Zum Hauptinhalt

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
23 DECEMBER 1999. - Ministerieel besluit houdende wijziging van het ministerieel besluit van 2 augustus 1986 houdende bepaling van de voorwaarden en regelen voor de vaststelling van de verpleegdagprijs, van het budget en de onderscheidene bestanddelen ervan, alsmede van de regelen voor de vergelijking van de kosten en voor de vaststelling van het quotum van verpleegdagen voor de ziekenhuizen en ziekenhuisdiensten
Titre
23 DECEMBRE 1999. - Arrêté ministériel modifiant l'arrêté ministériel du 2 août 1986 fixant, pour les hôpitaux et les services hospitaliers, les conditions et règles de fixation du prix de la journée d'hospitalisation, du budget et de ses éléments constitutifs, ainsi que les règles de comparaison du coût et de la fixation du quota des Journées d'hospitalisation
Dokumentinformationen
Numac: 1999024090
Datum: 1999-12-23
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 1999024090
Date: 1999-12-23
Moniteur: Voir
Inhoud
Tekst (34)
Texte (34)
Artikel 1. In artikel 12ter van het ministerieel besluit van 2 augustus 1986 houdende bepaling van de voorwaarden en regelen voor de vaststelling van de verpleegdagprijs, van het budget en de onderscheidene bestanddelen ervan, alsmede van de regelen voor de vergelijking van de kosten en voor de vaststelling van het quotum van verpleegdagen voor de ziekenhuizen en ziekenhuisdiensten, gewijzigd bij de ministeriële besluiten van 21 april 1987, 11 augustus 1987, 7 november 1988, 12 oktober 1989, 20 december 1989, 23 juni 1990, 10 juli 1990, 28 november 1990, (26 februari 1991), 20 maart 1991, 10 april 1991, 20 november 1991, 21 november 1991, 19 oktober 1992, 30 oktober 1992, 30 december 1993, 23 juni 1994, 19 juli 1994, 28 december 1994, 27 december 1995, 30 december 1996, 8 september 1997, 10 december 1997, 29 december 1997, 26 augustus 1998, 30 december 1998, 24 maart 1999, 15 juni 1999 en 22 juni 1999, wordt een punt w) ingevoegd dat luidt als volgt:
  "w) de middelen die worden toegekend met het oog op de bevordering van een doelmatige opname- en ontslagpolitiek in de acute ziekenhuizen.".
Article 1. A l'article 12ter de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 fixant pour les hôpitaux et les services hospitaliers, les conditions et règles de fixation du prix de journée d'hospitalisation, du budget et de ses éléments constitutifs, ainsi que les règles de comparaison du coût et de la fixation du quota des journées d'hospitalisation, modifié par les arrêtés ministériels des 21 avril 1987, 11 août 1987, 7 novembre 1988, 12 octobre 1989, 20 décembre 1989, 23 juin 1990, 10 juillet 1990, 28 novembre 1990, (26 février 1991), 20 mars 1991, 10 avril 1991, 20 novembre 1991, 21 novembre 1991, 19 octobre 1992, 30 octobre 1992, 30 décembre 1993, 23 juin 1994, 19 juillet 1994, 28 décembre 1994, 27 décembre 1995, 30 décembre 1996, 8 septembre 1997, 10 décembre 1997, 29 décembre 1997, 26 août 1998, 30 décembre 1998, 24 mars 1999, 15 juin 1999 et 22 juin 1999, il est ajouté un point w) libellé comme suit:
  "w) les moyens octroyés en vue de promouvoir une politique efficace d'admissions et de sortie dans les hôpitaux aigus.".
Art. 2. In artikel 16, § 4 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden de woorden "en in de §§ 2ter en quater" ingevoegd na de woorden "De in § 1".
Art. 2. A l'article 16, § 4 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots "et aux §§ 2ter et quater" sont insérés après les mots "visés au § 1er".
Art. 3. In artikel 18, § 1 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden volgende wijzigingen aangebracht:
  - de woorden "§ 1" worden weggelaten;
  - de woorden ", 2quater" worden ingevoegd tussen de woorden "2ter" en "3".
Art. 3. A l'article 18. § 1er de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les modifications suivantes sont apportées:
  - les mots "§ 1er" " sont supprimés;
  - les mots ", 2quater" sont insérés entre les mots "2ter" et "et 3".
Art. 4. In artikel 20 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden volgende wijzigingen aangebracht:
  - in § 2,3°, § 3, § 4 en § 5 worden de woorden "25 %" en "75 %" respectievelijk vervangen door "50 %"en"50 %".
Art. 4. A l'article 20 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les modifications suivantes sont apportées:
  - aux § 2, 3°, § 3, § 4 et § 5, les mots "25 %" et "75 %" sont respectivement remplacés par "50 %" et "50 %".
Art. 5. In artikel 22bis, § 3, 1°, van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden de woorden "van het koninklijk besluit van 18 maart 1985" tot de woorden "ingebouwd electronisch telsysteem" vervangen door de woorden "van artikel 7 van het voornoemd koninklijk besluit van 27 oktober 1989".
Art. 5. A l'article 22bis, § 3, 1er, de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots "de l'arrêté royal du 18 mars 1985" jusqu'aux mots "calculateur électronique intégré" sont remplacés par les mots "de l'article 7 de l'arrêté royal du 27 octobre 1989 précité".
Art. 6. In artikel 39 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden de woorden "van artikelen 46bis en 46ter" vervangen door de woorden "van artikel 46bis".
Art. 6. A l'article 39 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots "des articles 46bis et 46ter" sont remplacés par les mots "de l'article 46bis".
Art. 7. In artikel 40, § 2 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 wordt volgende alinea toegevoegd:
  "Bij afwijking van de eerste alinea wordt de voorziene vergelijking voor het jaar 2000 uitgesteld tot het dienstjaar 2001.".
Art. 7. A l'article 40, § 2 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, l'alinéa suivant est ajouté:
  "Par dérogation à l'alinéa premier, la comparaison prévue pour l'année 2000 est reportée à l'exercice 2001.".
Art. 8. In artikel 40, § 3, laatste alinea van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986, worden de woorden "Vanaf het eerste jaar van de vierde periode van drie jaar" vervangen door de woorden "Vanaf het dienstjaar 2000".
Art. 8. A l'article 40, § 3, dernier alinéa, de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots "A partir de la première année de la quatrième période de trois ans" sont remplacés par les mots "A partir de l'exercice 2000.".
Art. 9. In artikel 42, § 2 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986, wordt de eerste zin eindigend met de woorden "vanaf het dienstjaar 1991." aangevuld zoals volgt: ", met dien verstande dat de duur van de derde periode van drie jaar op vier jaar wordt gebracht.".
Art. 9. A l'article 42, § 2 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, la première phrase se terminant par les mots "à dater de l'exercice 1991," est complétée comme suit: ", étant entendu que la durée de la troisième période est portée de trois à quatre ans.".
Art. 10. In artikel 42, § 3 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986, worden de woorden "van de artikelen 46bis en 46ter" vervangen door de woorden "van artikel 46bis".
Art. 10. A l'article 42, § 3 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots "des articles 46bis et 46ter" sont remplaces par les mots "de l'article 46bis.".
Art. 11. In de tabel van artikel 42, § 9 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986, worden de woorden "C+D+E van intensieve aard", "2" en "per bed voor 2 % van de C, D en E-bedden" vervangen door:
  "Erkende functie intensieve zorgen ten belope van een functie van maximum 6 bedden per ziekenhuis", "2" en "per bed voor 2 % van de C+D+E-bedden met een minimum van 6 bedden"
  "of"
  "C+D+E van intensieve aard indien het ziekenhuis niet beschikt over een erkende functie intensieve zorgen", "2" en "per bed voor 2 % van de bedden C+D+E".
Art. 11. Dans le tableau figurant l'article 42, § 9 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots "C + D+ E à caractère intensif", "2" et "par lit pour 2 % des lits C+D+E" sont remplacés par:
  "Fonction agréée de soins intensifs à raison d'une fonction de 6 lits maximum par hôpital, "2" et "par lit pour 2 % des lits C+D+E avec un minimum de 6 lits".
  "ou"
  "C+D+E à caractère intensif si l'hôpital ne dispose pas de fonction agréée de soins intensifs,"2" et "par lit pour 2 % des lits C+D+E".
Art. 12. In artikel 42, § 10 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986, wordt de zin "Voor de vierde periode van drie jaar bedraagt het percentage vanaf het eerste jaar 100 %." vervangen door "Vanaf dienstjaar 2000 is het percentage gelijk aan 100 %.".
Art. 12. A l'article 42, § 10 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986, précité, la phrase "Pour la quatrième période de trois ans, le pourcentage est à 100 % à partir de la première année" est remplacé par "A partir de l'exercice 2000, le pourcentage est égal à 100 %.".
Art. 13. In artikel 43, § 2, 2°, a) 1° van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden de woorden "tijdens een nader te bepalen dienstjaar" vervangen door de woorden "tijdens de twee laatst gekende dienstjaren".
Art. 13. A l'article 43, § 2, 2°, a), 1° de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots "pendant un exercice à déterminer" sont remplacés par les mots "pendant les deux derniers exercices connus".
Art. 14. In artikel 43, § 2, 2°, b) 1° van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986, worden de woorden "tijdens de twee laatst gekende dienstjaren" ingevoegd tussen de woorden "die in een E-dienst opgenomen zijn" en "met uitzondering van".
Art. 14. A l'article 43, § 2, 2°, b), 1° de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots "pendant les deux derniers exercices connus" sont insérés entre les mots "Service E" et "l'exception de".
Art. 15. In artikel 43, § 2, 2° van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986, wordt een punt d) ingevoegd luidend als volgt:
  "d) Voor de toekenning van bijkomende punten naargelang het behoren bij een deciel zoals bedoeld onder de punten a) en/of b) en/of c), wordt, als wordt vastgesteld dat het ziekenhuis haar klassement in meer of in min heeft gewijzigd ten opzichte van het voorgaande dienstjaar het toegekende aantal punten per bed gelijkgesteld met deze voorzien in het vastgestelde klassement van het dienstjaar van de vaststelling van het budget, verhoogd of verlaagd, naargelang het geval, met 50 % van het verschil tussen het voormelde aantal punten per bed en het aantal punten toegekend volgens het deciel van toepassing in het voorgaande dienstjaar, waarbij de correctie aan 100 % wordt toegepast in het volgende dienstjaar.".
Art. 15. A l'article 43, § 2, 2° de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, il est inséré un point d) libellé comme suit:
  "d) Pour l'attribution des points supplémentaires selon l'appartenance à un décile visée aux points a) et/ou b) et/ou c), s'il est constaté que l'hôpital a modifié son classement en plus ou en moins par rapport à l'exercice précédent, le nombre des points par lit octroyé est égal à celui prévu par le classement établi pour l'exercice de fixation du budget, augmenté ou diminué, selon le cas, de 50 % de la différence entre le nombre de points par lit précité et le nombre de points correspondant au déçue appliqué l'exercice précédent, la correction à 100 % s'effectuant l'exercice suivant."
Art. 16. In artikel 43, § 2, 2°, a) 1°, 2° en 3° van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden de woorden ("50 %", "50 %" "25 %" en"25 %") respectievelijk vervangen door ("40 %", "60 %", "30 %" en "30 %").
Art. 16. A l'article 43, § 2,2°, a), 1°, 2° et 3° de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots ("50 %" "50 %" "25 %" et "25 %") sont respectivement remplacés par ("40 %", "60 %" "30 %" et "30 %".)
Art. 17. In artikel 43, § 2, 2°, c) van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden volgende wijzigingen aangebracht:
  a) in punt c.1) 1ste berekening, worden de woorden "tijdens het laatst gekende dienstjaar" vervangen door "tijdens de twee laatst gekende dienstjaren" en het woord "90 %" wordt vervangen door "80 %".
  b) in punt c.2) 2e berekening, worden de woorden "10 %" vervangen door de woorden "20 %";
  c) het punt c.3) wordt het punt c.4) en de woorden "in de eerste en tweede berekening" worden vervangen door de woorden "derde berekening";
  d) er wordt een punt c.3) ingevoegd luidend als volgt:
  "c3) 3e berekening:
  De punten die men verkrijgt door de eerste en tweede berekening worden opgeteld.".
Art. 17. A l'article 43, § 2,2°, c) de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les modifications suivantes sont apportées:
  a) au point c.1) 1er calcul, les mots "dans le dernier exercice connu" sont remplacés par les mots "dans les deux derniers exercices connus" et le mot "90 %" est remplacé par "80 %";
  b) au point c.2) 2ème calcul, les mots "10 %" sont remplacés par les mots "20 %";
  c) le point c.3) devient le point c.4) et les mots "aux premier et deuxième calculs" sont remplacés par les mots "au troisième calcul";
  d) il est inséré un point c.3) libellé comme suit:
  "c.3) 3ème calcul:
  Les points résultant des 1er et 2ème calculs sont additionnés.".
Art. 18. In artikel 43, § 3,2° van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 wordt volgende wijziging aangebracht:
  - in punt a.4) Permanent beschikbare operatiezaal worden de voorwaarden aangaande het aantal bedden van intensieve aard weggelaten.
Art. 18. A l'article 43, § 3, 2° de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, la modification suivante est apportée:
  - au point a.4) Salle d'opération disponible en permanence, les conditions relatives au nombre de lits à caractère intensif sont supprimées.
Art. 19. In artikel 43, § 3, 2° b) van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden volgende wijzigingen aangebracht:
  - in punt b.1) worden de woorden "4 punten" vervangen door de woorden "5 punten";
  - in punt b.2) worden de woorden "gedurende de twee laatst gekende dienstjaren" ingevoegd tussen de woorden "gehospitaliseerde patiënten" en ", zoals bedoeld in artikel 26, § 1" en de laatste alinea wordt vervangen door volgende alinea:
  "Voor de drie eerste decielen, worden de basispunten vermenigvuldigd met 1; voor het 4e, 5e en 6e deciel met 1,20; voor het 7e deciel met 1,40; voor het 8e deciel met 1,60; voor het 9e deciel met 1,80; voor het 10e deciel met 2.".
  - in punt b.4), worden de twee laatste zinnen vervangen door de volgende zin:
  "Vanaf het ogenblik dat een ziekenhuis erkend is hetzij voor de functie "eerste opvang van spoedgevallen", hetzij voor de functie "gespecialiseerde spoedgevallenzorg" wordt het minimum van 15 punten slechts één keer verzekerd voor één van de twee functies.".
Art. 19. A l'article 43, § 3,2° b) de l'arrête ministériel du 2 août 1986 précité, les modifications suivantes sont apportées:
  - au point b.1), les mots "4 points" sont remplacés par les mots "5 points";
  - au point b.2), les mots "durant les deux exercices connus" sont insérés entre les mots "patients hospitalisés" et ", visées dans l'article 26, § 1er et le dernier alinéa est remplacé par l'alinéa suivant:
  "Pour les trois premiers déciles, les points de base sont multipliés par 1; pour les 4e, 5e et 6e décile par 1,20; pour le 7e décile par 1,40; pour le 8e décile par 1,60; pour le 9e décile par 1,80; pour le 10e décile par 2.".
  - au point b.4), les deux dernières phrases sont remplacées par la phrase suivante:
  "Dès que l'hôpital est agréé soit pour la fonction de première prise en charge des urgences, soit pour la fonction "soins urgents spécialisés, le minimum d'une seule fois 15 points lui est assuré pour une seule des deux fonctions.".
Art. 20. In artikel 43, § 3, 2°, c) van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 wordt de zin beginnend met "Om de waarde per bezet bed te bepalen " vervangen door de zin "Om de waarde per bezet bed te bepalen wordt geen rekening gehouden met de medische prestaties en de verpleegdagen in de bedden erkend onder de kenletters A, T en K. Voor de ziekenhuizen waarvan het aantal bedden erkend onder kenletter G hoger is dan het nationaal gemiddelde, worden de medische prestaties en de verpleegdagen aangepast in toepassing van volgend percentage:
Art. 20. A l'article 43, § 3,2°, c) de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, la phrase débutant par "Pour déterminer la valeur par lit occupé" est remplacée par la phrase "Pour déterminer la valeur par lit occupé, il n'est pas tenu compte des prestations médicales et des journées d'hospitalisation dans les lits agréés sous les index A, T et K. Pour les hôpitaux dont le nombre de lits agrées sous l'index G est supérieur à la moyenne nationale, les prestations médicales et les journées d'hospitalisation sont adaptées en appliquant le pourcentage suivant:
Aantal Gzi-bedden - Aantal G-Bedden natgemid. d. x 100

Änderungen

</td></tr><tr><td valign="top">Aantal Gzi-bedden</td></tr></table>Aantal Gzi-bedden - Aantal G-Bedden natgemid. d. x 100-------------------------------------------------------Aantal Gzi-bedden
Nbre de lits Ghi - Nbre de lits moyen national x 100

Änderungen

</td></tr><tr><td valign="top">Nbre de lit Ghi</td></tr></table>Nbre de lits Ghi - Nbre de lits moyen national x 100-------------------------------------------------------Nbre de lit Ghi
  Of
  Aantal bedden Gzi = Aantal G-bedden van het beschouwde ziekenhuis
  Gemiddeld nationaal aantal bedden G = het totaal aantal bedden van het beschouwde ziekenhuis vermenigvuldigd met het gemiddeld percentage G-bedden vastgesteld op nationaal vlak met betrekking tot het totaal aantal bedden.".
  Où
  Nombre de lits Ghi = Nombre de lits G de l'hôpital considéré
  Nombre de lits G moyen national = le nombre total de lits de l'hôpital considéré multiplié par le pourcentage moyen de lits G constaté au niveau national par rapport au nombre total de lits.".
Art. 21. In artikel 46bis van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden volgende wijzigingen aangebracht:
  - in § 1 worden de woorden "2000:85 percent" vervangen door de woorden "2000:75 percent";
  - in § 6 worden de woorden "65 miljoen" vervangen door de woorden "110 miljoen";
  - in § 7 worden de woorden "voor de PAL-dagen berekend op basis van de percentages van het volgende jaar en voor de NAL-dagen op die van het voorafgaande jaar" vervangen door de woorden "berekend op basis van 100 % voor de PAL-dagen en 35 % berekend voor de NAL-dagen".
Art. 21. A l'article 46bis de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les modifications suivantes sont apportées:
  - au § 1er, les mots "2000: 85 pourcent" sont remplacés par les mots "2000: 75 pourcent";
  - au § 6, les mots "65 millions " sont remplacés par les mots "110 millions";
  - au § 7, les mots "sur base des pourcentages prévus pour l'année suivante pour les journées DJP et pour l'année précédente pour les journées DJN" sont remplacés par les mots "sur case de 100 % pour les journées DJP et de 35 % pour les journées DJN.".
Art. 22. Artikel 48, § 8, b) van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 wordt weggelaten en vervangen door volgende bepalingen:
  "Teneinde de initiatieven "toezicht op de nosocomiale infecties" te bevorderen en te stimuleren in de acute ziekenhuizen, wordt Onderdeel B4 verhoogd met een forfaitair bedrag van 150 000 F vanaf 1 januari 2000, voor de ziekenhuizen die deelnemen aan het opvragen van gegevens in het kader van een van volgende protocols:
  1) toezicht van de pneumonieën en bacteremieën in de eenheden van intensieve zorgen volgens het protocol van het Wetenschappelijk Instituut van Volksgezondheid - Louis Pasteur en de Belgische Maatschappij voor Intensieve en Spoedgevallengeneeskunde;
  2) toezicht van de septicemieën over het hele ziekenhuis volgens het protocol van het Wetenschappelijk Instituut van Volksgezondheid - Louis Pasteur of
  3) toezicht van de infecties van de operatiewonden volgens het protocol van het Wetenschappelijk Instituut van Volksgezondheid - Louis Pasteur.
  Om te kunnen genieten van dit bedrag, dienen de ziekenhuizen zich te verbinden tot:
  - het verzamelen van gegevens volgens een van voornoemde protocollen gedurende minstens één trimester in het jaar;
  - het overdragen van de voormelde gegevens over het betreffende trimester voor het einde van de tweede maand die volgt op het beschouwde trimester aan het Wetenschappelijk Instituut van Volksgezondheid - Louis Pasteur;
  - het storten aan het Wetenschappelijk Instituut van Volksgezondheid, Louis Pasteur van een bedrag van 90 000 F op rekeningnummer 001-1660480-13 aan het IWP Patrimonium met de vermelding "toezicht op nosomiale infecties" en de naam van het ziekenhuis. Vanaf ontvangst van betaling zal het voormelde Instituut de gevraagde registratiemiddelen doorsturen.
  De storting dient voor einde maart vereffend te zijn.
  Het Wetenschappelijk Instituut van Volksgezondheid - Louis Pasteur zal aan ieder ziekenhuis een feed-back mededelen met de analyse van de individuele gegevens en de nationale gegevens. Het zal eveneens iedere zes maanden aan de Minister die de verpleegdagprijs onder zijn bevoegdheid heeft een rapport overmaken met onder andere de nationale gegevens alsook de adviezen of aanbevelingen terzake.".
Art. 22. L'article 48, § 8, b) de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité est supprimé et remplacé par les dispositions suivantes:
  "Afin de promouvoir et stimuler les initiatives "surveillance des infections nosocomiales " dans les hôpitaux aigus, la Sous-partie B4 est augmentée, à partir du 1er janvier 2000, d'un montant forfaitaire de 150 000 F pour les hôpitaux qui participent à la récolte des données dans le cadre d'un des protocoles suivants:
  1) surveillance des pneumonies et des bactériémies dans les unités de soins intensifs selon le protocole de l'Institut scientifique de la Santé publique - Louis Pasteur et de la Société belge de Médecine intensive et de Médecine d'urgence;
  2) surveillance des septicémies au niveau de tout l'hôpital selon le protocole de l'Institut scientifique de la Santé publique - Louis Pasteur ou
  3) surveillance des infections des plaies opératoires selon le protocole de l'Institut scientifique de la Santé publique - Louis Pasteur.
  Pour bénéficier de ce montant, les hôpitaux doivent s'engager à:
  - récolter les données relatives selon un des protocoles précités pendant au minimum un trimestre dans l'année;
  - transmettre les données précitées relatives au trimestre concerné avant la fin du deuxième mois qui suit le trimestre considéré, à l'Institut Scientifique de la Santé publique - Louis Pasteur;
  - verser un montant de 90 000 F à l'Institut Scientifique de la Santé publique, Louis Pasteur au compte n° 001-1660480-13 de l'ISP Patrimoine avec la mention "surveillance des infections nosomiales" et le nom de l'hôpital. Dès réception du paiement, l'Institut précité transmettra à l'hôpital les outils d'enregistrement requis.
  Le versement doit intervenir avant la fin mars.
  L'Institut scientifique de la Santé publique - Louis Pasteur communiquera à chaque hôpital un feed back qui contiendra l'analyse de données individuelles et de données nationales. Il fournira également tous les six mois au Ministre qui a le prix de journée d'hospitalisation dans ses attributions, un rapport reprenant notamment les données nationales ainsi que les avis ou recommandations en la matière.".
Art. 23. In artikel 48, § 16 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden volgende wijzigingen aangebracht:
  - de woorden "150 miljoen" worden vervangen door de woorden "250 miljoen";
  - in punt a):
  - worden de woorden "65 miljoen" vervangen door de woorden "110 miljoen";
  - in het tweede criterium worden de woorden "eerste dertig ziekenhuizen" vervangen door de woorden "vijftig eerste ziekenhuizen";
  - de woorden "31 maart 1999" worden vervangen door de woorden "31 maart van het jaar van vaststelling van het budget" en de laatste alinea wordt vervangen door "het bedrag 110 miljoen wordt verdeeld tussen de begunstigde ziekenhuizen ten belope van 1/3 op basis van het aantal geselecteerde ziekenhuizen, 1/3 op basis van het aantal opnames van ieder ziekenhuis en 1/3 naargelang het aantal verpleegdagen van ieder ziekenhuis";
  - in punt b), worden de woorden "65 miljoen" vervangen door de woorden "110 miljoen";
  - punt c) wordt vervangen door volgende bepalingen:
  "c) Teneinde rekening te houden met de culturele en linguïstische kenmerken van de gehospitaliseerde patiënten, wordt een bedrag van maximaal 30 000 000 BF onder de acute en de psychiatrische ziekenhuizen verdeeld die, op vrijwillige basis, vragen een intercultureel bemiddelaar aan te stellen.
  Deze ziekenhuizen worden na advies van de Coördinatiecel "Interculturele Bemiddeling" van het Ministerie van Sociale Zaken, volksgezondheid en Leefmilieu geselecteerd door de Minister die de verpleegdagprijs onder zijn bevoegdheid heeft en door de Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heeft, volgens een rangschikking opgesteld overeenkomstig de volgende criteria:
  - de ratio "aantal opnamen van onderdanen van een andere Staat dan een Lidstaat van de Europese Unie" t.o.v. "het totaal aantal opnamen";
  - de ratio "aantal opnamen van onderdanen van een andere Staat dan een Lidstaat van de Europese Unie" t.o.v. "het aantal opnamen van onderdanen van een Lidstaat van de Europese Unie met uitzondering van het Koninkrijk België";
  - voor de ziekenhuizen waar reeds interculturele bemiddelaars met het systeem van de verpleegdagprijs gefinancierd worden: de evaluatie van de activiteiten van de interculturele bemiddelaars door de Coördinatiecel "Interculturele Bemiddeling".
  De functie van interculturele bemiddelaar kan worden vervuld door een persoon die aan de volgende voorwaarden beantwoordt
  a) houder zijn van een universitair diploma of van een diploma van het hoger onderwijs van het lange type in de volgende vakgebieden: medische, paramedische en gezondheidszorgrichtingen, antropologie, etnologie, filologie, filosofie, sociologie en psychologie, en een beroepservaring kunnen bewijzen in het domein van de interculturele gezondheidszorg;
  b) houder zijn van een diploma van het hoger onderwijs van het korte type in de culturele, Sociale of gezondheidszorgrichtingen, met een theoretische opleiding en relevante beroepservaring in het domein van de interculturele gezondheidszorg;
  c) houder zijn van een diploma van het hoger secundair onderwijs aangevuld met een attest van een bijzondere en erkende opleiding in het domein van de interculturele bemiddeling in de gezondheidszorg gelijkwaardig aan het hoger secundair technisch onderwijs, en met een begeleide praktijkervaring.
  Afwijkingen van deze profielen kunnen na advies van de Coördinatiecel "Interculturele Bemiddeling" toegestaan worden door de leidinggevende ambtenaar.
  De dossiers m.b.t. de kandidatuur van de ziekenhuizen moeten voor 31 maart van het dienstjaar van vaststelling van het budget worden toegestuurd aan het Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu -Bestuur van de Gezondheidszorgen. Ziekenhuizen waar reeds een interculturele bemiddelaar actief is die gefinancierd wordt via het mechanisme van de verpleegdagprijs, bezorgen samen met hun dossier een verslag van de activiteit van de interculturele bemiddelaars in hun ziekenhuis. Richtlijnen voor het opstellen van dat verslag zullen door de Coördinatiecel "Interculturele Bemiddelaar" aan de betrokken ziekenhuizen meegedeeld worden.
  Op basis van:
  - het kandidatuurdossier;
  - enkel voor de ziekenhuizen waar reeds interculturele bemiddelaars actief zijn;
  - een verslag van de bemiddelingsactiviteiten in het ziekenhuis tijdens het afgelopen dienstjaar;
  - de resultaten van een evaluatie uitgevoerd door de Coördinatiecel "Interculturele Bemiddeling";
  - het advies van de Coördinatiecel "Interculturele Bemiddeling" van het hiervoor genoemde Ministerie.
  Verhoogt de Minister, die de vaststelling van de verpleegdagprijs onder zijn bevoegdheid heen, onderdeel B4 van de geselecteerde ziekenhuizen, voor een fulltime equivalent, met een forfaitair bedrag van maximaal:
  15 000 000 BF voor de personen bedoeld onder punt a);
  13 000 000 BF voor de personen bedoeld onder punt b);
  1 150 000 BF voor de personen bedoeld onder punt c).".
Art. 23. A l'article 48, § 16 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les modifications suivantes sont apportées:
  - les mots "150 millions " sont remplacés par les mots "250 millions";
  - au point a):
  - les mots "65 millions" sont remplacés par les mots "110 millions";
  - au deuxième critère, les mots "trente premiers hôpitaux" sont remplacés par les mots "cinquante premiers hôpitaux";
  - les mots "31 mars 1999" sont remplacés par les mots "le 31 mars de l'année de fixation du budget" et le dernier alinéa est remplacé par "le montant de 110 millions est réparti entre les hôpitaux bénéficiaires à raison de 1/3 en fonction du nombre d'hôpitaux sélectionnés, 1/3 sur base du nombre d'admissions de chaque hôpital et 1/3 selon le nombre de journées d'hospitalisation de chaque hôpital;
  - au point b), les mots "65 millions" sont remplacés par les mots "110 millions";
  - le point c) est remplacé par les dispositions suivantes:
  "c) Aux fins de tenir compte des particularités culturelles et linguistiques des patients hospitalisés, un montant maximum de 30 000 000 BEF est réparti entre les hôpitaux aigus et les hôpitaux psychiatriques qui, sur une base volontaire, sollicitent rengagement d'un médiateur interculturel.
  Après avis de la cellule de coordination "Médiation interculturelle" du Ministère des Affaires sociales, de la Santé publique et de l'Environnement, ces hôpitaux sont sélectionnés par le Ministre ayant le prix de journée d'hospitalisation dans ses attributions et par le Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions, selon un ordre établi conformément aux critères suivants:
  - le ratio "nombre d'admissions de ressortissants d'un Etat non membre de l'Union européenne" par rapport au "nombre total d'admissions";
  - le ratio "nombre d'admissions de ressortissants d'un Etat non membre de l'Union européenne" par rapport au "nombre d'admissions de ressortissants d'un Etat membre de l'Union européenne à l'exception du Royaume de Belgique";
  - l'évaluation des activités des médiateurs interculturels par la cellule de coordination "Médiation interculturelle", pour les hôpitaux où des médiateurs interculturels sont déjà financés par le biais du système du prix de journée d'hospitalisation.
  La fonction de médiateur interculturel peut être assurée par une personne répondant aux conditions suivantes:
  a) être titulaire d'un diplôme universitaire ou d'un diplôme de l'enseignement supérieur de type long dans les disciplines suivantes: orientations médicales, paramédicales et "soins de santé", anthropologie, ethnologie, philologie, philosophie, sociologie et psychologie, et pouvoir faire valoir une expérience professionnelle en médiation interculturelle dans le secteur des soins de santé;
  b) être titulaire d'un diplôme de l'enseignement supérieur de type court dans les orientations culturelles, sociales ou "soins de santé", avoir suivi une formation théorique en médiation interculturelle dans le secteur des soins de santé et posséder une expérience professionnelle pertinente en la matière.
  c) être titulaire d'un diplôme de l'enseignement secondaire supérieur, assorti d'un document qui atteste la participation à une formation spécifique et agréée en matière de médiation interculturelle dans le secteur des soins de santé et qui soit l'équivalent d'un diplôme de l'enseignement technique secondaire supérieur, et posséder une expérience pratique encadrée.
  Des dérogations à ces profils peuvent être autorisées par le fonctionnaire dirigeant après avis de la cellule de coordination "Médiation interculturelle".
  Les dossiers afférents à la candidature des hôpitaux doivent être envoyés au Ministère des Affaires sociales, de la Santé publique et de l'Environnement, Administration des Soins de santé, pour le 31 mars de l'exercice au cours duquel le budget est fixé. Les hôpitaux ayant déjà recours aux services d'un médiateur interculturel financé via le mécanisme du prix de journée d'hospitalisation joignent à leur dossier un rapport d'activité du médiateur interculturel. Les directives afférentes à la rédaction de ce rapport seront communiquées aux hôpitaux concernés par la cellule de coordination "Médiation interculturelle".
  Sur la base:
  - du dossier de candidature;
  - uniquement pour les hôpitaux où des médiateurs culturels sont déjà actifs;
  - d'un rapport relatif aux activités de médiation réalisées dans l'hôpital au cours de l'exercice écoulé;
  - des résultats d'une évaluation effectuée par la cellule de coordination "Médiation interculturelle";
  - de l'avis de la cellule de coordination "Médiation interculturelle" du Ministère susmentionné.
  Le Ministre ayant le prix de Journée d'hospitalisation dans ses attributions majore la Sous-partie B4 des hôpitaux sélectionnés pour un équivalent temps plein d'un montant forfaitaire maximum de:
  1 500 000 BEF pour les personnes visées au point a);
  1 300 000 BEF pour les personnes visées au point b);
  1 150 000 BEF pour les personnes visées au point c).".
Art. 24. In artikel 48, § 22 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986, worden de woorden "2 500 000 frank" vervangen door de woorden "8 500 000 frank".
Art. 24. A l'article 48, § 22 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots "2 500 000 francs" sont remplacés par les mots "8 500 000 francs".
Art. 25. In artikel 48 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden de §§ 24 en 25 ingevoegd luidend als volgt:
  "§ 24. Teneinde een doelmatige politiek van opnames en ontslagen in de acute ziekenhuizen te bevorderen wordt Onderdeel B4 verhoogd met een forfaitair bedrag van 200 000 F voor de ziekenhuizen die een protocol met de huisartsen binnen de aantrekkingszone van het ziekenhuis afgesloten hebben over voorvermelde aangelegenheid. Dit protocol, opgesteld volgens het model vastgesteld door de minister die de vaststelling van de verpleegdagprijs onder zijn bevoegdheid heeft en door de Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heeft, moet aan het Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu - Bestuur van de Gezondheidszorg- ten laatste voor 1 juli 2000 opgestuurd worden.
  § 25. Binnen de limieten van het beschikbare budget dat op 29,3 miljoen is vastgesteld (index 1 januari 1999) wordt Onderdeel B4 verhoogd met een forfaitair bedrag voor de ziekenhuizen die deelnemen aan de verwezenlijking van proefprojecten die verband houden met een betere opvang van kinderen in de ziekenhuizen.
  Deze proefstudies hebben betrekking op:
  1° het valoriseren van de ervaring opgedaan met specifieke psychiatrische programma's voor adolescenten in de K-diensten.
  De ziekenhuizen die aan dit project deelnemen, zullen op basis van volgende criteria geselecteerd worden:
  - de diensten moeten zowel voorzien in een residentiële eenheid, partiële hospitalisatie als in ambulante begeleiding;
  - er moet een functionele band zijn met de sociale diensten, de jeugdbescherming, ...;
  - het aantal opnamen van adolescenten in de betrokken K-dienst;
  - het ziekenhuis moet ervaring hebben inzake onderzoeken m.b.t. psychische problemen bij adolescenten.
  De betrokken ziekenhuizen, de Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heeft en de Minister die de vaststelling van de verpleegdagprijs onder zijn bevoegdheid heeft, zullen geschreven overeenkomsten sluiten die met name het volgende zullen bepalen: het voorwerp en de duur van het project, de wijze van rechtvaardiging van de uitgaven, de verplichtingen inzake rapportering aan de Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heeft en de Minister die de vaststelling van de verpleegdagprijs onder zijn bevoegdheid heeft.
  Het bedrag, waarmee het Onderdeel B4 van de betrokken ziekenhuizen zal worden verhoogd, is vastgesteld op 1 700 000 BF (index 1 januari 1999).
  2° De ondersteuning en de ontwikkeling van de opvang van kinderen in de spoedgevallendiensten.
  De ziekenhuizen die aan dit project deelnemen, zullen op basis van volgende criteria geselecteerd worden:
  - een hoog aantal spoedopnamen van kinderen van minder dan 14 jaar (uitgezonderd de opnamen voor neonatologie);
  - minstens beschikken over een E-dienst met minimum 30 bedden, een pediater die permanent aanwezig is in het ziekenhuis en een pediatrische verpleegkundige die permanent aanwezig is voor de begeleiding van de kinderen tijdens de eerste opvang;
  - beschikken over aparte boxen en aangepaste ruimten voor de opvang van kinderen.
  De betrokken ziekenhuizen, de Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heen en de Minister die de vaststelling van de verpleegdagprijs onder zijn bevoegdheid heeft, zullen geschreven overeenkomsten sluiten die met name het volgende zullen bepalen: het voorwerp en de duur van het project, de regeling voor de rechtvaardiging van de uitgaven, de verplichtingen inzake rapportering aan de Minister die de Volksgezondheid onder zijn bevoegdheid heeft en de Minister die de vaststelling van de verpleegdagprijs onder zijn bevoegdheid heeft.
  Het bedrag, waarmee het Onderdeel B4 van de betrokken ziekenhuizen zal worden verhoogd, is vastgesteld op 2 600 000 BP (index 1 januari 1999).
Art. 25. A l'article 48 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, il est ajouté les §§ 24 et 25 libellés comme suit:
  "§ 24. Afin de promouvoir une politique efficace d'admissions et de sorties dans les hôpitaux aigus, la Sous-partie B4 est augmentée d'un montant forfaitaire de 200 000 FB pour les hôpitaux qui ont conclu un protocole avec les médecins généralistes de la zone d'attractivité de l'hôpital portant sur la politique précitée. Ce protocole établi selon le modèle fixé par le Ministre qui a la fixation du prix de la journée d'hospitalisation dans ses attributions et par le Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions, doit être transmis au Ministère des Affaires Sociales, de la Santé Publique et de l'Environnement - Administration des Soins de Santé pour le 1er juillet 2000 au plus tard.
  § 25. Dans les limites du budget disponible fixé à 29,3 millions (index 1er janvier 1999) la Sous-partie B4 est augmentée d'un montant forfaitaire pour les hôpitaux qui participent à la réalisation de projets pilotes portant sur l'amélioration de l'accueil des enfants dans les hôpitaux.
  Ces études pilotes concernent:
  1° la valorisation des expériences de programmes spécifiques psychiatriques pour adolescents dans les services K.
  Les hôpitaux participant à ce projet seront sélectionnés sur base des critères suivants:
  - les services doivent disposer aussi bien d'une unité résidentielle, d'une hospitalisation partielle que d'un accompagnement ambulatoire;
  - une relation fonctionnelle doit exister avec les services sociaux, la protection de la jeunesse, etc.;
  - le nombre d'admissions d'adolescents dans le service K;
  - avoir une expérience de recherches relatives à la problématique psychique chez les adolescents.
  Des conventions écrites seront établies entre les hôpitaux retenus, le Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions et le Ministre qui a la fixation du prix de la journée d'hospitalisation dans ses attributions, qui stipuleront notamment l'objet et la durée du projet, le mode de justification des dépenses, les obligations en matière de rapport à fournir au Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions.
  Le montant, dont la Sous-partie B4 des hôpitaux retenus sera augmentée, est fixé à 1 700 000 BEF (index 1er janvier 1999).
  2° Le soutien et le développement de la prise en charge des enfants dans les services d'urgence.
  Les hôpitaux participant à ce projet seront sélectionnés sur base des critères suivants:
  - un grand nombre d'admissions d'urgence d'enfants de moins de 14 ans (exclus les admissions de néonatologie);
  - disposer au moins d'un service E de minimum 30 lits, d'un pédiatre présent en permanence dans l'hôpital et d'un(e) infirmier(e) pédiatrique présent(e) en permanence pour l'accompagnement des enfants lors la prise en charge;
  - disposer de box architecturalement séparés et d'espaces adaptes pour la prise en charge des enfants.
  Des conventions écrites seront établies entre les hôpitaux retenus, le Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions et le Ministre qui a le prix de la journée d'hospitalisation dans ses attributions, qui stipuleront notamment l'objet et la durée du projet, le mode de justification des dépenses, les obligations en matière de rapport à fournir au Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions et au Ministre qui a la fixation du prix de la journée d'hospitalisation dans ses attributions.
  Le montant, dont la Sous-partie B4 des hôpitaux retenus sera augmentée, est fixé à 2 600 000 BEF (index 1 janvier 1999).
Art. 26. In de in artikel 54 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 vermelde label worden, onder de rubriek "bezettingsgraad", voor de K, K-dag en K-nachtdiensten, worden de woorden "80 %, 40 % en 48 %" vervangen door "70 %, 35 % en 42 %".
Art. 26. Dans le tableau figurant à l'article 54 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, sous la mention "taux d'occupation" figurant en regard des services K, K jour et K nuit, les mots "80 %", "40 %" et "48 %" sont remplacés par "70 %", "35 %" et "42 %".
Art 27. In artikel 49 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden volgende wijzigingen aangebracht:
  - in § 4 worden de woorden "1 januari 2000" vervangen door de woorden "1 januari 2001".
  - in § 5 worden de woorden "van de werking van het medisch-farmaceutisch comité en van het rationeel gebruik van de geneesmiddelen" tussen de woorden "ziekenhuisapotheek" en "georganiseerd door" ingevoegd.
Art. 27. A l'article 49 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les modifications suivantes sont apportées:
  - au § 4, les mots "1er janvier 2000" sont remplacés par les mots "1er janvier 2001".
  - au § 5, les mots "du fonctionnement du Comité médicopharmaceutique et de l'utilisation rationnelle des médicaments" sont insérés entre les mots "officine hospitalière" et "organisée par".
Art. 28. In artikel 57 van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 wordt de volgende alinea toegevoegd:
  "Voor de toepassing van de voorgaande alinea wordt verstaan onder de budgetvermindering volgens afschaffing van bedden: het verschil tussen het budget waarop het ziekenhuis recht heeft voor sluiting, rekening houdend met de verpleegdagen gerealiseerd gedurende het laatst gekende dienstjaar en het quotum van verpleegdagen en het budget waarop het ziekenhuis recht heeft na sluiting rekening houdend met hetzelfde aantal gerealiseerde verpleegdagen en het nieuwe quotum vastgesteld in functie van artikel 53.
  De berekening van de budgetten waarop het ziekenhuis recht heeft voor en na sluiting gebeurt volgens de bepalingen van artikel 60,2°.".
Art. 28. A l'article 57 de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, il est ajouté l'alinéa suivant:
  "Pour l'application de l'alinéa précédent, on entend par réduction de budget accompagnant la désaffection de lits la différence entre le budget promérité par l'hôpital avant fermeture, compte tenu des journées d'hospitalisation réalisées durant le dernier exercice connu et du quota de journées d'hospitalisation, et celui promérité après fermeture, compte tenu du même nombre de journées réalisées et du nouveau quota établi en fonction de l'article 53.
  Le calcul des budgets promérités avant et après fermeture s'effectue conformément aux dispositions de l'article 60,2°.".
Art. 29. In artikel 57bis, § 1, 3°, b) tweede streepje van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 wordt in de Nederlandstalige tekst het woord "Vermindering" vervangen door het woord "vermeerdering".
Art. 29. A l'article 57bis, § 1er, 3°, b) deuxième tiret de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, dans le texte néerlandais, le mot "Vermindering" est remplacé par le mot "Vermeerdering".
Art. 30. In punt 3.1 van bijlage IV van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 worden de woorden:
  "g = 1 voor (NSGj - SGj) 0,2 in absolute waarde kleiner dan 0,2;
  = 1,25 voor (NSGj - SGj) in absolute waarde groter dan of gelijk aan 0,2 en kleiner dan 0,3;
  = 1,5 voor (NSGj - SGj) groter is dan of gelijk aan 0,3;"
  vervangen door de woorden:
  "g = 1 indien (NSGj - SGj) lager is dan 0,2 in absolute waarde;
  = 1,5 indien (NSGj - SGj) hoger of gelijk is aan 0,2 en lager dan 0,3 in absolute waarde;
  = 1,75 indien (NSGj - SGj) hoger of gelijk is aan 0,3 in absolute waarde".
Art. 30. Au point 3.1 de l'annexe IV à l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité, les mots:
  "g= 1 si (DRNj - DRj) est inférieur, en valeur absolue, à 0,2;
  = 1,25 si (DRNj-DRj) est, en valeur absolue, supérieur ou égal à 0,2 et inférieur à 0,3;
  = 1,5 si (DRNj-DRj) est, en valeur absolue, supérieur ou égal à 0,3;";
  sont remplacés par les mots:
  "g = 1 si (DRNj - DRj) est inférieur, en valeur absolue, à O,2;
  = 1,50 si (DRNj-DRj) est, en valeur absolue, supérieur ou égal à 0,2 et inférieur à 0,3;
  = 1,75 si (DRNj-DRj) est, en valeur absolue, supérieure ou égal à 0,3".
Art. 31. Bijlage VII van het voornoemd ministerieel besluit van 2 augustus 1986 wordt vervangen door bijlage 1 van het huidig besluit.
Art. 31. L'annexe VII de l'arrêté ministériel du 2 août 1986 précité est remplacée par l'annexe 1 au présent arrête.
Art. 32. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2000, behalve artikel (26) dat in werking treedt op 1 januari 1999.
  Brussel, 23 december 1999.
  F. VANDENBROUCKE
Art. 32. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2000, sauf l'article (26) qui entre en vigueur le 1er janvier 1999.
  Bruxelles, le 23 décembre 1999.
  F. VANDENBROUCKE
BIJLAGEN.
ANNEXE
Art. N. Bijlage 1. Bijlage VII. - Berekening van een ziekenhuismeerkostindex per bezet C- en D-bed.
  Voor elk algemeen ziekenhuis wordt een pathologiegewogen meerkostindex per bezet C- en D-bed (zijnde MKIz) berekend op basis van een nationale meerkostindex per DRG en leeftijdscategorie (zijnde MKIx).
  1. Selectie van de C- en D-patiënten.
  Uit de populatie van de gehospitaliseerde patiënten worden enkel de C- en D- patiënten weerhouden. Deze patiënten worden gedefinieerd als patiënten met uitsluitend ligdagen op een C-, D-, I- en /of H*-dienst. De kleine en type I outlierverblijven qua verblijfsduur worden buiten beschouwing gelaten.
  De volgende DRG's worden niet in de berekening opgenomen:
  de DRG's binnen MDC 14 (= zwangerschap, bevalling en kraambed), 15 (= pasgeborenen), 19 (= psychische stoornissen) en 20 (= alcohol en druggebruik);
  de restgroep-DRG's (= 468,469,470,476 en 477);
  de DRG's en leeftijdscategorieën waarvoor in de MKI-berekening geen 30 verblijven voorhanden waren.
  2. Berekening van de nationale gemiddelde reële verblijfskost per DRG en leeftijdscategorie (= GRVK).
  De gemiddelde reële verblijfskost per DRG en leeftijdscategorie (= GRVK) is gelijk aan het totaal van de verblijfskosten inzake verpleegkundig personeel die worden vastgesteld voor de weerhouden patiënten behorend tot een bepaalde DRG en leeftijdscategorie (75j-en =75j), gedeeld door het aantal patiënten die behoren tot die DRG en leeftijdscategorie. De verblijfskosten inzake verpleegkundig personeel worden vastgesteld door gebruik te maken van de boekhoudkundige en de minimale verpleegkundige gegevens.
  3. Berekening van de nationale gemiddelde normverblijfskost per DRG en leeftijdscategorie (= GNVK).
  Voor de erkende C- en D-bedden wordt voor elke DRG en leeftijdscategorie een gemiddelde normkost GNVK berekend en, dit op de volgende wijze:
Art. N. Annexe 1. Annexe VII. - Calcul d'un indice de coût supplémentaire par lit C et D occupé.
  Pour chaque hôpital général, on calcule un indice de coût supplémentaire pondéré selon la pathologie par lit C et D occupé (à savoir ICSh) sur la base d'un indice de coût supplémentaire national par DRG et sous-groupe d'âge (soit ICSx).
  1. Sélection des patients C et D.
  Parmi la population des patients hospitalisés, seuls les patients C et D sont retenus. Ces patients sont définis comme patients ayant uniquement donné lieu à des journées d'hospitalisation dans un service C, D, 1 et/ou H*. Les petits outliers et les séjours outlier de type I pour ce qui est de la durée de séjour, ne sont pas pris en considération.
  Les DRGs suivants ne sont pas repris dans les calculs:
  les DRGs au sein du MDC 14 (= grossesses, accouchements et lits de maternité), 15 (= nouveau-nés), 19 (= troubles psychiques) et 20 (= alcoolisme et toxicomanie);
  le groupe résiduel des DRGs (=468, 469, 470, 476 et 477) les DRGs et sous-groupe d'âge ne comprenant pas 30 séjours dans le calcul ICS.
  2. Calcul du coût de séjour réel moyen national par DRG et sous-groupe d'âge (CSRMx).
  Le coût de séjour réel moyen par DRG et sous-groupe d'âge (= CSRMx) est égal au total des coûts de séjour relatifs au personnel infirmier qui sont fixés pour les patients appartenant à un DRG et sous-groupe d'âge (75 ans et = 75 ans) spécifique, lequel est divisé par le nombre de patients appartenant à ce DRG et sous-groupe d'âge. Le coût de séjour relatif au personnel infirmier est déterminé sur la base des données comptables et de celles du résumé infirmier minimum.
  3. Calcul du coût norme de séjour moyen national par DRG et sous-groupe d'âge (=CNSM).
  Pour les lits agréés C et D, on calcule pour chaque DRG et groupe d'âge un coût norme moyen (CNSM) de la manière suivante:
Norm-CD * GemLoon-CD * AantBed-CD  

Änderungen

</td><td valign="top">*</td><td valign="top">Gemligdxa</td></tr><tr><td valign="top">Totaal aantal weerhouden ligdagen op C/D-diensten</td><td valign="top"> </td><td valign="top"></td></tr></table>Norm-CD * GemLoon-CD * AantBed-CD---------------------------------------------------*GemligdxaTotaal aantal weerhouden ligdagen op C/D-diensten
Norme-CD * Salaire moyen-CD * Nombre de lits-CD  

Änderungen

</td><td valign="top">*</td><td valign="top">DMSxa</td></tr><tr><td valign="top">Nombre total des journées d`hospitalisation retenues dans les services C/D</td><td valign="top"> </td><td valign="top"></td></tr></table>Norme-CD * Salaire moyen-CD * Nombre de lits-CD------------------------------------------------------------------------*DMSxaNombre total des journées d`hospitalisation retenues dans les services C/D
  waarbij:
  Norm-CD = de personeelsnormen voor de erkende C- en D-bedden zoals bedoeld in artikel 42 §9 van dit besluit;
  GemLoon-CD = het nationaal gemiddeld loon van een fulltime verpleegkundige op een C- en D-dienst;
  AantBed-CD = het totaal aantal erkende C- en D-bedden;
  AantLigd-CD = het totaal aantal ligdagen van de C- en D-patiënten;
  GemLigdxa = de gemiddelde verblijfsduur voor DRGx en leeftijdscategorie;
  Voor de berekening van de normkost wordt er per DRG en leeftijdscategorie desgevallend rekening gehouden met de verhouding universitaire en niet-universitaire ligdagen, evenals als met de passages op IZ.
  4. Berekening van de nationale gemiddelde meerkost per DRG en leeftijdscategorie (= GMK).
  Per DRG en leeftijdscategorie wordt de nationaal gemiddelde normverblijfskost (= GNVK) afgetrokken van de nationaal gemiddelde reële verblijfskost (= GRVK). Indien het resultaat positief is wil dit zeggen dat de betrokken DRG en leeftijdscategorie meer verpleegkundige middelen behoeft dan wat in de personeelsnormen werd voorzien. Een negatieve meerkost wijst op de omgekeerde situatie.
  5. Berekening van de nationale meerkostindex DRG en leeftijdscategorie.
  Op basis van de gemiddelde meerkost per DRG en leeftijdscategorie (= GMK) en de algemeen gemiddelde meerkost (= AGMK) wordt een meerkostindex per DRGx en leeftijdscategorie als volgt berekend
  MKIx = int (GMKxa/ AGMK* 100 + 0,5)
  waarbij:
  int = integerfunctie, zijnde afronding tot op de eenheid;
  GMKxa = de nationaal gemiddelde meerkost voor DRGx en leeftijdscategorie;
  AGMK = de nationaal algemeen gemiddelde meerkost.
  6. Berekening van de pathologiegewogen meerkostindex per bezet C- en D-bed van het ziekenhuis (= MKIz).
  Op basis van de weerhouden casemix (dit is het aantal verblijven binnen elke DRG en leeftijdscategorie) van het ziekenhuis wordt de MKIz berekend:
  ou
  Norme-CD = les normes de personnel pour les lits C et D agréés, tel que visé à l'article 42, §9 du présent arrêté;
  Salaire moyen-CD = le salaire moyen national d'un infirmier occupé à temps plein dans un service C et D;
  Nombre de lits-CD = le nombre de lits C et D agréés;
  Nombre de journées CD = nombre total de journées d'hospitalisation des patients C et D;
  DMSxa = la durée moyenne de séjour pour le DRG X et sous-groupe d'âge;
  Pour le calcul du coût norme, on tient compte, le cas échéant, par DRG et sous-groupe d'âge, du rapport entre journées d'hospitalisation universitaires et non universitaires, ainsi que des passages en soins intensifs.
  4. Calcul du coût supplémentaire moyen national par DRG et sous-groupe d'âge (CSM).
  Par DRG et sous-groupe d'âge, on soustrait le coût norme de séjour moyen national (= CNSM) du coût de séjour réel national moyen (= CSRM). Si le résultat est positif, le DRG et sous-groupe d'âge concerné nécessitent plus de moyens infirmiers que ce que prévoient les normes de personnel. Un coût supplémentaire négatif reflète la situation inverse.
  5. Calcul de l'indice de coût supplémentaire national par DRG et sous-groupe d'âge.
  Sur la base du coût supplémentaire moyen par DRG et sous-groupe d'âge (= CSM) et du coût supplémentaire moyen général (= CSMG), on calcule un indice de coût supplémentaire par DRG et sous-groupe d'âge comme suit:
  ICSx = int (CSMxa/CSMG * 100 + 0,5)
  Où
  int = fonction integer, arrondir le nombre à l'unité;
  CSMxa = le coût supplémentaire moyen national du DRGx et sous-groupe d'âge;
  CSMG = le coût supplémentaire moyen général national.
  6. Calcul de l'indice de coût supplémentaire pondéré par pathologie par lit C et D occupé de l'hôpital (ICSh)
  On calcule l'ICSh sur la base du casemix (soit le nombre de séjours de chaque DRG et sous-groupe d'âge) retenu de l'hôpital selon la formule suivante:
  365* Σ (MKIx* aantal weerhouden verblijven voor DRG x en leeftijdscategorie) x
MKIz=

Änderungen

</td></tr><tr><td valign="top"> </td><td valign="top"> </td><td valign="top">aantal genormaliseerde ligdagen op de C- en D-Dienst van het ziekenhuis z</td></tr></table>365* Σ (MKIx* aantal weerhouden verblijven voor DRG x en leeftijdscategorie) xMKIz=----------------------------------------------------------------------------aantal genormaliseerde ligdagen op de C- en D-Dienst van het ziekenhuis z
  365 * Σ (ICSx * nombre de séjours retenus pour le DRG x et sous-groupe d`age) x
ICSh=

Änderungen

</td></tr><tr><td valign="top"> </td><td valign="top"> </td><td valign="top">nombre de journées d`hospitalisation normalisées dans le service C et D de l`hôpital h</td></tr></table>365 * Σ (ICSx * nombre de séjours retenus pour le DRG x et sous-groupe d`age) xICSh=---------------------------------------------------------------------------------------------nombre de journées d`hospitalisation normalisées dans le service C et D de l`hôpital h
  7. Lijst per DRG en leeftijdscategorie van de nationale gemiddelde meerkostindex MKIx.
  (Tabel niet opgenomen om technische redenen, zie B. St. 29-12-1999, p. 49738-49750).
  Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 23 december 1999.
  De Minister van Sociale Zaken,
  F. VANDENBROUCKE
  7. Liste par DRG de l'indice de coût supplémentaire moyen national ICSx.
  (Tableau non repris pour des raisons techniques, voir M.B. 29/12/1999, P. 49723-49736).
  Vu pour être annexé à l'arrêté ministériel du 23 décembre 1999.
  Le Ministre des Affaires sociales,
  F. VANDENBROUCKE