Inhoud
DOOR DE COMMISSIE
VOOR DE FINANCIËN EN DE BEGROTING
PAR LA COMMISSION
DES FINANCES ET DU BUDGET
TEXTE ADOPTÉ
TEKST AANGENOMEN
7278
DOC 54 2658/005
DOC 54 2658/005
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
CHAMBRE DES REPRÉSENTANTS
DE BELGIQUE
BELGISCHE KAMER VAN
VOLKSVERTEGENWOORDIGERS
27 oktober 2017
27 octobre 2017
Voir:
Doc 54 2658/ (2016/2017):
001:
Projet de loi.
002:
Coordination des articles.
003:
Amendements.
Zie:
Doc 54 2658/ (2016/2017):
001:
Wetsontwerp.
002:
Coördinatie van de artikelen.
003:
Amendementen.
PROJET DE LOI
WETSONTWERP
over de infrastructuren voor de markten
voor financiële instrumenten en houdende
omzetting van Richtlijn 2014/65/EU
relatif aux infrastructures des marchés
d’instruments financiers et portant
transposition de la Directive 2014/65/UE
2
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Abréviations dans la numérotation des publications:
DOC 54 0000/000: Document parlementaire de la 54e législature, suivi
du n° de base et du n° consécutif
QRVA:
Questions et Réponses écrites
CRIV:
Version Provisoire du Compte Rendu intégral
CRABV:
Compte Rendu Analytique
CRIV:
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le
compte rendu intégral et, à droite, le compte rendu
analy tique traduit des interventions (avec les an-
nexes)
PLEN:
Séance plénière
COM:
Réunion de commission
MOT:
Motions déposées en conclusion d’interpellations
(papier beige)
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.lachambre.be
courriel : publications@lachambre.be
Les publications sont imprimées exclusivement sur du papier certifi é FSC
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen:
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.dekamer.be
e-mail : publicaties@dekamer.be
De publicaties worden uitsluitend gedrukt op FSC gecertifi ceerd papier
Afkortingen bij de nummering van de publicaties:
DOC 54 0000/000:
Parlementair document van de 54e zittingsperiode +
basisnummer en volgnummer
QRVA:
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
CRIV:
Voorlopige versie van het Integraal Verslag
CRABV:
Beknopt Verslag
CRIV:
Integraal Verslag, met links het defi nitieve integraal verslag
en rechts het vertaald beknopt verslag van de toespraken
(met de bijlagen)
PLEN:
Plenum
COM:
Commissievergadering
MOT:
Moties tot besluit van interpellaties (beigekleurig papier)
N-VA
:
Nieuw-Vlaamse Alliantie
PS
:
Parti Socialiste
MR
:
Mouvement Réformateur
CD&V
:
Christen-Democratisch en Vlaams
Open Vld
:
Open Vlaamse liberalen en democraten
sp.a
:
socialistische partij anders
Ecolo-Groen
:
Ecologistes Confédérés pour l’organisation de luttes originales – Groen
cdH
:
centre démocrate Humaniste
VB
:
Vlaams Belang
PTB-GO!
:
Parti du Travail de Belgique – Gauche d’Ouverture
DéFI
:
Démocrate Fédéraliste Indépendant
PP
:
Parti Populaire
Vuye&Wouters
:
Vuye&Wouters
3
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
TITEL I
Algemene bepalingen
Artikel 1
Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in
artikel 74 van de grondwet.
Art. 2
Deze wet voorziet in de gedeeltelijke omzetting van
Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en
de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor
fi nanciële instrumenten en tot wijziging van Richtlijn
2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/EU.
Art. 3
Voor de toepassing van deze wet en de ter uitvoe-
ring ervan genomen besluiten en reglementen, wordt
verstaan onder:
1° “kredietinstelling”: een kredietinstelling bedoeld
in boek II en in titels I en II van boek III van de wet van
25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kre-
dietinstellingen en beursvennootschappen;
2° “beleggingsonderneming”: een beleggingson-
derneming in de zin van artikel 3, § 1, van de wet van
25 oktober 2016;
3° “marktexploitant”: een persoon of personen die het
bedrijf van een gereglementeerde markt beheert, c.q.
beheren en/of exploiteert, c.q. exploiteren. De marktex-
ploitant kan tevens de gereglementeerde markt zelf zijn;
4° “multilateraal systeem”: een systeem of een faci-
liteit waarin meerdere koop- en verkoopintenties van
derden met betrekking tot fi nanciële instrumenten op
elkaar kunnen inwerken;
5° “handelsplatform”: een gereglementeerde markt,
een MTF of een OTF;
6° “exploitant van een handelsplatform”: een persoon
of personen die het bedrijf van een handelsplatform
beheert, c.q. beheren en/of exploiteert, c.q. exploiteren.
De exploitant kan tevens het handelsplatform zelf zijn;
7° “gereglementeerde markt”: een door een markt-
exploitant geëxploiteerd en/of beheerd multilateraal
systeem dat meerdere koop- en verkoopintenties van
derden met betrekking tot financiële instrumenten
TITRE IER
Dispositions générales
Article 1er
La présente loi règle une matière visée à l’article 74
de la constitution.
Art. 2
La présente loi transpose partiellement la Directive
2014/65/EU du Parlement européen et du Conseil du
15 mai 2014 concernant les marchés d’instruments
fi nanciers et modifi ant la Directive 2002/92/CE et la
Directive 2011/61/UE.
Art. 3
Pour l’application de la présente loi et des arrêtés
et règlements pris pour son exécution, on entend par:
1° “établissement de crédit”: un établissement de
crédit visé au livre II et aux titres Ier et II du livre III de
la loi du 25 avril 2014 relative au statut et au contrôle
des établissements de crédit et des sociétés de bourse;
2° “entreprise d’investissement”: une entreprise
d’investissement au sens de l’article 3, § 1er, de la loi
du 25 octobre 2016;
3° “opérateur de marché”: une ou plusieurs per-
sonnes gérant et/ou exploitant l’activité d’un marché
réglementé. L’opérateur de marché peut être le marché
réglementé lui-même;
4° “système multilatéral”: un système ou un dispo-
sitif au sein duquel de multiples intérêts acheteurs et
vendeurs exprimés par des tiers pour des instruments
fi nanciers peuvent interagir;
5° “plateforme de négociation”: un marché régle-
menté, un MTF ou un OTF;
6° “opérateur d’une plateforme de négociation”: une
ou plusieurs personnes gérant et/ou exploitant l’activité
d’une plateforme de négociation. L’opérateur de la pla-
teforme peut être la plateforme elle-même;
7° “marché réglementé”: un système multilatéral,
exploité et/ou géré par un opérateur de marché, qui
assure ou facilite la rencontre – en son sein même et
selon ses règles non discrétionnaires – de multiples
4
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
– binnen dit systeem en volgens de niet-discretionaire
regels van dit systeem – samenbrengt of het samen-
brengen daarvan vergemakkelijkt op zodanige wijze
dat er een overeenkomst uit voortvloeit met betrekking
tot fi nanciële instrumenten die volgens de regels en de
systemen van de markt tot de handel zijn toegelaten,
en waaraan vergunning is verleend en die regelmatig
werkt, overeenkomstig titel III van Richtlijn 2014/65/EU;
8° “Belgische gereglementeerde markt”: een geregle-
menteerde markt met België als lidstaat van herkomst;
9° “gereglementeerde markt uit een andere lidstaat”:
een gereglementeerde markt waarvan de lidstaat
van herkomst een andere lidstaat van de Europese
Economische Ruimte dan België is;
10° “multilaterale handelsfaciliteit” of “MTF” (“multi-
lateral trading facility”): een door een kredietinstelling,
een beleggingsonderneming of een marktexploitant
geëxploiteerd multilateraal systeem dat meerdere
koop- en verkoopintenties van derden met betrekking
tot fi nanciële instrumenten – binnen dit systeem en
volgens niet-discretionaire regels – samenbrengt op
zodanige wijze dat er een overeenkomst uit voortvloeit
overeenkomstig hoofdstuk II van titel II;
11° “Belgische MTF”: een MTF geëxploiteerd door
een kredietinstelling, een beleggingsonderneming of
een marktexploitant met België als lidstaat van her-
komst, of door het in België gevestigde bijkantoor van
een kredietinstelling of een beleggingsonderneming
onder het recht van een derde land;
12° “MTF uit een andere lidstaat”: een MTF geëx-
ploiteerd door een kredietinstelling, een beleggingson-
derneming of een marktexploitant waarvan de lidstaat
van herkomst een andere lidstaat van de Europese
Economische Ruimte dan België is;
13° “georganiseerde handelsfaciliteit” of “OTF” (“or-
ganised trading facility”): een multilateraal systeem,
anders dan een gereglementeerde markt of een MTF,
waarin meerdere koop- en verkoopintenties van derden
met betrekking tot obligaties, gestructureerde fi nanciële
producten, emissierechten en derivaten op zodanige
wijze met elkaar kunnen interageren dat er een over-
eenkomst uit voortvloeit overeenkomstig hoofdstuk II
van titel II;
14° “Belgische OTF”: een OTF geëxploiteerd door een
kredietinstelling, een beleggingsonderneming of een
marktexploitant met België als lidstaat van herkomst,
of door het in België gevestigde bijkantoor van een
kredietinstelling of een beleggingsonderneming onder
het recht van een derde land;
intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par des tiers
pour des instruments fi nanciers, d’une manière qui
aboutisse à la conclusion de contrats portant sur des
instruments fi nanciers admis à la négociation dans le
cadre de ses règles et/ou de ses systèmes, et qui est
agréé et fonctionne régulièrement conformément aux
dispositions du titre III de la Directive 2014/65/UE;
8° “marché réglementé belge”: un marché réglementé
dont la Belgique est l’État membre d’origine;
9° “marché réglementé d’un autre État membre”: un
marché réglementé dont l’État membre d’origine est un
autre État membre de l’Espace économique européen
que la Belgique;
10° “système multilatéral de négociation” ou “MTF”
(“multilateral trading facility”): un système multilatéral,
exploité par un établissement de crédit, une entreprise
d’investissement ou un opérateur de marché, qui assure
la rencontre – en son sein même et selon des règles
non discrétionnaires – de multiples intérêts acheteurs et
vendeurs exprimés par des tiers pour des instruments
fi nanciers, d’une manière qui aboutisse à la conclusion
de contrats conformément au chapitre II du titre II;
11° “MTF belge”: un MTF exploité par un établisse-
ment de crédit, une entreprise d’investissement ou un
opérateur de marché dont l’État membre d’origine est la
Belgique, ou par la succursale établie en Belgique d’un
établissement de crédit ou d’une entreprise d’investis-
sement qui relève du droit d’un État tiers;
12° “MTF d’un autre État membre”: un MTF exploité
par un établissement de crédit, une entreprise d’investis-
sement ou un opérateur de marché dont l’État membre
d’origine est un autre État membre de l’Espace écono-
mique européen que la Belgique;
13° “système organisé de négociation” ou “OTF” (“or-
ganised trading facility”): un système multilatéral, autre
qu’un marché réglementé ou un MTF, au sein duquel de
multiples intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par
des tiers pour des obligations, des produits fi nanciers
structurés, des quotas d’émission ou des instruments
dérivés peuvent interagir d’une manière qui aboutisse
à la conclusion de contrats conformément au chapitre
II du titre II;
14° “OTF belge”: un OTF exploité par un établisse-
ment de crédit, une entreprise d’investissement ou un
opérateur de marché dont l’État membre d’origine est la
Belgique, ou par la succursale établie en Belgique d’un
établissement de crédit ou d’une entreprise d’investis-
sement qui relève du droit d’un État tiers;
5
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
15° “OTF uit een andere lidstaat”: een OTF geëxploi-
teerd door een kredietinstelling, een beleggingsonder-
neming of een marktexploitant met een andere lidstaat
van de Europese Economische Ruimte dan België als
lidstaat van herkomst;
16° “financieel instrument”: een financieel in-
strument in de zin van artikel 2, 1°, van de wet van
2 augustus 2002;
17° “effect”: een effect in de zin van artikel 2, 31°, van
de wet van 2 augustus 2002;
18° “representatieve certificaten (depositary re-
ceipts)”: op de kapitaalmarkt verhandelbare waarde-
papieren die de eigendom vertegenwoordigen van
de effecten van een niet-gedomicilieerde uitgevende
instelling en kunnen worden toegelaten tot de handel
op een gereglementeerde markt en onafhankelijk van
de effecten van de niet- gedomicilieerde uitgevende
instelling kunnen worden verhandeld;
19° “beursverhandeld fonds (exchange-traded fund)”:
een fonds waarvan ten minste één eenhedenklasse of
aandelenklasse gedurende de hele dag wordt verhan-
deld op ten minste één handelsplatform en waarbij ten
minste één market maker ervoor zorgt dat de koers van
de eenheden of aandelen van het fonds op het handels-
platform niet aanzienlijk afwijkt van de intrinsieke waarde
en, in voorkomend geval, van de indicatieve intrinsieke
waarde van de eenheden of aandelen;
20° “certifi caten”: certifi caten zoals gedefi nieerd in
artikel 2, lid 1, punt 27, van Verordening 600/2014;
21° “gestructureerde fi nanciële producten”: gestructu-
reerde fi nanciële producten zoals gedefi nieerd in artikel
2, lid 1, punt 28, van Verordening 600/2014;
22° “afgeleide instrumenten” of “derivaten”: deriva-
ten zoals gedefi nieerd in artikel 2, lid 1, punt 29, van
Verordening 600/2014;
23° “grondstoffenderivaten”: grondstoffenderiva-
ten zoals gedefi nieerd in artikel 2, lid 1, punt 30, van
Verordening 600/2014;
24° “overheidsemittent”: een van de onderstaande
uitgevers van schuldinstrumenten:
a) de Europese Unie;
15° “OTF d’un autre État membre”: un OTF exploité
par un établissement de crédit, une entreprise d’investis-
sement ou un opérateur de marché dont l’État membre
d’origine est un autre État membre de l’Espace écono-
mique européen que la Belgique;
16° “instrument fi nancier”: un instrument fi nancier au
sens de l’article 2, 1°, de la loi du 2 août 2002;
17° “valeur mobilière”: une valeur mobilière au sens
de l’article 2, 31°, de la loi du 2 août 2002;
18° “certifi cat représentatif (depositary receipts)”: un
titre, négociable sur le marché des capitaux, qui maté-
rialise la propriété de titres d’un émetteur étranger, est
admissible à la négociation sur un marché réglementé
et peut se négocier indépendamment des titres de
cet émetteur;
19° “fonds coté (exchange-traded fund)”: un fonds
dont au moins une catégorie de parts ou d’actions est
négociée pendant toute la journée sur au moins une
plateforme de négociation et avec au moins un teneur
de marché qui intervient pour garantir que le prix de
ses parts ou actions sur la plateforme de négociation
ne s’écarte pas sensiblement de leur valeur d’inventaire
nette et, le cas échéant, de leur valeur d’inventaire nette
indicative;
20° “certifi cats préférentiels”: certifi cats préféren-
tiels au sens de l’article 2, paragraphe 1, point 27), du
Règlement 600/2014;
21° “produits fi nanciers structurés”: produits fi nan-
ciers structurés au sens de l’article 2, paragraphe 1,
point 28), du Règlement 600/2014;
22° “instruments dérivés” ou “produits dérivés”: pro-
duits dérivés au sens de l’article 2, paragraphe 1, point
29), du Règlement 600/2014;
23° “instruments dérivés sur matières premières” ou
“contrats dérivés sur matières premières”: contrats
dérivés sur matières premières au sens de l’article 2,
paragraphe 1, point 30), du Règlement 600/2014;
24° “émetteur souverain”: l’un des émetteurs ci-après
qui émet des titres de créance:
a) l’Union europénne;
6
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
b) een lidstaat, met inbegrip van een regeringsdepar-
tement, een agentschap of een special purpose vehicle
van de lidstaat;
c) in het geval van een lidstaat die een Federale Staat
is, een lid van de federatie;
d) een special purpose vehicle voor verschillende
lidstaten;
e) een door twee of meer lidstaten opgerichte inter-
nationale fi nanciële instelling die tot doel heeft middelen
bijeen te brengen en fi nanciële bijstand te verlenen ten
behoeve van haar leden als deze ernstige fi nanciële
problemen ondervinden of dreigen te ondervinden; of
f) de Europese Investeringsbank;
25° “overheidsschuld”: een schuldinstrument uitge-
geven door een overheidsemittent;
26° “market maker”: een persoon die op de fi nanciële
markten doorlopend blijk geeft van de bereidheid voor
eigen rekening en met eigen kapitaal te handelen door
fi nanciële instrumenten tegen door hem vastgestelde
prijzen te kopen en te verkopen;
27° “kmo-groeimarkt”: een MTF die overeenkomstig
artikel 53 als kmo-groeimarkt is geregistreerd;
28° “kleine of middelgrote ondernemingen (kmo-
ondernemingen)”: ondernemingen die op de grondslag
van de eindejaarskoersen van de voorgaande drie ka-
lenderjaren een gemiddelde marktkapitalisatie hadden
van minder dan 200 000 000 euro;
29° “systematische internaliseerder” of “beleggings-
onderneming met systematische interne afhandeling”:
een kredietinstelling of beursvennootschap die op ge-
organiseerde, frequente, systematische en aanzienlijke
basis voor eigen rekening handelt bij het buiten een
gereglementeerde markt of een MTF of een OTF uit-
voeren van orders van cliënten zonder een multilateraal
systeem te exploiteren.
Of de uitvoering van transacties op frequente en
systematische basis plaatsvindt, wordt gemeten aan
de hand van het aantal otc-transacties in het fi nancieel
instrument die de kredietintelling of de beursvennoot-
schap voor eigen rekening verricht bij het uitvoeren
van orders van cliënten. Of dit op aanzienlijke basis
geschiedt, wordt gemeten aan de hand van de omvang
van de door de kredietinstelling of de beursvennoot-
schap verrichte otc-handel in verhouding tot de totale
handel van de kredietinstelling of de beursvennootschap
b) un État membre, y compris un service administratif,
une agence ou une entité ad hoc de l’État membre;
c) dans le cas d’un État membre fédéral, une enti-
té fédérée;
d) une entité ad hoc pour plusieurs États membres;
e) une institution fi nancière internationale établie par
au moins deux États membres qui a pour fi nalité de
mobiliser des fonds et d’apporter une aide fi nancière à
ceux de ses membres qui connaissent des difficultés
fi nancières graves ou risquent d’y être exposés; ou
f) la Banque européenne d’investissement;
25° “dette souveraine”: un titre de créance émis par
un émetteur souverain;
26° “teneur de marché”: une personne qui est pré-
sente de manière continue sur les marchés fi nanciers
pour négocier pour son propre compte et qui se porte
acheteuse et vendeuse d’instruments fi nanciers en
engageant ses propres capitaux, à des prix fi xés par elle;
27° “marché de croissance des PME”: un MTF qui
est enregistré en tant que marché de croissance des
PME conformément à l’article 53;
28° “petites et moyennes entreprises”: des sociétés
dont la capitalisation boursière moyenne a été inférieure
à 200 000 000 euros sur la base des cotations de fi n
d’exercice au cours des trois dernières années civiles;
29° “internalisateur systématique”: un établissement
de crédit ou une société de bourse qui, de façon orga-
nisée, fréquente et systématique, négocie pour compte
propre lorsqu’il exécute les ordres des clients en dehors
d’un marché réglementé, d’un MTF ou d’un OTF sans
opérer de système multilatéral.
Le caractère fréquent et systématique est mesuré
par le nombre de transactions de gré à gré sur un ins-
trument fi nancier donné réalisées par l’établissement
de crédit ou la société de bourse pour compte propre
lorsqu’il exécute les ordres des clients. Le caractère
substantiel est mesuré soit par la taille des activités
de négociation de gré à gré réalisées par l’établisse-
ment de crédit ou la société de bourse par rapport à
son activité totale de négociation pour un instrument
fi nancier spécifi que, soit par la taille des activités de
7
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
in een specifi ek fi nancieel instrument, of aan de hand
van de omvang van de door de kredietinstelling of de
beursvennootschap verrichte otc-handel in verhouding
tot de totale handel in een specifi ek fi nancieel instrument
in de Europese Unie. De defi nitie van systematische
internaliseerder is enkel van toepassing, indien de
vooraf bepaalde limieten voor frequente en systemati-
sche basis en voor een aanzienlijke basis beide worden
overschreden of indien een kredietinstelling of een
beursvennootschap ervoor kiest om onder de regeling
voor systematische internaliseerders te vallen;
30° “liquide markt”: een markt voor een fi nancieel
instrument of een klasse van fi nanciële instrumenten
waarop doorlopend bereidwillige kopers en verkopers
aanwezig zijn, wat beoordeeld wordt aan de hand van
de hierna volgende criteria en rekening houdend met
de specifi eke marktstructuren van het betrokken fi nan-
cieel instrument of de betrokken klasse van fi nanciële
instrumenten:
a) de gemiddelde frequentie en omvang van de
transacties in allerlei marktomstandigheden, gelet op de
aard en levenscyclus van producten binnen de klasse
van fi nanciële instrumenten;
b) het aantal en het soort marktdeelnemers, met
inbegrip van de verhouding van marktdeelnemers tot
verhandelde instrumenten in een bepaald product;
c) de gemiddelde omvang van de spreads, indien
beschikbaar;
31° “matched principal trading”: een transactie waar-
bij degene die faciliteert zich op zodanige wijze tussen
de koper en de verkoper bij de transactie plaatst dat zij
gedurende de volledige uitvoering van de transactie
nooit aan marktrisico’s wordt blootgesteld, en waarbij
beide zijden tegelijkertijd worden uitgevoerd en de
transactie wordt afgesloten tegen een prijs die degene
die faciliteert geen winst of verlies oplevert, afgezien van
de vooraf bekendgemaakte provisies, vergoedingen of
kosten voor de transactie;
32° “algoritmische handel”: handel in financiële
instrumenten waarbij een computeralgoritme automa-
tisch individuele parameters van orders bepaalt, onder
meer of het order moet worden geïnitieerd, het tijdstip,
de prijs of de omvang van het order, of hoe het order
nadat het is ingevoerd, moet worden beheerd, met wei-
nig of geen menselijk ingrijpen. Een systeem dat alleen
wordt gebruikt voor de routering van orders naar een
of meer handelsplatforms, dan wel voor het verwerken
van orders waarbij geen sprake is van bepaling van
handelsparameters, of voor de bevestiging van orders
négociation de gré à gré réalisées par l’établissement
de crédit ou la société de bourse par rapport à l’activité
totale de négociation réalisée dans l’Union européenne
sur l’instrument fi nancier concerné. La défi nition d’un
internalisateur systématique ne s’applique que lorsque
les seuils prédéfi nis concernant le caractère fréquent
et systématique et concernant le caractère substantiel
sont dépassés ou lorsqu’un établissement de crédit
ou une société de bourse choisit de relever du régime
d’internalisateur systématique;
30° “marché liquide”: un marché d’un instrument
fi nancier ou d’une catégorie d’instruments fi nanciers
sur lequel il existe de façon continue des vendeurs et
des acheteurs prêts et disposés. Cette condition est
évaluée selon les critères ci-après et en tenant compte
des structures spécifi ques du marché de l’instrument
fi nancier concerné ou de la catégorie d’instruments
fi nanciers concernée:
a) la fréquence et la taille moyennes des transactions
dans diverses conditions de marché, eu égard à la
nature et au cycle de vie des produits à l’intérieur de la
catégorie d’instruments fi nanciers;
b) le nombre et le type de participants au marché, y
compris le ratio entre les participants au marché et les
instruments négociés dans un produit particulier;
c) la taille moyenne des écarts, lorsque cette infor-
mation est disponible;
31° “négociation par appariement avec interposition
du compte propre”: une transaction dans le cadre de
laquelle le facilitateur agit en tant qu’intermédiaire entre
l’acheteur et le vendeur participant à la transaction de
façon à ce qu’il n’y ait aucune exposition au risque de
marché pendant toute la durée de l’exécution de la tran-
saction, les deux volets étant exécutés simultanément,
et la transaction étant conclue à un prix grâce auquel
le facilitateur n’enregistre ni perte ni gain, abstraction
faite d’une commission, d’honoraires ou de dédomma-
gements divulgués au préalable;
32° “trading algorithmique”: la négociation d’instru-
ments fi nanciers dans laquelle un algorithme informa-
tique détermine automatiquement les différents para-
mètres des ordres, comme la décision de lancer l’ordre,
la date et l’heure, le prix ou la quantité de l’ordre, ou
la manière de gérer l’ordre après sa soumission, avec
une intervention humaine limitée ou sans intervention
humaine. Les systèmes utilisés uniquement pour ache-
miner des ordres vers une ou plusieurs plateformes de
négociation ou pour le traitement d’ordres n’impliquant
la détermination d’aucun paramètre de négociation ou
8
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
of de posttransactionele verwerking van uitgevoerde
transacties, valt niet onder deze defi nitie;
33° “techniek van hoogfrequentie algoritmische
handel”: een algoritmische handelstechniek die wordt
gekenmerkt door:
a) infrastructuur die bedoeld is om netwerk- en
andere soorten latenties te minimaliseren, daaronder
begrepen ten minste één van de volgende faciliteiten
voor het invoeren van algoritmische orders: colocatie,
proximity hosting of directe elektronische toegang met
hoge snelheid;
b) het initiëren, genereren, geleiden of uitvoeren van
orders door het systeem, zonder menselijk ingrijpen,
voor afzonderlijke handelstransacties of orders; en
c) een groot aantal berichten (orders, noteringen of
annuleringen) binnen de handelsdag;
34° “directe elektronische toegang”: een voorziening
waarbij een lid of deelnemer of cliënt van een handels-
platform een persoon toestaat van zijn handelscode
gebruik te maken, zodat de betrokken persoon in staat
is orders met betrekking tot een fi nancieel instrument
langs elektronische weg direct aan een handelsplat-
form door te geven, met inbegrip van een voorziening,
waarbij de persoon van de infrastructuur van het lid
of de deelnemer of cliënt gebruikmaakt, alsook alle
verbindingssystemen die door het lid of de deelnemer
of de cliënt beschikbaar worden gesteld om de orders
door te geven (directe markttoegang) en regelingen
waarbij deze infrastructuur niet wordt gebruikt door deze
persoon (gesponsorde toegang);
35° “CTP”: een CTP zoals gedefi nieerd in artikel 2,
lid 1, van Verordening 648/2012;
36° “goedgekeurde publicatieregeling” (“approved
publication arrangement”) of “APA’s”: een persoon die
op grond van deze wet en de ter uitvoering ervan ge-
nomen besluiten en reglementen een vergunning heeft
voor dienstverlening op het gebied van de publicatie van
transactiemeldingen namens beleggingsondernemin-
gen of kredietinstellingen krachtens de artikelen 20 en
21 van Verordening 600/2014;
37° “verstrekker van de consolidated tape” of “CTP”
(“consolidated tape provider”): een persoon waaraan op
grond van deze wet en de ter uitvoering ervan genomen
besluiten en reglementen, een vergunning is verleend
pour la confi rmation des ordres ou pour exécuter les
ordres de clients ou pour le traitement post-négociation
des transactions exécutées ne sont pas couverts par la
présente défi nition;
33° “technique de trading algorithmique à haute
fréquence”: toute technique de trading algorithmique
caractérisée par:
a) une infrastructure destinée à minimiser les latences
informatiques et les autres types de latence, y compris
au moins un des systèmes suivants de placement des
ordres algorithmiques: colocalisation, hébergement de
proximité ou accès électronique direct à grande vitesse;
b) la détermination par le système de l’engagement,
la création, l’acheminement ou l’exécution d’un ordre
sans intervention humaine pour des transactions ou des
ordres individuels; et
c) un débit intrajournalier élevé de messages qui
constituent des ordres, des cotations ou des annulations;
34° “accès électronique direct”: un mécanisme par
lequel un membre ou participant ou client d’une plate-
forme de négociation permet à une personne d’utiliser
son code de négociation de manière que cette personne
puisse transmettre électroniquement et directement à la
plateforme de négociation des ordres relatifs à un instru-
ment fi nancier et il inclut les mécanismes qui impliquent
l’utilisation, par une personne, de l’infrastructure du
membre ou du participant ou client ou de tout système
de connexion fourni par le membre ou le participant
ou client, pour transmettre les ordres (accès direct au
marché) ainsi que les mécanismes dans lesquels cette
infrastructure n’est pas utilisée par une personne (accès
sponsorisé);
35° “système de contrepartie centrale”: système de
contrepartie centrale au sens de l’article 2, paragraphe
1, du Règlement 648/2012;
36° “dispositif de publication agréé” ou “APA”
(“approved publication arrangement”): une personne
autorisée, en vertu de la présente loi et des arrêtés et
règlements pris pour son exécution, à fournir un ser-
vice de publication de rapports de négociation pour le
compte d’entreprises d’investissement ou d’établisse-
ments de crédit, conformément aux articles 20 et 21 du
Règlement 600/2014;
37° “fournisseur de système consolidé de publication”
ou “CTP” (“consolidated tape provider”): une personne
autorisée, en vertu de la présente loi et des arrêtés et
règlements pris pour son exécution, à fournir un service
9
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
voor dienstverlening op het gebied van het verzamelen
van handelsverslagen van gereglementeerde markten,
MTF’s, OTF’s en APA’s voor fi nanciële instrumenten die
zijn vermeld in de artikelen 6, 7, 10, 12, 13, 20 en 21 van
Verordening 600/2014 en het consolideren daarvan in
een doorlopende elektronische live datastroom die per
fi nancieel instrument gegevens met betrekking tot prijs
en volume geeft;
38° “goedgekeurd rapporteringsmechanisme” (“ap-
proved reporting mechanism”) of “ARM’s”: een persoon
waaraan op grond van deze wet en de ter uitvoering
ervan genomen besluiten en reglementen een vergun-
ning is verleend voor dienstverlening op het gebied van
het rapporteren van bijzonderheden van transacties aan
bevoegde autoriteiten of ESMA namens kredietinstel-
lingen of beleggingsondernemingen;
39° “datarapporteringsdiensten”: de diensten als
bedoeld in de bepalingen onder 36° tot 38°;
40° “aanbieder van datarapporteringsdiensten”: een
APA, een CTP of een ARM;
41° “lidstaat van herkomst”:
a) in het geval van een beleggingsonderneming:
i) indien de beleggingsonderneming een natuurlijke
persoon is, de lidstaat waar deze persoon zijn hoofd-
kantoor heeft;
ii) indien de beleggingsonderneming een rechtsper-
soon is, de lidstaat waar haar statutaire zetel is gelegen;
iii) indien de beleggingsonderneming overeenkomstig
haar nationale wetgeving geen statutaire zetel heeft, de
lidstaat waar haar hoofdkantoor is gelegen;
b) in het geval van een gereglementeerde markt, de
lidstaat waar de statutaire zetel van de gereglemen-
teerde markt is gelegen of, indien deze overeenkomstig
de wetgeving van deze lidstaat geen statutaire zetel
heeft, de lidstaat waar het hoofdkantoor van de gere-
glementeerde markt is gelegen;
c) in het geval van een APA, een CTP of een ARM:
i) indien de APA, de verstrekker van de consolidated
tape of het ARM een natuurlijke persoon is, de lidstaat
waar deze persoon zijn hoofdkantoor heeft;
ii) indien de APA, de verstrekker van de consolidated
tape of het ARM een rechtspersoon is, de lidstaat waar
haar/zijn statutaire zetel is gelegen;
de collecte des rapports de négociation sur les instru-
ments fi nanciers énumérés aux articles 6, 7, 10, 12, 13,
20 et 21 du Règlement 600/2014 auprès de marchés
réglementés, de MTF, d’OTF et d’APA, et un service de
regroupement de ces rapports en un fl ux électronique
de données actualisé en continu, offrant des données
de prix et de volume pour chaque instrument fi nancier;
38° “mécanisme de déclaration agréé” ou “ARM” (“ap-
proved reporting mechanism”): une personne autorisée,
en vertu de la présente loi et des arrêtés et règlements
pris pour son exécution, à fournir à des établissements
de crédit ou à des entreprises d’investissement un
service de déclaration détaillée des transactions aux
autorités compétentes ou à l’AEMF;
39° “services de communication de données”: les
services visés aux 36° à 38°;
40° “prestataire de services de communication de
données”: un APA, un CTP ou un ARM;
41° “État membre d’origine”:
a) dans le cas d’une entreprise d’investissement:
i) s’il s’agit d’une personne physique, l’État membre
où son administration centrale est située;
ii) s’il s’agit d’une personne morale, l’État membre
où son siège statutaire est situé;
iii) si, en droit national, elle n’a pas de siège statutaire,
l’État membre où son administration centrale est située;
b) dans le cas d’un marché réglementé, l’État
membre dans lequel le marché réglementé a son siège
statutaire ou si, en droit national, il n’a pas de siège
statutaire, l’État membre où son administration centrale
est située;
c) dans le cas d’un APA, d’un CTP ou d’un ARM:
i) s’il s’agit d’une personne physique, l’État membre
où son administration centrale est située;
ii) s’il s’agit d’une personne morale, l’État membre
où son siège statutaire est situé;
10
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
iii) indien de APA, de CTP of het ARM overeenkomstig
haar/zijn nationale wetgeving geen statutaire zetel heeft,
de lidstaat waar haar/zijn hoofdkantoor is gelegen;
42° “lidstaat van ontvangst”: de lidstaat die niet de
lidstaat van herkomst is en waar de beleggingsonderne-
ming een bijkantoor heeft of beleggingsdiensten verleent
en/of beleggingsactiviteiten verricht, of de lidstaat waar
een gereglementeerde markt passende voorzieningen
treft om de toegang tot de handel in zijn systeem voor
in laatstgenoemde lidstaat gevestigde leden of deelne-
mers op afstand te faciliteren;
43° voor de toepassing van deze wet worden de
volgende begrippen verstaan in dezelfde zin als in de
wet van 25 oktober 2016:
1° gekwalifi ceerde deelneming;
2° moederonderneming;
3° dochteronderneming;
4° nauwe banden;
44° “bevoegde autoriteit”: behoudens anderslui-
dende bepaling, de autoriteit die elke lidstaat van her-
komst overeenkomstig artikel 67 van Richtlijn 2014/65/
UE aanwijst;
45° “minister”: behoudens bijzondere bepalingen, de
minister van Financiën;
46° “FSMA”: Autoriteit voor Financiële Diensten
en Markten, bedoeld in artikel 44 van de wet van
2 augustus 2002;
47° “ESMA”: de Europese Autoriteit voor Effecten en
Markten (European Securities and Markets Authority)
opgericht bij Verordening nr. 1095/2010 van het
Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010;
48° “Richtlijn 2001/34/EG”: Richtlijn 2001/34/
EG van het Europees Parlement en de Raad van
28 mei 2001 betreffende de toelating van effecten tot de
officiële notering aan een effectenbeurs en de informatie
die over deze effecten moet worden gepubliceerd;
49° “Richtlijn 2003/71/EG”: Richtlijn 2003/71/
EG van het Europees Parlement en de Raad van
4 november 2003 betreffende het prospectus dat gepu-
bliceerd moet worden wanneer effecten aan het publiek
worden aangeboden of tot de handel worden toegelaten
en tot wijziging van Richtlijn 2001/34/EG;
iii) si, en droit national, l’APA, le CTP ou l’ARM n’a pas
de siège statutaire, l’État membre où son administration
centrale est située;
42° “État membre d’accueil”: l’État membre, autre
que l’État membre d’origine, dans lequel une entre-
prise d’investissement a une succursale ou fournit des
services et/ou exerce des activités d’investissement,
ou l’État membre dans lequel un marché réglementé
fournit les dispositifs utiles pour permettre aux membres
ou participants établis dans ce dernier État membre
d’accéder à distance à la négociation dans le cadre de
son système;
43° pour l’application de la présente loi, les notions
suivantes sont à comprendre au sens de la défi nition qui
en est donnée dans la loi du 25 octobre 2016:
1° participation qualifi ée;
2° entreprise mère;
3° fi liale;
4° liens étroits;
44° “autorité compétente”: sauf disposition contraire,
l’autorité désignée par chaque État membre conformé-
ment à l’article 67 de la Directive 2014/65/UE;
45° “ministre”: sous réserve de dispositions spéci-
fi ques, le ministre des Finances;
46° “FSMA”: l’Autorité des services et marchés
fi nanciers, visée à l’article 44 de la loi du 2 août 2002;
47° “AEMF”: l’Autorité européenne des marchés
fi nanciers (European Securities and Markets Authority)
instituée par le Règlement n° 1095/2010 du Parlement
européen et du Conseil du 24 novembre 2010;
48° “Directive 2001/34/CE”: Directive 2001/34/
CE du Parlement Européen et du Conseil du
28 mai 2001 concernant l’admission de valeurs mobi-
lières à la cote officielle et l’information à publier sur
ces valeurs;
49° “Directive 2003/71/CE”: la Directive 2003/71/
CE du Parlement européen et du Conseil du
4 novembre 2003 concernant le prospectus à publier
en cas d’offre au public de valeurs mobilières ou en vue
de l’admission de valeurs mobilières à la négociation,
et modifi ant la directive 2001/34/CE;
11
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
50° “Richtlijn 2013/36/EU”: Richtlijn van het Europees
Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende
toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen en het
prudentieel toezicht op kredietinstellingen en beleg-
gingsondernemingen, tot wijziging van Richtlijn 2002/87/
EG en tot intrekking van de Richtlijnen 2006/48/EG en
2006/49/EG;
51° “Richtlijn 2014/57/EU”: Richtlijn 2014/57/EU van het
Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 be-
treffende strafrechtelijke sancties voor marktmisbruik;
52° “Richtlijn 2014/65/EU”: Richtlijn 2014/65/
EU van het Europees Parlement en de Raad van
15 mei 2014 betreffende markten voor fi nanciële in-
strumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG
en Richtlijn 2011/61/EU;
53° “Verordening 1095/2010”: Verordening (EU)
nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad
van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese
toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor ef-
fecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/
EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de
Commissie;
54° “Verordening 1227/2011”: Verordening (EU)
nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad
van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en trans-
parantie van de groothandelsmarkt voor energie;
55° “Verordening 648/2012”: Verordening
648/2012 van het Europees Parlement en de Raad
van 4 juli 2012 betreffende otc-derivaten, centrale te-
genpartijen en transactieregisters;
56° “Verordening 596/2014”: de Verordening
596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van
16 april 2014 betreffende marktmisbruik (verordening
marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn
2003/6/EG van het Europees Parlement en de Raad
en Richtlijnen 2003/124, 2003/125/EG en 2004/72/EG
van de Commissie;
57° “Verordening 600/2014”: Verordening 600/2014
van het Europees Parlement en de Raad van van
15 mei 2014 betreffende markten in fi nanciële instrumen-
ten en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012;
58° “wet van 2 augustus 2002”: wet van 2 augustus
2002 betreffende het toezicht op de fi nanciële sector
en de fi nanciële diensten;
50° “Directive 2013/36/UE”: la Directive 2013/36/
UE du Parlement européen et du Conseil du
26 juin 2013 concernant l’accès à l’activité des établis-
sements de crédit et la surveillance prudentielle des
établissements de crédit et des entreprises d’investis-
sement, modifi ant la directive 2002/87/CE et abrogeant
les directives 2006/48/CE et 2006/49/CE;
51° “Directive 2014/57/UE”: la Directive 2014/57/UE du
Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 re-
lative aux sanctions pénales applicables aux abus
de marché;
52° “Directive 2014/65/UE”: la Directive 2014/65/
EU du Parlement européen et du Conseil du
15 mai 2014 concernant les marchés d’instruments
fi nanciers et modifi ant la directive 2002/92/CE et la
directive 2011/61/UE;
53° “ Règlement 1095/2010 ”: Règlement
1095/2010 du Parlement européen et du Conseil du
24 novembre 2010 instituant une Autorité européenne
de surveillance (Autorité européenne des marchés
fi nanciers), modifi ant la décision no 716/2009/CE et
abrogeant la décision 2009/77/CE de la Commission;
54° “ Règlement 1227/2011”: Règlement
1227/2011 du Parlement européen et du Conseil du
25 octobre 2011 concernant l’intégrité et la transparence
du marché de gros de l’énergie;
55° “Règlement 648/2012”: Règlement 648/2012 du
Parlement européen et du Conseil du 4 juillet 2012
sur les produits dérivés de gré à gré, les contreparties
centrales et les référentiels centraux;
56° “Règlement 596/2014”: le Règlement 596/2014 du
Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 sur
les abus de marché (règlement relatif aux abus de mar-
ché) et abrogeant la Directive 2003/6/CE du Parlement
européen et du Conseil et les Directives 2003/124/CE,
2003/125/CE et 2004/72/CE de la Commission;
57° “Règlement 600/2014”: Règlement 600/2014 du
Parlement européen et du Conseil du 15 mai 2014
concernant les marchés d’instruments fi nanciers et
modifi ant le Règlement (UE) n ° 648/2012;
58° “loi du 2 août 2002”: loi du 2 août 2002 relative
à la surveillance du secteur fi nancier et aux services
fi nanciers;
12
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
59° “wet van 25 april 2014”: wet van 25 april 2014 op
het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en
beursvennootschappen;
60° “wet van 25 oktober 2016”: wet van 25 oktober
2016 betreffende de toegang tot het beleggingsdien-
stenbedrijf en betreffende het statuut van en het toezicht
op de vennootschappen voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies.
Art. 4
Verwijzingen naar deze wet of naar één van haar
bepalingen omvatten, in voorkomend geval, ook een ver-
wijzing naar de gedelegeerde handelingen en naar de
technische uitvoerings- en regelgevingsnormen die door
de Commissie zijn aangenomen krachtens de bepalin-
gen van Richtlijn 2014/65/EU en Verordening 600/2014.
Art. 5
De multilaterale systemen voor de handel in fi nanci-
ele instrumenten oefenen hun activiteiten in België uit
conform de bepalingen van Titel II.
Een kredietinstelling of een beleggingsonderneming
die op georganiseerde basis, regelmatig, systematisch
en in aanzienlijke mate voor eigen rekening handelt bij
het uitvoeren van cliëntenorders buiten een gereglemen-
teerde markt, een MTF of een OTF, wordt geëxploiteerd
overeenkomstig Titel III van Verordening 600/2014.
Onverminderd de artikelen 23 en 28 van Verordening
600/2014 moeten alle in het eerste en het tweede lid
bedoelde transacties in fi nanciële instrumenten die
niet via een multilateraal systeem of een systema-
tische internaliseerder worden afgewikkeld, aan de
toepasselijke bepalingen van Titel III van Verordening
600/2014 voldoen.
59° “loi du 25 avril 2014”: loi du 25 avril 2014 relative
au statut et au contrôle des établissements de crédit et
des sociétés de bourse;
60° “loi du 25 octobre 2016”: loi du 25 octobre 2016 re-
lative à l’activité de prestation de services d’investisse-
ment et au statut et au contrôle des sociétés de gestion
de portefeuille et de conseil en investissement.
Art. 4
Les références à la présente loi ou à l’une de ses
dispositions incluent également le cas échéant une
référence aux actes délégués et aux normes techniques
d’exécution et normes techniques de règlementation
adoptés par la Commission en vertu de la Directive
2014/65/UE et du Règlement 600/2014.
Art. 5
Les systèmes multilatéraux de négociations d’instru-
ments fi nanciers exercent leurs activités en Belgique
conformément aux dispositions du Titre II.
Un établissement de crédit ou une entreprise d’inves-
tissement qui, sur une base organisée, fréquente, systé-
matique et substantielle, négocie pour compte propre en
exécutant les ordres des clients en dehors d’un marché
réglementé, d’un MTF ou d’un OTF fonctionne confor-
mément au Titre III du Règlement 600/2014.
Sans préjudice des articles 23 et 28 du Règlement
600/2014, toutes les transactions sur instruments fi nan-
ciers visées aux alinéa 1er et 2 qui ne sont pas conclues
sur un système multilatéral ou auprès d’un internali-
sateur systématique sont conformes aux dispositions
pertinentes du Titre III du Règlement 600/2014.
13
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
TITEL II
Handelsplatformen
HOOFDSTUK I
Bepalingen over de gereglementeerde markten
Afdeling I
Belgische gereglementeerde markten
Onderafdeling 1
Toepassingsgebied
Art. 6
Deze afdeling is van toepassing op de Belgische
gereglementeerde markten en hun marktexploitanten.
Onderafdeling 2
Voorafgaandelijke vergunning
Art. 7
§ 1. De minister verleent, op advies van de FSMA, een
vergunning als gereglementeerde markt aan de markten
die aan de voorwaarden van deze afdeling voldoen.
De minister kan:
1° de vergunning afhankelijk stellen van de bijko-
mende voorwaarden die hij nodig acht om de belangen
van de beleggers te beschermen en de goede werking,
de integriteit en de transparantie van de door de markt-
exploitant georganiseerde markten te vrijwaren;
2° onverminderd de in titel V bedoelde maatregelen,
tijdens de bedrijfsuitoefening bijkomende voorwaarden
opleggen als er zich belangrijke wijzigingen voordoen
in de elementen van het vergunningsdossier.
Er wordt pas een vergunning als gereglementeerde
markt verleend wanneer de FSMA ervan overtuigd is
dat zowel de marktexploitant als de systemen van de
gereglementeerde markt ten minste voldoen aan de in
deze afdeling vastgelegde voorschriften.
De marktexploitant verstrekt alle informatie, inclu-
sief een programma van werkzaamheden, waarin
met name de aard van de beoogde activiteiten en de
TITRE II
Des plateformes de négociation
CHAPITRE IER
Dispositions relatives aux marchés réglementés
Section Ire
Des marchés réglementés belges
Sous-section 1re
Champ d’application
Art. 6
La présente section s’applique en ce qui concerne
les marchés réglementés belges et leurs opérateurs
de marché.
Sous-section 2
Agrément préalable
Art. 7
§ 1er. Le ministre, sur avis de la FSMA, agrée en
tant que marché réglementé les marchés pour les-
quels il est satisfait aux conditions énoncées par la
présente section.
Le ministre peut:
1° subordonner l’agrément aux conditions supplé-
mentaires qu’il juge nécessaires en vue d’assurer la
protection des intérêts des investisseurs et de préserver
le bon fonctionnement, l’intégrité et la transparence des
marchés organisés par l’opérateur de marché;
2° sans préjudice des mesures prévues au titre V,
imposer des conditions supplémentaires en cours d’acti-
vité en cas de modifi cations importantes des éléments
du dossier d’agrément.
L’agrément en tant que marché réglementé n’est
délivré que lorsque la FSMA s’est assurée que l’opé-
rateur de marché et les systèmes du marché régle-
menté satisfont au moins aux exigences visées à la
présente section.
L’opérateur de marché fournit toutes les informations,
y compris un programme d’activité énumérant notam-
ment les types d’opérations envisagés et la structure
14
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
organisatiestructuur worden vermeld, die nodig is opdat
de FSMA zich ervan zou kunnen vergewissen dat de
gereglementeerde markt op het moment van de initiële
vergunningverlening alle noodzakelijke regelingen heeft
getroffen om te voldoen aan haar verplichtingen op
grond van deze afdeling.
De aanvrager wordt er binnen zes maanden na de
indiening van een volledige aanvraag schriftelijk van
in kennis gesteld of de vergunning toegekend dan wel
geweigerd is.
§ 2. Wanneer de vergunningsaanvraag uitgaat van
een vennootschap die hetzij de dochtervennootschap
is van een kredietinstelling of een verzekeringsonder-
neming naar Belgisch recht, hetzij de dochtervennoot-
schap van de moedervennootschap van een kredietin-
stelling of een verzekeringsonderneming naar Belgisch
recht, hetzij onder de controle staat van dezelfde
natuurlijke of rechtspersonen als een kredietinstelling
of een verzekeringsonderneming naar Belgisch recht
raadpleegt de FSMA, vooraleer haar advies te geven,
de Nationale Bank van België.
Wanneer de vergunningsaanvraag uitgaat van een
vennootschap die hetzij de dochtervennootschap is van
een kredietinstelling of een verzekeringsonderneming,
met vergunning of toelating in een andere lidstaat, hetzij
de dochtervennootschap van de moedervennootschap
van een kredietinstelling of een verzekeringsonderne-
ming, met vergunning of toelating in een andere lidstaat,
hetzij onder de controle staat van dezelfde natuurlijke
of rechtspersonen als een kredietinstelling of een ver-
zekeringsonderneming, met vergunning of toelating in
een andere lidstaat, raadpleegt de FSMA, vooraleer
haar advies te geven, de nationale toezichthoudende
overheden die in deze andere lidstaten bevoegd zijn
voor het toezicht op de kredietinstellingen of verzeke-
ringsondernemingen, waaraan zij krachtens hun recht
een vergunning of toelating hebben verleend.
De FSMA raadpleegt eveneens vooraf de Nationale
Bank van België of de in het tweede lid bedoelde toe-
zichthoudende overheden voor het beoordelen van de
geschiktheid van de aandeelhouders en de leiding,
wanneer deze aandeelhouder, al naargelang het geval,
een in het eerste of tweede lid bedoelde onderneming
is en de bij de leiding van de marktexploitant betrokken
persoon eveneens betrokken is bij de leiding van een
van de, al naargelang het geval, in het eerste of tweede
lid bedoelde ondernemingen. Deze overheden delen
elkaar alle informatie mee die relevant is voor het be-
oordelen van de geschiktheid van de in dit lid bedoelde
aandeelhouders en bij de leiding betrokken personen.
organisationnelle, qui sont nécessaires pour permettre
à la FSMA de s’assurer que le marché réglementé a
mis en place, lors de l’agrément initial, tous les dispo-
sitifs nécessaires pour satisfaire aux obligations que lui
impose la présente section.
Le demandeur est informé par écrit, dans les six mois
à compter de la présentation d’une demande complète,
de l’octroi ou du refus de l’agrément.
§ 2. Lorsque l’agrément est sollicité par une société
qui est soit la fi liale d’un établissement de crédit ou
d’une entreprise d’assurances de droit belge, soit la
fi liale de la société mère d’un établissement de crédit
ou d’une entreprise d’assurances de droit belge, soit
encore contrôlée par les mêmes personnes physiques
ou morales qu’un établissement de crédit ou qu’une
entreprise d’assurances de droit belge, la FSMA
consulte la Banque nationale de Belgique avant de
donner son avis.
Lorsque l’agrément est sollicité par une société qui
est soit la fi liale d’un établissement de crédit ou d’une
entreprise d’assurances, agréé dans un autre État
membre, soit la fi liale de la société mère d’un établisse-
ment de crédit ou d’une entreprise d’assurances, agréé
dans un autre État membre, soit encore contrôlée par
les mêmes personnes physiques ou morales qu’un éta-
blissement de crédit ou qu’une entreprise d’assurances,
agréé dans un autre État membre, la FSMA consulte,
avant de donner son avis, les autorités nationales de ces
autres États membres qui contrôlent les établissements
de crédit ou les entreprises d’assurances agréés selon
leur droit.
De même, la FSMA consulte préalablement la Banque
nationale de Belgique ou les autorités de contrôle visées
à l’alinéa 2 aux fi ns d’évaluer les qualités requises des
actionnaires et des dirigeants, lorsque l’actionnaire est
une entreprise visée, selon le cas, à l’alinéa 1er ou 2,
et que la personne participant à la direction de l’opé-
rateur de marché prend part également à la direction
de l’une des entreprises visées, selon le cas, à l’alinéa
1er ou 2. Ces autorités se communiquent mutuellement
toutes informations utiles pour l’évaluation des qualités
requises des actionnaires et des personnes participant
à la direction visés au présent alinéa.
15
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 3. De marktexploitant vervult de taken die verband
houden met de organisatie en exploitatie van de gere-
glementeerde markt onder het toezicht van de FSMA.
De FSMA ziet er regelmatig op toe dat de marktexploi-
tanten en de gereglementeerde markten de bepalingen
van deze afdeling naleven en te allen tijde voldoen aan
de voorwaarden van de initiële vergunningverlening.
§ 4. De marktexploitant is er verantwoordelijk voor dat
de door hem beheerde gereglementeerde markt aan
de in deze afdeling vastgelegde voorschriften voldoet.
De marktexploitant kan de rechten uitoefenen die
deze wet oplegt aan de gereglementeerde markt die
hij beheert.
§ 5. Onverminderd de eventuele toepasselijke be-
palingen van Verordening 596/2014 en van Richtlijn
2014/57/EU wordt de handel die plaatsvindt op een in
deze afdeling bedoelde gereglementeerde markt, door
het Belgisch recht beheerst.
Art. 8
Tenzij de minister er bij de beslissing tot vergunning
van de markt als gereglementeerde markt of in een later
besluit anders over beslist, geldt de opneming van fi nan-
ciële instrumenten in een Belgische gereglementeerde
markt als toelating tot de officiële notering voor de toe-
passing van de wettelijke of reglementaire bepalingen
die daarnaar verwijzen. In voorkomend geval wordt de
andersluidende beslissing van de minister vermeld in
de lijst bekendgemaakt overeenkomstig artikel 9.
Art. 9
De lijst van de Belgische gereglementeerde markten
waaraan met toepassing van deze wet een vergunning
is verleend, en alle wijzigingen van deze lijst worden
door toedoen van de minister in het Belgisch Staatsblad
bekendgemaakt. De minister deelt deze lijst mee aan
ESMA en aan de overige lidstaten. Elke wijziging geeft
aanleiding tot een analoge mededeling. De lijst wordt
op de website van de FSMA gepubliceerd.
§ 3. L’opérateur de marché effectue les actes
afférents à l’organisation et à l’exploitation du marché
réglementé sous la surveillance de la FSMA.
La FSMA s’assure régulièrement que les opérateurs
de marché et les marchés réglementés respectent les
dispositions de la présente section et satisfont à tout
moment aux conditions imposées pour l’agrément initial.
§ 4. L’opérateur de marché a la responsabilité de
veiller à ce que le marché réglementé qu’il gère satis-
fasse aux exigences défi nies dans la présente section.
L’opérateur de marché est habilité à exercer les droits
correspondant au marché réglementé qu’il gère en vertu
de la présente loi.
§ 5. Sans préjudice des dispositions applicables du
Règlement 596/2014 et de la Directive 2014/57/UE, les
négociations effectuées sur un marché réglementé visé
par la présente section sont régies par le droit belge.
Art. 8
A moins que le ministre n’en décide autrement lors de
l’agrément du marché en qualité de marché réglementé
ou par un arrêté ultérieur, l’inscription d’instruments
fi nanciers à un marché réglementé belge vaut admission
à la cote officielle pour l’application des dispositions
législatives ou réglementaires qui y font référence. Le
cas échéant, la décision contraire du ministre est men-
tionnée dans la liste publiée conformément à l’article 9.
Art. 9
La liste des marchés réglementés belges agréés
en application de la présente loi et toute modifi cation
apportée à cette liste sont publiées au Moniteur belge
par les soins du ministre. Le ministre communique cette
liste à l’AEMF et aux autres États membres. Chaque
modifi cation donne lieu à une communication analogue.
La liste est publiée sur le site internet de la FSMA.
16
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Onderafdeling 3
Leiding en beheer van de marktexploitanten
Art. 10
§ 1. De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de
personen die instaan voor de effectieve leiding van de
marktexploitant en van de groep waarvan hij, in voor-
komend geval, deel uitmaakt, beschikken over de voor
de uitoefening van hun functie vereiste professionele
betrouwbaarheid en passende deskundigheid. De al-
gemene samenstelling van het wettelijk bestuursorgaan
en van de effectieve leiding weerspiegelt een voldoende
brede waaier van ervaring.
§ 2. De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de
personen die instaan voor de effectieve leiding van de
marktexploitant en van de groep waarvan hij, in voor-
komend geval, deel uitmaakt, voldoen in het bijzonder
aan de volgende eisen:
1° de betrokken personen besteden voldoende tijd
aan de vervulling van hun taken bij de marktexploitant.
Het aantal bestuursfuncties dat één van de betrokken
personen gelijktijdig in een juridische entiteit kan bekle-
den, is afhankelijk van de individuele omstandigheden
en de aard, de schaal en de complexiteit van de activi-
teiten van de marktexploitant.
Indien de marktexploitant signifi cant is wat zijn om-
vang, zijn interne organisatie en de aard, reikwijdte en
complexiteit van zijn werkzaamheden betreft, bekleden
de betrokken personen, behalve als zij een lidstaat ver-
tegenwoordigen, tegelijkertijd niet meer dan één van de
volgende combinaties:
a) een uitvoerende bestuursfunctie en twee niet-
uitvoerende bestuursfuncties;
b) vier niet-uitvoerende bestuursfuncties.
Uitvoerende of niet-uitvoerende bestuursfuncties
binnen dezelfde groep of in ondernemingen waarin de
marktexploitant een gekwalifi ceerde deelneming bezit,
worden als één enkele bestuursfunctie beschouwd.
De FSMA kan een persoon toestemming verlenen om
nog één bijkomende niet-uitvoerende bestuursfunctie
te bekleden. Zij brengt ESMA regelmatig op de hoogte
van dergelijke toestemmingen.
Sous-section 3
Direction et gestion des opérateurs de marché
Art. 10
§ 1er. Les personnes qui sont membres de l’organe
légal d’administration et celles qui assurent la direction
effective de l’opérateur de marché et du groupe dont il
fait, le cas échéant, partie disposent de l’honorabilité
professionnelle nécessaire et de l’expertise adéquate
à l’exercice de leur fonction. La composition globale de
l’organe légal d’administration et de la direction effective
refl ète un éventail suffisamment large d’expériences.
§ 2. Les membres de l’organe légal d’administra-
tion ainsi que les personnes en charge de la direction
effective de l’opérateur de marché et du groupe dont
il fait, le cas échéant, partie, satisfont notamment aux
exigences suivantes:
1° les personnes concernées consacrent un temps
suffisant à l’exercice de leurs fonctions au sein de l’opé-
rateur de marché. Le nombre de fonctions de direction
qui peuvent être exercées simultanément par une des
personnes concernées dans toute entité juridique tient
compte de la situation particulière ainsi que de la nature,
de l’étendue et de la complexité des activités de l’opé-
rateur de marché.
Au cas où l’opérateur de marché est important en
raison de sa taille, de son organisation interne, ainsi
que de la nature, de la portée et de la complexité de
ses activités, les personnes concernées, sauf si elles
représentent un État membre, n’exercent pas simulta-
nément plus de fonctions que dans l’une ou l’autre des
combinaisons suivantes:
a) une fonction de direction exécutive et deux fonc-
tions de direction non exécutives;
b) quatre fonctions de direction non exécutives.
Des fonctions de direction exécutive ou non exécutive
exercées au sein du même groupe ou d’entreprises
dans lesquelles l’opérateur de marché détient une par-
ticipation qualifi ée sont considérées comme une seule
fonction de direction.
La FSMA peut autoriser une personne à exercer
une fonction de direction non exécutive supplémen-
taire. La FSMA informe régulièrement l’AEMF de ces
autorisations.
17
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
De beperking van het aantal bestuursfuncties dat een
persoon kan bekleden, geldt niet voor de bestuursfunc-
ties in organisaties die niet hoofdzakelijk commerciële
doelstellingen nastreven.
De Koning kan, bij besluit genomen op advies van de
FSMA, verduidelijken wat onder “marktexploitanten die
signifi cant zijn qua omvang, hun interne organisatie en
de aard, reikwijdte en complexiteit van hun werkzaam-
heden” moet worden verstaan;
2° de betrokken personen beschikken over voldoende
kennis, vaardigheden en ervaring om inzicht te hebben
in de bedrijfsactiviteiten van de marktexploitant, met
inbegrip van de voornaamste risico’s;
3° de betrokken personen handelen eerlijk, integer
en met onafhankelijkheid van geest om, zo nodig, de
beslissingen van de algemene directie doeltreffend en
kritisch te beoordelen, en om doeltreffend toe te zien
en controle uit te oefenen op de genomen beslissingen.
§ 3. De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de
personen die instaan voor de effectieve leiding van de
marktexploitant moeten natuurlijke personen zijn.
§ 4. Marktexploitanten wijden voldoende personele
en fi nanciële middelen aan de introductie en opleiding
van leden van de leden van het wettelijk bestuursorgaan
en de personen die instaan voor de effectieve leiding.
Art. 11
§ 1. Marktexploitanten brengen de FSMA vooraf op
de hoogte van het voorstel tot benoeming van de leden
van het wettelijk bestuursorgaan en van de personen
belast met de effectieve leiding van de marktexploitant
en van de groep waarvan hij in voorkomend geval
deel uitmaakt.
Het eerste lid is eveneens van toepassing op het
voorstel tot hernieuwing van de benoeming van de
in het eerste lid bedoelde personen, evenals op de
niet-hernieuwing van hun benoeming, hun afzetting of
hun ontslag.
De benoeming van de in het eerste lid bedoelde
personen wordt vooraf ter goedkeuring voorgelegd
aan de FSMA.
Marktexploitanten informeren de FSMA over de
eventuele taakverdeling tussen de leden van het wet-
telijk bestuursorgaan en de personen belast met de
La limitation du nombre de fonctions de direction exer-
cées par une personne ne s’applique pas aux fonctions
de direction au sein d’organisations qui ne poursuivent
pas d’objectifs principalement commerciaux.
Par arrêté pris sur avis de la FSMA, le Roi peut
préciser ce qu’il y a lieu d’entendre par “opérateurs de
marché importants en raison de leur taille et de leur
organisation interne ainsi que de la nature, la portée et
de la complexité de leurs activités”;
2° les personnes concernées possèdent collective-
ment les connaissances, les compétences et l’expé-
rience leur permettant de comprendre les activités de
l’opérateur de marché, y compris des principaux risques;
3° les personnes concernées agissent avec honnê-
teté, intégrité et indépendance d’esprit afi n d’évaluer de
manière efficace et critique, si nécessaire, les décisions
de la direction générale et de superviser et suivre effi-
cacement les décisions prises.
§ 3. Les membres de l’organe légal d’administration
et les personnes en charge de la direction effective
de l’opérateur de marché doivent être des personnes
physiques.
§ 4. Les opérateurs de marché consacrent des
ressources humaines et fi nancières adéquates à l’ini-
tiation et à la formation des membres de l’organe légal
d’administration ainsi que les personnes en charge de
la direction effective.
Art. 11
§ 1er. Les opérateurs de marché informent préa-
lablement la FSMA de la proposition de nomination
des membres de l’organe légal d’administration et
des personnes chargées de la direction effective de
l’opérateur de marché et du groupe dont il fait, le cas
échéant, partie.
L’alinéa 1er est également applicable à la proposition
de renouvellement de la nomination des personnes qui
y sont visées ainsi qu’au non-renouvellement de leur
nomination, à leur révocation ou à leur démission.
La nomination des personnes visées à l’alinéa 1er est
soumise à l’approbation préalable de la FSMA.
Les opérateurs de marché informent la FSMA de la
répartition éventuelle des tâches entre les membres
de l’organe légal d’administration et les personnes
18
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
effectieve leiding van de marktexploitant of van de groep
waarvan zij in voorkomend geval deel uitmaakt, en over
de belangrijke wijzigingen in deze taakverdeling.
§ 2. Marktexploitanten delen aan de FSMA alle
documenten en informatie mee die haar toelaten te
beoordelen of zij voldoen aan de voorwaarden van de
artikelen 10 en 14.
§ 3. De marktoperatoren en de in paragraaf 1, eerste
lid, bedoelde personen brengen de FSMA onverwijld op
de hoogte van elk feit of element dat een wijziging in de
bij de benoeming verstrekte informatie inhoudt, en dat
een invloed kan hebben op de voor de uitoefening van
de betrokken functie vereiste professionele betrouw-
baarheid en deskundigheid.
Overeenkomstig artikel 7, § 3, tweede lid, artikel 10,
§ 1, en artikel 72 kan de FSMA, wanneer zij in het kader
van de uitvoering van haar toezichtsopdracht op de
hoogte is van een dergelijk feit of element, dat al dan
niet met toepassing van het eerste lid is verkregen, de
naleving van de in artikel 10, § 1, bedoelde vereisten
herbeoordelen.
Art. 12
Het wettelijk bestuursorgaan van een marktexploitant
stelt governanceregelingen op en houdt toezicht op
de uitvoering ervan; deze regelingen garanderen een
doeltreffend en voorzichtig bestuur van de organisatie
en voorzien onder meer in een scheiding van taken
binnen de organisatie en in de voorkoming van belan-
genconfl icten, en dit op een wijze die de integriteit van
de markt bevordert.
Het wettelijk bestuursorgaan monitort de doeltref-
fendheid van de governanceregelingen van de markt-
exploitant en beoordeelt ze periodiek, en onderneemt
passende stappen om eventuele tekortkomingen aan
te pakken.
Leden van het wettelijk bestuursorgaan hebben pas-
sende toegang tot alle informatie en documenten die
nodig zijn om de besluitvorming van het management
te controleren en te monitoren.
Art. 13
De minister verleent geen vergunning aan de geregle-
menteerde markt indien de FSMA er niet van overtuigd
is dat de leden van het wettelijk bestuursorgaan en de
personen die instaan voor de effectieve leiding van de
chargées de la direction effective de l’opérateur de mar-
ché ou du groupe dont elle fait, le cas échéant, partie,
ainsi que des modifi cations importantes intervenues
dans cette répartition des tâches.
§ 2. Les opérateurs de marché communiquent à la
FSMA tous les documents et informations lui permet-
trant d’apprécier si l’opérateur de marché satisfait aux
conditions des articles 10 et 14.
§ 3. Les opérateurs de marché ainsi que les per-
sonnes visées au paragraphe 1er, alinéa 1er informent la
FSMA sans délai de tout fait ou élément qui implique une
modifi cation des informations fournies lors de la nomi-
nation et qui peut avoir une incidence sur l’honorabilité
professionnelle et l’expertise nécessaire à l’exercice de
la fonction concernée.
Conformément à l’article 7, § 3, alinéa 2, l’article 10,
§ 1er et l’article 72, lorsque la FSMA, dans le cadre de
l’exercice de sa mission de contrôle, a connaissance
d’un tel fait ou élément, obtenu ou non en application
de l’alinéa 1er, elle peut effectuer une réévaluation du
respect des exigences visées à l’article 10, § 1er.
Art. 12
L’organe légal d’administration d’un opérateur de
marché défi nit et supervise la mise en oeuvre d’un
dispositif de gouvernance qui garantit une gestion
efficace et prudente de l’organisation, et notamment
la ségrégation des tâches au sein de l’organisation
et la prévention des confl its d’intérêts, de manière à
promouvoir l’intégrité du marché.
L’organe légal d’administration contrôle le dispositif
de gouvernance de l’opérateur de marché, évalue
périodiquement son efficacité et prend les mesures
appropriées pour remédier à toute lacune.
Les membres de l’organe légal d’administration
disposent d’un accès adéquat aux informations et
documents nécessaires pour superviser et suivre les
décisions prises en matière de gestion.
Art. 13
L’agrément n’est pas accordé au marché réglementé
par le ministre si la FSMA n’est pas convaincue que
les membres de l’organe légal d’administration ainsi
que les personnes en charge de la direction effective
19
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
marktexploitant blijk geven van de voor de uitoefening
van hun functie vereiste professionele betrouwbaarheid
en passende deskundigheid, en voldoende tijd besteden
aan de vervulling van hun taken. Datzelfde geldt ook
indien er objectieve en aantoonbare redenen zijn om
aan te nemen dat de samenstelling van het wettelijk
bestuursorgaan en van de effectieve leiding van de
marktexploitant een bedreiging kan vormen voor de
efficiënte, gezonde en prudente bedrijfsvoering ervan
en voor een passende inaanmerkingneming van de
marktintegriteit.
Bij de vergunningverlening aan een gereglementeer-
de markt, wordt de persoon of worden de personen die
feitelijk het bedrijf en de werkzaamheden leiden van een
gereglementeerde markt waaraan reeds een vergunning
is verleend overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU, geacht
aan de vereisten van artikel 10, § 1, te voldoen.
Onderafdeling 4
Benoemingscomité van de marktexploitant
Art. 14
§ 1. Marktexploitanten die signifi cant zijn wat hun
omvang, hun interne organisatie en de aard, reikwijdte
en complexiteit van hun werkzaamheden betreft, stellen
een benoemingscomité in dat is samengesteld uit leden
van het wettelijk bestuursorgaan die geen uitvoerende
functie bekleden bij de betrokken marktexploitant.
De Koning kan, bij besluit genomen op advies van de
FSMA, verduidelijken wat onder “marktexploitanten die
signifi cant zijn qua omvang, hun interne organisatie en
de aard, reikwijdte en complexiteit van hun werkzaam-
heden” moet worden verstaan.
Het benoemingscomité:
1° wijst en beveelt, voor goedkeuring door de al-
gemene vergadering of, in voorkomend geval, door
het wettelijk bestuursorgaan, kandidaten aan voor het
vervullen van vacatures in het wettelijk bestuursorgaan.
Het benoemingscomité gaat daarbij na hoe de kennis,
vaardigheden, diversiteit en ervaring in het wettelijk be-
stuursorgaan zijn verdeeld. Bovendien geeft het comité
een beschrijving van de taken en bekwaamheden die
voor een bepaalde benoeming vereist zijn, en beoordeelt
het hoeveel tijd er aan de functie moet worden besteed.
Verder stelt het benoemingscomité een streef-
cijfer vast voor de vertegenwoordiging van het
de l’opérateur de marché jouissent de l’honorabilité
professionnelle nécessaire et de l’expertise adéquate
à l’exercice de leur fonction et y consacrent un temps
suffisant. Il en est de même s’il existe des raisons objec-
tives et démontrables d’estimer que la composition de
l’organe légal d’administration et de la direction effective
de l’opérateur de marché risquerait de compromettre
la gestion efficace, saine et prudente de celui-ci et la
prise en compte appropriée de l’intégrité du marché.
Lors du processus d’agrément d’un marché
réglementé, la personne ou les personnes dirigeant
effectivement les activités et l’exploitation d’un marché
réglementé déjà muni d’un agrément conformément à
la Directive 2014/65/UE sont réputées satisfaire aux
exigences prévues à l’article 10, § 1er.
Sous-section 4
Comité de nomination de l’opérateur de marché
Art. 14
§ 1er. Les opérateurs de marché ayant une importance
signifi cative en raison de leur taille et de leur organisa-
tion interne ainsi que de la nature, de l’échelle et de
la complexité de leurs activités instituent un comité de
nomination composé de membres de l’organe légal
d’administration n’exerçant aucune fonction exécutive
au sein de l’opérateur de marché concerné.
Par arrêté pris sur avis de la FSMA, le Roi peut
préciser ce qu’il y a lieu d’entendre par “opérateurs de
marché ayant une importance signifi cative en raison
de leur taille et de leur organisation interne ainsi que
de la nature, de l’échelle et de la complexité de leurs
activités”.
Le comité de nomination:
1° identifi e et recommande, pour l’approbation par
l’assemblée générale ou, le cas échéant, par l’organe
légal d’administration, des candidats aptes à occuper
les sièges vacants au sein de l’organe légal d’adminis-
tration. À cette fi n, le comité de nomination évalue l’équi-
libre de connaissances, de compétences, de diversité et
d’expérience au sein de l’organe légal d’administration.
En outre, le comité élabore une description des missions
et des qualifi cations liées à une nomination donnée et
évalue le temps à consacrer à ces fonctions.
Le comité de nomination fi xe également un objectif à
atteindre en ce qui concerne la représentation du sexe
20
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
ondervertegenwoordigde geslacht in het wettelijk be-
stuursorgaan en stippelt het een beleid uit om het aantal
vertegenwoordigers van het ondervertegenwoordigde
geslacht in het wettelijk bestuursorgaan te vergroten en
op die manier het streefcijfer te halen;
2° evalueert periodiek, en minimaal jaarlijks, de
structuur, omvang, samenstelling en prestaties van het
wettelijk bestuursorgaan en doet aanbevelingen aan het
wettelijk bestuursorgaan met betrekking tot eventuele
wijzigingen;
3° beoordeelt periodiek, en minimaal jaarlijks, de ken-
nis, vaardigheden en ervaring van de individuele leden
van het wettelijk bestuursorgaan en van het wettelijk
bestuursorgaan als geheel, en informeert het wettelijk
bestuursorgaan dienovereenkomstig;
4° evalueert periodiek het beleid van het wettelijk
bestuursorgaan voor de selectie en benoeming van de
uitvoerende leden van dat wettelijk bestuursorgaan, en
doet aanbevelingen aan het wettelijk bestuursorgaan.
Bij de vervulling van zijn taken ziet het benoemingsco-
mité er, voor zover mogelijk en op permanente basis, op
toe dat één persoon of een kleine groep van personen
de besluitvorming van het wettelijk bestuursorgaan niet
domineren op een wijze die de belangen van de markt-
deelnemer in zijn geheel schade berokkent.
Bij de uitvoering van zijn taken is het benoemingsco-
mité in staat gebruik te maken van alle soorten hulpmid-
delen die het geschikt acht, waaronder het inwinnen
van extern advies.
De FSMA kan aan marktexploitanten die dochter-
ondernemingen of kleindochterondernemingen van
een andere marktexploitant zijn, geheel of gedeeltelijk
afwijking verlenen op de bepalingen van deze paragraaf
en specifi eke voorwaarden verbinden aan de verlening
van die afwijkingen, voor zover binnen de betrokken
groepen of subgroepen een benoemingscomité is op-
gericht in de zin van dit artikel, dat bevoegd is voor de
betrokken marktexploitant en voldoet aan de bepalingen
van deze wet.
§ 2. Marktexploitanten en hun respectieve benoe-
mingscomités zorgen voor een breed scala van ken-
merken en vaardigheden bij de werving van leden voor
het wettelijk bestuursorgaan en voeren derhalve een
beleid ter bevordering van diversiteit binnen het wettelijk
bestuursorgaan.
sous-représenté au sein de l’organe légal d’adminis-
tration et élabore une politique destinée à accroître le
nombre de représentants du sexe sous-représenté au
sein de l’organe légal d’administration afi n d’atteindre
cet objectif;
2° évalue périodiquement, et à tout le moins une
fois par an, la structure, la taille, la composition et les
performances de l’organe légal d’administration, et lui
soumet des recommandations en ce qui concerne des
changements éventuels;
3° évalue périodiquement, à tout le moins une fois
par an, les connaissances, les compétences et l’expé-
rience des membres de l’organe légal d’administration,
tant individuellement que collectivement, et en informe
l’organe légal d’administration;
4° examine périodiquement les politiques de l’organe
légal d’administration en matière de sélection et de
nomination des membres exécutifs de celui-ci et formule
des recommandations à l’intention de l’organe légal
d’administration.
Dans l’exercice de ses attributions, le comité de nomi-
nation tient compte, dans la mesure du possible et en
permanence, de la nécessité de veiller à ce que la prise
de décision au sein de l’organe légal d’administration ne
soit pas dominée par une personne ou un petit groupe
de personnes, d’une manière qui soit préjudiciable aux
intérêts de l’opérateur de marché dans son ensemble.
Dans l’exercice de ses fonctions, le comité de nomi-
nation peut utiliser toutes les formes de ressources qu’il
juge appropriées, y compris des conseils extérieurs.
La FSMA peut, à l’égard des opérateurs de marché
qui sont fi liales ou sous-fi liales d’un autre opérateur de
marché, accorder, en tout ou en partie, des dérogations
aux dispositions du présent paragraphe et fi xer des
conditions spécifi ques à l’octroi de ces dérogations,
pour autant qu’ait été constitué au sein des groupes ou
sous-groupes concernés un comité de nomination au
sens du présent article et dont les attributions s’étendent
à l’opérateur de marché concerné, et répondant aux
exigences de la présente loi.
§ 2. Les opérateurs de marché et leur comité de
nomination font appel à un large éventail de qualités
et de compétences lors du recrutement des membres
de l’organe légal d’administration et mettent en place
à cet effet une politique favorisant la diversité au sein
de celui-ci.
21
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Onderafdeling 5
Rechtsvorm en maatschappelijk doel van de
marktexploitant
Art. 15
De marktexploitant moet zijn opgericht onder de vorm
van een handelsvennootschap.
Art. 16
Het maatschappelijk doel van de marktexploitant
moet beperkt blijven tot de organisatie van één of meer
handelsplatformen en, in voorkomend geval, tot activi-
teiten die de belangen van de beleggers of de goede
werking, de integriteit of de transparantie van de door
de marktexploitant geëxploiteerde systemen niet kun-
nen schaden.
Art. 17
De structuur van de groep waarvan de marktexploi-
tant in voorkomend geval deel uitmaakt, mag de uitoe-
fening van het toezicht door de FSMA niet belemmeren.
Art. 18
De rekeningen van de marktexploitant moeten wor-
den gecontroleerd door één of meer bedrijfsrevisoren
die zijn ingeschreven op de lijst van de door de FSMA
erkende revisoren.
Onderafdeling 6
Aandeelhoudersschap van de marktexploitant
Art. 19
§ 1. Natuurlijke of rechtspersonen die, rechtstreeks of
onrechtstreeks, ten minste tien procent van het kapitaal
of van de stemrechten van de marktexploitant bezit-
ten, hebben de nodige kwaliteiten om een gezond en
voorzichtig beleid van de onderneming te waarborgen.
§ 2. De marktexploitant dient:
1° informatie te verstrekken aan de FSMA en open-
baar te maken betreffende de eigendomsstructuur van
de marktexploitant, en meer bepaald over de identiteit
en de omvang van de belangen van partijen die, recht-
streeks of onrechtstreeks, ten minste tien procent van
haar kapitaal of stemrechten bezitten of die in een positie
Sous-section 5
Forme et objet social de l’opérateur
de marché
Art. 15
L’opérateur de marché doit être constitué sous la
forme d’une société commerciale.
Art. 16
L’objet social de l’opérateur de marché doit être limité
à l’organisation d’une ou plusieurs plateformes de négo-
ciation et, le cas échéant, à des activités qui ne sont pas
susceptibles de nuire aux intérêts des investisseurs ou
au bon fonctionnement, à l’intégrité ou à la transparence
des systèmes exploités par l’opérateur de marché.
Art. 17
La structure du groupe dont l’opérateur de marché
fait, le cas échéant, partie ne peut pas entraver l’exer-
cice du contrôle par la FSMA.
Art. 18
Le contrôle des comptes de l’opérateur de mar-
ché doit être assuré par un ou plusieurs réviseurs
d’entreprises inscrits sur la liste des réviseurs agréés
par la FSMA.
Sous-section 6
Actionnariat de l’opérateur de marché
Art. 19
§ 1er. Les personnes physiques ou morales qui, direc-
tement ou indirectement, détiennent dix pour cent au
moins du capital de l’opérateur de marché ou des droits
de vote présentent les qualités nécessaires en vue de
garantir une gestion saine et prudente de l’entreprise.
§ 2. L’opérateur de marché doit:
1° fournir à la FSMA et rendre publiques des infor-
mations concernant les propriétaires de l’opérateur
de marché, notamment l’identité des personnes qui
détiennent, directement ou indirectement, dix pour cent
au moins de son capital ou de ses droits de vote ou qui
sont en mesure d’exercer une infl uence signifi cative sur
22
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
verkeren om invloed van betekenis op de bedrijfsvoering
van de gereglementeerde markt uit te oefenen; en
2° elke eigendomsoverdracht die aanleiding geeft tot
een wijziging in de kring van de personen die invloed van
betekenis op de exploitatie van de gereglementeerde
markt uitoefenen ter kennis te brengen van de FSMA
en openbaar te maken.
Art. 20
§ 1. Natuurlijke of rechtspersonen die voornemens
zijn effecten of deelbewijzen te verwerven van een
marktexploitant zodat zij, rechtstreeks of onrechtstreeks,
ten minste tien procent van zijn kapitaal of stemrechten
zouden bezitten, moeten de FSMA hiervan vooraf in
kennis stellen. Dit geldt eveneens wanneer natuurlijke
of rechtspersonen voornemens zijn hun participatie in
een dergelijke exploitant te verhogen zodat het gedeelte
van het kapitaal of van de stemrechten dat zij zouden
bezitten, tien procent of elk veelvoud van vijf procent
zou bereiken of overschrijden.
De stemrechten worden berekend conform de bepa-
lingen van de wet van 2 mei 2007 op de openbaarma-
king van belangrijke deelnemingen, alsook conform de
bepalingen van haar uitvoeringsbesluiten.
§ 2. Binnen een termijn van dertig dagen vanaf de
ontvangst van de kennisgeving bedoeld in paragraaf
1, eerste lid, kan de FSMA zich verzetten tegen de
verwezenlijking van de verwerving indien zij redenen
heeft om aan te nemen dat de betrokken persoon of,
in voorkomend geval, personen die zich in één van de
in artikel 9 van de voornoemde wet van 2 mei 2007 be-
doelde situaties bevinden niet de nodige kwaliteiten
bezitten voor een gezond en voorzichtig beleid van de
betrokken marktexploitant. Bij gebrek aan verzet dient
de verwerving plaats te vinden binnen zes maanden
vanaf de kennisgeving bedoeld in paragraaf 1, eerste
lid; zoniet dient zij opnieuw te worden aangemeld bij de
FSMA overeenkomstig paragraaf 1 en kan deze er zich
tegen verzetten krachtens deze paragraaf.
§ 3. Indien een verwerving bedoeld in paragraaf
1 heeft plaatsgevonden zonder kennisgeving aan de
FSMA overeenkomstig dezelfde paragraaf of vooraleer
de FSMA zich heeft uitgesproken krachtens paragraaf
2 of, in voorkomend geval, vóór het verstrijken van de
termijn van dertig dagen bedoeld in dezelfde paragraaf,
kan de FSMA de uitoefening van de stemrechten
verbonden aan de aandelen of deelbewijzen van de
betrokken marktexploitant die aldus, rechtstreeks of
onrechtstreeks, onregelmatig zijn verworven, schorsen
tot de toestand is geregulariseerd.
la gestion du marché réglementé, ainsi que le montant
des intérêts détenus par ces personnes; et
2° signaler à la FSMA et rendre public tout transfert
de propriété entraînant un changement de l’identité
des personnes exerçant une infl uence signifi cative sur
l’exploitation du marché réglementé.
Art. 20
§ 1er. Toute personne physique ou morale qui envi-
sage d’acquérir des titres ou parts d’un opérateur de
marché en sorte qu’elle détiendrait, directement ou indi-
rectement, dix pour cent au moins de son capital ou des
droits de vote, doit en aviser préalablement la FSMA.
Il en est de même lorsqu’une personne physique ou
morale envisage d’accroître sa participation dans un tel
opérateur en sorte que la quotité du capital ou des droits
de vote qu’elle détiendrait devrait atteindre ou dépasser
dix pour cent ou tout multiple de cinq pour cent.
Le calcul des droits de vote s’établit conformément
aux dispositions de la loi du 2 mai 2007 relative à la
publicité des participations importantes, ainsi qu’à celles
de ses arrêtés d’exécution.
§ 2. La FSMA peut, dans un délai de trente jours à
dater de la réception de l’avis visé au paragraphe 1er,
alinéa 1er, s’opposer à la réalisation de l’acquisition si
elle a des raisons de considérer que la personne en
question ou, le cas échéant, des personnes se trouvant
dans l’une des situations visées à l’article 9 de la loi
du 2 mai 2007 précitée ne présentent pas les qualités
nécessaires en vue de garantir une gestion saine et
prudente de l’opérateur de marché en question. A
défaut d’opposition, l’acquisition doit avoir lieu dans les
six mois à dater de l’avis visé au paragraphe 1er, alinéa
1er; faute de quoi elle doit à nouveau être déclarée à la
FSMA conformément au paragraphe 1er et celle-ci peut
à nouveau s’y opposer en vertu du présent paragraphe.
§ 3. Lorsqu’une acquisition visée au paragraphe 1er a
eu lieu sans avoir été déclarée à la FSMA conformément
au même paragraphe ou avant que la FSMA ne se soit
prononcée en vertu du paragraphe 2 ou, le cas échéant,
avant l’expiration du délai de trente jours visé au même
paragraphe, la FSMA peut suspendre, jusqu’à régu-
larisation de la situation, l’exercice des droits de vote
attachés aux actions ou parts de l’opérateur de marché
en question qui ont ainsi été acquises irrégulièrement,
directement ou indirectement.
23
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Indien een verwerving bedoeld in paragraaf 1 heeft
plaatsgevonden niettegenstaande het verzet van de
FSMA krachtens paragraaf 2 of, in het algemeen, in-
dien de FSMA redenen heeft om aan te nemen dat de
invloed die wordt uitgeoefend door een natuurlijke of
rechtspersoon die, rechtstreeks of onrechtstreeks, ten
minste tien procent van het kapitaal of van de stem-
rechten van een marktexploitant bezit of, in voorkomend
geval, door personen die zich in één van de in artikel
9 van de voornoemde wet van 2 mei 2007 bedoelde
situaties bevinden, van die aard is dat zij het gezond
en voorzichtig beleid van deze onderneming in gevaar
brengt, kan de FSMA, onverminderd de in de artikelen
78 tot 88 bedoelde maatregelen:
1° de uitoefening schorsen van de stemrechten
verbonden aan de aandelen of deelbewijzen van deze
marktexploitant die rechtstreeks of onrechtstreeks door
de betrokken personen worden gehouden;
2° deze personen aanmanen alle of een deel van de
betrokken aandelen of deelbewijzen binnen de door haar
bepaalde termijn over te dragen aan andere personen
met wie zij geen nauwe banden hebben.
Bij gebrek aan overdracht binnen de termijn bedoeld
in het tweede lid, 2°, kan de FSMA bevelen de betrok-
ken aandelen of deelbewijzen te sekwestreren. In dit
geval is artikel 32, tweede en derde lid, van de wet van
25 oktober 2016 betreffende de toegang tot het beleg-
gingsdienstenbedrijf en betreffende het statuut van en
het toezicht op de vennootschappen voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies van toepassing.
Onderafdeling 7
Organisatorische vereisten van toepassing op de
marktexploitant en de gereglementeerde markt
Art. 21
De marktexploitant:
1° treft regelingen voor het duidelijk onderkennen
en beheren van potentiële negatieve gevolgen voor de
exploitatie van de gereglementeerde markt of voor de
leden of marktdeelnemers van elk confl ict tussen de
belangen van de gereglementeerde markt, de eigenaars
of de marktexploitant ervan, en de goede werking van
de gereglementeerde markt, in het bijzonder wanneer
dergelijke belangenconfl icten afbreuk kunnen doen
aan de vervulling van de in de artikelen 25 en 26 be-
doelde taken;
Lorsqu’une acquisition visée au paragraphe 1er a eu
lieu en dépit de l’opposition de la FSMA en vertu du
paragraphe 2 ou, de manière générale, lorsque la FSMA
a des raisons de considérer que l’infl uence exercée par
une personne physique ou morale qui, directement ou
indirectement, détient dix pour cent au moins du capital
ou des droits de vote d’un opérateur de marché ou,
le cas échéant, par des personnes se trouvant dans
l’une des situations visées à l’article 9 de la loi du
2 mai 2007 précitée est de nature à compromettre la
gestion saine et prudente de cette entreprise, la FSMA
peut, sans préjudice des autres mesures prévues par
les articles 78 à 88:
1° suspendre l’exercice des droits de vote attachés
aux actions ou parts dudit opérateur de marché déte-
nues directement ou indirectement par les personnes
en question;
2° enjoindre à ces personnes de céder, dans le délai
qu’elle fi xe, tout ou partie des actions ou parts en ques-
tion à d’autres personnes avec lesquelles elles n’ont
pas des liens étroits.
A défaut de cession dans le délai visé à l’alinéa 2, 2°,
la FSMA peut ordonner le séquestre des actions ou parts
en question. Dans ce cas, l’article 32, alinéas 2 et 3, de
la loi du 25 octobre 2016 relative à l’accès à l’activité
de prestation de services d’investissement et au statut
et au contrôle des sociétés de gestion de portefeuille et
de conseil en investissement est d’application.
Sous-section 7
Exigences organisationnelles applicables à l’opérateur de
marché et au marché réglementé
Art. 21
L’opérateur de marché:
1° prend des dispositions pour repérer clairement
et gérer les effets potentiellement dommageables,
pour le fonctionnement du marché réglementé ou pour
ses membres ou participants, de tout confl it d’intérêts
entre les exigences du bon fonctionnement du marché
réglementé et les intérêts du marché réglementé ou
ceux de ses propriétaires ou de l’opérateur de marché
qui l’organise, notamment dans le cas où un tel confl it
risque de compromettre l’exercice des fonctions visées
aux articles 25 et 26;
24
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2° is adequaat uitgerust voor het beheer van de ri-
sico’s waaraan hij blootgesteld is, voorziet in passende
regelingen en systemen om alle risico’s van betekenis
voor de exploitatie te onderkennen, en treft doeltreffende
maatregelen om deze risico’s te beperken;
3° treft regelingen die een gezond beheer van de
technische werking van de systemen garanderen en
neemt onder meer doeltreffende voorzorgsmaatregelen
om risico’s te ondervangen die verband houden met
systeemstoringen;
4° ziet erop toe dat de gereglementeerde markten
die hij exploiteert en/of beheert, transparante en niet-
discretionaire regels en procedures vaststellen die een
billijke en ordelijke handel garanderen, en objectieve cri-
teria vastleggen voor de efficiënte uitvoering van orders;
5° maakt, met het oog op de verrekening en veref-
fening van transacties in fi nanciële instrumenten, ge-
bruik van verrekenings- en vereffeningssystemen die
voldoende waarborgen bieden voor de bescherming
van de belangen van de deelnemers en van de beleg-
gers en voor de goede werking van de markt, en heeft
doeltreffende regelingen getroffen voor een efficiënte
en tijdige afhandeling van de volgens haar systemen
uitgevoerde transacties;
6° beschikt over voldoende fi nanciële middelen om
een ordelijke werking te bevorderen, gelet op de aard
en omvang van de op de markt uitgevoerde transacties
en het gamma en de graad van de risico’s waaraan hij
is blootgesteld, en de fi nanciële toestand van de groep
waarvan hij in voorkomend geval deel uitmaakt, moet
voldoende stevig zijn om geen risico’s op te leveren die
de belangen van de beleggers of de goede werking van
deze markten zouden kunnen schaden.
Om de naleving van de bepaling onder 6° te garan-
deren, kan de FSMA bij reglement:
1° de fi nanciële ratio’s bepalen die de marktexploitan-
ten op geconsolideerde en niet-geconsolideerde basis
moeten naleven;
2° de fi nanciële informatie bepalen die de marktex-
ploitanten haar op periodieke basis moeten meedelen.
De marktexploitant mag geen cliëntenorders uitvoe-
ren met eigen kapitaal, noch gebruik maken van mat-
ched principal trading op de gereglementeerde markt
die hij exploiteert en/of beheert.
2° est adéquatement équipé pour gérer les risques
auxquels il est exposé, il met en oeuvre des dispositifs
et des systèmes appropriés lui permettant d’identifi er
tous les risques signifi catifs pouvant compromettre son
bon fonctionnement et il instaure des mesures effectives
pour atténuer ces risques;
3° met en œuvre des dispositifs propres à garantir la
bonne gestion des opérations techniques des systèmes
et notamment des procédures d’urgence efficaces
pour faire face aux dysfonctionnements éventuels des
systèmes de négociation;
4° veille à ce que les marchés réglementés qu’il ex-
ploite et/ou gère adoptent des règles et des procédures
transparentes et non discrétionnaires assurant une
négociation équitable et ordonnée et fi xant des critères
objectifs en vue de l’exécution efficace des ordres;
5° utilise, en vue de la compensation et de la liqui-
dation des transactions sur instruments fi nanciers, des
systèmes de compensation et de liquidation qui offrent
des garanties suffisantes pour la protection des intérêts
des participants et des investisseurs et le bon fonction-
nement du marché, et met en oeuvre des mécanismes
adéquats visant à faciliter le dénouement efficace et en
temps voulu des transactions exécutées dans le cadre
de ses systèmes;
6° dispose de ressources fi nancières suffisantes
pour faciliter un fonctionnement ordonné, compte tenu
de la nature et de l’ampleur des transactions conclues
sur le marché ainsi que de l’éventail et du niveau des
risques auxquels il est exposé, et la situation fi nancière
du groupe dont il fait, le cas échéant, partie doit être
suffisamment solide pour ne pas présenter des risques
susceptibles de nuire aux intérêts des investisseurs ou
au bon fonctionnement de ces marchés.
En vue d’assurer le respect du présent point 6°, la
FSMA peut par règlement:
1° fi xer les ratios fi nanciers que les opérateurs de
marché doivent respecter sur base consolidée et sur
une base non consolidée;
2° définir les informations financières que les
opérateurs de marché sont tenus de communiquer
périodiquement.
Les opérateurs de marché ne peuvent pas exécuter
les ordres de clients en engageant leurs propres capi-
taux ou procéder à la négociation par appariement avec
interposition du compte propre sur le marché réglementé
qu’ils exploitent et/ou gèrent.
25
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 22
§ 1. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere-
glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert,
in doeltreffende systemen, procedures en regelingen
voorziet om te waarborgen dat zijn handelssystemen
weerbaar zijn, voldoende capaciteit hebben om volu-
mepieken in orders en orderberichten op te vangen, in
staat zijn een ordelijke handel onder zeer gespannen
marktomstandigheden te waarborgen, volledig zijn
getest om te garanderen dat aan deze voorwaarden
is voldaan, en onderworpen zijn aan doeltreffende
regelingen ter verzekering van de continuïteit van de
bedrijfsuitoefening om de continuïteit van de dienstver-
lening te verzekeren in geval van een storing van zijn
handelssystemen.
§ 2. De marktexploitant ziet erop toe dat de geregle-
menteerde markt die hij exploiteert en/of beheert:
1° geschreven overeenkomsten heeft gesloten met
alle kredietinstellingen en beleggingsondernemingen
die een market-making strategie uitvoeren op de gere-
glementeerde markt;
2° regelingen heeft getroffen om te waarborgen dat
een voldoende aantal kredietinstellingen en beleggings-
ondernemingen deelnemen aan deze overeenkomsten
die hen verplichten prijsopgaven op te geven tegen
concurrerende prijzen, met als gevolg dat de markt op
regelmatige en voorspelbare basis van liquiditeit wordt
voorzien, indien een dergelijke vereiste geschikt is voor
de aard en de omvang van de handel op de geregle-
menteerde markt in kwestie.
§ 3. De in paragraaf 2 bedoelde geschreven over-
eenkomst specifi ceert ten minste:
1° de verplichtingen van de kredietinstelling of de
beleggingsonderneming in verband met de liquiditeits-
verschaffing en, indien van toepassing, elke andere
verplichting die voortvloeit uit de deelname aan de in
paragraaf 2, 2°, bedoelde regeling;
2° eventuele prikkels in de vorm van kortingen of
andere prikkels die de gereglementeerde markt aan
een kredietinstelling of een beleggingsonderneming
biedt om de markt op regelmatige en voorspelbare ba-
sis van liquiditeit te voorzien en, indien van toepassing,
eventuele andere rechten die de kredietinstelling of de
beleggingsonderneming geniet ten gevolge van haar
deelname aan de in paragraaf 2, 2°, bedoelde regeling.
De marktexploitant controleert of en vergewist zich
ervan dat de kredietinstellingen of de beleggingson-
dernemingen zich conformeren aan de verplichtingen
Art. 22
§ 1er. L’opérateur de marché veille à ce que le mar-
ché réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose de
systèmes, de procédures et de mécanismes efficaces
pour garantir que ses systèmes de négociation sont
résilients, possèdent une capacité suffisante pour gérer
les volumes les plus élevés d’ordres et de messages,
sont en mesure d’assurer un processus de négociation
ordonné en période de graves tensions sur les marchés,
sont soumis à des tests exhaustifs afi n de confi rmer
que ces conditions sont réunies et sont régis par des
mécanismes de continuité des activités assurant le
maintien de ses services en cas de défaillance de ses
systèmes de négociation.
§ 2. L’opérateur de marché veille à ce que le marché
réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose:
1° d’accords écrits avec tous les établissements de
crédit et les entreprises d’investissement qui appliquent
une stratégie de tenue de marché sur le marché
réglementé;
2° de systèmes veillant à ce qu’un nombre suffisant
d’établissements de crédit et d’entreprises d’investis-
sement participent à ces accords, qui exigent d’eux
qu’ils affichent des cours fermes et compétitifs avec
pour résultat d’apporter de la liquidité au marché de
manière régulière et prévisible lorsque cette exigence
est adaptée à la nature et à la taille des négociations
sur ce marché réglementé.
§ 3. L’accord écrit visé au paragraphe 2 précise
au minimum:
1° les obligations de l’établissement de crédit ou
de l’entreprise d’investissement en matière d’apport
de liquidité et, le cas échéant, toute autre obligation
découlant de la participation au système visé au para-
graphe 2, 2°;
2° toute incitation sous forme de rabais ou sous une
autre forme proposée par le marché réglementé à un
établissement de crédit ou à une entreprise d’inves-
tissement afi n d’apporter de la liquidité au marché de
manière régulière et prévisible et, le cas échéant, tout
autre droit acquis par l’établissement de crédit ou l’en-
treprise d’investissement en raison de sa participation
au système visé au paragraphe 2, 2°.
L’opérateur de marché contrôle et s’assure que
l’établissement de crédit ou l’entreprise d’investisse-
ment se conforme aux exigences de ces accords écrits
26
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
vervat in de bindende schriftelijke overeenkomst. De
marktexploitant licht de FSMA in over de inhoud van
de bindende schriftelijke overeenkomst en verstrekt de
FSMA, op verzoek, alle informatie op basis waarvan zij
zich ervan kan vergewissen dat de in deze paragraaf
opgenomen vereisten door de gereglementeerde markt
worden nageleefd.
§ 4. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere-
glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert,
in doeltreffende systemen, procedures en regelingen
voorziet om orders af te wijzen die van tevoren vast-
gestelde volume- en prijsdrempels overschrijden of
duidelijk foutief zijn.
§ 5. De marktexploitant ziet erop toe dat de geregle-
menteerde markt die hij exploiteert en/of beheert, in
staat is de handel tijdelijk stil te leggen of te beperken,
als er op deze markt of op een aanverwante markt gedu-
rende een korte periode aanzienlijke koersbewegingen
in een fi nancieel instrument zijn, en dat de gereglemen-
teerde markt in staat is om in uitzonderlijke gevallen een
transactie te annuleren, te wijzigen of te corrigeren. De
marktexploitant zorgt ervoor dat de parameters om de
handel stil te leggen voldoende geijkt zijn om rekening
te kunnen houden met de liquiditeit van de verschillende
categorieën en subcategorieën van activa, de aard van
het marktmodel en de soorten gebruikers, en dat deze
parameters volstaan om aanzienlijke verstoringen van
de ordelijke werking van de markt te voorkomen.
De marktexploitant maakt de parameters om de han-
del stil te leggen en elke materiële wijziging in deze para-
meters op consistente en vergelijkbare wijze bekend aan
de FSMA. De FSMA maakt deze op haar beurt bekend
aan ESMA. Als een gereglementeerde markt die van
essentieel belang is voor de liquiditeit in het fi nanciële
instrument in kwestie, de handel stillegt in een lidstaat,
beschikt dit handelsplatform over de nodige systemen
en procedures om ervoor te zorgen dat het de bevoegde
autoriteiten op de hoogte zal stellen, om te komen tot
een gecoördineerde respons voor de hele markt en te
bepalen of het passend is de handel ook stil te leggen
op de andere platformen waar het fi nancieel instrument
wordt verhandeld, tot de handel op de oorspronkelijke
markt wordt hervat.
§ 6. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere-
glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert,
in doeltreffende systemen, procedures en regelin-
gen voorziet.
De marktexploitant eist van de leden van of deel-
nemers aan de gereglementeerde markt met name
dat zij algoritmen adequaat testen en omgevingen ter
beschikking stellen die deze tests vergemakkelijken,
contraignants. L’opérateur de marché informe la FSMA
du contenu de l’accord écrit contraignant et fournit, sur
demande de la FSMA, toute information complémen-
taire permettant à celle-ci de s’assurer que le marché
réglementé respecte le présent paragraphe.
§ 4. L’opérateur de marché veille à ce que le mar-
ché réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose de
systèmes, de procédures et de mécanismes efficaces
permettant de rejeter les ordres dépassant des seuils de
volume et de prix préalablement établis ou des ordres
manifestement erronés.
§ 5. L’opérateur de marché veille à ce que le marché
réglementé qu’il exploite et/ou gère soit en mesure de
suspendre ou de limiter la négociation en cas de fl uc-
tuation importante des prix d’un instrument fi nancier sur
ce marché ou sur un marché lié sur une courte période
et, dans des cas exceptionnels, d’annuler, de modifi er
ou de corriger une transaction. L’opérateur de marché
veille à ce que les paramètres de suspension de la
négociation soient judicieusement calibrés de façon à
tenir compte de la liquidité des différentes catégories
et sous-catégories d’actifs, de la nature du modèle de
marché et des catégories d’utilisateurs, et soient suf-
fi sants pour éviter des dysfonctionnements importants
dans le bon fonctionnement de la négociation.
L’opérateur de marché notifi e à la FSMA les para-
mètres de suspension de la négociation, ainsi que tout
changement notable apporté à ces paramètres, d’une
manière cohérente et autorisant les comparaisons. La
FSMA notifi e à son tour ceux-ci à l’AEMF. Lorsqu’un
marché réglementé, signifi catif en termes de liquidités
dans cet instrument fi nancier, suspend la négociation,
dans tout État membre, cette plateforme de négociation
dispose des systèmes et procédures nécessaires pour
veiller à ce qu’elle informe les autorités compétentes
afi n qu’elles coordonnent une réponse au niveau de
l’ensemble du marché et déterminent s’il convient de
suspendre la négociation sur d’autres plateformes sur
lesquelles l’instrument fi nancier est négocié jusqu’à la
reprise de la négociation sur le marché initial.
§ 6. L’opérateur de marché veille à ce que le mar-
ché réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose de
systèmes, de procédures et de mécanismes efficaces.
L’opérateur de marché exige notamment des
membres ou des participants du marché réglementé
qu’ils procèdent à des essais appropriés d’algorithmes
et mettent à disposition les environnements facilitant ces
27
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
om (a) te voorkomen dat systemen voor algoritmische
handel aanleiding kunnen geven of kunnen bijdragen
tot onordelijke handelsomstandigheden op de markt en
(b) alle onordelijke handelsomstandigheden op de markt
te beheren die door deze systemen voor algoritmische
handel ontstaan.
Daarbij wordt inzonderheid de invoering van syste-
men geëist om de verhouding tussen het aantal niet-
uitgevoerde orders en het aantal transacties dat door
een lid of een deelnemer in het handelssysteem kan
worden ingevoerd, te beperken, om in staat te zijn de
orderstroom af te remmen indien het risico bestaat dat
de systeemcapaciteit wordt bereikt, en om de minimale
verhandelingseenheid op de markt te beperken en te
handhaven.
§ 7. De marktexploitant ziet erop toe dat een gere-
glementeerde markt die directe elektronische toegang
toestaat, over doeltreffende systemen, procedures en
regelingen beschikt om te garanderen dat dergelijke
diensten alleen mogen worden verleend door leden of
deelnemers die een beleggingsonderneming zijn waar-
aan op grond van Richtlijn 2014/65/EU een vergunning
is verleend, of een kredietinstelling waaraan op grond
van Richtlijn 2013/36/EU een vergunning is verleend,
dat adequate criteria worden vastgesteld en toegepast
om de geschiktheid te bepalen van personen aan wie
dergelijke toegang mag worden geboden, en dat het
lid of de deelnemer, wat de voorschriften van Richtlijn
2014/65/EU betreft, verantwoordelijk blijft voor de orders
en de handelstransacties die met gebruikmaking van
deze dienst zijn uitgevoerd.
De marktexploitant ziet erop toe dat de gereglemen-
teerde markt die hij exploiteert en/of beheert, passende
normen inzake risicocontroles en -drempels voor de
handel via dergelijke toegang vaststelt en in staat is
orders of handelstransacties van een persoon die van
directe elektronische toegang gebruikmaakt, te onder-
scheiden van andere orders of handelstransacties van
het betrokken lid of de betrokken deelnemer en, indien
nodig, ook in staat is eerstgenoemde orders of handel-
stransacties afzonderlijk stop te zetten.
De marktexploitant ziet erop toe dat gereglementeer-
de markt die hij exploiteert en/of beheert, over regelin-
gen beschikt om de verlening van directe elektronische
toegang door een lid of deelnemer aan een cliënt op te
schorten of te beëindigen indien niet aan de vereisten
van deze paragraaf wordt voldaan
§ 8. De regels van de gereglementeerde markten
inzake colocatiediensten zijn transparant, billijk en
niet-discriminerend.
essais, (a) pour garantir que les systèmes de trading
algorithmique ne donnent pas naissance ou ne contri-
buent pas à des conditions de négociation de nature à
perturber le bon ordre du marché, et (b) pour gérer les
conditions de négociation de nature à perturber le bon
ordre du marché qui découlent de ces systèmes de
trading algorithmique.
Est notamment exigée la mise en place de sys-
tèmes permettant de limiter la proportion d’ordres non
exécutés par rapport aux transactions susceptibles
d’être introduites dans le système par un membre ou
un participant, de ralentir le fl ux d’ordres si le système
risque d’atteindre sa capacité maximale ainsi que de
limiter le pas minimal de cotation sur le marché et de
veiller à son respect.
§ 7. L’opérateur de marché veille à ce qu’un marché
réglementé offrant un accès électronique direct dis-
pose de systèmes, de procédures et de mécanismes
efficaces pour garantir que les membres ou participants
ne sont autorisés à fournir de tels services que s’ils ont
la qualité d’entreprise d’investissement agréée confor-
mément à la Directive 2014/65/UE ou d’établissement
de crédit agréé conformément à la Directive 2013/36/
UE, que des critères adéquats sont établis et appliqués
pour déterminer l’adéquation des personnes auxquelles
cet accès peut être accordé et que le membre ou par-
ticipant reste responsable des ordres et transactions
exécutés au moyen de ce service en ce qui concerne
les exigences de la Directive 2014/65/UE.
L’opérateur de marché veille à ce que le marché régle-
menté qu’il exploite et/ou gère établisse des normes
appropriées concernant les contrôles des risques et les
seuils de risque applicables à la négociation par l’inter-
médiaire d’un tel accès et est en mesure de distinguer
les ordres ou transactions exécutés par une personne
utilisant l’accès électronique direct des autres ordres ou
transactions exécutés par le membre ou le participant
et, si nécessaire, de les bloquer.
L’opérateur de marché veille à ce que le marché
réglementé qu’il exploite et/ou gère dispose de méca-
nismes permettant de suspendre ou de mettre fi n à
l’accès électronique direct accordé à un client par un
membre ou un participant en cas de non-respect du
présent paragraphe.
§ 8. Les règles des marchés réglementés en matière
de services de colocalisation sont transparentes, équi-
tables et non discriminatoires.
28
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 9. De marktexploitant ziet erop toe dat de vergoe-
dingsstructuren van de gereglementeerde markt die
hij exploiteert en/of beheert, inclusief uitvoeringsver-
goedingen, nevenvergoedingen en eventuele kortin-
gen, transparant, billijk en niet-discriminerend zijn en
geen stimulansen inhouden om orders te plaatsen, te
wijzigen of te annuleren om transacties uit te voeren
op een manier die bijdraagt tot onordelijke handels-
omstandigheden op de markt of marktmisbruik. De
gereglementeerde markten schrijven in het bijzonder
voor dat een gereglementeerde markt market-making
verplichtingen oplegt voor afzonderlijke aandelen of een
geschikte mand van aandelen, in ruil voor eventueel
toegestane kortingen.
Gereglementeerde markten kunnen hun vergoe-
dingen voor geannuleerde orders aanpassen aan de
tijdspanne waarin het order gold, en hun vergoedingen
aanpassen aan elk fi nancieel instrument waarvoor
zij gelden.
Gereglementeerde markten kunnen hogere vergoe-
dingen opleggen voor het plaatsen van een order dat
naderhand wordt geannuleerd, dan voor een order dat
wordt uitgevoerd, en een hogere vergoeding opleggen
aan deelnemers met een hoge verhouding van geannu-
leerde orders tot uitgevoerde orders en aan deelnemers
die een hoogfrequentie algoritmische handelstechniek
aanwenden, om de extra belasting van de systeemca-
paciteit te weerspiegelen.
§ 10. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere-
glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert,
door middel van markeringen van leden of deelnemers
kan aangeven welke orders het resultaat zijn van al-
goritmische handel, welke verschillende algoritmen
voor de totstandkoming van de orders zijn gebruikt en
welke personen de orders hebben geïnitieerd. Deze
informatie wordt desgevraagd ter beschikking gesteld
van de FSMA.
§ 11. De marktexploitant stelt de FSMA op verzoek
gegevens over het orderboek van de gereglementeerde
markt ter beschikking of verleent de FSMA toegang
tot het orderboek, zodat zij in staat is de handel te
monitoren.
Art. 23
§ 1. De marktexploitant ziet erop toe dat de gere-
glementeerde markt die hij exploiteert en/of beheert,
regelingen vaststelt met betrekking tot de verhandelings-
eenheden voor aandelen, depositary receipts, beursver-
handelde fondsen, certifi caten en andere soortgelijke
fi nanciële instrumenten, alsook met betrekking tot alle
§ 9. L’opérateur de marché veille à ce que les struc-
tures tarifaires du marché réglementé qu’il exploite et/ou
gère, y compris les frais d’exécution, les commissions
pour services auxiliaires et les rabais éventuels sont
transparents, équitables et non discriminatoires et ne
créent pas d’incitants à passer, modifi er ou annuler des
ordres pour exécuter des transactions d’une façon qui
contribue à des conditions de négociation de nature à
perturber le bon ordre du marché ou à conduire à des
abus de marché. En particulier, les marchés réglemen-
tés imposent au marché des obligations de tenue de
marché sur les actions individuelles ou sur un panier
adapté d’actions en échange de tout rabais octroyé.
Les marchés réglementés peuvent adapter leurs
tarifs pour les ordres annulés en fonction de la durée
pendant laquelle l’ordre a été maintenu et calibrer les
tarifs en fonction de chaque instrument fi nancier auquel
ils s’appliquent.
Les marchés réglementés peuvent imposer des tarifs
plus élevés pour passer un ordre qui est ensuite annulé
plutôt qu’un ordre qui est exécuté et imposer des tarifs
plus élevés aux participants qui passent une proportion
élevée d’ordres annulés par rapport aux ordres exécutés
et à ceux qui appliquent une technique de trading algo-
rithmique à haute fréquence, afi n de refl éter la charge
supplémentaire que cela représente sur la capacité
du système.
§ 10. L’opérateur de marché veille à ce que le mar-
ché réglementé qu’il exploite et/ou gère soit en mesure
d’identifi er, au moyen d’un marquage effectué par les
membres ou participants, les ordres générés par le
trading algorithmique, les différents algorithmes utilisés
pour la création d’ordres et les personnes pertinentes
initiant ces ordres. Ces informations sont mises à la
disposition de la FSMA sur demande.
§ 11. L’opérateur de marché met à la disposition de
la FSMA, à la demande de cette dernière, les données
relatives au carnet d’ordres du marché réglementé, ou
permet à la FSMA d’accéder au carnet d’ordres afi n
que celle-ci puisse suivre les transactions.
Art. 23
§ 1er. L’opérateur de marché veille à ce que le mar-
ché réglementé qu’il exploite et/ou gère adopte des
régimes de pas de cotation en actions, en certifi cats
représentatifs, en fonds cotés, en certifi cats préféren-
tiels et autres instruments fi nanciers similaires ainsi
qu’en tout autre instrument fi nancier pour lequel sont
29
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
andere fi nanciële instrumenten waarvoor overeenkom-
stig artikel 49, leden 3 en 4, van Richtlijn 2014/65/EU
technische reguleringsnormen worden ontwikkeld.
§ 2. De in paragraaf 1 bedoelde regelingen met be-
trekking tot verhandelingseenheden:
1° worden zo ingedeeld dat zij het liquiditeitsprofi el
van het bewuste fi nanciële instrument op verschillende
markten en op de gemiddelde bid-ask spread weerge-
ven, waarbij rekening wordt gehouden met de wenselijk-
heid van redelijk stabiele prijzen en waarbij de verdere
verkleining van de spreads niet nodeloos wordt beperkt;
2° zijn zo opgezet dat de omvang van de verhande-
lingseenheid aan elk fi nancieel instrument is aangepast.
Art. 24
Marktexploitanten zien erop toe dat de gereglemen-
teerde markten die zij beheren en/of exploiteren, en hun
leden of deelnemers de beursklokken synchroniseren
die zij hanteren om de datum en tijd van aan te melden
verrichtingen te registreren.
Onderafdeling 8
Toelating, opschorting en uitsluiting van fi nanciële
instrumenten
Art. 25
§ 1. Op advies van de FSMA en na raadpleging van de
marktexploitanten bedoeld in artikel 7, kan de Koning de
minimumvoorwaarden bepalen voor de toelating van de
verschillende categorieën van fi nanciële instrumenten
tot de verhandeling op de gereglementeerde markten.
Hij kan de marktexploitanten toelaten om af te wijken
van de toelatingsvoorwaarden die Hij aangeeft, voor
zover dergelijke afwijkingen algemeen gelden voor
alle emittenten die zich in gelijkaardige omstandighe-
den bevinden.
§ 2. Onverminderd de bevoegdheid van de FSMA
om het toelatingsprospectus goed te keuren krachtens
de wet van 16 juni 2006 op de openbare aanbieding
van beleggingsinstrumenten en de toelating van beleg-
gingsinstrumenten tot de verhandeling op een geregle-
menteerde markt wordt over de toelating van fi nanciële
instrumenten tot de verhandeling op een Belgische gere-
glementeerde markt beslist door de marktexploitant die
deze markt organiseert. In de gevallen waarin Richtlijn
élaborées des normes techniques de réglementation,
conformément à l’article 49, paragraphes 3 et 4, de la
Directive 2014/65/UE.
§ 2. Les régimes de pas de cotation visés au para-
graphe 1er:
1° sont calibrés pour refl éter le profi l de liquidité de
l’instrument fi nancier sur différents marchés et l’écart
moyen entre les cours vendeur et acheteur, en tenant
compte de l’intérêt de veiller à avoir des prix relativement
stables sans limiter de manière excessive la réduction
progressive des écarts;
2° adaptent le pas de cotation à chaque instrument
fi nancier selon les besoins.
Art. 24
Les opérateurs de marché veillent à ce que les
marchés règlementés qu’ils gèrent et/ou exploitent
ainsi que leurs membres ou leurs participants syn-
chronisent les horloges professionnelles utilisées pour
enregistrer la date et l’heure de tout événement méritant
d’être signalé.
Sous-section 8
Admission, suspension et retrait d’instruments
fi nanciers
Art. 25
§ 1er. Le Roi, sur avis de la FSMA et après consultation
des opérateurs de marché visés à l’article 7, peut défi nir
les conditions minimales d’admission des différentes
catégories d’instruments fi nanciers aux négociations
sur les marchés réglementés.
Il peut autoriser les opérateurs de marché à déroger
aux conditions d’admission qu’Il spécifi e pour autant
que de telles dérogations soient d’application générale
pour tous les émetteurs qui se trouvent dans des cir-
constances analogues.
§ 2. Sans préjudice du pouvoir de la FSMA d’approu-
ver le prospectus d’admission en vertu de la loi du
16 juin 2006 relative aux offres publiques d’instruments
de placement et aux admissions d’instruments de
placement à la négociation sur un marché réglementé,
l’admission d’instruments fi nanciers aux négociations
sur un marché réglementé belge est décidée par l’opé-
rateur de marché qui organise ce marché. Dans les cas
où la Directive 2001/34/CE s’applique, l’opérateur de
30
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2001/34/EG van toepassing is, is de marktexploitant de
bevoegde autoriteit als bedoeld in artikel 11, lid 1, van
dezelfde richtlijn. De FSMA kan zich tegen de toelating
van een fi nancieel instrument verzetten indien de situ-
atie van de uitgevende instelling, naar haar oordeel,
zodanig is dat toelating in strijd zou zijn met het belang
van de beleggers.
Een tot de handel op een gereglementeerde markt
toegelaten effect kan vervolgens tot de handel op an-
dere gereglementeerde markten worden toegelaten,
zelfs zonder de toestemming van de emittent, mits de
toepasselijke bepalingen van Richtlijn 2003/71/EG wor-
den nageleefd. De uitgevende instelling wordt door de
betrokken andere gereglementeerde markten in kennis
gesteld van het feit dat het effect op die gereglemen-
teerde markten wordt verhandeld. De uitgevende instel-
ling is geenszins verplicht de krachtens artikel 30, § 3, te
verstrekken informatie rechtstreeks mede te delen aan
een gereglementeerde markt die haar effecten zonder
haar toestemming tot de handel heeft toegelaten.
De marktexploitant kan voor de toelating van een
fi nancieel instrument elke bijzondere voorwaarde stellen
die hij aangewezen acht voor de bescherming van de
belangen van de beleggers, en waarvan hij de emittent
van dit instrument of de persoon die de toelating ervan
aanvraagt, naargelang van het geval, vooraf in kennis
heeft gesteld.
Art. 26
§ 1. Onverminderd het recht van de FSMA om de op-
schorting van de handel in een fi nancieel instrument te
eisen of de verhandeling van een fi nancieel instrument
te verbieden conform artikel 78, kan een marktexploitant:
1° een fi nancieel instrument uitsluiten van de handel
op een door hem georganiseerde Belgische geregle-
menteerde markt indien hij vaststelt dat, omwille van
bijzondere omstandigheden, een normale en regelma-
tige markt voor dit instrument niet langer kan worden
gehandhaafd;
2° de handel in een fi nancieel instrument dat tot de
handel op een door hem georganiseerde gereglemen-
teerde markt is toegelaten, opschorten of een dergelijk
fi nancieel instrument van de handel uitsluiten, wanneer
dat niet langer aan de regels van de gereglementeerde
markt voldoet, tenzij een dergelijke opschorting of uit-
sluiting de belangen van de beleggers of de ordelijke
werking van de markt aanzienlijk zou kunnen schaden;
3° op eigen initiatief of op verzoek van de emittent,
de verhandeling schorsen van een fi nancieel instrument
marché est l’autorité compétente visée à l’article 11,
paragraphe 1er, de la même directive. La FSMA peut
s’opposer à l’admission d’un instrument fi nancier si, à
son avis, la situation de l’émetteur est telle que l’admis-
sion serait contraire à l’intérêt des investisseurs.
Une valeur mobilière qui a été admise à la négo-
ciation sur un marché réglementé peut être admise
ultérieurement à la négociation sur d’autres marchés
réglementés, même sans le consentement de l’émet-
teur et dans le respect des dispositions pertinentes de
la Directive 2003/71/CE. Cet autre marché réglementé
informe l’émetteur que la valeur mobilière en question
y est négociée. Un émetteur n’est pas tenu de fournir
directement l’information exigée en vertu de l’article 30,
§ 3, à un marché réglementé qui a admis ses valeurs
mobilières à la négociation sans son consentement.
L’opérateur de marché peut subordonner l’admission
d’un instrument fi nancier à toute condition particulière
qu’il jugerait opportune pour la protection des intérêts
des investisseurs et qu’il aurait communiquée préala-
blement à l’émetteur de cet instrument ou à la personne
qui en demande l’admission, selon le cas.
Art. 26
§ 1er. Sans préjudice du droit de la FSMA d’exiger la
suspension ou d’interdire la négociation d’un instrument
fi nancier conformément à l’article 78, un opérateur de
marché peut:
1° retirer tout instrument fi nancier de la négocia-
tion sur le marché réglementé qu’il organise lorsqu’il
conclut qu’en raison de circonstances particulières, le
marché normal et régulier de cet instrument ne peut
plus être maintenu;
2° suspendre ou retirer de la négociation tout ins-
trument fi nancier admis à la négociation sur le marché
réglementé qu’il organise lorsque l’instrument n’obéit
plus aux règles du marché réglementé, sauf si une telle
suspension ou un tel retrait est susceptible de léser
d’une manière signifi cative les intérêts des investis-
seurs ou de compromettre le fonctionnement ordonné
du marché;
3° d’initiative ou à la demande de l’émetteur, sus-
pendre la négociation d’un instrument fi nancier admis
31
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
dat is toegelaten tot de verhandeling op een door hem
georganiseerde gereglementeerde markt, zo het risico
bestaat dat de goede werking van de markt voor dit
instrument tijdelijk niet is verzekerd, of om de bekend-
making van informatie betreffende dit instrument onder
behoorlijke omstandigheden toe te laten.
In de gevallen bedoeld in de bepalingen onder 1° en
2°, deelt hij dit vooraf mee aan de FSMA. De FSMA kan
zich, na overleg met hem, verzetten tegen deze opschor-
ting of uitsluiting, in het belang van de bescherming van
de beleggers, behoudens wanneer de opschorting of
de uitsluiting van een afgeleid instrument automatisch
voortvloeit uit de marktregels die de FSMA zelf met
toepassing van artikel 34 heeft goedgekeurd.
De marktexploitant moet de verhandeling schorsen
van een fi nancieel instrument dat is toegelaten tot de
verhandeling op een door hem georganiseerde geregle-
menteerde markt indien de FSMA, na overleg met hem,
hem erom verzoekt in het belang van de bescherming
van de beleggers.
§ 2. Een marktexploitant die de handel in een fi nan-
cieel instrument opschort of een fi nancieel instrument
van de handel uitsluit, doet hetzelfde met de in artikel 2,
1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde
derivaten die verband houden met dat fi nanciële in-
strument of daarnaar verwijzen indien dit noodzakelijk
is ter ondersteuning van de doelstellingen van de op-
schorting of uitsluiting van het onderliggende fi nanciële
instrument. De marktexploitant maakt deze beslissing
over de opschorting of uitsluiting van het fi nanciële in-
strument en van eventuele hiermee verband houdende
derivaten openbaar en stelt de FSMA in kennis van de
beslissingen in kwestie.
In het geval van een marktexploitant naar Belgisch
recht, schrijft de FSMA voor dat de andere gereglemen-
teerde markten, MTF’s, OTF’s en systematische inter-
naliseerders die onder haar bevoegdheid vallen en han-
delen in hetzelfde fi nanciële instrument of de in artikel 2,
1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde
derivaten die verband houden met dat fi nanciële instru-
ment of daarnaar verwijzen, eveneens de handel in dat
fi nanciële instrument of in deze derivaten opschorten of
dat fi nanciële instrument of deze derivaten uitsluiten van
de handel, indien de opschorting of uitsluiting te wijten
is aan vermoedelijk marktmisbruik, een overnamebod
of het niet openbaar maken van voorwetenschap over
de emittent of het fi nanciële instrument in strijd met de
artikelen 7 en 17 van Verordening 596/2014 behalve
indien een dergelijke maatregel de belangen van de
beleggers of het ordelijk functioneren van de markt
aanzienlijk zou kunnen schaden.
aux négociations sur le marché réglementé qu’elle
organise lorsque le bon fonctionnement du marché de
cet instrument risque temporairement de ne pas être
assuré ou afi n de permettre la publication d’une infor-
mation concernant cet instrument dans des conditions
satisfaisantes.
Dans les cas visés aux 1° et 2°, il en informe préala-
blement la FSMA. La FSMA peut, après concertation
avec lui, s’opposer à cette suspension ou ce retrait dans
l’intérêt de la protection des investisseurs, sauf s’il s’agit
de la suspension ou du retrait d’un instrument dérivé
qui découle automatiquement des règles de marché
que la FSMA elle-même a approuvées en application
de l’article 34.
L’opérateur de marché suspend la négociation d’un
instrument fi nancier admis à la négociation sur le mar-
ché réglementé qu’il organise lorsque, après concerta-
tion avec lui, la FSMA le lui demande dans l’intérêt de
la protection des investisseurs.
§ 2. Un opérateur de marché qui suspend ou retire un
instrument fi nancier de la négociation suspend ou retire
également les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°,
d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font réfé-
rence à cet instrument fi nancier lorsque la suspension
ou le retrait est nécessaire pour soutenir les objectifs
de la suspension ou du retrait de l’instrument fi nancier
sous-jacent. L’opérateur de marché rend publique sa
décision de suspension ou de retrait de l’instrument
fi nancier et des instruments dérivés qui sont liés et
communique les décisions pertinentes à la FSMA.
Dans le cas d’un opérateur de marché de droit belge,
la FSMA exige que les autres marchés réglementés,
MTF, OTF et internalisateurs systématiques qui relèvent
de sa compétence et négocient le même instrument
fi nancier ou les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°,
d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font réfé-
rence à cet instrument fi nancier, suspendent ou retirent
également cet instrument fi nancier ou ces instruments
dérivés de la négociation, lorsque la suspension ou le
retrait résulte d’un abus présumé de marché, d’une offre
publique d’achat ou de la non-communication d’informa-
tions privilégiées relatives à l’émetteur ou à l’instrument
fi nancier en violation des articles 7 et 17 du Règlement
596/2014, sauf dans les situations où les intérêts des
investisseurs ou le fonctionnement ordonné du marché
pourraient être affectés d’une manière signifi cative par
une telle suspension ou un tel retrait.
32
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
De FSMA deelt de in het eerste en tweede lid be-
doelde beslissingen mee aan ESMA en aan andere
bevoegde autoriteiten, en bezorgt hen een toelichting
indien niet is besloten tot opschorting of uitsluiting van
de handel van het fi nanciële instrument of de in artikel 2,
1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde
derivaten die verband houden met dat fi nanciële in-
strument of daarnaar verwijzen. De FSMA maakt haar
beslissing onmiddellijk openbaar.
Deze paragraaf is ook van toepassing bij opheffing
van de opschorting van de handel van het fi nanciële
instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van
2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband hou-
den met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwijzen.
De in deze paragraaf bedoelde kennisgevingspro-
cedure is ook van toepassing ingeval de beslissing
tot opschorting of uitsluiting van de handel van een
fi nancieel instrument of van de in artikel 2, 1°, d) tot k),
van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten
die verband houden met dat fi nanciële instrument of
daarnaar verwijzen, door de FSMA wordt genomen
overeenkomstig artikel 78.
Art. 27
De marktexploitant neemt de nodige maatregelen
om te vermijden dat zijn commerciële doelstellingen
de onafhankelijkheid van beoordeling bij de uitvoering
van de in de artikelen 25 en 26 bedoelde taken in het
gedrang brengen.
Art. 28
Personeelsleden van de marktexploitant die mee-
werken aan de uitvoering van de in de artikelen 25 en
26 bedoelde taken, alsook de personen die voornoemde
taken in het verleden hebben uitgevoerd, zijn gebonden
door het beroepsgeheim en mogen de vertrouwelijke
informatie waarvan zij kennis hebben gekregen tijdens
de uitvoering van deze taken, niet onthullen. Dit verbod
doet evenwel geen afbreuk aan de mededeling van
dergelijke informatie:
1° aan de FSMA, aan de personen die bij andere
gereglementeerde markten gelijkaardige functies uitoe-
fenen als die bedoeld in dit punt, en, in het algemeen,
aan Belgische of buitenlandse overheden of instellingen
die zijn belast met het toezicht op de markten voor fi nan-
ciële instrumenten met betrekking tot aangelegenheden
waarvoor zij bevoegd zijn, op voorwaarde dat de infor-
matie die aldus wordt uitgewisseld, is gedekt door een
La FSMA communique les décisions visées aux
alinéas 1er et 2 à l’AEMF et aux autres autorités compé-
tentes, en expliquant son choix lorsqu’elle décide de ne
pas suspendre ou retirer de la négociation l’instrument
fi nancier ou les instruments dérivés visés à l’article 2,
1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font
référence à cet instrument fi nancier. La FSMA rend
immédiatement publique sa décision.
Le présent paragraphe s’applique également
lorsqu’est levée la suspension de la négociation de
l’instrument fi nancier ou des instruments dérivés visés
à l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont
liés ou font référence à cet instrument fi nancier.
La procédure de notifi cation visée au présent para-
graphe s’applique également au cas où la décision de
suspendre ou de retirer de la négociation l’instrument
fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2,
1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font
référence à cet instrument fi nancier est prise par la
FSMA conformément à l’article 78.
Art. 27
L’opérateur de marché prend les mesures nécessaires
pour que ses objectifs commerciaux ne mettent pas en
cause l’indépendance de jugement qui doit présider à
l’exercice des missions visées aux articles 25 et 26.
Art. 28
Les employés de l’opérateur de marché qui colla-
borent à l’exécution des missions visées aux articles
25 et 26, ainsi que les personnes qui ont exercé par
le passé les fonctions précitées, sont tenus au secret
professionnel et ne peuvent divulguer les informations
confi dentielles dont ils ont eu connaissance en raison
de l’exécution de ces missions. Cette interdiction ne
fait cependant pas obstacle à la communication de ces
informations:
1° à la FSMA, aux personnes exerçant des fonc-
tions similaires à celles visées au présent point auprès
d’autres marchés réglementés et, de manière générale,
à des autorités ou organismes belges ou étrangers
chargés de la surveillance des marchés d’instruments
fi nanciers pour les questions relevant de leurs compé-
tences, à condition que les informations ainsi échangées
soient couvertes par un devoir de secret professionnel
33
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
gelijkwaardige geheimhoudingsplicht in hoofde van de
overheden of instellingen die deze informatie ontvangen;
2° tijdens een getuigenis in rechte in strafzaken;
3° om aan de gerechtelijke overheden aangifte te
doen van strafrechtelijke overtredingen;
4° in het kader van administratieve of gerechtelijke be-
roepsprocedures tegen de beslissingen van de FSMA.
Zonder afbreuk te doen aan artikel 26 en onvermin-
derd de mogelijkheid voor marktexploitanten om de
marktexploitanten van andere gereglementeerde mark-
ten rechtstreeks te informeren, maakt de marktexploitant
die de handel in een fi nancieel instrument opschort of
een fi nancieel instrument uitsluit van de handel deze
beslissing openbaar en stelt hij de FSMA in kennis van
de ter zake dienende informatie.
Art. 29
Financiële instrumenten uitgegeven door een markt-
exploitant of door een rechtspersoon waarmee een der-
gelijke exploitant nauwe banden heeft, kunnen slechts
tot de verhandeling op een door deze exploitant geor-
ganiseerde Belgische gereglementeerde markt worden
toegelaten met de voorafgaande toestemming van de
FSMA en onder de voorwaarden die zij kan bepalen
teneinde belangenconfl icten te vermijden. De opschor-
ting en uitsluiting van dergelijke fi nanciële instrumenten
wordt door de FSMA uitgesproken overeenkomstig de
toepasselijke marktregels.
Derivaten die de marktexploitant zelf of een rechts-
persoon met wie hij nauwe banden heeft, niet als
onderliggende hebben, worden niet door het eerste lid
geviseerd.
Onderafdeling 9
Marktregels
Art. 30
§ 1. De marktexploitant zorgt ervoor dat duidelijke
en transparante regels worden vastgesteld betreffende
de toelating van fi nanciële instrumenten tot de handel.
Deze regels zorgen ervoor dat alle fi nanciële instru-
menten die tot de handel op een gereglementeerde
markt worden toegelaten, op billijke, ordelijke en effici-
ente wijze kunnen worden verhandeld en dat zij, in het
geval van effecten, vrij verhandelbaar zijn.
équivalent dans le chef des autorités ou organismes
qui les reçoivent;
2° lors d’un témoignage en justice en matière pénale;
3° pour dénoncer des infractions pénales aux auto-
rités judiciaires;
4° dans le cadre de recours administratifs ou juridic-
tionnels contre les décisions de la FSMA.
Sans préjudice de l’article 26 et nonobstant la possi-
bilité dont disposent les opérateurs de marché d’infor-
mer directement les opérateurs de marché organisant
d’autres marchés réglementés, l’opérateur de marché
qui suspend la négociation ou retire un instrument
fi nancier de la négociation rend sa décision publique
et communique les informations pertinentes à la FSMA.
Art. 29
Les instruments fi nanciers émis par un opérateur de
marché ou par une personne morale avec laquelle un tel
opérateur a des liens étroits ne peuvent être admis aux
négociations sur un marché réglementé belge organisé
par cet opérateur que moyennant l’accord préalable de
la FSMA et aux conditions que celle-ci peut défi nir en
vue d’éviter des confl its d’intérêts. La suspension et le
retrait de tels instruments fi nanciers sont prononcées
par la FSMA conformément aux règles de marché
applicables.
Ne sont pas visés par l’alinéa 1er les instruments
dérivés qui n’ont pas pour sous-jacent l’opérateur de
marché lui-même ou une personne morale qui a des
liens étroits avec celui-ci.
Sous-section 9
Règles de marché
Art. 30
§ 1er. L’opérateur de marché veille à ce que des règles
claires et transparentes soient établies concernant
l’admission des instruments fi nanciers à la négociation.
Ces règles garantissent que tout instrument fi nancier
admis à la négociation sur un marché réglementé est
susceptible de faire l’objet d’une négociation équitable,
ordonnée et efficace et, dans le cas des valeurs mobi-
lières, d’être négocié librement.
34
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 2. In het geval van derivaten zorgen de in paragraaf 1
bedoelde regels er met name voor dat de vorm van het
derivatencontract verenigbaar is met een ordelijke koers-
vorming en met doeltreffende afwikkelingsvoorwaarden.
§ 3. Naast de in de paragrafen 1 en 2 neergelegde
verplichtingen moeten de marktexploitanten ervoor zor-
gen dat de gereglementeerde markten die zij exploiteren
en/of beheren doeltreffende regelingen treffen en hand-
haven om te verifi ëren of emittenten van effecten die tot
de verhandeling op de gereglementeerde markt worden
toegelaten, hun uit het recht van de Europese Unie
voortvloeiende verplichtingen inzake de initiële, perio-
dieke en occasionele informatieverstrekking nakomen.
Marktexploitanten zorgen ervoor dat de geregle-
menteerde markten die zij exploiteren en/of beheren
regelingen treffen die de toegang van hun leden of deel-
nemers tot overeenkomstig het recht van de Europese
Unie openbaar gemaakte informatie vergemakkelijken.
§ 4. De marktexploitanten zorgen ervoor dat de gere-
glementeerde markten die zij beheren en/of exploiteren
de nodige regelingen treffen om regelmatig te verifi ëren
of de door hen tot de verhandeling toegelaten fi nanciële
instrumenten aan de toelatingsvoorwaarden voldoen.
Art. 31
§ 1. De marktregels van de gereglementeerde
markten omvatten op objectieve criteria gebaseerde,
transparante en niet-discriminerende regels die de toe-
gang tot of het lidmaatschap van de gereglementeerde
markt regelen.
§ 2. In de in paragraaf 1 bedoelde regels worden
alle door de leden of de deelnemers in acht te nemen
verplichtingen gespecifi ceerd die voortvloeien uit:
1° de oprichting en het beheer van de gereglemen-
teerde markt;
2° de regels inzake transacties op de markt;
3° de beroepsnormen die gelden voor het personeel
van de op de markt opererende beleggingsondernemin-
gen of kredietinstellingen;
4° de in paragraaf 3 vastgestelde voorwaarden voor
leden of deelnemers die geen beleggingsondernemin-
gen of kredietinstellingen zijn;
§ 2. En ce qui concerne les instruments dérivés, les
règles visées au paragraphe 1er assurent notamment
que les caractéristiques du contrat dérivé permettent
une cotation ordonnée, ainsi qu’un règlement efficace.
§ 3. Outre les obligations prévues aux paragraphes
1er et 2, les opérateurs de marchés veillent à ce que
les marchés réglementés qu’ils exploitent et/ou gèrent
mettent en place et maintiennent des dispositions effi-
caces leur permettant de vérifi er que les émetteurs des
valeurs mobilières qui sont admises à la négociation sur
le marché réglementé se conforment aux prescriptions
du droit de l’Union européenne concernant les obli-
gations en matière d’information initiale, périodique et
occasionnelle.
Les opérateurs de marché veillent à ce que les
marchés réglementés qu’ils exploitent et/ou gèrent
instaurent des dispositions facilitant l’accès de leurs
membres ou de leurs participants à l’information rendue
publique en vertu du droit de l’Union européenne.
§ 4. Les opérateurs de marchés veillent à ce que
les marchés réglementés qu’ils gèrent et/ou exploitent
mettent en place les dispositions nécessaires pour
contrôler régulièrement le respect des conditions
d’admission des instruments fi nanciers qu’ils ont admis
à la négociation.
Art. 31
§ 1er. Les règles de marché des marchés réglementés
comportent des règles transparentes et non discrimina-
toires, fondées sur des critères objectifs, qui régissent
l’accès ou l’adhésion des membres à ces marchés.
§ 2. Les règles visées au paragraphe 1er précisent
toutes les obligations incombant aux membres ou aux
participants en vertu:
1° des actes de constitution et d’administration du
marché réglementé concerné;
2° des dispositions relatives aux transactions qui y
sont conclues;
3° des normes professionnelles imposées au person-
nel des entreprises d’investissement ou des établisse-
ments de crédit opérant sur le marché;
4° des conditions fi xées au paragraphe 3 pour les
membres ou les participants autres que les entreprises
d’investissement et les établissements de crédit;
35
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
5° de regels en procedures voor de verrekening en
vereffening van transacties die op de gereglementeerde
markt zijn uitgevoerd.
§ 3. Als leden of deelnemers van de gereglemen-
teerde markten kunnen de beleggingsondernemingen
en de op grond van Richtlijn 2013/36/EU vergunning-
houdende kredietinstellingen worden toegelaten, alsook
de andere personen die:
1° betrouwbaar zijn;
2° over toereikende bekwaamheden en bevoegdhe-
den voor de handel beschikken;
3° waar van toepassing adequate organisatorische
regelingen hebben getroffen;
4° over voldoende middelen beschikken voor de
rol die zij moeten vervullen, rekening houdend met
de verschillende fi nanciële regelingen die de geregle-
menteerde markt eventueel heeft vastgesteld om de
adequate afwikkeling van transacties te garanderen.
§ 4. De lidstaten en de deelnemers van de geregle-
menteerde markten hoeven voor op een gereglemen-
teerde markt uitgevoerde transacties onderling niet de
verplichtingen na te komen van artikel 27, § 1, § 2, eerste
lid, § 3, eerste lid en §§ 5 tot 9, artikel 27bis, §§ 1 tot 7,
artikel 27ter, §§ 1 tot 3 en §§ 5 tot 8, artikel 27quater en
artikel 28 van de wet van 2 augustus 2002. De leden van
of deelnemers aan de gereglementeerde markt passen
evenwel de voormelde bepalingen toe jegens hun cliën-
ten wanneer zij in naam van hun cliënten de orders van
die cliënten op een gereglementeerde markt uitvoeren.
§ 5. De regels inzake de toegang tot of het lid-
maatschap van een gereglementeerde markt dienen
rechtstreekse deelneming of deelneming op afstand
van beleggingsondernemingen en kredietinstellingen
mogelijk te maken.
Art. 32
§ 1. Elke overeenkomst die in een wederzijdse toe-
gang van leden voorziet tussen een Belgische geregle-
menteerde markt en één of meer andere multilaterale
systemen, moet vooraf ter kennis worden gebracht
van de FSMA. De FSMA gaat na of de artikelen 31 en
35 tot 38 en de ter uitvoering ervan vastgestelde bepa-
lingen zijn nageleefd. Het akkoord kan slechts worden
uitgevoerd indien de FSMA binnen dertig dagen na de
kennisgeving ervan geen schriftelijk bezwaar aan de
betrokken marktexploitant heeft meegedeeld.
5° des règles et des procédures relatives à la com-
pensation et à la liquidation des transactions qui sont
conclues sur le marché réglementé.
§ 3. Peuvent être admis en tant que membres ou
participants des marchés réglementés les entreprises
d’investissement et les établissements de crédit agréés
au titre de la Directive 2013/36/UE, ainsi que d’autres
personnes qui:
1° présentent des qualités d’honorabilité;
2° présentent un niveau suffisant d’aptitude et de
compétence pour la négociation;
3° disposent, le cas échéant, d’une organisation
appropriée;
4° détiennent des ressources suffisantes pour le rôle
qu’elles doivent assumer, compte tenu des différents
mécanismes fi nanciers que le marché réglementé pour-
rait avoir mis en place en vue de garantir le règlement
approprié des transactions.
§ 4. Les États membres et participants des marchés
réglementés ne sont pas tenus de s’imposer mutuel-
lement les obligations énoncées à l’article 27, § 1er,
§ 2, alinéa 1er, § 3, alinéa 1er et §§ 5 à 9, l’article 27bis,
§§ 1er à 7, l’article 27ter, §§ 1er à 3 et §§ 5 à 8, l’article
27quater et l’article 28 de la loi du 2 août 2002 en ce
qui concerne les transactions conclues sur un marché
réglementé. Toutefois, les membres ou participants du
marché réglementé appliquent les dispositions susmen-
tionnées en ce qui concerne leurs clients lorsque, en
agissant pour le compte de ceux-ci, ils exécutent leurs
ordres sur un marché réglementé.
§ 5. Les règles des marchés réglementés régissant
l’accès ou l’adhésion des membres à ces marchés
doivent prévoir la participation directe ou à distance
d’entreprises d’investissement et d’établissements
de crédit.
Art. 32
§ 1er. Tout accord établissant un accès croisé des
membres entre un marché réglementé belge et un ou
plusieurs autres systèmes multilatéraux doit faire l’objet
d’une notifi cation préalable à la FSMA. La FSMA vérifi e
le respect des articles 31 et 35 à 38 et des dispositions
arrêtées en application de ceux-ci. L’accord ne peut être
mis à exécution que si la FSMA n’a pas communiqué
d’objection écrite aux opérateurs de marché concernés
dans les trente jours de la notifi cation de l’accord.
36
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 2. De koppeling van een Belgische gereglemen-
teerde markt aan enig platform of gecentraliseerd
geautomatiseerd verhandelingssysteem dat met één of
meer andere multilaterale systemen is opgezet, vereist
de toelating van de minister op advies van de FSMA.
De minister kan zijn toelating laten afhangen van elke
passende voorwaarde ter vermijding van regulatoire
arbitrage of andere specifi eke risico’s die de beleggers
of de goede werking, de integriteit of de transparantie
van de markt kunnen schaden.
Art. 33
Teneinde de goede werking, de integriteit en de
transparantie van de markt te verzekeren, moeten de
marktregels van een gereglementeerde markt:
1° de verhandelingen op zodanige wijze organiseren
dat een efficiënte en transparante koersvorming in de
hand wordt gewerkt in het belang van alle beleggers;
2° geschikte uitvoeringsmaatregelen opstellen voor
de vaststelling van toonaangevende referentiekoersen,
met inbegrip van de dagelijkse slotkoersen, en voor
het ontwerpen van afgeleide instrumenten en indexen,
teneinde deze koersen, instrumenten en indexen minder
gevoelig te maken voor koersmanipulaties en andere
marktmisbruiken;
3° geschikte procedures vaststellen voor het fi lteren
van orders, met inbegrip van adequate controleproce-
dures in geval van elektronische ordertransmissie;
4° geschikte maatregelen treffen voor het bevriezen
van orders of het stilleggen van de handel in geval van
overdreven volatiliteit van de koersen.
Art. 34
§ 1. De marktregels en alle wijzigingen ervan die-
nen vooraf door de FSMA, in het kader van haar in
artikel 7, § 3, tweede lid, bepaald toezicht, te worden
goedgekeurd.
De marktexploitant zorgt voor de bekendmaking en
bijwerking van de marktregels op haar website en in
gedrukte vorm. De goedkeuring door de FSMA van de
regels en van de latere wijzigingen wordt bekendge-
maakt op haar website.
Indien de marktexploitant in gebreke blijft de markt-
regels aan te passen aan de wijzigingen van de toepas-
selijke wettelijke of reglementaire bepalingen, kan de
§ 2. L’interconnexion d’un marché réglementé belge
avec toute plateforme ou tout système informatique cen-
tralisé de négociation mis en place avec un ou plusieurs
autres systèmes multilatéraux doit faire l’objet de l’auto-
risation du ministre, sur avis de la FSMA. Le ministre
peut subordonner son autorisation à toute condition
appropriée visant à éviter des arbitrages réglementaires
ou autres risques spécifi ques susceptibles de nuire aux
intérêts des investisseurs ou au bon fonctionnement, à
l’intégrité ou à la transparence du marché.
Art. 33
En vue d’assurer le bon fonctionnement, l’intégrité et
la transparence du marché, les règles de marché d’un
marché réglementé doivent:
1° organiser les négociations de manière à favoriser
la détermination efficiente et transparente des cours
dans l’intérêt de l’ensemble des investisseurs;
2° prévoir des mesures d’exécution appropriées pour
la détermination de cours de référence clés, y compris
les cours de clôture journaliers, et pour la conception
d’instruments dérivés et d’indices, de manière à réduire
la sensibilité de ces cours, instruments et indices aux
manipulations de cours et autres abus de marché;
3° prévoir des procédures appropriées pour le fi ltrage
des ordres, y compris des procédures de contrôle adé-
quates en cas de routage électronique d’ordres;
4° prévoir des mesures appropriées de gel d’ordres
ou d’interruption des négociations en cas de volatilité
excessive des cours.
Art. 34
§ 1er. Les règles de marché et toutes modifi cations
à ces règles sont soumises à l’approbation de la
FSMA, dans le cadre de son contrôle visé à l’article 7,
§ 3, alinéa 2.
L’opérateur de marché assure la publication et la
mise à jour des règles de marché sur son site web et
sous forme imprimée. L’approbation par la FSMA des
règles et des modifi cations ultérieures fait l’objet d’une
publication sur son site web.
Si l’opérateur de marché reste en défaut d’adapter les
règles de marchés aux modifi cations des dispositions
législatives ou réglementaires applicables, le ministre
37
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
minister, op advies van de FSMA, de nodige wijzigingen
in de marktregels aanbrengen en deze bekendmaken.
§ 2. De marktexploitant gaat na of de onderrichtin-
gen en circulaires die ter uitvoering van de marktregels
worden genomen, stroken met deze marktregels en met
de toepasselijke wettelijke en reglementaire bepalingen.
De FSMA kan haar goedkeuring van de marktregels of
de wijzigingen ervan met toepassing van paragraaf 1,
eerste lid, afhankelijk stellen van de voorwaarde dat
de onderrichtingen of circulaires ter uitvoering van de
bepalingen van de marktregels, en alle wijzigingen van
deze onderrichtingen of circulaires vooraf aan een der-
gelijke verifi catie door de FSMA worden onderworpen.
Onderafdeling 10
Toezicht op de naleving van de regels van de
gereglementeerde markten en informatieverstrekking
aan de FSMA
Art. 35
Marktexploitanten delen de lijst van de leden en de
deelnemers van de gereglementeerde markten die zij
exploiteren en/of beheren, geregeld aan de FSMA mee.
Art. 36
§ 1. Marktexploitanten zien erop toe dat de geregle-
menteerde markten die zij exploiteren en/of beheren,
effectieve regelingen en procedures, met inbegrip van
de benodigde middelen, vaststellen en in stand houden
om er regelmatig op toe te zien of hun leden en deel-
nemers hun regels naleven. De marktexploitanten zien
erop toe dat de gereglementeerde markten waken over:
1° de door hun leden of deelnemers volgens hun sys-
temen verzonden orders, met inbegrip van annuleringen
en verrichte transacties opdat inbreuken op deze regels
kunnen worden onderkend;
2° de handelsvoorwaarden die de ordelijke werking
van de markt kunnen verstoren; en
3° gedragingen die kunnen wijzen op praktijken die
verboden zijn op grond van Verordening 596/2014 of
systeemverstoringen in verband met een fi nancieel
instrument.
peut, sur avis de la FSMA, apporter les modifi cations
nécessaires aux règles de marché et en assurer la
publication.
§ 2. L’opérateur de marché vérifi e la conformité des
instructions et circulaires prises en exécution des règles
de marché avec celles-ci et avec les dispositions légis-
latives et réglementaires applicables. La FSMA peut
subordonner son approbation des règles de marché
ou des modifi cations à celles-ci en application du para-
graphe 1er, alinéa 1er, à la condition que les instructions
ou circulaires portant exécution des dispositions des
règles de marché et toutes modifi cations à ces instruc-
tions ou circulaires soient préalablement soumises à
une telle vérifi cation par la FSMA.
Sous-section 10
Contrôle du respect des règles des marchés
réglementés et fourniture d’information
à la FSMA
Art. 35
Les opérateurs de marché communiquent réguliè-
rement à la FSMA la liste des membres et participants
des marchés réglementés qu’ils exploitent et/ou gèrent.
Art. 36
§ 1er. Les opérateurs de marché veillent à ce que
les marchés réglementés qu’ils exploitent et/ou gèrent
instaurent et maintiennent des dispositions et procé-
dures efficaces, y compris les ressources nécessaires,
pour le contrôle régulier du respect de leurs règles par
leurs membres ou leurs participants. Les opérateurs
de marché veillent à ce que les marchés réglementés
surveillent:
1° les ordres transmis, y compris les annulations et
les transactions effectuées par leurs membres ou leurs
participants dans le cadre de leurs systèmes, en vue de
détecter les violations auxdites règles;
2° toute condition de négociation de nature à pertur-
ber le bon ordre du marché; et
3° toute conduite potentiellement révélatrice d’un
comportement qui est interdit en vertu du Règlement
596/2014 ou tout dysfonctionnement du système lié à
un instrument fi nancier.
38
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
De FSMA kan nadere regels bepalen inzake de in
het eerste lid bepaalde verplichtingen.
§ 2. Marktexploitanten die gereglementeerde markten
exploiteren en/of beheren, stellen de FSMA onmiddel-
lijk in kennis van ernstige inbreuken op hun regels,
handelsvoorwaarden die de ordelijke werking van de
markt verstoren, gedragingen die kunnen wijzen op
praktijken die verboden zijn op grond van Verordening
596/2014 of systeemverstoringen in verband met een
fi nancieel instrument.
De FSMA stelt ESMA en de bevoegde autoriteiten
van de overige lidstaten in kennis van de in het eerste
lid bedoelde informatie.
Wat de gedragingen betreft die kunnen wijzen op
praktijken die verboden zijn op grond van Verordening
596/2014, moet de FSMA ervan overtuigd zijn dat een
dergelijke praktijk plaatsvindt of heeft plaatsgevonden,
voor zij de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten
en ESMA op de hoogte stelt.
§ 3. Marktexploitanten verstrekken de FSMA zonder
onnodige vertraging de toepasselijke informatie voor
het onderzoeken en vervolgen van gevallen van markt-
misbruik op de gereglementeerde markten en verlenen
haar hun volledige medewerking bij het onderzoeken
en vervolgen van gevallen van marktmisbruik die zich
in of via de systemen van de gereglementeerde markt
hebben voorgedaan.
§ 4. De Koning kan specifi eke regels bepalen met
betrekking tot de in paragrafen 2 en 3 bepaalde verplich-
tingen van de marktexploitanten wanneer het gaat om
transacties op gereglementeerde marken inzake lineaire
obligaties, schatkistcertifi caten en gesplitste effecten.
Onderafdeling 11
Toegang tot de Belgische gereglementeerde markten door
buitenlandse ondernemingen
Art. 37
Zonder andere formaliteiten met betrekking tot de
door Richtlijn 2014/65/EU beheerste materies, hebben
beleggingsondernemingen en kredietinstellingen die zijn
gevestigd in andere lidstaten waar zij een vergunning
hebben gekregen om orders van cliënten uit te voeren
of voor eigen rekening te handelen, het recht om lid te
worden van of toegang te hebben tot de in België gere-
gistreerde gereglementeerde markten door middel van
één van de volgende regelingen:
La FSMA peut déterminer des règles plus précises
concernant les obligations visées à l’alinéa 1er.
§ 2. Les opérateurs de marché exploitant et/ou gérant
des marchés réglementés communiquent immédia-
tement à la FSMA toute violation importante de leurs
règles, toute condition de négociation de nature à per-
turber le bon ordre du marché, toute conduite potentiel-
lement révélatrice d’un comportement qui est interdit en
vertu du Règlement 596/2014 ou tout dysfonctionnement
du système lié à un instrument fi nancier.
La FSMA communique à l’AEMF et aux autorités
compétentes des autres États membres les informations
visées à l’alinéa 1er.
En ce qui concerne les conduites potentiellement
révélatrices d’un comportement qui est interdit en vertu
du Règlement 596/2014, la FSMA doit être convaincue
que ce comportement est ou a été commis avant d’en
informer les autorités compétentes des autres États
membres et l’AEMF.
§ 3. Les opérateurs de marché fournissent sans
délai excessif les informations pertinentes à la FSMA
en matière d’enquêtes et de poursuites concernant
les abus de marché sur les marchés réglementés et
prêtent à celle-ci toute l’aide nécessaire pour instruire
et poursuivre les abus de marché commis sur ou via les
systèmes du marché réglementé.
§ 4. Le Roi peut arrêter des règles spécifiques
concernant les obligations visées aux paragraphes 2 et
3 qui incombent aux opérateurs de marché lorsque les
transactions effectuées sur ces marchés portent sur
des obligations linéaires, des certifi cats de trésorerie
et des titres scindés.
Sous-section 11
Accès aux marchés réglementés belges pour les
entreprises étrangères
Art. 37
Sans autres formalités en ce qui concerne les ma-
tières régies par la Directive 2014/65/EU, les entreprises
d’investissement et les établissements de crédit établis
dans un autre État membre qui sont agréées dans celui-
ci pour exécuter les ordres de clients ou pour négocier
pour compte propre ont le droit de devenir membres
des marchés réglementés enregistrés en Belgique ou
d’y avoir accès, selon l’une des modalités suivantes:
39
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° rechtstreeks, door in België een bijkantoor
te vestigen;
2° door op afstand lid te worden van of op afstand
toegang te hebben tot de in België geregistreerde ge-
reglementeerde markt zonder in België te moeten zijn
gevestigd, indien de handelsprocedures en -systemen
van de desbetreffende markt geen fysieke aanwezigheid
vergen voor het sluiten van transacties op de markt.
Art. 38
§ 1. Marktexploitanten delen aan de FSMA mee in
welke lidstaat zij voornemens zijn dergelijke voorzienin-
gen te treffen waardoor de leden en de deelnemers die
op hun grondgebied gevestigd zijn, beter in staat om op
afstand toegang te krijgen tot de markten die zij beheren
en/of exploiteren, en erop te handelen.
De FSMA deelt deze informatie binnen een maand
mee aan de lidstaat waar de marktexploitant voorne-
mens is dergelijke voorzieningen te treffen. De FSMA
kan deze informatie eveneens doorgeven aan ESMA,
als deze daarom verzoekt.
§ 2. De FSMA deelt, op verzoek van de bevoegde au-
toriteit van de lidstaat van ontvangst van een Belgische
gereglementeerde markt, binnen een redelijke termijn
aan die autoriteit de namen mee van de in die lidstaat
gevestigde leden of deelnemers van die gereglemen-
teerde markt.
Onderafdeling 12
Opschorting van de handel op een
gereglementeerde markt
Art. 39
§ 1. Wanneer een uitzonderlijke gebeurtenis de regel-
matige werking van een Belgische gereglementeerde
markt verstoort, kan de FSMA, na overleg met de
betrokken marktexploitant, de markthandel volledig of
gedeeltelijk schorsen voor een periode van ten hoogste
tien opeenvolgende handelsdagen. Na afl oop van deze
periode kan de schorsing worden opgelegd bij koninklijk
besluit, genomen op voorstel van de FSMA.
In geval van uitzonderlijke omstandigheden die de
werking of stabiliteit van een Belgische gereglemen-
teerde markt of van een of meer fi nanciële instrumenten
die zijn toegelaten tot de verhandeling op een Belgische
gereglementeerde markt of van de emittenten ervan
verstoren of dreigen te verstoren, kan de FSMA, na de
1° directement, en établissant une succursale
en Belgique;
2° en devenant membres à distance d’un marché
réglementé enregistré en Belgique ou en y ayant accès à
distance, sans devoir être établies en Belgique, lorsque
les procédures et les systèmes de négociation de celui-
ci ne requièrent pas une présence physique pour la
conclusion de transactions.
Art. 38
§ 1er. Les opérateurs de marchés communiquent à la
FSMA le nom de l’État membre dans lequel ils comptent
prendre les dispositions nécessaires pour permettre aux
membres et participants qui y sont établis d’accéder à
distance aux marchés réglementés qu’ils gèrent et/ou
exploitent et d’y négocier.
Dans le mois qui suit, la FSMA communique cette
information à l’État membre dans lequel l’opérateur de
marché compte prendre de telles dispositions. La FSMA
peut également transmettre cette information à l’AEMF,
sur demande de celle-ci.
§ 2. A la demande de l’autorité compétente de l’État
membre d’accueil d’un marché réglementé belge et
dans un délai raisonnable, la FSMA communique à
cette autorité l’identité des membres ou des participants
du marché réglementé établis dans cet État membre.
Sous-section 12
Suspension des négociations sur un marché
réglementé
Art. 39
§ 1er. Lorsqu’un événement exceptionnel perturbe le
fonctionnement régulier d’un marché réglementé belge,
la FSMA peut, après concertation avec l’opérateur de
marché concerné, suspendre tout ou partie des négo-
ciations sur ce marché pour une durée n’excédant pas
dix jours de négociation consécutifs. Au delà de cette
durée, la suspension peut être imposée par arrêté royal,
pris sur proposition de la FSMA.
En cas de circonstances exceptionnelles pertur-
bant ou risquant de perturber le fonctionnement ou la
stabilité d’un marché réglementé belge, d’un ou de
plusieurs instruments fi nanciers admis à la négociation
sur un marché réglementé belge ou encore des émet-
teurs de ces instruments, la FSMA peut, après avoir
40
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Nationale Bank van België op voorhand om advies te
hebben gevraagd, maatregelen nemen die beperkingen
opleggen aan de voorwaarden van verhandeling van
de fi nanciële instrumenten voor een periode van ten
hoogste een maand. De toepassing van deze maatre-
gelen kan worden verlengd en desgevallend kunnen de
modaliteiten ervan worden aangepast door de FSMA,
na de Nationale Bank van België op voorhand om ad-
vies te hebben gevraagd en zonder dat de duur ervan
in totaal meer dan drie maanden mag bedragen vanaf
de eerste beslissing. Deze maatregelen worden publiek
gemaakt. Na afl oop van die periode kan de toepassing
van deze maatregelen verlengd worden bij koninkijk
besluit, genomen op voorstel van de FSMA.
De maatregelen bedoeld in het tweede lid houden
rechtstreeks of onrechtstreeks verband met alle of in
de maatregel nader bepaalde fi nanciële instrumenten
die zijn toegelaten tot de verhandeling op een geregle-
menteerde markt. Ze kunnen betrekking hebben op de
verhandeling van deze fi nanciële instrumenten zowel op
de betrokken markt als daarbuiten alsook op de verhan-
deling, ongeacht waar deze plaatsvindt, van fi nanciële
instrumenten waarvan de waarde afhankelijk is van deze
fi nanciële instrumenten of die betrekking hebben op de
emittent van deze fi nanciële instrumenten of op een met
de emittent verbonden vennootschap. De maatregelen
kunnen zowel betrekking hebben op de verhandeling
zelf als op de posities die verband houden met een of
meerdere van voornoemde fi nanciële instrumenten.
§ 2. In geval van een plotselinge crisis op de fi nanciële
markten, kan de Koning, op advies van de Nationale
Bank van België en de FSMA, alle nodige vrijwarings-
maatregelen treffen ten aanzien van de Belgische
gereglementeerde markten, met inbegrip van tijdelijke
afwijkingen van de bepalingen van deze afdeling.
De besluiten genomen krachtens het eerste lid
verliezen hun uitwerking indien zij niet bij wet zijn be-
krachtigd binnen twaalf maanden na de datum van hun
inwerkingtreding.
Afdeling II
Gereglementeerde markten van een andere lidstaat
Art. 40
Marktexploitanten die gereglementeerde markten
uit een andere lidstaat exploiteren en/of beheren, zijn
gerechtigd in België gevestigde leden of deelnemers op
afstand toegang te geven tot hun markten via in België
geïnstalleerde voorzieningen of anderszins.
préalablement sollicité l’avis de la Banque nationale de
Belgique, prendre des mesures visant à restreindre les
conditions de négociation des instruments fi nanciers
pour une période n’excédant pas un mois. L’application
de ces mesures peut être prorogée et, le cas échéant,
ses modalités peuvent être adaptées par la FSMA,
après avoir préalablement sollicité l’avis de la Banque
nationale de Belgique et pour une durée n’excédant
pas trois mois à compter de la première décision. Ces
mesures sont rendues publiques. Au delà de la durée
précitée, l’application de ces mesures peut être proro-
gée par arrêté royal, pris sur proposition de la FSMA.
Les mesures visées à l’alinéa 2 concernent directe-
ment ou indirectement tous les instruments fi nanciers
admis à la négociation sur un marché réglementé, ou
ceux de ces instruments qu’elles citent de manière
plus précise. Elles peuvent porter sur la négociation de
ces instruments fi nanciers tant sur le marché concerné
qu’en dehors de ce marché, ainsi que sur la négociation,
à quelque endroit que ce soit, d’instruments fi nanciers
dont la valeur dépend desdits instruments fi nanciers
ou qui ont trait à l’émetteur de ces instruments fi nan-
ciers ou à une société liée à l’émetteur. Les mesures
peuvent porter tant sur la négociation même que sur les
positions relatives à un ou plusieurs des instruments
fi nanciers précités.
§ 2. En cas de crise soudaine sur les marchés fi nan-
ciers, le Roi peut, sur avis de la Banque nationale de
Belgique et de la FSMA, prendre toutes les mesures de
sauvegarde nécessaires à l’égard des marchés régle-
mentés belges, y compris des dérogations temporaires
aux dispositions de la présente section.
Les arrêtés pris en vertu de l’alinéa 1er, cessent de
produire leurs effets s’ils n’ont pas été confi rmés par la
loi dans les douze mois de leur date d’entrée en vigueur.
Section II
Des marchés réglementés d’un autre État membre
Art. 40
Les opérateurs de marché exploitant et/ou gérant
des marchés réglementés d’un autre État membre sont
autorisés à donner accès à distance à leurs marchés
aux membres ou participants établis en Belgique, par
le biais de dispositifs installés en Belgique ou de toute
autre façon.
41
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 41
Wanneer de FSMA een kennisgeving ontvangt van
de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat krach-
tens artikel 52, lid 2, alinea 4, van Richtlijn 2014/65/
EU, schrijft zij voor dat de gereglementeerde markten,
MTF’s, OTF’s en systematische internaliseerders die
onder haar bevoegdheid vallen en handelen in hetzelfde
fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van
de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die
verband houden met dat fi nanciële instrument of daar-
naar verwijzen, eveneens de handel in dat fi nanciële
instrument of de derivaten opschorten of dat fi nanciële
instrument of de derivaten uitsluiten van de handel,
indien de opschorting of uitsluiting te wijten is aan ver-
moedelijk marktmisbruik, een overnamebod of het niet
openbaar maken van voorwetenschap over de emittent
of het fi nancieel instrument in strijd met de artikelen
7 en 17 van Verordening 596/2014, behalve indien een
dergelijke opschorting of uitsluiting de belangen van
de beleggers of het ordelijk functioneren van de markt
aanzienlijk zou kunnen schaden.
Dit artikel is ook van toepassing bij opheffing van
de opschorting of uitsluiting van de handel van het
fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k),
van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten
die verband houden met dat fi nanciële instrument of
daarnaar verwijzen.
De in dit artikel bedoelde kennisgevingsprocedure
is ook van toepassing in het geval dat de beslissing
tot opschorting of uitsluiting van de handel van een
fi nancieel instrument of van de in artikel 2, 1°, d) tot k),
van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten
die verband houden met dat fi nanciële instrument of
daarnaar verwijzen, door de FSMA wordt genomen
overeenkomstig artikel 78.
HOOFDSTUK II
Bepalingen over de exploitatie van een
MTF of OTF
Afdeling I
Algemene bepaling
Art. 42
Enkel de volgende instellingen mogen een MTF of
een OTF exploiteren in België mits zij de bepalingen
van dit hoofdstuk naleven:
Art. 41
Lorsqu’elle reçoit une notifi cation de l’autorité com-
pétente d’un autre État membre en vertu de l’article
52, paragraphe 2, alinéa 4, de la Directive 2014/65/
UE, la FSMA exige que les marchés réglementés, les
autres MTF et OTF et les internalisateurs systématiques
qui relèvent de sa compétence et négocient le même
instrument fi nancier ou les instruments dérivés visés à
l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont
liés ou font référence à cet instrument fi nancier, sus-
pendent ou retirent également cet instrument fi nancier
ou ces instruments dérivés de la négociation, lorsque
la suspension ou le retrait résulte d’un abus présumé
de marché, d’une offre publique d’achat ou de la non-
communication d’informations privilégiées relatives à
l’émetteur ou à l’instrument fi nancier en violation des
articles 7 et 17 du Règlement 596/2014, sauf dans les
situations où les intérêts des investisseurs ou le fonc-
tionnement ordonné du marché pourraient être affectés
d’une manière signifi cative par une telle suspension ou
un tel retrait.
Le présent article s’applique également lorsqu’est
levée la suspension de la négociation de l’instrument
fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2,
1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font
référence à cet instrument fi nancier.
La procédure de notifi cation visée au présent article
s’applique également au cas où la décision de sus-
pendre ou de retirer de la négociation l’instrument
fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article
2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou
font référence à cet instrument fi nancier est prise par
la FSMA conformément à l’article 78.
CHAPITRE II
Dispositions relatives à l’exploitation d’un MTF
ou d’un OTF
Section Ire
Disposition générale
Art. 42
Seuls les établissements suivants sont autorisés à
exploiter un MTF ou un OTF en Belgique, en se confor-
mant aux dispositions du présent chapitre:
42
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° de kredietinstellingen en beursvennootschappen
naar Belgisch recht;
2° de kredietinstellingen en de beleggingsonder-
nemingen naar buitenlands recht, mits zij die activiteit
mogen uitoefenen in hun land van herkomst;
3° de marktexploitanten, mits zij voldoen aan de voor-
waarden van artikel 5, lid 2, van Richtlijn 2014/65/EU.
De in het eerste lid bedoelde instellingen worden
hierna, naargelang het geval,”MTF-exploitanten”
of”OTF-exploitanten” genoemd.
Afdeling II
Belgische MTF’s en OTF’s
Onderafdeling 1
Toepassingsgebied en algemene bepalingen
Art. 43
De volgende instellingen zijn onderworpen aan de
bepalingen van deze afdeling als zij een MTF of OTF
exploiteren:
1° de kredietinstellingen en beursvennootschappen
naar Belgisch recht;
2° de in België gevestigde bijkantoren van kredietin-
stellingen en beleggingsondernemingen die ressorteren
onder het recht van derde landen;
3° de Belgische marktexploitanten.
Art. 44
Alvorens de activiteiten uit te oefenen als bedoeld in
deze afdeling, schikken de Belgische marktexploitanten
zich naar de bepalingen van artikel 3, §§ 2 tot 4, van de
wet van 25 oktober 2016.
Art. 45
De kredietinstellingen en de beursvennootschappen
die voornemens zijn een MTF of een OTF te exploiteren,
stellen de FSMA hier vooraf van in kennis.
1° les établissements de crédit et les sociétés de
bourse de droit belge;
2° dans la mesure où cette activité leur est ouverte
dans leur état d’origine, les établissements de crédit
et les entreprises d’investissement de droit étranger;
3° les opérateurs de marché, dans le respect des
conditions prévues par l’article 5, paragraphe 2, de la
Directive 2014/65/UE.
Les établissements visés à l’alinéa 1er sont dénommé
ci-après, selon le cas, par le vocable “exploitants de
MTF” ou “exploitants d’OTF”.
Section II
Des MTF et OTF belges
Sous-section 1re
Champ d’application et dispositions générales
Art. 43
Les établissements suivants sont soumis aux dispo-
sitions de la présente section, lorsqu’ils exploitent un
MTF ou un OTF:
1° les établissements de crédit et les sociétés de
bourse de droit belge;
2° les succursales établies en Belgique d’établisse-
ments de crédit et d’entreprises d’investissement qui
relèvent du droit d’États tiers;
3° les opérateurs de marché belges.
Art. 44
Préalablement à l’exercice des activités visées par
la présente section, les opérateurs de marché belges
se conforment aux dispositions de l’article 3, §§ 2 à 4,
de la loi du 25 octobre 2016.
Art. 45
Les établissements de crédit et les sociétés de bourse
qui projettent d’exploiter un MTF ou un OTF envoient
préalablement une notifi cation à la FSMA.
43
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
De kennisgeving bevat de verklaring dat is voldaan
aan de vereisten van deze afdeling en dient ten minste
zes maanden vóór de aanvang van de exploitatie te
worden overgemaakt aan de FSMA.
Tijdens die termijn kan de FSMA zich verzetten tegen
de uitoefening van de voormelde activiteit mocht uit de
kennisgeving niet blijken dat is voldaan aan de vereisten
van deze afdeling.
Onderafdeling 2
Verhandeling en afhandeling van transacties in een
MTF of OTF
Art. 46
§ 1. Zonder afbreuk te doen aan de organisatorische
eisen die op hen van toepassing zijn krachtens de
wet van 25 april 2014 of artikel 3, § 2, van de wet van
25 oktober 2016, voeren de MTF of OTF exploitanten
ook transparante regels en procedures in die een billijke
en ordelijke handel garanderen, en stellen objectieve
criteria vast voor de efficiënte uitvoering van orders. Zij
treffen regelingen die een gezond beheer van de tech-
nische werking van de faciliteit garanderen en nemen
onder meer doeltreffende voorzorgsmaatregelen om
met systeemstoringen verband houdende risico’s te
ondervangen.
§ 2. MTF- of OTF-exploitanten stellen transparante
regels op betreffende de criteria aan de hand waarvan
wordt vastgesteld welke fi nanciële instrumenten via hun
systemen kunnen worden verhandeld.
MTF- of OTF-exploitanten voorzien in, of vergewissen
zich van het bestaan van toegang tot voldoende voor
het publiek beschikbare informatie opdat gebruikers
zich een beleggingsoordeel kunnen vormen, rekening
houdend met zowel de aard van de gebruikers als de
categorieën verhandelde instrumenten.
§ 3. MTF- of OTF-exploitanten moeten op objectieve
criteria gebaseerde transparante en niet-discretionaire
regels voor de toegang tot de faciliteit vaststellen, be-
kendmaken, handhaven en implementeren.
§ 4. MTF- of OTF-exploitanten beschikken over re-
gelingen voor het duidelijk onderkennen en aanpakken
van potentiële negatieve gevolgen voor de exploitatie
van de MTF of de OTF, of voor de leden of deelnemers
en gebruikers, van enig belangenconfl ict tussen de
MTF, de OTF, hun eigenaars of de kredietinstelling of
La notifi cation établit qu’il est satisfait aux exigences
de la présente section et est envoyée à la FSMA au
moins six mois avant le début de l’exploitation.
Durant le délai précité, la FSMA peut s’opposer à
l’exercice de l’activité précitée au cas où la notifi cation
n’établit pas qu’il est satisfait aux exigences de la pré-
sente section.
Sous-section 2
Négociation et dénouement des transactions sur les MTF
et les OTF
Art. 46
§ 1er. Sans préjudice des exigences organisa-
tionnelles qui leur sont applicables en vertu de la
loi du 25 avril 2014 ou de l’article 3, § 2, de la loi du
25 octobre 2016, les exploitants de MTF ou d’OTF
instaurent des règles et des procédures transparentes
afi n de garantir un processus de négociation équitable
et ordonné et fi xent des critères objectifs pour une
exécution efficace des ordres. Ils mettent en œuvre
des dispositifs propres à garantir la bonne gestion
des opérations techniques du système, y compris des
procédures d’urgence efficaces pour faire face aux
dysfonctionnements éventuels des systèmes.
§ 2. Les exploitants de MTF ou d’OTF instaurent des
règles transparentes concernant les critères permettant
de déterminer les instruments fi nanciers qui peuvent être
négociés dans le cadre de leurs systèmes.
Les exploitants de MTF ou d’OTF fournissent, s’il y a
lieu, des informations suffisantes au public ou s’assurent
qu’il existe un accès à de telles informations pour per-
mettre aux utilisateurs de se forger un jugement en ma-
tière d’investissement, compte tenu à la fois de la nature
des utilisateurs et des types d’instruments négociés.
§ 3. Les exploitants de MTF ou d’OTF établissent,
publient et maintiennent et mettent en œuvre des règles
transparentes et non discriminatoires, sur la base de
critères objectifs, régissant l’accès à leur système.
§ 4. Les exploitants de MTF ou d’OTF prennent des
dispositions pour identifi er clairement et gérer les effets
potentiellement dommageables, pour l’exploitation du
MTF ou de l’OTF ou pour les membres ou les partici-
pants et les utilisateurs, de tout confl it d’intérêts entre
le MTF, l’OTF, leurs propriétaires ou l’établissement de
44
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
beleggingsonderneming of marktexploitant die de MTF
of OTF exploiteert en de goede werking van de MTF
of de OTF.
§ 5. MTF- of OTF-exploitanten voldoen aan arti-
kel 22 en 23 en voorzien met het oog daarop in alle
noodzakelijke doeltreffende systemen, procedures en
regelingen.
§ 6. MTF- of OTF-exploitanten lichten de leden van
of deelnemers aan een MTF of OTF terdege in over
hun respectieve verantwoordelijkheden in het kader
van de afwikkeling van de via deze faciliteit uitgevoerde
transacties. MTF- of OTF-exploitanten treffen de nodige
regelingen om een efficiënte afwikkeling van de volgens
de systemen van die MTF of OTF uitgevoerde transac-
ties te bevorderen.
§ 7. MTF- of OTF-exploitanten zien erop toe dat een
MTF of OTF ten minste drie daadwerkelijk actieve leden
of gebruikers heeft, die elk op alle anderen kunnen
inwerken met betrekking tot prijsvorming.
§ 8. Indien een effect dat tot de handel op een ge-
reglementeerde markt is toegelaten, ook in een MTF
of een OTF wordt verhandeld zonder dat de emittent
daarvoor toestemming heeft verleend, is deze emittent
met betrekking tot deze MTF of OTF niet onderworpen
aan enigerlei verplichting op het gebied van de initi-
eel, periodiek of occasioneel te verstrekken fi nanciële
informatie.
§ 9. MTF- of OTF-exploitanten geven onmiddellijk
gevolg aan elke instructie van de FSMA krachtens ar-
tikel 78, om de handel in een fi nancieel instrument op
te schorten of een fi nancieel instrument van de handel
uit te sluiten.
§ 10. MTF- of OTF-exploitanten verstrekken de
FSMA een gedetailleerde beschrijving van de werking
van de MTF of OTF, waaronder, onverminderd artikel
50, §§ 1, 4 en 5, banden met of deelneming van een
gereglementeerde markt, een MTF, een OTF of een sys-
tematische internaliseerder in eigendom van dezelfde
kredietinstelling, beleggingsonderneming of marktex-
ploitant, alsmede een lijst van hun leden, deelnemers
en/of gebruikers.
De FSMA verstrekt deze informatie op ver-
zoek aan ESMA.
crédit ou l’entreprise d’investissement ou l’opérateur de
marché exploitant le MTF ou l’OTF et le bon fonction-
nement du MTF ou de l’OTF.
§ 5. Les exploitants de MTF ou d’OTF satisfont aux
articles 22 et 23 et disposent de systèmes, procédures
et mécanismes efficaces pour ce faire.
§ 6. Les exploitants de MTF ou d’OTF informent
clairement les membres ou participants de leurs res-
ponsabilités respectives quant au règlement des tran-
sactions exécutées sur ce système. Les exploitants de
MTF ou d’OTF prennent les dispositions nécessaires
pour favoriser le règlement efficace des transactions
effectuées par le truchement des systèmes de ce MTF
ou de cet OTF.
§ 7. Les exploitants de MTF ou d’OTF veillent à ce
que ceux-ci disposent d’au moins trois membres ou
utilisateurs signifi cativement actifs, chacun d’eux ayant
la possibilité d’interagir avec tous les autres en matière
de formation des prix.
§ 8. Lorsqu’une valeur mobilière qui a été admise à
la négociation sur un marché réglementé est également
négociée sur un MTF ou un OTF sans le consentement
de l’émetteur, celui-ci n’est assujetti à aucune obligation
d’information fi nancière initiale, périodique ou occasion-
nelle par rapport à ce MTF ou à cet OTF.
§ 9. Tout exploitant de MTF ou d’OTF se conforme
immédiatement à toute instruction donnée par la FSMA
en vertu de l’article 78, en vue de la suspension ou du
retrait d’un instrument fi nancier de la négociation.
§ 10. Les exploitants de MTF ou d’OTF fournissent à
la FSMA une description détaillée du fonctionnement du
MTF ou de l’OTF, précisant, sans préjudice de l’article
50, §§ 1er, 4 et 5, tout lien ou participation d’un marché
réglementé, d’un MTF, d’un OTF ou d’un internalisa-
teur systématique détenu par le même établissement
de crédit, la même entreprise d’investissement ou le
même opérateur, ainsi qu’une liste de leurs membres,
participants et/ou utilisateurs.
La FSMA fournit ces informations à l’AEMF
sur demande.
45
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 47
MTF- of OTF-exploitanten zien erop toe dat de be-
trokken MTF’s of OTF’s en hun leden of deelnemers
de beursklokken synchroniseren die zij hanteren om
de datum en tijd van aan te melden verrichtingen te
registreren.
Onderafdeling 3
Specifi eke eisen
voor MTF’s
Art. 48
§ 1. Zonder afbreuk te doen aan de organisatorische
eisen die op hen van toepassing zijn krachtens de
wet van 25 april 2014 of artikel 3, § 2, van de wet van
25 oktober 2016 enerzijds en krachtens artikel 46 van
deze wet anderzijds stellen de MTF-exploitanten ook
niet-discretionaire regels vast voor de uitvoering van
orders via het systeem en implementeren die.
§ 2. De in artikel 46, § 3, bedoelde regels voor de
toegang tot een MTF voldoen aan de voorwaarden van
artikel 31, § 3.
§ 3. MTF-exploitanten nemen maatregelen om:
1° adequaat uitgerust te zijn voor het beheer van
de risico’s waaraan zij blootgesteld zijn, in gepaste
regelingen en systemen te voorzien om alle risico’s
van betekenis voor de exploitatie te onderkennen, en
doeltreffende maatregelen te treffen om deze risico’s
te beperken;
2° over doeltreffende regelingen te beschikken voor
een efficiënte en tijdige afhandeling van de transacties
uitgevoerd op de systemen van de MTF; en
3° op het tijdstip van de vergunningverlening en
doorlopend over voldoende fi nanciële middelen te be-
schikken om een ordelijke werking te bevorderen, gelet
op de aard en omvang van de op de markt uitgevoerde
transacties en de aard en omvang van de risico’s waar-
aan zij zijn blootgesteld.
§ 4. Artikel 27, § 1, § 2, eerste lid, § 3, eerste lid, en
§§ 5 tot 9, artikel 27bis, §§ 1 tot 7, artikel 27ter, §§ 1 tot
3 en §§ 5 tot 8, artikel 27quater en artikel 28, §§ 1 en
2, en §§ 4 tot 8, van de wet van 2 augustus 2002 zijn
niet van toepassing op de uitgevoerde transacties van
een MTF tussen haar leden of deelnemers of tussen de
MTF en haar leden of deelnemers, met betrekking tot
Art. 47
Les exploitants de MTF ou OTF veillent à ce que les
MTF ou OTF concernés ainsi que leurs membres ou
leurs participants synchronisent les horloges profes-
sionnelles utilisées pour enregistrer la date et l’heure
de tout événement méritant d’être signalé.
Sous-section 3
Exigences spécifi ques applicables
en ce qui concerne les MTF
Art. 48
§ 1er. Sans préjudice des exigences organisa-
tionnelles qui leur sont applicables en vertu de la
loi du 25 avril 2014 ou de l’article 3, § 2, de la loi du
25 octobre 2016 d’une part, et en vertu de l’article 46 de
la présente loi d’autre part, les exploitants de MTF
instaurent et mettent en oeuvre des règles non discré-
tionnaires pour l’exécution des ordres dans le système.
§ 2. Les règles visées à l’article 46, § 3, qui régissent
l’accès à un MTF satisfont aux conditions établies à
l’article 31, § 3.
§ 3. Les exploitants de MTF prennent des dispositions:
1° afi n d’être adéquatement équipés pour gérer les
risques auxquels ils sont exposés, de mettre en oeuvre
des dispositifs et des systèmes appropriés leur permet-
tant d’identifi er tous les risques signifi catifs pouvant
compromettre leur bon fonctionnement, et d’instaurer
des mesures effectives pour atténuer ces risques;
2° pour mettre en oeuvre des mécanismes visant
à faciliter le dénouement efficace et en temps voulu
des transactions exécutées dans le cadre de leurs
systèmes; et
3° pour disposer, au moment de l’agrément et à
tout moment par la suite, des ressources fi nancières
suffisantes pour faciliter leur fonctionnement ordonné,
compte tenu de la nature et de l’ampleur des transac-
tions conclues sur le marché ainsi que de l’éventail et
du niveau des risques auxquels ils sont exposés.
§ 4. L’article 27, § 1er, § 2, alinéa 1er, § 3, alinéa 1er et
§§ 5 à 9, l’article 27bis, §§ 1er à 7, l’article 27ter, §§ 1er
à 3 et §§ 5 à 8, l’article 27quater et l’article 28, §§ 1er
et 2 et §§ 4 à 8, de la loi du 2 août 2002 ne sont pas
applicables aux transactions conclues en vertu des
règles relatives aux relations entre les membres ou
participants d’un MTF ou entre le MTF et ses membres
46
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
het gebruik van de MTF. De leden of deelnemers van
een MTF voldoen evenwel aan de verplichtingen van
bovenvermelde bepalingen ten aanzien van hun cliënten
wanneer zij voor rekening van hun cliënten de orders van
die cliënten via de systemen van een MTF uitvoeren.
§ 5. MTF-exploitanten mogen geen cliëntenorders
uitvoeren met eigen kapitaal of gebruik maken van
matched principal trading.
Art. 49
De Koning kan, bij een besluit genomen op advies
van de FSMA, de marktregels van bepaalde types
MTF of van individuele MTF’s die Hij aanduidt, en alle
wijzigingen van die regels, ter goedkeuring voorleggen
aan de FSMA.
Wanneer een marktexploitant die een MTF exploi-
teert waarvoor de Koning gebruik heeft gemaakt van
de machtiging bedoeld in artikel 10, § 6, van de wet
van 2 augustus 2002, voornemens is om een fi nan-
cieel instrument dat is toegelaten tot de verhandeling
op die MTF uit te te sluiten van de handel, deelt hij dat
voornemen vooraf mee aan de FSMA. Die kan zich, na
overleg met hem, daartegen verzetten in het belang van
de bescherming van de beleggers, behoudens wanneer
de uitsluiting van een afgeleid instrument automatisch
voortvloeit uit de marktregels die de FSMA zelf met
toepassing van deze wet of een uitvoeringsbesluit van
deze wet heeft goedgekeurd.
Indien de FSMA een marktexploitant die een MTF
exploiteert waarvoor de Koning gebruik heeft gemaakt
van de machtiging bedoeld in artikel 10, § 6, van de wet
van 2 augustus 2002, na overleg met hem, verzoekt om
in het belang van de bescherming van de beleggers de
verhandeling te schorsen van een fi nancieel instrument
dat is toegelaten tot de verhandeling op deze MTF,
dan moet de bovenvermelde marktexploitant tot deze
schorsing overgaan.
Onderafdeling 4
Specifi eke eisen
voor OTF’s
Art. 50
§ 1. OTF-exploitanten treffen regelingen om te voor-
komen dat orders van cliënten via een OTF worden
uitgevoerd door te handelen met het eigen kapitaal
ou participants, en liaison avec l’utilisation du MTF.
Toutefois, les membres ou participants du MTF res-
pectent les obligations prévues par les dispositions
précitées vis-à-vis de leurs clients lorsque, en agissant
pour le compte de ceux-ci, ils exécutent leurs ordres par
le truchement des systèmes d’un MTF.
§ 5. Les exploitants de MTF ne peuvent exécuter des
ordres de clients en engageant leurs propres capitaux,
ou effectuer des opérations de négociation par appa-
riement avec interposition du compte propre.
Art. 49
Le Roi peut, par un arrêté pris sur avis de la FSMA,
soumettre les règles de marché de certains types de
MTF ou de MTF individuels qu’Il désigne et toutes les
modifi cations à ces règles, à l’approbation de la FSMA.
Lorsque l’opérateur de marché exploitant un MTF
pour lequel le Roi a fait usage de l’habilitation visée à
l’article 10, § 6, de la loi du 2 août 2002, envisage de
prononcer le retrait d’un instrument fi nancier admis à
la négociation sur ce MTF, il en informe préalablement
la FSMA. La FSMA peut, après concertation avec lui,
s’opposer à ce retrait dans l’intérêt de la protection
des investisseurs, sauf s’il s’agit du retrait d’un instru-
ment dérivé qui découle automatiquement des règles
de marché que la FSMA elle-même a approuvées en
application de la présente loi ou d’un arrêté d’exécution
de cette loi.
Si la FSMA, après concertation avec lui, demande à
l’opérateur de marché exploitant un MTF pour lequel le
Roi a fait usage de l’habilitation visée à l’article 10, § 6,
de la loi du 2 août 2002, de suspendre, dans l’intérêt
de la protection des investisseurs, la négociation d’un
instrument fi nancier admis à la négociation sur ce MTF,
l’opérateur de marché susvisé doit procéder à cette
suspension.
Sous-section 4
Exigences spécifi ques applicables
en ce qui concerne les OTF
Art. 50
§ 1er. Les exploitants d’OTF arrêtent des dispositions
empêchant que les ordres de clients soient exécutés
sur l’OTF en engageant des propres capitaux de
47
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
van de kredietinstelling, beleggingsonderneming of
marktexploitant die de OTF exploiteert of met dat van
een entiteit die tot dezelfde groep of rechtspersoon als
de beleggingsonderneming of marktexploitant behoort.
§ 2. OTF-exploitanten mogen uitsluitend gebruik
maken van matched principal trading, op obligaties,
gestructureerde fi nancieringsproducten, emissierechten
en bepaalde derivaten als de cliënt met de verrichting
heeft ingestemd.
OTF-exploitanten mogen geen cliëntenorders uit-
voeren via een OTF door middel van matched principal
trading van derivaten die tot een klasse van derivaten
behoren die overeenkomstig artikel 5 van Verordening
648/2012 aan de clearingverplichting onderworpen is
verklaard.
OTF-exploitanten treffen regelingen die ervoor zorgen
dat de in artikel 3, 23°, vastgelegde defi nitie van “mat-
ched principal trading” in acht wordt genomen.
§ 3. OTF-exploitanten mogen uitsluitend voor eigen
rekening handelen, anders dan matched principal
trading, in gevallen waarin het overheidspapier betreft
waarvoor geen liquide markt bestaat.
§ 4. De exploitatie van een OTF en een systematische
internaliseerder mag niet plaatsvinden binnen dezelfde
juridische entiteit. De verbinding tussen een OTF en een
systematische internaliseerder is zodanig opgezet dat
er geen interactie mogelijk is tussen een in een OTF
ingevoerd order en een in een systematische interna-
liseerder ingevoerd order of notering. De verbinding
tussen een OTF en een andere OTF is zodanig opgezet
dat er geen interactie tussen via verschillende OTF’s
ingevoerde orders mogelijk is.
§ 5. OTF-exploitanten mogen een andere kredietin-
stelling of beleggingsonderneming ermee belasten om
op onafhankelijke basis market making in een OTF te
verrichten.
Kredietinstellingen of beleggingsondernemingen
worden niet geacht op onafhankelijke basis market ma-
king in een OTF te verrichten indien zij nauwe banden
hebben met de betrokken OTF-exploitant.
§ 6. De uitvoering van orders in een OTF vindt plaats
op discretionaire basis.
l’établissement de crédit, de l’entreprise d’investisse-
ment ou de l’opérateur de marché exploitant l’OTF, ou
de toute entité faisant partie du même groupe ou per-
sonne morale que l’établissement de crédit, l’entreprise
d’investissement ou l’opérateur de marché.
§ 2. Les exploitants d’OTF ne peuvent procéder à
la négociation par appariement avec interposition du
compte propre que sur des obligations, des produits
fi nanciers structurés, des quotas d’émissions ou cer-
tains instruments dérivés uniquement si le client a donné
son consentement à l’opération.
Les exploitants d’OTF ne recourent pas à la négo-
ciation par appariement avec interposition du compte
propre pour exécuter sur un OTF des ordres de clients
portant sur des produits dérivés relevant d’une caté-
gorie de produits dérivés ayant été déclarée soumise à
l’obligation de compensation conformément à l’article
5 du Règlement 648/2012.
Les exploitants d’OTF prennent des dispositions
garantissant la conformité avec la défi nition de la négo-
ciation par appariement avec interposition du compte
propre visée à l’article 3, 23°.
§ 3. Les exploitants d’OTF ne peuvent effectuer des
opérations de négociation pour compte propre autres
que la négociation par appariement avec interposition
du compte propre qu’en ce qui concerne les seuls ins-
truments de dette souveraine pour lesquels il n’existe
pas de marché liquide.
§ 4. L’exploitation d’un OTF et d’un internalisateur
systématique ne peut intervenir au sein de la même
entité juridique. Un OTF n’est pas lié à un internalisa-
teur systématique d’une manière qui rende possible
l’interaction des ordres sur un OTF et des ordres ou des
prix sur un internalisateur systématique. Un OTF n’est
pas lié à un autre OTF d’une manière qui permette une
interaction des ordres exécutés sur les différents OTF.
§ 5. Les exploitants d’OTF peuvent avoir recours à
un autre établissement de crédit ou entreprise d’inves-
tissement pour effectuer une tenue de marché sur cet
OTF de manière indépendante.
Un établissement de crédit ou une entreprise d’inves-
tissement n’est pas considéré comme effectuant une
tenue de marché sur un OTF de manière indépendante
si il a des liens étroits avec l’exploitant d’OTF concerné.
§ 6. L’exécution des ordres sur un OTF s’effectue
dans un cadre discrétionnaire.
48
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
OTF-exploitanten beschikken alleen in één van de
volgende twee gevallen of in beide gevallen over dis-
cretionaire ruimte:
1° bij de beslissing tot het plaatsen of intrekken van
een order op de OTF die zij exploiteren;
2° bij de beslissing om een specifi ek cliëntenorder niet
te matchen met andere orders die op een gegeven tijd-
stip in de systemen beschikbaar zijn, mits zij handelen
in overeenstemming met de specifi eke instructies van
een cliënt en met hun verplichtingen overeenkomstig
artikel 28 van de wet van 2 augustus 2002.
Voor het systeem dat cliëntenorders matcht, kunnen
OTF-exploitanten beslissen of, wanneer en hoeveel van
twee of meer orders in het systeem zullen worden ge-
matcht. Overeenkomstig paragrafen 1, 2, 4 en 5, en on-
verminderd paragraaf 3 kunnen OTF-exploitanten, voor
een systeem dat transacties in andere waardepapieren
dan aandelen of daarmee gelijkgestelde instrumenten
regelt, onderhandelingen tussen cliënten faciliteren
teneinde twee of meer potentieel met elkaar verenigbare
handelsintenties in een transactie bij elkaar te brengen.
Deze verplichting doet geen afbreuk aan de bepalin-
gen van artikel 28 van de wet van 2 augustus 2002 en
van artikel 46.
§ 7. De FSMA kan, wanneer een beleggingsonderne-
ming, een kredietinstelling of een marktexploitant voor
de exploitatie van een OTF of ad hoc een vergunning
aanvraagt, van hem of haar een uitvoerige toelichting
verlangen waarom het systeem niet overeenstemt met
en niet kan functioneren als een gereglementeerde
markt, een MTF of een systematische internaliseerder,
evenals een gedetailleerde beschrijving van de manier
waarop de discretie zal worden uitgeoefend, met name
wanneer een order in een OTF kan worden ingetrokken
en wanneer en op welke manier twee of meer cliënten-
orders in een OTF zullen worden gematcht. Daarnaast
verschaft de OTF-exploitant de FSMA toelichting om-
trent het gebruik van matched principal trading. De
FSMA ziet toe op het gebruik van matched principal
trading van een kredietinstelling, beleggingsonderne-
ming of marktexploitant om te waarborgen dat deze
overeenstemt met de defi nitie van dergelijke handel
en dat het gebruik van matched principal trading niet
leidt tot belangenconfl icten tussen de kredietinstelling,
Les exploitants d’OTF n’exercent un pouvoir discré-
tionnaire que dans l’un ou les deux cas suivants:
1° lorsqu’ils décident de placer ou de retirer un ordre
sur l’OTF qu’ils exploitent;
2° lorsqu’ils décident de ne pas apparier un ordre
spécifi que d’un client avec d’autres ordres disponibles
dans les systèmes à un moment donné, pour autant
que cette démarche soit conforme à des instructions
précises reçues d’un client ainsi qu’à ses obligations
prévues à l’article 28 de la loi du 2 août 2002.
Dans le cas d’un système qui confronte les ordres
de clients, l’exploitant d’OTF peut décider si, quand et
combien d’ordres, selon qu’il y en ait deux ou plus, il
souhaite confronter au sein du système. Conformément
aux paragraphes 1er, 2, 4 et 5 et sans préjudice du para-
graphe 3, en ce qui concerne un système qui organise
des transactions d’instruments fi nanciers autres que
des actions ou instruments assimilés, l’exploitant d’OTF
peut faciliter la négociation entre des clients afi n d’assu-
rer la rencontre de deux positions de négociation, ou
plus, potentiellement compatibles sous la forme d’une
transaction.
Cette obligation est sans préjudice des dispositions
de l’article 28 de la loi du 2 août 2002 et de l’article 46.
§ 7. La FSMA peut exiger, lorsqu’une entreprise
d’investissement, un établissement de crédit ou un
opérateur de marché demande un agrément en vue
de l’exploitation d’un OTF ou ponctuellement, une
explication détaillée indiquant pourquoi le système ne
correspond pas à un marché réglementé, un MTF ou
un internalisateur systématique et ne peut fonctionner
selon l’un de ces modèles, et une description détaillée
de la façon dont le pouvoir discrétionnaire sera exercé,
indiquant en particulier dans quelles circonstances un
ordre passé sur un OTF peut être retiré ainsi que dans
quelles circonstances et de quelle manière deux ordres
de clients ou plus seront appariés sur un OTF. En outre,
l’exploitant d’OTF fournit à la FSMA des informations
exposant l’utilisation qu’il ou elle fait de la négociation
par appariement avec interposition du compte propre.
La FSMA surveille les opérations de négociation par
appariement avec interposition du compte propre de
l’établissement de crédit, l’entreprise d’investissement
ou de l’opérateur de marché afi n de s’assurer qu’elles
49
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
de beleggingsonderneming of de marktexploitant en
haar cliënten.
§ 8. Artikel 27, §§ 1 tot 3 en §§ 5 tot 9, artikel 27bis,
§§ 1 tot 7 en § 9, eerste lid, artikel 27ter, §§ 1 tot 3 en
§§ 5 tot 8, de artikelen 27quater en 28 van de wet van
2 augustus 2002 zijn van toepassing op in een OTF
gesloten transacties.
Onderafdeling 5
Markttransparantie en -integriteit
Art. 51
§ 1. MTF- of OTF-exploitanten stellen voor de MTF
of de OTF doeltreffende regelingen en procedures vast
en handhaven ze om stelselmatig toe te zien op de na-
leving van de regels van die instelling door hun leden
of deelnemers of gebruikers. MTF- of OTF-exploitanten
waken over de door hun leden of deelnemers of ge-
bruikers volgens hun systemen verzonden orders met
inbegrip van annuleringen en verrichte transacties opdat
inbreuken op deze regels, handelsvoorwaarden die de
ordelijke werking van de markt verstoren, gedragingen
die kunnen wijzen op praktijken die verboden zijn op
grond van Verordening 596/2014 of systeemverstorin-
gen in verband met een fi nancieel instrument kunnen
worden onderkend, en zij zetten de nodige middelen
in om ervoor te zorgen dat dit toezicht doeltreffend is.
§ 2. MTF- of OTF-exploitanten stellen de FSMA on-
middellijk in kennis van ernstige inbreuken op haar re-
gels, handelsvoorwaarden die de ordelijke werking van
de markt verstoren of gedragingen die kunnen wijzen op
praktijken die verboden zijn op grond van Verordening
596/2014 of systeemverstoringen in verband met een
fi nancieel instrument.
De FSMA stelt ESMA en de bevoegde autoriteiten
van de andere lidstaten in kennis van de in het eerste
lid bedoelde informatie.
Wat betreft gedragingen die kunnen wijzen op
praktijken die verboden zijn op grond van Verordening
596/2014, moet de FSMA ervan overtuigd zijn dat een
dergelijke praktijk plaatsvindt of heeft plaatsgevonden,
voordat zij de bevoegde autoriteiten van de andere
lidstaten en ESMA op de hoogte stelt.
continuent à relever de la défi nition de cette négociation
et que les opérations de négociation par appariement
avec interposition du compte propre qu’elle ou il effec-
tue ne donnent pas lieu à des confl its d’intérêts entre
l’établissement de crédit, l’entreprise d’investissement
ou l’opérateur de marché et ses clients.
§ 8. L’article 27, §§ 1er à 3 et §§ 5 à 9, l’article
27bis, §§ 1er à 7 et § 9, alinéa 1er, l’article 27ter, §§ 1er
à 3 et §§ 5 à 8, les articles 27quater et 28 de la loi du
2 août 2002 sont appliqués aux transactions conclues
sur un OTF.
Sous-section 5
Transparence et intégrité du marché
Art. 51
§ 1er. Les exploitants de MTF ou d’OTF mettent en
place et maintiennent des dispositions et procédures
efficaces, en ce qui concerne le MTF ou l’OTF, pour
contrôler régulièrement que les membres, les partici-
pants ou les utilisateurs en respectent les règles. Les
exploitants de MTF ou d’OTF contrôlent les ordres
transmis, y compris les annulations, et les transactions
effectuées par les membres, les participants ou les
utilisateurs dans le cadre de leurs systèmes en vue
de détecter les violations à ces règles, toute condition
de négociation de nature à perturber le bon ordre du
marché, toute conduite potentiellement révélatrice d’un
comportement qui est interdit en vertu du Règlement
596/2014 ou tout dysfonctionnement du système lié à
un instrument fi nancier, et mobilisent les ressources
nécessaires pour assurer l’efficacité dudit contrôle.
§ 2. Les exploitants de MTF ou d’OTF communiquent
immédiatement à la FSMA les violations importantes à
ses règles, toute condition de négociation de nature à
perturber le bon ordre du marché, toute conduite poten-
tiellement révélatrice d’un comportement qui est interdit
en vertu du Règlement 596/2014 ou tout dysfonctionne-
ment du système lié à un instrument fi nancier.
La FSMA transmet à l’AEMF et aux autorités com-
pétentes des autres États membres les informations
visées à l’alinéa 1er.
En ce qui concerne les conduites potentiellement
révélatrices d’un comportement qui est interdit en vertu
du Règlement 596/2014, la FSMA doit être convaincue
que ce comportement est ou a été commis avant d’en
informer les autorités compétentes des autres États
membres et l’AEMF.
50
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 3. MTF- of OTF-exploitanten verstrekken ook on-
verwijld de informatie over de gedragingen die kunnen
wijzen op praktijken die verboden zijn op grond van
Verordening 596/2014, aan de gerechtelijke autoriteiten
en verlenen hen hun volledige medewerking bij het on-
derzoeken en vervolgen van gevallen van marktmisbruik
die zich in of via hun systemen hebben voorgedaan.
Art. 52
§ 1. Onverminderd het krachtens artikel 78 aan de
FSMA verleende recht om de opschorting van de handel
in een fi nancieel instrument of de uitsluiting van een fi -
nancieel instrument van de handel te verlangen, kunnen
MTF- of OTF-exploitanten de handel in een fi nancieel
instrument opschorten of een fi nancieel instrument van
de handel uitsluiten wanneer dit instrument niet langer
aan de regels van de MTF of de OTF voldoet, tenzij een
dergelijke opschorting of uitsluiting de belangen van
de beleggers of het ordelijk functioneren van de markt
aanzienlijk zou kunnen schaden.
§ 2. MTF- of OTF-exploitanten die de handel in een
fi nancieel instrument opschorten of een fi nancieel instru-
ment van de handel uitsluiten, doen hetzelfde met de in
artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 be-
doelde derivaten die verband houden met dat fi nanciële
instrument of daarnaar verwijzen indien dit noodzakelijk
is ter ondersteuning van de doelstellingen van de op-
schorting of uitsluiting van het onderliggende fi nanci-
ele instrument. MTF- of OTF-exploitanten maken deze
beslissing over de opschorting of uitsluiting van het
fi nanciële instrument en van eventuele hiermee verband
houdende derivaten openbaar en stellen de FSMA in
kennis van de beslissingen in kwestie.
In geval van een exploitant naar Belgisch recht eist de
FSMA dat gereglementeerde markten, andere MTF’s,
andere OTF’s en systematische internaliseerders, die
binnen haar rechtsgebied vallen en handelen in het-
zelfde fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot
k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten
die verband houden met dat fi nanciële instrument of
daarnaar verwijzen, eveneens de handel in dat fi nanci-
ele instrument opschorten of dat fi nanciële instrument
uitsluiten van de handel, indien de opschorting of uit-
sluiting te wijten is aan vermoedelijk marktmisbruik, een
overnamebod of het niet openbaar maken van voorken-
nis over de emittent of het fi nanciële instrument in strijd
met artikelen 7 en 17 van Verordening 596/2014 behalve
indien een dergelijke maatregel de belangen van de
beleggers of het ordelijk functioneren van de markt
aanzienlijk zou kunnen schaden.
§ 3. Les exploitants de MTF ou d’OTF transmettent
également sans délai excessif les informations concer-
nant les conduites potentiellement révélatrices d’un
comportement qui est interdit en vertu du Règlement
596/2014 aux autorités judiciaires et ils prêtent à celles-
ci toute l’aide nécessaire pour instruire et poursuivre
les abus de marché commis sur ou via ses systèmes.
Art. 52
§ 1er. Sans préjudice du droit de la FSMA d’exiger
la suspension ou le retrait d’un instrument fi nancier de
la négociation conformément à l’article 78, un exploi-
tant de MTF ou d’OTF peut suspendre ou retirer de la
négociation tout instrument fi nancier qui n’obéit plus
aux règles du MTF ou de l’OTF, sauf si une telle sus-
pension ou un tel retrait est susceptible d’affecter d’une
manière signifi cative les intérêts des investisseurs ou le
fonctionnement ordonné du marché.
§ 2. Un exploitant de MTF ou d’OTF qui suspend ou
retire un instrument fi nancier de la négociation suspend
ou retire également les instruments dérivés visés à
l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés
ou font référence à cet instrument fi nancier lorsque la
suspension ou le retrait est nécessaire pour soutenir les
objectifs de la suspension ou du retrait de l’instrument
fi nancier sous-jacent. L’exploitant de MTF ou d’OTF
rend publique sa décision de suspension ou de retrait
de l’instrument fi nancier et des instruments dérivés
qui sont liés et communique les décisions pertinentes
à la FSMA.
Dans le cas d’un exploitant de droit belge, la FSMA
exige que les marchés réglementés, les autres MTF et
OTF et les internalisateurs systématiques qui relèvent
de sa compétence et négocient le même instrument
fi nancier ou les instruments dérivés visés à l’article 2, 1°,
d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font réfé-
rence à cet instrument fi nancier, suspendent ou retirent
également cet instrument fi nancier ou ces instruments
dérivés de la négociation, lorsque la suspension ou le
retrait résulte d’un abus présumé de marché, d’une offre
publique d’achat ou de la non-communication d’informa-
tions privilégiées relatives à l’émetteur ou à l’instrument
fi nancier en violation des articles 7 et 17 du Règlement
596/2014, sauf dans les situations où les intérêts des
investisseurs ou le fonctionnement ordonné du marché
pourraient être affectés d’une manière signifi cative par
une telle suspension ou un tel retrait.
51
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
De FSMA maakt het besluit als bedoeld in het tweede
lid onmiddellijk bekend en stelt ESMA en de bevoegde
autoriteiten van de andere lidstaten daarvan onmiddel-
lijk in kennis.
De kennisgevingsprocedure als bedoeld in dit artikel
moet eveneens worden gevolgd als het de FSMA is die
op grond van 78 de beslissing heeft genomen om de
handel in het fi nanciële instrument of in de in artikel 2,
1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde
derivaten die verband houden met dat fi nanciële instru-
ment of daarnaar verwijzen, op te schorten, dan wel om
het voormelde fi nanciële instrument of de voormelde
derivaten uit te sluiten van de handel.
Onderafdeling 6
Kmo-groeimarkten
Art. 53
§ 1. MTF-exploitanten kunnen bij de FSMA een aan-
vraag indienen om de MTF als een kmo-groeimarkt te
laten registreren.
§ 2. In het geval als bedoeld in paragraaf 1 registreert
de FSMA de MTF als een kmo-groeimarkt indien zij
ervan overtuigd is dat met betrekking tot de MTF aan
de vereisten van paragraaf 3 is voldaan.
§ 3. Voor de betrokken MTF’s gelden effectieve re-
gels, systemen en procedures die waarborgen dat aan
het volgende is voldaan:
1° ten minste vijftig procent van de emittenten waar-
van de fi nanciële instrumenten tot de handel op de
MTF zijn toegelaten, zijn kmo’s op het tijdstip dat de
MTF als kmo-groeimarkt wordt geregistreerd en in elk
daaropvolgend kalenderjaar;
2° er zijn passende criteria vastgesteld voor de initiële
en doorlopende toelating tot de handel op de markt van
fi nanciële instrumenten van emittenten;
3° bij de initiële toelating van fi nanciële instrumenten
tot de handel op de markt is er voldoende informatie
openbaar gemaakt opdat beleggers met kennis van
zaken kunnen beslissen om al dan niet in de fi nanciële
instrumenten te beleggen, doordat is overgegaan tot de
publicatie van ofwel een geëigend toelatingsdocument,
ofwel een prospectus indien de vereisten die zijn vast-
gesteld in Richtlijn 2003/71/EG of in hoofdstuk III van
titel IV van de wet van 16 juni 2006 bij een openbare
La FSMA rend immédiatement publique la décision
visée à l’alinéa 2 et la communique aussitôt à l’AEMF et
aux autorités compétentes des autres États membres.
La procédure de notifi cation visée au présent article
s’applique également au cas où la décision de sus-
pendre ou de retirer de la négociation l’instrument
fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article
2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou
font référence à cet instrument fi nancier est prise par
la FSMA en vertu de l’article 78.
Sous-section 6
Marchés de croissance des PME
Art. 53
§ 1er. L’exploitant d’un MTF peut adresser à la FSMA
une demande d’enregistrement du MTF en tant que
marché de croissance des PME.
§ 2. Dans le cas visé au paragraphe 1er, la FSMA
enregistre le MTF en tant que marché de croissance
des PME si elle a la certitude que les exigences
énoncées au paragraphe 3 sont respectées en ce qui
concerne le MTF.
§ 3. Les MTF concernés sont régis par des règles,
systèmes et procédures efficaces qui garantissent le
respect des conditions visées ci-dessous:
1° cinquante pour cent au moins des émetteurs dont
les instruments fi nanciers sont admis à la négociation
sur le MTF sont des PME au moment où le MTF est
enregistré en tant que marché de croissance des PME
et au cours de toute année civile ultérieure;
2° des critères appropriés sont défi nis pour l’admis-
sion initiale et continue des instruments fi nanciers des
émetteurs à la négociation sur le marché;
3° lors de l’admission initiale des instruments fi nan-
ciers à la négociation sur le marché, des informations
suffisantes sont publiées pour permettre aux investis-
seurs de décider en connaissance de cause d’investir
ou non dans les instruments fi nanciers en question,
sous la forme d’un document d’admission approprié
ou d’un prospectus si les exigences énoncées dans
la Directive 2003/71/CE ou au chapitre III du titre IV de
la loi du 16 juin 2006 sont applicables à l’égard d’une
52
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
aanbieding in samenhang met de aanvankelijke toela-
ting tot de handel van het fi nanciële instrument op de
MTF van toepassing zijn;
4° er is sprake van een passende doorlopende pe-
riodieke fi nanciële verslaggeving door of namens een
emittent op de markt, bijvoorbeeld in de vorm van door
een auditor geverifi eerde jaarverslagen;
5° emittenten op de markt zoals gedefi nieerd in artikel
3, lid 1, punt 21, van Verordening 596/2014, personen
met leidinggevende verantwoordelijkheden zoals ge-
defi nieerd in artikel 3, lid 1, punt 25, van Verordening
596/2014 en nauw met deze personen gelieerde per-
sonen zoals gedefi nieerd in artikel 3, lid 1, punt 26,
van Verordening 596/2014, voldoen aan de relevante
vereisten die krachtens Verordening 596/2014 op hen
van toepassing zijn;
6° de wettelijk verplichte informatie over emittenten
op de markt wordt opgeslagen en publiekelijk verspreid;
7° er bestaan doeltreffende systemen en controles
om marktmisbruik op de markt te voorkomen en op te
sporen zoals voorgeschreven bij Verordening 596/2014.
§ 4. De criteria van paragraaf 3 doen geen afbreuk
aan de andere in deze wet vastgelegde verplichtingen
waaraan MTF-exploitanten moeten voldoen voor de
exploitatie van MTF’s. Evenmin beletten zij MTF-
exploitanten aanvullende eisen te stellen naast die welke
in voornoemde paragraaf zijn neergelegd.
§ 5. De FSMA kan de registratie van een MTF als
kmo-groeimarkt schrappen in een van de volgen-
de gevallen:
1° de marktexploitant verzoekt om de schrapping van
zijn registratie als kmo-groeimarkt;
2° de MTF voldoet niet langer aan de vereisten van
paragraaf 3.
§ 6. De FSMA stelt een lijst op van de krachtens dit
artikel geregistreerde MTF’s. Zij maakt die lijst en alle
wijzigingen die erin worden aangebracht, bekend op
haar website.
Als de FSMA een MTF als kmo-groeimarkt regis-
treert of de registratie van een MTF als kmo-groeimarkt
schrapt, stelt zij ESMA daar zo spoedig mogelijk van
in kennis.
offre au public effectuée en lien avec l’admission initiale
de l’instrument fi nancier à la négociation sur le MTF;
4° des informations fi nancières périodiques appro-
priées sont fournies en continu par ou au nom d’un
émetteur sur le marché, par exemple sous la forme de
rapports annuels ayant fait l’objet d’un audit;
5° les émetteurs sur le marché au sens de l’article
3, paragraphe 1, point 21, du Règlement 596/2014, les
personnes exerçant des responsabilités dirigeantes au
sens de l’article 3, paragraphe 1, point 25, du Règlement
596/2014, ainsi que les personnes qui leur sont étroi-
tement liées au sens de l’article 3, paragraphe 1, point
26, du Règlement 596/2014, satisfont aux exigences qui
leur sont applicables en vertu du Règlement 596/2014;
6° les informations réglementaires relatives aux
émetteurs sur le marché sont conservées et diffusées
auprès du public;
7° il existe des systèmes et des contrôles efficaces
pour prévenir et détecter les abus de marché sur ce
marché, comme l’exige le Règlement 596/2014.
§ 4. Les critères énoncés au paragraphe 3 sont
sans préjudice du respect, par l’exploitant de MTF,
des autres obligations prévues par la présente loi en
matière d’exploitation de MTF. Ils n’empêchent pas
non plus l’exploitant de MTF d’imposer des obligations
supplémentaires par rapport à celles spécifi ées au
paragraphe précité.
§ 5. La FSMA peut supprimer l’enregistrement d’un
MTF en tant que marché de croissance des PME dans
l’un des cas suivants:
1° l’exploitant du marché demande qu’il soit mis fi n
à son enregistrement en tant que marché de crois-
sance des PMEt;
2° les exigences énoncées au paragraphe 3 ne sont
plus respectées par ce MTF.
§ 6. La FSMA établit une liste des MTF enregistrés
en vertu du présent article. Cette liste et toutes les
modifi cations qui y sont apportées sont publiées sur
son site internet.
Au cas où la FSMA enregistre un MTF ou supprime
l’enregistrement d’un MTF en tant que marché de
croissance des PME, elle en informe l’AEMF dans les
plus brefs délais.
53
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 7. Als fi nanciële instrumenten van een emittent tot
de handel op een kmo-groeimarkt worden toegelaten,
mogen zij ook op een andere kmo-groeimarkt worden
verhandeld, maar alleen indien de emittent hiervan op
de hoogte is gebracht en hiertegen geen bezwaar heeft
gemaakt. In een dergelijk geval geldt voor de emittent
echter geen enkele verplichting inzake corporate gover-
nance of initiële, periodieke of occasionele informatie-
verstrekking over zijn toelating tot de laatstgenoemde
kmo-groeimarkt.
Onderafdeling 7
Uitoefening van de activiteiten van een Belgische MTF- of
OTF- exploitant in een andere lidstaat van de Europese
Economische Ruimte
Art. 54
§ 1. MTF- of OTF-exploitanten delen aan de FSMA
mee in welke lidstaat zij voornemens zijn de nodige
voorzieningen te treffen om de aldaar gevestigde ge-
bruikers of deelnemers toegang te geven tot de MTF- of
OTF-systemen en er op afstand op te handelen.
De FSMA deelt deze informatie binnen een maand
mee aan de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar de
MTF of de OTF voornemens is dergelijke voorzieningen
te treffen.
§ 2. MTF- of OTF-exploitanten delen aan de FSMA
de identiteitsgegevens mee van de leden of deelnemers
van hun MTF of OTF.
Op verzoek van de bevoegde autoriteit van de lid-
staat van ontvangst van de MTF of OTF deelt de FSMA
haar onverwijld de identiteitsgegevens mee van de
leden of deelnemers van de in die lidstaat gevestigde
MTF of OTF.
Afdeling III
Bepalingen over de MTF’s en OTF’s uit
een andere lidstaat
Art. 55
Voor zover zij dat bedrijf in hun lidstaat van herkomst
mogen uitoefenen, mogen de beleggingsondernemin-
gen, kredietinstellingen en marktexploitanten uit een
andere lidstaat van de Europees Economische Ruimte
die MTF’s of OTF’s exploiteren, in België passende
voorzieningen treffen waardoor in België gevestigde
§ 7. Les instruments fi nanciers d’un émetteur admis
à la négociation sur un marché de croissance des
PME ne peuvent être également négociés sur un autre
marché de croissance des PME que si l’émetteur en
a été informé et n’a pas exprimé d’objections. Dans
ce cas, cependant, l’émetteur n’est soumis à aucune
obligation en matière de gouvernance d’entreprise
ou d’information initiale, périodique ou occasionnelle
en raison de son admission sur ce dernier marché de
croissance des PME.
Sous-section 7
Exercice des activités d’un exploitant belge de MTF
ou OTF dans un autre État membre de l’Espace
économique européen
Art. 54
§ 1er. Les exploitants de MTF ou d’OTF commu-
niquent à la FSMA le nom de l’État membre dans lequel
ils comptent prendre les dispositions nécessaires pour
permettre aux utilisateurs et aux participants qui y sont
établis d’accéder aux systèmes du MTF ou de l’OTF et
de les utiliser à distance.
Dans le mois qui suit, la FSMA communique cette
information à l’autorité compétente de l’État membre
dans lequel le MTF ou l’OTF compte prendre de telles
dispositions.
§ 2. Les exploitants de MTF ou d’OTF communiquent
à la FSMA l’identité des membres ou des participants
de leur MTF ou OTF.
A la demande de l’autorité compétente de l’État
membre d’accueil du MTF ou de l’OTF et dans un délai
raisonnable, la FSMA communique à cette autorité
l’identité des membres ou des participants du MTF ou
de l’OTF établis dans cet État membre.
Section III
Dispositions relatives aux MTF et OTF d’un autre
État membre
Art. 55
Pour autant qu’ils soient autorisés à exercer cette
activité dans l’État membre d’origine, les entreprises
d’investissement, les établissements de crédit et les
opérateurs de marché d’un autre État membre de
l’Espace économique européen qui exploitent des MTF
ou des OTF sont autorisés à prendre les dispositions
54
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
gebruikers, leden of deelnemers op afstand toegang
krijgen tot deze markten en erop mogen handelen.
Art. 56
Als de FSMA een kennisgeving ontvangt van de
bevoegde autoriteit van een andere lidstaat krachtens
artikel 32, lid 2, derde alinea, van Richtlijn 2014/65/EU,
eist zij dat gereglementeerde markten, andere MTF’s en
OTF’s en de systematische internaliseerders die binnen
haar rechtsgebied vallen en handelen in hetzelfde fi nan-
ciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet
van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband
houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar ver-
wijzen, eveneens de handel in dat fi nanciële instrument
opschorten of dat fi nanciële instrument uitsluiten van de
handel, indien de opschorting of uitsluiting te wijten is
aan vermoedelijk marktmisbruik, een overnamebod of
het niet openbaar maken van voorkennis over de emit-
tent of het fi nanciële instrument in strijd met artikelen
7 en 17 van Verordening 596/2014 behalve indien een
dergelijke maatregel de belangen van de beleggers of
het ordelijk functioneren van de markt aanzienlijk zou
kunnen schaden.
De FSMA deelt aan ESMA en aan de andere bevoeg-
de autoriteiten haar besluit mee alsook een toelichting
indien niet is besloten tot opschorting of uitsluiting van
de handel van het fi nanciële instrument of de in artikel 2,
1°, d) tot k), van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde
derivaten die verband houden met dat fi nanciële instru-
ment of daarnaar verwijzen.
Dit artikel is ook van toepassing bij opheffing van
de opschorting of uitsluiting van de handel van het
fi nanciële instrument of de in artikel 2, 1°, d) tot k),
van de wet van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten
die verband houden met dat fi nanciële instrument of
daarnaar verwijzen.
De in dit artikel bedoelde kennisgevingsprocedure is
ook van toepassing in het geval dat het besluit tot op-
schorting of uitsluiting van de handel van een fi nancieel
instrument of van de in artikel 2, 1°, d) tot k), van de wet
van 2 augustus 2002 bedoelde derivaten die verband
houden met dat fi nanciële instrument of daarnaar verwij-
zen, wordt genomen door de FSMA overeenkomstig 78.
appropriées en Belgique pour permettre aux utilisateurs,
aux membres et aux participants qui y sont établis
d’accéder à ces marchés et de les utiliser à distance.
Art. 56
Lors qu’elle reçoit une notifi cation de l’autorité com-
pétente d’un autre État membre en vertu de l’article
32, paragraphe 2, alinéa 3, de la Directive 2014/65/
EU, la FSMA exige que les marchés réglementés, les
autres MTF et OTF et les internalisateurs systématiques
qui relèvent de sa compétence et négocient le même
instrument fi nancier ou les instruments dérivés visés à
l’article 2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont
liés ou font référence à cet instrument fi nancier, sus-
pendent ou retirent également cet instrument fi nancier
ou ces instruments dérivés de la négociation, lorsque
la suspension ou le retrait résulte d’un abus présumé
de marché, d’une offre publique d’achat ou de la non-
communication d’informations privilégiées relatives à
l’émetteur ou à l’instrument fi nancier en violation des
articles 7 et 17 du Règlement 596/2014, sauf dans les
situations où les intérêts des investisseurs ou le fonc-
tionnement ordonné du marché pourraient être affectés
d’une manière signifi cative par une telle suspension ou
un tel retrait.
La FSMA communique sa décision à l’AEMF et
aux autres autorités compétentes, en expliquant son
choix lorsqu’elle décide de ne pas suspendre ou
retirer de la négociation l’instrument fi nancier ou les
instruments dérivés visés à l’article 2, 1°, d) à k), de la
loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font référence à cet
instrument fi nancier.
Le présent article s’applique également lorsqu’est
levée la suspension de la négociation de l’instrument
fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article 2,
1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou font
référence à cet instrument fi nancier.
La procédure de notifi cation visée au présent article
s’applique également au cas où la décision de sus-
pendre ou de retirer de la négociation l’instrument
fi nancier ou des instruments dérivés visés à l’article
2, 1°, d) à k), de la loi du 2 août 2002 qui sont liés ou
font référence à cet instrument fi nancier est prise par
la FSMA en vertu de l’article 78.
55
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
HOOFDSTUK III
Specifi eke bepalingen voor fi nanciële
instrumenten die zijn uitgegeven of gewaarborgd
door de Staat of Belgische openbare instanties
of waarvan de waarde afhankelijk is van een
fi nancieel instrument dat is uitgegeven of
gewaarborgd door de Staat of Belgische
openbare instanties
Art. 57
§ 1. Met betrekking tot de fi nanciële instrumenten
die Hij aanduidt en die zijn uitgegeven of gewaarborgd
door de Staat of Belgische openbare instanties, of de
fi nanciële instrumenten die Hij aanduidt en waarvan de
waarde afhankelijk is van een fi nancieel instrument dat is
uitgegeven of gewaarborgd door de Staat of Belgische
openbare instanties, kan de Koning, op advies van de
Nationale Bank van België en de FSMA:
1° voor de instrumenten die worden verhandeld
op een Belgische gereglementeerde markt of een
Belgische MTF, bijzondere regels vaststellen inzake de
toelating van deze instrumenten tot de verhandeling, de
opschorting of uitsluiting ervan en de wijze van veref-
fening van de transacties in deze instrumenten;
2° de Staat, de gemeenschappen, de gewesten,
de Franse Gemeenschapscommissie en het Federaal
Agentschap van de Schuld toelaten om rechtstreeks
transacties in deze instrumenten op een Belgische
gereglementeerde markt uit te voeren zonder dat zij er
lid van zijn;
3° de organisatie, de werking, het toezicht en de
regelhandhaving regelen van Belgische gereglemen-
teerde markten en MTF’s die gespecialiseerd zijn in
deze instrumenten;
4° een specifi eke toezichtsregeling uitwerken voor
transacties voor deze instrumenten, in voorkomend
geval in afwijking van de bepalingen van afdeling 8 van
hoofdstuk II van de wet van 2 augustus 2002;
5° de wijze bepalen waarop het publiek geïnformeerd
dient te worden over de secundaire markt voor deze
instrumenten.
§ 2. De FSMA is belast met het toezicht op de gege-
vens over de transacties uitgevoerd door de markthou-
ders als bedoeld in artikel 16 van het koninklijk besluit
van 20 december 2007 betreffende de lineaire obliga-
ties, de gesplitste effecten en de schatkistcertifi caten,
die deze markthouders krachtens hun lastenboek aan
de FSMA meedelen. De FSMA houdt het Federaal
CHAPITRE III
Dispositions spécifi ques applicables aux
instruments fi nanciers émis ou garantis par
l’État ou des collectivités publiques belges ou
dont la valeur dépend d’un instrument fi nancier
émis ou garanti par l’État ou des collectivités
publiques belges
Art. 57
§ 1er. En ce qui concerne les instruments fi nanciers,
qu’Il désigne, émis ou garantis par l’État ou des collec-
tivités publiques belges, ou les instruments fi nanciers,
qu’Il désigne, dont la valeur dépend d’un instrument
fi nancier émis ou garanti par l’État ou des collectivités
publiques belges, le Roi peut, sur avis de la Banque
nationale de Belgique et de la FSMA:
1° arrêter, pour les instruments négociés sur un
marché réglementé belge ou un MTF belge, des règles
spécifi ques relatives à l’admission de ces instruments
aux négociations, à leur suspension ou à leur retrait
et au mode de liquidation des transactions portant sur
ces instruments;
2° autoriser l’État, les communautés, les régions, la
Commission communautaire française et l’Agence fédé-
rale de la Dette à effectuer directement des transactions
portant sur ces instruments sur un marché réglementé
belge sans qu’ils en soient membres;
3° régler l’organisation, le fonctionnement, la sur-
veillance et la police de marchés réglementés et MTF
belges spécialisés dans ces instruments;
4° organiser un régime de contrôle spécifi que pour
les transactions portant sur ces instruments, le cas
échéant en dérogeant aux dispositions de la section
8 du chapitre II de la loi du 2 août 2002;
5° fi xer les modalités selon lesquelles est assurée
l’information du public relative au marché secondaire
de ces instruments.
§ 2. La FSMA est chargée du contrôle des données
relatives aux transactions réalisées par les teneurs
de marché visés à l’article 16 de l’arrêté royal du
20 décembre 2007 relatif aux obligations linéaires, aux
titres scindés et aux certifi cats de trésorerie, que les
teneurs de marché communiquent à la FSMA en vertu
de leur cahier des charges. La FSMA tient l’Agence
56
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Agentschap van de Schuld op de hoogte van de door
de markthouders verwezenlijkte maandelijkse volumes.
De Koning legt ook de modaliteiten van dit toezicht
vast, alsook de frequentie en inhoud van de medede-
lingen aan het Federaal Agentschap van de Schuld.
TITEL III
Datarapporteringsdiensten
HOOFDSTUK I
Algemene bepalingen
Art. 58
§ 1. Personen met België als lidstaat van herkomst
van wie het gewone beroep of bedrijf bestaat in het
verlenen van datarapporteringsdiensten moeten een
vergunning krijgen van de FSMA alvorens hun activi-
teiten aan te vangen.
Aanvragers worden er binnen zes maanden na de
indiening van een volledige aanvraag schriftelijk van
in kennis gesteld of de vergunning toegekend dan wel
geweigerd is.
Alle vergunningen worden ter kennis ge-
bracht van ESMA.
§ 2. In afwijking van paragraaf 1 mogen beleggings-
ondernemingen, kredietinstellingen of marktexploitanten
die een handelsplatform exploiteren, een APA, een CTP
of een ARM exploiteren, mits eerst is vastgesteld dat zij
de bepalingen van dit hoofdstuk naleven. Een dergelijke
dienst wordt in hun vergunning van beleggingsonderne-
ming, kredietinstelling of marktexploitant opgenomen.
De in het eerste lid bedoelde personen maken vooraf
een kennisgeving over aan de FSMA.
De kennisgeving bevat de verklaring dat is voldaan
aan de vereisten van deze afdeling en dient ten minste
zes maanden vóór de aanvang van de exploitatie te
worden overgemaakt aan de FSMA.
Tijdens die termijn kan de FSMA zich tegen de uitoe-
fening van de voormelde activiteit verzetten als uit de
kennisgeving niet blijkt dat aan de vereisten van deze
afdeling is voldaan.
fédérale de la Dette informés des volumes mensuels
réalisés par les teneurs de marché.
Le Roi détermine les modalités de ce contrôle, ainsi
que la fréquence et le contenu des communications
faites à l’Agence fédérale de la Dette.
TITRE III
Services de communication de données
CHAPITRE IER
Dispositions générales
Art. 58
§ 1er. Les personnes dont la Belgique est l’État
membre d’origine et dont l’occupation ou l’activité habi-
tuelle consiste à prester des services de communication
de données sont tenus d’obtenir un agrément auprès de
la FSMA avant de commencer leurs opérations.
Le demandeur est informé par écrit, dans les six mois
à compter de la présentation d’une demande complète,
de l’octroi ou du refus de l’agrément.
Tout agrément est notifi é à l’AEMF.
§ 2. Par dérogation au paragraphe 1er, il est permis
à une entreprise d’investissement, un établissement
de crédit ou à un opérateur de marché qui exploite une
plateforme de négociation d’exploiter un APA, un CTP
ou un ARM, à condition qu’il ait été vérifi é au préalable
qu’ils respectent le présent titre. Le service concerné
est inclus dans l’agrément de l’entreprise d’investis-
sement, de l’établissement de crédit ou de l’opérateur
de marché.
Les personnes visées à l’alinéa 1er envoient préala-
blement une notifi cation à la FSMA.
La notifi cation établit qu’il est satisfait aux exigences
de la présente section et est envoyée à la FSMA au
moins six mois avant le début de l’exploitation.
Durant le délai précité, la FSMA peut s’opposer à
l’exercice de l’activité précitée au cas où la notifi cation
n’établit pas qu’il est satisfait aux exigences de la pré-
sente section.
57
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 3. De FSMA stelt een lijst op van de aanbieders
van datarapporteringsdiensten aan wie krachtens deze
wet een vergunning is verleend. Zij maakt deze lijst en
alle wijzigingen die erin worden aangebracht bekend
op haar website.
De lijst bevat informatie over de diensten die aan-
bieders van datarapporteringsdiensten volgens hun
vergunning mogen verrichten.
Als een vergunning is ingetrokken, wordt dit gedu-
rende vijf jaar vermeld op de lijst.
§ 4. Aanbieders van datarapporteringsdiensten staan
bij het verlenen hun diensten onder toezicht van de
FSMA. De FSMA controleert regelmatig of de aanbie-
ders van datarapporteringsdiensten deze titel naleven.
Zij ziet er eveneens op toe dat de aanbieders van da-
tarapporteringsdiensten te allen tijde voldoen aan de
in deze titel vastgestelde voorwaarden waaronder hun
oorspronkelijk een vergunning is verleend.
Art. 59
In de vergunning worden de datarapporteringsdien-
sten vermeld die de aanbieder van datarapporterings-
diensten op grond van de vergunning mag verlenen.
Aanbieders van datarapporteringsdiensten die hun
werkzaamheden tot andere datarapporteringsdiensten
wensen uit te breiden, zijn verplicht een verzoek tot
uitbreiding van hun vergunning in te dienen.
Aanbieders van datarapporteringsdiensten van een
andere lidstaat mogen in België de diensten verlenen
waarvoor hun een vergunning is verleend door de be-
voegde autoriteit van hun lidstaat van herkomst.
Art. 60
De FSMA verleent pas een vergunning nadat zij er
zich van heeft vergewist dat de aanvrager aan alle eisen
van deze titel voldoet.
Aanbieders van datarapporteringsdiensten verstrek-
ken alle informatie, met inbegrip van een programma
van werkzaamheden waarin met name de aard van de
beoogde diensten en de organisatiestructuur worden
vermeld, die nodig is opdat de FSMA zich ervan kan
vergewissen dat de aanbieder van datarapporterings-
diensten ten tijde van de initiële vergunningverlening
alle noodzakelijke regelingen heeft getroffen om te
voldoen aan zijn verplichtingen die voortvloeien uit de
bepalingen van deze titel.
§ 3. La FSMA établit une liste des prestataires de
services de communication de données agréés en vertu
de la présente loi. Cette liste et toutes les modifi cations
qui y sont apportées sont publiées sur son site internet.
La liste contient des informations sur les services pour
lesquels le prestataire de services de communication
de données est agréé.
En cas de retrait de l’agrément, ce retrait est publié
sur la liste pendant cinq ans.
§ 4. Les prestataires de services de communication
de données fournissent leurs services sous la surveil-
lance de la FSMA. La FSMA s’assure régulièrement
que les prestataires de services de communication de
données respectent le présent titre. Elle vérifi e égale-
ment que les prestataires de services de communication
de données satisfont à tout moment aux conditions
imposées pour leur agrément initial, fi xées dans le
présent titre.
Art. 59
L’agrément précise le service de communication de
données que le prestataire de services de communica-
tion de données concerné est autorisé à fournir. Tout
prestataire de services de communication de données
souhaitant étendre son activité à d’autres services de
communication de données soumet une demande
d’extension de son agrément.
Un prestataire de services de communication de
données d’un autre État membre est autorisé à fournir
en Belgique les services pour lesquels il a été agréé
par l’autorité compétente de son État membre d’origine.
Art. 60
L’agrément n’est délivré que lorsque la FSMA s’est
assurée que le demandeur satisfait aux exigences du
présent titre.
Le prestataire de services de communication de
données fournit toutes les informations, y compris un
programme d’activité énumérant notamment le type
de services envisagés et la structure organisationnelle
retenue, qui sont nécessaires pour permettre à la FSMA
de s’assurer que le prestataire a pris toutes les mesures
nécessaires, au moment de l’agrément initial, pour
satisfaire aux obligations que lui impose le présent titre.
58
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 61
De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de
personen belast met de effectieve leiding van een aan-
bieder van datarapporteringsdiensten zijn uitsluitend
natuurlijke personen. Zij geven blijk van de vereiste
professionele betrouwbaarheid en beschikken over de
passende deskundigheid voor het uitoefenen van hun
functie. Zij besteden voldoende tijd aan de uitoefening
van hun taken.
Het wettelijk bestuursorgaan beschikt over voldoende
kennis, vaardigheden en ervaring om inzicht te hebben
in de activiteiten van de aanbieder van datarapporte-
ringsdiensten. Elk lid van het wettelijk bestuursorgaan
handelt eerlijk, integer en met onafhankelijkheid van
geest om de besluiten van de effectieve leiding zo nodig
op doeltreffende wijze aan te vechten en zo nodig op
doeltreffende wijze toe te zien en controle uit te oefenen
op de besluitvorming van de effectieve leiding.
Indien een marktexploitant die een gereglementeerde
markt exploiteert een vergunning tot exploitatie van
een APA, een CTP of een ARM aanvraagt en de leden
van het wettelijk bestuursorgaan of de personen die
instaan voor de effectieve leiding van de APA, de CTP
of het ARM dezelfden zijn als de leden van het wettelijk
bestuursorgaan of van de effectieve leiding van de ge-
reglementeerde markt, worden die personen geacht te
voldoen aan de vereisten van het eerste lid.
Art. 62
§ 1. Aanbieders van datarapporteringsdiensten
brengen de FSMA vooraf op de hoogte van het voorstel
tot benoeming van de leden van het wettelijk bestuurs-
orgaan en van de personen belast met de effectieve
leiding van de aanbieder.
Het eerste lid is eveneens van toepassing op het
voorstel tot hernieuwing van de benoeming van de
in het eerste lid bedoelde personen, evenals op de
niet-hernieuwing van hun benoeming, hun afzetting of
hun ontslag.
De benoeming van de in het eerste lid bedoelde
personen wordt vooraf ter goedkeuring voorgelegd
aan de FSMA.
§ 2. Aanbieders van datarapporteringsdiensten delen
aan de FSMA alle documenten en informatie mee die
haar toelaten te beoordelen of de aanbieder aan de
vereisten van artikel 61 voldoet.
Art. 61
Les personnes qui sont membres de l’organe légal
d’administration et celles qui assurent la direction effec-
tive d’un prestataire de services de communication de
données sont exclusivement des personnes physiques.
Elles disposent de l’honorabilité professionnelle néces-
saire et de l’expertise adéquate à l’exercice de leur
fonction. Elles consacrent un temps suffisant à l’exercice
de leurs fonctions.
L’organe légal d’administration possède les connais-
sances, les compétences et l’expérience collectives ap-
propriées lui permettant de comprendre les activités du
prestataire de services de communication de données.
Chaque membre de l’organe légal d’administration agit
avec une honnêteté, une intégrité et une indépendance
d’esprit qui lui permettent de remettre en cause effec-
tivement, si nécessaire, les décisions de la direction
effective, ainsi que de superviser et suivre efficacement
les décisions prises en matière de gestion.
Lorsqu’un opérateur de marché qui exploite un
marché réglementé demande un agrément relatif à
l’exploitation d’un APA, d’un CTP ou d’un ARM et que
les membres de l’organe légal d’administration ou les
personnes qui assurent la direction effective de l’APA,
du CTP ou de l’ARM sont les mêmes que les membres
de l’organe légal d’administration ou de la direction
effective du marché réglementé, ces personnes sont
réputées respecter les exigences défi nies à l’alinéa 1er.
Art. 62
§ 1er. Les prestataires de services de communication
de données informent préalablement la FSMA de la
proposition de nomination des membres de l’organe
légal d’administration et des personnes chargées de
la direction effective du prestataire.
L’alinéa 1er est également applicable à la proposition
de renouvellement de la nomination des personnes qui
y sont visées ainsi qu’au non-renouvellement de leur
nomination, à leur révocation ou à leur démission.
La nomination des personnes visées à l’alinéa 1er est
soumise à l’approbation préalable de la FSMA.
§ 2. Les prestataires de services de communication
de données communiquent à la FSMA tous les docu-
ments et informations lui permettant d’apprécier si le
prestataire satisfait aux conditions de l’article 61.
59
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 3. De aanbieders van datarapporteringsdiensten en
de in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde personen brengen
de FSMA onverwijld op de hoogte van elk feit of element
dat een wijziging in de bij de benoeming verstrekte in-
formatie inhoudt, en dat een invloed kan hebben op de
voor de uitoefening van de betrokken functie vereiste
professionele betrouwbaarheid en deskundigheid.
Overeenkomstig artikel 58, § 4, artikel 61, eerste lid,
en artikel 72, kan de FSMA, wanneer zij in het kader
van de uitvoering van haar toezichtsopdracht op de
hoogte is van een dergelijk feit of element, dat al dan
niet met toepassing van het eerste lid is verkregen, de
naleving van de in artikel 61, eerste lid, bedoelde ver-
eisten herbeoordelen.
Art. 63
Het wettelijk bestuursorgaan van een aanbieder van
datarapporteringsdiensten stelt governanceregelingen
op en ziet toe op de uitvoering ervan; deze regelingen
garanderen een doeltreffende en voorzichtige bedrijfs-
voering van een organisatie en voorzien onder meer
in een scheiding van taken in de organisatie en in de
voorkoming van belangenconfl icten, en dit op een wijze
die de integriteit van de markt en de belangen van haar
cliënten bevordert.
Art. 64
De FSMA verleent geen vergunning indien zij zich er
niet van heeft kunnen vergewissen dat de persoon of de
personen die het bedrijf van de aanbieder van datarap-
porteringsdiensten feitelijk gaan leiden, blijk geven van
de voor de uitoefening van hun functie vereiste profes-
sionele betrouwbaarheid en passende deskundigheid,
dan wel indien er objectieve en aantoonbare redenen
zijn om aan te nemen dat voorgenomen wijzigingen in
het bestuur van de aanbieder een bedreiging kunnen
vormen voor de gezonde en voorzichtige bedrijfsvoering
ervan en voor een passende inachtneming van de be-
langen van zijn cliënten en de integriteit van de markt.
HOOFDSTUK II
Bepalingen over de goedgekeurde
publicatieregelingen (APA’s)
Art. 65
§ 1. APA’s voorzien in een adequaat beleid en afdoen-
de regelingen om de krachtens artikelen 20 en 21 van
§ 3. Les prestataires de services de communication
de données ainsi que les personnes visées au para-
graphe 1er, alinéa 1er, informent la FSMA sans délai de
tout fait ou élément qui implique une modifi cation des
informations fournies lors de la nomination et qui peut
avoir une incidence sur l’honorabilité professionnelle
et l’expertise nécessaire à l’exercice de la fonction
concernée.
Conformément à l’article 58, § 4, à l’article 61, alinéa
1er et à l’article 72, lorsque la FSMA, dans le cadre de
l’exercice de sa mission de contrôle, a connaissance
d’un tel fait ou élément, obtenu ou non en application
de l’alinéa 1er, elle peut effectuer une réévaluation du
respect des exigences visées à l’article 61, alinéa 1er.
Art. 63
L’organe légal d’administration d’un prestataire
de services de communication de données défi nit et
supervise la mise en oeuvre d’un dispositif de gouver-
nance qui garantit une gestion efficace et prudente de
l’organisation, et notamment la ségrégation des tâches
au sein de l’organisation et la prévention des confl its
d’intérêts, de manière à promouvoir l’intégrité du marché
et l’intérêt de ses clients.
Art. 64
La FSMA refuse de délivrer l’agrément si elle n’a
pas l’assurance que la ou les personnes qui dirigent
effectivement l’activité du prestataire de services de
communication de données jouissent de l’honorabilité
professionnelle nécessaire et de l’expertise adéquate
à l’exercice de leur fonction , ou s’il existe des raisons
objectives et démontrables d’estimer que le change-
ment de direction proposé risquerait de compromettre
la gestion saine et prudente du prestataire et la prise
en compte appropriée de l’intérêt de ses clients et de
l’intégrité du marché.
CHAPITRE II
Dispositions relatives aux dispositifs de
publication agréés (APA)
Art. 65
§ 1er. Un APA dispose de politiques et de méca-
nismes permettant de rendre publiques les informations
60
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Verordening 600/2014 te verstrekken informatie tegen
redelijke commerciële voorwaarden openbaar te maken
binnen een tijdsspanne die realtime zo dicht mogelijk
benadert als technisch haalbaar is. De informatie wordt
15 minuten na de bekendmaking ervan door de APA’s
kosteloos beschikbaar gesteld. De APA’s zijn in staat
om deze informatie op efficiënte en consistente wijze te
verspreiden, zodat deze snel en op niet-discriminerende
basis toegankelijk is in een vorm die de consolidatie van
de informatie met vergelijkbare gegevens uit andere
bronnen vergemakkelijkt.
§ 2. De informatie die overeenkomstig paragraaf
1 door APA’s openbaar wordt gemaakt, omvat ten min-
ste de volgende elementen:
1° de identifi catiecode van het fi nanciële instrument;
2° de prijs waartegen de transactie is gesloten;
3° de omvang van de transactie;
4° het tijdstip waarop de transactie heeft
plaatsgevonden;
5° het tijdstip waarop de transactie is gemeld;
6° de eenheid van de prijs van de transactie;
7° de code voor het handelsplatform waarop de
transactie is uitgevoerd, of als de transactie is uitgevoerd
via een systematische internaliseerder, de code “SI” of
anders de code “OTC”;
8° in voorkomend geval, een indicator dat de trans-
actie aan specifi eke voorwaarden onderworpen was.
§ 3. APA’s treffen en handhaven doeltreffende be-
stuursrechtelijke regelingen om belangenconfl icten met
hun cliënten te voorkomen. Met name geldt dat APA’s
die ook een marktexploitant, een kredietinstelling of een
beleggingsonderneming zijn, alle verzamelde informatie
op niet-discriminerende wijze behandelen en passende
regelingen treffen en handhaven met het oog op de
scheiding van verschillende bedrijfsfuncties.
§ 4. APA’s beschikken over deugdelijke beveiligings-
mechanismen om de beveiliging van de middelen voor
de informatieoverdracht te garanderen, het risico op
datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot een mini-
mum te beperken, en te voorkomen dat informatie uitlekt
vóór de bekendmaking ervan. APA’s houden voldoende
middelen aan en beschikken over back-upvoorzieningen
om hun diensten te allen tijde te kunnen aanbieden en
in stand te kunnen houden.
requises en vertu des articles 20 et 21 du Règlement
600/2014 dans des délais aussi proches du temps réel
que le permettent les moyens techniques et dans des
conditions commerciales raisonnables. Les informations
sont rendues disponibles gratuitement quinze minutes
après leur publication par l’APA. L’APA est en mesure
d’assurer une diffusion efficiente et cohérente de ces
informations, afi n de garantir un accès rapide aux infor-
mations sur une base non discriminatoire et dans un
format qui facilite leur consolidation avec des données
similaires provenant d’autres sources.
§ 2. Les informations rendues publiques par un APA
conformément au paragraphe 1er comprennent au moins
les éléments suivants:
1° l’identifi ant de l’instrument fi nancier;
2° le prix auquel la transaction a été conclue;
3° le volume de la transaction;
4° l’heure de la transaction;
5° l’heure à laquelle la transaction a été déclarée;
6° l’unité de prix de la transaction;
7° le code de la plateforme de négociation sur laquelle
la transaction a été exécutée ou, lorsque la transaction
a été exécutée via un internalisateur systématique, le
code “IS” ou le code “OTC”, selon le cas;
8° le cas échéant, une indication signalant que la
transaction était soumise à des conditions particulières.
§ 3. L’APA met en oeuvre et maintient des disposi-
tifs administratifs efficaces pour prévenir les confl its
d’intérêts avec ses clients. En particulier, un APA qui est
également un opérateur de marché, un établissement de
crédit ou une entreprise d’investissement traite toutes
les informations collectées d’une manière non discri-
minatoire et met en oeuvre et maintient les dispositifs
nécessaires pour séparer les différentes activités.
§ 4. L’APA dispose de mécanismes de sécurité effi-
caces pour garantir la sécurité des moyens de transfert
d’information, réduire au minimum le risque de corrup-
tion des données et d’accès non autorisé et empêcher
les fuites d’informations avant la publication. L’APA
prévoit des ressources suffisantes et des mécanismes
de sauvegarde pour pouvoir assurer ses services à
tout moment.
61
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 5. APA’s beschikken over systemen die transactie-
meldingen doeltreffend op volledigheid kunnen controle-
ren, omissies en aperte fouten kunnen opsporen en om
de hernieuwde transmissie van eventuele foutmeldingen
kunnen verzoeken.
HOOFDSTUK III
Bepalingen over verstrekkers van de consolidated
tape (CTP)
Art. 66
§ 1. CTP voorzien in een adequaat beleid en afdoende
regelingen om overeenkomstig artikelen 6 en 20 van
Verordening 600/2014 openbaar gemaakte informatie te
verzamelen, in een continue elektronische datastroom
te consolideren en tegen redelijke commerciële voor-
waarden voor het publiek beschikbaar te stellen binnen
een tijdsspanne die realtime zo dicht mogelijk benadert
als technisch haalbaar is.
Die informatie omvat ten minste de volgende
bijzonderheden:
1° de identifi catiecode van het fi nanciële instrument;
2° de prijs waartegen de transactie is gesloten;
3° de omvang van de transactie;
4° het tijdstip waarop de transactie heeft
plaatsgevonden;
5° het tijdstip waarop de transactie is gemeld;
6° de eenheid van de prijs van de transactie;
7° de code voor het handelsplatform waarop de
transactie is uitgevoerd, of als de transactie is uitgevoerd
via een systematische internaliseerder, de code “SI” of
anders de code “OTC”;
8° in voorkomend geval, het feit dat een computeral-
goritme binnen de kredietinstelling of de beleggingson-
derneming verantwoordelijk was voor het beleggings-
besluit en de uitvoering van de transactie;
9° in voorkomend geval, een indicator dat de trans-
actie aan specifi eke voorwaarden onderworpen was;
10° indien overeenkomstig artikel 4, lid 1, punten a) of
b), van Verordening 600/2014 vrijstelling was verleend
van de verplichting om de in artikel 3, lid 1, van die ver-
ordening genoemde informatie openbaar te maken, een
§ 5. L’APA met en place des systèmes capables de
vérifi er efficacement l’exhaustivité des déclarations de
transactions, de repérer les omissions et les erreurs
manifestes et de demander une nouvelle transmission
des déclarations erronées le cas échéant.
CHAPITRE III
Dispositions relatives aux fournisseurs de
système consolidé de publication (CTP)
Art. 66
§ 1er. Le CTP met en place des politiques et des
mécanismes adéquats pour collecter les informations
rendues publiques conformément aux articles 6 et 20 du
Règlement 600/2014, les regrouper en un fl ux électro-
nique de données actualisé en continu et les mettre à la
disposition du public dans des délais aussi proches du
temps réel que le permettent les moyens techniques, à
des conditions commerciales raisonnables.
Ces informations incluent au minimum les renseigne-
ments suivants:
1° l’identifi ant de l’instrument fi nancier;
2° le prix auquel la transaction a été conclue;
3° le volume de la transaction;
4° l’heure de la transaction;
5° l’heure à laquelle la transaction a été déclarée;
6° l’unité de prix de la transaction;
7° le code de la plateforme de négociation sur laquelle
la transaction a été exécutée ou, lorsque la transaction
a été exécutée via un internalisateur systématique, le
code “IS” ou le code “OTC”, selon le cas;
8° le cas échéant, le fait qu’un algorithme informa-
tique au sein de l’établissement de crédit ou de l’entre-
prise d’investissement est responsable de la décision
d’investissement et de l’exécution de la transaction;
9° le cas échéant, une indication signalant que la
transaction était soumise à conditions particulières;
10° si l’obligation de publier les informations visée
à l’article 3, paragraphe 1, du Règlement 600/2014 a
été levée à titre de dérogation conformément à l’article
4, paragraphe 1, points a) ou b), dudit règlement, un
62
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
markering om aan te geven welke van die vrijstellingen
voor die transactie gold.
De informatie wordt vijftien minuten na bekendma-
king door de CTP kosteloos beschikbaar gesteld. De
CTP zijn in staat om deze informatie op efficiënte en
consistente wijze te verspreiden, zodat deze snel en
op niet-discriminerende basis toegankelijk is in vormen
die gemakkelijk toegankelijk en bruikbaar zijn voor
marktdeelnemers.
§ 2. CTP voorzien in een adequaat beleid en af-
doende regelingen om overeenkomstig artikelen 10 en
21 van Verordening 600/2014 openbaar gemaakte in-
formatie te verzamelen, in een continue elektronische
datastroom te consolideren en daarop aansluitende
informatie tegen redelijke commerciële voorwaarden
voor het publiek beschikbaar te stellen binnen een
tijdsspanne die realtime zo dicht mogelijk benadert als
technisch haalbaar is, waarbij ten minste de volgende
bijzonderheden worden verstrekt:
1° de identifi catiecode of identifi catiekenmerken van
het fi nanciële instrument;
2° de prijs waartegen de transactie is gesloten;
3° de omvang van de transactie;
4° het tijdstip waarop de transactie heeft
plaatsgevonden;
5° het tijdstip waarop de transactie is gemeld;
6° de eenheid van de prijs van de transactie;
7° de code voor het handelsplatform waarop de
transactie is uitgevoerd, of als de transactie is uitgevoerd
via een systematische internaliseerder, de code “SI” of
anders de code “OTC”;
8° in voorkomend geval, een indicator dat de trans-
actie aan specifi eke voorwaarden onderworpen was.
De informatie wordt vijftien minuten na bekendma-
king door de CTP kosteloos beschikbaar gesteld. De
CTP zijn in staat om deze informatie op efficiënte en
consistente wijze te verspreiden, zodat deze snel en op
niet-discriminerende basis toegankelijk is in algemeen
aanvaarde vormen die interoperabel zijn en gemakkelijk
toegankelijk en bruikbaar zijn voor marktdeelnemers.
§ 3. CTP zorgen ervoor dat de verstrekte gegevens
geconsolideerde gegevens zijn van alle gereglemen-
teerde markten, MTF’s, OTF’s en APA’s en tevens
drapeau pour indiquer de quelle dérogation la transac-
tion a fait l’objet.
Les informations sont rendues disponibles gratuite-
ment quinze minutes après leur publication par le CTP.
Le CTP est en mesure d’assurer une diffusion efficiente
et cohérente de ces informations, de façon à garantir un
accès rapide aux informations sur une base non discri-
minatoire et dans des formats aisément accessibles et
utilisables par les participants au marché.
§ 2. Le CTP met en place des politiques et des dis-
positifs adéquats pour collecter les informations ren-
dues publiques conformément aux articles 10 et 21 du
Règlement 600/2014, les regrouper en un fl ux électro-
nique de données actualisé en continu et les mettre à la
disposition du public dans des délais aussi proches du
temps réel que le permettent les moyens techniques, à
des conditions commerciales raisonnables, en y incluant
au minimum les renseignements suivants:
1° l’identifi ant ou les éléments d’identifi cation de
l’instrument fi nancier;
2° le prix auquel la transaction a été conclue;
3° le volume de la transaction;
4° l’heure de la transaction;
5° l’heure à laquelle la transaction a été déclarée;
6° l’unité de prix de la transaction;
7° le code de la plateforme de négociation sur laquelle
la transaction a été exécutée ou, lorsque la transaction
a été exécutée via un internalisateur systématique, le
code “IS” ou le code “OTC”, selon le cas;
8° le cas échéant, une indication signalant que la
transaction était soumise à conditions particulières.
Les informations sont rendues disponibles gratuite-
ment quinze minutes après leur publication par le CTP.
Le CTP est en mesure d’assurer une diffusion efficiente
et cohérente de ces informations, de façon à garantir un
accès rapide aux informations sur une base non discri-
minatoire et dans des formats communément acceptés
qui soient interopérables et aisément accessibles et
utilisables par les participants au marché.
§ 3. Le CTP garantit que les données à fournir sont
collectées auprès de tous les marchés réglementés,
des MTF, des OTF et des APA et pour les instruments
63
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
betrekking hebben op de fi nanciële instrumenten die
zijn gespecifi ceerd via technische reguleringsnormen
goedgekeurd door de Commissie conform artikel 65,
lid 8, punt c), van Richtlijn 2014/65/EU.
§ 4. CTP treffen en handhaven doeltreffende be-
stuursrechtelijke regelingen om belangenconfl icten te
voorkomen. Met name een marktexploitant of een APA
die ook een geconsolideerde transactiemeldingsrege-
ling exploiteert, behandelt alle verzamelde informatie
op niet-discriminerende wijze, en treft en handhaaft
passende regelingen met het oog op de scheiding van
verschillende bedrijfsfuncties.
§ 5. CTP beschikken over deugdelijke beveiligings-
mechanismen om de beveiliging van de middelen voor
de informatieoverdracht te garanderen en het risico op
datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot een mini-
mum te beperken. CTP houden voldoende middelen
aan en beschikken over back-upvoorzieningen om hun
diensten te allen tijde te kunnen aanbieden en in stand
te kunnen houden.
HOOFDSTUK IV
Bepalingen over goedgekeurde
rapporteringsmechanismen (ARM’s)
Art. 67
§ 1. ARM’s beschikken over een adequaat beleid en
afdoende regelingen om de krachtens artikel 26 van
Verordening 600/2014 te verstrekken informatie zo
spoedig mogelijk en vóór het einde van de werkdag
volgende op die waarop de transactie heeft plaatsge-
vonden te rapporteren. Deze informatie wordt gerap-
porteerd overeenkomstig de vereisten van artikel 26 van
Verordening 600/2014.
§ 2. ARM’s treffen en handhaven doeltreffende be-
stuursrechtelijke regelingen om belangenconfl icten met
hun cliënten te voorkomen. Met name geldt dat ARM’s
die ook een marktexploitant, een kredietinstelling of een
beleggingsonderneming zijn, alle verzamelde informatie
op niet-discriminerende wijze behandelen en passende
regelingen treffen en handhaven met het oog op de
scheiding van verschillende bedrijfsfuncties.
§ 3. ARM’s beschikken over deugdelijke beveiligings-
mechanismen om de beveiliging en authenticatie van de
middelen voor de informatieoverdracht te garanderen,
het risico op datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot
een minimum te beperken, en de vertrouwelijkheid van
de gegevens te allen tijde in stand te houden. ARM’s
fi nanciers désignés par des normes techniques de
règlementation adoptées par la Commission en vertu
de l’article 65 paragraphe 8, point c), de la Directive
2014/65/UE.
§ 4. Le CTP met en oeuvre et maintient des dispositifs
administratifs efficaces pour prévenir les confl its d’inté-
rêts. Ainsi, un opérateur de marché ou un APA gérant
également un système consolidé de publication traite
toutes les informations collectées d’une manière non
discriminatoire et met en oeuvre et maintient les dispo-
sitifs nécessaires pour séparer les différentes activités.
§ 5. Le CTP met en place des mécanismes de
sécurité solides pour garantir la sécurité des moyens
de transfert de l’information et réduire au minimum le
risque de corruption des données et d’accès non auto-
risé. Le CTP prévoit des ressources suffisantes et des
mécanismes de sauvegarde pour pouvoir assurer ses
services à tout moment.
CHAPITRE IV
Dispositions relatives aux mécanismes de
déclaration agréés (ARM)
Art. 67
§ 1er. L’ARM met en place des politiques et des dis-
positifs adéquats pour communiquer les informations
prévues à l’article 26 du Règlement 600/2014 le plus
rapidement possible et au plus tard au terme du jour ou-
vrable suivant le jour d’exécution de la transaction. Ces
informations sont communiquées conformément aux
exigences prévues à l’article 26 du Règlement 600/2014.
§ 2. L’ARM met en oeuvre et maintient des dispo-
sitifs administratifs efficaces pour prévenir les confl its
d’intérêts avec ses clients. En particulier, un ARM qui
est également un opérateur de marché, un établisse-
ment de crédit ou une entreprise d’investissement traite
toutes les informations collectées d’une manière non
discriminatoire et met en oeuvre et maintient en oeuvre
les dispositifs nécessaires pour séparer les différentes
activités.
§ 3. L’ARM met en place des mécanismes de sécurité
solides pour garantir la sécurité et l’authentifi cation des
moyens de transfert de l’information, réduire au mini-
mum le risque de corruption des données et d’accès
non autorisé et empêcher les fuites d’informations
afi n de maintenir en permanence la confi dentialité des
64
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
houden voldoende middelen aan en beschikken over
back- upvoorzieningen om hun diensten te allen tijde
te kunnen aanbieden en in stand te kunnen houden.
§ 4. ARM’s beschikken over systemen die trans-
actiemeldingen doeltreffend op volledigheid kunnen
controleren, door de kredietinstelling of de beleg-
gingsonderneming veroorzaakte omissies en aperte
fouten kunnen opsporen en, wanneer zich een fout
of een omissie voordoet, nadere bijzonderheden over
de fout of de omissie aan de kredietinstelling of de
beleggingsonderneming kunnen meedelen en om de
hernieuwde transmissie van eventuele foutmeldingen
kunnen verzoeken.
ARM’s beschikken over systemen waarmee ze zelf
veroorzaakte fouten of omissies kunnen opsporen,
transactiemeldingen kunnen corrigeren en juiste en vol-
ledige transactiemeldingen aan de bevoegde autoriteit
kunnen toezenden, of opnieuw toezenden, naargelang
het geval.
TITEL IV
Positielimieten en positiebeheerscontroles in
grondstoffenderivaten en rapportage
Art. 68
Voor de toepassing van deze titel wordt onder cen-
trale bevoegde autoriteit de bevoegde autoriteit verstaan
van de lidstaat van herkomst van het handelsplatform
met het grootste handelsvolume in een welbepaald
fi nancieel instrument.
Art. 69
§ 1. Overeenkomstig de door ESMA bepaalde be-
rekeningsmethode stelt de FSMA positielimieten vast
en past ze toe ten aanzien van de omvang van een
nettopositie die een persoon op elk moment kan aan-
houden in grondstoffenderivaten die op handelsplatfor-
men worden verhandeld en economisch gelijkwaardige
OTC-contracten. De limieten worden vastgesteld op
basis van alle posities die door een persoon worden
aangehouden en de posities die voor rekening van
deze persoon worden aangehouden op geaggregeerd
groepsniveau teneinde:
1° marktmisbruik te voorkomen;
2° ordelijke koersvormings- en afwikkelingsvoorwaar-
den te bevorderen, onder meer door marktverstorende
données. L’ARM prévoit des ressources suffisantes et
des mécanismes de sauvegarde pour pouvoir assurer
ses services à tout moment.
§ 4. L’ARM met en place des systèmes capables de
vérifi er efficacement l’exhaustivité des déclarations de
transactions, de repérer les omissions et les erreurs
manifestes dues à l’établissement de crédit ou à l’entre-
prise d’investissement et, lorsqu’une telle erreur ou
omission se produit, qu’il communique les détails de
cette erreur ou omission à l’établissement de crédit ou à
l’entreprise d’investissement et demande une nouvelle
transmission des déclarations erronées le cas échéant.
L’ARM met en place des systèmes lui permettant
de détecter les erreurs ou omissions dues à l’ARM lui-
même et de corriger les déclarations de transactions
et transmettre, ou transmettre à nouveau, selon le cas,
à la FSMA des déclarations de transactions correctes
et complètes.
TITRE IV
Limites de position, contrôle en matière de gestion
des positions sur les instruments dérivés sur matières
premières et déclaration de positions
Art. 68
Aux fi ns du présent titre, on entend par autorité com-
pétente centrale, l’autorité compétente de l’État membre
d’origine de la plateforme de négociation connaissant
le plus grand volume de négociation concernant un
instrument fi nancier déterminé.
Art. 69
§ 1er. La FSMA, conformément à la méthodologie de
calcul déterminée par l’AEMF, établit et applique des
limites de positions sur la taille d’une position nette
qu’une personne peut détenir à tout moment sur les
instruments dérivés sur matières premières négociées
sur des plateformes de négociation et sur les contrats
de gré à gré économiquement équivalents. Les limites
sont fi xées sur la base de toutes les positions détenues
par une personne et de celles détenues en son nom au
niveau d’un groupe agrégé afi n de:
1° prévenir les abus de marché;
2° favoriser une cotation ordonnée et un règlement
efficace, y compris en évitant les positions faussant le
65
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
posities te voorkomen en in het bijzonder door con-
vergentie te waarborgen van de derivatenprijzen in de
maand van levering en de prijzen op de spotmarkt voor
de onderliggende grondstof, onverminderd de koers-
vorming op de markt voor de onderliggende grondstof.
Positielimieten gelden niet voor posities die worden
aangehouden door of voor rekening van een niet-fi nan-
ciële entiteit en waarvan objectief kan worden vastge-
steld dat deze de risico’s verminderen die rechtstreeks
verband houden met de commerciële activiteit van die
niet-fi nanciële entiteit.
§ 2. De positielimieten voorzien in duidelijke kwan-
titatieve drempels voor de maximumomvang van een
positie in een grondstoffenderivaat die personen kun-
nen houden.
§ 3. De FSMA stelt limieten vast voor elk op handels-
platformen verhandeld grondstoffenderivatencontract op
basis van de door ESMA bepaalde berekeningsmetho-
de. Deze positielimiet omvat economisch gelijkwaardige
OTC-contracten.
De FSMA herziet de positielimieten wanneer de
leverbare voorraad of de positie in openstaande con-
tracten aanzienlijk verandert of in geval van een andere
aanzienlijke verandering op de markt, op basis van haar
bepaling van de leverbare voorraad en van de positie
in openstaande contracten, en stelt de positielimiet op-
nieuw vast overeenkomstig de door ESMA vastgestelde
berekeningsmethode.
§ 4. De FSMA stelt ESMA in kennis van de exacte
positielimieten die zij voornemens zijn vast te stellen op
basis van de berekeningsmethode zoals vastgesteld
door ESMA. In voorkomend geval wijzigt de FSMA de
positielimieten overeenkomstig het advies van ESMA
ingevolge artikel 57, lid 5, van Richtlijn 2014/65/EU, of
rechtvaardigt bij ESMA waarom zij meent dat deze niet
hoeven te worden gewijzigd. Ingeval de FSMA limie-
ten oplegt die in strijd zijn met een advies van ESMA,
maakt zij op haar website onmiddellijk een mededeling
bekend waarin zij de redenen waarom zij een dergelijke
werkwijze volgt, volledig uiteenzet.
§ 5. Ingeval hetzelfde grondstoffenderivaat ook in
aanzienlijke hoeveelheden wordt verhandeld op han-
delsplatformen waarvoor België niet de lidstaat van
herkomst is, zijn de bepalingen van deze paragraaf van
toepassing.
Als de FSMA de centrale bevoegde autoriteit is, stelt
zij de unieke positielimiet vast die wordt toegepast op
marché, et en veillant en particulier à la convergence
entre les prix des instruments dérivés pendant le mois
de livraison et les prix au comptant de la matière pre-
mière sous-jacente, sans préjudice de la détermination
des prix sur le marché pour les matières premières
sous-jacentes.
Les limites de position ne s’appliquent pas aux posi-
tions détenues par ou au nom d’une entité non fi nan-
cière et dont la contribution à la réduction des risques
directement liés à l’activité commerciale de cette entité
non fi nancière peut être objectivement mesurée.
§ 2. Les limites de position comportent des seuils
quantitatifs clairs concernant la taille maximale d’une
position sur un instrument dérivé sur matières premières
qu’une personne peut détenir.
§ 3. La FSMA fi xe des limites pour chaque contrat
dérivé sur matières premières négocié sur des plate-
formes de négociation en s’appuyant sur la méthodo-
logie de calcul déterminée par l’AEMF. Cette limite de
position inclut les contrats de gré à gré économiquement
équivalents.
La FSMA révise les limites de positions lorsqu’on
assiste à une modifi cation signifi cative de la quan-
tité livrable ou des positions ouvertes ou à tout autre
changement signifi catif sur le marché, en s’appuyant
sur sa détermination de la quantité livrable et des posi-
tions ouvertes et fi xe de nouveau la limite de position
conformément à la méthodologie de calcul élaborée
par l’AEMF.
§ 4. La FSMA notifi e à l’AEMF les limites exactes
de positions qu’elle entend fi xer conformément à la
méthodologie de calcul établie par l’AEMF. Le cas
échéant, la FSMA modifi e les limites de position confor-
mément à l’avis rendu par l’AEMF en vertu de l’article
57, paragraphe 5, de la Directive 2014/65/UE, ou fournit
à l’AEMF une justifi cation expliquant pourquoi cette
modifi cation n’est pas jugée nécessaire. Au cas où la
FSMA impose des limites contraires à un avis rendu par
l’AEMF, elle publie immédiatement sur son site internet
un communiqué expliquant en détail les raisons de
sa démarche.
§ 5. Lorsque le même instrument dérivé sur matières
premières est également négocié dans des volumes
signifi catifs sur des plateformes de négociation dont
l’État membre d’origine n’est pas la Belgique, les dis-
positions du présent paragraphe sont d’application.
Au cas où la FSMA est l’autorité compétente centrale,
celle-ci fi xe la limite de position unique à appliquer à
66
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
alle handel in dat contract. De FSMA raadpleegt de
bevoegde autoriteiten van de andere handelsplatformen
waar dit derivaat in aanzienlijke hoeveelheden wordt
verhandeld, over de toe te passen unieke positielimiet en
eventuele herzieningen van deze unieke positielimieten.
Ingeval de FSMA geen overeenstemming bereikt
met de andere bevoegde autoriteiten, geeft zij, ten be-
hoeve van de toepassing van artikel 19 van Verordening
1095/2010, schriftelijk de volledige en gedetailleerde
redenen op waarom zij van oordeel is dat niet voldaan
is aan de vereisten neergelegd in paragraaf 1. Dit lid is
eveneens van toepassing als de FSMA niet de centrale
bevoegde autoriteit is.
De FSMA gaat samenwerkingsovereenkomsten aan
voor onder andere de onderlinge uitwisseling van rele-
vante gegevens met de andere bevoegde autoriteiten
van de handelsplatformen waar hetzelfde grondstoffen-
derivaat wordt verhandeld en de bevoegde autoriteiten
van positiehouders in dat grondstoffenderivaat teneinde
het toezicht op en de handhaving van de unieke posi-
tielimiet mogelijk te maken.
§ 6. Beleggingsondernemingen, kredietinstellingen
of marktexploitanten die een handelsplatform exploite-
ren waarop grondstoffenderivaten worden verhandeld,
passen positiebeheerscontroles toe. Die controles
omvatten ten minste de bevoegdheden van het han-
delsplatform om:
1° de posities in openstaande contracten van perso-
nen te bewaken;
2° toegang te krijgen tot informatie, met inbegrip van
alle relevante documentatie, van personen betreffende
de omvang en het doel van een ingenomen positie of
aangegane blootstelling, en betreffende uiteindelijke
of onderliggende eigenaren, gezamenlijke regelin-
gen, enigerlei activa of verplichtingen op de onderlig-
gende markt;
3° te eisen dat een persoon een positie, tijdelijk of
zo nodig defi nitief, beëindigt of vermindert, en eenzijdig
passende actie te ondernemen opdat zulks geschiedt
indien de betrokkene geen gevolg geeft aan dat ver-
eiste; alsook
4° waar passend te eisen dat een persoon weer
tijdelijk voor liquiditeit op de markt zorgt voor een over-
eengekomen prijs en omvang met de uitdrukkelijke
toutes les négociations de cet instrument. La FSMA
consulte les autorités compétentes d’autres plateformes
de négociation dans lesquelles cet instrument dérivé est
négocié dans des volumes signifi catifs au sujet de la
limite de position unique à appliquer et de toute révision
de cette limite de position unique.
En cas de désaccord avec les autres autorités com-
pétentes concernées, la FSMA expose par écrit de
façon exhaustive et détaillée, aux fi ns de l’application
de l’article 19 du Règlement 1095/2010, les motifs pour
lesquels elle considère que les exigences visées au
paragraphe 1er ne sont pas satisfaites. Le présent ali-
néa est également d’application si la FSMA n’est pas
l’autorité compétente centrale.
La FSMA met en place des accords de coopération
comprenant l’échange de données pertinentes avec
les autres autorités compétentes des plateformes
de négociation sur lesquelles le même instrument
dérivé sur matières premières est négocié et les autres
autorités compétentes des détenteurs de position sur
cet instrument dérivé sur matières premières afi n de
permettre le suivi et la mise en oeuvre des limites de
position uniques.
§ 6. Une entreprise d’investissement, un établisse-
ment de crédit ou un opérateur de marché exploitant une
plateforme de négociation qui négocie des instruments
dérivés sur matières premières applique des contrôles
en matière de gestion des positions. Ces contrôles pré-
voient au minimum, pour la plateforme de négociation,
le pouvoir:
1° de surveiller les positions ouvertes des personnes;
2° d’accéder aux informations, y compris à tout docu-
ment pertinent, des personnes concernant le volume et
la fi nalité d’une position ou d’une exposition prise, aux
informations concernant les bénéfi ciaires effectifs ou
les bénéfi ciaires sous-jacents, tout arrangement relatif
à une action de concert et tout actif ou passif connexe
sur le marché sous-jacent;
3° d’exiger d’une personne qu’elle clôture ou réduise
une position, de manière temporaire ou permanente,
selon le cas, et de prendre unilatéralement une action
appropriée pour obtenir la clôture ou la réduction de
cette position si la personne ne donne pas suite de cette
demande; ainsi que
4° le cas échéant, d’exiger d’une personne de réinjec-
ter de la liquidité sur le marché à un prix et à un volume
fi xés d’un commun accord de manière temporaire dans
67
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
bedoeling de effecten van een omvangrijke of dominante
positie te beperken.
§ 7. De positielimieten en positiebeheerscontroles zijn
transparant en niet-discriminerend, specifi ceren hoe zij
van toepassing zijn op personen en houden rekening
met de aard en de samenstelling van de marktdeelne-
mers en met het gebruik dat zij maken van de tot de
handel toegelaten contracten.
§ 8. De beleggingsonderneming, de kredietinstelling
of de marktexploitant die het handelsplatform exploi-
teert, stelt de FSMA op de hoogte van de bijzonderhe-
den van de positiebeheerscontroles.
De FSMA deelt dezelfde informatie alsmede de
bijzonderheden van de door haar vastgestelde positie-
limieten mee aan ESMA.
§ 9. De FSMA legt geen limieten op die restrictiever
zijn dan die welke overeenkomstig paragraaf 1 zijn vast-
gesteld, tenzij in uitzonderlijke gevallen waarin dergelijke
limieten objectief gerechtvaardigd en evenredig zijn in
het licht van de liquiditeit van de markt in kwestie en de
ordelijke werking van die markt. In voorkomend geval
maakt de FSMA op haar website de bijzonderheden
bekend van de restrictievere positielimieten die zij besluit
op te leggen en die gelden voor een initiële periode van
ten hoogste zes maanden, te rekenen vanaf de datum
van de bekendmaking ervan op de website. De restric-
tievere positielimieten kunnen telkens met perioden van
ten hoogste zes maanden worden verlengd indien de
redenen voor de restrictie van toepassing blijven. Indien
zij na het verstrijken van een dergelijke periode van zes
maanden niet worden verlengd, houden zij automatisch
op te bestaan.
Ingeval de FSMA besluit restrictievere positielimieten
op te leggen, stelt zij ESMA daarvan in kennis. De ken-
nisgeving bevat een motivering voor de restrictievere
positielimieten.
Ingeval de FSMA limieten oplegt die in strijd zijn
met een advies van ESMA, maakt zij op haar website
onmiddellijk een mededeling bekend waarin zij de rede-
nen waarom zij een dergelijke werkwijze volgt, volledig
uiteenzet.
Art. 70
§ 1. Beleggingsondernemingen, kredietinstelligen of
marktexploitanten die een handelsplatform exploiteren
l’intention expresse d’atténuer les effets d’une position
importante ou dominante.
§ 7. Les limites de position et les contrôles en matière
de gestion des positions sont transparents et non discri-
minatoires, mentionnent la manière dont ils s’appliquent
aux personnes et tiennent compte de la nature et de la
composition des participants du marché ainsi que de
l’usage que ces derniers font des contrats soumis à
négociation.
§ 8. L’entreprise d’investissement, l’établissement de
crédit ou l’opérateur de marché exploitant la plateforme
de négociation informe la FSMA du détail des contrôles
en matière de gestion des positions.
La FSMA transmet ces informations ainsi que le détail
des limites de position qu’elle a établies à l’AEMF. .
§ 9. La FSMA n’impose pas de limites plus res-
trictives que celles adoptées en vertu du paragraphe
1er, sauf si, exceptionnellement, de telles limites sont
objectivement justifi ées et proportionnées compte tenu
de la liquidité du marché spécifi que et dans l’intérêt du
fonctionnement ordonné du marché. Le cas échéant,
la FSMA publie sur son site internet le détail des limites
de position plus restrictives qu’elle a décidé d’imposer;
celles-ci s’appliquent pendant une période initiale de
six mois maximum à compter de la date de leur publi-
cation sur le site internet. Les limites de position plus
restrictives peuvent être reconduites pour des périodes
ne dépassant pas six mois à la fois, si les circonstances
qui les justifi ent se maintiennent. Les limites de position
plus restrictives qui ne sont pas reconduites à l’issue
de cette période de six mois expirent automatiquement.
Au cas où la FSMA décide d’imposer des limites de
position plus restrictives, elle le notifi e l’AEMF. La noti-
fi cation contient la motivation de l’imposition de limites
de position plus restrictives.
Au cas où la FSMA impose des limites contraires à
un avis rendu par l’AEMF, elle publie immédiatement sur
son site internet un communiqué expliquant en détail
les raisons de sa démarche.
Art. 70
§ 1er. Une entreprise d’investissement, un établisse-
ment de crédit ou un opérateur de marché exploitant une
68
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
waarop wordt gehandeld in grondstoffenderivaten of
emissierechten of derivaten daarvan:
1° maken een wekelijks rapport openbaar met de ge-
aggregeerde posities van de overeenkomstig paragraaf
4 bepaalde verschillende categorieën personen voor de
verschillende grondstoffenderivaten of emissierechten
of derivaten daarvan die op hun handelsplatformen
worden verhandeld, met vermelding van het aantal
long- en shortposities per categorie positiehouder, als-
ook eventuele veranderingen daarin sinds het vorige
rapport, het percentage totale openstaande posities per
categorie en het aantal personen die in elke categorie
een positie aanhouden, en doen dit rapport toekomen
aan de FSMA en ESMA;
2° bezorgen de FSMA ten minste één keer per dag
een volledige uitsplitsing van de posities van alle per-
sonen die op dat handelsplatform actief zijn, waaronder
de leden of deelnemers en hun klanten.
De in 1° neergelegde verplichting geldt alleen wan-
neer zowel het aantal personen als hun openstaande
posities minimumdrempels overschrijden.
§ 2. Ingeval:
1° België de lidstaat van herkomst is van het han-
delsplatform waar een grondstoffenderivaat of emis-
sierechten of derivaten daarvan worden verhandeld; of
2° een grondstoffenderivaat of emissierechten of
derivaten daarvan ook in aanzienlijke hoeveelheden
worden verhandeld op handelsplatformen die zich in
meer dan één Staat bevinden, is de FSMA de centrale
bevoegde autoriteit;
verstrekken beleggingsondernemingen of krediet-
instellingen die buiten een handelsplatform grondstof-
fenderivaten of emissierechten of derivaten daarvan
verhandelen, de FSMA ten minste op dagelijkse basis
een volledige uitsplitsing van hun posities in grondstof-
fenderivaten of emissierechten of derivaten daarvan
die op een handelsplatform worden verhandeld en
economisch gelijkwaardige OTC-contracten, alsmede
die van hun cliënten, en de cliënten van die cliënten
tot aan de eindcliënt, in overeenstemming met artikel
26 van Verordening 600/2014 en indien van toepassing
artikel 8 van Verordening 1227/2011.
plateforme de négociation qui négocie des instruments
dérivés sur matières premières, ou des quotas d’émis-
sion ou des instruments dérivés sur ceux-ci:
1° rend public un rapport hebdomadaire contenant
les positions agrégées détenues par les différentes
catégories de personnes pour les différents instruments
dérivés sur matières premières ou des quotas d’émis-
sion ou des instruments dérivés sur ceux-ci négociés
sur leurs plateformes de négociation, mentionnant le
nombre de positions longues et courtes détenues par
ces catégories, les variations qu’ont connu celles-ci
depuis le dernier rapport, le pourcentage du total des
positions ouvertes que représente chaque catégorie et
le nombre de personnes détenant une position dans
chaque catégorie, conformément au paragraphe 4, et
communiquent ce rapport à la FSMA et à l’AEMF;
2° fournit à la FSMA, au moins une fois par jour, une
ventilation complète des positions détenues par chaque
personne, y compris les membres ou participants et
leurs clients, sur cette plateforme de négociation.
L’obligation énoncée au 1° ne s’applique que lorsque
le nombre de personnes et les positions ouvertes de
ceux-ci dépassent des seuils minimaux.
§ 2. Au cas où:
1° la Belgique est l’État membre d’origine de la
plateforme de négociation où un instrument dérivé sur
matières premières ou des quotas d’émission ou des
instruments dérivés sur ceux-ci sont négociés; ou
2° lorsqu’un instrument dérivé sur matières premières
ou des quotas d’émission ou des instruments dérivés
sur ceux-ci sont négociés dans des volumes signifi catifs
sur des plate-formes de négociation situées dans plus
d’un État, la FSMA est l’autorité compétente centrale;
les entreprises d’investissement ou les établisse-
ments de crédit négociant les instruments dérivés sur
matières premières ou les quotas d’émission concernés
ou des instruments dérivés sur ceux-ci en dehors d’une
plateforme de négociation fournissent, au moins une
fois par jour, à la FSMA, une ventilation complète des
positions qu’ils ont prises sur des instruments dérivés
sur matières premières ou des quotas d’émission ou
des instruments dérivés sur ceux-ci négociés sur une
plateforme de négociation et sur des contrats de gré à
gré économiquement équivalents, ainsi que de celles
de leurs clients et des clients de ces clients jusqu’au
client fi nal, conformément à l’article 26 du Règlement
600/2014 et, le cas échéant, à l’article 8 du Règlement
1227/2011.
69
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 3. Om toezicht op de naleving van artikel 69, § 1,
mogelijk te maken, rapporteren de leden of deelnemers
van gereglementeerde markten, MTF’s en klanten van
OTF’s ten minste één keer per dag aan de beleggings-
onderneming, de kredietinstelling of de marktexploitant
die dat handelsplatform exploiteert, de bijzonderheden
over hun eigen posities die ze aanhouden via contracten
die op dat handelsplatform verhandeld worden, evenals
over die van hun cliënten, en de cliënten van die cliënten
tot aan de eindcliënt.
§ 4. Personen die posities in een grondstoffenderivaat
of emissierecht of derivaat daarvan aanhouden, worden
door de beleggingsonderneming, de kredietinstelling of
de marktexploitant die dat handelsplatform exploiteert,
op grond van de aard van hun hoofdactiviteit, rekening
houdend met eventuele verleende vergunningen, in een
van de volgende categorieën handelaren ingedeeld:
1° beleggingsondernemingen of kredietinstellingen;
2° beleggingsfondsen, zijnde ofwel een instelling voor
collectieve belegging in effecten (icbe) als omschreven
in Richtlijn 2009/65/EG, ofwel een beheerder van alter-
natieve beleggingsfondsen als omschreven in Richtlijn
2011/61/EG;
3° overige fi nanciële instellingen, met inbegrip van
verzekerings- en herverzekeringsondernemingen als
omschreven in Richtlijn 2009/138/EG, en instellingen
voor bedrijfspensioenvoorziening als omschreven in
Richtlijn 2003/41/EG;
4° handelsondernemingen;
5° in het geval van emissierechten of derivaten daar-
van, exploitanten met nalevingsverplichtingen op grond
van Richtlijn 2003/87/EG.
De in paragraaf 1, 1°, bedoelde rapporten specifi ëren
het aantal long- en shortposities per persoonscategorie,
alsook eventuele veranderingen daarin sinds het vorige
rapport, het percentage totale openstaande posities per
categorie en het aantal personen per categorie.
De in paragraaf 1, 1°, bedoelde rapporten en de in
paragraaf 2 bedoelde uitsplitsingen maken een onder-
scheid tussen:
§ 3. Afi n de permettre le contrôle du respect de
l’article 69, § 1er, les membres ou participants de
marchés réglementés ou de MTF et les clients d’OTF
communiquent à l’entreprise d’investissement, à
l’établissement de crédit ou à l’opérateur de marché
exploitant cette plateforme de négociation, les détails
de leurs propres positions détenues via des contrats
négociés sur cette plateforme de négociation sur une
base quotidienne, ainsi que de celles de leurs clients et
des clients de ces clients jusqu’au client fi nal.
§ 4. Les personnes détenant des positions sur un ins-
trument dérivé sur matières premières ou sur des quotas
d’émission ou des instruments dérivés sur ceux-ci sont
classés par l’entreprise d’investissement, l’établisse-
ment de crédit ou l’opérateur de marché exploitant cette
plateforme de négociation compte tenu de la nature de
leur activité principale et de tout agrément applicable,
dans l’une des catégories suivantes:
1° entreprises d’investissement ou établissements
de crédit;
2° fonds d’investissement, qu’il s’agisse d’orga-
nismes de placement collectif en valeurs mobilières
(OPCVM) au sens de la Directive 2009/65/CE ou de
gestionnaires de fonds d’investissement alternatifs au
sens de la directive 2011/61/UE;
3° autres établissements fi nanciers, y compris les
entreprises d’assurance et les entreprises de réassu-
rance au sens de la Directive 2009/138/CE, ainsi que
les institutions de retraite professionnelle au sens de la
Directive 2003/41/CE;
4° entreprises commerciales;
5° dans le cas des quotas d’émissions ou des
instruments dérivés sur ceux-ci, opérateurs soumis à
des obligations de conformité en vertu de la Directive
2003/87/CE.
Les rapports visés au paragraphe 1er, 1°, mentionnent
le nombre de positions longues et courtes par catégorie
de personnes, toutes les variations qu’ont connues
celles-ci depuis le dernier rapport, le pourcentage du
total des positions ouvertes que représente chaque
catégorie et le nombre de personnes par catégorie.
Les rapports visés au paragraphe 1er, 1°, et les ven-
tilations visées au paragraphe 2 établissent aussi une
distinction entre:
70
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° posities die beschouwd worden als posities die
de risico’s die rechtstreeks verband houden met com-
merciële activiteiten, op objectief meetbare wijze ver-
minderen; alsook
2° andere posities.
TITEL V
Toezicht
HOOFDSTUK I
Algemene bepaling
Art. 71
De FSMA ziet toe op de toepassing van de bepalingen
van deze wet en de besluiten en reglementen genomen
ter uitvoering ervan, alsook van Verordening 600/2014.
HOOFDSTUK II
Toezichtsbevoegdheden
Art. 72
Om:
1° de in artikel 71 bedoelde toezichtsopdracht uit
te oefenen;
2° tegemoet te komen aan verzoeken om samen-
werking vanwege de autoriteiten als bedoeld in artikel
75, § 1, 3° en 4°, van de wet van 2 augustus 2002; en
3° tegemoet te komen aan verzoeken om informatie
vanwege ESMA;
beschikt de FSMA, ten aanzien van de marktexploi-
tanten, de kredietinstellingen, de beleggingsonderne-
mingen, de leden van een Belgisch handelsplatform,
de market makers en de aanbieders van datarapporte-
ringsdiensten, over de volgende bevoegdheden:
1° zij kan zich elke informatie en elk document, in wel-
ke vorm ook, doen meedelen, en toegang verkrijgen tot
elk document, en er een kopie van ontvangen of maken;
1° les positions identifiées comme positions qui
réduisent, de manière objectivement mesurable,
les risques directement liés aux activités commer-
ciales; ainsi que
2° les autres positions.
TITRE V
Contrôle
CHAPITRE IER
Disposition générale
Art. 71
La FSMA contrôle l’application des dispositions de la
présente loi et des arrêtés et règlements pris pour son
exécution ainsi que du Règlement 600/2014.
CHAPITRE II
Pouvoirs de surveillance
Art. 72
Aux fi ns de:
1° l’exercice de la mission de contrôle visée à
l’article 71;
2° répondre aux demandes de coopération émanant
des autorités visées à l’article 75, § 1er, 3° et 4°, de la
loi du 2 août 2002; et
3° répondre aux demandes d’information émanant
de l’AEMF;
la FSMA dispose, à l’égard des opérateurs de mar-
ché, des établissements de crédit, des entreprises
d’investissement, des membres d’une plateforme de
négociation belge, des teneurs de marché et des pres-
tataires de services de communication de données, des
pouvoirs suivants:
1° elle peut se faire communiquer toute information
et tout document, sous quelque forme que ce soit, et
avoir accès à tout document, et en recevoir ou en réa-
liser une copie;
71
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2° zij kan zich bestaande opnames van telefoon-
gesprekken, elektronische communicatie of andere
overzichten van dataverkeer doen meedelen;
3° zij kan ter plaatse inspecties en expertises ver-
richten, ter plaatse kennis nemen en een kopie maken
van elk document, gegevensbestand en registratie, en
toegang hebben tot elk informaticasysteem;
4° zij kan de commissarissen of de met de controle
van de jaarrekeningen belaste personen van deze en-
titeiten, op kosten van deze entiteiten, om bijzondere
verslagen vragen over de door haar aangegeven onder-
werpen; daarnaast kan zij commissarissen of de met de
controle van de jaarrekeningen belaste personen van
emittenten van fi nanciële instrumenten, op kosten van
deze emittenten, periodieke verslagen vragen over de
door haar aangegeven onderwerpen;
5° zij kan, wanneer deze entiteiten in België gevestigd
zijn, eisen dat deze haar alle nuttige informatie en docu-
menten bezorgen met betrekking tot ondernemingen die
deel uitmaken van dezelfde groep en in het buitenland
zijn gevestigd.
Art. 73
Onverminderd artikel 72 kan de FSMA van elke per-
soon verstrekking van informatie vragen of eisen, met
inbegrip van alle relevante documentatie over de om-
vang en het doel van een via een grondstoffenderivaat
ingenomen positie of aangegaan risico, en over enigerlei
activa of verplichtingen op de onderliggende markt.
Art. 74
De FSMA kan zich elke informatie en elk document,
in welke vorm ook, doen meedelen door leden op af-
stand van een Belgische gereglementeerde markt die
in de Europese Economische Ruimte gevestigd zijn, of
bij hen ter plaatse inspecties en expertises verrichten.
Wanneer zij van deze bevoegdheid gebruik maakt, stelt
de FSMA de bevoegde autoriteit van de lidstaat van
herkomst hiervan op de hoogte.
De bevoegde autoriteiten van buitenlandse geregle-
menteerde markten hebben ten aanzien van in België
gevestigde leden op afstand van die markten de be-
voegdheid om zich elke informatie en elk document, in
welke vorm ook, te doen meedelen, of om bij hen ter
plaatse inspecties en expertises te verrichten. Wanneer
2° elle peut se faire communiquer les enregistre-
ments existants des conversations téléphoniques, des
communications électroniques ou d’autres échanges
informatiques;
3° elle peut procéder à des inspections et expertises
sur place, prendre connaissance et copie sur place de
tout document, fi chier et enregistrement et avoir accès
à tout système informatique;
4° elle peut demander aux commissaires ou aux
personnes chargées du contrôle des états fi nanciers
de ces entités, de lui remettre, aux frais de ces entités,
des rapports spéciaux sur les sujets qu’elle détermine;
elle peut, en outre, demander aux commissaires ou aux
personnes chargées du contrôle des états fi nanciers
d’émetteurs d’instruments fi nanciers, de lui remettre,
aux frais de ces émetteurs, des rapports périodiques
sur les sujets qu’elle détermine;
5° elle peut exiger de ces entités, lorsque celles-ci
sont établies en Belgique, qu’elles lui fournissent toute
information et tout document utiles relatifs à des entre-
prises qui font partie du même groupe et sont établies
à l’étranger.
Art. 73
Sans préjudice de l’article 72, la FSMA peut deman-
der ou exiger la fourniture d’informations, y compris tout
document pertinent, de toute personne concernant le
volume et la fi nalité d’une position ou d’une exposition
prise par l’intermédiaire d’un instrument dérivé sur
matières premières, et tout actif ou passif sur le marché
sous-jacent.
Art. 74
La FSMA peut se faire communiquer toute information
et tout document, sous quelque forme que ce soit, par
les membres à distance d’un marché réglementé belge
qui sont établis dans l’Espace économique européen,
ou procéder auprès d’eux à des inspections et exper-
tises sur place. Lorsqu’elle fait usage de ce pouvoir,
la FSMA en informe l’autorité compétente de l’État
membre d’origine.
Les autorités compétentes des marchés réglementés
étrangers peuvent se faire communiquer toute infor-
mation et tout document, sous quelque forme que ce
soit, par les membres à distance de ces marchés qui
sont établis en Belgique, ou procéder auprès d’eux à
des inspections et expertises sur place. Lorsqu’elles
72
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
zij van deze bevoegdheid gebruik maken, stellen zij de
FSMA hiervan op de hoogte.
Art. 75
De Belgische marktexploitanten, beleggingsonder-
nemingen en kredietinstellingen verschaffen de FSMA
continue toegang tot de informaticasystemen die de
verhandeling van financiële instrumenten mogelijk
maken op de handelsplatformen die onder het toezicht
van de FSMA ressorteren.
Onverminderd het eerste lid kan de FSMA centrale
tegenpartijen, vereffeningsinstellingen en met vereffe-
ningsinstellingen gelijkgestelde instellingen, verzoeken
om haar periodiek informatie te verschaffen over trans-
acties in fi nanciële instrumenten die toegelaten zijn tot
verhandeling op de handelsplatformen die onder het
toezicht van de FSMA ressorteren, ongeacht of deze
transacties op de betrokken markt of handelsfaciliteit
zijn uitgevoerd of daarbuiten.
Art. 76
De FSMA kan de gerechtelijke overheden verzoeken
alle informatie en documenten te verzamelen die nuttig
worden geacht voor de in artikel 72 bedoelde doelein-
den. De gerechtelijke overheden delen deze informatie
en documenten mee aan de FSMA, met dien verstande
dat de informatie en documenten met betrekking tot
hangende gerechtelijke procedures niet kunnen worden
meegedeeld zonder de uitdrukkelijke toestemming van
de procureur-generaal.
De bevoegde procureur-generaal kan weigeren om
gevolg te geven aan het in het eerste lid bedoelde
verzoek wanneer reeds een gerechtelijke procedure
is ingesteld wegens dezelfde feiten en tegen dezelfde
personen of wanneer zij reeds defi nitief wegens dezelfde
feiten werden veroordeeld.
Art. 77
De bepalingen van de artikelen 79 tot 86 van de
wet van 2 augustus 2002 zijn van toepassing voor de
uitoefening van de opdrachten als bedoeld in artikel 72.
font usage de ce pouvoir, les autorités en question en
informent la FSMA.
Art. 75
Les opérateurs de marché, les entreprises d’investis-
sement et les établissements de crédit belges donnent
à la FSMA un accès permanent aux systèmes infor-
matiques qui permettent la négociation d’instruments
fi nanciers sur les plateformes de négociation fonction-
nant sous la surveillance de la FSMA.
Sans préjudice de l’alinéa 1er, la FSMA peut deman-
der aux contreparties centrales, aux organismes de
liquidation et aux organismes assimilés à des orga-
nismes de liquidation, de lui fournir périodiquement
des informations concernant les transactions portant
sur des instruments fi nanciers admis à la négociation
sur les plateformes de négociation fonctionnant sous la
surveillance de la FSMA, que ces transactions aient été
exécutées sur le marché ou le système de négociation
concerné ou en dehors de celui-ci.
Art. 76
La FSMA peut demander aux autorités judiciaires de
récolter toute information et tout document jugé utile aux
fi ns mentionnées à l’article 72. Les autorités judiciaires
transmettent à la FSMA ces informations et documents,
sous réserve que les informations et documents relatifs
à des procédures judiciaires pendantes ne peuvent
être communiqués sans l’autorisation expresse du
procureur général.
Le procureur général compétent peut refuser de don-
ner suite à la demande visée à l’alinéa 1er lorsqu’une
procédure judiciaire est déjà engagée pour les mêmes
faits et contre les mêmes personnes ou lorsque celles-ci
ont déjà été défi nitivement jugées pour les mêmes faits.
Art. 77
Les dispositions des articles 79 à 86 de la loi du
2 août 2002 sont applicables aux fi ns de l’exercice des
missions visées à l’article 72.
73
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
HOOFDSTUK III
Administratieve maatregelen en sancties
Art. 78
Wanneer dit noodzakelijk is in het kader van haar toe-
zicht op de naleving van de regels inzake marktmisbruik,
de informatieverplichtingen van emittenten en de regels
inzake gereglementeerde markten, OTF’s, MTF’s of
andere handelsplatformen, of wanneer zij daartoe wordt
verzocht door een bevoegde autoriteit in de zin van arti-
kel 75, § 1, 3° of 4°, van de wet van 2 augustus 2002, kan
de FSMA de verhandeling van een fi nancieel instrument
op een Belgische gereglementeerde markt, MTF of OTF
schorsen door middel van een verzoek daartoe aan de
betrokken marktexploitant, beleggingsonderneming of
kredietinstelling die daaraan het nodige gevolg geeft
Wanneer dit noodzakelijk is in het kader van haar
toezicht op de naleving van de informatieverplichtingen
van emittenten en de regels inzake gereglementeerde
markten, OTF’s of MTF’s, of wanneer zij daartoe wordt
verzocht door een bevoegde autoriteit in de zin van arti-
kel 75, § 1, 3° of 4°, van de wet van 2 augustus 2002, kan
de FSMA de verhandeling van een fi nancieel instrument
op een Belgische gereglementeerde markt, MTF of OTF
verbieden door middel van een verzoek daartoe aan de
betrokken marktexploitant, beleggingsonderneming of
kredietinstelling die daaraan het nodige gevolg geeft.
De artikelen 41 en 56 zijn van toepassing.
Art. 79
§ 1. Wanneer de FSMA een inbreuk vaststelt op de
bepalingen van deze wet of de besluiten en reglemen-
ten genomen ter uitvoering ervan, of van Verordening
600/2014, kan zij de voor de inbreuk verantwoordelijke
persoon bevelen om, binnen de termijn die zij bepaalt,
de vastgestelde toestand te verhelpen alsook, desgeval-
lend, om af te zien van herhaling van de gedraging die
een inbreuk vormt. De FSMA kan ook elke natuurlijke
of rechtspersoon die onjuiste of misleidende informatie
heeft gepubliceerd of verspreid, bevelen om een recht-
zetting te publiceren.
Onverminderd de overige maatregelen bepaald door
de wet, kan de FSMA, indien de persoon tot wie zij een
bevel heeft gericht met toepassing van het eerste lid, in
gebreke blijft bij afl oop van de hem opgelegde termijn,
en op voorwaarde dat die persoon zijn middelen heeft
kunnen laten gelden:
CHAPITRE III
Mesures et sanctions administratives
Art. 78
Lorsque cela s’avère nécessaire dans le cadre de
son contrôle du respect des règles en matière d’abus
de marché, des obligations d’information incombant aux
émetteurs et des règles relatives aux marchés régle-
mentés, aux MTF, aux OTF ou à d’autres plateformes de
négociation, ou lorsqu’une autorité compétente au sens
de l’article 75, § 1er, 3° ou 4°, de la loi du 2 août 2002,
le lui en fait la demande, la FSMA peut suspendre la
négociation d’un instrument fi nancier sur un marché
réglementé, un MTF ou un OTF belge, en adressant
une demande en ce sens à l’opérateur de marché, à
l’entreprise d’investissement ou à l’établissement de
crédit concerné, qui y donne la suite nécessaire.
Lorsque cela s’avère nécessaire dans le cadre de
son contrôle du respect des obligations d’informa-
tion incombant aux émetteurs et des règles relatives
aux marchés réglementés, aux MTF ou aux OTF, ou
lorsqu’une autorité compétente au sens de l’article 75,
§ 1er, 3° ou 4°, de la loi du 2 août 2002, le lui en fait la
demande, la FSMA peut interdire la négociation d’un
instrument fi nancier sur un marché réglementé, un MTF
ou un OTF belge, en adressant une demande en ce sens
à l’opérateur de marché, à l’entreprise d’investissement
ou à l’établissement de crédit concerné, qui y donne la
suite nécessaire.
Les articles 41 et 56 sont d’application.
Art. 79
§ 1er. Lorsque la FSMA constate une infraction
aux dispositions de la présente loi ou des arrêtés et
règlements pris pour son exécution, ou du Règlement
600/2014, elle peut enjoindre à la personne responsable
de l’infraction de remédier à la situation constatée dans
le délai que la FSMA détermine et, le cas échéant, de
s’abstenir de réitérer le comportement constitutif d’une
infraction. La FSMA peut également enjoindre à toute
personne physique ou morale ayant publié ou diffusé
des informations fausses ou trompeuses de publier un
communiqué rectifi catif.
Sans préjudice des autres mesures prévues par la loi,
si la personne à laquelle elle a adressé une injonction en
application de l’alinéa 1er reste en défaut à l’expiration
du délai qui lui a été imparti, la FSMA peut, la personne
ayant pu faire valoir ses moyens:
74
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° haar standpunt over de krachtens het eerste lid
gedane vaststellingen openbaar maken, waarbij zij de
identiteit van diegene die verantwoordelijk is voor de
overtreding, en de aard van de overtreding verduide-
lijkt. Deze openbaarmaking gebeurt op kosten van de
betrokken persoon;
2° de betaling van een dwangsom opleggen die per
kalenderdag dat het bevel niet wordt nageleefd niet
meer mag bedragen dan 50 000 euro, noch in het totaal
2 500 000 euro mag overschrijden;
In spoedeisende gevallen kan de FSMA de maat-
regelen bedoeld in het tweede lid, 1°, nemen zonder
voorafgaand bevel met toepassing van het eerste lid,
mits de persoon zijn middelen heeft kunnen laten gel-
den. Ook wanneer er geen duidelijk identifi ceerbare
voor de inbreuk verantwoordelijke persoon is, kan de
FSMA zonder voorafgaand bevel een waarschuwing
bekendmaken waarin desgevallend de aard van de
inbreuk wordt genoemd.
§ 2. Onverminderd de overige maatregelen bepaald
door de wet, kan de FSMA, indien zij overeenkomstig de
artikelen 70 tot 72 van de wet van 2 augustus 2002 een
inbreuk vaststelt op de bepalingen bedoeld in dit
hoofdstuk of de besluiten of reglementen genomen ter
uitvoering ervan, of van Verordening 600/2014, aan de
overtreder een administratieve geldboete opleggen.
Een administratieve geldboete kan ook worden opge-
legd aan één of meer leden van het wettelijk bestuursor-
gaan en aan elke persoon die instaat voor de effectieve
leiding, alsook aan elke andere natuurlijke persoon die
verantwoordelijk wordt geacht voor de inbreuk.
§ 3. Het bedrag van de in paragraaf 2 bedoelde ad-
ministratieve geldboetes wordt als volgt bepaald:
1° wanneer het een rechtspersoon betreft, mag de ad-
ministratieve geldboete, voor hetzelfde feit of geheel van
feiten, niet meer bedragen dan 5 000 000 euro, of, indien
dit hoger is, tien procent van de totale jaaromzet van
die rechtspersoon volgens de recentste jaarrekening die
door het leidinggevend orgaan is opgesteld. Indien de
betrokken rechtspersoon geen omzet realiseert, wordt
onder “totale jaaromzet” begrepen de met omzet cor-
responderende soort inkomsten, hetzij overeenkomstig
de toepasselijke Europese jaarrekeningenrichtlijnen
hetzij, indien die niet van toepassing zijn op de betrok-
ken rechtspersoon, overeenkomstig het nationale recht
van de lidstaat waar de rechtspersoon gevestigd is.
Indien de rechtspersoon een moederonderneming is of
een dochteronderneming van de moederonderneming
die een geconsolideerde jaarrekening moet opstellen,
1° rendre publique sa position quant aux constata-
tions faites en vertu de l’alinéa 1er, en précisant l’identité
de la personne responsable de la violation et la nature
de celle-ci. Les frais de cette publication sont à charge
de la personne concernée;
2° imposer le paiement d’une astreinte qui ne peut
être, par jour calendrier de non-respect de l’injonc-
tion, supérieure à 50 000 euros, ni, au total, excéder
2 500 000 euros;
Dans les cas urgents, la FSMA peut prendre les
mesures visées à l’alinéa 2, 1°, sans injonction préalable
en application de l’alinéa 1er, la personne ayant pu faire
valoir ses moyens. Dans le cas également où la per-
sonne responsable de l’infraction n’est pas clairement
identifi able, la FSMA peut, sans injonction préalable,
publier un avertissement indiquant, le cas échéant, la
nature de l’infraction.
§ 2. Sans préjudice des autres mesures prévues par
la loi, lorsque, conformément aux articles 70 à 72 de
la loi du 2 août 2002, elle constate une infraction aux
dispositions de la présente loi ou dans les arrêtés et
règlements pris pour son exécution, ou du Règlement
600/2014, la FSMA peut infl iger au contrevenant une
amende administrative.
Une amende administrative peut également être
imposée à un ou plusieurs membres de l’organe légal
d’administration et à toute personne chargée de la
direction effective, ainsi que de toute autre personne
physique, lorsque celle-ci est reconnue responsable
de l’infraction.
§ 3. Le montant des amendes administratives visées
au paragraphe 2 est déterminé comme suit:
1° dans le cas d’une personne morale, le montant
de l’amende administrative ne peut être supérieur,
pour le même fait ou pour le même ensemble de faits,
à 5 000 000 euros, ou, si le montant obtenu par appli-
cation de ce pourcentage est plus élevé, à dix pour cent
du chiffre d’affaire annuel total de la personne morale tel
qu’il ressort des derniers comptes disponibles établis par
l’organe de direction. Si la personne morale concernée
ne réalise pas de chiffre d’affaires, il y a lieu d’entendre
par “chiffre d’affaires annuel total” le type de revenus
correspondant au chiffre d’affaires, soit conformément
aux directives comptables européennes pertinentes,
soit, si celles-ci ne sont pas applicables à la personne
morale concernée, conformément au droit interne de
l’État membre dans lequel la personne morale a son
siège statutaire. Lorsque la personne morale est une
75
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
is de in aanmerking te nemen totale jaaromzet gelijk
aan de totale jaaromzet, volgens de laatst beschik-
bare geconsolideerde jaarrekening als goedgekeurd
door het leidinggevend orgaan van de uiteindelijke
moederonderneming;
2° wanneer het een natuurlijk persoon betreft, mag de
administratieve geldboete, voor hetzelfde feit of geheel
van feiten, niet meer bedragen dan 5 000 000 euro.
Wanneer de overtreding de overtreder winst heeft
opgeleverd of ervoor heeft gezorgd dat een verlies kon
worden vermeden, mag dit maximum, ongeacht wat
voorafgaat, tot het dubbele van die winst of dat verlies
worden verhoogd.
Art. 80
De minister kan, na advies van de FSMA, de vergun-
ning die aan een gereglementeerde markt is verleend,
intrekken indien:
1° deze binnen een termijn van twaalf maanden
geen gebruik maakt van de vergunning, uitdrukkelijk te
kennen geeft geen gebruik van de vergunning te zullen
maken of tijdens de zes voorafgaande maanden niet is
geëxploiteerd;
2° deze of haar marktexploitant failliet is verklaard.
Elke intrekking van een vergunning wordt ter kennis
gebracht van ESMA.
Art. 81
§ 1. Wanneer de FSMA vaststelt dat een marktex-
ploitant de bepalingen van deze wet en de ter uitvoe-
ring ervan genomen besluiten en reglementen of van
Verordening 600/2014 in ernstige mate en systematisch
heeft overtreden, dat de organisatie van de marktexploi-
tant of die van de MTF’s, de OTF’s en de gereglemen-
teerde markten die hij exploiteert en/of beheert, ernstige
leemten vertoont waardoor de naleving van deze regels
niet kan worden verzekerd, of dat de marktexploitant
zijn vergunning heeft verkregen door middel van valse
verklaringen of op enige andere onregelmatige wijze,
stelt zij de termijn vast waarbinnen deze toestand moet
worden verholpen. Indien de toestand na afl oop van
deze termijn niet is verholpen, kan de FSMA:
entreprise mère ou une fi liale de l’entreprise mère qui
est tenue d’établir des comptes fi nanciers consolidés, le
chiffre d’affaires annuel total à prendre en considération
est le chiffre d’affaires annuel total, tel qu’il ressort des
derniers comptes consolidés disponibles approuvés
par l’organe de direction de l’entreprise mère ultime;
2° dans le cas d’une personne physique, le montant
de l’amende administrative ne peut être supérieur,
pour le même fait ou pour le même ensemble de faits,
à 5 000 000 euros.
Nonobstant ce qui précède, lorsque la violation a
procuré un profi t au contrevenant ou a permis à ce
dernier d’éviter une perte, ce maximum peut être porté
au double du montant de ce profi t ou de cette perte.
Art. 80
Le ministre, sur avis de la FSMA, peut retirer l’agré-
ment délivré à un marché réglementé au cas où:
1° celui-ci n’en fait pas usage dans un délai de douze
mois, y renonce expressément ou n’a pas fonctionné
pendant les six derniers mois;
2° celui-ci ou son opérateur de marché ont été décla-
rés en faillite.
Tout retrait d’agrément est notifi é à l’AEMF.
Art. 81
§ 1er. Lorsque la FSMA constate qu’un opérateur de
marché enfreint gravement et systématiquement les dis-
positions de la présente loi et des arrêtés et règlements
pris pour son exécution ou le Règlement 600/2014, que
son organisation, ou celle des MTF, OTF et marchés
réglementés qu’il exploite et/ou gère, présente des
lacunes graves susceptibles de compromettre le res-
pect de ces règles, ou qu’il a obtenu son agrément au
moyen de fausses déclarations ou par tout autre moyen
irrégulier, elle fi xe le délai dans lequel il doit être remédié
à la situation constatée. Si, au terme de ce délai, il n’a
pas été remédié à la situation:
76
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° haar standpunt met betrekking tot de vastgestelde
feiten bekendmaken. De kosten voor die bekendmaking
zijn ten laste van de betrokken marktexploitant;
2° bij de marktexploitant een speciaal commissaris
aanstellen.
In dat geval is de schriftelijke, algemene of bijzondere
toestemming van de speciaal commissaris vereist voor
alle handelingen en beslissingen van alle organen van
de marktexploitant en de gereglementeerde markt,
inclusief de algemene vergadering; de FSMA kan de
verrichtingen waarvoor een toestemming is vereist,
echter beperken.
De speciaal commissaris mag elk voorstel dat hij nut-
tig acht, ter beraadslaging voorleggen aan alle organen
van de marktexploitant en de gereglementeerde markt,
inclusief de algemene vergadering. De bezoldiging van
de speciaal commissaris wordt vastgesteld door de
FSMA en gedragen door de marktexploitant.
De leden van het wettelijk bestuursorgaan en de
personen die instaan voor de effectieve leiding die
handelingen stellen of beslissingen nemen zonder de
vereiste toestemming van de speciaal commissaris,
zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het nadeel dat hieruit
voortvloeit voor de marktexploitant, voor de geregle-
menteerde markt of voor derden.
Indien de FSMA de aanstelling van een speciaal
commissaris openbaar heeft gemaakt in het Belgisch
Staatsblad, met opgave van de handelingen en beslis-
singen waarvoor zijn toestemming vereist is, zijn alle
handelingen en beslissingen zonder deze vereiste
toestemming nietig, tenzij de speciaal commissaris
die bekrachtigt. Onder dezelfde voorwaarden zijn alle
beslissingen van de algemene vergadering zonder de
vereiste toestemming van de speciaal commissaris
nietig, tenzij hij die bekrachtigt.
De FSMA kan een plaatsvervangend commissaris
aanstellen;
3° de FSMA kan de vervanging gelasten van de leden
van het wettelijk bestuursorgaan van de marktexploi-
tant binnen een termijn die zij bepaalt en, zo binnen
deze termijn geen vervanging geschiedt, in de plaats
van de voltallige bestuurs- en beheerorganen van de
marktexploitant één of meer voorlopige bestuurders of
zaakvoerders aanstellen die alleen of collegiaal, naar-
gelang van het geval, de bevoegdheden hebben van de
vervangen personen. De FSMA maakt haar beslissing
bekend in het Belgisch Staatsblad.
1° la FSMA peut rendre publique sa position quant
aux constatations faites. Les frais de cette publication
sont à charge de l’opérateur de marché concerné;
2° la FSMA peut désigner un commissaire spécial
auprès de l’opérateur de marché.
Dans ce cas, l’autorisation écrite, générale ou spé-
ciale du commissaire spécial est requise pour tous les
actes et décisions de tous les organes de l’opérateur de
marché et du marché réglementé, y compris l’assem-
blée générale; la FSMA peut toutefois limiter le champ
des opérations soumises à autorisation.
Le commissaire spécial peut soumettre à la délibéra-
tion de tous les organes de l’opérateur de marché et du
marché réglementé, y compris l’assemblée générale,
toutes propositions qu’il juge opportunes. La rémuné-
ration du commissaire spécial est fi xée par la FSMA et
supportée par l’opérateur de marché.
Les membres de l’organe légal d’administration et
les personnes chargées de la direction effective qui
accomplissent des actes ou prennent des décisions
sans avoir recueilli l’autorisation requise du commissaire
spécial sont responsables solidairement du préjudice
qui en est résulté pour l’opérateur de marché, le marché
réglementé ou les tiers.
Si la FSMA a publié au Moniteur belge la désignation
du commissaire spécial et spécifi é les actes et déci-
sions soumis à son autorisation, les actes et décisions
intervenus sans cette autorisation alors qu’elle était
requise sont nuls, à moins que le commissaire spécial
ne les ratifi e. Dans les mêmes conditions, toute décision
d’assemblée générale prise sans avoir recueilli l’autori-
sation requise du commissaire spécial est nulle, à moins
que le commissaire spécial ne la ratifi e.
La FSMA peut désigner un commissaire suppléant;
3° la FSMA peut enjoindre le remplacement des
membres de l’organe légal d’administration de l’opé-
rateur de marché dans un délai qu’elle détermine et,
à défaut d’un tel remplacement dans ce délai, subs-
tituer à l’ensemble des organes d’administration et
de gestion de l’opérateur de marché un ou plusieurs
administrateurs ou gérants provisoires qui disposent,
seuls ou collégialement selon le cas, des pouvoirs des
personnes remplacées. La FSMA publie sa décision
au Moniteur belge.
77
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
De bezoldiging van de voorlopige bestuurder(s)
wordt vastgesteld door de FSMA en gedragen door de
marktexploitant.
De FSMA kan de voorlopige bestuurders op elk tijd-
stip vervangen, hetzij ambtshalve, hetzij op verzoek van
een meerderheid van de aandeelhouders, wanneer zij
aantonen dat het beheer van de betrokkenen niet meer
de nodige waarborgen biedt;
4° de minister kan, op advies van de FSMA, de ver-
gunning van een gereglementeerde markt schorsen of
intrekken.
Elke intrekking van een vergunning wordt ter kennis
gebracht van ESMA.
§ 2. In de gevallen bedoeld in paragraaf 1, 4°, neemt
de marktexploitant die de betrokken markt organiseert,
alle gepaste maatregelen teneinde een geordende over-
gang te waarborgen met eerbiediging van de belangen
van de beleggers. Daartoe werkt hij een overgangs-
plan uit dat hij vooraf ter goedkeuring aan de FSMA
voorlegt. Indien de marktexploitant nalaat een dergelijk
overgangsplan uit te werken, kan de FSMA hem er
ambtshalve één opleggen. De gereglementeerde markt
en haar marktexploitant blijven aan het toezicht van de
FSMA onderworpen tot alle maatregelen zijn uitgevoerd.
In spoedeisende gevallen kan de FSMA de in pa-
ragraaf 1, 1° en 2°, bedoelde maatregelen nemen
zonder voorafgaand bevel met toepassing van deze
paragraaf, mits de persoon zijn middelen heeft kunnen
laten gelden.
Art. 82
Wanneer de FSMA vaststelt dat een marktexploitant
de bepalingen van deze wet en de ter uitvoering ervan
genomen besluiten en reglementen of van Verordening
600/2014 of de bepalingen als bedoeld in artikel 3, § 2,
derde en zesde lid, van de wet van 25 oktober 2016 in
ernstige mate overtreedt, of dat zijn organisatie of die
van de MTF’s, de OTF’s en de gereglementeerde mark-
ten die hij exploiteert en/of beheert, ernstige leemten
vertoont waardoor de naleving van deze regels niet kan
worden verzekerd, kan zij de in artikel 3, § 2, van de wet
van 25 oktober 2016 bedoelde toestemming intrekken.
Art. 83
Wanneer de FSMA vaststelt dat een kredietinstelling
of een beursvennootschap de bepalingen van deze
wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en
La rémunération du ou des administrateurs provi-
soires est fi xée par la FSMA et supportée par l’opérateur
de marché.
La FSMA peut, à tout moment, remplacer le ou
les administrateurs provisoires, soit d’office, soit à la
demande d’une majorité des actionnaires lorsqu’ils
justifi ent que la gestion des intéressés ne présente plus
les garanties nécessaires;
4° le ministre peut, sur avis de la FSMA, suspendre
ou retirer l’agrément délivré à un marché réglementé.
Tout retrait d’agrément est notifi é à l’AEMF.
§ 2. Dans les cas visés au paragraphe 1er, 4°, l’opé-
rateur de marché qui organise le marché en question
prend toutes les mesures appropriées en vue d’assurer
une transition ordonnée dans le respect des intérêts des
investisseurs. A cet effet, il élabore un plan de transition
qu’il soumet à l’approbation préalable de la FSMA. Si
l’opérateur de marché reste en défaut d’élaborer un tel
plan de transition, la FSMA peut lui en imposer un d’of-
fi ce. Le marché règlementé et son opérateur de marché
restent soumis à la surveillance de la FSMA jusqu’à ce
que toutes les mesures soient mises en oeuvre.
§ 3. Dans les cas urgents, la FSMA peut prendre
les mesures visées au paragraphe 1er, 1° et 2°, sans
injonction préalable en application de ce paragraphe,
la personne ayant pu faire valoir ses moyens.
Art. 82
Lorsque la FSMA constate qu’un opérateur de mar-
ché enfreint gravement les dispositions de la présente
loi et des arrêtés et règlements pris pour son exécu-
tion ou du Règlement 600/2014, ou les dispositions
visées à l’article 3, § 2, alinéas 3 et 6, de la loi du
25 octobre 2016, ou que son organisation, ou celle
des MTF, OTF et marchés réglementés qu’il exploite
et/ou gère, présente des lacunes graves susceptibles
de compromettre le respect de ces règles, elle peut
révoquer l’autorisation visée à l’article 3, § 2, de la loi
du 25 octobre 2016.
Art. 83
Lorsque la FSMA constate qu’un établissement de
crédit ou une société de bourse enfreint gravement
les dispositions de la présente loi et des arrêtés et
78
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
reglementen of van Verordening 600/2014 in ernstige
mate overtreedt, of dat de organisatie van de kredietin-
stelling of de beursvennootschap, of, in voorkomend ge-
val, die van de MTF’s en de OTF’s die zij exploiteert, ern-
stige leemten vertoont waardoor de naleving van deze
regels niet kan worden verzekerd, zijn de bepalingen
van artikel 36bis van de wet van 2 augustus 2002 van
toepassing.
Art. 84
Bij overtreding van de toepasselijke bepalingen van
deze wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten
en reglementen of van Verordening 600/2014, kan de
FSMA een beleggingsonderneming of een kredietinstel-
ling tijdelijk verbieden om lid te zijn van een gereglemen-
teerde markt of van een MTF, dan wel een cliënt van
een OTF tijdelijk verbieden om transacties uit te voeren
op het betrokken handelsplatform.
De FSMA bepaalt de duur van het verbod.
Art. 85
De FSMA kan de vergunning die aan een aanbieder
van datarapporteringsdiensten is verleend, intrek-
ken indien:
1° deze binnen een termijn van twaalf maanden
geen gebruik maakt van de vergunning, uitdrukkelijk te
kennen geeft geen gebruik van de vergunning te zullen
maken of tijdens de zes voorafgaande maanden geen
datarapporteringsdienst heeft aangeboden;
2° deze failliet is verklaard.
Elke intrekking van een vergunning wordt ter kennis
gebracht van ESMA.
Art. 86
§ 1. Wanneer de FSMA vaststelt dat een aanbieder
van datarapporteringsdiensten de bepalingen van deze
wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en
reglementen of van Verordening 600/2014 in ernstige
mate en systematisch heeft overtreden, dat zijn orga-
nisatie ernstige leemten vertoont waardoor de naleving
van deze regels niet kan worden verzekerd, of dat hij
zijn vergunning heeft verkregen door middel van valse
verklaringen of op enige andere onregelmatige wijze,
stelt zij de termijn vast waarbinnen deze toestand moet
worden verholpen. Indien de toestand na afl oop van
deze termijn niet is verholpen, kan de FSMA:
règlements pris pour son exécution ou du Règlement
600/2014, ou que l’organisation de l’établissement de
crédit ou de la société de bourse, ou, le cas échéant,
celle des MTF et OTF qu’elle exploite, présente des
lacunes graves susceptibles de compromettre le respect
de ces règles, les dispositions de l’article 36bis de la
loi du 2 août 2002 sont d’application.
Art. 84
En cas de violation des dispositions applicables de
la présente loi et des arrêtés et règlements pris pour
son exécution ou du Règlement 600/2014, la FSMA
peut interdire temporairement à une entreprise d’inves-
tissement ou un établissement de crédit membre d’un
marché réglementé ou d’un MTF, ou à un client d’un
OTF d’effectuer des transactions sur la plateforme de
négociation concernée.
La FSMA détermine la durée de l’interdiction.
Art. 85
La FSMA peut retirer l’agrément délivré à un pres-
tataire de services de communication de données au
cas où celui-ci:
1° n’en fait pas usage dans un délai de douze mois,
y renonce expressément ou n’a fourni aucun service
de communication de données au cours des six der-
niers mois;
2° celui-ci a été déclaré en faillite.
Tout retrait d’agrément est notifi é à l’AEMF.
Art. 86
§ 1er. Lorsque la FSMA constate qu’un prestataire
de service de communication de données enfreint
gravement et systématiquement les dispositions de
la présente loi et des arrêtés et règlementés pris pour
son exécution ou le Règlement 600/2014, que son
organisation présente des lacunes graves susceptibles
de compromettre le respect de ces règles, ou qu’il a
obtenu son agrément au moyen de fausses déclarations
ou par tout autre moyen irrégulier, elle fi xe le délai dans
lequel il doit être remédié à la situation constatée. Si, au
terme de ce délai, il n’a pas été remédié à la situation,
la FSMA peut:
79
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° haar standpunt met betrekking tot de vastgestelde
feiten bekendmaken. De kosten voor die bekendma-
king zijn ten laste van de betrokken aanbieder van
datarapporteringsdiensten;
2° de vervanging gelasten van de bestuurders van
de aanbieder van datarapporteringsdiensten binnen
een termijn die zij bepaalt en, zo binnen deze termijn
geen vervanging geschiedt, in de plaats van de voltal-
lige bestuurs- en beheerorganen van de aanbieder
van datarapporteringsdiensten één of meer voorlopige
bestuurders of zaakvoerders aanstellen die alleen of
collegiaal, naargelang van het geval, de bevoegdheden
hebben van de vervangen personen. De FSMA maakt
haar beslissing bekend in het Belgisch Staatsblad.
De bezoldiging van de voorlopige bestuurder(s) wordt
vastgesteld door de FSMA en gedragen door de aan-
bieder van datarapporteringsdiensten.
De FSMA kan de voorlopige bestuurder(s) op elk
tijdstip vervangen, hetzij ambtshalve, hetzij op verzoek
van een meerderheid van de aandeelhouders, wanneer
zij aantonen dat het beheer van de betrokkenen niet
meer de nodige waarborgen biedt;
3° de vergunning die aan een aanbieder van datarap-
porteringsdiensten is verleend, schorsen of intrekken.
Elke intrekking van een vergunning wordt ter kennis
gebracht van ESMA.
§ 2. In spoedeisende gevallen kan de FSMA de in pa-
ragraaf 1, 1°, bedoelde maatregelen nemen zonder voor-
afgaand bevel met toepassing van deze paragraaf, mits
de persoon zijn middelen heeft kunnen laten gelden.
Art. 87
De FSMA kan, bij overtreding van de vastgestelde
positielimieten conform artikel 69, één of meer admi-
nistratieve maatregelen en sancties als bedoeld in dit
hoofdstuk opleggen:
1° aan de personen gevestigd of met activiteiten in
België of in het buitenland die posities aanhouden die de
limieten op grondstoffenderivatencontracten overschrij-
den die de FSMA heeft vastgesteld in verband met de
contracten die worden verhandeld op in België geves-
tigde of geëxploiteerde handelsplatformen, of in verband
met economisch gelijkwaardige OTC-contracten;
2° aan de personen gevestigd of met activiteiten
in België die posities aanhouden die de limieten op
1° rendre publique sa position quant aux constata-
tions faites. Les frais de cette publication sont à charge
du prestataire de service de communication de don-
nées concerné;
2° enjoindre le remplacement des administrateurs du
prestataire de service de communication de données
dans un délai qu’elle détermine et, à défaut d’un tel rem-
placement dans ce délai, substituer à l’ensemble des
organes d’administration et de gestion du prestataire de
service de communication de données un ou plusieurs
administrateurs ou gérants provisoires qui disposent,
seuls ou collégialement selon le cas, des pouvoirs des
personnes remplacées. La FSMA publie sa décision
au Moniteur belge.
La rémunération du ou des administrateurs provi-
soires est fi xée par la FSMA et supportée par le pres-
tataire de service de communication de données.
La FSMA peut, à tout moment, remplacer le ou
les administrateurs provisoires, soit d’office, soit à la
demande d’une majorité des actionnaires lorsqu’ils
justifi ent que la gestion des intéressés ne présente plus
les garanties nécessaires;
3° suspendre ou retirer l’agrément délivré à un pres-
tataire de services de communication de données.
Tout retrait d’agrément est notifi é à l’AEMF.
§ 2. Dans les cas urgents, la FSMA peut prendre les
mesures visées au paragraphe 1er, 1°, sans injonction
préalable en application de ce paragraphe, la personne
ayant pu faire valoir ses moyens.
Art. 87
La FSMA peut imposer une ou plusieurs des mesures
et sanctions administratives visées par le présent cha-
pitre en cas de violations des limites de position fi xées
conformément à l’article 69:
1° aux personnes situées ou actives en Belgique ou
à l’étranger, qui détiennent des positions qui dépassent
les limites sur contrats dérivés sur matières premières
que la FSMA a fi xées pour les contrats négociés sur
des plateformes de négociation situées ou exploitées
en Belgique ou pour les contrats économiquement
équivalents de gré à gré;
2° aux personnes situées ou actives en Belgique, qui
détiennent des positions qui dépassent les limites sur
80
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
grondstoffenderivatencontracten overschrijden die de
bevoegde autoriteiten van andere lidstaten hebben
vastgesteld.
Art. 88
Indien de FSMA als de bevoegde autoriteit van
de lidstaat van ontvangst van een gereglementeerde
markt, een MTF of een OTF, duidelijke en aantoonbare
redenen heeft om aan te nemen dat deze gereglemen-
teerde markt, dit MTF of dit OTF niet voldoet aan de
verplichtingen die uit de ter uitvoering van de Richtlijn
2014/65/EU vastgestelde bepalingen voortvloeien, stelt
zij de bevoegde autoriteit van de lidstaat van herkomst
van de gereglementeerde markt, MTF of OTF van deze
bevindingen in kennis.
Indien de gereglementeerde markt, MTF of OTF in
weerwil van de aldus door de bevoegde autoriteit van de
lidstaat van herkomst getroffen maatregelen, of omdat
deze maatregelen ontoereikend zijn, blijft handelen op
een wijze die de belangen van beleggers in België of
de ordelijke werking van de markten kennelijk schaadt,
neemt de FSMA, na de bevoegde autoriteit van de lid-
staat van herkomst daarvan in kennis te hebben gesteld,
de nodige maatregelen om de beleggers of de goede
werking van de markten te beschermen. Daartoe be-
hoort de mogelijkheid om de gereglementeerde markt,
MTF of OTF te beletten haar voorzieningen beschikbaar
te stellen voor in België gevestigde leden of deelnemers
op afstand. De Europese Commissie en de ESMA wor-
den onverwijld van deze maatregelen in kennis gesteld.
Bovendien kan de FSMA de zaak verwijzen
naar ESMA.
TITEL VI
Strafbepalingen
Art. 89
Worden gestraft met een gevangenisstraf van één
maand tot één jaar en een geldboete van 50 euro tot
10 000 euro of met één van deze straffen alleen:
1° in het in artikel 88 bedoelde geval, de marktexploi-
tanten en exploitanten van MTF’s of OTF ‘s die zich niet
conformeren aan het bevel om de voorzieningen van
de gereglementeerde markten, de MTF’s of de OTF’s
die zij exploiteren en/of beheren, niet ter beschikking te
stellen van de leden op afstand of de deelnemers die in
België zijn gevestigd;
contrats dérivés sur matières premières fi xées par les
autorités compétentes dans d’autres États membres.
Art. 88
Lorsque la FSMA, en tant qu’autorité compétente de
l’État membre d’accueil d’un marché réglementé d’un
MTF ou d’un OTF, a des raisons claires et démontrables
d’estimer que ce marché réglementé, cet MTF ou cet
OTF ne respecte pas les obligations qui lui incombent
en vertu des dispositions arrêtées en application de
la Directive 2014/65/UE, elle en fait part à l’autorité
compétente de l’État membre d’origine dudit marché
réglementé, MTF ou OTF.
Si, en dépit des mesures prises par l’autorité compé-
tente de l’État membre d’origine ou en raison du carac-
tère inadéquat de ces mesures, le marché réglementé,
MTF ou OTF continue d’agir d’une manière clairement
préjudiciable aux intérêts des investisseurs en Belgique
ou au fonctionnement ordonné des marchés, la FSMA,
après en avoir informé l’autorité compétente de l’État
membre d’origine, prend toutes les mesures appro-
priées requises pour protéger les investisseurs ou pour
préserver le bon fonctionnement des marchés. Cela
inclut la possibilité d’empêcher ce marché réglementé,
MTF ou OTF de mettre ses dispositifs à la disposition
de membres à distance ou de participants établis en
Belgique. La Commission européenne et l’AEMF sont
informées sans délai de l’adoption de ces mesures.
En outre, la FSMA peut en référer à l’AEMF.
TITRE VI
Dispositions pénales
Art. 89
Sont punis d’un emprisonnement d’un mois à un an
et d’une amende de 50 euros à 10 000 euros ou d’une
de ces peines seulement:
1° dans le cas visé à l’article 88, les opérateurs de
marché et exploitants de MTF ou OTF qui ne se confor-
ment pas à l’injonction de ne pas mettre les dispositifs
des marchés réglementés, MTF ou OTF qu’ils exploitent
et/ou gèrent à la disposition de membres à distance ou
de participants établis en Belgique;
81
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2° zij die de onderzoeken en expertises van de FSMA
krachtens deze wet verhinderen of haar bewust onjuiste
of onvolledige informatie verstrekken;
3° zij die in België de activiteiten van gereglemen-
teerde markt verrichten zonder daartoe erkend te zijn;
4° zij die in België de activiteit van aanbieder van
datarapporteringsdiensten verrichten zonder over de
daartoe vereiste vergunning te beschikken.
Art. 90
De inbreuken op artikel 28 worden bestraft met de
straffen bepaald in artikel 458 van het Strafwetboek.
Art. 91
De bepalingen van boek I van het Strafwetboek zijn,
zonder uitzondering van hoofdstuk VII en van artikel 85,
van toepassing op de inbreuken bedoeld in deze titel.
TITEL VII
Wijzigingsbepalingen
HOOFDSTUK I
Wijzigingen van het Wetboek van
Vennootschappen
Art. 92
In artikel 4 van het Wetboek van Vennootschappen,
vervangen bij de wet van 2 augustus 2002, wor-
den de woorden “artikel 2, 3°, van de wet van
2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanci-
ele sector en de fi nanciële diensten” vervangen door de
woorden “artikel 3, 7°, van de wet van … over de infra-
structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten
en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”.
Art. 93
In artikel 88, tweede lid, van hetzelfde Wetboek, ge-
wijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woor-
den “artikel 2, 5° van de wet van 2 augustus 2002 be-
treffende het toezicht op de fi nanciële sector en de
fi nanciële diensten” vervangen door de woorden “artikel
2° ceux qui font obstacle aux inspections et expertises
de la FSMA en vertu de la présente loi ou lui donnent
sciemment des informations inexactes ou incomplètes;
3° ceux qui exercent en Belgique les activités de
marché réglementé sans être reconnus à ce titre;
4° ceux qui exercent en Belgique l’activité de presta-
taire de services de communication de données sans
être reconnus à ce titre.
Art. 90
Les infractions à l’article 28 sont punies des peines
prévues à l’article 458 du Code pénal.
Art. 91
Les dispositions du livre premier du Code pénal,
sans exception du chapitre VII et de l’article 85, sont
applicables aux infractions visées au présent titre.
TITRE VII
Dispositions modifi catives
CHAPITRE IER
Modifi cations du Code
des sociétés
Art. 92
Dans l’article 4 du Code des sociétés, modifi é par la
loi du 2 août 2002, les mots “article 2, 3°, de la loi du
2 août 2002 relative à la surveillance du secteur fi nancier
et aux services fi nanciers” sont remplacés par les mots
“article 3, 7°, de la loi du … relative aux infrastructures
des marchés d’instruments fi nanciers et portant trans-
position de la Directive 2014/65/UE”.
Art. 93
Dans l’article 88, alinéa 2, du même Code, modifi é
par la loi du 25 octobre 2016, les mots “article 2, 5° de
la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur
fi nancier et aux services fi nanciers” sont remplacés
par les mots “article 3, 8°, de la loi du … relative aux
82
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
3, 8°, van de wet van … over de infrastructuren voor
de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende
omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”.
Art. 94
In artikel 96, § 2, tweede lid, van hetzelfde Wetboek
worden de woorden “artikel 2, 4°, van de wet van
2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nan-
ciële sector en fi nanciële diensten” vervangen door de
woorden “artikel 3, 10°, van de wet van … over de infra-
structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten
en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”.
Art. 95
In artikel 107, § 1, vierde lid, van hetzelfde Wetboek,
gewijzigd bij de wet 25 oktober 2016, worden de woor-
den “artikel 2, 5° van de wet van 2 augustus 2002 betref-
fende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nanciële
diensten” vervangen door de woorden “artikel 3, 8°, van
de wet van … over de infrastructuren voor de markten
voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting
van Richtlijn 2014/65/EU”.
Art. 96
In de artikelen 219, § 2, 1°, 222, § 2, 1°, 313, § 2,
1°, 395, § 2, 1°, 396, § 4, 1°, 423, § 4, 1°, 444, § 2, 1°,
447, § 2, 1° en 602, § 2, 1°, van hetzelfde Wetboek
worden de woorden “artikel 2, 3°, 5° et 6° van de wet
van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de
fi nanciële sector en de fi nanciële diensten” telkens
vervangen door de woorden “artikel 3, 7°, 8° en 9°, van
de wet van … over de infrastructuren voor de markten
voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting
van Rrichtlijn 2014/65/EU”.
Art. 97
In artikel 620, § 1, eerste lid, 5° en § 2, eerste
lid, van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet van
20 juli 2006 en het koninklijk besluit van 8 oktober 2008,
worden de woorden “artikel 2, 4°, van de wet van
2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nan-
ciële sector en de fi nanciële diensten” telkens vervan-
gen door de woorden “artikel 3, 10°, van de wet van …
over de infrastructuren voor de markten voor fi nanci-
ele instrumenten en houdende omzetting van Richtlijn
2014/65/EU”.
infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et
portant transposition de la Directive 2014/65/UE”.
Art. 94
Dans l’article 96, § 2, alinéa 2, du même Code, les
mots “article 2, 4°, de la loi du 2 août 2002 relative à
la surveillance du secteur fi nancier et aux services
fi nanciers” sont remplacés par les mots “article 3, 10°,
de la loi du … relative aux infrastructures des marchés
d’instruments fi nanciers et portant transposition de la
Directive 2014/65/UE”.
Art. 95
Dans l’article 107, § 1, alinéa 4, du même Code,
modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “article 2,
5° de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du
secteur fi nancier et aux services fi nanciers” sont rempla-
cés par les mots “article 3, 8°, de la loi du … relative aux
infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et
portant transposition de la Directive 2014/65/UE”.
Art. 96
Dans les articles 219, § 2, 1°, 222, § 2, 1°, 313, § 2, 1°,
395, § 2, 1°, 396, § 4, 1°, 423, § 4, 1°, 444, § 2, 1°, 447,
§ 2, 1° et 602, § 2, 1°, du même Code, les mots “article
2, 3°, 5° et 6°, de la loi du 2 août 2002 relative à la sur-
veillance du secteur fi nancier et aux services fi nanciers”
sont chaque fois remplacés par les mots ““article 3, 7°,
8° et 9°, de la loi du … relative aux infrastructures des
marchés d’instruments fi nanciers et portant transposi-
tion de la Directive 2014/65/UE”.
Art. 97
Dans l’article 620, § 1er, alinéa 1er, 5° et § 2, alinéa 1er,
du même Code, modifi é par la loi du 20 juillet 2006 et
l’arrêté royal du 8 octobre 2008, les mots “article 2,
4°, de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance
du secteur fi nancier et aux services fi nanciers” sont
chaque fois remplacés par les mots “article 3, 10°, de
la loi du … relative aux infrastructures des marchés
d’instruments fi nanciers et portant transposition de la
Directive 2014/65/UE”.
83
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
HOOFDSTUK II
Wijzigingen van de wet van 22 februari 1998 tot
vaststelling van het organiek statuut van de
Nationale Bank van België
Art. 98
Artikel 36/14, § 1, van de wet van 22 februari 1998 tot
vaststelling van het organiek statuut van de Nationale
Bank van België, laatstelijk gewijzigd bij de wet van
1 december 2016, wordt aangevuld met een bepaling
onder 23°, luidende:
“23° aan eenieder die een taak uitvoert die door of
krachtens de wet is vastgesteld en die deelneemt of
bijdraagt aan de uitoefening van de toezichtsopdracht
van de Bank, wanneer die persoon door of met in-
stemming van de Bank werd aangeduid voor die taak,
zoals, met name:
a) de portefeuillesurveillant bedoeld in artikel
16 van Bijlage III bij de wet van 25 april 2014 op het
statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en
beursvennootschappen;
b) de portefeuillebeheerder bedoeld in artikel 8 van
Bijlage III bij de wet van 25 april 2014 op het statuut
van en het toezicht op kredietinstellingen en beursven-
nootschappen; en
c) de speciaal commissaris bedoeld in artikel 236,
§ 1, 1°, van de voornoemde wet, in artikel 517, § 1, 1°,
van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het
toezicht op de verzekerings- of herverzekeringsonder-
nemingen, artikel 35, § 1, tweede lid, 1°, van de wet van
21 december 2009 op het statuut van de betalingsinstel-
lingen en van de instellingen voor elektronisch geld, de
toegang tot het bedrijf van betalingsdienstaanbieder en
tot de activiteit van uitgifte van elektronisch geld en de
toegang tot betalingssystemen, artikel 87, § 1, tweede
lid, 1°, van de voornoemde wet, artikel 48, eerste lid, 1°,
van het koninklijk besluit van 30 april 1999 betreffende
het statuut en de controle der maatschappijen voor
onderlinge borgstelling en artikel 36/30, § 1, tweede lid,
3°, van deze wet.”.
Art. 99
In artikel 36/15, tweede lid, van dezelfde wet, inge-
voegd bij het koninklijk besluit van 3 maart 2011, worden
de woorden “Het eerste lid en artikel 78 van de wet van
22 juli 1953 houdende oprichting van een Instituut der
Bedrijfsrevisoren en organisatie van het publiek toezicht
op het beroep van bedrijfsrevisor” vervangen door de
CHAPITRE II
Modifi cations de la loi du 22 février 1998 fi xant
le statut organique de la Banque nationale
de Belgique
Art. 98
L’article 36/14, § 1er, de la loi du 22 février 1998 fi xant
le statut organique de la Banque nationale de Belgique,
modifi é en dernier lieu par la loi du 1 décembre 2016,
est complété par un 23° rédigé comme suit:
“23° à toute personne exerçant une tâche, prévue par
ou en vertu de la loi, qui participe ou contribue à l’exer-
cice de la mission de contrôle de la Banque lorsque
cette personne a été désignée par ou avec l’accord de
la Banque et aux fi ns de cette tâche, telle notamment:
a) le surveillant de portefeuille visé à l’article 16 de
l’Annexe III à la loi du 25 avril 2014 relative au statut et
au contrôle des établissements de crédit et des sociétés
de bourse;
b) le gestionnaire de portefeuille visé à l’article 8 de
l’Annexe III à la loi du 25 avril 2014 relative au statut et
au contrôle des établissements de crédit et des sociétés
de bourse; et
c) le commissaire spécial visé à l’article 236, § 1er,
1°, de la loi précitée, à l’article 517, § 1er, 1°, de la loi
du 13 mars 2016 relative au statut et au contrôle des
entreprises d’assurance ou de réassurance , l’article 35,
§ 1er, alinéa 2, 1°, de la loi du 21 décembre 2009 relative
au statut des établissements de paiement et des établis-
sements de monnaie électronique, à l’accès à l’activité
de prestataire de services de paiement, à l’activité
d’émission de monnaie électronique et à l’accès aux
systèmes de paiement, l’article 87, § 1er, alinéa 2, 1°, de
la loi précitée, l’article 48, alinéa 1er, 1°, de l’arrêté royal
du 30 avril 1999 réglementant le statut et le contrôle des
sociétés de cautionnement mutuel et l’article 36/30,
§ 1er, alinéa 2, 3°, de la présente loi.”.
Art. 99
Dans l’article 36/15, alinéa 2, de la même loi, inséré
par l’arrêté royal du 3 mars 2011, les mots “L’alinéa 1er
et l’article 78 de la loi du 2 2 juillet 1953 créant un Institut
des réviseurs d’entreprises et organisant la supervision
publique de la profession de réviseur d’entreprise” sont
remplacés par les mots “L’alinéa 1er et l’article 86, § 1er,
84
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
woorden “Het eerste lid en artikel 86, § 1, eerste lid, van
de wet van 7 december 2016 tot organisatie van het be-
roep van en het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren”.
Art. 100
In artikel 36/17 van dezelfde wet, ingevoegd bij het
koninklijk besluit van 3 maart 2011 en laatstelijk gewij-
zigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1°) in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) in de bepaling onder 1° worden de woorden “hetzij
krachtens de voornoemde Richtlijnen, hetzij ingevolge
de nationale wetgeving.” vervangen door de woorden
“krachtens de Belgische wetten.”;
b) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de
volgende zin:
“De Bank kan met het oog op het vergemakkelijken
van de inning van geldboetes ook met de andere be-
voegde autoriteiten samenwerken.”;
c) de bepaling onder 4° wordt vervangen als volgt:
“4° Wanneer de Bank ernstige redenen heeft om te
vermoeden dat er op het grondgebied van een andere
lidstaat handelingen worden of zijn uitgevoerd die strij-
dig zijn met de bepalingen van Richtlijn 2014/65/EU of
Verordening 600/2014, geeft zij hiervan op een zo spe-
cifi ek mogelijke wijze kennis aan de bevoegde autoriteit
van die andere lidstaat, aan de Europese Autoriteit voor
Effecten en Markten en aan de FSMA. Indien de Bank er
door een autoriteit van een andere lidstaat van in kennis
wordt gesteld dat er in België dergelijke handelingen
worden verricht, licht zij de FSMA daarover in, neemt
zij de nodige maatregelen en brengt zij de kennisge-
vende autoriteit, de Europese autoriteit voor Effecten
en Markten, alsook de FSMA op de hoogte van het re-
sultaat van haar tussenkomst, en met name, voor zover
mogelijk, van belangrijke tussentijdse ontwikkelingen.”;
2°) in paragraaf 5 worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) het eerste lid wordt vervangen als volgt:
“De FSMA is de autoriteit die als enig contactpunt
fungeert om in uitvoering van paragraaf 1 verzoeken om
uitwisseling van gegevens of verzoeken om samenwer-
king in ontvangst te nemen.”;
alinéa 1er, de la loi du 7 décembre 2016 portant orga-
nisation de la profession et de la supervision publique
des réviseurs d’entreprises”.
Art. 100
Dans l’article 36/17 de la même loi, inséré par l’arrêté
royal du 3 mars 2011 et modifi é en dernier lieu par la
loi du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont
apportées:
1°) dans le paragraphe 1er les modifi cations suivantes
sont apportées:
a) au 1° les mots “soit en vertu des Directives préci-
tées, soit par la législation nationale.” sont remplacés
par les mots “en vertu des lois belges.”;
b) le 1° est complété par la phrase suivante:
“La Banque peut également coopérer avec les autres
autorités compétentes en vue de faciliter le recouvre-
ment des amendes.”;
c) le 4° est remplacé par ce qui suit:
“4° Lorsque la Banque a des motifs sérieux de soup-
çonner que des actes enfreignant les dispositions de la
Directive 2014/65/UE ou du Règlement 600/2014 sont
ou ont été accomplis sur le territoire d’un autre État
membre, elle en informe l’autorité compétente de cet
autre État membre, l’Autorité européenne des marchés
fi nanciers ainsi que la FSMA d’une manière aussi cir-
constanciée que possible. Si la Banque a été informée
par une autorité d’un autre État membre de ce que
de tels actes ont été accomplis en Belgique, elle en
informe la FSMA, prend les mesures appropriées et
communique à l’autorité qui l’a informée, à l’Autorité
européenne des marchés fi nanciers ainsi qu’à la FSMA
les résultats de son intervention et notamment, dans la
mesure du possible, les éléments importants intervenus
dans l’intervalle.”;
2°) dans le paragraphe 5, les modifi cations suivantes
sont apportées:
a) l’alinéa 1er est remplacé par ce qui suit:
“La FSMA est l’autorité qui assume le rôle de point
de contact unique chargé de recevoir les demandes
d’échanges d’information ou de coopération en exé-
cution du paragraphe 1er.”;
85
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
b) in het tweede lid worden de woorden “, de Europese
Autoriteit voor Effecten en Markten” ingevoegd tussen
de woorden “Europese Commissie” en de woorden “en
de andere”.
HOOFDSTUK III
Wijzigingen van de wet van
2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de
fi nanciële sector en de fi nanciële diensten
Art. 101
In artikel 2, eerste lid, van de wet van 2 augustus 2002,
laatstelijk gewijzigd bij de wet van 31 juli 2017, worden
de volgende wijzigingen aangebracht:
a) er wordt een bepaling onder 2°/1 ingevoegd, luidende:
“2°/1 “handelsplatform”: een handelsplatform als
gedefi nieerd in artikel 3, 5°, van de wet van ... ;”;
b) de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
“3° “gereglementeerde markt”: een gereglemen-
teerde markt als gedefi nieerd in artikel 3, 7°, van de
wet van ... ;”;
c) de bepaling onder 4°, wordt vervangen als volgt:
“4° “multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral trading
facility – MTF)”: een MTF als gedefi nieerd in artikel 3,
10°, van de wet van ... ;”;
d) de bepaling onder 5°, wordt vervangen als volgt:
“5° “Belgische gereglementeerde markt”: een
Belgische gereglementeerde markt als gedefi nieerd in
artikel 3, 8°, van de wet van ... ;”;
e) de bepaling onder 6°, wordt vervangen als volgt:
“6° “gereglementeerde markt uit een andere lidstaat”:
een gereglementeerde markt uit een andere lidstaat, als
gedefi nieerd in artikel 3, 9°, van de wet van ... ;”;
f) er wordt een bepaling onder 6°/1 ingevoegd, luidende:
“6°/1 “georganiseerde handelsfaciliteit” of “OTF”
(“organised trading facility”): een OTF als gedefi nieerd
in artikel 3, 13°, van de wet van ... ;”;
g) de bepaling onder 7°, wordt vervangen als volgt:
b) dans l’alinéa 2, les mots “, l’Autorité européenne
des marchés fi nanciers” sont insérés entre les mots
“Commission européenne” et les mots “ainsi que
les autres”.
CHAPITRE III
Modifi cations de la loi du 2 août 2002 relative à la
surveillance du secteur fi nancier et aux services
fi nanciers
Art. 101
Dans l’article 2, alinéa 1er, de la loi du 2 août 2002,
modifi é en dernier lieu par la loi du 31 juillet 2017, les
modifi cations suivantes sont apportées:
a) un 2°/1 est inséré, rédigé comme suit:
“2°/1 “plateforme de négociation”: une plateforme
de négociation, telle que défi nie à l’article 3, 5°, de la
loi du … ;”;
b) le 3° est remplacé par ce qui suit:
“3° “marché réglementé”: un marché réglementé tel
que défi ni à l’article 3, 7°, de la loi du … ;”;
c) le 4° est remplacé par ce qui suit:
“4° “système multilatéral de négociation (Multilateral
trading facility – MTF)”: un MTF tel que défi ni à l’article
3, 10°, de la loi … ;”;
d) le 5° est remplacé par ce qui suit:
“5° “marché réglementé belge”: un marché réglemen-
té belge tel que défi ni à l’article 3, 8°, de la loi du … ;”;
e) le 6° est remplacé par ce qui suit:
“6° “marché réglementé d’un autre État membre”:
un marché réglementé d’un autre État membre, tel que
défi ni à l’article 3, 9°, de la loi du … ;”;
f) un 6°/1 est inséré, rédigé comme suit:
“6°/1 “système organisé de négociation” ou “OTF”
(“organised trading facility”): un OTF, tel que défi ni à
l’article 3, 13°, de la loi du … ;”;
g) le 7° est remplacé par ce qui suit:
86
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“7° “marktexploitant”: een marktexploitant als gede-
fi nieerd in artikel 3, 3°, van de wet van ... ;”;
h) de bepaling onder 8°, wordt vervangen als volgt:
“8° “systematische internaliseerder”: een systemati-
sche internaliseerder als gedefi nieerd in artikel 3, 29°,
van de wet van ... ;”;
i) in de bepaling onder 11°, wordt de bepaling onder
b) opgeheven;
j) in de bepaling onder 13°, worden de woorden “of
de lidstaat waar een gereglementeerde markt passende
voorzieningen treft om de toegang tot de handel in zijn
systeem voor in laatstgenoemde lidstaat gevestigde le-
den of deelnemers op afstand te faciliteren” opgeheven;
k) er wordt een bepaling onder 32°/1 inge-
voegd, luidende:
“32/1° “representatieve certifi caten” (depositary re-
ceipts): representatieve certifi caten als gedefi nieerd in
artikel 3, 18°, van de wet van ... ;”;
l) de bepaling onder 33°, wordt hersteld als volgt:
“33° “bevoegde autoriteit”: de FSMA of de autoriteit
die elke lidstaat met toepassing van artikel 67 van
Richtlijn 2014/65/EU aanwijst, tenzij in de Richtlijn an-
ders is gespecifi ceerd;”;
m) de bepaling onder 38° wordt vervangen als volgt:
“38° “Gedelegeerde verordening 2017/565:
Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/565 van de
Commissie van 25 april 2016 houdende aanvulling van
Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de
Raad wat betreft de door beleggingsondernemingen in
acht te nemen organisatorische eisen en voorwaarden
voor de bedrijfsuitoefening en wat betreft de defi nitie van
begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn;”;
n) er wordt een bepaling onder 38°/1 ingevoegd, luidende:
“38/1° Gedelegeerde richtlijn 2017/593: Gedelegeerde
Richtlijn (EU) 2017/593 van de Commissie van
7 april 2016 tot aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van
het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot
het vrijwaren van fi nanciële instrumenten en geldmid-
delen die aan cliënten toebehoren, productgovernance-
verplichtingen en de regels die van toepassing zijn op
het betalen of het ontvangen van provisies, commissies
en geldelijke of niet-geldelijke tegemoetkomingen;”;
“7° “opérateur de marché”: un opérateur de marché
tel que défi ni à l’article 3, 3°, de la loi du … ;”;
h) le 8° est remplacé par ce qui suit:
“8° “internalisateur systématique”: un internalisateur
systématique tel que défi ni à l’article 3, 29°, la loi du … ;”;
i) au 11°, le b) est abrogé;
j) au 13° les mots “, ou l’État membre dans lequel
un marché réglementé fournit les dispositifs utiles pour
permettre aux membres ou participants établis dans ce
dernier État membre d’accéder à distance à la négo-
ciation dans le cadre de son système” sont abrogés;
k) un 32/1° est inséré, rédigé comme suit:
“32/1° “certificats représentatifs” (depositary re-
ceipts): des certifi cats représentatifs tel que défi nis à
l’article 3, 18° de la loi du … ;”;
l) le 33° est rétabli dans la rédaction suivante:
“33° “autorité compétente”: la FSMA ou l’autorité
désignée par chaque État membre en application de
l’article 67 de la Directive 2014/65/UE, sauf indication
contraire contenue dans la Directive;”;
m) le 38° est remplacé par ce qui suit:
“38° “Règlement délégué 2017/565: le Règlement
délégué (UE) 2017/565 de la Commission du
25 avril 2016 complétant la directive 2014/65/UE du
Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne
les exigences organisationnelles et les conditions
d’exercice applicables aux entreprises d’investissement
et la défi nition de certains termes aux fi ns de ladite
directive;”;
n) un 38/1° est inséré, rédigé comme suit:
“38/1° “Directive déléguée 2017/593”: la Directive
déléguée (UE) 2017/593 de la Commission du
7 avril 2016 complétant la directive 2014/65/UE du
Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne
la sauvegarde des instruments fi nanciers et des fonds
des clients, les obligations applicables en matière de
gouvernance des produits et les règles régissant l’octroi
ou la perception de droits, de commissions ou de tout
autre avantage pécuniaire ou non pécuniaire;”;
87
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
o) er wordt een bepaling onder 41°/1 ingevoegd, luidende:
“41°/1 “de wet van ... ”: de wet van ... over de infrastruc-
turen voor de markten voor fi nanciële instrumenten en
houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”;
p) er worden de bepalingen onder 58°, 59° en 60°
ingevoegd, luidende:
“58° “koppelverkoop”: het aanbieden van een beleg-
gingsdienst samen met een andere dienst of een ander
product als onderdeel van een pakket of als voorwaarde
waarvan de overeenkomst of het pakket afhankelijk
is gesteld;
59° “landbouwgrondstoffenderivaten”: derivatencon-
tracten met betrekking tot producten die zijn vermeld
in artikel 1 van, en bijlage I, deel I tot XX en XXIV/1 bij
Verordening (EU) nr. 1308/2013 van het Europees
Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot vast-
stelling van een gemeenschappelijke ordening van de
markten voor landbouwproducten;
60° “duurzame drager”: ieder hulpmiddel:
a) dat een cliënt in staat stelt om persoonlijk aan hem
gerichte informatie op zodanige wijze op te slaan dat
deze achteraf gedurende een voor het doel van de infor-
matie toereikende periode kan worden geraadpleegd; en
b) waarmee de opgeslagen informatie ongewijzigd
kan worden gereproduceerd.“;
q) het tweede lid wordt aangevuld met de bepaling
onder 16°, luidende:
“16° gestructureerd deposito.”.
Art. 102
De artikelen 3 tot 9 en 12 tot 20 van dezelfde wet,
worden opgeheven.
Art. 103
In artikel 23quater van dezelfde wet, laatstelijk gewij-
zigd bij de wet van 25 april 2014, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt:
“§ 1. Onverminderd Titel III, IV of V van Verordening
648/2012, hebben de beleggingsondernemingen en
o) un 41°/1 est inséré, rédigé comme suit:
“41°/1 “la loi du … ”: la loi du … relative aux infrastruc-
tures des marchés d’instruments fi nanciers et portant
transposition de la Directive 2014/65/UE;”;
p) les 58°, 59° et 60° sont insérés, rédigés comme suit:
“58° “vente croisée”: le fait de proposer un service
d’investissement avec un autre service ou produit dans
le cadre d’une offre groupée ou comme condition à
l’obtention de l’accord ou de l’offre groupée;
59° “instruments dérivés sur matières premières
agricoles”: les contrats dérivés portant sur des produits
énumérés à l’article 1er et à l’annexe I, parties I à XX et
XXIV/1, du Règlement (UE) no 1308/2013 du Parlement
européen et du Conseil du 17 décembre 2013 portant
organisation commune des marchés des produits
agricoles;
60° “support durable”: un instrument:
a) permettant à un client de stocker des informations
qui lui sont adressées personnellement d’une manière
permettant de s’y reporter aisément à l’avenir pendant
un laps de temps adapté aux fi ns auxquelles les infor-
mations sont destinées; et
b) permettant la reproduction à l’identique des infor-
mations stockées.”;
q) l’alinéa 2 est complété par un 16°, rédigé
comme suit:
“16° dépôt structuré.”.
Art. 102
Les articles 3 à 9 et 12 à 20 de la même loi,
sont abrogés.
Art. 103
Dans l’article 23quater de la même loi, modifi é en
dernier lieu par la loi du 25 avril 2014, les modifi cations
suivantes sont apportées:
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit:
“§ 1er. Sans préjudice des Titres III, IV ou V du
Règlement 648/2012, les entreprises d’investissement
88
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
kredietinstellingen uit andere lidstaten het recht om
in België, rechtstreeks of onrechtstreeks, toegang te
krijgen tot vereffenings- en verrekeningssystemen, met
inbegrip van centrale tegenpartijsystemen, voor de af-
handeling van transacties in fi nanciële instrumenten of
het treffen van regelingen daarvoor. De rechtstreekse en
onrechtstreekse toegang van deze beleggingsonderne-
mingen en kredietinstellingen tot dergelijke instellingen
is onderworpen aan dezelfde niet-discriminerende,
transparante en objectieve zakelijke criteria als die
welke voor Belgische leden of deelnemers gelden, en
slaat op alle transacties ongeacht of zij op een in België
gevestigd handelsplatform zijn uitgevoerd.”;
2° in paragraaf 2 wordt het vierde lid opgeheven;
3° in paragraaf 3 worden het eerste en tweede lid
vervangen als volgt:
“§ 3. Onverminderd Titel III, IV en V van Verordening
648/2012 is het Belgische beleggingsondernemingen,
kredietinstellingen en marktexploitanten die een MTF
of een gereglementeerde markt exploiteren toegela-
ten passende afspraken te maken met vereffening- of
verrekeningsinstellingen, met inbegrip van centrale te-
genpartijsystemen, uit een andere lidstaat met het oog
op vereffening en/of verrekening van sommige of alle
transacties die leden of deelnemers door tussenkomst
van hun systemen hebben uitgevoerd.
Onverminderd Titel III, IV en V van Verordening
648/2012 mag de FSMA de gebruikmaking van veref-
fenings- of verrekeningsinstellingen met inbegrip van
centrale tegenpartijsystemen uit andere lidstaten niet
verbieden, tenzij zij objectieve en aantoonbare rede-
nen heeft om aan te nemen dat zulks noodzakelijk
is om de ordelijke werking van die MTF of geregle-
menteerde markt te handhaven, rekening houdend
met de in paragraaf 2 bepaalde voorwaarden voor
vereffeningsystemen.”.
Art. 104
In artikel 26 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij
de wet van 19 april 2014, worden de volgende wijzigin-
gen aangebracht:
1° in het eerste lid worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) in de eerste zin worden de woorden “de artikelen
27, 28 en 28bis” vervangen door de woorden “de arti-
kelen 27 tot 28bis”;
et les établissements de crédit d’autres États membres
ont le droit d’accéder en Belgique, directement et
indirectement, aux systèmes de liquidation et de com-
pensation, en ce compris les systèmes de contrepartie
centrale, aux fi ns du dénouement ou de l’organisation
du dénouement de transactions sur instruments fi nan-
ciers. L’accès direct et indirect desdites entreprises
d’investissement et desdits établissements de crédit
à ces organismes est soumis aux mêmes critères non
discriminatoires, transparents et objectifs que ceux qui
s’appliquent aux membres ou aux participants belges
et porte sur toutes les transactions, que celles-ci soient
effectuées ou non sur une plateforme de négociation
établie en Belgique.”;
2° dans le paragraphe 2, l’alinéa 4 est abrogé;
3° dans le paragraphe 3, les alinéas 1 et 2 sont rem-
placés par ce qui suit:
“§ 3. Sans préjudice des Titres III, IV et V du
Règlement 648/2012, les entreprises d’investissement,
les établissements de crédit et les opérateurs de marché
belges exploitant un MTF ou un marché réglementé sont
autorisés à convenir avec des organismes de liquida-
tion ou de compensation, en ce compris des systèmes
de contrepartie centrale, d’un autre État membre de
mécanismes appropriés afi n d’organiser la liquidation
et/ou la compensation de tout ou partie des transactions
conclues par leurs membres ou participants dans le
cadre de leurs systèmes.
Sans préjudice des Titres III, IV et V du Règlement
648/2012, la FSMA ne peut interdire le recours à des
organismes de liquidation ou de compensation, en ce
compris des systèmes de contrepartie centrale, d’un
autre État membre, sauf si elle a des raisons claires
et démontrables d’estimer que cette interdiction est
nécessaire pour préserver le fonctionnement ordonné
du MTF ou du marché réglementé et compte tenu des
conditions imposées aux systèmes de liquidation fi xées
au paragraphe 2.”.
Art. 104
Dans l’article 26 de la même loi, modifi é en dernier
lieu par la loi du 19 avril 2014, les modifi cations suivantes
sont apportées:
1° dans l’alinéa 1er, les modifi cations suivantes sont
apportées:
a) dans la première phrase, les mots “articles 27, 28 et
28bis” sont remplacés par les mots “articles 27 à 28bis”;
89
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
b) de bepaling onder 1°, wordt aangevuld met de
volgende zin:
“Artikel 27, § 2, tweede lid, § 3, tweede lid en § 10, is
echter wel van toepassing op deze bijkantoren;”;
c) in de bepaling onder 2° worden de woorden “met
uitzondering van artikel 27, § 2, tweede lid, § 3, tweede
lid en § 10,” ingevoegd vóór de woorden “de in België
gevestigde bijkantoren”;
d) in de bepaling onder 4° worden de woorden
“met uitzondering van de ondernemingen die res-
sorteren onder het recht van een derde land dat bij
ESMA geregistreerd is conform artikel 46 tot 49 van
Verordening 600/2014,” ingevoegd vóór de woorden
“de kredietinstellingen”;
2° in het zevende lid, worden de woorden “krachtens
de artikelen 27 en 28” vervangen door de woorden
“krachtens de artikelen 27, § 1, § 2, eerste lid, en § 3,
eerste lid, en §§ 5 tot 9, 27bis, §§ 1, 7 en 9, eerste lid,
27ter, §§ 1 tot 3, 5, 6 en 8, en 27quater, § 1, en 28”;
3° tussen het zevende en het achtste lid worden twee
leden ingevoegd, luidende:
“De Koning bepaalt wat moet worden verstaan onder
“in aanmerking komende tegenpartijen”.
In hun relatie met in aanmerking komende tegenpar-
tijen handelen gereglementeerde ondernemingen op
loyale, billijke en professionele wijze en communiceren
zij op een wijze die correct, duidelijk en niet misleidend
is, rekening houdend met de aard van de in aanmerking
komende tegenpartij en haar activiteiten.”;
4° het achtste lid, dat het tiende lid wordt, wordt
opgeheven;
5° in het negende lid, dat het elfde lid wordt, worden
de woorden “artikelen 27, 28 en 28bis” vervangen door
de woorden “artikelen 27 tot 28bis”;
6° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende:
“De artikelen 27 tot 27quater, en het zevende tot
negende lid van dit artikel zijn eveneens van toepas-
sing op de gereglementeerde ondernemingen waneer
deze verkopen verrichten of of advies verstrekken aan
cliënten in verband met gestructureerde deposito’s.”.
b) le 1° est complété par la phrase suivante:
“L’article 27, § 2, alinéa 2, § 3, alinéa 2, et § 10, est
toutefois applicable à ces succursales;”;
c) dans le 2°, les mots “à l’exception de l’article 27,
§ 2, alinéa 2, § 3, alinéa 2, et § 10,” sont insérés avant
les mots “les succursales”;
d) dans le 4°, les mots “à l’exception des entreprises
relevant du droit d’un État tiers enregistrées auprès
de l’ESMA conformément aux articles 46 à 49 du
Règlement 600/2014,” sont insérés avant les mots “les
établissements de crédit”;
2° dans l’alinéa 7, les mots “en vertu des articles 27 et
28” sont remplacés par les mots “en vertu des articles
27, § 1er, § 2, alinéa 1er, et § 3, alinéa 1er, et §§ 5 à 9,
27bis, §§ 1er, 7 et 9, alinéa 1er, 27ter, §§ 1 à 3, 5, 6 et 8,
27quater, § 1er et 28”;
3° deux alinéas rédigés comme suit sont insérés entre
les alinéas 7 et 8:
“Le Roi défi nit ce qu’il y a lieu d’entendre par “contre-
parties éligibles”.
Dans leur relation avec les contreparties éligibles,
les entreprises réglementées agissent d’une manière
honnête, équitable et professionnelle et communiquent
d’une façon correcte, claire et non trompeuse, compte
tenu de la nature de la contrepartie éligible et de ses
activités.”;
4° l’alinéa 8, devenant alinéa 10, est abrogé; ;
5° dans l’alinéa 9, devenant alinéa 11, les mots
“articles 27, 28 et 28bis” sont remplacés par les mots
“articles 27 à 28bis”;
6° l’article est complété par un alinéa, rédigé
comme suit:
“Les articles 27 à 27quater, et les alinéas 7 à 9 du
présent article s’appliquent également aux entreprises
réglementées lorsqu’elles commercialisent des dépôts
structurés ou fournissent des conseils sur de tels dépôts
à des clients.”.
90
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 105
Artikel 27 van dezelfde wet, vervangen bij het konink-
lijk besluit van 27 april 2007 en laatstelijk gewijzigd bij
de wet van 25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt:
“Art. 27. § 1. Bij het aanbieden of verstrekken van fi -
nanciële producten of diensten of, in voorkomend geval,
nevendiensten, zetten de gereglementeerde onderne-
mingen zich op loyale, billijke en professionele wijze in
voor de belangen van hun cliënten, en op een manier
die bevorderlijk is voor de integriteit van de markt. Bij het
aanbieden of verstrekken van beleggingsdiensten of, in
voorkomend geval, nevendiensten, nemen zij inzonder-
heid de in de paragrafen 2 tot en met 10 en de artikelen
27bis tot 27quater neergelegde gedragsregels in acht.
§ 2. Gereglementeerde ondernemingen die fi nanciële
instrumenten ontwikkelen voor verkoop aan cliënten,
zorgen ervoor dat deze zo ontworpen zijn dat zij voldoen
aan de wensen van een geïdentifi ceerde doelgroep van
eindcliënten binnen de betrokken categorie van cliënten,
en dat de strategie voor de distributie van de fi nan-
ciële instrumenten op de geïdentifi ceerde doelgroep
is afgestemd, en gereglementeerde ondernemingen
ondernemen redelijke stappen om ervoor te zorgen dat
het fi nancieel instrument wordt gedistribueerd aan de
geïdentifi ceerde doelgroep.
Gereglementeerde ondernemingen die financiële
instrumenten ontwikkelen, verstrekken aan alle distribu-
teurs adequate informatie over het fi nancieel instrument
en het productgoedkeuringsproces, met inbegrip van de
geïdentifi ceerde doelgroep van het fi nancieel instrument.
§ 3. Gereglementeerde ondernemingen begrijpen de
fi nanciële instrumenten die zij aanbieden of aanbevelen,
beoordelen of de fi nanciële instrumenten voldoen aan
de behoeften van de cliënten aan wie zij beleggings-
diensten aanbieden, waarbij zij rekening houden met de
geïdentifi ceerde doelgroep van eindcliënten als bedoeld
in artikel 26/1 van de wet van 25 oktober 2016 en artikel
65/2 van de wet van 25 april 2014, en zorgen ervoor dat
de fi nanciële instrumenten uitsluitend worden aangebo-
den of aanbevolen als dit in het belang van de cliënt is.
Gereglementeerde ondernemingen toetsen ook re-
gelmatig de fi nanciële instrumenten die zij aanbieden of
in de handel brengen, waarbij zij rekening houden met
alle gebeurtenissen die materiële gevolgen kunnen heb-
ben voor het potentiële risico voor de geïdentifi ceerde
doelgroep, om ten minste te beoordelen of het fi nancieel
instrument aan de behoeften van de geïdentifi ceerde
doelgroep blijft beantwoorden, en of de geplande dis-
tributiestrategie passend blijft.
Art. 105
L’article 27 de la même loi, remplacé par l’arrêté royal
du 27 avril 2007 et modifi é en dernier lieu par la loi du
25 octobre 2016, est remplacé par ce qui suit:
“Art. 27. § 1er. Lorsqu’elles offrent ou fournissent des
produits ou services fi nanciers, ou, le cas échéant,
des services auxiliaires, les entreprises réglementées
veillent à agir d’une manière honnête, équitable et
professionnelle qui serve au mieux les intérêts de leurs
clients et d’une manière qui favorisent l’intégrité du
marché. Lors de l’offre ou de la fourniture de services
d’investissement, ou, le cas échéant, de services auxi-
liaires, elles se conforment en particulier aux règles
de conduite énoncées aux paragraphes 2 à 10 et aux
articles 27bis à 27quater.
§ 2. Les entreprises réglementées qui conçoivent des
instruments fi nanciers destinés à la vente aux clients
veillent à ce que lesdits instruments fi nanciers soient
conçus de façon à répondre aux besoins d’un marché
cible défi ni de clients fi naux à l’intérieur de la catégorie
de clients concernée, et que la stratégie de distribution
des instruments financiers soit compatible avec le
marché cible défi ni, et les entreprises réglementées
prennent des mesures raisonnables qui garantissent
que l’instrument fi nancier soit distribué auprès du mar-
ché cible défi ni.
Toute entreprise réglementée qui conçoit des instru-
ments fi nanciers met à la disposition de tout distributeur
tous les renseignements utiles sur l’instrument fi nancier
et sur le processus de validation du produit, y compris
le marché cible défi ni de l’instrument fi nancier.
§ 3. Toute entreprise réglementée comprend les
instruments fi nanciers qu’elle propose ou recommande,
évalue la compatibilité des instruments fi nanciers avec
les besoins des clients auxquels elle fournit des services
d’investissement, compte tenu, notamment, du marché
cible défi ni de clients fi naux visé à l’article 26/1 de la
loi du 25 octobre 2016 et à l’article 65/2 de la loi du
25 avril 2014 et veille à ce que les instruments fi nanciers
ne soient proposés ou recommandés que lorsque cela
sert les intérêts du client.
Les entreprises réglementées examinent aussi
régulièrement les instruments fi nanciers qu’elles pro-
posent ou commercialisent, en tenant compte de tout
événement qui pourrait infl uer sensiblement sur le risque
potentiel pesant sur le marché cible défi ni, afi n d’éva-
luer au minimum si l’instrument fi nancier continue de
correspondre aux besoins du marché cible défi ni et si
la stratégie de distribution prévue demeure appropriée.
91
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 4. Gereglementeerde ondernemingen nemen alle
passende maatregelen om belangenconfl icten te iden-
tifi ceren en te voorkomen of te beheersen die zich bij
het verlenen van beleggingsdiensten en nevendiensten
of combinaties daarvan voordoen tussen henzelf, met
inbegrip van hun bestuurders, hun effectieve leiders,
hun werknemers en hun verbonden agenten, of een
persoon die rechtstreeks of onrechtstreeks met hen
verbonden is door een zeggenschapsband, en hun
cliënten of tussen hun cliënten onderling, waaronder
ook de belangenconfl icten die worden veroorzaakt door
de ontvangst van inducements van derden of door de
beloning door en andere aanmoedigingsregelingen van
de gereglementeerde ondernemingen zelf.
Indien de organisatorische of administratieve rege-
lingen die een gereglementeerde onderneming heeft
getroffen om te voorkomen dat belangenconfl icten de
belangen van haar cliënten schaden, ontoereikend zijn
om redelijkerwijs te mogen aannemen dat het risico
dat de belangen van de cliënten worden geschaad,
zal worden voorkomen, maakt de gereglementeerde
onderneming op heldere wijze de algemene aard en/
of de bronnen van de belangenconfl icten, alsook de
getroffen maatregelen om dit risico te beperken, aan de
cliënt bekend alvorens voor zijn rekening zaken te doen.
Die bekendmaking aan de cliënten moet op een
duurzame drager worden gedaan.
Zij bevat voldoende details, rekening houdend met de
aard van de cliënt, om deze in staat te stellen met kennis
van zaken een beslissing te nemen over de dienst in
verband waarmee het belangenconfl ict zich voordoet.
§ 5. Indien een gereglementeerde onderneming aan
de cliënt meedeelt dat beleggingsadvies op onafhanke-
lijke basis wordt verstrekt, geldt het volgende:
1° zij beoordeelt een voldoende groot aantal op de
markt verkrijgbare financiële instrumenten die vol-
doende divers moeten zijn wat type en emittenten of
productaanbieders betreft, om ervoor te zorgen dat de
beleggingsdoelstellingen van de cliënt naar behoren
kunnen worden gerealiseerd, en die niet beperkt mogen
zijn tot fi nanciële instrumenten die worden uitgegeven
of verstrekt:
a) door de gereglementeerde onderneming zelf of
door entiteiten die nauwe banden met haar hebben; of
b) door andere entiteiten waarmee de gereglemen-
teerde onderneming in een zodanig nauw juridisch
of economisch verband staat, zoals een contractueel
§ 4. Les entreprises réglementées prennent toute
mesure appropriée raisonnable pour identifi er et éviter
ou gérer les confl its d’intérêts se posant entre elles-
mêmes, y compris leurs administrateurs, leurs dirigeants
effectifs, leurs salariés et leurs agents liés, ou toute
personne directement ou indirectement liée à elles par
une relation de contrôle, et leurs clients, ou entre leurs
clients entre eux, lors de la prestation de tout service
d’investissement et de tout service auxiliaire ou d’une
combinaison de ces services, y compris ceux découlant
de la perception d’incitations en provenance de tiers ou
de la structure de rémunération et d’autres structures
incitatives propres à l’entreprise réglementée.
Lorsque les dispositions organisationnelles ou admi-
nistratives prises par une entreprise réglementée pour
empêcher que des confl its d’intérêts ne portent atteinte
aux intérêts de ses clients, ne suffisent pas à garantir,
avec une certitude raisonnable, que les risques de
porter atteinte aux intérêts des clients seront évités,
l’entreprise informe clairement ceux-ci, avant d’agir en
leur nom, de la nature générale et/ou de la source de
ces confl its d’intérêts, ainsi que des mesures prises
pour atténuer ces risques.
Cette information aux clients doit être fournie sur un
support durable.
Cette information comporte des détails suffisants,
compte tenu de la nature du client, pour permettre à ce
dernier de prendre une décision en connaissance de
cause au sujet du service dans le cadre duquel apparaît
le confl it d’intérêts.
§ 5. Lorsqu’une entreprise réglementée informe le
client que les conseils en investissement sont fournis
de manière indépendante:
1° elle évalue un éventail suffisant d’instruments
fi nanciers disponibles sur le marché, qui doivent être
suffisamment diversifi és quant à leur type et à leurs
émetteurs, ou à leurs fournisseurs, pour garantir que
les objectifs d’investissement du client puissent être
atteints de manière appropriée, et ne doivent pas se
limiter aux instruments fi nanciers émis ou fournis par:
a) l’entreprise réglementée elle-même ou par des
entités ayant des liens étroits avec elle; ou
b) d’autres entités avec lesquelles l’entreprise régle-
mentée a des relations juridiques ou économiques,
telles que des relations contractuelles, si étroites
92
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
verband, dat het risico bestaat dat dit afbreuk doet aan
de onafhankelijke basis van het verstrekte advies;
2° met betrekking tot de dienstverlening aan cliënten
aanvaardt en behoudt de gereglementeerde onder-
neming geen provisies, commissies of geldelijke of
niet-geldelijke tegemoetkomingen die worden betaald
of verstrekt door een derde partij of een persoon die
voor rekening van een derde partij handelt. Kleine niet-
geldelijke tegemoetkomingen die de kwaliteit van de
aan de cliënt geboden dienst kunnen verhogen en die
van zodanige omvang en aard zijn dat zij niet kunnen
worden geacht afbreuk te doen aan de voor de gere-
glementeerde onderneming geldende verplichting om
in het belang van de cliënt te handelen, kunnen worden
aanvaard op voorwaarde dat zij duidelijk aan de cliënt
worden bekendgemaakt.
§ 6. Bij het verrichten van vermogensbeheer aan-
vaardt en behoudt de gereglementeerde onderneming
met betrekking tot de dienstverlening aan cliënten geen
provisies, commissies of geldelijke of niet-geldelijke te-
gemoetkomingen die worden betaald of verstrekt door
een derde partij of een persoon die voor rekening van
een derde partij handelt. Kleine niet-geldelijke tegemoet-
komingen die de kwaliteit van de aan de cliënt geboden
dienst kunnen verhogen en die van zodanige omvang
en aard zijn dat zij niet kunnen worden geacht afbreuk
te doen aan de voor de gereglementeerde onderneming
geldende verplichting om in het belang van de cliënt te
handelen, kunnen worden aanvaard op voorwaarde
dat zij duidelijk aan de cliënt worden bekendgemaakt.
§ 7. Gereglementeerde ondernemingen voldoen niet
aan hun verplichtingen overeenkomstig paragrafen
1 en 4 indien zij een provisie of commissie betalen of
ontvangen, dan wel een niet-geldelijke tegemoetkoming
betalen of ontvangen in verband met het verlenen van
een beleggingsdienst of een nevendienst, aan of van
een andere partij dan de cliënt of een persoon die voor
rekening van de cliënt handelt, tenzij de betaling of de
tegemoetkoming:
1° bedoeld is om de kwaliteit van de aan de cliënt
verleende dienst te verbeteren; en
2° geen afbreuk doet aan de voor gereglementeerde
ondernemingen geldende verplichting om zich op eer-
lijke, billijke en professionele wijze in te zetten voor de
belangen van haar cliënten.
Vóór het verlenen van de desbetreffende beleggings-
of nevendienst moet aan de cliënt op uitvoerige, accu-
rate en begrijpelijke wijze mededeling worden gedaan
van het bestaan, de aard en het bedrag van de betaling
of de tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid of,
qu’elles présentent le risque de nuire à l’indépendance
du conseil fourni;
2° elle n’accepte pas, en les conservant des droits,
commissions ou autres avantages monétaires ou non
monétaires en rapport avec la fourniture du service
aux clients, versés ou fournis par un tiers ou par une
personne agissant pour le compte d’un tiers. Peuvent
être acceptés les avantages non monétaires mineurs
qui sont susceptibles d’améliorer la qualité du service
fourni à un client et dont la grandeur et la nature sont
telles qu’ils ne peuvent pas être considérés comme
empêchant le respect par l’entreprise réglementée
de son devoir d’agir au mieux des intérêts du client, à
condition d’être clairement signalés au client.
§ 6. Lorsqu’elle fournit des services de gestion de
portefeuille, l’entreprise réglementée n’accepte pas, en
les conservant, des droits, commissions ou autres avan-
tages monétaires ou non monétaires en rapport avec la
fourniture du service aux clients, versés ou fournis par
un tiers ou par une personne agissant pour le compte
d’un tiers. Peuvent être acceptés les avantages non
monétaires mineurs qui sont susceptibles d’améliorer la
qualité du service fourni à un client et dont la grandeur
et la nature sont telles qu’ils ne peuvent pas être consi-
dérés comme empêchant le respect par l’entreprise
réglementé de son devoir d’agir au mieux des intérêts
du client, à condition d’être clairement signalés au client.
§ 7. Les entreprises réglementées ne remplissent
pas leurs obligations au titre des paragraphes 1er et
4 lorsqu’elles versent ou reçoivent une rémunération
ou une commission, ou fournissent ou reçoivent un
avantage non pécuniaire en liaison avec la prestation
d’un service d’investissement ou d’un service auxiliaire,
à ou par toute partie, à l’exclusion du client ou de la
personne agissant au nom du client, à moins que le
paiement ou l’avantage:
1° ait pour objet d’améliorer la qualité du service
concerné au client; et
2° ne nuise pas au respect de l’obligation de l’en-
treprise réglementée d’agir d’une manière honnête,
équitable et professionnelle au mieux des intérêts de
ses clients.
Le client est clairement informé de l’existence, de
la nature et du montant du paiement ou de l’avantage
visé au premier alinéa, ou lorsque ce montant ne peut
être établi, de son mode de calcul d’une manière com-
plète, exacte et compréhensible avant que le service
93
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
wanneer het bedrag niet kan worden achterhaald, van de
berekeningswijze van dit bedrag. Indien van toepassing,
brengt de gereglementeerde onderneming de cliënt ook
op de hoogte van mechanismen voor het doorgeven aan
de cliënt van de provisie, de commissie, de geldelijke of
de niet-geldelijke tegemoetkoming ontvangen in het ka-
der van het verlenen van de beleggings- of nevendienst.
De betaling of de tegemoetkoming die het verlenen
van beleggingsdiensten mogelijk maakt of daarvoor
noodzakelijk is, zoals het bewaarloon, de afwikkelings-
en beursvergoedingen, de wettelijke heffingen en de ju-
ridische kosten, en die naar hun aard niet onverenigbaar
zijn met de voor de gereglementeerde onderneming
geldende verplichting om zich op eerlijke, billijke en
professionele wijze in te zetten voor de belangen van
haar cliënten, is niet onderworpen aan de in het eerste
lid vermelde vereisten.
De Koning bepaalt, op advies van de FSMA en na
open raadpleging, nadere regels ter uitvoering van
de in dit paragraaf bedoelde regel, inzonderheid om
de uit Richtlijn 2014/65/EU en Gedelegeerde richtlijn
2017/593 voortvloeiende verplichtingen na te leven.
De Koning kan inzonderheid de kleine niet-geldelijke
tegemoetkomingen bepalen die de kwaliteit van de aan
de cliënt geboden dienst verhogen, en die, rekening
houdend met de totale hoeveelheid van door een en-
titeit of een groep van entiteiten verleende voordelen,
van dien aard en omvang zijn dat het onwaarschijnlijk
is dat hierdoor afbreuk wordt gedaan aan de naleving
door de gereglementeerde onderneming van de voor
haar geldende verplichting om in het belang van de
cliënt te handelen.
§ 8. Een gereglementeerde onderneming die cliën-
ten beleggingsdiensten verleent, zorgt ervoor dat zij
de prestaties van haar personeel niet zodanig beloont
of beoordeelt dat er confl icten ontstaan met de voor
haar geldende verplichting om in het belang van haar
cliënten te handelen. Met name hanteert zij op belo-
ningsgebied, op het gebied van verkoopdoelen of op
een ander gebied geen regeling die haar personeel
ertoe kan aanzetten een niet-professionele cliënt een
bepaald fi nancieel instrument aan te bevelen, terwijl de
gereglementeerde onderneming een ander fi nancieel
instrument zou kunnen aanbieden dat beter aan de
behoeften van de desbetreffende cliënt zou voldoen.
§ 9. Indien een beleggingsdienst samen met een an-
dere dienst of een ander product wordt aangeboden als
onderdeel van een pakket of als voorwaarde waarvan de
overeenkomst of dat pakket afhankelijk wordt gesteld,
deelt de gereglementeerde onderneming aan de cliënt
d’investissement ou le service auxiliaire concerné ne
soit fourni. Le cas échéant, l’entreprise réglementée
informe également le client sur les mécanismes de
transfert au client de la rémunération, de la commission
et de l’avantage pécuniaire ou non pécuniaire reçus en
liaison avec la prestation du service d’investissement
ou du service auxiliaire.
Le paiement ou l’avantage qui permet la prestation
de services d’investissement ou est nécessaire à cette
prestation, tels que les droits de garde, les commissions
de change et de règlement, les taxes réglementaires
et les frais de procédure, et qui ne peut par nature
occasionner de confl it avec l’obligation qui incombe à
l’entreprise réglementée d’agir d’une manière honnête,
équitable et professionnelle au mieux des intérêts de
ses clients n’est pas soumis aux exigences énoncées
au premier alinéa.
Le Roi, sur avis de la FSMA et après consultation
ouverte, précise les modalités d’exécution de la règle
visée au présent paragraphe, notamment aux fi ns de
satisfaire aux obligations découlant de la Directive
2014/65/UE et de la Directive déléguée 2017/593.
Le Roi peut notamment défi nir quels avantages non
pécuniaires mineurs peuvent améliorer la qualité du ser-
vice fourni à un client et, eu égard au niveau global des
avantages fournis par une entité ou un groupe d’entités,
sont d’une ampleur et d’une nature telles qu’ils sont peu
susceptibles d’empêcher l’entreprise réglementée de
se conformer à son obligation d’agir dans le meilleur
intérêt du client.
§ 8. Une entreprise réglementée qui fournit des ser-
vices d’investissement à des clients veille à ne pas ré-
munérer ni évaluer les résultats de ses employés d’une
façon qui aille à l’encontre de son obligation d’agir au
mieux des intérêts de ses clients. En particulier, elle ne
prend aucune disposition sous forme de rémunération,
d’objectifs de vente ou autre qui pourrait encourager
les employés à recommander un instrument fi nancier
particulier à un client de détail alors que l’entreprise
réglementée pourrait proposer un autre instrument
fi nancier correspondant mieux aux besoins de ce client.
§ 9. Lorsqu’un service d’investissement est proposé
avec un autre service ou produit dans le cadre d’une
offre groupée ou comme condition à l’obtention de
l’accord ou de l’offre groupée, l’entreprise réglementée
indique au client s’il est possible d’acheter séparément
94
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
mee of het mogelijk is de verschillende componenten
afzonderlijk te kopen en voorziet zij in een apart bewijs-
stuk van de kosten van elke component.
Indien de kans bestaat dat de risico’s die voortvloeien
uit een aan een niet-professionele cliënt aangeboden
overeenkomst of aangeboden pakket, verschillen van
de risico’s die aan de verschillende componenten af-
zonderlijk verbonden zijn, geeft de gereglementeerde
onderneming een adequate beschrijving van de ver-
schillende componenten van de overeenkomst of het
pakket en van de wijze waarop de interactie ervan de
risico’s wijzigt.
De Koning kan, op advies van de FSMA, een niet-
exhaustieve lijst opstellen van koppelverkopen die
een inbreuk kunnen vormen op de wettelijke verplich-
tingen die voortvloeien uit het Europese recht, met
name uit Richtlijn 2005/29/EEG betreffende oneerlijke
handelspraktijken.
§ 10. Met niet-professionele cliënten worden door
een gereglementeerde onderneming geen fi nancië-
lezekerheidsovereenkomsten gesloten die leiden tot
overdracht met als doel om huidige of toekomstige, dan
wel feitelijke, voorwaardelijke of potentiële verplichtingen
van cliënten te waarborgen of op een andere manier af
te dekken.”.
Art. 106
In dezelfde wet wordt een artikel 27bis inge-
voegd, luidende:
“Art. 27bis. § 1. Bij het aanbieden of verstrekken
van fi nanciële producten of diensten moet alle door
de gereglementeerde onderneming aan cliënten of
potentiële cliënten verstrekte informatie, met inbegrip
van publicitaire mededelingen, correct, duidelijk en
niet misleidend zijn. Publicitaire mededelingen moeten
duidelijk als zodanig herkenbaar zijn.
§ 2. Aan de cliënten of potentiële cliënten wordt tijdig
passende informatie verstrekt over de gereglemen-
teerde onderneming en haar diensten, de fi nanciële
instrumenten en de voorgestelde beleggingsstrategieën,
de plaatsen van uitvoering en alle kosten en bijbeho-
rende lasten.
§ 3. Bij het verstrekken van beleggingsadvies moet
de gereglementeerde onderneming geruime tijd vóór
het advies wordt verstrekt, aan de cliënt laten weten:
les différents éléments et fournit des justifi catifs séparés
des coûts et frais inhérents à chaque élément.
Lorsque les risques résultant d’un tel accord ou
d’une telle offre groupée proposés à un client de détail
sont susceptibles d’être différents de ceux associés
aux différents éléments pris séparément, l’entreprise
réglementée fournit une description appropriée des
différents éléments de l’accord ou de l’offre groupée et
expose comment l’interaction modifi e le risque.
Le Roi peut établir, sur avis de la FSMA, une liste
non exhaustive de pratiques de ventes croisées qui
sont susceptibles de constituer une infraction à des
obligations légales issues du droit européen, notam-
ment la Directive 2005/29/CEE relative aux pratiques
commerciales déloyales.
§ 10. Une entreprise réglementée ne conclut pas de
contrats de garantie fi nancière avec transfert de pro-
priété avec des clients de détail en vue de garantir leurs
obligations présentes ou futures, réelles, conditionnelles
ou potentielles, ou de les couvrir d’une autre manière.”.
Art. 106
Dans la même loi, il est inséré un article 27bis, rédigé
comme suit:
“Art. 27bis. § 1er. Lors de l’offre ou de la fourniture
de produits ou services fi nanciers, toutes les informa-
tions, y compris publicitaires, adressées par l’entreprise
réglementée à des clients ou à des clients potentiels,
sont correctes, claires et non trompeuses. Les infor-
mations publicitaires sont clairement identifi ables en
tant que telles.
§ 2. Des informations appropriées sont communi-
quées en temps utile aux clients ou aux clients poten-
tiels sur l’entreprise réglementée et ses services, les
instruments fi nanciers et les stratégies d’investissement
proposées, les plateformes d’exécution et tous les coûts
et frais liés.
§ 3. Lorsque des conseils en investissement sont
fournis, l’entreprise réglementée doit indiquer au
client, en temps utile avant la fourniture des conseils
en investissement:
95
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° of het advies al dan niet op onafhankelijke basis
wordt verstrekt;
2° of het advies op een brede dan wel beperktere ana-
lyse van verschillende soorten fi nanciële instrumenten
is gebaseerd en, in het bijzonder, of het gamma beperkt
is tot fi nanciële instrumenten die worden uitgegeven
of verstrekt door entiteiten die nauwe banden met de
gereglementeerde onderneming hebben of er in een
ander juridisch of economisch verband mee staan, zoals
een contractueel verband, dat zo nauw is dat het risico
bestaat dat dit afbreuk doet aan de onafhankelijke basis
van het verstrekte advies;
3° of de gereglementeerde onderneming de cliënt
een periodieke beoordeling verstrekt van de geschikt-
heid van de fi nanciële instrumenten die zij hem heeft
aanbevolen.
§ 4. De informatie over de fi nanciële instrumenten
en de voorgestelde beleggingsstrategieën omvatten
passende toelichtingen en waarschuwingen over de
risico’s die aan beleggingen in deze instrumenten of
aan bepaalde beleggingsstrategieën zijn verbonden,
en verduidelijken of het fi nanciële instrument bestemd
is voor niet-professionele of professionele cliënten,
rekening houdend met de geïdentifi ceerde doelgroep
overeenkomstig artikel 27, § 2.
§ 5. De informatie over alle kosten en bijbehorende
lasten betreft zowel beleggings- als nevendiensten,
waaronder ook de kosten voor advies en, in voorkomend
geval, de kosten van de fi nanciële instrumenten die aan
de cliënt worden aanbevolen of aangeboden, en de
manier waarop de cliënt deze kan betalen, met inbegrip
van eventuele betalingen door derden.
De informatie over alle kosten en lasten, met inbegrip
van kosten en lasten in verband met de beleggingsdienst
en het fi nanciële instrument, die niet het gevolg zijn
van de ontwikkeling van onderliggende marktrisico’s,
worden samengevoegd zodat de cliënt inzicht krijgt in
de totale kosten, alsook in het cumulatieve effect op het
rendement op de belegging, en omvat, indien de cliënt
hierom verzoekt, een puntsgewijze uitsplitsing. Indien
van toepassing, wordt dergelijke informatie regelmatig
en ten minste jaarlijks aan de cliënt verstrekt, tijdens de
looptijd van de belegging.
§ 6. De in paragrafen 2 tot 5 en in artikel 27, § 7,
bedoelde informatie wordt in een begrijpelijke vorm en
op zodanige wijze verstrekt dat cliënten of potentiële
cliënten redelijkerwijs in staat zijn de aard en de risico’s
van de aangeboden beleggingsdienst en van de spe-
cifi ek aangeboden categorie van fi nancieel instrument
1° si les conseils sont fournis de manière indépendante;
2° s’ils reposent sur une analyse large ou plus res-
treinte de différents types d’instruments fi nanciers et,
en particulier, si l’éventail se limite aux instruments
fi nanciers émis ou proposés par des entités ayant des
liens étroits avec l’entreprise réglementée ou toute autre
relation juridique ou économique, telle qu’une relation
contractuelle, si étroite qu’elle présente le risque de
nuire à l’indépendance du conseil fourni;
3° si l’entreprise réglementée fournit au client une
évaluation périodique du caractère approprié des ins-
truments fi nanciers qui lui sont recommandés.
§ 4. Les informations sur les instruments fi nanciers
et les stratégies d’investissement proposées doivent
inclure des orientations et des mises en garde appro-
priées sur les risques inhérents à l’investissement dans
ces instruments ou à certaines stratégies d’investisse-
ment et en précisant si l’instrument fi nancier est destiné
à des clients de détail ou à des clients professionnels,
compte tenu du marché cible défi ni conformément à
l’article 27, § 2.
§ 5. Les informations sur tous les coûts et frais liés
doivent inclure des informations relatives aux services
d’investissement et aux services auxiliaires, y compris
le coût des conseils, s’il y a lieu, le coût des instruments
fi nanciers recommandés au client ou commercialisés
auprès du client et la manière dont le client peut s’en
acquitter, ce qui comprend également tout paiement
par des tiers.
Les informations relatives à l’ensemble des coûts
et frais, y compris les coûts et frais liés au service
d’investissement et à l’instrument fi nancier, qui ne sont
pas causés par la survenance d’un risque du marché
sous-jacent, sont totalisées afi n de permettre au client
de saisir le coût total, ainsi que l’effet cumulé sur le
retour sur investissement, et, si le client le demande,
une ventilation par poste est fournie. Le cas échéant,
ces informations sont fournies au client régulièrement,
au minimum chaque année, pendant la durée de vie de
l’investissement.
§ 6. Les informations visées aux paragraphes 2 à 5 et
à l’article 27, § 7, sont fournies sous une forme com-
préhensible de manière à ce que les clients ou clients
potentiels puissent raisonnablement comprendre la
nature du service d’investissement et du type spécifi que
d’instrument fi nancier proposé ainsi que les risques y
96
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
te begrijpen en derhalve met kennis van zaken beleg-
gingsbeslissingen te nemen. Deze informatie mag in
gestandaardiseerde vorm worden verstrekt.
§ 7. Indien een beleggingsdienst wordt aangeboden
als onderdeel van een fi nancieel product dat reeds on-
der andere bepalingen van het recht van de Europese
Unie betreffende kredietinstellingen en consumenten-
kredieten inzake informatievereisten ressorteert, zijn de
verplichtingen van paragrafen 1 tot 6 niet eveneens van
toepassing op deze dienst.
§ 8. Een gereglementeerde onderneming stelt nieuwe
en bestaande cliënten ervan in kennis dat elektroni-
sche communicatie of telefoongesprekken tussen de
gereglementeerde onderneming en haar cliënten die
leiden of kunnen leiden tot transacties, zullen worden
opgenomen overeenkomstig artikel 26, § 5, van de
wet van 25 oktober 2016 en artikel 64 van de wet van
25 april 2014.
Een dergelijke kennisgeving kan eenmaal worden
verstrekt, vóór het verlenen van beleggingsdiensten
aan nieuwe en bestaande cliënten.
Een gereglementeerde onderneming verleent geen
telefonische beleggingsdiensten aan en verricht geen
telefonische beleggingsactiviteiten met betrekking tot
het ontvangen, doorgeven of uitvoeren van orders van
cliënten die er vooraf niet van in kennis zijn gesteld dat
hun elektronische communicatie of telefoongesprekken
worden opgenomen.
Gegevens die overeenkomstig artikel 26, § 5, van de
wet van 25 oktober 2016 en artikel 64 van de wet van
25 april 2014 zijn opgenomen, worden op verzoek aan
de betrokken cliënten verstrekt.
Art. 107
In dezelfde wet wordt een artikel 27ter inge-
voegd, luidende:
“Art. 27ter. § 1. Gereglementeerde ondernemingen
waarborgen en tonen op verzoek van de FSMA aan
dat de natuurlijke personen die beleggingsadvies of
informatie over fi nanciële instrumenten verstrekken,
of beleggingsdiensten of nevendiensten aan cliënten
verlenen voor rekening van de onderneming, over de
nodige kennis en bekwaamheid beschikken om hun ver-
plichtingen overeenkomstig dit artikel, de artikelen 27 en
27bis en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en
afférents et, par conséquent, de prendre des décisions
en matière d’investissement en connaissance de cause.
Ces informations peuvent être fournies sous une forme
standardisée.
§ 7. Dans les cas où un service d’investissement est
proposé dans le cadre d’un produit fi nancier qui est déjà
soumis à d’autres dispositions du droit de l’Union euro-
péenne relatives aux établissements de crédit et aux
crédits à la consommation concernant les exigences en
matière d’information, ce service n’est pas en plus sou-
mis aux obligations énoncées aux paragraphes 1er à 6.
§ 8. Une entreprise réglementée notifi e aux nouveaux
clients et aux clients existants que les communications
électroniques ou conversations téléphoniques entre
l’entreprise réglementée et ses clients qui donnent lieu
ou sont susceptibles de donner lieu à des transactions,
seront enregistrées conformément à l’article 26, § 5,
de la loi du 25 octobre 2016 et à l’article 64 de la loi du
25 avril 2014.
Cette notifi cation peut être faite une seule fois, avant
la fourniture de services d’investissement à de nou-
veaux clients ou à des clients existants.
Une entreprise réglementée ne fournit pas par télé-
phone de services et d’activités d’investissement à des
clients qui n’ont pas été informés à l’avance du fait que
leurs communications électroniques ou conversations
téléphoniques sont enregistrées, lorsque ces services
et activités d’investissement concernent la réception, la
transmission et l’exécution d’ordres de clients.
Les enregistrements conservés conformément à
l’article 26, § 5, de la loi du 25 octobre 2016 et à l’article
64 de la loi du 25 avril 2014 sont transmis aux clients
concernés, à leur demande.
Art. 107
Dans la même loi, il est inséré un article 27ter, rédigé
comme suit:
“Art. 27ter. § 1er. Les entreprises réglementées
s’assurent et démontrent à la FSMA sur demande, que
les personnes physiques fournissant des conseils en
investissement ou des informations sur des instruments
fi nanciers, des services d’investissement ou des ser-
vices auxiliaires à des clients pour le compte de l’entre-
prise disposent des connaissances et des compétences
nécessaires pour respecter leurs obligations au titre du
présent article, des articles 27 et 27bis et des arrêtés
97
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
reglementen na te komen. De Koning bepaalt de criteria
voor de beoordeling van die kennis en bekwaamheid.
§ 2. Bij het verstrekken van beleggingsadvies of het
verrichten van vermogensbeheer, wint de gereglemen-
teerde onderneming bij de cliënt of de potentiële cliënt
de nodige informatie in over zijn kennis en ervaring op
beleggingsgebied met betrekking tot het specifi eke
soort product of dienst, zijn fi nanciële situatie, met
inbegrip van zijn vermogen om verliezen te dragen,
en zijn beleggingsdoelstellingen, met inbegrip van zijn
risicotolerantie, teneinde de cliënt of potentiële cliënt de
voor hem geschikte beleggingsdiensten en fi nanciële
instrumenten te kunnen aanbevelen, of voor hem ge-
schikt vermogensbeheer te verstrekken, die met name
stroken met zijn risicotolerantie en zijn vermogen om
verliezen te dragen.
Wanneer een gereglementeerde onderneming beleg-
gingsadvies verstrekt waarbij een gebundeld pakket van
diensten of producten wordt aanbevolen in de zin van
artikel 27, § 9, gaat zij na of de gehele bundel passend is.
§ 3. De gereglementeerde onderneming die andere
dan de in paragraaf 2 bedoelde beleggingsdiensten ver-
richt, wint bij de cliënt of de potentiële cliënt informatie
in over zijn ervaring en kennis op beleggingsgebied met
betrekking tot het specifi eke soort van aangeboden of
verlangde product of dienst, zodat zij kan beoordelen
of het aangeboden product of de te verrichten beleg-
gingsdienst passend is voor de cliënt.
Wanneer een bundel van diensten of producten wordt
overwogen overeenkomstig artikel 27, § 9, wordt bij de
beoordeling nagegaan of het gehele gebundelde pak-
ket passend is.
Indien de gereglementeerde onderneming op grond
van de op grond van het eerste lid ontvangen informatie
oordeelt dat het product of de dienst niet passend is
voor de cliënt of de potentiële cliënt, waarschuwt zij de
cliënt of de potentiële cliënt. Deze waarschuwing mag
in gestandaardiseerde vorm worden verstrekt.
Wanneer de cliënt of de potentiële cliënt de in de eer-
ste lid bedoelde informatie over zijn ervaring en kennis
niet verstrekt, of wanneer hij onvoldoende informatie
over zijn ervaring en kennis verstrekt, waarschuwt de
gereglementeerde onderneming hem dat zij om die
reden niet kan vaststellen of de aangeboden dienst of
het aangeboden product passend voor hem is. Deze
waarschuwing mag in gestandaardiseerde vorm wor-
den verstrekt
et règlements pris pour leur exécution. Le Roi fi xe les
critères utilisés pour évaluer ces connaissances et ces
compétences.
§ 2. Lorsqu’elle fournit du conseil en investissement
ou des services de gestion de portefeuille, l’entreprise
réglementée se procure auprès du client ou du client
potentiel les informations nécessaires concernant ses
connaissances et son expérience en matière d’investis-
sement en rapport avec le type spécifi que de produit ou
de service, sa situation fi nancière, y compris sa capacité
à subir des pertes, et ses objectifs d’investissement, y
compris sa tolérance au risque, de manière à pouvoir
lui recommander les services d’investissement et les
instruments fi nanciers adéquats ou de lui fournir les ser-
vices de gestion de portefeuille adéquats, notamment
par rapport à sa tolérance au risque et à sa capacité
de subir des pertes.
Lorsqu’une entreprise réglementée fournit des
conseils en investissement recommandant une offre
groupée de services ou de produits au sens de l’article
27 § 9, elle s’assure que l’offre groupée dans son
ensemble convienne.
§ 3. L’entreprise réglementée qui fournit des services
d’investissement autres que ceux visés au paragraphe
2, demande au client ou au client potentiel de donner
des informations sur ses connaissances et sur son
expérience en matière d’investissement en rapport avec
le type spécifi que de produit ou de service proposé
ou demandé, pour être en mesure de déterminer si le
service ou le produit d’investissement envisagé est
approprié pour le client.
Lorsqu’une offre groupée de services ou de produits
est envisagée conformément à l’article 27, § 9, l’évalua-
tion porte sur le caractère approprié de l’offre groupée
dans son ensemble.
Si l’entreprise réglementée estime, sur la base des
informations reçues conformément à l’alinéa 1er, que le
produit ou le service n’est pas approprié pour le client
ou le client potentiel, elle l’en avertit. Cet avertissement
peut être transmis sous une forme standardisée.
Si le client ou le client potentiel ne fournit pas les
informations sur ses connaissances et son expérience
visées à l’alinéa 1er, ou si les informations fournies sont
insuffisantes, l’entreprise réglementée avertit le client ou
le client potentiel qu’elle ne peut pas déterminer, pour
cette raison, si le service ou le produit envisagé est
approprié pour lui. Cet avertissement peut être transmis
sous une forme standardisée.
98
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 4. Gereglementeerde ondernemingen die, via een
andere gereglementeerde onderneming, de instructie
krijgen om beleggingsdiensten of nevendiensten voor
rekening van een cliënt te verlenen, kunnen afgaan op
op de cliëntgegevens die hun worden verstrekt door
de gereglementeerde ondernemingen die de instructie
doorgeven. De gereglementeerde onderneming die de
instructie doorgeeft, blijft verantwoordelijk voor de vol-
ledigheid en de juistheid van de verstrekte gegevens.
De gereglementeerde onderneming die op deze wijze
de instructie krijgt om diensten te verlenen voor rekening
van een cliënt, mag ook afgaan op eventuele aanbeve-
lingen met betrekking tot de dienst of de transactie die
door een andere beleggingsonderneming aan de cliënt
zijn gedaan. De gereglementeerde onderneming die
de instructie doorgeeft, blijft verantwoordelijk voor de
geschiktheid van de aan de betrokken cliënt verstrekte
aanbevelingen of adviezen.
De gereglementeerde onderneming die, via een
andere gereglementeerde onderneming, instructies of
orders van een cliënt ontvangt, blijft verantwoordelijk
voor het op basis van voornoemde gegevens of aan-
bevelingen verlenen van de dienst of sluiten van de
transactie in overeenstemming met de desbetreffende
bepalingen van deze wet.
§ 5. Wanneer gereglementeerde ondernemingen
beleggingsdiensten verrichten die slechts bestaan in
het uitvoeren van orders van cliënten en/of het ont-
vangen en doorgeven van deze orders, met of zonder
nevendiensten, met uitzondering van het verstrekken
van kredieten of leningen als bedoeld in artikel 2, 2°, 2,
van de wet van 25 oktober 2016, die geen bestaande
kredietlimieten van leningen, rekeningen-courant en
rekening-courantkredieten van cliënten omvatten,
mogen zij die beleggingsdiensten voor hun cliënten
verrichten zonder de in paragraaf 3 bedoelde informatie
te hoeven inwinnen of de aldaar bedoelde beoordeling
te hoeven doen wanneer aan alle hieronder vermelde
voorwaarden is voldaan:
1° de diensten houden verband met de volgende
fi nanciële instrumenten:
a) tot de handel op een gereglementeerde markt of
op een gelijkwaardige markt van een derde land of op
een MTF toegelaten aandelen, indien het aandelen
in vennootschappen betreft, met uitzondering van
rechten van deelneming in AICB en aandelen die een
derivaat behelzen;
b) tot de handel op een gereglementeerde markt
of op een gelijkwaardige markt van een derde land
of op een MTF toegelaten obligaties en andere
§ 4. Toute entreprise réglementée recevant, par
l’intermédiaire d’une autre entreprise réglementée,
l’instruction de fournir des services d’investissement ou
des services auxiliaires pour le compte d’un client, peut
se fonder sur les informations relatives à ce client com-
muniquées par cette dernière entreprise. L’entreprise
réglementée ayant transmis l’instruction demeure
responsable de l’exhaustivité et de l’exactitude des
informations transmises.
L’entreprise réglementée qui reçoit de cette manière
l’instruction de fournir des services pour le compte d’un
client peut également se fonder sur toute recommanda-
tion afférente au service ou à la transaction en question
donnée au client par une autre entreprise réglementée.
L’entreprise réglementée qui a transmis l’instruction
demeure responsable du caractère adéquat des recom-
mandations ou conseils fournis au client concerné.
L’entreprise réglementée qui reçoit l’instruction
ou l’ordre d’un client par l’intermédiaire d’une autre
entreprise réglementée demeure responsable de la
prestation du service ou de l’exécution de la transac-
tion en question, sur la base des informations ou des
recommandations susmentionnées, conformément aux
dispositions pertinentes de la présente loi.
§ 5. Lorsque les entreprises réglementées fournissent
des services d’investissement qui comprennent unique-
ment l’exécution et/ou la réception et la transmission
d’ordres de clients, avec ou sans services auxiliaires,
à l’exclusion de l’octroi des crédits ou des prêts visés
à l’article 2, 2°, 2, de la loi du 25 octobre 2016, dans
le cadre desquels les limites existantes concernant les
prêts, les comptes courants et les découverts pour les
clients ne s’appliquent pas, elles peuvent fournir ces
services d’investissement à leurs clients sans devoir
demander les informations ni procéder à l’évaluation
visées au paragraphe 3, si toutes les conditions sui-
vantes sont remplies:
1° les services portent sur l’un des instruments
fi nanciers suivants:
a) des actions admises à la négociation sur un mar-
ché réglementé ou sur un marché équivalent d’un pays
tiers, ou sur un MTF, s’il s’agit d’actions de sociétés, à
l’exclusion des parts d’OPCA et des actions incorporant
un instrument dérivé;
b) des obligations et autres titres de créance admis
à la négociation sur un marché réglementé ou sur un
marché équivalent d’un pays tiers, ou sur un MTF, à
99
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
schuldinstrumenten, met uitzondering van deze die een
derivaat behelzen of een structuur hebben die het voor
de cliënt moeilijk maakt te begrijpen welk risico eraan
verbonden is;
c) geldmarktinstrumenten, met uitzondering van deze
die een derivaat behelzen of een structuur hebben die
het voor de cliënt moeilijk maakt te begrijpen welk risico
eraan verbonden is;
d) aandelen of rechten van deelneming in ICB’s die
voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/
EG als bedoeld in artikel 3, 8°, van de wet van
3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor col-
lectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van
Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging
in schuldvorderingen, met uitzondering van de in artikel
36, lid 1, alinea 2, van Verordening (EU) nr. 583/2010 be-
doelde gestructureerde ICB’s;
e) gestructureerde deposito’s, met uitzondering van
deposito’s met een structuur die het voor de cliënt
moeilijk maakt het rendementsrisico of de kosten voor
het vervroegd uitstappen in te schatten;
f) andere niet-complexe fi nanciële instrumenten voor
de toepassing van deze paragraaf.
Voor de toepassing van deze paragraaf wordt een
markt van een derde land geacht gelijkwaardig te zijn
aan een gereglementeerde markt, indien aan de vereis-
ten en de procedure van artikel 25, lid 4, punt a), alinea
3 en 4, van Richtlijn 2014/65/EU is voldaan;
2° de dienst wordt verricht op initiatief van de cliënt
of de potentiële cliënt;
3° de cliënt of de potentiële cliënt is er duidelijk van in
kennis gesteld dat de gereglementeerde onderneming
bij het verrichten van deze dienst niet verplicht is de pas-
sendheid van het aangeboden fi nanciële instrument of
van de te verrichten of aangeboden dienst te beoordelen
en dat hij derhalve niet de bescherming van de toepas-
selijke gedragsregels geniet; deze waarschuwing mag
in gestandaardiseerde vorm worden verstrekt;
4° de gereglementeerde onderneming komt de in
artikel 27, § 4, bedoelde belangenconfl ictenregeling na.
§ 6. De gereglementeerde onderneming legt een
dossier aan met de tussen de onderneming en de cliënt
overeengekomen documenten, waarin de rechten en
plichten van beide partijen worden beschreven, alsook
de overige voorwaarden waarop de onderneming dien-
sten voor de cliënt zal verrichten.
l’exclusion de ceux incorporant un instrument dérivé ou
présentant une structure qui rend la compréhension du
risque encouru difficile pour le client;
c) des instruments du marché monétaire, à l’exclusion
de ceux incorporant un instrument dérivé ou présentant
une structure qui rend la compréhension du risque
encouru difficile pour le client;
d) des actions ou parts d’OPC qui répondent aux
conditions de la Directive 2009/65/CE visés à l’article 3,
8°, de la loi du 3 août 2012 relative aux organismes de
placement collectif qui répondent aux conditions de la
Directive 2009/65/CE et aux organismes de placement
en créances, à l’exclusion des OPC structurés au sens
de l’article 36, paragraphe 1, alinéa 2, du Règlement
(UE) n° 583/2010;
e) des dépôts structurés, à l’exclusion de ceux
incorporant une structure qui rend la compréhension
du risque encouru concernant le rendement ou le coût
de sortie du produit avant terme difficile pour le client;
f) d’autres instruments fi nanciers non complexes aux
fi ns du présent paragraphe.
Aux fi ns du présent paragraphe, un marché d’un
pays tiers est considéré comme équivalent à un marché
réglementé, si les exigences et la procédure prévues à
l’article 25, paragraphe 4, point a), alinéas 3 et 4, de la
Directive 2014/65/UE sont respectées;
2° le service est fourni à l’initiative du client ou du
client potentiel;
3° le client ou le client potentiel a été clairement infor-
mé que, lors de la fourniture de ce service, l’entreprise
réglementée n’est pas tenue d’évaluer si l’instrument
fi nancier ou le service fourni ou proposé est approprié et
que par conséquent, il ne bénéfi cie pas de la protection
correspondante des règles de conduite pertinentes;
cet avertissement peut être transmis sous une forme
standardisée;
4° l’entreprise réglementée respecte les règles en
matière de confl its d’intérêts, prévues à l’article 27, § 4.
§ 6. L’entreprise réglementée constitue un dossier
incluant le ou les documents conclus par l’entreprise
et le client, où sont énoncés les droits et les obligations
des parties ainsi que les autres conditions auxquelles
l’entreprise fournit des services au client.
100
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
De rechten en plichten van beide partijen bij de
overeenkomst kunnen worden opgenomen door middel
van verwijzing naar andere documenten of wetteksten.
§ 7. De gereglementeerde onderneming verstrekt
haar cliënt deugdelijke rapporten over de dienst die zij
hem verleent, op een duurzame drager. Deze rapporten
bevatten periodieke mededelingen aan cliënten, reke-
ning houdend met het type en de complexiteit van de
betrokken fi nanciële instrumenten en de aard van de
aan de cliënt verleende dienst, alsook, in voorkomend
geval, de kosten van de transacties en de diensten die
voor rekening van de cliënt werden verricht of verleend.
Bij het verlenen van beleggingsadvies, verstrekt de
gereglementeerde onderneming aan de cliënt, vóór het
verrichten van de transactie, een geschiktheidsverkla-
ring op een duurzame drager, waarin het verleende
advies wordt gespecificeerd en wordt verduidelijkt
hoe dat advies aan de voorkeuren, doelstellingen en
andere kenmerken van de niet-professionele cliënt
beantwoordt.
Indien de overeenkomst tot aankoop of verkoop van
een fi nancieel instrument wordt gesloten door mid-
del van een techniek voor communicatie op afstand
die de voorafgaande verstrekking van de geschikt-
heidsverklaring belet, verstrekt de gereglementeerde
onderneming de schriftelijke geschiktheidsverklaring
op een duurzame drager onmiddellijk nadat de cliënt
door een overeenkomst is gebonden, indien aan beide
onderstaande voorwaarden wordt voldaan:
1° de cliënt heeft ingestemd met de ontvangst van de
geschiktheidsverklaring zonder onnodige vertraging na
het sluiten van de transactie; en
2° de gereglementeerde onderneming heeft de cliënt
de mogelijkheid geboden de transactie uit te stellen zo-
dat hij de geschiktheidsverklaring vooraf kan ontvangen.
Indien een gereglementeerde onderneming ver-
mogensbeheerdiensten verricht of de cliënt ervan
op de hoogte heeft gebracht dat zij een periodieke
geschiktheidsbeoordeling zal uitvoeren, bevat het
periodieke rapport een bijgewerkte verklaring van
de manier waarop de belegging beantwoordt aan de
voorkeuren, doelstellingen en andere kenmerken van
de niet-professionele cliënt.
§ 8. Indien in een hypothecaire kredietovereenkomst,
waarvoor de bepalingen over de beoordeling van de
kredietwaardigheid van consumenten als vastgesteld
in Boek VII van het Wetboek van economisch recht
gelden, als absolute voorwaarde wordt gesteld dat
aan diezelfde consument een beleggingsdienst wordt
Les droits et les obligations des parties à la conven-
tion peuvent être incorporés par référence à d’autres
documents ou textes juridiques.
§ 7. L’entreprise réglementée fournit à ses clients,
sur un support durable, des rapports adéquats sur le
service qu’elle leur fournit. Ces rapports incluent des
communications périodiques aux clients, en fonction
du type et de la complexité des instruments fi nanciers
concernés ainsi que de la nature du service fourni aux
clients, et comprennent, lorsqu’il y a lieu, les coûts liés
aux transactions effectuées et aux services fournis au
nom du client.
Lorsqu’elle fournit des conseils en investissement,
l’entreprise réglementée remet au client, avant que la
transaction ne soit effectuée, une déclaration d’adé-
quation sur un support durable, précisant les conseils
prodigués et de quelle manière ceux-ci répondent aux
préférences, aux objectifs et aux autres caractéristiques
du client de détail.
Lorsque l’accord d’achat ou de vente d’un instrument
fi nancier est conclu en utilisant un moyen de commu-
nication à distance qui ne permet pas la transmission
préalable de la déclaration d’adéquation, l’entreprise
réglementée peut fournir la déclaration écrite d’adé-
quation sur un support durable immédiatement après
que le client soit lié par un accord, sous réserve que les
conditions suivantes soient réunies:
1° le client a consenti à recevoir la déclaration d’adé-
quation sans délai excessif après la conclusion de la
transaction; et
2° l’entreprise réglementée a donné au client la possi-
bilité de retarder la transaction afi n qu’il puisse recevoir
au préalable la déclaration d’adéquation.
Lorsqu’une entreprise réglementée fournit des ser-
vices de gestion de portefeuille ou a informé le client
qu’elle procéderait à une évaluation périodique de l’adé-
quation, le rapport périodique comporte une déclaration
mise à jour sur la manière dont l’investissement répond
aux préférences, aux objectifs et aux autres caractéris-
tiques du client de détail.
§ 8. Si un contrat de crédit hypothécaire qui est
soumis aux dispositions relatives à l’évaluation de la
solvabilité des consommateurs fi gurant dans le Livre
VII du Code de droit économique prévoit comme condi-
tion préalable la fourniture au même consommateur
d’un service d’investissement se rapportant à des
101
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
verleend in verband met specifi ek uitgegeven hypothe-
caire obligaties die de fi nanciering van de hypothecaire
kredietovereenkomst moet veiligstellen en waaraan
identieke voorwaarden zijn verbonden als aan die
hypothecaire kredietovereenkomst, opdat de lening
kan worden terugbetaald, geherfi nancierd of afgelost,
is deze dienst niet onderworpen aan de in dit artikel
gestelde verplichtingen.”.
Art. 108
In dezelfde wet wordt een artikel 27quater inge-
voegd, luidende:
“Art. 27quater. § 1. De gereglementeerde onderne-
mingen met een vergunning om orders voor rekening
van cliënten uit te voeren, passen procedures en regelin-
gen toe die een onmiddellijke, billijke en vlotte uitvoering
van orders van cliënten garanderen ten opzichte van
orders van andere cliënten of de handelsposities van
de gereglementeerde onderneming.
Deze procedures of regelingen moeten een geregle-
menteerde onderneming in staat stellen om overigens
vergelijkbare orders van cliënten in de volgorde van het
tijdstip van ontvangst uit te voeren.
§ 2. In het geval van een limietorder van een cliënt
inzake tot de handel op een gereglementeerde markt
toegelaten, of op een handelsplatform verhandelde
aandelen dat niet onmiddellijk wordt uitgevoerd on-
der de heersende marktomstandigheden, nemen de
gereglementeerde ondernemingen, tenzij de cliënt
uitdrukkelijk andere instructies geeft, maatregelen om
tot een zo spoedig mogelijke uitvoering van dat order
bij te dragen, door het bewuste limietorder van de cliënt
onmiddellijk op zodanige wijze openbaar te maken dat
andere marktdeelnemers er gemakkelijk toegang toe
kunnen krijgen.
De gereglementeerde ondernemingen zijn vrijgesteld
van de in het eerste lid bedoelde verplichting in het geval
van limietorders die van aanzienlijke omvang zijn in ver-
houding tot de normale marktomvang overeenkomstig
artikel 4 van Verordening 600/2014, tenzij de FMSA
daarover anders beslist.”.
Art. 109
Artikel 28 van dezelfde wet, vervangen door het
koninklijk besluit van 27 april 2007 en gewijzigd bij het
koninklijk besluit van 3 maart 2011, wordt vervangen
als volgt:
obligations hypothécaires émises spécifi quement pour
obtenir le fi nancement du contrat de crédit hypothécaire
et assorties de conditions identiques à celui-ci, afi n
que le prêt soit remboursable, refi nancé ou amorti, ce
service n’est pas soumis aux obligations énoncées au
présent article.”.
Art. 108
Dans la même loi, il est inséré un article 27quater,
rédigé comme suit:
“Art. 27quater. § 1er. Les entreprises réglementées
agréées pour exécuter des ordres pour le compte de
clients appliquent des procédures et des dispositions
garantissant l’exécution rapide, équitable et efficace de
ces ordres par rapport à d’autres ordres de clients ou à
leurs propres positions de négociation.
Ces procédures ou dispositions prévoient l’exécution
des ordres de clients, par ailleurs comparables, en
fonction de la date de leur réception par l’entreprise
réglementée.
§ 2. Dans le cas d’un ordre à cours limité qui est
passé par un client concernant des actions admises à
la négociation sur un marché réglementé ou négociées
sur une plateforme de négociation et qui n’est pas exé-
cuté immédiatement dans les conditions prévalant sur
le marché, les entreprises réglementées prennent, sauf
si le client donne expressément l’instruction contraire,
des mesures visant à faciliter l’exécution la plus rapide
possible de cet ordre, en le rendant immédiatement
public sous une forme aisément accessible aux autres
participants du marché.
Les entreprises réglementées sont exemptées de
l’obligation prévue à l’alinéa 1er dans le cas d’ordres
à cours limité portant sur une taille inhabituellement
élevée, conformément aux règles prévues en la matière
par l’article 4 du Règlement 600/2014, à moins que la
FSMA n’en décide autrement.”.
Art. 109
L’article 28 de la même loi, remplacé par l’arrêté
royal du 27 avril 2007 et modifi é par l’arrêté royal du
3 mars 2011, est remplacé par ce qui suit:
102
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“Art. 28. § 1. In het kader van de op haar toepasselijke
bedrijfsuitoefeningsvoorwaarden neemt de geregle-
menteerde onderneming bij het uitvoeren van orders,
overeenkomstig de bepalingen van paragrafen 2 tot 8,
alle toereikende maatregelen om het best mogelijke re-
sultaat voor haar cliënten te behalen, rekening houdend
met de prijs, de kosten, de snelheid, de waarschijnlijk-
heid van uitvoering en afwikkeling, de omvang, de aard
van het order en alle andere voor de uitvoering van het
order relevante aspecten. In geval van een specifi eke
instructie van de cliënt is de gereglementeerde onderne-
ming evenwel verplicht het order volgens die specifi eke
instructie uit te voeren.
Wanneer een gereglementeerde onderneming een
order voor rekening van een niet-professionele cliënt
uitvoert, wordt voor de bepaling van het best mogelijke
resultaat uitgegaan van de totale tegenprestatie, die
bestaat uit de prijs van het fi nanciële instrument en
de uitvoeringskosten, die alle uitgaven omvatten die
ten laste komen van de cliënt en rechtstreeks verband
houden met de uitvoering van het order, zoals vergoe-
dingen eigen aan de plaats van uitvoering, clearing- en
afwikkelingsvergoedingen en alle andere vergoedingen
die worden betaald aan derden die bij de uitvoering van
het order zijn betrokken.
Om een optimale uitvoering in overeenstemming met
het eerste lid te realiseren wanneer er meer dan één
concurrerende plaats van uitvoering is om een order
voor een fi nancieel instrument uit te voeren, worden de
resultaten die voor de cliënt zouden worden behaald
bij de uitvoering van het order op elk van de in het uit-
voeringsbeleid van de gereglementeerde onderneming
genoemde plaatsen van uitvoering die dit order kunnen
uitvoeren, geanalyseerd en vergeleken; in deze analyse
moet rekening worden gehouden met de eigen provisies
van de gereglementeerde onderneming en de kosten
voor de uitvoering van het order op elk van de in aan-
merking komende plaatsen van uitvoering.
§ 2. Een gereglementeerde onderneming ontvangt
geen beloning, korting of niet-geldelijke tegemoetko-
ming voor de routering van orders van cliënten naar een
bepaald handelsplatform of een bepaalde plaats van
uitvoering, wat in strijd zou zijn met de vereisten inzake
belangenconfl icten of inducements zoals bepaald in
paragraaf 1, alsook in de artikelen 27 en 27bis van deze
wet, artikel 26, § 2, van de wet van 25 oktober 2016 en
artikel 42 van de wet van 25 april 2014.
§ 3. Voor fi nanciële instrumenten die onder de han-
delsverplichting opgenomen in de artikelen 23 en 28 van
Verordening 600/2014 vallen, maakt elk handelsplatform
en elke beleggingsonderneming met systematische
interne afhandeling en, voor de andere financiële
“Art. 28. § 1er. Dans le cadre des conditions d’exer-
cice de l’activité qui lui sont applicables, l’entreprise
réglementée prend, conformément aux dispositions
des paragraphes 2 à 8, toutes les mesures suffisantes
pour obtenir, lors de l’exécution des ordres, le meilleur
résultat possible pour ses clients compte tenu du prix,
du coût, de la rapidité, de la probabilité de l’exécution
et du règlement, de la taille, de la nature de l’ordre ou
de toute autre considération relative à l’exécution de
l’ordre. Néanmoins, chaque fois qu’il existe une ins-
truction spécifi que donnée par les clients, l’entreprise
réglementée exécute l’ordre en suivant cette instruction.
Lorsqu’une entreprise réglementée exécute un ordre
au nom d’un client de détail, le meilleur résultat possible
est déterminé sur la base du prix total, représentant le
prix de l’instrument fi nancier et les coûts liés à l’exécu-
tion, lesquels incluent toutes les dépenses exposées
par le client directement liées à l’exécution de l’ordre,
y compris les frais propres au lieu d’exécution, les frais
de compensation et de règlement et tous les autres
frais éventuellement payés à des tiers ayant participé
à l’exécution de l’ordre.
En vue d’assurer le meilleur résultat possible confor-
mément au premier alinéa lorsque plusieurs lieux d’exé-
cution concurrents sont en mesure d’exécuter un ordre
concernant un instrument fi nancier, il convient d’évaluer
et de comparer les résultats qui seraient obtenus pour
le client en exécutant l’ordre sur chacun des lieux
d’exécution sélectionnés par la politique d’exécution
des ordres de l’entreprise réglementée qui sont en
mesure d’exécuter cet ordre; dans cette évaluation, il y
a lieu de prendre en compte les commissions propres
à l’entreprise réglementée et les coûts pour l’exécution
de l’ordre sur chacun des lieux d’exécution éligibles.
§ 2. Une entreprise réglementée ne reçoit aucune
rémunération, aucune remise ou aucun avantage non
pécuniaire pour l’acheminement d’ordres de clients
vers une plateforme de négociation ou d’exécution
particulière qui serait en violation des exigences
relatives aux conflits d’intérêts ou aux incitations
prévues au paragraphe 1er, ainsi qu’aux articles 27 et
27bis de la présente loi, à l’article 26, § 2, de la loi du
25 octobre 2016 et à l’article 42 de la loi du 25 avril 2014.
§ 3. Pour les instruments fi nanciers soumis à l’obli-
gation de négociation visée aux articles 23 et 28 du
Règlement 600/2014, chaque plateforme de négocia-
tion et internalisateur systématique, et, pour les autres
instruments fi nanciers, chaque plateforme d’exécution
103
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
instrumenten, elke plaats van uitvoering ten minste
jaarlijks kosteloos gegevens over de kwaliteit van de
uitvoering van transacties op de betrokken plaats open-
baar, en deelt de gereglementeerde onderneming, na de
uitvoering van een transactie voor rekening van een cli-
ent, aan die cliënt mee waar het order werd uitgevoerd.
Die periodieke rapporten bevatten bijzonderheden over
de prijs, de kosten, de snelheid en de waarschijnlijkheid
van uitvoering met betrekking tot individuele fi nanciële
instrumenten.
§ 4. De gereglementeerde onderneming bepaalt en
handhaaft doeltreffende regelingen om aan paragraaf
1 te voldoen. Zij bepaalt en past inzonderheid een
beleid inzake orderuitvoering toe dat haar in staat stelt
om voor de orders van haar cliënten het best mogelijke
resultaat te behalen overeenkomstig het bepaalde in
voornoemde paragraaf.
§ 5. Het orderuitvoeringsbeleid omvat voor elke
klasse van fi nanciële instrumenten, informatie over de
verschillende plaatsen waarop de gereglementeerde
onderneming de orders van haar cliënten uitvoert en
de factoren die de keuze van de plaats van uitvoering
beïnvloeden. Het omvat ten minste de plaatsen van
uitvoering die de gereglementeerde onderneming in
staat stellen om consistent het best mogelijke resultaat
voor de uitvoering van orders van cliënten te behalen.
De gereglementeerde onderneming verstrekt haar
cliënten deugdelijke informatie over haar orderuitvoe-
ringsbeleid. In die informatie wordt duidelijk, voldoende
nauwkeurig en op een voor de cliënten gemakkelijk
te begrijpen wijze uitgelegd hoe gereglementeerde
ondernemingen de orders voor hun cliënten zullen
uitvoeren. De gereglementeerde onderneming ver-
krijgt vooraf de instemming van haar cliënten met haar
orderuitvoeringsbeleid.
Wanneer het orderuitvoeringsbeleid voorziet in de
mogelijkheid om orders van cliënten buiten een han-
delsplatform uit te voeren, brengt de gereglementeerde
onderneming met name haar cliënten van deze mogelijk-
heid op de hoogte. De gereglementeerde onderneming
heeft de uitdrukkelijke toestemming van haar cliënten
nodig alvorens hun orders buiten een handelsplatform
uit te voeren. De gereglementeerde onderneming kan
deze toestemming hetzij in de vorm van een algemene
overeenkomst, hetzij met betrekking tot afzonderlijke
transacties verkrijgen.
§ 6. De gereglementeerde onderneming die orders
van cliënten uitvoert, stelt jaarlijks voor elke categorie
fi nanciële instrumenten een overzicht op van de belang-
rijkste vijf plaatsen van uitvoering in termen van handels-
volumes waar zij tijdens het voorgaande jaar orders van
met à la disposition du public, sans frais, les données
relatives à la qualité d’exécution des transactions sur
cette plateforme au moins une fois par an et à la suite
de l’exécution d’une transaction pour le compte d’un
client, l’entreprise réglementée précise au client où
l’ordre a été exécuté. Ces rapports périodiques incluent
des informations détaillées sur le prix, les coûts, la
rapidité et la probabilité d’exécution pour les différents
instruments fi nanciers.
§ 4. L’entreprise réglementée établit et met en oeuvre
des dispositions efficaces pour se conformer au para-
graphe 1er. Elle établit et met en oeuvre notamment une
politique d’exécution des ordres lui permettant d’obtenir,
pour les ordres de ses clients, le meilleur résultat pos-
sible conformément au paragraphe précité.
§ 5. La politique d’exécution des ordres inclut, en ce
qui concerne chaque catégorie d’instruments fi nanciers,
des informations sur les différentes plates-formes sur
lesquelles l’entreprise réglementée exécute les ordres
de ses clients et les facteurs infl uençant le choix de la
plateforme d’exécution. Elle inclut au moins les plates-
formes qui permettent à l’entreprise réglementée
d’obtenir, avec régularité, le meilleur résultat possible
pour l’exécution des ordres des clients.
L’entreprise réglementée fournit des informations
appropriées à ses clients sur sa politique d’exécution
des ordres. Ces informations expliquent clairement,
de manière suffisamment détaillée et facilement com-
préhensible par les clients, comment les ordres seront
exécutés par l’entreprise réglementée pour son client.
L’entreprise réglementée doit obtenir le consentement
préalable de ses clients sur la politique d’exécution
en question.
Lorsque la politique d’exécution des ordres prévoit
que les ordres des clients peuvent être exécutés en
dehors d’une plateforme de négociation, l’entreprise
réglementée informe notamment ses clients de cette
possibilité. L’entreprise réglementée doit obtenir le
consentement préalable exprès de ses clients avant de
procéder à l’exécution de leurs ordres en dehors d’une
plateforme de négociation. L’entreprise réglementée
peut obtenir ce consentement soit sous la forme d’un
accord général, soit pour des transactions déterminées.
§ 6. L’entreprise réglementée qui exécute des ordres
de clients établit et publie une fois par an, pour chaque
catégorie d’instruments fi nanciers, le classement des
cinq premières plates-formes d’exécution sur le plan
des volumes de négociation sur lesquelles elles ont
104
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
cliënten heeft uitgevoerd, en maakt dat overzicht alsook
informatie over de kwaliteit van de uitvoering openbaar.
§ 7. De gereglementeerde onderneming die orders
van cliënten uitvoert, houdt toezicht op de doeltreffend-
heid van haar regelingen en beleid voor orderuitvoering
om, in voorkomend geval, mogelijke tekortkomingen te
achterhalen en recht te zetten. Zij gaat inzonderheid
op gezette tijden na of de in het orderuitvoeringsbeleid
opgenomen handelsplatformen tot het best mogelijke
resultaat voor de cliënt leiden dan wel of zij haar uit-
voeringsregelingen moet wijzigen, rekening houdend
met, onder andere, de op grond van paragrafen 3 en
6 gepubliceerde informatie. De gereglementeerde
onderneming geeft de cliënten met wie zij een door-
lopende cliëntenrelatie heeft, kennis van wezenlijke
wijzigingen in haar orderuitvoeringsregelingen of haar
orderuitvoeringsbeleid.
§ 8. De gereglementeerde onderneming toont haar
cliënten desgevraagd aan dat zij hun orders heeft uitge-
voerd in overeenstemming met haar orderuitvoerings-
beleid. Zij kan desgevraagd aan de FSMA aantonen dit
artikel te hebben nageleefd.”.
Art. 110
Artikel 28bis van dezelfde wet, ingevoegd bij het
koninklijk besluit van 27 april 2007 en gewijzigd bij het
koninklijk besluit van 3 maart 2011, wordt vervangen
als volgt:
“Art. 28bis. De gereglementeerde ondernemingen
vereffenen hun transacties in vervangbare fi nanciële
instrumenten die tot de verhandeling op een Belgische
gereglementeerde markt zijn toegelaten, onderling langs
girale weg.”.
Art. 111
In artikel 28ter van dezelfde wet, vervangen door
de wet van 30 juli 2013, wordt een paragraaf 1/1 inge-
voegd, luidende:
“§ 1/1. De artikelen 27, § 1, en 27bis, § 1, zijn van
toepassing op de in paragraaf 1 bedoelde kredietinstel-
lingen, ingeval zij spaarrekeningen commercialiseren op
het Belgische grondgebied.”.
exécuté des ordres de clients au cours de l’année pré-
cédente et des informations synthétiques sur la qualité
d’exécution obtenue.
§ 7. L’entreprise réglementée qui exécute des ordres
de clients surveille l’efficacité de ses dispositions en
matière d’exécution des ordres et de sa politique en la
matière afi n d’en déceler les lacunes et d’y remédier
le cas échéant. En particulier, l’entreprise réglementée
évalue régulièrement si les plates-formes d’exécution
prévues dans sa politique d’exécution des ordres per-
mettent d’obtenir le meilleur résultat possible pour le
client ou si elle doit procéder à des modifi cations de
ses dispositions en matière d’exécution, compte tenu
notamment des informations publiées en application
des paragraphes 3 et 6. L’entreprise réglementée notifi e
aux clients avec lesquels elle a une relation suivie toute
modifi cation importante de ses dispositions en matière
d’exécution des ordres ou de sa politique en la matière.
§ 8. L’entreprise réglementée démontre à ses clients,
à leur demande, qu’elle a exécuté leurs ordres confor-
mément à la politique d’exécution de l’entreprise. Elle
le démontre également à la FSMA, à sa demande.”.
Art. 110
L’article 28bis de la même loi, inséré par l’arrêté
royal du 27 avril 2007 et modifi é par l’arrêté royal du
3 mars 2011, est remplacé par ce qui suit:
“Art. 28bis. Les entreprises réglementées liquident
entre elles par voie scripturale leurs transactions portant
sur des instruments fi nanciers fongibles qui sont admis
à la négociation sur un marché réglementé belge.”.
Art. 111
Dans l’article 28ter de la même loi, remplacé par la
loi du 30 juillet 2013, il est inséré un paragraphe 1/1,
rédigé comme suit:
“§ 1/1. Les articles 27, § 1er et 27bis, § 1er, s’appliquent
aux établissements de crédit visés au paragraphe 1er
lorsqu’ils commercialisent des comptes d’épargne sur
le territoire belge.”.
105
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 112
In artikel 30bis van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 30 juli 2013, worden de woorden “Op advies
van de raad van toezicht” vervangen door de woorden
“Onverminderd de artikelen 39 tot 43 van Verordening
600/2014, op advies van de raad van toezicht”.
Art. 113
In artikel 30ter van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet
van 30 juli 2013 en gewijzigd bij de wet van 4 april 2014,
worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) in de bepaling onder 1° worden de woorden
“agenten in bank- en beleggingsdiensten” vervan-
gen door de woorden “bemiddelaars in bank- en
beleggingsdiensten”;
b) in de bepaling onder 4° worden de woorden “de
verzekeringsondernemingen, de verzekeringstussen-
personen en de tussenpersonen in bank- en beleggings-
diensten” vervangen door de woorden “de verzekerings-
ondernemingen en de verzekeringstussenpersonen”;
2° in paragraaf 3 worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) de bepaling onder 1° wordt vervangen als volgt:
“1° de artikelen 27, § 3, eerste lid, en § 9, 27bis, §§ 1 tot
6, en 27ter, §§ 2 tot 6, van de wet van 2 augustus 2002,
als gepreciseerd in de bepalingen van de Gedelegeerde
Verordening 2017/565;”;
b) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
“2° artikel 28ter, § 1/1 van de wet van 2 augustus 2002,
uitsluitend wat de verwijzingen in dit artikel betreft naar
de bepalingen van artikel 27bis, § 1, als gepreciseerd
in de bepalingen van de Gedelegeerde Verordening
2017/565, en met uitsluiting van de bepalingen van
artikel 27, § 1;”;
c) in de bepaling onder 3° worden de woorden “artikel
19, paragrafen 2 tot 7 van Richtlijn 2004/39/EG” ver-
vangen door de woorden “de artikelen 24, lid 2, eerste
alinea, leden 3 en 4, en 25, leden 2 tot 5, van Richtlijn
2014/65/EU”;
Art. 112
Dans l’article 30bis de la même loi, inséré par la loi
du 30 juillet 2013, les mots “Sur avis du conseil de sur-
veillance” sont remplacés par les mots “Sans préjudice
des articles 39 à 43 du Règlement 600/2014, sur avis
du conseil de surveillance”.
Art. 113
À l’article 30ter de la même loi, inséré par la loi du
30 juillet 2013 et modifi é par la loi du 4 avril 2014, les
modifi cations suivantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, les modifi cations suivantes
sont apportées:
a) au 1°, les mots “agents en services bancaires”
sont remplacés par les mots “intermédiaires en services
bancaires”;
b) au 4°, les mots “les entreprises d’assurances, les
intermédiaires d’assurances et les intermédiaires en
services bancaires et d’investissement” sont rempla-
cés par les mots “les entreprises d’assurances et les
intermédiaires d’assurances”;
2° dans le paragraphe 3, les modifi cations suivantes
sont apportées:
a) le 1° est remplacé par ce qui suit:
“1° les articles 27, § 3, alinéa 1eret § 9, 27bis, §§ 1er à
6, et 27ter, §§ 2 à 6, de la loi du 2 août 2002, tels que
précisés par les dispositions du Règlement délégué
2017/565;”;
b) le 2° est remplacé par ce qui suit:
“2° l’article 28ter, § 1/1 de la loi du 2 août 2002 ,
uniquement en ce que cet article renvoie aux disposi-
tions de l’article 27bis, § 1er, telles que précisées par
les dispositions du Règlement délégué 2017/565, et à
l’exclusion de celles de l’article 27, § 1er;”;
c) dans le 3°, les mots “l’article 19, paragraphes 2 à
7 de la directive 2004/39/CE” sont remplacés par les
mots “les articles 24, paragraphe 2, alinéa 1er, para-
graphes 3 et 4, et 25, paragraphes 2 à 5, de la Directive
2014/65/UE”;
106
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
3° in paragraaf 4 worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) in de bepaling onder 1° worden de woorden “de arti-
kelen 27, §§ 2 tot 7, 28ter, 30bis en 45, § 2, van deze wet,
van artikel 12sexies van de wet van 27 maart 1995 be-
treffende de verzekerings- en herverzekeringsbemidde-
ling en de distributie van verzekeringen” vervangen door
de woorden “de artikelen 28ter, 30bis en 45, § 2, van
deze wet en van artikel 277 van de wet van 4 april 2014”;
b) in het 2° worden de woorden “de richtlijnen
2004/39/EG en 2006/73/EG” vervangen door de woor-
den “Richtlijn 2014/65/EU en de Gedelegeerde Richtlijn
2017/593”.
Art. 114
In artikel 34 van dezelfde wet, vervangen bij de
wet van 2 mei 2007, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° in paragraaf 1, 1°, gewijzigd bij het koninklijk be-
sluit van 3 maart 2011 en bij de wetten van 30 juli 2013,
25 april 2014 en 27 juni 2016, worden de woorden
“marktondernemingen, uitbaters van MTF’s of OTF’s”
vervangen door de woorden “marktexploitanten en
kredietinstellingen en belegggingsondernemingen die
een MTF of een OTF exploiteren”;
2° in paragraaf 1, 2°, worden de woorden “of een MTF”
vervangen door de woorden “, een MTF of een OTF”;
3° paragraaf 2, gewijzigd bij het koninklijk besluit
van 3 maart 2011 en de wet van 30 juli 2013, wordt
opgeheven.
Art. 115
In artikel 36 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, tweede lid, gewijzigd bij de konink-
lijke besluiten van 25 maart 2003 en 3 maart 2011 en
de wet van 27 juni 2016, wordt de bepaling onder 3°
opgeheven;
2° in paragraaf 1, derde lid, gewijzigd bij de koninklijke
besluiten van 25 maart 2003 en 3 maart 2011 en de wet
van 27 juni 2016, worden de woorden “en 3°” opgeheven;
3° paragraaf 2, tweede lid, vervangen bij de wet van
27 juni 2016, wordt aangevuld met een 6°, luidende:
3° dans le paragraphe 4, les modifi cations suivantes
sont apportées:
a) au 1°, les mots “des articles 27, §§ 2 à 7, 28ter,
30bis et 45, § 2, de la présente loi, de l’article 12sexies
de la loi du 27 mars 1995 relative à l’intermédiation
en assurances et en réassurances et à la distribution
d’assurances” sont remplacés par les mots “des articles
28ter, 30bis et 45, § 2, de la présente loi et de l’article
277 de la loi du 4 avril 2014”;
b) au 2°, les mots “des directives 2004/39/CE et
2006/73/CE” sont remplacés par les mots “de la
Directive 2014/65/UE et de la Directive déléguée
2017/593”.
Art. 114
À l’article 34 de la même loi, remplacé par la loi du
2 mai 2007, les modifi cations suivantes sont apportées:
1° au paragraphe 1er, 1°, modifi é par l’arrêté royal du
3 mars 2011 et les lois du 30 juillet 2013, 25 avril 2014 et
27 juin 2016, les mots “des entreprises de marché, des
opérateurs de marché exploitant un MTF ou un OTF”
sont remplacés par les mots “des opérateurs de marché
et des établissements de crédit et entreprises d’inves-
tissement exploitant un MTF ou un OTF”;
2° au paragraphe 1er, 2°, les mots “ou sur un MTF”
sont remplacés par les mots “ou sur un MTF ou un OTF”;
3° le paragraphe 2, modifi é par l’arrêté royal du
3 mars 2011 et la loi du 30 juillet 2013, est abrogé.
Art. 115
À l’article 36 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° au paragraphe 1er, alinéa 2, modifi é par les arrêtés
royaux du 25 mars 2003 et 3 mars 2011 et par la loi du
27 juin 2016, le 3° est abrogé;
2° au paragraphe 1er, alinéa 3, modifi é par les arrêtés
royaux du 25 mars 2003 et 3 mars 2011 et par la loi du
27 juin 2016, les mots “et 3°” sont abrogés;
3° le paragraphe 2, alinéa 2, remplacé par la loi du
27 juin 2016, est complété par un 6°, rédigé comme suit:
107
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“6° in geval van een inbreuk op de bepalingen van
Verordening 600/2014, op de bepalingen van deze wet
tot omzetting van Richtlijn 2014/65/EU of op de bepa-
lingen genomen op basis of ter uitvoering van deze ver-
ordening of deze bepalingen: voor natuurlijke personen
5 000 000 euro, en voor rechtspersonen 5 000 000 euro
of, indien dit hoger is, tien procent van de totale jaarom-
zet. Wanneer de inbreuk voor de overtreder winst heeft
opgeleverd of hem heeft toegelaten verlies te vermijden,
mag dit maximum worden verhoogd tot het tweevoud
van het bedrag van deze winst of dit verlies.”;
4° in paragraaf 2, vierde lid, vervangen bij de wet van
27 juni 2016, worden de woorden “het tweede lid, 1°”
vervangen door de woorden “het tweede lid, 1° of 6°”.
Art. 116
Artikel 36bis van dezelfde wet, ingevoegd bij het ko-
ninklijk besluit van 3 maart 2011 en gewijzigd bij de wet-
ten van 4 april 2014, 25 april 2014 en 25 december 2016,
wordt aangevuld met een paragraaf 6, luidende:
“§ 6. Als deze maatregelen zijn genomen ingevolge
een overtreding van de verplichtingen die zijn opgelegd
door Verordening 600/2014, door deze wet voor de om-
zetting van Richtlijn 2014/65/EU, of door bepalingen die
zijn genomen op grond van of ter uitvoering van deze
verordening of deze bepalingen, publiceert de FSMA de
genomen maatregelen als bedoeld in paragraaf 2 con-
form artikel 72, § 3, vierde tot zevende lid, van deze wet.
Als de FSMA een maatregel publiceert conform het
vorige lid, brengt zij dit ter kennis van ESMA. Daarbij
verstrekt de FSMA ESMA tevens algemene informatie
over de maatregelen die worden genomen voor dit type
inbreuk.”.
Art. 117
Artikel 37bis van dezelfde wet, ingevoegd bij het
koninklijk besluit van 27 april 2007 en gewijzigd bij het
koninklijk besluit van 3 maart 2011, wordt vervangen
als volgt:
“Art. 37bis. De FSMA oefent de taken uit die
Verordening 600/2014 toevertrouwt aan de be-
voegde overheid en waakt over de naleving van deze
Verordening en de op grond of ter uitvoering ervan
genomen bepalingen.
“6° en cas d’infraction aux dispositions du Règlement
600/2014, aux dispositions de la présente loi prises en
vue de la transposition de la Directive 2014/65/UE ou
aux dispositions prises sur la base ou en exécution
de ce règlement ou de ces dispositions: s’agissant de
personnes physiques, 5 000 000 euros et, s’agissant de
personnes morales, 5 000 000 euros ou, si le montant
obtenu par application de ce pourcentage est plus élevé,
dix pour cent du chiffre d’affaires annuel total. Lorsque
l’infraction a procuré un profi t au contrevenant ou a
permis à ce dernier d’éviter une perte, ce maximum
peut être porté au double du montant de ce profi t ou
de cette perte.”;
4° dans le paragraphe 2, alinéa 4, remplacé par la loi
du 27 juin 2016, les mots “l’alinéa 2, 1°” sont remplacés
par les mots “l’alinéa 2, 1° ou 6°”.
Art. 116
L’article 36bis de la même loi, inséré par l’arrêté royal
du 3 mars 2011 en modifi é par les lois du 4 avril 2014,
25 avril 2014 et 25 décembre 2016, est complété par un
paragraphe 6, rédigé comme suit:
“§ 6. Lorsque ces mesures sont adoptées pour viola-
tion des obligations prévues par le Règlement 600/2014,
par la présente loi en vue de la transposition de la
Directive 2014/65/UE, ou par des dispositions prises
sur la base ou en exécution de ce règlement ou de ces
dispositions, la FSMA publie l’adoption des mesures
visées au paragraphe 2 conformément à l’article 72,
§ 3, alinéas 4 à 7, de la présente loi.
La FSMA informe l’ESMA lorsqu’elle publie une
mesure conformément à l’alinéa précédent. La FSMA
fournit en outre à l’ESMA des informations globales sur
les mesures prises pour ce type de manquements.” .
Art. 117
L’article 37bis de la même loi, inséré par l’arrêté
royal du 27 avril 2007 et modifi é par l’arrêté royal du
3 mars 2011, est remplacé par ce qui suit:
“Art. 37bis. La FSMA assume les missions dévolues
à l’autorité compétente par le Règlement 600/2014 et
veille au respect de ce règlement et des dispositions
prises sur la base ou en exécution de ce règlement.
108
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Voor de uitoefening van deze opdracht kan de FSMA:
1° de bevoegdheden bedoeld in de artikelen 34 en
35 uitoefenen;
2° de bevoegdheden bedoeld in de artikelen 79 tot
85bis uitoefenen overeenkomstig de in die artikelen
voorziene modaliteiten.
De FSMA kan ook het in de markt brengen of de
verkoop van fi nanciële instrumenten of gestructureerde
deposito’s schorsen of de maatregelen nemen als
vastgelegd in artikel 42 van Verordening 600/2014 als
voldaan is aan de voorwaarden van dat artikel.
De artikelen 36 en 37 zijn van toepassing bij inbreu-
ken op de verplichtingen en verbodsbepalingen die
voortvloeien uit deze verordening en uit de bepalingen
genomen op basis of ter uitvoering van deze verorde-
ning, evenals bij inbreuken op de maatregelen genomen
door de FSMA krachtens deze verordening of haar
uitvoeringsbepalingen.”.
Art. 118
In artikel 41 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
a) in de bepaling onder 2° worden de woorden “13,
§ 2, 15,” opgeheven;
b) de bepaling onder 4° wordt opgeheven.
Art. 119
Artikel 42 van dezelfde wet wordt opgeheven.
Art. 120
In artikel 45, § 1, van dezelfde wet, vervangen bij het
koninklijk besluit van 3 maart 2011, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de woor-
den “en de bepalingen van de wet van ... over de infra-
structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten
en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”;
b) de bepaling onder 2°, laatstelijk gewijzigd bij de
wet van 18 december 2018, wordt aangevuld met een
bepaling onder l., luidende:
Aux fi ns de s’acquitter de ces missions, la FSMA peut:
1° exercer les pouvoirs visés aux articles 34 et 35;
2° exercer les pouvoirs visés aux articles 79 à 85bis
selon les modalités prévues par ces articles.
La FSMA peut également suspendre la commerciali-
sation ou la vente d’instruments fi nanciers ou de dépôts
structurés ou prendre les mesures défi nies à l’article
42 du Règlement 600/2014 lorsque les conditions pres-
crites dans cette disposition sont remplies.
Les articles 36 et 37 sont applicables en cas d’in-
fraction aux obligations et interdictions qui découlent
du règlement précité et des dispositions prises sur la
base ou en exécution de ce règlement, ainsi qu’en cas
d’infraction aux mesures prises par la FSMA en vertu
de ce règlement ou de ses dispositions d’exécution.”.
Art. 118
Dans l’article 41 de la même loi, les modifi cations
suivantes sont apportées:
a) au 2°, les mots “13, § 2, 15,” sont abrogés;
b) le 4° est abrogé.
Art. 119
L’article 42 de la même loi est abrogé.
Art. 120
Dans l’article 45, § 1er, de la même loi, remplacé par
l’arrêté royal du 3 mars 2011, les modifi cations suivantes
sont apportées:
a) le 1° est complété par les mots “ainsi que des
dispositions de la loi du … relative aux infrastructures
des marchés fi nanciers et portant transposition de la
Directive 2014/65/UE”;
b) le 2°, modifié en dernier lieu par la loi du
18 décembre 2016, est complété par le l., rédigé
comme suit:
109
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“l. de aanbieders van datarapporteringsdiensten als
bedoeld in de wet van … en houdende omzetting van
Richtlijn 2014/65/EU.”;
c) in de bepaling onder 3°, f, gewijzigd bij de wetten
van 13 maart 2016 en 25 oktober 2016, worden de
woorden “de artikelen 21, 41, 42, 64 en 65 § 3, evenals
artikel 66 voor wat betreft het verstrekken van beleg-
gingsdiensten en het verrichten van beleggingsactivitei-
ten, van de wet van 25 april 2014, de artikelen 502, 510,
527 en 528, evenals 530 voor wat betreft het verstrekken
van beleggingsdiensten en het verrichten van beleg-
gingsactiviteiten, van de diezelfde wet voor zover de
artikelen 502 en 528, eerste lid van die wet de voormelde
artikelen 21 en 65, § 3, van toepassing verklaren op de
beursvennootschappen en de artikelen 25 en 26 van de
wet van 25 oktober 2016” vervangen door de woorden
“de artikelen 21, 41 tot 42/2, , 64, 65 § 3, 65/2 en 65/3,
evenals artikel 66 voor wat betreft het verstrekken van
beleggingsdiensten en het verrichten van beleggingsac-
tiviteiten, van de wet van 25 april 2014, de artikelen 502,
510, 510/1, 510/2, 527, 528, 529/1 evenals 530 voor wat
betreft het verstrekken van beleggingsdiensten en het
verrichten van beleggingsactiviteiten, van de diezelfde
wet voor zover de artikelen 502 en 528, eerste lid, van
die wet de voormelde artikelen 21 en 65, § 3, van toe-
passing verklaren op de beursvennootschappen”.
Art. 121
Artikel 72, § 3, van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd
bij de wet van 7 december 2016, wordt aangevuld met
een lid, luidende:
“De FSMA stelt ESMA tevens in kennis van haar
beslissingen over een inbreuk op de bepalingen van
Verordening 600/2014, op de bepalingen tot omzetting
van Richtlijn 2014/65/EU of op de bepalingen genomen
op basis of ter uitvoering van deze verordening of deze
bepalingen, als die beslissingen niet zijn gepubliceerd
conform het vijfde lid, 3°, van deze paragraaf, alsook
van elk beroep tegen deze beslissingen en de uitslag
daarvan.”.
Art. 122
In artikel 75, § 1, van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd
bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
“2° aan het Federaal Agentschap van de Schuld;”;
“l. les prestataires de services de communication de
données visés par la loi du … et portant la transposition
de la Directive 2014/65/EU.”;
c) au 3°, f, modifi é par les lois du 13 mars 2016 et
25 octobre 2016, les mots “les articles 21, 41, 42, 64 et
65, § 3, ainsi que l’article 66 en ce qui concerne la
fourniture de services d’investissement et l’exercice
d’activités d’investissement, de la loi du 25 avril 2014,
les articles 502, 510, 527 et 528, ainsi que l’article
530 en ce qui concerne la fourniture de services d’inves-
tissement et l’exercice d’activités d’investissement, de
la même loi, dans la mesure où les articles 502 et 528,
alinéa 1er de cette loi rendent les articles 21 et 65, § 3,
précités applicables aux sociétés de bourse, ainsi que
les articles 25 et 26 de la loi du 25 octobre 2016” sont
remplacés par les mots “les articles 21, 41 à 42/2, 64,
65, § 3, 65/2 et 65/3, ainsi que l’article 66 en ce qui
concerne la fourniture de services d’investissement
et l’exercice d’activités d’investissement, de la loi du
25 avril 2014, les articles 502, 510, 510/1, 510/2, 527,
528, 529/1, ainsi que l’article 530 en ce qui concerne
la fourniture de services d’investissement et l’exercice
d’activités d’investissement, de la même loi, dans la
mesure où les articles 502 et 528, alinéa 1er, de cette loi
rendent les articles 21 et 65, § 3, précités applicables
aux sociétés de bourse”.
Art. 121
L’article 72, § 3, de la même loi, modifi é en dernier
lieu par la loi du 7 décembre 2016, est complété par un
alinéa, rédigé comme suit:
“La FSMA informe également l’ESMA de ses déci-
sions concernant un manquement aux dispositions du
Règlement 600/2014, aux dispositions prises en vue
de la transposition de la Directive 2014/65/UE ou aux
dispositions prises sur la base ou en exécution de ce
règlement ou de ces dispositions, lorsque ces décisions
ne sont pas publiées conformément à l’alinéa 5, 3°, du
présent paragraphe, y compris de tout recours contre
ces décisions et du résultat de ceux-ci.”.
Art. 122
Dans l’article 75, § 1er, de la même loi, modifi é en
dernière lieu par la loi du 25 octobre 2016, les modifi -
cations suivantes sont apportées:
a) le 2° est remplacé par ce qui suit:
“2° à l’Agence Fédérale de la Dette;”;
110
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
b) in de bepaling onder 8° wordt het woord
“marktondernemingen” vervangen door het woord
“marktexploitanten”;
c) de bepaling onder 20°, ingevoegd bij het koninklijk
besluit van 3 maart 2011, wordt opgeheven;
d) de paragraaf wordt aangevuld met de bepalingen
onder 22° en 23°, luidende:
“22° binnen de grenzen van de Europese verorde-
ningen en richtlijnen, aan de autoriteiten die toezicht
houden op personen die actief zijn op markten voor
emissierechten;
23° binnen de grenzen van de Europese verorde-
ningen en richtlijnen, aan de autoriteiten die toezicht
houden op personen die actief zijn op markten voor
landbouwgrondstoffenderivaten.”.
Art. 123
In artikel 77, § 4, van dezelfde wet, ingevoegd bij
koninklijk besluit van 27 april 2007 en gewijzigd bij
het koninklijk besluit van 3 maart 2011, worden de
woorden “gereglementeerde markten” vervangen door
het woord “handelsplatformen”, worden de woorden
“gereglementeerde markt” vervangen door het woord
“handelsplatform” en worden de woorden “artikel 16 van
de verordening 1287/2006” vervangen door de woorden
“artikel 90 van de Gedelegeerde Verordening 2017/565”.
Art. 124
In artikel 77bis van dezelfde wet, ingevoegd bij het
koninklijk besluit van 27 april 2007, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, laatstelijk gewijzigd bij de wet
van 31 juli 2017, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) de woorden “in het kader van de bevoegdheden als
bedoeld in artikel 45, wat de wederzijdse samenwerking
betreft tussen de FSMA en de overige bevoegde auto-
riteiten als bedoeld in artikel 4, lid 1, 22) van Richtlijn
2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad
van 21 april 2004 betreffende markten voor fi nanciële
instrumenten, en in artikel 4, lid 1, 40) van Verordening
575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van
26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor
kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot
wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012, teneinde de
uit de voornoemde Richtlijn 2004/39/EG voortvloeiende
b) au 8°, les mots “entreprises de marché” sont rem-
placés par les mots “opérateurs de marché”;
c) le 20°, inséré par l ’ arrêté royal du
3 mars 2011,est abrogé;
d) le paragraphe est complété par les 22° et 23°,
rédigés comme suit:
“22° dans les limites des règlements et directives
européens, aux autorités investies de la surveillance
des personnes exerçant des activités sur les marchés
des quotas d’émission;
23° dans les limites des règlements et directives
européens, aux autorités investies de la surveillance
des personnes exerçant des activités sur les marchés
dérivés de matières premières agricoles.”.
Art. 123
Dans l’article 77, § 4, de la même loi, inséré par
l’arrêté royal du 27 avril 2007 et modifi é par l’arrêté royal
du 3 mars 2011, les mots “marchés réglementés” sont
remplacés par les mots “plateformes de négociation”,
les mots “d’un marché réglementé” sont remplacés par
les mots “d’une plateforme de négociation”, et les mots
“article 16 du règlement 1287/2006” sont remplacés par
les mots “article 90 du Règlement délégué 2017/565”.
Art. 124
À l’article 77bis de la même loi, inséré par l’arrêté
royal du 27 avril 2007, les modifi cations suivantes sont
apportées:
1° dans le paragraphe 1er, modifi é en dernier lieu par
la loi du 31 juillet 2017, les modifi cations suivantes sont
apportées:
a) les mots “dans le cadre des compétences visées
à l’article 45, en ce qui concerne la coopération
mutuelle entre la FSMA et les autres autorités com-
pétentes visées à l’article 4, paragraphe 1, 22) de
la Directive 2004/39/CE du Parlement européen et
du Conseil du 21 avril 2004 concernant les marchés
d’instruments fi nanciers et à l’article 4, paragraphe 1,
40) du Règlement 575/2013 du Parlement européen et
du Conseil du 26 juin 2013 concernant les exigences
prudentielles applicables aux établissements de cré-
dit et aux entreprises d’investissement et modifi ant
le Règlement (UE) n°648/2012, aux fi ns de satisfaire
111
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
verplichtingen na te leven” worden vervangen door de
woorden “in het kader van de bevoegdheden als bedoeld
in artikel 45, wat de wederzijdse samenwerking betreft
tussen de FSMA en de overige bevoegde autoriteiten als
bedoeld in artikel 4, lid 1, 26), van Richtlijn 2014/65/EU
en in artikel 3, lid 1, 36), van Richtlijn 2013/36/EU van het
Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 be-
treffende toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen
en het prudentieel toezicht op kredietinstellingen en
beleggingsondernemingen, tot wijziging van Richtlijn
2002/87/EG en tot intrekking van de Richtlijnen 2006/48/
EG en 2006/49/EG, teneinde de verplichtingen na te le-
ven die voortvloeien uit de voormelde Richtlijn 2014/65/
EU of uit Verordening 600/2014”;
b) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de
volgende zin:
“De FSMA werkt eveneens samen met andere be-
voegde autoriteiten teneinde de inning van de geldboe-
tes te vergemakkelijken.”;
c) in de bepaling onder 4° worden de woorden “de
FSMA ervan overtuigd is” vervangen door de woorden
“de FSMA ernstige redenen heeft om te vermoeden” en
worden de woorden “van de voornoemde Richtlijnen”
vervangen door de woorden “van de voornoemde richt-
lijnen of verordeningen”;
2° in paragraaf 2, eerste lid, gewijzigd bij het konink-
lijk besluit van 3 maart 2011, worden de woorden “- het
gevolg geven aan dergelijke verzoeken gevaar zou kun-
nen opleveren voor de soevereiniteit, de veiligheid of de
openbare orde van België, of” opgeheven;
3° paragraaf 5, opgeheven bij de wet van 31 juli 2017,
wordt hersteld als volgt:
“§ 5. Wat de in § 1, b), bedoelde bevoegdheden betreft
aangaande de emissierechten, werkt de FSMA samen
met de overheidsinstellingen die bevoegd zijn voor het
toezicht op spotmarkten en veilingen, alsook met de be-
voegde autoriteiten, registeradministrateurs en andere
overheidsinstellingen belast met het nalevingstoezicht
op grond van Richtlijn 2003/87/EG van het Europees
Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststel-
ling van een regeling voor de handel in broeikasgase-
missierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging
van Richtlijn 96/61/EG van de Raad, teneinde zich een
totaalbeeld te kunnen vormen van de markten voor
emissierechten.
Wat de landbouwgrondstoffenderivaten betreft, werkt
de FSMA samen met de overheidsinstellingen die be-
voegd zijn voor het toezicht, het beheer en de regulering
van de fysieke landbouwmarkten conform Verordening
aux obligations découlant de ladite Directive 2004/39/
CE” sont remplacés par les mots “dans le cadre des
compétences visées à l’article 45, en ce qui concerne
la coopération mutuelle entre la FSMA et les autres
autorités compétentes visées à l’article 4, paragraphe
1er, 26), de la Directive 2014/65/UE et à l’article 3, § 1er,
36), de la Directive 2013/36/UE du Parlement européen
et du Conseil du 26 juin 2013 concernant l’accès à
l’activité des établissements de crédit et la surveillance
prudentielle des établissements de crédit et des entre-
prises d’investissement, modifi ant la directive 2002/87/
CE et abrogeant les directives 2006/48/CE et 2006/49/
CE, aux fi ns de satisfaire aux obligations découlant de
ladite Directive 2014/65/UE ou du Règlement 600/2014”;
b) le 1° est complété par la phrase suivante:
“La FSMA coopère également avec les autres auto-
rités compétentes en vue de faciliter le recouvrement
des amendes.”;
c) au 4°, les mots “la FSMA a la conviction” sont
remplacés par les mots “a des motifs sérieux de soup-
çonner” et les mots “des Directives précitées” sont
remplacés par les mots “des directives ou règlements
précités”;
2° dans le paragraphe 2, alinéa 1er, modifi é par l’arrêté
royal du 3 mars 2011, les mots “- le fait de donner suite
à une telle demande est susceptible de porter atteinte
à la souveraineté, à la sécurité ou à l’ordre public de la
Belgique, ou” sont abrogés;
3° le paragraphe 5, abrogé par la loi du 31 juillet 2017,
est rétabli dans la rédaction suivante:
“§ 5. S’agissant des compétences visées au § 1er,
b), en ce qui concerne les quotas d’émission, la FSMA
coopère avec les organismes publics compétents
pour la surveillance des marchés au comptant et des
marchés aux enchères et les autorités compétentes,
administrateurs de registre et autres organismes publics
chargés du contrôle de conformité au titre de la Directive
2003/87/CE du Parlement européen et du Conseil du
13 octobre 2003 établissant un système d’échange
de quotas d’émission de gaz à effet de serre dans
la Communauté et modifi ant la directive 96/61/CE du
Conseil, afi n de pouvoir obtenir une vue globale des
marchés des quotas d’émission.
En ce qui concerne les instruments dérivés sur
matières premières agricoles, la FSMA coopère
avec les instances publiques compétentes pour la
surveillance, la gestion et la régulation des marchés
112
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
(EU) nr. 1308/2013 van het Europees Parlement en de
Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van een
gemeenschappelijke ordening van de markten voor
landbouwproducten.”.
Art. 125
In het opschrift van hoofdstuk V van de wet van
2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nan-
ciële sector en de fi nanciële diensten, vernummerd bij
de wet van 2 mei 2007 en gewijzigd bij het koninklijk
besluit van 3 maart 2011 en de wet van 31 juli 2013,
wordt het woord “marktondernemingen” vervangen door
het woord “marktexploitanten”.
Art. 126
In artikel 120, § 1, van dezelfde wet, ingevoegd
bij de wet van 2 augustus 2002 en gewijzigd bij het
koninklijk besluit van 3 maart 2011 en de wet van
25 december 2016, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° in het eerste lid worden de woorden “artikel 3,
§ 1 en § 3” vervangen door de woorden “artikel 7, § 1,
en de artikelen 80 en 81, § 1, 4°, van de wet van ... of
wanneer de minister geen uitspraak heeft gedaan bin-
nen de krachtens artikel 7, § 1, vijfde lid, vastgestelde
termijnen”;
2° het tweede lid wordt vervangen als volgt:
“Daarnaast kunnen marktexploitanten bij het
Marktenhof beroep instellen tegen beslissingen die de
FSMA genomen heeft krachtens artikel 81, § 1, 2° en
3°, van de wet van … .”.
Art. 127
In artikel 121, § 1, 4°, van dezelfde wet, ingevoegd
bij de wet van 2 augustus 2002 en laatstelijk gewijzigd
door de wet van 18 december 2016, worden de woor-
den “artikel 79 van de wet van ... ” ingevoegd tussen de
woorden “boek XV van het wetboek van economisch
recht” en de woorden “, artikel 34 of artikel 35 van de
wet van 18 december 2016”.
Art. 128
In artikel 123 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet
van 2 augustus 2002 en gewijzigd bij het koninklijk besluit
agricoles physiques conformément au Règlement (UE)
n° 1308/2013 du Parlement européen et du Conseil du
17 décembre 2013 portant organisation commune des
marchés des produits agricoles.”.
Art. 125
Dans l’intitulé du chapitre V de la loi du 2 août 2002 re-
lative à la surveillance du secteur fi nancier et aux ser-
vices fi nanciers, renuméroté par la loi du 2 mai 2007 et
modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011 et la loi du
31 juillet 2013, les mots “entreprises de marché” sont
remplacés par les mots “opérateurs de marché”.
Art. 126
A l’article 120, § 1er, de la même loi, inséré par
la loi du 2 août 2002 et modifi é par l’arrêté royal du
3 mars 2011 et la loi du 25 décembre 2016, les modifi -
cations suivantes sont apportées:
1° dans l’alinéa 1er, les mots “de l’article 3, § 1er et
§ 3” sont remplacés par les mots “de l’article 7, § 1er et
des articles 80 et 81, § 1er, 4°, de la loi du … ou lorsque
le ministre n’a pas statué dans les délais fi xés en vertu
de l’article 7, § 1er, alinéa 5”;
2° l’alinéa 2 est remplacé par ce qui suit:
“Un recours est également ouvert auprès de la Cour
des marchés aux opérateurs de marché, contre les
décisions de la FSMA prises en vertu de l’article 81,
§ 1er, 2° et 3°, de la loi du … .”.
Art. 127
Dans l’article 121, § 1er, 4°, de la même loi, inséré par
la loi du 2 août 2002 et modifi é en dernier lieu par la loi
du 18 décembre 2016, les mots “, de l’article 79 de la loi
du … ,” sont insérés entre les mots “du livre XV du Code
de droit économique” et les mots “, de l’article 34 ou de
l’article 35 de la loi du 18 décembre 2016”.
Art. 128
A l’article 123 de la même loi, inséré par la loi du
2 août 2002 et modifi é par l’arrêté royal du 3 mars 2011 et
113
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
van 3 maart 2011 en de wet van 25 december 2016, wor-
den de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragafen 1, 5 en 7 wordt het woord “markton-
derneming” vervangen door het woord “marktexploitant”;
2° in paragraaf 1 worden de woorden “artikel 7”
vervangen door de woorden “artikelen 25 en 26 van
de wet van ... ”.
HOOFDSTUK IV
Wijzigingen van de wet van
22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in
bank- en beleggingsdiensten en de distributie van
fi nanciële instrumenten
Art. 129
Artikel 4, 5°, van de wet van 22 maart 2006 betref-
fende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten
en de distributie van fi nanciële instrumenten, gewijzigd
bij de wetten van 19 en 25 april en 25 oktober 2016,
wordt aangevuld met de woorden “of een alternatieve-
fi nancieringsplatform die beleggingsdiensten verleent;”.
Art. 130
In artikel 5, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij het
koninklijk besluit van 27 april 2007 en de wet van
25 oktober 2016, wordt het zesde lid opgeheven.
Art. 131
Artikel 7, § 3, eerste lid, van dezelfde wet wordt
aangevuld met de volgende zin: “De FSMA stelt de
Europese Autoriteit voor Effecten en Markten in kennis
van de inschrijvingen van de makelaars in bank- en
beleggingsdiensten.”.
Art. 132
In artikel 8, eerste lid, 5°, van dezelfde wet wordt het
woord “tussenpersonen” vervangen door het woord
“agenten”.
la loi du 25 décémbre 2016, les modifi cations suivantes
sont apportées:
1° dans les paragraphes 1er, 5 et 7, les mots “entre-
prise de marché” sont remplacés par les mots “opérateur
de marché”;
2° dans le paragraphe 1er, les mots “de l’article 7”
sont remplacés par les mots “des articles 25 et 26 de
la loi du … ”.
CHAPITRE IV
Modifi cations de la loi du 22 mars 2006 relative
à l’intermédiation en services bancaires et en
services d’investissement et à la distribution
d’instruments fi nanciers
Art. 129
L’article 4, 5°, de la loi du 22 mars 2006 relative à
l’intermédiation en services bancaires et en services
d’investissement et à la distribution d’instruments
fi nanciers, modifi é par les lois du 19 et 25 avril 2014 et
25 octobre 2016, est complété par les mots “ou une
plateforme de fi nancement alternatif qui preste des
services d’investissement;”.
Art. 130
Dans l’article 5, § 1er, de la même loi, modifi é par l’ar-
rêté royal du 27 avril 2007 et la loi du 25 octobre 2016,
l’alinéa 6 est abrogé.
Art. 131
L’article 7, § 3, alinéa 1er, de la même loi est complété
par la phrase suivante: “La FSMA notifi e à l’Autorité
européenne des marchés fi nanciers les inscriptions
des courtiers en services bancaires et en services
d’investissement.”.
Art. 132
Dans l’article 8, alinéa 1er, 5°, de la même loi, les
mots “les intermédiaires” sont remplacés par les mots
“les agents”.
114
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 133
Artikel 10, § 5, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet
van 31 juli 2009, wordt aangevuld met een lid, luidende:
“Als een gereglementeerde onderneming en haar
agent hun samenwerking beëindigen, stellen zij de
FSMA daarvan in kennis.”.
Art. 134
In artikel 11 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, tweede lid, vervangen door de
wet van 25 oktober 2016, wordt de bepaling onder 1°
vervangen als volgt:
“1° de beleggingsdiensten als bedoeld in artikel 4,
1°, b), zijn beperkt tot de beleggingsdiensten en -ac-
tiviteiten in de zin van artikel 2, 1°, 1 en 5 van de wet
van 25 oktober 2016, met betrekking tot effecten en
rechten van deelneming in een instelling voor collectieve
belegging;”;
2° er wordt een paragraaf 1/1 ingevoegd, luidende:
“§ 1/1. Daarnaast, en onverminderd de bepalingen
van de artikelen 8 en 9, zijn de volgende artikelen van de
wet van 26 oktober 2016 mutatis mutandis van toepas-
sing op de makelaars in bank- en beleggingsdiensten:
— artikel 22;
— artikel 23, § 1, derde lid, § 2 en 3;
— artikel 25, § 1, 1°, 3°, 6° en 10° en § 2;
— artikel 25/1, § 1, eerste en tweede lid en § 3;
— artikel 25/2, § 1, 3° en § 5 tot 7;
— artikel 26, § 2 en 5;
— artikel 32, § 1;
— artikel 34, § 1, 2, 6 en 7;
— artikel 35, § 4 en 5;
— en artikel 36, § 1, § 5, tweede en derde lid, § 6,
tweede en derde lid en §§ 7, 9 en 10,
Art. 133
L’article 10, § 5, de la même loi, inséré par la loi
du 31 juillet 2009, est complété par un alinéa, rédigé
comme suit:
“Les entreprises réglementées et les agents informent
la FSMA lorsqu’ils mettent fi n à leur collaboration.”.
Art. 134
A l’article 11 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, remplacé par la loi
du 25 octobre 2016, le 1° est remplacé par ce qui suit:
“1° les services d’investissement visés à l’article
4, 1°, b), sont limités aux services et activités d’inves-
tissement au sens de l’article 2, 1°, 1 et 5 de la loi du
25 octobre 2016, portant sur des valeurs mobilières et
parts d’organismes de placement collectif;”;
2° il est inséré un paragraphe 1/1, rédigé comme suit:
“§ 1/1. En outre, sans préjudice des dispositions
des articles 8 et 9, les articles suivants de la loi du
25 octobre 2016 s’appliquent par analogie aux courtiers
en services bancaires et en services d’investissement:
— l’article 22;
— l’article 23, § 1er, alinéa 3, §§ 2 et 3;
— l’article 25, § 1er, 1°, 3°, 6° et 10° et § 2;
— l’article 25/1, § 1er, alinéas 1er et 2 et § 3;
— l’article 25/2, § 1er, 3° et §§ 5 à 7;
— l’article 26, §§ 2 et 5;
— l’article 32, § 1er;
— l’article 34, §§ 1, 2, 6 et 7;
— l’article 35, §§ 4 et 5;
— et l’article 36, § 1er, § 5, alinéas 2 et 3, § 6, alinéas
2 et 3 et §§ 7, 9 et 10,
115
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
alsook de bepalingen van de besluiten en reglemen-
ten en van de overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU vast-
gestelde overeenkomstige gedelegeerde handelingen,
die ter uitvoering daarvan zijn genomen.”.
Art. 135
In artikel 14 van dezelfde wet, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, tweede lid, vervangen bij de wet
van 30 juli 2013, wordt de eerste zin aangevuld met
de woorden “, en meer bepaald de gedragsregels als
voorgeschreven door de artikelen 27 tot 28 van de wet
betreffende het toezicht op de fi nanciële sector” en wor-
den in de tweede zin de woorden “met inachtneming van
de Europese richtlijnen en verordeningen,” ingevoegd
tussen de woorden “op advies van de FSMA,” en de
woorden “voor de makelaars”;
2° paragraaf 1, vervangen bij de wet van 30 juli 2013,
wordt aangevuld met een lid, luidende:
“De makelaars in bank- en beleggingsdiensten die-
nen, bij hun bemiddelingsactiviteit, ook de regels na te
leven tot voorkoming van belangenconfl icten, als van
toepassing op de gereglementeerde ondernemingen,
met name de regels die zijn voorgeschreven door ar-
tikel 27, § 4, van de wet betreffende het toezicht op de
fi nanciële sector.”;
3° paragraaf 2, gewijzigd bij de wet van 30 juli 2013,
wordt vervangen als volgt:
“§ 2. Onverminderd de bepalingen van artikelen 27 tot
28 van de wet betreffende het toezicht op de fi nanciële
sector, is de Koning bevoegd om bij besluit genomen
na advies van de bevoegde autoriteit, ter uitvoering van
paragraaf 1 of paragraaf 1bis, regels ter voorkoming
van belangenconfl icten vast te stellen die de agenten in
bank- en beleggingsdiensten moeten naleven.”.
Art. 136
Artikel 18 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van
31 juli 2009 en het koninklijk besluit van 3 maart 2011,
wordt aangevuld met de paragrafen 4 en 5, luidende:
“§ 4. De beslissingen van de FSMA als bedoeld in
dit artikel, hebben voor de betrokken tussenpersoon
in bank- en beleggingsdiensten uitwerking vanaf de
datum van hun kennisgeving aan deze tussenpersoon
via een ter post aangetekende brief of een brief met
ontvangstbewijs.
ainsi que les dispositions des arrêtés et règlements
et des actes délégués correspondants adoptés en vertu
de la Directive 2014/65/UE, prises pour leur exécution.
Art. 135
À l’article 14 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, remplacé par la loi
du 30 juillet 2013, la première phrase est complétée par
les mots “, et notamment celles prescrites aux articles
27 à 28 de la loi relative à la surveillance du secteur
fi nancier” et dans la deuxième phrase, les mots “, dans
le respect des directives et règlements européens,”
sont insérés entre le mot “prévoir” et les mots “pour les
courtiers”;
2° le paragraphe 1er, remplacé par la loi du 30 juillet
2013, est complété par un alinéa, rédigé comme suit:
“Les courtiers en services bancaires et en services
d’investissement doivent également, dans leur activité
d’intermédiation, respecter les règles en matière de
prévention des confl its d’intérêts applicables aux entre-
prises réglementées, notamment les règles prescrites
à l’article 27, § 4, de la loi relative à la surveillance du
secteur fi nancier.”;
3° le paragraphe 2, modifi é par la loi du 30 juillet 2013,
est remplacé par ce qui suit:
“§ 2. Sans préjudice des dispositions des articles 27 à
28 de la loi relative à la surveillance du secteur fi nan-
cier, le Roi est habilité à fi xer, par arrêté pris sur avis de
l’autorité compétente, en exécution du paragraphe 1er
ou du paragraphe 1erbis, des règles visant à prévenir les
confl its d’intérêts, que les agents en services bancaires
et d’investissement doivent respecter.”.
Art. 136
L’article 18 de la même loi, modifi é par la loi du
31 juillet 2009 et l’arrêté royal du 3 mars 2011, est com-
plété par les paragraphes 4 et 5, rédigés comme suit:
“§ 4. Les décisions de la FSMA visées au présent
article sortent leurs effets à l’égard de l’intermédiaire
en services bancaires et en services d’investissement
concerné à dater de leur notifcation à celui-ci par lettre
recommandée à la poste ou avec accusé de réception.
116
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 5. De FSMA kan de genomen maatregelen, op
kosten van de tussenpersoon in bank- en beleggings-
diensten, publiceren in kranten en tijdschriften van haar
keuze, of op plaatsen die zij kiest en voor de duur die
zij bepaalt. De FSMA kan de genomen maatregelen
eveneens op haar website publiceren.”.
HOOFDSTUK V
Wijzigingen van de wet van 16 juni 2006 op de
openbare aanbieding van beleggingsinstrumenten
en de toelating van beleggingsinstrumenten tot
de verhandeling op een gereglementeerde markt
Art. 137
In artikel 9 van de wet van 16 juni 2006 op de open-
bare aanbieding van beleggingsinstrumenten en de toe-
lating van beleggingsinstrumenten tot de verhandeling
op een gereglementeerde markt worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 5° wordt vervangen als volgt:
“5° “gereglementeerde markt“: elke Belgische of bui-
tenlandse gereglementeerde markt als bedoeld in artikel
3, 7°, 8° en 9°, van de wet van … over de infrastructuren
voor de markten voor fi nanciële instrumenten en hou-
dende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”;
b) de bepaling onder 6° wordt vervangen als volgt:
“6° “marktexploitant“: de onderneming bedoeld in
artikel 3, 3°, van de voornoemde wet van … ;“;
c) de bepaling onder 8°, ingevoegd bij het koninklijk
besluit van 27 april 2007, wordt vervangen als volgt:
“8° “multilaterale handelsfaciliteit”: een Multilateral
Trading Facility of MTF in de zin van artikel 3, 10°, van
de voornoemde wet van … ;”.
Art. 138
In de artikelen 15, § 4, 1°, 16, § 1, 9°, ingevoegd bij
de wet van 17 juli 2013, 32, § 3, vervangen bij de wet
van 17 juli 2013, 52, § 3, gewijzigd bij het koninklijk be-
sluit van 3 maart 2011, 67, § 1, g), gewijzigd bij de wet
van 17 juli 2013, en 67, § 2, vervangen bij de wet van
17 juli 2013, en § 3, gewijzigd bij het koninklijk besluit
van 3 maart 2011, van dezelfde wet worden de woor-
den “marktonderneming“en “marktondernemingen”
§ 5. La FSMA peut faire procéder, aux frais de l’inter-
médiaire en services bancaires et en services d’investis-
sement, à la publication des mesures qu’elle a prises à
l’égard de celui-ci, dans les journaux et publications de
son choix ou dans les lieux et pendant la durée qu’elle
détermine. Elle peut également publier ces mesures
sur son site web.”.
CHAPITRE V
Modifi cations de la loi du 16 juin 2006 relative aux
offres publiques d’instruments de placement et
aux admissions d’instruments de placement à la
négociation sur des marchés réglementés
Art. 137
Dans l’article 9 de la loi du 16 juin 2006 relative aux
offres publiques d’instruments de placement et aux
admissions d’instruments de placement à la négocia-
tion sur des marchés réglementés, les modifi cations
suivantes sont apportées:
a) le 5° est remplacé par ce qui suit:
“5° “marché réglementé”: tout marché réglementé,
belge ou étranger, visé à l’article 3, 7°, 8° et 9°, de
la loi du … relative aux infrastructures des marchés
d’instruments fi nanciers et portant transposition de la
Directive 2014/65/UE;”;
b) le 6° est remplacé par ce qui suit:
“6° “opérateur de marché”: l’entreprise visée à l’article
3, 3°, de la loi du … précitée;”;
c) le 8°, inséré par l’arrêté royal du 27 avril 2007, est
remplacé par ce qui suit:
“8° “système multilatéral de négociation”: un MTF au
sens de l’article 3, 10°, de la loi du … précitée;”.
Art. 138
Dans les articles 15, § 4, 1°, 16, § 1er, 9°, inséré
par la loi du 17 juillet 2013, 32, § 3, remplacé par
la loi du 17 juillet 2013, 52, § 3, modifi é par l’arrêté
royal du 3 mars 2011, 67, § 1er, g), modifi é par la loi
du 17 juillet 2013, et 67, § 2, remplacé par la loi du
17 juillet 2013, et § 3, modifi é par l’arrêté royal du
3 mars 2011, de la même loi, les mots “entreprise de mar-
ché, “entreprise de marché concernée”,” “entreprises
117
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
vervangen door de woorden “marktexploitant” en
“marktexploitanten”.
HOOFDSTUK VI
Wijzigingen van de wet van 1 april 2007 op de
openbare overnamebiedingen
Art. 139
In artikel 3, § 1, van de wet van 1 april 2007 op de
openbare overnamebiedingen worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 11° wordt vervangen als volgt:
“11° “gereglementeerde markt“: elke Belgische of
buitenlandse gereglementeerde markt bedoeld in artikel
3, 7°, 8° of 9°, van de wet van … over de infrastructuren
voor de markten voor fi nanciële instrumenten en hou-
dende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”;
b) de bepaling onder 12° wordt vervangen als volgt:
“12° “Belgische gereglementeerde markt“: elke
Belgische gereglementeerde markt bedoeld in artikel
3, 8°, van de wet van …;”;
c) de bepaling onder 13° wordt vervangen als volgt:
“13° “multilaterale handelsfaciliteit” of “MTF“: een
MTF bedoeld in artikel 3, 10°, van de wet van ... ;”.
HOOFDSTUK VII
Wijzigingen van de wet van 2 mei 2007 op de
openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in
emittenten waarvan aandelen zijn toegelaten tot
de verhandeling op een gereglementeerde markt
en houdende diverse bepalingen
Art. 140
In artikel 3, § 1, van de wet van 2 mei 2007 op de
openbaarmaking van belangrijke deelnemingen in emit-
tenten waarvan aandelen zijn toegelaten tot de verhan-
deling op een gereglementeerde markt en houdende
diverse bepalingen worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
de marché concernées” et “entreprises de marché
éventuellement concernées” sont remplacés par les
mots “opérateur de marché” , “opérateur de marché
concerné”, “opérateurs de marchés concernés” et “opé-
rateurs de marché éventuellement concernés”.
CHAPITRE VI
Modifi cations de la loi du 1er avril 2007 relative aux
offres publiques d’acquisition
Art. 139
Dans l’article 3, § 1er, de la loi du 1er avril 2007 relative
aux offres publiques d’acquisition, les modifi cations
suivantes sont apportées:
a) le 11° est remplacé par ce qui suit:
“11° “marché réglementé”: tout marché réglementé,
belge ou étranger, visé à l’article 3, 7°, 8° ou 9°, de
la loi du … relative aux infrastructures des marchés
d’instruments fi nanciers et portant transposition de la
Directive 2014/65/UE;”;
b) le 12° est remplacé par ce qui suit:
“12° “marché réglementé belge”: tout marché régle-
menté belge visé à l’article 3, 8°, de la loi du …;”;
c) le 13° est remplacé par ce qui suit:
“13° “système multilatéral de négociation” ou “MTF”:
un MTF visé à l’article 3, 10°, de la loi du … ;”.
CHAPITRE VII
Modifi cations de la loi du 2 mai 2007 relative à
la publicité des participations importantes dans
des émetteurs dont les actions sont admises à la
négociation sur un marché réglementé et portant
des dispositions diverses
Art. 140
Dans l’article 3, § 1er, de la loi du 2 mai 2007 relative
à la publicité des participations importantes dans des
émetteurs dont les actions sont admises à la négociation
sur un marché réglementé et portant des dispositions
diverses, les modifi cations suivantes sont apportées:
118
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
a) in de bepaling onder 2° worden de woorden “artikel
2, 5° of 6°, van de wet van 2 augustus 2002” vervangen
door de woorden “artikel 3, 8° of 9°, van de wet van … ”;
b) in de bepaling onder 3° worden de woorden “artikel
2, 5°, van de wet van 2 augustus 2002” vervangen door
de woorden “artikel 3, 8°, van de wet van …”;
c) de bepaling onder 4° wordt vervangen als volgt:
“4° “multilaterale handelsfaciliteit” of “MTF“: een MTF
als bedoeld in artikel 3, 10°, van de wet van ... ;”.
Art. 141
In de artikelen 23, § 2, gewijzigd bij het koninklijk
besluit van 3 maart 2011, en 25, § 3, gewijzigd bij het
koninklijk besluit van 3 maart 2011, van dezelfde wet
worden de woorden “marktondernemingen” en “markt-
onderneming” vervangen door de woorden “marktex-
ploitanten” en “marktexploitant”.
HOOFDSTUK VIII
Wijzigingen van de wet van
3 augustus 2012 betreffende de instellingen
voor collectieve belegging die voldoen aan de
voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de
instellingen voor belegging in schuldvorderingen
Art. 142
In artikel 3 van de wet van 3 augustus 2012 betref-
fende de instellingen voor collectieve belegging die
voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG
en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen
worden de volgende wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 19° wordt vervangen als volgt:
“19° “multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral tra-
ding facility – MTF)”: een MTF bedoeld in artikel 3, 10°,
van de wet van ... ;”;
b) de bepaling onder 20° wordt vervangen als volgt:
“20° “gereglementeerde markt“: elke Belgische of
buitenlandse gereglementeerde markt bedoeld in artikel
3, 7°, 8° of 9°, van de wet van … ;”;
c) een bepaling onder 55°/2 wordt ingevoegd, luidende:
a) au 2°, les mots “article 2, 5° ou 6°, de la loi du
2 août 2002” sont remplacés par les mots “article 3, 8°
ou 9°, de la loi du … ”;
b) au 3°, les mots “article 2, 5°, de la loi du 2 août 2002”
sont remplacés par les mots “article 3, 8°, de la loi du …”;
c) le 4° est remplacé par ce qui suit:
“4° “système multilatéral de négociation” ou “MTF”:
un MTF tel que défi ni à l’article 3, 10°, de la loi du … ;”.
Art. 141
Dans les articles 23, § 2, modifi é par l’arrêté royal
du 3 mars 2011, et 25, § 3, modifi é par l’arrêté royal
du 3 mars 2011, de la même loi, les mots “entreprises
de marché” et “entreprise de marché concernée” sont
remplacés par les mots “opérateurs de marché” et
“opérateur de marché concerné”.
CHAPITRE VIII
Modifi cations de la loi du 3 août 2012 relative aux
organismes de placement collectif qui répondent
aux conditions de la Directive 2009/65/CE et aux
organismes de placement en créances
Art. 142
Dans l’article 3 de la loi du 3 août 2012 relative aux
organismes de placement collectif qui répondent aux
conditions de la Directive 2009/65/CE et aux organismes
de placement en créances, les modifi cations suivantes
sont apportées:
a) le 19° est remplacé par ce qui suit:
“19° “système multilatéral de négociation (Multilateral
trading facility – MTF)”: un MTF visé à l’article 3, 10°,
de la loi … ;”;
b) le 20° est remplacé par ce qui suit:
“20° “marché réglementé”: tout marché réglementé,
belge ou étranger, visé à l’article 3, 7°, 8° ou 9°, de la
loi du … ;”;
c) un 55°/2 est inséré, rédigé comme suit:
119
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“55°/2 “de wet van … ”: de wet van … over de infra-
structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten
en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”.
Art. 143
In artikel 219, § 3, van dezelfde wet worden de
woorden “De artikelen 27 en 28bis” vervangen door de
woorden “Artikel 27, §§ 1 tot 3, en 5 tot 9, artikel 27bis
en artikel 27ter, §§ 1 tot 7,“.
Art. 144
In artikel 221, eerste lid, van dezelfde wet, ingevoegd
bij de wet van 19 april 2014 en gewijzigd bij de wet van
25 oktober 2016, worden de woorden “artikel 26 van
de wet van 25 oktober 2016 en aan de ter uitvoering
daarvan genomen besluiten, is” vervangen door de
woorden “Artikel 25, § 1, 2°, 3°, 7° en 9°, en de artikelen
26 en 26/1 van de wet van 25 oktober 2016 en de ter
uitvoering daarvan genomen besluiten, zijn“.
Art. 145
In artikel 241/1, § 1, 4°, c), van dezelfde wet, inge-
voegd bij de wet van 25 december 2016, worden de
woorden “25 december” vervangen door de woorden
“25 oktober 2016”.
Art. 146
In artikel 250, § 9, van dezelfde wet worden de
woorden “de artikelen 27 en 28bis” vervangen door de
woorden “artikel 27, §§ 1 tot 3, en 5 tot 9, artikel 27bis
en artikel 27ter, §§ 1 tot 7,“.
HOOFDSTUK IX
Wijzigingen van de wet van
19 april 2014 betreffende de alternatieve
instellingen voor collectieve belegging en hun
beheerders
Art. 147
In artikel 3 van de wet van 19 april 2014 betreffende
de alternatieve instellingen voor collectieve belegging
en hun beheerders worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) de bepaling onder 37° wordt vervangen als volgt:
“55°/2 “la loi du … ”: la loi du … relative aux infrastruc-
tures des marchés d’instruments fi nanciers et portant
transposition de la Directive 2014/65/UE;”.
Art. 143
Dans l’article 219, § 3, de la même loi, les mots
“Les articles 27 et 28bis” sont remplacés par les mots
“L’article 27, §§ 1er à 3, et 5 à 9, l’article 27bis et l’article
27ter, §§ 1er à 7”.
Art. 144
Dans l’article 221, alinéa 1er, de la même loi,
inséré par la loi du 19 avril 2014 et modifi é par la loi
du 25 octobre 2016, les mots “l’article 26 de la loi du
25 octobre 2016 et aux arrêtés pris pour son exécution
s’applique” sont remplacés par les mots “L’article 25,
§ 1er, 2°, 3°, 7° et 9°, et les articles 26 et 26/1 de la loi du
25 octobre 2016 et les arrêtés pris pour leur exécution
s’appliquent”.
Art. 145
Dans l’article 241/1, § 1er, 4°, c), de la même loi, inséré
par la loi du 25 décembre 2016, les mots “25 décembre”
sont remplacés par les mots “25 octobre 2016”.
Art. 146
Dans l’article 250, § 9, de la même loi, les mots
“les articles 27 et 28bis” sont remplacés par les mots
“l’article 27, §§ 1er à 3, et 5 à 9, l’article 27bis et l’article
27ter, §§ 1er à 7,”.
CHAPITRE IX
Modifi cations de la loi du 19 avril 2014
relative aux organismes de placement
collectif alternatifs et à leurs
gestionnaires
Art. 147
Dans l’article 3 de la loi du 19 avril 2014 relative
aux organismes de placement collectif alternatifs et à
leurs gestionnaires, les modifi cations suivantes sont
apportées:
a) le 37° est remplacé par ce qui suit:
120
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“37° “multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral tra-
ding facility – MTF)”: een MTF als bedoeld in artikel 3,
10° van de wet van …;”;
b) de bepaling onder 38° wordt vervangen als volgt:
“38° “gereglementeerde markt“: elke Belgische of
buitenlandse gereglementeerde markt als bedoeld in
artikel 3, 7°, 8° of 9°, van de wet van … ;”;
c) een bepaling onder 84°/1 wordt ingevoegd, luidende:
“84°/1 “de wet van … ”: de wet van … over de infra-
structuren voor de markten voor fi nanciële instrumenten
en houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;”.
Art. 148
In artikel 33, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd
bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woorden
“artikel 26 van de wet van 25 oktober 2016” vervangen
door de woorden “Artikel 25, § 1, 2°, 3°, 7° en 9°, en de
artikelen 26 en 26/1 van de wet van 25 oktober 2016 en
de ter uitvoering daarvan genomen besluiten“.
Art. 149
In artikel 39 van dezelfde wet worden de woorden
“artikelen 27 en 28bis” vervangen door de woorden
“artikel 27, §§ 1 tot 3, en 5 tot 9, artikel 27bis en artikel
27ter, §§ 1 tot 7,“.
Art. 150
In artikel 345/1, § 1, 4°, c), van dezelfde wet, inge-
voegd bij de wet van 25 december 2016, worden de
woorden “25 december” vervangen door de woorden
“25 oktober”.
Art. 151
In artikel 360, § 8, van dezelfde wet, gewijzigd bij de
wet van 10 april 2014, worden de woorden “de artike-
len 27 en 28bis” vervangen door de woorden “artikel
27, §§ 1 tot 3, en 5 tot 9, artikel 27bis en artikel 27ter,
§§ 1 tot 7,“.
“37° “système multilatéral de négociation (Multilateral
trading facility – MTF)”: un MTF visé à l’article 3, 10°
de la loi … ;”;
b) le 38° est remplacé par ce qui suit:
“38° “marché réglementé”: tout marché réglementé,
belge ou étranger, visé à l’article 3, 7°, 8° ou 9°, de la
loi du … ;”;
c) un 84°/1 est inséré, rédigé comme suit:
“84°/1 “la loi du … ”: la loi du … relative aux infrastruc-
tures des marchés d’instruments fi nanciers et portant
transposition de la Directive 2014/65/UE;”.
Art. 148
Dans l’article 33, alinéa 1er, de la même loi, modifi é
par la loi du 25 octobre 2016, les mots “l’article 26 de
la loi du 25 octobre 2016” sont remplacés par les mots
“L’article 25, § 1er, 2°, 3°, 7° et 9°, et les articles 26 et
26/1 de la loi du 25 octobre 2016 et les arrêtés pris pour
leur exécution”.
Art. 149
Dans l’article 39 de la même loi, les mots “les articles
27 et 28bis” sont remplacés par les mots “l’article
27, §§ 1er à 3, et 5 à 9, l’article 27bis et l’article 27ter,
§§ 1er à 7,”.
Art. 150
Dans l’article 345/1, § 1er, 4°, c), de la même loi, inséré
par la loi du 25 décembre 2016, les mots “25 décembre”
sont remplacés par les mots “25 octobre”.
Art. 151
Dans l’article 360, § 8, de la même loi, modifi é par la
loi du 10 avril 2014, les mots “les articles 27 et 28bis”
sont remplacés par les mots “l’article 27, §§ 1er à 3, et
5 à 9, l’article 27bis et l’article 27ter, §§ 1er à 7,”.
121
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
HOOFDSTUK X
Wijzigingen van de wet van 25 april 2014 op het
statuut van en het toezicht op kredietinstellingen
en beursvennootschappen
Art. 152
In artikel 1, § 3, van de wet van 25 april 2014, gewijzigd
bij de wet van 25 oktober 2016, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in het tweede lid wordt de bepaling onder a) ver-
vangen als volgt:
“a) van beleggingsdiensten die bestaan in:
— het handelen voor eigen rekening;
— het overnemen van financiële instrumenten
en/of plaatsen van financiële instrumenten met
plaatsingsgarantie;
— het plaatsen van fi nanciële instrumenten zonder
plaatsingsgarantie;
— het uitbaten van multilaterale handelsfaciliteiten; of
— het uitbaten van georganiseerde handelsfacilitei-
ten; en/of”;
2° in het tweede lid, b), wordt het eerste streepje
vervangen als volgt:
“- bewaring en beheer van fi nanciële instrumenten
voor rekening van cliënten, met inbegrip van bewaarne-
mingsdiensten en daarmee samenhangende diensten
zoals contanten- en/of zekerhedenbeheer en met uit-
zondering van het centraal aanhouden van effectenre-
keningen op het hoogste niveau;”.
Art. 153
In artikel 3 van dezelfde wet, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 8°/3, ingevoegd bij de wet van
25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt:
“8°/3 Verordening 2017/565: Gedelegeerde
Verordening (EU) 2017/565 van de Commissie van
25 april 2016 houdende aanvulling van Richtlijn 2014/65/
EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft
de door beleggingsondernemingen in acht te nemen
CHAPITRE X
Modifi cations de la loi du 25 avril 2014 relative au
statut et au contrôle des établissements de crédit
et des sociétés de bourse
Art. 152
À l’article 1er, § 3, de la loi du 25 avril 2014, modifi é
par la loi du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes
sont apportées:
1° dans l’alinéa 2, le a) est remplacé par ce qui suit:
“a) des services d’investissement consistant dans:
— la négociation pour compte propre;
— la prise ferme d’instruments financiers et/ou
le placement d’instruments fi nanciers avec engage-
ment ferme;
— le placement d’instruments fi nanciers sans enga-
gement ferme;
— l’exploitation d’un système multilatéral de négo-
ciation; ou
— l’exploitation d’un système organisé de négocia-
tion; et/ou”;
2° dans l’alinéa 2, b), le premier tiret est remplacé
par ce qui suit:
“- la conservation et l’administration d’instruments
fi nanciers pour le compte de clients, y compris les
services de garde et les services connexes, comme
la gestion de trésorerie/de garanties, et à l’exclusion
de la tenue centralisée de comptes de titres au plus
haut niveau;”.
Art. 153
Dans l’article 3 de la même loi, les modifi cations
suivantes sont apportées:
a) le 8°/3, inséré par la loi du 25 octobre 2016, est
remplacé par ce qui suit:
“8°/3 Règlement 2017/565: le Règlement délégué
(UE) 2017/565 de la Commission du 25 avril 2016 com-
plétant la directive 2014/65/UE du Parlement européen
et du Conseil en ce qui concerne les exigences organi-
sationnelles et les conditions d’exercice applicables aux
122
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
organisatorische eisen en voorwaarden voor de bedrijfs-
uitoefening en wat betreft de defi nitie van begrippen voor
de toepassing van genoemde richtlijn;“;
b) er wordt een bepaling onder 20°/1 inge-
voegd, luidende:
“20°/1 wet van … : de wet van … over de infrastruc-
turen voor de markten voor fi nanciële instrumenten en
houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU;“;
c) de bepaling onder 66°, gewijzigd bij de wet van
25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt:
“66° systematische internaliseerder: een kredietin-
stelling of beursvennootschap die de activiteit als om-
schreven in artikel 3, 29°, van de wet van … uitoefent;”;
d) in de bepaling onder 74°, ingevoegd bij de wet
van 25 oktober 2016, worden de woorden “overeen-
komstig het bepaalde in Hoofdstuk II van de wet van
2 augustus 2002 of Titel II van Richtlijn 2014/65/EU”
vervangen door de woorden “overeenkomstig het be-
paalde in Hoofdstuk II van Titel II van de wet van … ”;
e) er wordt een bepaling onder 74°/1 inge-
voegd, luidende:
“74°/1 georganiseerde handelsfaciliteit (organised
trading facility – OTF): een multilateraal systeem, anders
dan een gereglementeerde markt of een MTF, waarin
meerdere koop- en verkoopintenties van derden met
betrekking tot obligaties, gestructureerde fi nanciële
producten, emissierechten en derivaten op zodanige
wijze met elkaar kunnen interageren dat er een over-
eenkomst uit voortvloeit overeenkomstig de bepalingen
van Hoofdstuk II van Titel II van de wet van …;”;
f) er wordt een bepaling onder 77° ingevoegd, luidende:
“77° gereglementeerde markt: een gereglementeerde
markt in de zin van artikel 3, 7°, van de wet van …;”;
g) er wordt een bepaling onder 78° ingevoegd, luidende:
“78° algoritmische handel: de algoritmische han-
del in de zin van artikel 2, 59°, van de wet van
25 oktober 2016;”;
h) er wordt een bepaling onder 79° ingevoegd, luidende:
“79° directe elektronische toegang: de directe elek-
tronische toegang in de zin van artikel 2, 61°, van de
wet van 25 oktober 2016;”;
entreprises d’investissement et la défi nition de certains
termes aux fi ns de ladite directive;”;
b) il est inséré un 20°/1 rédigé comme suit:
“20°/1 loi du …: la loi du … relative aux infrastructures
des marchés d’instruments fi nanciers et portant trans-
position de la Directive 2014/65/UE;”;
c) le 66°, modifi é par la loi du 25 octobre 2016, est
remplacé par ce qui suit:
“66° internalisateur systématique: un établissement
de crédit ou une société de bourse qui exerce l’activité
défi nie à l’article 3, 29°, de la loi du ...;”;
d) au 74°, inséré par la loi du 25 octobre 2016, les mots
“conformément aux dispositions du Chapitre II de la loi
du 2 août 2002 ou de Titre II de la directive 2014/65/UE”
sont remplacés par les mots “conformément au Chapitre
II du Titre II de la loi du … ”;
e) il est inséré un 74°/1 rédigé comme suit:
“74°/1 système organisé de négociation (organised
trading facility – OTF): un système multilatéral, autre
qu’un marché réglementé ou un MTF, au sein duquel de
multiples intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par
des tiers pour des obligations, des produits fi nanciers
structurés, des quotas d’émission ou des instruments
dérivés peuvent interagir d’une manière qui aboutisse
à la conclusion de contrats conformément aux disposi-
tions du Chapitre II du Titre II de la loi du …;”;
f) il est inséré un 77° rédigé comme suit:
“77° marché réglementé, un marché réglementé au
sens de l’article 3, 7°, de la loi du ...;”;
g) il est inséré un 78° rédigé comme suit:
“78° trading algorithmique, le trading algorithmique
au sens de l’article 2, 59°, de la loi du 25 octobre 2016;”;
h) il est inséré un 79° rédigé comme suit:
“79° accès électronique direct: l’accès électro-
nique direct au sens de l’article 2, 61°, de la loi du
25 octobre 2016;”;
123
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
i) er wordt een bepaling onder 80° ingevoegd, luidende:
“80° gestructureerde deposito: een deposito in de
zin van artikel 2, 62°, van de wet van 25 oktober 2016;”.
Art. 154
In artikel 11, § 1, eerste lid, van dezelfde wet worden
de woorden “als bedoeld in de artikelen 21 tot 42” ver-
vangen door de woorden “als bedoeld met name in de
artikelen 21 tot 42, 64, 65/2 en 65/3”.
Art. 155
In artikel 12 van dezelfde wet, vervangen bij de wet
van 25 april 2014, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° in het tweede lid worden de woorden “van Afdeling
II” vervangen door de woorden “van Hoofdstuk II”;
2° in het derde lid worden de woorden “van Afdeling
II” vervangen door de woorden “van Hoofdstuk II”.
Art. 156
Artikel 15 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 15. Behalve met de voorwaarden van dit
Hoofdstuk houdt de toezichthouder ook rekening met
het vermogen van de aanvragende instelling om te
voldoen aan de in Titel II bedoelde bedrijfsuitoefenings-
voorwaarden en om haar ontwikkelingsdoelstellingen
te verwezenlijken:
1° op een wijze die een gezond, doeltreffend en voor-
zichtig beleid van de instelling garandeert;
2° onder de voorwaarden die nodig zijn voor de goede
werking van het bank- en fi nanciële stelsel en voor de
veiligheid van de deposanten; alsook
3° op een wijze die adequaat rekening houdt met
de belangen van haar cliënten en de integriteit van
de markt, wanneer de instelling beleggingsdiensten
en/of -activiteiten alsmede nevendiensten verleent of
verricht.”.
Art. 157
In artikel 21 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
i) il est inséré un 80° rédigé comme suit:
“80° dépôt structuré: un dépôt au sens de l’article 2,
62°, de la loi du 25 octobre 2016;”.
Art. 154
Dans l’article 11, § 1er, alinéa 1er, 1° de la même loi,
les mots ““telle que visée aux articles 21 à 42” sont
remplacés par les mots “telle que visée, notamment,
aux articles 21 à 42, 64, 65/2 et 65/3”.
Art. 155
A l’article 12 de la même loi, remplacé par la loi du
25 avril 2014, les modifi cations suivantes sont apportées:
1° dans l’alinéa 2, les mots “à la Section II” sont
remplacés par les mots “au Chapitre II”;
2° dans l’alinéa 3, les mots “à la Section II” sont
remplacés par les mots “au Chapitre II”.
Art. 156
L’article 15 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
“Art. 15. Outre les conditions prévues par le présent
Chapitre, l’autorité de contrôle tient également compte
de l’aptitude de l’établissement requérant à satisfaire
aux conditions d’exercice de l’activité visées au Titre II
ainsi qu’à réaliser ses objectifs de développement:
1° de manière à garantir la gestion saine, efficace et
prudente de l’établissement;
2° dans les conditions que requièrent le bon fonction-
nement du système bancaire et fi nancier et la sécurité
des déposants; ainsi que
3° de manière à prendre en compte adéquatement
l’intérêt de ses clients et l’intégrité du marché, lorsque
l’établissement fournit des services d’investissement
et/ou exerce des activités d’investissement et services
auxiliaires.”.
Art. 157
À l’article 21 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
124
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° in paragraaf 1 wordt de bepaling onder 7° vervan-
gen als volgt: “controle- en beveiligingsmechanismen op
informaticagebied die afgestemd zijn op de werkzaam-
heden van de instelling en die voldoende deugdelijk
zijn om de beveiliging en authenticatie van de middelen
voor de informatieoverdracht te garanderen, het risico
op datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot een
minimum te beperken en te voorkomen dat informatie
uitlekt door de vertrouwelijkheid van de gegevens te
allen tijde te bewaren;”;
2° er wordt een paragraaf 1/1 ingevoegd, luidende:
“§ 1/1. Wanneer de kredietinstelling beleggings-
diensten en/of -activiteiten alsmede nevendiensten
verleent of verricht, alsook wanneer zij gestructureerde
deposito’s verkoopt of advies verstrekt aan cliënten in
verband met dergelijke producten, behartigt de krediet-
instelling de belangen van haar cliënten en bevordert zij
de integriteit van de markt. Paragraaf 1 is hiertoe van
toepassing.”.
3° in paragraaf 3, eerste lid, worden de woorden
“de volledige in paragraaf 1 bedoelde interne organi-
satieregeling bevat” vervangen door de woorden “de
volledige interne organisatieregeling bevat als bedoeld
in paragraaf 1 en, in voorkomend geval, in de artikelen
41 tot 42/2”.
Art. 158
Artikel 23, tweede lid, van dezelfde wet wordt aange-
vuld met een bepaling onder 3°, luidende:
“3° de organisatie van de instelling voor het verlenen
of verrichten van beleggingsdiensten en -activiteiten
en nevendiensten, de verkoop van gestructureerde
deposito’s en het verstrekken van advies aan cliënten in
verband met dergelijke producten, met inbegrip van de
organisatieregeling bedoeld in artikel 41, § 1, 1° tot 3°,
evenals de vereiste kennis, vaardigheden en ervaring
van het personeel, de middelen, procedures en regelin-
gen voor het verlenen van die diensten en het verrichten
van die activiteiten door de instelling.”.
Art. 159
In Boek II, Titel I, Hoofdstuk 2, Afdeling VI, van dezelf-
de wet, gewijzigd bij de wetten van 18 december 2015 en
7 december 2016, wordt het opschrift van Onderafdeling
V vervangen als volgt:
1° dans le paragraphe 1er, le 7° est complété par les
mots “et suffisamment solides pour garantir la sécurité
et l’authentifi cation des moyens de transfert de l’infor-
mation, réduire au minimum le risque de corruption
des données et d’accès non autorisé et empêcher les
fuites d’informations afi n de maintenir en permanence
la confi dentialité des données;”;
2° il est inséré un paragraphe 1er/1 rédigé comme suit:
“§ 1er/1. Lorqu’il fournit des services d’investissement
et/ou exerce des activités d’investissement et fournit des
services auxiliaires, ainsi que lorsqu’il commercialise
des dépôts structurés ou fournit des conseils aux clients
sur de tels produits, l’établissement de crédit promeut
l’intérêt de ses clients et l’intégrité du marché. Le para-
graphe 1er est applicable à cette fi n.”.
3° le paragraphe 3, alinéa 1er, est complété par les
mots “et, le cas échéant, visé aux articles 41 à 42/2”.
Art. 158
L’article 23, alinéa 2, de la même loi est complété par
un 3° rédigé comme suit:
“3° l’organisation de l’établissement pour la fourni-
ture de services d’investissement, l’exercice d’activités
d’investissement, la fourniture de services auxiliaires, la
commercialisation de dépôts structurés et la fourniture
de conseils aux clients sur de tels produits, y compris
les dispositifs d’organisation visés à l’article 41, § 1er,
1° à 3°, ainsi que les compétences, les connaissances
et l’expertise requises du personnel, les ressources,
les procédures et les mécanismes avec ou selon les-
quels l’établissement fournit ces services et exerce ces
activités.”.
Art. 159
Dans le Livre II, Titre Ier, Chapitre 2, Section VI, de la
même loi, modifi é par les lois du 18 décembre 2015 et
7 décembre 2016, l’intitulé de la Sous-section V est
remplacé par ce qui suit:
125
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“Onderafdeling V. – Specifi eke organisatie voor het
verlenen van beleggingsdiensten, de verkoop van ge-
structureerde deposito’s en het verstrekken van advies
aan cliënten in verband met dergelijke producten”.
Art. 160
In artikel 41 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt:
“§ 1. Iedere kredietinstelling legt de in artikel 21 be-
doelde beleidslijnen en procedures vast om de naleving
van de wettelijke en reglementaire voorschriften inzake
beleggingsdiensten en -activiteiten door de instelling, de
leden van haar wettelijk bestuursorgaan, haar effectieve
leiding, werknemers, gevolmachtigden en verbonden
agenten op adequate wijze te verzekeren.
Deze beleidslijnen en procedures omvatten met name:
1° onverminderd de artikelen 67 tot 70, een vergoe-
dingsbeleid voor de personen die bij de dienstverlening
aan cliënten betrokken zijn, dat verantwoord onder-
nemerschap en een billijke behandeling van cliënten
aanmoedigt en belangenconfl icten in de betrekkingen
met de cliënten voorkomt;
2° een beleid op het gebied van diensten, activitei-
ten, producten en operaties die worden aangeboden of
verstrekt, in overeenstemming met de in artikelen 23,
tweede lid, 2° en 57, § 1, bedoelde risicotolerantieniveau
van de instelling en de kenmerken en behoeften van de
cliënten van de instelling waaraan deze worden aange-
boden of verstrekt, in voorkomend geval, met inbegrip
van de uitvoering van passende stresstests;
3° passende regels voor de rechtstreekse en on-
rechtstreekse persoonlijke verrichtingen in fi nanciële
instrumenten die worden uitgevoerd door de in het
eerste lid bedoelde personen.”;
2° in paragraaf 2 worden de woorden “bepaalt de
Koning de in paragraaf 1 bedoelde regels en verplichtin-
gen” vervangen door de woorden “kan de Koning de in
paragraaf 1 bedoelde regels en verplichtingen bepalen”.
“Sous-section V. – Organisation spécifi que liée à la
fourniture de services d’investissement, à la commer-
cialisation de dépôts structurés et à la fourniture de
conseils aux clients sur de tels produits”.
Art. 160
À l’article 41 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit:
“§ 1er. Les établissements de crédit précisent les
politiques et procédures visées à l’article 21 afi n d’assu-
rer adéquatement le respect par l’établissement, les
membres de son organe légal d’administration, ses
dirigeants effectifs, ses salariés, ses mandataires et
agents liés, des dispositions légales et réglementaires
relatives aux services et activités d’investissements.
À cette fi n, ces politiques et procédures comprennent
notamment:
1° sans préjudice des articles 67 à 70, une politique
de rémunération des personnes participant à la fourni-
ture de services aux clients qui vise à encourager un
comportement professionnel responsable et un traite-
ment équitable des clients ainsi qu’à éviter les confl its
d’intérêts dans les relations avec les clients;
2° une politique relative aux services, activités, pro-
duits et opérations proposés ou fournis, conformément
au niveau de tolérance au risque visé aux articles 23, ali-
néa 2, 2° et 57, § 1er, de l’établissement et aux caractéris-
tiques et besoins des clients de l’établissement auxquels
ils seront proposés ou fournis, y compris en effectuant,
au besoin, des simulations de crise appropriées;
3° des règles appropriées applicables aux transac-
tions personnelles, directes et indirectes, effectuées sur
des instruments fi nanciers par les personnes visées à
l’alinéa 1er.”;
2° dans le paragraphe 2, les mots “, sur avis de la
FSMA et de la Banque, précise” sont remplacés par
les mots “peut préciser, sur avis de la FSMA et de
la Banque,”.
126
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 161
In artikel 42, § 2, van dezelfde wet worden de woorden
“bepaalt de Koning de nadere regels en verplichtingen
ter zake” vervangen door de woorden “kan de Koning
de nadere regels en verplichtingen ter zake bepalen”.
Art. 162
In Boek II, Titel I, Hoofdstuk 2, Afdeling VI,
Onderafdeling V, van dezelfde wet wordt een artikel
42/1 ingevoegd, luidende:
“Art. 42/1. Iedere instelling die beleggingsdiensten
en/of -activiteiten alsmede nevendiensten verleent of
verricht, duidt een persoon aan die over voldoende
vaardigheden en gezag beschikt en verantwoordelijk
is voor de naleving door de instelling van haar ver-
plichtingen met betrekking tot de vrijwaring van de
fi nanciële instrumenten van cliënten overeenkomstig
de artikelen 65 en 65/1 en de reglementaire bepalingen
die ter uitvoering van deze artikelen zijn vastgesteld. In
voorkomend geval kan deze persoon andere verant-
woordelijkheden hebben, voor zover deze geen afbreuk
doen aan de uitoefening van de in dit artikel bedoelde
verantwoordelijkheid.”.
Art. 163
In dezelfde onderafdeling V, van dezelfde wet wordt
een artikel 42/2 ingevoegd, luidende:
“Art. 42/2. De artikelen 41, 42, 64, eerste lid en
65/2 zijn van toepassing op de kredietinstellingen die
gestructureerde deposito’s verkopen of advies verstrek-
ken aan cliënten in verband met dergelijke producten.”.
Art. 164
In artikel 56 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, gewijzigd bij de wet van
18 december 2015, worden de woorden “en in de ar-
tikelen 64 tot 66” ingevoegd tussen de woorden “van
Titel I” en de woorden “, en de overeenstemming ervan”;
2° paragraaf 1, gewijzigd bij de wet van
18 december 2015, wordt aangevuld met twee le-
den, luidende:
Art. 161
Dans l’article 42, § 2, de la même loi, les mots “, sur
avis de la FSMA et de la Banque, précise” sont rem-
placés par les mots “peut préciser, sur avis de la FSMA
et de la Banque,”.
Art. 162
Dans le Livre II, Titre Ier, Chapitre 2, Section VI,
Sous-section V, de la même loi, il est inséré un article
42/1 rédigé comme suit:
“Art. 42/1. Les établissements qui fournissent des
services d’investissement et/ou exercent des activités
d’investissement et fournissent des services auxiliaires,
désignent une personne, disposant des compétences
et de l’autorité nécessaires, responsable du respect
par l’établissement de ses obligations concernant
la sauvegarde des instruments fi nanciers de clients
conformément aux articles 65 et 65/1 et aux dispositions
réglementaires prises en application desdits articles. Le
cas échéant, cette personne peut exercer d’autres res-
ponsabilités pour autant que celles-ci ne soient pas de
nature à porter atteinte à l’exercice de la responsabilité
visée au présent article.”.
Art. 163
Dans la même sous-section V, de la même loi, il est
inséré un article 42/2 rédigé comme suit:
“Art. 42/2. Les articles 41, 42, 64, alinéa 1er et
65/2 sont applicables aux établissements de crédit qui
commercialisent des dépôts structurés ou fournissent
des conseils sur ces produits à des clients.”.
Art. 164
À l’article 56, de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, modifié par la loi du
18 décembre 2015, les mots “et visées aux articles 64 à
66” sont insérés entre les mots “du Titre Ier” et les mots
“, et leur conformité”;
2° le paragraphe 1er, modifié par la loi du
18 décembre 2015, est complété par deux alinéas
rédigés comme suit:
127
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“Aldus monitort en beoordeelt het wettelijk bestuurs-
orgaan periodiek de adequaatheid en de implementatie
van de strategische doelstellingen van de instelling bij
het verlenen en verrichten van beleggingsdiensten en
-activiteiten en nevendiensten, de verkoop van gestruc-
tureerde deposito’s en het verstrekken van advies in
verband met dergelijke producten, en de adequaatheid
van de beleidsregels voor het verlenen van diensten
aan cliënten, en onderneemt het passende stappen om
eventuele tekortkomingen aan te pakken.
De leden van het wettelijk bestuursorgaan hebben
passende toegang tot alle informatie en documenten
die nodig zijn om de opdrachten uit te voeren waarmee
ze belast zijn met toepassing van de bepalingen van
deze wet, haar uitvoeringsbesluiten en de rechtstreeks
toepasbare Europese regelgeving.”;
3° paragraaf 3 wordt aangevuld met een lid, luidende:
“Het ziet er ook op toe dat de instelling voldoende
personele en fi nanciële middelen wijdt aan de per-
manente opleiding van de leden van het wettelijk
bestuursorgaan.”.
Art. 165
In artikel 59 van dezelfde wetworden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 1, gewijzigd bij de wet van
18 december 2015, wordt aangevuld met de woorden
“en in de artikelen 64 tot 66”;
2° in paragraaf 2, gewijzigd bij de wet van
18 december 2015, worden de woorden“en in de arti-
kelen 64 tot 66” ingevoegd tussen de woorden “van Titel
I” en de woorden “, en over de maatregelen”.
Art. 166
Artikel 64 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 64. Iedere kredietinstelling houdt de gegevens
bij over alle door haar verleende of verrichte beleg-
gingsdiensten en -activiteiten en over alle door haar
uitgevoerde transacties om de toezichthouder en de
FSMA in staat te stellen elk van hun kant, na te gaan of
de instelling voldoet aan de bepalingen van deze wet
of de ter uitvoering ervan genomen bepalingen, aan
Verordening nr. 600/2014 en Verordening 2017/565,
evenals aan de wettelijke en reglementaire bepalingen
waarvoor de FSMA moet toezien op de naleving ervan,
en inzonderheid of de instelling haar verplichtingen
“L’organe légal d’administration contrôle et évalue
ainsi périodiquement la pertinence et la mise en œuvre
des objectifs stratégiques de l’établissement en rapport
avec la fourniture de services d’investissement, l’exer-
cice d’activités d’investissement, la fourniture de ser-
vices auxiliaires, la commercialisation de dépôts struc-
turés et la fourniture de conseils sur de tels produits, et
l’adéquation des politiques relatives à la fourniture de
services aux clients et prend les mesures appropriées
pour remédier à toute défi cience.
Les membres de l’organe légal d’administration
disposent d’un accès adéquat aux informations et
documents nécessaires pour assurer les missions dont
ils sont chargés en application des dispositions de la
présente loi, des arrêtés pris pour son exécution et de
la réglementation européenne directement applicable.”;
3° le paragraphe 3 est complété par un alinéa, rédigé
comme suit:
“Il s’assure également que l’établissement consacre
des ressources humaines et fi nancières adéquates à
la formation continue des membres de l’organe légal
d’administration.”.
Art. 165
À l’article 59 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° le paragraphe 1er, modifié par la loi du
18 décembre 2015, est complété par les mots “et aux
articles 64 à 66”;
2° au paragraphe 2, modifié par la loi du
18 décembre 2015, les mots “et aux articles 64 à 66”
sont insérés entre les mots “du Chapitre II du Titre Ier”
et les mots “, et les mesures prises”.
Art. 166
L’article 64 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
“Art. 64. Les établissements de crédit conservent un
enregistrement de tout service d’investissement fourni,
de toute activité d’investissement exercée et de toute
transaction effectuée afi n de permettre à l’autorité de
contrôle et à la FSMA de vérifi er, chacune en ce qui la
concerne, si l’établissement se conforme aux disposi-
tions de la présente loi ou prises pour son exécution,
au Règlement n° 600/2014 et au Règlement 2017/565,
ainsi qu’aux dispositions légales et réglementaires au
respect desquelles la FSMA est chargée de veiller et,
en particulier, s’il respecte ses obligations à l’égard de
128
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
tegenover haar cliënteel of potentieel cliënteel en betref-
fende de integriteit van de markt nakomt.
Het bijhouden van gegevens omvat het opnemen
van telefoongesprekken of elektronische communicatie
die ten minste met in het kader van handel voor eigen
rekening gesloten transacties en het verstrekken van
diensten betreffende het ontvangen, doorgeven en
uitvoeren van cliëntenorders verband houden.
Daartoe neemt iedere kredietinstelling alle redelijke
maatregelen voor de opname van de voornoemde ge-
sprekken en elektronische communicatie die tot stand
zijn gekomen met, verstuurd zijn vanaf of ontvangen
zijn door apparatuur die door de kredietinstelling ter
beschikking van een werknemer of onderaannemer is
gesteld of waarvan het gebruik door haar is toegestaan.
Cliënten kunnen hun orders langs andere kanalen
plaatsen; deze mededelingen moeten evenwel gebeu-
ren door gebruikmaking van duurzame dragers, zoals
brieven, faxen, e-mails, of documentatie betreffende
orders die tijdens bijeenkomsten door de betrokken
cliënten zijn geplaatst. In het bijzonder kan de inhoud
van rechtstreekse gesprekken met een cliënt worden
geregistreerd door middel van notulen of een notitie.
Aldus geplaatste orders worden gelijkgesteld met tele-
fonisch ontvangen orders.
Iedere kredietinstelling neemt alle redelijke maat-
regelen om te voorkomen dat een werknemer of on-
deraannemer de voornoemde telefoongesprekken en
elektronische communicatie tot stand brengt, verstuurt
of ontvangt op privéapparatuur waarvan de instelling
geen gegevens kan opnemen of kopiëren.
De in dit artikel bedoelde opnames worden vijf jaar
bewaard en, indien de toezichthouder daarom verzoekt,
tot maximaal zeven jaar.”.
Art. 167
In Boek II, Titel II, Hoofdstuk III, Afdeling III,
Onderafdeling II, van dezelfde wet, gewijzigd bij de
wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel 65/2 inge-
voegd, luidende:
“Art. 65/2. § 1. Iedere kredietinstelling die fi nanciële
instrumenten ontwikkelt voor verkoop aan cliënten zorgt
voor het onderhoud, de exploitatie en de toetsing van
een proces voor de goedkeuring van elk fi nancieel in-
strument en signifi cante aanpassingen van bestaande
ses clients ou clients potentiels, et concernant l’intégrité
du marché.
Ces enregistrements incluent l’enregistrement des
conversations téléphoniques et des communications
électroniques en rapport, au moins, avec les transac-
tions conclues dans le cadre d’une négociation pour
compte propre et la prestation de services relatifs aux
ordres de clients qui concernent la réception, la trans-
mission et l’exécution d’ordres de clients.
À ces fi ns, les établissements de crédit prennent
toutes les mesures raisonnables pour enregistrer les
conversations et communications précitées qui sont
effectuées, envoyées ou reçues au moyen d’un équi-
pement fourni par l’établissement à un employé ou à un
sous-traitant ou dont il a autorisé l’utilisation.
Les clients peuvent passer des ordres par d’autres
voies, à condition que ces communications soient
effectuées au moyen d’un support durable, tels qu’un
courrier, une télécopie, un courrier électronique ou des
documents relatifs aux ordres d’un client établis lors de
réunions. En particulier, le contenu des conversations
en tête-à-tête avec un client peut être consigné par
écrit dans un compte rendu ou dans une note. De tels
ordres sont considérés comme équivalents à un ordre
transmis par téléphone.
Les établissements de crédit prennent toutes les
mesures raisonnables pour empêcher un employé ou
un sous-traitant d’effectuer, d’envoyer ou de recevoir les
conversations et communications précitées au moyen
d’un équipement privé que l’établissement est incapable
d’enregistrer ou de copier.
Les enregistrements visés au présent article sont
conservés pendant cinq ans et, lorsque l’autorité de
contrôle le demande, pendant une durée pouvant aller
jusqu’à sept ans.”.
Art. 167
Dans le Livre II, Titre II, Chapitre III, Section III,
Sous-section II, de la même loi, modifi é par la loi du
25 octobre 2016, il est inséré un article 65/2 rédigé
comme suit:
“Art. 65/2. § 1er. Les établissements de crédit qui
conçoivent des instruments fi nanciers destinés à la
vente aux clients maintiennent, appliquent et révisent un
processus de validation de chaque instrument fi nancier
et des adaptations notables des instruments fi nanciers
129
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
fi nanciële instrumenten vóór het in de handel wordt
gebracht of onder cliënten in omloop wordt gebracht.
In het kader van dit goedkeuringsproces wordt een
geïdentifi ceerde doelgroep van eindcliënten binnen de
relevante categorie van cliënten voor elk fi nancieel in-
strument gespecifi ceerd en wordt gewaarborgd dat alle
desbetreffende risico’s voor een dergelijke doelgroep
geëvalueerd zijn en dat de geplande distributiestrategie
is afgestemd op die doelgroep.
§ 2. Iedere kredietinstelling die fi nanciële instrumen-
ten aanbiedt of aanbeveelt die zij niet zelf ontwikkelt, treft
de nodige regelingen om van de ontwikkelaars ervan
alle nuttige informatie over die fi nanciële instrumenten
en over de procedure voor de goedkeuring ervan te ver-
krijgen, en om de kenmerken van de doelgroep van die
fi nanciële instrumenten te identifi ceren en te begrijpen.
De in dit artikel bedoelde processen en regelingen
doen geen afbreuk aan de wet van 2 augustus 2002 en
aan Verordening nr. 600/2014, met inbegrip van de
gedragsregels bedoeld in artikel 2, 46°, van de wet van
25 oktober 2016.
§ 3. De Koning kan, na advies van de Bank en de
FSMA, de regels vaststellen voor de uitvoering van de in
dit artikel bedoelde organisatorische regels, met name
om te voldoen aan de bepalingen van de artikelen 9 en
10 van Gedelegeerde Richtlijn (EU) 2017/593 van de
Commissie van 7 april 2016 tot aanvulling van Richtlijn
2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad
met betrekking tot het vrijwaren van fi nanciële instru-
menten en geldmiddelen die aan cliënten toebehoren,
productgovernanceverplichtingen en de regels die van
toepassing zijn op het betalen of het ontvangen van
provisies, commissies en geldelijke of niet-geldelijke
tegemoetkomingen.”.
Art. 168
In dezelfde onderafdeling II, van dezelfde wet, gewij-
zigd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel
65/3 ingevoegd, luidende:
“Art. 65/3. De Koning kan, na advies van de FSMA
en de Bank, de specifi eke organisatorische vereisten
vastleggen die van toepassing zijn op de kredietinstel-
lingen die in het kader van hun beleggingsactiviteiten
en/of -diensten:
1° zich bezighouden met algoritmische handel, ook
ter uitvoering van een market-makingstrategie;
existants avant leur commercialisation ou leur distribu-
tion aux clients.
Ledit processus de validation détermine un marché
cible défi ni de clients fi naux au sein de la catégorie de
clients concernée pour chaque instrument fi nancier et
permet de s’assurer que tous les risques pertinents
pour ledit marché sont évalués et que la stratégie de
distribution prévue convient bien à celui-ci.
§ 2. Les établissements de crédit qui proposent ou
recommandent des instruments fi nanciers qu’ils ne
conçoivent pas, se dotent de dispositifs appropriés pour
obtenir de leurs concepteurs tous les renseignements
utiles relatifs à ces instruments fi nanciers et à leur pro-
cessus de validation et pour identifi er et comprendre
les caractéristiques de leur marché cible.
Les processus et dispositifs visés au présent
article sont sans préjudice de la loi du 2 août 2002 et
du Règlement n° 600/2014, y compris des règles
de conduite visées à l’article 2, 46°, de la loi du
25 octobre 2016.
§ 3. Le Roi, sur avis de la Banque et de la FSMA,
peut préciser les règles d’exécution des règles organi-
sationnelles visées au présent article, notamment aux
fi ns de satisfaire aux dispositions prévues aux articles
9 et 10 de la Directive déléguée (UE) 2017/593 de la
Commission du 7 avril 2016 complétant la directive
2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil en ce
qui concerne la sauvegarde des instruments fi nanciers
et des fonds des clients, les obligations applicables en
matière de gouvernance des produits et les règles régis-
sant l’octroi ou la perception de droits, de commissions
ou de tout autre avantage pécuniaire ou non pécuniaire.”.
Art. 168
Dans la même sous-section II, de la même loi, modi-
fi é par la loi du 25 octobre 2016, il est inséré un article
65/3 rédigé comme suit:
“Art. 65/3. Le Roi peut déterminer, sur avis de la FSMA
et de la Banque, les exigences organisationnelles spé-
cifi ques applicables aux établissements de crédit qui,
dans le cadre de leur activité d’investissement et/ou de
fourniture de services d’investissement:
1° recourent au trading algorithmique, y compris
lorsqu’ils y recourent pour la mise en œuvre d’une
stratégie de tenue de marché;
130
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2° directe elektronische toegang tot een handelsplat-
form aanbieden; en/of
3° optreden als clearinglid als omschreven in artikel
2, punt 14, van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het
Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 be-
treffende otc-derivaten, centrale tegenpartijen en
transactieregisters.
Het toezicht op de naleving van de verplichtingen die
zijn vastgesteld op grond van het eerste lid, 1°, behoort
tot de bevoegdheid van de FSMA, onverminderd de
prerogatieven van de toezichthouder in geval van niet-
naleving van de verplichtingen van artikel 21.
Voor de uitoefening van die bevoegdheid beschikt
de FSMA over de prerogatieven bedoeld in de artike-
len 34, 35, §§ 1 en 2, 36, 36bis en 37 van de wet van
2 augustus 2002.”.
Art. 169
In artikel 67, eerste lid, van dezelfde wet worden
de woorden “en artikel 41, § 1, 1°,” ingevoegd tussen
de woorden “artikel 56, § 5” en de woorden “wordt
vastgelegd”.
Art. 170
Artikel 134, § 1, van dezelfde wet wordt aangevuld met
de woorden “, ook voor wat betreft de vereisten die op
grond van artikel 65/3, eerste lid, 1°, zijn vastgesteld.”.
Art. 171
In Boek II, Titel III, Hoofdstuk I, van dezelfde wet,
gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt een
artikel 136/2 ingevoegd, luidende:
“Art. 136/2. De inspectieverslagen en meer in het
algemeen alle documenten die uitgaan van de toe-
zichthouder, waarvan hij aangeeft dat ze vertrouwelijk
zijn, mogen niet openbaar worden gemaakt door de
kredietinstellingen zonder uitdrukkelijke toestemming
van de toezichthouder.
De niet-naleving van deze verplichting wordt bestraft
met de straffen waarin voorzien is in artikel 458 van het
Strafwetboek.”.
2° fournissent un accès électronique direct à une
plateforme de négociation; et/ou
3° agissent comme membre compensateur au sens
de l’article 2, 14), du Règlement (UE) n° 648/2012 du
Parlement européen et du Conseil du 4 juillet 2012 sur
les produits dérivés de gré à gré, contreparties centrales
et les référentiels centraux.
Le contrôle du respect des obligations prévues sur la
base de l’alinéa 1er, 1°, relève de la compétence de la
FSMA, sans préjudice des prérogatives de l’autorité de
contrôle en cas de non-respect des obligations prévues
à l’article 21.
Pour l’exercice de cette compétence, la FSMA dis-
pose des prérogatives visées aux articles 34, 35, §§ 1er
et 2, 36, 36bis et 37 de la loi du 2 août 2002.”.
Art. 169
Dans l’article 67, alinéa 1er, de la même loi, les mots
“et à l’article 41, § 1er, 1°,” sont insérés entre les mots “à
l’article 56, § 5” et les mots “est conforme à”.
Art. 170
L’article 134, § 1er, de la même loi est complété par
les mots “, y compris en ce qui concerne les exigences
prévues sur la base de l’article 65/3, alinéa 1er, 1°.”.
Art. 171
Dans le Livre II, Titre III, Chapitre Ier, de la même loi,
modifi é par la loi du 25 octobre 2016, il est inséré un
article 136/2 rédigé comme suit:
“Art. 136/2. Les rapports d’inspection et plus géné-
ralement tous les documents émanant de l’autorité de
contrôle dont elle indique qu’ils sont confi dentiels ne
peuvent être divulgués par les établissements de crédit
sans le consentement exprès de l’autorité de contrôle.
Le non-respect de cette obligation est puni des peines
prévues par l’article 458 du Code pénal.”.
131
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 172
Artikel 138 van dezelfde wet wordt aangevuld met
een lid, luidende:
“De samenwerking tussen de Bank en de FSMA
houdt met name de mogelijkheid in voor de Bank om het
advies van de FSMA te vragen in het kader van de be-
oordeling van de naleving van de door of krachtens deze
wet opgelegde vereisten die krachtens artikel 45, § 1,
eerste lid, 3° en § 2, van de wet van 2 augustus 2002 tot
de bevoegdheid van de FSMA behoren, met name met
betrekking tot de passende inaanmerkingneming door
de instelling van de belangen van haar cliënten en de
integriteit van de markt en met betrekking tot het ver-
lenen door de instelling aan haar cliënten van directe
elektronisch toegang tot een handelsplatform.”.
Art. 173
In artikel 225 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet
van 25 oktober 2016, wordt het vierde lid vervangen
als volgt:
“De erkende commissarissen delen aan de kredietin-
stellingen de verslagen mee die zij aan de toezichthou-
der richten overeenkomstig het eerste lid, 3°. De in dit
artikel bedoelde verslagen die aan de kredietinstelling
werden meegedeeld, mogen door deze laatste slechts
aan derden worden meegedeeld mits de toezichthouder
hiervoor voorafgaandelijk zijn toestemming heeft gege-
ven en onder de door hem vastgestelde voorwaarden.
Mededelingen die in strijd met dit lid worden verricht,
wordt bestraft met de straffen waarin voorzien is in
artikel 458 van het Strafwetboek De erkend commis-
sarissen bezorgen de toezichthouder een kopie van de
mededelingen die zij aan de kredietinstelling richten en
die betrekking hebben op zaken die van belang kunnen
zijn voor het toezicht dat hij uitoefent.”.
Art. 174
In artikel 234, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij
de wetten van 27 juni en 25 oktober 2016, worden
de woorden “of Verordening nr. 575/2013, Richtlijn
2013/36/EU, titel II van Richtlijn 2014/65/EU of
Verordening nr. 600/2014” vervangen door de woorden
“, Verordening nr. 575/2013, Verordening nr. 600/2014 of
Verordening 2017/565”.
Art. 172
L’article 138 de la même loi est complété par un alinéa
rédigé comme suit:
“La collaboration entre la Banque et la FSMA com-
prend notamment la possibilité pour la Banque de
demander l’avis de la FSMA en vue de l’appréciation
du respect d’exigences prévues par ou en vertu de
la présente loi et qui s’inscrivent dans le cadre des
compétences de la FSMA en vertu de l’article 45, § 1er,
alinéa 1er, 3°, et § 2, de la loi du 2 août 2002, notamment
en ce qui concerne la prise en compte adéquate, par
l’établissement de l’intérêt de ses clients et de l’inté-
grité du marché et en ce qui concerne la fourniture par
l’établissement, à ses clients, d’un accès électronique
direct à une plateforme de négociation.”.
Art. 173
Dans l’article 225 de la même loi, modifi é par la loi du
25 octobre 2016, l’alinéa 4 est remplacé par ce qui suit:
“Les commissaires agréés communiquent aux éta-
blissements de crédit les rapports qu’ils adressent à
l’autorité de contrôle conformément à l’alinéa 1er, 3°. Les
rapports visés au présent article dont la communication
a été effectuée à l’établissement de crédit ne peuvent
être communiqués à des tiers par ce dernier que moyen-
nant l’accord préalable de l’autorité de contrôle et ce,
aux conditions fi xées par celle-ci. Toute communica-
tion effectuée en violation du présent alinéa est punie
des peines prévues par l’article 458 du Code pénal.
Les commissaires agréés transmettent à l’autorité de
contrôle copie des communications qu’ils adressent à
l’établissement de crédit et qui portent sur des questions
de nature à présenter un intérêt pour son contrôle.”.
Art. 174
Dans l’article 234, § 1er, de la même loi, modifi é par
les lois du 27 juin et 25 octobre 2016, les mots “ou du
Règlement n° 575/2013, de la Directive 2013/36/UE,
du titre II de la Directive 2014/65/UE ou du Règlement
n° 600/2014” sont remplacés par les mots “, du
Règlement n° 575/2013, du Règlement n° 600/2014 ou
du Règlement 2017/565”.
132
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 175
In artikel 236 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet-
ten van 25 april 2014 en 25 oktober 2016, wordt een
paragraaf 4/1 ingevoegd, luidende:
“§ 4/1. Wanneer de in dit artikel bedoelde maatregelen
worden genomen wegens niet-nakoming van de ver-
plichtingen waarin deze wet voorziet ter omzetting van
Richtlijn 2014/65/EU, maakt de toezichthouder bekend
dat deze maatregelen werden genomen overeenkomstig
artikel 71 van de voornoemde richtlijn.”.
Art. 176
In artikel 312 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet
van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt:
“§ 3. De Bank brengt de FSMA op de hoogte van de
elementen in het informatiedossier die relevant zijn voor
het toezicht op de naleving van de gedragsregels be-
doeld in artikel 2, 46°, van de wet van 25 oktober 2016.”;
2° in paragraaf 5 wordt het tweede lid vervangen
als volgt:
“§ 5. De Bank brengt de FSMA op de hoogte van
de elementen die relevant zijn voor het toezicht op de
naleving van de gedragsregels bedoeld in artikel 2, 46°,
van de wet van 25 oktober 2016 en van de regels met
betrekking tot verbonden agenten.”.
Art. 177
In artikel 315 van dezelfde wet wordt paragraaf 2, op-
geheven bij de wet van 25 april 2014, hersteld als volgt:
“§ 2. Artikel 64 is van toepassing op de in artikel
312 bedoelde bijkantoren.”.
Art. 178
In artikel 319 van dezelfde wet wordt de laatste zin
vervangen als volgt:
“De artikelen 134 tot 136, 136/2 en 139 zijn van over-
eenkomstige toepassing.”.
Art. 175
Dans l’article 236 de la même loi, modifi é par les
lois du 25 avril 2014 et 25 octobre 2016, il est inséré un
paragraphe 4/1 rédigé comme suit:
“§ 4/1. Lorsque les mesures visées au présent article
sont adoptées pour non-respect des obligations pré-
vues par la présente loi en vue de la transposition de
la Directive 2014/65/UE, l’autorité de contrôle publie
l’adoption de ces mesures conformément à l’article
71 de ladite directive.”.
Art. 176
À l’article 312 de la même loi, modifi é par la loi
du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont
apportées:
1° le paragraphe 3 est complété par les mots “visées
à l’article 2, 46°, de la loi du 25 octobre 2016.”;
2° dans le paragraphe 5, alinéa 2, les mots “visées à
l’article 2, 46°, de la loi du 25 octobre 2016” sont insérés
entre les mots “des règles de conduite” et les mots “et
des règles relatives aux agents liés.”.
Art. 177
Dans l’article 315 de la même loi, le paragraphe
2 abrogé par la loi du 25 avril 2014, est rétabli dans la
rédaction suivante:
“§ 2. L’article 64 est applicable aux succursales
visées à l’article 312.”.
Art. 178
Dans l’article 319 de la même loi, la dernière phrase
est remplacée par ce qui suit:
“Les articles 134 à 136, 136/2 et 139 sont applicables
dans cette mesure.”.
133
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 179
In artikel 329, § 1, eerste lid, van dezelfde wet,
gewijzigd bij de wet van 25 oktober 2016, worden de
woorden “en Verordening nr. 600/2014” vervangen door
de woorden “, Verordening nr. 600/2014 en Verordening
2017/565”.
Art. 180
In artikel 333 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten
van 18 december 2015 en 25 oktober 2016, worden de
volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, tweede lid, wordt de bepaling onder
5° vervangen als volgt:
“5° de artikelen 18 tot 22, 36 en 42/1, met dien ver-
stande dat de verwijzing naar artikel 18 geldt voor de
kredietinstelling waaronder het bijkantoor ressorteert en
de verwijzing naar de artikelen 19 tot 22, 36 en 42/1 voor
het bijkantoor in België;”;
2° paragraaf 2 wordt aangevuld met de bepalingen
onder 3° en 4°, luidende:
“3° de wetgeving en de praktijken van de autoriteit
van een derde land die de vergunning aan de kredietin-
stelling heeft verleend in haar derde land van herkomst,
zijn in overeenstemming met de Internationale normen
ter bestrijding van het witwassen van geld en de fi nan-
ciering van terrorisme en proliferatie van de Financiële
Actiegroep (FAG);
4° het derde land van herkomst waar de kredietinstel-
ling is gevestigd, heeft met België een overeenkomst
gesloten die voldoet aan de normen van artikel 26 van
het modelverdrag van de Organisatie voor Economische
Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) inzake dub-
bele belasting naar inkomen en vermogen, die doel-
treffende informatie-uitwisseling betreffende fi scale
aangelegenheden, inclusief een eventuele multilaterale
overeenkomst die voldoet aan het voornoemde artikel
26, waarborgt.”.
Art. 181
In artikel 335, § 1, van dezelfde wet, gewijzigd bij
de wet van 18 december 2015, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
Art. 179
Dans l’article 329, § 1er, alinéa 1er, de la même loi,
modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “et du
Règlement n° 600/2014” sont remplacés par les mots
“, du Règlement n° 600/2014 et du Règlement 2017/565”.
Art. 180
À l’article 333 de la même loi, modifi é par les lois du
18 décembre 2015 et 25 octobre 2016, les modifi cations
suivantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, le 5° est remplacé
par ce qui suit:
“5° les articles 18 à 22, 36 et 42/1, étant entendu que
la référence faite à l’article 18 vaut pour l’établissement
de crédit dont relève la succursale et que la référence
faite aux articles 19 à 22, 36 et 42/1 vaut pour la suc-
cursale en Belgique;”;
2° le paragraphe 2 est complété par les 3° et 4°
rédigés comme suit:
“3° l’autorité de pays tiers qui a octroyé l’agrément à
l’établissement de crédit dans son pays tiers d’origine
l’a octroyé alors que sa législation et ses pratiques sont
en conformité avec les Normes internationales sur la
lutte contre le blanchiment de capitaux et le fi nancement
du terrorisme et de la prolifération du Groupe d’action
fi nancière (GAFI);
4° le pays tiers d’origine dans lequel est établi l’éta-
blissement de crédit a signé avec la Belgique un accord
conforme aux normes énoncées à l’article 26 du modèle
de l’Organisation de Coopération et de Développement
Économiques (OCDE) de convention fi scale concernant
le revenu et la fortune et garantissant un échange effi-
cace de renseignements en matière fi scale, y compris,
le cas échéant, un accord multilatéral conforme audit
article 26.”.
Art. 181
Dans l’article 335, § 1er, de la même loi, modifi é par
la loi du 18 décembre 2015, les modifi cations suivantes
sont apportées:
1° le 3° est remplacé comme suit:
134
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“3° de artikelen 60 en 62 voor wat betreft de lei-
ders van bijkantoren en artikel 60 voor wat betreft de
compliancefunctie”;
2° in de bepaling onder 3°/1, wordt het woord “65/3,”
ingevoegd tussen de woorden “de artikelen” en de
woorden “67 tot 71”.
Art. 182
In artikel 337 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet
van 25 oktober 2016, worden de woorden “, 136/2”
ingevoegd tussen de woorden “135, 136, 136/1” en de
woorden “en 139”.
Art. 183
In artikel 345, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd
bij de wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “of
Verordening nr. 600/2014.” vervangen door de woorden
“, Verordening nr. 600/2014 of Verordening 2017/565”.
Art. 184
In artikel 346 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet
van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° in paragraaf 1, a), worden de woorden “of
Verordening nr. 600/2014” vervangen door de woorden
“, Verordening nr. 600/2014 of Verordening 2017/565”;
2° er wordt een paragraaf 4/1 ingevoegd, luidende:
“§ 4/1. Wanneer de in dit artikel bedoelde dwangsom-
men worden opgelegd wegens niet-nakoming van de
verplichtingen die door of krachtens deze wet zijn vast-
gelegd ter omzetting van Richtlijn 2014/65/EU, maakt de
Bank bekend dat deze dwangsommen worden opgelegd
overeenkomstig artikel 71 van de voornoemde richtlijn.”.
Art. 185
In artikel 347 van dezelfde wet, gewijzigd bij de
wet van 25 oktober, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° in paragraaf 1 worden de woorden “of op
Verordening nr. 575/2013 of Verordening nr. 600/2014”
vervangen door de woorden “, op Verordening
nr. 575/2013, Verordening nr. 600/2014 of Verordening
2017/565”;
“3° les articles 60 et 62 en ce qui concerne les diri-
geants de succursales et, s’agissant de l’article 60, en
ce qui concerne la fonction de conformité”;
2° au 3°/1, le mot “65/3,” est inséré entre les mots “les
articles” et les mots “67 à 71”.
Art. 182
Dans l’article 337 de la même loi, modifi é par la loi du
25 octobre 2016, les mots “, 136/2” sont insérés entre
les mots “135, 136, 136/1” et les mots “et 139”.
Art. 183
Dans l’article 345, alinéa 1er, de la même loi,
modifi é par la loi du 25 octobre 2016, les mots “ou du
Règlement n° 600/2014.” sont remplacés par les mots “,
du Règlement n° 600/2014 ou du Règlement 2017/565”.
Art. 184
À l’article 346 de la même loi, modifi é par la loi
du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont
apportées:
1° au paragraphe 1er, a), les mots “ou du Règlement
n° 600/2014” sont remplacés par les mots “, du
Règlement n° 600/2014 ou du Règlement 2017/565”;
2° il est inséré un paragraphe 4/1 rédigé comme suit:
“§ 4/1. Lorsque les astreintes visées au présent article
sont imposées en cas de non-respect des obligations
prévues par ou vertu la présente loi en vue de la trans-
position de la Directive 2014/65/UE, la Banque publie
l’imposition de ces astreintes conformément à l’article
71 de ladite directive.”.
Art. 185
À l’article 347 de la même loi, modifi é par la loi
du 25 octobre 2016, les modifi cations suivantes sont
apportées:
1° au paragraphe 1er, les mots “ou au Règlement
n° 575/2013 ou du Règlement n° 600/2014” sont rem-
placés par les mots “, au Règlement n° 575/2013, au
Règlement n° 600/2014 ou au Règlement 2017/565”;
135
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2° paragraaf 5 wordt aangevuld met een lid, luidende:
“De Bank stelt de Europese Autoriteit voor Effecten en
Markten ook op de hoogte van haar besluiten over een
inbreuk op de bepalingen van Verordening nr. 600/2014,
de bepalingen die met het oog op de omzetting van
Richtlijn 2014/65/EU zijn vastgesteld of de bepalingen
die op grond van of in uitvoering van die verordening
of van die bepalingen zijn vastgesteld, wanneer die
besluiten niet overeenkomstig het eerste lid van deze
paragraaf gepubliceerd zijn, met inbegrip van elk tegen
deze besluiten ingesteld beroep en de afl oop daarvan.”.
Art. 186
Artikel 497 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet
van 25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt:
“Art. 497. Behalve met de voorwaarden van deze
Afdeling houdt de Bank ook rekening met het vermogen
van de aanvragende beursvennootschap om te voldoen
aan de in Hoofdstuk II bedoelde bedriijfsuitoefenings-
voorwaarden en om haar ontwikkelingsdoelstellingen
te verwezenlijken:
1° op een wijze die een gezond, doeltreffend en voor-
zichtig beleid van de beursvennootschap garandeert;
2° onder de voorwaarden die nodig zijn voor de goede
werking van het fi nanciële stelsel en voor de veiligheid
van de beleggers; en
3° op een wijze die adequaat rekening houdt met
de belangen van haar cliënten en de integriteit van
de markt.”.
Art. 187
In Boek XII, Titel II, Hoofdstuk I, Afdeling II,
Onderafdeling VI, van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel 510/1 inge-
voegd, luidende:
“Art. 510/1. Artikel 42/1 is van toepassing, met dien
verstande dat de persoon die verantwoordelijk is voor de
naleving door de beursvennootschap van haar verplich-
tingen met betrekking tot de vrijwaring van de fi nanciële
instrumenten van haar cliënten, eveneens verantwoor-
delijk is voor de naleving door de beursvennootschap
van haar verplichtingen betreffende de vrijwaring van
geldmiddelen van haar cliënten overeenkomstig de
artikelen 528 en 533 en de reglementaire bepalingen
die met toepassing van die artikelen zijn vastgesteld.”.
2° le paragraphe 5 est complété par un alinéa rédigé
comme suit:
“La Banque informe également l’Autorité européenne
des marchés fi nanciers de ses décisions concernant
un manquement aux dispositions du Règlement
n° 600/2014, aux dispositions prises en vue de la trans-
position de la Directive 2014/65/UE ou aux dispositions
prises sur la base ou en exécution de ce règlement ou
de ces dispositions, lorsque ces décisions ne sont pas
publiées conformément à l’alinéa 1er du présent para-
graphe, y compris de tout recours contre ces décisions
et du résultat de celui-ci.”.
Art. 186
L’article 497 de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, est remplacé par ce qui suit:
“Art. 497. Outre les conditions prévues par la présente
Section, la Banque tient également compte de l’aptitude
de la société de bourse requérante à satisfaire aux
conditions d’exercice de l’activité visées au Chapitre
II ainsi qu’à réaliser ses objectifs de développement:
1° de manière à garantir la gestion saine, efficace et
prudente de la société de bourse;
2° dans les conditions que requièrent le bon fonc-
tionnement du système fi nancier et la sécurité des
investisseurs; et
3° de manière à prendre en compte adéquatement
l’intérêt de ses clients et l’intégrité du marché.”.
Art. 187
Dans le Livre XII, Titre II, Chapitre Ier, Section II,
Sous-section VI, de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, il est inséré un article 510/1 rédigé
comme suit:
“Art. 510/1. L’article 42/1 est applicable, étant entendu
que la personne responsable du respect par la société
de bourse de ses obligations concernant la sauvegarde
des instruments fi nanciers de ses clients est également
responsable du respect par la société de bourse de
ses obligations concernant la sauvegarde des fonds
de ses clients conformément aux articles 528 et 533 et
aux dispositions réglementaires prises en application
desdits articles.”.
136
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 188
In dezelfde onderafdeling VI, van dezelfde wet, inge-
voegd bij de wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel
510/2 ingevoegd, luidende:
“Art. 510/2. Onverminderd artikel 533 is artikel
42/2 van toepassing.”.
Art. 189
In Boek XII, Titel II, Hoofdstuk II, Afdeling III,
Onderafdeling III, van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 25 oktober 2016, wordt een artikel 529/1 inge-
voegd, luidende:
“Art. 529/1. De artikelen 65/2 en 65/3 zijn van
toepassing”.
Art. 190
In artikel 533 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet
van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt:
“§ 1. Onverminderd artikel 532 mogen beursven-
nootschappen van hun cliënten geen gelddeposito’s
ontvangen, met uitzondering van zichtdeposito’s en
vernieuwbare termijndeposito’s op ten hoogste drie
maanden, die bestemd zijn voor de verwerving van
fi nanciële instrumenten, voor belegging in gestructu-
reerde deposito’s of voor terugbetalingen. De duur van
vernieuwde termijndeposito’s mag niet langer zijn dan
één jaar, tenzij voor de betrokken deposito’s een langere
termijn noodzakelijk is in het kader van een met een
cliënt gesloten overeenkomst voor vermogensbeheer.”;
2° paragraaf 4 wordt vervangen als volgt:
“§ 4. De Koning kan, na advies van de Bank en de
FSMA, de voorwaarden en modaliteiten vaststellen
waaraan de door cliënten bij beursvennootschappen
geplaatste deposito’s moeten voldoen, evenals de
voorwaarden en modaliteiten voor de beleggingen die
de beursvennootschappen met deze geldmiddelen
mogen verrichten, met name de risicoconcentratieli-
mieten met betrekking tot de belegging van deze geld-
middelen. Deze voorwaarden en modaliteiten hebben
tevens betrekking op de regels inzake de organisatie, de
Art. 188
Dans la même sous-section VI, de la même loi, inséré
par la loi du 25 octobre 2016, il est inséré un article
510/2 rédigé comme suit:
“Art. 510/2. Sans préjudice de l’article 533, l’article
42/2 est applicable.”.
Art. 189
Dans le Livre XII, Titre II, Chapitre II, Section III,
Sous-section III, de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, il est inséré un article 529/1 rédigé
comme suit:
“Art. 529/1. Les articles 65/2 et 65/3 sont applicables”.
Art. 190
A l’article 533 de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, les modifications suivantes sont
apportées:
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit:
“§ 1. Sans préjudice de l’article 532, les sociétés
de bourse ne peuvent recevoir de dépôts de fonds,
à l’exception des dépôts à vue et des dépôts à terme
renouvelables à trois mois maximum de leurs clients,
en attente d’affectation à l’acquisition d’instruments
fi nanciers, en attente d’investissement en dépôts struc-
turés ou en attente de restitution. La durée des dépôts
à terme renouvelés ne peut excéder un an, sauf si une
durée plus longue s’avère nécessaire pour ces dépôts
dans le cadre d’un contrat de gestion de fortune conclu
avec le client.”;
2° le paragraphe 4 est remplacé par ce qui suit:
“§ 4. Le Roi peut défi nir, sur avis de la Banque et
de la FSMA, les conditions et modalités auxquelles
doivent répondre les dépôts de fonds effectués par des
clients auprès des sociétés de bourse et les conditions
et modalités des placements que peuvent effectuer les
sociétés de bourse concernant ces fonds, notamment
les limites en matière de concentration des risques
relatives au placement de ces fonds. Ces conditions et
modalités couvrent également les règles d’organisation
et les règles de protection et d’information des clients
137
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
bescherming van en de informatieverstrekking aan de
cliënten wat de inontvangstneming van deze geldmid-
delen door de beursvennootschappen en hun belegging
bij derden betreft.
Om de tegoeden van de cliënten te vrijwaren, kan
de Koning, na advies van de Bank en de FSMA, in uit-
zonderlijke omstandigheden organisatorische vereisten
opleggen in aanvulling op de vereisten van de artikelen
528 en 529 en van dit artikel. Deze vereisten moeten
objectief gerechtvaardigd en evenredig zijn teneinde
specifi eke risico’s voor de bescherming van de beleg-
ger of voor de integriteit van de markt die van bijzonder
belang zijn in de omstandigheden die eigen zijn aan
de Belgische marktstructuur, te ondervangen. Indien
van deze machtiging gebruik wordt gemaakt, wordt de
Europese Commissie daarvan in kennis gesteld over-
eenkomstig artikel 16, lid 11, van Richtlijn 2014/65/EU.”.
Art. 191
In artikel 552 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet
van 25 oktober 2016, wordt het woord “[FSMA]” vervan-
gen door de woorden “25 oktober”.
Art. 192
Artikel 559 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet
van 25 oktober 2016, wordt vervangen als volgt:
“Art. 559. De artikelen 135, 136, 136/1, 136/2, 137,
138, 139 en 140 zijn van toepassing.”.
Art. 193
In artikel 594 van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “, 136/2”
ingevoegd tussen de woorden “135, 136” en de woor-
den “en 139”.
Art. 194
In artikel 603 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet
van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° in paragraaf 1, tweede lid, 1°, eerste streepje, wordt
in de Franse versie het woord “où” ingevoegd tussen
de woorden “dans la mesure” en de woorden “il rend”;
afférentes à la réception de ces fonds par les sociétés
de bourse et à leur placement auprès de tiers.
Dans des circonstances exceptionnelles, le Roi peut,
sur avis de la Banque et de la FSMA, imposer des
exigences organisationnelles supplémentaires à celles
prévues aux articles 528 et 529 et au présent article, en
vue d’assurer la sauvegarde des avoirs des clients. Ces
exigences doivent être objectivement justifi ées et pro-
portionnées afi n de répondre à des risques spécifi ques
pesant sur la protection des investisseurs ou l’intégrité
du marché qui revêtent une importance particulière étant
donné la structure de marché belge. L’usage de cette
habilitation fait l’objet des notifi cations à la Commission
européenne prévues par l’article 16, paragraphe 11, de
la Directive 2014/65/UE.”.
Art. 191
Dans l’article 552 de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, le mot “[FSMA]” est remplacé par les
mots “25 octobre”.
Art. 192
L’article 559 de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, est remplacé par ce qui suit:
“Art. 559. Les articles 135, 136, 136/1, 136/2, 137,
138, 139 et 140 sont applicables.”.
Art. 193
Dans l’article 594 de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, les mots “, 136/2” sont insérés entre
les mots “135, 136” et les mots “et 139”.
Art. 194
À l’article 603 de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, les modifications suivantes sont
apportées:
1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, 1°, premier tiret,
le mot “où” est inséré entre les mots “dans la mesure”
et les mots “il rend”;
138
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2° paragraaf 1, tweede lid, 1°, wordt aangevuld met
een derde, vierde en vijfde streepje, luidende:
“- de buitenlandse beursvennootschap deelt aan de
Bank de naam mee van de autoriteit die toezicht op
haar uitoefent en indien dit toezicht wordt uitgeoefend
door verschillende autoriteiten, worden de respectieve
bevoegdheidsdomeinen van deze laatsten vermeld;
— de Bank raadpleegt de toezichthouders van de
lidstaat van herkomst van de buitenlandse beurs-
vennootschap alvorens zich uit te spreken over de
vergunningsaanvraag;
— de Bank verleent de vergunning enkel na eenslui-
dend advies van de FSMA met betrekking tot de naleving
door het bijkantoor van de buitenlandse beursvennoot-
schap van de bepalingen van de artikelen 26, zevende
tot negende lid, 27, 27bis, 27ter, § 1 tot 3 en 5 tot 8,
27quater, § 1 en 28 van de wet van 2 augustus 2002, van
de artikelen 46, 48, 50, 51 en 52 van de wet van … en
van de artikelen 3 tot 26 van Verordening nr. 600/2014,
en van de maatregelen die op grond van deze bepalin-
gen zijn genomen;”;
3° in paragraaf 1, tweede lid, wordt de bepaling onder
4° vervangen als volgt:
“4° de artikelen 500 tot 502 en 509, voor zover zij
de artikelen 18 tot 22 en 36 van toepassing verklaren
op de beursvennootschappen, en 510/1, met dien ver-
stande dat:
— de verwijzing naar artikel 500 geldt voor de beurs-
vennootschap waaronder het bijkantoor ressorteert;
— de verwijzing naar de artikelen 501, 502 en
509 geldt voor het bijkantoor in België; en
— de verwijzing naar artikel 510/1 geldt voor het
bijkantoor in België wanneer zij beleggingsdiensten
en/of -activiteiten en/of nevendiensten mag verlenen of
verrichten in België, in het kader waarvan zij geld en/of
fi nanciële instrumenten van cliënten mag ontvangen;”.
Art. 195
In artikel 604 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet
van 25 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
2° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, 1°, il est inséré un
troisième tiret, un quatrième tiret et un cinquième tiret
rédigés comme suit:
“- la société de bourse étrangère communique à la
Banque le nom de l’autorité chargée de son contrôle
et si le contrôle est assuré par plusieurs autorités, les
domaines de compétences respectifs de ces dernières
sont précisés;
— la Banque consulte les autorités de contrôle de
l’État d’origine de la société de bourse étrangère avant
de statuer sur la demande d’agrément;
— la Banque ne délivre l’agrément que sur avis
conforme de la FSMA en ce qui concerne le respect
par la succursale de la société de bourse étrangère
des dispositions énoncées aux articles 26, alinéas 7 à
9, 27, 27bis, 27ter, §§ 1er à 3 et 5 à 8, 27quater, § 1er et
28 de la loi du 2 août 2002, aux articles 46, 48, 50, 51 et
52 de la loi du … et aux articles 3 à 26 du Règlement
(UE) n° 600/2014, ainsi qu’aux mesures adoptées en
vertu de celles-ci;”;
3° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, le 4° est remplacé
par ce qui suit:
“4° les articles 500 à 502 et 509, dans la mesure où
ils rendent les articles 18 à 22 et 36 applicables aux
sociétés de bourse, et 510/1, étant entendu que:
— la référence faite à l’article 500 vaut pour la société
de bourse dont relève la succursale;
— la référence faite aux articles 501, 502 et 509 vaut
pour la succursale en Belgique; et
— la référence faite à l’article 510/1 vaut pour la
succursale en Belgique lorsqu’elle est autorisée à
fournir des services d’investissement et/ou exercer des
activités d’investissement et/ou fournir des services
auxiliaires en Belgique dans le cadre desquels elle est
autorisée à recevoir des fonds et/ou des instruments
fi nanciers de clients;”.
Art. 195
À l’article 604 de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, les modifications suivantes sont
apportées:
139
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° in het eerste lid worden de woorden “naar de ar-
tikelen 45, 55 en 333 moeten worden opgevat als ver-
wijzingen naar, respectievelijk, de artikelen 513, 519 en
603.” vervangen door de woorden “naar de artikelen 45,
55, 62 en 333 moeten worden opgevat als verwijzingen
naar, respectievelijk, de artikelen 513, 519, 525 en 603.”;
2° in het tweede lid, 2°, worden de woorden “502,
voor zover artikel 21, § 1, 2°, 3°, 7° en 9°, door dit artikel
van toepassing wordt verklaard, 510, 510/1, 510/2, 525,
voor zover artikel 62, § 3, door dit artikel van toepas-
sing wordt verklaard, 527, 528, 529, 529/1, 531, voor
zover artikel 67 door dit artikel van toepassing wordt
verklaard,” ingevoegd tussen de woorden “de artikelen”
en de woorden “532 tot 534”.
Art. 196
In artikel 615 van dezelfde wet, ingevoegd bij de
wet van 25 oktober 2016, worden de woorden “en die
bestemd zijn voor de verwerving van fi nanciële instru-
menten of die moeten worden terugbetaald,” vervangen
door de woorden “overeenkomstig artikel 533, § 1,
eerste zin,”.
HOOFDSTUK XI
Wijzigingen van de wet van
12 mei 2014 betreffende de gereglementeerde
vastgoedvennootschappen
Art. 197
In artikel 2 van de wet van 12 mei 2014 betreffende
de gereglementeerde vastgoedvennootschappen, ge-
wijzigd bij de wet van ..., worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) in de bepaling onder 25° worden de woorden
“artikel 2, 3°, 5° of 6° van de wet van 2 augustus 2002”
vervangen door de woorden “artikel 3, 8°, 9° of 10°, van
de wet van … over de infrastructuren voor de markten
voor fi nanciële instrumenten en houdende omzetting
van Richtlijn 2014/65/EU”;
b) de bepaling onder 29° wordt vervangen als volgt:
“29° “multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral tra-
ding facility – MTF)”: een MTF als bedoeld in artikel 3,
10°, van de wet van ... ;”.
1° dans l’alinéa 1er, les mots “aux articles 45, 55 et
333 doivent être lues comme des références respec-
tivement aux articles 513, 519 et 603.” sont remplacés
par les mots “aux articles 45, 55, 62 et 333 doivent être
lues comme des références respectivement aux articles
513, 519, 525 et 603.”;
2° dans l’alinéa 2, 2°, les mots “502, dans la mesure
où il rend l’article 21, § 1er, 2°, 3°, 7° et 9°, applicable,
510, 510/1, 510/2, 525, dans la mesure où il rend l’article
62, § 3, applicable, 527, 528, 529, 529/1, 531, dans la
mesure où il rend l’article 67 applicable,” sont insérés
entre les mots “les articles” et les mots “532 à 534”.
Art. 196
Dans l’article 615 de la même loi, inséré par la loi du
25 octobre 2016, les mots “en attente d’affectation à
l’acquisition d’instruments fi nanciers ou en attente de
restitution,” sont remplacés par les mots “conformément
à l’article 533, § 1er, première phrase,”.
CHAPITRE XI
Modifi cations de la loi du 12 mai 2014
relative aux sociétés immobilières
réglementées
Art. 197
Dans l’article 2 de la loi du 12 mai 2014 relative aux
sociétés immobilières réglementées, modifi é par la loi
du ..., les modifi cations suivantes sont apportées:
a) au 25°, les mots “article 2, 3°, 5°, ou 6°, de la loi
du 2 août 2002” sont remplacés par les mots “article 3,
8°, 9° ou 10°, de la loi du … relative aux infrastructures
des marchés d’instruments fi nanciers et portant trans-
position de la Directive 2014/65/UE”;
b) le 29° est remplacé par ce qui suit:
“29° par “système multilatéral de négociation
(Multilateral trading facility – MTF)”: un MTF visé à
l’article 3, 10°, de la loi du …;”.
140
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
HOOFDSTUK XII
Wijzigingen van de wet van 13 maart 2016 op het
statuut van en het toezicht op de verzekerings- of
herverzekeringsondernemingen
Art. 198
In artikel 15, 46°, a), van de wet van 13 maart 2016 op
het statuut van en het toezicht op de verzekerings- of
herverzekeringsondernemingen worden de woor-
den “artikel 2, eerste lid, 5° of 6°, van de wet van
2 augustus 2002” vervangen door de woorden “artikel 3,
8° of 9°, van de wet van … over de infrastructuren voor
de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende
omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”.
Art. 199
In artikel 630, laatste lid, van dezelfde wet worden
de woorden “markten voor fi nanciële instrumenten die
georganiseerd zijn met toepassing van artikel 15 van de
wet van 2 augustus 2002” vervangen door de woorden
“MTF of OTF bedoeld in de wet van … over de infrastruc-
turen voor de markten voor fi nanciële instrumenten en
houdende omzetting van Richtlijn 2014/65/EU”.
HOOFDSTUK XIII
Wijzigingen van de wet van
25 oktober 2016 betreffende de toegang tot
het beleggingsdienstenbedrijf en betreffende
het statuut van en het toezicht op de
vennootschappen voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies
Art. 200
In artikel 1, § 3, tweede streepje, van de wet van
25 oktober 2016 betreffende de toegang tot het beleg-
gingsdienstenbedrijf en betreffende het statuut van
en het toezicht op de vennootschappen voor vermo-
gensbeheer en beleggingsadvies, worden de woorden
“Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en
de Raad van 21 april 2004 betreffende markten voor
fi nanciële instrumenten, tot wijziging van de Richtlijnen
85/611/EEG en 93/6/EEG van de Raad en van Richtlijn
2000/12/EG van het Europees Parlement en de Raad
en houdende intrekking van Richtlijn 93/22/EEG
van de Raad” vervangen door de woorden “Richtlijn
2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad
van 15 mei 2014 betreffende markten voor fi nanciële
instrumenten en tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG
en Richtlijn 2011/61/EU”.
CHAPITRE XII
Modifi cations de la loi du 13 mars 2016 relative au
statut et au contrôle des entreprises d’assurance
ou de réassurance
Art. 198
Dans l’article 15, 46°, a), de la loi du 13 mars 2016 re-
lative au statut et au contrôle des entreprises d’assu-
rance ou de réassurance, les mots “article 2, alinéa 1er,
5° ou 6°, de la loi du 2 août 2002” sont remplacés par
les mots “article 3, 8° ou 9°, de la loi du … relative aux
infrastructures des marchés d’instruments fi nanciers et
portant transposition de la Directive 2014/65/UE”.
Art. 199
Dans l’article 630, dernier alinéa, de la même loi, les
mots “des marchés d’instruments fi nanciers organisés
en application de l’article 15 de la loi du 2 août 2002”
sont remplacés par les mots “des MTF ou OTF visés
par la loi du … relative aux infrastructures des marchés
d’instruments fi nanciers et portant transposition de la
Directive 2014/65/UE”.
CHAPITRE XIII
Modifi cations de la loi du 25 octobre 2016 relative
à l’accès à l’activité de prestation de services
d’investissement et au statut et au contrôle des
sociétés de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement
Art. 200
Dans l’article 1er, § 3, deuxième tiret, de la loi du
25 octobre 2016 relative à l’accès à l’activité de pres-
tation de services d’investissement et au statut et au
contrôle des sociétés de gestion de portefeuille et
de conseil en investissement, les mots “la directive
2004/39/CE du Parlement européen et du Conseil du
21 avril 2004 concernant les marchés d’instruments
fi nanciers, modifi ant les directives 85/611/CEE et 93/6/
CEE du Conseil et la directive 2000/12/CE du Parlement
européen et du Conseil et abrogeant la directive 93/22/
CEE du Conseil” sont remplacés par les mots “la
Directive 2014/65/UE du Parlement européen et du
Conseil du 15 mai 2014 concernant les marchés d’ins-
truments fi nanciers et modifi ant la directive 2002/92/CE
et la directive 2011/61/UE”.
141
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 201
In artikel 2 van de dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de
bepaling onder 9, luidende:
“9. het uitbaten van georganiseerde handelsfacilitei-
ten (OTF);”;
b) in de bepaling onder 2° wordt de bepaling onder
1 vervangen als volgt:
“1. bewaring en beheer van fi nanciële instrumenten
voor rekening van cliënten, met inbegrip van bewaar-
neming en daarmee samenhangende diensten zoals
contanten- en/of zekerhedenbeheer, en met uitsluiting
van het aanhouden van effectenrekeningen bovenaan
de houderschapsketen;”;
c) de bepaling onder 6° wordt aangevuld met
de woorden:
“, met inbegrip van het sluiten van overeenkomsten
tot verkoop van door een beleggingsonderneming of
kredietinstelling uitgegeven fi nanciële instrumenten op
het tijdstip van de uitgifte ervan;”;
d) de bepaling onder 14° wordt vervangen als volgt:
“14° multilaterale handelsfaciliteit (Multilateral trading
facility – MTF): een MTF als gedefi nieerd in artikel 3,
10°, van de wet van …;”;
e) de bepaling onder 15° wordt vervangen als volgt:
“15° systematische internaliseerder: een systemati-
sche internaliseerder als gedefi nieerd in artikel 3, 29°,
van de wet van …;”;
f) de bepaling onder 16° wordt vervangen als volgt:
“16° market maker: een market maker als gedefi ni-
eerd in artikel 3, 26°, van de wet van …;”;
g) in de bepaling onder 21° worden de woorden “ar-
tikel 48 van de Richtlijn 2004/39/EG” vervangen door
de woorden “artikel 67 van de Richtlijn 2014/65/EU”;
h) er wordt een bepaling onder 28°/1 ingevoegd,
luidende:
“28°/1 groep: een moederonderneming en al haar
dochterondernemingen;”;
Art. 201
Dans l’article 2 de la même loi, les modifi cations
suivantes sont apportées:
a) le 1° est complété par le 9, rédigé comme suit:
“9. l’exploitation d’un système organisé de négocia-
tion (OTF);”;
b) au 2°, le 1 est remplacé par ce qui suit:
“1. la conservation et l’administration d’instruments
fi nanciers pour le compte de clients, y compris les
services de garde et les services connexes, comme
la gestion de trésorerie/de garanties, et à l’exclusion
de la tenue centralisée de comptes de titres au plus
haut niveau;”;
c) le 6° est complété par la phrase suivante:
“L’exécution d’ordres inclut la conclusion d’accords
de vente d’instruments fi nanciers émis par une entre-
prise d’investissement ou un établissement de crédit
au moment de leur émission;”;
d) le 14° est remplacé par ce qui suit:
“14° par système multilatéral de négociation
(Multilateral trading facility – MTF): un MTF tel que défi ni
par l’article 3, 10°, de la loi du …;”;
e) le 15° est remplacé par ce qui suit:
“15° par internalisateur systématique: un internalisa-
teur systématique tel que défi ni par l’article 3, 29°, de
la loi du …;”;
f) le 16° est remplacé par ce qui suit:
“16° par teneur de marché: un teneur de marché tel
que défi ni par l’article 3, 26°, de la loi du …;”;
g) au 21°, les mots “article 48 de la Directive 2004/39/
CE” sont remplacés par les mots “article 67 de la
Directive 2014/65/UE”;
h) il est inséré un 28°/1, rédigé comme suit:
“28°/1 par groupe: une entreprise mère et l’ensemble
de ses entreprises fi liales;”;
142
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
i) de bepaling onder 31° wordt vervangen als volgt:
“31° marktexploitant: een marktexploitant als gedefi -
nieerd in artikel 3, 3°, van de wet van …;”;
j) de bepaling onder 32° wordt vervangen als volgt:
“32° gereglementeerde markt: een gereglemen-
teerde markt als gedefi nieerd in artikel 3, 7°, van de
wet van …;”;
k) de bepaling onder 33° wordt vervangen als volgt:
“33° Richtlijn 2014/65/EU: Richtlijn 2014/65/EU van
het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 be-
treffende markten voor financiële instrumenten en
tot wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn
2011/61/EU;”;
l) de bepaling onder 38° wordt opgeheven;
m) de bepaling onder 51° wordt aangevuld met de
woorden “van het Europees Parlement en de Raad
van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese
toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor ef-
fecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/
EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de
Commissie”;
n) in de bepaling onder 53° worden de woorden “het
tweede, vierde of vijfde lid van artikel 25, § 5” vervangen
door de woorden “artikel 25/3”;
o) het artikel wordt aangevuld met de bepalingen
onder 58° tot 73°, luidende:
“58° georganiseerde handelsfaciliteit (organised tra-
ding facility of OTF): een multilateraal systeem, anders
dan een gereglementeerde markt of een MTF, waarin
meerdere koop- en verkoopintenties van derden met
betrekking tot obligaties, gestructureerde fi nanciële
producten, emissierechten en derivaten op zodanige
wijze met elkaar kunnen interageren dat er een over-
eenkomst uit voortvloeit overeenkomstig de bepalingen
van hoofdstuk II van Titel II van de wet … ;
59° algoritmische handel: handel in fi nanciële instru-
menten waarbij een computeralgoritme automatisch
individuele parameters van orders bepaalt, onder meer
of het order moet worden geïnitieerd, het tijdstip, de
prijs of de omvang van het order, of hoe het order moet
worden beheerd nadat het is ingevoerd, met weinig
of geen menselijk ingrijpen; een systeem dat alleen
wordt gebruikt voor de routering van orders naar een
of meer handelsplatforms, dan wel voor het verwerken
van orders waarbij geen sprake is van bepaling van
i) le 31° est remplacé par ce qui suit:
“31° par opérateur de marché: un opérateur de mar-
ché tel que défi ni par l’article 3, 3°, de la loi du …;”;
j) le 32° est remplacé par ce qui suit:
“32° par marché réglementé: un marché réglementé
au sens de l’article 3, 7°, de la loi du …;”;
k) le 33° est remplacé par ce qui suit:
“33° par Directive 2014/65/UE: la Directive
2014/65/UE du Parlement européen et du Conseil du
15 mai 2014 concernant les marchés d’instruments
fi nanciers et modifi ant la directive 2002/92/CE et la
directive 2011/61/UE;”;
l) le 38° est abrogé;
m) le 51° est complété par les mots “du Parlement
européen et du Conseil du 24 novembre 2010 instituant
une Autorité européenne de surveillance (Autorité euro-
péenne des marchés fi nanciers), modifi ant la Décision
n° 716/2009/CE et abrogeant la Décision 2009/77/CE
de la Commission”;
n) au 53°, les mots “l’alinéa 2, 4 ou 5 de l’article 25,
§ 5” sont remplacés par les mots “l’article 25/3”;
o) l’article est complété par les 58° à 73°, rédigés
comme suit:
“58° par système organisé de négociation (organised
trading facility ou OTF): un système multilatéral, autre
qu’un marché réglementé ou un MTF, au sein duquel de
multiples intérêts acheteurs et vendeurs exprimés par
des tiers pour des obligations, des produits fi nanciers
structurés, des quotas d’émission ou des instruments
dérivés peuvent interagir d’une manière qui aboutisse
à la conclusion de contrats conformément aux disposi-
tions du chapitre II du Titre II de la loi du …;
59° par trading algorithmique: la négociation
d’instruments fi nanciers dans laquelle un algorithme
informatique détermine automatiquement les différents
paramètres des ordres, comme la décision de lancer
l’ordre, la date et l’heure, le prix ou la quantité de l’ordre,
ou la manière de gérer l’ordre après sa soumission,
avec une intervention humaine limitée ou sans inter-
vention humaine; cela ne couvre pas les systèmes
utilisés uniquement pour acheminer des ordres vers
une ou plusieurs plates-formes de négociation ou pour
143
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
handelsparameters, voor de bevestiging van orders of
voor de posttransactionele verwerking van uitgevoerde
transacties, valt niet onder deze defi nitie;
60° techniek van hoogfrequentie algoritmische
handel: elke algoritmische handelstechniek die wordt
gekenmerkt door:
a) infrastructuur die bedoeld is om netwerk- en
andere soorten latenties te minimaliseren, daaronder
begrepen ten minste één van de volgende faciliteiten
voor het invoeren van algoritmische orders: colocatie,
proximity hosting of directe elektronische toegang met
hoge snelheid;
b) het initiëren, genereren, geleiden of uitvoeren van
orders door het systeem, zonder menselijk ingrijpen,
voor afzonderlijke handelstransacties of orders; en
c) een groot aantal berichten (orders, noteringen of
annuleringen) binnen de handelsdag;
61° directe elektronische toegang: een voorziening
waarbij een lid of deelnemer of cliënt van een handels-
platform een persoon toestaat gebruik te maken van
zijn handelscode, zodat de betrokken persoon in staat
is orders met betrekking tot een fi nancieel instrument
langs elektronische weg direct aan een handelsplat-
form door te geven, met inbegrip van een voorziening
waarbij de persoon van de infrastructuur van het lid of
de deelnemer of de cliënt gebruik maakt, alsook alle
verbindingssystemen die door het lid of de deelnemer
of de cliënt beschikbaar worden gesteld om de orders
door te geven (directe markttoegang) en regelingen
waarbij deze infrastructuur niet wordt gebruikt door deze
persoon (gesponsorde toegang);
62° gestructureerd deposito: een deposito zoals ge-
defi nieerd in artikel 2, lid 1, punt c), van Richtlijn 2014/49/
EU van het Europees Parlement en de Raad dat op de
vervaldatum volledig wordt terugbetaald, waarbij een
rente of premie wordt uitbetaald of in het gedrang komt
volgens een formule waarin rekening wordt gehouden
met factoren als:
a) een index of een combinatie van indexen, met
uitzondering van deposito’s met een variabele rente
waarvan het rendement rechtstreeks gekoppeld is aan
een rente-index zoals Euribor of Libor;
b) een fi nancieel instrument of een combinatie van
fi nanciële instrumenten;
le traitement d’ordres n’impliquant la détermination
d’aucun paramètre de négociation ou pour la confi rma-
tion des ordres ou pour exécuter les ordres de clients
ou pour le traitement post-négociation des transactions
exécutées;
60° par technique de trading algorithmique à haute
fréquence: toute technique de trading algorithmique
caractérisée par:
a) une infrastructure destinée à minimiser les latences
informatiques et les autres types de latence, y compris
au moins un des systèmes suivants de placement des
ordres algorithmiques: colocalisation, hébergement de
proximité ou accès électronique direct à grande vitesse;
b) la détermination par le système de l’engagement,
la création, l’acheminement ou l’exécution d’un ordre
sans intervention humaine pour des transactions ou des
ordres individuels; et
c) un débit intrajournalier élevé de messages qui
constituent des ordres, des cotations ou des annulations;
61° par accès électronique direct: un mécanisme
par lequel un membre ou participant ou client d’une
plateforme de négociation permet à une personne
d’utiliser son code de négociation de manière à ce que
cette personne puisse transmettre électroniquement et
directement à la plateforme de négociation des ordres
relatifs à un instrument fi nancier et qui inclut les méca-
nismes qui impliquent l’utilisation, par une personne, de
l’infrastructure du membre ou du participant ou client
ou de tout système de connexion fourni par le membre
ou le participant ou client, pour transmettre les ordres
(accès direct au marché) ainsi que les mécanismes dans
lesquels cette infrastructure n’est pas utilisée par une
personne (accès sponsorisé);
62° par dépôt structuré: un dépôt au sens de l’article
2, paragraphe 1, point c), de la Directive 2014/49/UE du
Parlement européen et du Conseil qui est intégralement
remboursable à l’échéance dans des conditions selon
lesquelles tout intérêt ou prime sera payé ou présente
un risque selon une formule faisant intervenir des fac-
teurs tels que:
a) un indice ou une combinaison d’indices, à l’exclu-
sion des dépôts à taux variables dont la rentabilité est
directement liée à un indice de taux d’intérêt comme
l’Euribor ou le Libor;
b) un instrument fi nancier ou une combinaison d’ins-
truments fi nanciers;
144
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
c) een grondstof of een combinatie van grondstof-
fen of andere materiële of niet-materiële niet-fungibele
activa; of
d) een buitenlandse wisselkoers of een combinatie
van buitenlandse wisselkoersen;
63° onderneming uit een derde land: een onder-
neming die zou gelden als een kredietinstelling die
beleggingsdiensten verleent of beleggingsactiviteiten
verricht, of als een beleggingsonderneming, als haar
hoofdkantoor of statutaire zetel zich binnen de Europese
Unie zou bevinden;
64° Verordening (EU) nr. 600/2014: Verordening
(EU) nr. 600/2014 van het Europees Parlement en de
Raad van 15 mei 2014 betreffende markten in fi nanci-
ele instrumenten en tot wijziging van Verordening (EU)
nr. 648/2012;
65° Richtlijn 2003/87/EG: Richtlijn 2003/87/EG van het
Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot
vaststelling van een regeling voor de handel in broei-
kasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot
wijziging van Richtlijn 96/61/EG van de Raad;
66° Richtlijn 2009/72/EG: Richtlijn 2009/72/EG van
het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 be-
treffende gemeenschappelijke regels voor de interne
markt voor elektriciteit en tot intrekking van Richtlijn
2003/54/EG;
67° Richtlijn 2009/73/EG: Richtlijn 2009/73/EG van
het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 be-
treffende gemeenschappelijke regels voor de interne
markt voor aardgas en tot intrekking van Richtlijn
2003/55/EG;
68° Verordening (EG) nr. 714/2009: Verordening
(EG) nr. 714/2009 van het Europees Parlement en de
Raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor
toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel
in elektriciteit en tot intrekking van Verordening (EG)
nr. 1228/2003;
69° Verordening (EG) nr. 715/2009: Verordening (EG)
nr. 715/2009 van het Europees Parlement en de Raad
van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor de
toegang tot aardgastransmissienetten en tot intrekking
van Verordening (EG) nr. 1775/2005;
70° Verordening (EU) nr. 596/2014: Verordening (EU)
nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad
van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik (verorde-
ning marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn
c) une matière première ou une combinaison de
matières premières ou d’autres actifs physiques ou non
physiques qui ne sont pas fongibles; ou
d) un taux de change ou une combinaison de taux
de change;
63° par entreprise de pays tiers: une entreprise qui,
si son administration centrale ou son siège statutaire
étaient situés à l’intérieur de l’Union européenne, serait
soit un établissement de crédit fournissant des services
d’investissement ou exerçant des activités d’investisse-
ment, soit une entreprise d’investissement;
64° par Règlement (UE) n°600/2014: le Règlement
(UE) n ° 600/2014 du Parlement européen et du Conseil
du 15 mai 2014 concernant les marchés d’instruments
fi nanciers et modifi ant le règlement (UE) n ° 648/2012;
65° par Directive 2003/87/CE: la Directive 2003/87/
CE du Parlement européen et du Conseil du
13 octobre 2003 établissant un système d’échange
de quotas d’émission de gaz à effet de serre dans
la Communauté et modifiant la directive 96/61/CE
du Conseil;
66° par Directive 2009/72/CE: la Directive 2009/72/
CE du Parlement Européen et du Conseil du
13 juillet 2009 concernant des règles communes pour
le marché intérieur de l’électricité et abrogeant la direc-
tive 2003/54/CE;
67° par Directive 2009/73/CE: la Directive 2009/73/
CE du Parlement Européen et du Conseil du
13 juillet 2009 concernant des règles communes pour
le marché intérieur du gaz naturel et abrogeant la direc-
tive 2003/55/CE;
68° par Règlement (CE) n°714/2009: le Règlement
no 714/2009 du Parlement européen et du conseil du
13 juillet 2009 sur les conditions d’accès au réseau pour
les échanges transfrontaliers d’électricité et abrogeant
le règlement (CE) no 1228/2003;
69° par Règlement (CE) n° 715/2009: le Règlement
n° 715/2009 du Parlement européen et du Conseil du
13 juillet 2009 concernant les conditions d’accès aux
réseaux de transport de gaz naturel et abrogeant le
règlement (CE) no 1775/2005;
70° par Règlement (UE) n° 596/2014: le Règlement
(UE) n° 596/2014 du Parlement européen et du Conseil
du 16 avril 2014 sur les abus de marché (règlement
relatif aux abus de marché) et abrogeant la directive
145
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2003/6/EG van het Europees Parlement en de Raad en
Richtlijnen 2003/124/EG, 2003/125/EG en 2004/72/EG
van de Commissie;
71° Gedelegeerde richtlijn 2017/593: Gedelegeerde
Richtlijn (EU) 2017/593 van de Commissie van
7 april 2016 tot aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van
het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot
het vrijwaren van fi nanciële instrumenten en geldmid-
delen die aan cliënten toebehoren, productgovernance-
verplichtingen en de regels die van toepassing zijn op
het betalen of het ontvangen van provisies, commissies
en geldelijke of niet-geldelijke tegemoetkomingen;
72° Gedelegeerde verordening 2017/565:
Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/565 van de
Commissie van 25 april 2016 houdende aanvulling van
Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de
Raad wat betreft de door beleggingsondernemingen in
acht te nemen organisatorische eisen en voorwaarden
voor de bedrijfsuitoefening en wat betreft de defi nitie van
begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn;
73° wet van …: wet van … over de infrastructuren voor
de markten voor fi nanciële instrumenten en houdende
omzetting van richtlijn 2014/65/EU.”
Art. 202
In artikel 3 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt:
“§ 2. In afwijking van paragraaf 1 mogen de in artikel
2, 1°, 8 en 9, bedoelde beleggingsdiensten ook worden
uitgeoefend door een marktexploitant.
De marktexploitanten die voornemens zijn een be-
leggingsdienst te verlenen als bedoeld in artikel 2, 1°,
8 en 9, dienen hiervoor de voorafgaande toestemming
te krijgen van de FSMA.
De FSMA verleent haar toestemming uitsluitend
als blijkt dat de marktexploitant de volgende bepalin-
gen naleeft:
1° artikel 499 van de wet van 25 april 2014;
2° de artikelen 500, 514 tot 518 van de wet van
25 april 2014;
3° artikel 501 van de wet van 25 april 2014, wat de
toepassing van artikel 19, § 2, van deze wet betreft;
2003/6/CE du Parlement européen et du Conseil et les
directives 2003/124/CE, 2003/125/CE et 2004/72/CE
de la Commission;
71° par Directive déléguée 2017/593: la Directive
déléguée (UE) 2017/593 de la Commission du
7 avril 2016 complétant la directive 2014/65/UE du
Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne
la sauvegarde des instruments fi nanciers et des fonds
des clients, les obligations applicables en matière de
gouvernance des produits et les règles régissant l’octroi
ou la perception de droits, de commissions ou de tout
autre avantage pécuniaire ou non pécuniaire;
72° Règlement délégué 2017/565: le Règlement
délégué (UE) 2017/565 de la Commission du
25 avril 2016 complétant la directive 2014/65/UE du
Parlement européen et du Conseil en ce qui concerne
les exigences organisationnelles et les conditions
d’exercice applicables aux entreprises d’investissement
et la défi nition de certains termes aux fi ns de ladite
directive;
73° par loi du …: la loi du … relative aux infrastruc-
tures des marchés d’instruments fi nanciers et portant
transposition de la Directive 2014/65/UE.”
Art. 202
À l’article 3 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit:
“§ 2. Par dérogation au paragraphe 1er, les services
d’investissement visés à l’article 2, 1°, 8 et 9, peuvent
également être exercés par un opérateur de marché.
Les opérateurs de marché qui entendent fournir un
service d’investissement visé à l’article 2, 1°, 8 ou 9,
de la présente loi doivent obtenir l’autorisation préalable
de la FSMA.
La FSMA n’accorde son autorisation que si elle
constate que l’opérateur de marché respecte les dis-
positions suivantes:
1° l’article 499 de la loi du 25 avril 2014;
2° les articles 500, 514 à 518 de la loi du 25 avril 2014;
3° l’article 501 de la loi du 25 avril 2014, en ce qu’il
rend applicable l’article 19, § 2, de cette loi;
146
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
4° artikel 502 van de wet van 25 april 2014, wat de toe-
passing van de artikelen 21, § 1, 1°, 2°, 3°, 7°, 9°, § 1bis
en § 2 en 23, eerste en tweede lid van deze wet betreft;
5° artikel 503 van de wet van 25 april 2014, wat de
toepassing van de artikelen 24, § 3 en 25, § 3, van deze
wet betreft, tenzij een situatie die door deze bepalingen
verboden is, door de marktexploitant wordt gerechtvaar-
digd en door de FSMA wordt goedgekeurd;
6° artikel 510 van de wet van 25 april 2014, wat de
toepassing van artikel 41 van deze wet betreft;
7° artikel 511 van de wet van 25 april 2014;
8° de artikelen 46, 48 en 50 van de wet van ….
Bovendien verleent de FSMA haar toestemming niet
als er objectieve en aantoonbare redenen zijn om aan te
nemen dat het wettelijk bestuursorgaan van de marktex-
ploitant een bedreiging kan vormen voor de efficiënte,
gezonde en voorzichtige bedrijfsvoering ervan en voor
een passende inaanmerkingneming van de belangen
van zijn cliënten en de integriteit van de markt.
De marktexploitant bezorgt de FSMA een programma
van werkzaamheden dat beantwoordt aan de voorwaar-
den die door de FSMA zijn vastgesteld en waarin met
name de omvang is vermeld van de verrichtingen die
hij voornemens is uit te voeren, alsook zijn organisatie-
structuur en welke nauwe banden hij heeft met andere
personen. Daarnaast verstrekt de marktexploitant de
FSMA alle nodige inlichtingen om haar aanvraag te
beoordelen.
De FSMA neemt een beslissing binnen zes maanden
na indiening van een volledig dossier.
De artikelen 47 tot 53, 56 tot 58 en hoofdstuk III van
deze titel zijn mutatis mutandis van toepassing op de
marktexploitanten bedoeld in paragraaf 2, alsook de
volgende bepalingen van de wet van 25 april 2014:
1° artikel 520 wat de toepassing van artikel 56, §§ 1,
2 en 3, tweede zin, van de wet van 25 april 2014 be-
treft. Dit artikel is evenwel enkel van toepassing voor
de beoordeling van de organisatieregelingen die van
toepassing zijn verklaard op de marktoperatoren;
2° artikel 522;
3° artikel 525, wat de toepassing van artikel 59, § 1,
van de wet van 25 april 2014 betreft;
4° de artikelen 529/1 en 530.
4° l’article 502 de la loi du 25 avril 2014, en ce qu’il
rend applicable les articles 21, § 1er, 1°, 2°, 3°, 7°, 9°,
§ 1erbis et § 2 et 23, alinéas 1er et 2 de cette loi;
5° l’article 503 de la loi du 25 avril 2014, en ce qu’il
rend applicable les articles 24, § 3 et 25, § 3, de cette loi,
sauf lorsqu’une situation interdite par ces dispositions
est justifi ée par l’opérateur de marché et approuvée
par la FSMA;
6° l’article 510 de la loi du 25 avril 2014, en ce qu’il
rend applicable l’article 41 de cette loi;
7° l’article 511 de la loi du 25 avril 2014;
8° les articles 46, 48 et 50 de la loi du ….
En outre, la FSMA n’accorde pas son autorisation s’il
existe des raisons objectives et démontrables d’estimer
que l’organe légal d’administration de l’opérateur de
marché risquerait de compromettre la gestion efficace,
saine et prudente de l’opérateur de marché, ainsi que
la prise en compte appropriée de l’intérêt de ses clients
et de l’intégrité du marché.
L’opérateur de marché communique à la FSMA un
programme d’activités répondant aux conditions fi xées
par la FSMA dans lequel sont notamment indiqués le
volume des opérations envisagées ainsi que la structure
de l’organisation de l’entreprise et ses liens étroits avec
d’autres personnes. L’opérateur de marché commu-
nique également à la FSMA tous les renseignements
nécessaires à l’appréciation de sa demande.
La FSMA statue dans les six mois de l’introduction
d’un dossier complet.
Les articles 47 à 53, 56 à 58 et le chapitre III du pré-
sent titre s’appliquent par analogie aux opérateurs de
marché visés au paragraphe 2 ainsi que les dispositions
suivantes de la loi du 25 avril 2014:
1° l’article 520, en ce qu’il rend applicable l’article 56,
§§ 1er, 2 et 3, deuxième phrase, de la loi du 25 avril 2014.
Cet article ne s’applique toutefois que pour l’évaluation
des dispositifs d’organisation rendus applicables aux
opérateurs de marché;
2° l’article 522;
3° l’article 525, en ce qu’il rend applicable l’article
59, § 1er, de la loi du 25 avril 2014;
4° les articles 529/1 et 530.
147
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Artikel 64 is mutatis mutandis van toepassing als de
FSMA vaststelt dat niet langer aan voormelde voorwaar-
den is voldaan.”;
2° paragraaf 3 wordt opgeheven;
3° paragraaf 4 wordt vervangen als volgt:
“§ 4. De FSMA stelt een lijst op van de marktexploi-
tanten en de beleggingsondernemingen die toestem-
ming hebben gekregen om een MTF of een OTF te
exploiteren, en vermeldt daarbij om welke MTF’s en
OTF’s het gaat. De FSMA publiceert die lijst en de
daarin aangebrachte wijzigingen op haar website, en
maakt deze lijst over aan de Europese Autoriteit voor
effecten en markten.”.
Art. 203
Artikel 4 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 4. § 1. Deze titel geldt niet voor:
1° de kredietinstellingen bedoeld in Boek II en in de
Titels I en II van Boek III van de wet van 25 april 2014.
Artikel 9, §§ 1, 3 en 4, is echter wel van toepassing op
deze instellingen;
2° de verzekeringsondernemingen en de onderne-
mingen die werkzaamheden van herverzekering en
retrocessie uitoefenen bedoeld in Richtlijn 2009/138/EG
wanneer zij de in die richtlijn bedoelde werkzaamheden
uitoefenen;
3° de ondernemingen die uitsluitend beleggingsdien-
sten en -activiteiten verrichten voor hun moederonder-
neming, hun dochterondernemingen of een andere
dochteronderneming van hun moederonderneming;
4° de personen die een beleggingsdienst of -activiteit
als incidentele activiteit verrichten in het kader van een
beroepswerkzaamheid, indien deze werkzaamheid aan
wettelijke of bestuursrechtelijke voorschriften of aan
een beroepscode is onderworpen en het verrichten
van de dienst of de activiteit op grond daarvan niet is
uitgesloten;
5° personen die voor eigen rekening handelen in an-
dere fi nanciële instrumenten dan grondstoffenderivaten
of emissierechten, of derivaten daarvan, en die geen
andere beleggingsdiensten verlenen of beleggingsac-
tiviteiten verrichten met betrekking tot andere fi nanciële
L’article 64 s’applique par analogie lorsque la
FSMA constate qu’il n’est plus satisfait aux conditions
précitées.”;
2° le paragraphe 3 est abrogé;
3° le paragraphe 4 est remplacé par ce qui suit:
“§ 4. La FSMA établit la liste des opérateurs de
marché et des entreprises d’investissement autorisés
à exploiter un MTF ou un OTF, en indiquant les MTF
ou OTF exploités. La FSMA publie cette liste sur son
site internet, ainsi que les modifi cations qui y sont
apportées, et la transmet à l’Autorité européenne des
marchés fi nanciers.”.
Art. 203
L’article 4 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
“Art. 4. § 1er. Le présent titre n’est pas applicable:
1° aux établissements de crédit visés au Livre II et
aux Titres Ier et II du Livre III de la loi du 25 avril 2014.
L’article 9, §§ 1er, 3 et 4, est néanmoins applicable à
ces établissements;
2° aux entreprises d’assurance ni aux entreprises
exerçant les activités de réassurance et de rétrocession
visées à la Directive 2009/138/CE lorsqu’elles exercent
les activités visées dans ladite directive;
3° aux entreprises qui fournissent un service ou une
activité d’investissement exclusivement à leur entre-
prise-mère, à leurs fi liales ou à une autre fi liale de leur
entreprise-mère;
4° aux personnes qui fournissent un service ou une
activité d’investissement si cette activité est exercée
de manière accessoire dans le cadre d’une activité
professionnelle, et si cette dernière est régie par des
dispositions légales ou réglementaires ou par un code
déontologique régissant la profession et que ceux-
ci n’excluent pas la fourniture de ce service ou de
cette activité;
5° aux personnes qui négocient des instruments fi -
nanciers pour compte propre autres que des instruments
dérivés sur matières premières ou des quotas d’émis-
sion, ou des instruments dérivés sur ces derniers et qui
ne fournissent aucun autre service d’investissement ou
148
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
instrumenten dan grondstoffenderivaten of emissierech-
ten of derivaten daarvan, tenzij deze personen:
a) market makers zijn;
b) leden zijn van of deelnemers zijn in een gere-
glementeerde markt of een MTF of directe elektroni-
sche markttoegang hebben tot een handelsplatform
met uitzondering van de niet-fi nanciële entiteiten die
transacties uitvoeren op een handelsplatform waarvan
de bijdrage tot de vermindering van de risico’s die
rechtstreeks verband houden met de commerciële
activiteit of de treasuryfi nancieringsactiviteit van die
niet-fi nanciële entiteiten of hun groepen, objectief kan
worden vastgesteld;
c) een techniek van hoogfrequentie algoritmische
handel toepassen; of
d) voor eigen rekening handelen wanneer zij orders
van cliënten uitvoeren.
Personen die krachtens de bepalingen onder 2°, 9°
of 10°, zijn vrijgesteld, hoeven niet aan de in dit punt
vastgelegde voorwaarden te voldoen om te worden
vrijgesteld;
6° de ondernemingen waarvan de beleggingsdien-
sten en -activiteiten uitsluitend bestaan in het beheer
van een werknemersparticipatieplan;
7° de ondernemingen waarvan de beleggingsdien-
sten en -activiteiten bestaan in het verstrekken van
zowel de diensten en activiteiten bedoeld onder 3° als
die bedoeld onder 6°;
8° leden van het Europees Stelsel van Centrale
Banken, andere nationale instellingen met een soortge-
lijke functie, andere overheidsinstellingen die belast zijn
met het beheer van de overheidsschuld of bij dat beheer
betrokken zijn in de Europese Unie, alsook internationale
fi nanciële instellingen die door twee of meer lidstaten
zijn opgericht, en die tot doel hebben middelen bijeen te
brengen en fi nanciële bijstand te verlenen ten behoeve
van hun leden die te maken hebben met of bedreigd
worden door ernstige fi nanciële problemen;
9° de instellingen voor collectieve belegging en
pensioenfondsen, ongeacht of hiervoor op het niveau
van de Europese Unie gecoördineerde bepalingen
gelden, alsmede de bewaarders en beheerders van
deze instellingen;
n’exercent aucune autre activité d’investissement en
lien avec des instruments fi nanciers autres que les ins-
truments dérivés sur matières premières ou les quotas
d’émission ou les instruments dérivés sur ces derniers
sauf si ces personnes:
a) sont teneurs de marché;
b) sont membres ou participants d’un marché
réglementé ou d’un MTF ou disposent d’un accès
électronique direct à une plateforme de négociation à
l’exception des entités non fi nancières qui exécutent des
transactions sur une plate-forme de négociation dont la
contribution à la réduction des risques directement liés
à l’activité commerciale ou à l’activité de fi nancement
de trésorerie de ces entités non fi nancières ou de leurs
groupes peut être objectivement mesurée;
c) appliquent une technique de trading algorithmique
à haute fréquence; ou
d) négocient pour compte propre lorsqu’elles exé-
cutent les ordres de clients.
Les personnes bénéfi ciant de l’exemption en vertu
des 2°, 9° ou 10°, ne sont pas tenues de remplir les
conditions énoncées dans le présent point pour béné-
fi cier de l’exemption;
6° aux entreprises dont les services et activités
d’investissement consistent exclusivement en la gestion
d’un système de participation des travailleurs;
7° aux entreprises dont les services et activités
d’investissement consistent en la fourniture tant des
services et activités visés au 3° qu’à ceux visés au 6°;
8° aux membres du système européen de banques
centrales, aux autres organismes nationaux à vocation
similaire, ni aux autres organismes publics chargés de
la gestion de la dette publique ou intervenant dans cette
gestion dans l’Union européenne, ni aux institutions
fi nancières internationales établies par deux ou plu-
sieurs États membres qui ont pour fi nalité de mobiliser
des fonds et d’apporter une aide fi nancière à ceux de
leurs membres qui connaissent des difficultés fi nan-
cières graves ou risquent d’y être exposés;
9° aux organismes de placement collectif et aux
fonds de pension, qu’ils soient ou non coordonnés au
niveau de l’Union européenne, ni aux dépositaires et
gestionnaires de ces organismes;
149
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
10° personen die:
a) voor eigen rekening handelen, met inbegrip van
market makers, in grondstoffenderivaten, emissierech-
ten of derivaten daarvan, met uitzondering van personen
die voor eigen rekening handelen bij het uitvoeren van
orders van cliënten; of
b) andere beleggingsdiensten dan handel voor eigen
rekening in grondstoffenderivaten, emissierechten of
derivaten daarvan verlenen aan de cliënten of de leve-
ranciers van hun hoofdbedrijf,
mits:
i). dit in elk van deze gevallen afzonderlijk en op geag-
gregeerde basis een nevenactiviteit van hun hoofdbedrijf
is, op groepsbasis beschouwd, en mits dit hoofdbedrijf
niet bestaat in het verlenen van beleggingsdiensten in
de zin van artikel 2, 1°, van deze wet of bankactiviteiten
in de zin van artikel 4 van de wet van 25 april 2014,
of het optreden als market maker met betrekking tot
grondstoffenderivaten;
ii). deze personen geen techniek voor hoogfrequentie
algoritmische handel toepassen; en dat
iii). deze personen de FSMA er jaarlijks van in kennis
stellen dat zij van deze vrijstelling gebruik maken en zij
de FSMA op verzoek meedelen op welke basis zij van
mening zijn dat hun activiteit overeenkomstig de punten
a) en b) een nevenactiviteit is van hun hoofdbedrijf;
11° personen die tijdens het uitoefenen van een
andere, niet onder deze wet vallende beroepsactiviteit
beleggingsadvies verstrekken mits er niet specifi ek voor
deze adviesverstrekking wordt betaald;
12° exploitanten met nalevingsverplichtingen krach-
tens Richtlijn 2003/87/EG, die bij het handelen in emis-
sierechten geen orders van cliënten uitvoeren, en die
geen beleggingsdiensten verlenen of beleggingsactivi-
teiten verrichten, anders dan handel voor eigen reke-
ning, op voorwaarde dat deze personen geen techniek
voor hoogfrequente algoritmische handel toepassen;
13° transmissiesysteembeheerders als omschreven
in artikel 2, punt 4, van Richtlijn 2009/72/EG of artikel
10° aux personnes:
a) qui négocient pour compte propre, y compris les
teneurs de marché, sur des instruments dérivés sur
matières premières ou des quotas d’émission ou des
instruments dérivés sur ces derniers, à l’exclusion des
personnes négociant pour compte propre lorsqu’ils
exécutent les ordres de clients; ou
b) qui fournissent des services d’investissement,
autres que la négociation pour compte propre, concer-
nant des instruments dérivés sur matières premières,
des quotas d’émission ou des instruments dérivés sur
ces derniers, aux clients ou aux fournisseurs de leur
activité principale,
à condition que:
i). dans tous ces cas, individuellement ou sous
forme agrégée, ces prestations soient accessoires par
rapport à leur activité principale, lorsque cette activité
principale est considérée au niveau du groupe, et qu’elle
ne consiste pas en la fourniture de services d’inves-
tissement au sens de l’article 2, 1°, de la présente loi
ou d’activités bancaires au sens de l’article 4 de la loi
du 25 avril 2014, ou encore qu’elle ne consiste pas à
exercer la fonction de teneurs de marché en rapport
avec des instruments dérivés sur matières premières;
ii). ces personnes n’appliquent pas une technique de
trading algorithmique à haute fréquence; et que
iii). ces personnes informent chaque année la FSMA
qu’elles ont recours à cette exemption et, sur demande,
elles lui indiquent la base sur laquelle elles considèrent
que leurs activités visées aux points a) et b) sont acces-
soires par rapport à leur activité principale;
11° aux personnes fournissant des conseils en inves-
tissement dans le cadre de l’exercice d’une autre activité
professionnelle qui n’est pas visée par la présente loi à
condition que la fourniture de tels conseils ne soit pas
spécifi quement rémunérée;
12° aux opérateurs soumis à des obligations de
conformité en vertu de la Directive 2003/87/CE qui,
lorsqu’ils négocient des quotas d’émission, n’exécutent
pas d’ordres au nom de clients et qui ne fournissent
aucun service d’investissement ou n’exercent aucune
activité d’investissement autre que la négociation
pour compte propre, à condition que ces personnes
n’appliquent pas une technique de trading algorithmique
à haute fréquence;
13° aux gestionnaires de réseau de transport au
sens de l’article 2, point 4), de la Directive 2009/72/CE
150
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2, punt 4, van Richtlijn 2009/73/EG, bij de uitvoering
van hun taken op grond van voornoemde richtlijnen,
of Verordening (EG) nr. 714/2009 of Verordening (EG)
nr. 715/2009 of overeenkomstig die Verordeningen
vastgestelde netwerkcodes of richtsnoeren, personen
die in hun naam als dienstverlener optreden teneinde
hun taak op grond van die wetgevingshandelingen of
overeenkomstig die Verordeningen vastgestelde net-
werkcodes of richtsnoeren uit te voeren, en exploitanten
of beheerders van een mechanisme voor de balancering
van de energiestromen, dan wel van een pijpleidingen-
netwerk of van een systeem om de energielevering en
-afname in evenwicht te houden, wanneer zij deze taken
uitoefenen.
Deze vrijstelling is enkel van toepassing op personen
die bij de in dit punt genoemde activiteiten betrokken
zijn, wanneer zij beleggingsactiviteiten verrichten of be-
leggingsdiensten verlenen in verband met grondstoffen-
derivaten met het oog op bovengenoemde activiteiten.
Deze vrijstelling is niet van toepassing op de exploitatie
van een secundaire markt, inclusief een platform voor
secundaire handel in fi nanciële transmissierechten;
14° centrale effectenbewaarinstellingen (Central se-
curities depositaries – CSD’s) die worden gereguleerd
op grond van het Europees Unierecht, voor zover zij
door dat Unierecht worden gereguleerd.
§ 2. De in deze titel verleende rechten gelden niet voor
het verlenen van diensten waarbij als tegenpartij wordt
opgetreden bij transacties uitgevoerd door overheidsin-
stellingen die zich met de overheidsschuld bezighouden,
of door leden van het Europese stelsel van centrale
banken in het kader van de uitoefening van hun taken
overeenkomstig het Verdrag betreffende de werking van
de Europese Unie (VWEU), Protocol nr. 4 betreffende de
Statuten van het Europese stelsel van centrale banken
en van de Europese centrale bank, of bij de uitoefening
van vergelijkbare taken.
§ 3. De overeenkomstig paragraaf 1 vrijgestelde per-
sonen conformeren zich aan de artikelen 69 en 70 van
de wet van ….
§ 4. De leden of deelnemers van gereglementeerde
markten of MTF’s aan wie een in paragraaf 1, 2°, 9°,
10° of 12°, bedoelde vrijstelling is verleend, conformeren
zich aan de vereisten waarvan sprake in artikel 26/2,
in artikel 65/3 van de wet van 25 april 2014 en in de ter
uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen.
ou de l’article 2, point 4), de la Directive 2009/73/CE,
lorsqu’ils effectuent les tâches qui leur incombent en
vertu desdites directives, en vertu du Règlement (CE)
n° 714/2009, en vertu du Règlement (CE) n° 715/2009 ou
en vertu de codes de réseau ou de lignes directrices
adoptés en application de ces règlements, aux per-
sonnes agissant pour leur compte en tant que four-
nisseurs de services pour effectuer les tâches qui leur
incombent en vertu de ces actes législatifs ou en vertu
de codes de réseau ou de lignes directrices adoptés en
vertu de ces règlements, ni aux opérateurs ou adminis-
trateurs d’un mécanisme d’ajustement des fl ux énergé-
tiques, d’un réseau de gazoducs ou d’un système visant
à équilibrer l’offre et la demande d’énergie, lorsqu’ils
effectuent de telles tâches.
Cette exemption ne s’applique aux personnes
exécutant les activités visées au présent point que
lorsqu’elles mènent des activités d’investissement ou
fournissent des services d’investissement portant sur
des instruments dérivés sur matières premières aux
fi ns de l’exercice de ces activités. Cette exemption ne
s’applique pas en ce qui concerne l’exploitation d’un
marché secondaire, y compris une plateforme de négo-
ciation secondaire sur des droits fi nanciers de transport;
14° aux dépositaires centraux de titres (Central secu-
rities depositaries – CSD’s) qui sont réglementés en
tant que tels en vertu du droit de l’Union européenne
et dans la mesure où ils sont réglementés en vertu de
ce droit de l’Union.
§ 2. Les droits conférés dans le présent titre ne
s’étendent pas à la fourniture de services en qualité de
contrepartie dans les transactions effectuées par des
organismes publics chargés de la gestion de la dette
publique ou par des membres du système européen de
banques centrales, dans le cadre des tâches qui leur
sont assignées par le Traité sur le fonctionnement de
l’Union européenne (TFUE), le Protocole n° 4 sur les
Statuts du système européen de banques centrales
et de la Banque centrale européenne ou de fonctions
équivalentes.
§ 3. Les personnes exemptées conformément au
paragraphe 1er se conforment aux articles 69 et 70 de
la loi du ….
§ 4. Les membres ou participants de marchés régle-
mentés ou de MTF qui bénéfi cient des exemptions vi-
sées au paragraphe 1er, 2°, 9°, 10° ou 12°, se conforment
aux exigences visées à l’article 26/2, à l’article 65/3 de
la loi du 25 avril 2014 et dans les arrêtés et règlements
pris pour leur exécution.
151
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 5. De Koning kan de volgende personen vrijstellen
van de toepassing van deze Titel:
1° personen die geen beleggingsdiensten mogen
verlenen, met uitzondering van het ontvangen en door-
geven van orders in effecten en rechten van deelneming
in instellingen voor collectieve belegging en/of het
verstrekken van beleggingsadvies over deze fi nanciële
instrumenten,
op voorwaarde dat deze personen:
a) niet gemachtigd zijn om gelden en/of effecten aan
te houden die toebehoren aan hun cliënten, zodat zij ten
aanzien van hun cliënten nooit in een debiteurenpositie
dreigen te verkeren; en
b) bij het verlenen van deze diensten, uitsluitend
orders mogen doorgeven aan:
i). beleggingsondernemingen waaraan een vergun-
ning is verleend overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU;
ii). kredietinstellingen waaraan een vergunning is
verleend overeenkomstig Richtlijn 2013/36/EU;
iii). bijkantoren van beleggingsondernemingen of
kredietinstellingen waaraan in een derde land een ver-
gunning is verleend en die onderworpen zijn en zich
houden aan prudentiële regels die als minstens even
streng worden beschouwd als de regels van Richtlijn
2014/65/EU, Verordening (EU) nr. 575/2013 of Richtlijn
2013/36/EU;
iv). instellingen voor collectieve belegging die in-
gevolge de wetgeving van een lidstaat rechten van
deelneming bij het publiek mogen plaatsen en aan de
beheerders van dergelijke instellingen; of
v). beleggingsmaatschappijen met vast kapitaal zoals
gedefi nieerd in artikel 17, lid 7, van Richtlijn 2012/30/
EU van het Europees Parlement en de Raad van
25 oktober 2012 strekkende tot het coördineren van de
waarborgen welke in de lidstaten worden verlangd van
de vennootschappen in de zin van artikel 54, tweede
alinea, van het Verdrag betreffende de werking van de
Europese Unie, om de belangen te beschermen zowel
van de deelnemers in deze vennootschappen als van
derden met betrekking tot de oprichting van de naam-
loze vennootschap, alsook de instandhouding en wijzi-
ging van haar kapitaal, zulks teneinde die waarborgen
gelijkwaardig te maken, waarvan de effecten op een
gereglementeerde markt van een lidstaat genoteerd
zijn of verhandeld worden;
§ 5. Le Roi peut exempter de l’application du pré-
sent Titre:
1° les personnes qui ne sont pas autorisées à four-
nir des services d’investissement à l’exception de la
réception et de la transmission des ordres concernant
des valeurs mobilières et des parts d’organismes de
placement collectif et/ou de la fourniture de conseils
en investissement en liaison avec ces instruments
fi nanciers,
à condition que ces personnes:
a) ne soient pas autorisées à détenir des fonds ou
des titres de clients et que, pour cette raison, elles ne
risquent à aucun moment d’être débitrices vis-à-vis de
ceux-ci; et
b) dans le cadre de la fourniture de ces services, sont
autorisées à transmettre les ordres uniquement aux:
i). entreprises d’investissement agréées conformé-
ment à la Directive 2014/65/UE;
ii). établissements de crédit agréés conformément à
la Directive 2013/36/UE;
iii). succursales d’entreprises d’investissement ou
d’établissements de crédit qui sont agréées dans un
pays tiers et sont soumises et satisfont à des règles
prudentielles considérées comme étant au moins aussi
strictes que celles établies dans la Directive 2014/65/
UE, dans le Règlement (UE) n° 575/2013 ou dans la
Directive 2013/36/UE;
iv). organismes de placement collectif autorisés en
vertu du droit d’un État membre à vendre des parts au
public et aux gestionnaires de ces organismes; ou
v). sociétés d’investissement à capital fi xe, défi -
nies à l’article 17, paragraphe 7, de la Directive
2012/30/UE du Parlement européen et du Conseil du
25 octobre 2012 tendant à coordonner, pour les rendre
équivalentes, les garanties qui sont exigées dans les
États membres des sociétés au sens de l’article 54,
deuxième alinéa, du Traité sur le fonctionnement de
l’Union européenne, en vue de la protection des intérêts
tant des associés que des tiers, en ce qui concerne la
constitution de la société anonyme ainsi que le maintien
et les modifi cations de son capital, dont les titres sont
cotés ou négociés sur un marché réglementé dans un
État membre;
152
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2° personen die geen diensten als bedoeld in artikel
1, § 3, tweede lid, a) en b), van de wet van 25 april 2014,
mogen verstrekken en die uitsluitend beleggingsdien-
sten in grondstoffen, emissierechten en/of derivaten
daarvan verlenen met als enig oogmerk de commer-
ciële risico’s van hun cliënten af te dekken, mits deze
cliënten uitsluitend lokale elektriciteitsbedrijven zijn als
omschreven in artikel 2, punt 35, van Richtlijn 2009/72/
EG en/of aardgasbedrijven zijn als omschreven in ar-
tikel 2, punt 1, van Richtlijn 2009/73/EG, en mits deze
cliënten samen 100 procent van het kapitaal of van de
stemrechten van deze personen hebben, gezamenlijk
zeggenschap uitoefenen en op grond van paragraaf 1,
10°, zijn vrijgesteld wanneer zij deze beleggingsdiensten
zelf verlenen; en/of
personen die uitsluitend beleggingsdiensten in emis-
sierechten en/of derivaten daarvan verlenen met als enig
oogmerk de commerciële risico’s van hun cliënten af te
dekken, mits deze cliënten uitsluitend exploitanten zijn
als omschreven in artikel 3, punt f), van Richtlijn 2003/87/
EG, en mits deze cliënten samen 100 procent van het
kapitaal of van de stemrechten van deze personen heb-
ben, gezamenlijk zeggenschap uitoefenen en op grond
van paragraaf 1, 10°, zijn vrijgesteld wanneer zij deze
beleggingsdiensten zelf verlenen.
Die personen worden enkel vrijgesteld als zij vereis-
ten naleven die analoog zijn aan de vereisten op grond
van de volgende bepalingen van deze wet en aan de
artikelen 27 tot 28 van de wet van 2 augustus 2002:
— artikel 22;
— artikel 23, § 1, derde lid, §§ 2 en 3;
— artikel 25, § 1, 1°, 3°, 6° en 10° en § 2;
— artikel 25/1, § 1, eerste en tweede lid en § 3;
— artikel 25/2, § 1, 3° en §§ 5 tot 7;
— artikel 26, §§ 2 en 5;
— artikel 32, § 1;
— artikel 34, §§ 1, 2, 6 en 7;
— artikel 35, §§ 4 en 5;
— en artikel 36, § 1, § 5, tweede en derde lid, § 6,
tweede en derde lid, §§ 7, 9 en 10; en
2° les personnes qui ne sont pas autorisées à fournir
un service visé à l’article 1er, § 3, alinéa 2, a) et b) de la
loi du 25 avril 2014, et qui fournissent des services d’in-
vestissement portant exclusivement sur des matières
premières, des quotas d’émission et/ou des instruments
dérivés sur ceux-ci aux seules fi ns de couvrir les risques
commerciaux de leurs clients, lorsque ces clients sont
exclusivement des entreprises locales d’électricité au
sens de l’article 2, point 35), de la Directive 2009/72/CE
et/ou des entreprises de gaz naturel au sens de l’article
2, point 1), de la Directive 2009/73/CE, et à condition
que ces clients détiennent conjointement 100 pour cent
du capital ou des droits de vote de ces personnes,
exercent un contrôle conjoint et soient exemptés en
vertu du paragraphe 1er, 10°, s’ils fournissent ces ser-
vices d’investissement eux-mêmes; et/ou
les personnes qui fournissent des services d’in-
vestissement portant exclusivement sur des quotas
d’émission et/ou des instruments dérivés sur ceux-ci
aux seules fi ns de couvrir les risques commerciaux de
leurs clients, lorsque ces clients sont exclusivement des
exploitants au sens de l’article 3, point f), de la Directive
2003/87/CE, et à condition que ces clients détiennent
conjointement 100 pour cent du capital ou des droits de
vote de ces personnes, exercent un contrôle conjoint et
soient exemptés en vertu du paragraphe 1er, 10°, s’ils
fournissent ces services d’investissement eux-mêmes.
Les personnes visées à l’alinéa 1er ne sont exemptées
qu’à la condition qu’elles respectent des exigences
analogues à celles prévues dans les dispositions sui-
vantes de la présente loi et aux articles 27 à 28 de la
loi du 2 août 2002:
— l’article 22;
— l’article 23, § 1er, alinéa 3, §§ 2 et 3;
— l’article 25, § 1er, 1°, 3°, 6° et 10° et § 2;
— l’article 25/1, § 1er, alinéas 1er et 2 et § 3;
— l’article 25/2, § 1er, 3° et §§ 5 à 7;
— l’article 26, §§ 2 et 5;
— l’article 32, § 1er;
— l’article 34, §§ 1, 2, 6 et 7;
— l’article 35, §§ 4 et 5;
— l’article 36, § 1er, § 5, alinéas 2 et 3, § 6, alinéas
2 et 3, §§ 7, 9 et 10; et
153
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
— artikel 45;
alsook de bepalingen van de besluiten en reglemen-
ten en van de overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU vast-
gestelde overeenkomstige gedelegeerde handelingen,
die ter uitvoering daarvan zijn genomen.
De Koning kan aanvullende vereisten opleggen.”.
Art. 204
Artikel 5 van dezelfde wet wordt opgeheven.
Art. 205
In artikel 10, § 1, eerste lid, van dezelfde wet worden
de woorden “of door het gebruik van een in België geves-
tigde verbonden agent” ingevoegd tussen de woorden
“via de vestiging van een bijkantoor” en de woorden
“deze diensten in België aanvatten”.
Art. 206
In artikel 11 van dezelfde wet wordt het tweede lid
opgeheven.
Art. 207
In het opschrift van afdeling 2 van Hoofdstuk 3 van
Titel 2 van dezelfde wet, worden de woorden “de Richtlijn
2004/39/EG” vervangen door de woorden “Richtlijn
2014/65/EU”.
Art. 208
In artikel 12, eerste lid, van dezelfde wet worden de
woorden “de Richtlijn 2004/39/UEG van het Europees
Parlement en de Raad vallen op grond van artikel 2, § 1,
m) en n)” vervangen door de woorden “Richtlijn 2014/65/
EU vallen op grond van artikel 2, § 1, l) en m)”.
Art. 209
Artikel 13, § 1, van dezelfde wet wordt aangevuld met
twee leden, luidende:
“Ingeval een in de Europese Unie gevestigde
of gesitueerde niet-professionele of professionele
cliënt in de zin van artikel 2, 28°, van de wet van
2 augustus 2002 uitsluitend op eigen initiatief de
— l’article 45;
ainsi que dans les dispositions des arrêtés et règle-
ments et des actes délégués correspondants adoptés
en vertu de la Directive 2014/65/UE, prises pour leur
exécution.
Le Roi peut fi xer des exigences supplémentaires.”.
Art. 204
L’article 5 de la même loi est abrogé.
Art. 205
Dans l’article 10, § 1er, alinéa 1er, de la même loi, les
mots “ou par le recours à un agent lié établi en Belgique,”
sont insérés entre les mots “par voie d’installation de
succursales” et les mots “commencer à prester ces
services”.
Art. 206
Dans l’article 11 de la même loi, l’alinéa 2 est abrogé.
Art. 207
Dans l’intitulé de la section 2 du Chapitre 3 du Titre
2 de la même loi, les mots “directive 2004/39/CE” sont
remplacés par les mots “Directive 2014/65/UE”.
Art. 208
Dans l’article 12, alinéa 1er, de la même loi, les mots
“la directive 2004/39/CE du Parlement européen et du
Conseil en vertu de l’article 2, § 1er, m) et n),” sont rem-
placés par les mots “la Directive 2014/65/UE en vertu
de l’article 2, § 1, l) et m),”.
Art. 209
L’article 13, § 1er, de la même loi est complété par
deux alinéas, rédigés comme suit:
“Lorsqu’un client individuel ou un client profession-
nel au sens de l’article 2, 28°, de la loi du 2 août 2002,
établi ou se trouvant dans l’Union européenne,
déclenche sur sa seule initiative la fourniture d’un
154
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
verlening van een beleggingsdienst of de verrichting van
een beleggingsactiviteit door een onderneming uit een
derde land initieert, is de vergunningsvereiste op grond
van het eerste lid noch van toepassing op de verlening
van die dienst of de verrichting van die activiteit door de
onderneming uit het derde land voor die persoon, noch
op een relatie die specifi ek verband houdt met de ver-
lening van die dienst of de verrichting van die activiteit.
Een door dergelijke cliënten genomen initiatief geeft
de onderneming uit het derde land niet het recht om op
andere wijze dan via het bijkantoor nieuwe categorieën
van beleggingsproducten of beleggingsdiensten aan die
clënt aan te bieden.”.
Art. 210
Artikel 14 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 14. § 1. De beleggingsondernemingen die res-
sorteren onder het recht van een derde land en die
in hun land van herkomst daadwerkelijk beleggings-
diensten verlenen, mogen zonder vestiging enkel aan
volgende beleggers deze diensten in België aanbieden
of verlenen:
1° de in aanmerking komende tegenpartijen als be-
paald ter uitvoering van artikel 26, achtste lid, van de
wet van 2 augustus 2002;
2° de als professioneel beschouwde cliënten over-
eenkomstig de bepalingen naar Belgisch recht tot
omzetting van Afdeling I van bijlage II van Richtlijn
2014/65/EU;
3° de in België gevestigde personen die de nationali-
teit hebben van het land van herkomst van de betrokken
beleggingsonderneming of van een land waar deze
beleggingsonderneming een bijkantoor heeft, voor zo-
ver de beleggingsonderneming voor wat betreft de in
België aangeboden of verleende beleggingsdiensten
in het land van herkomst of in het betrokken land van
vestiging onderworpen is aan een gelijkwaardig toezicht
als Belgische beleggingsondernemingen.
§ 2. De in de eerste paragraaf bedoelde ondernemin-
gen dienen zich vooraf bij de FSMA bekend te maken,
met opgave van de voorgenomen beleggingsdiensten
die ze voornemens zijn te verrichten, alsook van de
categorieën van beleggers aan wie ze voornemens zijn
deze diensten te verlenen.
Onverminderd de internationale akkoorden die
België binden, kan de FSMA het verlenen van
beleggingsdiensten in België verbieden aan een
service d’investissement ou l’exercice d’une activité
d’investissement par une entreprise d’un pays tiers,
l’obligation de disposer de l’agrément prévu à l’alinéa
précédant ne s’applique pas à la fourniture de ce service
à cette personne ou à l’exercice de cette activité par
l’entreprise de pays tiers pour cette personne, ni à une
relation spécifi quement liée à la fourniture de ce service
ou à l’exercice de cette activité.
L’initiative de ces clients ne donne pas droit à l’entre-
prise de pays tiers de commercialiser de nouvelles caté-
gories de produits ou de services d’investissement à ces
clients par d’autres intermédiaires qu’une succursale.”.
Art. 210
L’article 14 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
“Art. 14. § 1er. Les entreprises d’investissement rele-
vant du droit d’un pays tiers et qui fournissent effective-
ment des services d’investissement dans leur État d’ori-
gine, peuvent offrir ou fournir ces services en Belgique,
sans y être établies, aux seuls investisseurs suivants:
1° les contreparties éligibles, telles que défi nies
en exécution de l’article 26, alinéa 8, de la loi du
2 août 2002;
2° les clients considérés comme professionnels
conformément aux dispositions de droit belge trans-
posant la Section I de l’annexe II de la directive
2014/65/UE ;
3° les personnes établies en Belgique qui ont la natio-
nalité de l’État d’origine de l’entreprise d’investissement
concernée ou d’un État dans lequel cette entreprise
d’investissement a établi une succursale, pour autant
qu’en ce qui concerne les services d’investissement
offerts ou fournis en Belgique, l’entreprise d’investis-
sement soit soumise, dans son État d’origine ou dans
l’État d’implantation concerné, à un contrôle équivalent
à celui auquel sont assujetties les entreprises d’inves-
tissement belges.
§ 2. Les entreprises visées au paragraphe 1er sont
tenues de se faire connaître préalablement auprès de
la FSMA, en précisant les services d’investissement
qu’elles envisagent de fournir et les catégories d’inves-
tisseurs auxquelles elles entendent fournir ces services.
Sans préjudice des accords internationaux liant la
Belgique, la FSMA peut interdire la prestation de ser-
vices d’investissement en Belgique à une entreprise
155
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
beleggingsonderneming die ressorteert onder het recht
van een Staat die niet dezelfde toegangsmogelijkheden
tot zijn markt aan de beleggingsondernemingen onder
Belgisch recht biedt.
§ 3. De FSMA stelt elk jaar een lijst op van de in dit
artikel bedoelde beleggingsondernemingen die in België
de diensten verlenen bedoeld in artikel 2, 1°, van deze
wet. Op haar website publiceert de FSMA deze lijst en
alle wijzigingen die er in de loop van het jaar in worden
aangebracht. Ook de Bank publiceert op haar website
een lijst van de beleggingsondernemingen waarvoor
zij bevoegd is.”.
Art. 211
In dezelfde wet wordt een artikel 14/1 inge-
voegd, luidende:
“Art. 14/1. § 1. De beleggingsondernemingen die res-
sorteren onder het recht van een derde land, moeten bij
de uitoefening van hun activiteiten in België, naast hun
naam, hun land van herkomst en hun zetel vermelden.
§ 2. De bepalingen van deze afdeling doen geen af-
breuk aan de naleving van de wettelijke en reglementaire
bepalingen, met inbegrip van de gedragsregels, die in
België van toepassing zijn op de beleggingsonderne-
mingen en hun verrichtingen.
§ 3. De FSMA mag de in artikel 14 bedoelde buiten-
landse beleggingsondernemingen die ressorteren onder
het recht van een derde land, gelasten haar alle inlich-
tingen te verstrekken over hun dienstverlening in België
om na te gaan of de in paragraaf 2 bedoelde bepalingen
waarvoor zij bevoegd is, worden nageleefd. De FSMA
mag de certifi catie of de aanpassing van deze inlich-
tingen gelasten aan de buitenlandse toezichthoudende
autoriteiten van de betrokken beleggingsonderneming,
haar externe revisor of de erkende auditor die belast is
met de certifi catie van haar rekeningen.
§ 4. Wanneer de FSMA vaststelt dat een in artikel
14 bedoelde buitenlandse beleggingsonderneming
die ressorteert onder het recht van een derde land,
in België niet handelt in overeenstemming met de op
haar toepasselijke bepalingen of de belangen van haar
cliënten in gevaar brengt, maant zij de onderneming aan
de vastgestelde toestand binnen de door haar bepaalde
termijn recht te zetten.
Indien de toestand na deze termijn niet is verholpen,
brengt de FSMA haar bemerkingen ter kennis van de
toezichthoudende autoriteiten van het land van herkomst
van de beleggingsonderneming.
relevant du droit d’un État qui n’accorde pas les mêmes
possibilités d’accès à son marché aux entreprises
d’investissement de droit belge.
§ 3. La FSMA établit chaque année la liste des
entreprises d’investissement visées au présent article
qui fournissent en Belgique les services visés à l’article
2, 1°, de la présente loi. La FSMA publie cette liste sur
son site internet, ainsi que toutes les modifi cations qui
y sont apportées en cours d’année. La Banque publie
également sur son site internet la liste des entreprises
d’investissement relevant de ses compétences.”.
Art. 211
Dans la même loi, il est inséré un article 14/1, rédigé
comme suit:
“Art. 14/1. § 1er. Les entreprises d’investissement rele-
vant du droit de pays tiers font, dans l’exercice de leur
activité en Belgique, accompagner leur dénomination de
la mention de leur État d’origine et de leur siège social.
§ 2. Les dispositions de la présente section ne portent
pas préjudice au respect des dispositions légales et
réglementaires, y compris des règles de conduite, appli-
cables en Belgique aux entreprises d’investissement et
à leurs opérations.
§ 3. La FSMA peut imposer aux entreprises d’inves-
tissement étrangères relevant du droit de pays tiers
visées à l’article 14 de lui transmettre toutes informations
relatives aux services qu’elles prestent en Belgique, afi n
de vérifi er si elles respectent les dispositions visées au
paragraphe 2 qui relèvent de sa compétence. La FSMA
peut imposer la certifi cation ou le redressement de ces
informations par les autorités de contrôle étrangères
de l’entreprise d’investissement concernée, par son
reviseur externe ou par l’auditeur agréé qui est chargé
de la certifi cation de ses comptes.
§ 4. Lorsque la FSMA constate qu’une entreprise
d’investissement relevant du droit de pays tiers visée à
l’article 14 n’agit pas, en Belgique, en conformité avec
les dispositions qui lui sont applicables, ou qu’elle y met
en danger les intérêts de ses clients, elle met l’entre-
prise en demeure de remédier, dans le délai qu’elle
détermine, à la situation constatée.
Si, au terme de ce délai, il n’a pas été remédié à
la situation, la FSMA saisit de ses observations les
autorités de contrôle de l’État d’origine de l’entreprise
d’investissement.
156
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Wanneer de overtredingen blijven aanhouden, kan de
FSMA na de buitenlandse toezichthoudende autoriteiten
hiervan in kennis te hebben gesteld, de voortzetting van
alle of een deel van de werkzaamheden van de beleg-
gingsonderneming in België schorsen of verbieden.
Wanneer de betrokken beleggingsonderneming niet
onder toezicht staat van een toezichthoudende autori-
teit, kan de FSMA, indien de toestand na het verstrijken
van de krachtens het eerste lid bepaalde termijn niet is
verholpen, onmiddellijk overgaan tot het schorsen of
verbieden van alle of een deel van de werkzaamheden
van de beleggingsonderneming in België.
Artikel 64, § 2, is van toepassing op de in dit artikel
bedoelde beslissingen.
§ 5. Artikel 68 is van toepassing op de in artikel
14 bedoelde buitenlandse beleggingsondernemingen
die ressorteren onder het recht van een derde land.
§ 6. Artikel 107, § 1, is van toepassing op wie hande-
lingen stelt of verrichtingen uitvoert die indruisen tegen
het verbod of de schorsing bedoeld in paragraaf 4.
Artikel 108 is van toepassing.”.
Art. 212
In dezelfde wet wordt een artikel 14/2 inge-
voegd, luidende:
“Art. 14/2. De artikelen 14 en 14/1 zijn van toepassing
onverminderd de artikelen 46 tot 49 van Verordening
(EU) nr. 600/2014.”.
Art. 213
In artikel 23 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 1, tweede lid, wordt aangevuld met de
woorden “, en genoeg tijd besteden aan de vervulling
van hun taken.”;
2° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende:
“De leden van het wettelijk bestuursorgaan beschik-
ken gezamenlijk over voldoende kennis, vaardigheden
en ervaring om inzicht te hebben in de bedrijfsactivitei-
ten van de vennootschap voor vermogensbeheer en
En cas de persistance des manquements, la FSMA
peut, après en avoir avisé les autorités de contrôle
étrangères, suspendre ou interdire la poursuite de tout
ou partie des activités de l’entreprise d’investissement
en Belgique.
Lorsque l’entreprise d’investissement concernée
n’est soumise à la surveillance d’aucune autorité de
contrôle, la FSMA peut, s’il n’a pas été remédié à la
situation au terme du délai fi xé en vertu de l’alinéa 1er,
procéder immédiatement à la suspension ou à l’inter-
diction de tout ou partie des activités de l’entreprise
d’investissement en Belgique.
L’article 64, § 2, est applicable aux décisions visées
au présent article.
§ 5. L’article 68 est applicable aux entreprises d’in-
vestissement étrangères relevant du droit de pays tiers
visées à l’article 14.
§ 6. Sont soumis aux dispositions de l’article 107,
§ 1er, ceux qui accomplissent des actes ou opérations
à l’encontre de l’interdiction ou de la suspension visée
au paragraphe 4.
L’article 108 est applicable.”.
Art. 212
Dans la même loi, il est inséré un article 14/2, rédigé
comme suit:
“Art. 14/2. Les articles 14 et 14/1 s’appliquent sans
préjudice des articles 46 à 49 du Règlement (UE)
n°600/2014.”.
Art. 213
À l’article 23 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° le paragraphe 1er, alinéa 2, est complété par les
mots “, et y consacrer un temps suffisant.”;
2° le paragraphe 1er est complété par un alinéa, rédigé
comme suit:
“Les membres de l’organe légal d’administration
disposent collectivement des connaissances, des
compétences et de l’expérience nécessaires à la com-
préhension des activités de la société de gestion de
157
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
beleggingsadvies, met inbegrip van de voornaamste
risico’s die zij loopt.”;
3° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt:
“§ 3. De FSMA verleent geen vergunning indien er
objectieve en aantoonbare redenen zijn om aan te ne-
men dat het wettelijk bestuursorgaan een bedreiging zou
kunnen vormen voor het efficiënt, gezond en voorzichtig
beleid van de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies, en voor de passende inaanmer-
kingneming van de belangen van haar cliënten en de
integriteit van de markt.”.
Art. 214
Artikel 25 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 25. § 1. De vennootschappen voor vermogensbe-
heer en beleggingsadvies moeten beschikken over een
solide en passende regeling voor de bedrijfsorganisatie,
waaronder toezichtsmaatregelen, om een efficiënt , ge-
zond en voorzichtig beleid van de vennootschap te ga-
randeren en de integriteit van de markt en de belangen
van de cliënten te bevorderen, die met name berust op:
1° een passende beleidsstructuur die op het hoog-
ste niveau gebaseerd is op een duidelijk onderscheid
tussen, enerzijds, de effectieve leiding van de ven-
nootschap en, anderzijds, het toezicht op die leiding
die binnen de vennootschap voorziet in een passende
functiescheiding en in een duidelijk omschreven, trans-
parante en coherente regeling voor de toewijzing van
verantwoordelijkheden;
2° een passende administratieve en boekhoudkundi-
ge organisatie en interne controle , waarvan de werking
minstens jaarlijks dient te worden beoordeeld, wat met
name de organisatie van een controlesysteem impliceert
dat een redelijke mate van zekerheid verschaft over de
betrouwbaarheid van het fi nanciële verslaggevingspro-
ces, zodat de jaarrekening in overeenstemming is met
de geldende boekhoudreglementering;
3° doeltreffende procedures voor de identifi catie, de
meting, het beheer en de opvolging van en de interne
verslaggeving over de belangrijke risico’s die de ven-
nootschap mogelijk loopt, inclusief de voorkoming van
belangenconfl icten;
4° een passende onafhankelijke interneauditfunctie,
risicobeheerfunctie en compliancefunctie;
portefeuille et de conseil en investissement, y compris
des principaux risques auxquels elle est exposée.”;
3° le paragraphe 3 est remplacé par ce qui suit:
“§ 3. La FSMA refuse l’agrément s’il existe des rai-
sons objectives et démontrables d’estimer que l’organe
légal d’administration risquerait de compromettre la
gestion efficace, saine et prudente de la société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement,
ainsi que la prise en compte appropriée de l’intérêt de
ses clients et de l’intégrité du marché.”.
Art. 214
L’article 25 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
“Art. 25. § 1er. Les sociétés de gestion de portefeuille
et de conseil en investissement doivent disposer d’un
dispositif solide et adéquat d’organisation d’entreprise,
dont des mesures de surveillance, en vue de garantir
une gestion efficace, saine et prudente de l’entreprise
et de promouvoir l’intégrité du marché et les intérêts
des clients, reposant notamment sur:
1° une structure de gestion adéquate basée, au plus
haut niveau, sur une distinction claire entre la direction
effective de l’entreprise d’une part, et le contrôle sur
cette direction d’autre part, et prévoyant, au sein de
l’entreprise, une séparation adéquate des fonctions et
un dispositif d’attribution des responsabilités qui est
bien défi ni, transparent et cohérent;
2° une organisation administrative et comptable et
un contrôle interne adéquats, dont le fonctionnement
est évalué au moins une fois par an, impliquant notam-
ment un système de contrôle procurant un degré de
certitude raisonnable quant à la fi abilité du processus
de reporting fi nancier, de manière à ce que les comptes
annuels soient conformes à la réglementation comptable
en vigueur;
3° des procédures efficaces d’identification, de
mesure, de gestion, de suivi et de reporting interne des
risques importants auxquels l’entreprise est susceptible
d’être exposée, y compris la prévention des confl its
d’intérêts;
4° des fonctions d’audit interne, de gestion des
risques et de conformité (compliance) indépendantes
adéquates;
158
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
5° een passend integriteitsbeleid, dat geregeld wordt
geactualiseerd;
6° een beloningsbeleid dat een gezond en doeltref-
fend risicobeheer garandeert, alsook een vergoedings-
beleid voor de personen die bij de dienstverlening aan
cliënten betrokken zijn, dat verantwoord ondernemer-
schap en een billijke behandeling van cliënten aanmoe-
digt en belangenconfl icten in de betrekkingen met de
cliënten voorkomt;
7° voor de werkzaamheden van de vennootschap
passende controle- en beveiligingsmaatregelen op
informaticagebied, inclusief deugdelijke beveiligingsme-
chanismen om de beveiliging en authentifi catie van de
middelen voor de informatieoverdracht te garanderen,
het risico op datacorruptie en ongeoorloofde toegang tot
een minimum te beperken, en te voorkomen dat infor-
matie uitlekt door de vertrouwelijkheid van de gegevens
te allen tijde te bewaren;
8° een passend intern waarschuwingssysteem dat
met name voorziet in een specifi eke, onafhankelijke en
autonome melding van inbreuken op de normen en de
gedragscodes van de vennootschap;
9° de invoering van passende maatregelen om de
continuïteit van hun beleggingsdiensten en beleggings-
activiteiten te garanderen;
10° een beleid op het gebied van diensten, activitei-
ten, producten en verrichtingen die worden aangeboden
of verstrekt, in overeenstemming met de risicotolerantie
van de vennootschap en de kenmerken en behoeften
van de cliënten van de vennootschap aan wie deze wor-
den aangeboden of verstrekt, in voorkomend geval, met
inbegrip van de uitvoering van passende stresstests.
De bepalingen onder 6° en 10° zijn ook van toepas-
sing op de vennootschappen voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies wanneer zij aan cliënten verkopen
verrichten of advies verstrekken in verband met gestruc-
tureerde deposito’s.
§ 2. De in paragraaf 1 bedoelde organisatieregeling is
uitputtend uitgewerkt en is passend voor de aard, schaal
en complexiteit van de risico’s die inherent zijn aan het
bedrijfsmodel en aan de werkzaamheden van de ven-
nootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies.
§ 3. Iedere vennootschap voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies stelt een governancememorandum op
dat voor de betrokken vennootschap en, in voorkomend
geval, de groep of subgroep waarvan zij de uiteindelijke
5° une politique d’intégrité adéquate, qui est actua-
lisée régulièrement;
6° une politique de rémunération assurant une ges-
tion saine et efficace des risques, ainsi qu’une politique
de rémunération des personnes participant à la fourni-
ture de services aux clients qui vise à encourager un
comportement professionnel responsable et un traite-
ment équitable des clients ainsi qu’à éviter les confl its
d’intérêts dans les relations avec les clients;
7° des mécanismes de contrôle et de sécurité dans
le domaine informatique appropriés aux activités de
l’entreprise, y compris des mécanismes de sécurité
solides pour garantir la sécurité et l’authentifi cation des
moyens de transfert de l’information, réduire au mini-
mum le risque de corruption des données et d’accès non
autorisé et empêcher les fuites d’informations afi n de
maintenir en permanence la confi dentialité des données;
8° un système adéquat d’alerte interne prévoyant
notamment un mode de transmission spécifi que, indé-
pendant et autonome, des infractions aux normes et
aux codes de conduite de l’entreprise;
9° la mise en place de mesures adéquates pour
assurer la continuité de leurs services et activités
d’investissement;
10° une politique relative aux services, activités, pro-
duits et opérations proposés ou fournis, conformément
à la tolérance au risque de l’entreprise et aux caracté-
ristiques et besoins des clients de l’entreprise auxquels
ils seront proposés ou fournis, y compris en effectuant,
au besoin, des simulations de crise appropriées.
Les 6° et 10° s’appliquent également aux sociétés de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement
lorsqu’elles commercialisent des dépôts structurés ou
fournissent des conseils sur ces dépôts à des clients.
§ 2. Les dispositifs organisationnels visés au para-
graphe 1er présentent un caractère exhaustif et sont
appropriés à la nature, à l’échelle et à la complexité
des risques inhérents au modèle d’entreprise et aux
activités de la société de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement.
§ 3. Chaque société de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement établit un mémorandum de
gouvernance qui inclut pour la société concernée et,
le cas échéant, le groupe ou sous-groupe dont elle est
159
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
moederonderneming is, de volledige in paragraaf 1 en
artikel 26 bedoelde interne organisatieregeling bevat.
Indien de vennootschap voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies deel uitmaakt van een groep die onder
het toezicht van de FSMA staat, kan het memorandum
dat op het niveau van de vennootschap voor vermo-
gensbeheer en beleggingsadvies wordt opgesteld, deel
uitmaken van het memorandum van die groep.
§ 4. In de artikelen 25/1 tot 26/2 wordt bepaald wat,
in specifi eke domeinen, de reikwijdte is van de in de
paragrafen 1 en 2 bedoelde algemene verplichtingen.
§ 5. Als de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies nauwe banden heeft met andere
natuurlijke of rechtspersonen, mogen die banden geen
belemmering vormen voor een individueel of geconso-
lideerd prudentieel toezicht op de vennootschap.
Als de vennootschap voor vermogensbeheer en be-
leggingsadvies nauwe banden heeft met een natuurlijke
of rechtspersoon die ressorteert onder het recht van een
derde land, mogen de voor die persoon geldende wet-
telijke, reglementaire en bestuursrechtelijke bepalingen
of hun uitvoering, geen belemmering vormen voor een
individueel of geconsolideerd prudentieel toezicht op
de vennootschap.”.
Art. 215
In dezelfde wet wordt een artikel 25/1 inge-
voegd, luidende:
“Art. 25/1. § 1. Het wettelijk bestuursorgaan draagt de
algemene verantwoordelijkheid voor de vennootschap
voor vermogensbeheer en beleggingsadvies.
Hiertoe bepaalt en controleert het wettelijk bestuurs-
orgaan met name:
1° de strategie en de doelstellingen van de
vennootschap;
2° het risicobeleid;
3° de in artikel 25 bedoelde organisatieregeling
van de vennootschap voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies;
4° de organisatie van de vennootschap voor het
verlenen van beleggingsdiensten, het verrichten van
beleggingsactiviteiten, het verlenen van nevendiensten,
en het commercialiseren van gestructureerde deposito’s
en het verstrekken van advies aan cliënten in verband
l’entreprise mère faîtière, l’ensemble du dispositif d’or-
ganisation interne visé au paragraphe 1er et à l’article 26.
Si la société de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement fait partie d’un groupe soumis au
contrôle de la FSMA, le mémorandum établi au niveau
de la société de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement peut faire partie du mémorandum
de ce groupe.
§ 4. Les dispositions des articles 25/1 à 26/2 pré-
cisent, dans des domaines particuliers, la portée des
obligations générales visées aux paragraphes 1er et 2.
§ 5. S’il existe des liens étroits entre la société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement
et d’autres personnes physiques ou morales, ces liens
ne peuvent entraver l’exercice d’un contrôle prudentiel
individuel ou sur base consolidée de l’entreprise.
Si la société de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement a des liens étroits avec une per-
sonne physique ou morale relevant du droit d’un pays
tiers, les dispositions législatives, réglementaires et
administratives applicables à cette personne ou leur
mise en oeuvre ne peuvent entraver l’exercice d’un
contrôle prudentiel individuel ou sur base consolidée
de l’entreprise.”.
Art. 215
Dans la même loi, il est inséré un article 25/1, rédigé
comme suit:
“Art. 25/1. § 1er. L’organe légal d’administration as-
sume la responsabilité globale de la société de gestion
de portefeuille et de conseil en investissement.
À cette fi n, l’organe légal d’administration défi nit,
approuve et supervise, notamment:
1° la stratégie et les objectifs de l’établissement;
2° la politique en matière de risques;
3° les dispositifs d’organisation de la société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement
visés à l’article 25;
4° l’organisation de la société pour la fourniture de
services d’investissement, l’exercice d’activités d’inves-
tissement, la fourniture de services auxiliaires, et la
commercialisation de dépôts structurés et la fourniture
de conseils aux clients sur de tels produits, y compris
160
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
met gestructureerde deposito’s, zoals onder meer de
vereiste vaardigheden, kennis en deskundigheid van
het personeel, de middelen, procedures en regelingen
voor het verlenen van diensten en het verrichten van
activiteiten door de vennootschap, rekening houdend
met de aard, schaal en complexiteit van haar bedrijfs-
activiteiten en alle vereisten waaraan de vennootschap
moet voldoen.
Het wettelijk bestuursorgaan keurt het in artikel
25, § 3, bedoelde governancememorandum van de
vennootschap voor vermogensbeheer en beleggings-
advies goed.
§ 2. De statuten van de vennootschappen voor ver-
mogensbeheer en beleggingsadvies die zijn opgericht
in de vorm van een naamloze vennootschap, kunnen
de raad van bestuur toestaan alle of een deel van de
in artikel 522, § 1, eerste lid, van het Wetboek van
Vennootschappen bedoelde bevoegdheden over te
dragen aan een in deze raad opgericht directiecomité,
waarvan hij de leden benoemt en ontslaat en de bezol-
diging vaststelt.
Deze bevoegdheidsdelegatie kan evenwel noch slaan
op de vaststelling van het algemeen beleid, noch op de
handelingen die bij andere bepalingen van het Wetboek
van Vennootschappen aan de raad van bestuur zijn
voorbehouden.
§ 3. De voorzitter van het wettelijk bestuursorgaan in
zijn toezichtsfunctie mag geen effectief leider zijn van de
vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsad-
vies, tenzij dat door de vennootschap voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies wordt verantwoord en door
de FSMA wordt goedgekeurd op grond van de omvang
en het risicoprofi el van de vennootschap.”.
Art. 216
In dezelfde wet wordt een artikel 25/2 inge-
voegd, luidende:
“Art. 25/2. § 1. Onverminderd de taken van het wet-
telijk bestuursorgaan richten de vennootschappen voor
vermogensbeheer en beleggingsadvies binnen dit or-
gaan de volgende comités op:
1° een auditcomité;
2° een remuneratiecomité;
3° een benoemingscomité,
les compétences, les connaissances et l’expertise
requises du personnel, les ressources, les procédures
et les mécanismes avec ou selon lesquels la société
fournit des services et exerce des activités, eu égard à
la nature, à l’étendue et à la complexité de son activité,
ainsi qu’à l’ensemble des exigences auxquelles elle
doit satisfaire.
L’organe légal d’administration approuve le mémo-
randum de gouvernance de la société de gestion de
portefeuille et de conseil en investissement visé à
l’article 25, § 3.
§ 2. Les statuts des sociétés de gestion de porte-
feuille et de conseil en investissement constituées sous
la forme d’une société anonyme peuvent autoriser le
conseil d’administration à déléguer tout ou partie des
pouvoirs visés à l’article 522, § 1er, alinéa 1er, du Code
des sociétés à un comité de direction constitué en son
sein, dont il nomme et révoque les membres et dont il
détermine la rémunération.
Cette délégation ne peut toutefois porter ni sur la
détermination de la politique générale, ni sur les actes
réservés au conseil d’administration par les autres
dispositions du Code des sociétés.
§ 3. Le président de l’organe légal d’administration
dans sa fonction de surveillance ne peut pas être diri-
geant effectif de la société de gestion de portefeuille
et de conseil en investissement, sauf lorsqu’une telle
situation est justifi ée par la société de gestion de por-
tefeuille et de conseil en investissement et approuvée
par la FSMA en fonction de la taille et du profi l de risque
de la société.”.
Art. 216
Dans la même loi, il est inséré un article 25/2, rédigé
comme suit:
“Art. 25/2. § 1. Sans préjudice des missions de l’or-
gane légal d’administration, les sociétés de gestion de
portefeuille et de conseil en investissement constituent,
au sein de cet organe, les comités suivants:
1° un comité d’audit;
2° un comité de rémunération;
3° un comité de nomination,
161
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
die uitsluitend zijn samengesteld uit leden van het
wettelijk bestuursorgaan die er geen uitvoerend lid
van zijn en waarvan minstens één lid onafhankelijk
is in de zin van artikel 526ter van het Wetboek van
Vennootschappen; een lid mag niet in meer dan twee
van voornoemde comités zetelen.
§ 2. Naast de vereisten van paragraaf 1 beschikken
de leden van het auditcomité over een collectieve des-
kundigheid op het gebied van de werkzaamheden van
de betrokken vennootschap voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies en op het gebied van boekhouding en
audit, en minstens één lid van het auditcomité beschikt
over deskundigheid op het gebied van boekhouding
en/of audit.
Onverminderd de wettelijke taken van het wettelijk
bestuursorgaan, heeft het auditcomité minstens de
volgende taken:
1° monitoring van het fi nanciële verslaggevingsproces;
2° monitoring van de doeltreffendheid van de sys-
temen voor interne controle en risicobeheer van de
vennootschap;
3° monitoring van de interne audit en zijn activiteiten;
4° monitoring van de wettelijke controle van de jaar-
rekening en de geconsolideerde jaarrekening.
Het auditcomité brengt bij het wettelijk bestuursor-
gaan geregeld verslag uit over de uitoefening van zijn ta-
ken, en ten minste wanneer het wettelijk bestuursorgaan
de in artikel 55 bedoelde jaarrekening, geconsolideerde
jaarrekening en periodieke staten opstelt die de ven-
nootschap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies
respectievelijk aan het einde van het boekjaar en aan
het einde van het eerste halfjaar overmaakt.
De FSMA kan, bij reglement vastgesteld overeenkom-
stig artikel 64 van de wet van 2 augustus 2002, de in
voornoemde lijst opgesomde elementen op technische
punten preciseren en aanvullen.
§ 3. Naast de in paragraaf 1 vermelde vereisten, is
het remuneratiecomité zodanig samengesteld dat het
een gedegen en onafhankelijk oordeel kan geven over
het beloningsbeleid en de beloningspraktijken en de
prikkels die daarvan uitgaan voor het risicobeheer, de
eigenvermogensbehoeften en de liquiditeitspositie.
Het remuneratiecomité is belast met de voorbereiding
van beslissingen over beloning, met name beslissingen
die gevolgen hebben voor de risico’s en het risicobeheer
exclusivement composés de membres de l’organe
légal d’administration qui n’en sont pas membres exé-
cutifs et dont au moins un membre est indépendant
au sens de l’article 526ter du Code des sociétés; un
membre ne pouvant siéger dans plus de deux des
comités précités.
§ 2. Outre les exigences prévues au paragraphe
1er, les membres du comité d’audit disposent d’une
compétence collective dans le domaine d’activités de
la société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement concernée et en matière de comptabilité
et d’audit et au moins un membre du comité d’audit est
compétent en matière de comptabilité et/ou d’audit.
Sans préjudice des missions légales de l’organe légal
d’administration, le comité d’audit est au moins chargé
des missions suivantes:
1° suivi du processus d’élaboration de l’information
fi nancière;
2° suivi de l’efficacité des systèmes de contrôle
interne et de gestion des risques de l’entreprise;
3° suivi de l’audit interne et de ses activités;
4° suivi du contrôle légal des comptes annuels et des
comptes consolidés.
Le comité d’audit fait régulièrement rapport à l’organe
légal d’administration sur l’exercice de ses missions, au
moins lors de l’établissement par celui-ci des comptes
annuels et consolidés et des états périodiques visés
à l’article 55, respectivement transmis par la société
de gestion de portefeuille et de conseil en investisse-
ment à la fi n de l’exercice social et à la fi n du premier
semestre social.
La FSMA peut préciser et compléter sur des points
d’ordre technique les éléments énumérés dans la liste
reprise ci-dessus, par voie de règlement pris conformé-
ment à l’article 64 de la loi du 2 août 2002.
§ 3. Outre les exigences prévues au paragraphe 1er,
le comité de rémunération est composé de manière à lui
permettre d’exercer un jugement compétent et indépen-
dant sur les politiques et les pratiques de rémunération
et sur les incitations créées pour la gestion des risques,
des fonds propres et de la liquidité.
Le comité de rémunération est chargé de préparer
les décisions concernant les rémunérations, notam-
ment celles qui ont des répercussions sur le risque et
162
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
van de betrokken vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies, en die het wettelijk bestuursor-
gaan in het kader van zijn toezichtsfunctie moet nemen.
Bij de voorbereiding van dergelijke beslissingen houdt
het remuneratiecomité rekening met de langetermijn-
belangen van aandeelhouders, beleggers en andere
belanghebbenden van de vennootschap voor vermo-
gensbeheer en beleggingsadvies.
Het tweede lid is ook van toepassing op beslissingen
over de beloning van de personen die verantwoordelijk
zijn voor de onafhankelijke controlefuncties. Bovendien
oefent het remuneratiecomité rechtstreeks toezicht uit
op de beloning van de verantwoordelijken voor de on-
afhankelijke controlefuncties.
§ 4. Paragrafen 1 tot 3 doen geen afbreuk aan de
bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen over
het auditcomité en het remuneratiecomité in genoteerde
vennootschappen in de zin van artikel 4 van dit Wetboek.
§ 5. Het benoemingscomité is zodanig samengesteld
dat het een gedegen en onafhankelijk oordeel kan geven
over de samenstelling en de werking van de bestuurs- en
beleidsorganen van de vennootschap voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies, in het bijzonder over de
individuele en collectieve deskundigheid van hun leden,
en over hun integriteit, reputatie, onafhankelijkheid van
geest en beschikbaarheid.
Het benoemingscomité is belast met:
1° het aanwijzen en aanbevelen, voor goedkeuring
door de algemene vergadering, of, in voorkomend geval,
door het wettelijk bestuursorgaan, van kandidaten voor
het invullen van vacatures in het wettelijk bestuurs-
orgaan, het nagaan hoe de kennis, vaardigheden,
diversiteit en ervaring in het wettelijk bestuursorgaan
zijn verdeeld, het opstellen van een beschrijving van
de taken en bekwaamheden die voor een bepaalde
benoeming zijn vereist, en het beoordelen hoeveel tijd
er aan die taken moet worden besteed.
Verder stelt het benoemingscomité een streefcijfer
vast voor de vertegenwoordiging van het ondervertegen-
woordigde geslacht in het wettelijk bestuursorgaan en
stippelt het een beleid uit om het aantal vertegenwoor-
digers van dit geslacht in het wettelijk bestuursorgaan
te vergroten en op die manier het streefcijfer te halen.
Het streefcijfer, de beleidslijn en de tenuitvoerlegging
ervan worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel
435, lid 2, punt c), van Verordening (EU) nr. 575/2013;
la gestion des risques dans la société de gestion de
portefeuille et de conseil en investissement concernée
et que l’organe de direction est appelé à arrêter dans
l’exercice de sa fonction de surveillance. Lors de la
préparation de ces décisions, le comité de rémunération
tient compte des intérêts à long terme des actionnaires,
des investisseurs et des autres parties prenantes de
la société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement.
L’alinéa 2 est également d’application pour les déci-
sions concernant les rémunérations des personnes en
charge des fonctions de contrôle indépendantes. Le
comité de rémunération assure, en outre, une super-
vision directe en ce qui concerne les rémunérations
allouées aux responsables des fonctions de contrôle
indépendantes.
§ 4. Les paragraphes 1er à 3 sont sans préjudice des
dispositions du Code des sociétés relatives au comité
d’audit et au comité de rémunération au sein de sociétés
cotées au sens de l’article 4 de ce Code.
§ 5. Le comité de nomination est composé de manière
à lui permettre d’exercer un jugement pertinent et indé-
pendant sur la composition et le fonctionnement des
organes d’administration et de gestion de la société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement,
en particulier sur l’expertise individuelle et collective de
leurs membres et sur l’intégrité, la réputation, l’indépen-
dance d’esprit et la disponibilité de ceux-ci.
Le comité de nomination:
1° identifi e et recommande, pour approbation par
l’assemblée générale ou, le cas échéant, par l’organe
légal d’administration, des candidats aptes à occuper
des sièges vacants au sein de l’organe légal d’admi-
nistration, évalue l’équilibre de connaissances, de
compétences, de diversité et d’expérience au sein de
l’organe légal d’administration, élabore une description
des missions et des qualifi cations liées à une nomination
donnée et évalue le temps à consacrer à ces fonctions.
Le comité de nomination fi xe également un objectif à
atteindre en ce qui concerne la représentation du sexe
sous-représenté au sein de l’organe légal d’administra-
tion et élabore une politique destinée à y accroître le
nombre de représentants de ce sexe afi n d’atteindre cet
objectif. L’objectif et le plan, ainsi que les modalités de
sa mise en oeuvre sont rendus publics conformément
à l’article 435, paragraphe 2, point c), du Règlement
(UE) n° 575/2013;
163
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2° het periodiek, en minimaal jaarlijks, evalueren
van de structuur, omvang, samenstelling en prestaties
van het wettelijk bestuursorgaan en het formuleren van
aanbevelingen aan het wettelijk bestuursorgaan met
betrekking tot eventuele wijzigingen;
3° het periodiek, en minimaal jaarlijks, beoordelen
van de kennis, vaardigheden, ervaring, mate van betrok-
kenheid, met name de regelmatige aanwezigheid, van
de individuele leden van het wettelijk bestuursorgaan
en van het wettelijk bestuursorgaan als geheel, en daar
verslag over uitbrengen aan dit orgaan;
4° het periodiek toetsen van het beleid van het wet-
telijk bestuursorgaan voor de selectie en benoeming
van de uitvoerende leden ervan, en het formuleren van
aanbevelingen aan het wettelijk bestuursorgaan.
Bij de uitoefening van zijn bevoegdheden ziet het
benoemingscomité erop toe dat één persoon of een
kleine groep van personen de besluitvorming van het
wettelijk bestuursorgaan niet domineren op een wijze
die de belangen van de instelling in haar geheel schade
berokkent.
Het benoemingscomité kan gebruik maken van alle
vormen van hulpmiddelen die het geschikt acht voor
de uitvoering van zijn opdracht, zoals het inwinnen van
extern advies, en ontvangt hiertoe toereikende fi nanci-
ele middelen.
§ 6. De vennootschappen voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies die niet signifi cant zijn wat hun
interne organisatie betreft of wat de aard, de reikwijdte,
de complexiteit of het grensoverschrijdende karakter
van hun activiteiten betreft, en die aan ten minste twee
van de volgende drie criteria voldoen, zijn vrijgesteld
van de verplichting om over de in paragraaf 1 bedoelde
comités te beschikken:
1° gemiddeld aantal werknemers gedurende het be-
trokken boekjaar van minder dan 250 personen;
2° balanstotaal van minder dan of gelijk aan
43 000 000 euro;
3° jaarlijkse netto-omzet van minder dan of gelijk aan
50 000 000 euro.
§ 7. De FSMA kan aan een vennootschap voor ver-
mogensbeheer en beleggingsadvies die een dochter
of een kleindochter is van een gemengde fi nanciële
holding, een verzekeringsholding, een fi nanciële hol-
ding, een kredietinstelling, een verzekeringsonderne-
ming, een herverzekeringsonderneming, een andere
2° évalue périodiquement, et à tout le moins une
fois par an, la structure, la taille, la composition et les
performances de l’organe légal d’administration et lui
soumet des recommandations en ce qui concerne des
changements éventuels;
3° évalue périodiquement, et à tout le moins une fois
par an, les connaissances, les compétences, l’expé-
rience, le degré d’implication, notamment l’assiduité,
des membres de l’organe légal d’administration, tant
individuellement que collectivement, et en rend compte
à cet organe;
4° examine périodiquement les politiques de l’organe
légal d’administration en matière de sélection et de
nomination des membres exécutifs de celui-ci, et for-
mule des recommandations à l’intention de l’organe
légal d’administration.
Dans l’exercice de ses attributions, le comité de
nomination veille à ce que la prise de décision au sein
de l’organe légal d’administration ne soit pas dominée
par une personne ou un petit groupe de personnes,
d’une manière qui soit préjudiciable aux intérêts de
l’établissement dans son ensemble.
Le comité de nomination peut recourir à tout type
de ressource qu’il considère comme étant appropriée
à l’exercice de sa mission, y compris à des conseils
externes, et reçoit les moyens fi nanciers appropriés à
cet effet.
§ 6. Sont exemptées de l’obligation d’avoir les comi-
tés visés au paragraphe 1er, les sociétés de gestion
de portefeuille et de conseil en investissement qui ne
revêtent pas une importance signifi cative en raison de
leur organisation interne, de la nature, de la portée, de
la complexité ou du caractère transfrontalier de leurs
activités et qui répondent à au moins deux des trois
critères suivants:
1° nombre moyen de salariés inférieur à 250 per-
sonnes sur l’ensemble de l’exercice concerné;
2° total du bilan inférieur ou égal à 43 000 000 euros;
3° chiffre d’affaires net annuel inférieur ou égal à
50 000 000 euros.
§ 7. La FSMA peut, à l’égard des sociétés de ges-
tion de portefeuille et de conseil en investissement qui
sont fi liales ou sous-fi liales d’une compagnie fi nan-
cière mixte, d’une société holding d’assurance, d’une
compagnie fi nancière, d’un établissement de crédit,
d’une entreprise d’assurance, d’une entreprise de
164
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
beleggingsonderneming, of een beheervennootschap
van instellingen voor collectieve belegging, volledige of
gedeeltelijke afwijkingen toestaan van de bepalingen
van dit artikel en specifi eke voorwaarden vastleggen
voor het verlenen van deze afwijkingen, voor zover er
binnen de betrokken groepen of subgroepen comités
zijn opgericht in de zin van paragraaf 1, die bevoegd zijn
voor de betrokken vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies en voldoen aan de vereisten van
deze wet.”.
Art. 217
In dezelfde wet wordt een artikel 25/3 inge-
voegd, luidende:
“Art. 25/3. § 1. De vennootschappen voor vermo-
gensbeheer en beleggingsadvies nemen de nodige
maatregelen om blijvend over de volgende passende
onafhankelijke controlefuncties te kunnen beschikken:
1° compliance;
2° risicobeheer;
3° interne audit,
die worden uitgeoefend door personen die onafhan-
kelijk zijn van de bedrijfseenheden van de vennoot-
schappen en over de nodige bevoegdheden beschikken
om hun functie naar behoren te kunnen uitoefenen. De
beloning van deze personen wordt vastgesteld volgens
de verwezenlijking van de doelstellingen waarop hun
functie gericht is, onafhankelijk van de resultaten van
de werkzaamheden waarop toezicht wordt gehouden.
§ 2. Bij haar beoordeling van het passende karakter
van de in paragraaf 1 bedoelde functies houdt de FSMA
rekening met de bepalingen van artikel 25, § 2.
§ 3. Iedere vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies beschikt over een passende
onafhankelijke compliancefunctie om de naleving door
de vennootschap, de leden van haar wettelijk bestuurs-
orgaan, haar effectieve leiding, haar werknemers,
haar gevolmachtigden en haar verbonden agenten te
verzekeren van de wettelijke en reglementaire regels
inzake integriteit en gedrag die van toepassing zijn op
het bedrijf van de vennootschap.
Het eerste lid doet geen afbreuk aan de bepalingen
van artikel 87bis van de wet van 2 augustus 2002.
réassurance, d’une autre entreprise d’investissement
ou d’une société de gestion d’organismes de placement
collectif, accorder, en tout ou en partie, des dérogations
aux dispositions du présent article et fi xer des condi-
tions spécifi ques à l’octroi de ces dérogations, pour
autant qu’aient été constituées au sein des groupes
ou sous-groupes concernés des comités au sens du
paragraphe 1er et dont les attributions s’étendent à
la société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement concernée, et répondant aux exigences
de la présente loi.”.
Art. 217
Dans la même loi, il est inséré un article 25/3, rédigé
comme suit:
“Art. 25/3. § 1er. Les sociétés de gestion de portefeuille
et de conseil en investissement prennent les mesures
nécessaires pour disposer en permanence des fonc-
tions de contrôle indépendantes adéquates suivantes:
1° conformité (compliance);
2° gestion des risques;
3° audit interne,
dont les personnes qui en assurent l’exercice sont
indépendantes des unités opérationnelles de la société
et disposent des prérogatives nécessaires au bon
accomplissement de leurs fonctions. La rémunération
de ces personnes est fi xée en fonction de la réalisation
des objectifs liés à leurs fonctions, indépendamment
des performances des domaines d’activités contrôlés.
§ 2. Dans son évaluation du caractère adéquat
des fonctions visées au paragraphe 1er, la FSMA tient
compte des dispositions de l’article 25, § 2.
§ 3. Les sociétés de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement disposent d’une fonction de
conformité (compliance) indépendante adéquate des-
tinée à assurer le respect, par la société, les membres
de son organe légal d’administration, ses dirigeants
effectifs, ses salariés, ses mandataires et agents liés,
des règles légales et réglementaires d’intégrité et de
conduite qui s’appliquent aux activités de la société.
L’alinéa 1er ne porte pas préjudice aux dispositions
de l’article 87bis de la loi du 2 août 2002.
165
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
De personen die belast zijn met de compliancefunctie,
brengen minstens eenmaal per jaar verslag uit aan het
wettelijk bestuursorgaan.
§ 4. De FSMA kan, onverminderd de bepalingen van
artikel 25, § 1 en paragrafen 1 tot 3, nader bepalen wat
moet worden verstaan onder een passende beleids-
structuur, een passende interne controle, een passende
onafhankelijke interneauditfunctie, een passende risico-
beheerfunctie en een passende onafhankelijke compli-
ancefunctie, en nadere regels uitwerken overeenkomstig
de Europese wetgeving.”.
Art. 218
In artikel 26 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1 worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
a) in het eerste lid worden de woorden “en regle-
mentaire” ingevoegd tussen de woorden “naleving van
de wettelijke” en de woorden “voorschriften inzake
beleggingsdiensten”;
b) in het derde lid worden de woorden “Op advies van
de FSMA bepaalt de Koning de desbetreffende nadere
regels en verplichten” vervangen door de woorden “Op
advies van de FSMA kan de Koning de desbetreffende
nadere regels en verplichtingen bepalen”;
2° in paragraaf 2, tweede lid, worden de woorden
“Op advies van de FSMA bepaalt de Koning de des-
betreffende nadere regels en verplichten” vervangen
door de woorden “Op advies van de FSMA kan de
Koning de desbetreffende nadere regels en verplich-
tingen bepalen”;
3° paragraaf 3 wordt opgeheven;
4° in paragraaf 4 wordt het derde lid opgeheven;
5° paragraaf 5 wordt vervangen als volgt:
“§ 5. De vennootschappen voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies houden de gegevens bij over
alle door hen verleende beleggingsdiensten, verrichte
beleggingsactiviteiten en uitgevoerde verrichtingen,
om de FSMA in staat te stellen haar toezichtsbevoegd-
heden uit te oefenen conform deze wet, de wet van
2 augustus 2002, de wet van …, de ter uitvoering van
voornoemde wetten genomen besluiten en reglemen-
ten, Verordening (EU) nr. 600/2014, Verordening (EU)
nr. 596/2014 en Gedelegeerde Verordening 2017/565,
Les personnes qui assurent la fonction de conformité
(compliance) font rapport à l’organe légal d’administra-
tion au moins une fois par an.
§ 4. La FSMA peut, sans préjudice des dispositions
de l’article 25, § 1er et des paragraphes 1er à 3, préciser
ce qu’il y a lieu d’entendre par structure de gestion
adéquate, contrôle interne adéquat, fonction d’audit
interne indépendante adéquate, fonction de gestion des
risques adéquate et fonction de conformité (compliance)
indépendante adéquate, et élaborer des règles plus
précises conformément à la législation européenne.”.
Art. 218
À l’article 26 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, les modifi cations suivantes
sont apportées:
a) dans l’alinéa 1er, les mots “et réglementaires” sont
insérés entre les mots “dispositions légales” et les mots
“relatives aux services”;
b) dans l’alinéa 3, les mots “Le Roi, sur avis de la
FSMA, précise” sont remplacés par les mots “Le Roi
peut, sur avis de la FSMA, préciser”;
2° dans le paragraphe 2, alinéa 2, les mots “Le Roi,
sur avis de la FSMA, précise” sont remplacés par les
mots “Le Roi peut, sur avis de la FSMA, préciser”;
3° le paragraphe 3 est abrogé;
4° dans le paragraphe 4, l’alinéa 3 est abrogé;
5° le paragraphe 5 est remplacé par ce qui suit:
“§ 5. Les sociétés de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement conservent un enregistrement
de tout service d’investissement fourni, de toute acti-
vité d’investissement exercée, et de toute transaction
effectuée afi n de permettre à la FSMA d’exercer ses
compétences de contrôle conformément à la présente
loi, à la loi du 2 août 2002, à la loi du …, aux arrêtés
et règlements pris pour leur exécution, au Règlement
(UE) n°600/2014, au Règlement (UE) n° 596/2014 et au
Règlement délégué 2017/565 et, en particulier de vérifi er
166
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
en inzonderheid na te gaan of de onderneming haar
verplichtingen tegenover haar cliënteel of potentieel cli-
enteel en met betrekking tot de marktintegriteit nakomt.
Het bijhouden van gegevens omvat het opnemen van
telefoongesprekken of elektronische communicatie die
ten minste met het verstrekken van diensten betreffende
het ontvangen, doorgeven en uitvoeren van cliëntenor-
ders verband houden.
Daartoe neemt iedere vennootschap voor vermo-
gensbeheer en beleggingsadvies alle redelijke maat-
regelen voor de opname of opslag van voornoemde
telefoongesprekken en elektronische communicatie
die tot stand zijn gekomen met, verstuurd zijn vanaf of
ontvangen zijn door apparatuur die door de vennoot-
schap ter beschikking is gesteld van een werknemer of
contractant, of waarvan het gebruik door een werknemer
of contractant wordt goedgekeurd of toegestaan door
de vennootschap .
Cliënten kunnen hun orders langs andere kanalen
plaatsen; deze mededelingen moeten evenwel gebeu-
ren met gebruikmaking van duurzame dragers, zoals
brieven, faxen, e-mails of documentatie over orders die
tijdens bijeenkomsten door de betrokken cliënten zijn
geplaatst. In het bijzonder kan de inhoud van relevante
rechtstreekse gesprekken met een cliënt worden ge-
registreerd door middel van notulen of notities. Aldus
geplaatste orders worden gelijkgesteld met telefonisch
ontvangen orders.
Iedere vennootschap voor vermogensbeheer en be-
leggingsadvies neemt alle redelijke maatregelen om te
voorkomen dat een werknemer of contractant relevante
telefoongesprekken en elektronische communicatie tot
stand brengt, verstuurt of ontvangt op privéapparatuur
waarvan de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies geen gegevens kan opnemen
of kopiëren.
Gegevens die overeenkomstig deze paragraaf zijn
opgenomen, worden vijf jaar bewaard en, indien de
FSMA daarom verzoekt, tot maximaal zeven jaar.”.
6° paragraaf 6 wordt vervangen als volgt:
“§ 6. Paragrafen 1, 2 en 5 zijn ook van toepassing
op de vennootschappen voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies wanneer deze verkopen verrichten
of advies verstrekken aan cliënten in verband met ge-
structureerde deposito’s.”.
si l’entreprise respecte ses obligations à l’égard de ses
clients ou clients potentiels, et concernant l’intégrité
du marché.
Ces enregistrements incluent l’enregistrement des
conversations téléphoniques et des communications
électroniques en rapport, au moins, avec la prestation
de services relatifs aux ordres de clients qui concernent
la réception, la transmission et l’exécution d’ordres
de clients.
À ces fi ns, les sociétés de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement prennent toutes les mesures
raisonnables pour enregistrer les conversations télépho-
niques et les communications électroniques précitées
qui sont effectuées, envoyées ou reçues au moyen d’un
équipement fourni par la société à un employé ou à un
contractant ou dont l’utilisation par une telle personne
a été approuvée ou autorisée par elle.
Les clients peuvent passer des ordres par d’autres
voies, à condition que ces communications soient
effectuées au moyen d’un support durable, tels qu’un
courrier, une télécopie, un courrier électronique ou des
documents relatifs aux ordres d’un client établis lors de
réunions. En particulier, le contenu des conversations
en tête-à-tête avec un client peut être consigné par
écrit dans un compte rendu ou dans des notes. De tels
ordres sont considérés comme équivalents à un ordre
transmis par téléphone.
Les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement prennent toutes les mesures raison-
nables pour empêcher un employé ou un contractant
d’effectuer, d’envoyer ou de recevoir les conversations
téléphoniques ou les communications électroniques pré-
citées au moyen d’un équipement privé que la société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement
est incapable d’enregistrer ou de copier.
Les enregistrements conservés conformément au
présent paragraphe sont conservés pendant cinq ans
et, lorsque la FSMA le demande, pendant une durée
pouvant aller jusqu’à sept ans.”.
6° le paragraphe 6 est remplacé par ce qui suit:
“§ 6. Les paragraphes 1er, 2 et 5 s’appliquent éga-
lement aux sociétés de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement lorsqu’elles commercialisent
des dépôts structurés ou fournissent des conseils sur
ces dépôts à des clients.”.
167
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 219
In dezelfde wet wordt een artikel 26/1 inge-
voegd, luidende:
“Art. 26/1. § 1. Een vennootschap voor vermogensbe-
heer en beleggingsadvies die fi nanciële instrumenten
ontwikkelt voor verkoop aan cliënten, zorgt voor het
onderhoud, de exploitatie en de toetsing van een proces
voor de goedkeuring van elk fi nancieel instrument en
signifi cante aanpassingen van bestaande fi nanciële
instrumenten voor zij in de handel worden gebracht of
onder cliënten in omloop worden gebracht.
In het kader van dat productgoedkeuringsproces
wordt, voor elk fi nancieel instrument, een geïdentifi -
ceerde doelgroep van eindcliënten binnen de relevante
categorie van cliënten gespecifi ceerd, en wordt gewaar-
borgd dat alle desbetreffende risico’s voor een dergelijke
geïdentifi ceerde doelmarkt zijn geëvalueerd, en dat de
geplande distributiestrategie op de geïdentifi ceerde
doelgroep is afgestemd.
§ 2. Wanneer een vennootschap voor vermogensbe-
heer en beleggingsadvies fi nanciële instrumenten aan-
biedt of aanbeveelt die zij niet zelf ontwikkelt, beschikt
zij over adequate regelingen om alle nuttige informatie
over het fi nancieel instrument en het goedkeurings-
proces ervan, inclusief de geïdentifi ceerde doelmarkt,
te verkrijgen, de kenmerken van elk fi nancieel instru-
ment te begrijpen, en de beoogde doelgroep ervan te
identifi ceren.
De in dit artikel bedoelde maatregelen, proces-
sen en regelingen laten alle andere vereisten van
deze wet, de wet van 2 augustus 2002, Verordening
(EU) nr. 600/2014 en Gedelegeerde Verordening
2017/565 onverlet, met inbegrip van de vereisten in-
zake openbaarmaking, geschiktheid of passendheid,
vaststelling en beheer van belangenconflicten, en
inducements.
§ 3. Op advies van de FSMA bepaalt de Koning de
regels voor de tenuitvoerlegging van de in dit artikel
bedoelde regels, inzonderheid om te voldoen aan de
verplichtingen die voortvloeien uit Richtlijn 2014/65/EU
en Gedelegeerde richtlijn 2017/593.
§ 4. Dit artikel is ook van toepassing op de vennoot-
schappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies
wanneer deze verkopen verrichten of advies verstrek-
ken aan cliënten in verband met gestructureerde
deposito’s.”.
Art. 219
Dans la même loi, il est inséré un article 26/1, rédigé
comme suit:
“Art. 26/1. § 1er. Les sociétés de gestion de portefeuille
et de conseil en investissement qui conçoivent des
instruments fi nanciers destinés à la vente aux clients
maintiennent, appliquent et révisent un processus de
validation de chaque instrument fi nancier et des adapta-
tions notables des instruments fi nanciers existants avant
leur commercialisation ou leur distribution aux clients.
Ledit processus de validation détermine un marché
cible défi ni de clients fi naux à l’intérieur de la catégorie
de clients concernée pour chaque instrument fi nancier
et permet de s’assurer que tous les risques pertinents
pour ledit marché cible sont évalués et que la stratégie
de distribution prévue convient bien à celui-ci.
§ 2. Les sociétés de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement qui proposent ou recom-
mandent des instruments financiers qu’elles ne
conçoivent pas, se dotent de dispositifs appropriés pour
obtenir tous les renseignements utiles sur l’instrument
fi nancier et sur son processus de validation, y compris
le marché cible défi ni de l’instrument fi nancier, et pour
comprendre les caractéristiques et identifi er le marché
cible défi ni de chaque instrument fi nancier.
Les politiques, processus et dispositifs visés au
présent article sont sans préjudice de toutes les autres
prescriptions prévues par la présente loi, par la loi du
2 août 2002, par le Règlement (UE) n° 600/2014 et par
le Règlement délégué 2017/565, y compris celles appli-
cables à la publication, à l’adéquation ou au caractère
approprié, à la détection et à la gestion des confl its
d’intérêts, et aux incitations.
§ 3. Le Roi, sur avis de la FSMA, précise les règles
d’exécution des règles visées au présent article, notam-
ment aux fi ns de satisfaire aux obligations découlant
de la Directive 2014/65/UE et de la Directive délé-
guée 2017/593.
§ 4. Le présent article s’applique également aux
sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement lorsqu’elles commercialisent des dépôts
structurés ou fournissent des conseils sur ces dépôts
à des clients.”.
168
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 220
In dezelfde wet wordt een artikel 26/2 inge-
voegd, luidende:
“Art. 26/2. Op advies van de FSMA bepaalt de Koning
de organisatorische vereisten die van toepassing zijn
op de vennootschappen voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies die zich met algoritmische handel
bezighouden, en/of die directe elektronische toegang
tot een handelsplatform aanbieden.”.
Art. 221
In artikel 31 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 2 wordt het vijfde lid vervangen
als volgt:
“De FSMA kan de in het vierde lid bedoelde onder-
breking verlengen tot ten hoogste dertig werkdagen:
1°) indien de kandidaat-verwerver een natuurlijke of
rechtspersoon is die buiten de Europese Unie is geves-
tigd of aan een reglementering van een derde land is
onderworpen; of
2°) indien de kandidaat-verwerver een natuurlijke of
rechtspersoon is die niet aan toezicht is onderworpen
ingevolge Richtlijn 2013/36/EU, Richtlijn 2009/65/EG,
Richtlijn 2009/138/EG of Richtlijn 2014/68/EU.”;
2° in paragraaf 3, tweede lid, wordt het woord “ge-
schiktheid” vervangen door het woord “passendheid”;
3° paragraaf 6 wordt opgeheven.
Art. 222
Artikel 32 van dezelfde wet, waarvan de bestaande
tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt aangevuld met
paragrafen 2 en 3, luidende:
“§ 2. Indien een deelneming wordt verworven of
vergroot ondanks het in artikel 31, § 3, bedoelde verzet
van de FSMA, kan de voorzitter van de rechtbank van
koophandel van het rechtsgebied waar de vennoot-
schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies haar
zetel heeft, uitspraak doende als in kort geding, de in
artikel 516, § 1, van het Wetboek van Vennootschappen
bedoelde maatregelen nemen, alsook alle of een deel
Art. 220
Dans la même loi, il est inséré un article 26/2, rédigé
comme suit:
“Art. 26/2. Le Roi détermine, sur avis de la FSMA, les
exigences organisationnelles applicables aux sociétés
de gestion de portefeuille et de conseil en investisse-
ment qui recourent au trading algorithmique et/ou qui
fournissent un accès électronique direct à une plate-
forme de négociation.”.
Art. 221
À l’article 31 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 2, l’alinéa 5 est remplacé par
ce qui suit:
“La FSMA peut porter la suspension visée à l’alinéa
4, à trente jours ouvrables:
1°) si le candidat acquéreur est une personne phy-
sique ou morale établie hors de l’Union européenne ou
relève d’une réglementation d’un pays tiers; ou
2°) si le candidat acquéreur est une personne
physique ou morale qui n’est pas soumise à une sur-
veillance en vertu de la Directive 2013/36/UE, de la
Directive 2009/65/CE, de la Directive 2009/138/CE, ou
de la Directive2014/65/UE.”;
2° dans le paragrahe 3, alinéa 2, le mot “approprié’
est remplacé par le mot “adéquat”;
3° le paragraphe 6 est abrogé.
Art. 222
L’article 32 de la même loi, dont le texte actuel forme-
ra le paragraphe 1er, est complété par les paragraphes
2 et 3, rédigés comme suit:
“§ 2. En cas d’acquisition ou d’accroissement d’une
participation en dépit de l’opposition de la FSMA visée
à l’article 31, § 3, le président du tribunal de commerce
dans le ressort duquel la société de gestion de por-
tefeuille et de conseil en investissement a son siège,
statuant comme en référé, peut prendre les mesures
visées à l’article 516, § 1er, du Code des sociétés,
ainsi que prononcer l’annulation de tout ou partie des
169
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
van de beslissingen van een algemene vergadering
die in voornoemde gevallen zou zijn gehouden, nietig
verklaren.
De procedure wordt ingeleid bij dagvaarding
door de FSMA.
Artikel 516, § 3, van het Wetboek van Vennootschappen
is van toepassing.
§ 3. De FSMA neemt soortgelijke maatregelen als
bedoeld in paragraaf 1 ten aanzien van de personen
die de in artikel 31, §§ 1 of 5, bedoelde voorafgaande
kennisgevingen niet hebben verricht.”.
Art. 223
Artikel 33 van dezelfde wet wordt opgeheven.
Art. 224
Artikel 34 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 34. § 1. Het wettelijk bestuursorgaan beoordeelt
periodiek en minstens eenmaal per jaar de doeltref-
fendheid van de in de artikelen 25 tot 25/3 bedoelde
organisatieregeling van de vennootschap, met inbegrip
van de in de artikelen 26 tot 26/2 bedoelde specifi eke
organisatieregeling en de overeenstemming ervan met
de wettelijke en reglementaire bepalingen. Het ziet erop
toe dat de personen belast met de effectieve leiding
van de vennootschap, in voorkomend geval het direc-
tiecomité, de nodige maatregelen nemen om eventuele
tekortkomingen aan te pakken.
Het wettelijk bestuursorgaan monitort en beoordeelt
periodiek de adequaatheid en de implementatie van
de strategische doelstellingen van de vennootschap
bij het verlenen van beleggingsdiensten, het verrichten
van beleggingsactiviteiten, het verlenen van neven-
diensten, de verkoop van gestructureerde deposito’s
en het verstrekken van advies aan cliënten in verband
met gestructureerde deposito’s en de adequaatheid
van de beleidsregels voor het verlenen van diensten
aan cliënten, en onderneemt passende stappen om
eventuele tekortkomingen aan te pakken.
§ 2. Het wettelijk bestuursorgaan oefent effectief
toezicht uit op de personen belast met de effectieve
leiding van de vennootschap, in voorkomend geval het
directiecomité, en is verantwoordelijk voor het toezicht
op de door die personen genomen beslissingen.
délibérations d’assemblée générale tenue dans les cas
visés ci-dessus.
La procédure est introduite par citation émanant
de la FSMA.
L’article 516, § 3, du Code des sociétés est
d’application.
§ 3. La FSMA prend des mesures similaires à celles
visées au paragraphe 1er à l’encontre des personnes qui
n’ont pas procédé aux notifi cations préalables prescrites
à l’article 31, §§ 1er ou 5.”.
Art. 223
L’article 33 de la même loi est abrogé.
Art. 224
L’article 34 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
“Art. 34. § 1er. L’organe légal d’administration évalue
périodiquement, et au moins une fois par an, l’efficacité
des dispositifs d’organisation de l’établissement visés
aux articles 25 à 25/3, ainsi que les dispositions d’orga-
nisation spécifi ques visées aux articles 26 à 26/2 et leur
conformité aux obligations légales et réglementaires. Il
veille à ce que les personnes chargées de la direction
effective de la société, le cas échéant le comité de direc-
tion, prennent les mesures nécessaires pour remédier
aux éventuels manquements.
L’organe légal d’administration contrôle et évalue
également périodiquement la pertinence et la mise
en œuvre des objectifs stratégiques de l’entreprise en
rapport avec la fourniture de services d’investissement,
l’exercice d’activités d’investissement, la fourniture de
services auxiliaires et la commercialisation de dépôts
structurés et la fourniture de conseils aux clients sur de
tels produits et l’adéquation des politiques relatives à la
fourniture de services aux clients et prend les mesures
appropriées pour remédier à toute défi cience.
§ 2. L’organe légal d’administration exerce un contrôle
effectif sur les personnes chargées de la direction effec-
tive de la société, le cas échéant le comité de direction,
et assure la surveillance des décisions prises par ces
personnes.
170
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Elk lid van het wettelijk bestuursorgaan handelt eerlijk,
integer en met onafhankelijkheid van geest om daad-
werkelijk de besluiten van de personen belast met de
effectieve leiding van de vennootschap, in voorkomend
geval het directiecomité, te beoordelen en deze, zo
nodig, aan te vechten, en om daadwerkelijk toe te zien
en controle uit te oefenen op de besluitvorming van het
management.
De leden van het wettelijk bestuursorgaan hebben
passende toegang tot alle informatie en documenten die
nodig zijn om de besluitvorming van het management
van de vennootschap te controleren en te monitoren.
§ 3. Het wettelijk bestuursorgaan beoordeelt in het
bijzonder de goede werking van de in artikel 25/3 be-
doelde onafhankelijke controlefuncties.
§ 4. In het jaarverslag van het wettelijk bestuursor-
gaan wordt aangetoond dat de leden van de in artikel
25/2 bedoelde comités over de nodige individuele en
collectieve deskundigheid beschikken.
§ 5. Het wettelijk bestuursorgaan waakt erover dat het
in artikel 25, § 3, bedoelde governancememorandum
wordt geactualiseerd en dat het geactualiseerde gover-
nancememorandum aan de FSMA wordt overgemaakt.
§ 6. Het wettelijk bestuursorgaan ziet toe op de
integriteit van de boekhoud- en fi nanciëleverslagge-
vingssystemen, met inbegrip van de regelingen voor
de operationele en fi nanciële controle. Het beoordeelt
de werking van de interne controle minstens eenmaal
per jaar en waakt erover dat deze controle een redelijke
mate van zekerheid verschaft over de betrouwbaarheid
van het fi nanciëleverslaggevingsproces, zodat de jaar-
rekening en de fi nanciële informatie in overeenstemming
is met de geldende boekhoudreglementering.
§ 7. Het wettelijk bestuursorgaan houdt toezicht op
de procedure voor de bekendmaking en de mededeling
van gegevens die door of krachtens deze wet is vereist.”.
Art. 225
In dezelfde wet wordt een artikel 34/1 inge-
voegd, luidende:
“Art. 34/1. Onverminderd de bevoegdheden van
het wettelijk bestuursorgaan inzake vaststelling van
het algemeen beleid als bepaald bij het Wetboek van
Vennootschappen, nemen de personen belast met
de effectieve leiding van de vennootschap voor ver-
mogensbeheer en beleggingsadvies, in voorkomend
geval het directiecomité, onder toezicht van het wettelijk
Chaque membre de l’organe légal d’administration
fait preuve d’une honnêteté, d’une intégrité et d’une
indépendance d’esprit qui lui permettent d’évaluer et
de remettre effectivement en question, si nécessaire,
les décisions des personnes chargées de la direction
effective de la société, le cas échéant le comité de
direction, et d’assurer la supervision et le suivi effectifs
des décisions prises en matière de gestion.
Les membres de l’organe légal d’administration
disposent d’un accès adéquat aux informations et
documents nécessaires pour superviser et suivre les
décisions prises en matière de gestion de la société.
§ 3. L’organe légal d’administration évalue en parti-
culier le bon fonctionnement des fonctions de contrôle
indépendantes visées à l’article 25/3.
§ 4. Le rapport annuel de l’organe légal d’administra-
tion justifi e la compétence individuelle et collective des
membres des comités visés à l’article 25/2.
§ 5. L’organe légal d’administration s’assure de la
mise à jour du mémorandum de gouvernance visé à
l’article 25, § 3, et de la transmission à la FSMA du
mémorandum de gouvernance actualisé.
§ 6. L’organe légal d’administration veille à l’inté-
grité des systèmes de comptabilité et de déclaration
d’information fi nancière, en ce compris les dispositifs
de contrôle opérationnel et fi nancier. Il évalue le fonc-
tionnement du contrôle interne au moins une fois par
an et s’assure que ce contrôle procure un degré de
certitude raisonnable quant à la fi abilité du processus
de reporting fi nancier, de manière à ce que les comptes
annuels et l’information fi nancière soient conformes à
la réglementation comptable en vigueur.
§ 7. L’organe légal d’administration supervise le pro-
cessus de publication et de communication requis par
ou en vertu de la présente loi .”.
Art. 225
Dans la même loi, il est inséré un article 34/1, rédigé
comme suit:
“Art. 34/1. Sans préjudice des pouvoirs dévolus à
l’organe légal d’administration en ce qui concerne la
détermination de la politique générale, tels que prévus
par le Code des sociétés, les personnes chargées de la
direction effective de la société de gestion de portefeuille
et de conseil en investissement, le cas échéant le comité
de direction, prennent, sous la surveillance de l’organe
171
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
bestuursorgaan, de nodige maatregelen voor de nale-
ving en de tenuitvoerlegging van het bepaalde bij de
artikelen 25 tot 25/3, met inbegrip van de in de artikelen
26 tot 26/2 bedoelde specifi eke organisatieregeling.
De personen belast met de effectieve leiding, in voor-
komend geval het directiecomité, rapporteren minstens
eenmaal per jaar aan het wettelijk bestuursorgaan en
aan de FSMA over de naleving van de bepalingen van
het eerste lid en over de maatregelen die, in voorkomend
geval, worden genomen om eventuele tekortkomingen
aan te pakken. Het verslag rechtvaardigt waarom deze
maatregelen voldoen aan de wettelijke en reglementaire
bepalingen.”.
Art. 226
Artikel 35 van dezelfde wet wordt aangevuld met de
paragrafen 4 en 5, luidende:
“§ 4. De vennootschappen voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies en, in voorkomend geval, hun be-
noemingscomité zorgen voor een breed scala van ken-
merken en vaardigheden bij de werving van leden voor
het wettelijk bestuursorgaan en voeren derhalve een
beleid ter bevordering van diversiteit binnen dat orgaan.
§ 5. De vennootschappen voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies wijden voldoende personele en
fi nanciële middelen aan de introductie en opleiding van
leden van het wettelijk bestuursorgaan.”.
Art. 227
In dezelfde wet wordt een artikel 35/1 inge-
voegd, luidende:
“Art. 35/1. De personen die verantwoordelijk zijn voor
de in artikel 25/3 bedoelde onafhankelijke controlefunc-
ties, kunnen niet zonder voorafgaande goedkeuring
van het wettelijk bestuursorgaan uit hun functie worden
verwijderd.
De vennootschap voor vermogensbeheer en beleg-
gingsadvies stelt de FSMA hier voorafgaandelijk van
in kennis.”.
Art. 228
Artikel 36 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
légal d’administration, les mesures nécessaires pour
assurer le respect et la mise en œuvre des dispositions
des articles 25 à 25/3, en ce compris les dispositions
d’organisation spécifi ques visées aux articles 26 à 26/2.
Les personnes chargées de la direction effective, le
cas échéant le comité de direction, font rapport au moins
une fois par an à l’organe légal d’administration et à la
FSMA sur le respect des dispositions de l’alinéa 1er et
sur les mesures prises le cas échéant pour remédier
aux défi ciences qui auraient été constatées. Le rapport
justifi e en quoi ces mesures satisfont aux dispositions
légales et réglementaires.”.
Art. 226
L’article 35 de la même loi est complété par les para-
graphes 4 et 5, rédigés comme suit:
“§ 4. Les sociétés de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement et, le cas échéant, leur comité
de nomination, font appel à un large éventail de qualités
et de compétences lors du recrutement des membres
de l’organe légal d’administration et à cet effet, mettent
en place des politiques favorables à la diversité au sein
de cet organe.
§ 5. Les sociétés de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement consacrent des ressources
humaines et financières adéquates à l’initiation
et à la formation des membres de l’organe légal
d’administration.”.
Art. 227
Dans la même loi, il est inséré un article 35/1, rédigé
comme suit:
“Art. 35/1. Les personnes qui sont responsables des
fonctions de contrôle indépendantes visées à l’article
25/3 ne peuvent être démises de leur fonction sans
l’accord préalable de l’organe légal d’administration.
La société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement en informe préalablement la FSMA.”.
Art. 228
L’article 36 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
172
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
“Art. 36. § 1. De leden van het wettelijk bestuursor-
gaan, de leden van het directiecomité of, bij ontstente-
nis van een directiecomité, de personen belast met
de effectieve leiding, besteden de nodige tijd aan de
uitoefening van hun functies in de vennootschap voor
vermogensbeheer en beleggingsadvies.
§ 2. Onverminderd paragraaf 1 en de artikelen 25 tot
26 mogen de bestuurders, zaakvoerders of directeu-
ren van een vennootschap voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies en alle personen die, onder welke
benaming of in welke hoedanigheid ook, deelnemen
aan het bestuur of het beleid van de onderneming, al
dan niet ter vertegenwoordiging van de vennootschap
voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, op de
voorwaarden en binnen de grenzen vastgesteld in
dit artikel, mandaten als bestuurder of zaakvoerder
waarnemen in dan wel deelnemen aan het bestuur of
het beleid van een handelsvennootschap of een ven-
nootschap met handelsvorm, een onderneming met
een andere Belgische of buitenlandse rechtsvorm, of
een Belgische of buitenlandse openbare instelling met
industriële, commerciële of fi nanciële werkzaamheden.
§ 3. De externe functies als bedoeld in § 2 worden
beheerst door de interne regels die de vennootschap
voor vermogensbeheer en beleggingsadvies moet in-
voeren en doen naleven teneinde:
1° te vermijden dat personen die deelnemen aan de
effectieve leiding van de vennootschap voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies, door de uitoefening van
die functies, niet langer voldoende beschikbaar zijn om
deze leiding waar te nemen;
2° te voorkomen dat bij de vennootschap voor ver-
mogensbeheer en beleggingsadvies belangenconfl icten
zouden optreden alsook risico’s die gepaard gaan met
de uitoefening van die functies, onder andere op het
vlak van transacties van ingewijden;
3° te zorgen voor een passende openbaarmaking
van die functies.
De FSMA bepaalt, bij reglement goedgekeurd door
de Koning, hoe die verplichtingen ten uitvoer wor-
den gelegd.
§ 4. De mandatarissen van een vennootschap die
worden benoemd op de voordracht van de vennoot-
schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies,
moeten personen zijn die deelnemen aan de effectieve
leiding van de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies dan wel personen die zij aanwijst.
“Art. 36. § 1er. Les membres de l’organe légal d’admi-
nistration, les membres du comité de direction et, en
l’absence de comité de direction, les personnes en
charge de la direction effective, consacrent le temps
nécessaire à l’exercice de leurs fonctions au sein de
la société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement.
§ 2. Sans préjudice du paragraphe 1er et des articles
25 à 26, les administrateurs, gérants ou directeurs
d’une société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement et toutes personnes qui, sous quelque
dénomination et en quelque qualité que ce soit, prennent
part à l’administration ou à la gestion de l’entreprise
peuvent, en représentation ou non de la société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement,
exercer des mandats d’administrateur ou de gérant ou
prendre part à l’administration ou à la gestion au sein
d’une société commerciale ou à forme commerciale,
d’une entreprise d’une autre forme de droit belge ou
étranger ou d’une institution publique belge ou étran-
gère, ayant une activité industrielle, commerciale ou
fi nancière, aux conditions et dans les limites prévues
au présent article.
§ 3. Les fonctions extérieures visées au § 2 sont
régies par des règles internes que la société de ges-
tion de portefeuille et de conseil en investissement doit
adopter et faire respecter en vue de poursuivre les
objectifs suivants:
1° éviter que l’exercice de ces fonctions par des per-
sonnes participant à la direction effective de la société
de gestion de portefeuille et de conseil en investisse-
ment ne porte atteinte à la disponibilité requise pour
l’exercice de cette direction;
2° prévenir dans le chef de la société de gestion de
portefeuille et de conseil en investissement la surve-
nance de confl its d’intérêts ainsi que les risques qui
s’attachent à l’exercice de ces fonctions, notamment
sur le plan des opérations d’initiés;
3° assurer une publicité adéquate de ces fonctions.
La FSMA fi xe, les modalités de ces obligations par
voie de règlement soumis à l’approbation du Roi.
§ 4. Les mandataires sociaux nommés sur présen-
tation de la société de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement doivent être des personnes
qui participent à la direction effective de la société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement
ou des personnes qu’elle désigne.
173
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
§ 5. De bestuurders die niet deelnemen aan de ef-
fectieve leiding van de vennootschap voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies, mogen geen bestuurder
zijn van een vennootschap waarin de vennootschap
een deelneming bezit, tenzij zij niet deelnemen aan het
dagelijks bestuur.
Onverminderd de paragrafen 1 en 3 zijn de in para-
graaf 2 bedoelde externe functies bovendien beperkt,
voor zover ze worden uitgeoefend in andere handelsven-
nootschappen dan de vennootschap voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies, tenzij het mandaat in de
vennootschap voor vermogensbeheer en beleggingsad-
vies wordt uitgeoefend ter vertegenwoordiging van een
lidstaat, tot het volgend aantal mandaten:
1° hetzij drie mandaten die geen deelname aan het
dagelijks bestuur mogen impliceren; of
2° een mandaat dat een deelname aan het dagelijks
bestuur impliceert en een mandaat dat geen deelname
aan het dagelijks bestuur mag impliceren.
De in het tweede lid bedoelde regel is niet van toepas-
sing op de vennootschappen voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies die niet signifi cant zijn wat hun interne
organisatie of de aard, de reikwijdte, de complexiteit of
het grensoverschrijdende karakter van hun activiteiten
betreft, en die aan ten minste twee van de volgende
drie criteria voldoen:
1° gemiddeld aantal werknemers gedurende het be-
trokken boekjaar van minder dan 250 personen;
2° balanstotaal van minder dan of gelijk aan
43 000 000 euro;
3° jaarlijkse netto-omzet van minder dan of gelijk aan
50 000 000 euro.
§ 6. De personen die deelnemen aan de effectieve
leiding van de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies mogen geen mandaat uitoefenen
dat een deelname aan het dagelijks bestuur inhoudt,
tenzij in een vennootschap als bedoeld in artikel 41,
§ 3, waarmee de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies nauwe banden heeft, of in een
instelling voor collectieve belegging die geregeld is bij
statuten in de zin van de wet van 3 augustus 2012 of
van de wet van 19 april 2014, of in een patrimonium-
vennootschap waarin zij of hun familie, in het kader van
het normale beheer van hun vermogen, een signifi cant
belang bezitten.
§ 5. Les administrateurs ne participant pas à la direc-
tion effective de la société de gestion de portefeuille et
de conseil en investissement ne peuvent être adminis-
trateur d’une société dans laquelle l’entreprise détient
une participation que s’ils ne participent pas à la gestion
courante de cette société.
En outre, et sans préjudice des paragraphes 1er et
3, les fonctions extérieures visées au paragraphe 2,
pour autant qu’elles soient exercées dans des sociétés
commerciales autres que la société de gestion de por-
tefeuille et de conseil en investissement, sont limitées,
sauf dans l’hypothèse où le mandat au sein de la société
de gestion de portefeuille et de conseil en investisse-
ment est exercé en représentation d’un État membre,
au nombre de mandats suivants:
1° soit à trois mandats ne pouvant impliquer une
participation à la gestion courante; ou
2° soit à un mandat impliquant une participation à
la gestion courante et un mandat ne pouvant impliquer
une participation à la gestion courante.
La règle visée à l’alinéa 2 ne s’applique pas aux
sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement qui ne revêtent pas une importance
signifi cative en raison de leur organisation interne ou
en raison de la nature, de la portée, de la complexité
ou du caractère transfrontalier de leurs activités et qui
répondent à au moins deux des trois critères suivants:
1° nombre moyen de salariés inférieur à 250 per-
sonnes sur l’ensemble de l’exercice concerné;
2° total du bilan inférieur ou égal à 43 000 000 euros;
3° chiffre d’affaires net annuel inférieur ou égal à
50 000 000 euros.
§ 6. Les personnes qui participent à la direction effec-
tive de la société de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement ne peuvent exercer un mandat com-
portant une participation à la gestion courante que s’il
s’agit d’une société visée à l’article 41, § 3, avec laquelle
la société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement a des liens étroits, d’un organisme de
placement collectif à forme statutaire au sens de la loi
du 3 août 2012 ou de la loi du 19 avril 2014, ou d’une
société patrimoniale dans laquelle de telles personnes
ou leur famille détiennent dans le cadre de la gestion
normale de leur patrimoine un intérêt signifi catif.
174
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Onverminderd de paragrafen 1 en 3 zijn de in para-
graaf 2 bedoelde externe functies bovendien beperkt,
voor zover ze worden uitgeoefend in andere handelsven-
nootschappen dan de vennootschap voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies, beperkt tot twee mandaten
die geen deelname aan het dagelijks bestuur mogen
impliceren, tenzij het mandaat in de vennootschap voor
vermogensbeheer en beleggingsadvies wordt uitgeoe-
fend ter vertegenwoordiging van een lidstaat.
De in het tweede lid bedoelde regel is niet van toepas-
sing op de vennootschappen voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies die niet signifi cant zijn wat hun interne
organisatie of de aard, de reikwijdte, de complexiteit of
het grensoverschrijdende karakter van hun activiteiten
betreft, en die aan ten minste twee van de volgende
drie criteria voldoen:
1° gemiddeld aantal werknemers gedurende het be-
trokken boekjaar van minder dan 250 personen;
2° balanstotaal van minder dan of gelijk aan
43 000 000 euro;
3° jaarlijkse netto-omzet van minder dan of gelijk aan
50 000 000 euro.
§ 7. In individuele gevallen kan de FSMA een afwijking
toestaan van het maximum aantal mandaten waarin
is voorzien in paragrafen 5 en 6, door toe te staan dat
een bijkomend mandaat wordt uitgeoefend dat geen
deelname aan het dagelijks bestuur impliceert. De
FSMA stelt de Europese Bankautoriteit regelmatig op
de hoogte van het gebruik dat zij van deze afwijkings-
bevoegdheid maakt.
§ 8. De vennootschappen voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies notifi ëren zonder uitstel aan de FSMA
de functies uitgeoefend buiten de vennootschap voor
vermogensbeheer en beleggingsadvies door de in para-
graaf 2 bedoelde personen met het oog op het toezicht
op de naleving van de bepalingen voorzien in dit artikel.
§ 9. Voor de toepassing van paragrafen 5, tweede
lid, en 6, tweede lid, wordt de uitoefening van verschil-
lende mandaten, die al dan niet een deelname aan het
dagelijks bestuur impliceren, in ondernemingen die deel
uitmaken van de groep waartoe de vennootschap voor
vermogensbeheer en beleggingsadvies behoort of van
een andere groep, als één enkel mandaat beschouwd.
Voor de toepassing van dit artikel wordt onder
“groep” een geheel van ondernemingen verstaan dat
wordt gevormd door een moederonderneming, haar
En outre, et sans préjudice des paragraphes 1er et
3, les fonctions extérieures visées au paragraphe 2,
pour autant qu’elles soient exercées dans des sociétés
commerciales autres que la société de gestion de por-
tefeuille et de conseil en investissement, sont limitées à
deux mandats ne pouvant impliquer une participation à
la gestion courante sauf dans l’hypothèse où le mandat
au sein de la société de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement est exercé en représentation
d’un État membre.
La règle visée à l’alinéa 2 ne s’applique pas aux
sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement qui ne revêtent pas une importance
signifi cative en raison de leur organisation interne ou
en raison de la nature, de la portée, de la complexité
ou du caractère transfrontalier de leurs activités et qui
répondent à au moins deux des trois critères suivants:
1° nombre moyen de salariés inférieur à 250 per-
sonnes sur l’ensemble de l’exercice concerné;
2° total du bilan inférieur ou égal à 43 000 000 euros;
3° chiffre d’affaires net annuel inférieur ou égal à
50 000 000 euros.
§ 7. La FSMA peut, dans des cas individuels, accor-
der une dérogation au nombre de mandats maximum
prévus aux paragraphes 5 et 6, en autorisant la possi-
bilité d’exercer un mandat supplémentaire n’impliquant
pas une participation à la gestion courante. La FSMA
informe, sur une base régulière, l’Autorité européenne
des marchés fi nanciers de l’usage qu’elle fait de ce
pouvoir de dérogation.
§ 8. Les sociétés de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement notifient sans délai à la
FSMA les fonctions exercées en dehors de la société
de gestion de portefeuille et de conseil en investisse-
ment par les personnes visées au paragraphe 2 aux
fi ns du contrôle du respect des dispositions prévues
au présent article.
§ 9. Pour l’application des paragraphes 5, alinéa 2,
et 6, alinéa 2, sont considérés comme un seul mandat
l’exercice de plusieurs mandats, impliquant ou non une
participation à la gestion courante, dans des entreprises
faisant partie du groupe dont fait partie la société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement
ou d’un autre groupe.
Aux fi ns du présent article, on entend par “groupe”,
un ensemble d’entreprises constitué par une entre-
prise mère, ses fi liales, les entreprises dans lesquelles
175
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
dochterondernemingen, de ondernemingen waarin de
moederonderneming of haar dochterondernemingen
rechtstreeks of onrechtstreeks een deelneming aanhou-
den in de zin van artikel 3, 26°, van deze wet, alsook
de ondernemingen waarmee een consortium wordt
gevormd, en de ondernemingen die door deze laatste
ondernemingen worden gecontroleerd of waarin deze
een deelneming aanhouden in de zin van artikel 3, 26°,
van deze wet.
§ 10. Voor de toepassing van dit artikel kan de FSMA
aan de hand van de statuten nagaan of al dan niet
externe functies worden uitgeoefend in handelsven-
nootschappen, in het bijzonder wat externe functies in
patrimoniumvennootschappen betreft.”.
§ 11. In afwijking van paragraaf 5 mag een lid van het
wettelijk bestuursorgaan van een vennootschap voor
vermogensbeheer en beleggingsadvies dat niet deel-
neemt aan de effectieve leiding van die vennootschap
en dat benoemd is naar aanleiding van de verwerving
van een deelneming of de overname van de activitei-
ten van een vennootschap waarin diezelfde persoon
deelneemt aan de effectieve leiding, het mandaat dat
hij bij deze laatste vennootschap uitoefent op de datum
van inwerkingtreding van deze wet, blijven uitoefenen
tot het verstrijkt, voor zover dat mandaat niet langer
dan 6 jaar na de voornoemde verwerving of overname
wordt uitgeoefend.
§ 12. In afwijking van paragraaf 6 mogen de leden van
het directiecomité of, bij ontstentenis van een directie-
comité, de personen die deelnemen aan de effectieve
leiding van een vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies, een mandaat uitoefenen dat
een deelname inhoudt aan het dagelijks bestuur van
een vennootschap waarvan zij de enige leiders zijn
en waarvan het bedrijf beperkt is tot het verlenen van
beheerdiensten aan de in artikel 36, § 6, bedoelde
vennootschappen of tot dat van een patrimoniumven-
nootschap, gedurende een periode van drie jaar vanaf
de datum van inwerkingtreding van deze wet.
Art. 229
In artikel 47 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, eerste lid, worden de woorden “die
een bijkantoor op het grondgebied van een andere
lidstaat wenst te vestigen” vervangen door de woorden
“die een bijkantoor wenst te vestigen op het grondgebied
van een andere lidstaat, of die gebruik wenst te maken
van verbonden agenten die zijn gevestigd in een andere
lidstaat waar zij geen bijkantoor heeft gevestigd”;
l’entreprise mère ou ses fi liales détiennent une partici-
pation directe ou indirecte au sens de l’article 3, 26°, de
la présente loi, ainsi que des entreprises qui constituent
un consortium et les entreprises contrôlées par ces
dernières ou dans lesquelles elles détiennent une par-
ticipation au sens de l’article 3, 26°, de la présente loi.
§ 10. Pour l’application de cet article, la FSMA peut
vérifi er à l’aide des statuts si des fonctions externes
sont exercées ou non dans des sociétés commerciales,
plus particulièrement en ce qui concerne les fonctions
externes dans des sociétés patrimoniales. “.
§ 11. Par dérogation au paragraphe 5, un membre de
l’organe légal d’administration d’une société de gestion
de portefeuille et de conseil en investissement ne par-
ticipant pas à la direction effective de celle-ci, qui est
nommé à la suite de l’acquisition d’une participation ou
de la reprise des activités d’une société dans laquelle
cette même personne participe à la direction effective,
est autorisé à poursuivre l’exercice de son mandat en
cours au sein de cette dernière société à la date d’entrée
en vigueur de la présente loi jusqu’à l’expiration de celui-
ci, pour autant que l’exercice de ce mandat ne dépasse
pas la date d’anniversaire des 6 ans de l’acquisition ou
de la reprise précitée.
§ 12. Par dérogation au paragraphe 6, les membres
du comité de direction ou, en l’absence de comité de
direction, les personnes qui participent à la direction
effective d’une société de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement peuvent exercer un mandat
comportant une participation à la gestion courante d’une
société dans laquelle ces personnes sont les uniques
dirigeants et dont l’activité se limite à des services de
gestion aux sociétés visées à l’article 36, § 6, ou à l’acti-
vité d’une société patrimoniale pendant une période de
trois ans à partir de la date d’entrée en vigueur de la
présente loi.
Art. 229
A l’article 47 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, les mots “ou
recourir à des agents liés établis dans un autre État
membre dans lequel elle n’a pas établi de succursale,”
sont insérés entre les mots “sur le territoire d’un autre
État membre” et les mots “pour y fournir ou y exercer”;
176
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
2° in paragraaf 1, tweede lid, worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de
woorden “of de lidstaten waar zij geen bijkantoor heeft
gevestigd maar voornemens is gebruik te maken van
daar gevestigde verbonden agenten;”
b) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt:
“2° een programma van werkzaamheden waarin
onder meer de beleggings-diensten en/of beleggings-
activiteiten alsook de nevendiensten die het bijkantoor
zal verlenen en/of verrichten, en, als zij een bijkantoor
heeft gevestigd, de organisatiestructuur van dat bij-
kantoor worden vermeld en waarin wordt aangegeven
of het bijkantoor voornemens is gebruik te maken van
verbonden agenten, alsook de identiteit van die verbon-
den agenten wordt vermeld;”;
c) een bepaling onder 2°/1 wordt ingevoegd, luidende:
“2°/1 indien de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies voornemens is gebruik te maken
van verbonden agenten in een lidstaat waar zij geen
bijkantoor heeft gevestigd, een beschrijving van het
beoogde gebruik van de verbonden agent(en) en een
organisatiestructuur, met opgave van rapportagelijnen,
waarbij wordt aangegeven hoe de agent(en) in de be-
drijfsstructuur van de vennootschap voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies past (passen);”;
d) in de bepaling onder 4° worden de woorden “of van
de verbonden agent” ingevoegd tussen de woorden “van
het bijkantoor” en de woorden”en, in voorkomend geval”;
3° paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid, luidende:
“Ingeval een vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies gebruik maakt van een in een
andere lidstaat gevestigde verbonden agent, wordt die
verbonden agent gelijkgesteld aan het bijkantoor, indien
er een is gevestigd, en wordt hij in elk geval onderwor-
pen aan de bepalingen van deze wet met betrekking
tot bijkantoren.”;
4° paragraaf 2 wordt opgeheven;
5° paragraaf 5 wordt opgeheven.
Art. 230
In artikel 48, eerste lid, worden de volgende wijzigin-
gen aangebracht:
2° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, les modifi cations
suivantes sont apportées:
a) le 1° est complété par les mots “ou l’État membre
dans lequel elle n’a pas établi de succursale mais elle
envisage de recourir à des agents liés qui y sont établis;”
b) le 2° est remplacé par ce qui suit:
“2° un programme d’activités précisant notamment,
les services et/ou activités d’investissement ainsi que
les services auxiliaires que fournira ou exercera la suc-
cursale de même que, si une succursale est établie la
structure organisationnelle de celle-ci et indiquant si la
succursale prévoit de recourir à des agents liés, ainsi
que l’identité de ces agents liés; “;
c) il est inséré un 2°/1, rédigé comme suit:
“2°/1 si la société de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement entend recourir à des agents
liés dans un État membre dans lequel elle n’a pas établi
de succursale, une description du recours prévu à ou
aux agents liés et une structure organisationnelle, y
compris les voies hiérarchiques, indiquant comment
le ou les agents s’insèrent dans la structure organisa-
tionnelle de la société de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement;”;
d) dans le 4°, les mots “ou de l’agent lié” sont insé-
rés entre les mots “de la succursale” et les mots “et, le
cas échéant”;
3° le paragraphe 1er est complété par un alinéa, rédigé
comme suit:
“Lorsqu’une société de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement recourt à un agent lié établi
dans un autre État membre, cet agent lié est assimilé
à la succursale, lorsqu’une succursale a été établie, et
est en tout état de cause soumis aux dispositions de la
présente loi relatives aux succursales.”;
4° le paragraphe 2 est abrogé;
5° le paragraphe 5 est abrogé.
Art. 230
À l’article 48, alinéa 1er, de la même loi, les modifi ca-
tions suivantes sont apportées:
177
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° de woorden “Wanneer het vestigingsland van het
bijkantoor lid is van de Europese Economische Ruimte,
doet de FSMA, tenzij zij,” worden vervangen door de
woorden “Tenzij de FSMA,”;
2° de woorden “, doet zij,” worden ingevoegd tussen
de woorden “vermogensbeheer en beleggingsadvies”
en de woorden “binnen drie maanden”;
3° de woorden “die overeenkomstig artikel 79, lid 1,
van Richtlijn 2014/65/EU als contactpunt is aangewe-
zen,” worden ingevoegd tussen de woorden “lidstaat
van ontvangst” en de woorden “en stelt zij de betrokken
vennootschap”.
Art. 231
Artikel 49 van dezelfde wet wordt opgeheven.
Art. 232
Artikel 51 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 51. Iedere vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies die voor de eerste maal alle of een
deel van de in artikel 2 opgesomde beleggingsdiensten
en/of beleggingsactiviteiten of nevendiensten op het
grondgebied van een andere lidstaat wil verrichten die
haar in België zijn toegestaan of die de soort van aldaar
verrichte diensten of activiteiten wenst uit te breiden,
verstrekt de FSMA de volgende informatie:
1° de lidstaat waarin zij voornemens is werkzaamhe-
den uit te oefenen;
2° een programma van werkzaamheden waarin met
name wordt aangegeven welke beleggingsdiensten
en/of beleggingsactiviteiten alsmede nevendiensten zij
voornemens is op het grondgebied van die lidstaat te
verlenen of te verrichten, en of zij voornemens is om
gebruik te maken van in België gevestigde verbon-
den agenten.
Indien de vennootschap voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies voornemens is gebruik te maken van
verbonden agenten, stelt zij de FSMA in kennis van hun
identiteitsgegevens.
Indien de vennootschap voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies voornemens is gebruik te maken van
in België gevestigde verbonden agenten op het grond-
gebied van de lidstaat waar zij voornemens is diensten
1° les mots “Lorsque l’État d’implantation de la suc-
cursale est membre de l’Espace économique européen,
la FSMA” sont remplacés par les mots “La FSMA”;
2° dans le texte néerlandais, les mots “‘doet zij,” sont
insérés entre les mots “vermogensbeheer en belegging-
sadvies” et les mots “binnen drie maanden”;
3° les mots “désignée comme point de contact confor-
mément à l’article 79, paragraphe 1er, de la Directive
2014/65/UE” sont insérés entre les mots “à l’autorité
compétente de l’État membre d’accueil” et les mots “et
en avise la société”.
Art. 231
L’article 49 de la même loi est abrogé.
Art. 232
Dans la même loi, l’article 51 est remplacé par
ce qui suit:
“Art. 51. Toute société de gestion de portefeuille et
de conseil en investissement qui souhaite fournir ou
exercer pour la première fois sur le territoire d’un autre
État membre tout ou partie des services et/ou activités
d’investissement ou services auxiliaires énumérés à
l’article 2 qu’elle est autorisée à fournir ou exercer en
Belgique, ou qui souhaite étendre la gamme des ser-
vices fournis ou des activités exercées communique les
informations suivantes à la FSMA:
1° l’État membre dans lequel elle envisage d’opérer;
2° un programme d’activités mentionnant, en parti-
culier, les services et/ou les activités d’investissement
ainsi que les services auxiliaires qu’elle entend fournir
ou exercer sur le territoire de cet État membre, et si
elle prévoit de le faire en recourant à des agents liés,
établis en Belgique.
Si la société de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement entend recourir à des agents liés, elle
communique à la FSMA l’identité de ces agents liés.
Si la société de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement entend recourir, sur le territoire de
l’État membre dans lequel elle envisage de fournir des
services, à des agents liés établis en Belgique, la FSMA
178
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
te verlenen, deelt de FSMA, uiterlijk een maand na
ontvangst van alle informatie, aan de bevoegde autoriteit
van de lidstaat van ontvangst die overeenkomstig artikel
79, lid 1, van Richtlijn 2014/65/EU als contactpunt is aan-
gewezen, de identiteitsgegevens mee van de verbonden
agenten die de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies voornemens is te gebruiken om in
die lidstaat beleggingsdiensten te verlenen en beleg-
gingsactiviteiten te verrichten. De lidstaat van ontvangst
maakt die informatie openbaar.”.
Art. 233
In artikel 52 van dezelfde wet worden de woorden “die
overeenkomstig artikel 79, lid 1, van Richtlijn 2014/65/
EU als contactpunt is aangewezen” ingevoegd tussen
de woorden “lidstaat van ontvangst” en de woorden “,
waarna de vennootschap”.
Art. 234
In artikel 56 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 3, eerste lid, wordt aangevuld met de
woorden “evenals alle opnames van telefoonverkeer en
elektronische communicatie of ander dataverkeer die in
het bezit zijn van een vennootschap voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies”;
2° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf
5, luidende:
“§ 5. De bepalingen van de artikelen 79 tot 86 van
de wet van 2 augustus 2002 zijn van toepassing voor
de uitoefening van de bevoegdheden die aan de FSMA
zijn toegekend door en krachtens deze wet.”.
Art. 235
In dezelfde wet wordt een artikel 56/1 inge-
voegd, luidende:
“Art. 56/1. Onverminderd artikel 26, § 4, tweede lid kan
de FSMA in geval van uitbesteding ook haar in artikel 56,
paragraaf 3, tweede lid bedoelde inspectieprerogatieven
uitoefenen bij ondernemingen waarop een vennoot-
schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies een
beroep doet in haar hoedanigheid van dienstverlener,
teneinde na te gaan of de voorwaarden waaronder die
diensten worden verleend geen afbreuk doen aan de
communique à l’autorité compétente de l’État membre
d’accueil désignée comme point de contact confor-
mément à l’article 79, paragraphe 1er, de la Directive
2014/65/UE, dans le mois suivant la réception de toutes
les informations, l’identité des agents liés auxquels la
société de gestion de portefeuille et de conseil en inves-
tissement entend recourir pour fournir des services et
des activités d’investissement dans cet État membre.
L’État membre d’accueil publie ces informations.”.
Art. 233
Dans l’article 52 de la même loi, les mots “désignée
comme point de contact conformément à l’article 79,
paragraphe 1er, de la Directive 2014/65/UE” sont insérés
entre les mots “à l’autorité compétente de l’État membre
d’accueil” et les mots “; la société de gestion de porte-
feuille et de conseil en investissement”.
Art. 234
A l’article 56 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° le paragraphe 3, alinéa 1er, est complété par les
mots “ainsi que tous enregistrements d’échanges
téléphoniques, de communications électroniques ou
tous autres échanges informatiques, détenus par la
société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement”;
2° l’article est complété par le paragraphe 5, rédigé
comme suit:
“§ 5. Les dispositions des articles 79 à 86 de la loi
du 2 août 2002 sont applicables aux fi ns de l’exercice
des compétences attribuées à la FSMA par et en vertu
de la présente loi.”.
Art. 235
Dans la même loi, il est inséré un article 56/1, rédigé
comme suit:
“Art. 56/1. Sans préjudice de l’article 26, § 4, ali-
néa 2, en cas de recours à l’externalisation, la FSMA
peut également exercer ses prérogatives d’inspection
visées à l’article 56, paragraphe 3, alinéa 2, auprès
des entreprises auxquelles les sociétés de gestion de
portefeuille et de conseil en investissement recourent en
qualité de prestataires de services afi n de vérifi er si les
conditions dans lesquelles ces prestations sont fournies
179
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
naleving door de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies van haar wettelijke en reglemen-
taire verplichtingen. De prerogatieven bedoeld in de
artikelen 56, § 3 en 58 kunnen, naar analogie, ook
worden uitgeoefend ten aanzien van die dienstverleners.
De bevoegde autoriteiten van een andere lidstaat
waar de vennootschappen voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies die onder hun toezichtsbevoegd-
heid vallen, een beroep doen op in België gevestigde
dienstverlenende ondernemingen, mogen ten aanzien
van die dienstverleners de in het eerste lid bedoelde
prerogatieven uitoefenen, in voorkomend geval met in-
schakeling van personen die zij daartoe machtigen. Als
zij daar om verzoeken, kan de FSMA haar prerogatieven
namens die autoriteiten uitoefenen.”.
Art. 236
In artikel 64 worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° in paragraaf 1 worden de woorden “een vennoot-
schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies niet
werkt overeenkomstig de bepalingen van deze titel en
de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglemen-
ten” vervangen door de woorden “een vennootschap
voor vermogensbeheer en beleggingsadvies niet werkt
overeenkomstig de bepalingen van deze titel en de ter
uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen, of
van Verordening (EU) nr. 600/2014”;
2° paragraaf 2 wordt aangevuld met een lid, luidende:
“Als deze maatregelen zijn genomen ingevolge een
overtreding van de verplichtingen die zijn opgelegd door
Verordening (EU) nr. 600/2014, door deze wet voor de
omzetting van Richtlijn 2014/65/EU, of door bepalingen
die zijn genomen op grond van of ter uitvoering van deze
Verordening of deze bepalingen, publiceert de FSMA de
genomen maatregelen als bedoeld in paragraaf 1, 1°,
4°, 5° en 6, conform artikel 72, § 3, vierde tot zevende
lid, van de wet van 2 augustus 2002.
Als de FSMA een maatregel publiceert conform het
vorige lid, brengt zij dit ter kennis van ESMA. Daarbij
verstrekt de FSMA ESMA tevens algemene informatie
over de maatregelen die worden genomen voor dit type
inbreuk.”.
ne sont pas de nature à porter atteinte au respect par
les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement de leurs obligations légales et réglemen-
taires. Les prérogatives visées aux articles 56, § 3 et
58 peuvent également, par analogie, être exercées à
l’égard de ces prestataires de services.
Les autorités compétentes d’un autre État membre
dont les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement qui ressortissent de leurs compé-
tences de contrôle recourent à des entreprises en qualité
de prestataires de services situées en Belgique peuvent
exercer à l’égard de ces prestataires de services les
prérogatives prévues à l’alinéa 1er, le cas échéant par
l’intermédiaire des personnes qu’elles mandatent à
cet effet. À leur demande, la FSMA peut exercer ces
prérogatives pour le compte de ces autorités.”.
Art. 236
Àl’article 64 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, les mots “qu’une société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement
ne fonctionne pas en conformité avec les dispositions
du présent titre et des arrêtés et règlements pris pour
son exécution” sont remplacés par les mots “qu’une
société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement ne fonctionne pas en conformité avec
les dispositions du présent titre et des arrêtés et règle-
ments pris pour son exécution ou du Règlement (UE)
n°600/2014 et des dispositions prises sur la base ou en
exécution de ce règlement”;
2° le paragraphe 2 est complété par deux alinéas,
rédigés comme suit:
“Lorsque ces mesures sont adoptées pour viola-
tion des obligations prévues par le Règlement (UE)
n°600/2014, par la présente loi en vue de la transposi-
tion de la Directive 2014/65/UE, ou par des dispositions
prises sur la base ou en exécution de ce règlement ou de
ces dispositions, la FSMA publie l’adoption des mesures
visées au paragraphe 1er, 1°, 4°, 5° et 6°, conformément
à l’article 72, § 3, alinéas 4 à 7, de la loi du 2 août 2002.
La FSMA informe l’ESMA lorsqu’elle publie une
mesure conformément à l’alinéa précédent. La FSMA
fournit en outre à l’ESMA des informations globales sur
les mesures prises pour ce type de manquements.”.
180
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 237
In artikel 65 van dezelfde wet worden de woorden
“de Richtlijn 2004/39/EG” vervangen door de woorden
“Richtlijn 2014/65/EU”.
Art. 238
In artikel 68 van dezelfde wet wordt de eerste zin
aangevuld met de woorden “, of van Verordening
600/2014 of de op grond of ter uitvoering van deze
verordening genomen bepalingen”.
Art. 239
In artikel 69 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 1, eerste lid, a), wordt aangevuld met
de woorden “aan Verordening 600/2014 of de op grond
of ter uitvoering van deze verordening genomen bepa-
lingen, of”;
2° in paragraaf 2 worden de woorden “of van
Verordening 600/2014 of de op grond of ter uitvoering
van deze verordening genomen bepalingen” ingevoegd
tussen de woorden “de maatregelen genomen in uit-
voering ervan” en de woorden “of indien zij een inbreuk
vaststelt”.
3° paragraaf 2 wordt aangevuld met twee le-
den, luidende:
“In geval van een inbreuk op de bepalingen van
Verordening 600/2014, op de bepalingen van deze
wet tot omzetting van Richtlijn 2014/65/EU of op de
bepalingen genomen op basis van of ter uitvoering van
deze verordening of deze bepalingen, kan de FSMA
ook een administratieve geldboete opleggen aan een
of meerdere leden van het wettelijk bestuursorgaan
en aan elke persoon die belast is met de effectieve
leiding van de vennootschap voor vermogensbeheer
en beleggingsadvies.
In afwijking van het eerste lid gelden de volgende
maximumbedragen in geval van een inbreuk op de
bepalingen als bedoeld in het tweede lid: voor natuur-
lijke personen 5 000 000 euro, en voor rechtspersonen
5 000 000 euro of, indien dit hoger is, tien procent van
de totale jaaromzet. Als de inbreuk voor de overtreder
winst heeft opgeleverd of hem heeft toegelaten verlies
te vermijden, mag dit maximum worden verhoogd tot het
tweevoud van het bedrag van deze winst of dit verlies.”.
Art. 237
Dans l’article 65 de la même loi, les mots “Directive
2004/39/CE” sont remplacés par les mots “Directive
2014/65/UE”.
Art. 238
Dans l’article 68 de la même loi, la 1re phrase est com-
plétée par les mots “, ou du Règlement (UE) 600/2014 ou
des dispositions prises sur la base ou en exécution de
ce règlement”.
Art. 239
À l’article 69 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, a), les mots “ou
du Règlement (UE) 600/2014 ou des dispositions prises
sur la base ou en exécution de ce règlement” sont insé-
rés entre les mots “pour son exécution” et le mot “, ou”;
2° dans le paragraphe 2, les mots “ou du Règlement
(UE) 600/2014 ou des dispositions prises sur la base
ou en exécution de ce règlement” sont insérés entre les
mots “mesures prises en exécution de celles-ci” et les
mots “ou lorsqu’elle constate une infraction”.
3° le paragraphe 2 est complété par deux alinéas
rédigés comme suit:
“En cas d’infraction aux dispositions du Règlement
(UE) 600/2014, aux dispositions de la présente loi prises
en vue de la transposition de la Directive 2014/65/UE
ou aux dispositions prises sur la base ou en exécution
de ce règlement ou de ces dispositions, la FSMA peut
également infl iger une amende administrative à un ou
plusieurs membres de l’organe légal d’administration
et à toute personne chargée de la direction effective
de la société de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement.
Par dérogation à l’alinéa 1er, en cas d’infraction aux
dispositions visées à l’alinéa 2, les montants maximums
suivants sont d’application: s’agissant de personnes
physiques, 5 000 000 euros et, s’agissant de personnes
morales, 5 000 000 euros ou, si le montant obtenu par
application de ce pourcentage est plus élevé, dix pour
cent du chiffre d’affaires annuel total. Lorsque l’infrac-
tion a procuré un profi t au contrevenant ou a permis à ce
dernier d’éviter une perte, ce maximum peut être porté
au double du montant de ce profi t ou de cette perte.”.
181
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 240
In artikel 74 van dezelfde wet wordt tussen het eerste
en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende:
“De FSMA ziet er eveneens op toe dat diensten die
worden verleend door bijkantoren van buitenlandse
vennootschappen voor vermogensbeheer en beleg-
gingsadvies die ressorteren onder het recht van een
andere lidstaat, voldoen aan de eisen van de artikelen
14 tot 26 van Verordening (EU) nr. 600/2014.”.
Art. 241
Artikel 75, § 2, wordt aangevuld met een lid, luidende:
“Deze overheden hebben eveneens toegang tot de in
artikel 26, § 5, bedoelde gegevens die zijn bijgehouden
door de vennootschappen voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies die ingevolge artikel 71 onder hun
bevoegdheid vallen.”.
Art. 242
In het opschrift van afdeling 2 van hoofdstuk 2 van
titel 3 van dezelfde wet, worden de woorden “de Richtlijn
2004/39/EG” vervangen door de woorden “Richtlijn
2014/65/EU”.
Art. 243
In artikel 83 van dezelfde wet worden de woorden
“Richtlijn 2004/39/EC van het Europees Parlement en de
Raad vallen krachtens artikel 2, § 1, m) en n)” vervangen
door de woorden “Richtlijn 2014/65/EU vallen krachtens
artikel 2, § 1, l) en m)”.
Art. 244
Artikel 84 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 84. § 1. Een vennootschap voor vermogens-
beheer en beleggingsadvies die ressorteert onder het
recht van een derde land en om een vergunning van de
FSMA verzoekt overeenkomst artikel 13, § 2, tweede lid,
stelt de FSMA in kennis van het volgende:
1° de naam van de autoriteit die in het betrokken
derde land verantwoordelijk is voor het toezicht op de
Art. 240
Dans l’article 74 de la même loi, un alinéa, rédigé
comme suit, est inséré entre l’alinéa 1er et l’alinéa 2:
“La FSMA veille également à ce que les services
fournis par les succursales des sociétés de gestion
de portefeuille et de conseil en investissement étran-
gères relevant du droit d’un autre État membre satis-
fassent aux obligations prévues aux articles 14 à 26 du
Règlement (UE) n°600/2014.”.
Art. 241
L’article 75, § 2, est complété par un alinéa, rédigé
comme suit:
“Ces autorités peuvent également accéder aux
enregistrements visés à l’article 26, § 5, effectués par
les sociétés de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement relevant de leurs compétences confor-
mément à l’article 71.”.
Art. 242
Dans l’intitulé de la section 2 du chapitre 2 du titre
3 de la même loi, les mots “directive 2004/39/CE” sont
remplacés par les mots “Directive 2014/65/UE”.
Art. 243
Dans l’article 83 de la même loi, les mots “directive
2004/39/CE du Parlement européen et du Conseil en
vertu de l’article 2, § 1, m) et n)” sont remplacés par
les mots “Directive 2014/65/UE en vertu de l’article 2,
§ 1, l) et m)”.
Art. 244
L’article 84 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
“Art. 84. § 1er. La société de gestion de portefeuille
et de conseil en investissement relevant du droit d’un
pays tiers qui sollicite un agrément auprès de la FSMA
conformément à l’article 13, § 2, alinéa 2, fournit à la
FSMA les informations suivantes:
1° le nom de l’autorité chargée de sa surveillance
dans le pays tiers concerné. Si la surveillance est
182
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
vennootschap. Wanneer er meer dan een autoriteit
verantwoordelijk is voor dat toezicht, worden nadere
bijzonderheden over hun respectieve bevoegdheidster-
reinen verstrekt;
2° alle relevante bijzonderheden over de vennoot-
schap (naam, rechtsvorm, statutaire zetel en adres,
leden van het leidinggevend orgaan en relevante
aandeelhouders) en een programma van werkzaam-
heden waarin de aangeboden beleggingsdiensten en/
of beleggingsactiviteiten alsook nevendiensten en de
organisatiestructuur van het bijkantoor worden vermeld,
en een beschrijving wordt gegeven van elke uitbesteding
van belangrijke operationele taken;
3° de naam van de bestuurders van het bijkantoor
en de relevante documenten om aan te tonen dat aan
de vereisten die zijn vastgesteld in artikel 23 is voldaan;
4° informatie over het aanvangskapitaal dat vrij be-
schikbaar is voor het bijkantoor.
§ 2. De FSMA verleent de gevraagde vergunning
aan de bijkantoren die aan de volgende voorwaar-
den voldoen:
1° het bijkantoor moet beschikken over een dotatie
ten belope van minimum 125 000 euro. De FSMA be-
oordeelt de bestanddelen van die dotatie;
2° wat de identiteit van de aandeelhouders of ven-
noten van de vennootschap voor vermogensbeheer en
beleggingsadvies betreft, is artikel 22 van toepassing;
3° de verantwoordelijken voor het bestuur van het
bijkantoor conformeren zich aan de artikelen 23 tot 26;
4° indien de verplichtingen van de in deze afdeling
bedoelde bijkantoren niet door een beleggersbescher-
mingsregeling op een tenminste evenwaardige wijze
zijn gedekt als in het kader van de overeenstemmende
Belgische beleggersbeschermingsregeling, is artikel
29 van toepassing;
5° het verlenen van diensten waarvoor de vennoot-
schap voor vermogensbeheer en beleggingsadvies die
ressorteert onder het recht van een derde land, een ver-
gunning aanvraagt, is onderworpen aan een vergunning
van en toezicht door het derde land waar de vennoot-
schap is gevestigd en aan de betrokken vennootschap
is op geldige wijze een vergunning verleend, waarbij
de bevoegde autoriteit terdege rekening houdt met de
aanbevelingen van de Financiële Actiegroep (Financial
Action Task Force) in het kader van de bestrijding van
het witwassen van geld en van terrorismefi nanciering;
assurée par plusieurs autorités, les domaines de com-
pétence respectifs de ces dernières sont précisés;
2° tous les renseignements utiles relatifs à la société
(nom, forme juridique, siège statutaire et adresse,
membres de l’organe de direction, actionnaires concer-
nés) et un programme d’activités mentionnant les ser-
vices et/ou activités d’investissement et les services
auxiliaires qu’elle entend fournir ou exercer, ainsi que la
structure organisationnelle de la succursale, y compris
une description de l’éventuelle externalisation à des
tiers de fonctions essentielles d’exploitation;
3° le nom des personnes chargées de la gestion de
la succursale et les documents pertinents démontrant
que les exigences prévues à l’article 23 sont respectées;
4° les informations relatives au capital initial qui se
trouve à la libre disposition de la succursale.
§ 2. La FSMA accorde l’agrément sollicité aux suc-
cursales qui répondent aux conditions suivantes:
1° la succursale doit disposer d’une dotation d’un
montant minimum de 125 000 euros. La FSMA apprécie
les éléments constitutifs de la dotation;
2° en ce qui concerne l’identité des détenteurs du
capital de la société de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement, l’article 22 est applicable;
3° les responsables de la gestion de la succursale
se conforment aux articles 23 à 26;
4° si les engagements des succursales visées dans
la présente section ne sont pas couverts par un système
de protection des investisseurs dans une mesure au
moins équivalente à celle résultant du système belge de
protection des investisseurs, l’article 29 est applicable;
5° la fourniture de services pour laquelle la société de
gestion de portefeuille et de conseil en investissement
relevant du droit d’un pays tiers demande l’agrément
est sujette à agrément et surveillance dans le pays tiers
dans lequel elle est établie, et la société demandeuse
est dûment agréée en tenant pleinement compte des
recommandations du Groupe d’Action Financière
(Financial Action Task Force) dans le cadre de la lutte
contre le blanchiment de capitaux et le fi nancement du
terrorisme;
183
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
6° tussen de bevoegde toezichthoudende autoriteiten
van het derde land waar de vennootschap is gevestigd
en de FSMA bestaan samenwerkingsovereenkomsten
die onder meer voorzien in bepalingen die de uitwisse-
ling van informatie regelen met het oog op de handha-
ving van de integriteit van de markt en de bescherming
van de beleggers;
7° het derde land waar de vennootschap uit een derde
land is gevestigd, heeft met België een overeenkomst
gesloten die volledig voldoet aan de normen van artikel
26 van het OESO-modelverdrag inzake dubbele belas-
ting naar inkomen en vermogen, en die doeltreffende
informatie-uitwisseling over fi scale aangelegenheden,
inclusief eventuele multilaterale belastingovereenkom-
sten, waarborgt;
8° het bijkantoor is in staat de in artikel 85 bedoelde
bepalingen in acht te nemen.
De FSMA spreekt zich binnen zes maanden na de
indiening van een volledig dossier over de aanvraag
uit. Alvorens zich over de vergunningsaanvraag van
een bijkantoor uit te spreken, raadpleegt de FSMA de
toezichthoudende autoriteiten van de lidstaat van her-
komst van de buitenlandse vennootschap voor vermo-
gensbeheer en beleggingsadvies die ressorteert onder
het recht van het derde land.
De beslissing van de FSMA over de vergunning ver-
meldt de beleggingsdiensten en beleggingsactiviteiten
evenals de nevendiensten die het bijkantoor in België
mag verrichten.
De vergunningsbeslissingen worden binnen vijftien
dagen met een aangetekende brief of een brief met
ontvangstbewijs ter kennis gebracht van de aanvragers.
Artikel 7 is van toepassing, aangezien de door deze
onderafdeling geviseerde bijkantoren worden vermeld in
een speciale rubriek van de in dat artikel bedoelde lijst.
§ 3. Zonder afbreuk te doen aan de internationale
overeenkomsten die België binden, kan de FSMA een
vergunning weigeren aan het bijkantoor van een buiten-
landse vennootschap voor vermogensbeheer en beleg-
gingsadvies die ressorteert onder het recht van een
derde land dat niet dezelfde toegangsmogelijkheden
tot zijn markt biedt aan vennootschappen voor vermo-
gensbeheer en beleggingsadvies naar Belgisch recht.”.
6° les autorités de surveillance compétentes du pays
tiers dans lequel est établie la société ont signé avec
la FSMA des mécanismes de coopération, prévoyant
notamment des dispositions concernant les échanges
d’informations en vue de préserver l’intégrité du marché
et de protéger les investisseurs;
7° le pays tiers dans lequel est établie la société a
signé avec la Belgique un accord parfaitement conforme
aux normes énoncées à l’article 26 du modèle OCDE de
convention fi scale concernant le revenu et la fortune et
garantissant un échange efficace de renseignements en
matière fi scale, y compris, le cas échéant, des accords
multilatéraux dans le domaine fi scal;
8° la succursale est en mesure de se conformer aux
dispositions visées à l’article 85.
La FSMA statue sur la demande dans les six mois
de l’introduction d’un dossier complet. Avant de statuter
sur la demande d’agrément de la succursale, la FSMA
consulte les autorités de contrôle de l’État d’origine de
la société de gestion de portefeuille et de conseil en
investissement étrangère relevant du droit du pays tiers.
La décision de la FSMA mentionne les services et ac-
tivités d’investissement ainsi que les services auxiliaires
que la succursale est autorisée à fournir en Belgique.
Les décisions en matière d’agrément sont notifi ées
aux demandeurs dans les quinze jours par lettre recom-
mandée à la poste ou avec accusé de réception.
L’article 7 s’applique, étant entendu que les succur-
sales visées par la présente sous-section sont men-
tionnées dans une rubrique spéciale de la liste visée
à cet article.
§ 3. Sans préjudice des Accords internationaux liant
la Belgique, la FSMA peut refuser d’agréer la succursale
d’une société de gestion de portefeuille et de conseil
en investissement étrangère relevant du droit d’un pays
tiers qui n’accorde pas les mêmes possibilités d’accès
à son marché aux sociétés de gestion de portefeuille et
de conseil en investissement de droit belge.”.
184
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 245
Artikel 85 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 85. De in deze afdeling bedoelde bijkantoren
voldoen aan de volgende bepalingen, onder toezicht van
de FSMA, alsook aan de ter uitvoering ervan genomen
besluiten en reglementen:
1° de artikelen 25, § 1, 9°, en 26 tot 26/2 van deze wet;
2° de artikelen 26, zevende tot negende lid, 27, 27bis,
27ter, §§ 1 tot 3 en 5 tot 8, 27quater, § 1, en 28 van de
wet van 2 augustus 2002;
3° de artikelen 46, 48, 50, 51 en 52 van de wet van …;
4° de artikelen 3 tot 26 van Verordening (EU)
nr. 600/2014.”.
Art. 246
Artikel 87 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt:
“Art. 87. Bij beslissing die met een ter post aan-
getekende brief of een brief met ontvangstbewijs ter
kennis wordt gebracht, trekt de FSMA de vergunning
in van vennootschappen van vermogensbeheer en
beleggingsadvies die ressorteren onder het recht van
een derde land, en die binnen een termijn van twaalf
maanden geen gebruik van de vergunning hebben
gemaakt, uitdrukkelijk te kennen geven geen gebruik
van de vergunning te zullen maken, of tijdens de zes
voorafgaande maanden geen beleggingsdiensten heb-
ben verleend of beleggingsactiviteiten hebben verricht.
De volgende bepalingen van deze wet zijn van
toepassing:
1° de artikelen 64, 67, 68 en 69;
2° de artikelen 107 en 108.”
Art. 247
Afdeling 4 van hoofdstuk 2 van titel 3 van dezelfde
wet wordt opgeheven.
Art. 245
L’article 85 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
“Art. 85. Les succursales visées dans la présente
section satisfont aux dispositions suivantes, sous la
surveillance de la FSMA, ainsi qu’aux arrêtés et règle-
ments pris pour leur exécution:
1° les articles 25, § 1er, 9°, et 26 à 26/2 de la
présente loi;
2° les articles 26, alinéas 7 à 9, 27, 27 bis, 27ter, §§ 1 à
3 et 5 à 8, 27quater, § 1er, et 28 de la loi du 2 août 2002;
3° les articles 46, 48, 50, 51 et 52 de la loi du …;
4° les articles 3 à 26 du Règlement (UE) n° 600/2014.”.
Art. 246
L’article 87 de la même loi est remplacé par ce qui suit:
“Art. 87. La FSMA radie par décision notifi ée par lettre
recommandée à la poste ou avec accusé de réception,
l’agrément des sociétés de gestion de portefeuille et de
conseil en investissement relevant du droit d’un pays
tiers qui n’en ont pas fait usage dans un délai de douze
mois, y renoncent expressément, n’ont fourni aucun
service d’investissement ou n’ont exercé aucune activité
d’investissement au cours des six derniers mois.
Les dispositions suivantes de la présente loi sont
applicables:
1° les articles 64, 67, 68 et 69;
2° les articles 107 et 108.”
Art. 247
La section 4 du chapitre 2 du titre 3 de la même loi
est abrogée.
185
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
HOOFDSTUK XIV
Wijzigingen van de wet van 18 december 2016
tot regeling van de erkenning en de
afbakening van crowdfunding en houdende
diverse bepalingen inzake fi nanciën
Art. 248
In artikel 5, § 3, van de wet van 18 december 2016 tot
regeling van de erkenning en de afbakening van
crowdfunding en houdende diverse bepalingen inzake
fi nanciën worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het eerste lid wordt aangevuld met de woorden
“en, in voorkomend geval, in afdeling 3/1”;
2° in de eerste zin van het tweede lid worden de
woorden “en, in voorkomend geval, in afdeling 3/1” inge-
voegd tussen de woorden “in afdeling 2” en de woorden
“gestelde voorwaarden”.
Art. 249
Artikel 13, eerste lid, van dezelfde wet wordt aange-
vuld met de woorden “en, in voorkomend geval, van
afdeling 3/1”.
Art. 250
In artikel 16 van dezelfde wet worden de volgende
wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 1 wordt aangevuld met een tweede
lid, luidende:
“De in het eerste lid bedoelde alternatieve-fi nancie-
ringsplatformen conformeren zich aan de bepalingen
van afdeling 3/1.”;
2° paragraaf 2 wordt opgeheven.
Art. 251
In artikel 23, § 2, b), tweede lid, van dezelfde wet
worden de woorden “conform artikel 16” vervangen
door de woorden “conform artikel 16 en afdeling 3/1”.
CHAPITRE XIV
Modifi cations de la loi du 18 décembre 2016
organisant la reconnaissance et l’encadrement
du crowdfunding et portant des dispositions
diverses en matière de fi nances
Art. 248
À l’article 5, § 3, de la loi du 18 décembre 2016 orga-
nisant la reconnaissance et l’encadrement du crowd-
funding et portant des dispositions diverses en matière
de fi nances, les modifi cations suivantes sont apportées:
1° l’alinéa 1er est complété par les mots “et, le cas
échéant, la section 3/1”;
2° la première phrase de l’alinéa 2 est complétée par
les mots “et, le cas échéant, la section 3/1”.
Art. 249
L’article 13, alinéa 1er, de la même loi est complété
par les mots “et, le cas échéant, la section 3/1”.
Art. 250
À l’article 16 de la même loi, les modifi cations sui-
vantes sont apportées:
1° le paragraphe 1er est complété par un alinéa 2,
rédigé comme suit:
“Les plateformes de fi nancement alternatif visées à
l’alinéa 1er se conforment aux dispositions de la sec-
tion 3/1.”;
2° le paragraphe 2 est abrogé.
Art. 251
À l’article 23, § 2, b), alinéa 2, de la même loi, les
mots “de l’article 16” sont remplacés par les mots “de
l’article 16 et de la section 3/1”.
186
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 252
In titel 2, hoofdstuk 2, van dezelfde wet wordt een
afdeling 3/1 ingevoegd, die artikel 28/1 omvat, luidende:
“Afdeling 3/1
Specifi eke regels voor de alternatieve-fi nancierings-
platformen die beleggingsdiensten verlenen
Art. 28/1. § 1. Zonder afbreuk te doen aan de andere
bepalingen van deze wet zijn de alternatieve-fi nan-
cieringsplatformen die beleggingsdiensten verlenen
onderworpen aan de bepalingen van dit artikel en van
artikel 16.
§ 2. Elke vergunning die wordt verleend aan een
alternatieve-fi nancieringsplatform dat beleggingsdien-
sten verleent, wordt ter kennis gebracht van ESMA.
§ 3. De alternatieve-fi nancieringsplatformen die be-
leggingsdiensten verlenen, conformeren zich aan de
volgende bepalingen van de wet van 25 oktober 2016:
1° artikel 23, § 1, derde lid en § 3, artikel 25, § 1, 1°,
3°, 6° en 10° en § 2, artikel 25/1, § 1, eerste en tweede
lid en § 3, artikel 25/2, § 1, 3° en §§ 5 tot 7, artikel 35,
§§ 4 en 5, artikel 36, § 1 en § 5, tweede en derde lid,
§ 6, tweede en derde lid, en §§ 7, 9 en 10;
2° artikel 34, §§ 1, 2, 6 en 7;
3° de artikelen 22 en 32, § 1;
4° artikel 26, §§ 2 en 5;
5° artikel 44;
alsook de bepalingen van de besluiten en reglementen
en van de overeenkomstige gedelegeerde handelingen
die zijn vastgesteld overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU
betreffende markten voor fi nanciële instrumenten en tot
wijziging van Richtlijn 2002/92/EG en Richtlijn 2011/61/
EU, die ter uitvoering daarvan zijn genomen.
De beroepsaansprakelijkheidsverzekering als be-
doeld in artikel 12 dekt eveneens de schadegevallen
waarbij het alternatieve-fi nancieringsplatform de ver-
bodsbepalingen van artikel 17 niet heeft nageleefd.
§ 4. Als zij beleggingsdiensten verlenen moeten de
alternatieve-fi nancieringsplatformen aan de volgende
voorwaarden voldoen:
Art. 252
Dans le titre 2, chapitre 2, de la même loi, il est
inséré une section 3/1, comprenant l’article 28/1, rédigée
comme suit:
“Section 3/1
Règles particulières applicables en ce qui concerne
les plateformes de fi nancement alternatif qui prestent
des services d’investissement
Art. 28/1. § 1er. Les plateformes de fi nancement alter-
natif qui prestent des services d’investissement sont,
sans préjudice des autres dispositions de la présente
loi, soumises aux dispositions du présent article et de
l’article 16.
§ 2. Tout agrément d’une plateforme de fi nancement
alternatif qui preste des services d’investissement est
notifi é à ESMA.
§ 3. Les plateformes de fi nancement alternatif qui
prestent des services d’investissement se conforment
aux dispositions suivantes de la loi du 25 octobre 2016:
1° l’article 23, § 1er, alinéa 3 et § 3, l’article 25, § 1er,
1°, 3°, 6° et 10° et § 2, l’article 25/1s, § 1er, alinéas 1er
et 2 et § 3, l’article 25/2, § 1er, 3° et §§ 5 à 7, l’article
35, §§ 4 et 5, l’article 36, § 1er, § 5, alinéas 2 et 3, § 6,
alinéas 2 et 3, et §§ 7, 9 et 10;
2° l’article 34, §§ 1er, 2, 6 et 7;
3° les articles 22 et 32, § 1er;
4° l’article 26, §§ 2 et 5;
5° l’article 44;
ainsi que dans les dispositions des arrêtés et règle-
ments et des actes délégués correspondants adoptés en
vertu de la Directive 2014/65/UE du 15 mai 2014 concer-
nant les marchés d’instruments fi nanciers et modifi ant la
directive 2002/92/CE et la directive 2011/61/UE, prises
pour leur exécution.
L’assurance responsabilité professionnelle visée à
l’article 12 couvre également les sinistres dans lesquels
la plateforme de fi nancement alternatif n’a pas respecté
les interdictions mentionnées à l’article 17.
§ 4. Lorsqu’elles prestent des services d’investisse-
ment, les plateformes de fi nancement alternatif doivent
respecter les conditions suivantes:
187
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
1° artikel 27, §§ 1, 4, 5 en 8, artikel 27bis, §§ 1 tot
6 en 8, en artikel 27ter, §§ 2, 6 en 7, van de wet van
2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanci-
ele sector en de fi nanciële diensten, alsook de overeen-
komstige bepalingen van de gedelegeerde handelingen
die zijn goedgekeurd krachtens voornoemde Richtlijn
2014/65/EG, naleven;
2° deze diensten uitsluitend verlenen in verband met
effecten, of rechten van deelneming in een startersfonds;
3° de orders uitsluitend doorgeven aan de volgende
ondernemingen:
a) beleggingsondernemingen en kredietinstellingen
naar Belgisch recht;
b) in België gevestigde bijkantoren van kredietinstel-
lingen en beleggingsondernemingen die ressorteren
onder het recht van een andere lidstaat van de Europese
Economische Ruimte;
c) kredietinstellingen en beleggingsondernemin-
gen die ressorteren onder het recht van een andere
lidstaat van de Europese Economische Ruimte en
in België diensten verlenen in het kader van de vrije
dienstverlening;
d) in België gevestigde bijkantoren van beleggings-
ondernemingen of kredietinstellingen waaraan een
vergunning is verleend in een derde land.”.
TITEL VIII
Diverse bepalingen
Art. 253
Aan de markt Euronext Brussels en de markt voor
afgeleide producten van Euronext Brussels NV wordt
van rechtswege een vergunning verleend als geregle-
menteerde markt met België als lidstaat van herkomst.
Binnen zes maanden na de inwerkingtreding van deze
wet moet Euronext Brussels NV, in haar hoedanigheid
van marktexpoitant, haar statuten en de statuten van
voornoemde gereglementeerde markten, alsook hun
marktregels, aanpassen om ze in overeenstemming
te brengen met de bepalingen van deze wet en de ter
uitvoering ervan genomen wetten en reglementen.
Art. 254
De Koning is gemachtigd om, bij besluit genomen
op advies van de FSMA, de nodige maatregelen te
1° respecter l’article 27, §§ 1er, 4, 5 et 8, l’article
27bis, §§ 1er à 6 et 8, et l’article 27ter, §§ 2, 6 et 7, de la
loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du secteur
fi nancier et aux services fi nanciers pour la prestation de
ces services, ainsi que les dispositions correspondantes
des actes délégués adoptés en vertu de la Directive
2014/65/UE précitée;
2° prester ces services uniquement en liaison avec
des valeurs mobilières, ou des parts de fonds starters;
3° transmettre les ordres uniquement aux entreprises
suivantes:
a) les entreprises d’investissement et les établisse-
ments de crédit de droit belge;
b) les succursales établies en Belgique des établis-
sements de crédit et des entreprises d’investissement
relevant du droit d’un autre État membre de l’Espace
économique européen;
c) les établissements de crédit et les entreprises
d’investissement relevant du droit d’un autre État
membre de l’Espace économique européen qui four-
nissent des services en Belgique sous le régime de la
libre prestation de services;
d) les succursales établies en Belgique d’entreprises
d’investissement ou d’établissements de crédit qui sont
agréées dans un pays tiers.”.
TITRE VIII
Dispositions diverses
Art. 253
Le marché Euronext Brussels et le marché des instru-
ments fi nanciers dérivés d’Euronext Brussels SA sont
agréés de plein droit en qualité de marchés réglemen-
tés dont l’État membre d’origine est la Belgique. Dans
les six mois de l’entrée en vigueur de la présente loi,
Euronext Brussels SA est tenue, en sa qualité d’opéra-
teur de marché, d’adapter ses statuts et les statuts des
marchés réglementés précités, ainsi que leurs règles
de marché, pour les mettre en concordance avec les
dispositions de la présente loi et des arrêtés et règle-
ments pris pour son exécution.
Art. 254
Le Roi est habilité à, par arrêté pris sur avis de la
FSMA, prendre les mesures nécessaires aux fins
188
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
nemen om te zorgen voor de tenuitvoerlegging van
de technische uitvoerings- en reguleringsnormen die
zijn vastgesteld door ESMA en aangenomen door
de Commissie krachtens Richtlijn 2014/65/EU en
Verordening 600/2014.
Art. 255
De Koning kan, bij besluit genomen op advies van
de FSMA, de verwijzingen naar de wettelijke of regle-
mentaire bepalingen aanpassen die zijn overgenomen
in de wetten die de FSMA dient te handhaven, teneinde
ze in overeenstemming te brengen met de bepalingen
van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten.
Art. 256
De Koning kan, bij besluit genomen op advies van
de FSMA, alle of bepaalde van de wettelijke bepalingen
over de werking van de markten voor fi nanciële instru-
menten codifi ceren.
Voor de toepassing van het eerste lid kan Hij met name:
1° de volgorde, de nummering, de onderverdelingen
en, in het algemeen, de voorstelling van de betrokken
bepalingen en de bepalingen van deze wet wijzigen;
2° de in de betrokken bepalingen vermelde referenties
wijzigen om ze in overeenstemming te brengen met de
nieuwe nummering;
3° de verwoording van de te codifi ceren bepalingen
wijzigen om hun concordantie te garanderen en de ge-
bruikte terminologie te uniformiseren, zonder daarbij te
raken aan in de bepalingen ingeschreven beginselen.
Art. 257
Niettegenstaande de opheffing van de artikelen
14 en 15 van de wet van 2 augustus 2002, blijven het
koninklijk besluit van 20 december 2007 betreffende de
lineaire obligaties, de gesplitste effecten en de schat-
kistcertifi caten en artikel 2 van het koninklijk besluit
van 21 augustus 2008 houdende nadere regels voor
bepaalde multilaterale handelsfaciliteiten, onverminderd
de bepalingen van deze wet, van toepassing tot de
uitdrukkelijke opheffing ervan.
d’assurer la mise œuvre des normes techniques d’exé-
cution et des normes techniques de réglementation
élaborées par l’AEMF et adoptées par la Commission
en vertu de la Directive 2014/65/EU et du Règlement
(UE) 600/2014.
Art. 255
Le Roi peut, par arrêté pris sur avis de la FSMA,
modifi er les références aux dispositions légales ou
règlementaires reprises dans les lois dont la FSMA est
chargée de contrôler le respect, de manière à mettre
celles-ci en concordance avec les dispositions de la
présente loi et des arrêtés pris pour son exécution.
Art. 256
Le Roi peut, par arrêté pris sur avis de la FSMA, codi-
fi er tout ou partie des dispositions légales relatives aux
fonctionnement des marchés d’instruments fi nanciers.
Aux fi ns de l’alinéa 1er, Il peut notamment:
1° modifi er l’ordre, la numérotation, les subdivisions
et, en général, la présentation des dispositions concer-
nées et de celles de la présente loi;
2° modifi er les références qui seraient contenues
dans les dispositions concernées en vue de les mettre
en concordance avec la numérotation nouvelle;
3° modifi er la rédaction des dispositions à codifi er
en vue d’assurer leur concordance et d’en unifi er la
terminologie sans qu’il puisse être porté atteinte aux
principes inscrits dans ces dispositions.
Art. 257
Nonobstant l’abrogation des articles 14 et 15 de la loi
du 2 août 2002, l’arrêté royal du 20 décembre 2007 rela-
tif aux obligations linéaires, aux titres scindés et aux
certifi cats de trésorerie et l’article 2 de l’arrêté royal du
21 août 2008 fi xant les règles complémentaires appli-
cables à certains systèmes multilatéraux de négociation
restent, sans préjudice des dispositions de la présente
loi, d’application jusqu’à leur abrogation expresse.
189
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
Art. 258
Voor de naleving van de verplichting tot het bijhou-
den van gegevens zoals bepaald in artikel 25 van
Verordening 600/2014 en voor de naleving van de
verplichting om transacties te melden zoals bepaald
in artikel 26 van Verordening 600/2014, mag een be-
leggingsonderneming, een kredietinstelling die beleg-
gingsdiensten verleent en/of beleggingsactiviteiten
verricht en een exploitant van een handelsplatform,
het Rijksregisternummer van de cliënten namens wie
het order werd meegedeeld of de transactie werd
uitgevoerd, met inbegrip van dat van de persoon die
desgevallend de investeringsbeslissing heeft genomen
voor rekening van de cliënt, en het Rijksregisternummer
van de personen die binnen de beleggingsonderne-
ming of kredietinstelling verantwoordelijk zijn voor het
beleggingsbesluit en de uitvoering van de transactie,
gebruiken, verwerken, bewaren, hiervan een afschrift
maken op papier of op een elektronische informatie-
drager en meedelen aan de bevoegde autoriteit. Voor
de naleving van de voornoemde verplichting om trans-
acties te melden, mag ook een ARM dit doen en mag
een beleggingsonderneming en een kredietinstelling het
Rijksregisternummer ook meedelen aan een exploitant
van een handelsplatform en aan een ARM.
De bevoegde autoriteit die deze gegevens ontvangt,
mag het Rijksregisternummer gebruiken, verwerken,
bewaren, hiervan een afschrift maken op papier of op
een elektronische informatiedrager voor de uitoefening
van haar wettelijke toezichtsopdrachten en mag het
Rijksregisternummer meedelen aan een andere be-
voegde autoriteit aangewezen overeenkomstig artikel
67 van Richtlijn 2014/65/EU of artikel 22 van Verordening
596/2014, in overeenstemming met de nationale be-
palingen ter omzetting van de artikelen 79 tot 81 van
Richtlijn 2014/65/EU of met artikel 25 van Verordening
596/2014, of aan ESMA, in overeenstemming met artikel
25 of artikel 26 van Verordening 600/2014.
ESMA mag het Rijksregisternummer gebruiken,
verwerken, bewaren, hiervan een afschrift maken
op papier of op een elektronische informatiedrager
en meedelen aan een bevoegde autoriteit, voor de
doeleinden bepaald in artikel 25 of in artikel 26 van
Verordening 600/2014.
Art. 258
Aux fi ns du respect de l’obligation de conserver
des enregistrements, telle que prévue à l’article 25 du
Règlement 600/2014, et aux fi ns du respect de l’obli-
gation de déclarer les transactions, telle que prévue
à l’article 26 du Règlement 600/2014, une entreprise
d’investissement, un établissement de crédit qui fournit
des services d’investissement et/ou exerce des activi-
tés d’investissement et l’opérateur d’une plateforme
de négociation peuvent utiliser le numéro de registre
national des clients pour le compte desquels l’ordre a
été transmis ou la transaction a été exécutée, y com-
pris celui de la personne qui a, le cas échéant, pris la
décision d’investissement pour le compte du client, et le
numéro de registre national des personnes qui, au sein
de l’entreprise d’investissement ou de l’établissement
de crédit, sont responsables de la décision d’investis-
sement et de l’exécution de la transaction, ainsi que
le traiter, le conserver, en prendre copie sur support
papier ou électronique et le communiquer à l’autorité
compétente. Aux fi ns du respect de l’obligation susvisée
de déclarer les transactions, un ARM peut également
poser ces actes, et une entreprise d’investissement et
un établissement de crédit peuvent également commu-
niquer le numéro de registre national à l’opérateur d’une
plateforme de négociation et à un ARM.
L’autorité compétente qui reçoit ces données peut uti-
liser le numéro de registre national, le traiter, le conser-
ver et en prendre copie sur support papier ou électro-
nique aux fi ns de l’exercice de ses missions de contrôle
légales et elle peut le communiquer à une autre autorité
compétente désignée conformément à l’article 67 de
la Directive 2014/65/UE ou à l’article 22 du Règlement
596/2014, en se conformant aux dispositions nationales
visant à transposer les articles 79 à 81 de la Directive
2014/65/UE ou à l’article 25 du Règlement 596/2014, ou
le communiquer à l’AEMF, en se conformant à l’article
25 ou à l’article 26 du Règlement 600/2014.
L’AEMF peut utiliser le numéro de registre national,
le traiter, le conserver, en prendre copie sur support
papier ou électronique et le communiquer à une autorité
compétente, aux fi ns visées à l’article 25 ou à l’article
26 du Règlement 600/2014.
190
2658/005
DOC 54
C H A M B R E 5 e S E S S I O N D E L A 5 4 e L É G I S L A T U R E
K A M E R 5 e Z I T T I N G VA N DE 5 4 e ZIT T IN GSP ERIOD E
2017
2018
TITEL IX
Overgangsbepalingen en inwerkingtreding
Art. 259
Onder voorbehoud van het tweede en derde lid van
dit artikel, en van artikelen 260 tot 262, treedt deze wet
in werking op 3 januari 2018.
De wijzigingen die door de artikelen 105 tot 110 en
113 van deze wet zijn aangebracht in de artikelen 27 tot
28bis en 30ter van de wet van 2 augustus 2002 betref-
fende het toezicht op de fi nanciële sector en de fi nan-
ciële diensten, zijn evenwel niet van toepassing op de
verzekeringsondernemingen als bedoeld in artikel 26,
tweede tot vijfde lid, van de wet van 2 augustus 2002.
De wijzigingen die door artikel 113 van deze wet
zijn aangebracht in artikel 30ter van de wet van
2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de fi nanciële
sector en de fi nanciële diensten, treden overigens even-
min in werking voor de verzekeringstussenpersonen.
Art. 260
Artikel 333, § 2, 4°, van de wet van 25 april 2014 op
het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen en
beursvennootschappen, ingevoegd bij artikel 180 van
deze wet, treedt in werking op 1 juli 2019 voor wat betreft
de toepassing ervan op de kredietinstellingen.
Art. 261
Artikel 152, 3°, treedt in werking op 1 juli 2018.
Art. 262
De artikelen 98 en 99 treden in werking 10 dagen
na de bekendmaking van deze wet in het Belgisch
Staatsblad.
TITRE IX
Dispositions transitoires et entrée en vigueur
Art. 259
Sous réserve des alinéas 2 et 3 du présent article et
des articles 260 à 262, la présente loi entre en vigueur
le 3 janvier 2018.
Cependant, les modifi cations apportées aux articles
27 à 28bis et à l’article 30ter de la loi du 2 août 2002 re-
lative à la surveillance du secteur fi nancier et aux
services fi nanciers par les articles 105 à 110 et 113 de
la présente loi n’entrent pas en vigueur vis-à-vis des
entreprises d’assurances visées à l’article 26, alinéas
2 à 5, de la loi du 2 août 2002.
Par ailleurs, les modifi cations apportées à l’article
30ter de la loi du 2 août 2002 relative à la surveillance du
secteur fi nancier et aux services fi nanciers par l’article
113 de la présente loi n’entrent pas non plus en vigueur
vis-à-vis des intermédiaires d’assurances.
Art. 260
L’article 333, § 2, 4°, de la loi du 25 avril 2014 relative
au statut et au contrôle des établissements de crédit et
des sociétés de bourse, tel qu’inséré par l’article 180 de
la présente loi entre en vigueur le 1er juillet 2019 en ce qui
concerne son application aux établissements de crédit.
Art. 261
L’article 152, 3°, entre en vigueur le 1er juillet 2018.
Art. 262
Les articles 98 et 99 entrent en vigueur 10 jours
après la date de publication de la présente loi au
Moniteur Belge.
Centrale drukkerij – Imprimerie centrale