “Afdeling 3/1 Specifi eke regels voor de alternatieve-fi nancierings- platformen die beleggingsdiensten verlenen Art. 28/1. § 1. Zonder afbreuk te doen aan de andere bepalingen van deze wet zijn de alternatieve-fi nan- cieringsplatformen die beleggingsdiensten verlenen onderworpen aan de bepalingen van dit artikel en van artikel 16. § 2. Elke vergunning die wordt verleend aan een alternatieve-fi nancieringsplatform dat beleggingsdien- sten verleent, wordt ter kennis gebracht van ESMA. § 3. De alternatieve-fi nancieringsplatformen die be- leggingsdiensten verlenen, conformeren zich aan de volgende bepalingen van de wet van 25 oktober 2016: 1° artikel 23, § 1, derde lid en § 3, artikel 25, § 1, 1°, 3°, 6° en 10° en § 2, artikel 25/1, § 1, eerste en tweede lid en § 3, artikel 25/2, § 1, 3° en §§ 5 tot 7, artikel 35, §§ 4 en 5, artikel 36, § 1 en § 5, tweede en derde lid, § 6, tweede en derde lid, en §§ 7, 9 en 10; 2° artikel 34, §§ 1, 2, 6 en 7; 3° de artikelen 22 en 32, § 1; 4° artikel 26, §§ 2 en 5; 5° artikel 44; alsook de bepalingen van de besluiten en reglementen en van de overeenkomstige gedelegeerde handelingen die zijn vastgesteld overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU betreffende markten voor fi nanciële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/ EU, die ter uitvoering daarvan zijn genomen. De beroepsaansprakelijkheidsverzekering als be- doeld in artikel 12 dekt eveneens de schadegevallen waarbij het alternatieve-fi nancieringsplatform de ver- bodsbepalingen van artikel 17 niet heeft nageleefd. § 4. Als zij beleggingsdiensten verlenen moeten de alternatieve-fi nancieringsplatformen aan de volgende voorwaarden voldoen: Art. 252 Dans le titre 2, chapitre 2, de la même loi, il est inséré une section 3/1, comprenant l’article 28/1, rédigée comme suit: “Section 3/1 Règles particulières applicables en ce qui concerne les plateformes de fi nancement alternatif qui prestent des services d’investissement Art. 28/1. § 1er. Les plateformes de fi nancement alter- natif qui prestent des services d’investissement sont, sans préjudice des autres dispositions de la présente loi, soumises aux dispositions du présent article et de l’article 16. § 2. Tout agrément d’une plateforme de fi nancement alternatif qui preste des services d’investissement est notifi é à ESMA. § 3. Les plateformes de fi nancement alternatif qui prestent des services d’investissement se conforment aux dispositions suivantes de la loi du 25 octobre 2016: 1° l’article 23, § 1er, alinéa 3 et § 3, l’article 25, § 1er, 1°, 3°, 6° et 10° et § 2, l’article 25/1s, § 1er, alinéas 1er et 2 et § 3, l’article 25/2, § 1er, 3° et §§ 5 à 7, l’article 35, §§ 4 et 5, l’article 36, § 1er, § 5, alinéas 2 et 3, § 6, alinéas 2 et 3, et §§ 7, 9 et 10; 2° l’article 34, §§ 1er, 2, 6 et 7; 3° les articles 22 et 32, § 1er; 4° l’article 26, §§ 2 et 5; 5° l’article 44; ainsi que dans les dispositions des arrêtés et règle- ments et des actes délégués correspondants adoptés en vertu de la Directive 2014/65/UE du 15 mai 2014 concer- nant les marchés d’instruments fi nanciers et modifi ant la directive 2002/92/CE et la directive 2011/61/UE, prises pour leur exécution. L’assurance responsabilité professionnelle visée à l’article 12 couvre également les sinistres dans lesquels la plateforme de fi nancement alternatif n’a pas respecté les interdictions mentionnées à l’article 17. § 4. Lorsqu’elles prestent des services d’investisse- ment, les plateformes de fi nancement alternatif doivent respecter les conditions suivantes: 187 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 1° artikel 27, §§ 1, 4, 5 en 8, artikel 27bis, §§ 1 tot 6 en 8, en artikel 27ter, §§ 2, 6 en 7, van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanci- ele sector en de fi nanciële diensten, alsook de overeen- komstige bepalingen van de gedelegeerde handelingen die zijn goedgekeurd krachtens voornoemde Richtlijn 2014/65/EG, naleven; 2° deze diensten uitsluitend verlenen in verband met effecten, of rechten van deelneming in een startersfonds; 3° de orders uitsluitend doorgeven aan de volgende ondernemingen: a) beleggingsondernemingen en kredietinstellingen naar Belgisch recht; b) in België gevestigde bijkantoren van kredietinstel- lingen en beleggingsondernemingen die ressorteren onder het recht van een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte; c) kredietinstellingen en beleggingsondernemin- gen die ressorteren onder het recht van een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte en in België diensten verlenen in het kader van de vrije dienstverlening; d) in België gevestigde bijkantoren van beleggings- ondernemingen of kredietinstellingen waaraan een vergunning is verleend in een derde land.”. TITEL VIII Diverse bepalingen Art. 253 Aan de markt Euronext Brussels en de markt voor afgeleide producten van Euronext Brussels NV wordt van rechtswege een vergunning verleend als geregle- menteerde markt met België als lidstaat van herkomst. Binnen zes maanden na de inwerkingtreding van deze wet moet Euronext Brussels NV, in haar hoedanigheid van marktexpoitant, haar statuten en de statuten van voornoemde gereglementeerde markten, alsook hun marktregels, aanpassen om ze in overeenstemming te brengen met de bepalingen van deze wet en de ter uitvoering ervan genomen wetten en reglementen. Art. 254 De Koning is gemachtigd om, bij besluit genomen op advies van de FSMA, de nodige maatregelen te 1° respecter l’article 27, §§ 1er, 4, 5 et 8, l’article 27bis, §§ 1er à 6 et 8, et l’article 27ter, §§ 2, 6 et 7, de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers pour la prestation de ces services, ainsi que les dispositions correspondantes des actes délégués adoptés en vertu de la Directive 2014/65/UE précitée; 2° prester ces services uniquement en liaison avec des valeurs mobilières, ou des parts de fonds starters; 3° transmettre les ordres uniquement aux entreprises suivantes: a) les entreprises d’investissement et les établisse- ments de crédit de droit belge; b) les succursales établies en Belgique des établis- sements de crédit et des entreprises d’investissement relevant du droit d’un autre État membre de l’Espace économique européen; c) les établissements de crédit et les entreprises d’investissement relevant du droit d’un autre État membre de l’Espace économique européen qui four- nissent des services en Belgique sous le régime de la libre prestation de services; d) les succursales établies en Belgique d’entreprises d’investissement ou d’établissements de crédit qui sont agréées dans un pays tiers.”. TITRE VIII Dispositions diverses Art. 253 Le marché Euronext Brussels et le marché des instru- ments fi nanciers dérivés d’Euronext Brussels SA sont agréés de plein droit en qualité de marchés réglemen- tés dont l’État membre d’origine est la Belgique. Dans les six mois de l’entrée en vigueur de la présente loi, Euronext Brussels SA est tenue, en sa qualité d’opéra- teur de marché, d’adapter ses statuts et les statuts des marchés réglementés précités, ainsi que leurs règles de marché, pour les mettre en concordance avec les dispositions de la présente loi et des arrêtés et règle- ments pris pour son exécution. Art. 254 Le Roi est habilité à, par arrêté pris sur avis de la FSMA, prendre les mesures nécessaires aux fins 188 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 nemen om te zorgen voor de tenuitvoerlegging van de technische uitvoerings- en reguleringsnormen die zijn vastgesteld door ESMA en aangenomen door de Commissie krachtens Richtlijn 2014/65/EU en Verordening 600/2014. Art. 255 De Koning kan, bij besluit genomen op advies van de FSMA, de verwijzingen naar de wettelijke of regle- mentaire bepalingen aanpassen die zijn overgenomen in de wetten die de FSMA dient te handhaven, teneinde ze in overeenstemming te brengen met de bepalingen van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten. Art. 256 De Koning kan, bij besluit genomen op advies van de FSMA, alle of bepaalde van de wettelijke bepalingen over de werking van de markten voor fi nanciële instru- menten codifi ceren. Voor de toepassing van het eerste lid kan Hij met name: 1° de volgorde, de nummering, de onderverdelingen en, in het algemeen, de voorstelling van de betrokken bepalingen en de bepalingen van deze wet wijzigen; 2° de in de betrokken bepalingen vermelde referenties wijzigen om ze in overeenstemming te brengen met de nieuwe nummering; 3° de verwoording van de te codifi ceren bepalingen wijzigen om hun concordantie te garanderen en de ge- bruikte terminologie te uniformiseren, zonder daarbij te raken aan in de bepalingen ingeschreven beginselen. Art. 257 Niettegenstaande de opheffing van de artikelen 14 en 15 van de wet van 2 augustus 2002, blijven het koninklijk besluit van 20 december 2007 betreffende de lineaire obligaties, de gesplitste effecten en de schat- kistcertifi caten en artikel 2 van het koninklijk besluit van 21 augustus 2008 houdende nadere regels voor bepaalde multilaterale handelsfaciliteiten, onverminderd de bepalingen van deze wet, van toepassing tot de uitdrukkelijke opheffing ervan. d’assurer la mise œuvre des normes techniques d’exé- cution et des normes techniques de réglementation élaborées par l’AEMF et adoptées par la Commission en vertu de la Directive 2014/65/EU et du Règlement (UE) 600/2014. Art. 255 Le Roi peut, par arrêté pris sur avis de la FSMA, modifi er les références aux dispositions légales ou règlementaires reprises dans les lois dont la FSMA est chargée de contrôler le respect, de manière à mettre celles-ci en concordance avec les dispositions de la présente loi et des arrêtés pris pour son exécution. Art. 256 Le Roi peut, par arrêté pris sur avis de la FSMA, codi- fi er tout ou partie des dispositions légales relatives aux fonctionnement des marchés d’instruments fi nanciers. Aux fi ns de l’alinéa 1er, Il peut notamment: 1° modifi er l’ordre, la numérotation, les subdivisions et, en général, la présentation des dispositions concer- nées et de celles de la présente loi; 2° modifi er les références qui seraient contenues dans les dispositions concernées en vue de les mettre en concordance avec la numérotation nouvelle; 3° modifi er la rédaction des dispositions à codifi er en vue d’assurer leur concordance et d’en unifi er la terminologie sans qu’il puisse être porté atteinte aux principes inscrits dans ces dispositions. Art. 257 Nonobstant l’abrogation des articles 14 et 15 de la loi du 2 août 2002, l’arrêté royal du 20 décembre 2007 rela- tif aux obligations linéaires, aux titres scindés et aux certifi cats de trésorerie et l’article 2 de l’arrêté royal du 21 août 2008 fi xant les règles complémentaires appli- cables à certains systèmes multilatéraux de négociation restent, sans préjudice des dispositions de la présente loi, d’application jusqu’à leur abrogation expresse. 189 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 Art. 258 Voor de naleving van de verplichting tot het bijhou- den van gegevens zoals bepaald in artikel 25  van Verordening 600/2014  en voor de naleving van de verplichting om transacties te melden zoals bepaald in artikel 26 van Verordening 600/2014, mag een be- leggingsonderneming, een kredietinstelling die beleg- gingsdiensten verleent en/of beleggingsactiviteiten verricht en een exploitant van een handelsplatform, het Rijksregisternummer van de cliënten namens wie het order werd meegedeeld of de transactie werd uitgevoerd, met inbegrip van dat van de persoon die desgevallend de investeringsbeslissing heeft genomen voor rekening van de cliënt, en het Rijksregisternummer van de personen die binnen de beleggingsonderne- ming of kredietinstelling verantwoordelijk zijn voor het beleggingsbesluit en de uitvoering van de transactie, gebruiken, verwerken, bewaren, hiervan een afschrift maken op papier of op een elektronische informatie- drager en meedelen aan de bevoegde autoriteit. Voor de naleving van de voornoemde verplichting om trans- acties te melden, mag ook een ARM dit doen en mag een beleggingsonderneming en een kredietinstelling het Rijksregisternummer ook meedelen aan een exploitant van een handelsplatform en aan een ARM. De bevoegde autoriteit die deze gegevens ontvangt, mag het Rijksregisternummer gebruiken, verwerken, bewaren, hiervan een afschrift maken op papier of op een elektronische informatiedrager voor de uitoefening van haar wettelijke toezichtsopdrachten en mag het Rijksregisternummer meedelen aan een andere be- voegde autoriteit aangewezen overeenkomstig artikel 67 van Richtlijn 2014/65/EU of artikel 22 van Verordening 596/2014, in overeenstemming met de nationale be- palingen ter omzetting van de artikelen 79 tot 81 van Richtlijn 2014/65/EU of met artikel 25 van Verordening 596/2014, of aan ESMA, in overeenstemming met artikel 25 of artikel 26 van Verordening 600/2014. ESMA mag het Rijksregisternummer gebruiken, verwerken, bewaren, hiervan een afschrift maken op papier of op een elektronische informatiedrager en meedelen aan een bevoegde autoriteit, voor de doeleinden bepaald in artikel 25 of in artikel 26 van Verordening 600/2014. Art. 258 Aux fi ns du respect de l’obligation de conserver des enregistrements, telle que prévue à l’article 25 du Règlement 600/2014, et aux fi ns du respect de l’obli- gation de déclarer les transactions, telle que prévue à l’article 26 du Règlement 600/2014, une entreprise d’investissement, un établissement de crédit qui fournit des services d’investissement et/ou exerce des activi- tés d’investissement et l’opérateur d’une plateforme de négociation peuvent utiliser le numéro de registre national des clients pour le compte desquels l’ordre a été transmis ou la transaction a été exécutée, y com- pris celui de la personne qui a, le cas échéant, pris la décision d’investissement pour le compte du client, et le numéro de registre national des personnes qui, au sein de l’entreprise d’investissement ou de l’établissement de crédit, sont responsables de la décision d’investis- sement et de l’exécution de la transaction, ainsi que le traiter, le conserver, en prendre copie sur support papier ou électronique et le communiquer à l’autorité compétente. Aux fi ns du respect de l’obligation susvisée de déclarer les transactions, un ARM peut également poser ces actes, et une entreprise d’investissement et un établissement de crédit peuvent également commu- niquer le numéro de registre national à l’opérateur d’une plateforme de négociation et à un ARM. L’autorité compétente qui reçoit ces données peut uti- liser le numéro de registre national, le traiter, le conser- ver et en prendre copie sur support papier ou électro- nique aux fi ns de l’exercice de ses missions de contrôle légales et elle peut le communiquer à une autre autorité compétente désignée conformément à l’article 67 de la Directive 2014/65/UE ou à l’article 22 du Règlement 596/2014, en se conformant aux dispositions nationales visant à transposer les articles 79 à 81 de la Directive 2014/65/UE ou à l’article 25 du Règlement 596/2014, ou le communiquer à l’AEMF, en se conformant à l’article 25 ou à l’article 26 du Règlement 600/2014. L’AEMF peut utiliser le numéro de registre national, le traiter, le conserver, en prendre copie sur support papier ou électronique et le communiquer à une autorité compétente, aux fi ns visées à l’article 25 ou à l’article 26 du Règlement 600/2014. 190 2658/005 DOC 54 C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E 2017 2018 TITEL IX Overgangsbepalingen en inwerkingtreding Art. 259 Onder voorbehoud van het tweede en derde lid van dit artikel, en van artikelen 260 tot 262, treedt deze wet in werking op 3 januari 2018. De wijzigingen die door de artikelen 105 tot 110 en 113 van deze wet zijn aangebracht in de artikelen 27 tot 28bis en 30ter van de wet van 2 augustus 2002 betref- fende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nan- ciële diensten, zijn evenwel niet van toepassing op de verzekeringsondernemingen als bedoeld in artikel 26, tweede tot vijfde lid, van de wet van 2 augustus 2002. De wijzigingen die door artikel 113  van deze wet zijn aangebracht in artikel 30ter van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nanciële diensten, treden overigens even- min in werking voor de verzekeringstussenpersonen. Art. 260 Artikel 333, § 2, 4°, van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en beursvennootschappen, ingevoegd bij artikel 180 van deze wet, treedt in werking op 1 juli 2019 voor wat betreft de toepassing ervan op de kredietinstellingen. Art. 261 Artikel 152, 3°, treedt in werking op 1 juli 2018. Art. 262 De artikelen 98 en 99 treden in werking 10 dagen na de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad. TITRE IX Dispositions transitoires et entrée en vigueur Art. 259 Sous réserve des alinéas 2 et 3 du présent article et des articles 260 à 262, la présente loi entre en vigueur le 3 janvier 2018. Cependant, les modifi cations apportées aux articles 27 à 28bis et à l’article 30ter de la loi du 2 août 2002 re- lative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers par les articles 105 à 110 et 113 de la présente loi n’entrent pas en vigueur vis-à-vis des entreprises d’assurances visées à l’article 26, alinéas 2 à 5, de la loi du 2 août 2002. Par ailleurs, les modifi cations apportées à l’article 30ter de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers par l’article 113 de la présente loi n’entrent pas non plus en vigueur vis-à-vis des intermédiaires d’assurances. Art. 260 L’article 333, § 2, 4°, de la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle des établissements de crédit et des sociétés de bourse, tel qu’inséré par l’article 180 de la présente loi entre en vigueur le 1er juillet 2019 en ce qui concerne son application aux établissements de crédit. Art. 261 L’article 152, 3°, entre en vigueur le 1er juillet 2018. Art. 262 Les articles 98 et 99 entrent en vigueur 10 jours après la date de publication de la présente loi au Moniteur Belge. Centrale drukkerij – Imprimerie centrale

Vragen over dit document?

Stel uw vragen aan onze juridische AI-assistent

Open chatbot